In Paraguay wordt vandaag de Día del Niño (Dag van het Kind) gevierd. Het herinnert aan een slag in de Paraguyaanse Oorlog, die ook bekend staat als de Oorlog van de Drievoudige Alliantie (1864-1870). Het zou in dit verband te ver voeren om deze ingewikkelde en bloedige strijd hier ten tonele te voeren, maar heel in het kort komt het er op neer dat Paraguay, onder dictator Carlos Antonio López in oorlog kwam met Brazilië, Uruguay en Argentinië. Aangezien Paraguay nergens aan water grenst, was het López’ wens zijn land zodanig uit te breiden, dat het aan de Rio de la Plata zou grenzen.
Links: Locatie van Paraguay / Rechts: Carlos Antonio López (1792-1862), portret uit 1862
Dit alles ten behoeve van de niet onaanzienlijke export van o.a. wapens. De oorlog die toen ontstond, was minstens zo gruwelijk als de Amerikaanse Burgeroorlog, die toen net achter de rug was. Paraguay had een sterk leger, maar toen het in 1870 het onderspit delfde, was het inwoneraantal van 525.000 gedaald naar 221.000, waarvan slechts 28.000 mannen.
Wat heeft dit nu allemaal met kinderen te maken? Dat komt door één beruchte veldslag, de Batalla de Acosta Ñu ook wel Campo Grande (Grote Strijd) genoemd, van 16 augustus 1869. López was aan de verliezende hand, veel militairen waren inmiddels omgekomen. Waarschijnlijk om zelf te kunnen vluchten, trommelde hij een legertje op van 3.500 kinderen van tussen de zes en vijftien jaar oud, deels vermomd met baarden en met verouderde wapens.
Links: Paraguayaanse kindsoldaten in 1869 / Rechts: Schilderij uit 1877 van Pedro Américo (1843-1905), getiteld Batalha da Campo Grande
De kinderen stonden tegenover een geallieerde overmacht van 20.000 man. Het kinderleger werd in de pan gehakt, 2000 van hun kwamen om tijdens de slag, de rest werd gevangen genomen, velen van hen zwaargewond. Dictator López kwam uiteindelijk aan zijn einde in de laatste slag van de oorlog, de Combate de Cerro Corá, op 1 maart 1870, toen hij, terwijl hij omsingeld was, zich weigerde over te geven. Hij liep een lanswond op in zijn buik en werd niet lang daarna doodgeschoten.
De vlag
Vlag van Paraguay (1842-heden), voor- en achterzijde
De vlag van Paraguay heeft officieel twee verschillende kanten, net als die van de Amerikaanse staat Oregon. Hoewel die laatste dubbelzijdige vlag zich in de Vlagblog-collectie bevindt, is dat niet het geval met Paraguay, simpelweg omdat er niet de hand op te leggen is. Alleen in het land zelf kom je de officiële dubbelzijdige versie tegen, meestal bij overheidsgebouwen. Dubbelzijdige vlaggen zijn uiteraard niet erg praktisch, omdat ze duurder zijn om te maken en ook zwaarder, wat het wapperen niet ten goede komt!
De vlag is een horizontale driekleur in rood, wit en blauw. In het midden van de witte baan aan de voorzijde is het rijkszegel geplaatst. Het rijkszegel heeft in het midden een vijfpuntige gouden ster en is geplaatst in een cirkel. Deze cirkel wordt binnenin omkranst door palm- en olijftakken. Op een iets grotere cirkel daaromheen in kapitalen de tekst Republica del Paraguay. Hier omheen ligt dan nóg een omkaderde witte cirkel .
Rijkszegel (links) en zegel van het Ministerie van Financiën (rechts)
Op de achterkant van de vlag staat in het midden van de witte baan het zegel van het Ministerie van Financiën. Het is een omkaderde witte cirkel In de cirkel is een gouden leeuw geplaatst, achter dit dier is een gouden speer te zien met een rode Frygische muts (symbool voor de vrijheid) er bovenop. In de cirkel daaromheen in kapitalen de tekst Paz y justicia (Vrede en gerechtigheid). Ook deze cirkel is weer in een grotere zwart omkaderde cirkel geplaatst. Overigens zijn de zegels ook net zo vaak te vinden met gekleurde binnenringen (zoals bij Vlagblog).
Over waar het rood, wit en blauw van deze vlag vandaan komen zijn verschillende theorieën, maar het waarschijnlijkst is dat Paraguay’s eerste president, José Gaspar Rodriguez de Francia de kleuren introduceerde, als groot bewonderaar van de Franse Revolutie. Daarmee zouden ze dus ‘geleend’ zijn van de Franse tricolore en vervolgens een slag gedraaid naar horizontaal. Maar ook het ‘lenen’ van de Nederlandse vlag wordt niet uitgesloten.
De eerste versie van deze vlag werd ingevoerd op 15 augustus 1812, waarbij de witte baan iets breder was dan de rode en de blauwe. Op 27 november 1842 werd de vlag opnieuw vastgesteld, nu met drie banen van dezelfde breedte. Het rijkszegel miste toen nog de rode cirkel met de tekst, die werd toegevoegd in 1883. Hoewel alleen bij de officiële (overheids)versies van de vlag, is nog vermeldenswaardig dat de verhoudingen van hoogte en breedte 11:20 zijn.
Deze dag wordt zowel in Noord- als Zuid-Korea gevierd. In Noord-Korea wordt het aangeduid als Chogukhaebangui nal / 조국해방의날 (Bevrijding van het vaderland-dag), in Zuid-Korea als Gwangbokjeol / 광복절 (De dag het licht terugkeerde).
Op deze dag in 1945 gaf het Japanse keizerlijke leger zich over aan de geallieerden, waarmee officieel een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Ook het toenmalige Nederlands-Indië werd die dag bevrijd, wat vandaag ook in Nederland herdacht wordt. Het Koreaanse schiereiland kende echter een langere bezetting dan de meeste gebieden in de regio. Reeds in 1910 werd het gebied geannexeerd door Japan, waarmee het aantal bezettingsjaren dus 35 is.
Na de Tweede Wereldoorlog werd Korea door de bezettingsmachten in tweeën gesplitst, een noordelijk deel gecontroleerd door de Sovjet-Unie, en een zuidelijk deel onder toezicht van de Verenigde Staten. De bedoeling was oorspronkelijk om de beide delen uiteindelijk weer één staat te laten worden. Zover is het, zoals we weten, nooit gekomen, op 15 augustus 1948 werd in het zuidelijk deel de democratische republiek uitgeroepen, drie weken later volgde het noorden in de vorm van een socialistische volksrepubliek. Er werd tussen 1950 en 1953 een gewapend conflict uitgevochten, waarbij Noord-Korea werd gesteund door de Sovjet-Unie en China en Zuid-Korea door een grote coalitie van westers georiënteerde landen, waaronder de Verenigde Staten. Op 27 juli 1953 werd er een akkoord bereikt over een staakt-het-vuren, maar de vrede werd nooit getekend en strikt genomen zijn de beide landsdelen dus nog steeds met elkaar in oorlog.
