Veel Papoea-soldaten hebben in het PIR gediend, het Pacific Island Regiment, een onderdeel van het Australische leger, totdat Papoea-Nieuw-Guinea onafhankelijk werd in 1975. De datum van 23 juli herinnert aan de First Battle of Kokoda in 1942. Deze Pacifische slag werd uitgevochten door geallieerde troepen (voornamelijk Australisch) en Japanners.
Gouverneur-generaal Sir Bob Dadae (1961) salueert bij het oorlogsmonument (herdenking 2019/screenshot)
De officiële herdenking vindt plaats bij het oorlogsmonument in Remembrance Park in de hoofdstad Port Moresby.
Het oorlogsmonument in Remembrance Park in Port Moresby (fotograaf onbekend)
De vlag
Vlag van Papoea-Nieuw-Guinea (1971-heden)
De vlag is een tweekleur, diagonaal verdeeld, van de top van de broekingszijde naar de onderkant van de vluchtzijde. De driehoek aan de mastkant is zwart, die aan de vlucht is rood. In het zwarte gedeelte is het sterrenbeeld Zuiderkruis geplaatst en in het rode een paradijsvogel in geel. De ratio is een ietwat ongebruikelijke 3:4.
De vlag is het resultaat van een ontwerpwedstrijd, die met de kleinst mogelijke meerderheid (één stem) werd gewonnen door de toen 17-jarige Susan Karike (1956-2017). Die stemming was op 4 maart 1971 en daarmee had Papoea-Nieuw-Guinea zijn eigen vlag, nog vóór de onafhankelijkheid in 1975.
Op 16 september 1975 werd de vlag voor het eerste gehesenop Independence Hill in Port Moresby (fotograaf onbekend)
De kleuren rood en zwart zijn de meestgebruikte kleuren in de inheemse kunst. Het Zuiderkruis verwijst naar de band met Australië, die het sterrenbeeld ook in zijn vlag heeft.
V.l.n.r.: De grote paradijsvogel (Paradisaea apoda) / Sterrenbeeld het Zuiderkruis / Vlag van Australië, óók met het Zuiderkruis
De grote paradijsvogel is dé vogel van Papoea-Nieuw-Guinea en wordt veelvuldig als embleem gebruikt, ook in het staatswapen.
Ook op postzegels van Papoea-Nieuw-Guinea is de grote paradijsvogel een veelgebruikt onderwerp (postzegels uit respectievelijk 1932, 1971, 1973 en 1984)Het staatswapen van Papoea-Nieuw-Guinea (24 juni 1971): een paradijsvogel op een inheemse “kundu”-trommel, met daarachter een ceremoniële speer
Oorlogsvlag
Een afgeleide van de nationale vlag is de oorlogsvlag van Papoea Nieuw Guinea. De vlag is wit en heeft de nationale vlag in het kanton. Voor zover bekend is de vlag rond 1996 ingesteld.
Oorlogsvlag van Papoea Nieuw Guinea
Vlag van de gouverneur-generaal
Hoewel Papoea Nieuw Guinea een onafhankelijk land is, is het ook een Gemenebestland met de Britse Koning Charles III als staatshoofd, wat puur ceremonieel is. De officiële vertegenwoordiger van Charles is de gouverneur-generaal, we kwamen hem eerder in het artikel al tegen. De huidige gouverneur-generaal is Sir Bob Dadae, hij trad aan op 28 februari 2017 en hij heeft zijn eigen vlag en die zien we hieronder:
De vlag is koningsblauw met een vereenvoudigde weergave van de St. Edwards Crown, de kroon waar Britse koningen mee worden gekroond. Op de kroon is een gekroonde goud- of geelkleurige aanziende leeuw geplaatst. Onder de kroon een gouden of gele banderol met in zwarte kapitalen PAPUA NEW GUINEA.
21 juli 1831 was de dag waarop Leopold van Saksen-Coburg-Gotha als koning van het sinds een jaar daarvoor onafhankelijke België werd geïnstalleerd. De huidige koning Filip is de 7e koning der Belgen uit dit geslacht. Aangezien Filip op 21 juli 2013 als koning aantrad, viert hij vandaag tevens zijn 12-jarig koningschap.
Links: Koning Leopold I (1790-1865) / Rechts: Koning Filip (1960)
Sinds 1890 wordt de Nationale Feestdag op 21 juli gevierd. Doorgaans vinden op de avond vóór de Nationale Feestdag al enige activiteiten plaats, zoals een gratis concert.
Op 21 juli zelf komt de koninklijke familie ’s morgens bijeen voor een dankdienst, het zogenaamde Te Deum in de Sint-Michiels-en-Sint-Goedelekathedraal in Brussel. ’s Middags is er vanaf 14.40 uur het traditionele militair en burgerlijk defilé voor het Koninklijk Paleis in Brussel, waar sinds 2021 ook de halfzus van de koning, prinses Delphine van Saksen-Coburg (voorheen beter bekend als Delphine Boël) en haar partner James O’Hare, bij aanwezig zijn.
Opvallende toespraak
Aan de vooravond van de nationale feestdag haalde koning Filip internationaal het nieuws met een opvallende toespraak waarin hij zich onder meer uitliet over de situatie in Gaza, waarin hij van zijn hart geen moordkuil maakte, beslist opvallende voor een vorst van een parlementaire democratie: “Ik sluit mij aan bij al wie de ernstige humanitaire wantoestanden in Gaza aan de kaak stelt. Waar onschuldige burgers, gevangen in hun enclave, van honger sterven en bezwijken onder de bommen. De huidige toestand sleept al veel te lang aan. Dit is een schande voor de mensheid.”
Screenshots militaire parade 2025
Koning Filip en koningin Mathilde arriveren bij het erepodiumLinks op het podium drie van de vier kinderen van het koninklijk paar, v.l.n.r. de prinsessen Eléonore, Elisabeth (de hertogin van Brabant en kroonprinses) en prins EmmanuelHet koninklijk paar vlak voor de paradeNaast het hoofdpodium waren de overige familieleden present, v.l.n.r. James O’Hare, prinses Delphine, prinses Claire, prins Laurent, prins Lorenz en prinses AstridDe parade werd geopend met muziekMode-experts wisten te melden dat de koningin gekleed ging in een kanten jurk van Modehuis Natan en een hoed van ontwerpster Fabienne DelvigneDe vaandels van de verschillende legeronderdelen maken hun opwachtingKoning Filip groet de vaandels in zijn rol van opperbevelhebber van het Belgische legerNa afloop schudde de koning nog de nodige handen
De vlag
Vlag van België, ‘standaard-model’ (1831-heden)
De vlag van België had in 1830 nog horizontale banen: rood, geel en zwart. Onder invloed van de Franse ‘Tricolore’, ook een revolutionaire vlag, werden de strepen op 23 januari 1831 gekanteld, met het rood dus aan de broekingzijde.
