Alle berichten door Rob Bertijn

Palau – Constitution Day / Grondwetdag (1981)

Vandaag wordt in Palau gevierd dat op 9 juli 1981 de grondwet werd aangenomen, nadat de eilandstaat op 1 januari hetzelfde jaar onafhankelijk was geworden.

Van veel Stille Zuidzee-eilandengroepen weten de meesten onder ons niet precies waar ze liggen. Heel gek is dat natuurlijk niet, gezien de vaak kleine totaal-oppervlaktes van de archipels in de gigantische Stille Oceaan.
Palau ligt aan de zuidwestkant van de oceaan, ten zuidoosten van de Filipijnen en ten noordwesten van Nieuw-Guinea.

Palau locatie map
Locatie van Palau op de kaart (© wherenig.com)

Om het nog wat ingewikkelder te maken: de ongeveer 340 eilanden waaruit Palau bestaat, zijn onderdeel van een veel grotere eilandengroep, die bekend staat onder de naam Carolinen. Palau vormt het westelijke deel van de Carolinen, terwijl de ‘buurstaat’ Micronesië het centrale en oostelijke deel van deze archipel inneemt.

Palau map
Kaart van de Palau-archipel (© ontheworldmap.com)

Capitanía de las Filipinas & Duits-Nieuw-Guinea

Een korte historie is wel op zijn plaats. Na eeuwenlang met rust te zijn gelaten, werden de eilanden na de verovering van de Filipijnen door de Spanjaarden in 1565 ingelijfd als onderdeel van deze kolonie, onder de naam Capitanía General de las Filipinas. In 1899 werd de Palau-archipel, samen met andere archipels in de regio door Spanje verkocht aan Duitsland, waarmee het tot 1914 onderdeel werd van Duits-Nieuw-Guinea.

palau-1
V.l.n.r.: de vlaggen van de Capitanía General de las Filipinas, Duits-Nieuw-Guinea en de marine- en oorlogsvlag van Japan

Duitsland raakte na het einde van de Eerste Wereldoorlog zijn koloniën kwijt. Tot 1919 werd Palau bezet door de Japanse marine. Vanaf dat jaar bleven de eilanden onder Japans bestuur, maar wel onder toezicht van de Volkerenbond (de voorloper van de Verenigde Naties) in het zogeheten South Pacific Mandate. Naast de Palau-archipel betrof dit ook de Noordelijke Marianen, Micronesië en de Marshalleilanden.

palau-2
V.l.n.r.: de vlaggen van de South Pacific Mandate, de Verenigde Staten en de Trust Territory of the Pacific Islands

Met de Tweede Wereldoorlog ging Japan na zijn aanval op marinebasis Pearl Harbor in Hawaii over tot verovering van verschillende Pacifische eilanden, waaronder Kiribati, Guam, Nauru en Wake Island. Na het verslaan van Japan in de Pacifische Oorlog kwam Palau van 1944 tot 1947 onder Amerikaanse bezetting.

Trust Territory of the Pacific Islands

Vanaf 1947 tot de onafhankelijkheid in 1981 kwam Palau met zijn ‘buren’ opnieuw onder de paraplu van de Verenigde Naties met de Trust Territory of the Pacific Islands, vergelijkbaar met de situatie tussen de twee wereldoorlogen, maar nu onder leiding van de Verenigde Staten.

Palau Capitool
Het Capitool van Palau (2006) in de administratieve hoofdstad Ngerulmud (© palauhelicopters.com)

Federated States of Micronesia

In 1979 ‘fuseerden’ vier van de Micronesische districten (Yep, Chuuk, Pohnpei en Kosrae) onder de naam Federated States of Micronesia (Federale Staten van Micronesië), de opmaat naar onafhankelijkheid in 1986De Marshalleilanden en Palau hadden het jaar daarvoor al te kennen gegeven op termijn onafhankelijke staten te willen worden. De Marshalleilanden bereikten die status in 1986 en Palau in 1981. Al deze eilanden deden dat in een vrije associatie met de Verenigde Staten. Dit land zorgt voor de defensie, financiering en sociale diensten.

De gebieden die een vrije associatie met de V.S. aangingen, met links in het westen Palau (© U.S. Accountibility Office)

Compact of Association

Daarmee was Palau de facto onafhankelijk, maar de ‘vrije associatie” met de V.S. hield wel in dat de Amerikanen in ruil voor honderden miljoenen aan schadevergoeding militaire bases kon blijven gebruiken waarop ook nucleaire wapens konden worden geplaatst als de V.S. zijn bases op de Filipijnen zou kwijtraken.
De Palauers waren hier geen voorstander van en hoopten dat het nooit   tot plaatsing zou komen. Het zat de eilanders mee: met het einde van de Koude Oorlog in 1991 kwam het nooit tot daadwerkelijke plaatsing.
Uiteindelijk werd de overeenkomst, de zogenaamde Compact of Association zodanig gewijzigd dat de Amerikaanse militaire zeggenschap terug werd gebracht naar eenderde van het grondgebied, waarna Palau van de Verenigde Staten officieel toestemming kreeg om nu echt onafhankelijk te worden. Dat gebeurde uiteindelijk op 1 oktober 1994.

Postzegelblok uitgegeven n.a.v. de definitieve onafhankelijkheid in 1994, in het midden zien we president Kuniwo Nakamura (1943-2020) van Palau samen met president Bill Clinton (1946) van de Verenigde Staten, onderaan staat de bladmuziek van het Palause volkslied “Balau rekid” (op het blok verkeerd gespeld als “Balau er kid”), wat zoveel betekent als “Ons Palau” (auteur onbekend), op muziek van Ymesei O. Ezekiel (1926-1984), ingevoerd in 1980 (ontwerp: Karl Tanner) (© Republic of Palau Postal Service)

De vlag

Vlag van Palau (1980-heden)

Met de onafhankelijkheid in het vooruitzicht, leek het de autoriteiten in 1979 een goed idee een ontwerpwedstrijd voor een eigen vlag te organiseren. Dat leverde ruim 430 inzendingen op (sommige bronnen spreken van ruim 1000 inzendingen, andere over slechts 20!). De vlag die we hierboven zien was echter niet de winnaar van de wedstrijd, maar de nummer twee! Het winnende ontwerp (waarvan ik na lang spitten niet één afbeelding ben tegengekomen!) was dat van een blauw veld met daarop een traditionele bijl in geel in een rode cirkel met daaromheen zestien witte sterren. De witte sterren stonden voor de zestien gemeentes die Palau telde (sinds 1984 zijn dat ‘staten’).

Koror, de voormalige hoofdstad van Palau en grootste stad van het land, deels op het gelijknamige eiland gelegen en tevens is het de naam van een van de zestien staten (fotograaf onbekend)

De reden om uiteindelijk toch voor de nummer twee te kiezen zou zijn geweest dat dit ontwerp eenvoudiger was. Hoe het ook zij: vanaf 18 september 1980 werd deze vlag bij wet vastgesteld en vanaf 22 oktober 1981 ook goedgekeurd door vice-Hoge Commissaris Juan Sablan.

De vlag is blauw met een gele cirkel iets links van het midden, richting de broekingszijde. Het blauw staat voor de Stille Oceaan en de overgang naar onafhankelijkheid. De gele cirkel of schijf staat voor de volle maan. In de Palause cultuur wordt de volle maan gezien als de beste tijd voor visvangst, zaaien, oogsten, feestelijkheden en voor het snijden en bewerken van traditionele kano’s. Verder is het het symbool voor vrede, rust en liefde. Het ontwerp van de vlag is van Blau J. Skebong.

Blau Skebong
Blau J. Skebong (1935), ontwerper van de vlag van Palau (© canpanblog)

Qua ontwerp lijkt de vlag op die van Japan en Bangladesh. Dit bracht de Japanse professor in internationale relaties, Futaranosuke Nagoshi, tot de veronderstelling dat de vlag van Palau een eerbetoon is aan die van Japan en dat het de vriendschap tussen de twee landen bevestigt. Toenmalig president Kuniwo Nakamura van Palau reageerde daarop droogjes: “Zo kun je het ook bekijken”.

palau
De vlaggen van Japan en Bangladesh

Isle of Man – Laa Tinvaal / Tynwald Day / Tynwalddag (979)

Het eiland Man, wellicht beter bekend onder de Engelse benaming Isle of Man, is gelegen in de Ierse Zee, tussen Groot-Brittannië en Ierland, de oppervlakte bedraagt 572 km². Het heeft zo’n 84.000 inwoners, de hoofdstad is Douglas, met circa 27.000 inwoners.

Ongedateerde foto van The Promenade in hoofdstad Douglas (fotograaf onbekend)

Hoewel hier door iedereen Engels wordt gesproken, heeft Man zijn eigen taal, het Manx-Gaelisch, een Keltische taal, die echter in 1974 uitstierf toen de laatste spreker, visser Ned Maddrell, stierf.
Het is daarna echter weer aan een langzame herstart begonnen, doordat kinderen het nu op school kunnen leren, waardoor het aantal Manx-sprekers is opgelopen naar 2%.