Terug naar de dag van vandaag. Gwangbokjeol wordt uitgebreid gevierd in Zuid-Korea, met een officiële ceremonie waarbij de president (momenteel Moon Jae-in) aanwezig is. Er is een speciaal lied gecomponeerd, het Gwangbokjeol-lied, wat hierbij gezongen wordt.
Oud-strijders kunnen op deze dag gratis naar musea en met het openbaar vervoer reizen. Verder wordt iedereen aangemoedigd de nationale vlag uit te steken.
De vlag
T’aegukgi, de vlag van Zuid-Korea
De Zuid-Koreaanse vlag staat bekend onder de naam T’aegukgi (T’aeguk-vlag). Hij werd -in iets gewijzigde vorm- ontworpen in 1882, en ingevoerd op 27 januari 1883, toen het toen nog verenigde Korea een keizerrijk was.
Oude versie van de vlag van Zuid-Korea
De vlag heeft een wit veld met middenin een cirkelvormig rood-blauw symbool, de T’aeguk, de vier hoeken bevatten zwarte symbolen bestaande uit balken en balkjes. De kleur wit is een traditionele Koreaanse kleur en staat voor de zuiverheid en de vrede.
De T’aeguk bestaat uit in een twee delen gesneden schijf, de bovenkant rood, de onderkant blauw. Het zijn de yin (de blauwe onderkant) en de yang (de rode bovenkant). Het is een oeroude symboolcombinatie voor de kosmos en zijn tegenstellingen, zoals goed en kwaad, dag en nacht, droogte en vocht, licht en duisternis, mannelijk en vrouwelijk, actief en passief, enzovoort. De centrale gedachte hierbij op de vlag is dat er een voortdurende beweging in het universum is, maar dat er tegelijkertijd harmonie en balans is.
T’aeguk-symbool (yin en yang)
De balkjessymbolen in de hoeken zijn zogenaamde trigrammen. Linksboven drie doorlopende balken, dit symbool heet de geon en staat voor de hemel, de lente, het oosten, de menselijkheid, vader, de hemel en gerechtigheid. Linksonder twee doorlopende balken en één gedeelde, dit is de ri, het staat voor de zon, de herfst, het zuiden, juistheid, dochter, vuur en vervulling.
De vier trigrammen van de vlag: v.l.n.r.: 건 (geon) / 리 (ri) / 감 (gam) / 곤 (gon)
Rechtsboven één doorlopende balk en twee gedeelde, dit is gam, en die staat voor de maan, de winter, het noorden, intelligentie, zoon, water en wijsheid. Rechtsonder tenslotte is gon, drie gedeelde balken, met als betekenis de aarde, zomer,het westen, beleefdheid, moeder, grond en vitaliteit. Net als de T’aeguk en de yin en yang symboliseren de trigrammen het evenwicht.
Sinds 15 augustus 1948 is dit de officiële vlag van Zuid-Korea, Noord-Korea heeft op 9 september 1948 zijn eigen vlag ingevoerd.
Op 5 augustus 1940 werd de 15e augustus officieel tot Liechtensteinse nationale feestdag uitgeroepen. De keuze voor deze dag had twee redenen: de dag was al een feestdag vanwege Maria Hemelvaart en de dag er na, de 16e dus, was de verjaardag van de toenmalige vorst Franz Josef II (1906-1989). Na de dood van Franz Josef werd de datum gehandhaafd. In 1990 werd dit nog eens in een wet vastgelegd.
Op verzoek van Anton Florian von Liechtenstein verenigde keizer Karel VI op 23 januari 1719 het graafschap Vaduz met de heerlijkheid Schellenberg en verhief de beide gebieden tot het Rijksvorstendom Liechtenstein. Daarmee werd Anton Florian de eerste vorst van het Huis Liechtenstein van dit gebied.
Ieder jaar op 16 augustus is de Liechtensteinse bevolking welkom voor een hapje en een drankje in de rozentuin van het Schloss Vaduz, het kasteel op een heuvel boven de hoofdstad en de residentie van de vorsten van Liechtenstein.
Gastheren zijn vader en zoon van de vorstelijk familie Von und zu Liechtenstein: vorst Hans-Adam II en zijn zoon erfprins Aloïs. Op 15 augustus 2004 droeg Hans-Adam zijn taken over aan zijn zoon, zonder echter te abdiceren. Zodoende is Hans-Adam nog steeds het staatshoofd in titel, maar is zoon Aloïs in feite de regent.
Vorst Hans-Adam II (1945) en zijn zoon erfprins Aloïs (1968) met de Liechtensteinse vlag
De vlag
De vlag van Liechtenstein (1937-heden)
De vlag van Liechtenstein bestaat uit twee horizontale banen, blauw boven, rood onder en een goudgele kroon in de horizontale baan bij de mastzijde.
De Liechtensteinse vlaggen, v.l.n.r.: 1719-1852 / 1852-1921 / 1921-1937
De eerste vlag van Liechtenstein (1719-1852) was een horizontale tweekleur in geel en rood. De kleuren van de huidige vlag zijn gebaseerd op de oude livrei-kleuren van het vorstenhuis Von und zu Liechtenstein. Vanaf 1852 had de vlag twee verticale banen in rood en blauw. Sinds 5 oktober 1921 werd de vlag linksom gekanteld en werd dus een horizontale tweekleur in blauw en rood, toen nog zonder kroon.
Kennelijk had er niemand bij stil gestaan dat door de kanteling van verticaal naar horizontaal de vlag nu plotseling identiek was aan die van Haïti. De vlag van Haïti bestaat al sinds 1803 en de officiële staatsversie heeft weliswaar het staatswapen midden op de vlag, maar de civiele vlag niet. In 1936 leidde dit tot enige verwarring tijdens de Olympische Spelen in Berlijn. Toen bij de vlaggenparade kort na de enige deelnemer en vlaggendrager van Haïti de Liechtensteinse ploeg het stadion binnenmarcheerde met precies dezelfde vlag leidde dat tot enige verbazing. Gelukkig leidde het niet tot twee identieke vlaggen op het erepodium, daar Haïti’s enige atleet zich vlak na de opening afmeldde en de zeskoppige Liechtensteinse ploeg geen eremetaal behaalde. Het leidde wel tot een aanpassing in de vlag. Op 24 juni 1937 werd de kroon in de blauwe baan opgenomen.
De kroon van de vlag (links) en de replica van de verloren gegane Liechtensteinse kroon (rechts)
Wat de kroon op de vlag betreft : die lijkt niet op de historische, verloren gegane kroon van het Huis van Liechtenstein. Deze hertogskroon was vervaardigd in 1623 voor vorst Karl von Liechtenstein (1569-1627). Zo’n 150 jaar later, in 1772, bleek bij dood van vorst Josef Wenzel, dat de kroon zoek was (en bleef, want hij is nooit meer opgedoken). Een replica van deze kroon werd in 1978 vervaardigd voor vorst Franz Josef II, als geschenk bij zijn 40-jarig jubileum als staatshoofd en hem aangeboden door Himar Ospelt, de burgemeester van Vaduz.
