Sluiting Paralympische Winterspelen 2026

Drie vlaggen vandaag. Vlag 3:

Vandaag is de sluitingsceremonie van de Paralympische Winterspelen 2026 die gehouden werden in Milaan en Cortina d’Ampezzo.

Met zeven medailles (drie keer goud, drie keer zilver en één keer brons) eindigde Nederland op de negende plaats in het eindklassement. Het is daarmee de beste prestatie ooit op de Paralympische Winterspelen.
Zitskiër Jeroen Kampschreur veroverde maar liefst drie gouden medailles.

Jeroen Kampschreur op weg naar zijn derde gouden medaille, eerder vandaag (screenshot)

Op de eerste drie plaatsen eindigden China, de Verenigde Staten en Rusland.
De sluitingsceremonie is vanavond in het Stadio Olimpico del Ghiaccio in Cortina d’Ampezzo.

Vlag Paralympische Spelen (2004/2019-heden)

Vlag Paralympische Spelen (2019-heden)

De Paralympische vlag is wit met daarop drie zogenaamde agitos in de kleuren rood, blauw en groen. De agitos zijn asymmetrische sikkelvormige symbolen (het woord zelf betekent “ik beweeg” in het Latijn).

De vlag is relatief nieuw en stamt uit 2019. Het is echter een aangepaste versie van een logo/vlag ontworpen in april 2003 door het Duitse reclamebedrijf Scholz & Friends, maar toen met donkerder tinten voor de agitos.

Vlag Paralympische Spelen (2004-2019)

Het werd als logo op kleine schaal geïntroduceerd voorafgaand aan de Paralympische Zomerspelen van 2004 in Athene.
Bij de sluitingsceremonie op 28 september echter werd de nieuwe vlag met dit symbool onthuld bij het aanbieden aan de volgende gaststad voor 2008: Beijing. De vlag werd echter voor het eerst gebruikt tijdens de Paralympische Winterspelen van 2006 in Turijn (Italië).

Pa en T’aeguk-vlaggen (1988-2004)

De agitos-vlag verving twee eerdere Paralympische vlaggen, die beide uit Zuid-Korea stammen.
De eerste versie deed zijn intrede bij de Paralympische Zomerspelen van 1988.

Debuut van de eerste Paralympische vlagbij de openingsceremonie van de Zomerspelen, op 15 oktober 1988 (© Don Worley)

Deze vlag was wit met daarop vijf Koreaanse pa-symbolen: drie boven (blauw, zwart en rood) en twee onder (geel en groen).
Twee van deze pa-symbolen boven elkaar geplaatst (waarbij de bovenste omgedraaid wordt) vormen het T’aeguk-symbool, dat ook prominent op de Zuid-Koreaanse vlag staat (wij kennen het beter als yin en yang).

Links: Vlag van Zuid-Korea / Rechts: Yin en yang-symbool

In 1990 echter oordeelde het IOC dat de vlag met de vijf pa gewijzigd diende te worden: ze leek teveel op de Olympische vlag, aldus het bezwaar.
Het IPC knutselde de pa vervolgens deels over elkaar heen en plaatste ze in een cirkel. In november 1991 werd dit ontwerp door IPC-leden van tafel geveegd. Men wilde de vlag houden zoals ze was.

Links: Vlag van de Paralympische Spelen met vijf ‘pa’ (1988-1992) / Rechts: Vlag van de Paralympische Spelen met drie ‘pa’ (1992-2004)

Als door een adder gebeten, reageerde het IOC dat het verdere samenwerking met het IPC zou opschorten, als de vlag niet gewijzigd werd.
Het IPC koos toen eieren voor z’n geld en kleedde de vlag in maart 1992 enigszins uit door de gele en de zwarte pa te verwijderen, zodat er drie overbleven: groen boven, rood en blauw onder.
Aangezien de voorbereidingen voor de Paralympische Winterspelen van 1994 in Lillehammer, Noorwegen toen al vergevorderd waren, waarbij de versie met de vijf pa al in het marketing-programma was opgenomen, werd de vijf pa-versie nog even getolereerd, maar bij de sluitingsceremonie werd de drie pa-versie voor het eerst geïntroduceerd.

Links: Twee Noorse postzegels uit 1994, waar het Paralympische logo met de vijf ‘pa’ nog op staat, hoewel het achter de schermen al was aangepast, postzegelontwerp: Bruno Oldani / Rechts: Australische postzegel uit 2008 met het portret van succesvol Paralympisch zwemmer (tegenwoordig parlementslid) Matthew Cowdrey (1988) met het eerste (donkere) ‘agitos’-logo, postzegelontwerp: Simone Sakinofsky

Het was deze versie die te zien was bij de Paralympische Zomerspelen van 2004 in Athene, Griekenland. Achter de schermen was ze toen echter al vervangen door de agitos-vlag, toen nog in de versie met donkerder kleuren. In 2019 werd deze dus uiteindelijk vervangen door de versie die we nu kennen, met de agitos in heldere kleuren.

Het Paralympische symbool, de ‘agitos’, prominent in beeld bij de Tower Bridge tijdens de Zomerspelen in Londen op 10 september 2012 (© Berit, Redhill, Surrey)

Maine – Statehood / Toetreding als Staat (1820)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 2:

Op 15 maart 1820 werd Maine toegelaten tot de Unie van de Verenigde Staten van Amerika als 23e staat. Tot die tijd was Maine een onderdeel van Massachusetts. De inwoners van Maine waren echter niet erg tevreden met de mate van bescherming vanuit Massachusetts gedurende de tweede oorlog met Groot-Brittannië in 1812, the War of 1812.
Verder waren de Mainers over het algemeen veel liberaler dan de Massachusettsans en dus werd de stap gewaagd en werd statehood aangevraagd.

Kaart van Maine (© freeworldmaps.net)

De Verenigde Staten voerden in die tijd een precair toelatingsbeleid uit, waarbij nauwlettend het evenwicht tussen slave states en free states in de gaten werd gehouden. Een gebied wat zich aanmeldde voor de Unie moest van tevoren hierin een keus maken. Verder moest een gebied tenminste 60.000 inwoners hebben.
Nadat Alabama tot de Unie was toegetreden in 1819 was er weer een evenwicht in slavenstaten en vrije staten. Toen het Congres de toelating van slave state Missouri in 1820 goedkeurde, moest dat evenwicht direct hersteld worden met een free state en dat werd Maine.

De vlag

1024px-Flag_of_Maine.svg.png
Vlag van Maine (1909-heden)

De vlag van Maine is er een uit de serie statenvlaggen met staatswapen of -zegel erop en werd ingevoerd op 23 februari 1909, waarmee de eerste vlag uit 1901 werd vervangen.

Van dit soort statenvlaggen zijn er maar liefst dertig.
Eenentwintig vlaggen met staatszegel (meer dan de helft van de staten dus) hebben een donkerblauw veld, zoals Maine.
Amerikaanse vlaggenkundigen noemt dit soort vlaggen schertsend SOB’s (Seal On a Bedsheet / Zegel op een een bedlaken).
Een wettelijke beschrijving van de vlag bestaat niet en daarom is de afbeelding van het wapen, hoewel in de basis overal hetzelfde, toch enigszins variabel qua uitvoering.

Het staatswapen van Maine

Het schild in het midden heeft een zwierige rococo-rand. De afbeelding op het schild is een naturalistische voorstelling van een dennenboom (afkomstig van de eerste vlag) met een in de schaduw van de boom rustende eland. Een bos vormt de achtergrond. Er zijn twee menselijke schildhouders: een boer met een zeis aan de broekingszijde en een zeeman met een anker aan de vluchtzijde.

Boven het schild is de Poolster afgebeeld in een vijfhoekige stralenkrans. Tussen schild en stralenkrans is een rode banderol te zien met de tekst Dirigo (Ik leid), het staatsmotto.
Een tweede banderol, ditmaal in lichtblauw, is onder het schild geplaatst, met hierop in kapitale witte letters Maine.

Algemeen wordt aangenomen dat het globale ontwerp van parlementslid Benjamin Vaughn (1751-1835) is, terwijl de uitwerking ervan van de hand van Bertha Smouse (?-1839) is.

Originele schets voor Maine’s staatswapen en -zegel, ±1820 (© publiek domein)

De vlag is niet bijster populair, maar wetsvoorstellen in 1991, 1997 en 2025 om de vlag te vervangen door de originele uit 1901 haalden het niet.

In 2001 onderzocht de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Maine op de niet bijster hoge 60e plaats.

Origineel exemplaar van de eerste vlag van Maine (1901-1909), nu in een particuliere collectie (© publiek domein)

Ze kwam al een aantal malen ter sprake: de eerste vlag van Maine: ze was in gebruik tussen 21 maart 1901 en 23 februari 1909 en was vaalgeel met een dennenboom en een blauwe ster bovenin de broekingszijde.
Smaken verschillen natuurlijk, maar in een statenverbond met veel vlaggen die nogal op elkaar lijken, is dit ontegenzeggelijk een opvallender vlag, dankzij de eenvoud en de kleur.
Dus wie weet, ooit…?

Hongarije – Nemzeti Ünnep / Nationale Feestdag (1848)

Drie vlaggen vandaag (+ 1 extra). Vlaggen 1a en 1b:

Het is wat verwarrend dat Hongarije twee dagen kent die beide worden aangeduid als Nemzeti Ünnep (Nationale Feestdag), ze hebben namelijk totaal andere achtergronden. De feestdag met dezelfde naam op 23 oktober herdenkt namelijk de Hongaarse Opstand van 1956.

Kaart van Hongarije (© freeworldmaps.net)

De Nationale Feestdag van vandaag, 15 maart, herdenkt de Hongaarse Revolutie van 1848, die doorliep tot in 1849. De revolutie begon in Pest en Boeda en leidde tot een onafhankelijkheidsstrijd tegen het heersende Keizerrijk Oostenrijk.

Affiche voor de Nationale Feestdag van 15 maart

Het is een dag met speeches, muziekuitvoeringen en veel mensen dragen een kokarde in de nationale kleuren rood wit en groen.