Kaart van het eiland Man (© Eric Gaba / publiek domein)

Tynwalddag

Tynwalddag (Laa Tinval in het Manx) is de nationale dag van het eiland Man.
De datum van de feestdag is eigenlijk 5 juli, maar als deze datum op een zaterdag of zondag valt, verschuift de dag naar de daarop volgende maandag en dat is dit jaar (en volgend jaar) het geval. Vanwege de verschuiving hebben de Manx nu een lang weekend.

Tynwald

Tynwald, officieel The High Court of Tynwald (De Hoge Raad van Tynwald), is het parlement van het eiland Man en wordt door de eilandbewoners (de Manx) gezien als het oudste parlement ter wereld. In 1979 werd het 1000-jarig bestaan gevierd, alhoewel niet met zekerheid valt vast te stellen dat het Tynwald sind 979 opereert.

Het parlementsgebouw (bijgenaamd ‘ The Wedding Cake’) in de hoofdstad Douglas (© Andy Stephenson / publiek domein)

Het is echter waarschijnlijk dat er al tegen het einde van de 10e eeuw bijeenkomsten naar Scandinavisch model op het eiland plaatsvonden. Het is ook aannemelijk dat dergelijke bijeenkomsten zich al afspeelden vanaf de vroegste tijden, in het dorp St. John’s, waar de jaarlijkse Tynwald Day-ceremonie nog steeds plaatsvindt.

Overigens is er met zekerheid een ouder nog steeds bestaand parlement, dat van IJsland, het Alþingi, dat dateert uit 930. Het Alþingi is echter niet continu sinds die tijd bijeen geweest. In 1800 werd het buiten gebruik gesteld door de Deense koning Christiaan VII. In 1844 werd dat besluit weer teruggedraaid door koning Christiaan VIII.

Midsummer Court

Op Tynwalddag komt de wetgevende macht van het eiland, bijeen in St. John’s, in plaats van de gebruikelijke vergaderlocatie in de hoofdstad Douglas.
De zitting, die bekend staat onder de naam Midsummer Court (Midzomerhof), vindt deels plaats in de Koninklijke Kapel van St. Johannes de Doper en deels in de open lucht op de aangrenzende Tynwaldheuvel.
Leden van de twee Huizen van Tynwald wonen de vergadering bij: The House of Keys (Het Huis der Sleutels) en de Legislative Coucil (de Wetgevende Raad).

Tynwalddag vindt plaats op de kunstmatig aangelegde Tynwaldheuvel (fotograaf onbekend)

The House of Keys telt 24 volksvertegenwoordigers en is vergelijkbaar met onze Tweede Kamer, de Legislative Coucil telt 11 indirect gekozen leden en komt overeen met onze Eerste Kamer of Senaat.

Tynwald, het parlement van het eiland Man heeft sinds 1971 zijn eigen vlag: blauw met in geel een vikingschip varend in de richting van de mastzijde, het is gebaseerd op het middelleeuwse wapen van de Lords of Mann

De luitenant-gouverneur, de vertegenwoordiger van de Lord of Mann (de officiële titel van koning Charles III op het eiland), zit de vergadering voor, behalve wanneer de Lord of Mann of een ander lid van de Britse koninklijke familie aanwezig is.

Koningin Elizabeth II bezocht het eiland Man vijfmaal, waarvan tweemaal op Tynwalddag, in haar rol als Lord of Mann, in 1979 en 2003 (foto hierboven), met hoge hoed is haar echtgenoot prins Philip, het koninklijk paar wordt voorafgegaan door een militair met het 15e eeuwse Sword of State van Man (fotograaf onbekend)

De huidige luitenant-gouverneur is Sir John Lorimer, die zijn functie sinds 29 september 2021 uitoefent. De termijn is altijd vijf jaar, dus volgend jaar zal er een nieuwe luitenant-gouverneur worden benoemd.
De rol is voornamelijk ceremonieel.

Lord of Mann

Het eiland Man is net als de Kanaaleilanden Brits Kroonbezit en daarmee geen onderdeel van het Verenigd Koninkrijk. Koning Charles III is, zoals we hierboven al zagen, het staatshoofd, oftewel Lord of Mann (Çhiarn Vannin in het Manx), met als titel lord proprietor (heer-eigenaar).

The Promenade in Douglas met een lange rij Manx-vlaggen (fotograaf onbekend)

Los van de officiële parlementsvergadering in St. John’s zijn er op het hele eiland festiviteiten: muziekoptredens, markten, de Round the Island Yacht Race (die gisteren begon en vandaag eindigt) en de derde ronde van de World Downhill Skateboarding Championship (WDSC) op de Tholt-y-Will Road in het heuvelige binnenland van het eiland.

Affiche voor Tynwalddag 2025 met een nog lege Tynwaldheuvel (© tynwald.org)

De vlag

Vlag van het eiland Man

De vlag van het eiland Man is rood met in het midden een triskelion. De drie met elkaar verbonden benen (in geel en wit) zijn gepantserd, dragen sporen, zijn bij de knieën gebogen en komen bij elkaar in het kruis.
Een triskelion is een symbool met drie gebogen mensenbenen, of meer in het algemeen, drie verbonden spiralen.

De betekenis moet gezocht worden in dat hoe de figuur ook gedraaid wordt, het nooit zal knielen, waarmee de triskelion staat voor onverzettelijkheid en vrijheidszin.
Het eeuwenoude symbool is afkomstig uit het Mediterrane gebied en komt daar onder meer voor op de vlag van het (driehoekige) Italiaanse eiland Sicilië, maar dan getooid met het hoofd van Medusa en korenaren.

Links: een triskele of drie-eenheidssymbool uit de Keltische cultuur / Rechts: Vlag van Sicilië (2000-heden)

Het gebruik van de triskelion op Man lijkt in ieder geval terug te gaan tot de 13e eeuw en het duikt vanaf die tijd ook op als wapen, dat heden ten dage gemoderniseerd nog steeds gebruikt wordt.

Links: Vroege afbeelding van de triskelion als wapen voor het eiland Man, afkomstig uit het uit circa 1280 daterende Wijnbergen Wapenboek (publiek domein) / Rechts: Het huidige wapen van Man, een gekroond schild met de triskelion op een rood veld en als schildhouders een slechtvalk en een raaf, de wapenspreuk op een in drie delen gekronkelde banderol luidt: Quocunque Jeceris Stabit, Latijn voor “Hoe je het ook werpt, het zal staan” (verwijzing naar de triskelion)

Als symbool op een vlag zien we het voor het eerst verschijnen halverwege de 19e eeuw op koopvaardijschepen van het eiland Man.
Het gebruik van de vlag werd echter niet goedgekeurd door de Board of Trade en de Admiraliteit onder sectie 105 van de Merchant Shipping Act uit 1854 ten gunste van de red ensign (de bekende Britse handelsvlag).
Die beslissing werd op 4 maart 1889 door de Admiraliteit teruggedraaid, waarbij Manx-koopvaardijschepen toegestaan werd de vlag van het eiland te voeren.

De vlag werd tussen 1928 en 1932 officieel aangenomen, bronnen hierover spreken elkaar echter tegen voor wat de exacte datum betreft, veelal wordt de datum van 1 december 1932 aangehouden, ze was toen echter nog niet gestandaardiseerd.
De ‘looprichting’ van de triskelion was bij deze vlag overigens precies andersom dan nu, dus richting de vluchtzijde.

Links: De oude versie van de vlag van Man (circa 1928-1932 tot en met circa 1966-1971) in andere ‘looprichting’ / Rechts: Close-up van een trisklion op een oude versie van de vlag (fotograaf onbekend)

Vanaf 1966 komen er plannen tot standaardisatie. En hoewel dit nog niet zo lang geleden is, verschillen de bronnen opnieuw over wanneer de gestandaardiseerde vlag in gebruik kwam: 1966, 1967, 1968 of 1971.

Koopvaardij- of maritieme handelsvlag

Wat we wél precies weten, is de invoering van de maritieme handelsvlag van Man: 27 augustus 1971.
Deze vlag is een Britse red ensign met de triskelion in de vlucht.

De koopvaardij- of maritieme handelsvlag van Man, een Britse red ensign met de triskelion in de vlucht
De koopvaardij- of maritieme handelsvlag zoals gevoerd door de Olivia uit Douglas (fotograaf onbekend)

Standaard van de luitenant-gouverneur

De luitenant-gouverneur van Man, die de Lord of Mann (koning Charles III) vertegenwoordigt, voert zijn eigen standaard.

Standaard van de luitenant-gouverneur van het eiland Man (1999-heden)

Deze standaard is de Britse Union Flag of Union Jack met in het midden het wapen van het eiland Man, gevat in een krans van laurierbladeren. Invoering was 1999.

Standaard van de luitenant-gouverneur in top bij zijn officiële residentie in Onchan, net ten noorden van Douglas (© governmenthouse.gov.im)

Litouwen – Valstybės Diena / Soevereiniteitsdag (1991)

Sinds 1991 wordt deze dag als feestdag gevierd in Litouwen. Herdacht wordt de kroning in 1253 van Litouwen’s eerste en enige koning Mindaugas (ca. 1203-1263).