Vandaag wordt herdacht dat er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Op 15 augustus 1945 capituleerde Japan. De afloop werd zeker bespoedigd door de Amerikaanse atoombommen op Hiroshima en Nagasaki, waarbij zo’n 2.500 mensen omkwamen en honderdduizenden daarna aan stralingsziekte zouden bezwijken.
Aangezien Japan sinds maart 1941 ook Nederlands-Indië bezette, was het ook voor deze kolonie de bevrijding. Nederlanders, die voor 1941 heer en meester waren geweest in het immense land, werden geïnterneerd in kampen en krijgsgevangenen werden tewerkgesteld bij de aanleg van de beruchte Birma-spoorlijn. 3.000 Nederlanders kwamen hierbij om, naast 7.000 Britten en 4.500 Australiërs.
Propaganda-affiche om de koloniale macht te herstellen
Na de capitulatie werden boven Java strooibiljetten uitgeworpen om de bevolking op de hoogte te brengen. Interessant is dat in de tekst de naam Indonesia gebruikt wordt, de naam die gebruikt werd door de naar onafhankelijkheid strijdende inheemse bevolking.
Strooibiljet met de naam Indonesia rood onderstreept; de Maleise tekst Djepang soedah menjerah betekent Japan heeft zich overgegeven
Uiteindelijk was dit de opmaat naar Indonesische onafhankelijkheid, die na een lange vrijheidsstrijd in de jaren 1947-1948 uiteindelijk internationaal werd afgedwongen.
De Nationale Herdenking van de Bevrijding van Nederlands-Indië wordt gehouden om 12.00 uur bij het Indisch Monument in Den Haag.
Het Indisch Monument in Den Haag (foto: Roel Wijnants)
De vlag
Vlag van Nederland
De Nederlandse vlag stamt in oorsprong uit de 16e eeuwse vrijheidsstrijd onder Willem van Oranje tegen de Spaanse overheersers. De eerste versie is de Prinsenvlag, die verschillende verschijningsvormen kende, maar in het begin bijna altijd met oranje in plaats van het nu gebruikte rood. De kleuren oranje, wit en blauw zelf zouden van de livreikleuren van Willem van Oranje kunnen komen, maar ook zijn er theorieën dat de kleuren ontleend zijn aan het wapen van Zeeland.
Zeker is in ieder geval dat geleidelijk aan, tussen 1597 en 1630 het oranje steeds meer werd vervangen door het rood. De reden daarvoor is waarschijnlijk dat de oranje baan in de vlag de neiging had te snel te verkleuren en daarmee bijna onzichtbaar werd. Ook op zee was de oranje baan in de vlag vaak moeilijk te onderscheiden. Rood had dat probleem als ‘sprekender’ kleur niet.
Pas op 19 februari 1937 werden kleuren van de Nederlandse vlag bij Koninklijk Besluit vastgelegd: De kleuren van de vlag van het Koninkrijk der Nederlanden zijn rood, wit en blauw. Op 16 augustus 1948 werden de exacte kleuren ten behoeve van de marine iets exacter vastgesteld: helder vermiljoen, wit en kobaltblauw.
Met dank aan Roel Wijnants voor de foto van het Indisch Monument
Vandaag is het 74 jaar geleden dat India een onafhankelijk land werd. Tot die tijd was het onderdeel van Brits-Indië, wat tot 1876 werd bestuurd door de East India Company (Britse Oost-Indische Compagnie). Vanaf dat jaar werd de kolonie omgevormd tot de British Raj, ook wel bekend als The Indian Empire (Het Britse Keizerrijk), waarover de Britse koningen als keizers regeerden. Het gebied was groter dan het huidige India, het omvatte ook het huidige Pakistan, Sri Lanka, Bangladesh en een lange kuststrook van wat nu Myanmar (Birma) heet.
Kaart uit 1909 van The Indian Empire of British Raj, uitgave J.G. Bartholomew and Sons, Oxford University Press
In de eerste helft van de 20e eeuw werd de roep om onafhankelijkheid steeds sterker. De Independence Movement (Onafhankelijkheidsbeweging) onder leiding van Mahatma Gandhi (1869-1948) was erg succescol met haar geweldloos verzet en burgerlijke ongehoorzaamheid. Dit leidde uiteindelijk tot het aannemen door het Verenigd Koninkrijk van de de Indian Independence Act 1947 (Indiase Onafhankelijkheidswet 1947) van 18 juli 1947.
De Indian Independence Act 1947 / Mohandas Karamchand (Mohatma) Gandhi (1869-1948)
Het plan bestond uit het splitsen van het gebied in twee delen: India en Pakistan. Dat laatste land was op zijn beurt dan ook weer verdeeld in twee gebieden, West-Pakistan (het huidige Pakistan) en Oost-Pakistan (het huidige Bangladesh). De verdeling had alles te maken met de religie van de verschillende bevolkingsgroepen in de bewuste gebieden. India met zijn overwegende hindoe- en sikh-bevolking en de twee Pakistans als gebieden met voornamelijk moslims.
De verdeling van The Indian Empire: India in blauw, (West) Pakistan en Oost-Pakistan (het tegenwoordige Bangladesh) in paars en Kashmir in karmozijn (betwist gebied tussen Pakistan en India, verdeeld in 1949)
In de maanden voorafgaand aan de onafhankelijkheidsdag kwam er een ware volksverhuizing op gang vanwege de verschillende religies en onlusten in de grensgebieden tussen de nieuw te vormen staten. Vooral in Punjab, waar de grens sikh-regio’s in tweeën deelde, braken gewelddadigheden uit. Naar schatting vielen er tijdens de ongeregeldheden tussen de 250.000 tot 1.000.000 doden. Rond 15 miljoen mensen vluchtten voor het geweld. De situatie in het grensgebied is heden ten dage nog steeds een kruidvat.
Op 15 augustus 1947 hees premier Jawaharlal Nehru voor het eerst de nieuwe Indiase vlag bovenop de toegangspoort van het Rode Fort in New Delhi. Dat vlaghijsen en het uitspreken van een rede door de premier is inmiddels een traditie geworden. Normaliter wordt door het hele land de feestdag gevierd met optochten, vuurwerk en veel vlagvertoon.
Pakistan viert zijn Onafhankelijkheidsdag op 14 augustus, één dag eerder dus. Dit heeft te maken met het feit dat de laatste onderkoning van Brits-Indië, lord Louis Mountbattan, bij de het overgangsmoment van beide nieuwe landen wilde zijn.
De vlag
Vlag van India (1947-heden)
De Indiase vlag werd officieel aangenomen op 22 juli 1947. De vlag is een horizontale driekleur van saffraangeel (in de praktijk meer oranje), wit en groen. In het midden van de witte baan is een cirkelvormig symbool geplaatst, de zogenaamde asoka chakra, een wiel met 24 spaken.
