Normandië – D-Day (1944)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 1:

Vandaag is het 80 jaar geleden dat de geallieerde landingen in Normandië plaatsvonden, die mede de opmaat tot het einde van de Tweede Wereldoorlog inluidden.

Amerikaanse troepen naderen de kust van Normandië (publiek domein)

Hoewel ‘D-day’ nu min of meer synoniem is met 6 juni 1944, is het in feite een algemene term tijdens de planning van een militaire operatie, uiteindelijk uitmondend in een datum waarop het daadwerkelijk ‘losgaat’.

Vanwege de 80e ‘verjaardag’ van D-day zijn er vandaag de nodige officiële gasten die de herdenkingen bijwonen, naast de Franse gastheer president Macron, zullen o.a. de presidenten Biden (V.S.) en Zelensky (Oekraïne) erbij zijn, net als de Duitse bondskanselier Scholz.
Koninklijke gasten zijn er ook, waaronder ons eigen koninklijk paar, Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima, maar ook de Britse Koning Charles III en Koningin Camilla, uit België worden Koning Filip en Koningin Mathilde verwacht.

De invasie zelf, die tot doel had het vasteland van Europa te bevrijden van de Duitse bezetting, droeg de naam Operation Overlord. Dat dit geen makkelijke operatie zou worden, was van het begin af aan duidelijk.
Om een dergelijke verwachte aanval af te slaan was door de Duitsers de Atlantikwall aangelegd, een verdedigingslinie van bunkers, die via de Noordkaap van Noorwegen tot aan de Pyreneeën bij Spanje liep.

De geallieerden kozen in 1944 voor een amfibische operatie, aangevuld met luchtsteun.
Voorafgaand hieraan werden er echter eerst afleidingsmanoeuvres uitgevoerd, onder de naam Operation Fortitude, waarbij respectievelijk twee divisies Narvik aanvielen en de zes overige Stavanger, beide in Noorwegen (Operation Fortitude North).

Het andere deel van het plan bestond eruit de Duitsers te laten denken dat de invasie in het Nauw van Calais zou plaatsvinden. Vlakbij Dover werd een geheel fictieve Eerste Amerikaanse Legergroep gecreëerd, compleet met nepgebouwen, nepuitrusting (zoals opblaastanks) en fictief radioverkeer (Operation Fortitude South). Dit plan werd nog verder doorgevoerd door het gebied rond Calais voorafgaand aan de 6e juni zwaar te bombarderen en namaakparachutisten af te werpen.

Een neptank en een nepvliegtuig ten behoeve van de Operation Fortitude South (beide publiek domein)

De invasie moest plaatsvinden bij laag water, om eventuele versperringen goed in het zicht te hebben. Na maanden voorbereiding werd door de Amerikaanse generaal Eisenhower, die het opperbevel had, de datum van 5 juni gekozen.
Vanaf 4 juni echter kwam het weer onder invloed van een uitgebreid lagedrukgebied, dat veel wind en neerslag in het Kanaal veroorzaakte. Uiteindelijk bleek het weer te slecht en moest de operatie worden afgeblazen.

Weerkaart van 6 juni 1944

Zo kwam het dat de legerleiding zich moest baseren op de verschillende meteorologen, die het niet helemaal met elkaar eens waren in hoeverre de 6e juni geschikt was.
Het was uiteindelijk de Britse meteoroloog James Stagg, die Eisenhower kon overtuigen. Volgens zijn berekeningen zou een zwakke rug van hoge druk in de nacht van 5 op 6 juni tijdelijk voor gunstiger condities zorgen, waarna een nieuw lagedrukgebied het weer opnieuw zou doen verslechteren.
Eisenhower volgde zijn advies op en Stagg bleek het bij het juiste eind te hebben.

Links: Meteoroloog James Stagg (1900-1975), ongedateerde foto / Rechts: Generaal Dwight D. Eisenhower(1890-1969), foto uit 1947 (van beide foto’s is de fotograaf onbekend, beide publiek domein)

Gezien het toch voornamelijk slechte weer, verwachtten de Duitsers niet dat de geallieerden rond deze tijd zouden aanvallen. Veldmaarschalk Rommel, verantwoordelijk voor de kustverdediging, was op 4 juni zelfs afgereisd naar Duitsland, om daar de 50e verjaardag van zijn vrouw te vieren.

Links: Kaart van de Atlantikwall (publiek domein) / Rechts: Veldmaarschalk Erwin Rommel (1891-1944) en zijn vrouw Lucie Rommel-Mollin (1894-1971) (publiek domein)

De invasiemacht over zee bestond uit 185.000 man en een vloot van 1.000 schepen en werd voorafgegaan door bombardementen en luchtlandingstroepen.
Amerikaanse en Britse schepen waren veruit in de meerderheid, maar de invasievloot werd aangevuld met marineschepen uit Canada, Frankrijk, Griekenland, Nederland, Noorwegen en Polen.
De drie luchtlandingsdivisies bestonden uit zo’n 20.000 man, waarbij de Amerikaanse 82nd en 101st in het westen van het landingsgebied landden en de Britse 6th in het oosten. Belangrijke taken voor deze troepen was om een aantal bruggenhoofden in te nemen, zodat het oprukken van troepen doorgang kon vinden.

De 185.000 man invasietroepen (6 divisies met ondersteunende eenheden) werden verdeeld over 90 km kust, waarbij de legerleiding 5 landingsplaatsen had gekozen, 5 stranden, die van west naar oost de codenamen Utah Beach, Omaha Beach, Gold Beach, Juno Beach en Sword Beach hadden gekregen. De landingen werden uitgevoerd door de Amerikaanse 1st, 4th en 29th divisions, de Britse 3rd en 50th divisions en de Canadese 3rd division.

Invasiekaart, de pijlen wijzen naar de vijf stranden, de vlaggen zijn nogal moeilijk te onderscheiden, maar de Canadese vlag is hier nog de oude versie, een Britse red ensign met het Canadese wapen in de vlucht (publiek domein)

Ondanks het verrassingseffect was de strijd niet bepaald makkelijk, zoals bijvoorbeeld bij Omaha Beach, waar lucht- en zeebombardementen hun doel misten, evenals raketbeschietingen, met als gevolg dat van de Amerikaanse 1st en 29th divisions duizenden militairen sneuvelden.

