Canada – Canada Day / Canada-dag (1982)

Hoewel we vandaag tien vlaggen zouden kunnen laten wapperen, houden we het bij vier! Vlag 4:

De 1e juli is Canada Day en herinnert aan 1 juli 1867 toen de Britse kolonies in Noord-Amerika, Nova Scotia en New Brunswick en de provincie Canada werden samengevoegd in de Constitution Act.

Dominion Canada 1867
Vorming van het Dominion of Canada in 1867 (© firstpeoplesofcanada.com)

Het nieuwe land kreeg de naam Canada, waarbij het tevens zelfbestuur kreeg, hoewel het Britse parlement ook nog enige zeggenschap hield. Canada werd in feite een separaat koninkrijk, waarvan de officiële naam Dominion of Canada luidde.
De 1e juli werd als feestdag dan ook eerst onder de naam Dominion Day gevierd, tot 1982 toen de zogenaamde Canada Act het laatste beetje zeggenschap dat het Verenigd Koninkrijk in Canada had, beëindigde.

Canada tekenen
Links: 1 juli 1982: koningin Elizabeth II tekent de Canada Act (© thecanadianencyclopedia.ca) / Rechts: de Canada Act (© bac-lac.gc.ca)

De dag werd vanaf dat jaar Canada Day genoemd. Wat bleef was het lidmaatschap van het Gemenebest, waardoor ook nu nog koning Charles III officieel staatshoofd is van Canada.

De vlag

Vlag Canada
Vlag van Canada (1965-heden)

Tussen 1868 en 1965 voerde Canada als vlag een red ensign, een rode vlag met in het kanton de Britse Union Flag of Union Jack. Op het uitwaaiende gedeelte was het Canadese wapen afgebeeld.

Vlag van Canada (1868-1921)

In totaal waren er drie versies van deze vlag, omdat zowel in 1921 als in 1957 het wapen gewijzigd werd, waardoor dus ook de vlag aangepast diende te worden.

Vlag van Canada (1921-1957)

Vanaf 1963 kwam er een discussie op gang om het Britse model te vervangen voor een eigen ontwerp.

Vlag van Canada (1957-1965)

In 1964 culmineerde dit in het zogenaamde Great Flag Debate. Een belangrijk punt van aandacht waren de te gebruiken symbolen: moest de Britse Unievlag er opnieuw bij? Of de fleur-de-lys voor de Franstalige Canadezen? Men wilde liever geen Frans-Canadese en Engels-Canadese sentimenten aanwakkeren.
Uiteindelijk werd er voor een symbool gekozen dat in alle versies van het staatswapen voorkwam: de maple leaf (esdoornblad) en waar de meesten zich in konden vinden. In het wapen kwam (en komt nog steeds) de maple leaf voor met drie bladeren. Voor de vlag werd voor een enkel blad gekozen.

george stanley
George F.G. Stanley (1907-2002), ontwerper van de Canadese vlag (© Canadian Encyclopedia)

Na 6 maanden van discussies en 33 politieke debatten werd uit de ruim 4000 ontwerpen die van historicus en schrijver George Stanley op 15 december 1964 goedgekeurd in het Canadese House of Commons, met 163 stemmen voor en 78 tegen.
Als officieel staatshoofd van Canada had Koningin Elizabeth II het laatste woord, hoewel dat strikt genomen niet meer dan een formaliteit was. Op 28 januari 1965 echter werd de koninklijke goedkeuring gegeven.

debuut
Het debuut van de vlag op 15-2-1965, Parliament Hill, Ottawa (© National Film Board of Canada)

Suriname – Keti Koti (1863)

Hoewel we vandaag tien vlaggen zouden kunnen laten wapperen, houden we het bij vier! Vlag 3:

Keti Koti is een nationale feestdag in Suriname. De naam komt uit het Sranantongo en betekent zoveel als ‘gebroken ketenen’. Het herdenkt de afschaffing van de slavernij door Nederland op 1 juli 1863 in Suriname en de Nederlandse Antillen.

suriname
Links: Keti Koti in Paramaribo / Rechts: Het Kwakoe-standbeeld in Paramaribo, onthuld op 1 juli 1963, een eeuw na de afschaffing van de slavernij. Het laat een slaaf zien die zijn ketenen verbreekt. Het werd gemaakt door beeldhouwer Jozef Klas (1923-1966) (© sunriname.nu)

Het duurde echter nog tien jaar voordat men werkelijk vrij was. Tot 1873 gold er een overgangsperiode waarin de 40.000 ‘voormalige’ slaven gedwongen werden tegen een hongerloontje op de plantages te blijven werken. Na de ‘echte bevrijding’ in 1873 trokken de meeste van hen naar Paramaribo een nieuw leven tegemoet.

De vlag

Vlag van Suriname (1975-heden)

De vlag van Suriname werd ingevoerd op 25 november 1975, de dag dat het land onafhankelijk werd van Nederland. Voor het ontwerp was een wedstrijd uitgeschreven waarvoor meer dan 270 inzendingen binnenkwamen. Geen van deze ontwerpen werd uiteindelijk gekozen. Wel kwamen verschillende onderdelen van verschillende inzenders uiteindelijk terug in de vlag.

De gele ster in het midden staat voor eenheid en hoop. De twee groene en één rode baan staan voor de kleuren van de politieke partijen die ten tijde van de onafhankelijkheid aan de macht waren. Het rood staat tevens voor de liefde. De twee witte stroken daartussen staan voor gerechtigheid en vrijheid.

Over de positie van de ster ontstond nog enige discussie. Uiteindelijk werd gekozen voor een placering met twee punten naar beneden, of zoals toenmalig president John Ferrier het zei: “Met beide benen stevig op de grond”.

Eerdere vlag

Om kort nog iets te zeggen over de vorige vlag van Suriname: deze was in gebruik tussen 8 december 1959 en 25 november 1975.

Vlag van Suriname (1959-1975)

Deze vlag was wit met vijf vijf-puntige sterren in een ellips, verbonden door een zwarte lijn. De kleuren van de sterren stonden voor de verschillende bevolkingsgroepen: zwart voor de Creolen, bruin voor de Indiërs, geel voor de Chinezen, rood voor de Indianen en wit voor de blanke Europeanen.

Noni Lichtveld (1929-2017)

Het ontwerp was van illustratrice en schrijfster Noni Lichtveld (1929-2017).

Aanbieding van de vorige vlag van Suriname door de gevolmachtigd minister van Suriname in Nederland, Raymond Henri Pos (1910-1964) aan koningin Juliana op 15 december 1959 in Paleis Soestdijk (foto: Herbert Behrens/© Anefo)

Ritthem – Samenvoeging bij Vlissingen (1966)

Hoewel we vandaag tien vlaggen zouden kunnen laten wapperen, houden we het bij vier! Vlag 2:

Net als Oost- en West-Souburg werd Ritthem op 1 juli 1966 onderdeel van de Gemeente Vlissingen.

De vlag

vlag ritthem
Vlag van Ritthem

Van de Ritthemse vlag heb ik niet kunnen achterhalen wanneer hij is ingevoerd, noch of hij ‘officieel’ is. Maar aangezien naast het stadhuis van de Gemeente Vlissingen de vlaggen van de drie kernen (Vlissingen, Oost- en West-Souburg & Ritthem) naast elkaar wapperen, waarbij die van Ritthem dezelfde is als die bij Vlagblog, ga ik op z’n minst uit van een oogluikend officiële versie.

Vermoedelijk is de vlag niet door een vexilloloog (vlaggendeskundige) ontworpen. Die zou namelijk nooit de naam Ritthem op de vlag hebben afgebeeld. Hoewel namen tegenwoordig wel vaker op vlaggen worden afgebeeld, gaat het tegen de eeuwenoude vlagtradities in.