V.l.n.r.: Eén van de vroege vlaggen van India / De Swaraj-vlag met spinnewiel / Asoka chakra-symbool
De kleuren zijn al bekend uit 1906, maar ondergingen nogal wat veranderingen in de jaren voor de onafhankelijkheid. De saffraangele baan was soms geel, later ook rood en de kleurenvolgorde is ook gewisseld. In 1921 kwam in de witte baan een spinnewiel te staan. Deze vlag, de Swaraj-vlag, werd ook geadopteerd door de Congrespartij in 1930. In 1947 tenslotte werd het spinnewiel vervangen door de asoka chakra. Het is een oud symbool wat o.a. staat voor de oneindige loop van het leven en de vooruitgang. De 24 spaken staan voor de uren van de dag. Het saffraangeel staat voor moed en opoffering, het wit voor reinheid en gezond leven en het groen voor geloof en vruchtbaarheid. De naam van de vlag is Tiranga (Driekleur).
De 14e augustus herdenkt de Bevrijding van Madrid van de Napoleontische bezetting. De stad was sinds mei 1808 bezet en het duurde niet lang voordat Napoleon de Spaanse koning had gedwongen af te treden en daarna zijn oudere broer Joseph Bonaparte op de troon te zetten.
Links: Napoleon Bonaparte (1769-1821) / Rechts: Joseph Bonaparte (1768-1844)
Vier jaar later, in juli 1812, leed een deel van de Franse troepen een gevoelige nederlaag in de Slag bij Salamanca, waar Britse troepen 7.000 man doodden en evenzoveel man krijgsgevangen maakte.
De Slag bij Salamanca op 22 juli 1812, ets door J. Clarke, inkleuring door M. Dubourg
Het maakte de weg naar Madrid vrij voor Engelse en Portugese troepen onder leiding van Sir Arthur Wellesley, de 1e hertog van Wellington, die op 12 augustus de stad binnentrokken. De 1.700 Fransen die zich op voorhand hadden teruggetrokken in de nog in aanbouw zijnde fortificatie Retiro, op de gelijknamige heuvel, zagen al gauw in dat noch een strijd, noch een beleg tot een gunstige uitslag zouden leiden.
De Franse bevelhebber Guillaume Joseph Nicolas de Lafon-Blaniac zond op 14 augustus een boodschapper vanuit de Retiro met een witte vlag als teken van overgave.
Links: Sir Arthur Wellesley, 1e hertog van Wellington (1769-1833) door Thomas Lawrence (1769-1830), circa 1815 of 1816 / Rechts: Guillaume Joseph Nicolas de Lafon-Blaniac (1773-1833), anonieme gravure uit de 19e eeuw
Wellington accepteerde en liet de Fransen ‘met eer’ vertrekken: de officieren mochten hun zwaarden, paarden en bagage behouden, de manschappen hun ransels. Om vier uur ’s middags marcheerden de Franse troepen af en was Madrid bevrijd.
Een keizerlijke adelaar
De oorlogsbuit na de Franse aftocht bestond uit o.a. 20.000 musketten, 180 kanonnen en vier Franse Keizerlijke Adelaars, de symbolen van de Napoleontische troepen. Joseph Bonaparte had Spanje vóór Retiro al verlaten en de eerder afgedankte Spaanse koning Ferdinand VII nam zijn plaats op de troon weer in.
De vlag
De vlag van Madrid is karmozijn van kleur, met in het midden het stadswapen.
Vlag Madrid (1982-heden)
Het wapenschild is blauw omzoomd met daarop zeven zes-puntige sterren. Op het schild is een aardbeiboom (Arbutus unedo) afgebeeld. De stam is lichtbruin, de bladerkroon is ovaal en groen. In het groen zijn tien rode vruchten zichtbaar.
De boom is afgebeeld staand op een groene ondergrond en tegen een witte achtergrond. Aan de rechterkant van de boom is een bruinzwarte beer te zien, die staand op zijn achterpoten met zijn voorpoten tegen de stam aan staat, de kop omhoog gericht, richting vruchten. Het wapen wordt gedekt door een antieke koninklijke kroon.
Wapen van Madrid
De beer en de sterren komen reeds in de 13e eeuw voor, alhoewel niet geheel zeker is wat de achtergrond is. De zeven sterren (én de beer) zouden kunnen staan voor het hemellichaam Grote Beer (Ursa major). Een andere theorie is dat de Romeinse naam voor de stad, Ursaria, de oorsprong is van de beer.
Wat de aardbeiboom betreft zijn er ook verschillende theorieën. Eén ervan is, dat deze boom veel voorkwam in de regio, maar sommige historici betwisten dat en vermoeden dat de boom met rode vruchten eigenlijk een lijsterbes (Sorbus) is.
Hoewel een aantal symbolen op de vlag dus al heel ver teruggaan, zijn zowel wapen als vlagontwerp vrij recent.
Vlag van Madrid (1967-1982)
Op 28 april 1967 werden ze ingevoerd. Men greep daarbij terug op het wapen wat tot 1859 gebruikt werd. In 1967 was de vlag nog rood, op 28 mei 1982 werd de kleur in karmozijn veranderd en de vorm van de kroon enigszins aangepast.
Hoewel Ecuador pas op 9 oktober 1820 daadwerkelijk onafhankelijk van Spanje werd, werd dit voorafgegaan door een lange strijd, waarbij zeker in psychologisch opzicht, 10 augustus 1809 erg belangrijk was. Het zaad voor de gebeurtenissen was in de laatste decades van de 18e eeuw al gelegd door publicist en schrijver Eugenio Espejo, een luis in de pels van de Spaanse machthebbers, met zijn kritische stukken en satires. Door de problemen die hij kreeg met de koloniale regering werden anderen geïnspireerd, ook al was Espejo al 14 jaar dood toen de vlam voor het eerst echt in de pan sloeg.
Op 10 augustus 1809 rebelleerden de inwoners van de huidige hoofdstad Quito met de slogan Luz de América, el primer grito de la independencia(Licht van Amerika, de eerste schreeuw voor onafhankelijkheid) en verklaarden zij zich vrij en onfhankelijk van het Spaanse Rijk. Belangrijke aanjagers van de drang naar vrijheid waren Carlos de Montúfar en bisschop José de Cuiero y Caicedo.
Voorvechters van de Ecuadoriaanse onafhankelijkheid, v.l.n.r.: Carlos de Montúfar (1780-1816), schilderij van Manuel Salas Alzamora / Eujenio Espejo (1747-1795), door een onbekende schilder / Bisschop José de Cuiero y Caicedo (1735-1815), portret in de Catedral Metropolitana de Quito door een anonieme schilder
De vrijheid en de vreugde over het uitroepen van de onafhankelijkheid waren van korte duur: 24 dagen later had het Spaanse leger de orde weer hersteld. De vlam van de vrijheidsdrang werd echter niet meer gedoofd en na een lange strijd was Ecuador zoals gezegd een onafhankelijke natie in 1820.
De aanzet daartoe op 10 augustus 1809 is voor de Ecuadorianen historisch belangrijk en daarmee een nationale feestdag.