Links: De eerste, voorlopige begraafplaats in juni 1945, niet ver van de huidige locatie (The Foreign Office Political Intelligence Department / publiek domein) / Rechts: American Military Cemetery bij Colleville-sur-Mer (foto: Tristan Nitot, 2005)

De meesten van hen zijn begraven op de American Military Cemetery van het nabijgelegen Colleville-sur-Mer. Ruim 93.000 soldaten vonden hier hun laatste rustplaats. Maar makkelijk was het nergens: op Juno Beach liet de helft van de eerste golf van Britse en Canadese soldaten het leven.

Amerikaanse troepen ontschepen vanuit een LCVP (Landing Craft Vehicle Personnel) bij Omaha Beach op 6 juni 1944 (foto: Robert F. Sargent, publiek domein)

Niet alle doelen werden op de eerste invasiedag gehaald, zo was de havenstad Caen nog niet ingenomen en waren de verschillende landingsplaatsen nog niet samengevoegd tot één doorlopend bruggenhoofd. Verantwoordelijk voor de grondtroepen was de Britse generaal, later veldmaarschalk Montgomery.

Links: Carentan bevrijd (Collectie Paulette Hittelot) / Rechts: Veldmaarschalk Bernard Montgomery (1887-1976) (publiek domein)

Op 7 juni was het uiteindelijk gelukt om een doorlopend bruggenhoofd van 35 km te creëren. In de dagen daarna slaagde men erin alle sectoren met elkaar te verbinden, met op 12 juni als laatste: de Slag om Carentan.

Op 17 juni waren er zo’n half miljoen soldaten aan land gebracht, 80.000 voertuigen en 180.000 ton aan voorraden.
Op 26 juni lukte het Cherbourg te veroveren.
De door de Duitsers zwaar verdedigde stad Caen viel uiteindelijk op 6 augustus, waarna de weg naar Parijs open lag. De Franse hoofdstad werd tussen 19 en 25 augustus veroverd en vormde het sluitstuk van de operatie.

Caen in juli 1944: de oude binnenstad in puin (publiek domein)

Het aantal doden en gewonden tijdens de gehele Operation Overlord is enorm.
Aan Amerikaanse zijde 125.847 doden en gewonden, bij het Verenigd koninkrijk en Canada bedroeg dit aantal 83.045.
Daarnaast vielen er ook nog eens 15.000 tot 20.000 Franse burgerdoden.
Ook aan Duitse zijde waren de verliezen groot, een schatting van het aantal doden en gewonden ligt rond de 200.000.

Nederlandse inbreng

Links: Hr.Ms. Flores (1926-1968), ongedateerde foto / Rechts: Hr.Ms Soemba (1926-1956) in 1930 (beide foto’s: Koninklijke Marine, inmiddels publiek domein)

Zoals gezegd was ook de Nederlandse Koninklijke Marine betrokken bij de invasie en wel met de kanonneerboten Hr.Ms. Flores en Hr.Ms. Soemba. De twee vaartuigen stonden bekend onder de naam de terrible twins, een koosnaam die ze verdiend hadden bij de geallieerde landingen in Italië in 1943. In 1944 namen ze Duitse stellingen onder vuur.

Hr. Ms. Sumatra bij Pearl Harbor, Oahu, Hawaii in 1927 (foto: Koninklijke Marine, inmiddels publiek domein)

Een heel andere rol speelde de uit 1920 daterende kruiser Hr.Ms Sumatra. Dit schip, dat in 1940 Prinses Juliana en haar dochters naar Canada bracht, werd bij Arromanches tot zinken gebracht en werd daarmee onderdeel van een dam die als golfbreker diende voor de kunstmatige Mulberry-haven.
De in Londen opgerichte Prinses Irenebrigade kwam op 8 juni aan land in het invasiegebied. Op 26 augustus bevrijdde deze brigade Pont Audemer, tussen Rouen en Le Havre.

Screenshots van de viering van vandaag

Omaha Beach vanmorgen
De Oekraïense president Zelensky en zijn vrouw Olena Zelenska worden ontvangen door de Franse president Macron en zijn vrouw Brigitte
Aankomst van Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima…
…en van de Amerikaanse president Biden en First Lady Jill Biden
Op de voorste rij van de tribune vonden de staatshoofden, regeringsleiders en afgevaardigden een plek, zoals de Duitse bondskanselier Olaf Scholz (net links van de pilaar), Kroonprins Haakon van Noorwegen (in marine-uniform) met naast hem de Deense Koning Frederik X en rechts Koningin Mathilde en Koning Filip van België
V.l.n.r.: De Canadese premier Justin Trudeau, First Lady Jill Biden en haar man president Joe Biden van de V.S., de Franse president Emmanuel Macron en zijn vrouw Brigitte en William, de prins van Wales en Britse troonopvolger
V.l.n.r.: De Luxemburgse Groothertog Henri, Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima, de Italiaanse president Sergio Mattarella, de Tsjechische president Petr Pavel, de Oekraïense president Volodymyr Zelensky en zijn vrouw Olena Zelenska en Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad
De Amerikaanse president Biden hield een toespraak waarin hij ook nadrukkelijk de verdediging van Oekraïne betrok
En profil zien we hier president Macron, Koningin Máxima en president Pavel aandachtig luisteren naar de toespraak van de Amerikaanse president
Ook president Macron hield als gastheer een toespraak met Omaha Beach op de achtergrond, de titelbalk rept van “Le jour le plus long”, oftewel “de langste dag”, vrij naar “The longest day”, het boek van de Iers-Amerikaanse journalist Cornelius Ryan uit 1959, dat in 1962 succesvol verfilmd werd
Drie hoogbejaarde veteranen kregen tegen het einde van de ceremonie door president Macron La Légion d’Honneur opgespeld, de hoogste Franse onderscheiding

De vlag

Vlag van Normandië (‘Les P’tits Cats’)

De vlag van Normandië is rood met daarop twee zogenaamde ‘gaande leeuwen’ in goud (of geel), blauw getongd en genageld. Het is een heraldische vlag, gebaseerd op het Normandische wapen, waarop dezelfde afbeelding te zien. De officiële omschrijving luidt: ‘de gueules à deux léopards d’or’ (‘rood met twee gouden luipaarden’).