Ritthem, een dorp met ruim 500 inwoners, vanuit de lucht (foto: A.F. Dingemanse, ZB, Beeldbank Zeeland, rec.nr. 51486)

Zonder de naam op de vlag zou hij historisch volkomen acceptabel zijn, want de kleuren van Ritthem zijn groen en wit en hij bevat het dorpswapen (voortgekomen uit de ambachtsheerlijkheid). Voor de goede orde een korte beschrijving:

De vlag wordt diagonaal in tweeën gedeeld van de top van de mast- of broekzijde naar de onderkant van de vluchtzijde. De driehoek aan de broekzijde is wit, die aan de vlucht is donkergroen. Midden op het witte vlak is het wapen van Ritthem afgebeeld. Dat wapen is officieel bevestigd op 8 december 1819 door de Hoge Raad van de Adel, als ‘zijnde een schild van zilver, beladen met vijf klaverbladen in natuurlijke kleuren, kruiswijs geplaatst’.

Tweemaal het wapen van Ritthem, links een versie in kleur van Helraldry of the World, rechts een afbeelding uit de Collectie Sierksma, berustend bij de Hoge Raad van Adel te Den Haag / foto: Vlagblog)

De naam ‘Ritthem’ is in goudgeel aan de onderkant van de vlag geplaatst, half over het witte, half over het groene gedeelte heen.

Sierksma

Dat Ritthem het lange tijd zonder vlag moest stellen blijkt ook uit de correspondentie tussen vexilloloog Klaes Sierksma en toenmalig burgemeester van Ritthem, Pieter Daniëlse, in 1958.

Links: Ongedateerde foto van Klaes Sierksma (fotograaf onbekend) / Rechts: Pieter Daniëlse, burgemeester van Ritthem van 1939 tot en met 1 juli 1966, foto van circa 1965 (fotograaf onbekend)

Sierksma schreef dat jaar alle Nederlandse gemeenten aan om na te gaan of er een gemeentevlag gevoerd werd en zo ja, wilde hij weten hoe die eruit zag. Dit ten behoeve van zijn in 1962 verschenen “Nederlands vlaggenboek” in de Prisma-serie van uitgeverij Het Spectrum.

Brief van burgemeester Pieter Daniëlse (1908-1984) van Ritthem aan vlaggendeskundige Klaes Sierksma (1918-2007) (Collectie Sierksma, berustend bij de Hoge Raad van Adel te Den Haag / foto: Vlagblog)

Burgemeester Daniëlse beschrijft in zijn brief (hierboven) wel het gemeentewapen, maar merkt bij punt 3 op: “Deze gemeente bezit geen gemeentevlag, welke officieel bij raadsbesluit is vastgesteld”.
In zijn boek kon Sierksma dan ook kort zijn en behandelde Ritthem in één zin: “De gemeentekleuren zijn groen en wit,”

Plattegrond van het in het zuidoosten van Walcheren gelegen Ritthem op een topografische gemeentekaart (Topografische Dienst/OpenStreetMap)

Oost- en West-Souburg – Samenvoeging bij Vlissingen (1966)

Hoewel we vandaag tien vlaggen zouden kunnen laten wapperen, houden we het bij vier! Vlag 1:

Op 1 juli 1966 werd bij de gemeentelijke herindeling van Walcheren de gemeente Oost- en West-Souburg (samen met de gemeente Ritthem) bij Vlissingen gevoegd. (Op een kleine strook in het noorden na, die bij Middelburg werd gevoegd en een strook in het westen, die naar Valkenisse ging, nu op zijn beurt inmiddels onderdeel van de gemeente Veere).

Het nieuws van de voorgenomen fusie van Oost- en West-Souburg (èn Ritthem) met Vlissingen, werd breed uitgemeten op de voorpagina van de PZC van 20 oktober 1965 (Krantenbank Zeeland)

Oost- en West-Souburg waren tot 1842 afzonderlijke gemeenten, elk met een eigen wapen.
Het wapen van West-Souburg heeft een gouden veld met een rode burcht, dat van Oost-Souburg een zwart veld met een gouden burcht.

souburg wapens naast elkaar
De voormalige wapens van West-Souburg (links) en Oost-Souburg (rechts)

De Hoge Raad van Adel voegde bij de gemeentelijke herindeling op 23 november 1842 beide wapens samen, zodat de linkerhelft werd ingenomen door Oost-Souburg en de rechterhelft door West-Souburg.

Het werd als volgt omschreven: Gepartiseerd van sabel en goud, waarop een burgt, gepartiseerd van goud en keel.
Tegenwoordig wordt het omschreven als: Gedeeld van zwart en goud, met een van goud en rood gedeelde dubbele burcht over de delingslijn.

De vlag

Vlag Oost-Souburg
Vlag van Oost- en West-Souburg

De vlag van Oost- en West-Souburg heeft het wapen middenin de vlag, die in twee kleuren is verdeeld: het goud (in de praktijk geel) van de “Oost-Souburgse burcht” aan de broekingszijde, en het rood van “West-Souburgse burcht” aan de vluchtzijde.
Hoewel de vlag geen officiële status heeft, is het zonder meer een passende vlag: het wapenbeeld ‘vertaald’ naar een dundoek.

Interessant is natuurlijk te bedenken dat, hoewel de vlag bijna uitsluitend in Oost-Souburg te zien is, het evengoed de vlag van West-Souburg is (tegenwoordig de facto een wijk van Vlissingen).
De vlag is bepaald succesvol te noemen en is zeker in de belangrijkste winkelstraten van Oost-Souburg (de Kanaalstraat en de Paspoortstraat) op meerdere plekken te zien.

Defileervlag

Overigens werd in Souburg tot aan de herindeling op 1 juli 1966 een andere vlag gebruikt, die steevast als de “gemeentevlag” werd aangeduid. Die term dekte de lading echter niet.

De defileervlag van de gemeente Oost- en West-Souburg (© Vlagblog)

De vlag die hiermee werd bedoeld, was niets anders dan de Souburgse defileervlag uit 1938.
De defileervlaggen werden voor het merendeel van de Nederlandse gemeenten ontworpen in verband met het veertigjarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina in 1938.
Dit gebeurde volgens een vast systeem. Van de toenmalige elf provincies werden de kleuren uit het provinciewapen omgezet in horizontale banen.
In het geval van Zeeland ging dat om de kleuren geel, rood, blauw en wit.
Van iedere gemeente werd vervolgens het wapen in het kanton (de linkerbovenhoek) geplaatst.
Op 8 september 1938, de dag van het jubileum kwamen jeugdorganisaties uit de honderden deelnemende gemeenten naar de Dam in Amsterdam, voor het huldebetoon aan de koningin, voorzien van hun eigen defileervlag.

souburg gemeentehuis
Links: een foto van medio jaren ’60 van een sportieve bijeenkomst bij het toenmalige gemeentehuis van Oost- en West-Souburg (nu het studiogebouw van Omroep Zeeland), waarbij we de uit 1938 daterende defileervlag van het balkon zien hangen / Rechts: het wapen van Oost- en West-Souburg (1842-heden)

Hoewel de vlaggen na de festiviteiten hun functie verloren, waren er nogal wat gemeenten die hun defileervlag, bij gebrek aan een officiële gemeentevlag, deze vlag als zodanig gingen beschouwen.
Na verloop van tijd wisten de meeste mensen vaak niet meer wat de achtergrond van de vlag was.

Bericht over de bestemming van de Souburgse “gemeentevlag” in de PZC van 26 april 1966 (Krantenbank Zeeland)

Kennelijk was dit ook in Souburg het geval, gezien de berichtgeving van de PZC in de aanloop naar de overgang van Oost-en West-Souburg naar Vlissingen.
De Souburgse raad is op zoek naar een goede bestemming voor “de gemeentevlag” en opteert voor de vereniging “Souburgs Burgerzin”, in plaats van “een of ander museum”.
Waar de vlag sindsdien gebleven is, is nog in onderzoek.

