Colombia was in 1810 een deel van het Spaanse koninkrijk, net zoals het grootste deel van Midden- en Zuid-Amerika. Het deelt dan ook deel van z’n historie met de omringende landen. Zoals eerder in Vlagblog vermeld (5-7-2020), riep buurland Venezuela op 5 juli 1811 de onafhankelijkheid uit.
Colombia deed dat één jaar eerder, op 20 juli 1810. Spanje was het er uiteraard niet mee eens en na de napoleontische oorlogen werd de koloniale orde hersteld. Maar in 1819 werd de definitieve onafhankelijkheid bereikt, o.l.v. de grote ‘bevrijder’ Simón Bolívar.
Het land besloeg toen een veel groter gebied onder de naam Gran Colombia en omvatte de huidige territoria van Colombia, Venezuela, Ecuador, Panama, het noorden van Peru, het westen van Guyana en het noordwesten van Brazilië. President werd Simón Bolívar.
Het grondgebied van de ‘superstaat’ Gran Colombia
In 1830 viel deze grote republiek uiteen en kregen de meeste landen hun huidige vorm. Panama maakte echter tot 1903 nog onderdeel uit van Colombia en werd daarna een aparte republiek.
De vlag
Vlag van Colombia (1861-heden)
De vlag van Colombia heeft sinds het land een aparte republiek werd in 1830 verschillende verschijningsvormen gekend. Het zou te ver voeren die hier allemaal te behandelen.
Wel is het zo dat de kleuren van de vlag vanaf het begin af geel, blauw en rood waren. Het land greep daarmee terug op de vlag van Gran Colombia, dat dezelfde kleuren gebruikte. Dat Venezuela en Ecuador ook die kleuren gebruiken is dan ook geen toeval, daar zij ook uit deze ‘superstaat’ voortkwamen.
V.l.n.r.: de 3e en laatste versie van de vlag van Gran Colombia (1821-1830), de vlag van Venezuela, de vlag van Ecuador
De vlag van Colombia is een horizontale driekleur in geel, blauw en rood, waarbij de gele baan dubbel zo breed is als de blauwe en rode. Het huidige ontwerp werd ingevoerd op 26 november 1861. De kleuren staan voor Amerika (geel), door de zee (blauw) gescheiden van het bloeddorstige (rood) Spanje.
Hoewel Uruguay pas in 1828 werkelijk vrij en onafhankelijk was, is de officiële onafhankelijkheidsdag 25 augustus 1825. Voor die tijd was het onderdeel van Spaans Amerika onder de naam Banda Oriental en vormde het samen met het tegenwoordige Argentinië en een stukje Bolivia de zogenaamde Provincias Unidas del Río de la Plata (de Verenigde Provincies van de Río de la Plata).
In 1816 probeerde Portugal vanuit zijn kolonie Brazilië de Banda Oriental te veroveren. Dat bleek uiteindelijk succesvol in 1817, toen Montevideo werd ingenomen. Toen Brazilië in 1822 zelf onafhankelijk werd van Portugal, was Uruguay ineens onderdeel van het Keizerrijk Brazilië.
Een revolutionaire groepering onder de naam Treinta y Tres Orientales, die onder leiding stond van Juan Antonio Lavalleja, riep de onafhankelijkheid uit op 25 augustus 1825. Hierna brak er een gewapende strijd van drie jaar uit, de Guerra del Brasil, die uitmondde in het Bestand van Montevideo (in het Spaans: Convención Preliminar de Paz) van 27 augustus 1828. En daarmee was Uruguay definitief zelfstandig.
“Boceto para la Jura de Constitución de 1830”, olieverfschilderij uit 1872 van Juan Manuel Blanes (1830-1901) en toont de feestelijkheden op 18 juli 1830 te Montevideo op het Plaza Mayor (het tegenwoordige Plaza Matriz)
De eerste eigen grondwet werd ingevoerd op 18 juli 1830 en staat nu bekend als de Jura de la Constitución. De tekst van de grondwet bleef onveranderd tot 1918. Vele wijzigingen volgden sindsdien.
In hoofdstad Montevideo herinnert de straatnaam La Avenida 18 de Julio aan de invoering van de eerste grondwet.
Devlag
Vlag van Uruguay (1830-heden)
De vlag is in gebruik sinds 16 december 1828 en telde toen negen blauwe banen (voor de negen departementen). Sinds 11 juli 1830 telt de vlag nog maar vier blauwe banen, maar als we de vijf witte banen meetellen, komen we toch weer op de symbolische negen.
Links: vlag van Argentinië / Rechts: vlag van Uruguay (1818-1830)
De Argentijnse vlag diende als voorbeeld voor de Uruguyaanse, met de afbeelding van de ‘mei-zon’ (el Sol de Mayo), die in Argentinië herinnert aan het begin van hun vrijheidsoorlog op 25 mei 1810.
De Uruguyaanse versie van de Sol de Mayo (mei-zon)
Sinds 2008 is het niet langer een vrije dag. Wel wordt er veel gevlagd en is er een presidentiële ceremonie met allerlei gezagsdragers. Verder worden er verschillende marathons georganiseerd.
De vlag
T’aegukgi, de vlag van Zuid-Korea
De Zuid-Koreaanse vlag staat bekend onder de naam T’aegukgi (T’aeguk-vlag). Hij werd -in iets gewijzigde vorm- ontworpen in 1882, en ingevoerd op 27 januari 1883, toen het toen nog verenigde Korea een keizerrijk was.