Links: Kaart van Normandië (© freeworldmaps.net) / Rechts: Wapen van Normandië

Hoewel de twee dieren dus officieel ‘luipaarden’ genoemd worden, worden ze heraldisch gezien als ‘leeuwen’. Op dezelfde wijze afgebeelde luipaarden/leeuwen op wapens van Engelse koningen worden altijd omschreven als ‘lions léopardé’, ‘geluipaarde leeuwen’ dus. Het feit dat de dieren met manen worden afgbeeld, pleit ook voor leeuwen en niet voor luipaarden. Desondanks is de officiële beschrijving altijd gehandhaafd.

Links: Kroning van Willem de Veroveraar tot koning van Engeland in de Westminster Abbey, op 25 december 1066 – miniatuur uit de 12e eeuwse “Flores Historiarum” (Collectie Bodleian Library te Oxford) (publiek domein) / Rechts: Willem de Veroveraar afgebeeld op het Tapijt van Bayeux, scene 23 – wandtapijt van 70 m x 50 cm, vervaardigd in Engeland in 1068 (Collectie Musée de la Tapisserie te Bayeux, Normandië / publiek domein)

Het Normandische wapen is waarschijnlijk terug te voeren op Willem de Veroveraar, hertog van Normandië, die er in slaagde in 1066 Engeland te veroveren, waar hij zijn bijnaam ‘de veroveraar’ aan te danken heeft. Daarvoor stond hij als buitenechtelijk kind van hertog Robert de Duivel, bekend als Willem de Bastaard.

Links: Richard Leeuwenhart in stripvorm, compleet met zijn schild met drie leeuwen, uit “Het zwaard en het kruis” door Yves Duval (scenario) en Philippe Delaby (tekeningen), Lombard Uitgeverij, 1991 / Rechts: Waarschijnlijk een van de oudste afbeeldingen van het wapen met drie leeuwen, circa 1250/1259, afkomstig uit “Historia Anglorum” door Matthew Paris (±1200-1259) (Royal MS 14 C VII, collectie British Library, Londen)

Met de verovering van Engeland kwam het wapen ook in Engeland terecht. Tegen de tijd dat Richard Leeuwenhart koning van Engeland was (en tevens hertog van Normandië), eind 12e eeuw, kwam het wapen ook met drie leeuwen voor (waarschijnlijk vanaf 1189 , terwijl de versie met twee leeuwen voor Normandië gehandhaafd bleef.

Links: Gecombineerd wapen van Koning-Stadhouder Willem III van Oranje (1650-1702) en zijn vrouw Koningin Mary Stuart II (1662-1694), een op zijn zachtst gezegd ‘druk’ wapen, waarin de drie leeuwen maar liefst acht keer voorkomen: vier maal drie voor hem en vier maal drie voor haar, het combinatie-wapen is omhangen met de Orde van de Kouseband / Rechts: Koninklijke Standaard van het Verenigd Koninkrijk, waar de drie leeuwen, symbool voor England, twee kwartieren vullen

Hoewel in Engeland door de eeuwen heen verschillende Huizen hebben geregeerd en wapens daarmee ook regelmatig veranderingen ondergingen, bleef er één constante: het rode schild met de gouden leeuwen (inmiddels gestandaardiseerd tot drie leeuwen). Ook het huidige Huis van Windsor heeft de leeuwen prominent op de Koninklijke Standaard, zelfs op twee van de vier kwartieren.

Links: Kaart van Normandië, met daarop de jaren dat de Noormannen de verschillende gebieden onder controle kregen (© viking.no) / Rechts: Uitzoomend zien we tevens de gebieden in Engeland waar de Noormannen heer en meester waren (© normanconnections.com)

Terug naar Normandië. De naam is te danken aan de Noormannen (ook bekend als Vikingen), die vanuit Scandinavië vanaf plusminus 800 plundertochten ondernamen en overvallen pleegden in grote delen van Europa. De Kanaalkust werd zelfs gekoloniseerd door de Noormannen. De Scandinaviërs vormden echter slechts een kleine bovenlaag, die zich uiteindelijk vermengde met de plaatselijke bevolking.

Normandië was tot 1790 een hertogdom, hierna ging het verder als provincie. In 1956 werd Normandië opgedeeld in twee bestuurlijke regio’s: Basse-Normandie (Laag-Normandië) en Haute-Normandie (Hoog-Normandië). Vanaf 1 januari 2016 zijn deze twee gebieden bestuurlijk weer samengevoegd onder de aloude naam Normandie, waarvan het grondgebied in grote lijnen samenvalt met de streek met dezelfde naam.

Twee of drie?/Drie of twee?

De vlag is populair in Normandië en je komt haar dan ook veelvuldig tegen. Maar zeker rond Coutances zien we ook vlaggen met drie leeuwen in plaats van twee.

Vlag van Normandië met drie leeuwen (‘Les Treis Cats’)

Het zijn vlaggen die gebruikt worden door aanhangers van de theorie dat het oorspronkelijke wapen van Normandië drie leeuwen had in plaats van twee. Er wordt daarbij ook verwezen naar de nabij gelegen Kanaaleilanden Jersey en Guernsey, die beide ook drie leeuwen in het wapen hebben.

V.l.n.r.: de wapens van de Kanaaleilanden Jersey, Guernsey en Sark

Dit argument houdt uiteraard geen stand, daar de Kanaaleilanden onder de Britse Kroon vallen, die zoals we gezien hebben, al sinds jaar en dag drie in plaats van twee leeuwen gebruikt. Wat niet wil zeggen dat de ‘drie leeuwen-aanhangers’ geen gelijk zouden kunnen hebben, maar te bewijzen valt het niet. Tegenstanders van de drie leeuwen verwerpen het Jersey en Guernsey-argument door te wijzen op het kleinere Kanaaleiland Sark, wat een wapen met twee leeuwen heeft!

