Tagarchief: Zweden

Zweden – Drottningens Namnsdag / Naamdag van de Koningin

De naamdag van de Zweedse koningin is geen officiële feestdag in Zweden, maar wél een vlagdag. Het is in Zweden niet ongebruikelijk om naast de verjaardag ook de naamdag te vieren.

Het is een oude traditie, die in 1901 werd goedgekeurd door de Zweedse Academie, dezelfde club van 18 personen die ook ieder jaar beslissen wie de Nobelprijs voor de Literatuur krijgt. Het primaire doel van deze instelling is om de “puurheid, kracht en verhevenheid van de Zweedse taal” te bevorderen.

1280px-Svenska-Akademien
Het gebouw van de Zweedse Academie, gebouwd aan Stortorget in de oude stad van Stockholm, Gamla Stan, tussen 1773 en 1778 als Beursgebouw, sinds 1914 het hoofdkwartier van de Academie (© Mastad)

Zo hadden ze zich ook verbonden aan de naamdagen-traditie. De lijst bestaat dus uit een kalender met louter voornamen en had een officiële status tot 1972. Sommige namen verwijzen naar heiligen of martelaren en hebben dus een religieuze oorsprong. Uiteindelijk zijn in de loop der tijd alle dagen verbonden met een voornaam.

Zoals gezegd: officieel tot 1972, maar tradities laten zich niet zomaar uitroeien, zodat in 2001 een werkgroep in het leven werd geroepen om de lijst nieuw leven in te blazen. Deze groep bestaat opnieuw uit de leden van de Zweedse Academie, aangevuld met o.a. uitgevers en andere groepen. De bedoeling is dat de lijst nu om de vijftien jaar wordt bijgewerkt, ook met nieuwe namen.

De namen van drie leden van het Zweedse Koninklijke Huis worden gebruikt om extra te vlaggen. Zo is de naamdag van Koning Carl XVI Gustaf op 28 januari en die van Kroonprinses Victoria op 12 maart. Koningin Silvia is vandaag aan de beurt.

Recent officieel portret van Koningin Silvia, ze draagt hier het camee-diadeem, een van de oudste tiara’s in de aanzienlijke Zweedse koninklijke collectie, de zeven cameeën zijn ouder dan het diadeem en kwamen dus bij elkaar toen het sieraad werd vervaardigd, wanneer dat was, is niet precies bekend, maar het moet zo rond 1809 geweest zijn, het was een geschenk van Napoleon aan zijn vrouw Joséphine de Beauharnais. Het diadeem was kortstondig in Nederland, toen Napoleon’s broer Lodewijk Napoleon koning van het Koninkrijk Holland was (1806-1810), zijn vrouw, Koningin Hortense, was een dochter van Joséphine. Uiteindelijk kwam het in het bezit van Joséphine’s kleindochter, Joséphine van Leuchtenberg, toen zij trouwde met Kroonprins Oscar van Zweden en Noorwegen, waardoor het juweel in Zweden terecht kwam, het collier met cameeën is waarschijnlijk later in de collectie gekomen(© Kongahuset)/foto: Linda Broström

Koningin Silvia werd als Silvia Renate Sommerlath geboren op 23 december 1943, dochter van een Duitse vader en Braziliaanse moeder.
Ze leerde kroonprins Carl Gustaf kennen tijdens de Olympische Spelen van 1972 in München, hij als gast, zij als gastvrouw. Ze trouwden in 1976. Carl Gustaf was zijn overleden opa inmiddels als koning opgevolgd in 1973.
Silvia werd al snel een populaire koningin en kreeg drie kinderen met Carl Gustaf. Sinds 2011 is ze de langst zittende Zweedse koningin-gemalin sinds Sophia van Nassau (1836-1913), een achterkleindochter van Carolina van Oranje-Nassau (de oudere zus van de Nederlandse stadhouder Willem V) en achter-achterkleindochter van stadhouder Willem V.

De koninklijke standaard

Royal_standard_of_Sweden.svg.png

De vlag die vandaag wappert is de Zweedse koninklijke standaard. De basis voor deze vlag is de nationale vlag. De koninklijke versie is echter een bijzonder model, een zogenaamde zwaluwstaart. Aan de vluchtzijde heeft de vlag twee driehoekige uitsparingen, wat resulteert in een vlag met drie punten. Over het midden van het kruis is het groot rijkswapen afgebeeld op een wit veld. Het ‘grote’ zit hem in de plaatsing van het wapen op een gekroond baldakijn en de twee schildhouders (gekroonde leeuwen).

wapen van zweden
Het groot rijkswapen van Zweden

Het gekroonde wapen bevat nogal wat onderdelen: de basis is een blauw veld met een gouden kruis, waarmee het veld in vieren wordt verdeeld. De velden I en IV tonen de drie gouden kronen die sinds 1364 het embleem van Zweden vormen. De velden II en III laten de zogenaamde Folkingen-leeuw zien, sinds 1200 het oude Zweedse koningswapen.

Precies in het midden, over alles heen, een kleiner schild, op zijn beurt verticaal in tweeën gedeeld: links het wapen van het voormalige koningsgeslacht Wasa, rechts het wapen van het huidige Koninklijk Huis: Bernadotte-Pontecorvo. Als laatste onderdeel is aangebracht langs de gehele onderste helft van het schild, de keten van de Serafijnenorde.

Het wapen is voor het laatst vastgesteld in 1908, de vlag in 1906. De Zweedse koninklijke standaard is geen persoonsgebonden vlag, hij wordt gebruikt door iedere monarch. Ook koningin Silvia gebruikt hem. Andere leden van het koningshuis gebruiken een vergelijkbare standaard, maar dan met een ‘klein’ wapen, een gekroond blauw schild, waarop de drie kronen, omringd door de Serafijnenorde.

Faeröer – Ólavsøka / St. Olaf’s wake (1030)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De Faeröerders houden wel van een feestje in de zomer, wanneer de zon pas tegen half elf ondergaat. Olavsøka wordt dan ook over meerdere dagen uitgesmeerd, maar de eigenlijke dag is vandaag, op 29 juli.

Koning Olaf sneuvelt in de Slag bij Stiklestad op 29 juli 1030, een werk uit 1860 van Peter Nicolai Arbo (1831-1892) voor het boek Billeder af Norges Historie tegnede af P.N. Arbo og ledsaget af en kort opplysende Text efter P.A. Munch (uitgave: Christian Tønsberg) (publiek domein)

De dag herinnert aan de Noorse koning Olaf II Haraldsson, die in 1030 de dood vond in de Slag bij Stiklestad. Eén jaar daarvoor was hij verdreven en afgezet door de Deense koning Knut. Olaf vluchtte naar Zweden en in 1030 trachtte hij zijn land te heroveren, maar op 29 juli sneuvelde hij op het slagveld. Slechts één jaar later werd hij door bisschop Grimkjell heilig verklaard.

Het festival wordt altijd op de avond van 28 juli officieel geopend met een optocht en speeches in het centrum van de hoofdstad Tórshavn. De middag daarvoor zijn dan al de populaire roeiwedstrijden gehouden.

Ongedateerde foto van de viering van Ólavsøka in het centrum van Tórshavn (publiek domein)

Op 29 juli zelf is er opnieuw een optocht, nu van alle Faröerse politici, de korpschef van de politie, priesters en vertegenwoordigers uit Denemarken, naar de kathedraal van Tórshavn, waar men een dienst bijwoont. Daarna loopt het gezelschap naar het parlementsgebouw, waar men buiten naar een concert luistert. Dit alles dient dan om de opening van het nieuwe parlementaire jaar in te luiden.

Verder zijn er diverse sportwedstrijden, volksdansen en tentoonstellingen.

De vlag

Merkið, de vlag van de Faeröer

De Faeröerse vlag is er een uit de Scandinavische vlaggenfamilie, duidelijk herkenbaar aan het liggende Scandinavische kruis. Andere vlaggen uit deze ‘familie’ zijn die van Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, IJsland, Shetland en Åland.

Het oudste deel van de hoofdstad Tórshavn: het schiereiland Tinganes met de Faeröerse overheidsgebouwen en Merkið (© government.fo)

De vlag heeft een officiële naam, namelijk Merkið, wat zoveel betekent als teken of banier. De vlag heeft een wit veld, wat volgens de ontwerpers staat voor de schuimkoppen van de zee en de prachtig heldere hemel boven de Faeröer, daaroverheen een rood Scandinavisch kruis, blauw gebiest: deze twee kleuren komen veel voor op de verschillende Scandinavische vlaggen en geven dus de verbondenheid weer.

Jubileum-postzegelblok uit 1990 van de Faeröer gewijd aan Merkið (© Postverk Føroya)

De vlag werd in juni 1919 ontworpen door drie in Kopenhagen woonachtige Faeröerse studenten, Jens Oliver Lisberg, Janus Øssursson en Pauli Dahl. De vlag werd vervolgens genaaid door Ninna Jacobsen en voor het eerst op de Faeröer gehesen op 22 juni 1919 tijdens een trouwpartij, en wel in Fámjin, het geboortedorp van Jens Oliver Lisberg.

faroer ontwerpers
De drie ontwerpers van de Merkið, v.l.n.r.: Jens Oliver Lisberg (1896-1920), Janus Øssursson (1896-1964) en Pauli Dahl (1898-1977) (publiek domein)

Tot die tijd had de archipel een onofficiële vlag gebruikt met de afbeelding van een schaap op een blauw veld, met daaromheen een brede rode rand, die niet algemeen gebruikt werd.

Schaap-vlaf Faeröer
De Faeröerse “schaap-vlag”

De officiële vlag was die van Denemarken, de Dannebrog. Vanaf de jaren dertig werd de nieuwe vlag steeds algemener onder de autochtone Faeröerders, maar niet bij de Deense burgers, die vasthielden aan de Dannebrog.