Koning Mindaugas (Litouwen)
Standbeeld van koning Mindaugas in Litouwen’s hoofdstad Vilnius, onthuld op 6 juli 2003, een werk van beeldhouwer Regimantas Midvikis (1947-2015) (© en.delfi.lt)
‘Artist impression’ van de kroning van Koning Mindaugas (± 1203-1263) in 1253, de tekst luidt ‘Welkom in Litouwen!’ (publiek domein)

De exacte datum van zijn kroning staat echter niet 100% vast, maar werd uiteindelijk vastgesteld op de datum van 6 juli, naar een hypothese van de Litouwse geschiedkundige Edvardas Gudavičius uit 1989.

Edvardas Gudavičiu (1929-2020) (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van Litouwen (1918-1940 en 1989-heden)

De Litouwse vlag is het ontwerp van 1918, tijdens de lange bezetting onderdrukt, maar in 1990 opnieuw ingevoerd.
De vlag is een horizontale driekleur in geel, groen en rood. Historische betekenis hebben de kleuren, behalve het rood, eigenlijk niet.

Kaart van Litouwen (© freeworldmaps.net)

Het geel staat voor het rijpende graan en verworven vrijheid. Het groen symboliseert de bossen, het geloof en de hoop. Het rood staat voor vaderlandsliefde (vergoten bloed), maar is tevens een verwijzing naar de kleur van het Litouwse staatswapen.
Dit wapenschild is rood en laat een zilveren ridder met geheven zwaard, gezeten op een paard zien.

litouwen galerij
Wapen van Litouwen (Vytis) / Het wapen op een 2-euromunt / Alternatieve staatsvlag

Het wapen, Vytis genaamd, is al bekend sinds 1366. Als nationaal symbool is het ook afgebeeld op alle Litouwse euromunten en zelfs als alternatieve staatsvlag niet onbekend, voornamelijk in gebruik bij de overheid.

De twee vlaggen van Litouwen (fotograaf onbekend)

Venezuela – Cinco de julio – Declaración de independencia / 5 juli – Onafhankelijkheidsverklaring (1811)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Op 5 juli 1811 brak er een rebellie uit in Venezuela, dat toen onder Spaans bestuur stond, gevoed door hoge belastingen en het ontbreken van welke autonomie dan ook. De Venezolaanse kolonisten werden geleid door generaal Francisco de Miranda en maakten gebruik van de onrust in Europa en Napoleon’s invasie van Spanje.

Francisco de Miranda (1750-1816), schilderij uit 1874 door Martín Tovar y Tovar (1827-1902) (publiek domein)

Een declaratie van onafhankelijkheid werd door het congres in Caracas geratificeerd op 7 juli. De voornaamste opstellers van het document waren Cristóbal Mendoza en Juan Germán Roscio.

venezuela portretten.jpg
Cristóbal Mendoza (1772-1829), schilderij uit 1825 door Juan Lovera (1776-1841) (Collectie Palacio Municipal de Caracas) / Juan Germán Roscio (1763-1821) door een onbekende schilder, portret uit 1913 (Collectie Palacio Federal Legislativo te Caracas)

De naam voor het nieuwe land: Amerikaanse Confederatie van Venezuela.

Ondertekening van de onafhankelijkheidsverklaring op 7 juli 1811, schilderij van Martín Tovar y Tovar (1827-1902) (Collectie Galeria de Arte Nacional, Caracas)

Spanje liet het er niet bij zitten en het jaar daarop, in 1812, was de opstand de kop ingedrukt. Het zaad voor een onafhankelijk land was echter gezaaid en onder leiding van Zuid-Amerika’s grote ‘bevrijder’ Simón Bolívar, werd het land in 1821 definitief onafhankelijk.

Simón Bolívar door Bustillos Beiner
Reconstructie door Bustillos Beiner van het gezicht van Simón Bolívar, gebaseerd op verschillende beschrijvingen en diverse schilderijen (© curacaochronicle.com)

In eerste instantie onder de noemer Gran Colombia, dat bestond uit de huidige territoria van Venezuela, Colombia, Ecuador, Panama, het noorden van Peru, het westen van Guyana en het noordwesten van Brazilië. Vanaf 1830 is Venezuela echt een apart land. De officiële naam luidt República Bolivariana de Venezuela (Bolivariaanse Republiek Venezuela).

Kaart van Venezuela (© freeworldmaps.net)

Wat de viering van vandaag betreft: Venezolanen hebben eigenlijk al jaren wel iets anders aan hun hoofd dan feestvieren. Vanwege de voortdurende economische en politieke crisis hebben naar schatting inmiddels 6 miljoen mensen Venezuela ontvlucht naar de buurlanden Colombia, Brazilië, Guyana en de noordelijk van Venezuela gelegen eilanden Curaçao en Aruba, plus de eilandrepubliek Trinidad en Tobago.
Covid-19 maakte de situatie voor de bevolking er de afgelopen jaren niet beter op.

De vlag

Vlag van Venezuela (2006-heden)

De Venezolaanse vlag is in basis dezelfde als geïntroduceerd door de eerder genoemde Francisco de Miranda. Het is een horizontale driekleur in geel, blauw en rood. Acht vijfpuntige witte sterren staan in een halve cirkel in het midden van de blauwe baan.
Het staatswapen is te zien in de gele baan aan de broekingszijde. De kleuren staan voor de rijkdom van het land en de grond, goud, soevereiniteit, harmonie, gerechtigheid, landbouw en de zon (geel), de Caribische Zee en de stranden (blauw) en het bloed dat vloeide in de strijd tegen de Spanjaarden (rood).

venezuela vlaggen 1
Venezolaanse vlaggen in vele verschijningsvormen, v.l.n.r: Gran Colombia (1819-1831) (waar Venezuela een onderdeel van was) / Venezuela (1830-1836) / Venezuela (1836-1859)

De vlag heeft van het begin af aan heel veel verschijningsvormen gehad, vooral in de 19e eeuw. Zonder sterren, mét sterren, sterren in blauw, sterren horizontaal of in een cirkel, met of zonder staatswapen, teveel om op te noemen.

venezuela vlaggen 2
Venezolaanse vlaggenparade (verre van compleet!), v.l.n.r.: 1859-1863 / 1863-1905 / 1930-2006

Vanaf 1930 lijkt de vlag echt op de huidige, maar zonder staatswapen en met zeven sterren (het aantal provincies). In 1954 werd het staatswapen toegevoegd. De laatste verandering was op instigatie van president Hugo Chavez in 2006: er werd een achtste ster toegevoegd, volgens de oorspronkelijke richtlijnen van Simón Bolívar. Die achtste ster staat dan voor de provincie Guayana, die geen Venozolaanse provincie is, maar ruwweg de huidige republiek Guyana plus de eilandrepubliek van Trinidad en Tobago. Ook veranderde hij de looprichting van het witte paard in het staatswapen van rechts naar links.

Het staatswapen

Het staatswapen werd geïntroduceerd op 18 april 1836, in 1954 aan de vlag toegevoegd (maar soms weer weggelaten) en ietwat gewijzigd in 2006.

Wapen van Venezuela (2006-heden)

Het schild is horizontaal in tweeën gedeeld, het bovenste deel ook weer in tweeën. De drie delen hebben de kleuren van de vlag. Het gele vlak toont een zwaard, een sabel en drie lansen en twee nationale vlaggen, bijeengebonden door lauriertakken. Ze staan voor de verdediging van het land en triomfen in oorlog. Het rode vlak laat korenschoven in geel zien, ze staan voor de oorspronkelijke 20 staten in 1836 en voor de rijkdom van het land. Het grotere blauwe vlak toont een wild wit paard, galloperend richting de broekingszijde. Het zou hier eventueel om Palomo kunnen gaan, het witte paard van Simón Bolívar. Het dier staat symbool voor onafhankelijkheid en vrijheid.

Simón Bolívar op zijn paard Palomo, portret uit 1898 door Arturo Michelena (1863-1898) (Collectie Galeria de Arte Nacional, Caracas)

Boven het schild zijn twee gekruiste hoorns van overvloed te zien. Het schild wordt omkranst door een olijftak links en een palmtak rechts, onderin bij elkaar gebonden met een banderol in drie grote lussen in de Venezolaanse kleuren.

Kaapverdië – Dia da independência / Onafhankelijkheidsdag (1975)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De vijfde juli is een officiële feestdag in Kaapverdië. Herdacht wordt dat het land op die datum in 1975 zijn onafhankelijkheid verkreeg. Grote aanjager voor onafhankelijkheid van zowel Kaapverdië (ook wel bekend als de Kaapverdische Eilanden) en Guinee-Bissau, beide eertijds Portugese kolonies, was Amílcar Cabral.

Kaapverdië
Kaapverdië (© capverdeisland.weebly.com)

Hij werd geboren in Bafatá in Guinee-Bissau, zijn moeder was Kaapverdiaans en zijn vader Guinee-Bissaus. Als student landbouwkunde in Lissabon was hij al sterk gekant tegen het koloniale regime van Portugal en hij stond aan de wieg van studentenorganisaties die zich uitspraken voor onafhankelijkheid van de Portugese koloniën.