Oude versie van de vlag van Zuid-Korea
De vlag heeft een wit veld met middenin een cirkelvormig rood-blauw symbool, de T’aeguk, de vier hoeken bevatten zwarte symbolen bestaande uit balken en balkjes. De kleur wit is een traditionele Koreaanse kleur en staat voor de zuiverheid en de vrede.
De T’aeguk bestaat uit in een twee delen gesneden schijf, de bovenkant rood, de onderkant blauw. Het zijn de yin (de blauwe onderkant) en de yang (de rode bovenkant). Het is een oeroude symboolcombinatie voor de kosmos en zijn tegenstellingen, zoals goed en kwaad, dag en nacht, droogte en vocht, licht en duisternis, mannelijk en vrouwelijk, actief en passief, enzovoort. De centrale gedachte hierbij op de vlag is dat er een voortdurende beweging in het universum is, maar dat er tegelijkertijd harmonie en balans is.
T’aeguk-symbool (yin en yang)
De balkjessymbolen in de hoeken zijn zogenaamde trigrammen. Linksboven drie doorlopende balken, dit symbool heet de geon en staat voor de hemel, de lente, het oosten, de menselijkheid, vader, de hemel en gerechtigheid. Linksonder twee doorlopende balken en één gedeelde, dit is de ri, het staat voor de zon, de herfst, het zuiden, juistheid, dochter, vuur en vervulling.
De vier trigrammen van de vlag: v.l.n.r.: 건 (geon) / 리 (ri) / 감 (gam) / 곤 (gon)
Rechtsboven één doorlopende balk en twee gedeelde, dit is gam, en die staat voor de maan, de winter, het noorden, intelligentie, zoon, water en wijsheid. Rechtsonder tenslotte is gon, drie gedeelde balken, met als betekenis de aarde, zomer,het westen, beleefdheid, moeder, grond en vitaliteit. Net als de T’aeguk en de yin en yang symboliseren de trigrammen het evenwicht.
Vlag van Noord-Korea (1948-heden)
Sinds 15 augustus 1948 is dit de officiële vlag van Zuid-Korea, Noord-Korea heeft op 9 september 1948 zijn eigen vlag ingevoerd.
Vandaag wordt Chandrikapersad (Chan) Santokhi beëdigd als 10e president van Suriname. Na de parlementsverkiezingen van 25 mei kwam de Vooruitstrevende Hervormings Partij (VHP) onder leiding van Santokhi als overwinnaar uit de bus, met 20 zetels. De Nationale Democratische Partij (NDP) van zittend president Desi Bouterse bleef steken op 16 zetels. Santokhi vormde vervolgens met de andere oppositie-partijen een regeringscoalitie, waardoor er op één zetel na een tweederde meerderheid ontstond in het 51 zetels tellende parlement, de Nationale Assemblée. Naast de VHP bestaat de coalitie uit de Algemene Bevrijdings- en Ontwikkelingspartij (ABOP) met 9 zetels, de Pertjaja Luhur (PL), 1 zetel en de Nationale Partij Suriname (NPS) met 3 zetels.
De Nationale Assemblée van Suriname in Paramaribo, een ontwerp van Peter Nagel (1921-1997) uit 1954Links: Vergaderzaal van de Nationale Assemblée (screenshot) / Rechts: Ronnie Brunswijk (links) en Chan Santokhi (rechts) bij aankomst in De Nationale Assemblée op 13 juli 2020 (screenshot)
Op 7 juli werd Santokhi door 33 parlementariërs voorgedragen als kandidaat voor de verkiezing van het presidentschap. De oppositie, de NDP van Bouterse en de BEP (Broederschap in Eenheid en Politiek), besloten geen tegenkandidaat voor te dragen, waardoor Santokhi de enige gegadigde werd. Vervolgens werd hij in de Nationale Assemblée door tweederde van de parlementariërs tot president gekozen voor een periode van vijf jaar.
Ronnie Brunswijk (1961) en Chan Santokhi (1959) tijdens hun speeches in De Nationale Assemblée op 13 juli 2020 (screenshots)
De Assemblée koos ook een vice-president, geheel volgens verwachting werd dat ABOP-voorman Ronnie Brunswijk, de voormalige leider van het Junglecommando, die tussen 1986 en 1992 in de Binnenlandse Oorlog (de Surinaamse burgeroorlog) vocht tegen het regime van toenmalig legerleider Desi Bouterse.
Net als zijn grote rivaal Bouterse is Brunswijk in Nederland (én in Frankrijk) bij verstek veroordeeld voor cocaïnehandel. De rechtbank in Haarlem legde hem een gevangenisstraf van zes jaar op. Brunswijk heeft de beschuldigingen altijd ontkend, net als een bankoverval die hij tijdens de Binnenlandse Oorlog gepleegd zou hebben.
Brunswijk’s dubieuze verleden valt echter in het niet bij dat van vertrekkend president Bouterse. Op 19 november 2019 werd de president na een jaren slepende procedure door de Surinaamse krijgsraad veroordeeld voor zijn rol bij de Decembermoorden in 1982, waarbij in Fort Zeelandia in Paramaribo 15 tegenstanders van zijn militaire regime werden gemarteld en daarna gefusilleerd.
Links: Het 17e-eeuwse Fort Zeelandia in Paramaribo aan de Surinamerivier / Rechts: Gedenkteken voor de Decembermoorden van 1982 in Fort Zeelandia, in 2009 onthuld door president Ronald Venetiaan
Hij wordt ook als brein gezien achter de zogenaamde Moiwana-slachting in 1986, tijdens zijn strijd met het Junglecommando van Ronnie Brunswijk. Troepen van het Surinaamse leger waren na een tip op zoek naar Brunswijk in het Oost-Surinaamse marron-dorp Moiwana, waar hij een huis bezat. Hij werd echter niet aangetroffen. Minstens 39 dorpelingen die niet wilden of konden vertellen waar Brunswijk zich ophield, werden doodgeschoten.
