Sinds 1960 kennen we de Paralympische Zomerspelen voor sporters met handicaps. En sinds 1976 is er ook een editie voor Winterspelen. Deze evenementen vinden doorgaans plaats in de maand na de Olympische Zomer- en Winterspelen, op dezelfde locaties. Deze wedstrijden worden georganiseerd door het Internationaal Paralympisch Comité (IPC).
Het logo van de Paralympische Spelen 2022
Vandaag is het zover: de opening van de Paralympische Winterpelen 2022 in Beijing. De Winterpelen duren tot en met 13 maart.
Terwijl er de volgende tien dagen op hoog niveau gesport wordt in China, zullen wereldwijd heel veel mensen onvermijdelijk met hun gedachten veeleer bij de oorlog in Oekraïne zijn.
Russen en Wit-Russen niet welkom
Op sportgebied zijn er inmiddels vele sancties opgelegd aan Rusland en Wit-Rusland, de agressors in deze oorlog. Tot en met eergisteren was het InternationaalParalympisch Comité (IPC) van mening dat sporters uit deze twee landen onder neutrale vlag toch mee mochten doen. Dit besluit kwam het IPC op veel kritiek te staan, veel landen dreigden hun sporters terug te trekken. Bij monde van IPC-voorzitter Andrew Parsons kwam de organisatie gisterochtend op haar besluit terug, waardoor Russische en Wit-Russische paralympische sporters uitgesloten worden van deelname.
IPC-voorzitter Andrew Parsons licht zijn besluit toe (screenshot)
Parsons liet het volgende weten: “Wij vinden nog steeds dat sport en politiek niet met elkaar moeten worden gemengd. Wij vinden het ook erg vervelend voor de sporters uit Rusland en Wit-Rusland, maar dit komt door de acties van jullie regeringen. De oorlog heeft nu ook de Paralympische Spelen bereikt.
Screenshots van de opening
Het Nationale Stadion van China in Beijing, het VogelnestHet 2022-logo verschijnt in de arenaHet publiek met Chinese vlaggetjesCheerleadersDe ploeg van Oekraïne komt opVoorop vlaggendrager en vijfvoudig medaillewinnaar Maksim YarovyiDe Oekraïense ploeg bestaat uit 20 man en werd luid toegejuicht, rechts Shuey Rhon Rhon, de mascotte van deze Paralympische SpelenEntree van de Nederlandse ploeg met als vlaggendragers de parasnowboarders Chris Vos en Lisa BunschotenDe Nederlandse ploegIPC-voorzitter Andrew Parsons houdt zijn openingstoespraak tegen de achtergrond van de 64 vlaggen van de deelnemende landenParsons tijdens zijn opvallend felle toespraak tégen geweld en vóór vredeUiteraard werd de openingsplechtigheid afgerond met vuurwerk!
Vlag Paralympische Spelen(2004/2019-heden)
Vlag Paralympische Spelen (2019-heden)
De Paralympische vlag is wit met daarop drie zogenaamde agitos in de kleuren rood, blauw en groen. De agitos zijn asymmetrische sikkelvormige symbolen (het woord zelf betekent “ik beweeg” in het Latijn).
De vlag is relatief nieuw en stamt uit 2019. Het is echter een aangepaste versie van een logo/vlag ontworpen in april 2003 door het Duitse reclamebedrijf Scholz & Friends, maar toen met donkerder tinten voor de agitos.
Vlag Paralympische Spelen (2004-2019)
Het werd als logo op kleine schaal geïntroduceerd voorafgaand aan de Paralympische Zomerspelen van 2004 in Athene. Bij de sluitingsceremonie op 28 september echter werd de nieuwe vlag met dit symbool onthuld bij het aanbieden aan de volgende gaststad voor 2008: Beijing. De vlag werd echter voor het eerst gebruikt tijdens de Paralympische Winterspelen van 2006 in Turijn (Italië).
Pa en T’aeguk-vlaggen(1988-2004)
De agitos-vlag verving twee eerdere Paralympische vlaggen, die beide uit Zuid-Korea stammen. De eerste versie deed zijn intrede bij de Paralympische Zomerspelen van 1988.
Deze vlag was wit met daarop vijf Koreaanse pa-symbolen: drie boven (blauw, zwart en rood) en twee onder (geel en groen). Twee van deze pa-symbolen boven elkaar geplaatst (waarbij de bovenste omgedraaid wordt) vormen het T’aeguk-symbool, dat ook prominent op de Zuid-Koreaanse vlag staat (wij kennen het beter als yin en yang).
Links: Vlag van Zuid-Korea / Rechts: Yin en yang-symbool
In 1990 echter oordeelde het IOC dat de vlag met de vijf pa gewijzigd diende te worden: ze leek teveel op de Olympische vlag, aldus het bezwaar. Het IPC knutselde de pa vervolgens deels over elkaar heen en plaatste ze in een cirkel. In november 1991 werd dit ontwerp door IPC-leden van tafel geveegd. Men wilde de vlag houden zoals ze was.
Links: Vlag van de Paralympische Spelen met vijf ‘pa’ (1988-1992) / Rechts: Vlag van de Paralympische Spelen met drie ‘pa’ (1992-2004)
Als door een adder gebeten, reageerde het IOC dat het verdere samenwerking met het IPC zou opschorten, als de vlag niet gewijzigd werd. Het IPC koos toen eieren voor z’n geld en kleedde de vlag in maart 1992 enigszins uit door de gele en de zwarte pa te verwijderen, zodat er drie overbleven: groen boven, rood en blauw onder. Aangezien de voorbereidingen voor de Paralympische Winterspelen van 1994 in Lillehammer, Noorwegen toen al vergevorderd waren, waarbij de versie met de vijf pa al in het marketing-programma was opgenomen, werd de vijf pa-versie nog even getolereerd, maar bij de sluitingsceremonie werd de drie pa-versie voor het eerst geïntroduceerd.
Links: Twee Noorse postzegels uit 1994, waar het Paralympische logo met de vijf ‘pa’ nog op staat, hoewel het achter de schermen al was aangepast, postzegelontwerp: Bruno Oldani / Rechts: Australische postzegel uit 2008 met het portret van succesvol Paralympisch zwemmer (tegenwoordig parlementslid) Matthew Cowdrey (1988) met het eerste (donkere) ‘agitos’-logo, postzegelontwerp: Simone Sakinofsky
Het was deze versie die te zien was bij de Paralympische Zomerspelen van 2004 in Athene, Griekenland. Achter de schermen was ze toen echter al vervangen door de agitos-vlag, toen nog in de versie met donkerder kleuren. In 2019 werd deze dus uiteindelijk vervangen door de versie die we nu kennen, met de agitos in heldere kleuren.
De Paralympische Spelen maken ook gebruik van een mascotte: voor de versie van 2022 is dat een rood figuurtje, Shuey Rhon Rhon genaamd, een antropomorfische Chinese lampion. In China staan lampions symbool voor oogst, viering, warmte en licht. De mascotte is een ontwerp van Jiang Yufan (1998), een studente aan de Jilin Art Institute of Design in Changchun.
