Tagarchief: Denemarken

Reykjavík – Reykjavík er gerð að bænum/Reykjavík wordt gepromoveerd tot stad (1786)

Op 18 augustus 1786 verleende de Deense Kroon exclusieve handelscharters aan zes IJslandse gemeenschappen: Reykjavík, Akureyri, Eskifjörður, Grundarfjörður, Ísafjörður en Vestmannaeyjar.
Reykjavík, toen nog een kleine nederzetting, was de enige plaats die door de eeuwen heen zijn charter ononderbroken behield, zodat met de kennis van nu, het jaar 1786 beschouwd wordt als het jaar dat Reykjavík een stad werd.

reykjavik kaart
Reykjavik in 1786, in 1976 getekend door Aage Nielsen-Edwin (1898-1985) naar een schildering van de Noorse astronoom Rasmus Lievog (1738-1811) uit 1787. Illustratie uit het boek Reykjavík – Sögustaður við Sund van Einar S. Arnalds (© Bókaútgáfan Örn og Örlygur hf., 1989)

Handel (voornamelijk wol) was echter alleen toegestaan voor Denen. Pas in 1880 werd deze regel afgeschaft en ontstond er gezonde concurrentie, waardoor de IJslanders zelf ook ‘in zaken ‘ konden. Die ‘zaken’  werden ook diverser: visserij, zwavelmijnbouw, landbouw en scheepsbouw.

Reykjavík groeide gestaag. In 1845 werd het IJsland toegestaan zijn eigen parlement, de Alþingi te vormen, gevestigd in Reykjavík.  In 1904 kreeg dit parlement meer macht, toen IJsland een autonoom deel van het Deense koninkrijk werd. In 1944 werd het land een zelfstandige republiek.

De vlag

Reykjavik vlag
Vlag van Reykjavík (1957-heden)

Zowel vlag als wapen van Reykjavík zijn identiek en relatief jong, het ontwerp stamt uit 1951, maar werd pas zes jaar later, op 6 juni 1957 aangenomen.

Tot die tijd had Reykjavík geen eigen vlag, maar wél een wapen. Dit wapen uit 1815 in de vorm van een stadszegel laat een visser zien met zijn boot en een deel van zijn vangst: stokvis. Het randschrift luidt: Sigillum civitatis Reikiavicae (Zegel van de stad Reykjavík).

reykjavik 01 wapens
Voormalig stadszegel en wapen van Reykjavík (1815-1957) / Wapen van Reykjavík (1975-heden)

Dit zegel werd in 1957 vervangen door het huidige wapen en de identieke vlag.

Het veld is wit en het wapen bevindt zich in het midden. Het schild is donkerblauw en loopt naar onder toe uit in een punt. Drie witte, horizontaal gestileerde golven in het midden. Op de voorgrond, over de golven heen, zijn verticaal twee gewijde houten balken in wit geplaatst.

Deze afbeelding houdt verband met de overlevering van de stichting van Reykjavík. Volgens dit verhaal zouden de eerste permanente bewoners van IJsland Ingolfúr Arnarson en zijn gezin geweest zijn.

Deze  Ingolfúr Arnarson (die in sommige bronnen ook Bjǫrnólfsson genoemd wordt) was een Viking uit Noorwegen uit de 9e eeuw.
Zijn verhaal is te lezen in het Landnámabók (‘Boek der landname’), een manuscript, waarvan het origineel uit de 12e eeuw verloren is gegaan. De oudst nog bestaande uitgaven stammen uit de 13e en 14e eeuw en zijn deels geschreven door Ari Þorgilsson (1067-1148) en Kolskeggr Ásbjarnarson. Hierin wordt verhaald van de Noorse kolonisatie van IJsland tussen 870 en 930.

reykjavik 03 standbeeld
Een perkamenten pagina uit het Landnámabók, te zien in het Árni Magnússon Manuscript Museum in Reykjavík / Standbeeld van Ingolfúr Arnarson in Reykjavík

Ingolfúr Arnarson was verwikkeld in een bloedvete in Noorwegen en werd uiteindelijk gedwongen te vertrekken. Nieuws had hem bereikt dat er een groot nieuw eiland was ontdekt door Garðar Svavarsson en Hrafna-Flóki Vilgerðarson (IJsland dus) en hij besloot daar zijn geluk te gaan beproeven. Hij vertrok in 874 met zijn vrouw Hallveig Fróðadóttir, kinderen, zijn slaven Karli en Vifil en enige stamgenoten.

reykjavik 02 schilderij
Links: Schilderij uit 1850 van Johan Peter Raadsig (1806-1882), getiteld Ingolf tager Island i besiddelse (‘Ingolf neemt bezit van IJsland’) met één van de Öndvegissúlur / Rechts:  Gouden munt van 10.000 kronen uit 1974 met een afbeelding van Ingolfúr Arnarson en de twee Öndvegissúlur

Toen het gezelschap de zuidkust van IJsland bereikte, liet hij twee heilige houten balken overboord gooien. Deze zogenaamde Öndvegissúlur, tekenen van zijn status van stamhoofd, waren gewijd aan de Noorse god Þor (‘Thor’ bij ons), waarna hij zwoer zich te vestigen op de plek waar de balken zouden aanspoelen. Het duurde drie jaar voordat Karli en Vifil de balken uiteindelijk terugvonden aan de zuidwestkust van de baai die tegenwoordig de naam Faxaflói draagt.

Schermafbeelding 2019-08-13 om 16.44.05
Faxaflói, in het zuidwesten van IJsland met de locatie van Reykjavík (en Keflavík, locatie van de internationale luchthaven)

De tijdelijke plekken waar men verbleven had werden verlaten voor de plek aan de baai. Dit zou dus in 877 geweest moeten zijn.
Vanwege opstijgende stoom die hij waarnam (van hete bronnen naar later bleek), noemde hij de plek Reykjavík (‘Rookbaai’).

