Net als Duitsland werd Oostenrijk na de Tweede Wereldoorlog opgedeeld door de vier geallieerde bezettingsmachten: het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Hetzelfde gebeurde met de hoofdstad Wenen (net als Berlijn dus).
Na de dood van Stalin en het staakt-het-vuren in de Korea-oorlog (1953) kwamen de vier partijen bijeen om de toekomst van Oostenrijk te bespreken. De besprekingen waren succesvol en op 15 mei 1955 werd het Staatsverdrag getekend, waarin werd vastgelegd dat Oostenrijk permanent neutraal diende te blijven.
In ruil daarvoor herkreeg het land zijn onafhankelijkheid. De laatste geallieerde troepen vertrokken op 25 oktober 1955. De dag erna, de 26e dus, werd de Verklaring van Neutraliteit afgelegd en was Oostenrijk weer baas in eigen land.
26 oktober werd daarmee een belangrijke herdenkingsdag, die tot 1965 gekenmerkt werd door het hijsen van de nationale vlag. Vanaf dat jaar echter werd de herdenkingsdag uitgeroepen tot nationale feestdag. Nu is het een vrije dag in Oostenrijk met overal allerlei evenementen, parades, tentoonstellingen en veel vlagvertoon.
De vlag
Vlag van Oostenrijk, zonder en met wapen
De Oostenrijkse vlag is een horizontale driekleur in rood-wit-rood, Het is een van de oudste vlaggen ter wereld en kan tot zeker 1230 teruggevoerd worden. De vlag wordt zowel met als zonder staatswapen gebruikt. Bij Vlagblog wapperen vandaag beide vlaggen.
In eerste instantie werd de vlag nog niet als nationale vlag gebruikt, maar werd gevoerd als symbool van de Oostenrijkse monarchie. In 1786 bepaalde Keizer Josef II dat de driekleur (met wapen) voortaan als nationale vlag moest dienen. Vanaf die tijd is er dus een scheiding tussen nationale vlag en Keizerlijke Standaard.
Links: Keizerlijke Standaard tot 1915 / Rechts: Keizerlijke Standaard 1915-1918
Deze standaard werd gebruikt tot 1915. Een nieuwe standaard werd in de Eerste Wereldoorlog ingevoerd, maar werd samen met het keizerrijk afgeschaft in 1918.
Links: Vlag van Oostenrijk 1786-1869 / Rechts: Vlag van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie, 1869-1918
Tussen 1869 en 1918 weerspiegelt de nationale vlag dat Oostenrijk met Hongarije een dubbelmonarchie vormt: een combinatie van de Oostenrijkse en Hongaarse vlaggen met ook twee staatswapens. Vanaf 1919, na het einde van het keizerrijk, werd de vlag zonder wapen gevoerd. De vlag mét wapen was vanaf die tijd voorbehouden aan de president, ministers en andere hoge functionarissen. Hoewel dit strikt genomen nog steeds zo is, is de versie mét wapen niet langer ongebruikelijk in het straatbeeld.
Links: Het keizerlijke wapen van Oostenrijk-Hongarije tot 1915 / Rechts: Wapen van Oostenrijk sinds 1945
Het rijkswapen gaat ook ver terug: de adelaar tot de 12e eeuw, het rood-wit-rode schild tot de 13e eeuw. Tot en met het einde van het keizerrijk was de adelaar getooid met een keizerskroon, met in zijn klauwen een zwaard en een scepter. Bij de invoering van de republiek kreeg de adelaar een muurkroon, als symbool van de burgerij. Zwaard en scepter werden vervangen door een sikkel en een hamer, symbolen voor boeren en arbeiders. Na de zogenaamde Anschluss bij Duitsland (1938) en gedurende de Tweede Wereldoorlog werd de Nazi-vlag met het hakenkruis ingevoerd. Vanaf 1945 keerde de adelaar terug met als toevoeging een gebroken keten in beide klauwen.
Na een jarenlange scheiding in West-Duitsland en Oost-Duitsland, werden beide landen opnieuw verenigd op 3 oktober 1990. Vandaag viert Duitsland dus z’n 33-jarige jubileum als eenheidsstaat.
3 oktober 1990, een juichende en vlaggenzwaaiende mensenmassa voor het Duitse Parlement, de Reichstag
Het jaar daarvoor was de Berlijnse Muur ‘gevallen’ en was het bestaansrecht van Oost-Duitsland na ‘die Wende’ eigenlijk verdwenen.
De Berlijnse Muur valt, 11 oktober 1989 (foto: Gerard Malie)
De vlag
Vlag van Duitsland (1949-heden)
De kleuren van de Duitse vlag stammen uit de Napoleontische vrijheidstrijd en kwamen voor in uniformen (en sommige vlaggen), zoals die van het Lützower Studentischen Freiwilligenkorps.
De huidige driekleur in zwart, rood en geel werd officieel door de Duitse Bond ingesteld in 1848.
Links: Vlag van de Duitse Bond tussen 1815 en 1867 / Rechts: Otto von Bismarck (1815-1898), minister-president van Pruisen (1862-1890), bondskanselier van de Noord-Duitse Bond (1867-1871), rijkskanselier van het Duitse Keizerrijk (1871-1890)
In 1867, onder Otto von Bismarck, de bondskanselier van de Noord-Duitse Bond en minister-president van Pruisen, werd de vlag echter al weer verboden. Hij wilde een combinatie van de Pruisische (zwart-wit) en de Brandenburgse (rood-wit) vlaggen en dat werd dus een zwart-wit-rode vlag. Tijdens de Weimarrepubliek werd op 11 augustus 1919 de zwart-rood-gele vlag weer in ere hersteld.
V.l.n.r.: Vlag van Pruisen / Vlag van Brandenburg / Vlag van het Duitse Keizerrijk (1871-1918)
In 1933, toen de nazi’s van de NSDAP aan de macht kwamen, werd de vlag opnieuw afgeschaft en in eerste instantie vervangen door de zwart-wit-rode vlag. De rode partijvlag met het hakenkruis (swastika) werd aangeduid als tweede nationale vlag.
V.l.n.r.: Vlag van het Duitse Rijk (de Weimarrepubliek) (1919-1933) / Vlag van het Duitse Rijk (1933-1935) / Vlag van het Duitse Rijk (1935-1945), ook bekend als hakenkruisvlag of Nazivlag
Op 15 september 1935 werd de hakenkruisvlag uitgeroepen tot officiële Duitse vlag, de zwart-wit-rode vlag werd als ‘te reactionair’ gezien. Hoewel de swastika al sinds 1920 door de NSDAP als symbool werd gebruikt, ook op vlaggen, was het Adolf Hitler die in 1925 de definitieve vlag ontwierp: een zwarte naar rechts wijzende swastika in een witte cirkel op een rood veld, opnieuw de Duitse kleuren zwart-wit-rood dus.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de hakenkruisvlag ook in de bezette gebieden gebruikt en werd ze een gehaat symbool, de representatie voor onderdrukking, angst en terreur.
