Sydney – Official Proclamation of the Founding of Sydney / Officiële Proclamatie van de Stichting van Sydney (1788)

Twee weken na het binnenlopen van de First fleet op 26 januari 1788 en de feitelijke stichting van Sydney (Australië) door gouverneur Arthur Phillip, werd op 7 februari de officiële proclamatie hiervan wereldkundig gemaakt en daarmee is het dus zo’n beetje de verjaardag van de stad. De 238e vandaag.

Viscount sydney
Thomas Townshend, 1st Viscount Sydney (portret toegeschreven aan Gilbert Stuart, ± 1785) (Collectie State Library of South Wales, Sydney / publiek domein)

De stad is vernoemd naar Thomas Townshend, 1st Viscount (burggraaf) Sydney (1733-1800). Hij was als Engels politicus (onderminister van Buitenlandse Zaken) verantwoordelijk voor het aanstellen van Arthur Phillip als gouverneur.

Zijn titel als burggraaf Sydney werd hem verleend op 6 maart 1783. De titel was tot dan toe tweemaal uitgestorven, bij gebrek aan erfgenamen. De eerste keer dat de naam Sydney in de adelstand werd verheven was bij Robert Sydney als baron in 1603, en hij is dan ook de naamgever van de adellijke titel.

(De titel stierf overigens defintief uit bij de dood in 1890 van de kleinzoon van Thomas Townshend, John Robert Townshend, 3rd Viscount Sydney, omdat hij geen nakomelingen had. De titel is daarna niet opnieuw in het leven geroepen).

Kaart van Sydney omstreeks 1881, cartograaf onbekend (Collectie National Library Australia)

De vlag

Vlag van Sydney (1908-heden)

De vlag van Sydney is in basis een horizontale driekleur, waarbij de bovenste baan geheel in beslag wordt genomen door twee wapens en één mini-vlag.
De middelste baan is geel (of goud) en de onderste baan blauw. Een volledig getuigde driemaster vaart over de onderste banen van de vlucht naar de broeking.

Het wapen aan de broekingszijde is dat van Thomas Townshend, 1st Viscount Sydney, naar wie de stad vernoemd is.

In het midden is de vlag van Engeland afgebeeld (het zogenaamde St. George’s Cross), dit als eerbetoon aan Arthur Phillip.

Arthur Phillip
Arthur Phillip (portret door Francis Wheatley, 1766)

Twee symbolen uit het wapen van kapitein James Cook zijn hieraan toegevoegd: een globe en twee sterren, als postuum eerbewijs voor het ‘ontdekken’ van Australië. Het wapen in de vluchtzijde tenslotte is dat van de eerste Lord Mayor van Sydney, Thomas Hughes.

Thomas Hughes
Thomas Hughes, first Lord Mayor of Sydney (foto: John Hubert Newman) © Mitchell Library, Sydney

De vlag is gebaseerd op het wapen van Sydney uit 1908. Dit wapen werd ingrijpend ‘verbouwd’ in 1996, maar de vlag bleef hetzelfde.

Wapens Sydney
Sydney’s wapen uit 1908 (links) en de nieuwe versie uit 1996 (rechts)

Opening Olympische Winterspelen 2026

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Vandaag beginnen de XXVe Olympische Winterspelen in Milaan en Cortina d’Ampezzo, Italië.
De plaatsen werd op 24 juni 2019 in Lausanne (Zwitserland) gekozen als gaststeden. Twee keer eerder werden de Olympische Winterspelen in Italië gehouden: in 1956 in Cortina d’Ampezzo en in 2006 in Turijn.

Het motto voor de Winterspelen luidt: Dreaming Together – IT’s Your Vibe.
De Winterspelen duren tot en met 22 februari.

Logo ‘Futura’ van de Olympische Winterspelen 2026, een ontwerp van , een gestileerde afbeelding van het getal 26, werd gekozen uit een totaal van 871.566 inzendingen

Bij de Winterspelen treden 93 landen aan. Benin, Guinee-Bissau en de Verenigde Arabische Emiraten zullen voor het eerst meedoen. Net als bij de Zomer- en Winterspelen worden Rusland en Wit-Rusland (Belarus) geweerd vanwege de invasie van Oekraïne door de Russen en de de hulp hierbij van Wit-Russische kant. Wel mogen goedgekeurde Russische en Wit-Russische atleten meedoen onder de AIN-vlag (Athlètes Individuels Neutres/Individual Neutral Athletes).

DE AIN-vlag, ingevoerd op 19 maart 2024

Locaties

Het Stadio San Siro van Milaan is de hoofdlocatie waar ook de openings- ceremonie zal plaatsvinden.
Het stadion, thuisbasis van AC Milan, stamt uit 1925, maar werd talloze malen verbouwd, voor het laatst in 1990.

Het Stadio Sin Siro in Milaan (foto: Arne Müseler / publiek domein)

De sluitingsceremonie vindt plaats in de Romeinse arena van Verona, gebouwd tussen de 1e en 3e eeuw.

De Romeinse arena in Verona (foto: Arne Müseler / publiek domein)

Naast Milaan en Cortina d’Ampezzo zullen ook Antholz, Bormio, Livigno, Predazzo en Tesero als locaties voor de Winterspeln gebruikt worden.

De verschillende locaties voor de Winterspelen 2026 (© @Leaflet / OpenStreetMap)

Medailles

Presentatie van de medailles op 15 juli 2025 in Venetië (screenshot)

Het ontwerp van de medailles voor de Winterspelen 2026 is van het Istituto Poligrafico e Zecca dello Stato. Het ontwerp bestaat uit twee helften die volhens het instituut “de bekroning symboliseren van de reis van een atleet en een para-atleet en van al diegenen die hen onderweg hadden bijgestaan”.

Een gouden medaille voor het cross-country skiën voor mannen (screenshot)

Van elk van de gouden, zilveren en bronzen medailles zijn er 245 te verdelen, in totaal dus 735.

Pictogram van de nieuwe Olympische sport toerskiën

Een sport die bij deze Spelen zijn debuut maakt, is het toerskiën.

Mascottes

De mascottes voor de Winterspelen en Paralympische Winterspelen werden op 7 februari 2024 in Sanremo onthuld.

De mascottes Tina en Milo, vergezeld van de zes Flo

De mascottes zijn de hermelijnen Tina en Milo, ze werden gekozen via een ontwerpwedstrijd, waaraan kinderen tussen 6 en 14 jaar oud meededen. Winnaar waren de leerlingen van het Istituto Comprensivo Taverna, hun ontwerp kreeg 53% van de stemmen.
Tina (naar Cortina vernoemd) is de mascotte van de Olympische Winterspelen, het is een hermelijn in winterkleed.

Tina en Milo spelen in de sneeuw (screenshot)

Haar broer Milo (naar Milaan [Milano] vernoemd) is de mascotte voor de Paralympische Winterspelen, het is een hermelijn in zomerkleed*, die een poot mist.
Tina en Milo worden vergezeld door zes antropomorfe sneeuwklokjes, die de gezamenlijke naam Flo kregen. Ze kwamen als tweede uit de bus bij de ontwerpwedstrijd en zijn ontworpen door het Istituto Comprensivo Sabin di Segrate.

*) Dat Milo als hermelijn in zomerkleed gekozen werd voor de Winterspelen is wel opvallend, cq curieus!

Openingsceremonie

De openingsceremonie (met de titel Armonia) in het Stadion Sin Siro in Milaan begint om 20.00 uur West-Europese tijd.
De opening zelf komt voor rekening van de 85-jarige Italiaanse president Sergio Mattarella.

Thomas Bach draagt de Olympische voorzitterssleutel over aan zijn opvolgster Kirsten Coventry op 23 juni 2025 in Lausanne, Zwitserland (screenshot)

Het zijn de eerste Spelen onder het voorzitterschap van de Zimbabwaanse Kirsten Coventry, die op 23 juni vorig jaar Thomas Bach opvolgde. De oud-zwemster kwam in 2000 en 2004 voor haar land in actie tijdens de Olympische Spelen in respectievelijk Sydney en Athene. Ze is de eerste vrouwelijke voorzitter van het IOC.

Bij de opening zullen Mariah Carey, Laura Pausini en Andrea Bocelli optreden.

De vlag

De Olympische vlag (1920-heden)

De vlag van de Olympische Spelen is wit met vijf in elkaar gevlochten ringen, drie boven, twee onder, in de kleuren blauw, geel, zwart, groen en rood.
Dit kan haast niet anders dan een van de bekendste vlaggen ter wereld zijn: er zullen maar weinig mensen zijn die de vlag met de gekleurde ringen niet onmiddellijk herkennen.

Uiteraard zijn er Olympische vlaggen in soorten en maten: de ‘officiële’ Olympische vlag is de vlag die van de ene gaststad naar de volgende verhuist en die doorgaans voordat de Spelen werkelijk beginnen in het plaatselijke stadhuis te zien is en moet niet verward worden met de enorme Olympische vlag die boven alles uit torent in een stadion, die na de Spelen onmiddellijk afgedankt wordt. Vaak wordt zo’n vlag daarna tentoongesteld.

Het logo

Als de Zomerspelen in 2020 normaal doorgang hadden gevonden dan had de vlag toen zijn eeuwfeest beleefd, want hij werd geïntroduceerd tijdens de Spelen van 1920 in Antwerpen.
Dat betekent tevens dat de vijf daaraan voorafgaande edities van de moderne Spelen het zonder dit symbool deden waar we nu zo aan gewend zijn geraakt.

Het originele ontwerp van Pierre de Coubertin uit 1913 (publiek domein)

Het logo met de ringen is echter iets ouder dan 1920. Het werd in 1913 ontworpen door de Franse baron Pierre de Coubertin, die toentertijd voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) was.
Hij was de grote instigator van de moderne Olympische Spelen, waarvan de eerste editie in 1896 plaatsvond in de Griekse hoofdstad Athene, waarmee tevens de link werd gelegd met de Olympische Spelen van de Klassieke Oudheid, die in Olympia werden gehouden, tussen (naar we nu aannemen) 776 v. Chr. tot en met 393 na Chr.