Amílcar Cabral
Amílcar Cabral (1924-1973) (© dexamsabi.com)

Weer terug in Afrika richtte hij in 1956 de Partido Africano da Independência da Guiné e Cabo Verde (PAIGC) op, tevens was hij een van de oprichters van de Movimento Popular de Libertação de Angola (MPLA), een beweging die de onafhankelijkheid van Angola nastreefde, destijds ook een Portugese kolonie.

Van 1963 tot aan zijn dood in 1973 leidde hij de guerrilla-beweging van de PAIGC in Guinee-Bissau, waarbij de onafhankelijkheid van zowel Guinee-Bissau als Kaapverdië werd nagestreefd. De beweging was behoorlijk succesvol en veroverde steeds meer gebied op de Portugese overheersers.

Kaapverdië + Guinee-Bissau
Kaapverdië ten opzichte van een deel van West-Afrika, met onderin Guinee-Bissau (© oceantrackingnetwork.org)

In 1972 en begin 1973 was Cabral druk bezig met de voorbereidingen van een ‘volksbevrijdingsleger’. Dit deed hij in Conakry, de hoofdstad van buurland Guinee (wat in 1958 onafhankelijk was geworden van Frankrijk). Een voormalige medestrijder van Cabral uit de PAIGC, Inocêncio Kani, schoot hem op 20 februari dood. Wat er achter zat, is nooit helemaal duidelijk geworden. Eén theorie is echter dat de Portugese geheime dienst PIDE was geïnfiltreerd in de onafhankelijkheidsbeweging. Bewezen is dit echter nooit. Kani bleek de nodige volgelingen te hebben gehad en na de dood van Cabral werd de PAIGC ‘gezuiverd’: rond de 100 officieren en guerrilla-soldaten werden geëxecuteerd.

Cabral heeft de onafhankelijkheid van Guinee-Bissau en Kaapverdië dus niet meegemaakt. De onafhankelijkheidsbeweging ging verder onder leiding van zijn halfbroer Luís Cabral. Op 24 september 1973 werd de onafhankelijkheid van Guinee-Bissau uitgeroepen en één jaar later, op 10 september werd dit erkend. Luís Cabral werd de eerste president van de nieuwe republiek.

Schermafbeelding 2019-07-01 om 14.35.59
Luís Cabral, halfbroer van Amílcar (1931-2009), eerste president van Guinee-Bissau

Nadat Portugal in april 1974 zijn eigen democratische revolutie doormaakte (de zogenaamde Anjer-revolutie), ging het voor Kaapverdië ook snel. De PAICG werd na de omwenteling in Portugal politiek actief op de eilanden en in december van dat jaar werd er overeenstemming bereikt over de vorming van een overgangsregeling. Op 5 juli 1975 werd Kaapverdië vervolgens een onafhankelijke republiek, met als eerste president Aristides Pereira.

Schermafbeelding 2019-07-01 om 14.42.48
Aristides Pereira (1923-2011), eerste president van Kaapverdië (screenshot)

Ook 20 februari, de datum waarop Amílcar Cabral werd vermoord, werd een officiële feestdag. Hij en zijn medestrijders worden dan herdacht tijdens de Dia dos Heróis Nancionais (Dag van de Nationale Helden).

Kaart van Kaapverdië uit circa 1902 uit de (Encyclopaedia Britannica, 10th edition)

De vlag

Vlag van Kaapverdië (1992-heden)

De vlag is blauw met iets onder het midden een horizontale witte balk. Precies in het midden van deze witte balk bevindt zich een dunnere rode balk. De verhouding van de vlakken is 6:1:1:1:3.
Tien gele vijfpuntige sterren liggen in een cirkel iets over het midden en dicht bij de broekingszijde over het geheel heen. De drie bovenste sterren in het bovenste blauwe vlak, de drie onderste in het blauwe vlak onderin, en de laatste vier sterren elk in de witte balk (twee boven en twee onder de rode balk).

Schermafbeelding 2019-07-01 om 13.51.52
Pedro Gregório Lopes (1932), ontwerper van de Kaapverdische vlag (screenshot)

Het blauw staat voor zowel zee als lucht, het wit de vrede en het rood staat voor de moeite die men daarvoor moet nastreven. De tien gele sterren staan voor de tien eilanden die tezamen Kaapverdië vormen. De vlag werd in 1992 ingevoerd en is een ontwerp van Pedro Gregório Lopes.

Eerste vlag

Vanaf de onafhankelijkheid in 1975 tot 1992 gebruikte Kaapverdië een vlag die sterk op die van Guinee-Bissau leek. De enige verschillen zaten ‘m in de krans van maïsstengels rond de zwarte ster aan de broekzijde en een gestileerde mossel in het midden van de stengels en de langere lengte van de Guinee-Bissause vlag.

kaapverdie naast elkaar
Links: vlag van Guinee-Bissau (1973-heden) / Rechts: voormalige vlag van Kaapverdië (1975-1992)

Het één-partijstelsel dat het land sinds de onafhankelijkheid had, werd na de verkiezingen van 1991 afgeschaft. De Movimento para a Democracia (MpD) kwam aan de macht en die partij stelde een verandering van vlag voor. Op 25 september 1992 werd de huidige vlag ingevoerd.

Samoa – West Samoa becomes Samoa / West-Samoa wordt Samoa (1997)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Samoa is een onafhankelijke republiek in het Polynesische gebied van de Grote Oceaan en stond tot 1997 bekend onder de naam West-Samoa.
Het land heet officieel Independent State of Samoa (Onafhankelijke Staat Samoa) en vormt het westelijke deel van de Samoa-eilanden.
Die andere Samoa-eilanden staan bekend als Amerikaans-Samoa en zijn een zogenaamd unincorporated territory van de Verenigde Staten.

Op deze kaart zien we alle Samoa-eilanden: in het westen Samoa en in het oosten Amerikaans-Samoa, op de kaart is ook te zien dat de archipel wordt doorsneden door de datumgrens, waardoor Samoa dus altijd een dag voorloopt op Amerikaans-Samoa (© US National Park Service / publiek domein)

Zoals we op bovenstaande kaart al kunnen zien, bestaat Samoa uit twee hoofdeilanden: Upolu en Savai’i en hieronder kunnen we ze wat beter zien.

Kaart van Samoa met Savai’i in het westen en Upolu in het oosten

Samoa heeft volgens de laatste schatting van een paar jaar geleden een bevolking van bijna 206.000, waarvan driekwart op het hoofdeiland Upolu woont, op dit eiland is ook de hoofdstad Apia te vinden.

Hoofdstad Apia met links de Immaculate Conception Cathedral (fotograaf onbekend)

De twee hoofdeilanden vormen samen 99% van het landoppervlak.
Een aantal kleinere eilanden zorgt voor de laatste 1%.: in de Straat van Apolima (de zee-engte tussen de hoofdeilanden) liggen Manono, Nu’ulopa en Apolima en ten oosten van Upolu vinden we de Aleipata-eilanden: Namua, Nu’utele, Fanuatapu en Nu’ulua.

Studies naar menselijke resten hebben aangetoond dat er in Samoa zo’n 2.900 tot 3.500 jaar geleden al mensen leefden.
Eeuwen later, in 1722, ‘ontdekte’ de Nederlandse ontdekkingsreiziger Jacob Roggeveen de Samoa-eilanden (die toen inmiddels een koninkrijk vormden), nadat hij op dezelfde reis eerder al op Paaseiland was gestuit.
Pas in 1768 kwam er weer bezoek, ditmaal van de Franse wereldreiziger Louis Antoine de Bougainville. Hij doopte ze Îles de Navigateurs, een naam die niet beklijfde. De rust keerde kortstondig weer.

Vanaf 1830 begonnen westerlingen meer belangstelling te krijgen voor de Samoa-eilanden, het koloniseren van de Stille Oceaan nam daarmee een aanvang.
Missionarissen waren er in deze eeuw altijd als de kippen bij, gevolgd door handelaars en walvisjagers. Die laatste groep kwam voor vers drinkwater, brandhout, proviand en later voor het rekruteren van lokale mannen om als bemanningsleden op hun schepen te dienen.

Kaart van de Samoa-eilanden uit 1896 door George Cram (1842-1928) (publiek domein)

Vanaf 1850 ontstonden er Duitse handelsnederzettingen. In de tweede helft van de 19e eeuw werden verschillende delen van het Koninkrijk Samoa opgeëist door zowel Duitsland, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. In de jaren 1878-1879 sloten alle drie de grootmachten handelsverdragen op de Samoa-eilanden, waar op dat moment een troonstrijd woedde.

Deze Eerste Samoaanse Burgeroorlog duurde van 1886 tot 1894 en ging tussen de door de Britten en Amerikanen begunstigde Koning Malietoa Laupepa en de door Duitsland gesteunde tegenkoning Tamasese.
In 1889 kwamen de V.S., het V.K. en Duitsland overeen dat Laupepa’s koningschap hersteld zou worden, maar dat liet onverlet dat de burgeroorlog nog vijf jaar voortduurde, waarbij ook een derde koningskandidaat zich aandiende: Mata’afa Iosefo.