Duitsland verdeeld in bezettingszones: Frans (blauw), Brits (groen), Amerikaans (oranje) en Russisch (rood). Inzet: Het eveneens in vieren opgedeelde Berlijn
Na de Duitse nederlaag in de Tweede Wereldoorlog werden het land en de hoofdstad Berlijn in vieren verdeeld, in Franse, Britse, Amerikaanse en Russische bezettingszones, waar dus ook de desbetreffende vlaggen werden gebruikt. Alleen voor gebruik op zee werd er een tijdelijke Duitse scheepsvlag ontworpen. Deze vlag werd ingevoerd op 12 december 1946. De vlag was gelijk aan de internationale seinvlag voor de letter C, maar dan ingehoekt. De keuze was niet zozeer vanwege de C, maar had te maken met de kleuren. De C-seinvlag is een horizontale vijfkleur in blauw-wit-rood-wit-blauw en bevatte daarmee de nationale kleuren van de vier bezettingsmachten: Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie.
Links: Internationale seinvlag, letter C (ontwerp uit 1855) / Rechts: De Duitse koopvaardijvlag (1946-1950), de zogenaamde C-Doppelstander
Deze ingehoekte versie van seinvlag stond bekend als de C-Doppelstander en was in gebruik tot 14 augustus 1950. Deze koopvaardijvlag mocht door andere schepen niet gegroet worden, er mocht deze vlag dus geen eer worden bewezen.
In augustus 1948 begonnen de voorbereidingen voor nieuwe Duitse symbolen. Na veel discussies werd men het er uiteindelijk over eens dat de Bondsrepubliek Duitsland als opvolger van de Weimarrepubliek (1919-1933) gezien moest worden en dus keerde men terug naar de zwart-rood-gele vlag. Met de invoering van de nieuwe Duitse Grondwet op 23 mei 1949 werd ook de oude vlag gerehabiliteerd. Dit was tevens de dag dat de westelijke bezettingszones opgingen in de Bondsrepubliek Duitsland (BRD/West-Duitsland).
In de Sovjet-bezettingszone had men zich tijdens het TweedeVolkscongres in 1948 uitgesproken voor terugkeer naar de zwart-wit-rode vlag, die tussen 1867 en 1918 en opnieuw kortstondig tussen 1933 en 1935 in gebruik was als vlag van het Duitse Rijk, maar op voorspraak van Friedrich Ebert Jr., lid van het Centraal Comité van de SED (Sozialistische Einheitspartei Deutschlands), comformeerde het oostelijk deel van Duitsland zich aan de keuze van het grotere westelijke deel van het land. Het enige verschil was dat de kleurspecificaties van het rood en geel iets afweken. De stichting van de Duitse Democratische Republiek (DDR/Oost-Duitsland) volgde een paar maanden na die van de BRD, op 7 oktober 1949, waarbij het grondgebied geheel samenviel met dat van de Russische bezettingszone.
Een uitzondering was er voor hoofdstad Berlijn, middenin de DDR gelegen, die op zijn beurt in vier bezettingszones was opgedeeld. Hier bleven de bezettingsmachten actief aanwezig. Voor de DDR bleef (Oost)-Berlijn de hoofdstad, de BRD verhuisde zijn regering en overheidsapparaat naar Bonn, in Noordrijn-Westfalen.
Kaart van West- en Oost-Duitsland met daarin de grenzen van de deelstaten
Hamer en passer
Met het verder uit elkaar groeien van West-Duitsland (BRD) en Oost-Duitsland (DDR) nam in de communistische DDR de behoefte aan onderscheiding met de BRD toe. Zodoende werd in 1959 het staatswapen midden op de vlag geplaatst.
De drie versies van het DDR-wapen, v.l.n.r.: 1950-1953, 1953-1955, 1955-1990
Dit wapen werd op 12 januari 1950 ingevoerd en symboliseert de boeren en de arbeidersklasse. Deze eerste versie had slechts een hamer en een ring van rogge-aren. Op 28 mei 1953 werd een tweede versie geïntroduceerd: de hamer kreeg gezelschap van een passer en de roggering was behoorlijk uitgedijd. De Duitse driekleur werd toegevoegd en rond de onderkant van de rogge gewikkeld. De derde versie werd ingevoerd op 23 september 1955, waarbij het witte veld achter hamer en passer communistisch rood werd.
Links: Vlag van de DDR (1959-1990) / Rechts: Handelsvlag van de DDR (1959-1973)
Op 1 oktober 1959 werd het embleem vervolgens ‘bevorderd’ en op de vlag geplaatst. Tegelijkertijd werd er een handelsvlag ingevoerd, waarbij het wapen verkleind in het kanton geplaatst werd. Deze vlag was in gebruik tot 1973.
Maar, en dat is natuurlijk wat er vandaag gevierd wordt, sinds 1990 is men weer samen onder één en dezelfde vlag. Al in juni 1990, vooruitlopend op de datum van 3 oktober, verdween de DDR-vlag van het toneel en werd ingeruild voor die van de BRD, van een Verenigd Duitsland. Bonn werd als hoofdstad verlaten en Berlijn werd opnieuw de ongedeelde hoofdstad.
Overig
Tot slot twee varianten van de Duitse vlag: de dienstvlag, in gebruik bij overheid en leger en de marinevlag.
Links: Dienstvlag van Duitsland (1950-heden), in gebruik bij de overheid en het leger / Rechts: Marinevlag van Duitsland (1956-heden)
De dienstvlag uit 1950 heeft het Duitse wapen, een gestileerde zwarte adelaar met rode snavel en klauwen op een geel veld, in de Duitse kleuren dus, midden op de Duitse driekleur. De marinevlag is identiek aan de dienstvlag, maar dan ingehoekt. Deze vlag werd op 25 mei 1956 ingevoerd.
Tot 31 augustus 1991 was Kirgizië een deelrepubliek van de Sovjetunie. Het waren de nadagen van dit collectief van Rusland en zijn 14 satelliet-republieken. Onder president Gorbatsjov hadden de deelrepublieken al meer macht gekregen. Na de mislukte staatsgreep in de zomer van 1991 (Gorbatsjov was toen op vakantie aan de Zwarte Zee) en de daarop volgende politieke chaos, verloor de president prestige en macht en was de tijd rijp voor onafhankelijkheid.