De vlag
Vlag van Ecuador (1860-heden)
De vlag van Ecuador heeft sinds het land definitief onafhankelijk werd vele verschijningsvormen gekend. Het zou te ver voeren die hier allemaal uitgebreid te bespreken, maar vanwege de grote verscheidenheid een greep uit de vlaggenhistorie:
V.l.n.r.: De Spaanse koloniale vlag, een zogenaamd Bourgondisch kruis (1534-1820) / De revolutionaire vlag, gebruikt in 1809, de zogenaamde Bandera de la Revolución Quiteña, een omgekeerde versie van de koloniale vlag / De eerste vlag van een onafhankelijk Ecuador (1820-1822)
Feit is dat het land met het huidige ontwerp teruggreep op zijn tijd als een van de landen in de federatie Gran Colombia (Groot Colombia), dat dezelfde kleuren gebruikte. Het is dan ook geen toeval dat Venezuela en Colombia vergelijkbare vlaggen hebben, vanwege de gedeelde geschiedenis.
V.l.n.r.: De vlag van Gran Colombia (1822-1830) / Vlag van Ecuador (1835-1845) / Vlag van Ecuador (1845-1860)
De huidige vlag is een horizontale driekleur in geel, blauw en rood, waarbij de gele baan net zo breed is als de blauwe en rode samen. Het ontwerp werd ingevoerd op 26 september 1860. Op 7 november 1900 werd het rijkswapen toegevoegd. Het geel staat voor zonneschijn, graan en rijkdom, het blauw voor rivieren, zee en lucht en het rood voor het bloed van de patriotten en martelaren.
Wapen van Ecuador (1845-heden)
Het rijkswapen, wat in het midden van de vlag is afgebeeld, is ingevoerd in 1845. Het is een ovalen afbeelding met daarin een landschap met de ruim 6 km hoge dode vulkaan Chimborazo, met daaronder de rivier de Guayas. Op de rivier is het stoomschip de Guayas te zien, het was in 1841 het eerste zeewaardige stoomschip aan de Zuid-Amerikaanse westkust.
Bovenin het tafereel is de zon afgebeeld over een band met de dierenriemtekens van Ram, Stier, Tweelingen en Kreeft, deze verwijzen naar de maanden maart tot en met juli 1845, toen er een revolutie plaatsvond.
Het wapenschild wordt geflankeerd door vier Ecuadoriaanse vlaggen. Tussen de linkse vlaggen steekt een lauriertak, als symbool van grootsheid en tussen de rechtse vlaggen een palmtak, als teken van vrede. Onder het schild is een pijlenbundel afgebeeld, de zogenaamde fasces, die de republikeinse staatsvorm symboliseren. Het geheel wordt bekroond door een condor die met geopende vleugels bovenop het schild zit. De vogel staat voor macht, grootsheid en kracht.
Civiele vlag van Ecuador, zonder wapen / Vlag van Ecuador voor gemeentelijke overheden
Maar wacht! We zijn er nog niet! Zoals in wel meer landen kent Ecuador ook een versie van de vlag zonder staatswapen, voor civiel gebruik. Maar in het geval van Ecuador wordt door de bevolking de staatsvlag net zo vaak gebruikt als de versie zonder. Dit kan ook te maken hebben met het feit dat de ‘wapenloze’ vlag identiek is aan de staatsvlag van Colombia. Het enige verschil is de ratio, voor Colombia is dat 2:3 en voor Ecuador 1:2. En om het nóg ingewikkelder te maken: de Ecuadoriaanse koopvaardij gebruikt ook de vlag zonder wapen, maar dan in de ratio 2:3, dus hetzelfde als de Colombiaanse staatsvlag.
En nog zijn we er niet, er is nl. ook een speciale vlag voor gemeentelijke instellingen! Deze vlag heeft in plaats van het staatswapen een cirkel van 24 witte vijfpuntige sterren. De sterren staan voor het aantal provincies.
Vandaag worden de Olympische Spelen 2020, waarover zoveel te doen was, voorbij. Door de coronacrisis was bij deze editie alles anders dan normaal, maar even goed is er toch het nodige neergezet.
Vlaggenparade tijdens de slotceremonie (screenshot)
Natuurlijk wordt de aloude wijsheid “meedoen is belangrijker dan winnen” officieel gehuldigd, maar ieder deelnemend land hoopt toch altijd op z’n minst voor minimaal één medaille (liefst meer!), terwijl andere landen die iedere vier jaar grossieren in een ware medaille-regen dat toch minimaal hopen te continueren.
Wat de ‘winnaars’ op dit gebied betreft: dit jaar waren China en de Verenigde Staten in een nek-aan-nek-race verwikkelt, waarbij tot voor kort China steeds op de 1e plaats bleef, omdat dat land meer gouden plakken had dan de V.S., hoewel het totaal aantal medailles voor de V.S. (dus mét zilver en brons erbij) hoger lag. Maar nu de laatste wedstrijden zijn gespeeld en ‘het stof is opgetrokken’, staat de V.S. nipt bovenaan met 39 gouden medailles, één meer dan China.
Voor wat Nederland betreft: de verwachtingen waren hooggespannen, maar toch liepen dingen soms totaal anders dan verwacht. Voor sommige onderdelen waarvan zo ongeveer werd aangenomen dat ‘we’ het goud al in de zak hadden viel die droom in duigen, terwijl bij andere Olympisch goud wel totaal onverwacht leek.
Sifan Hassan op 2 augustus na haar overwinning op de 5.000 m (screenshot)
Zo was er maar liefst 2x goud (5.000 m en 10.000 m) en eenmaal brons (1500 m) voor hardloopster Sifan Hassan, terwijl baanwielrenner Harrie Lavreysen ook 2x goud en 1x brons in de wacht sleepte.
Harrie Lavreysen gaat zegevierend over de finish (screenshot)
Met een totaal van 10 gouden, 12 zilveren en 14 bronzen medailleseindigde Nederland op een nooit eerder vertoonde 7e plek in het Olympisch klassement.
Nafissatou Thiam na haar overwinning (screenshot)
Voor België was het totaal 7 medailles (3 goud, 1 zilver en 3 brons), goed voor de 29e plaats. Zo won Nafissatou Thiam goud bij de zevenkamp.
Matty Lee (links) en Tom Daley (rechts) bij hun winnende sprong op 26 juli (screenshot)
Olympisch goud was er ook eindelijk voor de Britse schoonspringer Tom Daley: bij het onderdeel synchroonspringen met Matty Lee, werd de Chinese hegemonie op dit nummer voor het eerst sinds jaren onderbroken. Tevens haalde Daley solo brons op de 10 m toren, net als in 2012 en 2016.
Het doven van de Olympische vlam (screenshots)
Met het strijken van de Olympische vlag en het doven van de vlam werden de Olympische Spelen 2020 officieel beëindigd.
De vlag
De Olympische vlag (1920-heden)
De vlag van de Olympische Spelen is wit met vijf in elkaar gevlochten ringen, drie boven, twee onder, in de kleuren blauw, geel, zwart, groen en rood. Dit kan haast niet anders dan een van de bekendste vlaggen ter wereld zijn: er zullen maar weinig mensen zijn die de vlag met de gekleurde ringen niet onmiddellijk herkennen.
Uiteraard zijn er Olympische vlaggen in soorten en maten: de ‘officiële’ Olympische vlag is de vlag die van de ene gaststad naar de volgende verhuist en die doorgaans voordat de Spelen werkelijk beginnen in het plaatselijke stadhuis te zien is en moet niet verward worden met de enorme Olympische vlag die boven alles uit torent in een stadion, die na de Spelen onmiddellijk afgedankt wordt. Vaak wordt zo’n vlag daarna tentoongesteld.