Links: eerste Belgische vlag (1830) / Rechts: tweede, gekantelde versie, met het rood aan de broekingszijde
De laatste wijziging was later dat jaar, op 12 oktober, toen de kleurenvolgorde werd omgedraaid, dus: zwart, geel rood. Het opmerkelijke is dat deze wijziging niet in de Belgische Grondwet werd opgenomen: in Artikel 193 staat nog steeds te lezen dat de kleuren rood, geel en zwart zijn! De kleuren zelf zijn afkomstig uit het wapen van Brabant: een zwart schild met een gouden leeuw met tong en klauwen in rood.
Wapen van Brabant (historische versie met hertogelijke kroon)
Afmetingen
Curieus zijn de afmetingen van de Belgische vlag, die zijn 13:15 (hoewel dit niet exact zo in de Grondwet staat), maar dat is zo ongebruikelijk, dat deze maatvoering buiten officiële instanties eigenlijk niet voorkomt. In het straatbeeld zal men de officiële versie dus eigenlijk weinig zien, maar wordt de standaardmaat voor een vlag van 2:3 gebruikt.
Links: de officiële versie van de Belgische vlag (13:15) / Rechts: de ‘paleis’-versie (4:3)
Maar er is meer, er is nóg een maat, de koninklijke: het Koninklijk Paleis te Brussel en het Kasteel van Laeken, net buiten de hoofdstad, voeren hoog in de top vlaggen met de verhoudingen 4:3, maar dat heeft te maken met het perspectief voor de man of vrouw in de straat die ver omhoog moet kijken om de vlag te zien.
Colombia was in 1810 een deel van het Spaanse koninkrijk, net zoals het grootste deel van Midden- en Zuid-Amerika. Het deelt dan ook deel van z’n historie met de omringende landen. Buurland Venezuela riep op 5 juli 1811 de onafhankelijkheid uit.
Colombia deed dat één jaar eerder, op 20 juli 1810. Spanje was het er uiteraard niet mee eens en na de napoleontische oorlogen werd de koloniale orde hersteld.
Kopie van de Onafhankelijkheidsverklaring van 1810, het origineel ging verloren tijdens een brand in winkelcentrum Galerías Arrubla, waar tegenwoordig het Liévano-paleis in Bogotá staat (publiek domein)
Maar in 1819 werd de definitieve onafhankelijkheid bereikt, o.l.v. de grote ‘bevrijder’ Simón Bolívar. Het land besloeg toen een veel groter gebied onder de naam Gran Colombia en omvatte de huidige territoria van Colombia, Venezuela, Ecuador, Panama, het noorden van Peru, het westen van Guyana en het noordwesten van Brazilië. President werd Simón Bolívar. In 1830 viel deze grote republiek uiteen en kregen de meeste landen hun huidige vorm. Panama maakte echter tot 1903 nog onderdeel uit van Colombia en werd daarna een aparte republiek.
Affiche voor de feestdag (publiek domein)
De vlag
Vlag van Colombia (1861-heden)
De vlag van Colombia is een horizontale driekleur in geel, blauw en rood, waarbij de gele baan dubbel zo breed is als de blauwe en rode. Het huidige ontwerp werd ingevoerd op 26 november 1861. De kleuren staan voor Amerika (geel), door de zee (blauw) gescheiden van het bloeddorstige (rood) Spanje.
De vlag van Colombia heeft sinds het land een aparte republiek werd in 1830 verschillende verschijningsvormen gekend. Het zou te ver voeren die hier allemaal te behandelen. Wel is het zo dat de kleuren van de vlag vanaf het begin af geel, blauw en rood waren. Het land greep daarmee terug op de vlag van Gran Colombia, dat dezelfde kleuren gebruikte. Dat Venezuela en Ecuador ook die kleuren gebruiken is dan ook geen toeval, daar zij ook uit deze ‘superstaat’ voortkwamen.
Naast de nationale vlag kent Colombia ook nog twee afgeleiden: een koopvaardij- of handelsvlag en een marine- of oorlogsvlag.
De eerste bestaat uit de nationale vlag met in het midden een blauwe ovaal met rode rand. In het ovaal is een witte achtpuntige ster. Deze vlag bestaat sinds 1834. In 1861 werd de ster uit het ovaal gehaald en vervangen door negen zevenpuntige sterren in zilver. In april 1890 werd dat weer teruggedraaid naar het oorspronkelijke ontwerp. Sindsdien is de vlag onveranderd.
Links: Koopvaardij- of handelsvlag van Colombia / Rechts: Marine- of oorlogsvlag van Colombia
Op de marine- of oorlogsvlag zien we het rijkswapen midden op de vlag. Ze bestaat eveneens sinds 1834, onderging in de 19e eeuw enkele wijzigingen, maar is sinds 1924 onveranderd. In 1949 werd het ontwerp wettelijk vastgelegd.
Colombiaanse marinevlaggen tijdens de viering van 200 jaar Colombiaanse marine in 2023 (fotograaf onbekend)
Zeeuws-Vlaanderen viert feest. Vanaf 20 juli 1814 wordt het landsdeel als Zeeuws aangemerkt, na een paar maanden onderdeel te zijn geweest van de provincie Noord-Brabant. Voor die tijd heette het Staats-Vlaanderen en was een zogenaamd generaliteitsland.
De generaliteitslanden waren gebieden die tijdens en na de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) op de Spanjaarden waren veroverd. Ze werden wel bestuurd door de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, maar dienden als een soort bufferzones tussen de Republiek en de Spaanse (en later) Oostenrijkse Nederlanden.
Op deze kaart: een deel van de generaliteitslanden in lichtgroen
Het waren geen aaneengesloten gebieden. Het grootste generaliteitsland was Staats-Brabant (ruwweg het gebied van de huidige provincie Noord-Brabant). Het tegenwoordige Zeeuws-Vlaanderen was ook zo’n gebied. De gebieden werden rechtstreeks bestuurd door de Raad van State. Bijna alle generaliteitslanden waren rooms-katholiek en werden financieel met harde hand bestuurd, door het heffen van hoge belastingen.
In 1794 wordt Staats-Vlaanderen door de Fransen veroverd. In eerste instantie wordt het gebied bij Oost-Vlaanderen ingedeeld, maar vanaf 1795 wordt het onderdeel van Frankrijk, onder de naam Département de l’Escaut (Scheldedepartement), subdivisie Arrondissement de Sas-de-Gand.
Kaart van het Franse Département de l’Escaut, waarvan het noorden gevormd wordt door het huidige Zeeuws-Vlaanderen, kaart uit 1806 van L’Abbé Delaporte
De Republiek werd ook door de Fransen veroverd, maar gold de eerste jaren als apart gebied: van 1795 tot 1806 als Bataafse Republiek, van 1806 tot 1810 onder de naam Koninkrijk Holland, met als koning Napoleon’s broer Lodewijk Napoleon. Van 1810-1813 wordt het koninkrijk bij het Franse keizerrijk ingelijfd.