Daarnaast is Bouterse in 1999 in Nederland tot elf jaar gevangenisstraf veroordeeld voor betrokkenheid bij een drugstransport uit 1997, waarbij 474 kg cocaïne in de haven van Stellendam werd onderschept, waarna Europol een arrestatiebevel tegen hem uitvaardigde. Zoals we weten is hij nooit gearresteerd, omdat hij als president (sinds 2010) Suriname nauwelijks verliet en als hij al afreisde was dat naar landen waarvan hij wist dat hij er niet opgepakt zou worden, zoals China en Cuba.
Vandaag slaat Suriname een nieuwe bladzijde om als Chan Santokhi geïnstalleerd wordt als president. Santokhi heeft een lange carrière bij de politie achter de rug als politie-inspecteur, hoofd van de landelijke recherche, commissaris van politie en hoofd van de justitiële dienst van het Korps Politie Suriname. Vanaf 2005 was hij minister van Justitie en Politie, onder zijn bewind werd de criminaliteit in Suriname hard aangepakt. Vanaf 2010 tot nu was hij parlementslid namens de VHP, de partij waarvan hij in 2011 tevens voorzitter werd.
De beëdiging van vandaag zal vanwege de coronacrisis zonder publiek plaatsvinden. Eerdere presidentswisselingen vonden plaats in de Anthony Nesty-sporthal, maar vandaag zal dat in een daarvoor opgetrokken tent op het Onafhankelijkheidsplein zijn.
President Santokhi tijdens zijn inaugurele rede (screenshots)
Ook de gebruikelijke volksreceptie is komen te vervallen. Wel maken president Santokhi en vice-president Brunswijk ’s middags een rijtoer door Paramaribo en het aangrenzende district Wanica.
Leden van de Nationale Assemblée tijdens de beëdiging van president Santokhi (screenshots)
Naast de installatie van president en vice-president worden vandaag 17 nieuwe ministers beëdigd.
De vlag
Vlag van Suriname (1975-heden)
De vlag van Suriname werd ingevoerd op 25 november 1975, de dag dat het land onafhankelijk werd van Nederland. Voor het ontwerp was een wedstrijd uitgeschreven waarvoor meer dan 270 inzendingen binnenkwamen. Geen van deze ontwerpen werd uiteindelijk gekozen. Wel kwamen verschillende onderdelen van verschillende inzenders uiteindelijk terug in de vlag.
De gele ster in het midden staat voor eenheid en hoop. De twee groene en één rode baan staan voor de kleuren van de politieke partijen die ten tijde van de onafhankelijkheid aan de macht waren. Het rood staat tevens voor de liefde. De twee witte stroken daartussen staan voor gerechtigheid en vrijheid.
Over de positie van de ster ontstond nog enige discussie. Uiteindelijk werd gekozen voor een placering met twee punten naar beneden, of zoals toenmalig president John Ferrier het zei: “Met beide benen stevig op de grond”.
Eerdere vlag
Om kort nog iets te zeggen over de vorige vlag van Suriname: deze was in gebruik tussen 8 december 1959 en 25 november 1975.
Vlag van Suriname (1959-1975)
Deze vlag was wit met vijf vijf-puntige sterren in een ellips, verbonden door een zwarte lijn. De kleuren van de sterren stonden voor de verschillende bevolkingsgroepen: zwart voor de Creolen, bruin voor de Indiërs, geel voor de Chinezen, rood voor de Indianen en wit voor de blanke Europeanen.
Noni Lichtveld (1929-2017)
Het ontwerp was van illustratrice en schrijfster Noni Lichtveld (1929-2017).
De Franse nationale feestdag is één van de bekendere nationale feestdagen, zeker ook voor Nederlanders, waarvan er een groot aantal dan inmiddels de vakantie doorbrengt in Frankrijk en de festiviteiten vaak zelf kan meevieren (hoewel dat dit jaar allemaal iets anders is door de coronacrisis).
14 juli 1789 was de dag waarop de Bastille in Parijs werd bestormd door een ontevreden bevolking, die het absolutistische koningschap met zijn extravagantie zat was. De economische crisis en stijgende graanprijzen droegen bij aan het creëren van een broeierige en revolutionaire sfeer.
Links: Bestorming van de Bastille op 14 juli 1789 / Rechts: ‘La liberté guidant la peuple’, schilderij uit 1830 van Eugène Delacroix (1798-1863), te zien in het Louvre te Parijs
In de dagen die eraan vooraf gingen werden door een inderhaast gevormde militie, de Nationale Garde, wapenhandels geplunderd, plus het wapendepôt van het Hôtel des Invalides (het onderkomen van oud-soldaten). Toen men daar niet het gewenste buskruit vond, werd besloten de Bastille-gevangenis te bestormen, die daarvoor als opslagplaats diende.
In eerste instantie werd er onderhandeld met de gouverneur van de Bastille, maar nadat zijn voorwaarden als onacceptabel werden beschouwd, capituleerde de gouverneur, zette de poorten open en de gewapende menigte stormde naar binnen. De toon was gezet.
Het betekende nog niet de afschaffing van de monarchie, maar wel een introductie van een grondwet en afschaffing van het feodale systeem.