Het keerpunt in de status van de vlag werd veroorzaakt door de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 9 april 1940 was Denemarken bezet gebied, maar de Faeröer bleven vanwege hun geografische ligging buiten schot. Op 11 april bezette het Verenigd Koninkrijk de archipel om het zo tegen Duitse aanvallen te kunnen beschermen. Om de Faeröerse schepen goed van de Deense te kunnen onderscheiden bepaalden de Britten dat Merkið hiervoor gebruikt zou worden. De datum was 25 april 1940 en daarmee hebben we de oorsprong te pakken van deze feestdag. Toen de Faeröer na de Tweede Wereldoorlog hun autonomie verkregen, op 23 maart 1948, kreeg de vlag zijn langverwachte officiële status.

faroer oude vlag
De allereerste Merkið, te zien in de kerk van Fámjin op Suðuroy (© Vlagblog)

En hoe verging het prototype van Merkið uit 1919? Welnu, heel goed, de vlag bestaat nog en wordt gekoesterd. Hij is ingelijst en wel te zien in de kerk van Fámjin op het zuidelijke eiland Suðuroy.

Zweden – Sveriges Nationaldag / Nationale Feestdag (1916)

Vijf vlaggen vandaag. Vlag 5:

Deze dag heet pas zo sinds 1983. Vóór die tijd was 6 juni Svenska  flaggans dag.

Zweedse postzegels uit de tijd dat deze dag nog bekend stond als Svenska flaggans dag (© Posten)

De geschiedenis hiervan gaat terug  tot 1916 toen de dag voor het eerst gevierd werd. Aanleiding was toen de herdenking van wat wordt beschouwd als de stichting van het ‘moderne’ Zweden: de verkiezing van Gustav Vasa als koning van Zweden.

Portret van Gustav Vasa (1496-1560), 16e eeuwse kopie naar een schilderij van Jacob Binck uit 1542 (Collectie Grippsholm Slott)

Hoewel het dus een officiële feestdag is sinds 1916, duurde het nog geruime tijd voor het een echt vrije dag was voor iedereen.

Kaart van Zweden (© freeworldmaps.net)

De vlag

De vlag is lichtblauw met een goudgeel Scandinavisch kruis daar overheen.

Vlag van Zweden (1906-heden)

Over het algemeen wordt aangenomen dat de Zweedse vlag de een-na-oudste nationale vlag is, die ononderbroken in gebruik is. De oudste is de Dannebrog, de vlag van Denemarken. En net als de Deense vlag heeft die van Zweden een legende over de oorsprong ervan.

Laat-Middeleeuwse voorstelling van koning Erik IX op kruistocht naar Finland. Naast hem bisschop Henrik (publiek domein)

Toen de 12e-eeuwse koning Erik IX in 1157 op kruistocht naar Finland ging om daar de heidenen te kerstenen (samen met de van oorsprong Britse bisschop Henrik), zou hij een gouden kruis aan de blauwe hemel gezien hebben. Hij zag dit als een teken van God en gebruikte daarna het goud (geel) en het blauw als de koninklijke kleuren.
Dit soort verhalen deed het vroeger goed, maar ze zijn natuurlijk niet meer dan een leuk verhalen. Ook voor de bewuste kruistocht in dat jaar is nooit enig bewijs gevonden.

Legende uitgebeeld: Erik IX ziet in 1157 een gouden kruis aan de deels blauwe hemel (publiek domein)

De oudste historische bronnen stammen uit de 16e eeuw, onder het bewind van de hierboven al eerder genoemde koning Gustav Vasa, ook wel bekend als Gustav I.
De vlag wordt voor het eerst beschreven in een koninklijk bevelschrift van 19 april 1562 als gunt udi korssvijs förd eelt påå blot’ (een kruis van goud neergelegd op blauw).
De kleuren blauw en geel komen ook voor in het wapen van Zweden.

Het blauw in de vlag was tot 22 juni 1906 donkerder, maar in de ‘vlagwet’ van die datum wordt de kleur officieel omschreven als ‘ljust mellanblå’ (helder lichtblauw). De vlag veranderde in dat jaar sowieso omdat er een einde kwam aan de verbinding met het koninkrijk Noorwegen. In het kanton van de vlag was tussen 1844 en 1905 het zogenaamde ‘unie-symbool’ geplaatst, om de verbinding tussen beide landen aan te geven. In 1906 gingen de landen verder als aparte koninkrijken.

Swedish_civil_ensign_(1844–1905).svg
De Zweedse vlag tussen 1844 en 1905 met het Zweeds-Noorse uniesymbool in het kanton

Zoals eerder vermeld is de vlag van het Scandinavische type, net als die van Denemarken, Noorwegen, Finland, IJsland, Faeröer, de Åland Eilanden en de Orkney Eilanden.

Afgeleiden

Twee vlaggen in de Verenigde Staten stammen af van de Zweedse. Van 1638 tot 1655 bezat Zweden in het gebied van de Delaware River de kolonie Nya Sverige (Nieuw-Zweden). In 1655 veroverden hun Nederlandse ‘noorderburen’ dit gebied en lijfden het in bij Nieuw-Nederland.

Nieuw Zweden
Delaware: via de Lenape Indianen, Nya Sverige (Nieuw-Zweden), Nieuw-Nederland, Delaware Colony (Engeland), voordat het gebied verdeeld werd tussen de staten Delaware en New Jersey

Dat laat onverlet dat zowel Wilmington, Delaware als Philadelphia, Pennsylvania de Zweedse kleuren in hun vlaggen hebben.
Zeker bij Wilmington is dit overduidelijk: het enige verschil met de Zweedse vlag is het stadszegel over het kruis heen.

Wilmington, Delaware
Vlag van Wilmington, Delaware, officieus sinds 1927, officieel sinds 28 maart 1963

Bij Philadelphia is het minder duidelijk, maar de verticale banen blauw, geel en blauw zijn wel degelijk een verwijzing naar de Zweedse wortels. Het geel in de vlag is overigens donkerder dan dat van de Zweedse vlag.

Vlag Philadelphia
Vlag van Philadelphia, Pennsylvania, officieel ingevoerd op 27 maart 1895

Unie van Kalmar – Opheffing van de Unie (1523)

Vijf vlaggen vandaag. Vlag 1:

Vandaag een historische vlag uit Scandinavië, van de Unie van Kalmar. Dit samenwerkingsverband bestond tussen 1397 en 1523 en was een personele unie in Scandinavië tussen de koninkrijken Denemarken, Zweden en Noorwegen onder één monarch.

Gebied van de Unie van Kalmar (© Ssolbergj)

Een kaart van het gebied laat zien dat het om een enorm gebied ging: Tot Denemarken behoorden ook Sleeswijk Holstein (nu Duits) en Skåneland (het zuidwesten van Zweden), tot het Zweedse grondgebied hoorde ook een deel van het tegenwoordige Finland.
Het Noorse grondgebied echter was het grootst: naast het eigen land, behoorden ook verschillende overzeese gebieden tot het Noorse rijk: Groenland, IJsland, de Faeröer, plus Shetland- en Orkneyeilanden ten noorden van Schotland.

De 126 jaar dat de drie landen verenigd waren in de Unie, verliepen niet zonder problemen en er waren verscheidene interrupties en schermutselingen. De landen waren legaal nog steeds onafhankelijk, maar naar buiten toe werd er zoveel mogelijk als eenheid geopereerd.
Maar waar kwam dit modern klinkende idee vandaan?

Aanloop

Hoe de Unie tot stand kwam is een redelijk gecompliceerd verhaal, dat alle elementen van een echte soap in zich heeft.
Brein achter de Unie van Kalmar was de Deense Koningin Margrethe I. De Noord-Duitse expansie onder leiding van de invloedrijke Hanzesteden was haar een doorn in het oog. Om hieraan weerstand te kunnen bieden vatte het idee van een Scandinavische unie bij haar post.

Ongedateerd schilderij van Margrethe I (1353-1412) door een onbekende schilder (Collectie National Museum, Stockholm)

Margrethe was in 1363 getrouwd met Haakon VI van Noorwegen, toen zij 10 jaar oud was en hij 23. Dat lijkt bizar, maar er werd strategisch getrouwd en naar leeftijden (laat staan liefde) werd niet gekeken.
Haakon werd twintig jaar eerder, in 1343, toen hij 3 jaar oud was, ‘medekoning’ met zijn vader Magnus IV en in 1362 werd hij ‘medekoning’ van Zweden.
Toen hij dus in 1363 trouwde met de 10-jarige Margrethe van Denemarken, was er via hem al een link tussen Denemarken, Noorwegen (met zijn vele overzeese gebieden) en Zweden (waartoe ook een deel van Finland behoorde).

In 1364 verloren Haakon en zijn vader Magnus de Zweedse troon aan de Duitse Albert von Mecklenburg, die na aandringen van de Zweedse adel (bij wie Magnus niet populair was) en verschillende Hanzesteden, het vader en zoon-koppel versloeg.

Olaf

Vader Magnus overleed in 1374 en zijn zoon Haakon zes jaar later in 1380, op 40-jarige leeftijd.
Margrethe bleef als weduwe achter met haar 10-jarige zoon Olaf. Officieel erfde Olaf dus de troon van Denemarken en Noorwegen (en die van Zweden, maar daar zat Albert inmiddels op), maar omdat hij nog minderjarig was, trad Margrethe als regentes op.
Steun van de adel was essentieel, maar door grond en kastelen te beloven aan de edelen, wist ze een meerderheid achter zich te krijgen.
Olaf overleed echter onverwacht op 16-jarige leeftijd in 1387, dus zat Margrethe naast haar verdriet ook met een probleem.