Faeröer – Ólavsøka/Sint Olaf’s Wake

Twee vlaggen vandaag, vlag 1:

De Faeröerders houden wel van een feestje in de zomer, wanneer de zon pas tegen half elf ondergaat. Ólavsøka wordt dan ook over meerdere dagen uitgesmeerd, maar de eigenlijke dag is vandaag, op 29 juli.

Olaf II Haraldsson
Koning Olaf II Haraldsson (± 995-1030), op een 15e eeuws fresco in de kerk van Överselö in Zweden

De dag herinnert aan de Noorse koning Olaf II Haraldsson, die in 1030 de dood vond in de Slag bij Stiklestad. Eén jaar daarvoor was hij verdreven en afgezet door de Deense koning Knut. Olaf vluchtte naar Zweden en in 1030 trachtte hij zijn land te heroveren, maar op 29 juli sneuvelde hij op het slagveld. Slechts één jaar later werd hij door bisschop Grimkjell heilig verklaard.

Het festival wordt altijd op de avond van 28 juli officieel geopend met een optocht en speeches in het centrum van de hoofdstad Tórshavn. De middag daarvoor zijn dan al de populaire roeiwedstrijden gehouden.

164_07ca6709-0dcc-4925-b5d9-dcea29dd9ce0
Ólovsøka-optocht in Tórshavn

Op 29 juli zelf is er opnieuw een optocht, nu van alle Faröerse politici, de korpschef van de politie, priesters en vertegenwoordigers uit Denemarken, naar de kathedraal van Tórshavn, waar men een dienst bijwoont. Daarna loopt het gezelschap naar het parlementsgebouw, waar men buiten naar een concert luistert. Dit alles dient dan om de opening van het nieuwe parlementaire jaar in te luiden. Verder zijn er diverse sportwedstrijden, volksdansen en tentoonstellingen.
Ondanks de coronacrisis gaat het dit jaar niet veel anders, zij het dat het aantal mensen bij de verschillende activiteiten en bijeenkomsten beperkt wordt.

Het coronavirus heeft tot nu toe geen doden geëist op de archipel. Het aantal bevestigde gevallen is sinds 4 maart 191, waarvan er 188 inmiddels zijn hersteld en 3 nog niet.

De vlag

faeoer vlag
Merkið, de vlag van de Faeröer

De Faeröerse vlag is er een uit de Scandinavische vlaggenfamilie, duidelijk herkenbaar aan het liggende Scandinavische kruis. Andere vlaggen uit deze ‘familie’ zijn die van Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, IJsland, Shetland en Åland. De vlag heeft een officiële naam, namelijk Merkið, wat zoveel betekent als teken of banier. De vlag heeft een wit veld, wat volgens de ontwerpers staat voor de schuimkoppen van de zee en de prachtig heldere hemel boven de Faeröer, daaroverheen een rood Scandinavisch kruis, blauw gebiest: deze twee kleuren komen veel voor op de verschillende Scandinavische vlaggen en geven dus de verbondenheid weer.

De vlag werd in juni 1919 ontworpen door drie in Kopenhagen woonachtige Faeröerse studenten, Jens Oliver Lisberg, Janus Øssursson en Pauli Dahl. De vlag werd vervolgens genaaid door Ninna Jacobsen en voor het eerst op de Faeröer gehesen op 22 juni 1919 tijdens een trouwpartij, en wel in Fámjin, het geboortedorp van Jens Oliver Lisberg.

faroer ontwerpers
De drie ontwerpers van de Merkið, v.l.n.r.: Jens Oliver Lisberg (1896-1920), Janus Øssursson (1896-1964) en Pauli Dahl (1898-1977)

Tot die tijd had de archipel een onofficiële vlag gebruikt met de afbeelding van een schaap op een blauw veld, met daaromheen een brede rode rand, die niet algemeen gebruikt werd.

Schaap-vlaf Faeröer
De Faeröerse “schaap-vlag”

De officiële vlag was die van Denemarken, de Dannebrog. Vanaf de jaren dertig werd de nieuwe vlag steeds algemener onder de autochtone Faeröerders, maar niet bij de Deense burgers, die vasthielden aan de Dannebrog.

Het keerpunt in de status van de vlag werd veroorzaakt door de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 9 april 1940 was Denemarken bezet gebied, maar de Faeröer bleven vanwege hun geografische ligging buiten schot. Op 11 april bezette het Verenigd Koninkrijk de archipel om het zo tegen Duitse aanvallen te kunnen beschermen. Om de Faeröerse schepen goed van de Deense te kunnen onderscheiden bepaalden de Britten dat Merkið hiervoor gebruikt zou worden. De datum was 25 april 1940 en daarmee hebben we de oorsprong te pakken van deze feestdag. Toen de Faeröer na de Tweede Wereldoorlog hun autonomie verkregen, op 23 maart 1948, kreeg de vlag zijn langverwachte officiële status.

faroer oude vlag
De allereerste Merkið, te zien in de kerk van Fámjin op Suðuroy

En hoe verging het prototype van Merkið uit 1919? Welnu, heel goed, de vlag bestaat nog en wordt gekoesterd. Hij is ingelijst en wel te zien in de kerk van Fámjin op het zuidelijke eiland Suðuroy.

Zweden – Sveriges Nationaldag/Nationale Feestdag

Deze dag heet pas zo sinds 1983. Vóór die tijd was 6 juni Svenska flaggans dag.