Drieënhalf jaar later, in 1793, viel het doek voor het Franse koningshuis alsnog, toen Lodewijk XVI op het schavot belandde.
Executie van koning Lodewijk XVI, 21 januari 1793, op het Place de la Révolution (sinds 1795 Place de la Concorde)
De vlag
Vlag van Frankrijk, de Tricolore (1794-heden)
De Franse vlag, de Tricolore geheten, vond haar oorsprong in diezelfde Franse Revolutie en werd voor het eerst officieel op 20 mei 1794 gehesen (waardoor de koninklijke vlag van het Huis Bourbon het veld ruimde).
De Bourbon-vlag, met prominent 3 fleurs-de-lis in het wapen, maar het witte veld is ook bezaaid met fleurs-de-lis; de twee ordeketenen zijn die van de Ordre de Saint Michel en de Ordre de Saint Louis
Vanaf dat jaar zijn de kleuren ook blauw, wit en rood (daarvoor was dat rood, wit en blauw).
Hoewel sommigen historici menen dat de kleuren gebaseerd zijn op die van de Nederlandse vlag (eveneens een van oorsprong revolutionaire vlag), lijkt dat niet heel waarschijnlijk. Over het algemeen wordt aangenomen dat de kleuren rood en blauw ontleend zijn aan de kleuren van het wapen van Parijs en het wit van de koninklijke vlag van de Bourbons.
Het wapen van Parijs, het motto ‘Fluctuat net mergitur’ betekent zoveel als ‘Het schommelt op de golven maar gaat niet onder’.
In de aanloop naar 1794 kende de vlag, behalve de omgekeerde kleurenvolgorde, nog andere verschijningsvormen, met zowel horizontale als diagonale banen. Vanaf 1794 dus met verticale banen, wat in de vlaggenwereld toen een noviteit was en wat later door vele andere landen in allerlei kleurenvariaties werd overgenomen.
De Soevereiniteitsdag herdenkt dat op 13 juli 1878 het Congres van Berlijn Montenegro als onafhankelijk land erkende. Dat Congres was een bijeenkomst van de zes grootste staten van dat moment, Rusland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Oostenrijk-Hongarije, Italië en Duitsland. Ook uitgenodigd werden het Ottomaanse Rijk en vier Balkanstaten: Griekenland, Servië, Roemenië en Montenegro. De bedoeling van de bijeenkomst, die een maand duurde, was vast te stellen welke staat zich een staat mocht noemen, na de Russisch-Turkse oorlog van 1877-1878.
Berliner Kongress, schilderij van Anton von Werner (1843-1915), de prominente groep van drie rechtsvoor bestaat uit v.l.n.r.: Gyula Andrássy (minister van Buitenlandse Zaken van Oostenrijk-Hongarije), Otto von Bismarck (rijkskanselier van Duitsland) en Pyotr Shuvalov (ambassadeur voor Rusland in het Verenigd Koninkrijk). De drie mannen uiterst links zijn: Alajos Károlyi (ambassadeur voor Oostenrijk-Hongarije in het Verenigd Koninkrijk), Alexander Gorchakov (minister van Buitenlandse Zaken van Rusland) en Benjamin Disraeli (premier van het Verenigd Koninkrijk)
Sommige landen hadden weinig in te brengen, zoals het Ottomaanse Rijk, de Turken werden gedwongen flinke delen van hun grondgebied af te staan. Macedonië mochten ze houden, maar landen als Roemenië, Servië en dus ook Montenegro werden onafhankelijke staten. Het Verenigd Koninkrijk werd het toegestaan Cyprus te bezetten.
Tevens herdenkt deze dag dat de Montenegrijnen in 1941 een opstand organiseerden tegen het Nazi-regime en de zijde kozen van de communistische partisanenbeweging.
De vlag
Vlag Montenegro (2004-heden)
De vlag is aangenomen op 13 juli 2004 en in de grondwet opgenomen op 22 oktober 2007. Hij is oranjerood, geheel goud omrand. In het midden van de vlag is het staatswapen afgebeeld.
Het staatswapen stamt uit de 19e eeuw, toen Montenegro een prins-bisdom was onder de Petrović-Njegoš-dynastie. Dit Huis had nauwe familiale en politieke banden met het Russische Keizerrijk en dat het wapen Russische trekjes vertoont, is dus niet zo vreemd. Net als in Rusland zien we een twee-koppige gekroonde adelaar, met in zijn klauwen een scepter en een rijksappel. De ‘dubbelkoppigheid’ van de adelaar geeft oorspronkelijk de autoriteit aan van de monarch over kerk en staat.
Links: wapen van het prins-bisdom Montenegro onder de Petrović-Njegoš-dynastie / Rechts: het wapen van Montenegro (2004-heden)
Midden op de adelaar is een schild geplaatst met daarop een zogenaamde lion passant, een wandelende leeuw. Waarschijnlijk is deze leeuw afkomstig van het wapen van de Republiek Venetië. De stadstaat had hier tijdens zijn hoogtijdagen veel invloed.
Montenegro schafte officieel in 1918 het Huis Petrović-Njegoš af en het feit dat het vorstelijke wapen in 2004 op de vlag geplaatst werd, viel niet bij iedereen in goede aarde. Het bleek echter een schot in de roos bij het grootste deel van de bevolking en het wapen kom je tegenwoordig overal tegen in het land.
Vandaag, 12 juli viert Kiribati 41 jaar onafhankelijkheid. Naast vreugde zullen er ook zorgen zijn: de archipel in de Grote Oceaan bestaat uit zo’n 32 laagliggende atollen en rif-eilanden en zal waarschijnlijk het eerste land zijn wat op termijn zijn totale grondgebied zal verliezen door de opwarming van de aarde.
