De Faeröerders houden wel van een feestje in de zomer, wanneer de zon pas tegen half elf ondergaat. Olavsøka wordt dan ook over meerdere dagen uitgesmeerd, maar de eigenlijke dag is vandaag, op 29 juli.
De dag herinnert aan de Noorse koning Olaf II Haraldsson, die in 1030 de dood vond in de Slag bij Stiklestad. Eén jaar daarvoor was hij verdreven en afgezet door de Deense koning Knut. Olaf vluchtte naar Zweden en in 1030 trachtte hij zijn land te heroveren, maar op 29 juli sneuvelde hij op het slagveld. Slechts één jaar later werd hij door bisschop Grimkjell heilig verklaard.
Het festival wordt altijd op de avond van 28 juli officieel geopend met een optocht en speeches in het centrum van de hoofdstad Tórshavn. De middag daarvoor zijn dan al de populaire roeiwedstrijden gehouden.
Op 29 juli zelf is er opnieuw een optocht, nu van alle Faröerse politici, de korpschef van de politie, priesters en vertegenwoordigers uit Denemarken, naar de kathedraal van Tórshavn, waar men een dienst bijwoont. Daarna loopt het gezelschap naar het parlementsgebouw, waar men buiten naar een concert luistert. Dit alles dient dan om de opening van het nieuwe parlementaire jaar in te luiden.
Verder zijn er diverse sportwedstrijden, volksdansen en tentoonstellingen.
De vlag
Merkið, de vlag van de Faeröer
De Faeröerse vlag is er een uit de Scandinavische vlaggenfamilie, duidelijk herkenbaar aan het liggende Scandinavische kruis. Andere vlaggen uit deze ‘familie’ zijn die van Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, IJsland, Shetland en Åland. De vlag heeft een officiële naam, namelijk Merkið, wat zoveel betekent als teken of banier.
De vlag heeft een wit veld, wat volgens de ontwerpers staat voor de schuimkoppen van de zee en de prachtig heldere hemel boven de Faeröer, daaroverheen een rood Scandinavisch kruis, blauw gebiest: deze twee kleuren komen veel voor op de verschillende Scandinavische vlaggen en geven dus de verbondenheid weer.
De vlag werd in juni 1919 ontworpen door drie in Kopenhagen woonachtige Faeröerse studenten, Jens Oliver Lisberg, Janus Øssursson en Pauli Dahl. De vlag werd vervolgens genaaid door Ninna Jacobsen en voor het eerst op de Faeröer gehesen op 22 juni 1919 tijdens een trouwpartij, en wel in Fámjin, het geboortedorp van Jens Oliver Lisberg.
De drie ontwerpers van de Merkið, v.l.n.r.: Jens Oliver Lisberg (1896-1920), Janus Øssursson (1896-1964) en Pauli Dahl (1898-1977) (publiek domein)
Tot die tijd had de archipel een onofficiële vlag gebruikt met de afbeelding van een schaap op een blauw veld, met daaromheen een brede rode rand, die niet algemeen gebruikt werd.
De Faeröerse “schaaps-vlag”
De officiële vlag was die van Denemarken, de Dannebrog. Vanaf de jaren dertig werd de nieuwe vlag steeds algemener onder de autochtone Faeröerders, maar niet bij de Deense burgers, die vasthielden aan de Dannebrog.
Het keerpunt in de status van de vlag werd veroorzaakt door de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 9 april 1940 was Denemarken bezet gebied, maar de Faeröer bleven vanwege hun geografische ligging buiten schot. Op 11 april bezette het Verenigd Koninkrijk de archipel om het zo tegen Duitse aanvallen te kunnen beschermen. Om de Faeröerse schepen goed van de Deense te kunnen onderscheiden bepaalden de Britten dat Merkið hiervoor gebruikt zou worden. De datum was 25 april 1940 en daarmee hebben we de oorsprong te pakken van deze feestdag. Toen de Faeröer na de Tweede Wereldoorlog hun autonomie verkregen, op 23 maart 1948, kreeg de vlag zijn langverwachte officiële status.
De allereerste Merkið, te zien in de kerk van Fámjin op Suðuroy
En hoe verging het prototype van erk van Merkið uit 1919 het? Welnu, heel goed, de vlag bestaat nog en wordt gekoesterd. Ze is ingelijst en wel te zien in de kerk van Fámjin op het zuidelijke eiland Suðuroy.
De Fiestas patrias de Perú (meervoud, want het feesten gaat morgen nog door) herdenken in de eerste plaats de onafhankelijkheid uit 1821 (vandaag) en in de tweede plaats is het een eerbetoon aan de militairen en de politie (morgen).
Peru was, net als het grootste deel van Zuid-Amerika, ooit onderdeel van het Spaanse koloniale rijk. In de 19e eeuw echter was de Spaanse macht tanende, politieke onrust in Europa en de Mei-revolutie in Argentinië in 1810, brachten het hele continent in een revolutionaire sfeer.