De vlag van Normandië heeft als bijnaam in het Normandisch: ‘Les P’tits Cats’ (‘De Katjes’), terwijl de versie met drie leeuwen ‘Les Treis Cats’ (‘De Drie Katten’) wordt genoemd.

Links: Jean Adigard des Gautries (1899-1974), ontwerper van de vlag van Sint Olaf / Rechts: Vlag van Sint Olaf (1939-heden)

Hebben we dan alles gehad? Nee, er is meer! In 1939 werd er een vlag geïntroduceerd door Jean Adigard des Gautries. Het is de vlag van Sint Olaf, een rode vlag met een geel omzoomd, rood Scandinavisch kruis, waarmee hij de band met de Noormannen wilde onderstrepen, hoewel de Normandiërs net zo goed van de Kelten en de Franken afstammen. In de jaren ‘70 van de vorige eeuw werd het enigszins vergeten ontwerp omarmd door Le Mouvement Normand (De Normandische Beweging), een politieke organisatie die meer autonomie voor Normandië wil, maar separatisme verwerpt.

Links: Logo van Le Mouvement Normand (1969) / Rechts: Le Croix de Falaise, de aangepaste versie van de vlag van Sint Olaf, met in het kanton de twee leeuwen van Normandië, gebruikt door Le Mouvement Normand

De organisatie voegde in het kanton van het ontwerp van Des Gautries ‘Les P’tits Cats’ toe. Deze vlag staat bekend als ‘le Croix de Falaise’ (‘het Kruis van Falaise’), de stad waar Willem de Veroveraar werd geboren.

Denemarken – Grundlovsdag / Grondwetdag (1849)

De vijfde juni is een officiële feestdag in Denemarken. Grundlovsdag (Grondwetdag) herdenkt 5 juni 1849, de dag waarop Denemarken een constitutionele monarchie werd. Koning Frederik VII zette op deze dag zijn handtekening onder de nieuwe grondwet.

De eerste pagina van de Deense Grondwet van 1849, de tekst op de voorpagina luidt: “Wij, Frederik de Zevende, bij de gratie Gods, Koning van Denemarken, de Wenden en de Gauten, Hertog van Sleeswijk, Holstein, Stormarm, Dithmarschen, Lauenburg en Oldenburg, verklaar aan allen…” (publiek domein)

Het absolute koningschap uit 1665 werd hiermee afgeschaft. Hetzelfde gebeurde in Nederland één jaar eerder in 1848 met de Grondwetherziening onder leiding van Thorbecke.

denemarken portretten
Koning Frederik VII (1808-1863), schilderij door August Schløtt (1823-1895) / “Den grundlovgivende Rigsforsamling”, de Deense parlementsleden op 23 oktober 1848, geschilderd tussen 1861 en 1865 door Constantin Hansen (1804-1880) (Collectie Slot Frederiksborg, Hillerød

Verdere aanpassingen waren er in Denemarken in 1866, 1915 (algemeen vrouwenkiesrecht) en 1953. Bij die laatste wijzigingen van 1915 en 1953 gebeurde de ondertekening opnieuw op de vijfde juni.

Kaart van Denemarken (© freeworldmaps.net)

Het is in Denemarken een grotendeels politieke dag, met speeches en bijeenkomsten door politieke partijen. Eigenlijk is het maar een halve vrije dag: winkels en instellingen zijn ’s morgens nog geopend, maar ’s middags dicht.

De vlag

Dannebrog, de vlag van Denemarken

De Deense vlag behoort tot de oudste vlaggen ter wereld en de oudste nationale vlag die continu in gebruik is gebleven, in ieder geval sinds de 14e eeuw. De vlag bestaat uit een rood veld met een wit Scandinavisch kruis. Er zijn verschillende legendes in omloop over het ontstaan van de vlag.

De bekendste daarvan verhaalt van een vlag die uit de hemel neerdaalde op 15 juni 1219 bij de slag bij Lyndanisse (het tegenwoordige Talinn, hoofdstad van Estland). De vlag, die opgevangen werd door aartsbisschop Anders Sunesen,was een teken van nieuwe hoop tijdens deze slag (een kruistocht tegen Estland), onder aanvoering van de Deense koning Waldemar II. De strijd, die tot dat moment niet bijster succesvol was verlopen voor Waldemar, werd door deze goddelijke interventie alsnog in zijn voordeel beslecht.

De Deense vlag valt uit de hemel in 1219, schilderij uit 1809 door Christian August Lorentzen (1749-1828) © (Statens Museum for Kunst, Kopenhagen)

Het is maar een legende natuurlijk, wat de precieze oorsprong van de vlag is, valt niet meer te achterhalen.

De vlag heeft een naam, Dannebrog, wat zoveel als Deense banier betekent. Met zijn Scandinavische kruis stond hij model voor verschillende Noordse vlaggen, zoals Noorwegen, Zweden, Finland, Åland, Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland.

denemarken vlaggenrij 1
V.l.n.r.: de vlaggen van Noorwegen, Zweden, Finland en Åland
denemarken vlaggenrij 2
V.l.n.r.: de vlaggen van Faeröer, IJsland, Orkney en Shetland

Sinds 1854 is het vlaggebruik in de wet opgenomen en sinds die tijd kan iedere Deen die dat wil de vlag uitsteken.

De koninklijke standaard van Koningin Margrethe II

De koning gebruikt zijn persoonlijke vlag (standaard), een variatie op de Dannebrog: het model is een zogenaamde zwaluwstaart met twee punten en het koninklijke wapen op een wit vierkant over het centrum van het kruis geplaatst.

Estland – Eesti Lipu Päev / Vlagdag (2004)

Deze Estse feestdag bestaat sinds 2004. Het is weliswaar een officiële feestdag, maar het levert de Esten geen dagje vrij op.
Wel is er uiteraard veel vlagvertoon, zowel officieel als door de bevolking. De datum van 4 juni hangt samen met de geschiedenis van de vlag (zie hieronder).

Vlagvertoon op Eesti Lipu Päev (foto: Mati Hiis)

De vlag

Vlag van Estland

De vlag is een horizontale driekleur in blauw, zwart en wit. De kleuren vinden hun ietwat ongewone oorsprong in de studentenvereniging Vironia in de universiteitsstad Tartu. Deze vereniging, opgericht in 1881, wilde zich onderscheiden door een vlag. Dat werd de vlag die we tegenwoordig als de nationale Estse vlag kennen.