Op 31 augustus 1991 verklaarde de Opperste Raad van Kirgizië de deelrepubliek tot een onafhankelijk land, net als buurland Oezbekistan. De overige drie Centraal-Aziatische deelrepublieken volgden snel daarna: Tadzjikistan op 9 september, Turkmenistan op 27 oktober en Kazachstan op 16 december. Op Turkmenistan na zijn al deze landen lid van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS), een los verband van ex-Sovjetstaten.
Sadyr Zjaparov (1968) bij zijn stembusgang in Bisjkek voor de presidentiële verkiezingen op 10 januari 2021 (screenshot)
Sindsdien is Kirgizië niet bepaald een voorbeeld van stabiliteit geweest, met gevluchte ex-presidenten, betogingen, frauduleuze verkiezingen en een revolutie in 2005 (de Tulpenrevolutie). Sinds 28 januari 2021 is Sadyr Zjaparov president van Kirgizië.
Normaliter is er op Onafhankelijkheidsdag een grote cultuurmanifestatie op het Ala-Too-plein in hoofdstad Bisjkek, die duizenden mensen trekt. De toespraken zijn bij dit gebeuren altijd dik gezaaid: niet alleen de president en premier spreken de menigte toe, maar ook de voorzitter van de Opperste Raad en de burgemeester van Bisjkek. Het volkslied wordt gezongen door een koor, begeleid door een orkest, er zijn dansgroepen, maar ook nationale popsterren.
De vlag
Vlag van Kirgizië (1992-heden)
De vlag is zeer herkenbaar en lijkt op geen enkele andere nationale vlag. Bij eerste beschouwing lijkt het alsof iemand een tennis- of jeu de boules-bal op de vlag heeft gezet, maar uiteraard is dat niet wat we hier zien!
Wat we wél zien is een stukje van een yurt, een traditionele tent, die helemaal bovenin een gat heeft. Als iemand ’s morgens wakker wordt in een yurt en naar boven kijkt, ziet hij of zij het cirkelvormige gat in de nok van de tent, een zogenaamde tunduk, met daarin elkaar kruisende constructie-latten. En als het even mee zit schijnt de zon en die zien we over het symbool afgebeeld.
De rode kleur van de vlag wordt door sommigen uitgelegd als een doorsluimerende invloed van het communisme, maar officieel wordt het rood uitgelegd als symbool voor moed en heldhaftigheid. De zon staat voor vrede en welvaart. De veertig zonnestralen staan symbool voor het aantal stammen dat de legendarische volksheld Manas wist te verenigen in de strijd tegen de Mongolen. De tunduk in het midden van de vlag symboliseert de oorsprong van het leven, de eenheid van tijd en ruimte, maar tevens huis en haard en gastvrijheid.
De vlag werd ontworpen door Miroslav Grčev en als nationale vlag aangenomen op 3 maart 1992, toen Kirgizië reeds zeven maanden lang onafhankelijk was. Die eerste zeven maanden werd de oude sovjet-republiek vlag nog gebruikt. In totaal ‘versleet’ Kirgizië drie verschillende sovjet-vlaggen tussen 1936 en 1952 (zie hieronder).
Drie vlaggen van Kirgizië als sovjetrepubliek, v.l.n.r.: 1936-1940, 1940-1952, 1952-1992
De Noord-Macedonische ontwerper Miroslav Grčev is tevens verantwoordelijk voor het vlagontwerp van Noord-Macedonië.
Sinds 2005 heeft Kirgizië ook een presidentiële vlag. De vlag is rood, net als de nationale vlag en toont het staatswapen in het midden. Dit staatswapen is hier in rood en geel (of goud) uitgevoerd, maar als los symbool is het blauw met geel.
Links: Staatswapen van Kirgizië (1994, aangepast 2016) / Rechts: Boekuitgave van het epos van Manas (uitgave Raritet, 2004)
Het wapen toont een valk met gespreide vleugels. De valk, Ak Shumkar genaamd, is het symbool van zuiverheid en nobelheid, zoals verhaald in legendes en volksverhalen. Achter de vogel is op het losse staatswapen een meer afgebeeld (Issyk-Kul), maar op de vlag zien we dat niet terug. Wel aanwezig is het Ala-Too-gebergte, en meer specifiek de toppen van de Tian Shan. Daarachter een zonsopkomst met veertig stralen, die verwijzen naar de veertig clans uit het Kyrgizische heldendicht “Het epos van Manas“.
De presidentiële vlag was prominent in beeld bij het aantreden van de huidige president van Kirgizië, Sadyr Zjaparov (1968) op 15 oktober 2020 (screenshot)
Het randschrift op het embleem luidt: КыргЫз Респуєликасынын Преэиденти (Kyrghyz Respublicasynyn Presidenti) oftewel: President van de Republiek Kirgizië.
Noot: Met dank aan collega vlag-afficionado Maarten Brandts Buijs uit Groningen die me de Kirgizische vlag cadeau deed. Voor nog meer vlagvertoon raad ik u aan zijn Facebook-pagina te bezoeken!
Op 27 augustus 1991 verklaarde Moldavië zich onafhankelijk. Tot die tijd was het een onderdeel van de Sovjet-Unie, maar in de nasleep van de glasnost en perestroika van Sovjetleider Michail Gorbatsjov uit 1985/1986, ontwaakte bij verschillende westelijke en zuidelijke sovjetstaten de drang naar onafhankelijkheid.
Na die 27e augustus sloot Moldavië zich op 21 december van hetzelfde jaar aan bij de andere voormalige sovjetstaten, waaronder Rusland, om het Gemenebest van Onafhankelijke Staten te vormen.
Vier dagen later, op 25 december 1991, hield de Sovjet-Unie daarmee officieel op te bestaan. Op 2 maart 1992 werd Moldavië als lid toegelaten tot de Verenigde Naties.
Maia Sandu (1972), sinds 24 december 2020 president van Moldavië, hier op bezoek bij haar ‘buurman’ en collega Volodomyr Zelensky van Oekraïne, 27 juni 2022 (publiek domein)
De 27e augustus is een vrije dag in Moldavië, met diverse festiviteiten, waaronder een concert op het Nationale Plein in de hoofdstad Chișinău en een toespraak door president Maia Sandu.