Links: Pierre de Coubertin (1863-1937), ongedateerde, ingekleurde foto (publiek domein) / Rechts: Het graf van Pierre de Coubertin op het Cimétière Bois-de-Vaux in Lausanne, Zwitserland, compleet met ‘zijn’ Olympische ringen (publiek domein)

Hoewel nogal eens wordt aangenomen dat de ringen van De Coubertin’s ontwerp de vijf continenten symboliseerden (Europa, Afrika, Azië, Amerika en Oceanië), lagen de bedoelingen van De Coubertin toch net iets anders: Zelf schreef hij daarover in de augustus-editie van 1913 van het blad Olympique:

“…de zes kleuren (met de witte achtergrond) gecombineerd vertegenwoordigen op deze wijze de vlaggen van ieder land op aarde, zonder uitzondering. Het blauw en geel van Zweden, het blauw en wit van Griekenland, de driekleuren van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Duitsland, België, Italië, Hongarije plus het geel en rood van Spanje zijn vertegenwoordigd, net als de innovatieve vlaggen van Brazilië en Australië en die van het oude Japan en het moderne China. Dit is echt een internationaal symbool”

Hiermee was er een logo dat tevens op een vlag gebruikt kon worden. We mogen er vanuit gaan dat dat bij de 6e Olympiade geweest zou zijn. Deze Spelen van 1916 zouden in Berlijn plaatsvinden. Ondanks het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 gingen de voorbereidingen hiervoor gewoon door: men ging er vanuit dat de oorlog niet zo lang zou duren.
Maar dit bleek te optimistisch gedacht, de oorlog sleepte zich voort tot 1918 en de 6e Olympiade werd afgelast.

Het Olympisch Stadion in Antwerpen op de openingsdag 20 april 1920, toen de Olympische vlag debuteerde (publiek domein)

Zodoende was het de 7e Olympiade (er werd dus gewoon doorgenummerd) van 20 april tot 12 september 1920 gehouden in Antwerpen, waar de Olympische vlag voor het eerst werd gehesen. (Berlijn was als organiserende stad “nicht mehr im Frage”, na de nederlaag van Duitsland in de Eerste Wereldoorlog en het land was dan ook uitgesloten van deelname in 1920, net als Oostenrijk).

Over een vlag die kwijtraakte en weer boven water kwam (Antwerpen-vlag nr.1) (1920)

De allereerste officiële Olympische vlag uit 1920, die bekend staat als de Antwerpen-vlag, bestaat nog steeds, na jarenlang spoorloos te zijn geweest.
We spoelen even vooruit naar 1997: tijdens een diner georganiseerd door het Amerikaans Olympisch Comité, interviewde een journalist de toen 100-jarige Hal Haig Prieste, die in 1920 een bronzen plak voor de V.S. had gewonnen bij het platform-duiken. De journalist merkte op dat het IOC niet kon achterhalen wat er met de originele Olympische vlag van 1920 was gebeurd.
“Daar kan ik je mee helpen”, was het antwoord van Prieste, “die zit in m’n koffer”.

Links: Affiche voor de Olympische Zomerspelen 1920 in Antwerpen (publiek domein) / Rechts: Duke Kahanamoku (1890-1968) (Library of Congress / publiek domein)

Prieste vertelde vervolgens dat hij, opgehitst door een nachtelijke weddenschap met landgenoot Duke Kahanamoku*, tegen het einde van de Spelen in Antwerpen in de vlaggenmast van het stadion was geklommen en de vlag had gestolen.

*Duke Kahanamoku behaalde in 1920 twee gouden medailles: één bij het 100 m zwemmen en de andere bij het estafette-zwemmen

Dat het IOC niet wist wat er met de vlag gebeurd was is een ietwat curieus, want dat de vlag gestolen was moet bekend zijn geweest, omdat Prieste betrapt werd door de politie tijdens zijn actie. Maar wellicht doelden ze op het feit dat ze niet wisten wat er vervólgens met de vlag gebeurde: Prieste liep sneller dan de politie en ontkwam met de vlag als zijn trofee.

Het Olympisch Stadion te Antwerpen in 1920 (publiek domein)

Met een speciale ceremonie tijdens de Olympische Spelen van 2000 in Sydney overhandigde (de toen inmiddels 103-jarige) Prieste de vlag uit 1920 aan toenmalig IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch.

De 103-jarige Hal Haig Prieste (1896-2001) met de door hem ontvreemde oervlag van de Olympische Spelen, bij de overhandiging aan IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch op 11 september 2000 te Sydney, een paar dagen voor het begin van de Zomerspelen (publiek domein)

De vlag werd vervolgens tentoongesteld in het Olympisch Museum in Lausanne in Zwitserland, maar bleef daar niet.
Vanaf het begin van de ‘herontdekking’ had de stad Antwerpen ook belangstelling voor de vlag. De stad was succesvol in zijn pogingen voor een terugkeer: in 2004 keerde de vlag terug naar de Scheldestad.
Vanaf 2013, toen Antwerpen Europese Sporthoofdstad was, was de vlag in de entreehal van het stadhuis te bewonderen. Vanwege de renovatie van het gebouw (vanaf 2017) is de vlag nu onderdeel van de collectie van het MAS (Museum aan de Stroom) in het noorden van de stad.

Antwerpen-vlag nr. 2 (1924)

Het was de bedoeling dat de Olympische vlag van 1920 naar de volgende gaststad Parijs zou verhuizen, maar omdat de officiële vlag zoek was, moest er een nieuw exemplaar gemaakt worden.
Deze tweede vlag werd eveneens Antwerpen-vlag genoemd, naar het waarom wordt nog steeds gegist: één verklaring is dat de vlag nu eenmaal debuteerde in Antwerpen, een andere is dat de nieuwe vlag in Antwerpen werd gemaakt.

Opening van de Olympische Zomerspelen 1924 in het Stade Olympique Yves-du-Manoir te Colombes, vlakbij Parijs, door de voorzitter van het Comité Olympique Français, graaf Justinien Clary (1860-1933); of de Olympische vlag, die over het spreekgestoelte is gedrapeerd, ‘dé’ nieuwe ‘Antwerpen-vlag’ is, vertelt de historie niet (publiek domein)

Hoe dan ook: dit nieuwe exemplaar wapperde in 1924 voor het eerst tijdens de openingsceremonie in het Stade Olympique Yves-du-Manoir in Colombes, een voorstad van Parijs.
Deze nieuwe officiële versie zou het uithouden tot en met de Zomerspelen van 1984 in Los Angeles, waarna de vlag na 60 jaar ‘met pensioen mocht’.

Links: Affiche van de 1e editie van de Olympische Winterspelen in 1924 in Chamonix, Frankrijk, een ontwerp van Auguste Matisse (1866-1931) (publiek domein) / Rechts: Officiële Olympische eedaflegging door de vertegenwoordigers van de 16 deelnemende landen aan de Winterspelen van 1924 in Chamonix (publiek domein)

1924 was tevens het debuut van de Olympische Winterspelen die tot en met 1992 in hetzelfde jaar als de Zomerspelen werden gehouden, toen er besloten werd ze los te koppelen, zodat de Winterspelen in de andere even jaren dan die van de Zomerspelen plaatsvinden (zie ook verderop).

Seoul-vlag (1988) en Rio de Janeiro-vlag (2016)

Voor de 24e Olympiade in 1988 in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul kwam er dus een nieuwe vlag, die dan ook bekend staat als de Seoul-vlag.
Ze deed 24 jaar dienst, tot en met de 30e Olympiade in Londen in 2012.

De officiële Olympische Zomerspelenvlag bij aankomst op het vliegveld Haneda bij Tokio (© foto: Kazuhiro Nogi)

De vlag die nu in gebruik is (met franje langs de randen) debuteerde tijdens de Zomerspelen van 2016 in Rio De Janeiro in Brazilië, maar werd aan het einde van de Zomerspelen in Londen in 2012 al overhandigd aan burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro.

12 augustus 2012: tijdens de sluitingsceremonie van de Zomerspelen in Londen ontvangt burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro, Brazilië, de nieuwe officiële Olympische vlag, compleet met franje langs de randen (screenshot)

Vlaggen Winterspelen

Zoals boven vermeld, werden de Olympische Winterspelen voor het eerst gehouden in 1924 en wel in Chamonix, Frankrijk.
Tot 1952 werden voor de Winterspelen geen speciale vlaggen vervaardigd.

Links: Logo van de Olympische Winterspelen van 1952 in Oslo, Noorwegen (publiek domein) / Rechts: De Oslo-vlag (publiek domein)

Bij die Spelen, gehouden in en rond de Noorse hoofdstad Oslo, kreeg voorzitter van het IOC, Sigfrid Edström, uit handen van burgemeester Brynjulf Bull, een Olympische vlag overhandigd, die net als bij de Zomerspelen overgedragen zou worden aan de volgende organiserende stad.

Aldus geschiedde, maar daar moet wel bij aangetekend worden dat de vlag alleen gebruikt werd bij de openingsceremonies. Normaliter was de vlag opgeborgen in een vitrine met daarbij de namen van alle gaststeden op bronzen plaquettes. Voor de sluitingsplechtigheden werd een replica gebruikt. In 2014 werd de Oslo-vlag met pensioen gestuurd.

IOC-voorzitter Thomas Bach overhandigt de (nieuwe) officiële vlag van de Winterspelen aan burgemeester Chen Jining van de Chinese hoofdstad Beijing, waar de editie vanaf vandaag zal plaatsvinden (sluitingsceremonie van de Winterspelen 2018 in PyeongChang, Zuid-Korea, op 25 februari 2018 / screenshot)

In 2018, bij de Winterspelen in het Zuid-Koreaanse PyeongChang, bood de stad hetIOC een nieuwe officiële vlag aan.

Olympische Jeugdspelen

Sinds 2010 zijn er ook Olympische Jeugdspelen voor 14- tot 18-jarigen. Deze Spelen (zowel Zomer- als Winterspelen) worden ook iedere vier jaar gehouden, maar precies omgekeerd als de ‘volwassen’ Spelen: de Zomer Jeugdspelen vinden dus plaats in het zelfde jaar als de Olympische Winterspelen en de Winter Jeugdspelen in het jaar van de Olympische Zomerspelen.

