Alle berichten door Rob Bertijn

Gibraltar – Flag established / Vlag vastgesteld (1982)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Gibraltar is een Brits overzees gebied, dat een strategisch belangrijke plek inneemt: het steekt als een vooruitgeschoven, bergachtige landtong en fortificatie van het Spaanse vasteland de Middellandse Zee in.

Kaart van Gibraltar uit 1727, met het zuiden boven en het noorden onder, ten tijde van de Engels-Spaanse Oorlog van 1727-1729 (ook bekend als het Dertiende Beleg van Gibraltar), het toont Britse zeebombardementen aan beide zijden van het schiereiland, gericht op Spaanse landposities, het bevat ook een legenda (“Renvoi”) met gedetailleerde beschrijvingen van alle locaties en dieptemetingen van de baai. De kaart is van de hand van Jean-Baptiste Delahaye (publiek domein)

De rotspunt wisselde verschillende malen van overheerser, dan weer Arabisch, dan weer Spaans, totdat het vanaf 1462 voor langere tijd in handen kwam van de Kroon van Castilië (een unie van de koninkrijken Léon en Castilië).
In 1704, tijdens de Spaanse Successieoorlog (1701-1714) werd Gibraltar door een Engels-Nederlandse troepenmacht veroverd op de Spanjaarden. Het werd in 1713 tijdens de Vrede van Utrecht “voor altijd” overgedragen aan het Koninkrijk Groot-Brittannië.

Links: Een eerste Spaanse editie van de tekst van de Unie van Utrecht uit 1713 / Rechts: Een editie uit 1714 in het Latijn en het Engels (© RedCoat10/Angel paez / publiek domein)

Gibraltar, dat gelegen is aan het smalste deel van de Straat van Gibraltar – dat de Middellandse Zee van de Atlantische Oceaan scheidt – was al vaak van militair belang, zoals in de napoleontische oorlogen en tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Perspectief van de Straat van Gibraltar, die op z’n smalst 14 km breed is, op deze foto van de NASA kijken we vanuit de Atlantische Oceaan richting de Middellandse Zee, met links Spanje en rechts Marokko, Gibraltar zien we achteraan omhoog steken, de kaap links op de voorgrond is de Punta de Tarifa, Spanje’s zuidelijkste punt, de hoogtes zijn op deze afbeelding 3x de werkelijke hoogtes (© NASA / JPL / NIMA / publiek domein)

Het is dan ook niet verbazingwekkend dat de soevereiniteit van Gibraltar al heel lang een twistpunt is in de Engels-Spaanse betrekkingen, aangezien Spanje aanspraak maakt op het gebied.
De inwoners van Gibraltar verwierpen echter met overweldigende meerderheid voorstellen voor Spaanse soevereiniteit in een referendum in 1967, alsook voor gedeelde soevereiniteit in een referendum in 2002.

Plattegrond van Gibraltar (© Eric Gaba (Sting) /publiek domein)

Gibraltar is voor een groot deel autonoom: het heeft een éénkamer-parlement met 17 gekozen parlementsleden plus een kamervoorzitter. Die laatste wordt niet door het volk gekozen maar maar benoemd door een resolutie van het parlement.

Het parlementsgebouw van Gibraltar (fotograaf onbekend)

De regering bestaat uit 10 gekozen ministers. Daar Gibraltar een Brits overzees gebiedsdeel is, is koning Charles III het staatshoofd. Hij wordt vertegenwoordigd door een gouverneur, die doorgaans voor vier jaar benoemd wordt.
De huidige gouverneur van Gibraltar is (sinds 4 juni 2024) luitenant-generaal Sir Ben Bathurst.

Gouverneur Bathurst ontvangt bij zijn installatie in het parlement de sleutels van de stad, links kamervoorzitter Karen Ramagge Prescott (screenshot)

Het Verenigd Koninkrijk is verantwoordelijk voor defensie, buitenlands beleid en binnenlandse veiligheid.

Militaire aanwezigheid

Bij een zo’n strategisch gelegen plek is het niet verwonderlijk dat er een flinke militaire aanwezigheid is.
Alle legereenheden (landmacht, marine en luchtmacht) vallen onder British Forces Gibraltar. De landmacht is vertegenwoordigd met het Royal Gibraltar Regiment.

Europa Point, de zuidelijke punt van Gibraltar, met op de achtergrond links de Naval Dock Yard (fotograaf onbekend)

De marine (Royal Navy) heeft een squadron met verschillende patrouillevaartuigen bij de Rock, zoals Gibraltar ook wel genoemd wordt. Dit squadron is verantwoordelijk voor de veiligheid en integriteit van de Britse territoriale wateren van Gibraltar (BGTW).
De basis van de luchtmacht (Royal Air Force) in Gibraltar maakt deel uit van het hoofdkwartier van de British Forces Gibraltar. Hoewel er niet langer permanent vliegtuigen gestationeerd zijn op RAF Gibraltar, komen er regelmatig diverse RAF-vliegtuigen aan en huisvest het vliegveld ook een afdeling van het Met Office. De Gibraltar Air Cadets is een actief squadron.

Het strand bij Catalan Bay (fotograaf onbekend)

Wonen bij een rots

Zoals op de plattegrond al te zien is, is Gibraltar een vrij ongewone stad, nog los van de geopolitieke en strategische status. Het grootste gedeelte van het grondgebied wordt ingenomen door de Rots van Gibraltar, een hoog oprijzende kalksteenformatie , waarvan het hoogste punt 426 m bedraagt. De bijnaam The Rock is dan ook een voor de hand liggende.

De Rots van Gibraltar (© Gibnewsnet / publiek domein)

Het overgrote deel van de stad ligt aan de westzijde van de rots. De ruim 32.000 Gibraltarezen leven vanwege het geringe woonoppervlak dicht op elkaar.
De groeiende vraag naar ruimte wordt steeds meer opgevangen door landaanwinning in het noordwesten, die ongeveer een tiende van het totale oppervlak van het gebied beslaat, maar meer dan 40% van de bevolking herbergt.

Een nieuwbouwproject op een nieuw ingepolderd stuk land (fotograaf onbekend)

De oude stad is deels tegen de onderste hellingen van de rots aangebouwd, waardoor er nogal wat straten met trappen zijn, zoals Castle Ramp, hieronder.

Castle Ramp in het oude gedeelte van de stad (fotograaf onbekend)

Vliegveld

Het vliegveld van Gibraltar werd in de Tweede Wereldoorlog aangelegd. Er waren niet veel plekken waar het kon komen te liggen en uiteindelijk werd gekozen voor het vlakkere gedeelte van de stad, bij de grens met Spanje. In tegenstelling tot de noord-zuid richting van Gibraltar zelf, is de start- en landingsbaan oost-west georiënteerd.

Gibraltar International Airport met dwars over de start- en landingsbaan heen Winston Churchill Avenue, de weg die Gibraltar met Spanje verbindt (fotograaf onbekend)

Daar de start- en landingsbaan de toegangsweg van en naar Spanje kruist, moest tot een paar jaar geleden bij iedere vliegbeweging de weg afgesloten worden. Sinds maart 2023 is dat niet meer nodig: er is nu een tunnel onder de baan door, in gebruik genomen.

De 70 m lange Windsor Suspension Bridge voor voetgangers overspant een ravijn op de Rock (fotograaf onbekend)

Natuurreservaat

Een deel van de rots is beschermd natuurgebied (The Gibraltar Nature Reserve). Dit reservaat omvat zo’n 40% van het Gibraltarese landoppervlak.

Een berberaap bij het eindstation van de kabelbaan (© AlexCurl / publiek domein)

De bekendste bewoners van het reservaat zijn de enige in het wild levende apen in Europa: de berberapen, uit de familie van de makaken. De apenbevolking bestaat uit vijf groepen, met in totaal zo’n 300 dieren, die voor Gibraltar een toeristentrekker op zich vormen.

St. Michael’s Cave in de Rots van Gibraltar (fotograaf onbekend)

Bezoekers kunnen niet alleen óp de Rots, men kan er ook ín. Naast verkeerstunnels zijn er kilometers aan militaire tunnels, die deels bezocht kunnen worden en ook een grot.

De vlag

Vlag van Gibraltar (1982-heden)

De vlag van Gibraltar toont het wapen van de stad en is daarmee in feite een heraldische banier. De officiële lengte is 1:2, hoewel voor algemeen gebruik de standaardlengte van 3:4 gebruikelijker is.

De Gibraltarese vlag op de Nationale Feestdag (10 september) (fotograaf onbekend)

De vlag is een horizontale tweekleur in wit en rood, waarbij de bovenste witte baan tweederde van de ruimte inneemt en de rode baan eenderde. Middenin het witte veld zien we een rode burcht met drie gekanteelde torens, waarvan de middelste iets naar voren steekt en die daarmee iets groter is afgebeeld.
Alle drie de torens hebben toegangspoorten, zowel beneden als op de verdiepingen, waarbij de centrale toren nog drie smalle topramen heeft.

Een Gibraltarese vlag op de Rots met een plaatselijke bewoner op het muurtje ernaast (fotograaf onbekend)

Vanuit de hoofdingang van de centrale toren hangt een goud of geelkleurig koord, waar door middel van een schakel een sleutel aan hangt, over de rode baan heen.

De burcht is niet gebaseerd op een bestaand gebouw, maar symboliseert de vesting die Gibraltar – gezien zijn ligging – is. De sleutel heeft ook alles met die strategische ligging te maken: door de Moren en de Spanjaarden werd Gibraltar gezien als de sleutel tot het Iberisch Schiereiland en later door de Britten als de sleutel tot de Middellandse Zee.

Wat bijzonder is aan de vlag van Gibraltar is dat het de enige vlag van een Brits overzees gebied is dat de Union Flag of Union Jack in de broekingshoek ontbreekt. Bij alle andere overzeese gebieden is de link met het ‘moederland’ onmiddellijk te leggen, maar bij Gibraltar ontbreekt die.

Een Gibraltarese postzegel uit 1983 met de vlag erop (publiek domein)

Hoewel de vlag officieel werd ingevoerd op 8 november 1982, vandaag 43 jaar geleden, bestaat ze al langer. Al in 1966 werd ze (onofficieel?) geïntroduceerd, maar volgens (wijlen) vlaggenkenner William Crampton werd ze al gebruikt “for as long as anyone could remember”.

Andere vlaggen

Een vlag waar de Britse Union Flag of Union Jack wél op voorkomt, is de handelsvlag van Gibraltar, het een zogenaamde ‘red ensign’ (rood vaandel), met de Britse vlag in de broekingshoek en het wapen van Gibraltar op het uitwaaiende gedeelte.

Handelsvlag van Gibraltar (1996-heden)
De Gibraltarese handelsvlag wapperend vanaf een schip (fotograaf onbekend)

Ook de gouverneur heeft zijn eigen vlag: het is de Britse Union Flag of Union Jack met het Gibraltarese wapen met wapenspreuk in geel in een witte cirkel over het midden, omcirkeld door een bladerenkrans.

De gouverneursvlag van Gibraltar

De gouverneursvlag werd ingevoerd in 1872 en werd een paar keer aangepast, de laatste keer was dat in 1999.