Shuey Rhon Rhon, de mascotte van de Paralympische Winterspelen 2022
Deze dag herinnert aan de de 3e maart 1878, toen Bulgarije zich met behulp van de Russen bevrijdde van de Ottomaanse (Turkse) overheersing. De Bulgaren waren in 1876 al in het geweer gekomen tegen de Ottomanen, maar dat werd toen de kop ingedrukt. Toen de Russen echter in 1877 het Ottomaanse Rijk de oorlog verklaarden, keerde het tij. Na de Russische overwinning werd op 3 maart 1878 het Verdrag van San Stefano getekend, waarbij Bulgarije na 500 jaar overheersing een autonoom prinsdom werd.
Ondertekening van het Verdrag van San Stefano (London Illustrated News, artiest onbekend)
Zeven jaar later, in 1885, ‘annexeerde’ Bulgarije het zuidelijk gelegen Oost-Roemelië, wat bij het verdrag van 1878 officieel aan Bulgarije was toegewezen, maar wat in de praktijk nog steeds bestuurd werd door het Ottomaanse Rijk. Dit leidde op zijn beurt weer tot een oorlog met Servië. Op 24 maart 1886 werd het Tophane Verdrag ondertekend, wat Bulgarije zeggenschap gaf over Oost-Roemelië, hoewel het officieel niet onder het grondgebied van het prinsdom Bulgarije viel. Officiële samenvoeging van de twee landsdelen werd pas een feit op 6 september 1908 (Herenigingsdag), eveneens een Bulgaarse feestdag.
Bulgarije in het geel, Oost-Roemelië in het oranje
De vlag
Vlag van Bulgarije (1879-1946 en 1990-heden)
De vlag is een horizontale driekleur in wit, groen en rood. Hij laat eigenlijk goed zien hoe dankbaar de Bulgaren waren voor de Russische hulp in 1878. Hij is identiek aan de Russische vlag, alleen de blauwe baan werd vervangen door een groene.
De kleuren hebben geen historische achtergrond, maar worden symbolisch uitgelegd: wit staat voor arbeidsvreugde, vrede en vrijheid, groen vruchtbaarheid, landbouw en de bossen, rood voor het voor de vrijheid vergoten bloed.
In z’n communistische tijd tussen 1946 en 1990, werd de vlag met het socialistische wapen gevoerd en wel in de witte baan aan de broekingszijde. Dit wapen is in die jaren in totaal vier keer enigszins veranderd. De afbeelding laat de laatste versie zien, die in gebruik was tussen 1971 en 1990.
Vandaag is het een week geleden dat het misdadige regime van de Russische president Poetin de soevereine staat Oekraïne binnenviel. Het voorspelde weinig goeds en dat is helaas bewaarheid. Met redes bol van leugens en vol dreiging probeerde de dictator zijn inval te legitimeren. Zijn trouwe stromannen en jaknikkers Dimitri Medvedev (ex-president, ex-premier en nu leider van de partij Verenigd Rusland) en Sergej Lavrov (minister van Buitenlandse Zaken) droegen hun steentje bij met leugenachtige toespraken.
Screenshot van het politiebureau in Charkov na een Russische raketaanval
Hoofdstad Kiev en de tweede stad Charkov zijn nog niet gevallen, maar Poetin heeft de druk opgevoerd en een 64 km lang militair konvooi is vanuit vazalstaat Wit-Rusland onderweg naar Kiev en inmiddels in tweeën gesplitst en dat voorspelt weinig goeds.
Paddenstoelwolk in de omgeving van Charkov, vermoedelijk het resultaat van een clusterbom op een munitiedepot (screenshots)
Bij Charkov werd een enorme paddenstoelwolk waargenomen bij het opblazen van een munitiedepot. Experts vermoeden dat het om een vacuümbom gaat, een zeer omstreden wapen. Daar blijft het niet bij, het lijkt erop dat Poetin tevens clusterbommen inzet. Mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch zegt overtuigd te zijn van het gebruik van van dit zeer omstreden explosief. Een clusterbom bevat niet één, maar honderden kleinere explosieven.
Het Vrijheidsplein in Charkov na een Russische raketaanval (screenshot)
De havenstad Marioepol (aan de Zee van Asov) is inmiddels gevallen en in Chersov (aan de Zwarte Zee) lijkt dat een kwestie van tijd. Het ziet er naar uit dat er in Marioepol veel slachtoffers zijn te betreuren, het gaat waarschijnlijk om honderden doden. Een wijk van 130.000 inwoners aan de rivier de Kalmioes is volgens de loco-burgemeester vrijwel totaal verwoest.
Het is erg moeilijk een betrouwbaar beeld te krijgen over de aantallen slachtoffers, maar Oekraïense autoriteiten en hulpdiensten houden het op meer dan 2.000 doden. In een gisteren opgenomen video zegt president Zelensky van Oekraïne dat er bijna 6.000 Russen zijn gedood in de eerste zes dagen van de oorlog (Rusland houdt het op 498).
Maar de cijfers lopen sterk uiteen, afgelopen maandag hield het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie het op 1.500 doden aan beide zijden, maar dat was voordat de havenstad Marioepol viel.
Verder werd er een woonwijk in de westelijk van Kiev gelegen stad Zjytomyr verwoest door een Russische raketaanval.
Screenshot van de aanval op de 385 m hoge tv-toren van Kiev
Eergisteren werden bij een aanval op de TV-toren van Kiev vijf mensen gedood. Hoewel een aantal zenders uitviel, zijn er daar inmiddels ook al weer een paar van in de lucht. De toren staat bij het herdenkingsmonument voor de Holocaust, Babyn Jar. In 1941 vermoordden de nazi’s daar ruim 33.000 Joden.
Ondertussen is al meer dan een miljoen Oekraïeners op de vlucht geslagen. Volgens vluchtelingenorganisatie UNHCR zou dat aantal op kunnen lopen tot vier miljoen. De meeste vluchtelingen zijn tot nu toe in de buurlanden Polen, Hongarije, Roemenië en Moldavië terechtgekomen, velen van hen zullen uiteindelijk verder Europa intrekken.
Oekraïense vluchtelingen bij de grens met Roemenië (fotograaf onbekend)
Dat de westerse wereld zich als één blok achter Oekraïne zou scharen en de ene na de andere economische sanctie op elkaar stapelde en het luchtruim sloot voor Russische vliegtuigen (waar de Verenigde Staten zich gisteren bij aansloten) zal Poetin van te voren niet hebben kunnen bedenken, gewend als hij is aan de westerse onmacht het met elkaar eens te zijn.
President Volodymyr Zelensky van Oekraïne na zijn toespraak tot het Europese Parlement op 1 maart, terwijl hij een staande ovatie krijgt (screenshot)
Vijf zenders van het Russische televisienetwerk RT en persbureau Sputnik mogen in de EU niet meer uitzenden vanwege “de systematische manipulatie van informatie en desinformatie door het Kremlin”. Google heeft besloten de Russische staatsmedia te weren uit zijn nieuwsrubriek. Wereldvoetbalbond FIFA en de Europese voetbalbond UEFA sluiten Russische voetbalteams voorlopig uit van internationaal voetbal en verbreekt UEFA het sponsorcontract met de Russische oliegigant Gazprom. Apple stopt voorlopig met de verkoop van al zijn producten in Rusland.
Het Amerikaanse Congres tijdens de eerste State of the Union van president Joe Biden, screenshot van het moment waarop er een staande ovatie klinkt als steun voor Oekraïne
In zijn eerste State of the Union, de Amerikaanse troonrede, besteedde president Biden een kwartier aan de crisis en waarschuwde hij de Russische dictator dat er nog meer economisch onheil op hem wachtte: “He has no idea what’s coming.”