Het Koninkrijk Holland in 1807, nog zonder Zeeuws-Vlaanderen (en zonder Limburg, maar mét Oost-Friesland)
Als koning Willem I van Oranje-Nassau (de zoon van de laatste stadhouder Willem V) na de Franse bezetting onder Napoleon in 1813 is teruggekeerd in Nederland, tekent hij op 20 juli 1814 het ‘besluit houdende de vereeniging van Staats-Vlaanderen met de provincie van Zeeland’, nadat hij kort daarvoor, op een boottocht van Antwerpen naar Vlissingen, ervan overtuigd was geraakt dat Zeeuws-Vlaanderen geografisch gezien beter bij Zeeland dan bij Noord-Brabant paste. Vanaf dat moment is het gebied dus Zeeuws.
Zeeuws-Vlaanderen op een schoolkaart uit 1962
De vlag
Vlag van Zeeuws-Vlaanderen (2009-heden)
De Zeeuws-Vlaamse vlag bestaat sinds 2009. Dingeman de Koning uit Axel ontwierp hem volgens heraldische regels.
Dingeman de Koning, ontwerper van de vlag (screenshot)
De bovenste rode strepen komen uit wapen en vlag van Sluis, de onderste blauwe strepen uit die van Terneuzen en stellen de Noordzee, de Westerschelde en het Zwin voor.
De vlaggen van Sluis (2003), Terneuzen (2003) en Hulst (1956)
De gele baan met Leeuw herinnert aan de vlag van Hulst en aan die van Vlaanderen, waarin ook een zwarte leeuw is afgebeeld. Zeeuws-Vlaanderen voelt zich verbonden met Nederland, en dat wordt uitgedrukt met de kleuren rood-wit-blauw. De verbondenheid met Vlaanderen komt terug door de kleuren zwart-geel-rood.
De vlaggen van Vlaanderen, Nederland en België
Dat juist symbolen van Sluis, Terneuzen en Hulst zijn gekozen, kwam niet alleen goed uit om die verbondenheid weer te geven, maar tevens omdat deze drie steden de naamgevers zijn van de huidige drie gemeentes waaruit Zeeuws-Vlaanderen bestaat.
In het oorspronkelijke ontwerp stond de Leeuw in het midden van de vlag, maar de Hoge Raad van Adel gaf als tip mee het dier iets meer naar de broekings- of mastzijde te plaatsen. Als het niet al te hard waait, is dit het vlaggedeelte wat als eerste zichtbaar is bij een zuchtje wind.
Het gedachtengoed van de vlag werd tot nog toe bewaard en bewaakt door de Stichting De Zeeuws-Vlaamse vlag, maar vanaf 21 juli 2020, werd vanwege de vergevorderde leeftijd van de bestuurders, de zetel overgedragen aan de Stichting Cultureel Erfgoed Het Warenhuis (het stadsmuseum) te Axel.
Hoewel Uruguay pas in 1828 werkelijk vrij en onafhankelijk was, is de officiële onafhankelijkheidsdag 25 augustus 1825. Voor die tijd was het onderdeel van Spaans Amerika onder de naam Banda Oriental en vormde het samen met het tegenwoordige Argentinië en een stukje Bolivia de zogenaamde Provincias Unidas del Río de la Plata (de Verenigde Provincies van de Río de la Plata).
In 1816 probeerde Portugal vanuit zijn kolonie Brazilië de Banda Oriental te veroveren. Dat bleek uiteindelijk succesvol in 1817, toen Montevideo werd ingenomen. Toen Brazilië in 1822 zelf onafhankelijk werd van Portugal, was Uruguay ineens onderdeel van het Keizerrijk Brazilië.
Een revolutionaire groepering onder de naam Treinta y Tres Orientales, die onder leiding stond van Juan Antonio Lavalleja, riep de onafhankelijkheid uit op 25 augustus 1825. Hierna brak er een gewapende strijd van drie jaar uit, de Guerra del Brasil, die uitmondde in het Bestand van Montevideo (in het Spaans: Convención Preliminar de Paz) van 27 augustus 1828. En daarmee was Uruguay definitief zelfstandig.
“Boceto para la Jura de Constitución de 1830”, olieverfschilderij uit 1872 van Juan Manuel Blanes (1830-1901) en toont de feestelijkheden op 18 juli 1830 te Montevideo op het Plaza Mayor (het tegenwoordige Plaza Matriz)(Collectie Museo Histórico Nacional, Montevideo / Publiek domein)
De eerste eigen grondwet werd ingevoerd op 18 juli 1830 en staat nu bekend als de Jura de la Constitución. De tekst van de grondwet bleef onveranderd tot 1918. Vele wijzigingen volgden sindsdien. In hoofdstad Montevideo herinnert de straatnaam La Avenida 18 de Julio aan de invoering van de eerste grondwet.
La Avenida 18 de Julio, een van de hoofdstraten van Montevideo (fotograaf onbekend)
Devlag
Vlag van Uruguay (1830-heden)
De vlag is in gebruik sinds 16 december 1828 en telde toen negen blauwe banen (voor de negen departementen). Sinds 11 juli 1830 telt de vlag nog maar vier blauwe banen, maar als we de vijf witte banen meetellen, komen we toch weer op de symbolische negen.
Links: vlag van Argentinië / Rechts: vlag van Uruguay (1818-1830)
De Argentijnse vlag diende als voorbeeld voor de Uruguyaanse, met de afbeelding van de ‘mei-zon’ (el Sol de Mayo), die in Argentinië herinnert aan het begin van hun vrijheidsoorlog op 25 mei 1810.
Uruguay heeft geen aparte vlag voor zijn president, wel is er een presidentiële sjerp met de blauwwitte strepen van de vlag en daaroverheen het staatswapen.
De huidige president van Uruguay, Yamandú Orsi (1967), die op 1 maart dit jaar werd geïnstalleerd, op dit officiële portret zien we hem met de presidentiële sjerp met staatswapen (foto gedeeld door de president op X)
Op zee is dat een ander verhaal: opvallend genoeg voert de president wel een aparte vlag als hij of zij in functie aan boord van een schip is.
De maritieme vlag van de president van Uruguay
Hierboven zien we die vlag. Ze is wit met vier blauwe ankers, in elke hoek één. In het midden het staatswapen van Uruguay. Het wapen werd aangenomen op 19 maart 1829 en aangepast in 1906. Het bestaat uit een in vieren gedeeld ovalen schild, omkranst door een lauriertak links (symbool voor eer) en een olijftak rechts (symbool voor vrede) en wordt bekroond door een opkomende ‘mei-zon’ (Sol de Mayo), het nationale symbool.
