Tagarchief: Noorwegen

Denemarken – Fødselsdag Dronning Margrethe II / Verjaardag Koningin Margrethe II (1940)

Vorig jaar viel de 80e verjaardag van de Deense Koningin Margethe II bijna volledig in het water door de coronacrisis. Het zou twee dagen feest geweest zijn in het land, compleet met een groot galadiner, waar haar vorstelijke collega’s voor waren uitgenodigd. Dat ging allemaal niet door.
In plaats daarvan werd het een tv-gebeuren.

Links: Koningin Margrethe op 16 april 2010 na aankomst bij het Koninklijk Theater in Kopenhagen, ter gelegenheid van haar 70e verjaardag, ze draagt hier de smaragdenparure (tiara, collier, devant de corsage en oorhangers), de Keten van de Orde van de Olifant en de Plaque van de Orde van de Dannebrog plus een familie-orde (een miniatuurportret van haar vader) (© Kongehuset) / Rechts: Postzegel uit 2012 ter gelegenheid van haar 40-jarig regeringsjubileum (ontwerp: Mikael Melbye en Martin Mörck), de koningin is afgebeeld met het blauwe Ordelint van de Orde van de Olifant en drie zilveren leeuwen uit de Koninklijke Collectie, vervaardigd door Ferdinand Küblich tussen 1665 en 1670

Ook de 81e verjaardag van de populaire koningin zal vanwege dezelfde reden alleen in familiale kring kunnen worden gevierd. De verwachting is wel dat er bij leven en welzijn volgend jaar groots uitgepakt kan worden.

Vóór die tijd, op 16 januari 2022, zal ze trouwens de mijlpaal van haar 50-jarig regeringsjubileum kunnen vieren.

De koninklijke standaard

De Koninklijke Standaard van Denemarken

Denemarken is een luilekkerland voor vlaggenliefhebbers. De Denen houden van vlaggen en de nationale vlag de Dannebrog, de oudste nog bestaande nationale vlag ter wereld, is dan ook overal te zien, ook als wimpel.

Links: Kaart van Denemarken (© freeworldmaps.net) / Rechts: De Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Dannebrog kent heel veel variaties en ook de koninklijke standaard is ervan afgeleid. En het blijft niet bij één standaard: er zijn op dit moment in totaal vier versies binnen de koninklijke familie, waarvan de Koninklijke Standaard van de monarch van Denemarken de belangrijkste is. Die is vandaag dan ook bij Vlagblog te zien.

De basis van de Koninklijke Standaard, die alleen door Koningin Margrethe gebruikt wordt is, zoals gezegd, de Dannebrog, maar dan ingehoekt. Dit staat ook wel bekend als het zwaluwstaart-model, waarbij de vlag in twee punten uitloopt.
Over het midden van het witte kruis heen is het koninklijk wapen te zien. Dit is het ‘grote wapen’, wat betekent dat het wapenschild is voorzien van twee schildhouders, twee zogenaamde ‘wildemannen’. Dit alles geplaatst op de koninklijke hermelijnen mantel met kroon. Net onder het schild hangen de ketens van de twee Deense ridderordes, de Orde van de Dannebrog (Dannebrogordenen) en de Orde van de Olifant (Elefantordenen).

Wapen

Het koninklijke wapen zoals het op de Koninklijke Standaard voorkomt, in detail

Voordat we de andere koninklijke vlaggen nader beschouwen, lichten we eerst het wapenschild even van de koninklijke mantel, zodat de onderdelen beter te zien zijn.

Toen Koningin Margrethe op 16 januari 1972 haar vader Frederik IX opvolgde, waren er al plannen in de maak om het wapenschild te vereenvoudigen. Dat van haar vader was nog veel drukker met nog meer wapenschilden op wapenschilden.
Met haar aantreden deed ze afstand van de inmiddels in onbruik geraakte titels van koningin der Wenden en Goten en de hertogelijke waardigheden van Holstein, Stormarn, Dithmarsken en Lanenburg. De bij deze titels behorende wapenschilden werden voortaan weggelaten.

Het huidige wapen is in vieren verdeeld door het rood omzoomde witte kruis van de Dannebrog, met een hartschild daaroverheen.
Het hartschild is geel met twee rode balken, het is het wapen van Oldenburg, het stamland van het Koninklijk Huis.
Veld I en IV zijn identiek en tevens de oudste onderdelen uit het wapen. Ze gaan terug tot de 12e eeuw en tonen drie zogenaamde gaande leeuwen, gekroond en genageld, in blauw op een geel veld.
Iedere leeuw is vergezeld van drie rode hartjes (hoewel we er op beide schilden eentje missen: het 9e hartje valt weg achter het hartschild, daarom hieronder het schild nog even apart). Deze hartjes zijn eigenlijk pompebladeren (vergelijk de vlag van de Nederlandse provincie Friesland).
Dit schild is tevens het nationale wapen van Denemarken.

Links: Het schild met de drie leeuwen, waar alle 9 hartjes op te zien zijn, tevens het nationale wapen van Denemarken / Rechts: Vlag van de Nederlandse provincie Friesland (Fryslân) waarop ook pompebladeren (pompeblêden) voorkomen, een soort waterlelie

Veld II toont twee gaande leeuwen in blauw op een geel veld, symbool voor Sleeswijk.
Veld III is, zoals dat heraldisch heet, doorsneden en half gedeeld, waardoor er drie deelvakken ontstaan.
De drie gouden kronen bovenin herinneren aan de Unie van Kalmar (1397-1523/36), een samenwerkingsverband tussen de Scandinavische koninkrijken Denemarken, Noorwegen en Zweden. De drie gouden kronen komen we ook tegen in het wapen van Zweden.
Onderin zien we de symbolen voor de tot Denemarken behorende rijksdelen: de Faeröer (gelegen tussen Schotland en IJsland) en Groenland, gesymboliseerd door respectievelijk een zilveren ram en een zilveren ijsbeer.

Ordes

De eerste van de twee ketens van de ridderordes is de Orde van de Dannebrog (Dannebrogordenen), die in 1672 werd ingesteld door Koning Christiaan V, maar teruggaat op de Orde die Koning Waldemar II reeds in 1219 instelde en de naam draagt van de Deense vlag.
In 1808 bepaalde Koning Frederik VI dat de Orde een moderne Orde van Verdienste met vier graden moest worden.
De Deense overheid is niet scheutig met het verlenen van deze letterlijk kostbare Orde, waarbij de versierselen van de hogere graden in goud en zilver worden uitgevoerd.
Vanaf 1951 kunnen er naast ridders ook dames in de Orde worden opgenomen.