De vlag

De vlag van Hongarije is een driekleur van horizontale banen in rood, wit en groen, afkomstig uit het staatswapen. Als zodanig is de vlag sinds 1848 in gebruik.

De vlag van Hongarije zonder en met wapen (1848-heden)

De vlag wordt zowel met als zonder het Hongaarse wapen gebruikt. In de communistische tijd werd een sovjet-model wapen gebruikt met korenaren, een hamer en een rode ster (zie boven), maar na het herstel van de sovjet-macht in november 1956, werd dit symbool voortaan weggelaten.
Sinds 1990 is het oorspronkelijke wapen weer in gebruik, dat ondanks dat Hongarije een republiek is, nog steeds gekroond is met de Stefans-kroon.

Links: Het wapen van Hongarije / Rechts: De Donau ter hoogte van Visegrád (publiek domein)

Het wapen is in tweeën gedeeld:
-links: een schild met vier rode en vier zilveren balken, waarbij de zilveren balken staan voor de rivieren Donau, Tisza, Drau en Sava
-rechts: drie groene bergen, de Tátra, de Mátra en de Fátra, op de middelste top een kroon, daarboven een zogenaamd patriarchaal kruis in wit.

De Hongaarse Stefanskroon uit de 11e eeuw, te zien in het parlementsgebouw te Boedapest (© publiek domein)

Voor officieel gebruik heeft de Hongaarse vlag een maatvoering van 1:2, wat de vlag zeer langwerpig maakt. In het dagelijks gebruik zien we echter de gebruikelijker verhoudingen van 2:3. Die vlaggengrootte wordt overigens ook gebruikt voor de Hongaarse handelsvlag.

Zeeuws-Vlaanderen – Opening Westerscheldetunnel (2003)

Op 14 maart 2003 werd de Westerscheldetunnel geopend en daarmee is hij vandaag 23 jaar oud. Met zijn 6,6 km lengte is het de langste tunnel in Nederland. Na de opening verdween het Westerschelde-veer tussen Kruiningen en Perkpolder. Dat tussen Vlissingen en Breskens werd een fiets/voet-veer, fast ferry genaamd

Westbuis van de Westerscheldetunnel (© N.V. Westerscheldetunnel)

Zeeuws-Vlaanderen was eindelijk snel per auto te bereiken vanuit de rest van Zeeland, vandaar vandaag de vlag van dit deel van de provincie.

De Westerscheldetunnel (N62) op de kaart van Zeeland (© N.V. Westerscheldetunnel)

Uiteraard is dit vanuit het perspectief van ‘boven de Westerschelde’ geschreven: vanuit Zeeuws-Vlaanderen was nu plots de rest van Zeeland makkelijker te bereiken.

Dwarsdoorsnede van de Westerscheldetunnel, het diepste punt (van heel Nederland!) ligt onder de Pas van Terneuzen en ligt 60 m onder waterniveau (© N.V. Westerscheldetunnel)

Sinds 30 december 2024 is de tunnel tolvrij, behalve voor vrachtverkeer.

Scheur

In 2022 werd er in het laatste deel van de Oostbuis van de tunnel, richting Zuid-Beveland, een scheur van 30 meter ontdekt, in het midden waarvan een breuk zit. De scheur strekt zich uit over vijftien tunnelringen.

De breuk in de Oostbuis van de Westerscheldetunnel (© N.V. Westerscheldetunnel)

De reparatie wordt een complexe operatie en wordt uitgevoerd vanaf 11 januari 2027, waarbij de Oostbuis vier maanden lang niet gebruikt kan worden.
De Westbuis wordt in die maanden gebruikt voor zowel noord-zuid als zuid-noord verkeer, waarbij de rijrichting om-en-om wordt gewisseld, via een ‘blokrij’-systeem, waarbij er een reserveringssysteem komt om het verkeer letterlijk in goede banen te leiden.

De vlag

Vlag Zeeuws-Vlaanderen
Vlag van Zeeuws-Vlaanderen (2009-heden)

De Zeeuws-Vlaamse vlag bestaat sinds 2009. Dingeman de Koning uit Axel ontwierp hem volgens heraldische regels.

Schermafbeelding 2019-07-16 om 15.52.13
Dingeman de Koning, ontwerper van de vlag (screenshot)

De bovenste rode strepen komen uit wapen en vlag van Sluis, de onderste blauwe strepen uit die van Terneuzen en stellen de Noordzee, de Westerschelde en het Zwin voor.

zeeuws vlaanderen gemeenten
De vlaggen van Sluis (2003), Terneuzen (2003) en Hulst (1956)

De gele baan met Leeuw herinnert aan de vlag van Hulst en aan die van Vlaanderen, waarin ook een zwarte leeuw is afgebeeld. Zeeuws-Vlaanderen voelt zich verbonden met Nederland, en dat wordt uitgedrukt met de kleuren rood-wit-blauw. De verbondenheid met Vlaanderen komt terug door de kleuren zwart-geel-rood.

zeeuws vlaanderen landen
De vlaggen van Vlaanderen, Nederland en België

Dat juist symbolen van Sluis, Terneuzen en Hulst zijn gekozen, kwam niet alleen goed uit om die verbondenheid weer te geven, maar tevens omdat deze drie steden de naamgevers zijn van de huidige drie gemeentes waaruit Zeeuws-Vlaanderen bestaat.

In het oorspronkelijke ontwerp stond de Leeuw in het midden van de vlag, maar de Hoge Raad van Adel gaf als tip mee het dier iets meer naar de broekings- of mastzijde te plaatsen. Als het niet al te hard waait, is dit het vlaggedeelte wat als eerste zichtbaar is bij een zuchtje wind.

Het gedachtengoed van de vlag wordt bewaard en bewaakt door de Stichting De Zeeuws-Vlaamse vlag.

Zeeuws-Vlaanderen kaart
Kaart van Zeeuws-Vlaanderen

Mauritius – Independence Day / Onafhankelijkheidsdag (1968)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Locatie van Mauritius in de Indische Oceaan (publiek domein)

Het eiland Mauritius was onbewoond toen de Portugezen er in 1507 landden, ze noemden het Cirne (Zwaan). Het werd enige tijd gebruikt als tussenstop op reizen naar Zuidoost-Azië, maar ze vestigden zich er niet.

Kaart van Mauritius (© freeworldmaps.net)

In 1598 landde er een Nederlandse vloot onder bevel van vice-admiraal Wybrand van Warwijck. Onder zijn leiding werd er op beperkte schaal gekoloniseerd aan de oostkant van het eiland.
Het eiland werd omgedoopt tot Mauritius, naar Prins Maurits van Oranje, stadhouder en legeraanvoerder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Maurits van Nassau, prins van Oranje (1567-1625). legeraanvoerder en stadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waar Mauritius zijn naam aan te danken heeft, detail van een schilderij uit 1608 door Michiel van Mierevelt (1566-1641), uit de collectie van het Paleis van Versailles

Net als de Portugezen gebruikten de Nederlanders het eiland als tussenstop naar de Oost.
Vanaf 1638 werd door de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) de rietsuikerteelt geïntroduceerd en daarmee ook 300 slaven om op de plantages te werken.
Omdat Mauritius los van de Nederlanders onbewoond was, werden slaven uit Madagaskar gehaald.
In 1695 werd het eiland zwaar getroffen door een orkaan, waarna de VOC er geen heil meer in zag om opnieuw in het eiland te investeren.
In 1710 verkaste de VOC naar Kaap de Goede Hoop, aan de zuidpunt van het huidige Zuid-Afrika.

Konvooi van slaven in Afrika door een onbekende schilder, circa 1859, collectie Musée Quai Branly (publiek domein)

De Nederlanders werden opgevolgd door de Fransen in 1715, waarna het eiland voortaan als Île de France door het leven ging.
Vanaf 1721 vond er een herkolonisatie plaats en werden er nieuwe slaven naar het eiland gebracht, niet alleen vanuit Madagaskar, maar ook vanuit het Afrikaanse vasteland om de suikerrietplantages te bewerken.
Om een idee te krijgen van het bevolkingsaantal: in 1735 woonden er 838 mensen, waarvan er 648 slaaf waren,

In 1810 was er een nieuwe machtswisseling, toen de Britten het eiland op de Fransen veroverden, in eerste instantie om de Franse kaperij waarvan veel Britse schepen het slachtoffer waren, te doen stoppen.
Het eiland kreeg onder de Britten zijn oude naam Mauritius terug en werd een kroonkolonie.
Het aantal slaven was inmiddels gegroeid naar 63.821.
Bij de Vrede van Parijs van 1814 (na de val van Napoleon) werd het officieel ingelijfd bij het Verenigd Koninkrijk.
En hoewel het Britse parlement in 1807 de Abolition of Slave Trade Act (Afschaffing van de Slavenhandelswet) had aangenomen, was de praktijk weerbarstiger en werd de slavernij nog illegaal in stand gehouden tot 1 februari 1835.

Omdat het werk op de plantages evenwel toch moest doorgaan, rekruteerde het V.K. goedkope contractarbeiders uit Brits-Indië (nu India), Maleisië en China, om de slaven te vervangen.
Het verklaart de diverse samenstelling van de bevolking van Mauritius.

Fastforward naar 1968: Mauritius wordt onafhankelijk, maar wel als lid van het Gemenebest, waardoor Koningin Elizabeth het titulair staatshoofd bleef.
De laatste verandering dateert van 12 maart 1992: vanaf die datum is Mauritius een onafhankelijke parlementaire republiek met een president als staatshoofd.

De archipel

Op deze kaart is goed te zien hoe ver de verschillende eilanden uit elkaar liggen (© Yashveer Poonit / publiek domein)

De eilandstaat Mauritius bestaat naast het hoofdeiland Mauritius uit de eilanden Rodrigues (560 km oostelijker), Agaléga (1.050 km noordelijker) en St. Brandon (een verzameling eilandjes, zandbanken en riffen (430 km noordoostelijker). Deze verzameling eilandjes staat ook bekend onder de naam Cargados Carajos.