Het trieste aan dit alles is dat dit een volslagen bizarre oorlog is, waar geen enkele reden voor te bedenken valt. Een oorlog beginnen is niet zo moeilijk, maar hoe het verder verloopt en eindigt, is altijd ongewis.
De Brandenburger Tor in Berlijn in de kleuren van de Oekraïense vlag (screenshot)
Ondertussen lijkt de Oekraïense vlag door de hele westerse wereld geadopteerd te zijn, zowel bij demonstraties tegen de oorlog, wapperend vanaf allerlei gebouwen of als verlichting, zoals het Sydney Opera House, de Brandenburger Tor (Berlijn), de Erasmusbrug (Rotterdam), de Eiffeltoren (Parijs), the London Eye, St. George’s Hall (Liverpool), Het Colosseum (Rome), Downing Street 10 (Londen), Flinders Street Station (Melbourne), het Paleis van Cultuur en Wetenschap (Warschau), de Allianz Arena (München), het stadhuis van Toulouse, Los Angeles City Hall, de Cortes Generales (Madrid), de Drie Kruizen in Vilnius, het stadhuis van Lissabon, de Burj Khalifa (’s werelds hoogste gebouw) in Dubai, de gebouwen van de EU in Brussel, het stadhuis van Utrechthet Empire State Building (New York), de Grote Kerk in Breda en zo kunnen we nog wel even doorgaan.
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan. De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinuëerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Vandaag is het 186 jaar geleden dat Texas de onafhankelijkheid uitriep, waarbij het zich afscheidde van Mexico. Als onafhankelijk land zou Texas bijna 10 jaar bestaan, in 1845 sloten de Texanen zich aan bij de oostelijke buur, de Verenigde Staten van Amerika.
Voor het hoe en waarom moeten we nog iets verder terug in de tijd: na de Europese expansie van het Amerikaanse continent, maakte het gebied wat we nu als Texas kennen, deel uit van het vicekoninkrijk Nieuw-Spanje, een Spaanse kolonie, die sinds 1530 bestond. Van 1685 tot 1689 maakte Texas kortstondig deel uit van de Franse kolonie Fort Saint Louis. Na die vier jaar kwam Texas weer terug bij het Spaanse vicekoninkrijk.
Een belangrijk onderdeel van de Spaanse bezittingen in Amerika was Mexico. Aan het begin van de 19e eeuw groeide hier het verlangen naar zelfstandigheid. Na een ruim 10 jaar durende oorlog met Spanje riep Mexico in 1821 de onafhankelijkheid uit. Vanaf die tijd vormde Texas met Coahuila (nu in Mexico) de staat Coahuila y Tejas.
Op uitnodiging van de Mexicaanse overheid emigreerden in de jaren hierna veel Anglo-Amerikanen naar Coahuila y Tejas, zodat er uiteindelijk meer Engelstalige dan Spaanstalige bewoners woonden. De Anglo-Amerikanen werden Texians genoemd, de Spaanstaligen Tejanos.
Vlag van de Mexicaanse staat Coahuila y Tejas, waarvan niet zeker is of de twee sterren op de witte middenbaan bruin of blauw waren
In 1835 schafte de Mexicaanse generaal en dictator Antonio López de Santa Anna de grondwet van 1824 af en ging een centralistisch beleid voeren, waardoor de staten dus minder te zeggen kregen. Er ontstond grote onvrede en dit leidde in oktober 1835 uiteindelijk tot de Texaanse Onafhankelijkheidsoorlog.
Een keerpunt in deze oorlog was de Slag om de Álamo tussen 23 februari en 6 maart 1836. De Álamo was een katholiek missiegebouw in San Antonio, waar Texaanse rebellen zich terugtrokken, nadat het Mexicaanse stadsgarnizoen o.l.v. Antonio López de Santa Anna de stad steeds verder binnendrong. Onder de opstandelingen die zich schuilhielden in de Álamo waren de kolonisten Davy Crockett en Jim Bowie.
De Álamo in San Antonio, nu een museum (foto: Vlagblog, 2014)
De zich verschansende rebellen raakten uiteindelijk door hun munitie heen, waarna de Mexicanen de Álamo bestormden en alle opstandelingen doodden. Strategisch gezien was deze slag niet heel erg belangrijk, maar vanwege het wrede optreden van de Mexicanen zorgde het wel voor een stevige opleving van de strijdlust van de Texanen.
‘The surrender of Santa Anna’, schilderij van William Huddle (1847-1892) uit 1886: het toont de overgave van Santa Anna (staand in blauw-wit tenue) na de Slag bij Jacinto in 1836, aan Sam Houston, leider van de Texaanse opstandelingen, die gewond op een veldbed ligt. (publiek domein)
Op 21 april 1836, werd door de Texanen een beslissende slag geleverd o.l.v. Sam Houston, een van de militaire leiders van de opstandelingen. Bij deze zogenaamde Slag bij Jacinto werden de Mexicaanse troepen verslagen en Santa Anna gevangengenomen, die vervolgens de onafhankelijkheid van de Republiek Texas erkende. Sam Houston werd hierna de eerste president van Texas. Santa Anna mocht in 1837 terugkeren naar Mexico.
Links: Antonio López de Santa Anna (1794-1876) daguerrotype uit circa 1853 (publiek domein) / Rechts: Sam Houston (1793-1863), daguerrotype uit circa 1850 (publiek domein)
In 1840 kwam het Mexicaanse deel aan de andere kant van de westgrens van Texas ook in opstand tegen de regering van Santa Anna. Dit leidde op 17 januari tot het kortstondige bestaan van de Republiek van de Rio Grande. Het grondgebied van deze republiek bestond uit de huidige Mexicaanse staten Coahuila, Nueva Léon en Tamaulipas. Na 283 dagen van onafhankelijkheid (en strijd) veroverden de Mexicanen op 6 november de stad Saltillo, het laatste bolwerk van de rebellen.
Dit alles zorgde ervoor dat de Texanen opnieuw vreesden voor een Mexicaanse poging Texas terug te veroveren. Er werd toenadering gezocht met de Verenigde Staten.
Links: 1-dollarmunt van de Republiek Texas uit 1836 met een afbeelding van de Álamo (publiek domein) / Rechts: ‘Marriage of Texas’, cartoon uit 1844 dat het ‘huwelijk’ uitbeeldt tussen de Verenigde Staten (in de vorm van Columbia, de vrouwelijke personificatie van de V.S.) en de ‘Lone Star’ (Texas), ingezegend door President John Tyler van de V.S., de adelaar uit het wapen van Mexico kiest verslagen het luchtruim (publiek domein)
Hoewel er verzet was tegen het opgeven van de onafhankelijkheid, bleek bij een referendum in 1845 dat de meeste Texanen voor annexatie waren. Besprekingen leidden uiteindelijk tot vrijwillige aansluiting. Op 29 december 1845 was het zover: met de annexatie door de V.S. werd Texas de 28e staat in de Unie.
De vlag
Vlag van Texas (1838/39-heden)
De vlag van Texas bestaat uit een blauw vlak aan de broekings- of mastzijde, in het midden van dit vlak een vijfpuntige witte ster. De overige 2/3 van de vlag (de vluchtzijde) is verdeeld in twee horizontale strepen, wit boven, rood onder.