Links: Koning Waldemar II (1170-1241), afgebeeld op het Koningsfries uit ±1325 in de Sankt Bendtskerk in Ringsted, Sjælland (let op het schild met de drie leeuwen!) (publiek domein/ Orf3us, 2016) / Rechts: Koning Christiaan V (1646-1699) olieverfschilderij uit de tweede helft van de 17e eeuw, door Jacques d’Agar (1640-1715) (Collectie Frederiksborg Museum, Hillerød)

De keten van de Orde bestaat uit aan elkaar geschakelde kruizen en monogrammen met een kruis als pendant.
De monogrammen zijn de W en de C voor respectievelijk Koning Waldemar II en Koning Christiaan V.

Links: Keten van de Orde van de Dannebrog met als pendant een wit geëmailleerd Latijns kruis / Rechts: Keten van de Orde van de Olifant met als pendant een wit geëmailleerde krijgsolifant

Onder de Orde van de Dannebrog zien we de hoogste Deense Orde: de Orde van de Olifant (Elefantordenen).
Deze Orde is net als de Orde van de Dannebrog een van de oudste nog bestaande ridderordes en gaat waarschijnlijk terug tot de door Koning Christiaan I in 1462 opgerichte ‘ordebroederschap’ onder de naam Guds Moders Selskab (Broederschap van de Moeder Gods). Het is mogelijk dat de keten van deze Orde al olifanten had. Vanaf 1508 komt de olifant als symbool van de Orde met zekerheid voor.
De huidige statuten van de Orde werden in 1693 vastgesteld door Koning Christiaan V. Pas vanaf 1958 kan de Orde ook aan vrouwen worden verleend.

De Orde wordt hoofdzakelijk aan staatshoofden en leden van regerende vorstenhuizen verleend. En hoewel het een staatsorde betreft, lijkt het qua verlening dus meer op een Huisorde, omdat automatisch alle Deense prinsen en prinsessen in de Orde worden opgenomen.

Zoals gezegd is het symbool van de Orde een olifant, specifieker een krijgsolifant met een gevechtstoren op de rug, symbool voor het strijdbare christendom.
De keten van de Orde bestaat uit aan elkaar geschakelde olifanten en gevechtstorens met een olifant als pendant.
Als staatshoofd is Koningin Margrethe grootmeesteres van beide ordes.

Gebruik

Terug naar de Koninklijke Standaard zelf dan. De koningin heeft de beschikking over meerdere paleizen, die ze traditiegetrouw op vaste tijden in het jaar bewoont. Als ze ten paleize is, is dat te zien aan de Koninklijke Standaard die dan boven het desbetreffende paleis wappert.

Slot Marselisborg in Aarhus met de Koninklijke Standaard in top (© Kongehuset)

Gedurende de zomer is ze meestal te vinden op Slot Marselisborg in Aarhus of Slot Gråsten in het zuiden van Jutland.
In de winter gebruikt ze Paleis Amalienborg in het centrum van Kopenhagen.

Paleis Amalienborg in Kopenhagen (publiek domein)

In de lente en de herfst is Paleis Fredensborg aan de beurt, 30 km ten noorden van Kopenhagen.
Daarnaast staat er ’s zomers met enige regelmaat een vaartocht op het programma met het koninklijke jacht Dannebrog, dat dan ook de Koninklijke Standaard voert.

HDMY Dannebrog, het koninklijk jacht, gebouwd in Kopenhagen in 1931, in 2017 voor anker in de hoofdstad (Colin/publiek domein)

In verkleinde vorm wordt de Koninklijke Standaard, net als in andere koninkrijken op hofauto’s gebruikt.

De Koninklijke Standaard en de Standaard van Prins Henrik in mini-uitvoering op de in 1958 aangeschafte hofauto “Store Krone” (“Grote Kroon”), een Rolls Royce Silver Wraith LGLW 25, de naam komt van de koningskroon die als nummerbord dient (aankomst van Koningin Margrethe en Prins Henrik bij het Koninklijk Theater in Kopenhagen. op 16 april 2010, bij gelegenheid van haar 70e verjaardag) (© Bauer Griffin)

Standaard van de Kroonprins

Standaard van de Kroonprins

Zoals al vermeld in de introductie zijn er momenteel vier koninklijke vlaggen in gebruik (allemaal zwaluwstaarten) en de tweede in de rij is de Standaard van de Kroonprins, die sinds 1914 in gebruik is.

Prins Frederik is de oudste van de twee zonen van de koningin en daarmee de kroonprins. Hij is getrouwd met de Australische Mary Donaldson.

Links: Kroonprins Frederik (1968) (© Kongehuset) / Rechts: Standaard van de Kroonprins boven Paleis Amalienborg (© Kaishu Tai, 2017)

De Standaard van de Kroonprins laat het gekroonde nationale wapen zien, omhangen met de keten van de Orde van de Olifant.

Standaard van de Regent

Standaard van de Regent

Nummer drie in de serie is een interessante, het is de Standaard van de Regent en Denemarken is de enige monarchie die hier een aparte vlag voor voert en dat heeft alles te maken met het feit dat in Denemarken ten allen tijde een troongerechtigd lid van het Koninklijk Huis aanwezig moet zijn. Ook deze vlag is in 1914 ingevoerd.

Als de koningin ’s zomers een paar weken doorbrengt op het Franse landgoed Cayx van haar in 2018 overleden man Prins Henrik, moet iemand het koninklijk gezag waarnemen. Net als wanneer de koningin buitenlandse bezoeken aflegt of de andere landsdelen (Faeröer en Groenland) aandoet.

De Standaard van de Regent toont dan ook de zogenaamde regalia, de symbolen van het koninklijk gezag: de kroon, de gekruiste scepter en rijkszwaard en de rijksappel.

Regalia van Denemarken: Centraal de koningskroon van Christiaan V uit 1671 (omhangen met de Orde van de Olifant), daarnaast de koninginnenkroon van Sophie Magdalene (vrouw van Christiaan VI) uit 1731, de scepter en de rijksappel van Frederik III uit 1648 en het rijkszwaard uit 1643, een huwelijksgeschenk van Christiaan IV aan zijn zoon Frederik III (publiek domein)

Momenteel zijn er drie personen die als regent kunnen optreden, te weten: Kroonprins Frederik, zijn broer Prins Joachim en de jongere zuster van de koningin, Prinses Benedikte.

V.l.n.r.: Kroonprins Frederik (1968) (© Kongehuset) / Prins Joachim (1969) (© Kongehuset) / Prinses Benedikte zu Sayn Wittgenstein-Berleburg (1944), hier met de Orde van de Olifant



Standaard van het Koninklijk Huis

Standaard van het Koninklijk Huis

Deze koninklijke vlag zou je oneerbiedig kunnen betitelen als ‘overig’. Hij toont de koningskroon en is bedoeld voor die leden van het Koninklijk Huis, naast het staatshoofd en troonopvolger.