De allereerste vlag van Estland is bewaard gebleven en is te zien in het Nationale Museum van Estland, goed zichtbaar is dat het blauw oorspronkelijk lichter was, de pantonekleur was toen 289C, nu is dat 285C (foto: Märt Kose / publiek domein)

Bronnen spreken elkaar tegen over wanneer de vlag voor het eerst te zien dan wel uitgestoken werd, óf op 17 óf op 29 september 1881.

estland kaart
Links: wapen van de studentenvereniging Vironia (1925-heden) / Rechts: de kaart van Estland (© freeworldmaps.net)

Dan circuleert er ook nog een datum van 4 juni 1884 en dat is de dag die de Estse regering aanhoudt voor de Vlagdag. In deze versie zou de vlag gemaakt zijn in Tartu, door een ploeg naaisters onder leiding van Paula Hermann, de vrouw van dr. Karl August Hermann, een erelid van de studentenvereniging. Deze was voor het eerst te zien tijdens een kerkdienst in Otepää; tijdens deze dienst zou de vlag gezegend zijn.

estland portretten
Links: Karl August Hermann (1885-1909) / Midden: Paula Hermann, uit de groepsfoto rechts ‘gelicht’ / Rechts: Paula Hermann met de groep naaisters die de eerste vlag van Estland naaiden (© tartu.postimees.ee)

De gebruikte kleuren werden uitgelegd als blauw voor de hemel, zwart voor het land en wit voor de sneeuw.
Toen deze vlag in 1896 tijdens een zangfestijn werd gebruikt als demonstratie tegen de Russische overheersers, werd hij prompt verboden. Daarmee bereikte de vlag onmiddellijk de status van nationaal symbool.

De Estse vlag op 1 november 1905 tijdens een demonstratie in Tartu (publiek domein)

Vanaf 1918 tot 1940 was het de nationale vlag van Estland. Daarna werd de vlag opnieuw verboden. Vanaf 1990 is hij in ere hersteld. Kennelijk vond men de verklaring van de kleuren door de studenten in 1881 iets te makkelijk, want allerlei symboolwaardes zijn er inmiddels aan toegevoegd.

De vlag van Estland in de vorm van een natuurlijk landschap, een werk van Valmar Valdmann uit 2009 (publiek domein)

Het blauw staat dan voor geloof, trouw en toewijding. Ook worden lucht, zee en meren genoemd. Het zwart zou symbool zijn voor het ‘zwarte’ verleden van Estland, in de zin van het vele lijden van de Esten onder vreemde overheersers. Het wit wordt uitgelegd als het streven naar verlichting en deugd, maar ook als de kleur van de bast van de berk en door de middernachtzon beschenen nachten.

Vlag van de president

Presidentiële vlag van Estland

De vlag van de president, vastgesteld in 1993 heeft de ‘grote’ versie van het nationale wapen midden op de vlag.

President Alar Karis (1958) met de presidentiële vlag van Estland (foto: Liis Treimann)

Het wapen bestaat in een ‘grote’ en ‘kleine’ vorm. De eerste versie heeft rond het schild twee gekruiste gouden eikentakken, de tweede bestaat alleen uit het schild.
Op het gouden schild zien we drie zogenaamde ‘gaande leeuwen’ in blauw, rood ‘genageld en getongd’.

V.l.n.r.: Wapen van Denemarken / Groot wapen van Estland / Klein wapen van Estland

De drie leeuwen zijn afkomstig van het wapen van de Deense Koning Waldemar II, die in 1219 het noorden van Estland veroverde, waarna de leeuwen als wapen voor Reval gebruikt werden, toen de belangrijkste stad van deze Deense ‘kolonie’, tegenwoordig beter bekend onder de huidige naam Talinn, hoofdstad van Estland.

Kaart van het “Deense Rijk” na de overwinningen van Waldemar”, waar we rechts de Estse ‘kolonie’ zien, uit:’ Historisk Atlas” door Hildebrand Selander (Norstedt & Söner, Stockholm, 1880) (publiek domein)

De stad heeft dit wapen altijd behouden (net als Denemarken trouwens). En net als het land waar het de hoofdstad van is, heeft Talinn een ‘grote’ en een ‘kleine’ versie, maar om dingen nog wat ingewikkelder te maken: de stad heeft ook een ‘middelste’ versie!

V.l.n.r.: Groot wapen van Talinn / Middelste wapen van Talinn / Klein wapen van Talinn

De ‘grote’ en daarmee uitgebreidste versie heeft naast het gouden schild en de drie leeuwen een uitgebreide bekroning: het wordt gedekt door een zilveren helm met een gesloten vizier met rode voering en een gouden ketting rond de nek.
De helm is op zijn beurt gedekt met een gouden kroon waaruit als helmteken een gekroonde vrouwenfiguur oprijst, gekleed in het rood en met de armen voor de borst gekruist.
Verder is het wapen rijk versierd met een overdaad aan zogenaamde dekkleden in de kleuren goud en blauw.

De ‘middelste’ versie van het wapen van Talinn is in principe gelijk aan de ‘kleine’ versie van het wapen van Estland, het gouden schild met de drie blauwe leeuwen, alleen is de uitvoering iets anders.
De ‘kleine’ versie is daarentegen totaal anders, maar ook hier zien we de erfenis van Denemarken: een wit kruis op een rood veld, heden ten dage onmiddellijk herkenbaar als de Dannebrog, de Deense vlag.

Toen Denemarken zijn Estse gebied in 1346 verkocht aan de Duitse Ordestaat (Staat des Deutschen Ordens) werd het wapen van Reval/Talinn gehandhaafd en uiteindelijk symbool voor het hele gebied.
Dit bleef zo, ook toen Estland weer eens van eigenaar wisselde.