De vlag werd geïntroduceerd op 28 december 1838 in het Congres van de Republiek Texas, door senator William H. Wharton. Op 25 januari 1839, een maand later dus, werd de vlag officieel goedgekeurd. Wie de vlag ontwierp is onbekend.
Bij de annexatie van Texas door de V.S. in 1845 bleef de vlag van de republiek behouden. Inmiddels is de vlag ongetwijfeld een van de bekendste van alle 50 staten en heeft zelfs een eigen naam: The Lone Star Flag. Deze naam is uiteindelijk ook op de staat overgegaan, waardoor Texas nu bekend staat als The Lone Star State.
Kaart van Texas uit 1874 door Maximilian van Mittendorfer, uitgave Anton R. Roessler, 96 x 99 cm (publiek domein)
In een statuut van 2015 werden de kleuren van de vlag officieel vastgelegd als zijnde die van de vlag van de Verenigde Staten (eveneens een vlag met rood, blauw en wit). Bij de introductie van de vlag in 1838 was er nog geen symbolische betekenis van de kleuren, maar in de Texas Flag Code van 2001 werden ze als volgt toegelicht: blauw staat voor trouw, wit voor zuiverheid en rood voor heldhaftigheid. De ster (Lone Star) staat voor Texas en voor de eenheid onder ‘God, state and country’ (‘God, staat en land’). Bij de vlag hoort sinds 1933 ook een ‘pledge of allegiance’ (‘belofte van trouw’): Honor the Texas flag; I pledge allegiance to thee, Texas, one state under God, one and indivisible (Eer de vlag van Texas; ik zweer trouw aan u, Texas, één staat onder God, één en ondeelbaar).
We kunnen rustig stellen dat de vlag van Texas mateloos populair is. Eenieder die de staat ooit bezocht, zal beamen dat er geen ontkomen aan is: de vlag is overal te zien en wordt met respect behandeld. Deels heeft dit ongetwijfeld met de geschiedenis van Texas te maken. Per slot van rekening hebben we hier van doen met een vlag die al werd ingevoerd toen Texas een onafhankelijk land was.
Texanen houden van groot, groter, grootst, deze zogenaamde “field flag” is daar een mooi voorbeeld van, de vlag heeft een afmeting van 30×45 meter en werd in gebruik genomen in 2007 (foto genomen tijdens een American football-wedstrijd in Dallas op 10 november 2007, tussen Texas Tech en Texas College) (foto: Klobetime / publiek domein)
Dat de Texaanse vlag ook buiten Texas populair is, blijkt wel uit het volgende: in 2001 onderzocht de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Texas op de 2e plaats, alleen New Mexico scoorde hoger.
Het leidt geen twijfel dat Texas zichzelf nog steeds ziet als ‘bijzonder’, wat ongetwijfeld versterkt wordt door de enorme oppervlakte van de staat. Met z’n 696.241 km² is het ± 17x groter dan Nederland. Qua grootte is het vergelijkbaar met Frankrijk, zij het dat Texas een slagje groter is.
Overigens zijn er meer Amerikaanse staten die ooit onafhankelijk waren: zo was Hawaii lange tijd een autonoom koninkrijk, totdat Koningin Liliʻuokalani in 1893 werd afgezet door Amerikaanse zakenlieden en politici (na vervolgens lange tijd een Amerikaans territorium te zijn geweest, werd Hawaii in 1959 een staat). Californië was kortstondig een republiek tussen 14 juni en 9 juli 1846 en Vermont was tussen 1777 en 1791 onafhankelijk onder de naam Vermont Republic.
Vlag van Chili (niet Texas!) (1817-heden)
Een vlag waar de Texaanse weleens mee verward wordt, is de nationale vlag van Chili. Het verschil zit ‘m in de rode baan aan de onderkant: bij de Chileense vlag loopt die helemaal door tot aan de broeking. De vlag van Chili is 22 jaar ouder dan die van Texas, ze werd ingevoerd op 18 oktober 1817.
Op 29 februari en 1 maart 1992 werd er in Bosnië en Herzegovina een referendum gehouden met de vraag of de bevolking een onafhankelijke staat wilde vormen na het uiteenvallen van de Joegoslavische Republiek. 63,6% van de bevolking bracht zijn stem uit, waarbij 99,7% voor onafhankelijkheid stemde, waarna op 1 april de onafhankelijkheid werd uitgeroepen.
Het referendum werd grotendeels geboycot door de Servische Bosniërs. Op 1 maart 1995 werd Onafhankelijkheidsdag voor het eerst gevierd en op 7 april van hetzelfde jaar erkende de EU Bosnië Herzegovina als onafhankelijke staat.
De dag is alleen een feestdag in de federatie van Bosnië en Herzegovina, het andere deel van het land, de Republika Srpska (Servische Republiek) boycot de viering, zij hebben hun eigen Onafhankelijkheidsdag op 9 januari. De deelrepublieken hebben er zich bij neergelegd dat ze verschillende data aanhouden, maar los van deze verschillende data doemen er sinds een half jaar grotere moeilijkheden op dan verschil van mening over een feestdag.
Vorig jaar zomer vaardigde de Hoge Vertegenwoordiger van de internationale gemeenschap in Bosnië en Herzegovina een wet uit die de ontkenning van genocide strafbaar maakt. Servische politici in het landsdeel Republika Srpska stonden vervolgens op hun achterste benen: ze voelden zich gebrandmerkt en daarmee, zo vonden ze “werd meteen ook het hele Servische volk meegesleurd in het moeras van de onterechte schuld”, hiermee doelend op de Srebrenica-genocide, waarbij 8.000 moslim-mannen en -jongens werden vermoord door Bosnisch-Servische troepen in 1995 tijdens de burgeroorlog.
Twee bekende Servische kopstukken, politiek leider Radovan Karadžić en generaal Ratko Mladić, werden voor dat bloedbad tot levenslang veroordeeld door het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag. Maar heel wat Serviërs, en vooral hun politici, hebben nog altijd moeite om het label genocide of volkerenmoord te aanvaarden.
De drie leden van het presidentschap van Bosnië en Herzegovina, v.l.n.r.: Šefik Džaferović (1957) voor de Bosniakken, Željiko Komšić (1964) voor de Kroaten en Milorad Dodik voor de Serven (1959) (alle drie publiek domein)
Leider van de Bosnische Serviërs in de Republika Srpska is Milorad Dodik, waarmee hij een van de drie leden van het collectieve presidentschap van Bosnië-Herzegovina is (naast een moslim en een Kroaat). Hij liet het parlement van ‘zijn’ deelgebied Republika Srpska een boycot uitroepen van de nationale instellingen (dus op het niveau van de staat Bosnië-Herzegovina). En hij dreigde ermee om een reeks bevoegdheden naar “de entiteit” (lees: Republika Srpska) toe te trekken, onder meer op het vlak van de gerechtelijke organen, de fiscale diensten, én het leger.
Sinds die tijd bevindt Bosnië en Herzegovina zich feitelijk in een constitutionele crisis: de centrale instellingen (presidentschap, regering, parlement, ministeries) zijn zo goed als volledig geblokkeerd door de boycot. De patstelling duurt nu al meer dan een half jaar en er lijkt vooralsnog geen beweging in te zitten.