Erik van Pommeren

Niet voor één gat te vangen, adopteerde ze haar 5-jarige neefje Erik van Pommeren, een kleinzoon van haar oudere zus Ingeborg, als haar eigen zoon.
In Zweden ondertussen, wankelde de troon van Albrecht von Mecklenburg, hij overlaadde zijn Duitse vrienden met burchten en kastelen en dat zat de Zweedse adel absoluut niet lekker.

Beeltenis van Albrecht III (±1338-1412), hertog van Mecklenburg, koning van Zweden op zijn graftombe in de Munster van Bad Doberan (Duitsland) (publiek domein)

In 1388 werd hij afgezet en droeg de adel de macht over aan Margrethe. Albrecht gaf zich echter niet zo maar gewonnen en trok een jaar later ten strijde, maar werd verslagen door de troepen van Margrethe.
Vanaf dat moment had Margrethe de macht in zowel Denemarken, Noorwegen en Zweden (en daarmee een deel van Finland).

Standbeeld uit 1961-65 van Axel Poulsen (1887-1972) van Koningin Margrethe I met haar neefje Erik van Pommeren in Viborg (Denemarken) (publiek domein)

Als ‘voorschot’ op wat nog komen ging, werd Erik van Pommeren in 1389 (toen hij zeven jaar oud was) tot koning van Noorwegen uitgeroepen.
In 1396, werd hij tevens koning van Denemarken en Zweden, al die tijd regeerde zijn oudtante Margrethe.

Het officiële document uit 1397 van de kroning van Erik van Pommeren als koning van Denemarken, Noorwegen en Zweden (foto: Tom Jersø)

Een jaar later, op 17 juni1397, werd hij in Kalmar (in het zuiden van Zweden) officieel gekroond, vijftien jaar oud. Op deze dag werd ook de Unie van Kalmar in het leven geroepen, die de koninkrijken met elkaar verenigde onder één vorst, Erik van Pommeren.*
*) Doordat de drie koninkrijken in het verleden allemaal al koningen met de naam Erik gehad hadden, had Erik van Pommeren verschillende Romeinse cijfers achter zijn naam: zo was hij Erik VII in Denemarken, Erik III In Noorwegen en Erik XIII in Zweden.

De kroning van Erik van Pommeren als koning op 13 juni 1397, met links prominent in beeld Margrethe I, kleurenlitho uit 1898 door Rasmus Christiansen (1863-1940) (publiek domein)

De eigenlijke machthebber echter, was (nog steeds) zijn adoptiemoeder Margrethe, die daarmee de machtigste vrouw in Europa werd, hoewel dat een publiek geheim was.

De Unie van Kalmar

De uniebrief of oprichtingsdocument van de Unie van Kalmar, gedateerd 17 juni 1397, in tegenstelling tot de koningsbrief zien we dat hier de oorspronkelijke zegels onderaan het document zijn verdwenen (foto: Tom Jersø)

De uniebrief uit 1397 werd mede ondertekend door 67 edelen, bisschoppen en andere geestelijken uit Denemarken, Zweden en Noorwegen.
Er stond onder meer in: ‘Een bestendige, onverbreekbare eenheid, vrede en bondgenootschap, zodanig dat de rijken nooit meer gescheiden worden, zo God het wil.’
Verder werd bepaald dat de koning altijd begeleid moest worden door leden van alle drie de rijksraden, waar hij ook verbleef. Dit moest ervoor zorgen dat de belangen van de drie koninkrijken altijd behartigd werden.

Zoals gezegd was het Margrethe naast haar dynastieke belangen ook te doen om een tegenwicht te kunnen bieden aan de Noord-Duitse expansie van de succesvolle Hanzesteden.
Met een verenigd blok van alle Scandinavische landen, kon ze een grotere vuist maken en kon men niet om dit machtsblok heen.

Koningin Margrethe I, afgietsel van een albasten buste uit het Sankt Annen Museum in Lübeck, wellicht vervaardigd door Johannes Junge als voorbereiding op haar beeltenis op haar tombe (fotograaf onbekend)

Zelfs na het volwassen worden van Erik van Pommeren in 1400, bleef de situatie zoals-ie was: Margrethe bleef stug doorregeren, hoewel Erik in naam koning was.
Dat Margrethe zich als vrouw zich zo kon laten gelden, is opmerkelijk, gezien de normaliter onderdanige positie van vrouwen ten opzichte van mannen.
Uit beschrijvingen komt ze naar voren als een knappe verschijning, met donker haar, donkere ogen en een ‘intimiderende blik’, waarbij ze een ‘aura van absoluut gezag’ uitstraalde.
Ze was zeer energiek, doortastend en zeer autocratisch. Daarnaast wordt ze ook beschreven met termen als wijs, diplomatiek en vriendelijk.

Beeltenis van Koningin Margrethe I (1353-1412) op haar tombe in de Kathedraal van Roskilde (publiek domein)

Zo wist ze zich kennelijk vrij moeiteloos te handhaven. Haar dood in 1412, toen ze 59 jaar oud was, moet vrij plotseling geweest zijn, hoewel niet 100% zeker is waaraan ze overleed. Mogelijke scenario’s zijn: de pest of vergiftiging door Erik van Pommeren.

De tombe van Koningin Margrethe I is een werk van beeldhouwer Johannes Junge (?-?) (© Schousboe)

Koning Erik had nu ‘het rijk alleen’ en nam de leiding van de Unie van Kalmar over.
Na een aantal impopulaire oorlogen (en daardoor invoering van hogere belastingen) kwamen de Zweedse en Deense boeren in opstand, en in 1439 werd de kinderloze Erik van Pommeren afgezet.

Erik I (1382-1459), hertog van Pommeren, koning van Denemarken, Noorwegen en Zweden, ongedateerd olieverfportret door een onbekende schilder (Collectie Nationaal Museum, Stockholm)

Vervolgens werd Christiaan van Beieren als koning gekozen door de adel, maar het kwam daarna eigenlijk niet echt meer goed tussen de verschillende koninkrijken (en dus ook niet met de Unie van Kalmar).
Het was een komen en gaan van koningen (na Christoffel van Beieren waren dat Christiaan I, Johan en Christiaan II) en veldtochten, belegeringen en oorlogen.

Christiaan II (1481-1559), koning van Denemarken, Noorwegen en Zweden, schilderij uit circa 1523-1530 door Lucas Cranach de Oude (1472-1553) (Collectie Museum der bildende Künste, Leipzig)

Toen de Deense Koning Christiaan II (officieel dus ook koning van de Unie) een aantal Zweeds edelen en geestelijken van ketterij beschuldigde, liet hij hij 82 van hen executeren op 8 en 9 november 1520, een gebeurtenis die de geschiedenis inging als het ‘Stockholms bloedbad’.
De executies leidden tot een massale opstand, en al een jaar later raakte de koning Zweden kwijt. Op 5 juni 1523 liet de Zweedse rebellenleider Gustav Vasa zich tot Zweeds koning kronen, vandaag 499 jaar geleden.

Gustav Vasa (1496-1560), koning van Zweden, ongedateerd portret uit 1557/58 door een onbekende schilder (Collectie Gripsholms Slott, Zweden)

Met het uitroepen van Vasa als koning van Zweden kwam er eind aan 126 jaar Unie van Kalmar.
Op papier bestond de Unie nog tot 1536, maar het functioneerde niet meer als voorheen. In 1536 ‘verlaagde’ de Deense koning Noorwegen tot een Deense provincie.
De Noorse overzeese gebieden IJsland, Groenland en de Faeröer werden het bezit van de Deense Kroon, waarmee zelfs op papier de Unie ophield te bestaan.

Wapen

Voordat we naar de vlag gaan eerst iets over het wapen. Erik van Pommeren gebruikte in zijn tijd als koning van de verenigde koninkrijken in de Unie van Kalmar een zegel met de verschillende wapens van zijn rijk en we zien het hieronder afgebeeld.
Naar aanleiding van dit wapen heeft de heraldicus Alain Thébault in 2014 een reconstructie gemaakt hoe zijn wapen eruit gezien zou kunnen hebben.

Links: het koningszegel van Erik van Pommeren, circa 1398=1345 / Rechts: Op basis van dit zegel maakte heraldicus Alain Thébault in 2014 een reconstructie hoe of het wapen van Erik eruit gezien zou kunnen hebben: het schild is door een rood kruis (zou ook goud geweest kunnen zijn) gevierendeeld, over het midden van het kruis een hartschild met het wapen van Noorwegen, 1e kwartier: het wapen van Denemarken met de drie gaande leeuwen, 2e kwartier: drie gouden kronen op een blauw veld, wat we nu als wapen van Zweden kennen, maar hier waarschijnlijk symbool staat voor de drie koninkrijken en dus voor de Unie van Kalmar, 3e kwartier: de zogenaamde klimmende ‘leeuw van Folkungar’ voor Zweden, 4e kwartier: een klimmende griffioen voor Pommeren (© Alain Thébault)

Interessant is ook een 16e eeuws wandtapijt, waar Erik op is afgebeeld, waarbij zijn wapen onderin wordt weergegeven.

“Erik, de 9e Prins van Pommeren”, wandtapijt uit circa 1581-84, uit een serie waarvan er nog 15 zijn overgebleven, met de beeltenis van Deense vorsten, gemaakt door Nederlandse wevers in Helsingør, naar tekeningen van de Vlaming Hans Knieper (?-1587) voor Kasteel Kronborg, op de achtergrond Deense schepen, aan zijn voeten een kroon en scepter, daaronder een wapenschild, dat we hieronder vergroot zien weergegeven (Collectie Nationalmuseet, Kopenhagen)
Hier zien we het wapen in detail: het is verticaal gehalveerd, met links (heraldisch rechts) drie gouden kronen op een blauw veld, die we kennen als het wapen van Zweden, maar in dit geval waarschijnlijk voor de de drie koninkrijken uit de Unie van Kalmar staan, rechts (heraldisch links) zien we de klimmende griffioen van Pommeren (Collectie Nationalmuseet, Kopenhagen)

De vlag

Vlag van de Unie van Kalmar (1397-1523)

Zoveel als we over de Unie van Kalmar weten (bovenstaande tekst is nog maar een fractie wat er over te vertellen valt), zo weinig weten over de vlag!
Toch zien we haar hierboven: een gele vlag met een rood Scandinavisch kruis.