De vlag van Moldavië, ingevoerd op 12 mei 1990, heeft dezelfde kleuren als die van buurland Roemenië. De landen hebben een deels gezamenlijk verleden en de kleurkeuze is dan ook niet toevallig: drie verticale banen in de kleuren blauw, geel en rood.
Vlag van Roemenië
Officieel is de kleur blauw op de Roemeense vlag ultramarijn, die op de Moldavische vlag saffierblauw, maar in de praktijk zal dat niet snel te zien zijn. Officieel gebruikt is er ook verschil tussen de ratios van de twee vlaggen: de Roemeense heeft een hoogte-lengte-verhouding van 2:3, die van Moldavië is 1:2.
Het grote verschil zit ‘m in het staatswapen wat Moldavië in het midden van de gele baan heeft geplaatst en wat bij Roemenië ontbreekt. Overigens lijken de staatswapens van de twee landen ook op elkaar. Het Moldavische wapen toont een gouden adelaar met zijn kop naar de broekingszijde en een kruis in de snavel. In zijn klauwen zijn een olijftak (vrede) en een scepter (soevereiniteit) te zien. De vrijwel identieke Roemeense adelaar heeft in plaats van de olijftak een zwaard in één van zijn klauwen.
Wapens van Moldavië (links) en Roemenië (rechts)
Een wapenschild is op de borst van de adelaar geplaatst en horizontaal gedeeld in rood en blauw. Hier overheen is de gouden kop van een os geplaatst, met tussen zijn hoorns een gouden, achtkantige ster. In de linkeronderhoek van het blauwe vak een gouden roos (geluk) en rechtsonder een maansikkel. Het Roemeense wapenschild toont dezelfde voorstelling, maar daar is het een onderdeel van een in vijven gedeeld heraldisch geheel.
In het Sovjet-tijdperk had Moldavië een vlag uit de ‘hamer en sikkel’-serie, een horizontale driekleur van rood-groen-rood, waarbij de beide rode banen iets breder waren dan de groene. De gouden hamer en sikkel in de bovenste rode baan, bij de broeking.
Vlag van de Moldavische Sovjetrepubliek (1952-1990)
Vandaag is dé vlagdag van Oekraïne, de tweede sinds anderhalf jaar geleden Rusland Oekraïne binnenviel en daarmee een oorlog ontketende. In de Sovjet-tijd was de Vlagdag 24 juli en werd alleen gevierd in de hoofdstad Kiev. In de aanloop naar de onafhankelijkheid werd op Vlagdag 1990 voor het eerst de blauwgele vlag boven het stadhuis van Kiev gehesen.
Later dat jaar, op 18 september 1991 kreeg de vlag officiële goedkeuring van het presidium. De onafhankelijkheid volgde op 26 december 1991. Kort daarna, op 28 januari 1992 werd het vlagvoorstel door het parlement aangenomen.
De eerste jaren hield men de ‘oude’ datum van 24 juli aan voor de Vlagdag, maar in 2004 werd dit verschoven naar 23 augustus, één dag voor Onafhankelijkheidsdag. Het sloot mooi aan en bovendien hebben de meeste Oekraïners in deze periode vakantie en is het nu een nationale feestdag. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Daar vanwege de oorlogssituatie er in Oekraïne een staat van beleg heerst, worden de officiële feestdagen, zoals Vlagdag en Onafhankelijkheidsdag (morgen) niet gevierd. Maar zonder enige twijfel zullen er vandaag in Oekraïne even goed heel veel nationale vlaggen worden uitgestoken, staat van beleg of niet.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien (zie eerdere foto in dit artikel).
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)
Symbool
Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.
In de nacht van vrijdag 4 op zaterdag 5 augustus lukte het Oekraïne om door middel van een zee-drone het Russische marineschip en landingsvaartuig de Olenegorsky Gornyak in de Russische Zwarte Zee-haven van Novorossiysk vol te raken.
Door de schade aan de romp helt het schip over naar de bakboordzijde, waardoor het voorlopig niet gebruikt worden.
Beeld gemaakt door de Oekraïense zee-drone van de Olenegorsky Gornyak, dertig seconden voor inslag (screenshot)
Het Russische ministerie van Defensie meldde dat er een aanval had plaatsgevonden met twee drones, maar dat die in het water onschadelijk waren gemaakt, waaruit blijkt dat de Russische legertop dit liever stil wil houden, want videobeeld waarop te zien is dat de Olenegorsky Gornyak door een sleepboot wordt weggesleept is door nieuwsorganisatie Reuters geverifieerd.
Juist vanwege het gevaar van zee-drones had Rusland verschillende marineschepen en onderzeeërs van de haven van Sebastopol (op het bezette Krim-schiereiland) naar Novorossiysk verplaatst.
Beeld dat het Kremlin liever niet aan de Russische bevolking toont: de Olenegorsky Gornyakop sleeptouw in de haven van Novorossiysk (screenshot)
Andriy Ryzhenko, een gepensioneerde Oekraïense marinekapitein en marineadviseur, schat dat de zee-drone 740 km heeft afgelegd van zijn waarschijnlijke lanceergebied naar Novorossiysk, wat zou neerkomen op een aanzienlijke toename van het bereik van zee-drones.
Duidelijk te zien is dat het marine-landingsvaartuig scherp naar bakboord overhelt (screenshot)
Pokrovsk
Op maandag werd in Potrovsk, een stad dichtbij de frontlinie, een aantal gebouwen onherstelbaar beschadigd door twee raket-aanvallen, waarbij acht doden vielen en ruim negentig mensen gewond raakten.
Beelden van kort na de aanslag (screenshots)
Veertig minuten na de verwoestende eerste raket (die vijf slachtoffers eiste) trof een tweede raket hetzelfde gebied, waarbij nog eens twee mensen de dood vonden, waaronder een reddingswerker.
Beeld van de verwoesting in Pokrovsk één dag na de aanslag (screenshot)
Pavlo Krylenko, het hoofd van de regio Donetsk liet via Telegram weten dat de gebouwen die vernield en beschadigd waren, een appartementencomplex, privéwoningen, administratieve gebouwen, horeca en een hotel” waren. Hij voegde eraan toe: “Rusland is een terroristische staat en het moet voor zijn misdaden gestraft worden.”
Bij de aanval vielen acht doden en ruim dertig gewonden (screenshot)
Kiev
In hoofdstad Kiev werd op 1 augustus het uit de sovjettijd daterende Moederland-standbeeld ontdaan van het sovjetwapen op het schild dat Moeder Oekraïne omhoog houdt. Het werd vervolgens op 6 augustus vervangen door de drietand uit het Oekraïense wapen.