V.l.n.r.: José de la Serna (1770-1832) / Joaquín de la Pezuela, markies van Viluna (1761-1830) / José de San Martín (1778-1850) op een foto uit 1848, gemaakt in Parijs / Simón Bolívar (1783-1830)
Na een interne machtsstrijd in 1821, waarbij de Spaanse generaal José de la Serna zijn directe baas, onderkoning Joaquín de la Pezuela afzette en verving, kreeg hij al gauw te maken met het oprukkende leger van de Argentijnse generaal José de San Martín. Twee jaar daarvoor had hij, samen met zijn Chileense collega Bernardo O’Higgins Chili bevrijd. Nu was de beurt aan Peru. Onderkoning De la Serna hield niet lang stand en verliet de hoofdstad Lima op 12 juli 1821. San Martín bracht de stad snel onder zijn controle en riep op 28 juli de onafhankelijkheid uit.
“La proclamación de la Independencia”, waarop we José de San Martín op de rug zien terwijl hij de onafhankelijkheid van Peru uitroept, schilderij uit 1904 van Juan Lepiani (1864-1932)
Hij nam de leiding van het land, maar droeg die in 1822 over aan Simón Bolívar, de grote Libertador van Zuid-Amerika. Hij was Venezolaan van geboorte en was al president van zijn eigen land geweest, wat hij zelf mee had helpen bevrijden. Generaal San Martín trok zich terug en liet het aan Bolívar over om de rest van Peru te bevrijden, inclusief Alto Peru, het tegenwoordige Bolivia (naar hem vernoemd). Dat doel werd in 1824 bereikt.
De feestdag van vandaag begint normaliter met een mis, een Te Deum, onder leiding van de aartsbisschop van Peru, om 9.00 precies. De president is daarbij aanwezig. Daarna is het de beurt aan de politiek. De president gaat dan in een open auto naar het parlement, toegejuicht door zijn aanhangers. Aldaar houdt hij een soort troonrede, hij legt verantwoording af voor het afgelopen jaar en ontvouwt plannen voor de toekomst. Daarna keert hij terug naar het presidentieel paleis, het Casa de Pizarro, voor verdere ceremoniële taken.
Het Casa de Pizarro oftewel het Palacio de Gobierno del Perú in hoofdstad Lima
De vlag
Vlag van Peru (1825-heden) mét en zonder wapen
De Peruaanse vlag is een verticale driekleur in rood, wit, rood. In het midden van de witte baan is het staatswapen geplaatst. Een eenvoudiger versie zonder het staatswapen wordt door de bevolking gebruikt.
De kleuren komen van de voor onafhankelijkheid strijdende generaal José de San Martín: toen hij in 1820 in rustmoment na een gevecht met de Spanjaarden een vlucht flamingo’s over zag vliegen met witte borst en rode vleugeltippen, riep hij (volgens de overlevering althans): “Zie, dat is de vlag van de vrijheid!”.
De vlag ging echter de eerste jaren door een aantal transformaties: van vier rood-witte driehoeken, naar horizontale banen (met een Inca-zon in het midden), toen naar een verticale versie en uiteindelijk naar het huidige model met staatswapen op 25 februari 1825, vanaf 31 maart 1950 ook zonder wapen voor algemeen gebruik.
V.l.n.r.: vlag nr. 1 (oktober 1820-maart 1822), nr. 2 (maart 1822-mei 1822), 3 (mei 1822-februari 1825)
Het wapen bestaat uit een in drieën gedeeld schild: twee voorstellingen bovenin en één onderin. Ze staan voor fauna, flora en bodemschatten. De fauna is vertegenwoordigd door een vicuña (een soort lama), de flora door een cinchona-boom en de bodemschatten door een hoorn des overvloeds, waar gouden en zilveren munten uit komen. Boven het wapen bevindt zich een lauwerkrans met bladeren van de steeneik. Rondom het wapen bevinden zich twee takken die onderin samengebonden zijn met een rood-wit-rood lint. De linkertak bestaat uit palm-, de rechter uit laurierbladeren.
Met regionaal besluit nr. 30/78/M van 28 juli 1978, geratificeerd op 12 september dat jaar, werd de Madeirese vlag vastgesteld en goedgekeurd. Het besluit was een logisch gevolg van de op 1 juli 1976 verworven autonome status van de Madeira archipel door moederland Portugal.
Funchal, de hoofdstad van Madeira (fotograaf onbekend)
De archipel in de Atlantische Oceaan bestaat uit de twee hoofdeilanden, Madeira en Porto Santo en de onbewoonde eilandengroepen Ilhas Desertas en Ilhas Selvagens.
Kaart van de Madeira-archipel(publiek domein)
De vlag
Vlag van Madeira (1978-heden)
De vlag van Madeira is een verticale driekleur in blauw, geel, blauw. Midden in de gele baan is in wit en rood omrand, het kruis van de Orde van Christus geplaatst. Het kruis herinnert aan twee ridders van die orde, in dienst van Hendrik de Zeevaarder. Deze twee, Tristão Vaz Teixeira en João Gonçalves Zarco strandden in 1419 in een storm op Madeira en werden daarmee min of meer de ‘ontdekkers’ van de archipel.