Probleem is dat de unievlag nergens afgebeeld is, laat staan dat er één bewaard is gebleven.

Aan de priesters van Vadstena schrijft Koning Erik: “…rykins/rykens baner swa som ær eth røth kors oppa eth gulth fiæld”, dus “de vlag van de rijken” (meervoud), zijnde “een rood kruis op een gouden (of geel) veld”.
De priesters van Kalmar laat hij het volgende weten:“…rikesens baneer swa som ær eth røth kors vti eth gult feld”, wat in iets andere bewoordingen dezelfde omschrijving geeft.

En daar moeten we het mee doen!

Dank aan Jan Oskar Engene uit Noorwegen, die me de citaten van Koning Erik toespeelde, oorspronkelijk gepubliceerd in Heraldisk Tidsskrift, No. 76, 1997, p. 245, in een artikel van Nils G. Bartholdy.

Denemarken – Grundlovsdag / Grondwetdag (1849)

De vijfde juni is een officiële feestdag in Denemarken. Grundlovsdag (Grondwetdag) herdenkt 5 juni 1849, de dag waarop Denemarken een constitutionele monarchie werd. Koning Frederik VII zette op deze dag zijn handtekening onder de nieuwe grondwet.

De eerste pagina van de Deense Grondwet van 1849, de tekst op de voorpagina luidt: “Wij, Frederik de Zevende, bij de gratie Gods, Koning van Denemarken, de Wenden en de Gauten, Hertog van Sleeswijk, Holstein, Stormarm, Dithmarschen, Lauenburg en Oldenburg, verklaar aan allen…” (publiek domein)

Het absolute koningschap uit 1665 werd hiermee afgeschaft. Hetzelfde gebeurde in Nederland één jaar eerder in 1848 met de Grondwetherziening onder leiding van Thorbecke.

denemarken portretten
Koning Frederik VII (1808-1863), schilderij door August Schløtt (1823-1895) / “Den grundlovgivende Rigsforsamling”, de Deense parlementsleden op 23 oktober 1848, geschilderd tussen 1861 en 1865 door Constantin Hansen (1804-1880) (Collectie Slot Frederiksborg, Hillerød

Verdere aanpassingen waren er in Denemarken in 1866, 1915 (algemeen vrouwenkiesrecht) en 1953. Bij die laatste wijzigingen van 1915 en 1953 gebeurde de ondertekening opnieuw op de vijfde juni.

Kaart van Denemarken (© freeworldmaps.net)

Het is in Denemarken een grotendeels politieke dag, met speeches en bijeenkomsten door politieke partijen. Eigenlijk is het maar een halve vrije dag: winkels en instellingen zijn ’s morgens nog geopend, maar ’s middags dicht.

De vlag

Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Deense vlag behoort tot de oudste vlaggen ter wereld en de oudste nationale vlag die continu in gebruik is gebleven, in ieder geval sinds de 14e eeuw. De vlag bestaat uit een rood veld met een wit Scandinavisch kruis. Er zijn verschillende legendes in omloop over het ontstaan van de vlag.

De bekendste daarvan verhaalt van een vlag die uit de hemel neerdaalde op 15 juni 1219 bij de slag bij Lyndanisse (het tegenwoordige Talinn, hoofdstad van Estland). De vlag, die opgevangen werd door aartsbisschop Anders Sunesen,was een teken van nieuwe hoop tijdens deze slag (een kruistocht tegen Estland), onder aanvoering van de Deense koning Waldemar II. De strijd, die tot dat moment niet bijster succesvol was verlopen voor Waldemar, werd door deze goddelijke interventie alsnog in zijn voordeel beslecht.

De Deense vlag valt uit de hemel in 1219, schilderij uit 1809 door Christian August Lorentzen (1749-1828) © (Statens Museum for Kunst, Kopenhagen)

Het is maar een legende natuurlijk, wat de precieze oorsprong van de vlag is, valt niet meer te achterhalen.

De vlag heeft een naam, Dannebrog, wat zoveel als Deense banier betekent. Met zijn Scandinavische kruis stond hij model voor verschillende Noordse vlaggen, zoals Noorwegen, Zweden, Finland, Åland, Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland.

denemarken vlaggenrij 1
V.l.n.r.: de vlaggen van Noorwegen, Zweden, Finland en Åland
denemarken vlaggenrij 2
V.l.n.r.: de vlaggen van Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland

Sinds 1854 is het vlaggebruik in de wet opgenomen en sinds die tijd kan iedere Deen die dat wil de vlag uitsteken.

De koninklijke standaard van Koningin Margrethe II

De koningin gebruikt haar persoonlijke vlag (standaard), een variatie op de Dannebrog: het model is een zogenaamde zwaluwstaart met twee punten en het koninklijke wapen op een wit vierkant over het centrum van het kruis geplaatst.

Estland – Eesti Lipu Päev / Vlagdag (2004)

Deze Estse feestdag bestaat sinds 2004. Het is weliswaar een officiële feestdag, maar het levert de Esten geen dagje vrij op. Wel is er uiteraard veel vlagvertoon, zowel officieel als door de bevolking. De datum van 4 juni hangt samen met de geschiedenis van de vlag (zie hieronder).

Vlagvertoon op Eesti Lipu Päev (foto: Mati Hiis)

De vlag

Vlag van Estland

De vlag is een horizontale driekleur in blauw, zwart en wit. De kleuren vinden hun ietwat ongewone oorsprong in de studentenvereniging Vironia in de universiteitsstad Tartu. Deze vereniging, opgericht in 1881, wilde zich onderscheiden door een vlag. Dat werd de vlag die we tegenwoordig als de nationale Estse vlag kennen.

De allereerste vlag van Estland is bewaard gebleven en is te zien in het Nationale Museum van Estland, goed zichtbaar is dat het blauw oorspronkelijk lichter was, de pantonekleur was toen 289C, nu is dat 285C (foto: Märt Kose / publiek domein)

Bronnen spreken elkaar tegen over wanneer de vlag voor het eerst te zien dan wel uitgestoken werd, óf op 17 óf op 29 september 1881.

estland kaart
Links: wapen van de studentenvereniging Vironia (1925-heden) / Rechts: de kaart van Estland (© freeworldmaps.net)

Dan circuleert er ook nog een datum van 4 juni 1884 en dat is de dag die de Estse regering aanhoudt voor de Vlagdag. In deze versie zou de vlag gemaakt zijn in Tartu, door een ploeg naaisters onder leiding van Paula Hermann, de vrouw van dr. Karl August Hermann, een erelid van de studentenvereniging. Deze was voor het eerst te zien tijdens een kerkdienst in Otepää; tijdens deze dienst zou de vlag gezegend zijn.

estland portretten
Links: Karl August Hermann (1885-1909) / Midden: Paula Hermann, uit de groepsfoto rechts ‘gelicht’ / Rechts: Paula Hermann met de groep naaisters die de eerste vlag van Estland naaiden (© tartu.postimees.ee)

De gebruikte kleuren werden uitgelegd als blauw voor de hemel, zwart voor het land en wit voor de sneeuw. Toen deze vlag in 1896 tijdens een zangfestijn werd gebruikt als demonstratie tegen de Russische overheersers, werd hij prompt verboden. Daarmee bereikte de vlag onmiddellijk de status van nationaal symbool.

De Estse vlag op 1 november 1905 tijdens een demonstratie in Tartu (publiek domein)

Vanaf 1918 tot 1940 was het de nationale vlag van Estland. Daarna werd de vlag opnieuw verboden. Vanaf 1990 is hij in ere hersteld. Kennelijk vond men de verklaring van de kleuren door de studenten in 1881 iets te makkelijk, want allerlei symboolwaardes zijn er inmiddels aan toegevoegd.

De vlag van Estland in de vorm van een natuurlijk landschap, een werk van Valmar Valdmann uit 2009 (publiek domein)

Het blauw staat dan voor geloof, trouw en toewijding. Ook worden lucht, zee en meren genoemd. Het zwart zou symbool zijn voor het ‘zwarte’ verleden van Estland, in de zin van het vele lijden van de Esten onder vreemde overheersers. Het wit wordt uitgelegd als het streven naar verlichting en deugd, maar ook als de kleur van de bast van de berk en door de middernachtzon beschenen nachten.

Vlag van de president

Presidentiële vlag van Estland

De vlag van de president, vastgesteld in 1993 heeft de ‘grote’ versie van het nationale wapen midden op de vlag.

President Alar Karis (1958) met de presidentiële vlag van Estland (foto: Liis Treimann)

Het wapen bestaat in een ‘grote’ en ‘kleine’ vorm. De eerste versie heeft rond het schild twee gekruiste gouden eikentakken, de tweede bestaat alleen uit het schild.
Op het gouden schild zien we drie zogenaamde ‘gaande leeuwen’ in blauw, rood ‘genageld en getongd’.

V.l.n.r.: Wapen van Denemarken / Groot wapen van Estland / Klein wapen van Estland

De drie leeuwen zijn afkomstig van het wapen van de Deense Koning Waldemar II, die in 1219 het noorden van Estland veroverde, waarna de leeuwen als wapen voor Reval gebruikt werden, toen de belangrijkste stad van deze Deense ‘kolonie’, tegenwoordig beter bekend onder de huidige naam Talinn, hoofdstad van Estland.