V.l.n.r.: Prinses Mary (Mary Donaldson, 1972) (© Kongehuset) met de Orde van de Olifant / Prinses Marie (Marie Cavallier, 1976) en Prins Joachim (1969) (© Kongehuset) / Prinses Benedikte zu Sayn Wittgenstein-Berleburg (1944), (© Frankie Fouganthin/publiek domein)

Volwassen leden van het Huis die deze standaard voeren, zijn Prinses Mary (de vrouw van de kroonprins), Prins Joachim, diens vrouw Prinses Marie en Prinses Benedikte.

Niet meer in gebruik

Standaard van Prins Henrik

Tot en met 2018 was er nog een vijfde standaard in gebruik, nl. de Standaard van de Prins-Gemaal, de uit Frankrijk afkomstige echtgenoot van Koningin Margrethe, die op 13 februari 2018 overleed.

Prins Henrik, geboren als Henri de Laborde de Monpezat, voerde een vlag die op het oog veel op die van Koningin Margethe lijkt, maar uiteraard niet hetzelfde is.

Links: Prins Henrik (Henri de Laborde de Monpezat, 1934-2018) (© Kongehuset) / Rechts: Wapen van het Huis van Monpezat

Veld II en III tonen het familiewapen van Henrik, een gouden leeuw met drie gouden sterren op een rood veld. En in plaats van wildemannen, zijn de schildhouders hier twee gouden leeuwen.



Noorwegen – Bursdagkonge Harald / Verjaardag van Koning Harald (1937)

Vandaag viert Koning Harald V van Noorwegen zijn 84e verjaardag, een goede gelegenheid om de Noorse Koninklijke Standaard te hijsen.

Harald werd geboren op 21 februari 1937. Bij zijn geboorte waren er al twee oudere zusters in het gezin, de prinsessen Ragnhild en Astrid, maar omdat in Noorwegen vrouwen niet gerechtigd waren tot de troon, werd hij de beoogde troonopvolger en dus kroonprins.

Koning Harald
Koning Harald V (© royalcourt.no)

Bij de dood van zijn vader, Koning Olav V, op 17 januari 1991, werd hij koning van Noorwegen.
Hij was toen inmiddels getrouwd met Sonja Haraldsen en had twee kinderen, Prinses Märtha-Louise (1971) en Prins Haakon (1973). Omdat ook bij Haakon’s geboorte nog steeds de zogenaamde Salische Wet gold, waarbij alleen mannen in aanmerking komen voor erfopvolging, werd hij de kroonprins.

Prins Haakon
Kroonprins Haakon (© royalcourt.no)

De Salische Wet is in 1990 afgeschaft, waardoor nu ook vrouwen kunnen opvolgen. Aangezien Prins Haakon’s en zijn vrouw Prinses Mette-Marit’s oudste kind een dochter is, Prinses Ingrid Alexandra (2004), heeft zij nu ‘voorrang’ op haar jongere broer, Prins Sverre Magnus (2005).

De Koninklijke Standaard

Wat koninklijke vlaggen betreft, is Noorwegen een overzichtelijk land, in tegenstelling tot sommige andere monarchieën, zoals Nederland of het Verenigd Koninkrijk.

Koninklijke Standaard Noorwegen
Koninklijke Standaard van Noorwegen (1905-heden)

Er bestaan er slechts twee: de Koninklijke Standaard voor het staatshoofd en zijn/haar partner en de koninklijke onderscheidingsvlag voor de kroonprins/kroonprinses en zijn/haar partner. Deze laatste vlag is vrijwel gelijk aan de Koninklijke Standaard, het enige verschil is de vorm: hij is ingehoekt, zoals dat heet.

Standaard Kroonprins
Koninklijke Standaard van de vermoedelijke troonopvolger (1905-heden)

Dat ook partners de vlaggen kunnen gebruiken, is in ‘koninklijk vlaggenland’ ongebruikelijk. Het betekent dat Harald’s vrouw, Koningin Sonja, ook de Koninklijke Standaard gebruikt, en Prinses Mette-Marit ‘meelift’ met Prins Haakon’s kroonprinselijke vlag.

De Koninklijke Standaard heeft een rood veld met in het midden een naar de broekingszijde gekeerde, klimmende, gekroonde leeuw in goud, in zijn klauwen een opgeheven zilveren bijl.

De vlag is gebaseerd op het middeleeuwse wapen van de Noorse koningen. Hij werd ingesteld bij het aantreden van Koning Haakon VII, op 18 november 1905.
De vlag is sindsdien onveranderd gebleven, in tegenstelling tot het koninklijke wapen. Na een lange geschiedenis vanaf de Middeleeuwen, was de leeuw op het wapen in 1905 gemoderniseerd en identiek aan de afbeelding op de Koninklijke Standaard. Het ontwerp was van schilder Eilif Peterssen.

Eilif Peterssen
Eilif Peterssen (1852-1928), portret uit 1876

In 1937 echter werd de leeuw op het wapen gestileerd, waardoor hij meer op de Middeleeuwse versie lijkt.

Wapen Noorwegen
Rijkswapen van Noorwegen

Deze nieuwe ‘oude’ versie werd ontworpen door de staatsarchivaris Hallvard Trætteberg.

Hallvard Trætteberg
Hallvard Trætteberg (1898-1987) (© Store Norske Leksikon)

Die Middeleeuwse versie gaat terug  tot Koning Haakon IV (1204-1263) en zijn zoon Koning Magnus VI (1238-1280), die de leeuw in hun wapen hadden, toen nog zonder kroon en bijl.

Zegel Koning Erik II
Zegel van Koning Erik II, tekening door Haakon Thorsen, 1924 (© Norske konge-sigiller og andre Fyrste-sigiller fra Middelalderen)

De opvolger van Magnus was zijn zoon Erik II (ook bekend als Eirik Magnusson) (1268-1299) en hij was de de eerste die de leeuw voerde mét kroon en bijl; hetzelfde wapen wat ook heden ten dage nog wordt gebruikt.

Orkney – Transition to Scottish Rule / Overgang naar de Schotse Kroon (1472)

Tot 1450 behoorden de Orkney Eilanden bij Noorwegen. Vanaf dat jaar werd Noorwegen de facto ingelijfd door Denemarken en vielen de eilanden onder de regering van de Deense koning Christiaan I.

Christiaan had zijn zinnen er op gezet ook Zweden bij zijn rijk in te lijven, een extra bondgenootschap kon daarom geen kwaad en hij benaderde koning James III van Schotland om hem zijn dochter Margrethe als bruid te beloven, inclusief een flinke bruidsschat.