Tristão Vaz Teixeira (ca. 1395-1480) en João Gonçalves Zarco (1395-1472) (publiek domein)
Hoewel het officieel nooit is toegegeven, lijken de kleuren als twee druppels water op de vlag van het Madeira Bevrijdingsfront (Frente de Libertaçao do Arquipélago da Madeira), dat actief was tussen 1974 en 1976, tijdens de Anjerrevolutie in Portugal.
Vlag van het bevrijdingsfront Frente de Libertaçao do Arquipélago da Madeira
Daar werd uiteindelijk een einde gemaakt aan het militaire en autoritaire bewind, waarmee de weg vrij was voor de gewenste autonomie van de archipel. De vlag van het bevrijdingsfront is eveneens een verticale driekleur in blauw, geel en blauw, alleen het geel neigt wat meer naar oker. In de gele baan staan in dit geval vijf zogenaamde quinas, die ook op de vlag van Portugal voorkomen. De quina is een blauw schild met vijf witte stippen, die staan voor de vijf wonden van Jezus.
Op 26 juli 1788, nu dus 237 jaar geleden, werd New York de 11e staat die zich aansloot bij de unie van de oorspronkelijke 13 staten, die het begin vormt van de onafhankelijke Verenigde Staten van Amerika. Op de blauwe vlag is het staatszegel van New York afgebeeld, wat sinds 1778 in gebruik is.
Het staatszegel laat twee schilddraagsters zien: – met links: Vrijheid met een Frygische muts (ook wel vrijheidsmuts genoemd) op een staf. – aan haar voeten: de gevallen Britse kroon. – met rechts: Justitia, geblinddoekt (voor onpartijdigheid). – in haar linkerhand: een weegschaal (voor wijsheid en redelijkheid). – in haar rechterhand: een zwaard.
Opvallend detail: de gevallen Britse kroon
Het schild laat laat een landschap zien met de Hudson Rivier, een berglandschap (de Catskills), daarachter de zon en op de Hudson twee vaartuigen: een driemaster en een sloep met zeil. Boven het schild is een wereldbol te zien met daar bovenop een adelaar.
Een vroege versie van het staatswapen van New York, dat uit 1788 stamt (publiek domein)
Het geheel is geplaatst op een wit lint met het staatsmotto ‘excelsior’ (alsmaar hoger). Een curiositeit is dat het staatszegel wanneer niet op de vlag afgebeeld, de zon een gezichtje geeft, maar op de vlag wordt dit weggelaten.
Eerste versie van de vlag van de staat New York (1896-1901)
Het ontwerp van het staatswapen stamt uit 1778 en werd officieel goedgekeurd in 1882. Het is daarmee ouder dan de vlag, die dateert van 8 april 1896. Deze vlag was vaalgeel van kleur. Dit beviel niet en op 2 april 1901 werd dat veranderd in blauw (de kleur blauw komt in de praktijk in verschillende tinten voor).
De vlag van New York State sinds april 2020
Na een kleine wijziging in 1906 bleef de vlag daarna onveranderd tot aan april 2020, toen op de banderol het staatsmotto ‘excelsior’ gezelschap kreeg van een ander motto: ‘e pluribus unum (uit velen één’), dat tevens het motto van de Verenigde Staten is.
De staat New York op een oude ansichtkaart (publiek domein)
Overigens zijn heel veel New Yorkers niet gecharmeerd van de vlag en er gaan dan ook stemmen op om de vlag te veranderen. Bij een steekproef onder de bevolking bleek dat velen het liefst het Vrijheidsbeeld op de vlag zouden zien. Wordt vervolgd?
In 1824 was Costa Rica één van de vijf federale staten die samen de República Federal de Centroamérica (ook wel Provincias Unídos del Centro de América genaamd) vormden De andere vier waren El Salvador, Guatemala, Honduras en Nicaragua.
Kaart van de Republica federal de Centroamérica (ook wel Provincias Unídos del Centro de América genoemd) (kaart uit “Travels in Central America” van Robert Glasgow Dunlop, 1847)
Deze staat was in 1823 ontstaan nadat deze regio zich bevrijd had van de Spaanse overheersers. De verschillende staten vormden bepaald geen eenheid en kwamen op een gegeven moment met elkaar in conflict, wat leidde tot een burgeroorlog tussen 1838 en 1840. Nicaragua scheidde zich in 1838 eenzijdig af en de republiek viel daarna in slow-motion uit elkaar. Het doek viel in 1841, waarna Midden-Amerika grotendeels de staatkundige vorm kreeg die het nu nog heeft.
De kust van Guanacaste (fotograaf onbekend)
We spoelen weer even terug naar het begin van deze kortstondige staat. In 1824 werd er een referendum gehouden in de Nicaraguaanse provincie Guanacaste, of ze bij Nicaragua wilden blijven of zich wilden aansluiten bij Costa Rica. Dit land had op het laatste zijn zinnen gezet.