Kaart van het “Deense Rijk” na de overwinningen van Waldemar”, waar we rechts de Estse ‘kolonie’ zien, uit:’ Historisk Atlas” door Hildebrand Selander (Norstedt & Söner, Stockholm, 1880) (publiek domein)

De stad heeft dit wapen altijd behouden (net als Denemarken trouwens). En net als het land waar het de hoofdstad van is, heeft Talinn een ‘grote’ en een ‘kleine’ versie, maar om dingen nog wat ingewikkelder te maken: de stad heeft ook een ‘middelste’ versie!

V.l.n.r.: Groot wapen van Talinn / Middelste wapen van Talinn / Klein wapen van Talinn

De ‘grote’ en daarmee uitgebreidste versie heeft naast het gouden schild en de drie leeuwen een uitgebreide bekroning: het wordt gedekt door een zilveren helm met een gesloten vizier met rode voering en een gouden ketting rond de nek.
De helm is op zijn beurt gedekt met een gouden kroon waaruit als helmteken een gekroonde vrouwenfiguur oprijst, gekleed in het rood en met de armen voor de borst gekruist.
Verder is het wapen rijk versierd met een overdaad aan zogenaamde dekkleden in de kleuren goud en blauw.

De ‘middelste’ versie van het wapen van Talinn is in principe gelijk aan de ‘kleine’ versie van het wapen van Estland, het gouden schild met de drie blauwe leeuwen, alleen is de uitvoering iets anders.
De ‘kleine’ versie is daarentegen totaal anders, maar ook hier zien we de erfenis van Denemarken: een wit kruis op een rood veld, heden ten dage onmiddellijk herkenbaar als de Dannebrog, de Deense vlag.

Toen Denemarken zijn Estse gebied in 1346 verkocht aan de Duitse Ordestaat (Staat des Deutschen Ordens) werd het wapen van Reval/Talinn gehandhaafd en uiteindelijk symbool voor het hele gebied.
Dit bleef zo, ook toen Estland weer eens van eigenaar wisselde.

Estland onder Zweeds bestuur als het Hertogdom Estland (Swedish Estonia op de kaart), een deel van het tegenwoordige Estland was toen onderdeel van een ander gebied onder Zweeds bestuur, Lijfland (Swedish Livonia op de kaart), tegenwoordig Letland, een derde gebied onder de Zweedse Kroon was Ingermanland (Swedish Ingria op de kaart), tegenwoordig Russisch gebied (© Thomas Blomberg, gebaseerd op ‘Sveriges historia intill tjugonde seklet’ door Emil Hildebrand uit 1906)

Zo werd het onder Zweeds bestuur het Hertogdom Estland (1561-1721), onder Russisch bestuur het Gouvernement Estland (1721-1917), waarna het in 1918 onafhankelijk werd.

Kaart uit 1820 van het Gouvernement Estland, onder Russisch bestuur (uit ‘Geografische atlas van het Russische rijk, het Koninkrijk Polen en het Groothertogdom Finland’ door luitenant-kolonel Vasily Petrovich Pyadyshev (1758-1835)) (publiek domein)

De enige periode waarin het wapen verboden werd, was die van de bezetting vanaf 1940 door de Sovjet-Unie, maar bij de hernieuwde onafhankelijkheid in 1990, keerde het wapen terug.

Noorwegen – Grunnlovsdag / Syttende Mai / Nasjonaldagen / Grondwetdag / Zeventiende Mei / Nationale Dag (1814)

Vijf vlaggen vandaag. Vlag 1:

De 17e mei is de nationale feestdag van Noorwegen. Het is bekend onder verschillende namen: Grunnlovsdag (Grondwetdag), Syttende mai (Zeventiende mei) en Nasjonaldagen (Nationale dag). Het herdenkt de 17e mei 1814 toen in Eidsvoll (ten noordoosten van Oslo) de grondwet werd aangenomen.

Eidsvoll
17 mei 1814: de Noorse grondwet wordt aangenomen in Eidsvoll; olieverfschilderij uit 1885 van Oscar Wergeland, te zien in het Storting (parlementsgebouw) in Oslo

De stichting van Noorwegen als onafhankelijk koninkrijk werd daarmee tevens een feit. Tot 1905 echter deelde Noorwegen zijn monarch met Zweden, de Zweedse koning was tevens koning van Noorwegen. In dat jaar werd de Deense prins Carl uitgenodigd koning van Noorwegen te worden. Hij accepteerde onder de naam Haakon VII.

Haakon VII
Koning Haakon VII (1872-1957) (© kongehuset.no)

Vanaf 1864 werd de nationale dag eigenlijk voor het eerst gevierd op een manier die we heden ten dage nog herkennen: met kinderparades. Tot 1899 waren het uitsluitend jongens, maar vanaf dat jaar lopen de meisjes ook mee. In de hoofdstad Oslo voert de grootste parade langs het koninklijk paleis waar de koninklijke familie (koning en kroonprins met hoge hoed) traditiegetrouw de menigte toezwaait.

Een deel van de koninklijke familie op het paleisbalkon: V.l.n.r.: Marius Borg Høiby (zoon van Prinses Mette-Marit uit haar eerste huwelijk), Prinses Mette-Marit, Kroonprins Haakon, Prinses Ingrid Alexandra, Koningin Sonja en Koning Harald (foto: Lise Ãserud)
Een lange parade trekt aan het paleis voorbij, met héél veel vlaggen! (foto: Lise Ãserud)

De vlag

Vlag van Noorwegen (1821-1844/1899-heden)

De Noorse vlag werd aangenomen op 4 mei 1821 en combineert eigenlijk twee vlaggen: die van Denemarken, de Dannebrog en de blauwe kleur uit de Zweedse vlag. Denemarken en Noorwegen waren lange tijd in een personele unie met elkaar verbonden, waarbij de Deense vlag ook in Noorwegen wapperde. Het blauw uit Zweden representeerde in 1821 de band met Zweden, met welk land het op dat moment een koning deelde.

Links: Portret van Frederik Meltzer (1779-1855), portret uit 1850 door Frederik Nicolai Jensen (1818-1870) (Collectie Norsk Folkemuseum, Bygdøy, Oslo) / Rechts: De originele ontwerptekening van Meltzer voor de Noorse vlag

De ontwerper van de vlag, Frederik Meltzer, koos uiteindelijk voor het Scandinavische kruis. In een eerder ontwerp had hij de kleuren rood, wit en blauw horizontaal gerangschikt, net als de Nederlandse vlag. De verbondenheid met de andere Scandinavische landen leek hem echter uiteindelijk belangrijker.

Noors-Zweedse Unievlag (1844-1899)

Tussen 1844 en 1899 had de Noorse vlag in het kanton een gecombineerde afbeelding van de Noors-Zweedse Unie. Vanaf 10 december 1898 wordt de vlag zonder het embleem erkend en is sindsdien niet meer gewijzigd.

Noorse staats- en oorlogsvlag

Naast de standaardversie van de Noorse vlag is er ook een zogenaamde zwaluwstaartvlag of ingehoekte vlag in gebruik. Dit is de staats- en oorlogsvlag.

Zweden – Födelsedag Kung Carl XVI Gustaf / Verjaardag Koning Carl Gustaf XVI (1946)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Vandaag viert de Zweedse Koning Carl Gustaf zijn 76e verjaardag. Hij deelde zijn verjaardag met wijlen Koningin Juliana, niet geheel toevallig was zij dan ook de peetmoeder van Carl Gustaf en was ze aanwezig bij zijn doop op 7 juni 1946. Op die dag werd onderstaande foto gemaakt van vier generaties: de koning met zijn drie troonopvolgers.

WEBB_19460607_CXIVG_dop.jpg
De jarige van vandaag bij zijn doop op 7 juni 1946 in de armen van zijn overgrootvader koning Gustaf V (1858-1950), zijn grootvader (op dat moment kroonprins en vanaf 1950 koning) Gustaf VI Adolf (1882-1973) en staand zijn vader Gustaf Adolf (1906-1947). (publiek domein)

Nog geen jaar later verongelukte Carl Gustaf’s vader Gustaf Adolf bij een vliegtuigongeluk op de Deense luchthaven Kastrup, waarbij alle inzittenden om het leven kwamen. De prins was op weg terug naar huis na een Nederlandse jachtpartij met prins Bernhard in de bossen bij Soestdijk.

Zodoende groeide Carl Gustaf op zonder vader. Toen zijn opa, Koning Gustaf VI Adolf in 1973 op 90-jarige leeftijd overleed, sloeg het koningschap dus een generatie over, zodat Carl Gustaf relatief vroeg koning werd, op zijn 27e. Drie jaar later trouwde hij met de Duits-Braziliaanse Silvia Sommerlath.

De 40e verjaardag van Carl Gustaf in 1986 werd uitgebreid gevierd met collega’s en aanhang: rechtsvoor Prinses Juliana, die als peetmoeder een ereplaats had naast de Zweedse koning, helemaal links vooraan (naast Koningin Silvia) Koning Olav V van Noorwegen, staand daarachter zien we van links naar rechts o.a. Koning Boudewijn en Koningin Fabiola van België, Koning Juan Carlos I van Spanje, Prins Bertil van Zweden (een oom van Carl Gustaf), zijn vrouw Prinses Lilian, Koningin Sofia van Spanje (in het paars), Koningin Margrethe II van Denemarken (in fel roze), Prins Henrik van Denemarken en Prins Bernhard – net boven de koninginnen Sofia en Margrethe ontwaren we nog Groothertogin Josephine Charlotte en Groothertog Jan van Luxemburg – helemaal vooraan de drie kinderen van het Zweedse koningspaar, Carl Philip, Madeleine en Kroonprinses Victoria (publiek domein)
Recent portret van Koning Carl Gustaf van Zweden (© kungahuset.se)

De verjaardag van de koning wordt traditioneel gevierd met een militaire parade, om 12.00 uur worden er 21 saluutschoten vanaf Skeppsholmen afgevuurd, waarna de koning om 12.18 uur naar buiten komt op het Yttre Borggården, het buitenplein van het Koninklijk Paleis in het centrum van Stockholm (op de foto hieronder is het helemaal aan de linkerkant van het paleis te zien, herkenbaar aan de gebogen zuilengalerij), waar ook publiek welkom is,
Traditioneel geven kinderen bloemen aan de koning en wordt het volkslied gespeeld en meegezongen.