De geschiedenis hiervan gaat terug  tot 1916 toen de dag voor het eerst gevierd werd. Aanleiding was toen de herdenking van wat wordt beschouwd als de stichting van het ‘moderne’ Zweden: de verkiezing van Gustav Vasa als koning van Zweden.

Gustav Vasa
Portret van Gustav Vasa, 16e eeuwse kopie naar een schilderij van Jacob Binck uit 1542

Hoewel het dus een officiële feestdag is sinds 1916, duurde het nog geruime tijd voor het een echt vrije dag was voor iedereen.
Festiviteiten zullen vanwege de coronacrisis vandaag zeer beperkt zijn. Een aantal activiteiten waar normaal veel mensen op af komen wordt daardoor op tv uitgezonden.
Zweden had een zeer afwijkend beleid in de aanpak van Covid-19, waarbij scholen, verpleeghuizen en horeca normaal open bleven. Dit beleid heeft niet goed uitgepakt, het aantal corona-besmettingen en -doden is enorm opgelopen, waardoor Zweden nu ongunstig afsteekt tegenover de andere Scandinavische landen.
Vorige week werd bekend dat Zweden per hoofd van de bevolking de meeste doden telt.
Op een bevolking van net geen 10 miljoen telt Zweden zo’n 42.000 geregistreerde corona-besmettingen en 4.562 doden (cijfer van gisteren). De meeste doden vielen in verpleeghuizen.

De vlag

De vlag is lichtblauw met een goudgeel Scandinavisch kruis daar overheen.

Vlag Zweden
Vlag van Zweden (1906-heden)

Over het algemeen wordt aangenomen dat de Zweedse vlag de een-na-oudste nationale vlag is, die ononderbroken in gebruik is. De oudste is de Dannebrog, de vlag van Denemarken. En net als de Deense vlag heeft die van Zweden een legende over de oorsprong ervan.

Kruistocht Erik IX
Laat-Middeleeuwse voorstelling van koning Erik IX op kruistocht naar Finland. Naast hem bisschop Henrik.

Toen de 12e-eeuwse koning Erik IX in 1157 op kruistocht naar Finland ging om daar de heidenen te kerstenen (samen met de van oorsprong Britse bisschop Henrik), zou hij een gouden kruis aan de blauwe hemel gezien hebben. Hij zag dit als een teken van God en gebruikte daarna het goud (geel) en het blauw als de koninklijke kleuren.
Dit soort verhalen deed het vroeger goed, maar ze zijn natuurlijk niet meer dan een leuk verhaal. Ook voor de bewuste kruistocht in dat jaar is nooit enig bewijs gevonden.

De oudste historische bronnen stammen uit de 16e eeuw, onder het bewind van de hierboven al eerder genoemde koning Gustav Vasa, ook wel bekend als Gustav I.
De vlag wordt voor het eerst beschreven in een koninklijk bevelschrift van 19 april 1562 als gunt udi korssvijs förd eelt påå blot’ (een kruis van goud neergelegd op blauw).
De kleuren blauw en geel komen ook voor in het wapen van Zweden.

Het blauw in de vlag was tot 22 juni 1906 donkerder, maar in de ‘vlagwet’ van die datum wordt de kleur officieel omschreven als ‘ljust mellanblå’ (helder lichtblauw). De vlag veranderde in dat jaar sowieso omdat er een einde kwam aan de verbinding met het koninkrijk Noorwegen. In het kanton van de vlag was tussen 1844 en 1905 het zogenaamde ‘unie-symbool’ geplaatst, om de verbinding tussen beide landen aan te geven. In 1906 gingen de landen verder als aparte koninkrijken.

Swedish_civil_ensign_(1844–1905).svg
De Zweedse vlag tussen 1844 en 1905 met het Zweeds-Noorse uniesymbool in het kanton

Zoals eerder vermeld is de vlag van het Scandinavische type, net als die van Denemarken, Noorwegen, Finland, IJsland, Faeröer, de Åland Eilanden en de Orkney Eilanden.

Twee vlaggen in de Verenigde Staten stammen af van de Zweedse. Van 1638 tot 1655 bezat Zweden in het gebied van de Delaware River de kolonie Nieuw-Zweden. In 1655 veroverden hun Nederlandse ‘noorderburen’ dit gebied en lijfden het in bij Nieuw-Nederland.

Nieuw Zweden
Delaware: via de Lenape Indianen, Nya Sverige (Nieuw-Zweden), Nieuw-Nederland, Delaware Colony (Engeland), voordat het gebied verdeeld werd tussen de staten Delaware en New Jersey

Dat laat onverlet dat zowel Wilmington, Delaware als Philadelphia, Pennsylvania de Zweedse kleuren in hun vlaggen hebben.
Zeker bij Wilmington is dit overduidelijk: het enige verschil met de Zweedse vlag is het stadszegel over het kruis heen.

Wilmington, Delaware
Vlag van Wilmington, Delaware, officieus sinds 1927, officieel sinds 28 maart 1963

Bij Philadelphia is het minder duidelijk, maar de verticale banen blauw, geel en blauw zijn wel degelijk een verwijzing naar de Zweedse wortels. Het geel in de vlag is overigens donkerder dan dat van de Zweedse vlag.