De gouverneursvlag wappert bij de officiële residentie van de gouverneur van Gibraltar (© Office of the Governor of Gibraltar)

Het wapen

Wat in ieder geval al heel lang meegaat is het wapen op de vlag. Het werd verleend door een koninklijk besluit dat op 10 juli 1502 in Toledo werd uitgevaardigd door koningin Isabella I van Castilië, tijdens de Spaanse periode van Gibraltar. Het afgebeelde wapen bestaat uit een wapenschild en toont een rood kasteel met drie torens, waaronder een gouden sleutel hangt, ook nu vijf eeuwen later nog onmiddellijk herkenbaar als het wapen van Gibraltar.

Introductie van het wapen van Gibraltar op een koninklijk besluit van 10 juli 1502 door koningin Isabel I van Castilië (publiek domein)

Het huidige wapen van Gibraltar is eigenlijk niet veranderd, anders dan dat het een wapenspreuk heeft gekregen, aangebracht op een gouden of gele banderol eronder: Insignia Montis Calpe (Insigne van de Rots van Gibraltar).

Het wapen van Gibraltar op een vijf pondbiljet uit 1995

Brits Indische Oceaanterritorium (BIOT) – Formation of this region / Vorming van dit gebied (1965)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Op 8 november 1965 werd dit territorium in het leven geroepen. Op dat moment bestond het uit de Chagos-archipel, een groep van zeven atollen ten zuiden van de Malediven, die gezamenlijk zo’n 60 eilanden en eilandjes herbergen, plus de eilanden Aldabra, Farquhar en Desroches. De laatste drie eilanden behoren strikt genomen bij de eilandengroep van de Seychellen. Toen de hoofdeilanden van de Seychellen op 29 juni 1976 hun onafhankelijkheid van het Verenigd Koninkrijk verkregen, werden deze drie eilanden administratief ‘teruggegeven’ aan de Seychellen.
In 2024 volgde een nieuwe overeenkomst aangaande de souvereiniteit van de Chagos-eilanden met Mauritius (zie verderop).

BIOT locatie
Locatie van BIOT ten opzichte van de rest van de regio (© worldjusticenews.com)

Momenteel bestaat het Brits Indische Oceaanterritorium (British Indian Ocean Territory, meestal aangeduid met de afkorting BIOT) uit de bovengenoemde groep van de Chagos-archipel. Het belangrijkste eiland in de eilandengroep is Diego García.

biot 02
Links: Kaart van Diego García, op de inzet het Brits Indische Oceaanterritorium / Rechts: Kaart van Diego García met de belangrijkste herkenningspunten, waaronder de militaire basis in het noordwestelijke deel van het atol

Dit atol heeft een oppervlakte van 44 km2 en het bezit een belangrijke militaire basis, die gebruikt wordt door zowel het Verenigd Koninkrijk als de Verenigde Staten. De hele archipel wordt ook geclaimd door de eilandstaat Mauritius en dat leidde dit jaar eindelijk tot een doorbraak. Gezien de strategische militaire belangen zal er in de status van Diego García vooralsnog echter weinig veranderen.

diego garcia pic
De militaire basis op Diego García vanuit de lucht (© mirandamelcher.wordpress.com)

Tussen 1967 en 1973 werd het eiland ‘ontvolkt’, de bevolking van zo’n 2.000 man werd gedwongen naar Mauritius te verhuizen, zodat het hele eiland nu onder militaire controle staat.
Hetzelfde gebeurde met de twee andere bewoonde eilanden van de archipel: Peros Banhos en het Salomon-atol.

Souvereiniteit Chagos-archipel naar Mauritius

Op 3 oktober 2024 maakten de Britse premier Keir Starmer en de Mauritiaanse premier Pravind Jugnauth gezamenlijk bekend dat er een overeenkomst was bereikt waarbij het Verenigd Koninkrijk de soevereiniteit over de Chagos-archipel aan Mauritius zal gaan overdragen.
Volgens de deal zal Diego Garcia worden uitgesloten van elke hervestiging van voormalige bewoners en zal het Verenigd Koninkrijk het militair belangrijke eiland nog minstens 99 jaar blijven besturen.
Voormalige Chagos-eilandbewoners zouden mogen terugkeren naar de andere eilanden van de archipel en er zal een fonds worden opgericht om de terugkeer van de voormalige bewoners te ondersteunen.

Navin Ramgoolam, premier van Mauritius (screenshot)

De nieuwgekozen premier van Mauritius, Navin Ramgoolam, verwierp echter de voorgestelde overeenkomst en vroeg om heropening van de onderhandelingen in december 2024.
Na nieuwe onderhandelingen werd op 22 mei 2025 een verdrag getekend dat slechts op details verschilt van het vorige. De militaire basis Diego Garcia blijft gedurende de nieuwe huurovereenkomst nog 99 jaar onder Britse controle. De Britse regering verwacht dat het verdrag tegen het einde van 2025 zal worden geratificeerd.

Bertice Pompe & Bernadette Dugasse met hun advocaat bij de High Court in Londen (screenshot)

Twee Chagossiaanse vrouwen, Bertice Pompe en Bernadotte Dugasse, hadden vlak voor de ondertekening een verzoek bij de High Court in Londen ingediend om dit te blokkeren: zij vonden dat de oorspronkelijke bewoners niet voldoende zijn gehoord tijdens de onderhandelingen. Ze wilden dat de autochtonen ook weer terug zouden moeten kunnen keren naar Diego Garcia. Dat ze in de toekomst ook geen Brits staatsburger meer zijn, maar dat ze “over worden gedaan” aan Mauritius, stuitte op hun bezwaren.
De rechter ging hier echter niet in mee.

Een deel van het langgerekte atol Peros Banhos (met het Isle Pierre op de voorgrond), onderdeel van de Chagos-archipel, komt onder het bestuur van Mauritius, waarbij voormalige bewoners zullen kunnen terugkeren (fotograaf onbekend)

Premier Ramgoolan van Mauritius noemde het akkoord een grote overwinning voor zijn land. “Met de overeenkomst voltooien we het totale dekolonisatieproces”, zei hij.

biot 01
Links: De militaire basis Camp Justice op Diego García (publiek domein) / Rechts: De airstrip van Diego García (© space4peace.net)

Omdat Diego García alleen maar militairen op zijn grondgebied heeft, is er ook geen gouverneur. De waarnemende autoriteit op het eiland is officieel een commisaris, bijgestaan door een administrateur. Momenteel zijn dat Nashi Dholakia (sinds 16 december 2024) en Mike Vidler, die hun taken vanuit Londen uitvoeren.

V.l.n.r.: Nishi Dholakia, commissaris voor het Brits Indische Oceaanterritorium (fotograaf onbekend) / Commander Andrew Williams, opperbevelhebber van het territorium sinds 24 januari 2025 (fotograaf onbekend) / De vlag van het Brits Indische Oceaanterritorium op het gebouw van het Foreign Office (Buitenlandse Zaken) in Londen

De hoogste gezagsdrager op het eiland is daarmee een militair, namelijk de basiscommandant. Sinds 24 januari 2025 is dat Commander Andrew Williams.

De vlag

BIOT vlag
Vlag van het Brits Indische Oceaanterritorium (1990-heden)

De vlag is ingevoerd op 8 november 1990, dus 25 jaar na de vorming van het territorium. In het kanton is de Britse Union Flag of Union Jack afgebeeld. De rest van de vlag bestaat uit een wit veld met zes blauwe golvende banen, drie korte naast het kanton, drie lange over de volle breedte van de vlag. Midden op de vluchtzijde, over de golvende banen heen is een palmboom afgebeeld.

biot 09
Links: St. Edward’s Crown uit 1661 / Rechts: Koningin Elizabeth (1926-2022) wordt in 2018, 65 jaar na haar kroning, opnieuw geconfronteerd met de kroningskroon, bij de opnames van een tv-documentaire (screenshot)

Over de stam van de boom is de Engelse koningskroon, St. Edward’s Crown, te zien. Het is de kroon die iedere Britse monarch maar één keer in zijn leven draagt, en wel tijdens de kroning. De massief gouden kroon stamt uit 1661 en weegt 2,2 kg, hij werd voor het laatst gebruikt bij de kroning van Koningin Elizabeth II, op 2 juni 1953, maar zal volgend jaar (70 jaar later) opnieuw in beeld komen bij de kroning van Koning Charles III op zaterdag 6 mei.

De vlag op een postzegel uit 1990 van 20 pence (© Royal Mail)

Oekraïne – Три роки і тридцять сім тижнів війни / Drie jaar en zevenendertig weken oorlog

Zelensky bezoekt troepen bij Pokrovsk

De Oekraïense president Zelensky bezocht troepen in de buurt van de stad Pokrovsk, waar momenteel de hevigste frontlinie-strijd tussen Rusland en Oekraïne plaatsvindt.
Zelensky plaatste foto’s waarop hij personeel ontmoet bij een commandopost in de Dobropillya-sector, zo’n 20 km ten noorden van Pokrovsk.

Door president Zelensky gedeelde foto van zijn bezoek aan de commandopost in de Dobropillya-sector, in het midden generaal Syrskiy, de serieuze gezichten spreken boekdelen (© Volodymyr Zelensky op X)

De hoogste militaire commandant van Kiev, Oleksandr Syrskiy, zei maandag dat Oekraïne de druk op het Dobropillya-front opvoert om “de vijand te dwingen zijn troepen te verspreiden en het onmogelijk te maken hun belangrijkste inspanningen op het Pokrovsk-gebied te concentreren”.

Hoewel het maanden duurde om de grenzen van de stad te bereiken, zijn Russische soldaten inmiddels geïnfiltreerd en vrijdag zei president Zelensky dat Rusland 170.000 troepen in de buitenwijken had verzameld.

Zowel Oekraïne als Rusland blijven beweringen en tegenbeweringen uiten over de situatie in en rond Pokrovsk.
De verovering van de stad zou Moskou toegang kunnen geven tot de rest van Donetsk, waaronder de steden Kramatorsk, Slovjansk, Kostyantynivka en Druzhkivka, de zogenaamde “fortengordel”.

Pokrovsk ligt voor een groot deel in puin (foto gedeeld door de Oekraïense Inlichtingendienst)

Generaal Syrskiy erkende dat zijn troepen de “druk van een vijandelijke macht van duizenden manschappen” nog weerstaan. Hij ontkende echter dat ze omsingeld waren.
Ondertussen beweren Russische militaire bloggers dat 90% van Pokrovsk onder controle van Moskou staat.
Ongeverifieerde video’s op sociale media tonen voorbeelden van man-tegen-mangevechten, drone-aanvallen en straatgevechten.

Kaart van het front op 4 november, waarbij goed te zien is dat Pokrovsk inmiddels bijna omsingeld is (© kaart door George Barros, Kateryna Stepanenko, Daniel Mealie, Harrison Hurwitz, Benjamin Cordola. David Schulert, Quinn Deutschendorf, Lea Corticchiato, Megan Ewert, Nathaniel Kramer, Carolyn Weinstein, Braden Barnett & Ethan Lloyd voor het Institute for the Study of War)

Het Amerikaanse Institute for the Study of War (ISW) meldde dat Russische troepen steeds gemakkelijker opereren in de stad, die ooit 60.000 inwoners telde, maar nu bijna volledig is ontruimd en grotendeels verwoest.
Verder naar het oosten zouden Moskouse troepen ook de stad Myrnohrad als doelwit hebben, waardoor Oekraïense soldaten het risico lopen omsingeld te worden.
Intensieve drone-activiteit heeft veel logistieke routes afgesneden, waardoor evacuaties en de aanvoer van munitie en voertuigen vrijwel onmogelijk zijn geworden.