Het logo
Als de Zomerspelen vorig jaar normaal doorgang hadden gevonden dan had de vlag toen zijn eeuwfeest beleefd, want hij werd geïntroduceerd tijdens de Spelen van 1920 in Antwerpen. Dat betekent tevens dat de vijf daaraan voorafgaande edities van de moderne Spelen het zonder dit symbool deden waar we nu zo aan gewend zijn geraakt.
Het originele ontwerp van Pierre de Coubertin uit 1913 (publiek domein)
Het logo met de ringen is echter iets ouder dan 1920. Het werd in 1913 ontworpen door de Franse baron Pierre de Coubertin, die toentertijd voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité(IOC) was. Hij was de grote instigator van de moderne Olympische Spelen, waarvan de eerste editie in 1896 plaatsvond in de Griekse hoofdstad Athene, waarmee tevens de link werd gelegd met de Olympische Spelen van de Klassieke Oudheid, die in Olympia werden gehouden, tussen (naar we nu aannemen) 776 v. Chr. tot en met 393 na Chr.
Links: Pierre de Coubertin (1863-1937), ongedateerde, ingekleurde foto (publiek domein) / Rechts: Het graf van Pierre de Coubertin op het Cimétière Bois-de-Vaux in Lausanne, Zwitserland, compleet met ‘zijn’ Olympische ringen (publiek domein)
Hoewel nogal eens wordt aangenomen dat de ringen van De Coubertin’s ontwerp de vijf continenten symboliseerden (Europa, Afrika, Azië, Amerika en Oceanië), lagen de bedoelingen van De Coubertin toch net iets anders: Zelf schreef hij daarover in de augustus-editie van 1913 van het blad Olympique:
“…de zes kleuren (met de witte achtergrond) gecombineerd vertegenwoordigen op deze wijze de vlaggen van ieder land op aarde, zonder uitzondering. Het blauw en geel van Zweden, het blauw en wit van Griekenland, de driekleuren van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Duitsland, België, Italië, Hongarije plus het geel en rood van Spanje zijn vertegenwoordigd, net als de innovatieve vlaggen van Brazilië en Australië en die van het oude Japan en het moderne China. Dit is echt een internationaal symbool”
Hiermee was er een logo dat tevens op een vlag gebruikt kon worden. We mogen er vanuit gaan dat dat bij de 6e Olympiade geweest zou zijn. Deze Spelen van 1916 zouden in Berlijn plaatsvinden. Ondanks het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 gingen de voorbereidingen hiervoor gewoon door: men ging er vanuit dat de oorlog niet zo lang zou duren. Maar dit bleek te optimistisch gedacht, de oorlog sleepte zich voort tot 1918 en de 6e Olympiade werd afgelast.
Het Olympisch Stadion in Antwerpen op de openingsdag 20 april 1920, toen de Olympische vlag debuteerde (publiek domein)
Zodoende was het de 7e Olympiade (er werd dus gewoon doorgenummerd) van 20 april tot 12 september 1920 gehouden in Antwerpen, waar de Olympische vlag voor het eerst werd gehesen. (Berlijn was als organiserende stad “nicht mehr im Frage”, na de nederlaag van Duitsland in de Eerste Wereldoorlog en het land was dan ook uitgesloten van deelname in 1920, net als Oostenrijk).
Over een vlag die kwijtraakte en weer boven water kwam(Antwerpen-vlag nr.1)(1920)
De allereerste officiële Olympische vlag uit 1920, die bekend staat als de Antwerpen-vlag, bestaat nog steeds, na jarenlang spoorloos te zijn geweest. We spoelen even vooruit naar 1997: tijdens een diner georganiseerd door het Amerikaans Olympisch Comité, interviewde een journalist de toen 100-jarige Hal Haig Prieste, die in 1920 een bronzen plak voor de V.S. had gewonnen bij het platform-duiken. De journalist merkte op dat het IOC niet kon achterhalen wat er met de originele Olympische vlag van 1920 was gebeurd. “Daar kan ik je mee helpen”, was het antwoord van Prieste, “die zit in m’nkoffer”.
Links: Affiche voor de Olympische Zomerspelen 1920 in Antwerpen (publiek domein) / Rechts: Duke Kahanamoku (1890-1968) (Library of Congress / publiek domein)
Prieste vertelde vervolgens dat hij, opgehitst door een nachtelijke weddenschap met landgenoot Duke Kahanamoku*, tegen het einde van de Spelen in Antwerpen in de vlaggenmast van het stadion was geklommen en de vlag had gestolen.
*Duke Kahanamoku behaalde in 1920 twee gouden medailles: één bijhet 100 m zwemmen en de andere bij het estafette-zwemmen
Dat het IOC niet wist wat er met de vlag gebeurd was is een ietwat curieus, want dat de vlag gestolen was moet bekend zijn geweest, omdat Prieste betrapt werd door de politie tijdens zijn actie. Maar wellicht doelden ze op het feit dat ze niet wisten wat er vervólgens met de vlag gebeurde: Prieste liep sneller dan de politie en ontkwam met de vlag als zijn trofee.
Het Olympisch Stadion te Antwerpen in 1920 (publiek domein)
Met een speciale ceremonie tijdens de Olympische Spelen van 2000 in Sydney overhandigde (de toen inmiddels 103-jarige) Prieste de vlag uit 1920 aan toenmalig IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch.
De 103-jarige Hal Haig Prieste (1896-2001) met de door hem ontvreemde oervlag van de Olympische Spelen, bij de overhandiging aan IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch op 11 september 2000 te Sydney, een paar dagen voor het begin van de Zomerspelen (publiek domein)
De vlag werd vervolgens tentoongesteld in het Olympisch Museum in Lausanne in Zwitserland, maar bleef daar niet. Vanaf het begin van de ‘herontdekking’ had de stad Antwerpen ook belangstelling voor de vlag. De stad was succesvol in zijn pogingen voor een terugkeer: in 2004 keerde de vlag terug naar de Scheldestad. Vanaf 2013, toen Antwerpen Europese Sporthoofdstad was, was de vlag in de entreehal van het stadhuis te bewonderen. Vanwege de renovatie van het gebouw (vanaf 2017) is de vlag nu onderdeel van de collectie van het MAS (Museum aan de Stroom) in het noorden van de stad.
Antwerpen-vlag nr. 2(1924)
Het was de bedoeling dat de Olympische vlag van 1920 naar de volgende gaststad Parijs zou verhuizen, maar omdat de officiële vlag zoek was, moest er een nieuw exemplaar gemaakt worden. Deze tweede vlag werd eveneens Antwerpen-vlag genoemd, naar het waarom wordt nog steeds gegist: één verklaring is dat de vlag nu eenmaal debuteerde in Antwerpen, een andere is dat de nieuwe vlag in Antwerpen werd gemaakt.