Seychellen – Independence Day / Jour de l’Indépendence / Onafhankelijkheidsdag (1976)

De Seychellen bestaan uit 115 eilanden en vormen tezamen een archipel, maar tevens een eilandstaat, ten oosten van Afrika gelegen.
Minder dan eenderde van de eilanden is bewoond door ruim 100.000 inwoners, waarvan 90% op het hoofdeiland Mahé, daarvan 30% in de hoofdstad Victoria.
Toerisme is de belangrijkste inkomstenbron.

Strand van Anse Source d’Argent op het eiland La Digue (foto: Tobias Alt, 2008 / publiek domein)

In de Seychellen wordt zowel Engels als Frans gesproken, maar ook het op het Frans gebaseerde Seychellencreools (ook bekend onder de namen Kreol en Seselwa).
De Seychellen vieren vandaag 49 jaar onafhankelijkheid.

Locatie van de Seychellen op de wereldbol
Kaart van de Seychellen met een uitvergroting van het hoofdeiland Mahé, waarop ook de hoofdstad Victoria is gelegen (© OpenStreetMap contributors)

De Seychellen werden ‘ontdekt’ door de 4e Portugese India Armada onder bevel van zeevaarder Vasco da Gama op 15 maart 1503.
Het was de chroniqueur/klerk Thomé Lopes aan boord van de Rui Mendes de Brito die de archipel voor het eerst in het vizier kreeg.

De 4e Portugese India Armada (1502-1503) onder bevel van Vasco da Gama, afgebeeld in het Livro de Lisuarte de Abreu (Collectie Morgan Museum, New York)

De Portugezen landden er niet, maar brachten wel zeven eilanden in kaart en noemden ze As Sete Irmãs (De Zeven Zusters).

Op een uitsnede van een Spaanstalige kaart zien we ‘De zeven zusters’ (‘As Sete Irmãs’) afgebeeld als ‘Las Siete Hermanas’ (publiek domein)

Veel belangstelling voor de eilanden was er kennelijk niet, want het duurde tot januari 1609 tot de eilanden voor het eerst bezocht werden door de opvarenden van het Britse schip Ascension onder bevel van kapitein Alexander Sharpeigh, tijdens de vierde reis van handelsmaatschappij de East India Company.
Maar ook de Britten lieten de toen nog onbewoonde eilanden verder met rust.

Links: Bertrand-François Mahé de la Bourdonnais (1699-1753), olieverfschilderij door Antoine Graincourt (1748-1823) (Collectie Musée de la Compagnie des Indes, Port Louis) / Rechts: Herinneringsbord bij Baie Lazare (op het eiland Mahé), waar kapitein Lazare Picault (±1700-1748) voor het eerst aan land ging (fotograaf onbekend)

Uiteindelijk was het de strategische ligging van de archipel ten opzichte van India die de Fransen deed inzien dat dit gebied interessant kon zijn. In 1735 werd op er op Île de France (het tegenwoordige Mauritius) een Franse gouverneur aangesteld: Bertrand-François Mahé de La Bourdonnais.
Als officier van de marine was het tevens zijn taak de zeeroute naar India veilig te stellen.
In 1742 stuurde hij een expeditie op pad onder commando van Lazare Picault om de archipel, die we nu onder de naam Seychellen kennen, in kaart te brengen.
Tijdens deze tocht werd op 21 november 1742 het huidige hoofdeiland Mahé ontdekt (dat dus vernoemd werd naar Picault’s opdrachtgever).
De archipel als geheel werd vernoemd naar Jean Moreau de Séchelles, een Frans topambtenaar en politicus.

Luchtopname van Mahé (fotograaf onbekend)

In 1770, kreeg de Franse reder Henri Charles François Brayer du Barre toestemming van de autoriteiten in Île de France om een ​​post op de archipel op te zetten.
Het was op maandag 27 augustus 1770 dat het schip de Thélémaque onder bevel van kapitein Leblanc Lécore en zijn tweede kapitein Faucin de Courcelle, 28 personen op het eiland Sainte Anne zette: vijftien blanke mannen, zeven zwarte slaven uit Afrika, vijf Indiërs (eveneens slaven) en een zwarte slavin om daar een gemeenschap te starten.
In de jaren daarna werden er grote aantallen creoolse slaven vanuit Île de France (Mauritius) naar de archipel gestuurd: de voorouders van de huidige bevolking.

Postzegelblokje uit 2020 van ieder 12 roepies waarop de landing van de eerste kolonisten op Sainte Anne in 1770 is afgebeeld (Seychelles Postal Services)

Tijdens de Eerste Coalitieoorlog (1792-1797), een militair conflict tussen het revolutionaire Frankrijk en een bondgenootschap van Oostenrijk, Pruisen, De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, Groot-Brittannië, Spanje, Portugal, Napels-Sicilië en Piëmont-Sardinië, waren er aan de lopende band conflicten tussen de verschillende partijen. In Frankrijk zelf ging de monarchie ten onder en deed de republiek zijn intrede.
Ook buiten Europa zelf leidde dat tot botsingen, zoals in de verschillende koloniale rijken.

Links: Jean-Baptiste Quéau de Quincy (1748-1827), door een onbekende schilder (publiek domein) / Rechts: Liberated Slave Monument van Egbert Marday (1953) uit 2021 bij de Mission Lodge van Sans Souci: het toont twee bevrijde schoolkinderen met hun onderwijzer (fotograaf onbekend)

Op 16 mei 1794 arriveerde het Britse fregat Orpheus onder bevel van kapitein Henry Newcome bij Mahé, gevolgd door de Centurion en de Resistance.
Zonder strijd te leveren gaf de Franse kolonie, o.l.v. Jean-Baptiste Quéau de Quincy, zich over aan de Britten.
Hoewel nu Brits, bleef het hele Franse systeem in stand, zelfs Quéau de Quincy bleef op Mahé in de rol van vredesrechter.
Slavernij werd afgeschaft in 1835.
De kolonie werd eerst vanuit Mauritius bestuurd, maar in 1903 werd de archipel een aparte kroonkolonie.

Een ansichtkaart van Port Victoria (tegenwoordig Victoria) op het eiland Mahé uit 1903, het jaar dat de Seychellen een kroonkolonie werden, de postzegel toont het portret van koning Edward VII (publiek domein)

Na de Tweede Wereldoorlog begon de opmaat naar onafhankelijkheid. In 1948 werd de Vakbond voor Belastingbetalers en Producenten opgericht.
Twee politieke partijen kwamen uit deze vakbond voort: de Seychelles Democratic Party (SDP) en de Seychelles People’s United Party (SPUP).
Beide partijen streefden naar onafhankelijkheid, bij de verkiezingen van 1974 was het zelfs een speerpunt.
Dit leidde tot onderhandelingen met de Britse autoriteiten. Het resulteerde in zelfbestuur in 1975 en één jaar later tot volledige onafhankelijkheid.
Op 29 juni 1976 werden de Seychellen een republiek binnen het Gemenebest.

Onafhankelijkheidsdag 1976: President James Mancham en premier France-Albert René zij aan zij, één jaar later zou René een coup plegen en zelf president worden (fotograaf onbekend)

James Mancham van de pro-Britse SDP werd president en France-Albert René van de sociaaldemocratische SPUP werd premier.
Eén jaar later, op 4 en 5 juni 1977, werd er een coup gepleegd door zes aanhangers van premier René, waarna president Mancham (die op dat moment in het buitenland bij een conferentie was), naar het Verenigd Koninkrijk vluchtte.