President Zelensky krijgt bij zijn bezoek aan het front uitleg van kolonel Yevhen Lasiichuk (rechts), commandant van het 7e Korps, links generaal Syrskiy (foto gedeeld op de officiële website van president Zelensky)

Sommige Oekraïense commentatoren hebben kritiek geuit op de pogingen van de regering om Pokrovsk te blijven verdedigen, omdat ze stellen dat de troepen hierdoor in gevaar komen.
In een bericht bij de foto’s van zijn bezoek aan Dobropillya schreef Zelensky dinsdag: “Dit is ons land, dit is ons oosten, en we zullen er zeker alles aan doen om het Oekraïens te houden.”
Rusland controleert nu 81% van de regio Donetsk en 99% van het naburige Loehansk, die samen de Donbas vormen.

Gesteggel over bevroren Russische tegoeden

Hoge vertegenwoordigers van de Europese Commissie en de Belgische regering komen morgen 7 november bijeen om te proberen een politieke impasse te doorbreken over het gebruik van bevroren Russische tegoeden voor de financiering van een herstellening van € 140 miljard aan Oekraïne.

Volgens twee hoge EU-functionarissen verzet België zich tegen een plan van de Europese Commissie om gesanctioneerde Russische fondsen te gebruiken om Oekraïne te steunen zonder deze volledig in beslag te nemen, aangezien de tegoeden worden beheerd door de in Brussel gevestigde financiële dienstverlener Euroclear.

Het logo van Euroclear

De Belgische premier Bart De Wever vreest dat Rusland een rechtszaak zou kunnen aanspannen over het initiatief en dat zijn land in het slechtste geval mogelijk miljarden aan Moskou moet betalen.
Tijdens de top van de EU-leiders in oktober eiste hij van de EU-leiders sterkere garanties om België te beschermen tegen financiële en juridische risico’s die door dit initiatief zouden kunnen ontstaan.

De Belgische premier Bart De Wever houdt vooralsnog de poot stijf voor wat het gebruik van de bevroren Russische tegoeden betreft (screenshot VRT Nieuws)

De vice-ministers van Financiën boekten afgelopen dinsdag geen vooruitgang in de onderhandelingen over de herstellening en de Europese Commissie waarschuwde dat de tijd dringt.
De Commissie zal naar verwachting België een memorandum voorleggen met alternatieve financieringsopties voor Oekraïne, waaronder leningen van de EU.
Er is hoop dat De Wever zal toegeven zodra hij ziet dat er geen andere haalbare opties meer zijn.

Angelina Jolie in Cherson

De Amerikaanse actrice Angelina Jolie is opnieuw naar Oekraïne gereisd, dit keer naar Cherson.
Het exacte doel van de reis van de actrice naar de frontstad blijft onbekend.

Angelina Jolie tijdens haar bezoek aan Cherson (screenshot)

Gebruikers van sociale media beweren dat de beroemdheid Oekraïne bezocht als onderdeel van een liefdadigheidsprogramma en een bezoek bracht aan medische faciliteiten, waaronder een kinderziekenhuis en een kraamafdeling. Er circuleerden ook foto’s online waarop Angelina Jolie met kinderen speelt.
Dit is het tweede bezoek van de actrice aan Oekraïne: in april 2022 reisde ze naar Lviv voor een humanitaire missie, waar ze gewonde kinderen, ontheemden en vrijwilligers ontmoette.

De vlag

Vlag van Oekraïne (1992-heden)

De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.

Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.

Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)

De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd  bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.

Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.

In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.

De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)

Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.

Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De tentoongestelde ‘eerste’ vlag in het parlementsmuseum van Oekraïne (© rada.gov.ua)
Nog een foto van de ‘eerste’ vlag in een andere vitrine, in de hal van het parlement tentoongesteld, onder het toeziend oog van de toenmalige voorzitter van de Verchovna Rada, Andriy Parubiy (2016-2019) (© rada.gov.ua)
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)

Symbool

Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.

Oekraïense troepen met de nationale vlag (© mil.gov.ua)

New York City – Aankoop van Manhattan / Purchase of Manhattan (1626)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

In een brief van 5 november 1626 werd de ‘aankoop’ van het eiland Manhattan gemeld aan de Nederlandse Staten Generaal. De prijs bedroeg 60 gulden aan koopwaar, betaald aan de plaatselijke Indianen. De oorspronkelijke bewoners kenden echter het begrip ‘landeigendom’ niet, zij zagen het waarschijnlijk meer als een soort van vergoeding om daar een tijdje te verblijven, iets wat ze zelf precies zo deden, op de maat van de seizoenen.

Unknown.jpeg
De koop van Manhattan door Peter Minuit, naar een schilderij van Alfred Fredericks (publiek domein)

Hoe het ook zij, onder de toenmalige gouverneur van Nederland, Peter Minuit, werd op de zuidpunt van Manna Hatta (nu dus Manhattan) Nieuw Amsterdam gesticht, in 1625.

De originele koopakte van Manhattan, document van de hand van Pieter Schagchen, gedateerd 7 november 1626 (dus twee dagen na de koop), gericht aan de Staten-Generaal (Collectie Nationaal Archief, Den Haag)

Het werd een bloeiende vestiging van de West-Indische Compagnie (WIC) en het gebied bleef Nederlands tot 1664, waarna de Engelsen het stokje overnamen. De naam werd veranderd in New York en ‘the rest is history’.

Waarschijnlijk de oudst bekende afbeelding van Nieuw Amsterdam stamt uit 1650-1654, de tekst luidt “De Stadt Nieuw Amsterdam gelegen op het Eyland Manhattans in Nieuw Nederland” en hoewel de maker niet met zekerheid bekend is, worden ofwel Augustin Herrman ofwel Nicolas Joannes Visscher als mogelijke makers genoemd (Collectie Österreichischen Nationalbibliothek, Wenen / Artanisen / publiek domein)

De vlag

new york 01
Vlag van New York City (1915/1975-heden)

New York City behelst sinds 1898 Manhattan, The Bronx, Brooklyn, Queens en Staten Island, maar in vroeger tijden stond het synoniem voor alleen Manhattan.
De New Yorkse vlag laat zijn Nederlandse ‘roots’ nog steeds zien. De vlag is een verticale driekleur in blauw, wit, oranje, de kleuren van de vlag van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden tijdens de stichting van Nieuw Amsterdam in 1625 (maar dan horizontaal).

Dat jaartal is ook te vinden in het stadszegel, wat op het midden van de witte baan is afgebeeld. Het zegel laat een schild zien met daarop de wieken van een molen. Links en rechts van de wieken twee meeltonnen, boven en onder twee bevers.

Er zijn twee schildhouders: de linkse is een Nederlandse zeeman, in zijn rechterhand een schietlood, boven zijn schouder is een jakobsstaf te zien, (een vroeg navigatie-instrument), de rechtse schildhouder is volgens de officiële beschrijving een Manhattan-indiaan, (een tak van de Algonquins), in zijn linkerhand een boog.

Daarboven een adelaar met gespreide vleugels, gezeten op een halfrond.
Het zegel bevat de tekst Sigillum civitatis Novi Eboraci, wat Zegel van de stad New York betekent. Tot 8 januari 1975 stond het jaartal 1664 onder het zegel, het jaar waarin de stad overging in Engelse handen en tot New York werd omgedoopt, maar men vond de stichting door de Nederlanders in 1625 uiteindelijk toch belangrijker.

De vlag werd aangenomen op 27 april 1915, nadat burgemeester John P. Mitchel een commissie had benoemd om een gestandaardiseerd wapen en vlag te ontwerpen voor het 250-jarig bestaan van de stad.
De vlag is daarmee een directe opvolger van zijn voorganger, die tot plusminus 1825 terug gaat, maar hoe deze vlag destijds tot stand kwam is bij gebrek aan documentatie niet bekend, wel dat het daarmee een van de oudste stadsvlaggen van de Verenigde Staten was.

new york 02
Twee variaties van de eerste vlag van New York City (tot 1915)

Die eerdere versie was een witte vlag met daarop het wapen van de stad New York, wat in basis nog hetzelfde wapen is dat nu nog (als stadszegel) op de hedendaagse vlag is te vinden.

De stadsdistricten

Zoals hierboven al vermeld: New York City bestaat uit vijf zogenaamde boroughs of stadsdistricten: Manhattan, The Bronx, Queens, Brooklyn en Staten Island. Twee van deze vlaggen, die van Manhattan en The Bronx, zijn afgeleid van die van de stadsvlag van New York City en daarmee dus weer familie van de Nederlandse vlag.

Schermafbeelding 2019-11-05 om 09.14.58.png
New York City met zijn vijf stadsdistricten: Manhattan (donkerblauw), The Bronx (rood), Queens (oranje), Brooklyn (geel) en Staten Island (paars)

De vlag van Manhattan is grotendeels gelijk aan die van New York City, het verschil zit ‘m in het randschrift van het stadszegel, waarop bij Manhattan de tekst Borough of Manhattan bovenin en November 1 1683 onderin. De datum verwijst naar het vervangen van de provincie New York naar New York County (Manhattan). Het New York zoals we het nu kennen, met de vijf stadsdistricten, stamt uit 1898.

new york 03
De vlaggen van Manhattan en The Bronx

De vlag van The Bronx heeft als basis de driekleur van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden: oranje-wit-blauw. Midden op de vlag is het wapen geplaatst van de familie Bronck en verwijst naar Jonas Bronck (±1600-1643), een Deense, Zweedse of Faröerse (de geleerden zijn er nog steeds niet uit) emigrant die zich hier vestigde. In eerste instantie pachtte hij in 1639 waarschijnlijk land van de West Indische Compagnie, maar later heeft hij het kennelijk gekocht. Zijn boerderij met grond lag ten zuiden van de huidige 150th Street in deze wijk.
Ook na zijn dood in 1643 bleef dit gebied bekend staan als The Bronck’s Land, wat uiteindelijk verbasterde tot The Bronx.
Het motto op het familiewapen luidt: Ne cede malis (Weersta het slechte).
De vlag stamt uit maart 1912 en werd officieel goedgekeurd op 29 juni 1915.