Het eiland Agaléga vanuit de lucht (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van Mauritius (1968-heden)

De vlag van Mauritius werd geïntroduceerd op 12 maart 1968, toen Mauritius een onafhankelijke republiek werd.
Het is een horizontale vierkleur in rood, donkerblauw, geel en groen.

Gurudutt Moher (1924-2017), ontwerper van de vlag van Mauritius? Of toch niet? (fotograaf onbekend)

Algemeen wordt aangenomen dat Gurudutt Moher, een onderwijzer aan de Maheswarnath Regeringsschool in Triolet, de vlag ontwierp.
Maar daar is niet iedereen van overtuigd: volgens Soonanda Toolsee-Bhungee zou de vlag zijn ontworpen door twee leerlingen van Gurudutt Moher, namelijk Sakurdutt Toolsee (haar vader) en een zekere Shyamsundur.
Volgens haar zou haar vader destijds ook een officieel document hebben ontvangen als dank voor het ontwerp.
Helaas lijkt het document verloren te zijn gegaan, waardoor haar verhaal niet bewezen kan worden.

De vier kleuren hebben zowel een symbolische als politieke betekenis, Rood vertegenwoordigt de strijd voor vrijheid en onafhankelijkheid, blauw staat voor de Indische Oceaan, waarin Mauritius gelegen is, geel vertegenwoordigt het licht van de vrijheid dat over het eiland schijnt en groen symboliseert de landbouw van Mauritius en tevens de overheersende kleur gedurende de twaalf maanden van het jaar.

De kleuren weerspiegelen tevens de politieke situatie zoals die in 1968 bestond en staan voor politieke partijen: rood voor de Parti Travailliste, (een sociaal-democratische partij), blauw voor de PMSD (een conservatieve partij), geel voor de IFB (socialistisch en Indo-Mauritiaans) en groen voor de CAM, (een islamistische partij).

De vlag staat bekend onder twee namen (Engels en Frans): Four Bands and Les Quatre Bandes.

Oekraïne – Чотири роки і три тижні війни / Vier jaar en drie weken oorlog

Twee vlaggen vandaag, Vlag 1:

Jetten in Oekraïne

Een week na het bezoek van de Nederlandse ministers van Defensie en Buitenlandse Zaken aan Oekraïne, kwam de onlangs aangetreden premier Jetten zijn belofte aan president Zelensky na om elkaar snel te ontmoeten.

Premier Rob Jetten na zijn aankomst in Kiev met president Zelensky (foto gedeeld door de president)

Afgelopen weekend reisde Jetten naar Kiev, waar president Zelensky hem ontving. Na een kenningsmakingsgesprek tussen de twee leiders, waarbij de president Jetten bedankte voor dit “belangrijke en symbolische bezoek aan Oekraïne”, vrijwel direct na zijn aantreden als hoofd van de nieuwe regering, werd er daarna samen met Jetten’s meegereisde delegatie met de president en zijn staf over verschillende hete hangijzers gesproken.

Premier en president spraken eerst afzonderlijk (foto gedeeld door de president)

“Nederland heeft ons vanaf het begin van deze oorlog op vele vlakken gesteund. Dit omvat defensiesteun en hulp aan onze energiesector. Vandaag hebben Rob en ik gesproken over energie en de voorbereidingen voor het volgende seizoen. Steun voor sancties tegen Rusland, evenals politieke steun voor Oekraïne. We waarderen vooral uw inzet voor justitie, om alle Russische oorlogsmisdadigers en Rusland zelf ter verantwoording te roepen voor deze volstrekt ongeprovoceerde agressieoorlog,” aldus de president.

President Zelensky en premier Jetten lopen naar de vergaderzaal (foto gedeeld door de president)

Zelensky informeerde de premier over de situatie op het slagveld en de aanhoudende Russische aanvallen. Jetten betuigde zijn medeleven met de slachtoffers van de Russische terroristische aanslagen en verzekerde dat Nederland Oekraïne actief zal blijven steunen op diverse gebieden.

Beide delegaties aan de vergadertafel (foto gedeeld door de president)

“We hebben de ambitie en de intentie om de drone-productie uit te breiden. We willen dit samen doen, dus met zowel Nederlandse als Oekraïense bedrijven. Zo kunnen we de productie in beide landen opvoeren om ervoor te zorgen dat we alle troepen op het slagveld zo snel mogelijk kunnen bevoorraden en de productie voor heel Europa kunnen verhogen”, aldus Jetten.

Premier Jetten met zijn team (foto gedeeld door de president)

Er werd ook gesproken over de uitdagingen die de oorlog in het Midden-Oosten en de Iraanse aanvallen op alle Golfstaten met zich meebrengen.
“De landen in de regio en de Verenigde Staten hebben zich tot Oekraïne gewend voor steun en wij zullen hen de nodige middelen verschaffen en bovenal onze expertise – de ervaring van ons leger – om zich te beschermen tegen Shaheds (aanvalsdrones van Iraanse makelij), kruisraketten, enzovoort.
Maar het is belangrijk dat dit voorbeeld van de Verenigde Staten en de Golfstaten die zich tot Oekraïne wenden, ook een impuls wordt voor Europa en onze andere partners, een impuls om te doen wat nodig is voor gedeelde veiligheid op ons continent,”
aldus de president.

President Zelensky en zijn staf (foto gedeeld door de president)

Zelensky roerde ook het onderwerp van financiële steun aan: “Net zoals sancties tegen Rusland nodig zijn, is het twintigste sanctiepakket noodzakelijk. We hopen van harte dat onze partners de blokkade kunnen opheffen. Ik ben Nederland ook dankbaar voor de steun aan de kwestie van een stabiele financiële zekerheidsgarantie voor Oekraïne, €90 miljard voor twee jaar”, benadrukte Volodymyr Zelensky.

President en premier gaven ook een persconferentie (foto gedeeld door de president)

Jetten voegde daaraan toe: “Het is voor Nederland glashelder dat de toekomst van Oekraïne in Europa ligt. Het land hoort bij de Europese familie en moet uiteindelijk lid worden van de EU. Het is belangrijk dat Oekraïne doorgaat met de hervormingen.
Daar hebben we het over gehad en ik ben onder de indruk van het werk dat de afgelopen jaren, ondanks de oorlog, al is verricht, inclusief de noodzakelijke hervormingen om EU-lid te worden”
.

Premier Jetten en president Zelensky legden ieder een krans bij de Muur van de Gevallenen (foto gedeeld door de president)

Tien doden bij aanval op flatgebouw in Charkov

Zeker tien mensen, onder wie een aantal kinderen, zijn omgekomen na een Russische luchtaanval op een flatgebouw in Charkov. Ook vielen er meerdere gewonden.

Gouverneur Oleg Synegubov van de oblast Charkov tijdens een tv-interview naar aanleiding van de raketinslag, de vlag rechts is die van de oblast Charkov, in gebruik sinds 1999 (screenshot)

Gouverneur van de oblast Charkov, Oleg Synegubov, zei dat een raket zaterdagochtend een vijf verdiepingen tellend woongebouw zwaar beschadigde. Hij voegde eraan toe dat reddingswerkers bezig zijn met het opruimen van het puin.
De aanvallen leidden tot luchtalarmen op verschillende plekken in Oekraïne, waaronder Dnipropetrovsk en Zaporizja.

Beeld van de zwaarbeschadige flatwoning in Charkov, waar tien mensen het leven lieten (screenshot UATV)

Het Russische ministerie van Defensie bevestigde dat het drones heeft ingezet voor aanvallen op Oekraïense doelen. Volgens persbureau Interfax werden Oekraïense militaire complexen, vliegvelden en energiecentrales aangevallen.

EU probeert blokkade van Hongarije en Slowakije te omzeilen

Tijdens een volgende week geplande top in Brussel hopen de EU-leiders nog steeds de Hongaarse premier Viktor Orbán en zijn Slowaakse ambtgenoot Robert Fico te kunnen overtuigen zich te houden aan hun oorspronkelijke belofte van december om een ​​lening van €90 miljard aan Oekraïne goed te keuren. Mocht dat echter niet lukken, dan hebben de Baltische staten en Noord-Europese landen een plan om Oekraïne in ieder geval tot de eerste helft van 2026 van de benodigde middelen te voorzien voor essentiële uitgaven.
Een bron die bij de besprekingen betrokken was, vertelde nieuwssite Politico dat het totale bedrag daarvoor €30 miljard bedraagt ​​in de vorm van bilaterale leningen, waarvoor geen gecentraliseerd EU-besluit nodig zou zijn.

Het logo van nieuwssite Politico

Verschillende bronnen meldden aan Politico dat Oekraïne momenteel voldoende geld heeft om de dringendste behoeften tot begin mei te dekken, nadat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) eind februari een lening van $8,1 miljard goedkeurde en direct een deel hiervan, ter waarde van $1,5 miljard, uitbetaalde. Zonder deze uitbetaling zou het geld eind maart op zijn, waardoor Oekraïne in een zeer kwetsbare positie zou verkeren.

Euro’s (fotograaf onbekend)

In Europese hoofdsteden die Oekraïne gunstig gezind zijn en ook in Kiev, bestaat nog steeds de hoop dat Orbán de verkiezingen op 12 april zal verliezen, omdat de opiniepeilingen daar tot nu toe op lijken te wijzen. Zijn tegenstander, Peter Magyar, zal een gezamenlijke EU-lening waarschijnlijk niet categorisch blokkeren, zeker niet als de Russische olieleveringen via de momenteel beschadigde Druzhba-oliepijpleiding wordt hervat of als de EU stimulansen biedt, zoals het vrijgeven van de momenteel bevroren Europese fondsen voor Hongarije of het goedkeuren van Boedapest’s verzoek om €16 miljard, via het SAFE-programma (Security Action for Europe), het herbewapeningsfonds van de EU.

Links: De Hongaarse premier Orbán (screenshot) / Rechts: De Slowaakse premier Robert Fico (screenshot)

Als Orbán aan de macht blijft, hoopt de EU dat hij uiteindelijk zal inbinden, omdat hij dan niet langer een duidelijke reden heeft om dwars te liggen, Voor nu heeft hij zijn anti-Oekraïense retoriek tot zijn belangrijkste thema gemaakt in zijn verkiezingscampagne.
De Slowaakse premier Robert Fico wordt als een minder groot obstakel beschouwd dan Orbán.