Opening van de Olympische Zomerspelen 1924 in het Stade Olympique Yves-du-Manoir te Colombes, vlakbij Parijs, door de voorzitter van het Comité Olympique Français, graaf Justinien Clary (1860-1933); of de Olympische vlag, die over het spreekgestoelte is gedrapeerd, ‘dé’ nieuwe ‘Antwerpen-vlag’ is, vertelt de historie niet (publiek domein)
Hoe dan ook: dit nieuwe exemplaar wapperde in 1924 voor het eerst tijdens de openingsceremonie in het Stade Olympique Yves-du-Manoir in Colombes, een voorstad van Parijs. Deze nieuwe officiële versie zou het uithouden tot en met de Zomerspelen van 1984 in Los Angeles, waarna de vlag na 60 jaar ‘met pensioen mocht’.
Links: Affiche van de 1e editie van de Olympische Winterspelen in 1924 in Chamonix, Frankrijk, een ontwerp van Auguste Matisse (1866-1931) (publiek domein) / Rechts: Officiële Olympische eedaflegging door de vertegenwoordigers van de 16 deelnemende landen aan de Winterspelen van 1924 in Chamonix (publiek domein)
1924 was tevens het debuut van de Olympische Winterspelen die tot en met 1992 in hetzelfde jaar als de Zomerspelen werden gehouden, toen er besloten werd ze los te koppelen, zodat de Winterspelen in de andere even jaren dan die van de Zomerspelen plaatsvinden (zie ook verderop).
Seoul-vlag(1988)en Rio de Janeiro-vlag (2016)
Voor de 24e Olympiade in 1988 in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul kwam er dus een nieuwe vlag, die dan ook bekend staat als de Seoul-vlag. Ze deed 24 jaar dienst, tot en met de 30e Olympiade in Londen in 2012.
De vlag die nu in gebruik is (met franje langs de randen) debuteerde tijdens de Zomerspelen van 2016 in Rio De Janeiro in Brazilië, maar werd aan het einde van de Zomerspelen in Londen in 2012 al overhandigd aan burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro.
12 augustus 2012: tijdens de sluitingsceremonie van de Zomerspelen in Londen ontvangt burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro, Brazilië, de nieuwe officiële Olympische vlag, compleet met franje langs de randen (screenshot)
Deze vlag is nu te bewonderen in het stadhuis van Tokio, het Tōkyō-to Chōsha.
Zoals boven vermeld, werden de Olympische Winterspelen voor het eerst gehouden in 1924 en wel in Chamonix, Frankrijk. Tot 1952 werden voor de Winterspelen geen speciale vlaggen vervaardigd.
Links: Logo van de Olympische Winterspelen van 1952 in Oslo, Noorwegen (publiek domein) / Rechts: De Oslo-vlag (publiek domein)
Bij die Spelen, gehouden in en rond de Noorse hoofdstad Oslo, kreeg voorzitter van het IOC, Sigfrid Edström, uit handen van burgemeester Brynjulf Bull, een Olympische vlag overhandigd, die net als bij de Zomerspelen overgedragen zou worden aan de volgende organiserende stad.
Aldus geschiedde, maar daar moet wel bij aangetekend worden dat de vlag alleen gebruikt werd bij de openingsceremonies. Normaliter was de vlag opgeborgen in een vitrine met daarbij de namen van alle gaststeden op bronzen plaquettes. Voor de sluitingsplechtigheden werd een replica gebruikt. In 2014 werd de Oslo-vlag met pensioen gestuurd.
IOC-voorzitter Thomas Bach overhandigt de (nieuwe) officiële vlag van de Winterspelen aan burgemeester Chen Jining van de Chinese hoofdstad Beijing, waar de editie van 2022 zal plaatsvinden (sluitingsceremonie van de Winterspelen 2018 in PyeongChang, Zuid-Korea, op 25 februari 2018 / screenshot)
In 2018, bij de Winterspelen in het Zuid-Koreaanse PyeongChang, bood de stad het IOC een nieuwe officiële vlag aan en deze is inmiddels doorgegeven aan gaststad Beijing, waar de Winterspelen van 2022 zullen plaatsvinden.
Olympische Jeugdspelen
Sinds 2010 zijn er ook Olympische Jeugdspelen voor 14- tot 18-jarigen. Deze Spelen (zowel Zomer- als Winterspelen) worden ook iedere vier jaar gehouden, maar precies omgekeerd als de ‘volwassen’ Spelen: de Zomer Jeugdspelen vinden dus plaats in het zelfde jaar als de Olympische Winterspelen en de Winter Jeugdspelen in het jaar van de Olympische Zomerspelen.
Logo van de Olympische Jeugdspelen
De eerste zomer-editie vond plaats in Singapore van 14 tot 26 augustus 2010. Eén dag voor de opening overhandigde IOC-voorzitter Jacques Rogge de officiële vlag voor de Jeugdspelen aan premier Lee Hsien Loong van Singapore.
Hoewel her en der vermeld wordt dat deze Olympische vlag naast de ringen ook de naam van de gaststad en het jaar van de Spelen laat zien, is daar op foto’s niets van waar te nemen! En dat zou ook vreemd zijn, want ook deze vlag is een doorgeef-vlag. In 2014 waren de Zomer Jeugdspelen in Nanjing (China) en in 2018 in Buenos Aires (Argentinië).
Links: Logo van de Olympische Zomer Jeugdspelen van 2018 in Buenos Aires, Argentinië (publiek domein) / Rechts: Voorlopig logo van de uitgestelde Olympische Zomer Jeugdspelen van 2026 in Dakar, Senegal (publiek domein)
De editie 2022, te houden in Dakar (Senegal), is wegens de coronapandemie vervallen en vooruit geschoven naar 2026.
Logo van de Olympische Winter Jeugdspelen 2020 in Lausanne, Zwitserland (publiek domein)
De eerste Winter Jeugdspelen werden gehouden van 13 tot 22 januari 2012 in Innsbruck (Oostenrijk). De 2016 en 2020 edities waren in respectievelijk Lillehammer (Noorwegen) en Lausanne (Zwitserland). In 2024 wordt het evenement in de provincie Gangwon (Zuid-Korea) gehouden. Ook bij deze Spelen wordt de vlag doorgegeven aan de volgende stad (of provincie, zoals voor 2024).
Een heel verhaal! Maar hebben we nu alles gehad? Nee, want een goeie twee weken na de sluiting van de Olympische Zomerspelen beginnen de Paralympische Spelen 2020, die ook met een jaar waren uitgesteld.
Paralympische vlag
Over de vlag en het logo van de Paralympische Spelen is heel wat te vertellen en dat gaat dan ook gebeuren! Dinsdag 24 augustus gaat dit sportevenement van start: dan wordt de Paralympische vlag niet alleen in Tokio gehesen, maar ook bij Vlagblog en kunt u alles lezen over de nog maar korte, maar nogal stormachtige geschiedenis van vlag en logo.
De naamdag van de Zweedse koningin is geen officiële feestdag in Zweden, maar wél een vlagdag. Het is in Zweden niet ongebruikelijk om naast de verjaardag ook de naamdag te vieren.