James accepteerde met graagte, hij hield er een rijk hofleven op na en extra geld was altijd welkom. In afwachting van de bruidsschat werd Orkney (net als de nog noordelijker gelegen Shetland Eilanden) als onderpand geaccepteerd.

Christiaan trok inmiddels ten strijde tegen de Zweden, maar werd (helaas voor hem) verslagen. Hij had al zijn geld in de oorlog gestoken en de beloofde bruidsschat was daarmee ook verdampt.
James realiseerde zich dat hij kon fluiten naar zijn geld en annexeerde via een Act of Parliament op 20 februari 1472 de Orkney en Shetland eilanden.

De vlag

Vlag Orkney
Vlag van Orkney (2007-heden)

De vlag van Orkney is er een van het Scandinavische model: een rood veld met daaroverheen een geel Scandinavisch kruis. Daaroverheen een smaller Scandinavisch kruis in blauw.

Tot 2007 had Orkney een andere, onofficiële vlag. Toen in 1969 de ‘noorderburen’ van Shetland een eigen vlag invoerden, vonden twee Orcadians, Kenneth Campbell Fraser en Allan Macartney dat hun archipel niet kon achterblijven.

vlag shetork
Links: Vlag van Shetland / Rechts: Eerste, onofficiële vlag van Orkney

Net als Shetland kozen zij vanwege de historische banden met Noorwegen, voor een Scandinavisch kruis: rood op een geel veld. Ze kozen voor deze kleuren omdat die in de wapens van zowel Schotland en Noorwegen voorkomen. Hoewel de vlag toen dus ‘bedacht’ was, bestond hij eigenlijk alleen op papier. Pas vanaf 1994 had Allan Macartney de belangstelling voor de vlag zover doen toenemen dat hij voor het eerst in productie werd genomen. Toen het ontwerp het Court of the Lord Lyon onder ogen kwam (de heraldische autoriteit in Schotland) werd de vlag afgewezen. Dezelfde kleuren en afbeelding waren namelijk al in gebruik bij een adellijke familie in Noord-Ierland. Ondertussen was de vlag overigens nog nauwelijks in het straatbeeld verschenen.

Uiteindelijk werd er in februari/maart 2007 een ontwerpwedstrijd uitgeschreven. Toen het kaf van het koren gescheiden was, bleven er vijf ontwerpen over, die inmiddels allemaal goedgekeurd waren door het Court of the Lord Lyon. Het winnende ontwerp met 53% van de stemmen, was dat van de 52-jarige postbode Duncan Tullock uit Birsay.

Duncan Tullock
Duncan Tullock (© orkney.gov.uk)

Net als bij de eerste vlag waren de overwegingen hetzelfde: de historische banden met Noorwegen en Schotland.
In feite zijn ten opzichte van de eerste vlag de kleuren omgedraaid. Daarnaast is er een smaller blauw kruis over het gele gelegd. Opnieuw historisch juist, ondat die kleur voorkomt op de vlaggen van Noorwegen en Schotland, maar het staat tevens voor het maritieme karakter van de eilanden.

vlaggen noorschot
Links: Vlag van Noorwegen / Rechts: Vlag van Schotland

Reykjavík – Reykjavík er gerð að bænum/Reykjavík wordt gepromoveerd tot stad (1786)

Op 18 augustus 1786 verleende de Deense Kroon exclusieve handelscharters aan zes IJslandse gemeenschappen: Reykjavík, Akureyri, Eskifjörður, Grundarfjörður, Ísafjörður en Vestmannaeyjar.
Reykjavík, toen nog een kleine nederzetting, was de enige plaats die door de eeuwen heen zijn charter ononderbroken behield, zodat met de kennis van nu, het jaar 1786 beschouwd wordt als het jaar dat Reykjavík een stad werd.

reykjavik kaart
Reykjavik in 1786, in 1976 getekend door Aage Nielsen-Edwin (1898-1985) naar een schildering van de Noorse astronoom Rasmus Lievog (1738-1811) uit 1787. Illustratie uit het boek Reykjavík – Sögustaður við Sund van Einar S. Arnalds (© Bókaútgáfan Örn og Örlygur hf., 1989)

Handel (voornamelijk wol) was echter alleen toegestaan voor Denen. Pas in 1880 werd deze regel afgeschaft en ontstond er gezonde concurrentie, waardoor de IJslanders zelf ook ‘in zaken ‘ konden. Die ‘zaken’  werden ook diverser: visserij, zwavelmijnbouw, landbouw en scheepsbouw.

Reykjavík groeide gestaag. In 1845 werd het IJsland toegestaan zijn eigen parlement, de Alþingi te vormen, gevestigd in Reykjavík.  In 1904 kreeg dit parlement meer macht, toen IJsland een autonoom deel van het Deense koninkrijk werd. In 1944 werd het land een zelfstandige republiek.

De vlag

Reykjavik vlag
Vlag van Reykjavík (1957-heden)

Zowel vlag als wapen van Reykjavík zijn identiek en relatief jong, het ontwerp stamt uit 1951, maar werd pas zes jaar later, op 6 juni 1957 aangenomen.

Tot die tijd had Reykjavík geen eigen vlag, maar wél een wapen. Dit wapen uit 1815 in de vorm van een stadszegel laat een visser zien met zijn boot en een deel van zijn vangst: stokvis. Het randschrift luidt: Sigillum civitatis Reikiavicae (Zegel van de stad Reykjavík).

reykjavik 01 wapens
Voormalig stadszegel en wapen van Reykjavík (1815-1957) / Wapen van Reykjavík (1975-heden)

Dit zegel werd in 1957 vervangen door het huidige wapen en de identieke vlag.

Het veld is wit en het wapen bevindt zich in het midden. Het schild is donkerblauw en loopt naar onder toe uit in een punt. Drie witte, horizontaal gestileerde golven in het midden. Op de voorgrond, over de golven heen, zijn verticaal twee gewijde houten balken in wit geplaatst.

Deze afbeelding houdt verband met de overlevering van de stichting van Reykjavík. Volgens dit verhaal zouden de eerste permanente bewoners van IJsland Ingolfúr Arnarson en zijn gezin geweest zijn.