Logo van de Olympische Jeugdspelen

De eerste zomer-editie vond plaats in Singapore van 14 tot 26 augustus 2010. Eén dag voor de opening overhandigde IOC-voorzitter Jacques Rogge de officiële vlag voor de Jeugdspelen aan premier Lee Hsien Loong van Singapore.

Overhandiging van de officiële vlag voor de 1e Olympische Jeugdspelen bij Istana Paleis in Singapore. V.l.n.r.: Zwemster Amanda Lim, IOC-voorzitter Jacques Rogge, premier Lee Hsien Loong van Singapore, IOC-vice-voorzitter Ng Ser Miang en zeiler Darren Choy, 13 augustus 2010 (© foto: Wong Maye-E)

Hoewel her en der vermeld wordt dat deze Olympische vlag naast de ringen ook de naam van de gaststad en het jaar van de Spelen laat zien, is daar op foto’s niets van waar te nemen! En dat zou ook vreemd zijn, want ook deze vlag is een doorgeef-vlag. In 2014 waren de Zomer Jeugdspelen in Nanjing (China) en in 2018 in Buenos Aires (Argentinië). De locatie voor zomer-editie van de Olympische Jeugdspelen in 2030 is nog niet gekozen.

Links: Logo van de Olympische Zomer Jeugdspelen van 2018 in Buenos Aires, Argentinië (publiek domein) / Rechts: Voorlopig logo van de uitgestelde Olympische Zomer Jeugdspelen van 2026 in Dakar, Senegal (publiek domein)

De editie 2022, te houden in Dakar (Senegal), is wegens de coronapandemie vervallen en vooruit geschoven naar 2026.

Logo van de Olympische Winter Jeugdspelen 2020 in Lausanne, Zwitserland (publiek domein)

De eerste Winter Jeugdspelen werden gehouden van 13 tot 22 januari 2012 in Innsbruck (Oostenrijk). De 2016, 2020 en 2024 edities werden in respectievelijk Lillehammer (Noorwegen), Lausanne (Zwitserland) en de provincie Gangwon (Zuid-Korea) gehouden.
Ook bij deze Spelen wordt de vlag doorgegeven aan de volgende stad, provincie of regio.
De Winter Jeugdspelen 2028 zullen plaatsvinden in Italië in, locaties zijn de Dolomieten en het Valtellina-dal.

Vrolijke vlaggenparade bij de 1e Olympische Winter Jeugdspelen in januari 2012 in Innsbruck, Oostenrijk (© Marjory Malbert)

Paralympische Spelen

Een heel verhaal! Maar hebben we nu alles gehad? Nee, want vier weken na de sluiting van de Olympische Winterspelen beginnen de Paralympische Winterspelen 2026 .

Paralympische vlag

Vrijdag 6 maart gaat dit sportevenement van start: dan wordt de Paralympische vlag niet alleen in Milaan en Cortina d’Ampezzo gehesen, maar ook bij Vlagblog.

Nieuw-Zeeland – Waitangi Day / Waitangi-dag (1840)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De officiële ‘geboorte’ van Nieuw-Zeeland: op 6 februari 1840 (vandaag dus 186 jaar geleden) werd in Waitangi, in het noorden van het land, een document ondertekend door gouverneur William Hobson en lokale Maori-leiders, waardoor Nieuw-Zeeland als land een feit werd. Sinds 1934 is de 6e februari een officiële feestdag.

Kaart van Nieuw-Zeeland (freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Nieuw-Zeeland (1869-heden)

De vlag van Nieuw-Zeeland is een Britse blue ensign met vier rode sterren aan de vluchtzijde.

Vanaf 1840 werd de Britse blue ensign gebruikt, een vlag met een blauw veld en de Union Flag of Union Jack in het kanton.

Links: Vlag van Nieuw-Zeeland (1840-1867), de blue ensign / Rechts: Vlag van Nieuw-Zeeland (1867-1869)

Vanaf 1867 werd aan de vluchtzijde een eigen symbool toegevoegd, NZ in rode letters, met een wit kader eromheen. Vanaf 23 oktober 1869 verschijnen dan de huidige sterren, die daarmee het NZ vervangen. Het was een ontwerp van de Nieuw-Zeelandse marine-officier Sir Albert Hastings Markham.

Links: Sir Albert Hastings Markham (1841-1918), foto uit 1904 (publiek domein) / Rechts: Leerlingen Jack en Rewi Moynihan hijsen de Nieuw-Zeelandse vlag bij de Shannon School (Noordereiland) in 1901 (publiek domein)

De vier rode sterren, wit omzoomd, stellen het sterrenbeeld Zuiderkruis voor. Net als in het sterrenbeeld worden de sterren naar onderlinge grootte afgebeeld: de grootste onderin, de kleinste aan de vluchtzijde en de overige twee daar net tussenin.
Het gaat dan om de sterren Acrux, Becrux (ook wel Mimosa genaamd), Gacrux en Delta Crucis. Een vijfde, kleinere ster, Epsilon Crucis, wordt wel afgebeeld op de Australische vlag, maar niet op de Nieuw-Zeelandse.

Links: Sterrenbeeld het Zuiderkruis / Rechts: Kaart van het Zuiderkruis (© IAU and Sky Telescope Magazine / Roger Sinnott & Rick Fienberg)

Vanaf de jaren ’90 van de vorige eeuw gingen er steeds meer stemmen op voor een nieuwe vlag. Op 11 maart 2014 kondigde toenmalig premier John Key een referendum aan voor 2015, waarin het volk een keus had tussen vijf vlagontwerpen (de shortlist).
Op de 11e december kwam de winnaar uit de bus, de zogenaamde Silver Fern Flag, een ontwerp van Kyle Lockwood.

Links: De Silver Fern Flag / Rechts: Ontwerper Kyle Lockwood (1977) (© flag.govt.nz)

De silver fern (Cyathea dealbata), zilveren boomvaren in het Nederlands, is een van de symbolen van Nieuw-Zeeland. De varen verdeelt de vlag diagonaal in tweeën. Het vlak aan de broekingszijde is zwart, dat aan de vluchtzijde blauw met de gehandhaafde rode sterren uit 1869.

Tussen 3 en 24 maart 2016 werd vervolgens een 2e referendum gehouden, waarin de Nieuw-Zeelanders hun keus konden uitspreken voor de nieuwe Silver Fern Flag of voor handhaving van de ‘oude’ vlag.
De uitslag van dit referendum was 56,7% voor de bestaande vlag en 43,3% voor de nieuwe, waarbij dus alles bij het oude bleef.
Desalniettemin is de Silver Fern her en der in het straatbeeld te zien, weliswaar officieus, maar wel populair.

Links: Tino Rangatiratanga (Maori-vlag) / Rechts: Linda Munn, een van de ontwerpers van de vlag

Naast deze twee vlaggen is er nog een derde belangrijke vlag in Nieuw-Zeeland, nl. die van de Maori, de oorspronkelijke bewoners van het land (dat zij Aotearoa noemen). Deze vlag, Tino Rangatiratanga genaamd, werd in 1990 ontworpen door Hiraina Marsden, Jan Smith en Linda Munn. De traditionele kleuren van Nieuw-Zeeland, zwart, wit en rood zijn hier gebruikt (net als bij de Silver Fern).

De vlag laat een witte balk zien die op 1/3 van de broeking deels tot bijna een cirkel inkrult. Boven de balk is het veld zwart, eronder rood. Het symboliseert de natuurlijke balans, zoals actief/passief, mannelijk/vrouwelijk, aarde/lucht, enz.

Zeker op de dag van vandaag, Waitangi Day, is deze vlag op veel plekken te zien, zoals op de Auckland Harbour Bridge, broederlijk naast de officiële vlag.

Bridge
Auckland Harbour Bridge op Waitangi Day met de twee vlaggen (fotograaf onbekend)

Overige vlaggen

Naast deze vlaggen is er nog een fiks aantal andere vlaggen in gebruik in Nieuw-Zeeland. Hieronder een kleine dwarsdoorsnede:

Links: Red ensign van Nieuw-Zeeland (koopvaardijvlag) / Rechts: White ensign van Nieuw-Zeeland (marinevlag)
Links: Luchtmachtvlag van Nieuw-Zeeland / Rechts: Burgerluchtvaartvlag van Nieuw-Zeeland
Links: Politievlag van Nieuw-Zeeland / Rechts: Koninklijke standaard van Nieuw-Zeeland, met de gekroonde letter E van Koningin Elizabeth II, deze vlag is met de dood van de koningin op 8 september 2022 komen te vervallen

Oekraïne – Три роки і сорок п’ятдесят тижнів війни / Drie jaar en vijftig weken oorlog

Twaalf doden bij drone-aanval op bus

Bij een Russische drone-aanval op een bus met mijnwerkers, vlakbij Ternivka, in de oostelijke regio Dnipropetrovsk, afgelopen zondag, kwamen twaalf kompels om het leven. ook raakten er vijftien mensen gewond, volgens de staatsnooddiensten.

De getroffen bus raakte na de drone-aanval van de weg en boorde zich in een loods (foto gedeeld op Telgram door het Oekraïense leger)

Eerder op de dag kwamen minstens twee mensen om het leven en raakten er negen gewond bij afzonderlijke Russische aanvallen in de nacht van zaterdag op zondag.

Zes gewonden bij aanval op zwangerschapskliniek

Op diezelfde zondag raakten zes mensen gewond toen een drone een kraamkliniek in Zaporizja trof.

Verslaggeefster Olena Kaptucha doet voor My Ukraina verslag van de aanval op de zwangerschapskliniek, afgelopen zondag (screenshot)

De regionale leider van Zaporizja, Ivan Fedorov, noemde de aanval op de kraamkliniek, die plaatsvond terwijl twee vrouwen aan het bevallen waren, in een bericht op Telegram, verder “bewijs van een oorlog gericht tegen het leven”.

Eén van de getroffen ruimtes in de kraamkliniek, waarbij zes gewonden vielen (screenshot)

Op sociale media gedeelde beelden toonden kantoren, kamers met bedden voor patiënten en een kinderkamer met gebroken ramen en puin.
Sommige beelden toonden verschillende gradaties van brandschade, terwijl twee video’s een brand op de begane grond lieten zien. Een andere video toonde brandweerlieden die binnendeuren forceerden en patiënten evacueerden.