Het Koninklijk Paleis in Stockholm, gelegen aan het Mälarmeer (Mälaren) (screenshot)

Screenshots van de cermonie

De Koning luistert naar de m militaire band op de Yttre Borggàrden
…en ontvangt traditiegetrouw bloemen van kinderen
Een deel van de koninklijke familie slaat de ceremonie gade vanaf een balkon, v.l.n.r.: Prinses Sofia (1984) (echtgenote van Prins Carl Philip), haar zoon Prins Alexander (2016), Prins Daniel (1973), (echtgenoot van de Kroonprinses), toekomstige troonopvolgster Prinses Estelle (2012), Koningin Silvia (1943), Kroonprinses Victoria (1977) en Prins Oscar (2016)

De koninklijke standaard

Royal_standard_of_Sweden.svg.png

De vlag die vandaag wappert is de Zweedse koninklijke standaard. De basis voor deze vlag is de nationale vlag. De koninklijke versie is echter een bijzonder model, een zogenaamde zwaluwstaart. Aan de vluchtzijde heeft de vlag twee driehoekige uitsparingen, wat resulteert in een vlag met drie punten. Over het midden van het kruis is het groot rijkswapen afgebeeld op een wit veld. Het ‘grote’ zit hem in de plaatsing van het wapen op een gekroond baldakijn en de twee schildhouders (gekroonde leeuwen).

wapen van zweden

Het gekroonde wapen bevat nogal wat onderdelen: de basis is een blauw veld met een gouden kruis, waarmee het veld in vieren wordt verdeeld. De velden I en IV tonen de drie gouden kronen die sinds 1364 het embleem van Zweden vormen. De velden II en III laten de zogenaamde Folkingen-leeuw zien, sinds 1200 het oude Zweedse koningswapen.

Precies in het midden, over alles heen, een kleiner schild, op zijn beurt verticaal in tweeën gedeeld: links het wapen van het voormalige koningsgeslacht Wasa, rechts het wapen van het huidige Koninklijk Huis: Bernadotte-Pontecorvo. Als laatste onderdeel is aangebracht langs de gehele onderste helft van het schild, de keten van de Orde van de Serafijnen.

Keten van de Meest Nobele Orde van de Serafijnen, de Zweedse ridderorde, gesticht door Koning Frederik I op 27 februari 1748 (publiek domein)

Het wapen is voor het laatst vastgesteld in 1908, de vlag in 1906. De Zweedse koninklijke standaard is geen persoonsgebonden vlag, hij wordt gebruikt door iedere monarch. Ook koningin Silvia gebruikt hem.

Zweedse koninklijke standaard met ‘klein’ wapen

Andere leden van het koningshuis gebruiken een vergelijkbare standaard, maar dan met een ‘klein’ wapen, een gekroond blauw schild, waarop de drie kronen, omringd door de Serafijnenorde.

Denemarken – Fødselsdag Dronning Margrethe II / Verjaardag Koningin Margrethe II (1940)

De laatste twee jaar is de verjaardag van de Deense Koningin Margrethe nauwelijks tot niet gevierd, net als haar vijftig jaar op de troon, afgelopen 15 januari, toen de corona-pandemie opnieuw roet in het eten gooide,
Dat jubileum wordt echter in de loop van de zomer alsnog gevierd.

Een recente foto van Koningin Margrethe, gemaakt naar aanleiding van haar 50-jarig regeringsjubileum, afgelopen 15 januari (© Kongehuset / fotograaf: Per Morten Abrahamsen)

Vandaag viert de koningin haar 82e verjaardag en die zal opnieuw niet heel uitbundig worden. De koningin verblijft momenteel in het Paleis Marselisborg in Aarhus en om 12.00 uur precies zal er een ‘verjaardagsparade’ worden gehouden aan de tuinzijde van het paleis. De koningin en haar familie maken hun opwachting op de veranda en zullen het publiek toezwaaien.

Screenshots

De terrasdeuren van Marselisborg zwaaien open en de jarige komt naar buiten
…waar een grote menigte haar al opwacht
Het kroonprinselijk gezin voegt zich bij de koningin, v.l.n.r.: Kroonprins Frederik, Prins Vincent, Prins Christiaan (de toekomstige kroonprins), Koningin Margrethe II, Prinses Isabella, Kroonprinses Mary en Prinses Josephine (tweelingzus van Prins Vincent)
Links: Koningin Margrethe op 16 april 2010 na aankomst bij het Koninklijk Theater in Kopenhagen, ter gelegenheid van haar 70e verjaardag, ze draagt hier de smaragdenparure (tiara, collier, devant de corsage en oorhangers), de Keten van de Orde van de Olifant en de Plaque van de Orde van de Dannebrog plus een familie-orde (een miniatuurportret van haar vader) (© Kongehuset) / Rechts: Postzegel uit 2012 ter gelegenheid van haar 40-jarig regeringsjubileum (ontwerp: Mikael Melbye en Martin Mörck), de koningin is afgebeeld met het blauwe Ordelint van de Orde van de Olifant en drie zilveren leeuwen uit de Koninklijke Collectie, vervaardigd door Ferdinand Küblich tussen 1665 en 1670


De koninklijke standaard

De Koninklijke Standaard van Denemarken

Denemarken is een luilekkerland voor vlaggenliefhebbers. De Denen houden van vlaggen en de nationale vlag de Dannebrog, de oudste nog bestaande nationale vlag ter wereld, is dan ook overal te zien, ook als wimpel.

Links: Kaart van Denemarken (© freeworldmaps.net) / Rechts: De Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Dannebrog kent heel veel variaties en ook de koninklijke standaard is ervan afgeleid. En het blijft niet bij één standaard: er zijn op dit moment in totaal vier versies binnen de koninklijke familie, waarvan de Koninklijke Standaard van de monarch van Denemarken de belangrijkste is. Die is vandaag dan ook bij Vlagblog te zien.

De basis van de Koninklijke Standaard, die alleen door Koningin Margrethe gebruikt wordt is, zoals gezegd, de Dannebrog, maar dan ingehoekt. Dit staat ook wel bekend als het zwaluwstaart-model, waarbij de vlag in twee punten uitloopt.
Over het midden van het witte kruis heen is het koninklijk wapen te zien. Dit is het ‘grote wapen’, wat betekent dat het wapenschild is voorzien van twee schildhouders, twee zogenaamde ‘wildemannen’. Dit alles geplaatst op de koninklijke hermelijnen mantel met kroon. Net onder het schild hangen de ketens van de twee Deense ridderordes, de Orde van de Dannebrog (Dannebrogordenen) en de Orde van de Olifant (Elefantordenen).

Wapen

Het koninklijke wapen zoals het op de Koninklijke Standaard voorkomt, in detail

Voordat we de andere koninklijke vlaggen nader beschouwen, lichten we eerst het wapenschild even van de koninklijke mantel, zodat de onderdelen beter te zien zijn.

Toen Koningin Margrethe op 16 januari 1972 haar vader Frederik IX opvolgde, waren er al plannen in de maak om het wapenschild te vereenvoudigen. Dat van haar vader was nog veel drukker met nog meer wapenschilden op wapenschilden.
Met haar aantreden deed ze afstand van de inmiddels in onbruik geraakte titels van koningin der Wenden en Goten en de hertogelijke waardigheden van Holstein, Stormarn, Dithmarsken en Lanenburg. De bij deze titels behorende wapenschilden werden voortaan weggelaten.

Het huidige wapen is in vieren verdeeld door het rood omzoomde witte kruis van de Dannebrog, met een hartschild daaroverheen.
Het hartschild is geel met twee rode balken, het is het wapen van Oldenburg, het stamland van het Koninklijk Huis.
Veld I en IV zijn identiek en tevens de oudste onderdelen uit het wapen. Ze gaan terug tot de 12e eeuw en tonen drie zogenaamde gaande leeuwen, gekroond en genageld, in blauw op een geel veld.
Iedere leeuw is vergezeld van drie rode hartjes (hoewel we er op beide schilden eentje missen: het 9e hartje valt weg achter het hartschild, daarom hieronder het schild nog even apart). Deze hartjes zijn eigenlijk pompebladeren (vergelijk de vlag van de Nederlandse provincie Friesland).
Dit schild is tevens het nationale wapen van Denemarken.

Links: Het schild met de drie leeuwen, waar alle 9 hartjes op te zien zijn, tevens het nationale wapen van Denemarken / Rechts: Vlag van de Nederlandse provincie Friesland (Fryslân) waarop ook pompebladeren (pompeblêden) voorkomen, een soort waterlelie

Veld II toont twee gaande leeuwen in blauw op een geel veld, symbool voor Sleeswijk.
Veld III is, zoals dat heraldisch heet, doorsneden en half gedeeld, waardoor er drie deelvakken ontstaan.
De drie gouden kronen bovenin herinneren aan de Unie van Kalmar (1397-1523/36), een samenwerkingsverband tussen de Scandinavische koninkrijken Denemarken, Noorwegen en Zweden. De drie gouden kronen komen we ook tegen in het wapen van Zweden.
Onderin zien we de symbolen voor de tot Denemarken behorende rijksdelen: de Faeröer (gelegen tussen Schotland en IJsland) en Groenland, gesymboliseerd door respectievelijk een zilveren ram en een zilveren ijsbeer.