Links: James Mancham (1939-2017), eerste president van de Seychellen (foto uit 2014, Seychelles News Agency / publiek domein) / Rechts: France-Albert René (1935-2019), eerste premier en tweede president van de Seychellen (foto van Joe Laurence uit 2014, Seychelles News Agency / publiek domein)

France-Albert René volgde hem op als president. De SPUP werd in 1978 met enkele kleine partijen omgevormd tot het Front Progressiste du Peuple Seychellois (FPPS) en werd de enige toegestane partij van de archipel.
Hoewel autoritair, was het bewind van president René zeker geen dictatuur en ging de levensstandaard van de inwoners vooruit.
Vanaf 1991 werd het éénpartijstelsel weer afgeschaft en keerde de SDP terug, net als ex-president Mancham.

Links: James Alix Michel (1944), derde president van de Seychellen (foto van Amanda Lucidon uit 2014, White House / publiek domein) / Midden: Danny Faure (1962), vierde president van de Seychellen (foto uit 2018, State House Seychelles / publiek domein) / Rechts: Wavel Ramkalawan (1961), vijfde president van de Seychellen (foto uit 2020, State House Seychelles / publiek domein)

De sociaaldemocratische René trad af in april 2004, partijgenoot James Alix Michel volgde hem op. Een andere partijgenoot, Danny Faure, volgde in 2016.
In 2020 echter slaagde de oppositie er voor het eerst in de sociaaldemocraten te verslaan, waarna priester Wavel Ramkalawan de vijfde president van de Seychellen werd.
Hij werd op zijn beurt op 26 oktober 2025 opgevolgd door Patrick Herminie.

Patrick Herminie (1963), de zesde en huidige president van de Seychellen (fotograaf onbekend)

Viering

Onafhankelijkheidsdag wordt in de hoofdstad Victoria altijd gevierd met een populaire parade, die altijd veel bekijks trekt.
Het begint heel officieel met militairen, de president, buitenlandse staatshoofden en het volkslied, maar daarna komen afvaardigingen van eilanden, dorpen, scholen, verenigingen met soms praalwagens aan toe, al met al een vrolijke boel!

Onder het verhaal van de vlag enkele screenshots van de parade van 2023

De vlag

Vlag van de Seychellen (1996-heden)

De vlag van de Seychellen werd ingevoerd op 8 januari 1996, is zeer herkenbaar en zal niet snel verward worden met een andere.

Vanuit één punt van de onderkant van de broeking (mastzijde) divergeren vijf banen in de kleuren donkerblauw, geel, rood, wit en groen.
Hoewel de Seychellen pas sinds 1976 onafhankelijk zijn, is dit inmiddels de derde vlag van het land.
Met de terugkeer van de democratie in de jaren negentig was het nodig om de tweede vlag, die gebaseerd was op de partijvlag van de SPUP, te vervangen.

Philip Uzice (1968), ontwerper van de vlag van de Seychellen (fotograaf onbekend)

Ontwerper van de vlag is Philip Uzice, die de kleuren van de twee belangrijkste politieke partijen bij elkaar bracht: het rood-wit-groen-geel van de SPUP en het blauw-wit van de SDP.

Volgens Uzice staan de verschillende kleuren voor de lucht en de zee (blauw), de zon die licht en leven geeft (geel), vooruitgang (rood), vrede en harmonie (wit) en het land en de natuurlijke omgeving (groen).

Eerdere vlaggen van de onafhankelijke Seychellen

Zoals gezegd gingen sinds de onafhankelijkheid twee vlaggen de huidige voor. Nummer één zien we hieronder:

Vlag van de Seychellen (1976-1977)

Deze vlag bestaat uit een wit andreaskruis, waarbij de twee driehoeken aan de broeking (mastzijde) en aan de vlucht rood zijn, terwijl de overige twee driehoeken blauw zijn.
De kleuren zijn afkomstig van de politieke partijen SDP (blauw en wit), de SPUP (rood en wit) en tevens van de blauw-wit-rode vlaggen van de voormalige kolonisators Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.

Na de coup van 1977 werd de vlag vervangen door de hieronder afgebeelde:

Vlag van de Seychellen (1977-1996)

De tweede vlag was horizontaal verdeeld in een rood en groen vlak, van elkaar gescheiden door een golvende balk in wit. Het rode vlak was een keer zo breed als het groene.
Ook deze vlag was. weer gebaseerd op de kleuren van een politieke partij, in dit geval de socialistische SPUP, die het nu alleen voor het zeggen had.
Hoeveel de vlag op die van de partijvlag leek zien we hieronder:

De partijvlag van de Seychelles People’s United Party (SPUP)

Het enige verschil is de gele zon die gedeeltelijk boven die golvende baan is afgebeeld.
De partij veranderde overigens driemaal van naam: in 1978 werd het met enkele kleine partijen omgevormd tot het Front Progressiste du Peuple Seychellois (FPPS), in 2009 werd het People’s Party (PP) en in november 2018 United Seychelles (US), de naam die nu in gebruik is.

De koloniale vlaggen

In de tijd als kroonkolonie hadden de Seychellen twee vlaggen: de eerste in 1903 en de tweede in 1961.
Beide waren zogenaamde Britse blue ensigns (blauwe vaandels), met de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton en een badge op het uitwaaiende gedeelte.

Eerste vlag van de Seychellen als kroonkolonie (1903-1961)

De vlag uit 1903 zien we hierboven, de badge werd ontworpen door generaal-majoor Charles George Gordon.
Prominent zien we een van de zes palmboomsoorten die alleen op de Seychellen voorkomen: de coco de mer (creools: koko-d-mer) (Lodoicea maldivica), alsmede een seychellenreuzenschildpad (Aldabrachelys gigentea).
Het Latijnse motto op een witte banderol onderin luidt Finis coronat opus (Het einde bekroont het werk).

Links: Charles George Gordon (1833-1885) (foto: Geruzet Frères, Collectie Harvard Art Museum / publiek domein) / Rechts: Seychellenreuzenschildpad (Aldabrachelys gigentea) (Yotcmdr / publiek domein)

Gordon was eind 19e eeuw gestationeerd op Mauritius, waarvandaan de Seychellen bestuurd werden. Hij was een groot voorstander van het ‘loskoppelen’ van de archipel als een separate kroonkolonie, hij was zeer onder de indruk van het natuurschoon van de eilanden.
Interessant is dat hij reeds in 1881 een voorschot nam op die aparte status door een vlag voor de Seychellen te ontwerpen die, zoals we nu weten, nooit is ingevoerd. Hieronder zien we deze handgetekende vlag.

Ontwerp van uit augustus 1881 Charles George Gordon voor een vlag van de Seychellen: een Britse Union Jack of Union Flag met daaroverheen in een grote cirkel (een mega-badge?) een reuzenschildpad, een coco de mer waaromheen een slang kronkelt en het Latijnse motto Festina lente (Haast U langzaam) (blogs.kcl.ac.uk)

Het vlagontwerp van Gordon uit 1903 werd echter wél ingevoerd en ging uiteindelijk 58 jaar mee.
In 1961 werd de vlag geüpdatet met een ovalen badge ontworpen door de Canadese Patricia McEwen en die zien we hieronder:

Tweede vlag van de Seychellen als kroonkolonie (1961-1976)

De badge is gevat in een sierrand met bovenaan de naam van de kroonkolonie en onderin het gehandhaafde motto Finis coronat opus. De reuzenschildpad kreeg een prominentere plek, daarachter een coco de mer.
Curieus genoeg lijken die twee elementen toevalligerwijs veel op het nooit uitgevoerde ontwerp van Charles George Gordon uit 1881.
Nieuw echter waren een vissersboot en een hoog uit de oceaan oprijzend eiland.