Kiev nog verder in de kou

Rusland heeft deze week een recordaantal van 70 ballistische raketten en 450 drones ingezet met als doel de Oekraïense energiesector opnieuw hard te raken.
De gecombineerde raket- en droneaanvallen troffen energiecentrales en infrastructuur in Kiev en op meerdere andere locaties, wat volgens energiebedrijf DTEK “de zwaarste klap” van dit jaar tot nu toe betekende.

De Oekraïense hoofdstad Kiev zat deze week grotendeels zonder stroom na de aanhoudende Russische raket- en drone-aanvallen (screenshot)

De aanvallen vonden plaats bij temperaturen tot -20°C, waardoor meer dan 1.000 flatgebouwen in de hoofdstad opnieuw zonder verwarming kwamen te zitten en een energiecentrale in de oostelijke stad Charkov onherstelbaar beschadigd raakte.
Daarnaast werden ook burgerdoelen in vijf stadswijken van Kiev geraakt, waaronder drie appartementgebouwen en een gebouw waarin een kleuterschool is gehuisvest.

Brandweelieden in een van de vele getroffen flats in Kiev (screenshot)

President Zelensky zei dat Rusland “koos voor terreur en escalatie” in plaats van diplomatie om deze oorlog te beëindigen en riep de bondgenoten van Oekraïne op tot “maximale druk” op Moskou.

Zeven doden bij Russische aanval op Druzhkivka

Bij een Russische aanval met clustermunitie op een markt in de stad Druzhkivka in de oostelijke oblast Donetsk vielen gisteren zeven doden en acht gewonden.

Een door de plaatselijke politie gedeelde foto van het afvoeren van een van de gewonden in Druzhkiva

Vadym Filashkin, hoofd van de militaire administratie van de oblast Donetsk, liet ’s middags op sociale media weten dat het definitieve aantal slachtoffers van de aanval nog niet is bevestigd. De vrees is dat het aantal doden en gewonden nog moet worden bijgesteld.

Russisch gebruik van Starlink tegengegaan

De inspanningen van Elon Musk om Rusland ervan te weerhouden Starlink-satellieten te gebruiken voor droneaanvallen hebben “echte resultaten opgeleverd”, aldus een Oekraïense functionaris.
Minister van Defensie Mykhailo Fedorov prees de oprichter van SpaceX als “een ware voorvechter van de vrijheid en een echte vriend van het Oekraïense volk” en zei dat Musk snel had gereageerd toen hij vernam dat Russische drones met Starlink-verbindingen in het land actief waren.

Mykhailo Fedorov (1991), de Oekraïense minister van Defensie sinds 14 januari dit jaar (МОУ / publiek domein)

De drones worden in verband gebracht met een aantal recente dodelijke aanvallen van Rusland op Oekraïne, waaronder de aanval op de passagierstrein van vorige week, waarbij zes mensen om het leven kwamen.

Artist impression van de Starlink-satellieten (publiek domein)

“Het lijkt erop dat de stappen die we hebben genomen om het ongeoorloofde gebruik van Starlink door Rusland te stoppen, hun vruchten hebben afgeworpen”, schreef Musk op X. “Laat het ons weten als er meer moet gebeuren.”

Onverwacht bezoek NAVO-baas Rutte

De bezoeken van hoogwaardigheidsbekleders aan Oekraïne worden doorgaans niet van tevoren aangekondigd. Het was dan ook volkomen onverwacht dat afgelopen dinsdag NAVO-secretaris-generaal Rutte ineens in Kiev opdook.

NAVO-baas Rutte wordt welkom geheten door president Zelensky (foto gedeeld door de president)

Hij begon zijn bezoek met een ontmoeting met medewerkers van de NAVO-vertegenwoordiging in Oekraïne. Vervolgens ging het naar het Maidanplein, waar hij samen met de president een kaars aanstak ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de Russische agressieoorlog.

President Zelensky en secretaris-generaal Rutte plaatsen ieder een kaars bij de herdenkingsmuur op het Maidanplein in Kiev (screenshot)

Daarna bezocht Rutte het Oekraïense parlement, de Verchovna Rada, voor een ontmoeting met de eerste vice-voorzitter, waarna hij een toespraak hield bij de opening van de nieuwe zitting.
In zijn rede maakte de secretaris-generaal duidelijk dat de steun van de geallieerden aan Oekraïne niet zou afnemen: “Oekraïne is en blijft essentieel voor onze veiligheid.”

Rutte tijdens zijn toespraak tot het Oekraïense parlement (screenshot)

Met de vredesbesprekingen in volle gang, benadrukte de secretaris-generaal ook het belang van robuuste veiligheidsgaranties voor Oekraïne: “U moet weten dat deze vrede duurzaam zal zijn. Niet omdat er documenten zijn getekend, maar omdat er militaire macht is om die te waarborgen.”

Secretaris-generaal Rutte en president Zelensky tijdens hun gezamenlijke persconferentie (screenshot)

Na een één-op-één gesprek met de president en voorafgaand aan ontmoetingen met de Oekraïense premier en de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie, hielden Rutte en Zelensky een persconferentie. “Oekraïne heeft weerstand geboden. Oekraïne heeft zich verdedigd. Oekraïne heeft standvastig stand gehouden. De NAVO staat in woord en daad aan uw zijde”, aldus de secretaris-generaal.

NAVO-baas Rutte tijdens de persconferentie (screenshot)

Ook bracht hij de verschillende NAVO-inspanningen nog eens voor het voetlicht: van de Prioritised Ukraine Requirements List (PURL) – die sinds afgelopen zomer ongeveer 75% van de Oekraïense Patriot-raketten en 90% van de raketten voor andere luchtverdedigingssystemen heeft geleverd – tot de revalidatie van Oekraïense veteranen via het Comprehensive Assistance Package (CAP) Trust Fund.
“We zetten ons ervoor in dat u over alles beschikt wat u nodig hebt om uzelf vandaag te verdedigen en een duurzame vrede voor de toekomst te garanderen”, aldus Rutte. “De veiligheid en welvaart van Oekraïne zijn niet alleen een zorg voor Oekraïners, maar voor ons allemaal.”

De vlag

Vlag van Oekraïne (1992-heden)

De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.

Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.

Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)

De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd  bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.

Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.

In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.

De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)

Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.

Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De tentoongestelde ‘eerste’ vlag in het parlementsmuseum van Oekraïne (© rada.gov.ua)
Nog een foto van de ‘eerste’ vlag in een andere vitrine, in de hal van het parlement tentoongesteld, onder het toeziend oog van de toenmalige voorzitter van de Verchovna Rada, Andriy Parubiy (2016-2019) (© rada.gov.ua)
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)

Symbool

Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.

Oekraïense troepen met de nationale vlag (© mil.gov.ua)

Sri Lanka – නිදහස් දිනය / Onafhankelijkheidsdag (1948)

Op 4 februari 1948 eindigde de koloniale Britse tijd en werd Sri Lanka (toen nog Ceylon geheten) een onafhankelijk dominion binnen het Gemenebest, vandaag dus 78 jaar geleden.

Onafhankelijkheidsceremonie op 4 februari 1948 in de Independence Hall in Colombo (publiek domein)

In 1972 werd de staatsvorm gewijzigd: het land werd een republiek binnen het Gemenebest en veranderde de naam in Sri Lanka, wat zoveel als ‘schitterend eiland’ betekent.

De vlag

Vlag van Sri Lanka (1972-heden)

De vlag van Sri Lanka heeft een geel (gouden) veld met twee vakken: het kleinere veld aan de broekingszijde heeft twee balken in groen en saffraan, het grotere vlak is kastanjebruin met een naar de broeking gekeerde gele (gouden) leeuw met een opgeheven zwaard in een van zijn klauwen. In de hoeken van dit grotere veld vier bladeren van de bodhiboom, diagonaal naar elkaar toegekeerd.

Tot 4 februari 1948 had Ceylon als Britse kolonie een blue ensign (met de Union Jack of Union Flag in het kanton). In het uitwaaiende gedeelte het toenmalige symbool voor Ceylon: een olifant voor een zogenaamde dagoba, een koepelvormig bouwwerk met relieken van Boeddha of van een heilige.

Blue ensign van Brits Ceylon (1815-1948)
Badge Ceylon
Het symbool (“badge”) voor Ceylon op de blue ensign

Op die bewuste 4e februari werd de eigen vlag voor het eerst gehesen en wel om 07.30 precies, precies zoals astrologen het hadden uitgerekend.

Vlag van het dominion Ceylon (1948-1951)

De vlag van 1948 lijkt op de huidige vlag, maar dan zonder de verticale banen aan de broeking.
Het hele beeld werd gevuld met de gouden leeuw met zwaard in een van de klauwen. Dit was de vlag van het Singhalese koninkrijk Kandy (in gebruik tot 1815).
De vlag ondervond vanaf 1948 onmiddellijk veel kritiek van de moslims en de Tamils. Beide groepen voelden zich niet vertegenwoordigd.

Vlag van het dominion Ceylon (1951-1972)

Nadat een commissie zich over de kwestie gebogen had, werden in 1951 de twee vertikale banen toegevoegd. Groen voor de moslimgemeenschap, oranje voor de Tamils.

Links: Een bodhiboom, ook wel banyan genaamd (Ficus religiosa) (© publiek domein) / Rechts: Blad van de bodhiboom (© publiek domein)

In 1972 werd met de naamsverandering van Ceylon naar Sri Lanka ook de vlag weer aangepast. De vier boeddhistische torenspitsjes die in de hoeken van het veld met de gouden leeuw diagonaal naar elkaar toewezen, werden vervangen door vier bladeren van de bodhiboom (ook wel banyan genaamd), een binnen het hindoeïsme heilige boom. Vanaf 1978 worden deze bladeren ‘naturalistischer’ afgebeeld. Sinds die tijd is de vlag onveranderd.

Mozambique – Dia dos Heróis Moçambicanos / Dag van de Mozambikaanse Helden

De 3e februari is de sterfdatum van Eduardo Mondlane. Bij zijn dood in 1969 (door een bom), was hij voorzitter van FRELIMO, het Mozambikaanse bevrijdingsfront, dat streed tegen de Portugese overheersing.