Ordes

De eerste van de twee ketens van de ridderordes is de Orde van de Dannebrog (Dannebrogordenen), die in 1672 werd ingesteld door Koning Christiaan V, maar teruggaat op de Orde die Koning Waldemar II reeds in 1219 instelde en de naam draagt van de Deense vlag.
In 1808 bepaalde Koning Frederik VI dat de Orde een moderne Orde van Verdienste met vier graden moest worden.
De Deense overheid is niet scheutig met het verlenen van deze letterlijk kostbare Orde, waarbij de versierselen van de hogere graden in goud en zilver worden uitgevoerd.
Vanaf 1951 kunnen er naast ridders ook dames in de Orde worden opgenomen.

Links: Koning Waldemar II (1170-1241), afgebeeld op het Koningsfries uit ±1325 in de Sankt Bendtskerk in Ringsted, Sjælland (let op het schild met de drie leeuwen!) (publiek domein/ Orf3us, 2016) / Rechts: Koning Christiaan V (1646-1699) olieverfschilderij uit de tweede helft van de 17e eeuw, door Jacques d’Agar (1640-1715) (Collectie Frederiksborg Museum, Hillerød)

De keten van de Orde bestaat uit aan elkaar geschakelde kruizen en monogrammen met een kruis als pendant.
De monogrammen zijn de W en de C voor respectievelijk Koning Waldemar II en Koning Christiaan V.

Links: Keten van de Orde van de Dannebrog met als pendant een wit geëmailleerd Latijns kruis / Rechts: Keten van de Orde van de Olifant met als pendant een wit geëmailleerde krijgsolifant

Onder de Orde van de Dannebrog zien we de hoogste Deense Orde: de Orde van de Olifant (Elefantordenen).
Deze Orde is net als de Orde van de Dannebrog een van de oudste nog bestaande ridderordes en gaat waarschijnlijk terug tot de door Koning Christiaan I in 1462 opgerichte ‘ordebroederschap’ onder de naam Guds Moders Selskab (Broederschap van de Moeder Gods). Het is mogelijk dat de keten van deze Orde al olifanten had. Vanaf 1508 komt de olifant als symbool van de Orde met zekerheid voor.
De huidige statuten van de Orde werden in 1693 vastgesteld door Koning Christiaan V. Pas vanaf 1958 kan de Orde ook aan vrouwen worden verleend.

De Orde wordt hoofdzakelijk aan staatshoofden en leden van regerende vorstenhuizen verleend. En hoewel het een staatsorde betreft, lijkt het qua verlening dus meer op een Huisorde, omdat automatisch alle Deense prinsen en prinsessen in de Orde worden opgenomen.

Zoals gezegd is het symbool van de Orde een olifant, specifieker een krijgsolifant met een gevechtstoren op de rug, symbool voor het strijdbare christendom.
De keten van de Orde bestaat uit aan elkaar geschakelde olifanten en gevechtstorens met een olifant als pendant.
Als staatshoofd is Koningin Margrethe grootmeesteres van beide ordes.

Gebruik

Terug naar de Koninklijke Standaard zelf dan. De koningin heeft de beschikking over meerdere paleizen, die ze traditiegetrouw op vaste tijden in het jaar bewoont. Als ze ten paleize is, is dat te zien aan de Koninklijke Standaard die dan boven het desbetreffende paleis wappert.

Slot Marselisborg in Aarhus met de Koninklijke Standaard in top (© Kongehuset)

Gedurende de zomer is ze meestal te vinden op Slot Marselisborg in Aarhus of Slot Gråsten in het zuiden van Jutland.
In de winter gebruikt ze Paleis Amalienborg in het centrum van Kopenhagen.

Paleis Amalienborg in Kopenhagen (publiek domein)

In de lente en de herfst is Paleis Fredensborg aan de beurt, 30 km ten noorden van Kopenhagen.
Daarnaast staat er ’s zomers met enige regelmaat een vaartocht op het programma met het koninklijke jacht Dannebrog, dat dan ook de Koninklijke Standaard voert.

HDMY Dannebrog, het koninklijk jacht, gebouwd in Kopenhagen in 1931, in 2017 voor anker in de hoofdstad (Colin/publiek domein)

In verkleinde vorm wordt de Koninklijke Standaard, net als in andere koninkrijken op hofauto’s gebruikt.

De Koninklijke Standaard en de Standaard van Prins Henrik in mini-uitvoering op de in 1958 aangeschafte hofauto “Store Krone” (“Grote Kroon”), een Rolls Royce Silver Wraith LGLW 25, de naam komt van de koningskroon die als nummerbord dient (aankomst van Koningin Margrethe en Prins Henrik bij het Koninklijk Theater in Kopenhagen. op 16 april 2010, bij gelegenheid van haar 70e verjaardag) (© Bauer Griffin)

Standaard van de Kroonprins

Standaard van de Kroonprins

Zoals al vermeld in de introductie zijn er momenteel vier koninklijke vlaggen in gebruik (allemaal zwaluwstaarten) en de tweede in de rij is de Standaard van de Kroonprins, die sinds 1914 in gebruik is.

Prins Frederik is de oudste van de twee zonen van de koningin en daarmee de kroonprins. Hij is getrouwd met de Australische Mary Donaldson.

Links: Kroonprins Frederik (1968) (© Kongehuset) / Rechts: Standaard van de Kroonprins boven Paleis Amalienborg (© Kaishu Tai, 2017)

De Standaard van de Kroonprins laat het gekroonde nationale wapen zien, omhangen met de keten van de Orde van de Olifant.

Standaard van de Regent

Standaard van de Regent

Nummer drie in de serie is een interessante, het is de Standaard van de Regent en Denemarken is de enige monarchie die hier een aparte vlag voor voert en dat heeft alles te maken met het feit dat in Denemarken ten allen tijde een troongerechtigd lid van het Koninklijk Huis aanwezig moet zijn. Ook deze vlag is in 1914 ingevoerd.

Als de koningin ’s zomers een paar weken doorbrengt op het Franse landgoed Cayx van haar in 2018 overleden man Prins Henrik, moet iemand het koninklijk gezag waarnemen. Net als wanneer de koningin buitenlandse bezoeken aflegt of de andere landsdelen (Faeröer en Groenland) aandoet.

De Standaard van de Regent toont dan ook de zogenaamde regalia, de symbolen van het koninklijk gezag: de kroon, de gekruiste scepter en rijkszwaard en de rijksappel.

Regalia van Denemarken: Centraal de koningskroon van Christiaan V uit 1671 (omhangen met de Orde van de Olifant), daarnaast de koninginnenkroon van Sophie Magdalene (vrouw van Christiaan VI) uit 1731, de scepter en de rijksappel van Frederik III uit 1648 en het rijkszwaard uit 1643, een huwelijksgeschenk van Christiaan IV aan zijn zoon Frederik III (publiek domein)

Momenteel zijn er drie personen die als regent kunnen optreden, te weten: Kroonprins Frederik, zijn broer Prins Joachim en de jongere zuster van de koningin, Prinses Benedikte.

V.l.n.r.: Kroonprins Frederik (1968) (© Kongehuset) / Prins Joachim (1969) (© Kongehuset) / Prinses Benedikte zu Sayn Wittgenstein-Berleburg (1944), hier met de Orde van de Olifant



Standaard van het Koninklijk Huis

Standaard van het Koninklijk Huis

Deze koninklijke vlag zou je oneerbiedig kunnen betitelen als ‘overig’. Hij toont de koningskroon en is bedoeld voor die leden van het Koninklijk Huis, naast het staatshoofd en troonopvolger.

V.l.n.r.: Prinses Mary (Mary Donaldson, 1972) (© Kongehuset) met de Orde van de Olifant / Prinses Marie (Marie Cavallier, 1976) en Prins Joachim (1969) (© Kongehuset) / Prinses Benedikte zu Sayn Wittgenstein-Berleburg (1944), (© Frankie Fouganthin/publiek domein)

Volwassen leden van het Huis die deze standaard voeren, zijn Prinses Mary (de vrouw van de kroonprins), Prins Joachim, diens vrouw Prinses Marie en Prinses Benedikte.

Niet meer in gebruik

Standaard van Prins Henrik

Tot en met 2018 was er nog een vijfde standaard in gebruik, nl. de Standaard van de Prins-Gemaal, de uit Frankrijk afkomstige echtgenoot van Koningin Margrethe, die op 13 februari 2018 overleed.

Prins Henrik, geboren als Henri de Laborde de Monpezat, voerde een vlag die op het oog veel op die van Koningin Margethe lijkt, maar uiteraard niet hetzelfde is.

Links: Prins Henrik (Henri de Laborde de Monpezat, 1934-2018) (© Kongehuset) / Rechts: Wapen van het Huis van Monpezat

Veld II en III tonen het familiewapen van Henrik, een gouden leeuw met drie gouden sterren op een rood veld. En in plaats van wildemannen, zijn de schildhouders hier twee gouden leeuwen.



Finland – Suomen Kielen Päivä / Dag van de Finse Taal

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Deze Finse feestdag staat ook bekend onder de naam Mikael Agricolan Päivä (Mikael Agricola-dag). Agricola was de grondlegger van het Fins in geschreven vorm. De 9e april is zijn sterfdag.