Costa Rica met de provincie Guanacaste in rood
Van de drie belangrijkste steden in Guanacaste kozen Nicoya en Santa Cruz vóór aansluiting bij Costa Rica en Liberia tegen. Daarmee was het pleit beslecht en annexeerde Costa Rica dit deel van Nicaragua. De federale republiek ging er mee akkoord en op 25 juli 1824 werd Guanacaste onderdeel van Costa Rica, een niet onaanzienlijk gebied van ruim 10.000 km2.
De 25e juli is een officiële feestdag in Costa Rica.
De vlag
Vlag van Costa Rica – met en zonder wapen
De Costa Ricaanse (staats)vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen. Daarnaast wordt ook de civiele vlag gebruikt, met als enig verschil dat het wapen hierop ontbreekt.
De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.
Vlag van Argentinië
De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en ParaguayDe vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador
Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.
Het ontwerp van de vlag was van Patricia Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.
Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.
Wapen van Costa Rica
Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien. Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies). Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica. Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.
De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.
Guanacaste
De provincie Guanacaste heeft een relatief recente vlag. Hij dateert van 1974 en debuteerde op de Día de Guanacaste van datzelfde jaar. De vlag is een ontwerp van Eddie Alvarado Herrera (1936), een leraar Engels uit Tilarán, in stad in dezelfde regio.
Eddie Alvarado Herrera (1936), ontwerper van de vlag van Guanacaste
Het is een horizontale driekleur in blauw-wit-groen, met een rode driehoek aan de broekingszijde. De kleuren blauw, wit en rood komen van de vlag van Costa Rica en het groen staat voor de pampa’s van de provincie.
Vlag van Guanacaste(1974-heden)De vlag van Guanacaste naast de nationale Costa Ricaanse vlag (fotograaf onbekend)
Op maandag liet president Zelensky weten dat er op woensdag (gisteren) een nieuwe ronde vredesbesprekingen zou beginnen in Istanboel, Turkije. “Vandaag heb ik met Roestem Oemjerov (de chef van de de Oekraïense Veiligheidsraad) voorbereidingen besproken voor een gevangenenruil en een nieuwe ontmoeting in Turkije met Rusland”, zei Zelensky maandag in zijn dagelijkse toespraak. De Oekraïense delegatie zal door Oemjerov worden geleid.
De Oekraïense delegatie komt aan bij het Çırağanpaleis in Istanboel, Turkije (screenshot)
Zelensky stelde afgelopen weekend nieuwe gesprekken voor, enkele dagen nadat de Amerikaanse president Trump Rusland met “zware sancties” had bedreigd als er binnen vijftig dagen geen staakt-het-vuren tussen Moskou en Kiev zou komen.
Het Kremlin liet dinsdag weten geen “wonderbaarlijke doorbraak” van de gesprekken te verwachten. Woordvoerder Dmitri Peskov liet in zijn dagelijkse persconferentie weten dat “…wij van plan [zijn] onze belangen na te streven, onze belangen te beschermen en de taken uit te voeren die wij onszelf vanaf het begin hebben gesteld.”
President Zelensky tekent controversiële wet
De Oekraïense president Zelensky heeft een wetsvoorstel ondertekend dat volgens critici de onafhankelijkheid van de anticorruptie-instanties ondermijnt. Dit leidde tot protesten in verschillende steden en internationale kritiek. Wet 12414 werd kort daarvoor door het Oekraïense parlement aangenomen.
Resultaat van de stemming voor of tegen Wet 12414 in het parlement: 263 vóór, 13 tegen, 13 keer onthouding van stemmen en niet gestemd 35 (screenshot)
Critici zeggen dat de nieuwe wet de autoriteit van het Nationaal Bureau voor Corruptiebestrijding (NABU) en het Gespecialiseerde Openbaar Ministerie (SAPO) ondermijnt en deze onder het toezicht van de procureur-generaal plaatst.
President Zelensky tijdens zijn videoboodschap waarin hij de nieuwe wet toelichtte (screenshot)
In een videoboodschap liet Zelensky gisteren weten dat beide instanties nog steeds “zouden moeten functioneren”, maar dat ze gezuiverd moesten worden van “Russische invloed”. Nadat het wetsvoorstel was aangenomen, verzamelden honderden mensen zich in Kiev voor het grootste anti-regeringsprotest sinds het begin van de grootschalige Russische invasie in februari 2022.
Anti-regeringsprotest op dinsdagavond in Kiev (screenshot)
Ook in de steden Lviv, Dnipro en Odessa waren demonstraties. “We kozen voor Europa, niet voor autocratie”, stond op een poster die een demonstrant vasthield. “Mijn vader is hier niet voor gestorven”, zei een ander.
De vrouw in het midden houdt een stuk karton omhoog met de tekst “We zullen wet 12414 afschaffen” (screenshot)
De Oekraïense hoofdaanklager, Zelensky-vertrouweling Ruslan Kravchenko, kan corruptieonderzoeken nu overdragen aan mogelijk meer meegaande onderzoekers en ze zelfs sluiten.