Koning Malietoa Laupepa (1841-1898) in juli 1884 geportretteerd met een van zijn toenmalige echtgenotes (©
Muir & Moodie photography studio / publiek domein)

Vanaf 1894 leek de rust weergekeerd en was zoals de westerlingen het graag zagen, Laupepa opnieuw koning.
Toen hij in 1898 overleed begon het circus opnieuw: Mata’afa Iosefo claimde de troon, maar het Hooggerechtshof besloot dat de opvolging naar Laupepa’s zoon Malietoa Tanumafili I moest gaan in plaats van naar Mata’afa.
Hierna werden de vijandelijkheden al snel weer hervat in de Tweede Samoaanse Burgeroorlog (1898-1899), waarbij de teruggekeerde Mata’afa Tanumafili snel en gemakkelijk versloeg in de Slag bij Apia.

Amerikaanse mariniers bemannen een scheepskanon nabij Apia in 1899 (publiek domein)

Uiteindelijk kwamen de westerse mogendheden tussenbeide. Het resultaat was de opdeling van de archipel met het Samoa-verdrag van 1899 in het westelijke Duits-Samoa en het oostelijke Amerikaans-Samoa, met de 171e lengtegraad als scheidslijn. Het Verenigd Koninkrijk liet zijn claims vallen toen het de Salomonseilanden kreeg toegewezen.
De monarchie in Samoa werd afgeschaft en de Samoaanse autonomie werd officieel beëindigd.

Ansichtkaart uit Duits-Samoa (Verlag O. Schulze, Sydney / publiek domein)

Duitsland had niet lang plezier van zijn nieuwe kolonie: vanaf 1908 begonnen verschillende groepen zich tegen de Duitse heerschappij te keren.
Maar het was over en uit bij het begin van de Eerste Wereldoorlog (1914-1918), toen Nieuw-Zeeland Duits-Samoa binnenviel en het zonder een enkel schot te lossen kon veroveren.
In het in 1919 gesloten Verdrag van Versailles kreeg het Verenigd Koninkrijk een mandaat over het gebied. Daar de Nieuw-Zeelanders er tóch al zaten (en het land een Gemenebestland was) droegen de Britten dit mandaat aan Nieuw-Zeeland over.
Het mandaatgebied kreeg toen de naam West-Samoa.

Ongedateerde foto van een optocht in Apia, met op de voorgrond de koloniale vlag van West-Samoa (publiek domein)

Na de Tweede Wereldoorlog werd het mandaatgebied een trustschap van de Verenigde Naties, opnieuw bestuurd door Nieuw-Zeeland.
In de jaren vijftig nam het geweldloze verzet tegen de buitenlandse overheersing onder de Samoanen toe, maar brak bij Nieuw-Zeeland ook steeds meer het besef door dat koloniaal bestuur z’n langste tijd had gehad.
Middels verkiezingen werd de basis voor verzelfstandiging ingezet en werd West-Samoa op 1 januari 1962 een onafhankelijke staat.

Aanvankelijk werd er toch weer teruggegrepen naar de oude koninklijke families: twee vertegenwoordigers van de Malietoa en Tamasese werden voor het leven benoemd tot staatshoofd, maar na het overlijden van de laatste in 1963 was er voortaan slechts één staatshoofd.
Sinds het overlijden van de Malietoa-vertegenwoordiger in 2007 wordt het staatshoofd, de O le Ao o le Malo, verkozen voor een periode van vijf jaar.
In 1976 werd West-Samoa lid van de Verenigde Naties.

In 1997 veranderde het land de naam in Samoa, vandaag 28 jaar geleden. Dit viel niet goed in buurland Amerikaans-Samoa, omdat het verwarrend zou zijn en het de “identiteit beschadigde”.

De vlag

Vlag van Samoa (1949/1962-heden)

Hoewel Samoa (onder de oude naam West-Samoa) op 1 januari 1962 onafhankelijk werd, is de nationale vlag ouder.
De vlag werd ingevoerd op 24 februari 1949, vandaag 76 jaar geleden, maar diende in eerste instantie als gebiedsvlag en niet als nationale vlag.
Zoals we hierboven al zagen was West-Samoa toen een trustschap van de Verenigde Naties, bestuurd door Nieuw-Zeeland.

De ontwerpers van de vlag van Samoa: Malietoa Tanumafili II (1913-2007) (links) en Tupua Tamasese Mea’ole (1905-1963) (rechts)

De vlag is rood met een blauw kanton waarop vijf witte vijfpuntige sterren van verschillende grootte, voorstellend het sterrenbeeld Zuiderkruis.
Het is een ontwerp van twee koninklijke ontwerpers: Tupua Tamasese Meaʻole en Malietoa Tanumafili II.

Kortstondige eerste vlag van Samoa (1948-1949)

Hun eerste ontwerp werd op 26 mei 1948 ingevoerd en was vrijwel gelijk, maar had maar vier sterren, net als op de vlag van Nieuw-Zeeland.
De kleinere vijfde ster (Epsilon Crucis) werd in het tweede ontwerp toegevoegd (waarmee het lijkt op de Zuiderkruis-afbeeldingen van de Australische en Papoea-Nieuw-Guinese vlaggen). Sindsdien is de vlag ongewijzigd gebleven.
De gebruikte kleuren staan voor dapperheid (rood), vrijheid (blauw) en zuiverheid (wit).
Toen Samoa op 1 januari 1962 een onafhankelijke natie werd, werd de gebiedsvlag ‘bevorderd’ tot nationale vlag.

Koloniale vlaggen

Toen Nieuw-Zeeland na de Tweede Wereldoorlog -via het Verenigd Koninkrijk- Samoa als mandaatgebied kreeg toebedeeld, diende er een vlag te komen.
De vlag stamt waarschijnlijk uit 1920, hoewel er pas in 1921 toestemming voor werd gevraagd.

Vlag van West-Samoa (1920-1962)

Zoals we hierboven kunnen zien was dit er een uit de grote familie van Britse blue ensigns (blauwe vaandels), waarbij de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton staat en de badge voor het specifieke gebied in de vlucht, in dit geval drie palmbomen met graspollen op de voorgrond.

Badge-variaties!

De badge op bovenstaande afbeelding is waarschijnlijk een moderne herinterpretatie van de originele afbeelding, maar het dient ook gezegd dat badges niet zelden in verschillende variaties voorkomen en in hoeverre ze historisch correct zijn is een studie apart!

Vlag van West-Samoa (1920-1962) (© Collectie Auckland Museum)

Zo zien we hierboven een zeldzame originele koloniale vlag van West-Samoa en daar zien de palmbomen er aanzienlijk anders uit.
Op een afbeelding van de badge in het zeer grondige en gezaghebbende Große Flaggenbuch von Dr. Ottfried Neubecker (1939) zien we een duidelijk andere versie:

Badge van West-Samoa, zoals afgebeeld in Große Flaggenbuch von Dr. Ottfried Neubecker (Verlag der Reichsdruckerei, 1939)

Het is deze versie die nog het meest lijkt op die van de al even zeldzame red ensign-versie van de koloniale vlag, die op zee gebruikt werd (hieronder):

Red ensign (handelsvlag op zee) van West-Samoa (1920-1962) (foto: Martyn Overington)

Bij een vergroting van de badge van deze originele vlag kunnen we de details goed zien, opmerkelijk hoeveel deze versie verschilt van die op de originele blue ensign:

Close-up van de badge van de red ensign (foto: Martyn Overington)

Duitse periode

Gaan we nog verder in de tijd terug, dan komen we bij het kortstondig bestaan van Duits-Samoa (1900-1914).
De vlag die toen gebruikt werd was die van het Rijkskoloniaal Ministerie:

Vlag van het Rijkskoloniaal Ministerie, in gebruik op Duits-Samoa tussen 1900 en 1914

Deze vlag, die dus in meerdere Duitse kolonies werd gebruikt toont de toenmalige Duitse kleuren van zwart, wit en rood met de rijksadelaar in het midden. Het ontwerp stamt uit 1893.
Kort vóór de Eerste Wereldoorlog werden er voor de verschillende gebieden aparte vlaggen ontworpen, maar de oorlog kwam tussenbeide, waardoor ze uiteindelijk nooit zijn ingevoerd.

Ontwerp voor de vlag van Duits-Samoa (nooit uitgevoerd)

Hierboven zien we dat nooit uitgevoerde ontwerp: opnieuw de Duitse kleuren met een schild in het midden met (daar zijn ze weer!) drie palmbomen, ieder op hun eigen eilandje boven de blauw-witte baren.

Tonga – Kroning Koning ‘Aho’eitu Tupou VI (2015)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Een officiële feestdag vandaag in Tonga, de datum is die van de kroning van koning ‘Aho’eitu Tupou VI in 2015.