Oekraïne raakt militaire fabriek in Brjansk

Het is Oekraïne gisteren rond het middaguur gelukt de Russische Kremniy El-fabriek in de grensregio Brjansk vol te raken. Volgens een woordvoerder van het Oekraïense leger gebeurde dat met een Britse Storm Shadow-raket.

De Kremniy El-fabriek in Brjansk, kort nadat het gebouw door een Oekraïense voltreffer werd geraakt (screenshot)

Volgens president Zelensky was Kremniy El één van Ruslands’s belangrijkste militaire fabrieken. Volgens Zelensky produceerde de fabriek elektronica en onderdelen voor Russische raketten: “Precies die raketten die onze steden, dorpen en burgers treffen”, zo liet de president weten.

Amateurbeeld van de grote rookwolk die in Brjansk te zien was net na de voltreffer (screenshot)

Volgens lokale Russische autoriteiten zijn er minstens zes burgerslachtoffers en 42 gewonden gevallen bij de “terroristische raketaanval”. Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov liet weten dat het “duidelijk was dat de lancering van deze raketten onmogelijk was zonder Britse specialisten”.

De vlag

Vlag van Oekraïne (1992-heden)

De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.

Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.

Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)

De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd  bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.

Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.

In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.

De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)

Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.

Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De tentoongestelde ‘eerste’ vlag in het parlementsmuseum van Oekraïne (© rada.gov.ua)
Nog een foto van de ‘eerste’ vlag in een andere vitrine, in de hal van het parlement tentoongesteld, onder het toeziend oog van de toenmalige voorzitter van de Verchovna Rada, Andriy Parubiy (2016-2019) (© rada.gov.ua)
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)

Symbool

Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.

Oekraïense troepen met de nationale vlag (© mil.gov.ua)

Utah – Flag Day / Vlagdag (2011)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Flag Day is een officiële feestdag in de Amerikaanse staat sinds 2011, zoals vervat in wetsvoorstel HB490, aangenomen op 14 februari 2011.

Kaart van Utah (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Utah (vanaf 9 maart 2024)

Sinds 2024 heeft Utah een nieuwe statenvlag. Toch is ook de oude vlag nog in gebruik, maar dan enkel als ceremoniële vlag.
Hoe zit dat? Het is een hele reis terug in de tijd, met één constante: de bijenkorf.

Vlag van Utah tot en met 9 maart 2024

Vlag van Utah (2011-2024)

De ‘oude’ vlag uit 2011, die vorig jaar vervangen werd, zien we hierboven.
De vijf voorgangers van deze vlag hadden allemaal hetzelfde basisontwerp: het (groot)zegel van Utah op een blauw veld.
Dit zegel werd ingevoerd in 1896, toen Utah de 45e staat van de Unie werd.
Het was een ontwerp van Charles M. Jackson & Harry E. Edwards. Jackson was misdaadverslaggever bij de Salt Lake Herald, Edwards was kunstenaar, maar tevens barman.

Het originele ontwerp (aquarel) van het zegel uit 1896, ondertekend door Harry Edwards (© Utah State Historical Society)

Het ontwerp werd vrijwel integraal overgenomen: slechts het woord INDUSTRY (VLIJT) werd toegevoegd tussen de pijlen en de bijenkorf.
Het zegel werd in de loop der jaren enigszins gestileerd, maar is in basis nog hetzelfde.

De officiële beschrijving van het zegel luidt:

Het grootzegel van de staat Utah zal een diameter van 2½ inch hebben en als volgt beladen zijn: in het midden een schild waarop een Amerikaanse adelaar met gespreide vleugels, de bovenkant van het schild doorboord door zes pijlen, onder de pijlen de wapenspreuk “INDUSTRY”, hieronder een bijenkorf met aan weerszijden groeiende sego-lelies, daaronder het jaartal 1847, aan weerszijden een Amerikaanse vlag, alles omringend de zegelrand, waarop vanaf linksonder de tekst THE GREAT SEAL OF THE STATE OF UTAH, met onderin het jaartal 1896

Overigens kwam het opvallendste deel van het ontwerp, de bijenkorf, niet uit de lucht vallen. Ook in de bijna halve eeuw als Deseret en Utah Territory die aan de statehood voorafging, was de bijenkorf al door de mormonen gekozen als het symbool van hun gebied, tezamen met de adelaar en tevens een kanon.
De bijenkorf staat symbool voor de werkzaamheid en vlijt van de inwoners van dit gebied.

Deseret-vlag

Zoals we eerder al zagen, wilden de mormonen hun gebied eigenlijk Deseret noemen en het is dan ook onder die naam dat er een vlag gemaakt werd met die symbolen. De vlag zelf is verloren gegaan en kan eigenlijk alleen worden gereconstrueerd vanuit krantenbeschrijvingen.

Reconstructie van de vlag van Deseret

Die reconstructie zien we hierboven. Het opvallendst zijn de lengte-breedte-verhoudingen: de vlag zou 4,26 m x 13,7 m geweest zijn.
Het ontwerp is duidelijk gebaseerd op de Amerikaanse vlag. In het kanton zien we de eerder genoemde symbolen.
Het aantal strepen werd niet genoemd en de reconstructie van de hand van John Hartvigsen is dan ook speculatief, maar het laat wel zien dat de gebruikte symboliek voor het gebied al lang meegaat.

Utah Territory-vlag

Nadat Washington de uit 1847 daterende naam Deseret had afgewezen is er op enig moment in de tweede helft van de 19e eeuw kennelijk een nieuwe vlag gemaakt. Deze vlag is alleen bekend van een ansichtkaart uit 1876.
De kaart was onderdeel van een serie van 45, met afbeeldingen van de symbolen van de toenmalige Amerikaanse staten en territoria.
Alle kaarten hadden dezelfde crèmekleurige achtergrond.
Voor een reconstructie van de vlag werd het veld in blauw veranderd.
Enig voorbehoud is hier op z’n plaats: bewijs dat de vlag daadwerkelijk bestaan heeft is niet voorhanden.
Het laat echter wel zien dat opnieuw de bijenkorf present is en op de afbeelding zien we voor het eerst de inheemse sego-lelies (Calochortus nuttallii) verschijnen.
De datum van 9 september 1850 is die van de stichting van het Utah Territory.

Ansichtkaart uit 1876 (links) die mogelijk als voorbeeld diende voor de vlag (rechts), waarvan niet zeker is of ze bestaan heeft!

Vlagloos!

Gezien de blijdschap in Utah bij de toetreding als staat van de Unie in 1896, is het achteraf moeilijk voor te stellen dat er geen vlag ingesteld werd.
Toch lijkt het erop dat er tussen 1896 en 1903 geen vlag voor de nieuwe staat was.

Eerste onofficiële vlag

Voor de Wereldtentoonstelling van 1904 in St. Louis, Missouri, wilde de organisatie een parade van statenvlaggen voor de tentoonstelling.
Het verzoek uit 1903 om een vlag te presenteren voor de Lewis & Clark-expositie, zorgde ervoor dat de regionale afdeling van de Daughters of American Revolution aan de slag ging en per persoon $ 1 doneerden.
Er werd zonder verder kennelijk over een nieuw ontwerp na te denken, teruggegrepen op het staatszegel van 1896, dat in wit op een blauwe vlag werd geborduurd door Agnes Teudt Fernelius.

Agnes Teudt Fernelius (1875-1958) (fotograaf onbekend / publiek domein)

Toen de vlag klaar was kwam men erachter dat de afbeelding op details niet overeenkwam met het staatszegel (de naam Utah ontbrak bijvoorbeeld) en bovendien hadden de leden van Huis en Senaat er nog niets van kunnen vinden.

Tweede en derde vlag

Zodoende werd er alsnog een nieuw exemplaar gemaakt, die, voor zover bekend, in 1904 kon worden toegevoegd aan de tentoonstelling.
Die vlag zien we hieronder.

De vlag uit 1904, met gouden franje langs de randen (© history.utah.gov)

Gouverneur Heber Manning Wells kreeg de ‘mislukte vlag’ ten geschenke.
Utah had nu een eigen vlag die tot 1911 gebruikt werd. In dat jaar werd het hele wapen geheel wit uitgevoerd, waarbij op de een of andere manier het jaartal 1847 niet meer op het schild stond, maar eronder.
Deze versie was slechts twee jaar in gebruik. Werd de fout opgemerkt? Dat blijft een interessante vraag, want in 1922 gebeurde dit opnieuw, zoals we zo zullen zien.

Links: De vlag van Utah tussen 1904 en 1911 / Rechts: De vlag van Utah tussen 1911 en 1913

Per ongeluk in kleur

In 1912 gaven de Sons and Daughters of Utah Pioneers opdracht om een op maat gemaakt exemplaar van de vlag te overhandigen aan het toen net in gebruik genomen slagschip de USS Utah.
Tot hun grote verbazing bleek de vlag bij ontvangst niet in wit, maar in kleur uitgevoerd, net als het staatszegel.
Tevens had de leverancier het wapen in een gouden rand gevat. Wél correct was het jaartal 1847, wat teruggekeerd was aan de onderkant van het schild.
In plaats van de vlag opnieuw te laten maken, introduceerde Huis-afgevaardigde Annie Wells Canon een wetsvoorstel om de vlag te veranderen van wit naar gekleurd. Aldus geschiedde in 1913.

De vlagvan Utah tussen 1913 en 1922

Opnieuw de fout in

Het zat de vlag niet mee: in 1922 ging een vlaggenfabrikant opnieuw de fout in met het jaartal 1847, door het net als in 1911 onder het schild te plaatsen in plaats van erop.
Of de fout destijds niet opgemerkt werd, of dat men het niet zo belangrijk vond, vertelt de geschiedenis niet, maar feit is dat de vlag voortaan foutief door het leven ging.

De vlag van Utah tussen 1922 en 2011 met ‘1847’ (opnieuw) op de verkeerde plek

Pas in 2011 werd het jaartal weer op de juiste plek gezet. Een op minieme details verschillende vlag volgde hetzelfde jaar nog.