Deze  Ingolfúr Arnarson (die in sommige bronnen ook Bjǫrnólfsson genoemd wordt) was een Viking uit Noorwegen uit de 9e eeuw.
Zijn verhaal is te lezen in het Landnámabók (‘Boek der landname’), een manuscript, waarvan het origineel uit de 12e eeuw verloren is gegaan. De oudst nog bestaande uitgaven stammen uit de 13e en 14e eeuw en zijn deels geschreven door Ari Þorgilsson (1067-1148) en Kolskeggr Ásbjarnarson. Hierin wordt verhaald van de Noorse kolonisatie van IJsland tussen 870 en 930.

reykjavik 03 standbeeld
Een perkamenten pagina uit het Landnámabók, te zien in het Árni Magnússon Manuscript Museum in Reykjavík / Standbeeld van Ingolfúr Arnarson in Reykjavík

Ingolfúr Arnarson was verwikkeld in een bloedvete in Noorwegen en werd uiteindelijk gedwongen te vertrekken. Nieuws had hem bereikt dat er een groot nieuw eiland was ontdekt door Garðar Svavarsson en Hrafna-Flóki Vilgerðarson (IJsland dus) en hij besloot daar zijn geluk te gaan beproeven. Hij vertrok in 874 met zijn vrouw Hallveig Fróðadóttir, kinderen, zijn slaven Karli en Vifil en enige stamgenoten.

reykjavik 02 schilderij
Links: Schilderij uit 1850 van Johan Peter Raadsig (1806-1882), getiteld Ingolf tager Island i besiddelse (‘Ingolf neemt bezit van IJsland’) met één van de Öndvegissúlur / Rechts:  Gouden munt van 10.000 kronen uit 1974 met een afbeelding van Ingolfúr Arnarson en de twee Öndvegissúlur

Toen het gezelschap de zuidkust van IJsland bereikte, liet hij twee heilige houten balken overboord gooien. Deze zogenaamde Öndvegissúlur, tekenen van zijn status van stamhoofd, waren gewijd aan de Noorse god Þor (‘Thor’ bij ons), waarna hij zwoer zich te vestigen op de plek waar de balken zouden aanspoelen. Het duurde drie jaar voordat Karli en Vifil de balken uiteindelijk terugvonden aan de zuidwestkust van de baai die tegenwoordig de naam Faxaflói draagt.

Schermafbeelding 2019-08-13 om 16.44.05
Faxaflói, in het zuidwesten van IJsland met de locatie van Reykjavík (en Keflavík, locatie van de internationale luchthaven)

De tijdelijke plekken waar men verbleven had werden verlaten voor de plek aan de baai. Dit zou dus in 877 geweest moeten zijn.
Vanwege opstijgende stoom die hij waarnam (van hete bronnen naar later bleek), noemde hij de plek Reykjavík (‘Rookbaai’).

Faeröer – Ólavsøka/Sint Olaf’s Wake

Twee vlaggen vandaag, vlag 1:

De Faeröerders houden wel van een feestje in de zomer, wanneer de zon pas tegen half elf ondergaat. Ólavsøka wordt dan ook over meerdere dagen uitgesmeerd, maar de eigenlijke dag is vandaag, op 29 juli.

Olaf II Haraldsson
Koning Olaf II Haraldsson (± 995-1030), op een 15e eeuws fresco in de kerk van Överselö in Zweden

De dag herinnert aan de Noorse koning Olaf II Haraldsson, die in 1030 de dood vond in de Slag bij Stiklestad. Eén jaar daarvoor was hij verdreven en afgezet door de Deense koning Knut. Olaf vluchtte naar Zweden en in 1030 trachtte hij zijn land te heroveren, maar op 29 juli sneuvelde hij op het slagveld. Slechts één jaar later werd hij door bisschop Grimkjell heilig verklaard.

Het festival wordt altijd op de avond van 28 juli officieel geopend met een optocht en speeches in het centrum van de hoofdstad Tórshavn. De middag daarvoor zijn dan al de populaire roeiwedstrijden gehouden.

164_07ca6709-0dcc-4925-b5d9-dcea29dd9ce0
Ólovsøka-optocht in Tórshavn

Op 29 juli zelf is er opnieuw een optocht, nu van alle Faröerse politici, de korpschef van de politie, priesters en vertegenwoordigers uit Denemarken, naar de kathedraal van Tórshavn, waar men een dienst bijwoont. Daarna loopt het gezelschap naar het parlementsgebouw, waar men buiten naar een concert luistert. Dit alles dient dan om de opening van het nieuwe parlementaire jaar in te luiden. Verder zijn er diverse sportwedstrijden, volksdansen en tentoonstellingen.
Ondanks de coronacrisis gaat het dit jaar niet veel anders, zij het dat het aantal mensen bij de verschillende activiteiten en bijeenkomsten beperkt wordt.

Het coronavirus heeft tot nu toe geen doden geëist op de archipel. Het aantal bevestigde gevallen is sinds 4 maart 191, waarvan er 188 inmiddels zijn hersteld en 3 nog niet.

De vlag

faeoer vlag
Merkið, de vlag van de Faeröer

De Faeröerse vlag is er een uit de Scandinavische vlaggenfamilie, duidelijk herkenbaar aan het liggende Scandinavische kruis. Andere vlaggen uit deze ‘familie’ zijn die van Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, IJsland, Shetland en Åland. De vlag heeft een officiële naam, namelijk Merkið, wat zoveel betekent als teken of banier. De vlag heeft een wit veld, wat volgens de ontwerpers staat voor de schuimkoppen van de zee en de prachtig heldere hemel boven de Faeröer, daaroverheen een rood Scandinavisch kruis, blauw gebiest: deze twee kleuren komen veel voor op de verschillende Scandinavische vlaggen en geven dus de verbondenheid weer.

De vlag werd in juni 1919 ontworpen door drie in Kopenhagen woonachtige Faeröerse studenten, Jens Oliver Lisberg, Janus Øssursson en Pauli Dahl. De vlag werd vervolgens genaaid door Ninna Jacobsen en voor het eerst op de Faeröer gehesen op 22 juni 1919 tijdens een trouwpartij, en wel in Fámjin, het geboortedorp van Jens Oliver Lisberg.

faroer ontwerpers
De drie ontwerpers van de Merkið, v.l.n.r.: Jens Oliver Lisberg (1896-1920), Janus Øssursson (1896-1964) en Pauli Dahl (1898-1977)

Tot die tijd had de archipel een onofficiële vlag gebruikt met de afbeelding van een schaap op een blauw veld, met daaromheen een brede rode rand, die niet algemeen gebruikt werd.

Schaap-vlaf Faeröer
De Faeröerse “schaap-vlag”

De officiële vlag was die van Denemarken, de Dannebrog. Vanaf de jaren dertig werd de nieuwe vlag steeds algemener onder de autochtone Faeröerders, maar niet bij de Deense burgers, die vasthielden aan de Dannebrog.