Coco de mer-palmbomen (fotograaf onbekend)

Screenshots van de Independence Day Parade 2023

Het centrum van Victoria tijdens Independence Day 2023 met nog net zichtbaar de witte punten van het Bicentennial Monument uit 1978 op de rotonde, onder de vlag is Independence Avenue, waar de parade altijd plaatsvindt
Militairen staan aangetreden naast een heel nest van Seychellen-vlaggetjes
President Wavel Ramkalawan tijdens het spelen van het volkslied “Koste Seselwa” (“Komt allen samen Seychellers”)
De militaire parade
…wordt gevolgd door burgers in vele uitdossingen…
…en soms ook in één en dezelfde outfit
Een delegatie van het eiland La Digue met als motto “Avançons lentement mais sûrement” (“Laten ons langzaam maar zeker vooruitgaan”)
Delegatie uit Mont Buxton, een district van hoofdstad Victoria
Nog meer vlaggen!

Beelden van de SBC (Seychelles Broadcasting Corporation)

Dublin – Cath Átha Cliath / Battle of Dublin / Slag om Dublin (1922)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Tot aan 1921 was heel Ierland verenigd met Engeland, Schotland en Wales, onder de naam Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland.

Kaart van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland, kaart uit 1793 van Robert Wilkinson (±1758-1825) (publiek domein)

In de 19e eeuw ontstond er in Ierland een stroming die zelfbestuur nastreefde. En hoewel dit lange tijd vanuit Londen niet op steun kon rekenen, veranderde dat in 1910, toen de liberalen in Engeland aan de macht kwamen.
Zodoende werd er in 1912 een wet aangenomen waarbij heel Ierland zelfbestuur (‘Home Rule’) kreeg, tot groot ongenoegen van het grotendeels protestante Ulster (Noord-Ierland).

Dame Street in Dublin in 1918 (Collectie National Library of Ireland)

Uiteindelijk gooide het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 roet in het eten en werd de invoering van het zelfbestuur voor onbepaalde tijd uitgesteld.
Na afloop van de wereldoorlog in 1918 werden er verkiezingen in Ierland gehouden, waarbij Sinn Féin de grootste partij werd. De partij streed voor zelfbestuur en de gekozen kandidaten weigerden zitting te nemen in het parlement in Londen en riepen zelf een parlement (Dáil Éireann) in het leven.

Burgers drommen samen op 8 juli 1921 voor Mansion House in Dublin, kort voor het beéindigen van de Ierse Onafhankelijkheidsoorlog (Collectie national Library of Ireland)

Ierse Vrijstaat

Dit leidde tot de Ierse Onafhankelijkheidsoorlog. Drie jaar later resulteerde dit tot het Anglo-Iers Verdrag van 6 december 1921 en het ontstaan van de zogenaamde Ierse Vrijstaat, waarbij de onafhankelijkheid van Ierland werd bekrachtigd, een status die te vergelijken viel met die van de dominions Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. Net als die landen werd Ierland daarmee lid van het Britse Gemenebest, de Britse koning bleef het staatshoofd, met als zijn vertegenwoordiger een gouverneur-generaal.
Noord-Ierland bleef onderdeel van het Verenigd Koninkrijk, een situatie die nu nog steeds bestaat.

Handtekeningen onder het Anglo-Iers Verdrag van 1921, voor Britse zijde links en Ierse zijde rechts: D. Lloyd George, Austen Chamberlain, Birkenhead (Frederick Edwin Smith, 1st Earl of Birkenhead), Winston S. Churchill, L. Worthington-Evans, Hamar Greenwood & Gordon Hewart (allen links) / Art Ó Griobhtha (= Arthur Griffin), Mícheál Ó Coileáin (= Michael Collins), Riobárd Bartún (= Robert Barton), E.S. Ó Dúgáin (= Eamonn Duggan) & Seórsa Ghabháin Uí Dhubhthaigh (= George Gavan Duffy) (allen rechts) (© Thpohl / publiek domein)

1922

De Slag om Dublin was een week van straatgevechten in Dublin, van 28 juni tot 5 juli 1922, die het begin markeerde van de Ierse Burgeroorlog. Het conflict vond plaats zes maanden nadat het Anglo-Iers Verdrag een einde had gemaakt aan de recente Ierse Onafhankelijkheidsoorlog, de strijd ging tussen de troepen van de nieuwe Voorlopige Regering en een deel van het Iers Republikeins Leger (IRA) dat zich tegen het verdrag verzette.

Deze ingekleurde foto toont soldaten van de Irish Free State tijdens straatgevechten in de buurt van O’Connell Bridge, begin juli 1922, de tekst op de poster luidt: “Easter week repeats itself – The IRA still defending the Republic” (publiek domein)

Ook het Irish Citizen Army raakte bij de strijd betrokken; zij steunden de IRA-fractie die tegen het verdrag was in de omgeving van O’Connell Street.

Het Four Courts-gebouw in Dublin tijdens de Slag om Dublin. Het gebouw was op 14 april 1922 ingenomen door troepen die zich tegen het Anglo-Iers Verdrag verzetten. Na op 28 en 29 juni te zijn bestookt door troepen van het Nationale Leger, vernietigde een enorme explosie van opgeslagen munitie op 30 juni het Public Records Office (en daarmee een groot deel van het Ierse culturele geheugen) (© Nationa Library of Ireland / publiek domein)

De gevechten begonnen met een aanval van troepen van de Voorlopige Regering op het Four Courts-gebouw en eindigden in een beslissende overwinning voor de Voorlopige Regering.

De New York Times bericht op 5 juli dat het einde van de onlusten nabij lijkt, met de kop: “Dublinse rebellen verliezen meer bolwerken, ineenstorting nabij” (© New York Times, 5 juli 1922)

Toen de gevechten in Dublin waren geluwd, had de regering van de Vrijstaat de Ierse hoofdstad stevig in handen en verspreidden de tegenstanders van het verdrag zich over het land. Bij arrestatieacties na de gevechten werden meer Republikeinen gevangengenomen en kwam Harry Boland, een vooraanstaand tegenstander van het verdrag, om het leven. Hij werd op 31 juli in Skerries doodgeschoten.
Vier van de Republikeinse leiders die in de Four Courts-gebouw gevangen waren genomen – Rory O’Connor, Liam Mellows, Joe McKelvey en Richard Barrett – werden later door de regering geëxecuteerd als represaille voor de moord op parlementslid Seán Hales door de tegenstanders van het verdrag.

1922/1923

De Slag om Dublin was vormde achteraf gezien het begin van de Ierse Burgeroorlog (1922-1923), een gewapend conflict tussen de voorstanders van het Anglo-Iers Verdrag, dat de basis had gevormd voor de Ierse Vrijstaat en de Republikeinse oppositie.
Het voornaamste punt van geschil betrof het feit dat de Ierse zelfstandigheid maar heel beperkt was, doordat de constitutionele binding met de Britse monarchie min of meer gehandhaafd bleef.
De burgeroorlog die uit deze onenigheid voortvloeide eiste in totaal mogelijk meer levens (426+) dan de Ierse Onafhankelijkheidsoorlog van 1921. Het zorgde voor tientallen jaren van verbittering binnen de Ierse samenleving.
Nog steeds vormen de twee belangrijkste Ierse politieke partijen, Fianna Fáil en Fine Gael, een soort afspiegeling van de twee partijen die tijdens de Ierse Burgeroorlog van tegenover elkaar stonden.

1937

In 1937 nam de Ierse Vrijstaat een nieuwe grondwet aan en beschouwde Ierland zich zelf niet langer deel van het Gemenebest. Met het uitroepen van de republiek in 1949 werden ook de laatste banden met Londen verbroken en heet Ierland gewoon Ierland.

O’Connell Bridge en O’Connell Street in Dublin, 1949 (Collectie National Library of Ireland)

Luchtfoto van Dublin, met de River Liffey (© 瑞丽江的河水 / publiek domein)

Heel Ierland (minus Noord-Ierland) heeft ruim vijf miljoen inwoners, waarvan Groter Dublin er zo’n anderhalf miljoen heeft. De stad zelf komt op circa 600.000 inwoners.