Vlag Philadelphia
Vlag van Philadelphia, Pennsylvania, officieel ingevoerd op 27 maart 1895

Denemarken – Grundlovsdag/Grondwetdag (1849)

De vijfde juni is een officiële feestdag in Denemarken. Grundlovsdag (Grondwetdag) herdenkt 5 juni 1849, de dag waarop Denemarken een constitutionele monarchie werd. Koning Frederik VII zette op deze dag zijn handtekening onder de nieuwe grondwet.

denemarken portretten
Koning Frederik VII (1808-1863), schilderij door August Schløtt (1823-1895) / “Den grundlovgivende Rigsforsamling”, de Deense parlementsleden op 23 oktober 1848, geschilderd tussen 1861 en 1865 door Constantin Hansen (1804-1880), te zien in Slot Frederiksborg te Hillerød

Het absolute koningschap uit 1665 werd hiermee afgeschaft. Hetzelfde gebeurde in Nederland één jaar eerder in 1848 met de Grondwetherziening onder leiding van Thorbecke.
Verdere aanpassingen waren er in Denemarken in 1866, 1915 (algemeen vrouwenkiesrecht) en 1953. Bij die laatste wijzigingen van 1915 en 1953 gebeurde de ondertekening opnieuw op de vijfde juni.

Het is in Denemarken een grotendeels politieke dag, met speeches en bijeenkomsten door politieke partijen. Eigenlijk is het maar een halve vrije dag: winkels en instellingen zijn ’s morgens nog geopend, maar ’s middags dicht.
Maar ook in Denemarken geldt dat vanwege de coronacrisis de meeste bijeenkomsten niet doorgaan. De vlag uitsteken doen ze echter in Denemarken graag en veel en dat zal vandaag niet anders zijn!

De vlag

Vlag Denemarken
Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Deense vlag behoort tot de oudste vlaggen ter wereld en de oudste nationale vlag die continu in gebruik is gebleven, in ieder geval sinds de 14e eeuw. De vlag bestaat uit een rood veld met een wit Scandinavisch kruis. Er zijn verschillende legendes in omloop over het ontstaan van de vlag.

De bekendste daarvan verhaalt van een vlag die uit de hemel neerdaalde op 15 juni 1219 bij de slag bij Lyndanisse (het tegenwoordige Talinn, hoofdstad van Estland). De vlag, die opgevangen werd door aartsbisschop Anders Sunesen,was een teken van nieuwe hoop tijdens deze slag (een kruistocht tegen Estland), onder aanvoering van de Deense koning Waldemar II. De strijd, die tot dat moment niet bijster succesvol was verlopen voor Waldemar, werd door deze goddelijke interventie alsnog in zijn voordeel beslecht.

Dannebrog valt uit de lucht
De Deense vlag valt uit de hemel in 1219, schilderij uit 1809 door Christian August Lorentzen (1749-1828) © (Statens Museum for Kunst, Kopenhagen)

Het is maar een legende natuurlijk, wat de precieze oorsprong van de vlag is, valt niet meer te achterhalen.

De vlag heeft een naam, Dannebrog, wat zoveel als Deense banier betekent. Met zijn Scandinavische kruis stond hij model voor verschillende Noordse vlaggen, zoals Noorwegen, Zweden, Finland, Åland, Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland.

denemarken vlaggenrij 1
V.l.n.r.: de vlaggen van Noorwegen, Zweden, Finland en Åland
denemarken vlaggenrij 2
V.l.n.r.: de vlaggen van Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland

Sinds 1854 is het vlaggebruik in de wet opgenomen en sinds die tijd kan iedere Deen die dat wil de vlag uitsteken.

Koninklijke standaard Denemarken
De koninklijke standaard van Koningin Margrethe II

De koningin gebruikt haar persoonlijke vlag (standaard), een variatie op de Dannebrog: het model is een zogenaamde zwaluwstaart met twee punten en het koninklijke wapen op een wit vierkant over het centrum van het kruis geplaatst.

Faeröer – Flaggdagur (Vlagdag)

25 april is Flaggdagur, oftewel Vlagdag op de Faeröer, de autonome Deense archipel tussen de Shetlandeilanden en IJsland. Het is een officiële feestdag en (bijna) iedereen is op een doordeweekse dag om 12.00 uur vrij, maar omdat het nu een zaterdag is zullen meer mensen dan normaal vrij zijn.

Overigens zullen de festiviteiten vandaag op een laag pitje staan vanwege de corona-crisis. Het aantal met het corona-virus besmette inwoners bedraagt 187. Van die groep geïnfecteerden zijn inmiddels 178 mensen weer genezen. Corona-doden zijn er vooralsnog niet te betreuren.

De vlag

faeoer vlag
Merkið, de vlag van de Faeröer

De Faeröerse vlag is er een uit de Scandinavische vlaggenfamilie, duidelijk herkenbaar aan het liggende Scandinavische kruis. Andere vlaggen uit deze ‘familie’ zijn die van Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, IJsland, Shetland en Åland. De vlag heeft een officiële naam, namelijk Merkið, wat zoveel betekent als teken of banier. De vlag heeft een wit veld, wat volgens de ontwerpers staat voor de schuimkoppen van de zee en de prachtig heldere hemel boven de Faeröer, daaroverheen een rood Scandinavisch kruis, blauw gebiest: deze twee kleuren komen veel voor op de verschillende Scandinavische vlaggen en geven dus de verbondenheid weer.

De vlag werd in juni 1919 ontworpen door drie in Kopenhagen woonachtige Faeröerse studenten, Jens Oliver Lisberg, Janus Øssursson en Pauli Dahl. De vlag werd vervolgens genaaid door Ninna Jacobsen en voor het eerst op de Faeröer gehesen op 22 juni 1919 tijdens een trouwpartij, en wel in Fámjin, het geboortedorp van Jens Oliver Lisberg.

faroer ontwerpers
De drie ontwerpers van de Merkið, v.l.n.r.: Jens Oliver Lisberg (1896-1920), Janus Øssursson (1896-1964) en Pauli Dahl (1898-1977)

Tot die tijd had de archipel een onofficiële vlag gebruikt met de afbeelding van een schaap op een blauw veld, met daaromheen een brede rode rand, die niet algemeen gebruikt werd.