De vlag van Brooklyn (dat zijn leven begon als Breuckelen) is wit, met in het midden een ovalen schild, omcirkeld door een donkerblauwe rand, waarop bovenin in Oud-Nederlands het motto Een draght mackt maght (Eendracht maakt macht zouden we nu spellen) en onderin Borough of Brooklyn.
Op het schild is Vrouwe Justitia afgebeeld, gekleed in een lang gewaad. Ze draagt een zogenaamde roedenbundel of fasces, een oud Romeins symbool van gezag.
Het is niet precies bekend hoe oud deze vlag is, maar hij gaat in ieder geval terug tot 1860, toen Brooklyn nog een onafhankelijke stad was.

new york 04
De vlaggen van Brooklyn en Queens

De vlag van Queens is een horizontale driekleur in lichtblauw-wit-lichtblauw. Bovenin aan de mastzijde is een gouden kroon met daaronder de tekst Queens Borough 1898. In het midden van de vlag, in een cirkel van gekleurde kralen twee gekruiste bloemen: links een gele tulp, rechts een rode Engelse roos.
De kleuren van de banen komen van het wapen van Willem Kieft, de laatste gouverneur van de kolonie Nieuw-Nederland.
Kieft (1597-1647), die een van de vroege bewoners was van dit gebied, ‘kocht’ hier een stuk land van de inheemse bevolking en betaalde dit met kralen, of wampum, gemaakt van de binnenste spiraal van schelpen.
De tulp staat symbool voor de Nederlandse kolonisten en de Engelse roos (uiteraard) voor de Engelsen die hierna kwamen, maar ook specifiek voor de koninklijke Huizen van York en Lancaster.
De vlag stamt van 3 juni 1913, maar wapperde pas voor het eerst vanaf Borough Hall (het stadhuis) op 14 oktober 1929.

new york 05
Vlag van Staten Island

De vlag van Staten Island (tot 1975 de borough Richmond geheten) is recenter en stamt uit maart 2016. Hij vervangt twee eerdere vlaggen uit 1948 en 1971.
Het veld is beige (zeer ongewoon voor een vlag), met daarop een donkergroene cirkel, verdeeld in een randschrift en een afbeelding. Het randschrift bovenin luidt: 1609 Staten Island 1898 en onderin City of New York.
De allegorische figuur op de binnencirkel stelt de stad voor, die uitkijkt over The Narrows (het zeegat aldaar, hier in blauw afgebeeld) met op het water een kano met drie personen en op de achtergrond een driemaster.
De driemaster is de Halve Maen, waarmee Henry Hudson voor de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) in 1609, op zoek naar een noordwestelijke doorvaart om de specerij-eilanden in Azië sneller te kunnen bereiken, op de plek van het latere New York stuitte.
De drie mensen in de kano zijn oestervissers. Het tweede jaartal 1898 verwijst naar het jaar waarin Staten Island onderdeel van New York City werd.
Staten Island, vroeger Staaten Eylandt, werd vernoemd naar de Nederlandse Staten Generaal en kreeg zijn naam van Henry Hudson in 1609.

Ook ‘familie’

Tot slot is het wellicht aardig stil te staan bij negen vlaggen uit de staat New York (en één uit Delaware) die ook nu nog zichtbaar hun ‘roots’ hebben uit de tijd dat ze tot Nieuw-Nederland behoorden.

De vlag van Albany, de hoofdstad van de staat New York, heette in de Nederlandse tijd Fort Oranje. De vlag is die van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, oranje-wit-blauw, met het stadswapen in het midden van de witte baan. De vlag stamt uit 1909 en is officieel goedgekeurd in 1916.

new york 06
Vlag van Albany

De vlag van Nassau County (op Long Island, net ten oosten van Queens en Brooklyn) is oranje met in het midden het wapen van de huidige Nederlands Koninklijk Huis, Oranje Nassau, maar ten tijde van Nieuw-Nederland was dit nog het stadhouderlijk familiewapen. Eromheen het randschrift: Nassau County – State of New York.

new york 07
De vlaggen van Nassau County en Ulster County

De vlag van Ulster County (in de Nederlandse tijd Esopus geheten), noordelijk van New York, in de Hudson-vallei, is roodoranje-wit-blauw. De eerste kleur wordt volgens de officiële beschrijving Ulster orange genoemd, terwijl de blauwe kleur Delft blue is.
Het county-wapen/zegel is rood op geel in het midden van de vlag geplaatst. Het randschrift luidt: Seal of Ulster County – State of New York. Onder de afgebeelde Nederlandse kolonist met boerderij en korenschoof, het jaartal 1683.
De vlag stamt uit 1974, officieel ingevoerd in 1976.

Ten oosten van Ulster County ligt Dutchess County. De vlag is rood-wit-blauw met de het stadswapen/zegel in het midden van de witte baan. Het randschrift luidt Dutchess County – seal, de afbeelding toont een ploeg en een korenschoof.

new york 08
De vlaggen van Dutchess County en Westchester County

Westchester County, net ten noorden van The Bronx, met Yonkers als grootste plaats, heeft als vlag een horizontale tweekleur van oranje en blauw met een witte driehoek vanaf de mastzijde.
De witte driehoek bevat in blauw een afbeelding van Vrouwe Justitia (afkomstig van het county-zegel), met daaromheen 25 sterren (voor het aantal steden en dorpen) in dezelfde kleur. Langs de onderrand in witte kapitalen de tekst: Westchester County, New York.
De vlag werd ingevoerd op 1 mei 1939.

Columbia County, ten oosten van de rivier de Hudson heeft een horizontale driekleur in rood-wit blauw, waarbij de witte baan niet meer dan een smalle strook is. De vorm van de vlag is een zogenaamde zwaluwstaart, ook wel een ingehoekte vlag genoemd. De kleuren staan voor zowel de Nederlandse wortels alsook voor  de kleuren van de Verenigde Staten.
Het county-zegel bedekt vrijwel de gehele vlag. Het toont Columbia, staand op een rots, met links achter haar een driemaster op de Hudson en rechts een postkoets. Columbia is de personificatie van het Noord-Amerikaanse continent, een soort van vrouwelijke tegenhanger van Uncle Sam. In haar linkerhand heeft ze een duif en in de andere een wetboek.
Het randschrift luidt: Columbia County – Established 1786.

new york city 01
De vlaggen van Columbia County en Orange County

Orange County, ten zuiden van Ulster County heeft een oranjekleurige vlag met daarop het county-zegel. Het zegel toont een oranjeboom (Rutaceae) met daaronder de datum 1 november 1683. Het randschrift, op een blauwe cirkel, luidt: Orange County – New York. De county is genoemd naar Willem III, prins van Oranje en stadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en getrouwd met de Britse koningsdochter Mary Stuart, Vanaf 1689 werd hij samen met zijn vrouw regerend koning en koningin van Engeland, Schotland en Ierland.
De oranje kleur heeft dus alles te maken met de familienaam van Willem III.

Schenectady County, ten noorden van Albany, heeft een horizontale driekleur van oranje-wit-rood, de kleuren van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Prominent in het midden het county-zegel (met toevoegingen) wat op z’n minst redelijk ‘druk’ genoemd kan worden.
Het county-zegel zelf laat een weegschaal en twee gekruiste zwaarden daarboven. Deze symboliseren recht en kracht. Het randschrift luidt: Schenectady County – 1809.
Aan vier zijden van de versieringen buiten het zegel vinden we voorstellingen.
Linksboven: een locomotief en een wagon. Dit is de DeWitt Clinton, de eerste passagiers-stoomlocomotief in de Verenigde Staten. Hij werd gerund door de Mohawk and Hudson Railroad. Het eerste tripje was van Albany naar Schenectady op 9 augustus 1831.
Rechtsboven: een vrachtschip, de Schenectady Boat, een werkpaard uit eind 18e, begin 19e eeuw.
Rechtsonder: bezemmaïs (Sorghum vulgare var. technicum), waar (de naam zegt het al) vroeger bezems van gemaakt werden, een belangrijke industrie hier in de 19e eeuw.
Linksonder: een bliksemschicht en een atoom. Zij staan voor de vroege industrie in de county. De bliksemschicht is het symbool van General Electric, meer specifiek voor Charles Steinmetz, een Duits-Amerikaans elektrotechnisch ingenieur. Hij hield zich o.a. bezig met hoogspanningsverschillen, waaronder blikseminslag, maar hij verbeterde ook elektromotoren.
Het atoom staat voor de eerste atoomcentrale, SM-1, in de V.S., gebouwd door American Locomotive (ALCO) in 1957. Hij werd gebouwd voor militair gebruik in Fort Belvoir. De centrale sloot in 1973 en staat momenteel op de nominatie voor afbraak in 2020.

new york city 02
De vlaggen van Schenectady County en Sussex County, Delaware

Tot slot een county die verder naar het zuiden ligt, in Delaware, waar De Republiek destijds ook handelde en forten bouwde. In dit gebied waren de Zweden ook actief.
De county is Sussex County. De vlag is vrij recent, namelijk uit 1974.
Het is een horizontale driekleur in rood-wit-blauw, waarbij de witte baan breder is dan de rode en de blauwe. In het midden van de witte baan is een korenschoof geplaatst.
De vlag werd ontworpen door William Scott uit Selbyville, Delaware, die lid was van het plaatselijke bicentennial committee, een comité dat de feestelijkheden moest voorbereiden voor de 200ste verjaardag van de Verenigde Staten in 1976. Een eigen county-vlag hoorde daar ook bij.
Als uitgangspunt nam hij de Nederlandse vlag, vanwege de historie van het gebied. De Engelsen die na de Nederlanders dit gebied ontwikkelden, zijn gesymboliseerd met de korenschoof in geel, die van het county-zegel afkomstig is.

New York counties
Zoekplaatje: vindt de 7 hierboven genoemde counties (+ Albany) op deze county map van New York!

El Salvador – Primera Declaración de la Independencia / Eerste Onafhankelijkheidsverklaring (1811)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De Onafhankelijkheidsbeweging van 1811 in El Salvador, ook wel bekend als de Eerste Roep van de Onafhankelijkheid (Primer Grito de Independencia), was de eerste van een reeks opstanden in Midden-Amerika in het hedendaagse El Salvador, met als doel onder de Spaanse heerschappij uit te komen.
De onafhankelijkheidsbeweging werd geleid door prominente Salvadoraanse en Midden-Amerikaanse figuren zoals José Matías Delgado, Manuel José Arce en Santiago José Celis.

José Matías Delgado (1767-1832) roept op tot onafhankelijkheid in San Salvador op 5 november 1811 (© Luis Vergara Ahumada / publiek domein)

Op 5 november begon de opstand in San Salvador.
Volgens de overlevering wachtten de rebellen op een signaal van de klokkentoren van de kerk van La Merced, maar dit gebeurde niet op de geplande tijd.
De rebellen verzamelden zich later op het stadsplein buiten de kerk, waar Manuel José Arce voor het publiek verkondigde: “Er is geen koning, noch intendant, noch Kapiteinschap-Generaal. We moeten alleen onze eigen alcaldes (leiders) gehoorzamen”, wat zoveel wilde zeggen dat sinds de Spaanse Koning Ferdinand VII was afgezet, alle andere door hem benoemde functionarissen niet langer legitiem de macht konden uitoefenen.

Manuel José Arce (1787-1847) , die tien jaar na de opstand van 1811 alsnog de eerste president van een onafhankelijk El Salvador werd, uit die tijd stamt bovenstaand portret (publiek domein)

Het tumult op het plein groeide liep zo hoog op dat de intendant, Gutiérrez y Ulloa, de aanwezigen vroeg iemand te benoemen om formeel hun eisen in ontvangst te nemen.
Manuel José Arce zelf werd door de menigte als leider gekozen en geselecteerd.
Desondanks namen de opstandelingen de wapens op en riepen de totale onafhankelijkheid van San Salvador van de Spaanse kroon uit.

Portret van Don José Alejandro Aycinena y Carrillo (1767-1826) In 1812 (publiek doemin)

Omdat ze geen steun konden vergaren, besloten de rebellen te onderhandelen met een delegatie die vanuit de Guatemalteekse hoofdstad was gestuurd om de controle over te nemen.
De nieuwe intendant-kolonel José Alejandro de Aycinena arriveerde op 8 december met Guatemalteekse troepen en priesters om hen te dwingen gehoorzaamheid aan de kroon te zweren en heroverde de stad.
De nieuwe regering werd door de meerderheid van de bevolking goed ontvangen vanwege Aycinena’s beleid van begrip en non-confrontatie.