Ruslan Kravchenko (1990), hoofdaanklager van Oekraïne (fotograaf onbekend)
In zijn toespraak bekritiseerde Zelensky de efficiëntie van de Oekraïense anti-corruptie-infrastructuur en zei dat zaken “slapend” waren gebleven. “Er is geen rationele verklaring voor waarom strafzaken ter waarde van van miljarden hryvnia (de Oekraïense munt) al jaren niet verder komen”, zei hij. Hij voegde eraan toe dat de procureur-generaal ervoor zou zorgen dat “de onvermijdelijke straf” voor degenen die de wet overtreden, onvermijdelijk zou zijn.
Het logo van Національне Антикорупційне Бюро України, oftewel NABU (Nationaal Bureau voor Corruptiebestrijding), dat in 2014 werd opgericht
De dag voordat de controversiële wet werd aangenomen, voerden de Oekraïense veiligheidsdienst en het Openbaar Ministerie huiszoekingen en arrestaties uit op vermeende Russische spionnen in NABU. Deze stap heeft geleid tot bezorgdheid bij de Westerse bondgenoten van Oekraïne. Het onafhankelijke Oekraïense anti-corruptiesysteem werd tien jaar geleden op hun aandringen en onder hun toezicht opgericht.
Kat in Odessa kent vluchtweg
Door de frequente Russische aanvallen heeft een kat uit Odessa de route naar de schuilkelder uit zijn hoofd geleerd. Zijn baasje plaatste een filmpje op TikTok waarop te zien is hoe het dier door de gangen naar het appartement rent, nadat het sein veilig is gegeven en af en toe omkijkt, om te controleren of de filmende eigenaar hem volgt. Het filmpje ging snel viraal.
De rode kater uit Odessa (foto: Viktoriia Ilkov)
Viktoriia (32), het baasje van de kat, liet weten dat zij en haar man de inmiddels vijf jaar oude kater drie jaar geleden uit een asiel hadden geadopteerd: “Mijn man droomde er al lang van om een roodharige kat te hebben en toen kwamen we een bericht tegen van een van de asiels waarin stond dat ze een gezin voor een kat zochten. Zijn vorige eigenaar was overleden aan een ziekte”.
Kunnen we al naar huis? (foto: Viktoriia Ilkov)
“We waren meteen verliefd op hem en gingen hem de volgende dag halen. Het asiel bleek een vierkamerappartement te zijn met 25 katten. Ons werd verteld dat we er zelf een mochten kiezen, maar onze kat kwam zelf naar ons toe en ging op onze schoot zitten. Toen wisten we dat hij van ons was, en we namen hem zonder aarzelen mee naar huis.”
Links: Zodra de kust weer veilig is gaat de kat weer op huis aan / Rechts: En is als eerste bij de lift
“We hebben gezien hoe slim en attent hij is. Hij gaat met ons mee naar de schuilkelder en we hebben hem niet eens getraind, we hebben hem alleen een paar keer naar de parkeerplaats gebracht. Nu, als hij de sirenes hoort, kijkt hij ons gewoon aan en wacht op onze reactie. Hij is niet bang voor explosies.”
Links: De kat kijkt af en toe om, om te kijken op de baasjes wel volgen / Rechts: De voordeur is bereikt (screenshots TikTok)
Zodra de kat en zijn baasjes terugkomen uit de schuilkelder, rent hij rechtstreeks naar zijn bakje. “Hij weet dat we hem een snoepje of wat voer geven om hem te helpen met de stress om te gaan”, aldus Viktoriia.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
De 23e juni is Historic County Flag Day in het Verenigd Koninkrijk. Hoewel de 53 historische graafschappen zonder uitzondering lange geschiedenissen hebben, geldt dat niet voor hun vlaggen.
De meeste van de traditionele graafschappen werden ingesteld in de tijd van de Normandische koningen (911-1167), veelal overigens gebaseerd op eerdere koninkrijken en graafschappen die door de Angelen, Saksen, Juten, Kelten en de Denen en Noren waren gecreëerd.
Deze oude of traditionele graafschappen vallen bestuurlijk lang niet altijd meer samen met de grenzen van de administratieve herindelingen waarvan de belangrijkste plaatsvonden in 1889, 1965 en 1974. Desalniettemin zijn de aloude graafschappen eigenlijk nooit verdwenen, omdat de bewoners zich er toch vaker mee identificeren, dan met de later ingestelde bestuurlijke divisies.
V.l.n.r.: de vlaggen van Kent, Cornwall en Devon
Traditionele graafschappen zoals Kent en Cornwall voerden al eeuwenlang hun eigen vlag, maar op dat gebied waren zij de uitzonderingen. Het graafschap Devon schreef in 2002 een ontwerpwedstrijd uit voor een eigen vlag, die in 2003 succesvol werd ingevoerd: de nieuwe vlag werd zó snel en massaal omarmd door de plaatselijke bevolking, dat andere graafschappen ook ‘wakker’ werden en sindsdien is er lange lijst van nieuw ontworpen vlaggen bijgekomen.