In Kwartier I (linksboven) zien we een gouden (of gele) weegschaal op een blauw veld, symbool voor gelijkheid en rechtvaardigheid. In Kwartier II (rechtsboven) zien we de Cerro de Montevideo (de Heuvel van Montevideo), de heuvel in groen, het fort er bovenop in zilver, met onder de heuvel vijf blauwe golvende banen, dit alles tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor kracht. In Kwartier III (linksonder) een zwart paard tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor vrijheid. In Kwartier IV (rechtsonder) tot slot, zien we een gouden (of gele) os tegen een blauwe achtergrond, symbool voor overvloed.
Marine
Marinevlag van Uruguay (1998-heden)
En nu we toch op zee zijn: Uruguay voert ook een aparte marinevlag en die zien we hierboven, ze vervangt een eerder model en werd in 1998 ingevoerd. Het ontwerp is gebaseerd op de historische marinevlag van 1817. De vlag is wit met een breed andreaskruis in blauw, in het midden een gestileerde versie van de Sol de Mayo, die dus afwijkt van de zon op de nationale vlag.
Op deze foto uit 2018 zien we de Uruguayaanse marinevlag achter toenmalig opperbevelhebber admiraal Carlos Abilleira (foto: defensa.com/uruguay)
Tijdens een bezoek van Mark Rutte, secretaris-generaal van de NAVO, aan het Witte Huis, herhaalde de Amerikaanse president Trump zijn vorige week aangekondigde besluit om meer wapens naar Oekraïne te sturen.
Bezoek van NAVO-chef Mark Rutte aan het Witte Huis, naast de twee hoofdrolspelers zien we op de bank rechts vice-president J.D. Vance, minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio en minister van Defensie Pete Hegseth (screenshot)
Tijdens een persmoment met Rutte in de Oval Room, liet Trump weten dat hij “wapens van topkwaliteit”, ter waarde van “miljarden dollars” naar Oekraïne zal sturen en dat de NAVO-landen (maar niet de V.S.) de kosten hiervoor zullen dragen. Dit sturen van wapens, zoals Patriots, gebeurt overigens vanuit Europa: NAVO-landen sturen dit luchtverdedigingssysteem vanuit hun voorraad naar Oekraïne, waarna de V.S. de Europese exemplaren vervangt. In Trump’s woorden zal Oekraïne op die manier “massaal” […] voorzien [worden] van wat nodig is via de NAVO”. Welke andere wapens via deze constructie naar Oekraïne zullen gaan bleef door Trump en Rutte onbenoemd.
Trump’s bereidheid om Oekraïne militair te helpen komt ongetwijfeld voort uit zijn frustratie over de Russische president Poetin, vooral na zijn laatste telefoongesprek. Gevraagd naar zijn relatie met zijn Russische collega, antwoordde Trump “zeer prettige telefoongesprekken” met de Russische president te hebben, ze worden echter steevast gevolgd door verwoestende luchtaanvallen op Oekraïne, die steeds intensiever en frequenter worden. “Als dat drie of vier keer gebeurt, zeg je: praten betekent niets”, aldus Trump.
“Ik wil hem geen huurmoordenaar noemen, maar hij is een stoere vent. Het is in de loop der jaren bewezen dat hij veel mensen voor de gek heeft gehouden: Clinton, Bush, Obama, Biden”, voegde hij eraan toe. “Mij heeft hij niet voor de gek gehouden. Op een gegeven moment heeft praten geen zin meer, dan is het tijd voor actie.” Tevens waarschuwde hij Rusland dat als er binnen vijftig dagen geen akkoord wordt bereikt om de oorlog te beëindigen de V.S. importheffingen “van rond de 100%” aan Rusland zouden opleggen. Overigens zou dit weinig effect hebben, daar de export naar de V.S. in 2024 slechts 3 miljard dollar bedroeg, ofwel 0,7 procent van de totale Russische export.
Daarnaast dreigde Trump vervolgens met “secundaire importheffingen” middels een wet die in voorbereiding is, waar zowel Republikeinse als Democratische politici op aandringen. Deze Sanctioning Russia Act of 2025 richt zich op andere landen die Russische olie en gas afnemen. Het wetsvoorstel zou Trump de bevoegdheid geven om heffingen van 500% op te leggen aan elk land dat Rusland helpt. Amerikaanse senatoren wachten naar verluidt op Trumps goedkeuring om het wetsvoorstel verder te behandelen. Tot die “andere landen” behoren China en India, beide landen nemen fossiele brandstoffen af van Rusland.
Vitaly Klitschko, de burgemeester van Kiev, werd dinsdag geïnterviewd voor de Duitse tv (screenshot)
Niet iedereen is onder de indruk van Trump’s aankondigingen: zo liet de burgemeester van Kiev, Vitaly Klitschko, weten dat hij niet snapt dat Trump Rusland een periode van vijftig dagen geeft om de oorlog te beëindigen. Volgens hem zijn de Russische aanvallen steeds intensiever en kunnen er in die periode van 50 dagen meer mensen omkomen.
Logo van de Human Rights Monitoring Mission in Ukraine (HRMMU
Dit wordt onderschreven door de V.N.: volgens mensenrechten-waarnemers van die organisatie, de Human Rights Monitoring Mission in Ukraine (HRMMU), werden er vorige maand in Oekraïne meer dan 230 burgers gedood en raakten er nog veel meer gewond. Dit is het hoogste aantal in drie jaar, terwijl Rusland een recordaantal drone- en raketaanvallen uitvoerde.
Liquidaties na moord op Ivan Voronych
Afgelopen donderdag werd kolonel Ivan Voronych, een officier die werkte voor de Oekraïense veiligheidsdienst S.B.U., door twee agenten van de F.S.B. (de Federale Veiligheidsdienst van de Russische Federatie, opvolger van de K.G.B.) in de zuidelijke wijk Holosiivskyi (Kiev) op straat doodgeschoten.
Beeld van Ivan Voronychkort voordat hij op straat vermoord werd door twee agenten van de F.S.B. (screenshot)
Afgelopen zondagochtend werden de twee Russische agenten op hun beurt in hun schuilplaats geliquideerd, nadat ze zich hadden verzet tegen hun arrestatie, aldus het hoofd van de S.B.U., Vasyl Malyuk, in een videoboodschap.
Vasyl Malyuk, hoofd van de S.B.U. tijdens zijn videoboodschap n.a.v. de liquidatie van twee Russische F.S.B.-agenten (screenshot)
Yulia Svyrydenko voorgedragen als nieuwe premier
De huidig Oekraïense vice-premier Yulia Svyrydenko is door president Zelensky voorgedragen als premier. Als het éénkamer-parlement, de Verkhovna Rada, akkoord gaat, zou de benoeming vandaag een feit kunnen zijn. De huidige premier, Denys Shmyhal, heeft zijn ontslag inmiddels aangeboden.