Central America map
Midden-Amerika  ((© ussoccer.com)

Net als de meeste andere Midden-Amerikaanse landen zou de werkelijke onafhankelijkheid op 15 september 1821 worden uitgeroepen.

Kaart van El Salvador (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van El Salvador (1912-heden)

Wellicht is het beter van ‘vlaggen’ (meervoud) te spreken, want El Salvador heeft er drie: de staatsvlag, de alternatieve staats- of civiele vlag en een handelsvlag, die overigens alle drie hetzelfde basisontwerp hebben.

Vlagblog gebruikt de eerstgenoemde staatsvlag, die ook internationaal gebruikt wordt. De vlag is een horizontale driekleur in kobaltblauw-wit-kobaltblauw, met het staatswapen in het midden van de witte baan. Deze vlag heeft de nogal ongebruikelijke ratio van 189:335, wat neerkomt op ongeveer 4:7. Deze maatvoering is eigenlijk alleen te zien bij officiële instanties.

el salvador alternatieve vlaggen
De ‘alternatieve’ vlaggen van El Salvador

Vlag twee, de alternatieve staats- of civiele vlag (voor gebruik door de bevolking dus) is gelijk aan de staatsvlag, maar dan zonder het wapen. Ook de ratio is anders, nl. 3:5.

Diezelfde maat wordt gebruikt bij de derde vlag (de handelsvlag) met opnieuw dezelfde drie banen. Op de witte baan in goudgele kapitalen de tekst: DIOS UNIÓN LIBERTAD (God, Eenheid, Vrijheid).

De twee kobaltblauwe banen staan voor de hemel en de Stille Oceaan, de witte baan voor vrede. Het kobaltblauw staat tevens symbool voor de kleurstof indigo, die gewonnen wordt uit de inheemse Indigofera tinctoria.

Vóór we ons verdiepen in het gebruikte staatswapen, eerst iets over de verschillende historische vlaggen van het land. Kort na de onafhankelijkheid van Spanje (1821), vormde El Salvador samen met z’n Midden-Amerikaanse collegastaten Costa Rica, Guatemala, Honduras en Nicaragua de zogenaamde Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika).

Centraal Amerikaanse Republiek
Kaart van de Provincias Unídas del Centro de América (kaart uit “Travels in Central America” van Robert Glasgow Dunlop, 1847)

Deze democratische republiek bestond van 1823-1841 en had een vlag gebaseerd op die van Argentinië, met het staatswapen in de witte baan. Nadat deze staat in vijf landen uiteenviel, gebruikte El Salvador tot 1865 een blauw-wit-blauwe vlag.

el salvador drie historische vlaggen
Historische vlaggen van El Salvador, v.l.n.r.: Provincias Unidas del Centro de América (1823-1841) / Eén van de vier versies van de Barras y estrellas (in dit geval de versie in gebruik tussen 1873-1877) / República Mayor de Centroamérica (1896-1898)

Tussen 1865 en 1896 werd overgestapt naar een ontwerp gebaseerd op de Amerikaanse vlag: Stars and Stripes (Barras y estrellas). Het rode kanton kreeg meer sterren naarmate er nieuwe departementen werden gecreëerd.

In 1896 kwamen El Salvador, Honduras en Nicaragua overeen samen één staat te vormen: de República Mayor de Centroamérica (Grote Republiek van Centraal-Amerika). Deze republiek hield het slechts twee jaar vol, maar had in die korte tijd wél een vlag.

Vanaf 1898 was El Salvador weer zelfstandig en ging het weer terug naar de Barras y estrellas, inmiddels met 14 sterren.

Vanaf 17 mei 1912 neemt het parlement de beslissing de vlag opnieuw te veranderen en grijpt daarbij weer terug naar de vlag van de 14 jaar daarvoor opgedoekte República Major de Centroamérica en vervangt het staatswapen van die vlag met dat van El Salvador. En daarmee hebben we de vlag die ook heden nog gebruikt wordt en dat ons brengt bij:

Het wapen

Het staatswapen op de vlag is gebaseerd op dat van de twee ‘superstaten’ uit de 19e eeuw: Provincias Unidas del Centro de América (1823-1841) en República Mayor de Centroamérica (1896-1898).

Wapen El Salvador
Staatswapen van El Salvador (1912-heden)

Het is geen gering wapen, met maar liefst drie teksten en veel symboliek! Centraal staat een goudgele driehoek. De drie zijden staan voor de drie wetgevende machten: wetgevend, uitvoerend en rechterlijk. Afgebeeld in de driehoek is een landschap met vijf naast elkaar liggende vulkanen, die aan één kant door de zon worden beschenen, gelegen aan de Stille Oceaan. De vijf bergen staan symbool voor de vijf landen die ‘superstaat 1’ vormden: El Salvador, Costa Rica, Guatemala, Honduras en Nicaragua.

Cordillera de Apaneca
Model voor de vulkanen in het staatswapen: de Cordillera de Apaneca, in het westen van El Salvador (© Pablo Nuñez)

Boven de vulkanen is op een paal een rode frygische muts afgebeeld, symbool voor de vrijheid. Achter de muts een amberkleurige zon met stralen. In de stralenkrans staat in kapitalen de tekst: 15 SEPTIEMBRE DE 1821, de datum van onafhankelijkheid. Boven de zon, in de punt van de driehoek, een regenboog in de kleuren rood, oranje, geel, groen en blauw, de vrede symboliserend.

Achter de driehoek zien we vijf kobaltblauw-wit-kobaltblauwe vlaggen, bevestigd aan indiaanse oorlogssperen, twee links, twee rechts en één in het midden. Deze staan voor de vijf hiervoor genoemde landen. De twee laaggeplaatste vlag-uiteinden zijn onder de driehoek aan elkaar geknoopt. Hieronder een witte banderol met in kapitalen de tekst: DIOS UNIÓN LIBERTAD (God, Eenheid, Vrijheid).

Rond dit alles heen twee laurierkransen met rode bessen, onderin bij elkaar gebonden met een kobaltblauw-wit gestreept lint. De twee laurierkransen bestaan elk uit zeven segmenten, samen symbool voor de 14 departementen van El Salvador.

Tenslotte rond dit alles heen in goudgele kapitalen de volgende tekst: REPÚBLICA DE EL SALVADOR EN LA AMÉRICA CENTRAL (Republiek El Salvador in Centraal-Amerika).

Tonga – Constitution Day / Grondwetdag (1875)

Constitution Day herdenkt de 4e november 1875, toen de Grondwet werd ingevoerd. Het is een vrije dag voor de Tonganen .

Grenzen van de verschillende eilandstaten in de Grote Oceaan (© Encyclopædia Britannica, Inc., 2010)

Het Koninkrijk Tonga is een archipel van 169 eilanden, waarvan er 36 bewoond zijn. Het eilandenrijk is gelegen in de Grote of Stille Oceaan en heeft een totale landoppervlakte van 748 km², verspreid over een gebied van 700.000 km².
Volgens de laatste telling uit 2021 bedroeg het inwoneraantal 100.209, waarvan 70% op het hoofdeiland Tongatapu woont.

Kaart van de Tonga-archipel (© mapsland.com)

Tussen 1773 en 1777 kwamen de eilanden onder Britse invloed, door drie achtereenvolgende bezoeken van kapitein James Cook. Zo’n 50 jaar later arriveerden de eerste Britse missionarissen, die het als hun taak zagen de eilandbevolking te bekeren tot het christendom.

‘The reception of Captain Cook in Hapaee’, met de hand ingekleurde gravure van Robert Scott (1777-1841), uit ‘The Glasgow Geography’ , uitgave E. Khull & Co., Glasgow, 1825. Kapitein Cook (1728-1779) bezocht Hapaee op het eiland Nomuka in mei 1777.

Het belangrijkste stamhoofd was Taufa’ahau Tupou die zich in 1831 liet bekeren, waarna hij de naam Jiaoji (later Siaosi) aannam, de Tongaanse vertaling van George (naar koning George III van het Verenigd Koninkrijk).

Links: Koning George Tupou I (1797-1893), foto van circa 1880-1890 (publiek domein) / Rechts: Shirley Waldemar Baker (1836-1903 ), ongedateerde foto (publiek domein)

Siaosi veranderde opnieuw van naam toen Tonga vanaf 1845 een koninkrijk werd en hij, mede dankzij steun van missionaris Shirley Waldemar Baker, geïnstalleerd werd als eerste koning. Hij werd toen George Tupou I.

De vlag

Vlag van Tonga (1866/1875-heden)

De vlag van Tonga is rood met een wit kanton, waarop een zogenaamd Grieks kruis in rood is geplaatst.
De geschiedenis van de vlag gaat gek genoeg terug op de eerste vlag voor aankomend koning George Tupou I. Rond 1840 nam George Tupou (toen nog onder de naam Siaosi) een persoonlijke vlag aan met een wit veld, twee blauwe kruizen aan de broeking, twee rode kruizen aan de vluchtzijde en in het midden twee kapitale letters: een blauw M en een rode A daaroverheen, die symbool staan voor de Heilige Maagd Maria. De kruizen staan voor het christendom.
Deze vlag werd vanaf 1858 ook voor het hoofdeiland Tongatapu gebruikt.

Links: Eerste vlag van Tonga (±1840-1862), vanaf 1858 ook in gebruik geweest als vlag van hoofdeiland Tongatapu / Rechts: Tweede vlag van Tonga, gelijk aan die van het Internationale Rode Kruis (1862-1866)

Als koning George Tupou I wilde hij samen met zijn goede vriend Shirley Waldemar Baker, nieuwe symbolen invoeren, zoals een wapen, volkslied en nationale vlag. Vanaf 1862 werd er een opmerkelijke vlag ingevoerd: wit met een Grieks kruis in rood, voor ons nu onmiddellijk herkenbaar als de vlag van het Internationale Rode Kruis, dat uit 1863 stamt.
Deze eerste Tongaanse vlag heeft het dan ook niet zo lang uitgehouden. In 1866 werd ze vervangen door de huidige.

Het voorbeeld voor de vlag was de Britse red ensign, een rode vlag met een kanton waar normaliter de Union Flag of Union Jack is geplaatst. In het geval van Tonga was dat een verkleinde versie van de eerste vlag: wit met een rood kruis.

Links: De Britse koopvaardijvlag, de red ensign / Rechts: Olympisch taekwondo-sporter Pita Taufatofua (1983) met de nationale vlag van Tonga op het strand van Rio de Janeiro in 2016 (foto: Brandon Goodwin/© Today)

Toen op 4 november 1875 de Grondwet werd aangenomen, werd deze vlag als officiële vlag bevestigd. Artikel 47 van dit document vermeldt expliciet dat “de vlag nooit veranderd mag worden” en “altijd de vlag van Tonga zal zijn”.
De symboliek is ook niet veranderd: het kruis staat voor het christendom en de kleur rood voor het vergoten bloed van Jezus Christus.