Schaap-vlaf Faeröer
De Faeröerse “schaap-vlag”

De officiële vlag was die van Denemarken, de Dannebrog. Vanaf de jaren dertig werd de nieuwe vlag steeds algemener onder de autochtone Faeröerders, maar niet bij de Deense burgers, die vasthielden aan de Dannebrog.

Het keerpunt in de status van de vlag werd veroorzaakt door de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 9 april 1940 was Denemarken bezet gebied, maar de Faeröer bleven vanwege hun geografische ligging buiten schot. Op 11 april bezette het Verenigd Koninkrijk de archipel om het zo tegen Duitse aanvallen te kunnen beschermen. Om de Faeröerse schepen goed van de Deense te kunnen onderscheiden bepaalden de Britten dat Merkið hiervoor gebruikt zou worden. De datum was 25 april 1940 en daarmee hebben we de oorsprong te pakken van deze feestdag. Toen de Faeröer na de Tweede Wereldoorlog hun autonomie verkregen, op 23 maart 1948, kreeg de vlag zijn langverwachte officiële status.

faroer oude vlag
De allereerste Merkið, te zien in de kerk van Fámjin op Suðuroy

En hoe verging het prototype van Merkið uit 1919? Welnu, heel goed, de vlag bestaat nog en wordt gekoesterd. Hij is ingelijst en wel te zien in de kerk van Fámjin op het zuidelijke eiland Suðuroy.

Denemarken – 80e verjaardag Koningin Margrethe II

Het zou groot feest zijn geweest vandaag, sterker nog: er waren twéé dagen voor uit getrokken om niet alleen met het Deense volk, maar ook met de koninklijke collega’s en familieleden uitgebreid dit kroonjaar van de Deense vorstin te vieren.

Maar helaas: de coronacrisis gooit roet in het eten en alle festiviteiten zijn afgeblazen, waardoor alle tiara’s, colliers, broches, onderscheidingen, ordelinten en galajurken kunnen blijven waar ze zijn.
Desalniettemin is Margrethe tóch jarig en dus kan de vlag uit!

Zingen1.jpg
Hier wordt de koningin toegezongen vanuit Fredericia… (screenshot DR)
Zingen2.jpg
…en hier vanuit Hjørring (screenshot DR)

Overigens vergeten de Denen hun koningin niet vandaag. Ruim 180.000 Denen hebben zich middels de oproep ‘Heel Denemarken zingt voor de koningin’ aangemeld om vanuit, huis, tuin, werk, of waar dan ook de jarige met het lied I dag er det Margrethes fødselsdag (Vandaag is het de verjaardag van Margrethe) toe te zingen.

Kasteel Fredensborg (screenshot DR)

Dit wordt door de Deense omroep DR in beeld gebracht. Koningin Margrethe, die zich momenteel op Kasteel Fredensborg, in het noorden van Seeland heeft teruggetrokken, wordt vervolgens ook in beeld gebracht terwijl ze naar de tv-uitzending kijkt.

Margrethe.jpg
De jarige kwam nog even naar buiten om te zwaaien (screenshot DR)
Margrethe.jpg
En bedankt daarna via de tv (screenshot DR)

De vlag

Vlag Denemarken
Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Deense vlag behoort tot de oudste vlaggen ter wereld en de oudste nationale vlag die continu in gebruik is gebleven, in ieder geval sinds de 14e eeuw. De vlag bestaat uit een rood veld met een wit Scandinavisch kruis. Er zijn verschillende legendes in omloop over het ontstaan van de vlag.

De bekendste daarvan verhaalt van een vlag die uit de hemel neerdaalde op 15 juni 1219 bij de slag bij Lyndanisse (het tegenwoordige Talinn, hoofdstad van Estland). De vlag, die opgevangen werd door aartsbisschop Anders Sunesen,was een teken van nieuwe hoop tijdens deze slag (een kruistocht tegen Estland), onder aanvoering van de Deense koning Waldemar II. De strijd, die tot dat moment niet bijster succesvol was verlopen voor Waldemar, werd door deze goddelijke interventie alsnog in zijn voordeel beslecht.

Dannebrog valt uit de lucht
De Deense vlag valt uit de hemel in 1219, schilderij uit 1809 door Christian August Lorentzen (1749-1828) © (Statens Museum for Kunst, Kopenhagen)

Het is maar een legende natuurlijk, wat de precieze oorsprong van de vlag is, valt niet meer te achterhalen.

De vlag heeft een naam, Dannebrog, wat zoveel als Deense banier betekent. Met zijn Scandinavische kruis stond hij model voor verschillende Noordse vlaggen, zoals Noorwegen, Zweden, Finland, Åland, Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland.

denemarken vlaggenrij 1
V.l.n.r.: de vlaggen van Noorwegen, Zweden, Finland en Åland
denemarken vlaggenrij 2
V.l.n.r.: de vlaggen van Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland

Sinds 1854 is het vlaggebruik in de wet opgenomen en sinds die tijd kan iedere Deen die dat wil de vlag uitsteken.

Koninklijke standaard Denemarken
De koninklijke standaard van Koningin Margrethe II

De koningin gebruikt haar persoonlijke vlag (standaard), een variatie op de Dannebrog: het model is een zogenaamde zwaluwstaart met twee punten en het koninklijke wapen op een wit vierkant over het centrum van het kruis geplaatst.