Mikael Agricola werd geboren als Mikael Olavinpoika (= zoon van Olav) rond 1510 in een boerengezin in het zuid-Finse dorpje Torsby. Over zijn jeugd is niet veel bekend, maar waarschijnlijk was het gezin waarin hij opgroeide met nog drie zussen, niet onbemiddeld.
Op school viel hij bij zijn onderwijzers al snel op door zijn aanleg voor taal en de rector van de school adviseerde om hem door te sturen naar de Latijnse School in Vyborg (tegenwoordig een Russische stad, net over de Finse grens). De school onderwees niet alleen in talen, maar er hoorde ook een gedeeltelijke priesteropleiding bij.
Of Mikael van huis uit Fins of Zweeds sprak is niet meer na te gaan, feit is dat hij beide talen vloeiend sprak, dus wellicht is hij tweetalig opgegroeid.

Kaart van het Zweedse Rijk – in donkergroen het grondgebied tijdens Agricola’s leven, inclusief Finland (© Ortus-imperii-suecorum.png: Memnon335bc)

In het 16e eeuwse door Zweden overheerste Finland was de Finse taal ondergeschikt aan het Zweeds. De taal van de overheid was het Zweeds, de taal in de kerk Latijn en de taal van de handel het Middelnederduits.
Tijdens zijn studie in Vyborg nam hij de naam achternaam Agricola (= boer) aan. Het was in die tijd niet ongebruikelijk om een achternaam te kiezen die teruggreep op het beroep van de vader.
In Vyborg kwam hij ook onder de invloed van de nog prille Reformatie en woonde lutherse diensten bij.

Afgestudeerd en wel toog hij in 1528 naar Turku, toen het centrum van Zweeds Finland en zetel van het bisdom. Hij kwam in dienst bij bisschop Martinus Skytte, als klerk. Hoewel hij dus in dienst was van de rooms-katholieke kerk, liet het lutheranisme hem niet los.

Links: Martinus (Martti) Skytte, detail van een zuil in Hauho met zijn portret in steen, een werk van Tauno Wirkkala / Rechts: Peter (Pietari) Särkilahti, afgebeeld op een historische roman over zijn leven uit 1913 door Santeri Ivalo (1886-1937), uitgeverij WSOY

In Turku kwam hij in contact met Petrus Särkilahti, de eerste Finse student van Maarten Luther, een enthousiast verspreider van Luther’s ideeën en geloofsopvattingen. Toen Särkilahti vroegtijdig stierf in 1529, zag Agricola het als zijn taak om diens werk voort te zetten. Opvallend genoeg werd hij daarin niet tegengewerkt door zijn baas, de bisschop van Turku, die zelf steeds meer opschoof richting lutheranisme.

In 1531 werd Agricola tot priester gewijd en in 1536 stuurde bisschop Skytte hem naar Wittenberg in Duitsland voor een verdere studie onder Maarten Luther himself. Tevens studeerde hij er Grieks onder Luther’s medewerker Philipp Melanchthon.

V.l.n.r.: Maarten Luther (1483-1546), olieverfportret uit 1526 van Lucas Cranach de Oude (1472-1553) (Collectie The Phoebus Foundation) / Philipp Melanchthon, geboren als Philipp Schwarzerdt (1497-1560), olieverfportret uit 1543 van Lucus Cranach de Oude (1472-1553) (Collectie Schloss Gottorf) / Gustav Vasa, koning van Zweden (1496-1560), portret uit 1542 door Jacob Binck (1500-1569) (Collectie Universiteit van Uppsala)

Zowel Luther als Melanchthon waren onder de indruk van Agricola en maakten dat kenbaar aan de Zweedse koning Gustav Vasa. Toen Agricola de koning vervolgens schriftelijk om een stipendium vroeg voor verdere studies, werd dat ingewilligd. Het stelde hem in staat zich verder te verdiepen in het Grieks, door bijvoorbeeld de complete werken van Aristoteles aan te schaffen en te bestuderen.

Links: Wittenberg in 1536 vanuit het zuiden gezien met de Elbe in de voorgrond (uit het Reisealbum des Pfalzgrafen Ottheinrich, Universiteitrsbibliotheek Würzburg) / Rechts: Gedenkplaat voor Agricola in Wittenberg (© Stephencdickson)

Vervolgens komen we dan bij het punt waardoor Agricola nog steeds nationale faam geniet en waar hij al jaren over had nagedacht: hij begon met het in het Fins vertalen van het Nieuwe Testament vanuit de Griekse grondtekst. Dit was uiteraard een megaklus, zeer zeker omdat het Fins als geschreven taal niet gebruikt werd.
Hij begon ermee in Duitsland in 1537, maar het duurde tot 1548 eer zijn werk af was.

Links: Mikael Agricola, hier afgebeeld terwijl hij aan zijn vertaling van het Nieuwe Testament werkt, houtgravure van Albert Edelfelt (1854-1905) / Rechts: Standbeeld van Mikael Agricola voor de kathedraal van Turku, een werk uit 1952 van Oskari Jauhiainen (1913-1990)

Als een soort vingeroefening in het Finse schrift publiceerde hij in 1543 een boekje van 16 pagina’s, met de titel Abckiria , wat een soort beginnersboek voor de Finse taal was. Het bevatte zowel het alfabet, alsmede oefeningen en tot slot een catechismus. De catechismus bevatte de 10 geboden, de geloofsbelijdenis en het Onze Vader.

Links: Voorplat Abckiria (1543) / Rechts: Voorplat Se Wsi Testamenti (1548)

In 1539, dus twee jaar nadat hij in Duitsland met zijn bijbelvertaling begon, keerde hij terug naar Finland, waar hij werd aangesteld als rector van de kathedraalschool van Turku. Dit beviel hem maar matig, hij omschreef zijn leerlingen als “ongetemde dieren”, maar hij hield genoeg tijd over om verder te werken aan de vertaling van het Nieuwe Testament.
Hij trouwde in Turku met Pirjo Olavintytär en kreeg een zoon Christian met haar.

Resultaat van 11 jaar noeste arbeid: Agricola’s vertaling in het Fins van het Nieuwe Testament (© extra.kansalliskirjasto.fi)

In 1543 was de Finse vertaling Se Wsi Testamenti in principe af, maar toen volgden er nog vijf jaar van verbeteringen en correcties, zodat het uiteindelijk in 1548 verscheen. In totaal 718 pagina’s, verlevendigd met vele illustraties. Tevens introduceerde hij veel nieuwe woorden, waarvan sommige de tand des tijds hebben doorstaan, andere niet.

Finse schoolplaat van de hand van Albert Gebhard (1869-1937), waarop Mikael Agricola de Finse vertaling van het Nieuwe Testament aanbiedt aan de Zweedse koning Gustav Vasa (publiek domein)

In 1554 werd Agricola door koning Gustav Vasa benoemd tot bisschop van Turku, zonder toestemming aan paus Julius III te vragen. Sinds zijn voorganger Martinus Skytte was het rooms-katholieke geloof steeds meer ‘verlutheraniseerd’, onder Agricola zette dit verder door, zodat hij wel gezien wordt als de eerste Lutherse bisschop van Finland.

In 1557 leidde Agricola een vredesdelegatie naar Moskou om te trachten de Russisch-Zweedse Oorlog (1554-1557) te beëindigen. De delegatie was succesvol en leidde tot het Verdrag van Novgorod op 2 april. Op de terugweg echter werd Agricola ziek en op 9 april stierf hij in Uusikirkko (tegenwoordig in Rusland, vlakbij Vyborg).

“Agricolan kuolema” (“De dood van Agricola”), schilderij uit 1917 van de hand van Joseph Alanen (1885-1920) (Collectie Tempere Kunstmuseum)

Naast sterfdag van Agricola is de 9e april ook de geboortedag van Elias Lönnrot (1802-1884), schrijver en verzamelaar van oude volksverhalen, die Finlands bekendste epos de Kalevala samenstelde (1835).

De vlag

Vlag van Finland (1918-heden)

De eerste, voorlopige vlag van het onafhankelijke Finland was gebaseerd op het staatswapen: een rode vlag met de gekroonde gele Finse leeuw, staand op een kromsabel, met in zijn rechterpoot een geheven zwaard en negen witte rozen (voor de negen provincies).
Deze afbeelding dient nog steeds als staatswapen.

Vlag van Finland (1917-1918)

Op 29 mei 1918 echter werd de huidige vlag ingevoerd, een egaal witte vlag met een blauw Scandinavisch kruis. Aan de wieg van deze vlag, die vanaf 1861 al op Finse pleziervaartuigen gebruikt werd, stond de dichter Zacharias Topelius, die het wit en het blauw in verschillende verschijningsvormen toepaste, voordat hij uiteindelijk definitief voor het kruis koos om de verbondenheid met de andere Scandinavische landen uit te drukken.

Zacharias Topelius (1818-1898) (© yle.fi)

Het witte veld symboliseert de Finse winters en de kleur blauw de meren en de baaien. De vlag onderging zijn enige verandering op 25 april 1978, toen het lichte blauw van de vlag iets donkerder werd.
De vlag heeft ook een naam: Siniristilippu (De blauwe kruis vlag).

De staat

Naast de ‘gewone’ vlag voert Finland ook een staatsvlag, die door de overheid gebruikt wordt. Deze is grotendeels gelijk aan de nationale vlag, maar in het midden van het blauwe kruis is het staatswapen afgebeeld: de gele Finse leeuw op de kromsabel.

Staatsvlag van Finland

Ook de Finse president voert zijn of haar eigen vlag. de basis is opnieuw de nationale vlag, maar nu uitgevoerd als zwaluwstaart, waardoor de vlag uitloopt in drie punten.
In de broektop is een Finse onderscheiding afgebeeld: De Orde van het Vrijheidskruis, 3e klasse. De Finse president (sinds 2012 is dat Sauli Niinistö) is tevens grootmeester van deze ridderorde.

Links: De Finse Orde van het Vrijheidskruis, 3e klasse / Rechts: Vlag van de president van Finland met de Orde van het Vrijheidskruis