Affiche voor de 3e februari, de Dia dos heróis moçambicanos

Hoewel de datum van Mondlane’s dood is gekozen, worden op deze dag ook andere vrijheidsstrijders geëerd, zoals Samora Machel, Romão Farinha en Luís Marra.
Het is een officiële dag in Mozambique met militaire parades en speeches van diverse politieke groeperingen.

Kaart van Mozambique (© freeworldmaps.net)

Eduardo Mondlane

Eduardo Mondlane werd in 1920 geboren in een groot gezin met 16 kinderen in Manjacaze, in de zuidelijke provincie Gaza in Mozambique, toen een Portugese kolonie.
Zijn vader was een Tsonga-stamhoofd. Eduardo was de enige binnen het gezin die onderwijs genoot.
Niet alleen dat, maar hij ging serieus aan de studie: zo ging hij naar een Zwitserse missieschool in Manjacaze, het Lemana College in Transvaal (Zuid-Afrika), de Jan H. Hofmeyr School of Social Work en de Witwatersrand Universiteit, beide in Johannesburg (Zuid-Afrika), de Universiteit van Lissabon (Portugal) en het Oberlin College in Ohio (V.S.).

Eduardo Mondlane (1920-1969), foto uit 1953, toen hij studeerde aan het Oberlin College in Ohio in de V.S. (© Oberlin College / publiek domein)

Gedurende de drie jaar Ohio behaalde hij graden in zowel in antropologie en sociologie.
Vandaar ging het naar de Northwestern University in Evanston, Illinois (V.S.), waar hij een MA (Master of Arts) en zijn PhD behaalde. Die laatste graad met het onderwerp “Rolconflict, referentiegroep en ras”.
Door zijn deskundigheid werd hij een V.N.-medewerker, waardoor hij geregeld naar Afrika reisde.
Hij raakte steeds meer geïnteresseerd in het ontwakende politiek activisme en het streven naar onafhankelijkheid van Afrikaanse landen en in het bijzonder dat van zijn eigen land.

Een Mozambikaans bankbiljet van 1000 meticais uit 1991 met het portret van Eduardo Mondlane

In 1961 verliet hij de V.N. en ging aan de slag bij Syracuse University (New York State), waar hij hielp met het opzetten van het East African Studies Program, maar ook hier bleef hij niet lang: nog in hetzelfde jaar keerde hij terug naar Mozambique, waar hij zich aansloot bij de anti-koloniale beweging.
Hij vestigde zich uiteindelijk in Dar es Salaam, de hoofdstad van buurland Tanzania, waar hij er in 1962 in slaagde de drie rivaliserende anti-koloniale verzetsgroepen UDE-NAMO, MANU en UNAMI samen te voegen tot één brede verzetsgroep onder de naam FRELIMO (Frente de Libertação de Moçambique/Mozambique Bevrijdingsfront).

Mondlane was geen fanaticus en zocht vaak het midden op en was bereid tot het sluiten van compromissen, zelfs met de Portugezen.
Door dit pragmatisme slaagde hij erin zowel steun van Europa als van de Sovjetunie te krijgen.
De linkervleugel van FRELIMO vond hem echter te gematigd, terwijl de rechtervleugel bang was dat hij teveel flirtte met de Russen.
Deze spagaat legde hoogstwaarschijnlijk de kiem voor de moordaanslag op Mondlane.

Op 3 februari 1969 opende Mondlane in het huis van zijn voormalige secretaresse Betty King -blijkbaar niets vermoedend- een pakket met een bom, die vervolgens ontplofte en hem doodde.
Vermoed wordt dat er een opdracht in Lourenço Marques (de tegenwoordige hoofdstad Maputo) zou zijn opgesteld door PIDE, de Portugese geheime politie, om Mondlane uit de weg te ruimen, maar hoe het pakket bij hem terechtkwam en waarom hij het opende, is nooit duidelijk geworden.

Begrafenis in Dar es Salaam van Eduardo Mondlane, met in het midden zijn weduwe Janet Rae Johnson en hun drie kinderen (publiek domein)

Mondlane liet een weduwe achter, de Amerikaanse Janet Rae Johnson en drie kinderen.
Wat hij ook naliet: het manuscript voor een boek met de titel “Lutar por Moçambique” (“Strijden voor Mozambique”), dat een paar maanden na zijn dood werd gepubliceerd.
Hierin beschreef hij hoe het koloniale systeem in Mozambique werkte en wat er nodig zou zijn om het land te ontwikkelen.

Het postuum uitgegeven boek “Lutar por Moçambique”, van Eduardo Mondlane, editie van Terceiro Mundo (publiek domein)

De strijd door FRELIMO tegen de Portugese overheersing ging echter door.
De grote ommekeer voor Mozambique (en diverse andere Portugese kolonies) kwam op 25 april 1974 uit onverwachte hoek, met de zogenaamde Anjerrevolutie in Portugal. Het was een geweldloze militaire staatsgreep die een einde maakte aan veertig jaar autocratisch en pro-koloniaal bewind van António de Oliveira Salazar en (vanaf 1968) van Marcello Caetano.
De nieuwe regering was voor een algehele en snelle dekolonisatie, waardoor de Portugezen bijna van de een op de andere dag Mozambique verlieten.

Een button uit de tijd van de onafhankelijkheid in 1975 met een aantal symbolen die nog steeds op de vlag voorkomen (publiek domein)

Met FRELIMO werd onderhandeld over onafhankelijkheid: nog datzelfde jaar, op 20 september 1974 verkreeg Mozambique als ‘opstapje’ alvast verregaande autonomie.
Een klein jaar later, op 25 juni 1975 werd het land onafhankelijk als Volksrepubliek Mozambique, een socialistische één-partijstaat.
Tot 1989 verkeerde het land in een bijna constante staat van burgeroorlog, tussen de aanhangers van FRELIMO en de conservatieve verzetsgroep RENAMO.
Het FRELIMO presenteerde in 1989 een nieuwe ontwerp-grondwet, dat uitging van een meerpartijenstelsel.
In november 1990 werd de grondwet goedgekeurd en veranderde de Volksrepubliek Mozambique in de Republiek Mozambique.
De burgeroorlog had geresulteerd in plusminus één miljoen doden, 5,7 miljoen ontheemden en 1,7 miljoen vluchtelingen.

De vlag

Vlag van Mozambique (1983-heden)

De vlag van Mozambique is een horizontale driekleur van legergroen, zwart en geel. De banen worden van elkaar gescheiden door twee smalle witte banen.
Aan de mastzijde is een rode driehoek geplaatst, waarop een gele vijfpuntige ster. Hier weer overheen zien we een boek (in wit) en een gekruiste schoffel en een geweer (beide in zwart).

Links: Vlag van FRELIMO, als nationale vlag gebruikt tussen september 1974 en en 25 juni 1975 / Midden: Vlag van Mozambique van 25 juni 1975 tot medio april 1983 / Rechts: De kortstondige vlag van Mozambique tussen medio april 1983 en 1 mei 1983

Het ontwerp van deze vlag is afkomstig van de verzets- en onafhankelijkheidsbeweging FRELIMO, het is exact dezelfde vlag, maar dan zonder de symbolen op de rode driehoek. Bij de verleende autonomie van 20 september 1974 werd deze vlag al als nationale vlag gebruikt en wel tot de dag van de onafhankelijkheid, 25 juni 1975.

Het hijsen van de nationale vlag met de diagonale banen in het Salazar Stadion op onafhankelijkheidsdag, 25 juni 1975 (publiek domein)

Op die dag werden de kleuren op de vlag herschikt en de driehoek verdween: de kleuren groen, rood, zwart en geel ontspringen diagonaal en verbredend vanuit de bovenzijde van de mastkant, van elkaar gescheiden door dunne witte strepen.
Net onder het vertrekpunt van de diagonale banen werd een wit tandwiel geplaatst, waarin we de drie symbolen herkennen die de huidige vlag nu nog heeft: boek, schoffel en geweer en een kleine vijfpuntige ster in rood.

De ‘diagonale’ vlag van Mozambique op een postzegel van 20 ¢ van de Verenigde Naties uit 1982 (publiek domein)

De derde versie van de vlag heeft maar kort bestaan: van medio april 1983 tot 1 mei daaropvolgend.
Men keerde terug naar het FRELIMO-basismodel met horizontale banen en plaatste het tandwiel met symbolen in de rode driehoek. Onder het tandwiel een gele vijfpuntige ster.
De huidige versie ontstond op 1 mei 1983 door het tandwiel voortaan weg te laten.

Symbolisme

De kleuren hebben de volgende symbolische betekenis: groen voor de landbouw, zwart voor het Afrikaanse continent en geel voor de rijkdom aan grondstoffen.
De twee smalle witte banen staan voor vrede en gerechtigheid.
De kleur rood van de driehoek staat symbool voor de onafhankelijkheidsstrijd tegen Portugal, de gele ster voor het internationalisme.
Van de drie symbolen op de ster staat het boek voor vorming en onderwijs, de schoffel voor landbouw en het geweer voor nationale verdediging en waakzaamheid.
Hoewel er meer vlaggen zijn waar wapens op worden afgebeeld, gaat dat meestal om historische wapens. In het geval van Mozambique zien we echter een AK-47, een Kalasjnikov en dat maakt deze vlag toch wel enigszins ongebruikelijk.

Een Kalasjnikov AK-47 (© PawełMM / publiek domein)

In 2005 zijn er pogingen ondernomen door de oppositie (RENAMO) in Mozambique om zowel ster als geweer van de vlag te verwijderen. De regeringspartij (FRELIMO) voelde daar echter niets voor en alle 169 inzendingen (waar zelfs al een winnaar uit was gekozen) werden weggestemd.


Mauritius – Abolition of slavery / Abolition de l’esclavage / Afschaffing van de slavernij (1835)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Op deze datum in 1835 werd op het eiland Mauritius de slavernij afgeschaft, vandaag dus 191 jaar geleden.
Het eiland, ten oosten van Madagaskar gelegen, was in de eeuwen voor 1835 nogal eens van kolonisator veranderd.

Locatie van Mauritius in de Indische Oceaan (publiek domein)

Het eiland was onbewoond toen de Portugezen er in 1507 landden, ze noemden het Cirne (Zwaan). Het werd enige tijd gebruikt als tussenstop op reizen naar Zuidoost-Azië, maar ze vestigden zich er niet.