Links: Wapen (strikt genomen is het eigenlijk een embleem) van de Sovjet-Unie (1924-1991)/ Rechts: Het wapen van Oekraïne, een gouden drietand op een blauw veld (1996-heden)
Het roestvrijstalen standbeeld werd in 1981 ingewijd. Met voetstuk erbij heeft een hoogte van 102 meter, het beeld zelf meet 62 meter en weegt 560 ton. Uit een onderzoek onder 800.000 Oekraïners zou gebleken zijn dat 85% voorstander was van de aanpassing op het schild.
Screenshots van de operatie
Voorbereidingen worden getroffen om het sovjet-symbool van het schild te verwijderenEén van de korenschoven wordt naar beneden getakeld…—gevolgd door hamer en sikkelHet Moederland-standbeeld met een wapenloos schildDe Oekraïense drietand ligt klaar om opgetakeld te worden…—waardoor het standbeeld ineens een andere symboliek krijgtMoeder Oekraïne bij het vallen van de avond met de Oekraïense vlag op de voorgrond
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Deze Estse feestdag bestaat sinds 2004. Het is weliswaar een officiële feestdag, maar het levert de Esten geen dagje vrij op. Wel is er uiteraard veel vlagvertoon, zowel officieel als door de bevolking. De datum van 4 juni hangt samen met de geschiedenis van de vlag (zie hieronder).
Vlagvertoon op Eesti Lipu Päev (foto: Mati Hiis)
De vlag
Vlag van Estland
De vlag is een horizontale driekleur in blauw, zwart en wit. De kleuren vinden hun ietwat ongewone oorsprong in de studentenvereniging Vironia in de universiteitsstad Tartu. Deze vereniging, opgericht in 1881, wilde zich onderscheiden door een vlag. Dat werd de vlag die we tegenwoordig als de nationale Estse vlag kennen.
De allereerste vlag van Estland is bewaard gebleven en is te zien in het Nationale Museum van Estland, goed zichtbaar is dat het blauw oorspronkelijk lichter was, de pantonekleur was toen 289C, nu is dat 285C (foto: Märt Kose / publiek domein)
Bronnen spreken elkaar tegen over wanneer de vlag voor het eerst te zien dan wel uitgestoken werd, óf op 17 óf op 29 september 1881.
Dan circuleert er ook nog een datum van 4 juni 1884 en dat is de dag die de Estse regering aanhoudt voor de Vlagdag. In deze versie zou de vlag gemaakt zijn in Tartu, door een ploeg naaisters onder leiding van Paula Hermann, de vrouw van dr. Karl August Hermann, een erelid van de studentenvereniging. Deze was voor het eerst te zien tijdens een kerkdienst in Otepää; tijdens deze dienst zou de vlag gezegend zijn.
De gebruikte kleuren werden uitgelegd als blauw voor de hemel, zwart voor het land en wit voor de sneeuw. Toen deze vlag in 1896 tijdens een zangfestijn werd gebruikt als demonstratie tegen de Russische overheersers, werd hij prompt verboden. Daarmee bereikte de vlag onmiddellijk de status van nationaal symbool.
De Estse vlag op 1 november 1905 tijdens een demonstratie in Tartu (publiek domein)
Vanaf 1918 tot 1940 was het de nationale vlag van Estland. Daarna werd de vlag opnieuw verboden. Vanaf 1990 is hij in ere hersteld. Kennelijk vond men de verklaring van de kleuren door de studenten in 1881 iets te makkelijk, want allerlei symboolwaardes zijn er inmiddels aan toegevoegd.
De vlag van Estland in de vorm van een natuurlijk landschap, een werk van Valmar Valdmann uit 2009 (publiek domein)
Het blauw staat dan voor geloof, trouw en toewijding. Ook worden lucht, zee en meren genoemd. Het zwart zou symbool zijn voor het ‘zwarte’ verleden van Estland, in de zin van het vele lijden van de Esten onder vreemde overheersers. Het wit wordt uitgelegd als het streven naar verlichting en deugd, maar ook als de kleur van de bast van de berk en door de middernachtzon beschenen nachten.
Vlag van de president
Presidentiële vlag van Estland
De vlag van de president, vastgesteld in 1993 heeft de ‘grote’ versie van het nationale wapen midden op de vlag.
President Alar Karis (1958) met de presidentiële vlag van Estland (foto: Liis Treimann)
Het wapen bestaat in een ‘grote’ en ‘kleine’ vorm. De eerste versie heeft rond het schild twee gekruiste gouden eikentakken, de tweede bestaat alleen uit het schild. Op het gouden schild zien we drie zogenaamde ‘gaande leeuwen’ in blauw, rood ‘genageld en getongd’.
V.l.n.r.: Wapen van Denemarken / Groot wapen van Estland / Klein wapen van Estland
De drie leeuwen zijn afkomstig van het wapen van de Deense Koning Waldemar II, die in 1219 het noorden van Estland veroverde, waarna de leeuwen als wapen voor Reval gebruikt werden, toen de belangrijkste stad van deze Deense ‘kolonie’, tegenwoordig beter bekend onder de huidige naam Talinn, hoofdstad van Estland.
Kaart van het “Deense Rijk” na de overwinningen van Waldemar”, waar we rechts de Estse ‘kolonie’ zien, uit:’ Historisk Atlas” door Hildebrand Selander (Norstedt & Söner, Stockholm, 1880) (publiek domein)
De stad heeft dit wapen altijd behouden (net als Denemarken trouwens). En net als het land waar het de hoofdstad van is, heeft Talinn een ‘grote’ en een ‘kleine’ versie, maar om dingen nog wat ingewikkelder te maken: de stad heeft ook een ‘middelste’ versie!
V.l.n.r.: Groot wapen van Talinn / Middelste wapen van Talinn / Klein wapen van Talinn
De ‘grote’ en daarmee uitgebreidste versie heeft naast het gouden schild en de drie leeuwen een uitgebreide bekroning: het wordt gedekt door een zilveren helm met een gesloten vizier met rode voering en een gouden ketting rond de nek. De helm is op zijn beurt gedekt met een gouden kroon waaruit als helmteken een gekroonde vrouwenfiguur oprijst, gekleed in het rood en met de armen voor de borst gekruist. Verder is het wapen rijk versierd met een overdaad aan zogenaamde dekkleden in de kleuren goud en blauw.
De ‘middelste’ versie van het wapen van Talinn is in principe gelijk aan de ‘kleine’ versie van het wapen van Estland, het gouden schild met de drie blauwe leeuwen, alleen is de uitvoering iets anders. De ‘kleine’ versie is daarentegen totaal anders, maar ook hier zien we de erfenis van Denemarken: een wit kruis op een rood veld, heden ten dage onmiddellijk herkenbaar als de Dannebrog, de Deense vlag.