Parliament Square in Londen in 2023 met de bonte verzameling van graafschapsvlaggen, zichtbaar zijn o.a. vanaf de groene vlag links: Caernarfonshire, Buckinghamshire, Berkshire, Bedfordshire, Anglesey (rood met gele leeuwen) en Aberdeenshire (fotograaf onbekend)
Ruim 20 jaar later is er zelfs een speciale dag in het leven geroepen: Historic County Flag Day, waarbij op Het Londense Parliament Square de vlaggen van de graafschappen bij elkaar te zien zijn.
Nog een foto uit 2023, te onderscheiden vlaggen zijn vanaf links: Middlesex, Merioneth (Merionydd), Lincolnshire, Lancashire, Kirkcudbrightshire, Kent, Huntingdonshire, Hertfordshire, Hampshire, Gloucestershire, Glamorgan, Flintshire, Essex, en East Lothian, de laatste vlag valt moeilijk te identificeren (fotograaf onbekend)
Bij Vlagblog houden we het bij één vlag vandaag: Somerset. Volgend jaar een andere.
De vlag van Somerset is geel met in het midden een naar de broekingszijde gekeerde rode draak, blauw genageld en getongd.
Ed Woods, ontwerper van de vlag van Somerset (fotograaf onbekend)
De vlag was het resultaat van een ontwerpwedstrijd, die in 2013 werd gewonnen door Ed Woods. De rode draak kwam echter niet zomaar uit de lucht vallen: de Somerset County Council gebruikt een wapen dat al sinds 1911 gehanteerd wordt en in 2020 enigszins werd aangepast.
Wapen van de Somerset County Coucil met de wapenspreuk Sumorsaete Ealle (Allen in Somerset)
Op het schild zien we de rode draak met een staf in zijn klauwen. Die staf hoort oorspronkelijk niet bij de draak, maar is toegevoegd als symbool voor de lokale overheid. De draak gaat echter veel verder teug dan 1911, het dier zou halverwege de achtste eeuw al het embleem geweest zijn van het Saksische koninkrijk Wessex, waartoe Somerset behoorde. De Wessex-draak wordt soms rood en soms goud afgebeeld.
Sinds 2023 staat er in Taunton, de hoofdstad van Somerset een vier meter hoog beeld van de draak, een ontwerp van Matthew Crabb (fotograaf onbekend)
Hoewel het oorspronkelpjke idee was om drie finalisten te hebben, was de keus kennelijk dermate moeilijk dat er een vierde finalist werd toegevoegd.
Zoals gezegd streek Ed Woods uiteindelijk met de eer, waarmee hij £250 won en een fles bubbelwijn. Woods, afkomstig uit Curry Rivel, had in 2006 al een website opgezet om tot een eigen Somerset-graafschapsvlag te komen.
Links en midden: deze twee vlagontwerpen deelden de tweede plaats / Rechts: als nummer drie eindigde dit ontwerp
De tweede plaats moest door twee deelnemers gedeeld worden, zodat de vierde finalist op plaats drie eindigde.
Veel Papoea-soldaten hebben in het PIR gediend, het Pacific Island Regiment, een onderdeel van het Australische leger, totdat Papoea-Nieuw-Guinea onafhankelijk werd in 1975. De datum van 23 juli herinnert aan de First Battle of Kokoda in 1942. Deze Pacifische slag werd uitgevochten door geallieerde troepen (voornamelijk Australisch) en Japanners.
Gouverneur-generaal Sir Bob Dadae (1961) salueert bij het oorlogsmonument (herdenking 2019/screenshot)
De officiële herdenking vindt plaats bij het oorlogsmonument in Remembrance Park in de hoofdstad Port Moresby.
Het oorlogsmonument in Remembrance Park in Port Moresby (fotograaf onbekend)
De vlag
Vlag van Papoea-Nieuw-Guinea (1971-heden)
De vlag is een tweekleur, diagonaal verdeeld, van de top van de broekingszijde naar de onderkant van de vluchtzijde. De driehoek aan de mastkant is zwart, die aan de vlucht is rood. In het zwarte gedeelte is het sterrenbeeld Zuiderkruis geplaatst en in het rode een paradijsvogel in geel. De ratio is een ietwat ongebruikelijke 3:4.
De vlag is het resultaat van een ontwerpwedstrijd, die met de kleinst mogelijke meerderheid (één stem) werd gewonnen door de toen 17-jarige Susan Karike (1956-2017). Die stemming was op 4 maart 1971 en daarmee had Papoea-Nieuw-Guinea zijn eigen vlag, nog vóór de onafhankelijkheid in 1975.
Op 16 september 1975 werd de vlag voor het eerste gehesenop Independence Hill in Port Moresby (fotograaf onbekend)
De kleuren rood en zwart zijn de meestgebruikte kleuren in de inheemse kunst. Het Zuiderkruis verwijst naar de band met Australië, die het sterrenbeeld ook in zijn vlag heeft.