Orkney – Transition to Scottish rule (1472)/Overgang naar de Schotse Kroon

Tot 1450 behoorden de Orkney Eilanden bij Noorwegen. Vanaf dat jaar werd Noorwegen de facto ingelijfd door Denemarken en vielen de eilanden onder de regering van de Deense koning Christiaan I.

Christiaan had zijn zinnen er op gezet ook Zweden bij zijn rijk in te lijven, een extra bondgenootschap kon daarom geen kwaad en hij benaderde koning James III van Schotland om hem zijn dochter Margrethe als bruid te beloven, inclusief een flinke bruidsschat.

James accepteerde met graagte, hij hield er een rijk hofleven op na en extra geld was altijd welkom. In afwachting van de bruidsschat werd Orkney (net als de nog noordelijker gelegen Shetland Eilanden) als onderpand geaccepteerd.

Christiaan trok inmiddels ten strijde tegen de Zweden, maar werd (helaas voor hem) verslagen. Hij had al zijn geld in de oorlog gestoken en de beloofde bruidsschat was daarmee ook verdampt.
James realiseerde zich dat hij kon fluiten naar zijn geld en annexeerde via een Act of Parliament op 20 februari 1472 de Orkney en Shetland eilanden.

De vlag

Vlag Orkney
Vlag van Orkney (2007-heden)

De vlag van Orkney is er een van het Scandinavische model: een rood veld met daaroverheen een geel Scandinavisch kruis. Daaroverheen een smaller Scandinavisch kruis in blauw.

Tot 2007 had Orkney een andere, onofficiële vlag. Toen in 1969 de ‘noorderburen’ van Shetland een eigen vlag invoerden, vonden twee Orcadians, Kenneth Campbell Fraser en Allan Macartney dat hun archipel niet kon achterblijven.

vlag shetork
Links: vlag van Shetland / Rechts: eerste, onofficiële vlag van Orkney

Net als Shetland kozen zij vanwege de historische banden met Noorwegen, voor een Scandinavisch kruis: rood op een geel veld. Ze kozen voor deze kleuren omdat die in de wapens van zowel Schotland en Noorwegen voorkomen. Hoewel de vlag toen dus ‘bedacht’ was, bestond hij eigenlijk alleen op papier. Pas vanaf 1994 had Allan Macartney de belangstelling voor de vlag zover doen toenemen dat hij voor het eerst in productie werd genomen. Toen het ontwerp het Court of the Lord Lyon onder ogen kwam (de heraldische autoriteit in Schotland) werd de vlag afgewezen. Dezelfde kleuren en afbeelding waren namelijk al in gebruik bij een adellijke familie in Noord-Ierland. Ondertussen was de vlag overigens nog nauwelijks in het straatbeeld verschenen.

Uiteindelijk werd er in februari/maart 2007 een ontwerpwedstrijd uitgeschreven. Toen het kaf van het koren gescheiden was, bleven er vijf ontwerpen over, die inmiddels allemaal goedgekeurd waren door het Court of the Lord Lyon. Het winnende ontwerp met 53% van de stemmen, was dat van de 52-jarige postbode Duncan Tullock uit Birsay.

Duncan Tullock
Duncan Tullock (© orkney.gov.uk)

Net als bij de eerste vlag waren de overwegingen hetzelfde: de historische banden met Noorwegen en Schotland.
In feite zijn ten opzichte van de eerste vlag de kleuren omgedraaid. Daarnaast is er een smaller blauw kruis over het gele gelegd. Opnieuw historisch juist, ondat die kleur voorkomt op de vlaggen van Noorwegen en Schotland, maar het staat tevens voor het maritieme karakter van de eilanden.

vlaggen noorschot
Links: vlag van Noorwegen / Rechts: Vlag van Schotland

 

Reykjavík – Reykjavík er gerð að bænum (1786) (Reykjavík wordt gepromoveerd tot stad)

Op 18 augustus 1786 verleende de Deense Kroon exclusieve handelscharters aan zes IJslandse gemeenschappen: Reykjavík, Akureyri, Eskifjörður, Grundarfjörður, Ísafjörður en Vestmannaeyjar.
Reykjavík, toen nog een kleine nederzetting, was de enige plaats die door de eeuwen heen zijn charter ononderbroken behield, zodat met de kennis van nu, het jaar 1786 beschouwd wordt als het jaar dat Reykjavík een stad werd.

reykjavik kaart
Reykjavik in 1786, in 1976 getekend door Aage Nielsen-Edwin (1898-1985) naar een schildering van de Noorse astronoom Rasmus Lievog (1738-1811) uit 1787. Illustratie uit het boek Reykjavík – Sögustaður við Sund van Einar S. Arnalds (© Bókaútgáfan Örn og Örlygur hf., 1989)

Handel (voornamelijk wol) was echter alleen toegestaan voor Denen. Pas in 1880 werd deze regel afgeschaft en ontstond er gezonde concurrentie, waardoor de IJslanders zelf ook ‘in zaken ‘ konden. Die ‘zaken’  werden ook diverser: visserij, zwavelmijnbouw, landbouw en scheepsbouw.

Reykjavík groeide gestaag. In 1845 werd het IJsland toegestaan zijn eigen parlement, de Alþingi te vormen, gevestigd in Reykjavík.  In 1904 kreeg dit parlement meer macht, toen IJsland een autonoom deel van het Deense koninkrijk werd. In 1944 werd het land een zelfstandige republiek.

De vlag

Reykjavik vlag
Vlag van Reykjavík (1957-heden)

Zowel vlag als wapen van Reykjavík zijn identiek en relatief jong, het ontwerp stamt uit 1951, maar werd pas zes jaar later, op 6 juni 1957 aangenomen.