Overig

Links: Handels- of koopvaardijvlag van Tonga / Rechts: Marinevlag van Tonga (1985-heden)

Naast de nationale vlag kent Tonga nog een aantal andere vlaggen, zo is er een handels- of koopvaardijvlag, een horizontale tweekleur in wit-rood en daarmee gelijk aan de vlag van Polen. Deze vlag wordt tevens door de premier gebruikt.
De marinevlag is wit met een Scandinavisch kruis in rood over een iets groter Scandinavisch kruis in wit, wat op zijn beurt rood omzoomd is. In het kanton het Tongaanse kruis in rood.

Links: Vlag van de gezamenlijke defensiemacht van Tonga / Douanevlag van Tonga (±1910-heden)

De vlag voor de gezamenlijke defensiemacht is wit en heeft aan de broekingszijde een gekroond schild met drie gekruiste zwaarden in rood, symbool voor de drie koninklijke dynastieën die Tonga heeft gekend.
De douanevlag is een horizontale tweekleur in blauw-wit met in het kanton de verkleinde vlag van Tonga. In de witte baan de kapitalen H.M.C. (His Majesty’s Customs).

Links: Koninklijke Standaard van Tonga / Rechts: Koning ‘Aho’eitu Tupou VI (publiek domein)

Zoals dat in koninkrijken gebruikelijk is er ook een koninklijke standaard. De huidige koning van Tonga is ʻAhoʻeitu Tupou VI, doorgaans aangeduid onder zijn verkorte naam Tupou VI.

Panama – Día de la Separación / Dag van de Scheiding (1903)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Op 28 november 1821 verkreeg het noordwestelijke deel van Zuid-Amerika, inclusief het tegenwoordige Panama, de onafhankelijkheid van Spanje. Dit gebiedsdeel, de republiek Gran Colombia, bestond uit de huidige landen Colombia, Venezuela, Ecuador, het noorden van Peru, het westen van Guyana, het noordwesten van Brazilië en, zoals gezegd, Panama.

Tussen 1899 en 1902 werd in Gran Colombia een oorlog uitgevochten, de zogenaamde Guerra de los Mil Días  (De 1000-daagse Oorlog), een confrontatie tussen de liberale en conservatieve partijen. Het zorgde voor onrust en aspiraties voor onafhankelijkheid in het Panamese deel van de republiek.

Toen de Verenigde Staten in 1903 een overeenkomst sloten over het graven van een kanaal door Panama, in het zogeheten Hay-Herrán Verdrag, en het congres van Gran Colombia dit vervolgens unaniem verwierp, waren de rapen gaar. De Amerikanen verleenden vervolgens openlijk steun aan de onafhankelijkheidsbeweging. Op 3 november 1903 werd de onafhankelijkheid uitgeroepen. De Colombianen stuurden vervolgens troepen om de Panamezen tot de orde te roepen. Dit liep, mede door tussenkomst van de Amerikanen in de havenstad Colón, waar de troepen zich ontscheepten, op een fiasco uit.

Kaart van Panama (© freeworldmaps.net)

De Amerikanen erkenden de nieuwe onafhankelijke staat Panama op 13 november en Frankrijk volgde een dag later, vlak daarna gevolg door 15 andere landen. Er was geen weg terug meer en er waren geen beletsels meer voor het graven van het Panama-Kanaal.

Kaart van Panama uit 1904, met dwarsdoorsnede van het Panamakanaal (© The American Company, 1904)

De vlag

Vlag van Panama (1904-heden)

De vlag is officieel ingevoerd op 4 juni 1904 en de kleurenkeus, rood, blauw en wit is geënt op die van de Amerikaanse vlag, de grote helpers bij het verkrijgen van de onafhankelijkheid. Tevens staan ze voor de twee politieke partijen: rood = liberaal, blauw = conservatief. Het wit staat voor de samenwerking tussen de partijen.

De vlag is in vier kwartieren gedeeld: 1e kwartier, de top van de broekingszijde, is wit met een blauwe ster (reinheid en eerlijkheid), 4e kwartier, de onderkant van de vlucht, is wit met een rode ster (gezag en wet). Het 2e en 3e kwartier, de top van de vlucht en de onderkant van de broekingszijde, worden ingenomen door respectievelijk een rood en een blauw vlak, met de betekenis zoals hierboven geschetst.

Er ging nogal wat aan de invoering van de vlag vooraf. Een eerste ontwerp voor een vlag stamt uit 1903, nog vóór de onafhankelijkheidsdag.
Eén van de ingenieurs die zich bezighield met de voorbereidingen voor het graven van het Panamakanaal was de Fransman Philippe Bunau-Varilla. Hij hield zich niet bepaald bij zijn leest, want hij ondernam ook pogingen om een Panamese Grondwet te schrijven. Zijn vrouw, Ida de Brunhoff, liet hij een vlag ontwerpen.

Links: Ida Bunau-Varilla-de Brunhoff (1859-1948) (publiek domein) / Rechts: María de la Ossa Amador-Escobar (1855-1948) (publiek domein)

Haar ontwerp was gebaseerd op de Amerikaanse vlag. Zo nam ze de 13 strepen over, waarbij de witte strepen geel werden. Rood en geel werden gekozen omdat die kleuren ook prominent aanwezig waren (en zijn) in de vlaggen van Colombia en Spanje.
De witte sterren in het blauwe kanton werden vervangen door twee met elkaar verbonden gele zonnen. Deze zonnen stonden symbool voor Noord- en Zuid-Amerika, terwijl het verbindingsstuk, Panama’s (en Midden-Amerika’s) verbindende landmassa symboliseerde.
Het ontwerp vond echter geen genade bij de revolutionaire machthebbers.

Links: Ontwerp voor de Panamese vlag van Ida de Brunhoff (1903) / Rechts: Eerste versie van de huidige Panamese vlag, waarbij de kwartieren anders zijn gerangschikt (1903)

Het eerste model van de huidige vlag werd ook in 1903 ontworpen en wel door aankomend president Manuel Amador Guerrero. Zijn zoon, Manuel Encarnación Amador, tekende de vlag.

Links: Manuel Amador Guerrero (1833-1909) (publiek domein) / Rechts: Manuel Encarnación Amador Terreros (1869-1952) (publiek domein)

Hij ging er vervolgens mee naar zijn moeder, María de la Ossa de Amador met de vraag of zij de vlag kon naaien. Ze kocht rode, witte en blauwe stof en riep de hulp in van haar schoonzuster Angélica Bergamonta de la Ossa en nichtje María Emilia de la Ossa Bergamonta.
Alle drie de vrouwen produceerden zo een vlag, zodat deze op 3 november 1903, de Onafhankelijkheidsdag, in Panama City te zien waren.
Op deze eerste vlaggen waren de vier kwartieren anders gerangschikt. Eind 1903 werd definitief gekozen voor de versie die we nu nog kennen, waarna ze op 4 juni 1904 wettelijk werd vastgesteld.

Dominicaanse Republiek – Día de la Constitución / Grondwetdag (1844)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Een officiële feestdag in de Dominicaanse Republiek, gelegen op het eiland Hispaniola, wat het met Haïti deelt.
Hoewel deze dag refereert aan de invoering van de Grondwet op 6 november 1844, de dag dat het land z’n onafhankelijkheid verkreeg, wordt deze nationale dag meestal niet op 6 november gevierd.
Om de Dominicanen een lang weekend van drie dagen te geven, wordt de Día de la Constitución altijd op de maandag gevierd die het dichtst bij die 6e november ligt.
En vandaag is dat dus de 3e november.

Kaart van het eiland Hispaniola (oorspronkelijk La Española) uit 1858, het eiland als geheel stond ook bekend als Santo Domingo (tevens de naam van de Dominicaanse hoofdstad), de inzet onderin de kaart toont de plattegrond van die stad (kaart door Sir Robert Hermann Schomburgk (1804-1865) / publiek domein)

Wat die Grondwet zelf betreft: sinds 1844 zijn er niet minder dan 39 versies van geweest, maar daar moet dan wel meteen bij aangetekend worden dat het bij de meeste wijzigingen vaak om kleine aanpassingen ging.

De eerste Grondwet van de Dominicaanse Republiek werd in 1844 ondertekend in San Cristóbal (publiek domein)

Van 1844 tot nu wisselde de politieke kleur van de verschillende regeringen nogal eens: van min of meer democratisch tot autoritair, wat deze wijzigingen veroorzaakte.

Affiche voor de Dominicaanse Grondwetdag (publiek domein)

Veel verontwaardiging was er in binnen- en buitenland bij de wijzigingen van 2010 onder president Leonel Fernández, Tegenstanders de Grondwet noemden de nieuwe Grondwet onrechtvaardig en een stap achteruit voor wat betreft het waarborgen van de mensenrechten in het land, vooral jegens vrouwen en homoseksuelen. Verboden op het homohuwelijk en abortus werden ingevoerd op aandringen van de rooms-katholieke kerk (waartoe 89% van de Dominicanen zich toe rekent) en evangelische christenen.

Een monument op de Plaza de la Constitución de la República Dominicana in de kustplaats San Cristóbal, herinnert aan het invoeren van de Grondwet in 1844 (fotograaf onbekend)

De laatste Grondwetswijziging dateert van 13 juni 2015.

Kaart van de Dominicaanse Republiek (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van de Dominicaanse Republiek (1863-heden)

De vlag van de Dominicaanse Republiek bestaat uit een liggend wit kruis, de vier daardoor ontstane vlakken hebben de kleuren blauw en rood, beide diagonaal ten opzichte van elkaar: het blauw bovenaan de mastzijde en onderin aan het uitwaaiend gedeelte, voor het rood precies andersom.
In het midden van het witte kruis zien we het Dominicaanse staatswapen.
De burgerbevolking gebruikt veelal de civiele versie van deze vlag, zonder het wapen (zie hieronder).

Civiele versie van de Dominicaanse vlag

De kleuren hebben de volgende symbolische betekenis: rood voor “het bloed van de helden” (de strijd tegen de Haïtianen en Spanjaarden), blauw voor vrijheid en wit voor verlossing.

Juan Pablo Duarte (1813-1876) op een bankbiljet van 1 peso, in roulatie tussen 1947 en 1955 (© Banco Central de la República Dominicana)

De vlag is een ontwerp van een van de voorvechters voor de Dominicaanse onafhankelijkheid, Juan Pablo Duarte, die ook bekend staat als Padre de la Patria (Vader des Vaderlands).
Hoewel de vlag officieel werd ingevoerd op 6 november 1863, komt ze eigenlijk voort uit de eerdere vlag die de Dominicanen gebruikten tijdens de Eerste Republiek (zie artikel hierboven) tussen 1844 en 1861.

Vlag van de Eerste Republiek van de Dominicanen (1844-1861)

Die vlag zien we hierboven: het enige verschil is dat beide blauwe vlakken bovenin zijn geplaatst en de rode onderin.
In de korte periode (1861-1865) waarin de Spanjaarden opnieuw bezit hadden genomen van de Dominicaanse Republiek, had het land (toen tijdelijk een Spaanse provincie met als naam Santo Domingo) een totaal andere vlag.