Estland onder Zweeds bestuur als het Hertogdom Estland (Swedish Estonia op de kaart), een deel van het tegenwoordige Estland was toen onderdeel van een ander gebied onder Zweeds bestuur, Lijfland (Swedish Livonia op de kaart), tegenwoordig Letland, een derde gebied onder de Zweedse Kroon was Ingermanland (Swedish Ingria op de kaart), tegenwoordig Russisch gebied (© Thomas Blomberg, gebaseerd op ‘Sveriges historia intill tjugonde seklet’ door Emil Hildebrand uit 1906)

Zo werd het onder Zweeds bestuur het Hertogdom Estland (1561-1721), onder Russisch bestuur het Gouvernement Estland (1721-1917), waarna het in 1918 onafhankelijk werd.

Kaart uit 1820 van het Gouvernement Estland, onder Russisch bestuur (uit ‘Geografische atlas van het Russische rijk, het Koninkrijk Polen en het Groothertogdom Finland’ door luitenant-kolonel Vasily Petrovich Pyadyshev (1758-1835)) (publiek domein)

De enige periode waarin het wapen verboden werd, was die van de bezetting vanaf 1940 door de Sovjet-Unie, maar bij de hernieuwde onafhankelijkheid in 1990, keerde het wapen terug.

Italië – Festa della Repubblica / Feest van de Republiek (1946)

Deze Italiaanse feestdag komt voort uit een nationaal referendum, gehouden in 1946. Na het einde van de Tweede Wereldoorlog en het fascistische regime, kon het volk zich uitspreken of ze de monarchie wilden handhaven of liever een republiek als staatsvorm zagen.

Formulier van het referendum van 2 juni 1946: wie voor een republikeinse staatsvorm was, diende het vakje links aan te vinken, wie de monarchie wilde handhaven diende het vakje rechts aan te kruisen (publiek domein)

Van de in totaal 23.437.207 uitgebrachte stemmen bleek een grote verdeeldheid. Vóór de monarchie stemden 10.719.284 mensen. Tegen (en dus vóór de republiek) stemden 12.717.923 mensen.

Staatsieportrret van Umberto en Marie José ten tijde van hun huwelijk in 1930 (publiek domein)

Daarmee werden de nog maar pas geïnstalleerde koning Umberto II en zijn vrouw, koningin Marie José (geboren als Belgische prinses) op 12 juni 1946 afgezet en in ballingschap gestuurd, na een koningschap van 34 dagen.

Umberto en Marie José op een postzegel ter gelegenheid van hun huwelijk in 1930 (© Poste Italiane)

Umberto werd dus opgevolgd door de eerste (interim) president van Italië, de voormalige verzetsman Alcide de Gasperi, die tevens een van de voorvechters van de Europese Gemeenschap was.

Alcide de Gasperi (1881-1954), eerste president van Italië (publiek domein)

Deze feestdag wordt ieder jaar gevierd met een grote militaire parade in Rome, afgenomen door de Italiaanse president, in zijn rol als bevelhebber van de strijdkrachten, waarbij ook de leden van de regering en buitenlandse diplomaten van de partij zijn.

Il Vittoriano, het Vittoriano-monument (1911), waar ook het Graf van de Onbekende Soldaat te vinden is (foto: Paolo Costa Baldi)

Tevens is er de traditionele fly-past boven Rome, met rook in de kleuren van de Italiaanse vlag en zal President Sergio Mattarella een krans leggen bij het Graf van de Onbekende Soldaat bij het Vittoriano-monument aan het Piazza Venezia.

Screenshots 2024

De Italiaanse president Mattarella (82) fatsoeneert de krans bij het Graf van de Onbekende Soldaat die de twee soldaten van de Presidentiële Garde net daarvoor hebben geplaatst
Een fly-past met de Italiaanse kleuren boven het Vittoriano-monument na de kranslegging
Na de kranslegging ging de president op weg naar een tribune waar hij en vele andere genodigden een militaire parade bekeken, op de route daarnaartoe stonden verschillende legeronderdelen aangetreden, met het nodige vlagvertoon
Een woud aan luchtmachtvlaggen
Het weer zat niet mee op deze feestdag: regen
President Mattarella zwaait naar het publiek
De president op de eretribune tijdens het spelen van het volkslied Il Canto degli Italiani (Het lied van de Italianen)
Een parachutist kwam met een buitenformaat vlag naar beneden zeilen vlak voor de eretribune
Een tweede fly-past sloot de ceremonie af

De vlag

Vlag van Italië (1946-heden)

De Italiaanse vlag vindt zijn oorsprong in de door Napoleon gestichte Cispadaanse Republiek. Deze republiek werd in 1796 gevormd door vier Noord-Italiaanse gebieden: Modena, Bologna, Ferrara en Reggio Emilia. De naam betekent zoveel als ‘aan deze kant van de Po’. (Aan de andere kant van de rivier lag de Transpadaanse Republiek).

Deze op Franse leest geschoeide republiek heeft slechts twee jaar bestaan. De gebruikte driekleur was geënt op de Franse Tricolore, waarbij de blauwe baan vervangen werd door een groene.
Wellicht vanwege de groene kleur van de regionale Milanese burgerwacht. De vlag was gekanteld t.o.v. de Franse, dus horizontaal.

Links: Vlag van de Cispadaanse Republiek (1796-1797) / Rechts: Koning Carlo Alberto van Sardinië (1798-1849), olieverfschilderij uit circa 1831/33 door Pietro Ayres (1794-1878) (Collectie Castello Reale di Raccogni / publiek domein)

Italië als eenheid bestond in die tijd nog niet, het was een verzameling onafhankelijke staten en staatjes.

Italië in 1843: een lappendeken van rijkjes, het Koninkrijk Sardinië (blauw), het Koninkrijk Lombardije-Venetië (mintgroen), het Hertogdom Parma en Piacenza (groen), het Hertogdom Modena en Reggio (lila), het Groothertogdom Toscane (geel), de Pauselijke Staat (paars) en het Koninkrijk der Beide Siciliën (zalmkleurig) (© Gigilo83)

In 1848 voerde koning Carlo Alberto van Sardinië de driekleur in als nationale vlag en zette zijn wapen middenin de vlag. (Het Koninkrijk Sardinië bestond behalve het gelijknamige eiland ook uit het westelijke gedeelte van wat tegenwoordig Noord-Italië is).