Kaart van Mauritius (© freeworldmaps.net)

In 1598 landde er een Nederlandse vloot onder bevel van vice-admiraal Wybrand van Warwijck. Onder zijn leiding werd er op beperkte schaal gekoloniseerd aan de oostkant van het eiland.
Het eiland werd omgedoopt tot Mauritius, naar Prins Maurits van Oranje, stadhouder en legeraanvoerder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Maurits van Nassau, prins van Oranje (1567-1625). legeraanvoerder en stadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waar Mauritius zijn naam aan te danken heeft, detail van een schilderij uit 1608 door Michiel van Mierevelt (1566-1641), uit de collectie van het Paleis van Versailles

Net als de Portugezen gebruikten de Nederlanders het eiland als tussenstop naar de Oost.
Vanaf 1638 werd door de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) de rietsuikerteelt geïntroduceerd en daarmee ook 300 slaven om op de plantages te werken.
Omdat Mauritius los van de Nederlanders onbewoond was, werden slaven uit Madagaskar gehaald.
In 1695 werd het eiland zwaar getroffen door een orkaan, waarna de VOC er geen heil meer in zag om opnieuw in het eiland te investeren.
In 1710 verkaste de VOC naar Kaap de Goede Hoop, aan de zuidpunt van het huidige Zuid-Afrika.

Konvooi van slaven in Afrika door een onbekende schilder, circa 1859, collectie Musée Quai Branly (publiek domein)

De Nederlanders werden opgevolgd door de Fransen in 1715, waarna het eiland voortaan als Île de France door het leven ging.
Vanaf 1721 vond er een herkolonisatie plaats en werden er nieuwe slaven naar het eiland gebracht, niet alleen vanuit Madagaskar, maar ook vanuit het Afrikaanse vasteland om de suikerrietplantages te bewerken.
Om een idee te krijgen van het bevolkingsaantal: in 1735 woonden er 838 mensen, waarvan er 648 slaaf waren,

In 1810 was er een nieuwe machtswisseling, toen de Britten het eiland op de Fransen veroverden, in eerste instantie om de Franse kaperij waarvan veel Britse schepen het slachtoffer waren, te doen stoppen.
Het eiland kreeg onder de Britten zijn oude naam Mauritius terug en werd een kroonkolonie.
Het aantal slaven was inmiddels gegroeid naar 63.821.
Bij de Vrede van Parijs van 1814 (na de val van Napoleon) werd het officieel ingelijfd bij het Verenigd Koninkrijk.
En hoewel het Britse parlement in 1807 de Abolition of Slave Trade Act (Afschaffing van de Slavenhandelswet) had aangenomen, was de praktijk weerbarstiger en werd de slavernij nog illegaal in stand gehouden tot 1 februari 1835.

Affiche voor de herdenkingsdag. an. vandaag (publiek domein)

Omdat het werk op de plantages evenwel toch moest doorgaan, rekruteerde het V.K. goedkope contractarbeiders uit Brits-Indië (nu India), Maleisië en China, om de slaven te vervangen.
Het verklaart de diverse samenstelling van de bevolking van Mauritius.

Fastforward naar 1968: Mauritius wordt onafhankelijk, maar wel als lid van het Gemenebest, waardoor Koningin Elizabeth het titulair staatshoofd bleef.
De laatste verandering dateert van 12 maart 1992: vanaf die datum is Mauritius een onafhankelijke parlementaire republiek met een president als staatshoofd.

Viering/Herdenking

De afschaffing van de slavernij op Mauritius wordt jaarlijk herdacht bij het International Slave Route Monument op het schiereiland Le Morne Brabant*, dat op 1 februari 2009 werd geopend en op de werelderfgoedlijst van UNESCO staat.

Le Morne Brabant, locatie van de jaarlijkse herdenking van de afschaffing van de slavernij (fotograaf onbekend)

Le Morne Brabant* is de naam van een schiereiland en een rotsformatie van 556 m hoogte in het zuidwesten van Mauritius.
In het begin van de 19e eeuw was het een toevluchtsoord voor gevluchte slaven.
Na de afschaffing van de slavernij op Mauritius op 1 februari 1835, reisde een politie-afvaardiging naar het schiereiland om de (ex-)slaven in te lichten. Helaas werd het doel van de expeditie verkeerd begrepen en een groot aantal van hen sprong van de rotsen af, hun dood tegemoet.

*Het “Brabant” in de naam komt van het VOC-schip Brabant dat hier op 29 december 1783 op de klippen liep.

Uitbeelding van een slaaf die zijn ketenen verbroken heeft (fotograaf onbekend)

Het International Slave Route Monument bestaat uit een park met kunstuitingen die de slavernij op verschillende wijzen uitbeelden.

Een ander kunstwerk toont twee handen die vertwijfeld de lucht insteken (fotograaf onbekend)

De archipel

Op deze kaart is goed te zien hoe ver de verschillende eilanden uit elkaar liggen (© Yashveer Poonit / publiek domein)

De eilandstaat Mauritius bestaat naast het hoofdeiland Mauritius uit de eilanden Rodrigues (560 km oostelijker), Agaléga (1.050 km noordelijker) en St. Brandon (een verzameling eilandjes, zandbanken en riffen (430 km noordoostelijker). Deze verzameling eilandjes staat ook bekend onder de naam Cargados Carajos.

Het eiland Agaléga vanuit de lucht (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van Mauritius (1968-heden)

De vlag van Mauritius werd geïntroduceerd op 12 maart 1968, toen Mauritius een onafhankelijke republiek werd.
Het is een horizontale vierkleur in rood, donkerblauw, geel en groen.

Gurudutt Moher (1924-2017), ontwerper van de vlag van Mauritius? Of toch niet? (fotograaf onbekend)

Algemeen wordt aangenomen dat Gurudutt Moher, een onderwijzer aan de Maheswarnath Regeringsschool in Triolet, de vlag ontwierp.
Maar daar is niet iedereen van overtuigd: volgens Soonanda Toolsee-Bhungee zou de vlag zijn ontworpen door twee leerlingen van Gurudutt Moher, namelijk Sakurdutt Toolsee (haar vader) en een zekere Shyamsundur.
Volgens haar zou haar vader destijds ook een officieel document hebben ontvangen als dank voor het ontwerp.
Helaas lijkt het document verloren te zijn gegaan, waardoor haar verhaal niet bewezen kan worden.

De vier kleuren hebben zowel een symbolische als politieke betekenis, Rood vertegenwoordigt de strijd voor vrijheid en onafhankelijkheid, blauw staat voor de Indische Oceaan, waarin Mauritius gelegen is, geel vertegenwoordigt het licht van de vrijheid dat over het eiland schijnt en groen symboliseert de landbouw van Mauritius en tevens de overheersende kleur gedurende de twaalf maanden van het jaar.

De kleuren weerspiegelen tevens de politieke situatie zoals die in 1968 bestond en staan voor politieke partijen: rood voor de Parti Travailliste, (een sociaal-democratische partij), blauw voor de PMSD (een conservatieve partij), geel voor de IFB (socialistisch en Indo-Mauritiaans) en groen voor de CAM, (een islamistische partij).

De vlag staat bekend onder twee namen (Engels en Frans): Four Bands and Les Quatre Bandes.

Zeeland – Watersnoodramp (1953)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Vandaag is het 73 jaar geleden dat Zuidwest-Nederland door een zware noordwesterstorm, in combinatie met springtij, deels overstroomde. Daarbij vielen in totaal 1836 doden.

Iconische foto van Henk Blansjaar (1910-1981) gemaakt tijdens een van de vele evacuaties uit het rampgebied (© Henk Blansjaar / Spaarnestad)

De zware storm stak op 31 januari de kop op. Een ‘voorproefje’ van de ellende die het zou veroorzaken, was het vergaan van de MV Princess Victoria, een roll-on/roll-off-veerboot die een dienst onderhield tussen Stranraer (Schotland) en Larne (Noord-Ierland), waarbij 133 van de 177 passagiers verdronken.

Weerkaart van 1 februari 00.00 uur (© KNMI)

In de nacht naar 1 februari had de diepe depressie de Noordzee bereikt, waarbij de windrichting de stormvloed (verhoogd door springtij) het water hoog opstuwde. Steeds hoger naarmate de zuidelijke trechtervorm van de Noordzee bereikt werd, bij een gemiddelde windkracht van 10 Beaufort.
Met ruim 4 meter boven NAP overstroomden in de vroege ochtend verschillende gebieden in het zuidwestelijke deltagebied.

Het Keizersbolwerk in Vlissingen met het standbeeld van admiraal Michiel de Ruyter op 31 januari 1953 (foto: Charles Dert)

Vrijwel geheel Goeree-Overflakee en Schouwen-Duiveland liepen onder water, net als delen van Voorne-Putten en de zuidelijke oever van het Hollands Diep, inclusief de Biesbosch.

Kaart behorend bij het boek “De Ramp’, het officiële herdenkingsboek uit 1953 met in donkergroen de overstroomde gebieden

Daarnaast een groot deel van Tholen, geheel Sint Philipsland en grote delen van oostelijk Zuid-Beveland. Vanuit het Veerse Meer liep een deel van Noord-Beveland onder.

Evacués uit Tholen met hun huisdier in de trein (foto: Hans Akkersdijk)

Walcheren kwam er nog enigszins genadig af, net als Zeeuws-Vlaanderen, hoewel daar ook veel schade was. Ook de binnenstad van Vlissingen liep onder.

Molen “De Zwaan” uit 1886 bij Moriaanshoofd/Kerkwerve op het ondergelopen Schouwen-Duiveland (Archief Gemeente Schouwen-Duiveland)

In België liep Oostende onderwater en braken de dijken op 37 plaatsen, het aantal slachtoffers bleef beperkt tot 28. In Engeland werd zo’n 16 km aan kust verwoest en liepen delen van Norfolk, Sussex, Essex en Kent onder waarbij 307 slachtoffers vielen, waarvan 224 op zee.