Vlag tijdens de Spaanse bezetting (1861-1865), als de provincie Santo Domingo. met onderin het wapen het motto “Muy leal, muy noble” (“Zeer loyaal, zeer nobel”), loyaal zouden de Dominicanen zeker niet zijn, nog tijdens de inmiddels tanende Spaanse bezetting werd in 1863 de onafhankelijkheid opnieuw uitgeroepen en de nieuwe vlag ingevoerd

Het wapen

Tot slot kijken we nog even naar het staatswapen dat op de vlag is afgebeeld, hieronder kunnen we het in meer detail zien:

Het wapen werd op 6 november 1844 ingevoerd en stamt dus nog uit de tijd van de Eerste Republiek en is tussen toen en nu inmiddels meer dan twintig keer op onderdelen gewijzigd, hoewel het in basis min of meer hetzelfde bleef.
Centraal zien we het hier als achtergrond dienende schild dat dezelfde kleuren als de vlag heeft. Eroverheen zien we zes gouden speren, drie links, drie rechts, waarbij de de vier voorste speren tevens als vlaggenstokken dienen voor evenzoveel Dominicaanse vlaggen die naar beneden hangen en in in het midden bijeengebonden zijn.
Over die onzichtbare knoop heen ligt een bij het evangelie van Johannes 8:31-32, opengeslagen Bijbel, met daarboven een gouden kruis.

Het schild wordt omringd door een lauriertak links en een palmtak rechts, die onderin zijn samengebonden door middel van een rode strik.
Boven het schild zien we een blauwe banderol met het nationale motto in gouden kapitalen: DIOS PATRIA LIBERTAD (GOD VADERLAND VRIJHEID).
Het geheel wordt onderin gecomplementeerd door een rode banderol waarop in eveneens gouden kapitalen de naam van het land in het Spaans: REPUBLICA DOMINICANA.

Westkapelle – Bevrijding van Westkapelle (1944)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

kaart toen met namen
Zeeland in 1944, goed te zien is dat de enige toegang tot Antwerpen dwars door Nederlands grondgebied gaat: de Westerschelde (© etcetera.plus)

De militaire landingen die in de vroege ochtend van 1 november 1944 op Walcheren plaatsvonden, dit jaar 81 jaar geleden, waren onderdeel van de Operation Infatuate (Operatie Infiltratie), die tot doel hadden de militair zeer belangrijke Westerschelde in handen te krijgen, zodat de grote haven van het reeds bevrijde Antwerpen toegankelijk werd voor de geallieerden.

uncle beach 02 landing
Links: Vertrek van geallieerde troepen vanuit de haven van Breskens, met op de achtergrond Vlissingen (screenshot) / Rechts: Landing op het Slijkstrand in Vlissingen (© NIOD)

Daartoe diende dus het zuidelijke deel van Zeeland (Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren en Zuid-Beveland) bevrijd te worden, wat uiteindelijk ook lukte. Daarmee waren beide oevers van de Westerschelde in geallieerde handen.

uncle beach 03 strand
Links: Operation Infatuate in volle gang: landing in Vlissingen  (screenshot) / Rechts: Idem, op de achtergrond de Oranjemolen (© Zeeuws Maritiem MuZEEum)
uncle beach 04 strand
Links: Landingen op het Slikstrand bij de Oranjemolen / Rechts: Zicht vanaf Uncle Beach naar het oosten: Brits mortiervuur richting het Groot Arsenaal (rechts ervan), verder naar rechts het begin van de bebouwing van woonwijk Het Eiland (publiek domein)

Een deel van de gesneuvelde militairen viel op Uncle Beach, een ander deel bij gevechten bij de Oranjemolen en tijdens de drie dagen durende guerilla-oorlog in de Vlissingse binnenstad en op de zee-boulevards. Op 3 november was Vlissingen bevrijd, waarna onmiddellijk werd begonnen de zo belangrijke vaarweg van mijnen te ontdoen. Op 28 november liep het eerste konvooi de haven van Antwerpen binnen.

uncle beach 06 soldaat
Links: Verder de stad in: een soldaat nadert over de Nieuwendijk het Keizersbolwerk met het standbeeld van admiraal Michiel de Ruyter (screenshot) / Rechts: Noodbegraafplaats achter de zeedijk bij het Slikstrand/Slikhaventje, voor het grootste deel zijn deze gesneuvelde militairen later herbegraven in Bergen op Zoom, op het British Commonwealth War Grave Cemetery en de ernaast gelegen Canadian War Cemetery (© oorlogsjarenvlissingen.nl)

Op 30 augustus 2019 werd bij Uncle Beach het Namenmonument onthuld. Het is een ontwerp van de Vlissingse kunstenaar Hans Bommeljé (1958). De Stichting Oorlogsjaren in Vlissingen bracht het benodigde geld bijeen via donaties en sympathisanten.

Om even bij deze 1e november te blijven: net als bij Vlissingen vonden bij Westkapelle geallieerde landingen plaats. Vandaag is het 81 jaar geleden dat de stad door de bondgenoten werd bevrijd en waarmee voor de geteisterde bevolking het einde van de Tweede Wereldoorlog aanbrak.
Een maand ervoor, op 3 oktober 1944, werd de zeedijk aan de zuidkant van Westkapelle door Britse bommenwerpers verwoest, waardoor het zeewater de stad en het (schier)eiland instroomde. Deze inundatie was bedoeld om de Duitse bezetter sneller te kunnen verslaan. Het bombardement zelf zorgde er voor dat Westkapelle zowat van de kaart werd geveegd en 180 inwoners vonden de dood.

Westkapelle gat zeedijk.jpg
Het gat in de Westkapelse zeedijk (publiek domein)

Zoals gezegd: op 1 november kwamen de geallieerden in landingsvoertuigen aan land, na hevige vuurgevechten over en weer. Westkapelle, of wat er nog van over was, was toen op zes inwoners na, verlaten: de rest van de bevolking was inmiddels geëvacueerd. In oktober 1945 werd het gat in de dijk definitief gedicht.

Westkapelle inname 1944.jpg
1 november 1944: Duitse krijgsgevangenen in de Zuidstraat in Westkapelle, op de achtergrond de vuurtoren (publiek domein)

Naast Westkapelle werden vandaag 79 jaar geleden ook Domburg, Aagtekerke, Grijpskerke en Noord-Beveland (behalve Wissenkerke) bevrijd. In Zeeuws-Vlaanderen viel Sluis in geallieerde handen.

De vlag

Vlag van Westkapelle (1969-heden)

De vlag van Westkapelle is een verticale driekleur van blauw-wit-geel, met een burcht over de scheidslijn van het blauw en het wit, over diezelfde scheidslijn gehalveerd in geel en blauw.
De burcht is een brede toren met een geopende poort, met een smallere toren daarboven, beiden zijn voorzien van drie kantelen.
Zowel de kleuren als de burcht zijn afkomstig uit het wapen van Westkapelle.

Vergetelheid

De vlag werd op 10 februari 1969, na raadpleging met de Stichting voor Banistiek en Vlaggenkunde, door de gemeenteraad van Westkapelle middels een raadsbesluit vastgesteld.
De officiële beschrijving luidt: Drie banen van blauw, wit en prinsengeel, evenwijdig aan de vlaggenstok, met op de snijlijn van blauw en wit (ter hoogte van 4/5 van de vlaghoogte) een burcht uit het gemeentewapen, geel op blauw, en blauw op wit van kleur’.

De officiële beschrijving van de vlag van Westkapelle, zoals te vinden in het archief van de Hoge Raad van Adel

De vlag raakte echter nooit echt ‘ingeburgerd’ en zo kon het gebeuren dat de driekleur in de vergetelheid terechtkwam.
Na de gemeentelijke herindeling van 1997, waarbij Westkapelle onderdeel van de Gemeente Veere werd, was de vlag inmiddels kennelijk uit het collectief geheugen verdwenen.

Een nieuwe vlag

vlag westkapelle
Fantasievlag van Westkapelle

Ergens rond de eeuwwisseling moet iemand -wie vermeldt de historie niet- bedacht hebben, dat Westkapelle toch eigenlijk een eigen vlag diende te krijgen (hoewel die dus al bestond).
In een uitgave van de Veersekrant werd vervolgens een oproep geplaatst dat bij “voldoende inschrijvingen tegen een gereduceerde prijs een officiële vlag van de gemeentekern” besteld kon worden. De getoonde vlag was zwart met het gekroonde stadswapen in het midden met de naam WESTKAPELLE in kapitalen op het terras (het gele vlak onder de drie torens).

Waar kwam deze vlag nu vandaan? Willeboord Verhulst, destijds secretaris van de dorpsraad, liet mij daar in 2019 het volgende over weten: “Iemand heeft een afbeelding van het wapen van Westkapelle van het internet gedownload en gekopieerd naar een Worddocument. Bij deze actie kwam het wapen automatisch in het midden van de pagina te staan en werd de achtergrond automatisch donkergrijs gekleurd”, wat in het uiteindelijke ontwerp dus zwart werd.
De vlag was dus een fantasievlag, ontsproten aan de geest van een creatieve inwoner.

Onofficieel

Bij de dorpsraad werd er vervolgens een verzoek ingediend om dit ontwerp de officiële vlag te maken. Hierop werd negatief gereageerd omdat het absoluut niet aan de eisen van de heraldiek voldeed en doordat Westkapelle geen zelfstandige gemeente (stad) meer was en dus de aanvraag bij voorbaat al afgewezen zou worden.

Dat hield productie van de vlag echter niet tegen: officieel of niet, hij kwam in de verkoop en werd o.a. verkocht in Het Polderhuis, het uiterst populaire museum van Westkapelle.

Grote verrassing in 2021, toen iemand van Museum Het Polderhuis in de geschiedenis dook en er achter kwam dat er wel degelijk een officiële vlag van Westkapelle bestond. Daarmee verdween de zwarte fantasievlag geruisloos van het toneel en werd de officiële in productie genomen. De ‘nieuwe oude’ vlag is na ruim 50 jaar nu wél omarmd en is in het Westkapelse straatbeeld te zien.
Opvallend verschil met de officiële beschrijving door de Hoge Raad van Adel is de stilering van de burcht: er zijn minder kantelen, het venster is verdwenen en het gele vlak in de poort is bij de witte baan getrokken.

Wapen

Dan komen we bij het wapen wat zowel de basis vormt voor de officiële vlag als voor de latere fantasievlag. Het stadswapen (historisch gezien is Westkapelle een stad) is officieel vastgesteld en wel op 31 juli 1817. Het Besluit van de Hoge Raad van Adel luidt: Lazuur, beladen met drie burgten van zilver, waarvan het bovenste deel van goud, staande op een terras van goud. Het schild gedekt met een kroon van goud met elf paarlen.

westkapelle01
Links: Wapen van Westkapelle / Rechts: Westkapelle, gelegen op de Westkaap van Walcheren in 1999 (fotograaf onbekend)

Het wapen is heraldisch niet helemaal juist, omdat twee kleuren die niet bij elkaar gebruikt horen te worden (de metalen goud en zilver) hier verenigd zijn (dit wordt wel een zogenaamd raadselwapen genoemd). Desalniettemin heeft de Hoge Raad van Adel er verder niet over gezeurd en het goedgekeurd. Alsof al die controverses nog niet genoeg zijn: de betekenis van de drie burchten staat ook niet vast. Volgens vlaggendeskundige Klaes Sierksma (1918-2007) zou het wapen gevormd zijn na de vondst van een Romeinse grafsteen, waarna de legende ontstond dat hier een tempel gestaan had. (Nederlands vlaggenboek, 1962).
J.C. de Man verhaalt in 1901 dat Westkapelle drie maal verplaatst is: het eerste is verdronken, het tweede in 1377 verwoest en afgebroken en het derde is de stad die we nu nog kennen. Vandaar de drie burchten.