President Zelensky met Yulia Svyrydenko (1985) aan zijn zijde tijdens een kabinetsvergadering (screenshot)
Svyrydenko (39) was naast vice-premier ook minister van Economische Ontwikkeling en Handel. Met de benoeming streeft Zelensky ernaar het “economisch potentieel van Oekraïne te versterken, steunprogramma’s voor de bevolking uit te breiden en de binnenlandse wapenproductie op te voeren”. De nieuwe premier heeft laten weten dat ze wil inzetten op deregulering, het terugdringen van bureaucratie en het schrappen van onnodige overheidsuitgaven.
Russische aanval op Dobropillia: doden en gewonden
Gisteren, aan het begin van de avond, was er een Russische aanval met een geleide-luchtbom (een “slimme” bom) in het centrum van Dobropillia (28.000 inwoners), in de oblast Donetsk, waarbij doden en gewonden vielen.
Verwoesting en brand nadat een geleide-luchtbom in het centrum van Dobropillia ontplofte (foto: DobropilliaInfo)
Volgens Vadym Filashkin, hoofd van het militaire bestuur van de oblast Donetsk, vielen voor er zover nu bekend drie doden en zevenentwintig gewonden. Opruimwerkzaamheden zijn gaande en energiebedrijven werken aan het herstel van de elektriciteitsvoorziening.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Sinds 2008 is het niet langer een vrije dag. Wel wordt er veel gevlagd en is er een presidentiële ceremonie met allerlei gezagsdragers. Verder worden er verschillende marathons georganiseerd.
De Zuid-Koreaanse vlag staat bekend onder de naam T’aegukgi (T’aeguk-vlag). Hij werd -in iets gewijzigde vorm- ontworpen in 1882, en ingevoerd op 27 januari 1883, toen het toen nog verenigde Korea een keizerrijk was.
Oude versie van de vlag van Zuid-Korea
De vlag heeft een wit veld met middenin een cirkelvormig rood-blauw symbool, de T’aeguk, de vier hoeken bevatten zwarte symbolen bestaande uit balken en balkjes. De kleur wit is een traditionele Koreaanse kleur en staat voor de zuiverheid en de vrede.
De T’aeguk bestaat uit in een twee delen gesneden schijf, de bovenkant rood, de onderkant blauw. Het zijn de yin (de blauwe onderkant) en de yang (de rode bovenkant). Het is een oeroude symboolcombinatie voor de kosmos en zijn tegenstellingen, zoals goed en kwaad, dag en nacht, droogte en vocht, licht en duisternis, mannelijk en vrouwelijk, actief en passief, enzovoort. De centrale gedachte hierbij op de vlag is dat er een voortdurende beweging in het universum is, maar dat er tegelijkertijd harmonie en balans is.
T’aeguk-symbool (yin en yang)
De balkjessymbolen in de hoeken zijn zogenaamde trigrammen. Linksboven drie doorlopende balken, dit symbool heet de geon en staat voor de hemel, de lente, het oosten, de menselijkheid, vader, de hemel en gerechtigheid. Linksonder twee doorlopende balken en één gedeelde, dit is de ri, het staat voor de zon, de herfst, het zuiden, juistheid, dochter, vuur en vervulling.
De vier trigrammen van de vlag: v.l.n.r.: 건 (geon) / 리 (ri) / 감 (gam) / 곤 (gon)
Rechtsboven één doorlopende balk en twee gedeelde, dit is gam, en die staat voor de maan, de winter, het noorden, intelligentie, zoon, water en wijsheid. Rechtsonder tenslotte is gon, drie gedeelde balken, met als betekenis de aarde, zomer, het westen, beleefdheid, moeder, grond en vitaliteit. Net als de T’aeguk en de yin en yang symboliseren de trigrammen het evenwicht.
Vlag van Noord-Korea (1948-heden)
Sinds 15 augustus 1948 is dit de officiële vlag van Zuid-Korea, Noord-Korea heeft op 9 september 1948 zijn eigen vlag ingevoerd en die zien we hierboven.
Vlag van de president
Presidentiële vlag van Zuid-Korea (1967-heden)
De presidentiële vlag is blauw met twee goudkleurige, naar elkaar toegewende feniksen, tussen de staarten van de fabeldieren een eveneens goudkleurige hibiscusbloem, om precies te zijn de Hibiscus syriacus.
De vlag voor het kantoor van de president, sinds 4 juni dit jaar is dat Lee Jae Myung (fotograaf onbekend)
Hoewel specifieke bronnen ontbreken, lijkt de de vlag in 1967 te zijn ingevoerd, waarbij het ontwerp hetzelfde is als dat van het al langer in gebruik zijnde zegel van Zuid-Koreaanse presidentschap, dat in ieder geval tot 1960 teruggaat.
De Zuid-Koreaanse president Lee Jae Myungmet de presidentiële vlag van Zuid-Korea, in dit geval uitgevoerd met goudkleurige franje langs de randen (screenshot Yonhap News)
Lee Jae Myung (이재명) (1963) is de op 4 juni dit jaar aangetreden president van Zuid-Korea.
Vandaag wordt Jennifer Simons geïnstalleerd als de nieuwe (en eerste vrouwelijke) president van Suriname, waarmee ze Chan Santokhi opvolgt.
Jennifer Simons te gast in de Dave Podcast van Dave van Aerde, vorige maand (screenshot)
Jennifer Geerlings-Simons werd geboren op 5 september 1953 in Paramaribo en is van beroep arts. In 1996 werd ze parlementslid voor de Nationaal Democratische Partij (NDP), de partij die werd opgericht door Desi Bouterse, die tevens van 1987 tot 2020 partijvoorzitter was, tussen 2010 en 2020 was hij tevens president van Suriname.
Na een langslepende rechtszaak werd voormalig legerleider en president Bouterse in 2023 in hoger beroep tot twintig jaar gevangenisstraf veroordeeld voor zijn hoofdrol in de zogenaamde Decembermoorden in 1982, maar hij ontliep zijn straf door te vluchten en zich schuil te houden. Hij overleed in zijn schuilplaats op 23 december 2024.
Met een zeer kleine meerderheid (26 van de 50 stemmen) werd Jennifer Simons in 2010 gekozen tot parlementsvoorzitter. Speculatie was er na haar overwinning over eventuele omkoping. Volgens toenmalig minister van Justitie en Politie, Santokhi (die zij vandaag dus als president opvolgt), was er grof geld betaald om de stem van twee parlementsleden om te kopen.