“Hoogteligging van Nederland – voor zover lager dan 5 m + NAP”, kaart uit de jaren vijftig van de vorige eeuw (Topografische en Hydrografische Dienst)

Het zwaartepunt echter lag in Zuidwest-Nederland, waar in totaal 165.000 hectare land overstroomde en waarbij 1836 doden vielen, zo’n 100.000 mensen verloren huis en bezettingen. Vele tienduizenden dieren verdronken, zowel huisdieren als koeien, paarden, schapen en varkens.

Overzicht door Rijkswaterstaat van de Deltawerken

Het leidde uiteindelijk tot de aanleg van de Deltawerken, ter bescherming van het laaggelegen deltagebied met al zijn eilanden en schiereilanden. Dammen werden aangelegd: de Veerse Gatdam, Oesterdam, Zandkreekdam, Brouwersdam, Grevelingendam, Philipsdam. Hellegatsdam, Haringvlietdam, Volkerakdam en de water doorlatende Oosterscheldekering, alsmede de Maeslantkering en de Hollandsche IJsselkering.

Het Watersnoodmuseum bij Ouwerkerk op Schouwen-Duiveland, het is gevestigd in vier Phoenix caissons, die gebruikt werden om het laatste dijkgat te sluiten (fotograaf onbekend)

Herdenkingen

Zoals ieder jaar is er op deze dag een herdenking ter nagedachtenis aan alle slachtoffers bij het Nationaal Monument Watersnoodramp in Ouwerkerk (Schouwen-Duiveland), gelegen naast het Watersnoodmuseum.

De vlag

Vlag van Zeeland (1949-heden)

In een besluit van Gedeputeerde Staten wordt de Zeeuwse vlag als volgt omschreven: Een blauwe vlag, waarover drie gegolfde witte banen, ieder van een zevende der vlaggenhoogte en over alles heen in het midden, als hartschild, het gekroonde wapen van Zeeland.

Net als bij de meeste provincievlaggen, werd de Zeeuwse vlag pas na de Tweede Wereldoorlog officieel vastgesteld. Toch gaan vroege versies van de vlag wel degelijk ver terug en dat heeft eigenlijk alles te maken met het wapen.

Links: Titelblad van Le champion des dames (1451), Armoiries et devises de Philippe le Bon / Rechts: Detail van he titelblad met het wapen van Zeeland (Conte de Zellande) (publiek domein)

Reeds in 1451 komt het wapen voor op het titelblad van Le champion des dames. Op een afbeelding in dit boek zien we Hertog Filips de Goede omringd door de wapens van 16 gewesten.
Later, zowel vóór, tijdens als na de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648), komt het wapen ook voor op vlaggen met de Nederlandse driekleur (waarbij het rood dan soms nog oranje is).
Ook werd het wapen wel afgebeeld als vlag, waarbij het vaak het hele doek dus in beslag nam.

Links: Afbeelding van de Zeeuwse vlag, detail op het wandkleed van de Slag bij Rammekens (11-14 juni 1572), in bezit van het Zeeuws Museum te Middelburg (foto: Vlagblog) / Rechts: Een afbeelding van de Zeeuwse vlag op het rood-wit-blauw van de Nederlandse vlag, detail van “Schouw-park aller Scheept-Vlaggen des gehele water-werelds’, door Peter Schenk (1711)

De wapenspreuk Luctor et emergo (Ik worstel en kom boven) stamt uit de Tachtigjarige Oorlog. Hij wordt nu vaak gelinkt aan de strijd tegen het water, maar stond destijds symbool voor de strijd tegen de Spaanse Koning Filips II.

Het duurde uiteindelijk tot 14 januari 1949 voordat de Zeeuwse vlag officieel werd vastgesteld. De ontwerper was de Zeeuwse gedeputeerde Tjalling Schorer. Het wapen werd door hem in het midden van de vlag geplaatst.

Links: Compleet wapen van Zeeland (officieel vastgesteld op 4 december 1948), mét schildhouders en wapenspreuk / Rechts: Jonkheer mr. Tjalling Schorer (1909-1988), ontwerper van de Zeeuwse vlag (publiek domein)

En hoewel het wapen drie blauwe banen toont, kreeg de vlag er vier, zodat zowel boven- als onderkant blauw zijn, wat optisch beter werkt.

Inmiddels is de Zeeuwse vlag niet meer weg te denken, ze is uitermate populair en is dan ook op heel veel plaatsen in de provincie te zien, zowel zakelijk, toeristisch als particulier.

Nauru – Independence Day / Onafhankelijkheidsdag (1968)

Nauru is een eilandstaat in de Grote Oceaan en is met een oppervlakte van 21 km² een van de kleinste landen ter wereld (ter vergelijking: Waddeneiland Schiermonnikoog is met 40.5 km² een keer zo groot).

Kaart van Oceanië, Nauru zien hier iets links van het midden onder Micronesia (© freeworldmaps.net)

Slechts twee landen zijn nog kleiner dan Nauru: Monaco en Vaticaanstad.
Het ligt zo’n 56 km ten zuiden van de evenaar.

Kaart van Nauru (© Tschubby / publiek domein)

Het eiland werd relatief laat ‘ontdekt’ door de Britse zee- en walvisvaarder John Fearn, op 8 november 1798, hij noemde het eiland Pleasant Island.*
De bevolking op het afgelegen eiland bestond uit Polynesiërs en Melanesiërs.
In tegenstelling tot de meeste eilanden in de Grote Oceaan werd Nauru hierna niet gekoloniseerd. De dagelijkse leiding was in handen van de verschillende stamhoofden, van wie er één als leider fungeerde.

*Hoewel het een sympathieke naam is, beklijfde deze benaming niet en bleef de inheemse naam Nauru in gebruik

Kapitein John Fearn (±1768-?), de Britse ontdekker van Nauru (fantasieportret), met links zijn schip de Snow Hunter, op een herdenkingspostzegel uit 1998

Duits, Japans en Australisch bestuur

Toch kon ook Nauru uiteindelijk niet aan kolonisatie ontkomen en wel door Duitsland, dat zich pas na de Duitse unificatie van 1871 ging inlaten met het zich toe-eigenen van gebieden in Afrika en de Grote Oceaan.

Kaart uit 1920 van de Duitse bezittingen in de Grote Oceaan, waarvan het noordoostelijke deel van Nieuw-Guinea (Kaiser Wilhelmsland geheten) het grootste gebiedsdeel was, Nauru is als ‘los’ eiland moeilijk op de kaart terug te vinden, maar het ligt net onder de letter N van STILLER OZEAN) (© Verlag von Quelle & Meyer, Leipzig / ub.bildarchiv-dkg.un-frankfurt.de)

In 1884 werd de kolonie Duits-Nieuw-Guinea een feit, dat toen nog bestond uit het noordoostelijke deel van het eiland Nieuw-Guinea, inclusief de Bismarck-archipel (New Britain, New Ireland en verschillende kleinere eilanden), ten noorden van Nieuw-Guinea.
De noordelijke Salomonseilanden werden in 1885 tot Duits protectoraat verklaard.
Het gebied werd steeds verder uitgebreid: zo werden in 1899 de Carolinen, Palau en de Marianen (behalve Guam) van Spanje gekocht.
In 1906 annexeerde Duits-Nieuw-Guinea het (sinds 1888) afzonderlijke Duitse protectoraat van de Marshalleilanden, waartoe ook Nauru behoorde.

Koning Aweida (± 1850-1821), in het midden van een groep landgenoten op 3 oktober 1888, op de dag dat Nauru een Duits protectoraat werd, poserend voor de vlag van het Rijkskoloniaal Ministerie, de zwart-wit-rode vlag van het Duitse Keizerrijk met de Duitse adelaar in het midden (publiek domein)

Duitsland liet het systeem van stamhoofden met één prominente leider intact. Die leider was op dat moment Aweida, die vanaf 1906 de titel ‘koning van Nauru’ gebruikte.
Aweida was als leider aangetreden rond circa 1875.

Koning Aweida in 1916 met aan zijn zijde de koninklijke pandanus (schroefpalmfruit) drager (foto van Thomas John McMahon (1864-1933 / Collectie National Archives of Australia / publiek domein)

Na de voor Duitsland desastreus verlopen Eerste Wereldoorlog (1914-1918) verloor Duitsland zijn kolonies. Vanaf 1920 werd het eiland beheerd door Australië.
Kort daarna overleed koning Aweida, waarna de monarchie werd afgeschaft.

Amerikaans bombardement op het door Japan bezette Nauru door Liberator bommenwerpers van de Seventh Air Force, 1943 (© Collectie Library of Congress – catalog number: 55-60002 / publiek domein)

Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd Nauru door Japan bezet, van 26 augustus 1942 tot 13 september 1945. Vanaf die tijd nam Australië het bestuur weer over.
In 1947 werd een overeenkomst gesloten met de Verenigde Naties waarin werd bepaald dat Nauru in 1968 zelfstandig zou worden, tot die tijd zou de soevereiniteit rouleren tussen Australië, Nieuw-Zeeland en het Verenigd Koninkrijk. In de praktijk kwam daar niets van terecht en bleef Australië Nauru’s zaken beheren tot het eiland op 31 januari 1968 een onafhankelijk eilandstaat werd, vandaag 57 jaar geleden.

Fosfaat

Normaliter zou zo’n klein eiland als staat nauwelijks bestaansrecht hebben, ware het niet dat vanaf het begin van de twintigste eeuw werd begonnen met het ontginnen van fosfaten op het eiland.
Dit bleek dermate lucratief dat het industrieel werd aangepakt, het zorgde ervoor dat Nauru zeer welvarend werd.
Vrijwel het hele binnenland van Nauru had fosfaatafzettingen en die werden in dagbouw ontgonnen.
Maar gezien de grootte van het eiland kon dit niet eeuwig duren: in de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw bleek het einde in zicht, de voorraad raakte uitgeput en de resterende reserves waren economisch niet rendabel voor winning.

Het grootste deel van het binnenland van Nauru is veranderd in een troosteloos landschap (fotograaf onbekend)

Het binnenland van Nauru is door deze jarenlange ontginning inmiddels in een maanlandschap veranderd, waardoor alleen de kuststrook bewoond wordt.
Een trust, opgericht om de verzamelde mijnbouwrijkdommen van het eiland te beheren, voor het moment dat de reserves uitgeput zouden raken, daalde in waarde. Om toch inkomsten te genereren, werd Nauru korte tijd een belastingparadijs en een illegaal witwas-centrum.