De vlag

Vlag van Dublin (1885-heden)

De vlag van Dublin werd ingesteld in 1885 en is groen met een donkerblauw kanton dat een kwart van de vlag beslaat, waarop drie grijze kastelen met ieder drie brandende torens, twee boven en één onder.
Op de vlucht van de vlag een gouden harp met zilveren snaren, het symbool van Ierland.

Ook binnenin Mansion House is de vlag van Dublin te zien (screenshot)

De vlag wordt gebruikt door het stadsbestuur en is doorgaans te zien op Mansion House, de officiële residentie van de burgemeester van Dublin, bij het gemeentehuis en bij gemeentelijke instellingen.

Wapen van Dublin compleet met schildhouders en wapenspreuk “Obedientia Civium Urbis Felicitas” (“De gehoorzaamheid van de burgers brengt een gelukkige stad voort“)

De drie brandende kastelen vormen het wapen van Dublin, dat al meer dan 400 jaar in gebruik is.
De oorsprong is onbekend, maar er zijn talloze theorieën: de kastelen zouden wachttorens buiten de stadsmuren voorstellen, ook zou het
kasteel Dublin Castle kunnen representeren en wordt het drie keer herhaald vanwege de mystieke betekenis van het getal drie.

Het wapen van Dublin (hier zonder schildhouders) is nooit gestandaardiseerd, waardoor de drie brandende kastelen in allerlei variaties voorkomen

Ook is er een theorie dat de kastelen geen kastelen zijn, maar dat ze de poorten naar de oude Vikingstad Dyflin (9e eeuw) symboliseren.
Een andere mogelijkheid is dat de brandende kastelen symbool staan voor de bereidheid van de bewoners om de stad te beschermen tegen indringers.

De vier provincies van Ierland, met Leinster in het groen, het graafschap Dublin is aangegeven als Dub, de provincie Ulster (in het rood) is Noord-Ierland en behoort bij het Verenigd Koninkrijk, behalve Donegal (Don), dat tot de Ierse Republiek behoort (publiek domein)

De gouden harp is al eeuwenlang het symbool van zowel Ierland als van de provincie Leinster, een van de provincies van het land. De provincie omvat de graafschappen Dublin, Meath en Westmeath, Louth, Wicklow, Carlow, Wexford, Kilkenny, Laois. Offaly en Longford.

Vlag van de provincie Leinster

De vlag van Leinster (tevens het wapen) zien we hierboven. Ze is mosgroen met de bekende gouden harp met zilveren snaren en is waarschijnlijk al sinds de 17e eeuw in gebruik.
De harp is een oud Keltisch symbool, dat zeker teruggaat tot de Middeleeuwen.

Trinity College Harp

Voor de harp zoals afgebeeld op de vlaggen van Dublin en Leinster en ook op Ierse euromunten, diende een Middeleeuwse harp die heden ten dage in bezit is van het Trinity College in Dublin.

De harp in Trinity College, Dublin (© Jack Gavin / publiek domein)

De harp is de oudste van de drie nog bestaande Middeleeuwse harpen, de andere twee zijn de Queen Mary Harp en de Lamont Harp.
De Trinity College Harp dateert uit de 14e of 15e eeuw.
Deze zelfde harp werd ook gebruikt voor het beeldmerk van Guinness bier.

Links: De harp op een bierviltje van Guinness bier (publiek domein) / Rechts: De harp op een Ierse 2-euromunt (publiek domein)

Oekraïne – День Конституції / Dag van de Grondwet (1996)

Twee vlaggen vandaag, vlag 1:

Deze dag herdenkt het goedkeuren en ingaan van de Oekraïense grondwet op 28 juni 1996 door het Verkhovna Rada, het parlement van het land. Het is een één-kamer-parlement met 450 afgevaardigden.

Parlement Oekraïne
Verkhovna Rada, het parlementsgebouw (gebouwd tussen 1936-1938) in Kiev (© enacademic.com)

Hoewel het van meet af aan een officiële feestdag was, wordt het pas breed gedragen sinds de revolutie van 2014, waarbij president Viktor Janoekovytsj het veld moest ruimen.
Het is normaliter een dag met talloze politieke speeches, muziekoptredens, parades en vuurwerk. Vanwege de oorlog echter verkeert Oekraïne in een staat van beleg, waardoor de viering van de dag vooralsnog is opgeschort.

De dag gaat gepaard normaliter met vele vaderlandslievende afbeeldingen (publiek domein)

De vlag

Vlag van Oekraïne (1992-heden)

De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.

Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.

Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)

De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd  bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.

Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.

In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.

Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.

Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De tentoongestelde ‘eerste’ vlag in het parlementsmuseum van Oekraïne (© rada.gov.ua)

Symbool

Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.

Oekraïense troepen met de nationale vlag (© mil.gov.ua)

Vlag-incident in Turkije

Een opvallend incident deed zich voor op 5 mei 2023 tijdens het Congres van Economische Samenwerking in de Zwarte Zee in Ankara, Turkije.
Een lid van de Russische delegatie was kennelijk niet gediend van het tonen van de Oekraïense vlag met het staatswapen (terwijl Oekraïne toch echt aan de Zwarte Zee ligt).

De man loopt op de vlag af en rukt hem uit de handen van het Oekraïense delegatielid en loopt er vervolgens mee weg.

Het Oekraïense delegatielid lijkt een fractie van een seconde verbouwereerd en gaat dan razendsnel achter de Rus aan.

Hij haalt hem in en er ontstaat een worsteling waarbij beide heren aan de vlag trekken.

De Rus delft hierbij het onderspit.

Beveiliging snelt toe en de Rus laat de vlag los.

De Oekraïner wil nog achter de Rus aangaan (op de screenshots hierboven inmiddels buiten beeld), maar hij wordt door de beveiliging (“No fighting!”) tot kalmte gemaand.

Nederland – Veteranendag (2005)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

De Nederlandse Veteranendag, zoals deze dag officieel heet, werd door de regering ingesteld in 2005.
Als eerbetoon aan Prins Bernhard, die altijd nauw verbonden was met de veteranen (en op Bevrijdingsdag altijd hun defilé afnam in Wageningen), werd daarvoor zijn geboortedag gekozen, 29 juni.
Toen in 2008 de 29e juni op een zondag viel, werd de Veteranendag één dag eerder, op zaterdag 28 juni gehouden.

Prins Bernhard (1911-2004) tijdens het afnemen van het defilé in Wageningen (fotograaf onbekend)

Dat beviel goed, omdat meer mensen gelegenheid hadden de dag mee te maken. Dit leidde tot het besluit om vanaf 2009 de jaarlijkse manifestatie op de laatste zaterdag van juni te houden.
Naast de Nationale Veteranendag bestaan er ook talloze regionale en gemeentelijke veteranendagen, maar dat hoeft niet samen te vallen met de landelijke dag.

Vanwege de hittegolf is de nationale editie, die traditioneel op het Malieveld in Den Haag plaatsvindt, op het laatste moment afgeblazen.
Het openingsprogramma in de Koninklijke Schouwburg (van 10.30 tot 11.30 uur) gaat wél door. Koning Willem-Alexander en premier Rob Jetten zijn daar onder meer bij aanwezig.