Toen Denemarken zijn Estse gebied in 1346 verkocht aan de Duitse Ordestaat (Staat des Deutschen Ordens) werd het wapen van Reval/Talinn gehandhaafd en uiteindelijk symbool voor het hele gebied. Dit bleef zo, ook toen Estland weer eens van eigenaar wisselde.
Zo werd het onder Zweeds bestuur het Hertogdom Estland (1561-1721), onder Russisch bestuur het Gouvernement Estland (1721-1917), waarna het in 1918 onafhankelijk werd.
Kaart uit 1820 van het Gouvernement Estland, onder Russisch bestuur (uit ‘Geografische atlas van het Russische rijk, het Koninkrijk Polen en het Groothertogdom Finland’ door luitenant-kolonel Vasily Petrovich Pyadyshev (1758-1835)) (publiek domein)
De enige periode waarin het wapen verboden werd, was die van de bezetting vanaf 1940 door de Sovjet-Unie, maar bij de hernieuwde onafhankelijkheid in 1990, keerde het wapen terug.
Afgelopen zaterdag meldde het Oekraïense leger dat het een onkwetsbaar geachte Russische hypersonische Kinzhal-raket uit de lucht boven Kiev had geschoten en sprak van een “historische gebeurtenis”. Gisteren bevestigde het Amerikaanse ministerie van Defensie dat het Oekraïne inderdaad gelukt was deze ‘onkwetsbare raket’ neer te halen.
De hypersonische Kh-47M2 Kinzhal-raket (publiek domein)
De Kh-47M2 Kinzhal, zoals het wapen officieel heet, werd in 2017 ontwikkeld en in 2018 door president Poetin gepresenteerd, waarbij hij liet weten dat de hypersonische Kinzhal (Russisch voor ‘dolk’), in staat was om overal ter wereld in te slaan, zonder dat welke luchtafweer dan ook daar iets tegen zou kunnen uitrichten. De Kinzhal zou mede zo onkwetsbaar zijn vanwege zijn enorme snelheid en zijn onvoorspelbare baan waarmee hij op zijn doel afgaat.
Een MIM-104 Patriot-raket bij lancering (screenshot)
Toch is het projectiel uit de lucht geschoten, door middel van het zeer geavanceerde Amerikaanse Patriot-luchtafweersysteem, waarover slechts enkele landen beschikken, waaronder Nederland. Zowel de Verenigde Staten als Duitsland en Nederland hebben Patriots naar Oekraïne gestuurd.
Oekraïense terreinwinst Bachmoet
Eerder deze week bleek de voorzichtige terreinwinst van het Oekraïense leger in het zwaar bevochte Bachmoet door te zetten. Een van de bevelhebbers van de Oekraïense landmacht, Oleksandr Syrsky, meldde dat de Russische troepen zich in sommige delen van Bachmoet tot twee kilometer hebben teruggetrokken.
Bachmoet biedt een desolate aanblik (screenshot)
De oprichter van het Oekraïense Azov-bataljon, Andri Biletsky, meldde via zijn Telegram-kanaal dat er ruim zes vierkante kilometer is heroverd op de Russen. Volgens zijn bericht zouden in het gebied zeker twee Russische brigades zijn verslagen en geen Russische militairen aanwezig zijn.
Recent beeld van Oekraïense soldaten in Bachmoet (screenshot)
Jevgeni Prigozjin, de leider van de pro-Russische Wagner-groep, die vorige week fel uithaalde naar de Russische defensietop, vanwege een blijvend tekort aan munitie, meldde zondag dat Russische eenheden hun posities bij Bachmoet hadden verlaten.
Zwaar beschadigde flats in Bachmoet (screenshot)
Nieuw Amerikaans steunpakket
Hoewel de V.S. al bijna veertig steunpakketten aan Oekraïne hebben geleverd sinds het begin van de oorlog, lijkt van vermindering nog geen sprake. Deze week werd een nieuw steunpakket aangekondigd ter waarde van 1,1 miljard euro. Het geld is bedoeld voor luchtafweersystemen, munitie, hulp bij trainingen en voor een systeem voor satellietbeelden. De munitie is specifiek voor houwitsers en om drones mee uit de lucht te schieten. President Zelensky bedankte de Amerikanen voor het ‘stevige’ defensie-hulppakket.
F-16’s?
Bij zijn bezoek aan Nederland eind vorige week, heeft president Zelensky opnieuw om de levering van F-16 gevechtsvliegtuigen gevraagd.
Maar op een gezamenlijke persconferentie van de president, premier Rutte en de Belgische premier De Croo, die ook was aangeschoven, konden er van Westerse kant nog geen concrete toezeggingen gedaan worden.
Gezamenlijke persconferentie in het Catshuis in Den Haag op 4 mei van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky en de Nederlandse en Belgische premiers, Mark Rutte en Alexander De Croo (screenshot)
Er wordt naar gestreefd hiervoor met vier landen samen op te trekken, naast Nederland en België, ook Denemarken en het Verenigd Koninkrijk. Premier Rutte liet weten: “Er zijn geen taboes en we werken er intensief aan, maar we zijn er nog niet.” President Zelensky ging er echter vanuit dat zijn land de gewenste vliegtuigen uiteindelijk zal krijgen. “We krijgen positieve berichten”, zo zei hij.
President Zelensky op bezoek bij Koning Willem-Alexander in Paleis Huis ten Bosch (screenshot)
Zelensky had een druk programma, met o.a. een beleefdheidsbezoek aan de koning, een toespraak tot de Verenigde Kamers van de Staten Generaal, een bezoek aan het Internationaal Strafhof (ICC), waar de president liet weten dat hij er zeker van is dat de Russische president Poetin er berecht zal worden voor zijn misdaden in Oekraïne. Al even overtuigd is hij dat er een speciaal tribunaal moet komen voor “degene die Oekraïne is binnengevallen”.
Rusland woedend over naamsverandering
Het Kremlin reageerde als door een wesp gestoken nadat bekend werd dat een Pools adviesorgaan voorstelde voortaan een andere naam voor de Russische exclave Kaliningrad te gebruiken. De exclave van 15.100 km² ligt ingeklemd tussen Polen en Litouwen, aan de Oostzee. Dat het stuk land buiten het ‘moederland’ kwam te liggen, werd veroorzaakt door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991, waardoor de Baltische staten Estland, Letland en Litouwen, die kort na het begin van de Tweede Wereldoorlog door de Sovjet-Unie waren bezet, opnieuw onafhankelijk werden.