De vlag
Vlag van Bosnië en Herzegovina (1998-heden)
De vlag is het resultaat van vele jaren ontwerpen, accepteren, weigeren en ruziën. Uiteindelijk werd er gekozen voor een ontwerp dat alle ethniciteits-verwijzingen en nationale en regionale symbolen achterwege liet. Het ontwerp is van de Spaanse diplomaat en Hoge Vertegenwoordiger van de Verenigde Naties in Bosnië, Carlos Westendorp Cabeza.
Het is een vlag in donkerblauw en geel. Het originele ontwerp had oorspronkelijk het lichte blauw van de vlag van de Verenigde Naties, maar is in het uiteindelijk goedgekeurde ontwerp het donkerder blauw van de Europese Unie geworden. Ook de kleur geel is aan de Europese vlag ontleend.
De vlag heeft een blauwe balk aan de vluchtzijde, de overige ruimte wordt diagonaal gedeeld in twee driehoeken, één in geel, één in blauw, waarbij de blauwe driehoek (aan de broekingszijde) z’n bovenste punt mist. Langs de diagonaal zijn in het blauwe vlak negen witte sterren geplaatst, waarbij de bovenste en onderste maar half zichtbaar zijn.
De gele driehoek symboliseert ruwweg de vorm van het land. De driehoeksvormen verwijzen naar de drie bevolkingsgroepen in het land, Bosniakken, Kroaten en Serviërs. De sterren staan voor Europa. Op 4 februari 1998, drie jaar na de burgeroorlog, werd de vlag door het parlement goedgekeurd.
Vlag van de Republika Srpska
Vlag van de Republika Srpska (1992-heden)
Het momenteel dwarsliggende landsdeel Republika Srpska heeft een eigen vlag, die een variatie is op de vlag van Servië. Net als die vlag is het een rood-blauw-witte horizontale driekleur, maar dan zonder wapen. Wat ook afwijkt is de maatvoering, die is 1:2, dus extreem langwerpig. Deze vlag werd aangenomen op 24 november 1992.
Aangezien Réunion een Frans overzees departement is, is de officiële vlag de Franse Tricolore. Dit heeft de eilandbewoners er uiteraard niet van weerhouden een eigen vlag te willen en in te voeren, officieel of niet.
De vlag
Lo Mahavéli, de vlag van Réunion (2003-heden)
De vlag bestaat uit een blauw veld met een rode driehoek op de onderste helft. Vanuit de punt van de driehoek ontspringen vijf gele balken of stralen: twee horizontale, één verticale en twee diagonale, de stralen verbreden zich naar de buitenkant toe. De driehoek stelt de schildvulkaan Piton de la Fournaise (2632 m) voor, de gele balken zijn zonnestralen die vanachter de vulkaan tegen de blauwe hemel tevoorschijn komen.
Hoewel op 1 maart 2003 door de locale vexillologische vereniging (vlagdeskundigen) gekozen en ‘ingevoerd’, stamt het ontwerp uit 1975. Guy Pignolet, een ingenieur uit Saint-Rose, ontwierp hem en noemde hem Lo Mahavéli. De naam, in de regionale malagasische taal, beduidt zoveel als De ster die je naar het mooie land leidt. Weliswaar heeft de vlag dus geen officiële status, maar sinds 2014 wappert hij van tal van overheidsgebouwen.
De Piton de la Fournaise-vulkaan, de rode driehoek op de vlag (fotograaf onbekend)
1 maart is de nationale feestdag van Wales. Het is de dag waarop (volgens de overlevering) Sint David stierf in 569, maar andere bronnen vermelden 588 of 589. Tijdens zijn leven stichtte hij een Keltische kloostergemeenschap in Glyn Rhosyn, in het westen van Pembrokeshire, waar nu St. David’s Cathedral staat.
Naast de Welshe vlag, die overal te zien is, is ook de vlag van Sint David zelf aanwezig, een zwarte vlag met een geel liggend kruis.
Vlag van Sint David
De vlag
Vlag van Wales (1953-heden)
De vlag van Wales heeft een naam, hij heet Y Draig Goch (De Rode Draak) en het is duidelijk waarom. De draak vult het hele vlagdoek tegen een horizontaal in tweeën gedeelde achtergrond van wit en groen. De draak is als symbool van Wales terug te voeren tot de 4e eeuw, vanaf de 7e eeuw werd het als symbool geadopteerd door Cadwaladr, koning van Gwynedd.
De draak komt in ieder geval vanaf 1807 op een vlag voor, maar dan op een geheel wit veld. In 1953 wordt dit veranderd in twee banen van wit en groen.
Vlag van Wales (1807-1953)
De kleuren wit en groen zijn die van het Welshe vorstenhuis Llewellyn, maar ook van de Engelse Tudors. De vlag werd op 23 februari 1959 officieel erkend.
Hoewel de vlaggen van Engeland, Schotland en Noord-Ierland de Britse Unievlag (Union Flag of Union Jack) vormen, komt Wales niet op die vlag voor. De reden daarvoor is dat Wales reeds eeuwen daarvoor was ingelijfd als integraal onderdeel van het koninkrijk Engeland.
Vandaag is het 341 jaar geleden dat de Engelse Koning Karel II aan William Penn een landcharter verleende om een schuld van £ 16.000 (anno nu zo’n £ 2 miljoen) te vereffenen. Daarmee is het eigenlijk de geboortedag van de Amerikaanse staat Pennsylvania. De geschiedenis begint echter nog eerder.
De eerste Europeanen die zich in het kustgebied vestigden van wat nu kennen als Delaware en Pennsylvania, waren Zweden en Nederlanders. In 1638 stichtten de Zweden hier de kolonie Nya Sverige, oftewel Nieuw-Zweden. In 1655 veroverden de Nederlanders het deel van de Zweedse kolonie ten oosten van de Delaware River (dit zou later New Jersey worden). Ook het Zweedse Fort Christina, aan de westoever van de Delaware, vlakbij het tegenwoordige Wilmington, kwam hierbij in Nederlandse handen en werd bij de kolonie New Netherland gevoegd.
Links: Kaart door Nicolaas Visscher II (1649-1702) van Nya Sverige (Nieuw-Zweden) uit 1700, ver nadat de kolonie ophield te bestaan (publiek domein) / Rechts: Nieuw-Nederland op zijn toppunt, bestaand uit de Hudson Vallei, Manhattan en het westelijk deel van Long Island(nu deel van New York), het westelijk deel van Connecticut, heel New Jersey, plus kleine stukjes Pennsylvania, Maryland en Delaware. (publiek domein)
In de jaren daarna drongen de Engelsen vanuit hun kolonie Virginia, net zuidelijk van de Nederlandse gebieden, steeds verder op. Dit leidde in 1664 uiteindelijk in de verovering van Nieuw Amsterdam (nu New York) en Fort Casimir (nu New Castle, Delaware). Tijdens de Derde Engels-Nederlandse Oorlog (1672-1674) werd New York weer terug veroverd en omgedoopt in Nieuw-Oranje, maar dit was van korte duur. Bij de Vrede van Westminster aan het einde van de zeeoorlog, kwam de kolonie opnieuw in Engelse handen en definitief omgedoopt in New York.
William Penn
In Engeland zag Koning Karel II ondertussen met lede ogen aan hoe steeds meer mensen zich aansloten bij de quaker-beweging, ook wel het Religieus Genootschap der Vrienden genaamd. De leden van deze beweging werden als ketters beschouwd, omdat hun leer afweek van die van de Anglicaanse Kerk. Zo weigerden ze om een eed af te leggen, om het even aan wie of voor wat. William Penn, vooraanstaand zoon van de Engelse admiraal met dezelfde naam, sloot zich bij de Quakers aan. Hij was ook goed bevriend met George Fox, de oprichter van de beweging.