Definitie

Maar wie vallen er precies onder de term “veteranen”? Welnu, dat heeft het Nederlands Veteraneninstituut als volgt gedefinieerd:
“In Nederland vallen de volgende personen onder de definitie veteraan: De militair, de gewezen militair, of de gewezen dienstplichtige, van de Nederlandse krijgsmacht, dan wel van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger, alsmede degene die behoorde tot het vaarplichtig koopvaardijpersoneel, die het Koninkrijk der Nederlanden heeft gediend onder oorlogsomstandigheden dan wel heeft deelgenomen aan een missie ter handhaving of bevordering van de internationale rechtsorde voor zover deze missie bij regeling van Onze Minister is aangewezen. In 2014 kende minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert de veteranenstatus ook toe aan militairen die hebben deelgenomen aan de beëindiging van de gijzelingsacties in 1977”

Logo van het Nederlands Veteraneninstituut
Koning Willem-Alexander bracht een bezoek aan de Veteranendag 2025 op het Malieveld in Den Haag (foto: Erik Breure)

De vlag

Veteranenvlag (2005-heden)

De Veteranenvlag bestaat uit drie centrale diagonale banen in rood, wit en blauw, die van de onderzijde van de broeking naar de bovenkant van de vlucht lopen.
Het vlak aan de bovenkant van de broeking is lichtblauw, dat aan de onderkant van de vlucht legergroen.
In het midden van de vlag zien we het goudkleurige logo van de veteranen.

Links: Het Draaginsigne Veteranen (foto: Spraak Verwarring) / Rechts: Piet Bultsma (1953) ontwerper van het insigne (fotograaf onbekend)

Wat het logo betreft: dit is een ontwerp van Piet Bultsma, een Nederlands heraldicus en wapentekenaar. Wat we hier zien is eigenlijk de bovenkant van het Draaginsigne Veteranen, ingesteld op 20 januari 2003.
Het heeft de vorm van een gestileerde goudkleurige zwaardschede, die tevens de letter ‘V’ vormt. Het draaginsigne is 14 mm breed en 23 mm lang.
Zoals het Nederlandse Veteraneninstituut het verwoordt: “Het draaginsigne staat symbool voor de waardering voor het risicovolle werk dat veteranen in het verleden als militair in naam van de samenleving hebben verricht”.

Edo van den Berg (1974), ontwerper van de Veteranenvlag met de vlag om zijn schouders (in 1995 op missie Dutchbat 3, Bosnië-Herzegovina, als anti-tankschutter) (fotograaf onbekend)

Wat de gebruikte kleuren betreft: die zijn onlosmakelijk verbonden met de zoektocht naar een geschikte veteranenvlag door ontwerper Edo van den Berg, zelf een (Bosnië)veteraan.
Die zoektocht begon eigenlijk doordat hij net als veel andere veteranen een posttraumatische stressstoring (PTSS) had opgelopen en daarvoor in therapie was.
Het werd hem en zijn medeveteranen ten strengste af te raden om naar Den Haag af te reizen tijdens de Nationale Veteranendag omdat dit de slagingskans van de therapie in gevaar zou kunnen brengen.
Van den Berg wilde de dag toch markeren, was het niet in Den Haag, dan thuis.
Hij zei daarover: “Ik wilde met een signaal kunnen laten zien dat er iets bijzonders aan de hand was, en niet alleen in Den Haag. De gebruikelijke Nederlandse vlag wordt door sommige dorpsbewoners wel uitgehangen op 4 en 5 mei en tijdens de Nationale Veteranendag, maar ik wilde een aparte vlag voor veteranen ontwerpen waardoor mensen ook vragen zouden gaan stellen.”

Edo van den Berg met “zijn” vlag (fotograaf onbekend)

Zijn eerste idee was heel eenvoudig: het veteranenlogo op de Nederlandse vlag zetten. Maar daar stak de vlaggenproducent een stokje voor, omdat het direct bewerken van de officiële Nederlandse vlag verboden is.
“Het werd daardoor een stuk ingewikkelder om iets te ontwerpen waarin de Nederlandse identiteit wel herkenbaar zou zijn, want dat wilde ik graag.”
Terug bij af begon hij, zoals hij het zelf verwoordt “wat gaan aanklooien” op de pc in de therapieruimte.

Dat leidde tot een ontwerp waarbij de Nederlandse kleuren diagonaal op de vlag werden geplaatst, wat wél mag.
De lichtblauwe kleur wilde hij er graag bij als veteraan van een V.N.-missie. Maar in zijn therapie groep zaten tevens veteranen die in Afghanistan, Libanon en Nieuw-Guinea hadden gediend en één van hen vroeg zich af of de vlag niet symbool zou moeten staan voor álle Nederlandse veteranen, en niet alleen voor diegenen die in Bosnië waren geweest.
Naast de kleur lichtblauw voegde Van den Berg ook legergroen toe.

Zodoende hebben alle kleuren ook een symbolische betekenis: de lichtblauwe, blauwe en legergroene kleuren staan symbool voor alle veteranen die zich als onderdeel van de landmacht (legergroen), de marine, de marechaussee (beide blauw) of de luchtmacht (lichtblauw, maar tevens V.N.-missies) hebben ingezet. te land, ter zee, en in de lucht.
De kleur wit staat voor de vrede, rood voor alle gesneuvelde militairen en andere oorlogsslachtoffers. Daarnaast staan de kleuren rood-wit-blauw uiteraard ook voor Nederland.

Het duurde een aantal jaren voordat de Veteranenshop zich over de vlag ontfermde en daarmee Van den Berg ontlastte, die tot die tijd de verkoop zelf deed.
Zodoende werd haar voortbestaan gegarandeerd en groeide de vlag zelfs uit tot een nationaal symbool dat tegenwoordig op Veteranendag op veel plaatsen prominent aanwezig is.

Zwarte veteranenvlag

Einde verhaal zou je denken, maar nee: er is nóg een veteranenvlag en die zien we hieronder afgebeeld.

De alternatieve, zwarte veteranenvlag

Deze vlag heeft een zwart veld met het V-vormige veteranenlogo van Piet Bultsma in wit, omkranst door twee witte lauriertakken (symbool voor vrede), met daaronder de tekst DUTCH MILITARY VETERANS, in witte kapitalen in militaire stijl.
De vlag is zowel boven als ander afgezet met rood-wit-blauwe banen.

De zwarte veteranenvlag (foto: Khäty Verkoeijen)

Deze vlag is ontworpen door de Dutch Military Veterans, een stichting die zich inzet voor het welzijn van veteranen en die twee Facebook-pagina’s beheert, één publieke en een tweede, besloten pagina voor veteranen en hun partners.

De zwarte veteranenvlag (foto: Erik Breure)

De zwarte kleur is gekozen niet alleen om de rouw uit te drukken die veteranen voelen vanwege bij missies omgekomen militairen en collega’s, maar ook vanwege de eigen strijd tegen PTSS (posttraumatische stressstoring) die bijna alle veteranen na thuiskomst voeren.
De vlag is specifiek voor gebruik door veteranen zelf bedoeld.

Met dank aan Edo van den Berg voor de medewerking, tevens dank aan Khäty Verkoeijen voor de informatie over de zwarte veteranenvlag.

Zeeland, Michigan – Arrival Van de Luyster Group / Aankomst Van de Luyster-groep (1847)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Het lijkt op de vlag van Zeeland, maar toch niet helemaal. Dat klopt, het is de vlag van het Amerikaanse stadje Zeeland in de staat Michigan.
In 1847 zeilden 457 mensen vanuit Zeeland via Antwerpen en Rotterdam in drie schepen naar de Verenigde Staten onder leiding van hereboer Jannes van de Luyster uit Borssele. Hij financierde de hele onderneming.

Waarom vertrokken ze? De hoofdreden was religieuze vrijheid. Hoewel die vrijheid er in Nederland in theorie ook was, waren daar nog wel wat kanttekeningen bij te maken, zeker voor een groepering als de Afgescheidenen, die de invloed van de staatskerk wilde ontvluchten.
Maar in de jaren daarna waren er ook nog andere redenen: de economische toestand, alsook de moeite die deze streng gereformeerde groep had met de vooruitgang op wetenschappelijk en sociaal gebied.