Italie naast elkaar
Links: de vlag van Carlo Alberto van Sardinië, later de Italiaanse vlag onder de Savoye monarchie / Rechts: een ‘verfraaid’ exemplaar van de vlag, tentoongesteld in Milaan

Vanaf 1861 heerste het vorstenhuis Savoye over het uit verschillende delen samengevoegde Italië en nam de Sardinische driekleur over. In 1870 werd de totale vereniging een feit. De groen-wit-rode vlag werd gehandhaafd, met het wapen van Savoye op de witte baan. Na de Tweede Wereldoorlog en het afschaffen van de monarchie werd het wapen op 19 juni 1946 van de vlag verwijderd en hebben we de vlag zoals we hem nu nog kennen.

Kaart van Italië (© freeworldmaps.net)

Vlag van de president

Presidentiële vlag van Italië, de zesde sinds 1965 (2006-heden)

De eerste -provisionele- presidentiële vlag van Italië uit 1946 was gelijk aan de nationale vlag.
Het provisionele karakter van die vlag (die als zodanig dus niet herkenbaar was) bleek zeer rekbaar, want ze bleef als zodanig in gebruik tot 1965.

Evolutie van de presidentiële vlag

Voor een relatief jonge vlag heeft de presidentiële vlag (of standaard) veel verschijningsvormen gekend, hoewel de laatste drie versies nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn.
Het was de minister van Defensie, Giulio Andreotti, die president Giuseppe Saragat het voorstel deed om een speciale onderscheidingsvlag voor het presidentschap in te voeren. Aldus geschiedde.

Giulio Andreotti en Giuseppe Saragat tijdens een NAVO-vergadering op 17 december 1963 (screenshot)

Deze vlag werd ingevoerd op 22 september 1965 en bestond uit een blauw veld met het embleem* van Italië in goud.
Na 25 jaar besloot president Francesco Cossiga in 1990 de vlag te veranderen. Dit tweede model bestond uit de drie banen van de Italiaanse vlag (groen-wit-rood) met een brede blauwe rand en werd ingevoerd op 22 maart 1990.

*) Hoewel dit embleem vaak als wapen van Italië gezien wordt, is het dat strikt genomen niet, aangezien bij het ontwerp geen rekening is gehouden met regels uit de heraldiek (geen schild bijvoorbeeld), spreken we hier van een embleem

Verschillende versies van de presidentiële vlag, v.l.n.r.: 1965-1990, 1990-1992, 1992-2000

Nummer twee hield het niet lang uit: twee jaar later greep president Oscar Luigi Scalfaro terug naar het eerste model, maar met het Italiaanse embleem verkleind, waardoor de teller op drie kwam.
Het was echter president Carlo Azeglio Ciampi die het vierde model invoerde op 24 oktober 2000, dat op een paar kleine cosmetische veranderingen na. nu nog in gebruik is.

Nummer vijf, ingevoerd op 17 januari 2003 was dan ook nauwelijks te onderscheiden van nummer vier, de groene kleur werd iets lichter. Bij de laatste aanpassing (nummer zes) , ingevoerd op 14 april 2006 werd het groen weer ietsiepietsie groener.

Sergio Mattarella (1941), president van Italië met de presidentiële vlag (screenshot)

Terug in de tijd

De gedachte achter het huidige model (nummers vier, vijf en zes) is op z’n minst opvallend te noemen.
Het ontwerp grijpt namelijk terug op de vlag van de Italiaanse Republiek die tussen 1802 en 1805 bestond, gelegen in Noord-Italië, met Milaan als hoofdstad en Napoleon als president.

Op deze kaart zien we de Napoleontische Italiaanse Republiek (1802-1805) in het groen (uit “Nord Italia nel 1803 dall’Atlante Storico” door William R. Shepherd, 1926 / publiek domein)

Deze kortstondige republiek voerde een vlag die de kleuren van het huidige Italië had (groen-wit-rood).
het was een vierkante vlag met een rood veld, daaroverheen een witte ruit, met daarop een groen vierkant.

Links: Vlag van de Italiaanse Republiek (1802-1805) / Rechts: Napoleon Bonaparte (1769-1821), olieverfschilderij uit 1807 door Hippolyte Delaroche (1797-1856) (privécollectie)

Zoals we kunnen zien vormde dit de basis voor de huidige presidentiële vlag: er is een brede blauwe rand aan toegevoegd en het gouden (of gele) embleem van Italië op het groene veld.

Palau – President’s Day / Dag van de President

Vandaag is het President’s Day in Palau, een officiële vrije dag in de archipel. Het is een dag waarbij de president, die zowel staatshoofd als hoofd van de regering is, in het zonnetje gezet wordt.

En wie staat er vandaag dan wel in het zonnetje? Dat is president Surangel Whipps, Jr., die de taak als staatshoofd op 21 januari 2021 overnam van zijn zwager Thomas Remensegau, Jr.

Surangel Whipps, Jr. (1968), president van Palau, geflankeerd door twee nationale vlaggen, tijdens zijn laatste ‘troonrede’ op 25 april 2024 (screenshot)

Palau is een van de weinige landen (11 in totaal, 2 minder dan een jaar geleden) die Taiwan als onafhankelijk land erkennen. China beschouwt de eilandnatie als een afvallige provincie.

Wat meer over Palau:
Van veel Stille Zuidzee-eilandengroepen weten de meesten onder ons niet precies waar ze liggen. Heel gek is dat natuurlijk niet, gezien de vaak kleine totaal-oppervlaktes van de archipels in de gigantische Stille Oceaan.
Palau ligt aan de zuidwestkant van de oceaan, ten zuidoosten van de Filipijnen en ten noordwesten van Nieuw-Guinea.

Palau locatie map
Locatie van Palau op de kaart (© wherenig.com)

Om het nog wat ingewikkelder te maken: de ongeveer 340 eilanden waaruit Palau bestaat, zijn onderdeel van een veel grotere eilandengroep, die bekend staat onder de naam Carolinen. Palau vormt het westelijke deel van de Carolinen, terwijl de ‘buurstaat’ Micronesia het centrale en oostelijke deel van deze archipel inneemt.