Links: De vlag van Utah met de correctie uit 2011 / Rechts: In hetzelfde jaar kwam er een tweede versie, waarbij de adelaar iets gedetailleerder werd weergegeven

Heden

Omdat statenvlaggen met staatszegel erop steeds minder populair worden, is er een discussie op gang gekomen om tot andere vlaggen te komen, waarbij de ene staat actiever is dan de andere.
In Utah worden sinds een aantal jaren al verwoede pogingen gedaan om tot een nieuwe vlag te komen.
In 2002 strandde een poging van de Salt Lake Tribune. Eenieder kon een ontwerp insturen: ruim 1.000 inzendingen waren het gevolg.
Maar de staat negeerde de shortlist van 35 beste ontwerpen.
Nieuwe pogingen tussen 2018 en 2020 door afgevaardigden Steve Handy en Keven Stratton haalden het ook niet.
Senator Daniel McKay was in 2021 succesvol in het mogen vormen van een taskforce om tot een nieuw ontwerp te komen.

Een kleine greep uit de ingestuurde ontwerpen

De Utah State Flag Task Force ontving vervolgens 5.703 ontwerpen, waarvan er 2.500 van studenten waren.

De vijf vlaggen van de shortlist

Vijf ontwerpen werden door de werkgroep genomineerd, waarbij een van de ontwerpen van Jonathan Martin uiteindelijk won.
De enige aanpassingen betroffen de acht punten van de ster, die werden teruggebracht naar vijf en de kleur zwart die wat afgezwakt werd naar donkerblauw.

Jonathan Martin, ontwerper van de nieuwe vlag van Utah (fotograaf onbekend)

Op 2 maart 2023 werd de vlag goedgekeurd, waarna gouverneur Spencer Cox het besluit op 21 maart ondertekende.
Opvallend is dat ook de oude vlag blijvend mag worden gebruikt als ceremoniële vlag. Aangenomen mag worden dat dit besluit tot stand kwam om de niet onaanzienlijke groep tegenstanders van de nieuwe vlag tegemoet te komen.

Op de recente vlag staat opnieuw de (in een zeshoek gevatte) bijenkorf centraal, tegen een achtergrond van horizontale blauw-wit-rode banen. De gekartelde witte baan staat voor de besneeuwde bergtoppen en voor rust, het blauw voor de hemel en traditie, rood voor de rode rotsen in het zuiden van Utah en doorzettingsvermogen.
De zeshoek in het midden en over alle banen heen met een geel randje, symboliseert kracht en eenheid en is tevens de vorm van één enkele honingraat-opening.
De vijfpuntige ster tenslotte staat voor de vijf naties van de oorspronkelijke bewoners van dit gebied: de Navajo, Shoshone, Goshute, Paiute en Ute.

Het nieuwe ontwerp is zeker niet bij iedereen in goede aarde gevallen, vooral niet bij Republikeinen, die het onderwerp politiseren: het gaat bij hen niet zozeer over het ontwerp zelf, maar dat het besluit tot verandering naar de ‘woke’-cultuur riekt.
Een referendum uit 2023 om het wetsvoorstel ongedaan te maken kreeg echter onvoldoende stemmen.

Mike Schultz (1950), lid, tevens voorzitter van het Utah State House (screenshot)

Overigens zijn niet alle Republikeinen tegen de nieuwe vlag. Vertegenwoordiger Mike Schultz, die het wetsvoorsyel in het Huis van Afgevaardigden sponsorde, vatte het kort samen: “We hadden een waardeloze vlag, nu hebben we een coole vlag.”

Belize – Baron Bliss Day / Baron Bliss-dag (1927)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Vandaag viert Belize Baron Bliss Day, een officiële feestdag. De dag werd ingesteld kort na de dood van Henry Edward Ernest Victor Bliss, 4e baron van Bliss in 1926, toen het land nog bekend stond onder de naam Brits Honduras.

Belize map
Locatie Belize (© slickrock.com)

In 1964 kreeg de toenmalige Britse kolonie zelfbestuur. In 1973 werd de naam van het land in Belize veranderd, waarna het op 21 september 1981 onafhankelijk werd.

Kaart van Belize (© freeworldmaps.net)

Terug naar de baron van Bliss. Geboren in 1869 in Buckinghamshire in Engeland, raakte hij in 1911 deels verlamd, waarschijnlijk door polio en kwam daardoor in een rolstoel terecht. Hij had inmiddels zakelijk goed geboerd en zat er mede door de erfenis van zijn vader (die in 1890 was overleden) warmpjes bij.

Zijn grootste hobby was zeilen en in 1920 liet hij z’n vrouw in Engeland achter om aan een lange zeiltocht te beginnen. Of hij van tevoren wist dat hij niet meer terug zou keren is niet bekend, maar dat is wel wat er gebeurde!

Baron Bliss (1869-1926) (© guidetobelize.info)

De baron zeilde naar het Caribisch gebied en heeft die regio nooit meer verlaten. Hij woonde vervolgens vijf jaar op de Bahamas en vertrok toen naar Trinidad. Hier bleef hij maar kort en op het moment dat hij weer vertrok, had hij een ernstige voedselvergiftiging opgelopen. Nadat hij op Jamaica weer enigszins hersteld was, besloot hij op een uitnodiging in te gaan van zijn vriend Willoughby Bullock, procureur-generaal in Brits Honduras.

Baron Bliss in zijn rolstoel op zijn jacht de Sea King (publiek domein)

Zodoende arriveerde Bliss op 14 januari 1926 in de haven van Belize City. Zijn gezondheid verbeterde verder en in de weken daarna verkende hij de kust van de Britse kolonie en gaf zich over aan zijn hobby: vissen. Hij voelde zich helemaal in zijn element.

Baron Bliss op de Sea King (publiek domein)

Helaas zou dat niet lang duren. In de tweede week van februari werd hij ziek en artsen stelden vast dat hij niet lang meer te leven had. Op 17 februari veranderde hij zijn testament en liet vastleggen dat het grootste deel van zijn fortuin zou worden nagelaten aan Brits Honduras. Op 9 maart overleed hij op zijn boot, waarna hij begraven werd in Belize City.

Links: Baron Bliss Light een uit 1885 daterende vuurtoren van 16m hoogte, in Belize City, na de dood van de baron naar hem vernoemd (© belezenen.com) / Rechts: Graf van Baron Bliss naast de vuurtoren, geheel volgens zijn laatste wens werd hij vlakbij zee begraven in de buurt van een vuurtoren (© stereoscopie.fr)

Na aftrek van inkomstenbelasting voor de Britse schatkist en toelages voor zijn vrouw en personeel, bleef er ruim een half miljoen pond over voor Brits Honduras. Dit geld werd vastgezet in een trustfonds, waarbij een deel hiervan in aandelen werd belegd. Van de rente werden (en worden) allerlei projecten in Brits Honduras/Belize betaald, waarvan vooral de gezondheidszorg en het onderwijs geprofiteerd hebben.

Een vast bedrag was bestemd voor een jaarlijkse zeilwedstrijd en die wordt tot op heden nog steeds gehouden op Baron Bliss Day.
Sinds 2010 staat deze dag ook bekend onder de naam National Heroes and Benefactors Day (Nationale Helden en Weldoeners-dag), maar dat ligt toch minder makkelijk in de mond!

De vlag

Vlag van Belize (1981-heden)

De vlag is blauw met het staatswapen in het midden en twee rode banen, boven en onder.

Vanaf 1870 tot aan de onafhankelijkheid in 1981 gebruikte Brits Honduras (Belize vanaf 1973) een Britse blue ensign, met de Union Flag of Union Jack in het kanton en het symbool voor de kolonie (de zogenaamde badge) op het uitwaaiende gedeelte.

Vlag Brits Honduras tot 1981
Vlag van Brits Honduras/Belize 1870-1981

De badge is een in drieën gedeeld schild, waarop linksboven opnieuw de Union Flag of Union Jack, rechtsboven vier werktuigen (twee bijlen en twee zagen) en onderin een driemaster met volle zeilen en de red ensign (de Britse handelsvlag) voerend. Dit geheel vormde de ‘kleine’ versie van het staatswapen. Het ‘grote’ wapen is uitgebreider met o.a. twee schildhouders en een wapenspreuk.

Badge Brits Honduras
Badge van Brits Honduras

De huidige vlag is bijna identiek aan de vlag die vanaf 1950 gevoerd werd door de People’s United Party (PUP), die streefde naar onafhankelijkheid van de toenmalige kolonie. Die vlag was blauw met daarop het ‘grote’ staatswapen.
Sinds 1967 is het wapen enigszins aangepast, dus laten we daar eerst eens naar kijken:

Vlag PUP
De onofficiële vlag van Brits Honduras/Belize van de PUP (1950), voorloper van de huidige vlag

De eerste versie van het ‘grote’ rijkswapen werd ingesteld op 28 januari 1907. De verschillen vanaf 1967 in het ‘kleine’ wapenschild: de Union Flag of Union Jack is verdwenen. Er zijn nog steeds vier werktuigen te zien, maar nu verdeeld over de twee bovenste schildvakken. In plaats van twee bijlen en twee zagen zien we nu een voorhamer en een roeispaan (linksboven) en een zaag en een bijl (rechtsboven). Het schip onderin is gehandhaafd.

Belize groot wapen
Het rijkswapen van Brits Honduras/Belize, 1967-heden

De twee schildhouders zijn heel ongebruikelijk: het zijn twee personen met ontbloot bovenlijf, die tot 1967 een bruine huidskleur hadden en nu blank (soms ook geel) en bruin gekleurd zijn. De linker man heeft een bijl over zijn schouder, de rechter een roeispaan. Samen met het schild zijn ze op een ondergrond van gras geplaatst.

Mahonieboom Swietenia mahagoni (publiek domein)

Boven het schild torent een mahonieboom en de onderkant wordt gevormd door een witte banderol met daarop de tekst Sub umbra floreo (Ik bloei in de schaduw). Het wapen wordt omkranst door een cirkel van 25 bladeren.