Kaliningrad (“Królewiec”), ingeklemd tussen Litouwen en Polen
Het zorgde ervoor dat Kaliningrad ‘los’ van de rest van Rusland kwam te liggen. Voor de Tweede Wereldoorlog maakte het deel uit van het Duitse Oost-Pruisen, met als hoofdstad Königsberg, een naam die het al honderden jaren had. Nadat de sovjets de stad en het gebied innamen, werd de naam van de stad (en oblast) veranderd in Kaliningrad, vernoemd naar Michail Kalinin, een van de leiders van de bolsjewistische revolutie.
Kaart van Oost-Pruisen in 1917, met hoofdstad Königsberg (publiek domein)
Afgelopen dinsdag maakte het Comité voor de Standaardisatie van Geografische Namen buiten de Republiek Polen bekend dat zij adviseerde de stad Kaliningrad met onmiddellijke ingang Królewiec (de Poolse vertaling van Königsberg) te noemen en de gelijknamige oblast Obwód Królewiecki. Het comité kwam tot het besluit omdat de naam Kaliningrad noch een relatie had met de stad, noch met de oblast en dat het bovendien een “emotionele en negatieve lading” had in Polen. Michail Kalinin was een van de zes sovjet-Politbureau ondertekenaars van het bevel om meer dan 21.000 Poolse krijgsgevangenen te laten executeren in de bossen van Katyn en andere plaatsen in 1940.
Rusland’s invasie van Oekraïne en de Russische propaganda-machine lieten Polen eigenlijk geen keus om controversiële namen te her-evalueren, zo betoogde de commissie. Hoewel het advies van de commissie niet bindend is, worden er geen problemen verwacht bij de officiële naamsverandering.
Dmitry Peskov, woordvoerder van het Kremlin, liet weten dat het Poolse besluit “aan waanzin grensde” en gezien kan worden als “een vijandige daad”. Hij vervolgde: “We weten dat Polen door de geschiedenis heen van tijd tot tijd is afgegleden in deze waanzin van haat”.
Eurovisie Songfestival
Na de overwinning van Oekraïne op het Eurovisie Songfestival vorig jaar in Milaan, drong zich al gauw de vraag op of het wel verstandig was de editie 2023 in het winnende land te houden. Vrij snel zag iedereen wel in dat het in een land dat in een oorlogssituatie zit, niet zo’n goed idee is. Besloten werd het Songfestival in het Verenigd Koninkrijk te houden, dat land was op de 2e plaats geëindigd.
De drie presentatoren van het Eurovisie Songfestival 2023, v.l.n.r.: Alesha Dixon, Julia Sanina en Hannah Waddingham (screenshot)
En zo geschiedde. Deze week ging het Songfestival-circus van start in de Liverpool Arena. Dat het eigenlijk Oekraïne was die het had moeten organiseren, is nadrukkelijk meegenomen in de introductiefilmpjes bij ieder deelnemend land, met een combinatie van beelden uit Oekraïne, het Verenigd Koninkrijk en het land in kwestie. Samen met de twee Britse gastvrouwen presenteert ook de Oekraïense zangeres Julia Sanina de drie shows, waarvan de finale as. zaterdag is.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
De 21e maart is niet alleen de overgang van winter naar lente (hoewel dat dit jaar al op 20 maart viel), maar tevens een feestdag in talloze Aziatische landen, waaronder Kirgizië, en voor diverse etnische groepen. De spelling Nooruz is Kirgizisch, in het Nederlands noemen we het Noroez, maar de meest gebruikte spelling is het Perzisch-Iraanse Nowruz. Het is een combinatie van twee Perzische woorden: now = nieuw, ruz = dag.
Landen die dit nieuwjaarsfeest vieren zijn naast Kirgizië o.a.: Iran, Irak (door de Koerden en Turkmenen), Azerbeidzjan, Armenië (Iraanse Armeniërs en Yezidi’s), Georgië, Kazachstan, Tadzjikistan, Turkmenistan, Oekraïne (Krim-Tataren), Oezbekistan en Israël (Perzische en Koerdische joden).
Affiche voor Nooruz in Kirgizië
De viering van deze dag en de seizoenswissel (de zogenaamde lente-equinox) gaat al lang terug, waarschijnlijk al meer dan 7.000 jaar. In recentere tijden was Iran het enige land ter wereld waar deze dag een officiële feestdag was. Dat duurde tot de ontmanteling van de Sovjet-Unie in 1991, waarna de voormalige Kaukasische en Centraal-Aziatische sovjetrepublieken onafhankelijk werden en deze dag ook als feestdag invoerden.
In het algemeen is het zo dat voorafgaand aan de feestdag de voorjaarsschoonmaak gehouden wordt, er worden nieuwe kleren gekocht, mensen bezoeken elkaar over en weer en er wordt uitgebreid gekookt.
De vlag
Vlag van Kirgizië (1992-heden)
De vlag is zeer herkenbaar en lijkt op geen enkele andere nationale vlag. Bij eerste beschouwing lijkt het alsof iemand een tennis- of jeu de boules-bal op de vlag heeft gezet, maar uiteraard is dat niet wat we hier zien!
Wat we wél zien is een stukje van een yurt, een traditionele tent, die helemaal bovenin een gat heeft. Als iemand ’s morgens wakker wordt in een yurt en naar boven kijkt, ziet hij of zij het cirkelvormige gat in de nok van de tent, een zogenaamde tunduk, met daarin elkaar kruisende constructie-latten. En als het even mee zit schijnt de zon en die zien we over het symbool afgebeeld.
De rode kleur van de vlag wordt door sommigen uitgelegd als een doorsluimerende invloed van het communisme, maar officieel wordt het rood uitgelegd als symbool voor moed en heldhaftigheid. De zon staat voor vrede en welvaart. De veertig zonnestralen staan symbool voor het aantal stammen dat de legendarische volksheld Manas wist te verenigen in de strijd tegen de Mongolen. De tunduk in het midden van de vlag symboliseert de oorsprong van het leven, de eenheid van tijd en ruimte, maar tevens huis en haard en gastvrijheid.
De vlag werd ontworpen door Miroslav Grčev en als nationale vlag aangenomen op 3 maart 1992, toen Kirgizië reeds zeven maanden lang onafhankelijk was. Die eerste zeven maanden werd de oude sovjet-republiek vlag nog gebruikt. In totaal ‘versleet’ Kirgizië drie verschillende sovjet-vlaggen tussen 1936 en 1952 (zie hieronder).