Het keerpunt in de status van de vlag werd veroorzaakt door de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 9 april 1940 was Denemarken bezet gebied, maar de Faeröer bleven vanwege hun geografische ligging buiten schot. Op 11 april bezette het Verenigd Koninkrijk de archipel om het zo tegen Duitse aanvallen te kunnen beschermen. Om de Faeröerse schepen goed van de Deense te kunnen onderscheiden bepaalden de Britten dat Merkið hiervoor gebruikt zou worden. De datum was 25 april 1940 en daarmee hebben we de oorsprong te pakken van deze feestdag. Toen de Faeröer na de Tweede Wereldoorlog hun autonomie verkregen, op 23 maart 1948, kreeg de vlag zijn langverwachte officiële status.

faroer oude vlag
De allereerste Merkið, te zien in de kerk van Fámjin op Suðuroy

En hoe verging het prototype van Merkið uit 1919? Welnu, heel goed, de vlag bestaat nog en wordt gekoesterd. Hij is ingelijst en wel te zien in de kerk van Fámjin op het zuidelijke eiland Suðuroy.

British Antarctic Territory – Antarctic Treaty/Antarctische Overeenkomst (1961)

Op 23 juni 1961 werd het Antarctic Treaty System (Antarctisch Verdrag) van kracht. Sinds 1959 stond het open voor ondertekening. De originele ondertekenaars waren de 12 landen die actief waren in Antarctica tijdens het Internationaal Geofysisch Jaar van 1957-1958: Argentinië, Australië, België, Chili, Frankrijk, Japan, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Zuid-Afrika, de Sovjet-Unie, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Sinds 1961 hebben vele andere landen ook ondertekend, inclusief Nederland.

Antarctica map
Antarctica in taartpunten

Het verdrag regelt dat Antarctica een gebied is zonder militaire activiteit, met vrijheid voor wetenschappelijk onderzoek. In 1998 werd een bepaling aan het verdrag toegevoegd dat het tot 2048 onmogelijk maakt om delfstoffen op het continent te exploiteren. Aangezien Antarctica geen enkel land toebehoort, heeft het ook geen officiële vlag.

Er zijn echter wel degelijk territoriale claims. Argentinië, Australië, Chili, Frankrijk, Nieuw-Zeeland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk hebben het continent in taartpunten van ongelijke grootte verdeeld, die elkaar op verschillende plekken overlappen. De claims zijn niet officieel en worden door veel ander landen, waaronder Nederland, niet erkend.

British Antarctic Territory map
British Antarctic Territory

Om de dag te markeren wappert vandaag de vlag van het British Antarctic Territory, officieel gevormd in 1962. Tot het territorium behoort het Antarctic Peninsula (Antarctisch Schiereiland), met een lengte van 1.300 km. De Britten hebben twee onderzoekscentra, Halley en Rothera.

De vlag

British Antarctic Territory
Vlag British Antarctic Territory (1998-heden)

De vlag is een zogenaamde ‘ensign’-vlag, een vlag die de Britse Union Flag of Union Jack als kanton in de broekingszijde laat zien en de rest van het veld vrij laat voor een symbool of wapen. Rode en blauwe ‘ensigns’ komen heel veel voor, de rode variant wordt op zee gebruikt als handelsvlag en bij de marine. De blauwe ‘ensign’ wordt door legeronderdelen gebruikt en door veel overzeese Britse territoria.

ensign
V.l.n.r.: blue ensign, red ensign en white ensign

De Britse Antarctische vlag is echter een ongewone witte ‘ensign’, uiteraard vanwege ijs en sneeuw. De vlag is in gebruik sinds 1998 en toont het Brits-Antarctische wapen (uit 1952), een fakkel (symbool voor onderzoek) met een Britse leeuw en pinguïn als schilddragers. Bovenop het schild is het wetenschappelijk vaartuig Discovery afgebeeld.

Wapen British Antarctic Territory
Wapen van het British Antarctic Territory

Orkney – Summer solstice/Zonnewende

Orkney viert vandaag z’n zonnewende of summer solstice. De eilandengroep, ook bekend onder de naam Orcaden, ligt ten noorden van het Schotse vasteland en is deel van het Verenigd Koninkrijk.

Map Orkney + Shetland
Schotland met Orkney en Shetland

Doorgaans is er een viering in de avond  bij de Comet Stone, niet ver van de Ring of Brodgar.
De Comet Stone is een 1,75 m hoge menhir, de Ring of Brodgar een steencirkel, te vergelijken met de in het zuiden van Engeland gelegen cirkels van Stonehenge en Avebury. Geschat wordt dat het opgericht werd tussen 2500 en 2000 v. Chr.
Vanaf vandaag gaan de dagen op het noordelijk halfrond weer korten en de nachten lengen.

steencirkels
Links: de Comet Stone (© themodernantiquarian.com) / Rechts: de Ring of Brodgar (© visitscotland.com)

De vlag

Vlag Orkney
Vlag van Orkney (2007-heden)

De vlag van Orkney is er een van het Scandinavische model: een rood veld met daaroverheen een geel Scandinavisch kruis. Daaroverheen een smaller Scandinavisch kruis in blauw.

Tot 2007 had Orkney een andere, onofficiële vlag. Toen in 1969 de ‘noorderburen’ van Shetland een eigen vlag invoerden, vonden twee Orcadians, Kenneth Campbell Fraser en Allan Macartney dat hun archipel niet kon achterblijven.

vlag shetork
Links: vlag van Shetland / Rechts: eerste, onofficiële vlag van Orkney

Net als Shetland kozen zij vanwege de historische banden met Noorwegen, voor een Scandinavisch kruis: rood op een geel veld. Ze kozen voor deze kleuren omdat die in de wapens van zowel Schotland en Noorwegen voorkomen. Hoewel de vlag toen dus ‘bedacht’ was, bestond hij eigenlijk alleen op papier. Pas vanaf 1994 had Allan Macartney de belangstelling voor de vlag zover doen toenemen dat hij voor het eerst in productie werd genomen. Toen het ontwerp het Court of the Lord Lyon onder ogen kwam (de heraldische autoriteit in Schotland) werd de vlag afgewezen. Dezelfde kleuren en afbeelding waren namelijk al in gebruik bij een adellijke familie in Noord-Ierland. Ondertussen was de vlag overigens nog nauwelijks in het straatbeeld verschenen.

Uiteindelijk werd er in februari/maart 2007 een ontwerpwedstrijd uitgeschreven. Toen het kaf van het koren gescheiden was, bleven er vijf ontwerpen over, die inmiddels allemaal goedgekeurd waren door het Court of the Lord Lyon. Het winnende ontwerp met 53% van de stemmen, was dat van de 52-jarige postbode Duncan Tullock uit Birsay.

Duncan Tullock
Duncan Tullock (© orkney.gov.uk)

Net als bij de eerste vlag waren de overwegingen hetzelfde: de historische banden met Noorwegen en Schotland.
In feite zijn ten opzichte van de eerste vlag de kleuren omgedraaid. Daarnaast is er een smaller blauw kruis over het gele gelegd. Opnieuw historisch juist, ondat die kleur voorkomt op de vlaggen van Noorwegen en Schotland, maar het staat tevens voor het maritieme karakter van de eilanden.

vlaggen noorschot
Links: vlag van Noorwegen / Rechts: Vlag van Schotland

Zweden – Sveriges Nationaldag/Nationale Feestdag

Deze dag heet pas zo sinds 1983. Vóór die tijd was 6 juni Svenska flaggans dag.