Bladeren van de mahonieboom (publiek domein)

Veel van de symboliek heeft te maken met de houtindustrie en dan speciaal die in mahoniehout.

Mahoniehout (publiek domein)

Bij de onafhankelijkheid in 1981 werden twee smalle horizontale banen toegevoegd, één boven, één onder, voor de oppositiepartij, de United Democratic Party (UDP).

Koninkrijk van Engeland, Ierland en Schotland / Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden – Sterfdag Koning-Stadhouder Willem III (1702)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

De tweede vlag van vandaag is een koninklijke standaard en wel een historische. Vandaag is het 324 jaar geleden dat Koning-Stadhouder Willem III overleed.

Koning-Stadhouder Willem III, portret door Jan-Hendrik Brandon (1660-1714) naar het voorbeeld van Sir Godfrey Kneller (1646-1723) (Collectie Landgoed Fraeylemaborg, Slochteren)

De levensloop van Prins Willem III uit het Huis van Oranje-Nassau was op z’n zachtst gezegd bijzonder. Hoe een stadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden het tot koning van Engeland, Ierland en Schotland schopte.

Sinds zijn voorvader Prins Willem van Oranje (Willem de Zwijger) was het stadhouderschap in de Republiek in de belangrijkste gewesten Holland, Zeeland en Utrecht, steeds uitgeoefend door een prins uit het Huis van Oranje-Nassau, hoewel de positie niet erfelijk was en er dus een benoeming voor nodig was, iets waar de gewesten zelf over gingen.

Huwelijksportret uit 1641 van Willem II, Prins van Oranje en Mary Stuart, Princess Royal, door Anthony van Dyck (1599-1641), het was een politiek huwelijk, gesloten op 2 mei 1641 in de Chapel Royal van Whitehall Palace in Londen, zij was 9 jaar, hij 15 jaar oud (Collectie Rijksmuseum, Amsterdam)

De geboorte van erfprins Willem Hendrik van Oranje in Den Haag op 14 november 1650 vond plaats acht dagen na het overlijden (aan de pokken) van zijn 24-jarige vader, stadhouder Willem II. Zijn moeder was Mary Stuart, dochter van de Engelse koning Charles I van Engeland, Schotland en Ierland. Ze was de eerste Engelse prinses die de titel van Princess Royal voerde.

Eerste Stadhouderloze Tijdperk

Door het plotselinge wegvallen van Willem II werd door de regentenpartij onder leiding van Cornelis de Graeff en Andries Bicker van de gelegenheid gebruik gemaakt om het Eerste Stadhouderloze Tijdperk (1650-1672) uit te roepen.
Gedurende deze periode waarin Prins Willem opgroeide was Johan de Witt (vanaf 1652) raadspensionaris van het belangrijkste gewest Holland en daarmee de machtigste politicus in de Republiek.

Willem III op jeugdige leeftijd, portret uit circa 1662, hoofd door Jan Vermeer van Utrecht (1630-±1696), guirlandes door Jan Davidsz. de Heem (1606-1683/84) (Collectie Musée des Beaux Arts, Lyon)

Op 5 augustus 1667 werd de bijna 17-jarige prins middels het Eeuwig Edict aan de kant geschoven door de Staten van Holland. Met het edict werd het stadhouderschap afgeschaft, waardoor de Staten die functie(s) zelf konden uitvoeren.
Holland verzocht de andere zes, grotendeels zelfstandige gewesten om het stadhouderschap onverenigbaar te laten verklaren met het kapitein-generaalschap (de titel van militair bevelhebber in de Republiek). Vanuit de Staten van Holland was dit een zet die de Oranjepartij, die Willem aan de macht wilde brengen, de pas afsneed.
De andere zes gewesten (Zeeland, Utrecht, Friesland, Gelderland, Stad en Lande (Groningen) en Overijssel) zouden op 31 mei 1670 met de Akte van Harmonie de algemene strekking van het Eeuwig Edict onderschrijven.
Uiteindelijk schaften Holland, Zeeland, Utrecht, Gelderland en Overijssel het stadhouderschap helemaal af. Een militaire loopbaan lag dus wel voor Willem open.

Mezzotint van een nog vrij jonge Willem III door Jacob de Later (±1680-1728) (Collectie Boijmans van Beuningen, Rotterdam)

Geheim verdrag

Voordat het zover was, wezen de Staten van Zeeland in 1668 Willem aan als eerste edele, een belangrijke politieke benoeming, waarmee hij de voornaamste vertegenwoordiger werd van het na Holland machtigste gewest. In 1670 werd hij lid van de Raad van State, het belangrijkste nationale adviesorgaan, met vol stemrecht.

Links: Charles II (1630-1685), portret uit circa 1680, toegeschreven aam Thomas Hawker (1641-1722) (Collectie National Portrait Gallery, Londen) / Rechts: Lodewijk XIV (1638-1715), portret uit circa 1700/1701 door Hyacinthe Rigaud (1659-1743) (Collectie Musée du Louvre, Parijs)

Datzelfde jaar werd er door Willem’s oom, Koning Charles II van Engeland, Schotland en Ierland, een geheim verdrag gesloten met zijn Franse collega, Koning Lodewijk XIV. In dit Verdrag van Dover werd overeengekomen dat Engeland en Frankrijk samen de Republiek omver zouden werpen en Willem als soeverein prins van een Hollandse vazalstaat zouden maken.

Het Rampjaar

Dit leidde uiteindelijk in 1672 tot het zogenaamde Rampjaar, wat sommigen onder ons zich wellicht nog herinneren uit de lessen Vaderlandse Geschiedenis. Het was het jaar waarin de Republiek werd aangevallen door Engeland, Frankrijk en de bisdommen van Münster en Keulen.
Het conflict met Engeland werd bekend onder de naam van de Derde Engels-Nederlandse Oorlog (1672-1674). De Fransen noemden hun oorlog met de Republiek de Hollandse Oorlog (1672-1679).

Het Rampjaar duurde langer dan een jaar, namelijk 17 maanden, een periode waarin banken, scholen, winkels, rechtbanken en schouwburgen werden gesloten. Kunsthandelaren en -schilders gingen failliet als gevolg van deze ernstige crisis.
Het zou te ver voeren om dit tijdelijke dieptepunt in de geschiedenis van de Republiek uit te diepen, daarom de korte versie.

Toch stadhouder

Prins Willem werd in februari 1672 benoemd tot kapitein-generaal, toen hij 21 jaar oud was. In eerste instantie waren hij en zijn troepen niet erg succesvol en de Fransen stootten door tot halverwege het land. Deze nationale ramp zorgde die zomer voor een volksoproer, waardoor de Oranjepartij zijn kans schoon zag en de macht greep. Op 4 juli werd Willem tot stadhouder van Holland benoemd, waarna Zeeland op 16 juli volgde. Een verdere Franse opmars werd tot staan gebracht door de overstromingen wegens het inzetten van de Hollandse Waterlinie op 7 juli.
Hert volk werd tegen raadspensionaris Johan de Witt opgezet en hij en zijn broer Cornelis werden op 20 augustus door een orangistische burgerwacht gelyncht. Het is niet onmogelijk dat Willem een rol speelde in dit moordcomplot.

De Slag bij Kijkduin, 11 augustus 1673, de laatste zeeslag tijdens de Derde Engels-Nederlandse Oorlog, een werk van Willem van de Velde, de Jonge (1633-1707) uit 1687, centraal zien we de Gouden Leeuw, het vlaggenschip van luitenant-admiraal Cornelis Tromp (Collectie Royal Museums Greenwich)

Voor wat de Engelsen (en Fransen) op zee betreft: die oorlog verliep gunstig voor de Republiek, waarbij admiraal Michiel de Ruyter vier zeeslagen wist te winnen (1672/1673). Twee andere commandanten, Cornelis Tromp en Adriaen Banckert lieten zich ook niet onbetuigd in deze oorlog. Engeland gaf wegens geldgebrek de strijd op en tekende op 19 februari 1674 de Vrede van Westminster.

Het Engelse parlement had inmiddels lucht gekregen van het geheime Verdrag van Dover, wat Charles II met Lodewijk XIV had gesloten. Hieruit bleek dat Charles sympathiseerde met het katholicisme, iets wat in het protestantse (Anglicaanse) Engeland niet goed viel, waardoor er een groeiende oppositie tegen Charles ontstond.

Het Beleg van Bonn door Willem III in 1573, kopergravure van Romeyn de Hooghe (1645-1708) (Collectie Rijksmuseum, Amsterdam)

In 1673 boekte Willem succes bij de omsingeling van Bonn, de regeringsstad van de keurvorst van Keulen, met een leger van 12.000 man, waarna deze capituleerde. Dit had tot gevolg dat Frankrijk zich terugtrok, omdat de aanvoerlinies via de Rijn waren afgesneden en Keulen en Münster werden tot vrede gedwongen.
Zo kwam er een einde aan het Rampjaar, waarbij de Republiek al zijn grondgebied terug had op Grave en Maastricht na.
Hierna werd Willem ook stadhouder van Utrecht en Overijssel.

Huwelijk

In vorstelijke kringen werd er vaak politiek getrouwd en bij Willem was het niet anders. Op 4 november 1677 trad hij in Londen in het huwelijk met zijn nicht Mary Stuart (die dus de zelfde naam had als zijn moeder, daarom wordt ze ook wel Mary Stuart II genoemd). Ze was een Engelse prinses en de dochter van James, de jongere broer van de Engelse koning Charles II, die we al eerder tegenkwamen.

Het huwelijk van Willem III met zijn nichtje Mary Stuart te Londen op een ets getiteld ‘Afbeeldinge van het Houwelyk van syn Hoogheyt den Heere Prince van Oranje met Princes Maria ouste dochter van den Hartogh van Jorck voltrocken op Withal den 14 November 1677, zynde de Geboorte dagh van syn Hoogheydt den Heere Prince van Oranjen’ (Collectie Rijksmuseum, Amsterdam)

Willem was bijna 27 toen hij trouwde, terwijl Mary nog maar 15 was. Hij was uiterlijk niet een heel aantrekkelijke partij: hij had een lichte bochel en een nogal lang gezicht met een grote kromme neus. Hij was ook astmatisch en nukkig van karakter. Mary was daarentegen een knappe verschijning en zeer levendig.
Ze verhuisde van Engeland naar de Republiek en hoewel Mary toegewijd was aan haar man, was hij vaak onvriendelijk tegen haar. Dynastieke belangen waren belangrijk, maar helaas liepen drie zwangerschappen uit op miskramen en één keer op een doodgeboren kind. Desalniettemin bleef het paar getrouwd en in latere jaren ontstond er alsnog een diepe genegenheid tussen de twee.