Jennifer Simons in haar rol als parlementsvoorzitter (2010-2020) (screenshot)
Tijdens haar tienjarige voorzitterschap werd Simons door de oppositie er meermaals van beschuldigd partijdig te zijn en dat de oppositie het vaak met minder spreektijd moest doen. In april 2012 werd ze van dictatoriaal gedrag beticht, toen ze enkele oppositieleden uit het parlement liet verwijderen, nadat die zich bij haar spreekgestoelte hadden gemeld om uitleg te vragen over haar beslissing dat er tijdens de behandeling van de zogenaamde belagingswet(stalking), niet verwezen mocht worden naar de veel bekritiseerde Amnestiewet (die de verdachten van de Decembermoorden vrijwaarde van strafrechtelijke vervolging, waaronder president Desi Bouterse).
Jennifer Simons tijdens een politieke bijeenkomst van de Nationale Democratische Partij (NDP) (screenshot)
Bij de parlementsverkiezingen van 25 mei jongstleden was Jennifer Simons de lijsttrekker voor de NDP. De partij behaalde 93.545 stemmen, 6.513 meer dan de Vooruitstrevende Hervormings Partij (VHP), de partij van zittend president Chan Santokhi. Simons kon daarna aan de slag als formateur. Al snel werd duidelijk dat ze aanstuurde op een brede coalitie van zes partijen, naast haar eigen NDP zijn dat de NPS, ABOP, Pertjajah Luhur, BEP en A20, waarmee de VHP buiten spel staat. Op 6 juli werd ze bij acclamatie gekozen als nieuwe president van Suriname, vandaag is haar installatie. Datzelfde geldt voor haar vice-president, Gregory Rusland, van de Nationale Partij Suriname (NPS).
Gregory Rusland (1959), de nieuwe vice-president van Suriname, hier tijdens een verkiezingsbijeenkomst van de NPS (foto: NPS)
Screenshots beëdiging
In de Anthony Nesty Sporthal in Paramaribo was een Buitengewone Openbare Vergadering van De Nationale Assemblee belegd voor de beëdiging van Jennifer Simons als president, op de voorste rij zien we v.l.n.r. uitgaand vice-president Ronnie Brunswijk, de zojuist beëdigde nieuwe vice-president Gregory Rusland en uitgaand president Chan SantokhiJennifer Simons legt de eed af……en krijgt de presidentiële sjerp omgehangen door haar voorganger Chan SantokhiOnder toeziend oog van Assemblee-voorzitter Ashwin Adhin feliciteert Santokhi zijn opvolgster……waarna president Simons naar de Assemblee-leden zwaaitAansluitend was er een militaire parade in Paramaribo
De vlag
Vlag van Suriname (1975-heden)
De vlag van Suriname werd ingevoerd op 25 november 1975, de dag dat het land onafhankelijk werd van Nederland. Voor het ontwerp was een wedstrijd uitgeschreven waarvoor meer dan 270 inzendingen binnenkwamen. Geen van deze ontwerpen werd uiteindelijk gekozen. Wel kwamen verschillende onderdelen van verschillende inzenders uiteindelijk terug in de vlag.
De gele ster in het midden staat voor eenheid en hoop. De twee groene en één rode baan staan voor de kleuren van de politieke partijen die ten tijde van de onafhankelijkheid aan de macht waren. Het rood staat tevens voor de liefde. De twee witte stroken daartussen staan voor gerechtigheid en vrijheid.
Over de positie van de ster ontstond nog enige discussie. Uiteindelijk werd gekozen voor een placering met twee punten naar beneden, of zoals toenmalig president John Ferrier het zei: “Met beide benen stevig op de grond”.
Eerdere vlag
Om kort nog iets te zeggen over de vorige vlag van Suriname: deze was in gebruik tussen 8 december 1959 en 25 november 1975.
Vlag van Suriname (1959-1975)
Deze vlag was wit met vijf vijf-puntige sterren in een ellips, verbonden door een zwarte lijn. De kleuren van de sterren stonden voor de verschillende bevolkingsgroepen: zwart voor de Creolen, bruin voor de Indiërs, geel voor de Chinezen, rood voor de Indianen en wit voor de blanke Europeanen.
Noni Lichtveld (1929-2017)
Het ontwerp was van illustratrice en schrijfster Noni Lichtveld (1929-2017).
Deze dag is er één met de nodige veranderingen: eerst een andere naam, daarna een andere datum! Waar gaat het over?
Hoewel de 28e juli al sinds 2008 als officiële feestdag bestond onder de naam Doopdag, is de naam van de dag sinds 2022 Dag van de OekraïenseStaat. Hoe zit dat in elkaar?
Het was president Viktor Joesjtsjenko die de 28e juli in 2008 instelde als feestdag. Dat jaar was het 1.020 jaar geleden dat Vladimir van Kiev, grootvorst en heerser van het Kievse Rijk, (die zichzelf in 987 liet dopen en daarmee het christelijk geloof omarmde), zijn onderdanen in 988 opdroeg zich ook te bekeren tot het christendom. Het Kievse Rijk (822 -1240) was een vroegmiddeleeuwse voorloper van het huidige Rusland, Wit-Rusland (Belarus) en Oekraïne. Kiev, de tegenwoordige hoofdstad van Oekraïne, was de belangrijkste stad in het Kievse Rijk, dat ook bekend staat als de Kievse Roes, Rijk van Kiev of het Grootvorstendom Kiev, in het Oekraïens Київська Русь (Kievse Roes).
Er wordt aangenomen dat op 28 juli 988 en in de dagen daarna een massale doop onder de bevolking plaatsvond, eerst in Kiev, later ook in wat nu Rusland is, waardoor het de leidende religie werd.
Terug naar de invoering van Doopdag in 2008. Hoewel het geen extra vrije dag was, werd de viering toch vaak gekenmerkt door massa-evenementen. In 2019 bijvoorbeeld namen zo’n 20.000 mensen deel aan een processies en kwamen er zo’n 30.000 mensen naar kijken.
In 2014 viel Rusland de Krim binnen en bezette het Oekraïense schiereiland. Daarna verergerden ook de moeilijkheden met de pro-Russische militia in de Donbas-regio. Door dit alles was de verhouding met Rusland al op een dieptepunt beland, waardoor velen negatief stonden tegenover de Doopdag met zijn met Rusland gedeelde geschiedenis. Op 24 augustus 2021 (de 30e Onafhankelijkheidsdag van Oekraïne) vaardigde president Volodymyr Zelensky een decreet uit om de Doopdag te veranderen in Dag van de OekraïenseStaat. Eén dag later diende hij een wetsontwerp in om van de 28e juli voortaan een vrije dag te maken.