De geschiedenis hiervan gaat terug  tot 1916 toen de dag voor het eerst gevierd werd. Aanleiding was toen de herdenking van wat wordt beschouwd als de stichting van het ‘moderne’ Zweden: de verkiezing van Gustav Vasa als koning van Zweden.

Gustav Vasa
Portret van Gustav Vasa, 16e eeuwse kopie naar een schilderij van Jacob Binck uit 1542

Hoewel het dus een officiële feestdag is sinds 1916, duurde het nog geruime tijd voor het een echt vrije dag was voor iedereen.
Festiviteiten zullen vanwege de coronacrisis vandaag zeer beperkt zijn. Een aantal activiteiten waar normaal veel mensen op af komen wordt daardoor op tv uitgezonden.
Zweden had een zeer afwijkend beleid in de aanpak van Covid-19, waarbij scholen, verpleeghuizen en horeca normaal open bleven. Dit beleid heeft niet goed uitgepakt, het aantal corona-besmettingen en -doden is enorm opgelopen, waardoor Zweden nu ongunstig afsteekt tegenover de andere Scandinavische landen.
Vorige week werd bekend dat Zweden per hoofd van de bevolking de meeste doden telt.
Op een bevolking van net geen 10 miljoen telt Zweden zo’n 42.000 geregistreerde corona-besmettingen en 4.562 doden (cijfer van gisteren). De meeste doden vielen in verpleeghuizen.

De vlag

De vlag is lichtblauw met een goudgeel Scandinavisch kruis daar overheen.

Vlag Zweden
Vlag van Zweden (1906-heden)

Over het algemeen wordt aangenomen dat de Zweedse vlag de een-na-oudste nationale vlag is, die ononderbroken in gebruik is. De oudste is de Dannebrog, de vlag van Denemarken. En net als de Deense vlag heeft die van Zweden een legende over de oorsprong ervan.

Kruistocht Erik IX
Laat-Middeleeuwse voorstelling van koning Erik IX op kruistocht naar Finland. Naast hem bisschop Henrik.

Toen de 12e-eeuwse koning Erik IX in 1157 op kruistocht naar Finland ging om daar de heidenen te kerstenen (samen met de van oorsprong Britse bisschop Henrik), zou hij een gouden kruis aan de blauwe hemel gezien hebben. Hij zag dit als een teken van God en gebruikte daarna het goud (geel) en het blauw als de koninklijke kleuren.
Dit soort verhalen deed het vroeger goed, maar ze zijn natuurlijk niet meer dan een leuk verhaal. Ook voor de bewuste kruistocht in dat jaar is nooit enig bewijs gevonden.

De oudste historische bronnen stammen uit de 16e eeuw, onder het bewind van de hierboven al eerder genoemde koning Gustav Vasa, ook wel bekend als Gustav I.
De vlag wordt voor het eerst beschreven in een koninklijk bevelschrift van 19 april 1562 als gunt udi korssvijs förd eelt påå blot’ (een kruis van goud neergelegd op blauw).
De kleuren blauw en geel komen ook voor in het wapen van Zweden.

Het blauw in de vlag was tot 22 juni 1906 donkerder, maar in de ‘vlagwet’ van die datum wordt de kleur officieel omschreven als ‘ljust mellanblå’ (helder lichtblauw). De vlag veranderde in dat jaar sowieso omdat er een einde kwam aan de verbinding met het koninkrijk Noorwegen. In het kanton van de vlag was tussen 1844 en 1905 het zogenaamde ‘unie-symbool’ geplaatst, om de verbinding tussen beide landen aan te geven. In 1906 gingen de landen verder als aparte koninkrijken.

Swedish_civil_ensign_(1844–1905).svg
De Zweedse vlag tussen 1844 en 1905 met het Zweeds-Noorse uniesymbool in het kanton

Zoals eerder vermeld is de vlag van het Scandinavische type, net als die van Denemarken, Noorwegen, Finland, IJsland, Faeröer, de Åland Eilanden en de Orkney Eilanden.

Twee vlaggen in de Verenigde Staten stammen af van de Zweedse. Van 1638 tot 1655 bezat Zweden in het gebied van de Delaware River de kolonie Nieuw-Zweden. In 1655 veroverden hun Nederlandse ‘noorderburen’ dit gebied en lijfden het in bij Nieuw-Nederland.

Nieuw Zweden
Delaware: via de Lenape Indianen, Nya Sverige (Nieuw-Zweden), Nieuw-Nederland, Delaware Colony (Engeland), voordat het gebied verdeeld werd tussen de staten Delaware en New Jersey

Dat laat onverlet dat zowel Wilmington, Delaware als Philadelphia, Pennsylvania de Zweedse kleuren in hun vlaggen hebben.
Zeker bij Wilmington is dit overduidelijk: het enige verschil met de Zweedse vlag is het stadszegel over het kruis heen.

Wilmington, Delaware
Vlag van Wilmington, Delaware, officieus sinds 1927, officieel sinds 28 maart 1963

Bij Philadelphia is het minder duidelijk, maar de verticale banen blauw, geel en blauw zijn wel degelijk een verwijzing naar de Zweedse wortels. Het geel in de vlag is overigens donkerder dan dat van de Zweedse vlag.

Vlag Philadelphia
Vlag van Philadelphia, Pennsylvania, officieel ingevoerd op 27 maart 1895

Denemarken – Grundlovsdag/Grondwetdag (1849)

De vijfde juni is een officiële feestdag in Denemarken. Grundlovsdag (Grondwetdag) herdenkt 5 juni 1849, de dag waarop Denemarken een constitutionele monarchie werd. Koning Frederik VII zette op deze dag zijn handtekening onder de nieuwe grondwet.

denemarken portretten
Koning Frederik VII (1808-1863), schilderij door August Schløtt (1823-1895) / “Den grundlovgivende Rigsforsamling”, de Deense parlementsleden op 23 oktober 1848, geschilderd tussen 1861 en 1865 door Constantin Hansen (1804-1880), te zien in Slot Frederiksborg te Hillerød

Het absolute koningschap uit 1665 werd hiermee afgeschaft. Hetzelfde gebeurde in Nederland één jaar eerder in 1848 met de Grondwetherziening onder leiding van Thorbecke.
Verdere aanpassingen waren er in Denemarken in 1866, 1915 (algemeen vrouwenkiesrecht) en 1953. Bij die laatste wijzigingen van 1915 en 1953 gebeurde de ondertekening opnieuw op de vijfde juni.