De Engelse Koning Charles II was kort voor zijn dood in 1685 katholiek geworden en werd na zijn dood opgevolgd door zijn broer James, Willem’s schoonvader dus. Hij was tot onvrede van de Anglicaanse kerk óók katholiek en dat zou hem drie jaar later opbreken.
Als Koning James II trachtte hij de absolute monarchie opnieuw in te voeren en daarmee het parlement te verzwakken. Tevens streefde hij naar een versoepeling jegens het katholicisme door godsdienstvrijheid te bepleiten. Het Engelse parlement was hierop tegen.

The Glorious Revolution

Toen James’ tweede vrouw, de eveneens katholieke Koningin Maria van Modena, hem in 1688 een zoon baarde, wat dynastiek van belang was, waren de rapen gaar. James’ protestante tegenstanders vreesden voor een katholieke dynastie.
Dit leidde tot een samenzwering, de zogenaamde Glorious Revolution, met het doel James te vervangen door zijn protestantse dochter Mary, de vrouw van stadhouder Willem III.

Links: James II (1633-1701), broer van Charles II, vader van Mary Stuart en schoonvader van Willem III, portret uit circa 1690 door een onbekende schilder (Collectie National Portrait Gallery, Londen) / Rechts: Maria van Modena (1658-1718), tweede vrouw van James II, portret uit 1685 door Willem Wissing (1656-1687) (Collectie National Portrait Gallery, Londen)

Zeven Engelse protestantse Lagerhuisleden en kerkleiders onder leiding van Robert Spencer, de tweede graaf van Sunderland, vroegen Willem middels een uitnodigingsbrief om hulp. Willem (en Mary) stemden toe in het plan om James van de troon te stoten.
Begin november 1688 vertrok Willem met een grote vloot richting Engeland met een leger van naar schatting 21.000 man, waarvan 14.000 Nederlanders, en 7.000 buitenlandse soldaten (in die tijd niet ongebruikelijk): Engelsen, Schotten, Duitsers, Denen, Fransen, Zweden, Finnen (in berenvellen), Polen, Grieken en Zwitsers.

‘Het Lande van syn K Hoogh in Engelant’, ets van Bastiaen Stoopendal (1637-1707) uit het boek ‘Engelands gods-dienst en vryheid hersteldt’ uit 1689, waarop de landing van Willem en zijn troepen bij Torbay wordt afgebeeld (publiek domein)

De armada van maar liefst 500 schepen vertrok uit Hellevoetsluis en landde in Brixham en Torbay, aan de Engelse zuidkust, tegenover Torquay. Vanaf de kust trok men op richting Londen.
Uiteraard was James inmiddels op de hoogte van wat er op hem afkwam en al gauw kwam zijn leger in gevecht met dat van Willem. Hoewel de Engelse troepen in eerste instantie successen boekten, keerde het tij vrij snel, zeker toen protestantse officieren uit James’ leger overliepen naar Willem, waaronder John Churchill, de latere (en eerste) Hertog van Marlborough.

Willem vaardigde een bevel uit aan alle troepen in en rond Londen, om zich terug te trekken, wat de meeste ook deden.
Op 11 december probeerde James te vluchten naar Frankrijk. Op zijn vlucht wierp hij het Grootzegel van het Koninkrijk in de Theems. Hij werd opgepakt in Kent voordat hij het land kon verlaten en in Londen onder huisarrest geplaatst.
Op 18 december trokken Willem en Mary Londen binnen, waarna de stad maandenlang door Nederlandse troepen werd bezet.
Willem liet James vervolgens ontsnappen op 23 december, omdat hij geen martelaar van hem wilde maken.
Eenmaal in Frankrijk kreeg hij van Koning Lodewijk XIV een paleis aangeboden en een pensioen.

Koning en Koningin

Op 28 januari 1689 besloot het parlement dat James met zijn vlucht afstand had gedaan van de troon en dat Willem en Mary hem wettig konden opvolgen. Op 13 februari aanvaardden ze beiden de Kronen van Engeland, waarmee ze dus allebei regerend koning en koningin werden. Op 11 april werden ze gekroond in Westminster Abbey.

Koningin Mary II en Koning William III afgebeeld als gezamenlijk vorstenpaar, detail van een plafondstuk uit The Painted Hall, Royal Hospital, Greenwich, door Sir James Thornhill (1675-1734) (publiek domein)

Op diezelfde dag stemde het Schotse parlement in met de troonswissel, waarna Willem en Mary op 11 mei ook de Schotse troon aanvaardden. Hoewel Willem in Engeland King William III heette, regeerde hij in Schotland onder de naam King William II (Engeland had twee Williams als koning gehad en Schotland één).

Frontispice uit het boek ‘The new state of England’ van Guy Miège (1644-±1788) met een afbeelding van Willem en Mary als koningskoppel, circa 1691-1693 (publiek domein)

Bill of Rights / Slag bij de Boyne

In december 1689 accepteerde het parlement een van de belangrijkste constitutionele documenten in de Engelse geschiedenis: de Bill of Rights, een wettelijk document dat de basis vormde voor de democratische parlementaire monarchie in het land.

De Bill of Rights wordt aangeboden aan Koning William III en Koningin Mary II, getekend door Samuel Wale (1721-1786), gegraveerd door J. Carey in 1783 (Collectie National Portrait Gallery, Londen)

Overigens was er nog steeds heel wat steun voor Willem’s verdreven schoonvader James, vooral in Ierland en Schotland, maar ook in Engeland, zo zeer zelfs dat Willem en Mary zich slechts konden handhaven dankzij de buitenlandse troepen.
Dit veranderde op 11 juli 1690, toen Willem opnieuw de strijd aanging met zijn schoonvader, nu in Ierland, in de zogenaamde Slag aan de Boyne. Deze slag werd overtuigend gewonnen door de troepen van Willem en maakte een einde aan de aspiraties van James om zijn troon te heroveren. Hij vluchtte opnieuw naar Frankrijk, waar hij de laatste 11 jaar van zijn leven in het koninklijk paleis van Saint-Germain-en-Laye sleet.
Hij overleed op 16 september 1701 aan een hersenbloeding.

‘Battle  of the Boyne between James II and William III, 11 June 1690’, ongedateerd olieverfschilderij van Jan van Huchtenburgh (1647-1733) (Collectie Rijksmuseum, Amsterdam)

Koning/Stadhouder

De nieuwe positie zorgde ervoor dat Willem in feite twee ‘banen’ had: koning van Engeland, Ierland en Schotland en stadhouder in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
Hoewel Willem en Mary beiden regerend vorst en vorstin van de Britse Eilanden waren, regeerde Willem grotendeels alleen. Als hij echter in de Republiek was als stadhouder, nam Mary de regeringstaak van hem over, als Queen Mary II.

Koningin Mary II (1662-1694), schilderij uit circa 1677-1680 van Peter Lely (1618-1680) (Collectie James Stunt)

Mary

Ze was een kundige staatsvrouw en schrok er niet voor terug haar eigen oom Henry Hyde, de tweede Graaf van Clarendon, te laten arresteren. Hij werd ervan beschuldigd in een complot te zitten om haar vader, ex-Koning James II, terug op de troon te krijgen.
In 1692 beschadigde ze haar relatie met haar zuster Anne, toen ze de invloedrijke John Churchill, de Hertog van Marlborough ontsloeg, wiens vrouw Sarah een goede vriendin was van Anne.
Ze stierf op 28 december 1694 op slechts 32-jarige leeftijd op Kensington Palace aan de pokken.

Vriendenkring

Hierna stond Willem er dus alleen voor, hoewel hij een kleine club van trouwe vrienden om zich had, waar hij sterk aan gehecht was, waaronder Hans Willem Bentinck en Arnold Joost van Keppel. Het staat niet onomstotelijk vast, maar het lijkt niet onmogelijk dat Willem met sommige van zijn vrienden seksuele relaties onderhield.

Links: Hans Willem Bentinck (1649-1709), eerste Graaf van Portland, portret uit circa 1698/99 door Hyacinthe Rigaud (1698-1743) (Portland Collection, Harley Gallery, Welbeck, Nottinghamshire) / Rechts: Arnold Joost van Keppel (1669-1718), eerste Graaf van Albemarle, portret uit 1701 door Sir Godfrey Kneller (1646-1723) (Collectie National Trust)

Vast staat dat ze doorgaans beloond werden met invloedrijke posities en titels, zo werd Bentinck de eerste Graaf van Portland en Van Keppel de eerste Graaf van Albemarle.

Willem III te paard door een onbekende schilder, circa 1690 (Collectie National Portrait Gallery, Londen)

Dood

Op 20 februari 1702 brak Willem zijn sleutelbeen bij Hampton Court Palace, toen zijn paard struikelde over een molshoop. Hij werd overgebracht naar Kensington Palace, waar hij longontsteking kreeg. Hij kreeg hevige koorts en overleed op 8 maart, vandaag 322 jaar geleden.

Tegels boven de graven van Willem en Mary in de Westminster Abbey, Londen (© VCR Giulio19)

Hij werd naast zijn vrouw Mary begraven in de Westminster Abbey in Londen. De graven zijn ongewoon sober: slechts twee tegels in de vloer met hun namen en jaar van overlijden.
Willem is daarmee een van de weinige Oranjes die niet is begraven in de koninklijke grafkelder in de Nieuwe Kerk te Delft.