Nauru vanuit de lucht: het binnenland is een doodse woestenij geworden (screenshot)

Maar liefst 23% van de bevolking (van in totaal ruim 12.000 inwoners) is werkloos (in Nederland is dat cijfer 3,6%). 95% van de mensen die wél een baan hebben, werkt voor de overheid.

Vrijwel alle Nauranen wonen in de kuststrook (screenshot)

Asielzoekerscentrum

Wat ook geld in het laatje brengt is een door Australië opgezet en uitgebaat peperduur asielzoekerscentrum, dat enige jaren gesloten is geweest, maar in 2012 weer werd heropend.
Nauru krijgt in ruil van Australië een bedrag van 1,7 miljard Australische dollar (ruim 1 miljard euro), wat in 2012 in een vermeerdering van het Nauruaanse BNP met een factor 450 resulteerde.
Nauru is het land dat het hoogste aantal asielprocedures afhandelt voor een ander land.

Het overvolle interieur van het asielzoekerscentrum op Nauru (screenshot)

Er is internationaal kritiek op deze constructie vanwege de slechte omstandigheden in het centrum en omdat Australië hiermee haar verantwoordelijkheid zou afschuiven, de asielzoekers in eigen land op te vangen. Ook in het Australische parlement heeft dit tot hoogoplopende discussies geleid.
Een delegatie van Amnesty International die het kamp in 2012 bezocht, beschreef het als een ramp voor de mensenrechten.

Arenibek ligt aan de Buada Lagoon (© foto Lorrie Graham / publiek domein)

Bijna iedereen op Nauru woont in de kuststrook van het ovaalvormige eiland, op Arenibek na, dat als een groene oase in het afgegraven fosfaatlandschap ligt.

Het parlementsgebouw van Nauru met vlag en staatswapen (fotograaf onbekend)

Nauru heeft geen hoofdstad, maar het parlement is te vinden in het district Yaren, in het zuiden van het eiland, bij het internationale vliegveld.

Nauru International Airport, links van de start- en landingsbaan bevinden zich de overheidsgebouwen (© Cedric Favero / publiek domein)

Nauru heeft een éénkamer-parlement met 19 parlementsleden, waarvan er één fungeert als president en regeringsleider tegelijk. Die functie wordt sinds 30 oktober 2023 uitgeoefend door David Adeang, wiens vader Kennan Adeang maar liefst drie termijnen als president volmaakte.
Adean junior is de 17e president van de eilandstaat.

President en regeringsleider van Nauru, David Adeang (1969), poseert hier met de vlag (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van Nauru (1968-heden)

De vlag van Nauru werd ingevoerd bij het verkrijgen van de onafhankelijkheid op 31 januari 1968.
De vlag heeft een koningsblauw veld met een gele (of gouden) streep in het midden en een witte ster met twaalf punten aan de broekingszijde onder de streep.

Debuut van de vlag op Nauru’s onafhankelijkheidsdag, 31 januari 1968, op de foto vertegenwoordigers van de drie trustee-landen van Nauru – v.l.n.r: D. J. Carter (een Nieuw-Zeelandse parlementaire ondersecretaris), Charles Barnes (Australische minister van Territoria) en Charles Johnson (Verenigd Koninkrijk) en Hammer DeRoburt (1922-1992), eerste president van het nieuwe onafhankelijke Nauru (fotograaf onbekend)

De vlag was het resultaat van een ontwerpwedstrijd. De naam van de ontwerper zelf is vooralsnog niet terug te vinden, het enige dat we weten is dat het ging om een inwoner van Nauru die werkte voor de Australische vlaggenfabrikant Evans.
Het winnende ontwerp symboliseert de locatie van Nauru in de Stille Oceaan ten opzichte van de evenaar, slechts één graad bezuiden de denkbeeldige lijn.

De heren nogmaals en in kleur (fotograaf onbekend)

Het blauw staat voor de Stille Oceaan, de gele streep voor de evenaar en de witte ster voor Nauru zelf. Het wit werd gekozen vanwege de (toen nog) rijke fosfaatafzettingen op het eiland.
De twaalf punten van de ster symboliseren de traditionele twaalf stammen: Deiboe, Eamwidara, Eamwit, Eamwitmwit, Eano, Eaoru, Emangum, Emea, Irutsi, Iruwa, Iwi en Ranibok.

De weg langs het vliegveld met een woud aan Nauru-vlaggen, met eronder afbeeldingen van de landenvlaggen van de mede-Oceaniërs (screenshot)

Saksen-Anhalt – Einführung Flagge / Invoering vlag (1991)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 3:

De vlag van de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt (Sachsen-Anhalt in het Duits) werd officieel ingevoerd op 30 januari 1991.

Links: Locatie van Saksen-Anhalt in Duitsland / Rechts: Kaart van Saksen-Anhalt met districtsverdeling

Na de Tweede Wereldoorlog werd de voormalige Pruisische provincie Saksen door het toenmalige Sovjet-bestuur samengevoegd met het land Anhalt tot de nieuwe provincie Saksen-Anhalt.
Twee jaar later, op 12 juli 1947, werd dit het land Saksen-Anhalt.
Vanaf 1949, bij de vorming van West- en Oost-Duitsland, werd Saksen-Anhalt officieel onderdeel van Oost-Duitsland (de Duitse Democratische Republiek/DDR).
Op 25 juli 1952 werd het land Saksen-Anhalt opgeheven en opgedeeld in de districten Halle en Maagdenburg.
Na de hereniging van Duitsland in 1990 werd Saksen-Anhalt weer in ere hersteld, nu als deelstaat, met Maagdenburg als hoofdstad.

De vlag

Vlag van Saksen-Anhalt (1991-heden)

De vlag van Saksen-Anhalt is een horizontale tweekleur in geel en zwart, in het midden het wapen van de deelstaat.

Maagdenburg, hoofdstad van Saksen-Anhalt, gelegen aan de Elbe, met op de voorgrand de uit 1848 daterende Hubbrücke en daarachter de Dom van Maagdenburg (© Vlagblog, 2019)

Bij de vorming van het land Saksen-Anhalt werd ook de vlag vastgesteld, zijnde een zwart-gele tweekleur (dus precies het omgekeerde van de huidige vlag). De kleuren kwamen van de voormalige Pruisische provincie Saksen (1884-1935).
Ideaal was dit niet, want de West-Duitse deelstaat Baden-Württemberg had (en heeft nog steeds) eenzelfde vlag.
Deze situatie heeft niet zo lang geduurd, daar het land in 1952 door de DDR werd afgeschaft.

De in de binnenstad van Maagdenburg gelegen Grüne Zitadelle van Friedensreich Hundertwasser uit 2005 (© Vlagblog 2019)

Na de val van de Berlijnse Muur (1989), de hereniging van Duitsland (1990) en de herintrede van Saksen-Anhalt als deelstaat, kwam het oude Baden-Württembergse probleem echter weer om de hoek kijken.
In 1990 werd er toen een officieuze vlag gebruikt, waarbij de banen werden gekanteld, waardoor er een verticale tweekleur ontstond, met in het midden het wapen van Saksen-Anhalt dat tussen 1948 en 1952 werd gebruikt.
De vlag werd geïntroduceerd bij de festiviteiten van de hereniging op 3 oktober 1990. Het lijkt er niet op dat de vlag daarna nog vaak is gezien.

Officieuze vlag van Saksen-Anhalt van oktober 1990

De wet waarin de nieuwe staatssymbolen werden vastgesteld werd goedgekeurd op 20 december 1990 en ging officieel in op 30 januari 1991, vandaag 31 jaar geleden.
Bij aanname van de nieuwe Grondwet op 16 juli 1992 werd de vlag in Artikel 1 vastgelegd: opnieuw een horizontale tweekleur maar nu in geel-zwart en wel in twee variaties: één met wapen (voor de deelstaatsoverheid) en één zonder, voor de burgerij.
In de praktijk bleek de verwisseling van Saksen-Anhalt met Baden-Württemberg echter niet uit te roeien, zodat op 27 april 2017 uiteindelijk gekozen werd voor alléén de vlag met wapen, zodat dit probleem was opgelost.

Wapen

Wapen van Saksen-Anhalt

Dat brengt ons bij het wapen. Het is horizontaal in tweeën gedeeld. Bovenin is het opnieuw gedeeld in 5 afwisselende gele (gouden) en zwarte balken. Diagonaal hier overheen een zogenaamde ruitkrans in groen. Rechts boven in de hoek een wit (zilveren) schild, waarop een adelaar in zwart met gele snavel en poten en rode tong.
Onderin: tegen een witte (zilveren) achtergrond is een gaande beer in zwart, bovenop een rode gekanteelde muur met zwarte voegen, in het midden een open poort.

Links:Wapen van Saksen / Rechts: Wapen van Anhalt

Zoals op bovenstaande illustraties te zien is, zijn de twee delen afkomstig van de wapens van Saksen en Anhalt.

Links: Het oorspronkelijke wapen van Saksen / Midden: Het wapen van Pruisen: de adelaar / Rechts: Vroege versie van het wapen van Anhalt

Het Saksische wapen valt ook weer in tweeën te splitsen: het schild met de strepen is het oorspronkelijke wapen van de provincie Saksen, waarbij vanaf de bovenkant eerst een zwarte balk is te zien, tegen een gele nu.
De adelaar is afkomstig van het koninkrijk (later vrijstaat en deelstaat) Pruisen waar de provincie Saksen deel van uitmaakte.
Het wapen van Anhalt is eigenlijk ongewijzigd gebleven, maar wel gestileerd.

Duitse postzegel van 100 Pfennig met het wapen van Saksen-Anhalt, uit de serie Wappen der Bundesländer uit 1994, een ontwerp van Ernst en Lorli Jünger (© Deutsche Bundespost)

Het wapen van Saksen-Anhalt is het enige Duitse deelstaatwapen waarin nog een Pruisisch symbool voorkomt.
Omdat het Saksisch-Anhaltse wapen, op de vlag na, alleen door de overheden van de deelstaat gebruikt mag worden is er in 1994 een vrij te gebruiken versie ontworpen.

Vrij te gebruiken logo-versie van het wapen van Saksen-Anhalt (1994-heden)


Wat hangt daar toch?