Tot die tijd had Reykjavík geen eigen vlag, maar wél een wapen. Dit wapen uit 1815 in de vorm van een stadszegel laat een visser zien met zijn boot en een deel van zijn vangst: stokvis. Het randschrift luidt: Sigillum civitatis Reikiavicae (Zegel van de stad Reykjavík).

reykjavik 01 wapens
Voormalig stadszegel en wapen van Reykjavík (1815-1957) / Wapen van Reykjavík (1975-heden)

Dit zegel werd in 1957 vervangen door het huidige wapen en de identieke vlag.

Het veld is wit en het wapen bevindt zich in het midden. Het schild is donkerblauw en loopt naar onder toe uit in een punt. Drie witte, horizontaal gestileerde golven in het midden. Op de voorgrond, over de golven heen, zijn verticaal twee gewijde houten balken in wit geplaatst.

Deze afbeelding houdt verband met de overlevering van de stichting van Reykjavík. Volgens dit verhaal zouden de eerste permanente bewoners van IJsland Ingolfúr Arnarson en zijn gezin geweest zijn.

Deze  Ingolfúr Arnarson (die in sommige bronnen ook Bjǫrnólfsson genoemd wordt) was een Viking uit Noorwegen uit de 9e eeuw.
Zijn verhaal is te lezen in het Landnámabók (‘Boek der landname’), een manuscript, waarvan het origineel uit de 12e eeuw verloren is gegaan. De oudst nog bestaande uitgaven stammen uit de 13e en 14e eeuw en zijn deels geschreven door Ari Þorgilsson (1067-1148) en Kolskeggr Ásbjarnarson. Hierin wordt verhaald van de Noorse kolonisatie van IJsland tussen 870 en 930.

reykjavik 03 standbeeld
Een perkamenten pagina uit het Landnámabók, te zien in het Árni Magnússon Manuscript Museum in Reykjavík / Standbeeld van Ingolfúr Arnarson in Reykjavík

Ingolfúr Arnarson was verwikkeld in een bloedvete in Noorwegen en werd uiteindelijk gedwongen te vertrekken. Nieuws had hem bereikt dat er een groot nieuw eiland was ontdekt door Garðar Svavarsson en Hrafna-Flóki Vilgerðarson (IJsland dus) en hij besloot daar zijn geluk te gaan beproeven. Hij vertrok in 874 met zijn vrouw Hallveig Fróðadóttir, kinderen, zijn slaven Karli en Vifil en enige stamgenoten.

reykjavik 02 schilderij
Links: Schilderij uit 1850 van Johan Peter Raadsig (1806-1882), getiteld Ingolf tager Island i besiddelse (‘Ingolf neemt bezit van IJsland’) met één van de Öndvegissúlur / Rechts:  Gouden munt van 10.000 kronen uit 1974 met een afbeelding van Ingolfúr Arnarson en de twee Öndvegissúlur

Toen het gezelschap de zuidkust van IJsland bereikte, liet hij twee heilige houten balken overboord gooien. Deze zogenaamde Öndvegissúlur, tekenen van zijn status van stamhoofd, waren gewijd aan de Noorse god Þor (‘Thor’ bij ons), waarna hij zwoer zich te vestigen op de plek waar de balken zouden aanspoelen. Het duurde drie jaar voordat Karli en Vifil de balken uiteindelijk terugvonden aan de zuidwestkust van de baai die tegenwoordig de naam Faxaflói draagt.

Schermafbeelding 2019-08-13 om 16.44.05
Faxaflói, in het zuidwesten van IJsland met de locatie van Reykjavík (en Keflavík, locatie van de internationale luchthaven)

De tijdelijke plekken waar men verbleven had werden verlaten voor de plek aan de baai. Dit zou dus in 877 geweest moeten zijn.
Vanwege opstijgende stoom die hij waarnam (van hete bronnen naar later bleek), noemde hij de plek Reykjavík (‘Rookbaai’).

Faeröer – Ólavsøka (Sint Olaf’s wake)

Twee vlaggen vandaag, vlag 1:

De Faeröerders houden wel van een feestje in de zomer, wanneer de zon pas tegen half elf ondergaat. Ólavsøka wordt dan ook over meerdere dagen uitgesmeerd, maar de eigenlijke dag is vandaag, op 29 juli.

Olaf II Haraldsson
Koning Olaf II Haraldsson (± 995-1030), op een 15e eeuws fresco in de kerk van Överselö in Zweden

De dag herinnert aan de Noorse koning Olaf II Haraldsson, die in 1030 de dood vond in de Slag bij Stiklestad. Eén jaar daarvoor was hij verdreven en afgezet door de Deense koning Knut. Olaf vluchtte naar Zweden en in 1030 trachtte hij zijn land te heroveren, maar op 29 juli sneuvelde hij op het slagveld. Slechts één jaar later werd hij door bisschop Grimkjell heilig verklaard.

Het festival wordt altijd op de avond van 28 juli officieel geopend met een optocht en speeches in het centrum van de hoofdstad Tórshavn. De middag daarvoor zijn dan al de populaire roeiwedstrijden gehouden.

164_07ca6709-0dcc-4925-b5d9-dcea29dd9ce0
Ólovsøka-optocht in Tórshavn

Op 29 juli zelf is er opnieuw een optocht, nu van alle Faröerse politici, de korpschef van de politie, priesters en vertegenwoordigers uit Denemarken, naar de kathedraal van Tórshavn, waar men een dienst bijwoont. Daarna loopt het gezelschap naar het parlementsgebouw, waar men buiten naar een concert luistert. Dit alles dient dan om de opening van het nieuwe parlementaire jaar in te luiden.

Verder zijn er diverse sportwedstrijden, volksdansen en tentoonstellingen.