Het is in Denemarken een grotendeels politieke dag, met speeches en bijeenkomsten door politieke partijen. Eigenlijk is het maar een halve vrije dag: winkels en instellingen zijn ’s morgens nog geopend, maar ’s middags dicht.
Maar ook in Denemarken geldt dat vanwege de coronacrisis de meeste bijeenkomsten niet doorgaan. De vlag uitsteken doen ze echter in Denemarken graag en veel en dat zal vandaag niet anders zijn!

De vlag

Vlag Denemarken
Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Deense vlag behoort tot de oudste vlaggen ter wereld en de oudste nationale vlag die continu in gebruik is gebleven, in ieder geval sinds de 14e eeuw. De vlag bestaat uit een rood veld met een wit Scandinavisch kruis. Er zijn verschillende legendes in omloop over het ontstaan van de vlag.

De bekendste daarvan verhaalt van een vlag die uit de hemel neerdaalde op 15 juni 1219 bij de slag bij Lyndanisse (het tegenwoordige Talinn, hoofdstad van Estland). De vlag, die opgevangen werd door aartsbisschop Anders Sunesen,was een teken van nieuwe hoop tijdens deze slag (een kruistocht tegen Estland), onder aanvoering van de Deense koning Waldemar II. De strijd, die tot dat moment niet bijster succesvol was verlopen voor Waldemar, werd door deze goddelijke interventie alsnog in zijn voordeel beslecht.

Dannebrog valt uit de lucht
De Deense vlag valt uit de hemel in 1219, schilderij uit 1809 door Christian August Lorentzen (1749-1828) © (Statens Museum for Kunst, Kopenhagen)

Het is maar een legende natuurlijk, wat de precieze oorsprong van de vlag is, valt niet meer te achterhalen.

De vlag heeft een naam, Dannebrog, wat zoveel als Deense banier betekent. Met zijn Scandinavische kruis stond hij model voor verschillende Noordse vlaggen, zoals Noorwegen, Zweden, Finland, Åland, Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland.

denemarken vlaggenrij 1
V.l.n.r.: de vlaggen van Noorwegen, Zweden, Finland en Åland

denemarken vlaggenrij 2
V.l.n.r.: de vlaggen van Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland

Sinds 1854 is het vlaggebruik in de wet opgenomen en sinds die tijd kan iedere Deen die dat wil de vlag uitsteken.

Koninklijke standaard Denemarken
De koninklijke standaard van Koningin Margrethe II

De koningin gebruikt haar persoonlijke vlag (standaard), een variatie op de Dannebrog: het model is een zogenaamde zwaluwstaart met twee punten en het koninklijke wapen op een wit vierkant over het centrum van het kruis geplaatst.

Noorwegen – Grunnlovsdag/Syttende mai/Nasjonaldagen

Drie vlaggen vandaag, Vlag 1:

De 17e mei is de nationale feestdag van Noorwegen. Het is bekend onder verschillende namen: Grunnlovsdag (Grondwetdag), Syttende mai (Zeventiende mei) en Nasjonaldagen (Nationale dag). Het herdenkt de 17e mei 1814 toen in Eidsvoll (ten noordoosten van Oslo) de grondwet werd aangenomen.

Eidsvoll
17 mei 1814: de Noorse grondwet wordt aangenomen in Eidsvoll; olieverfschilderij uit 1885 van Oscar Wergeland, te zien in het Storting (parlementsgebouw) in Oslo

De stichting van Noorwegen als onafhankelijk koninkrijk werd daarmee tevens een feit. Tot 1905 echter deelde Noorwegen zijn monarch met Zweden, de Zweedse koning was tevens koning van Noorwegen. In dat jaar werd de Deense prins Carl uitgenodigd koning van Noorwegen te worden. Hij accepteerde onder de naam Haakon VII.

Haakon VII
Koning Haakon VII (1872-1957) (© kongehuset.no)

Vanaf 1864 werd de nationale dag eigenlijk voor het eerst gevierd op een manier die we heden ten dage nog herkennen: met kinderparades. Tot 1899 waren het uitsluitend jongens, maar vanaf dat jaar lopen de meisjes ook mee. In de hoofdstad Oslo voert de grootste parade langs het koninklijk paleis waar de koninklijke familie (koning en kroonprins met hoge hoed) traditiegetrouw de menigte toezwaait.

Maar: zoals overal ter wereld, zullen ook deze -redelijk massale- parades en vieringen vandaag niet doorgaan, toch zal er zoals ieder jaar wél een parade bij het Koninklijk Paleis zijn, waarbij iedereen de gepaste afstand dient te bewaren (in Noorwegen is dat één meter). En ook de koninklijke familie zal zijn opwachting maken op het balkon van het paleis.

Screenshots (NRK-tv) van de festiviteiten:

noorwegen 01
Bijeenkomst voor het Koninklijk Paleis met gepaste afstand én saluutschoten

noorwegen 02
De koninklijke familie verschijnt op het balkon en men zingt Ja vi elsker dette landet

noorwegen 03
Tijdens het zingen wordt er geschakeld met andere delen van het land, daarna kunnen de hoge hoeden weer op

noorwegen 04
De militaire kapel geeft een show en hoge officieren halen de cadeaus op

noorwegen 05
Het volkslied (Kongesangen) wordt gezongen en de koninklijke familie wuift met vlaggetjes ter afscheid

Noorwegen rondrit
Na de paleisceremonie volgde nog een onaangekondigde rondrit in een cabriolet door Oslo

De vlag

Vlag Noorwegen
Vlag van Noorwegen

De Noorse vlag werd aangenomen op 4 mei 1821 en combineert eigenlijk twee vlaggen: die van Denemarken, de Dannebrog en de blauwe kleur uit de Zweedse vlag. Denemarken en Noorwegen waren lange tijd in een personele unie met elkaar verbonden, waarbij de Deense vlag ook in Noorwegen wapperde. Het blauw uit Zweden representeerde in 1821 de band met Zweden, met welk land het op dat moment een koning deelde.

1280px-Norge-Unionsflagg-1844.svg
Noors-Zweedse Unievlag

De ontwerper van de vlag, Fredrik Meltzer, koos uiteindelijk voor het Scandinavische kruis. In een eerder ontwerp had hij de kleuren rood, wit en blauw horizontaal gerangschikt, net als de Nederlandse vlag. De verbondenheid met de andere Scandinavische landen leek hem echter uiteindelijk belangrijker.

Tussen 1844 en 1899 had de Noorse vlag in het kanton een gecombineerde afbeelding van de Noors-Zweedse Unie. Vanaf 10 december 1898 wordt de vlag zonder het embleem erkend en is sindsdien niet meer gewijzigd