Het grondgebied (voor het grootste deel oceaan) beslaat een oppervlakte van 3,5 miljoen vierkante kilometer.
Drie eilandengroepen zijn te onderscheiden op de kaart hierboven, die tezamen Kiribati vormen: de Gilbert, Phoenix en Line Islands. Zij kwamen stukje bij beetje ‘bij elkaar’. In 1892 kreeg de Britse kapitein Edward Henry Meggs Davis (1846-1929) van de Royal Navy de verschillende stamhoofden van de Gilbert Islands zover dat zij er in toestemden een protectoraat van het Verenigd Koninkrijk te worden, net als de nabijgelegen Ellice Islands (nu beter bekend onder de naam Tuvalu).
Vanaf 1916 worden de Gilbert and Ellice Islands een kroonkolonie. De Line Islands werden in 1919 aan de kolonie toegevoegd en de Phoenix Islands in 1937.
Een postzegel van vijf shilling van de Gilbert & Ellice Islands uit 1939 met het portret van koning George VI en het wapen van de kroonkolonie (heden ten dage het wapen van Kiribati)
Een territoriaal dispuut ontstond tussen het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, toen de V.S. meenden aanspraak te kunnen maken op de Phoenix Islands en op de noordelijke Line Islands.
In 1975 werden de onomstreden Britse Gilbert and Ellice Islands gesplitst, waarna de Ellice Islands in 1978 onafhankelijk werden als Tuvalu. De Gilbert Islands volgden dat voorbeeld op 12 juli 1979 onder de naam Kiribati.
Kiribati begon vervolgens besprekingen met de Verenigde Staten. Dit leidde uiteindelijk tot het Verdrag van Tarawa van 20 september 1979, waarbij de V.S. afstand deden van de Line en Phoenix Islands en Kiribati als land erkenden in 1983.
Het ‘grondgebied’ van Kiribati
In juni 2008 diende Kiribati een officieel verzoek in bij Australië en Nieuw-Zeeland om zijn inwoners als permanente vluchtelingen toe te laten vanwege de zeespiegelstijging. President Anote Tong verklaarde dat ‘er geen weg terug was”.
Begin 2012 kocht Kiribati voor 9,3 miljoen Australische dollars (5,7 miljoen euro) het 2.200 ha grote Natoavatu Estate op Vanua Levu, het grootste van de Fiji-eilanden, om op termijn een deel van zijn inwoners daar te huisvesten.
President Taneti Maamau (1960) van Kiribati (screenshot)
Festiviteiten worden over meerdere dagen uitgesmeerd, onder de noemer Independence Day Week. Enkele andere officiële feestdagen worden namelijk ook in deze week gevierd: Gospel Day, Senior Citizen’s Day en National Culture Day. De grootste bijeenkomst wordt gehouden in Bairiki National Stadium in de hoofdstad Tarawa. Er is een speech van de president (sinds 11 maart 2016 is dat Taneti Maamau) en er zijn traditionele dansen. Verder bestaat de feestweek uit vliegerwedstrijden, kanoraces en vele andere vriendschappelijke competities.
Datumgrens
De sinds 2000 met een ‘uitsteeksel’ opgezadelde datumgrens (rode lijn)
Tot 2000 liep de datumgrens dwars door Kiribati, waardoor de Phoenix en Line Islands één dag achterliepen op de Gilbert Islands Dit was dermate onhandig dat in 1994 besloten werd de datumlijn óm de Phoenix en Line Islands heen te trekken. De invoering vond plaats op 1 januari 2000, waardoor de Line Islands als eerste het nieuwe millennium konden verwelkomen (en de Phoenix Islands als tweede), in plaats van als laatste.
Naam
Wat de naam Kiribati (spreek uit als Kiribas) betreft: in feite is dit een vertaling in het Kiribatisch (ook wel Gilbertees genoemd) van de de oude naam Gilbert Islands in de verkorte versie Gilberts. Zoals andere Polynesische, Melanesische en Maori-talen heeft het Kiribatisch een alfabet met minder letters dan het onze. Zodoende werd in de eigen taal Gilberts uiteindelijk Kiribas (gespeld als Kiribati).
Een goed voorbeeld van zo’n vertaling is bijvoorbeeld Merry Christmas in het Hawaiiaans, dat wordt Mele Kalilimaka.
De vlag
Vlag van Kiribati (1979-heden)
De vlag van Kiribati toont een tweedeling: de onderste helft wordt in beslag genomen door drie witte golvende lijnen op een blauw vlak. De bovenste helft is rood met in het midden een opkomende (of ondergaande) zon in geel, waarvan de helft schuilgaat achter de golven. De zon heeft zeventien stralen, om en om recht en gebogen. Boven de zon vliegt een fregatvogel in geel.
De vlag is enigszins ongewoon: het is namelijk een ‘uitgerokken’ versie van het wapen van Kiribati, waarmee de vlag in feite een wapenkundige banier is.
Het wapen werd in 1932 ontworpen door Sir Arthur Grimble (1888-1956), hij was een hoge ambtenaar (resident commissioner) op de Gilbert & Ellice Islands, later ook gouverneur op de Seychellen. Het duurde tot mei 1937 voordat het wapen officieel werd ingevoerd. Het werd toen tevens als badge op een Britse blue ensign geplaatst, waarmee de Gilbert & Ellice Islands ook een vlag hadden.