Opvolging Engeland, Ierland en Schotland

Omdat Willem en Mary kinderloos waren gebleven, werd hij door zijn 37-jarige schoonzuster Anne opgevolgd. Omdat haar laatste levende kind (William, de Hertog van Gloucester) al in 1700 was overleden, ontstond er opnieuw een toekomstig opvolgingsprobleem.
Hierdoor werd door het parlement de Act of Settlement in het leven geroepen, die regelde dat na Anne’s dood het dichtstbijzijnde protestantse familielid, Sophia van de Palts en haar nakomelingen de nieuwe troonopvolgers zouden worden.

Links: Anne (1665-1714), zuster van Mary II en de laatste monarch uit het Huis Stuart, portret uit 1705 door Michael Dahl (1659-1743) (Collectie National Portrait Gallery, Londen) / Rechts: George I (1660-1727) eerste koning uit het Huis Hannover, portret uit de Studio van Sir Godfrey Kneller, circa 1714-1725, naar een origineel uit 1714 (Collectie National Portrait Gallery, Londen)

Toen Anne in 1714 overleed, werd ze opgevolgd door Sophia’s zoon Georg, die als Koning George I zou regeren, als eerste koning uit het Huis Hannover, waar de huidige Britse koninklijke familie vanaf stamt.

Opvolging Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden

Ook in de Republiek was er in 1702 geen opvolger voorhanden, waardoor Het Tweede Stadhouderloze Tijdperk ontstond. Omdat de gewesten nog steeds veelal hun eigen zaken regelden, verschilt de tijdsduur van dit tijdperk per gewest.
Voor Holland, Zeeland en Utrecht en Overijssel van 1702 tot 1747, voor  Gelderland en Drenthe van 1702 tot 1722, voor  Groningen (Stad en Lande) van 1711 tot 1718, en voor Friesland van 14 juli tot 1 september 1711.

Erfstadhouder Willem IV (1711-1751), door een onbekende schilder, circa 1750 (Collectie Rijksmuseum, Amsterdam)

Het tijdperk eindigde met het instellen van het erfelijk stadhouderschap. De eerste stadhouder van een zijlijn (de Friese tak) van de Oranje Nassau’s, was Willem IV. Hij werd (per gewest opnieuw verschillend) de eerste erfstadhouder van de Republiek.
Het huidige koningshuis in Nederland stamt van hem af.

De standaard

Om eerst iets te zeggen over de naam van het koninkrijk waar Willem en Mary over regeerden: hoewel ze koning en koningin van Engeland (inclusief Wales), Schotland en Ierland waren, heette het land nog niet het Verenigd Koninkrijk (United Kingdom). Het werd doorgaans aangeduid als het Koninkrijk van Engeland, Ierland en Schotland, maar ook als Koninkrijk van Engeland, Schotland en Ierland.

Het was in 1707, tijdens de regeringsperiode van Koningin Anne (Willem’s opvolgster), dat de Acts of Union werden gesloten. waarbij de parlementen van Engeland en Schotland de vereniging van beide koninkrijken regelden, waardoor de nationale parlementen werden vervangen door een Brits parlement. Vanaf 1707 is de naam van het land Het Koninkrijk Groot-Brittannië, maar ook wel als Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië.

Het Koninkrijk Ierland, viel daar dus niet onder, hoewel het in een personele unie met het nieuw gevormde koninkrijk dezelfde koningen en koninginnen deelde (een situatie die al bestond sinds 1541).
Een nieuwe Act of Union uit 1800 (die inging in 1801) zorgde ervoor dat ook Ierland onderdeel werd van het geheel, waarmee het Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland werd gevormd.
De huidige situatie ontstond in 1921 toen Ierland zich afscheidde (minus Noord-Ierland) en een republiek werd.

Huis Stuart

Koninklijke standaard van het Huis Stuart

Toen Willem III koning van Engeland, Ierland en Schotland werd, werd hem ook een koninklijke standaard verleend. De basis van deze standaard is de banier die we hierboven zien: die van het Huis Stuart (waaruit zijn vrouw Mary dus ook afkomstig was).
Het Koninklijk Huis van Stuart volgde het Huis van Tudor op in 1603, toen Koningin Elizabeth I kinderloos overleed en er uitgeweken werd naar de dichtstbijzijnde familiale zijtak. De eerste koning van het Huis Stuart was James I (die in Schotland James VI heette).

Kwartieren

De Stuart-standaard is gevierendeeld. De kwartieren I en III zijn op hun beurt ook weer gevierendeeld en gelijk aan elkaar. Zodoende zien we vier maal drie zogenaamde gaande leeuwen van goud op een rood veld, het symbool van Engeland, ze zijn afkomstig van Willem de Veroveraar (zie ook Normandië).
Het andere symbool is de gouden fleur-de-lys op een blauw veld (ook weer vier maal drie), deze staan symbool voor Frankrijk. Dit heeft eveneens met Willem de Veroveraar te maken die in 1066 vanuit Normandië Engeland veroverde. De koningen die na hem kwamen hebben theoretisch altijd een claim behouden op de Franse troon. Die claim werd pas ingetrokken in 1800, waardoor de fleur-de-lys-symbolen van de koninklijke standaarden verdwenen.

Kwartier II is het wapen van Schotland, bestaande uit een klimmende leeuw van keel (rood), met nagels en tong van azuur (blauw), op een veld van goud binnen een dubbelgebloemde en tegengebloemde smalle binnenzoom. Dit wapen stamt uit de 13e eeuw.

Kwartier III is het wapen van Ierland, een gouden harp met zilveren snaren op een blauw veld, door Koning Hendrik VIII (1491-1547) gekozen, maar pas in het koninklijk wapen opgenomen in 1603.

Willem’s versie

Dit is de koninklijke standaard die Willem’s schoonvader James II voerde. Toen Willem hem echter samen met zijn vrouw Mary opvolgde in 1588 moest zijn dynastie ook op de standaard vertegenwoordigd worden.
Het toevoegen van een hartschild over het midden van de banier was de simpelste methode en zo geschiedde.

Over de koninklijke standaard van het Huis van Stuart werd Willem’s wapenschild van het Huis van Nassau aangebracht: een naar rechts gewende gouden leeuw met een tong, kroon, en nagels van keel (rood) in een azuur (blauw) veld, dat bezaaid is met blokjes van goud.
Daarmee was (en is) deze banier een unicum: het is de enige die de symbolen van Engeland, Schotland, Ierland, Frankrijk en Nederland combineert.

Straatsburg – Bataille de Hausbergen / Schlacht von Hausbergen / Slag bij Hausbergen (1262)

Twee vlaggen vandaag (+ één extra): Vlag 1:

Straatsburg was in de Middeleeuwen een belangrijke handelsstad en werd geregeerd door een bisschop.

Kaart van Straatsburg (Argentoratum) rond 1570, door Georg Braun en Franz Hogenberg, uit: “Civitates orbis terrarum”, uitgegeven door Philippe Galle in Antwerpen. Let ook op het wapenschild rechtsboven. (publiek domein)

Op 8 maart 1262 echter behaalden de burgers van de stad in de Slag bij Hausbergen, iets ten noordwesten van Straatsburg, een overwinning op de toen regerende bisschop Walter von Geroldseck.
De stad werd daarmee een onafhankelijke stad, een zogenaamde vrije rijksstad onder gezag van de Duitse keizer.

“La bataille de Hausbergen” door Pierre Jacob en Gilles Stutter (Éditions Coprur),een uitgave uit 2011 t.g.v. Het 750-jarig jubileum van de Slag bij Hausbergen

De vlag

Vlag van Straatsburg

De vlag bestaat uit een wit vlak met een rode diagonale dwarsbalk van de bovenkant van de broekingszijde naar de onderkant van de vlucht. Het wapen van Straatsburg heeft dezelfde afbeelding. Het is het wapen van de bisschop van Straatsburg (en nu dus ook dat van de stad) en gaat minimaal tot de 13e eeuw terug.

De officieuze vlag

Officieuze vlag van Straatsburg

Naast de officiële vlag is ook een totaal andere, officieuze vlag in het stadsbeeld te zien.
Deze vlag is blauw en heeft het stadswapen in een rode schildomtrek en daaronder in grote witte kapitalen de (Franse) naam van de stad: Strasbourg.

Als we het wapen op deze vlag vergelijken met het officiële stadswapen (hieronder), lijkt het erop dat iemand hier zijn of haar eigen draai aan heeft gegeven, maar dat zal ongetwijfeld met de vele versies van het stadswapen te maken hebben!

Op de twee witte helften van het wapen op deze vlag zijn fantasievolle guirlandes in zwart afgebeeld. In het geval van een wapen wordt dat gedamasceerd genoemd.
De heraldische helm met kroon en het eruit waaierende ornamentele helmteken is op de vlag vervangen door een zogenaamde muurkroon, een heraldische kroon in de vorm van kasteeltorens.

Het stadswapen

Het officiële stadswapen zien we op de afbeelding hieronder. Curieus zijn de twee schildhouders, de twee leeuwen kijken ieder dezelfde kant op!
De witte delen van het schild zijn hier blanco.
Onder het wapen zien we de hoogste Franse onderscheiding, het Légion d’Honneur (Legioen van Eer), wat Straatsburg in 1919 werd toegekend.

Wapen van Straatsburg

Zoals gezegd, circuleren er meer ‘officiële’ wapens van Straatsburg. Hieronder zien we er nog een, waarbij opvalt dat de leeuwen elkaar hier aankijken en dat de heraldische helm en het helmteken andere accenten hebben.
En: hier zien we de gedamasceerde guirlandes op het wapenschild terug, die ook op de officieuze vlag voorkomen.

Wat beide afbeeldingen gemeen hebben, is de oude Romeinse naam voor Straatsburg, die onder het schild te zien is: Argentoratum.

Nog een derde voorbeeld: zo’n 100 jaar geleden gaf het sigarettenmarkt Laurens een serie verzamelplaatjes uit van Franse stadswapens. De ontwerper van deze serie (‘Le Blason des Villes de France’) had ook zo z’n eigen ideeën over het Straatsburgse wapen: hier kijken de leeuwen ieder een andere kant op en is het helmteken wel heel erg uitgekleed! Maar ook hier treffen we de gedamasceerde guirlandes op het schild aan.
Het Légion d’Honneur ontbreekt hier.

Wat hangt daar toch?