Het Koninkrijk Tonga is een archipel van 169 eilanden, waarvan er 36 bewoond zijn. Het eilandenrijk is gelegen in de Grote of Stille Oceaan en heeft een totale landoppervlakte van 748 km², verspreid over een gebied van 700.000 km².
Volgens de laatste telling uit 2016 bedroeg het inwoneraantal 100.651, waarvan 70% op het hoofdeiland Tongatapu woont.

Grenzen van de verschillende eilandstaten in de Grote Oceaan (© Encyclopædia Britannica, Inc., 2010)
Kaart van de Tonga-archipel (© mapsland.com)

Tussen 1773 en 1777 kwamen de eilanden onder Britse invloed, door drie achtereenvolgende bezoeken van kapitein James Cook. Zo’n 50 jaar later arriveerden de eerste Britse missionarissen, die het als hun taak zagen de eilandbevolking te bekeren tot het christendom.

‘The reception of Captain Cook in Hapaee’, met de hand ingekleurde gravure van Robert Scott (1777-1841), uit ‘The Glasgow Geography’ , uitgave E. Khull & Co., Glasgow, 1825. Kapitein Cook (1728-1779) bezocht Hapaee op het eiland Nomuka in mei 1777.

Het belangrijkste stamhoofd was Taufa’ahau Tupou die zich in 1831 liet bekeren, waarna hij de naam Jiaoji (later Siaosi) aannam, de Tongaanse vertaling van George (naar koning George III van het Verenigd Koninkrijk).

Links: Koning George Tupou I (1797-1893), foto van circa 1880-1890 (publiek domein) / Rechts: Shirley Waldemar Baker (1836-1903 ), ongedateerde foto (publiek domein)

Siaosi veranderde opnieuw van naam toen Tonga vanaf 1845 een koninkrijk werd en hij, mede dankzij steun van missionaris Shirley Waldemar Baker, geïnstalleerd werd als eerste koning. Hij werd toen George Tupou I.

Hoewel Tonga tussen 1900 en 1970 een Brits protectoraat was, is het land nooit een kolonie van het Verenigd Koninkrijk geworden en bleef de eigen monarchie intact.
Na de volledige onafhankelijkheid in 1970 werd Tonga lid van het Britse Gemenebest en trad het in 1999 toe tot de Verenigde Naties.

De koninklijke standaard

Koninklijke standaard van Tonga

Koninkrijken hebben altijd koninklijke vlaggen en Tonga is daarop geen uitzondering.
De 4e juli is een officiële feestdag en herinnert aan de kroning van de huidige koning ‘Aho’eitu Tupou VI in 2015, hoewel hij al koning was sinds 18 maart 2012, toen zijn voorganger en kinderloze broer koning George Tupou V overleed.
Als 4 juli op een zondag valt, wordt de viering altijd op de daarop volgende maandag gehouden.

Kroning van koning ‘Aho’eitu Tupou VI (1959) en zijn vrouw koningin Nanasipauʻu Tukuʻaho (1954) op 4 juli 2015 in de hoofdstad Nuku’alofa (screenshot)

De koninklijke standaard is in vier kwartieren gedeeld, met een witte zespuntige ster over het snijvlak in het midden het rode kruis van de nationale vlag van Tonga.

Kwartier I is okergeel met drie witte zespuntige sterren, twee boven, één onder. Deze sterren staan symbool voor de drie eilandengroepen van Tonga: Tongatapu, Vavaʻu en Haʻapai.

Kwartier II is rood met de gouden koningskroon en staat voor het Koninklijk Huis van Tuʻi Kanokupolu.

Kwartier III is blauw met een witte duif met olijftak in de snavel. Duif en olijftak staan symbool voor de wens dat God’s vrede eeuwig over Tonga mag heersen.

Kwartier IV is net als Kwartier I okergeel en toont drie gekruiste witte zwaarden met rode handvesten. Ze staan voor de drie koninklijke dynastiëen die Tonga tot op heden regeerden: Tuʻi Tonga, Tuʻi Haʻatakalaua en de huidige dynastie Tuʻi Kanokupolu.

Van wanneer de koninklijke standaard precies dateert is niet precies duidelijk, maar zeer waarschijnlijk stamt ze uit 1875. Aangenomen wordt dat het ontwerp afkomstig is van een kleinzoon van koning George Tupou I, Uelingatoni Ngu Tupoumalohi.
Hij wordt ook verantwoordelijk gehouden voor de ontwerpen van de nationale en koninklijke wapens van Tonga en voor dat van de koningskroon.

Koning George Tupou I (1797-1893) met zijn kleinzoon kroonprins Uelingatoni Ngu Tupoumalohi (1854-1885), de waarschijnlijke ontwerper van de koninklijke standaard, wapen en koningskroon van Tonga (ongedateerde foto/publiek domein)

Hem was geen lang leven beschoren, hij overleed in 1885, toen hij nog maar 30 jaar was. Zes jaar daarvoor (1879) was hij kroonprins geworden toen zijn vader, Tēvita ʻUnga, op z’n 54e overleed aan een leverkwaal.
Aangezien koning George Tupou I een sterk gestel had, overleefde hij dus twee kroonprinsen: z’n zoon en kleinzoon, waardoor uiteindelijk zijn achterkleinzoon (de zoon van z’n kleindochter) hem na zijn dood in 1893 opvolgde als koning George Tupou II.

Links: Kroonprins Tēvita ʻUnga (±1824-1879), vanaf 1 januari 1876 tot aan zijn dood op 18 december 1879 was hij tevens premier van Tonga) / Rechts: Koning George Tupou II (1874-1918) (beide foto’s publiek domein)

Oude afbeeldingen van de koninklijke standaard zijn schaars, de oudste lijkt die uit het uit 1926 daterende Flaggenbuch van Edwin Redslob te zijn. Het curieuze hier is dat Kwartier IV geen gekruiste zwaarden laat zien, maar drie gekruiste knotsen. De kroon uit Kwartier II lijkt ook niet erg op de werkelijke kroon.

Links: Koninklijke standaard, versie 1926 (met knotsen) / Rechts: Koninklijke standaard uit het Flaggenbuch van Ottfried Neubecker uit 1939

In het Flaggenbuch van de Kriegsmarine van Ottfried Neubecker uit 1939 (een zeer gedegen en onmisbaar boek voor vlaggenliefhebbers) komen we de koninklijke standaard tegen zoals we haar nu nog kennen: de knotsen zijn inmiddels zwaarden en de kroon lijkt ook meer op de echte.

Koninklijk Paleis in Nuku’alofa met de koninklijke standaard in top (screenshot)

Wapen

Het nationale wapen van Tonga en dat van de monarchie lijken erg op elkaar. In het nationale wapen wordt het (koninklijke) wapenschild geflankeerd door twee nationale vlaggen van Tonga.
Het koninklijke wapen laat tweemaal de koninklijke standaard zien, minus de witte ster met rood kruis. Ster met kruis is wel aanwezig, maar dan als centraal symbool.
Beide wapens hebben dezelfde wapenspreuk op een witte banderol onder het wapen en luidt: Ko e ʻOtua mo Tonga ko hoku Tofiʻa (God en Tonga zijn mijn erfenis).

Links: Het koninklijk wapen van Tonga / Rechts: Het nationale wapen van Tonga

Kroon

De koningskroon van Tonga stamt uit 1873 en werd gemaakt door de Australische juweliersfirma Hardy Brothers uit Sydney. Daar de kroon alleen gebruikt wordt bij de kroningsceremonie van een nieuwe koning(in), duurde het tot 17 maart 1893 voordat-ie z’n debuut maakte bij de kroning van koning George Tupou II.

Links: Kroning van koning Tāufaʻāhau Tupou IV (1918-2006) en zijn vrouw koningin Halaevalu Mata’aho ʻAhomeʻe (1926-2017) op 4 juli 1967 (publiek domein) / Rechts: Kroning van koning George Tupou V (1918-2006) door aartsbisschop Jabez Bryce, op 1 augustus 2008 (screenshot)

Naar verluidt is het de zwaarste kroon ter wereld, hoewel dat moeilijk te checken valt!
De kroon voor de koningin-gemalin dateert waarschijnlijk van latere datum en is van bescheidener afmetingen.

De twee kronen van Tonga vóór de kroningsceremonie van koning ‘Aho’eitu Tupou VI en koningin Nanasipauʻu Tukuʻaho op 4 juli 2015 in de hoofdstad Nuku’alofa (screenshot)

Oekraïne – Три роки та дев’ятнадцять тижнів війни / Drie jaar en negentien weken oorlog

Raket- en drone-aanvallen in heel Oekraïne

In de nacht van zaterdag 28 op zondag 29 juni was er opnieuw een grote Russische raket- en drone-aanval op Oekraïne, waarbij behalve de gebruikelijke doelen, ook de westelijke regio’s onder vuur kwamen te liggen.

Kaart met de aangevallen plaatsen in Oekraïne in de nacht van 28 op 29 juni (screenshot)

Volgens de Oekraïense luchtmacht vuurde Rusland in totaal 537 drones en raketten af, waaronder 477 zogenaamde kamikaze- en lok-drones en 60 raketten, waarvan er 475 door luchtafweer werden geneutraliseerd (uit de lucht geschoten of elektronisch gestoord en uitgeschakeld).
Een snelle rekensom leert ons, dat er dus 62 hun doel bereikten.