Het logo van het Oekraïense parlement, de Verchovna Rada (publiek domein)
De Verchovna Rada (het Oekraïense parlement) bracht het wetsontwerp op 31 mei 2022 in stemming, waarbij 257 van de 450 parlementsleden vóór stemden. Op 9 juni werd de wet van kracht. Omdat Rusland op dat moment Oekraïne al was binnengevallen, verkeerde het land in een staat van beleg, waardoor de vrije dag vooralsnog niet gehonoreerd kon worden. Wel keurde de regering op 12 juli 2021 een lijst goed van evenementen voor de toekomstige viering van de Dag van de OekraïenseStaat, waaronder het ceremonieel hijsen van de nationale vlag, het leggen van bloemen bij monumenten en gebeden voor Oekraïne.
Zodoende hebben we met een officiële dag te maken die nog nooit gevierd is. en ook dit jaar zal de dag dus niet gevierd worden zoals anders wel het geval geweest zou zijn. Overigens was niet iedereen positief over de veranderingen, zoals de stemming in het parlement al liet zien. Critici voerden aan dat het hen niet duidelijk was in hoeverre deze nieuwe feestdag verschilde van de jaarlijkse Onafhankelijkheidsdag op 24 augustus, waarbij dezelfde activiteiten ook al plaatsvinden.
In Rusland veroorzaakte het decreet van president Zelensky uit 2021 irritatie. Hoewel het land op dat moment Oekraïne nog niet was binnengevallen, was de reactie van het Kremlin er één van ongenoegen. Met het afschaffen van de Doopdag deed Oekraïne “een aanval op het heilige“, volgens Rusland, dat het erfgoed van de Kievse Roes als het zijne beschouwd. Dat laatste is op z’n minst opmerkelijk, omdat het eerder andersom is, daar in 988 alles in Kiev begon.
Datumwijziging
Zijn we er nu? Nee, want het is vandaag toch geen 28 juli? Inderdaad, want de Dag van de OekraïenseStaat is in 2022 verschoven naar 15 juli. Voor de orthodoxe kerk van Oekraïne is de link met Vladimir van Kiev zo belangrijk, dat de bisschoppen die graag in samenhang met de nieuwe feestdag willen combineren.
Door een kalenderhervorming is de orthodoxe kerk van de Gregoriaanse naar de Juliaanse tijd overgegaan, zodat de 28e juli nu de 15e juli is geworden! Vladimir, die als heilige wordt vereerd, wordt vanaf 2022 dus op 15 juli in plaats van 28 juli geëerd, wat voortaan samenvalt met de Dag van de OekraïenseStaat, want president Zelensky willigde het verzoek van de raad van bisschoppen in op 28 juni 2023, waarna het parlement op 14 juli eveneens akkoord ging.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Niet ieder eiland kan claimen dat het is ‘herontdekt’: het impliceert dat het een tijdje ‘kwijt’ moet zijn geweest! En dat is precies wat er met het atol Nui is gebeurd.
Plattegrond van Fenua Tapu, met ingetekend de vegatatie, 1985 (publiekdomein
Nui (onderdeel van het eilandenrijk Tuvalu), is een verzamelnaam voor zo’n 21 eilanden en eilandjes, waarvan Fenua Tapu het grootste is, met een oppervlakte van 1,38 km².
Nui vanuit de ruimte gefotografeerd op 20 mei 2001, waarbij het noorden links is, geheel rechts is Fenua Tapu, de bijna ronde lagune zichtbaar in het midden, het rif omsluit het ondiepe, grijzige gebied – het eiland linksonder is Meang, Tokonivae ligt er net boven, rechts daarnaast zien we Talalowae, dan volgen drie kleine eilandjes: Pakantou, Piliaeive en Unimai – hekkensluiter daarnaast is (links van Fenua Tapu) Pongalei (foto: NASA / publiek domein)
Ontdekking
Het werd voor het eerst waargenomen (‘oftewel ‘ontdekt’) door de Spaanse zeevaarder Álvaro de Mendaña, op 16 januari 1568. Hij gaf het de naam Isla de Jesús (Jezus-eiland). Al gauw bleek dat het eiland bewoond was, toen er vijf kano’s naar het Spaanse schip peddelden, die echter halverwege weer rechtsomkeert maakten, nadat ze hun peddels (als begroeting?) hadden opgestoken.
De Mendaña hoopte de volgende dag op het eiland te kunnen landen, maar daar er ’s nachts een westerstorm opstak, werd dit een moeilijke opgave. Na een aantal pogingen gaf men het op en voer verder. Kennelijk was de positie van de atollen-cluster niet goed genoteerd, want het bleek later niet meer te vinden!
Hoofdweg op Fenua Tapu (fotograaf onbekend)
Herontdekking
Fast forward naar 1825, 257 jaar later. Een Nederlandse ontdekkingsreis met het fregat Maria Reigersberg, o.l.v. Kapitein Coertsen en de korvet Pollux, o.l.v. Kapitein-Luitenant Eeg(h), stuitte bij toeval opnieuw op het eiland.
Titelpagina’s van ‘Aanteekeningengehoudenop eene reis om de wereld: met het fregat Maria Reigersberg en de korvet Pollux in de jaren 1824, 1825 en 1826′ met platen door P. Troost Gzn, eersten luitenant bij het Corps Mariniers van Z.M. de Koning der Nederlanden, te Rotterdam by de weduwe J. Allart, 1829(publiek domein)
Van deze expeditie werd een uitgebreid reisverslag gemaakt. In de 19e eeuw was men een kei in het produceren van lange titels en dit verslag is dan ook geen uitzondering en staat bekend als Aanteekeningengehouden op eene reis om de wereld: met het fregat Maria Reigersberg en de korvet Pollux in de jaren 1824, 1825 en 1826, opgetekend door Pieter Troost.