V.l.n.r.: De grote paradijsvogel (Paradisaea apoda) / Sterrenbeeld het Zuiderkruis / Vlag van Australië, óók met het Zuiderkruis
De grote paradijsvogel is dé vogel van Papoea-Nieuw-Guinea en wordt veelvuldig als embleem gebruikt, ook in het staatswapen.
Ook op postzegels van Papoea-Nieuw-Guinea is de grote paradijsvogel een veelgebruikt onderwerp (postzegels uit respectievelijk 1932, 1971, 1973 en 1984)Het staatswapen van Papoea-Nieuw-Guinea (24 juni 1971): een paradijsvogel op een inheemse “kundu”-trommel, met daarachter een ceremoniële speer
Oorlogsvlag
Een afgeleide van de nationale vlag is de oorlogsvlag van Papoea Nieuw Guinea. De vlag is wit en heeft de nationale vlag in het kanton. Voor zover bekend is de vlag rond 1996 ingesteld.
Oorlogsvlag van Papoea Nieuw Guinea
Vlag van de gouverneur-generaal
Hoewel Papoea Nieuw Guinea een onafhankelijk land is, is het ook een Gemenebestland met de Britse Koning Charles III als staatshoofd, wat puur ceremonieel is. De officiële vertegenwoordiger van Charles is de gouverneur-generaal, we kwamen hem eerder in het artikel al tegen. De huidige gouverneur-generaal is Sir Bob Dadae, hij trad aan op 28 februari 2017 en hij heeft zijn eigen vlag en die zien we hieronder:
De vlag is koningsblauw met een vereenvoudigde weergave van de St. Edwards Crown, de kroon waar Britse koningen mee worden gekroond. Op de kroon is een gekroonde goud- of geelkleurige aanziende leeuw geplaatst. Onder de kroon een gouden of gele banderol met in zwarte kapitalen PAPUA NEW GUINEA.
21 juli 1831 was de dag waarop Leopold van Saksen-Coburg-Gotha als koning van het sinds een jaar daarvoor onafhankelijke België werd geïnstalleerd. De huidige koning Filip is de 7e koning der Belgen uit dit geslacht. Aangezien Filip op 21 juli 2013 als koning aantrad, viert hij vandaag tevens zijn 12-jarig koningschap.
Links: Koning Leopold I (1790-1865) / Rechts: Koning Filip (1960)
Sinds 1890 wordt de Nationale Feestdag op 21 juli gevierd. Doorgaans vinden op de avond vóór de Nationale Feestdag al enige activiteiten plaats, zoals een gratis concert.
Op 21 juli zelf komt de koninklijke familie ’s morgens bijeen voor een dankdienst, het zogenaamde Te Deum in de Sint-Michiels-en-Sint-Goedelekathedraal in Brussel. ’s Middags is er vanaf 14.40 uur het traditionele militair en burgerlijk defilé voor het Koninklijk Paleis in Brussel, waar sinds 2021 ook de halfzus van de koning, prinses Delphine van Saksen-Coburg (voorheen beter bekend als Delphine Boël) en haar partner James O’Hare, bij aanwezig zijn.
Opvallende toespraak
Aan de vooravond van de nationale feestdag haalde koning Filip internationaal het nieuws met een opvallende toespraak waarin hij zich onder meer uitliet over de situatie in Gaza, waarin hij van zijn hart geen moordkuil maakte, beslist opvallende voor een vorst van een parlementaire democratie: “Ik sluit mij aan bij al wie de ernstige humanitaire wantoestanden in Gaza aan de kaak stelt. Waar onschuldige burgers, gevangen in hun enclave, van honger sterven en bezwijken onder de bommen. De huidige toestand sleept al veel te lang aan. Dit is een schande voor de mensheid.”
Screenshots militaire parade 2025
Koning Filip en koningin Mathilde arriveren bij het erepodiumLinks op het podium drie van de vier kinderen van het koninklijk paar, v.l.n.r. de prinsessen Eléonore, Elisabeth (de hertogin van Brabant en kroonprinses) en prins EmmanuelHet koninklijk paar vlak voor de paradeNaast het hoofdpodium waren de overige familieleden present, v.l.n.r. James O’Hare, prinses Delphine, prinses Claire, prins Laurent, prins Lorenz en prinses AstridDe parade werd geopend met muziekMode-experts wisten te melden dat de koningin gekleed ging in een kanten jurk van Modehuis Natan en een hoed van ontwerpster Fabienne DelvigneDe vaandels van de verschillende legeronderdelen maken hun opwachtingKoning Filip groet de vaandels in zijn rol van opperbevelhebber van het Belgische legerNa afloop schudde de koning nog de nodige handen
De vlag
Vlag van België, ‘standaard-model’ (1831-heden)
De vlag van België had in 1830 nog horizontale banen: rood, geel en zwart. Onder invloed van de Franse ‘Tricolore’, ook een revolutionaire vlag, werden de strepen op 23 januari 1831 gekanteld, met het rood dus aan de broekingzijde.