Ook havenstad Odessa moest het opnieuw ontgelden, in deze flat kwam een echtpaar om het leven (screenshot)
Deze bewoonster van de flat verlaat in allerijl de brandende flat, voorafgegaan door een hulpverlener (screenshot)
Een hulpverlener met een baby in zijn armen (screenshot)

Zoals gezegd was ook West-Oekraïne ditmaal de klos, tot vlakbij de grens met Polen aan toe.
Polen en een aantal van de NAVO-bondgenoten zetten vliegtuigen in om de veiligheid van het Poolse luchtruim te garanderen.
Bij de Russische aanval vielen minstens vijf doden en tientallen gewonden.

Een F-16-gevechtsvliegtuig (screenshot)

Eén van de door het Westen gedoneerde F-16-gevechtsvliegtuigen crashte tijdens de Russische aanval.
Voor zover nu bekend, schoot de piloot van de bewuste F-16 zeven luchtdoelen neer.
Bij het laatste doelwit moet het vliegtuig geraakt zijn en stortte vervolgens neer, de piloot kwam daarbij om het leven.
Op X meldde president Zelensky: “Mijn condoleances aan zijn familie en strijdmakkers. Ik heb opdracht gegeven om de omstandigheden rond zijn overlijden te onderzoeken.”

Oekraïense aanval op fabriek in Izjevsk

Maar ook Oekraïne zat niet stil: bij een aanval afgelopen dinsdag op een fabriek in de Russische stad Izjevsk, zo’n 1.300 kilometer van de grens, vielen drie doden en vijfenveertig gewonden, volgens de Russische autoriteiten.

Locatie van Izjevsk ten opzichte van Oekraïne (© Institute for the Study of War)

Zes van de gewonden hadden ernstige verwondingen opgelopen, aldus Aleksandr Bretsjalov, de gouverneur van de autonome republiek Oedmoertië, die eraan toevoegde dat hij president Poetin over de aanval had ingelicht. Later werd de noodtoestand uitgeroepen in de regio.

Beeld van de Kupol Elektromechanische Fabriek na de Oekraïense aanval, met de rivier de Izj op de achtergrond (screenshot)

Drones zouden de Kupol Elektromechanische Fabriek hebben aangevallen, een militair bedrijf dat Tor-raketsystemen en radarstations zou produceren.
Volgens Oekraïense media zou de fabriek ook gespecialiseerd zijn in de productie van Osa-luchtverdedigingssystemen en heeft het drones ontwikkeld.

Burgers in Izjevsk slaan op de vlucht na de voltreffer op de Kupol Elektromechanische Fabriek (screenshot)

Een eerdere Oekraïense drone-aanval op dezelfde fabriek vond afgelopen november plaats, toen zonder slachtoffers.

Deel Amerikaanse wapenleveranties opgeschort

In tegenstelling tot de vage toezegging van de Amerikaanse president Trump aan zijn Oekraïense collega Zelensky tijdens de NAVO-top in Den Haag van vorige week, waarbij hij zou kijken of er extra Patriot-luchtafweerraketten aan Oekraïne geleverd zouden kunnen worden, gebeurt nu het tegenovergestelde.

Het logo van nieuwssite Politico

Nieuwssite Politico meldde op dinsdagavond dat de Verenigde Staten de levering van enkele wapensystemen opschort. Het zou gaan om onder meer raketten voor Patriot-luchtafweersystemen, precisie-artilleriegranaten en raketten die Oekraïne onder F-16’s en drones kan hangen. Deze specifieke leveringen waren nog onder de vorige Amerikaanse president Biden toegezegd.

Voorbeeld van een precisie-artilleriegranaat, de M982 Excalibur (© United States Army / publiek domein)

Het Witte Huis bevestigde de berichtgeving kort hierna met de boodschap: “Deze beslissing werd genomen om de Amerikaanse belangen voorop te stellen na een evaluatie van de militaire steun van ons land aan andere landen wereldwijd.”
Defensie in de V.S. zou bezorgd zijn dat de eigen voorraden van deze systemen te ver zijn geslonken.
De mededeling kon niet op een slechter moment komen, nu de Russische raket- en drone-aanvallen de laatste weken gigantisch zijn opgevoerd.
Volgens het Oekraïense ministerie van Defensie is er van Amerikaanse zijde nog geen officiële verklaring hierover ontvangen.

Slowaakse BuZa-minister: “Vergeef Rusland”

De Slowaakse minister van Buitenlandse en Europese Zaken, Juraj Blanár, liet in een gesprek met de publieke omroep STVR weten dat het oplossen van de Russische invasie van Oekraïne vereist dat de communicatie met Moskou wordt hersteld.

Juraj Blanár (1966), minister van Buitenlandse en Europese Zaken van Slowakije (screenshot)

Volgens Blanár kan het “conflict” tussen Oekraïne en Rusland niet militair worden opgelost en moeten dergelijke confrontaties worden voorkomen “met diplomatieke middelen en met inachtneming van het internationaal recht”.
Blanár verklaarde ook dat het Westen een manier moet vinden om met Rusland samen te werken “…en misschien zelfs alles wat er gebeurd is, vergeven”.

Robert Fico (1964), sinds 2012 premier van Slowakije (screenshot)

De Slowaakse premier Robert Fico liet weten de uitspraken van zijn buitenlandminister te onderschrijven en dat hij dus geen papegaai is die “herhaalt wat er van hem verwacht wordt”.
EU-lidstaat Slowakije is uitgesproken pro-Russisch en daarmee een tegenstander van de verschillende Europese sanctie-pakketten die de EU Rusland heeft opgelegd.

De vlag

Vlag van Oekraïne (1992-heden)

De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.

Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.

Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)

De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd  bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.

Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.

In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.

De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)

Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.

Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De tentoongestelde ‘eerste’ vlag in het parlementsmuseum van Oekraïne (© rada.gov.ua)
Nog een foto van de ‘eerste’ vlag in een andere vitrine, in de hal van het parlement tentoongesteld, onder het toeziend oog van de toenmalige voorzitter van de Verchovna Rada, Andriy Parubiy (2016-2019) (© rada.gov.ua)
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)

Symbool

Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.

Oekraïense troepen met de nationale vlag (© mil.gov.ua)

Curaçao – Dia di Himno y Bandera di Kòrsou / Dag van het Volkslied en de Vlag van Curaçao (1984)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

De vlag van Curaçao werd geïntroduceerd op 2 juli 1984 en sinds die tijd wordt op deze dag de Dia di Himno y Bandera di Kòrsou gevierd. Hierbij wordt herdacht dat op 2 juli 1951 de Eilandsraad voor het eerst bijeen kwam.

Affiche voor de feestdag (fotograaf onbekend)

Op het Brionplein in de wijk Otrabanda in Willemstad is er normaliter een uitgebreide ceremonie met fanfares en het hijsen van een gigantische vlag. Net als in het park Parke Himno y Bandera in Barber in het westen van Curaçao.

Het hijsen van de Curaçaose vlag op het Brionplein in Willemstad (fotograaf onbekend)
Het hijsen van de vlag in Barber (fotograaf onbekend)
Kaart van Curaçao (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag Curacao
Vlag van Curaçao (1984-heden)

Het Curaçaose bestuurscollege riep in 1981 een commissie in het leven met als doel voor het eerst een eigen eilandvlag te ontwerpen. Hoewel hij er eigenlijk niet mee bezig was, stimuleerde de vader van de toen 20-jarige Martin den Dulk om mee te doen, omdat hij zo creatief was. Hij was nog maar net op tijd: hij leverde zijn ontwerp een halfuur voor de sluiting van de wedstrijd in. Van de maar liefst 1.782 inzendingen kwamen er uiteindelijk 10 bovendrijven, waaruit gekozen moest worden. De ontwerpers van deze 10 vlaggen, konden vervolgens hun ontwerp bij de vlaggencommissie presenteren en ‘verdedigen’.

curacao 02
Links: Ontwerper van de Curaçaose vlag, Martin den Dulk (© meetcuracao.com) / Rechts: Postzegel uit 2010 met kaart, wapen en vlag van Curaçao

Martin was aan het werk in het restaurant van zijn ouders toen de kokkin opgetogen binnenkwam met de Curaçaose krant Èxtra in de hand: groot op de voorpagina het gekozen vlagontwerp. Martin kon zijn ogen niet geloven toen hij zijn eigen ontwerp zag. Op 2 juli 1984 werd de vlag voor het eerst officieel gehesen.

Curaçao, de Handelskade in hoofdstad Willemstad (fotograaf onbekend)

Het blauw bovenin staat voor de lucht, het blauw onderin voor de zee. De gele balk daartussen stelt de zonneschijn voor, maar staat tevens voor de opgewektheid en de levenslust van het eilandbewoners. De grote ster staat voor Curaçao, de kleine voor Klein  Curaçao, een eilandje van drie vierkante kilometer dat zo’n tien kilometer ten zuidoosten van Curaçao ligt. De vijf punten van de sterren staan voor de vijf bevolkingsgroepen van Curaçao.