De Pollux en de Maria Reigersberg tijdens hun reis om de wereld; de plaat is getiteld ‘Het Eiland Nukahiwa’ (nu beter bekend onder de naam Nuku Hiva, een van de Marquesas-eilanden, Frans Polynesië)(publiek domein)
Hoewel de getekende plattegrond in het verslag de datum van 14 juni 1825 hanteert, vermeldt het journaal toch echt 14 juli 1825 als datum van de herontdekking. Maar los van de exacte datum is het wellicht aardig de bevindingen rond de herontdekking aan te halen. Het was het fregat Maria Reigersberg dat het eiland in het vizier kreeg:
‘Het Nederlandsch Eiland des morgens bij de ontdekking, op eene verre afstand’ (publiek domein)
Eerstgemelde fregat (de Maria Reigersberg) bleef achter en zag den 14den Julij 1825 op den 177. Gr. 33 Min. O.L. van Greenwich, en op den7. Gr. 10 Min. zuiderbreedte een eiland, hetwelk hij (Kapitein Coertsen) op geene vroegere zeekaarten vond. Het behoort tot eene zeer afgebrokene reeks koraaleilanden. (…) Het ontdekte eiland (was) sterk met kokospalmen begroeid. het wasnaauwelijks twee mijlen lang, en had, gelijk meer dier lage koraal-eilanden, de gedaante van een hoefijzer. (…)
‘Het Nederlandsch Eiland’(publiek domein)
Er was geene ankerplaats op het eiland, maar aan de N.W. zijde eene sterke branding door een uitstekend koraalrif. Het aangezigt des landswas bekoorlijk. Er vertoonden zich omtrent driehonderd inboorlingen op het strand, kloeke menschen, zoowel vrouwen als mannen, gelijk doorgaans dit menschenras. ’t welke met de Vrienden en Gezellige-eilanders zekerlijk hetzelfde is. Zij hadden ook het kenmerkende gebruikvan hetzelve, daar zij namelijk beprikt of getatoueerd waren. om den middel hadden zij een schort van bladeren of een doek vankokosvezelen, en, naar de wijze der vroegere Amerikaansche inboorlingen, op het hoofd een sieraad van pluimen. (…)
‘Platte-grond van het Nederlandsch-eiland’(publiek domein)
Dieverij, de algemeene gewoonte der Zuidzee-eilanders, en die bij hen, die nog nimmer Europeërs gezien en geen denkbeeld van het eigendomsregt hadden, althans geene misdaad is, vond men hier inhooge mate. Zij haalden de haken uit de sloepen, en poogden ook de riemen aan de roeijers te ontnemen. Eindelijk bekwamen zij eenig denkbeeld van ruiling, en gaven kokosnoten en bijlen van hun maaksel voor oude doeken en ledige flesschen. Een eerbiedwaardige grijsaardmet een’ langen witten baard, een groenen tak in de hand, was aan hun hoofd en zong een lied op eenige treurige wijs.
Eenige schoten (wel is waar met los kruit) verschrikten hen niet. Zij schenen echter geene kanos te hebben, een bewijs, dat zij op een zeer lagen trap van beschaving stonden, of liever dat dit volk sedert zijne komst (ongetwijfeld te scheep) merkelijk daarvan was vervallen. Zij wenkten de matrozen, om aan land te komen: doch men vond hen te talrijk, en moest ook vertrekken, bij gebrek aan water. Men gaf aan dit eiland, waaromtrent de Heer Moll* twijfelt, of het niet misschien het eiland Jezus van den Spanjaard Medana (sic) is, den naam van Nederlandsch-eiland.
*Professor Gerard Moll (1785-1838), Nederlands wis-, natuur- en sterrenkundige en hoogleraar en rector magnificus aan de Universiteit Utrecht
De hierboven aangehaalde professor Moll had inderdaad gelijk: het was hetzelfde eiland dat Álvaro de Mendaña al in 1568 ontdekte. Hoe dan ook: het stond nu definitief ‘op de kaart’! Maar noch de naam Isla de Jesús, noch die van Ne(e)derlandsch-eiland beklijfde (hoewel het tot nog tot in de 20e eeuw tussen haakjes vermeld werd), we kennen het nu onder de naam Fenua Tapu.
Postzegel van 30 cent uit 1986 waarop de atollen die samen Nui vormen, het grootste eiland rechts is Fenua Tapu
Eind 19e eeuw kwam dit gebied onder Engelse invloed, vanaf 1916 werden de toenmalige Gilbert en Ellice Islands (waar Nui ook toe behoorde) een Engelse kroonkolonie. In 1975 werden de Gilbert en Ellice Islands gesplitst. De Ellice Islands werden op 1 oktober 1978 onafhankelijk onder de naam Tuvalu. De Gilbert Islands volgden op 12 juli 1970 onder de naam Kiribati.
De vlag
De vlag van Tuvalu is een hemelsblauwe Britse blue ensign met 9 gelevijfpuntige sterren aan de vluchtzijde
Tuvalu is weliswaar zelfstandig, maar wel lid van het Britse Gemenebest en Koning Charles III is dan ook officieel het staatshoofd. Net als bij veel andere landen verklaart dat de aanwezigheid van de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. Premier van Tuvalu is sinds 26 februari 2024 Feleti Teo (1962).
Links: Vlag van Fiji (1970-heden) / Rechts: Vlag van Niue (1975-heden)
Dan de kleur: een normale blue ensign is donkerblauw en zeker niet de kleur die we op de vlag van Tuvalu aantreffen! Wat dat betreft volgde Tuvalu het voorbeeld van z’n zuidelijke buurland Fiji, waar in 1970 een al even hemelsblauwe blue ensign werd geïntroduceerd. Nog gekker maakte het zuidoostelijker gelegen Niue het, door in 1975 met een nog niet eerder vertoonde yellow ensign op de proppen te komen!
Plaatsing van de negen eilanden van Tuvalu op de vlag, geografischcorrect, waarbij het noorden zich in het westen bevindt
De negen sterren op de vlag symboliseren de negen eilanden, die ook nog eens geografisch gegroepeerd zijn.
Vlaggentijdlijn
Voor een klein land als Tuvalu heeft het al een indrukwekkend aantal vlaggen versleten. Zoals eerder vermeld stond Tuvalu vroeger bekend onder de naam Ellice Islands en noorderbuur Kiribati onder de naam Gilbert Islands. Samen vormden ze de Britse kroonkolonie Gilbert and Ellice Islands. Tot de onafhankelijkheid van de Ellice Islands/Tuvalu in 1975, hadden de eilanden een gezamenlijke vlag, een Britse blue ensign met het wapen als badge op het uitwaaiende gedeelte. Toen de Gilbert Islands in 1979 onafhankelijk werden onder de naam Kiribati, nam dit land het wapen van de oude vlag over, rekte het uit en vulde de complete vlag ermee.
V.l.n.r.: Vlag van Gilbert & Ellice Islands (1937-1975/1979) / Vlag van Kiribati (1979-heden) / Vlag van de Ellice Islands (1976-1978)Links: Vlag van Tuvalu met 8 sterren (oktober 1995-december 1995) / Rechts: Vlag van Tuvalu (1 januari 1996-11 april 1997)
Op 1 oktober 1978 werd de huidige vlag ingevoerd, mét de 9 sterren. Omdat het aantal sterren (9) niet overeenkwam met de naam van het land (‘groep van 8’) meende men in oktober 1995 dat het een goed idee zou zijn één ster te laten vallen, maar reeds twee maanden later kwam men hierop terug en werd er een geheel nieuwe vlag ingevoerd! Deze vlag had horizontale banen in donkerrood, wit en blauw met het wapen ingehoekt aan de broeking en opnieuw de 8 sterren, nu in wit. Deze vlag bleek onmiddellijk impopulair en was maar korte tijd in gebruik tussen 1 januari 1996 en 11 april 1997. Vanaf die datum werd de oorspronkelijke vlag uit 1978 weer ingevoerd, dus opnieuw met 9 sterren, ondanks de naam van het land.
Het parlementsgebouw van Tuvalu in Funafuti (foto 2018, fotograaf onbekend)