V.l.n.r.: Sir Arthur Grimble, het oude tweetalige wapen van de Gilbert & Ellice Islands, de vlag (blue ensign) van de Gilbert & Ellice Islands, het huidige wapen van Kiribati
Aangezien het wapen voor zowel de Gilbert als de Ellice Islands diende, kreeg het ook motto’s in twee talen mee: het Kiribatisch (of Gilbertees) en het Tuvaluaans (de taal van de Ellice Islands), respectievelijk: Maaka te Atua karinea te uea en Mataku i te Atua fakamamalu ki te tupu, wat zoveel betekent als Vreest God en aanbidt de Koning.
De Ellice Islands werden in 1975 afgescheiden van de Gilbert Islands en vanaf 1978 gingen deze eilanden verder onder de naam Tuvalu en voerde het zijn eigen vlag in.
De Gilbert Islands, samen met de Phoenix en Line Islands behielden de oude blue ensign tot hún onafhankelijkheid in 1979.
Kort voor de onafhankelijkheid werd er een ontwerpwedstrijd gehouden voor een nieuwe vlag. Het gekozen ontwerp was op z’n minst opmerkelijk: een ‘uitgerokken’ versie van het wapen! Het ontwerp werd vervolgens voorgelegd aan het College of Arms in Londen, die met het voorstel kwam om het bovenste gedeelte met de zon en de fregatvogel te vergroten en daarmee het ‘golven’-gedeelte te reduceren. Het College of Arms had zich de moeite kunnen besparen, want de eilandbewoners hielden hardnekkig vast aan het originele ontwerp!
Eerste dag-envelop ter gelegenheid van de Onafhankelijkheidsdag in 1979
De nieuwe vlag werd voor het eerst gehesen op Onafhankelijkheidsdag, 12 juli 1979, in de hoofdstad Tarawa. En daarmee is Sir Arthur Grimble naast ontwerper van het wapen, ook ontwerper van de vlag.
Het wapen werd iets gestileerd, maar bleef verder hetzelfde. Wel kwam er een nieuw motto: Te mauri te raoi ao te tabomoa (Gezondheid, vrede en voorspoed).
Dan de symboliek van de vlag: de blauwwitte golvenbanen staan uiteraard voor de Grote Oceaan. De zon stelt zowel de opgaande als ondergaande zon voor en de 17 compleet zichtbare stralen voor de 16 Gilbert Islands, de 17e straal staat voor het geïsoleerde koraaleiland Banaba (waarmee de Phoenix en Line Islands dus geen eigen stralen hebben gekregen!).
De fregatvogel (fregata minor) symboliseert beheersing van de oceaan, vrijheid en de cultuur van Kiribati.
Het parlementsgebouw van Kiribati in Tarawa; het werd in 2000 gebouwd naar een Japans ontwerp. Prominent in beeld een ‘3D’-versie van de symbolen van zowel wapen als vlag!
11 juli is sinds 1973 de Vlaamse feestdag. De datum grijpt terug op 11 juli 1302, naar de bij Kortrijk uitgevochten Guldensporenslag tussen Vlamingen en het koninklijke Franse ridderleger. Frankrijk was sinds 1294 in oorlog met Engeland en de Vlamingen hadden de kant van de Engelsen gekozen.
België heden ten dage – Vlaanderen in groen / Wallonië in blauw en rood (blauw: Franstalig/rood: Duitstalig) / Brussel in geel (tweetalig: Nederlands en Frans)
De Fransen namen dit niet, vielen Vlaanderen binnen en veroverden de Vlaamse steden. Vervolgens werd er een Franse landvoogd aangesteld en fikse belastingen geheven. Het volk en de ambachtslieden werden hier de dupe van. De adel bleef belastingtechnisch grotendeels buiten schot. De ambachtslieden en boeren namen dit niet langer en kwamen in opstand, uiteindelijk geholpen door enkele stedelijke milities en ridders.
V.l.n.r.: Robert II van Artois (Artesië) (1250-1302) en zijn wapen, Willem van Gulik (1275-1304) en zijn wapen
De Vlaamse troepen werden aangevoerd door o.a. Willem van Gulik, Gwijde van Namen, Jan van Renesse (een Zeeuwse edelman) en Jan Borluut, alles bij elkaar zo’n 9.000 man.De Fransen, die een revolte uiteraard niet tolereerden, kwamen op de proppen met een ridderleger van 8.500 man, o.l.v. Robert II van Artois (Artesië).
Links: Voetsoldaten verslaan ridders in de Guldensporenslag (uit de Grandes Chroniques de France, 13e-15e eeuw) / Rechts: enkele Vlaamse manschappen
Het zou te ver voeren hier de slag te beschrijven, maar in de korte versie komt het er op neer dat de Fransen in de pan werden gehakt bij Kortrijk. Robert van Artois sneuvelde nadat hij van zijn paard werd geslagen en een dreun kreeg met een goedendag. Dit kwam het moreel natuurlijk niet ten goede.
Volgens de overlevering werden er daarna op het slagveld zo’n 500 vergulde sporen, afkomstig van de ridders, verzameld.
Gulden spore
In de loop van de 19e eeuw nam de Vlaamse bewustwording toe. Belangrijk daarbij was het boek ‘De leeuw van Vlaanderen’ van Hendrik Conscience, uit 1838. Daarin wordt de Guldensporenslag nog eens glorieus opgevoerd.