Luchtfoto van Klein Curaçao (1,9 x 1.1 km) (© dronepicr, 2017)

Gouverneursvlag

De gouverneursvlag van Curaçao (fotograaf foto rechts onbekend)

De gouverneur van Curaçao heeft een eigen vlag. Het is een witte vlag met zowel boven- als onderin drie smalle banen in rood-wit-blauw. In het midden zien we een cirkel met daarin (een gedeelte) van de Curaçaose vlag.

Fort Amsterdam, gebouwd in 1635/1636, het gouverneurspaleis met net zichtbaar naast het torentje de gouverneursvlag (© Niels Karsdorp, 2008)

De vlag wappert boven het gouverneurspaleis Fort Amsterdam. Gouverneur van Curaçao is sinds 4 november 2013 is Lucille George-Wout.

Beëdiging van Lucille George-Wout (1950) tot gouverneur van Curaçao op Paleis Noordeinde in Den Haag, 4 november 2013, met links haar echtgenoot Herman George en rechts Koning Willem-Alexander (screenshot)

Het volkslied

Naast de vlag is het ook de dag van het volkslied de Himno di Kòrsou. Sinds 1978 is het volkslied wat het nu is, maar de geschiedenis gaat aanzienlijk verder terug! Het werd reeds in 1898 gecomponeerd door de toen 33-jarige Nederlandse frater Radulphus (Adriaan Hermus) (1865-1961), vanwege de inhuldigingsfeesten voor koningin Wilhelmina. Hij schreef de tekst op een Tiroolse (!) melodie, het Tiroler Hoferlied. Het had toen overigens nog geen officiële status als volkslied.

Frater Radulphus was toen al sinds 1888 op Curaçao gestationeerd. Hij had het er heel erg naar zijn zin en zou er maar liefst 65 jaar blijven, met een kleine onderbreking van 4 jaar. De frater was verbonden aan het onderwijs op Curaçao, allereerst hoofd van de school in Pietermaai, later gaf hij les aan het Colegio Santo Tomás in de Willemstadse wijk Scherpenheuvel. Ook was hij hoofd van de fraters op Curaçao en inspecteur van het katholiek onderwijs op de Nederlandse Antillen. Verder ontwierp hij een aantal schoolgebouwen. Met talen had hij weinig moeite, naast Nederlands sprak hij Papiaments, Spaans, Engels, Italiaans, Frans en Duits.

curacao portretten
Links: Frater Radulphus (1865-1961) / Rechts: Frater Candidus (1863-1938)

Terug naar het volkslied: het kreeg in zijn eerste versie de titel Den tur nashon nos patria ta poko konosi (In alle landen is ons vaderland vrijwel onbekend). Uiteindelijk componeerde frater Candidus (Adriaan Nouwens) (1863-1938) in 1930 een nieuwe melodie bij de tekst, dewelke het volkslied nu nog heeft.
De eilandraad besloot uiteindelijk in 1978 om het lied tot officieel volkslied voor Curaçao te maken. Men vond wel dat de tekst enigszins aangepast moest worden, zodat het minder ‘koloniaal’ werd. Verschillende eilandbewoners leverden bijdragen, zoals Guillermo Rosario, Mae Henriquez, Enrique Muller en Betty Doran. Op 22 juli 1978 werd de nieuwe versie aangenomen als volkslied en vier dagen later voor het eerst gezongen op het Brionplein.

Het volkslied heeft acht coupletten, waarvan doorgaans de eerste en de laatste twee worden gezongen. Alle acht coupletten worden alleen gezongen bij officiële beëdigingen, bijeenkomsten georganiseerd door de eilandraad en ook vandaag bij het hijsen van de vlag op het Brionplein. De tekst is in het Papiaments.

Bladmuziek volkslied Curacao
Bladmuziek van het Curaçaose volkslied

Antigua en Barbuda – National Flag Day / Nationale Vlagdag

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De 2e juli is de jaarlijkse vlagdag van Antigua en Barbuda. Het is de geboortedag van Sir Reginald Samuel, de ontwerper van de vlag.

Aankonding voor National Flag Day

Hij werd geboren op 2 juli 1933 en aangezien hij nog steeds onder ons is, viert hij vandaag zijn 92e verjaardag.

Sir Reginald Samuel op National Flag Day vorig jaar, tevens zijn verjaardag (foto: Team Antigua Island Girls)
Kaart van Antigua en Barbuda (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Antigua en Barbuda (1967-heden)

De vlag van Antigua en Barbuda kwam er na een ontwerpwedstrijd in 1966 in aanloop naar het verkrijgen van de status van geassocieerde staat van het Verenigd Koninkrijk op 27 februari 1967.
Ruim 600 mensen stuurden hun ontwerp in. Winnaar was de regionaal bekende kunstenaar en beeldhouwer Sir Reginald Samuel. Met zijn ontwerp won hij $500.

Reginald Samuel, ontwerper van de vlag van Antigua en Barbuda, legt de laatste hand aan zijn ontwerp (fotograaf onbekend)

De vlag bestaat uit een rood veld met een gelijkbenige driehoek met de punt naar beneden. Deze driehoek is horizontaal in drieën verdeeld in de kleuren zwart, blauw en wit.
Vanuit de blauwe balk is een gele opgaande zon op het zwarte vlak afgebeeld, met zeven hele en twee halve punten.

De opkomende zon staat symbool voor het aanbreken van een nieuw tijdperk.
De kleuren hebben verschillende betekenissen: rood staat voor energie en het leven van de mensen, het zwart voor de Afrikaanse afkomst van een deel van het volk, blauw voor hoop.
De kleuren zwart, geel, blauw en wit staan ook voor de bodem, de zon, de Caribische Zee en het zand.
De V-vorm is het symbool van de overwinning. De zeven punten van de zon vertegenwoordigen elk van de zes parochies op Antigua plus het eiland Barbuda.

Vlag kustwacht

De vlag van de kustwacht van Antigua en Barbados is een combinatie van twee vlaggen.
Als basis dient de vlag van Engeland (dat ook bekend staat als de ‘white ensign’: een wit veld met een rood St. Joriskruis, het complete kanton wordt echter ingenomen door de nationale vlag van Antigua en Barbuda.

Vlag van de kustwacht van Antigua en Barbuda

Vlag van Barbuda

Dat Barbuda zich als “klein broertje” nogal eens stiefmoederlijk behandeld voelt door het belangrijkere Antigua, is niet geheel onverwacht.
Het heeft ertoe geleid dat het eiland zich wilde onderscheiden met een eigen eilandvlag.

Vlag van Barbuda (1997-heden)

De vlag stamt uit 1997 en is een ontwerp van Hakim Akbar en Darlene Beazer, waarbij de blauwe balk in 2018 werd toegevoegd.
Het veld is horizontaal verdeeld: rood boven en groen onder, van elkaar gescheiden door een blauwe balk.
In het midden er overheen een gele cirkel (de zon) met daar overheen een zwarte mannelijke fregatvogel (Fregatidae) met een rode keelzak.

Een mannelijke fregatvogel (Fregatidae) met rode keelzak (fotograaf onbekend)

Het symbolisme van de kleuren: rood staat voor de passie, kracht en de liefde voor het eiland, groen voor de groei ervan, blauw staat voor de Caribische Zee die voedt en ondersteunt, tevens symbool voor de rust op het eiland.
Het geel van de rijzende zon staat voor hoop, de fregatvogel voor de vastberadenheid en vrijheid van de Barbudanen.

Vlag van de Barbuda Island Council

De vlag van de Barbuda Island Council is vrijwel gelijk aan die van het eiland, maar zonder de blauwe balk en een iets ander ontwerp van de fregatvogel.

Vlag van de Barbuda Island Council

Dat de fregatvogels van elkaar verschillen heeft waarschijnlijk geen andere reden dan dat de vlag geen specifieke specificaties heeft, waardoor vaak variaties ontstaan.

Foto uit 2020, waar de vlag van de Barbuda Island Council op te zien is, (foto gemaakt tijdens de begrafenis van Sir Thomas Hilbourne Frank (1931-2020), voormalig raadsvoorzitter van de Barbuda Island Council (fotograaf onbekend)

Vlag van de gouverneur-generaal

Vlag van de gouverneur-generaal van Antigua en Barbuda (2023-heden)

De vlag van de gouverneur-generaal van Antigua en Barbuda is koningsblauw met een Tudor-kroon, waarboven een Britse gekroonde en ‘gaande’ leeuw, de blik naar de toeschouwer,
Onder de kroon een gele banderol met in kapitalen ANTIGUA AND BARBUDA.
Een eerdere versie van de vlag had tot 2023 dezelfde afbeelding, maar dan met een andere kroon, nl. de Britse kroningskroon, St. Edward’s crown.
De huidige gouverneur-generaal is de van Antigua afkomstige Sir Rodney Williams.

Eén van de ceremoniële taken van de gouverneur-generaal is het uitspreken van de jaarlijkse troonrede (screenshot)