Palau map
Kaart van de Palau-archipel (© ontheworldmap.com)

Een korte historie is wel op zijn plaats. Na eeuwenlang met rust te zijn gelaten, werden de eilanden na de verovering van de Filipijnen door de Spanjaarden in 1565 ingelijfd als onderdeel van deze kolonie, onder de naam Capitanía General de las Filipinas. In 1899 werd de Palau-archipel, samen met andere archipels in de regio door Spanje verkocht aan Duitsland, waarmee het tot 1914 onderdeel werd van Duits-Nieuw-Guinea.

palau-1
V.l.n.r.: de vlaggen van de Capitanía General de las Filipinas, Duits-Nieuw-Guinea en de marine- en oorlogsvlag van Japan

Duitsland raakte na het einde van de Eerste Wereldoorlog zijn koloniën kwijt. Tot 1919 werd Palau bezet door de Japanse marine. Vanaf dat jaar bleven de eilanden onder Japans bestuur, maar wel onder toezicht van de Volkerenbond (de voorloper van de Verenigde Naties) in het zogeheten South Pacific Mandate. Naast de Palau-archipel betrof dit ook de Noordelijke Marianen, Micronesië en de Marshalleilanden.

palau-2
V.l.n.r.: de vlaggen van de South Pacific Mandate, de Verenigde Staten en de Trust Territory of the Pacific Islands

Met de Tweede Wereldoorlog ging Japan na zijn aanval op marinebasis Pearl Harbor in Hawaii over tot verovering van verschillende Pacifische eilanden, waaronder Kiribati, Guam, Nauru en Wake Island. Na het verslaan van Japan in de Pacifische Oorlog kwam Palau van 1944 tot 1947 onder Amerikaanse bezetting.

Vanaf 1947 tot de onafhankelijkheid in 1981 kwam Palau met zijn ‘buren’ opnieuw onder de paraplu van de Verenigde Naties met de Trust Territory of the Pacific Islands, vergelijkbaar met de situatie tussen de twee wereldoorlogen, maar nu onder leiding van de Verenigde Staten.

Palau Capitool
Het Capitool van Palau (2006) in de administratieve hoofdstad Ngerulmud op het hoofdeiland Babeldaob (© palauhelicopters.com)
Het Capitool (Olbiil Era Kekulau) van Palau in de hoofdstad Ngerulmud, wat door een lening van Taiwan gebouwd kon worden (© Abasaa)

In 1979 ‘fuseerden’ vier van de Micronesische districten (Yep, Chuuk, Pohnpei en Kosrae) onder de naam Federale Staten van Micronesië, de opmaat naar onafhankelijkheid in 1986De Marshalleilanden en Palau hadden het jaar daarvoor al te kennen gegeven op termijn onafhankelijke staten te willen worden. De Marshalleilanden bereikten die status in 1986 en Palau in 1981. Al deze eilanden deden dat in een vrije associatie met de Verenigde Staten. Dit land zorgt voor de defensie, financiering en sociale diensten.

Koror, de grootste ‘stad’ van Palau, strekt zich uit over verschillende eilanden en telt ruim 11.000 inwoners (fotograaf onbekend)

Daarmee was Palau de facto onafhankelijk, maar de ‘vrije associatie” met de V.S. hield wel in dat de Amerikanen in ruil voor honderden miljoenen aan schadevergoeding militaire bases kon blijven gebruiken waarop ook nucleaire wapens konden worden geplaatst als de V.S. zijn bases op de Filipijnen zou kwijtraken.
De Palauers waren hier geen voorstander van en hoopten dat het nooit   tot plaatsing zou komen. Het zat de eilanders mee: met het einde van de Koude Oorlog in 1991 kwam het nooit tot daadwerkelijke plaatsing.
Uiteindelijk werd de overeenkomst, de zogenaamde Compact of Association zodanig gewijzigd dat de Amerikaanse militaire zeggenschap terug werd gebracht naar eenderde van het grondgebied, waarna Palau van de Verenigde Staten officieel toestemming kreeg om nu echt onafhankelijk te worden. Dat gebeurde uiteindelijk op 1 oktober 1994.

De vlag

Vlag van Palau (1980-heden)

Met de onafhankelijkheid in het vooruitzicht, leek het de autoriteiten in 1979 een goed idee een ontwerpwedstrijd voor een eigen vlag te organiseren. Dat leverde ruim 430 inzendingen op (sommige bronnen spreken van ruim 1000 inzendingen). De vlag die we hierboven zien was echter niet de winnaar van de wedstrijd, maar de nummer twee! Het winnende ontwerp (waarvan ik na lang spitten niet één afbeelding ben tegengekomen!) was dat van een blauw veld met daarop een traditionele bijl in geel in een rode cirkel met daaromheen zestien witte sterren. De witte sterren stonden voor de zestien gemeentes die Palau telde (sinds 1984 zijn dat ‘staten’).

De reden om uiteindelijk toch voor de nummer twee te kiezen zou zijn geweest dat dit ontwerp eenvoudiger was. Hoe het ook zij: vanaf 18 september 1980 werd deze vlag bij wet vastgesteld en vanaf 22 oktober 1981 ook goedgekeurd door vice-Hoge Commissaris Juan Sablan.

De vlag is blauw met een gele cirkel iets links van het midden, richting de broekingszijde. Het blauw staat voor de Stille Oceaan en de overgang naar onafhankelijkheid. De gele cirkel of schijf staat voor de volle maan. In de Palause cultuur wordt de volle maan gezien als de beste tijd voor visvangst, zaaien, oogsten, feestelijkheden en voor het snijden en bewerken van traditionele kano’s. Verder is het het symbool voor vrede, rust en liefde. Het ontwerp van de vlag is van Blau J. Skebong.

Blau Skebong
Blau J. Skebong, ontwerper van de vlag van Palau (© canpanblog)

Qua ontwerp lijkt de vlag op die van Japan en Bangladesh. Dit bracht de Japanse professor in internationale relaties, Futaranosuke Nagoshi, tot de veronderstelling dat de vlag van Palau een eerbetoon is aan die van Japan en dat het de vriendschap tussen de twee landen bevestigt. Toenmalig president Kuniwo Nakamura van Palau reageerde daarop droogjes: “Zo kun je het ook bekijken”.

palau
De vlaggen van Japan en Bangladesh