De vlag
Vlag van Vlaanderen (1973-heden)
De vlag van Vlaanderen werd, net als de feestdag geïntroduceerd in 1973 als vlag van de Raad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap en vanaf 1985 als vlag van de Vlaamse Gemeenschap. Het oude wapen van het graafschap Vlaanderen diende als logisch voorbeeld en gaat in ieder geval terug tot de 13e eeuw. De vlag wordt officieel beschreven als ‘Geel met een zwarte leeuw, rood geklauwd en getongd’. De vlag wordt ook wel aangeduid als De Vlaamse Leeuw. Door de eeuwen heen heeft de leeuw ontelbare gedaanteverwisselingen gehad, de afbeelding die nu op de vlag staat is gebaseerd op die uit een wapenboek van rond 1560-1570.
Vlag van de Vlaamse Beweging
Ook de sterk nationalistische Vlaamse Beweging bedient zich van deze vlag, maar wel met enige verschillen: zo is de leeuw gestileerder, mist hij de detaillering in zijn vacht en zijn klauwen en tong zwart in plaats van rood. De vlag is niet-officieel.
De Bahama-eilanden, officieel The Commonwealth of the Bahamas (Het Gemenebest van de Bahama’s), bestaan uit zo’n 700 eilanden ten oosten van de Amerikaanse staat Florida en ten noorden van Cuba. De 10e juli is Independence Day (Onafhankelijkheidsdag), een officiële feestdag, die herinnert aan 10 juli 1973. Sinds die dag was het land niet langer een Engelse kolonie, maar het bleef wel in het Gemenebest en het staatshoofd is dan ook koningin Elizabeth II van het Verenigd Koninkrijk.
Kaart van de Bahama’s
Vanaf 1648 was er al een Engelse aanwezigheid van kolonisten die via Bermuda arriveerden op het eiland Eleuthera. In 1670 werd de Engelse invloed uitgebreid met het stichten van een fort en een nederzetting op het eiland New Providence. Deze plaats werd naar de toenmalige koning Charles II genoemd: Charles Town, vanaf 1695 bekend als Nassau (genoemd naar stadhouder/koning Willem III), en tegenwoordig de hoofdstad van de Bahama’s.
Links: koning Charles II Stuart (1630-1685) door John Michael Wright (1617-1694), tussen 1660 en 1665 / Rechts: koning/stadhouder Willem III van Oranje-Nassau (1650-1702) door Sir Godfrey Kneller (1646-1723), rond 1680
In 1703, tijdens de Spaanse Successieoorlog, werd Nassau door Spanjaarden en Fransen aangevallen, geplunderd en platgebrand. In 1706 werd dat nog eens dunnetjes overgedaan, waarna er een anarchistische tijd aanbrak in het eilandenrijk, waarbij veel piraten de archipel als toevluchtsoord gebruikten, zoals Zwartbaard (Edward Teach), Calico Jack (Jack Rackham), Charles Vane, Richard Worley, Benjamin Hornigold en zelfs twee vrouwelijke piraten: Mary Read en Anne Bonny. Op zeker moment werd het aantal piraten in de Bahamaanse wateren geschat op zo’n 1000 man (én vrouw dus!), tegen zo’n, 100 inwoners in Nassau, waardoor er tussen 1706 en 1718 een onofficiële Piratenrepubliek ontstond, die zelfs een eigen vlag gebruikte (in vele varianten), de Jolly Roger, die nu nog steeds bekendheid geniet als dé piratenvlag.
Drie verschillende Jolly Rogers: v.l.n.r.: het ‘standaard’-model, o.a. in gebruik bij Zwartbaard (Edward Teach), de vlag van Calico Jack (Jack Rackham) en die van Richard Worley
Een ommekeer kwam met het aanstellen van Woodes Rogers als gouverneur van het gebied in 1718. Nassau was inmiddels een berucht piratennest, maar Rogers wist als ex-piraat de orde te herstellen en de macht van plaatselijke piraat Charles Vane te breken. Hij gaf iedereen amnestie die beloofde de piraterij af te zweren, bouwde forten en wist aanvallen van onwillige piraten af te slaan.
Woodes Rogers, ex-piraat/gouverneur van de Bahama’s (rond 1679-1732) (detail uit een schilderij uit 1729 van William Hogarth (1697-1764)
Er ontstond handel met het Amerikaanse vasteland en er werden plantages aangelegd, waarop uit Afrika aangevoerde slaven te werk werden gesteld. Engeland verbood de slavernij vanaf 1807, waardoor de Bahama’s een toevluchtsoord werden voor slaven die wisten te ontsnappen uit Florida of Cuba.
Het grote aantal slaven werkzaam in de archipel is nog steeds zichtbaar: 90% van de bevolking is van Afrikaanse oorsprong.
Op 7 januari 1964 kregen de Bahama’s zelfbestuur, de opmaat naar onafhankelijkheid. En zo komen we weer op de 10e juli: op die datum in 1973 werden de Bahama’s een onafhankelijke staat.
De vlag
Vlag van de Bahama’s
De vlag van de Bahama’s is een horizontale driekleur in aquamarijn, goudgeel en aquamarijn. Een zwarte driehoek wijst vanaf de broekingszijde naar de vluchtzijde.
In de aanloop naar de onafhankelijkheid werd er in juni 1971 een ontwerpwedstrijd uitgeschreven, daar kwamen 51 ontwerpen uit rollen. Daar werden er tien uitgekozen; van die tien kwamen er uiteindelijk zes bij de ‘kies’-commissie terecht. Uiteindelijk was er één ontwerp waar men voor koos, met banen in zwart, goudgeel en aquamarijn, van Hervis Bain.