Het is een oude traditie, die in 1901 werd goedgekeurd door de Zweedse Academie, dezelfde club van 18 personen die ook ieder jaar beslissen wie de Nobelprijs voor de Literatuur krijgt. Het primaire doel van deze instelling is om de “puurheid, kracht en verhevenheid van de Zweedse taal” te bevorderen.
Zo hadden ze zich ook verbonden aan de naamdagen-traditie. De lijst bestaat dus uit een kalender met louter voornamen en had een officiële status tot 1972. Sommige namen verwijzen naar heiligen of martelaren en hebben dus een religieuze oorsprong. Uiteindelijk zijn in de loop der tijd alle dagen verbonden met een voornaam.
Zoals gezegd: officieel tot 1972, maar tradities laten zich niet zomaar uitroeien, zodat in 2001 een werkgroep in het leven werd geroepen om de lijst nieuw leven in te blazen. Deze groep bestaat opnieuw uit de leden van de Zweedse Academie, aangevuld met o.a. uitgevers en andere groepen. De bedoeling is dat de lijst nu om de vijftien jaar wordt bijgewerkt, ook met nieuwe namen.
De namen van drie leden van het Zweedse Koninklijke Huis worden gebruikt om extra te vlaggen. Zo is de naamdag van Koning Carl XVI Gustaf op 28 januari en die van Kroonprinses Victoria op 12 maart. Koningin Silvia is vandaag aan de beurt.
Koningin Silvia werd als Silvia Renate Sommerlath geboren op 23 december 1943, dochter van een Duitse vader en Braziliaanse moeder. Ze leerde kroonprins Carl Gustaf kennen tijdens de Olympische Spelen van 1972 in München, hij als gast, zij als gastvrouw. Ze trouwden in 1976. Carl Gustaf was zijn overleden opa inmiddels als koning opgevolgd in 1973. Silvia werd al snel een populaire koningin en kreeg drie kinderen met Carl Gustaf. Sinds 2011 is ze de langst zittende Zweedse koningin-gemalin sinds Sophia van Nassau (1836-1913), een achterkleindochter van Carolina van Oranje-Nassau (de oudere zus van de Nederlandse stadhouder Willem V) en achter-achterkleindochter van stadhouder Willem V.
De koninklijke standaard
De vlag die vandaag wappert is de Zweedse koninklijke standaard. De basis voor deze vlag is de nationale vlag. De koninklijke versie is echter een bijzonder model, een zogenaamde zwaluwstaart. Aan de vluchtzijde heeft de vlag twee driehoekige uitsparingen, wat resulteert in een vlag met drie punten. Over het midden van het kruis is het groot rijkswapen afgebeeld op een wit veld. Het ‘grote’ zit hem in de plaatsing van het wapen op een gekroond baldakijn en de twee schildhouders (gekroonde leeuwen).
Het groot rijkswapen van Zweden
Het gekroonde wapen bevat nogal wat onderdelen: de basis is een blauw veld met een gouden kruis, waarmee het veld in vieren wordt verdeeld. De velden I en IV tonen de drie gouden kronen die sinds 1364 het embleem van Zweden vormen. De velden II en III laten de zogenaamde Folkingen-leeuw zien, sinds 1200 het oude Zweedse koningswapen.
Precies in het midden, over alles heen, een kleiner schild, op zijn beurt verticaal in tweeën gedeeld: links het wapen van het voormalige koningsgeslacht Wasa, rechts het wapen van het huidige Koninklijk Huis: Bernadotte-Pontecorvo. Als laatste onderdeel is aangebracht langs de gehele onderste helft van het schild, de keten van de Serafijnenorde.
Het wapen is voor het laatst vastgesteld in 1908, de vlag in 1906. De Zweedse koninklijke standaard is geen persoonsgebonden vlag, hij wordt gebruikt door iedere monarch. Ook koningin Silvia gebruikt hem. Andere leden van het koningshuis gebruiken een vergelijkbare standaard, maar dan met een ‘klein’ wapen, een gekroond blauw schild, waarop de drie kronen, omringd door de Serafijnenorde.
Vandaag 65 jaar geleden, in 1955, vond de stichting plaats van dit Frans overzees gebiedsdeel, dat in het Frans officieel Terres australes et antarctiques françaises heet. Het is een verzameling van onbewoonde eilanden in het zuidelijke gedeelte van de Indische Oceaan, plus een (onofficieel) stuk van Antarctica . Het is een curieus geheel, wat geografisch bepaald geen eenheid vormt, daar de gebiedsdelen ver uit elkaar liggen.
Waar gaat het om? Het gebied omvat de volgende deelgebieden: 1. Île Saint-Paul en Île Nouvelle Amsterdam 2. Archipel des Crozet 3. Archipel des Kerguelen 4. Terre Adélie 5. Îles Éparses de l’Océan Indien
De eerste drie deelgebieden (de eilanden Saint-Paul en Nouvelle Amsterdam, de Crozeteilanden en de Kergueleneilanden) bevinden zich verspreid over een groot gebied in de zuidelijke Indische Oceaan. Het vierde gebied, Terre Adélie (Adélieland), is gelegen op het vasteland van Antarctica. Dit continent is door zeven landen in ‘plakken’ verdeeld en zij claimen hun verschillende territoria. De claims zijn echter niet officieel en sinds 1961 allemaal ‘bevroren’ in het Antarctisch Verdrag, ook wel bekend als het Verdrag inzake Antarctica. De Franse claim, Terre Adélie is daarbij nog bescheiden van afmeting.
Links: Île Nouvelle Amsterdam / Rechts: Île TromelinLinks: Île du Lys / Rechts: Juan de Nova
Het vijfde deelgebied, Îles Éparses de l’Océan Indien (De verspreide eilanden in de Indische Oceaan), bevinden zich allemaal in de wateren rond het eiland Madagaskar. Dit deelgebied omvat op zijn beurt weer vijf deelgebieden: het atol Bassas da India, Île Europa, Îles Glorieuses (bestaand uit Grande Glorieuse, het Île du Lys plus acht kleine rotseilandjes), het rifeiland Juan de Nova en het Île Tromelin.
Links: Bassas da India / Rechts: Île Europa
Alle delen van het gebied zijn onbewoond, op de gebruikelijke bases van militairen en wetenschappers na dan (bij elkaar 196 personen). De enige permanente bewoners zijn de dieren en de planten. Dat is dan ook de reden dat het gebied bestuurd wordt vanuit Saint-Pierre op het Franse eiland Réunion, ten oosten van Madagaskar. De huidige prefect, sinds 12 oktober 2020 is Charles Giusti.
Vlag van de Terres australes et antarctiques françaises (2007-heden)
De vlag van het gebiedsdeel (gebiedsdelen) is egaal blauw met in het kanton een afbeelding van de Franse vlag, de Tricolore. Diagonaal daartegenover, in de vluchtzijde dus, is een monogram te zien: vier verstrengelde kapitalen in wit, TAAF. Deze letters staan voor de Franse naam van het gebiedsdeel, Terres australes et antarctiques françaises.
De vijf witte sterren rondom het monogram staan voor de vijf deelgebieden. de vlag is ingevoerd op 23 februari 2007. Hij kan op ieder van de gebieden gevoerd worden en is ook te zien bij de officiële residentie van de prefect op Réunion.