Links: William Penn (1644-1718), 18e eeuws portret, maker onbekend (publiek domein) / Rechts: Karel II (1630-1685), koning van Engeland,Schotland en Ierland, olieverfportret uit ±1670 door Peter Lely (1618-1680) (National Maritime Museum, Londen)
Vanwege vervolging door de autoriteiten waagden heel wat Quakers de overtocht naar Noord-Amerika. In 1677 kocht een groep welgestelde Quakers, waaronder William Penn, de koloniale provincie West Jersey, waar ze in alle rust hun leven konden leiden zoals ze wilden. Het trok al gauw een paar honderd extra kolonisten. Penn zelf bleef vooralsnog in Engeland. In de jaren daarna werd de roep om een groter grondgebied voor de Quakers luider. Penn bepleitte hun zaak bij de Kroon en tot zijn grote verbazing was Koning Karel II meer dan toeschietelijk.
Charter
Op 28 februari 1681 verleende hij een landcharter aan William Penn. Het ging om een enorm gebied, ter grootte van 120.000 km2, ten westen en zuiden van New Jersey. Penn werd daarmee in één klap de grootste privé-grootgrondbezitter. Zoals we reeds zagen bij de inleiding, kocht de koning er een schuld van £ 16.000 aan Penn’s (inmiddels overleden) vader mee af. Op 4 maart ondertekende de koning de charter.
‘The birth of Pennsylvania’, door Jean Leon Gerome Ferris (1863-1930), geeft het moment weer waarop Koning Karel II William Penn zijn landcharter overhandigt. Historiserend schilderij uit een serie van 78, getiteld ‘The pageant of a nation’. (publiek domein)
Penn wilde zijn bezit New Wales of Sylvania (Latijn voor ‘bosgebied’) noemen, maar daar stak de koning een stokje voor. Ter nagedachtenis aan Penn’s vader, de admiraal, doopte hij het Pennsylvania (Penn’s bosgebied). Penn junior zat er een beetje mee in zijn maag: hij was bang dat mensen zouden denken dat hij het naar zichzelf had vernoemd. Maar hoe dan ook, de naam bleef.
Pennsylvania eind 17e eeuw (detail van Map of the British Empire in America) (publiek domein)
Penn vestigde zich in 1682 in zijn kolonie, maar was in 1684 weer terug in Engeland, waar het jaar daarop Koning Karel II overleed. Deze werd opgevolgd door zijn broer, Jacobus II. Toen deze zeer katholiek koning in 1688 door zijn schoonzoon, de protestantse Willem III van Oranje-Nassau van de troon werd verdreven (The Glorious Revolution), viel William Penn in ongenade bij het nieuwe koningspaar William en Mary, waardoor hij zijn Amerikaanse kolonie verloor. In 1694 werd dit weer teruggedraaid.
In 1699 keerde Penn terug naar zijn inmiddels behoorlijk gegroeide kolonie en vestigde zich in het door hemzelf in 1681 gestichte Philadelphia. Penn’s vrouw Hannah kon echter niet wennen in Amerika en in 1701 keerde de familie terug naar Engeland. Ver weg van zijn eigen kolonie, raakte hij uiteindelijk door grootschalige zwendel en mismanagement door zaakwaarnemers, in financiële problemen. Hij probeerde tot twee keer toe zijn kolonie terug te verkopen aan de Kroon, maar hij kreeg nul op het rekest. Uiteindelijk stierf hij platzak in 1718.
Links: Hannah Callowhill Penn (1671-1726), de tweede vrouw van William Penn, portret door John Hesselius (1728-1778) / Rechts: Bronzen standbeeld uit 1894 van William Penn, met in zijn linkerhand de landcharter uit 1681; het bekroont de stadhuistoren van Philadelphia en is een werk van Alexander Mine Calder (1846-1923) , het is 11m hoog en weegt 24.198 kg (publiek domein)
Dertien Amerikaanse koloniën verklaarden zichzelf onafhankelijk van de Britse Kroon in 1776, waarna de Amerikaanse Vrijheidsoorlog losbarstte, die uiteindelijk in 1783 in het voordeel van de nieuwe Verenigde Staten werd beslecht. Op 12 december 1787, vijf dagen na Delaware, was Pennsylvania de tweede staat die toetrad tot de nieuwe unie van 13 voormalige koloniën, nu staten.
Pennsylvania heet overigens officieel Commonwealth of Pennsylvania (Gemenebest Pennsylvania), wat het gemeen heeft met Kentucky, Massachusetts en Virginia, juridisch gezien is er geen verschil met de overige 46 staten.
De vlag
Vlag van Pennsylvania (1907-heden)
De vlag van Pennsylvania is blauw met in het midden het wapen van het gemenebest. Het wapen was er eerder dan de vlag. We komen het voor het eerst tegen in 1777, afgebeeld op een bill of credit (een soort kredietbrief) ter waarde van £ 4,00. Het gaat hier nog alleen om het schild.
Links: Vroegst bekende afbeelding van het wapen van Pennsylvania (1777), detail van een bill of credit (publiek domein) / Rechts: Vroegst bekende afbeelding van het volledige wapen (1778), door graveur Caleb Lownes (1754-1828) (publiek domein)
Eén jaar later, in 1778, zien we het wapen terug op een bijbel, maar nu in vol ornaat, mét paarden én adelaar. Weer een paar jaar later zien we het wapen voor het eerst in kleur op een schilderij van George Rutter. Het hoort nu bij de historische collectie van Independence Hall in Philadelphia. De paarden zijn hier nog wit.
Het wapen voor het eerst in volle glorie en in kleur, een schilderij van de hand van George Rutter (vaak ten onrechte vermeld als Jacob Rutter),uit 1785, nu in bezit van Independence Hall (publiek domein)
De vlag dateert van 1798. Na vele artistieke variaties, werd het huidige definitieve ontwerp op 13 juni 1907 wettelijk vastgesteld.
Het wapen heeft een gouden rococorand en is horizontaal in drieën verdeeld. De drie afbeeldingen die we zien komen oorspronkelijk van verschillende county’s. De driemaster bovenin komt van het zegel van Philadelphia County, de ploeg in het midden van het wapen van Chester County en de drie gouden korenschoven onderin van het zegel van Sussex County (nu in Delaware, maar oorspronkelijk gelegen in Pennsylvania).
Het schip staat voor de handel naar alle delen van de wereld, de ploeg is symbool voor Pennsylvania’s rijkdom aan grondstoffen, terwijl de korenschoven staan voor de vruchtbare bodem en tevens voor Pennsylvania’s rijkdom aan menselijke wijsheid.
Bovenop het schild zit een Amerikaanse zeearend, symbool voor Pennsylvania’s trouw aan de Verenigde Staten. Aan weerszijden twee getuigde zwarte paarden als schildhouders. Hoe deze dieren op het wapen terecht zijn gekomen? Niemand lijkt het te weten!
De paarden staan op een losse gouden sierrand, net als het schild in rococostijl. Tussen deze rand en het schild twee gekruiste takken: links (heraldisch rechts) een maïsstengel, rechts (heraldisch links) een olijftak, symbolen voor voorspoed en vrede. Rond de sierrand heen gedrapeerd een rode banderol met het motto van het gemenebest: Virtue, liberty and independence (Deugd, vrijheid en onafhankelijkheid).