Men wist eerst niet goed of men de kleuren nu horizontaal of verticaal wilde. Een ander idee was het zwart in een driehoek te vatten en een extra baan in aquamarijn toe te voegen. Toen het (horizontale) ontwerp vervolgens doorgestuurd werd naar het College of Arms in Londen, kwam de reactie dat men het een goed ontwerp vond, maar voorstelde de kleuren om te keren: goudgeel, aquamarijn, goudgeel.
Logo van het College of Arms, Londen
Het voorstel werd door de Bahamaanse commissie echter niet gevolgd, waardoor de kleuren bleven wat ze waren: aquamarijn, goudgeel, aquamarijn. (Wat het College of Arms hiervan vond weten we niet). Vervolgens werd op 2 april 1973 het ontwerp gepresenteerd.
Van 9 op 10 juli 1973, om middernacht, werd de nieuwe vlag voor het eerst gehesen in Fort Charlotte, vlakbij Nassau. Bij het feest werden 70.000 kleine papieren vlaggetjes aan het publiek verstrekt.
De symboliek die achter de vlag schuil gaat: het aquamarijn staat voor het water van de Caribische Zee en de Atlantische Oceaan, het goudgeel voor het land en strand. De zwarte driehoek verbeeld de voornamelijk Afrikaanse oorsprong van de Bahamanen, maar ook de macht en kracht van een verenigd volk.
Tussen 1869 en 1973 was de vlag van de Bahama’s er één uit de serie blue ensigns + badge, een blauwe vlag met de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton.
Deze vlag onderging minieme veranderingen in 1904, 1923, 1953 en 1964, die eigenlijk alleen te maken hadden met de koningskroon bovenop de badge.
Vlag van de Bahama’s als kroonkolonie (versie 1964-1973)
De badge bestond uit een kousenband (verwijzing naar de Order of the Garter), met als motto Expulsis piratis restituta commercia (Piraten eruit, handel hersteld) + de naam van het land op het loshangende deel. De kousenband omvat een afbeelding van een Britse driemaster (mét Union Flag of Union Jack) die twee piratenboten voor zich uitjaagt.
Een relatieve nieuwkomer in vlaggenland is de vlag van de Gelderse regio de Achterhoek. De vlag werd op 10 juli 2018, net voor motorcross/muziekfestival De Zwarte Cross ingevoerd en tijdens het festival voor het eerst gepromoot. De vlag was een onmiddellijk succes. Maar waar kwam deze vlag opeens vandaan?
De provincie Gelderland met rechts de Achterhoek
Al langer leefde de gedachte voor een regiovlag, een aantal regio’s ging de Achterhoek voor: Zeeuws-Vlaanderen, het Westland, Noord-Limburg en West-Friesland, die alle vier ook door de Hoge Raad van Adel zijn goedgekeurd.
V.l.n.r.: de regiovlaggen van Zeeuws-Vlaanderen, het Westland, Noord-Limburg en West-Friesland, alle vier goedgekeurd door de Hoge Raad van Adel, in respectievelijk 2008, 1987, 1987 en 2010
Aanjagers voor de Achterhoekse vlag waren evenementenbureau De Feestfabriek en bierbrouwer Grolsch. Bij De Feestfabriek (organisator van de Zwarte Cross) was het oud-Olympisch schaatser Stefan Groothuis die de kar trok.
In samenwerking met de bierbrouwer werd Achterhoekers en iedereen die iets met de Achterhoek had, gevraagd een vlagontwerp in te sturen.
Uitvoering van de wedstrijd werd gecoördineerd door de stichting Pak An, een organisatie die zich inzet voor promotie van de Achterhoek. Extra steun kwam er van bekende Achterhoekers: zanger Bennie Jolink (Normaal) en voetbalcoach Guus Hiddink. De wedstrijd leverde 475 inzendingen op, die vervolgens op internet werden gezet, waarna er op gestemd kon worden. Uit de twintig populairste ontwerpen werd vervolgens door een jury de winnaar gekozen.
De juryleden waren: Otwin van Dijk (burgemeester van Oude IJsselstreek), Bennie Jolink, Inge Pelgrom (grafisch ontwerpster), Hans Martijn Ostendorp (algemeen directeur voetbalclub De Graafschap), Henk Jan ten Brincke (Prins Carnaval te Groenlo), Annette Bronsvoort (burgemeester van Oost Gelre) en Joris Nieuwenhuis (wereldkampioen veldrijden). Op 10 juli, op de promotiedag van de Zwarte Cross te Lichtenvoorde, werd het winnende ontwerp bekend gemaakt.
Paul Heutinck, ontwerper van de Achterhoekse vlag (screenshot)
Dat ontwerp kwam van vormgever Paul Heutinck uit Winterswijk. Doorslaggevend voor de jury was de kracht en de eenvoud van het ontwerp en dat ‘de kleuren van de vlag vloeiend opgaan in het Achterhoekse landschap‘.
De vlag
Vlag van de Achterhoek (2018-heden)
De vlag bestaat uit een licht gebogen ecru-kleurig diagonaal-kruis, waarvan de buitenranden donkergroen omrand zijn. Van de vier door het kruis lichtgebogen driehoeken, zijn die aan de broekings- en vluchtzijde groen, en de andere twee lichtgroen. Het ontwerp staat symbool voor het Achterhoekse coulisse- of bocagelandschap, een landschap van vaak kleine percelen omzoomd door houtwallen en heggen.
Met de verschillende kleuren groen worden de weiden en bossen verbeeld, het diagonaalkruis staat symbool voor de slingerende wegen, de donkergroene randen verbeelden de bomenrijen langs de wegen.