Controverse genoeg dus, zeker als je bedenkt dat stadszegels uit de 16e en 17e eeuw niet erg lijken op dat wat we nu zien. Die uit de 16e eeuw laat een gesloten stadspoort zien met drie torens met een ster boven iedere toren. Die uit de 17e eeuw een stadspoort met drie openingen met daarboven een puntdak met daarop een kruis.

Dit alles maakt het ook wel weer leuk natuurlijk: voer voor discussies!

Met dank aan Willeboord Verhulst en Jan Roelse

Antigua en Barbuda – Independence Day / Onafhankelijkheidsdag (1981)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Vandaag is een officiële feestdag in Antigua en Barbuda, de 43e verjaardag van de twee eilanden als onafhankelijk land.

Kaart van Antigua en Barbuda, op de inzet de locatie van de eilanden in het Caribisch gebied (© freeworldmaps.net)

Antigua en Barbuda is een onafhankelijke eilandstaat in het Caribisch gebied en bestaat uit de twee hoofdeilanden Antigua (in het zuiden) en Barbuda (in het noorden).
Daarnaast behoren ook acht kleine eilanden tot het land: Great Bird Island, Green Island, Guiana Island, Long Island, Maiden Island, Prickley Pear Island, York Island en Redonda.

Het bijna 300 m hoge Redonda in 2023 (© Addshore / publiek domein)

De eilanden zijn onderdeel van de Bovenwindse Eilanden, waartoe ook de Nederlandse eilanden Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba behoren.

Antigua op een kaart uit 1829 door cartograaf J. Johnson (publiek domein)

‘Ontdekking’

Antigua en Barbuda waren al bewoond toen Columbus in 1493 Antigua ‘ontdekte’. Hoewel het eiland al een naam had (Waladli) gaf hij het de naam Antigua, naar een kerk in het Spaanse Valladolid, Santa María la Antigua genaamd. De naam Waladli bleef echter ook in gebruik en wordt op het eiland nog steeds gebezigd.
Barbuda heette oorspronkelijk WaO’moni en werd eveneens door Spaanse ontdekkingsreizigers bezocht.

Kaart van Barbuda uit 1813 door Capt. Deckar, R. N., Hydrographical Office -PRO, CO 700, MP/8 Antigua X/ 04800 / publiek domein)

In 1628 bezocht de Engelsman John Littleton het latere Barbuda, die het eiland zo mooi vond, dat hij het La Dulcina (De Zoete) doopte.
Hij hoopte het eiland te koloniseren, maar de oorspronkelijke bewoners (de Cariben), waren hier echter niet van gediend en joegen hem het eiland af.
Net als de rest van het Caribisch gebied viel aan kolonisering echter niet te ontkomen: Antigua werd vanaf 1632 gekoloniseerd door Engeland en Barbuda volgde in 1678.

Afrikaanse slaven bereiden het planten van suikerriet voor op een plantage in het noordwesten van Antigua, aquatint uit 1823 door William Clark (Collectie British Library / publiek domein)

Op Antigua werden in eerste instantie tabaksplantages aangelegd, maar vanaf 1650 werd de tabak verdrongen door suikerriet.
Vanaf 1640 werden er Afrikaans slaven ‘ingevoerd’ om op de plantages te werken.
Het aantal suikerrietplantages nam verder toe, in 1745 waren er bijvoorbeeld maar liefst 160, waar 28.000 slaven op te werk waren gesteld.

Aquatint uit 1823 getiteld “Shipping sugar”, laat zien hoe de suikerriet in grote tonnen werd aangevoerd om verscheept te worden naar Europa, afkomstig uit “Ten views in the island of Antigua, in which are represented the process of sugar making, and the employment of the Negroes”, uitgave Thomas Clay, London, 1823 (publiek domein)

Barbuda kende een andere geschiedenis: vanaf 1685 werd het door de familie Codrington gehuurd van de Britse Kroon. De ‘huur’ bedroeg één vet schaap of varken per jaar.

De Codrington-lagune (voorheen Salt Pond genoemd) op Barbuda met rechts de enige plaats op het eiland, eveneens Codrington genaamd (fotograaf onbekend)

Slavernij werd in het Britse imperium afgeschaft in 1834.
Saint John’s, de tweede nederzetting op Antigua (1688), werd in 1842 de hoofdstad.
Tussen 1847 en 1852 vestigden zich zo’n 1.500 Portugezen op Antigua. Het merendeel van hen was afkomstig van het eiland Madeira waar in die periode een economische crisis heerste, met hongersnood tot gevolg.
Toen in 1890 de suikeroogst mislukte, betekende dat het einde van de plantages.

Saint John’s de hoofdstad van Antigua en Barbuda (fotograaf onbekend)

Pas in de Tweede Wereldoorlog begon Antigua economisch op te krabbelen, nadat de Verenigde Staten een vlieg- en marinebasis aanlegden, voor de verdediging van het Panamakanaal tegen eventuele Duitse onderzeeërs.
Vanaf de jaren ’60 van de vorige eeuw begonnen Antigua en Barbuda ook te profiteren van het opkomend toerisme.

Het opkomend toerisme zorgde voor een opleving in de economie van Antigua en Barbuda (publiek domein)

Onafhankelijk

Als opstapje naar onafhankelijkheid kregen Antigua en Barbuda op 27 februari 1967 de status van geassocieerde staat van het Verenigd Koninkrijk, op 1 november 1968 gevolgd door de volledige onafhankelijkheid.

Prinses Margaret, die de honneurs waarnam voor haar zuster koningin Elizabeth, was aanwezig bij de onafhankelijkheidsdag van Antigua en Barbuda op 1 november 1968, rechts de eerste premier van het land, Sir Vere Bird (1909-1999) (screenshot)

De banden met het Verenigd Koninkrijk werden niet geheel en al doorgesneden, het land trad toe tot het Britse Gemenebest en ook bleef koningin Elizabeth II in naam het staatshoofd, na haar dood in 2022 opgevolgd door haar zoon Charles. Dat betekent dat het V.K. ook een gouverneur-generaal op Antigua heeft.
Gaston Browne is sinds 13 juni 2014 de vierde premier van Antigua en Barbuda.

Gaston Browne (1967), premier van Antigua en Barbuda sinds 2014 (publiek domein)

Antigua heeft zo’n 96.000 inwoners, Barbuda slechts ruim 1.600, waarmee het een van de dunbevolkste eilanden in het Caribisch gebied is.
In september 2017 verwoestte de categorie 5-orkaan Irma (die ook op Sint Maarten danig huishield) meer dan 90% van de gebouwen op Barbuda, waarna de gehele bevolking werd geëvacueerd naar Antigua. In februari 2019 waren de meeste bewoners teruggekeerd naar hun eiland.

De vlag

Vlag van Antigua en Barbuda (1967-heden)

De vlag van Antigua en Barbuda kwam er na een ontwerpwedstrijd in 1966 in aanloop naar het verkrijgen van de status van geassocieerde staat van het Verenigd Koninkrijk op 27 februari 1967
Ruim 600 mensen stuurden hun ontwerp in. Winnaar was de regionaal bekende kunstenaar en beeldhouwer Sir Reginald Samuel.

Reginald Samuel, ontwerper van de vlag van Antigua en Barbuda, legt de laatste hand aan zijn ontwerp (fotograaf onbekend)

De vlag bestaat uit een rood veld met een gelijkbenige driehoek met de punt naar beneden. Deze driehoek is horizontaal in drieën verdeeld in de kleuren zwart, blauw en wit.
Vanuit de blauwe balk is een gele opgaande zon op het zwarte vlak afgebeeld, met zeven hele en twee halve punten.

De opkomende zon staat symbool voor het aanbreken van een nieuw tijdperk.
De kleuren hebben verschillende betekenissen: rood staat voor energie en het leven van de mensen, het zwart voor de Afrikaanse afkomst van een deel van het volk, blauw voor hoop.
De kleuren zwart, geel, blauw en wit staan ook voor de bodem, de zon, de Caribische Zee en het zand.
De V-vorm is het symbool van de overwinning. De zeven punten van de zon vertegenwoordigen elk van de zes parochies op Antigua plus het eiland Barbuda.

Vlag kustwacht

De vlag van de kustwacht van Antigua en Barbados is een combinatie van twee vlaggen.
Als basis dient de vlag van Engeland (dat ook bekend staat als de ‘white ensign’: een wit veld met een rood St. Joriskruis, het complete kanton wordt echter ingenomen door de nationale vlag van Antigua en Barbuda.

Vlag van de kustwacht van Antigua en Barbuda

Vlag van Barbuda

Dat Barbuda zich als “klein broertje” nogal eens stiefmoederlijk behandeld voelt door het belangrijkere Antigua, is niet geheel onverwacht.
Het heeft ertoe geleid dat het eiland zich wilde onderscheiden met een eigen eilandvlag.

Vlag van Barbuda (1997-heden)

De vlag stamt uit 1997 en is een ontwerp van Hakim Akbar en Darlene Beazer, waarbij de blauwe balk in 2018 werd toegevoegd.
Het veld is horizontaal verdeeld: rood boven en groen onder, van elkaar gescheiden door een blauwe balk.
In het midden er overheen een gele cirkel (de zon) met daar overheen een zwarte mannelijke fregatvogel (Fregatidae) met een rode keelzak.

Een mannelijke fregatvogel (Fregatidae) met rode keelzak (fotograaf onbekend)

Het symbolisme van de kleuren: rood staat voor de passie, kracht en de liefde voor het eiland, groen voor de groei ervan, blauw staat voor de Caribische Zee die voedt en ondersteunt, tevens symbool voor de rust op het eiland.
Het geel van de rijzende zon staat voor hoop, de fregatvogel voor de vastberadenheid en vrijheid van de Barbudanen.

Vlag van de Barbuda Island Council

De vlag van de Barbuda Island Council is vrijwel gelijk aan die van het eiland, maar zonder de blauwe balk en een iets ander ontwerp van de fregatvogel.

Vlag van de Barbuda Island Council

Dat de fregatvogels van elkaar verschillen heeft waarschijnlijk geen andere reden dan dat de vlag geen specifieke specificaties heeft, waardoor vaak variaties ontstaan.

Foto uit 2020, waar de vlag van de Barbuda Island Council op te zien is, (foto gemaakt tijdens de begrafenis van Sir Thomas Hilbourne Frank (1931-2020), voormalig raadsvoorzitter van de Barbuda Island Council (fotograaf onbekend)

Vlag van de gouverneur-generaal

Vlag van de gouverneur-generaal van Antigua en Barbuda (2023-heden)

De vlag van de gouverneur-generaal van Antigua en Barbuda is koningsblauw met een Tudor-kroon, waarboven een Britse gekroonde en ‘gaande’ leeuw, de blik naar de toeschouwer,
Onder de kroon een gele banderol met in kapitalen ANTIGUA AND BARBUDA.
Een eerdere versie van de vlag had tot 2023 dezelfde afbeelding, maar dan met een andere kroon, nl. de Britse kroningskroon, St. Edward’s crown.
De huidige gouverneur-generaal is de van Antigua afkomstige Sir Rodney Williams.

Eén van de ceremoniële taken van de gouverneur-generaal is het uitspreken van de jaarlijkse troonrede (screenshot)