Stille dood
In 2005 werd er een wetsvoorstel ingediend (House Bill 179) om in grote gele letters PENNSYLVANIA onderin de vlag toe te voegen. Het Pennsylvania House of Representatives keurde het voorstel goed met 164 stemmen voor en 31 tegen. De senaatscommissie die zich er vervolgens over moest buigen, behandelde het wetsvoorstel niet binnen de zittingstermijn van twee jaar, waardoor het een stille dood stierf, dit tot groot genoegen van alle vlaggendeskundigen, die doorgaans gruwen van namen op vlaggen!
In 2001 onderzocht de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Pennsylvania op de niet bijster hoge 57e plaats.
De 28e februari is Kalevala-dag, de Finse cultuurdag en een officiële feestdag, tevens de Finse Vlagdag. De datum is die van het voorwoord in de eerste editie van de Kalevala uit 1835.
Kalevala, eerste editie uit 1835
Het boek Kalevala is een verzameling van mondeling overgeleverde volkspoëzie en groeide al snel na publicatie uit tot het Finse nationale epos. Het leidde tot de ontwikkeling van de Finse identiteit.
Het boek werd samengesteld en geschreven door Elias Lönnrot (1802-1884), een Finse taalwetenschapper, journalist en dichter. Daarnaast was hij ook arts en botanist. Tussen 1828 en 1835 reisde Lönnrot het hele land door, op zoek naar oude volksverhalen, die veelal mondeling waren doorgegeven.
Elias Lönnrot (1802-1884) (publiek domein)
Uiteindelijk resulteerde dit in de eerste editie van de Kalevala, die zoals gezegd verscheen in 1835, met als titel Kalewala, taikka Wanhoja Karjalan Runoja Suomen Kansan muinoisista ajoista (De Kalevala of Oud Karelische gedichten uit de vroegere tijden van Finland).
Het boek was al gauw een groot succes en er volgden toen snel vertalingen, zoals in het Zweeds (1841) en het Frans (1845).
In 1849 publiceerde Lönnroth een nieuwe, uitgebreidere editie, en het is deze editie die we nu nog kennen. In 1852 werd deze versie in het Duits vertaald, waardoor het werk nog meer bekendheid kreeg. De eerste volledige vertaling in het Engels volgde in 1888.
De eerste Nederlandse editie was een bewerking voor kinderen in 1905. En hoewel er daarna verschillende Nederlandse vertalingen het licht zagen, waren die geen van allen compleet. Pas in 1985 kwam er een volledige Nederlandse editie op de markt.
Inmiddels is de Kalevala in ruim 60 talen vertaald, waarmee het het meest vertaalde Finse boek is.
Wat de Kalevala-dag zelf betreft: die werd voor het eerst gevierd in 1860 door de Universiteit van Helsinki. In de jaren ’20 van de vorige eeuw werd het tevens de Finse Vlagdag, die ook nog officieel werd bevestigd in een decreet uit 1978. Er is een speciale Kalevala Vereniging, die jaarlijks activiteiten organiseert. Zo werden er bijvoorbeeld in 2009 tien componisten en kunstenaars uitgenodigd hún muzikale of artistieke interpretaties te geven op de gedichten in de Kalevala.
Logo van de Kalevalaseura, de Kalevala Vereniging
De dag leent zich ook uitstekend voor Finse culturele uitingen in de rest van de wereld en vooral op die plekken waar Finse emigranten ooit neerstreken, zoals bijvoorbeeld in het noorden van de Verenigde Staten.
De vlag
Vlag van Finland (1918-heden)
De eerste, voorlopige vlag van het onafhankelijke Finland was gebaseerd op het staatswapen: een rode vlag met de gekroonde gele Finse leeuw, staand op een kromsabel, met in zijn rechterpoot een geheven zwaard en negen witte rozen (voor de negen provincies). Deze afbeelding dient nog steeds als staatswapen.
Vlag van Finland (1917-1918)
Op 29 mei 1918 echter werd de huidige vlag ingevoerd, een egaal witte vlag met een blauw Scandinavisch kruis. Aan de wieg van deze vlag, die vanaf 1861 al op Finse pleziervaartuigen gebruikt werd, stond de dichter Zacharias Topelius, die het wit en het blauw in verschillende verschijningsvormen toepaste, voordat hij uiteindelijk definitief voor het kruis koos om de verbondenheid met de andere Scandinavische landen uit te drukken.
Het witte veld symboliseert de Finse winters en de kleur blauw de meren en de baaien. De vlag onderging zijn enige verandering op 25 april 1978, toen het lichte blauw van de vlag iets donkerder werd. De vlag heeft ook een naam: Siniristilippu (De blauwe kruis vlag).
De staat
Naast de ‘gewone’ vlag voert Finland ook een staatsvlag, die door de overheid gebruikt wordt. Deze is grotendeels gelijk aan de nationale vlag, maar in het midden van het blauwe kruis is het staatswapen afgebeeld: de gele Finse leeuw op de kromsabel.
Staatsvlag van Finland
Ook de Finse president voert zijn of haar eigen vlag. de basis is opnieuw de nationale vlag, maar nu uitgevoerd als zwaluwstaart, waardoor de vlag uitloopt in drie punten. In de broektop is een Finse onderscheiding afgebeeld: De Orde van het Vrijheidskruis, 3e klasse. De Finse president (sinds 2012 is dat Sauli Niinistö) is tevens grootmeester van deze ridderorde.
Links: de Finse Orde van het Vrijheidskruis, 3e klasse / Rechts: Vlag van de president van Finland met de Orde van het Vrijheidskruis
Frans Polynesië is een verzamelnaam voor vijf archipels, tezamen 118 eilanden en atollen, waarvan er 67 bewoond zijn. Gelegen in het midden van de Grote Oceaan strekken ze zich uit over zo’n 2.500.000 km², met een landoppervlakte van 4.167 km² (ongeveer 1/10 van Nederland) en een bevolking van 283.000, waarvan het merendeel (174.000) op het hoofdeiland Tahiti woont.
Als we wat verder inzoomen: de vijf archipels bestaan uit de Genootschapseilanden (die weer onderverdeeld zijn in de Bovenwindse en Benedenwindse Eilanden), de Tuamotu-archipel, de Gambiereilanden, de Marquesaseilanden en de Australeilanden.
Kaart van Frans Polynesië
Het zou wat ver voeren om alle eilanden en atollen op te noemen, maar om de bekendste te vermelden: Genootschapseilanden: Tahiti & Moorea (bovenwinds) en Bora Bora, Raiatea & Huahine (benedenwinds) Tuamotu-archipel: Puka Puka en Rangiroa Gambiereilanden: Mangareva Marquesaseilanden: Nuku Hiva en Tahuata Australeilanden: Tubuai Op Tahiti ligt hoofdstad en grootste kern Papeete (Pape’ete in het Tahitiaans) met bijna 137.000 inwoners.
Een vrolijke vakantiekaart van Tahiti, een eiland bestaand uit de twee schiereilanden Tahiti Nui en Tahiti Iti
De eeuwenlange betrekkelijke rust op de eilanden werd vanaf 1521 voor het eerst verstoord door de Portugese ontdekkingsreiziger Fernão de Magalhães (in het Nederlands soms Ferdinand Magellaan genoemd) toen hij Puka Puka ‘ontdekte’. In 1606 kwam Spanjaard Pedro Fernández de Quirós langs, waarbij hij Rekareka aandeed.