Links: eerste Belgische vlag (1830) / Rechts: tweede, gekantelde versie, met het rood aan de broekingszijde
De laatste wijziging was later dat jaar, op 12 oktober, toen de kleurenvolgorde werd omgedraaid, dus: zwart, geel rood. Het opmerkelijke is dat deze wijziging niet in de Belgische Grondwet werd opgenomen: in Artikel 193 staat nog steeds te lezen dat de kleuren rood, geel en zwart zijn! De kleuren zelf zijn afkomstig uit het wapen van Brabant: een zwart schild met een gouden leeuw met tong en klauwen in rood.
Wapen van Brabant (historische versie met hertogelijke kroon)
Afmetingen
Curieus zijn de afmetingen van de Belgische vlag, die zijn 13:15 (hoewel dit niet exact zo in de Grondwet staat), maar dat is zo ongebruikelijk, dat deze maatvoering buiten officiële instanties eigenlijk niet voorkomt. In het straatbeeld zal men de officiële versie dus eigenlijk weinig zien, maar wordt de standaardmaat voor een vlag van 2:3 gebruikt.
Links: de officiële versie van de Belgische vlag (13:15) / Rechts: de ‘paleis’-versie (4:3)
Maar er is meer, er is nóg een maat, de koninklijke: het Koninklijk Paleis te Brussel en het Kasteel van Laeken, net buiten de hoofdstad, voeren hoog in de top vlaggen met de verhoudingen 4:3, maar dat heeft te maken met het perspectief voor de man of vrouw in de straat die ver omhoog moet kijken om de vlag te zien.
Colombia was in 1810 een deel van het Spaanse koninkrijk, net zoals het grootste deel van Midden- en Zuid-Amerika. Het deelt dan ook deel van z’n historie met de omringende landen. Buurland Venezuela riep op 5 juli 1811 de onafhankelijkheid uit.
Colombia deed dat één jaar eerder, op 20 juli 1810. Spanje was het er uiteraard niet mee eens en na de napoleontische oorlogen werd de koloniale orde hersteld.
Kopie van de Onafhankelijkheidsverklaring van 1810, het origineel ging verloren tijdens een brand in winkelcentrum Galerías Arrubla, waar tegenwoordig het Liévano-paleis in Bogotá staat (publiek domein)
Maar in 1819 werd de definitieve onafhankelijkheid bereikt, o.l.v. de grote ‘bevrijder’ Simón Bolívar. Het land besloeg toen een veel groter gebied onder de naam Gran Colombia en omvatte de huidige territoria van Colombia, Venezuela, Ecuador, Panama, het noorden van Peru, het westen van Guyana en het noordwesten van Brazilië. President werd Simón Bolívar. In 1830 viel deze grote republiek uiteen en kregen de meeste landen hun huidige vorm. Panama maakte echter tot 1903 nog onderdeel uit van Colombia en werd daarna een aparte republiek.
Affiche voor de feestdag (publiek domein)
De vlag
Vlag van Colombia (1861-heden)
De vlag van Colombia is een horizontale driekleur in geel, blauw en rood, waarbij de gele baan dubbel zo breed is als de blauwe en rode. Het huidige ontwerp werd ingevoerd op 26 november 1861. De kleuren staan voor Amerika (geel), door de zee (blauw) gescheiden van het bloeddorstige (rood) Spanje.
De vlag van Colombia heeft sinds het land een aparte republiek werd in 1830 verschillende verschijningsvormen gekend. Het zou te ver voeren die hier allemaal te behandelen. Wel is het zo dat de kleuren van de vlag vanaf het begin af geel, blauw en rood waren. Het land greep daarmee terug op de vlag van Gran Colombia, dat dezelfde kleuren gebruikte. Dat Venezuela en Ecuador ook die kleuren gebruiken is dan ook geen toeval, daar zij ook uit deze ‘superstaat’ voortkwamen.
Naast de nationale vlag kent Colombia ook nog twee afgeleiden: een koopvaardij- of handelsvlag en een marine- of oorlogsvlag.
De eerste bestaat uit de nationale vlag met in het midden een blauwe ovaal met rode rand. In het ovaal is een witte achtpuntige ster. Deze vlag bestaat sinds 1834. In 1861 werd de ster uit het ovaal gehaald en vervangen door negen zevenpuntige sterren in zilver. In april 1890 werd dat weer teruggedraaid naar het oorspronkelijke ontwerp. Sindsdien is de vlag onveranderd.
Links: Koopvaardij- of handelsvlag van Colombia / Rechts: Marine- of oorlogsvlag van Colombia
Op de marine- of oorlogsvlag zien we het rijkswapen midden op de vlag. Ze bestaat eveneens sinds 1834, onderging in de 19e eeuw enkele wijzigingen, maar is sinds 1924 onveranderd. In 1949 werd het ontwerp wettelijk vastgelegd.
Colombiaanse marinevlaggen tijdens de viering van 200 jaar Colombiaanse marine in 2023 (fotograaf onbekend)