Drie vlaggen van Kirgizië als sovjetrepubliek, v.l.n.r.: 1936-1940, 1940-1952, 1952-1992
De Noord-Macedonische ontwerper Miroslav Grčev is tevens verantwoordelijk voor het vlagontwerp van Noord-Macedonië.
Noot: Met dank aan collega vlag-afficionado Maarten Brandts Buijs uit Groningen die me de Kirgizische vlag cadeau deed. Voor nog meer vlagvertoon raad ik u aan zijn Facebook-pagina te bezoeken!
De 25e februari is een curieuze dag in de Georgische geschiedenis. De dag wordt gevierd sinds 1921, afgeschaft in 1991, opnieuw ingevoerd in 2010 en sinds 2011 weer gevierd, nu als herdenkingsdag.
Van 1921 tot 1991 stond de dag bekend als De Dag van de Vestiging van het Sovjet-gezag in Georgië. Op deze dag trok het Sovjet-leger de hoofdstad Tblisi binnen en vestigde de Georgische sovjet-republiek.
Het Sovjet-leger in Tblisi, 25 februari 1921 (publiek domein)
Na de val van het communisme en de onttakeling van de Sovjet-Unie werd de Georgische onafhankelijkheid hersteld in 1991 en werd de 25e februari als feestdag afgeschaft. Op 21 juli 2010 werd de dag echter nieuw leven ingeblazen, maar nu onder de naam Sovjet-bezettingsdag, waarmee de ‘lading’ totaal anders werd! Sinds 2011 wordt de 25e februari onder z’n nieuwe naam herdacht met (zoals het parlement verwoordde) herdenkingsdiensten ter ere van de honderdduizenden slachtoffers die tijdens de Sovjet-bezetting vielen.
De vlag bestaat uit een wit veld met een rood Sint-Joriskruis. In elk van de vier rechthoekige vlakken staat een rood kruis patté (een heraldisch kruis met armen die steeds breder worden).
Hoewel bronnen over de exacte geschiedenis schaars en niet altijd betrouwbaar zijn, wordt aangenomen dat de vlag in eerste instantie zónder de vier kruizen patté voorkwam. In dat geval was de vlag gelijk aan die van Engeland. Het Sint-Joriskruis vindt zijn oorsprong in de tijd van de Kruistochten en het kruis als symbool van Jeruzalem. De later toegevoegde kruizen patté verwijzen ook naar het Jeruzalem-kruis, maar lijken daar iets meer op qua vorm.
Georgië heeft in zijn complete geschiedenis zo’n 13 verschillende vlaggen gehad, maar het zou wat te ver voeren dat hier allemaal uit de doeken te doen. Maar zelfs de recente geschiedenis van het land levert de nodige variatie!
In zijn tijd als sovjet-republiek (1921-1990) had het land maar liefst vier verschillende vlaggen, waarbij de laatste, tussen 1951 en 1990 een variatie was van de nationale vlag van de Sovjet-Unie (net zoals alle andere deelrepublieken allemaal hun eigen variant hadden).
Georgië’s vlag als sovjet-republiek
Na de ontmanteling van de Sovjet-Unie werd Georgië opnieuw een onafhankelijk land in 1990. Onder leiding van president Shevardnadze werd de vlag van vóór de communistische tijd weer ingevoerd. Deze vlag van de Democratische Republiek Georgië werd toen overigens maar kort gebruikt: van 1918 tot 1921.
Vlag van Georgië (1918-1921 / 1990-2004)
Een 2.0 voor de vlag van 1918 dus, maar ook die zou het niet lang uithouden. Na de herwonnen onafhankelijkheid was het in Georgië jarenlang onrustig vanwege afscheidingsproblemen van deelgebieden en politieke conflicten tussen verschillende partijen. Door de oppositiepartij Verenigde Nationale Beweging werd in manifestaties een vlag gebruikt die nóg verder teruggreep in de Georgische geschiedenis: de vlag van het Koninkrijk Georgië, in gebruik tussen 1008 en 1490.
Links: Edoeard Sjevarnadze (1928-2014) in 1997 (publiek domein) / Rechts Micheil Saakasjvili (1967) in 2008 (publiek domein)
Uiteindelijk werd deze vlag zo populair dat de Georgische orthodoxe kerk de herinvoering ervan steunde. In 1999 keurde het parlement de wijziging van de nationale vlag goed, maar president Sjevardnadze wees het wijzigingsvoorstel af. Het land bleef onrustig en dit leidde uiteindelijk tot een ‘fluwelen’ revolutie in 2003 (de zogenaamde Rozenrevolutie), waarbij Sjevardnadze het veld ruimde en de leider van de oppositie, Micheil Saakasjvili, president werd. Opnieuw kwam het vlagvoorstel in het parlement aan de orde en op 14 januari 2004 werd -opnieuw- groen licht gegeven. Op 25 januari daaropvolgend zette president Saakasjvili zijn handtekening onder de wet. Sindsdien heeft Georgië een nieuwe (maar eigenlijk oude) vlag.
De presidentiële vlag van Georgië is zeer recent: ze stamt uit 2020, de symbolen zijn echter al eeuwenoud. De vlag is vierkant met een brede rode rand, een dun gouden kader en daarbinnen aan iedere zijde elf zogenaamde ‘wolventanden’ in rood, die naar binnen wijzen. Het binnenveld is wit met daaroverheen het ‘kleine’ wapen van Georgië, dat uit 2004 stamt. Het toont Georgië’s beschermheilige, Sint Joris, gezeten op zijn paard, die de draak verslaat. De figuren zijn in zilver op een rood veld. De halo rond het hoofd van Sint Joris is in goud uitgevoerd. De huidige president van Georgië is Salome Zoerabisjvili. Ze trad aan op 18 december 2018.
Zowel de marine, landmacht, luchtmacht en Nationale Garde voeren eigen vlaggen en die zien we hieronder.
Links: Marine- en kustwachtvlag van Georgië / Rechts: Landmachtvlag van Georgië– Deze vlag lijkt op het eerste gezicht erg op die van Denemarken, maar de Scandinavische landen hebben hun (Scandinavische) kruizen wat meer naar de mastzijde gecentreerd, wel is de vlag exact hetzelfde als die van de Franse regio SavoieLinks: Luchtmachtvlag van Georgië / Rechts: Vlag van de Nationale Garde van Georgiê– Deze vlag lijkt op die van de Dominicaanse Republiek, maar dan met omgekeerde kleuren (en minus het staatswapen)