V.l.n.r.: Fernão de Magalhães (Ferdinand Magellaan) (±1480-1521), door een onbekendeschilder, collectie Mariner’s Museum / Jacob Roggeveen (1659-1729), fantasieportret / Pedro Fernández de Quirós (1565-1614), fantasieportret
Collega-ontdekkingsreizigers volgden, zoals de Middelburger Jacob Roggeveen, die in 1722 op Bora Bora ‘stuitte’ en de Brit Samuel Wallis, die Tahiti aandeed in 1767. Vanaf die tijd werden de bezoekjes frequenter. De Fransman Louis Antoine de Bougainville bezocht Tahiti één jaar later en weer één jaar later stond de bekendste van alle ontdekkingsreizigers, de Brit James Cook, daar ‘op de stoep’.
V.l.n.r.: Samuel Wallis (1728-1795) door een onbekende schilder / Louis Antoine de Bougainville (1729-1811), door Jean-Pierre Franque (1774-1860) / James Cook (1728-1779), door Nathaniel Dance-Holland (1735-1811), collectie National Maritime Museum, Greenwich
Dit enorm verspreide eilandenrijk kwam niet in één keer in Franse handen, verschillende eilanden en/of eilandengroepen wisselden in de 18e en 19e eeuw nogal eens van kolonisator, voornamelijk Engelsen en Fransen. Nadat Engelse missionarissen in 1803 koning Pomare II van Tahiti en Moorea van Tahiti naar Moorea dwongen te vluchten, werd het christendom geïntroduceerd, vanaf 1834 kregen de Fransen het op Tahiti voor het zeggen toen missionarissen zich er vestigden.
Links: Koning Pomare II van Tahiti en Moorea (±1774-1821), gravure uit 1830 van Robert Hicks, naar een tekening van William Ellis uit 1820 / Rechts: Postzegel van 21 francs uit 1976 met het portret van koning Pomare II, een ontwerp van Pierrette Lambert (1928)
In 1842 roept Frankrijk Tahiti en Tahuata eenzijdig uit tot Franse protectoraten, een jaar later gevolgd door de stichting van de latere hoofdstad Pape’ete. In 1847 tekenen de Fransen en de Engelsen het Verdrag van Jarnac, waarbij werd afgesproken dat de benedenwindse koninkrijken Raiatea, Huahine en Bora Bora onafhankelijk zouden blijven. Lang zou dit niet duren, vanaf 1880 brengt Frankrijk de overige benedenwindse eilanden onder haar bestuur en in 1888 worden de drie koninkrijken ingelijfd. Wat meespeelde was dat Frankrijk bang was dat Duitsland als ‘koloniale laatkomer’ de nog niet geclaimde eilanden wilde inpalmen. In de jaren ’80 en ’90 van de 19e eeuw volgden ook de officiële innames van de Tuamotu-archipel , de Gambiereilanden, de Marquesaseilanden en als laatste de Australeilanden.
Links: Landkaart uit 1937 van de Établissements Français de l’Océanie, zoals FransPolynesië toentertijd heette (Atlas Colonial Français) / Rechts: Postzegel van 1 centime van de Établissements de l’Océanie
Daarmee was het hele gebied Frans, waarbij het eerst onder de naam Établissements de l’Océanie (Oceanische Vestigingen) door het leven ging. Vanaf 1903 werd dat Établissements Français de l’Océanie (Franse Oceanische Vestigingen). Vanaf 1946 verkregen de eilanders het Franse staatsburgerschap en wordt het gebied een ‘overzees gebiedsdeel’. In 1957 krijgt het dan de naam waaronder we het nu kennen: Polynésie Française (Frans Polynesië).
De laatste administratieve staats-veranderingen zijn vrij recent. In 2003 wordt Frans-Polynesië een territoire d’outre-mer (overzees territorium) en sinds 27 februari 2004 is het een collectivité d’outre-mer (overzees land), waarmee het gebiedsdeel voor een groot deel autonoom is geworden. Tevens is dat de aanleiding voor de vlag vandaag. Frankrijk houdt sinds deze wijziging nog steeds de touwtjes in handen voor wat betreft leger, politie en hoger onderwijs.
Overigens is de bevolking op z’n zachtst gezegd niet gecharmeerd van de naam Frans Polynesië. Een meerderheid kan zich beter vinden in de naam Tahiti et ses Îles (Tahiti en zijn Eilanden) en dat is ook de naam die op de eilanden vaak gebruikt wordt.
De vlag
Vlag van Frans Polynesië (1984-heden)
De vlag van Frans Polynesië is vrij recent, namelijk van 23 november 1984. De Franse vlag, de Tricolore is nog steeds de officiële vlag en volgens de regels mag de Frans Polynesische vlag alleen gevoerd worden samen met de Tricolore. Officieel gebeurt dit uiteraard keurig, officieus minder!
De vlag is een horizontale driekleur in rood-wit-rood, waarbij de witte baan even breed is als de twee rode samen. In het midden van de witte baan is het wapen van Frans Polynesië afgebeeld: een cirkel bestaande uit een afbeelding van een gestileerde Polynesische kano met een rood zeil. Kano en zeil zijn bruin omlijnd, net als de twee (minieme) personen die op beide zijden van de kano zijn afgebeeld en de vijf op het platform tussen de twee kano-rompen. De vijf personen op het verbindingsplatform staan symbool voor de vijf archipels van dit overzeese land.
Wapen van Frans Polynesië
De cirkelvormige achtergrond is horizontaal in tweeën verdeeld: bovenin in geel is de zon afgebeeld met tien stralen rondom, symbool voor leven. De onderste helft is helder blauw en beeldt met vijf golven de Grote Oceaan uit, symbool voor overvloed.
Het ontwerp van de vlag kwam niet zomaar uit de lucht vallen, maar greep terug naar het Koninkrijk Tahiti uit de 19e eeuw, de Pomare-dynastie, waar de eerder aangehaalde koning Pomare II een vertegenwoordiger van was. Tussen 1822 en 1849 volgde een aantal vlaggen elkaar snel op, waarvan er drie hieronder zijn afgebeeld. De laatste stond model voor de huidige Frans Polynesische vlag en is tevens de vlag van het eiland Tahiti én van het hele bovenwindse geheel van de Genootschapseilanden.
Drie van de koninklijke vlaggen, waarvan de laatste nog in gebruik is als vlag van Tahiti en de andere bovenwindse Genootschapseilanden, tevens diende deze vlag als ‘leeg canvas’ voor de vlag van Frans Polynesië
En daarmee zijn we op de verschillende vlaggen van de ver uit elkaar gelegen archipels gekomen. Het zal niemand verbazen dat ze allemaal hun eigen vlag hebben, sterker nog: de meeste eilanden hebben hun eigen vlag, maar het zou wat ver voeren die hier allemaal af te beelden en te bespreken!
Maar de verschillende eilandengroepen dienen we wel even de revue te laten passeren, hieronder staan ze afgebeeld:
V.l.n.r.: Vlag van Tahiti en de bovenwindse Genootschapseilanden / Vlag van de benedenwindse Genootschapseilanden / Vlag van de GambiereilandenV.l.n.r.: Vlag van de Tuamotu-archipel / Vlag van de Marquesaseilanden / Vlag van de Australeilanden