Zeeland 01
Er bestaat geen portret van Jannes van de Luyster (1789-1862), links is zijn graf, rechts het later toegevoegde monument, waarop ook zijn vrouw Dina Naaije wordt vermeld

De eerste groep die aankwam op de plek waar nu Zeeland ligt, was de groep onder Van de Luyster, op 27 juni 1847.
De groep o.l.v. aannemer Jan Steketee arriveerde op 4 juli en de hekkesluiters kwamen op 1 augustus o.l.v. dominee van der Meulen.

Geïllustreerde kaart van Michigan uit 1946 door Jacques Lizou, met net rechts naast de cartouche een dame in klederdracht met een tulp in de hand bij de plaats Holland

Het eerste gebouw dat verrees, was niet geheel verrassend, een kerk. Binnen 25 jaar was Zeeland een gezond groeiend dorp en in 1907 werd het een stad. De plaats is inmiddels gegroeid tot ruim 5.500 inwoners, waarvan er velen nog steeds Nederlandse achternamen hebben.

Kaart uit 1911 van Ottawa County met Zeeland in het zuiden, net noordelijk van Holland (© Rand McNally)

De grootste stad in de buurt is Holland, met zo’n 33.000 inwoners, maar ook vinden we er plaatsjes met namen als Vriesland, Overisel, Drenthe, Graafschap, Zutphen en Noordeloos.

Als we nog wat verder inzoomen zien we Zeeland net ten noordoosten van Holland liggen (publiek domein)

De vlag

Zeeland 03
Vlag van Zeeland, Michigan

Zeeland heeft toestemming gekregen de vlag van de Nederlandse provincie Zeeland te gebruiken en heeft er wat eigen inbreng aan toegevoegd: de verticale strepen aan de broekingszijde en de tekst City of Zeeland, Michigan boven het wapen, plus Zeeland’s wapenspreuk Luctor et emergo eronder.

Zeeland 04
Links: Ter vergelijking, de vlag van de provincie Zeeland / Rechts: Stadslogo van Zeeland, Michigan, FEEL THE ZEEL

Zeeland, Michigan heeft ook een stadslogo: een donkerrode cirkel met een kapitale letter Z in het wit, die links op twee plekken de cirkelrand raakt, gevolgd door een (eveneens wit) uitroepteken. Eronder het motto FEEL THE ZEEL, waarbij de eerste twee woorden grijs zijn en het derde donkerrood.
Rechts naast de cirkel ZEELAND in grijze kapitalen.

Welcome to Zeeland! (publiek domein)

Lewes, Delaware

Vlag Lewes
Vlag van Lewes, Delaware

Naast Zeeland, Michigan is er overigens nóg een plaats in de V.S. die zijn vlag gebaseerd heeft op de Zeeuwse: Lewes, Delaware. De link met de provincie Zeeland is op z’n zachtst gezegd dunnetjes, maar dat heeft de ontwerper niet kunnen weerhouden.

1280px-Delaware_Bay_Vinckeboons_14.jpg
Kaart uit 1639 van Johannes Vingbooms (1616/1617-1670) van het deel van Nieuw-Nederland gelegen in het tegenwoordige Delaware; op de linkeroever de (toen inmiddels verwoeste) nederzetting Swanendael

Bekend zijn de Nederlandse WIC-vestigingen uit de 17e eeuw in de tegenwoordige staat New York, maar ook zuidelijker, in wat nu de staat Delaware is, hebben de Nederlanders (net als de Zweden) hun sporen nagelaten.

Op 3 juni 1631 werd hier Swa(a)nendael (ook wel Zwa(a)nendael) gesticht door kolonisten uit Hoorn. Vóór de grote oversteek zeilde men eerst van Hoorn naar Veere (Zeeland dus), waar extra proviand werd ingeladen.
De overtocht met het schip De Walvis verliep goed, maar Swa(a)nendael als kolonie was geen lang leven beschoren, want reeds in 1632 werden de Hollanders door de lokale Lenape-Indianen aangevallen en vermoord. Slechts twee jongens, de broers Pierre en Hendrick Wiltsee, wisten te ontsnappen.

Hoewel de WIC het gebied officieel niet opgaf, werden er ook geen serieuze pogingen meer ondernomen om het te herkoloniseren.
In 1662 werd door Engelsen op de plek van het voormalige Swa(a)nendael Lewes gesticht, vernoemd naar de gelijknamige plaats in East Sussex.

Zeeland 02
Links: Alan Keffer (1943), ontwerper van de vlag van Lewes, Delaware (© capegazette.com) / Rechts; Wapperend exemplaar van de vlag (© capepoleandflag.com)

En daarmee komen we bij de vlag van Lewes, Delaware. Hij werd in 1991 ontworpen door Alan Keffer. Op 13 september 2004 werd de stadsvlag officieel ingevoerd. Het is een samenvoeging van de wit-blauwe golven van de Zeeuwse vlag met daaroverheen het (ietwat uitgerekte) wapen van de Engelse stad Lewes.
Verder twee gele banderollen: één boven het wapen met het stichtingsjaar 1631 (Swa(a)nendael dus) en één eronder met in kapitalen de naam van de stad LEWES, DELAWARE.

Hoewel de link met Zeeland er nogal bijgesleept lijkt, was de gedachte van Alan Keffer dat vanwege de naam Zeeland (zee en land) dit te verdedigen was, bij een kustplaats als Lewes. Plus dat de golven hem bevielen,

Roemenië – Ziua tricolorului / Dag van de vlag (1998)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Sinds 1998 is dit een officiële feestdag in Roemenië. Zoals de naam al doet vermoeden, staat de Roemeense vlag op deze dag centraal. Het refereert aan de omwenteling in 1998, aan de val van het communisme.

Kaart van Roemenië (© freeworldmaps.net)

Naast het uitgebreid hijsen van vlaggen en vlagvertoon worden er normaliter ook veel culturele en educatieve bijeenkomsten georganiseerd, waarbij de Roemeense geschiedenis centraal staat, alsook een militaire parade in Boekarest (een overblijfsel uit de communistische tijd) is normaliter een vast onderdeel van deze dag.

Roemeense vlaggen op de Dag van de vlag (fotograaf onbekend)

De vlag

1280px-Flag_of_Romania.svg.png
Vlag van Roemenië (1866-1947 / 1989-heden)

De Roemeense vlag is een verticale driekleur in blauw, geel en rood. Om iets preciezer te zijn is dat officieel gespecificeerd als kobaltblauw (ultramarijn), chroomgeel en vermiljoen. De vlag wordt aangeduid als de Tricolorul (Driekleur).  De kleuren vormen een combinatie van die van Walachije (blauw en geel) en het 19e-eeuwse Moldavië (blauw en rood).

roemenie 01
De horizontale versies van de Roemeense vlag: 1859-1862 (links) en 1862-1866 (rechts)

Van 1859 tot 1862 was de vlag horizontaal, met de volgorde blauw, geel en rood. Van 1862 tot 1866 werden de kleuren omgedraaid naar rood, geel en blauw. Daarna werd vlag gekanteld tot een verticale driekleur met de huidige kleurenvolgorde.

Bij het uitroepen van de communistische volksrepubliek op 30 december 1947, werd het nieuwe, socialistische staatswapen vanaf 1948 in het midden van de gele baan geplaatst. Tussen 1948 en 1989 werd het wapen nog twee keer licht gewijzigd (in 1952 en 1965), waardoor er drie versies van de Roemeense communistische vlag zijn geweest.

roemenie 02
Links: 3e versie van de Roemeense vlag in communistische tijd (1965-1989) / Rechts: Vlag van de Roemeense Revolutie (1989), met een gat waar ooit het staatswapen zat

Tijdens de anti-communistische omwenteling van 1989, die begon in Timișoara, werd de vlag onderdeel van de protesten, waarbij het staatswapen uit de vlag werd geknipt, en het dus een vlag met een rond gat werd.
Na de val van het communisme keerde de vlag van voor 1947 definitief terug, dus zonder wapen.

Wat hangt daar toch?