De vlag

faeoer vlag
Merkið, de vlag van de Faeröer

De Faeröerse vlag is er een uit de Scandinavische vlaggenfamilie, duidelijk herkenbaar aan het liggende Scandinavische kruis. Andere vlaggen uit deze ‘familie’ zijn die van Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, IJsland, Shetland en Åland. De vlag heeft een officiële naam, namelijk Merkið, wat zoveel betekent als teken of banier. De vlag heeft een wit veld, wat volgens de ontwerpers staat voor de schuimkoppen van de zee en de prachtig heldere hemel boven de Faeröer, daaroverheen een rood Scandinavisch kruis, blauw gebiest: deze twee kleuren komen veel voor op de verschillende Scandinavische vlaggen en geven dus de verbondenheid weer.

De vlag werd in juni 1919 ontworpen door drie in Kopenhagen woonachtige Faeröerse studenten, Jens Oliver Lisberg, Janus Øssursson en Pauli Dahl. De vlag werd vervolgens genaaid door Ninna Jacobsen en voor het eerst op de Faeröer gehesen op 22 juni 1919 tijdens een trouwpartij, en wel in Fámjin, het geboortedorp van Jens Oliver Lisberg.

faroer ontwerpers
De drie ontwerpers van de Merkið, v.l.n.r.: Jens Oliver Lisberg (1896-1920), Janus Øssursson (1896-1964) en Pauli Dahl (1898-1977)

Tot die tijd had de archipel een onofficiële vlag gebruikt met de afbeelding van een schaap op een blauw veld, met daaromheen een brede rode rand, die niet algemeen gebruikt werd.

Schaap-vlaf Faeröer
De Faeröerse “schaap-vlag”

De officiële vlag was die van Denemarken, de Dannebrog. Vanaf de jaren dertig werd de nieuwe vlag steeds algemener onder de autochtone Faeröerders, maar niet bij de Deense burgers, die vasthielden aan de Dannebrog.

Het keerpunt in de status van de vlag werd veroorzaakt door de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 9 april 1940 was Denemarken bezet gebied, maar de Faeröer bleven vanwege hun geografische ligging buiten schot. Op 11 april bezette het Verenigd Koninkrijk de archipel om het zo tegen Duitse aanvallen te kunnen beschermen. Om de Faeröerse schepen goed van de Deense te kunnen onderscheiden bepaalden de Britten dat Merkið hiervoor gebruikt zou worden. De datum was 25 april 1940 en daarmee hebben we de oorsprong te pakken van deze feestdag. Toen de Faeröer na de Tweede Wereldoorlog hun autonomie verkregen, op 23 maart 1948, kreeg de vlag zijn langverwachte officiële status.

faroer oude vlag
De allereerste Merkið, te zien in de kerk van Fámjin op Suðuroy

En hoe verging het prototype van Merkið uit 1919? Welnu, heel goed, de vlag bestaat nog en wordt gekoesterd. Hij is ingelijst en wel te zien in de kerk van Fámjin op het zuidelijke eiland Suðuroy.

Groenland – Ullortuneq (Nationale feestdag/Vlagblog)

Dat de Groenlandse nationale dag op 21 juni valt is uiteraard geen toeval. Bij een zo noordelijk gelegen land is de langste dag qua zonlicht een goede keuze. Het autonome bestuur van Groenland (onderdeel van het Deense Koninkrijk) riep deze dag in 1983 tot nationale feestdag uit. Voor de Groenlanders is dit een dagje uit, er zijn markten, feesttenten en veel vlagvertoon.

Ullortuneq Groenland
Vlagvertoon tijdens Ullortuneq in de Groenlandse hoofdstad Nuuk (© visitgreenland.com)

De vlag

Vlag Groenland
Vlag van Groenland (1985-heden)

Hoewel er in 1973 al pogingen werden ondernomen om tot een eigen vlag te komen, leidde dat uiteindelijk tot niets en bleef de Dannebrog, het Deense dundoek, de nationale vlag.

groenland vlaggen naast elkaar
Links: Dannebrog, de Deense vlag / Rechts: het ontwerp voor de Groenlandse vlag, dat een paar stemmen tekort kwam

Nadat Groenland een autonoom onderdeel was geworden van het koninkrijk in 1978, kwam er weer beweging in de vlaggenkwestie. De Groenlandse regering riep op tot het indienen van ontwerpen. Er kwamen er 555, waarvan 293 door Groenlanders zelf. Desondanks kwam men er niet uit en deed men een nieuwe oproep. Uiteindelijk hield men twee ontwerpen over. De huidige vlag kreeg 14 stemmen, terwijl het andere ontwerp, van Sven Tito Achen (1922-1986), een Scandinavisch kruis in groen en wit, er elf kreeg. De vlag werd voor het eerst gehesen op 21 juni 1985.

De vlag bestaat uit twee horizontale banen in wit en rood. Iets links van het midden is een cirkel geplaatst, de bovenkant rood, de onderkant wit. De vlag is een ontwerp van Thue Christiansen (1940), een Inuit, leraar, kunstenaar en politicus.

Thue Christiansen
Thue Christiansen, ontwerper van de Groenlandse vlag (foto: Rimdal Høeg) (© sermitsiaq.ag)

De vlag wordt door de Groenlanders aangeduid met de naam Erfalasorput, wat zoveel betekent als ‘onze vlag’. Volgens Christiansen staat de witte baan voor de gletsjers en het grotendeels witte oppervlak van Groenland. De rode baan staat voor de oceaan. De rode helft van de cirkel staat symbool voor de zon, waarvan de helft inmiddels onder de horizon is verdwenen. De witte helft van de cirkel representeert het pakijs en de ijsbergen.