Qatar – اليوم الوطني / Nationale Feestdag (2007)

Deze officiële Qatarese feestdag herinnert aan 18 december 1878, de dag waarop Jassim bin Mohammed Al Thani zijn overleden vader Mohammed bin Thani opvolgde.
Het lukte Jassim om de verschillende stammen van het Qatarese schiereiland te verenigen in een tijd waarin dit gebied onderdeel was van het Ottomaanse Rijk, het huidige Turkije. Onder Jassim kreeg Qatar een zekere mate van autonomie.

Links: Kaart van Qatar (© freeworldmaps.net) / Rechts: Jassim bin Mohammed Al Thani (±1825-1913) (publiek domein)

Vanaf 1916, dus tijdens de Eerste Wereldoorlog, werd Qatar (net als Bahrein en de Verenigde Arabische Emiraten) een Brits protectoraat, waarbij de Qatarese emirs gewoon op hun troon bleven. Het Verenigd Koninkrijk nam de verdediging van het emiraat voor zijn rekening, net als de buitenlandse betrekkingen.
In 1968 was er sprake van dat Qatar en Bahrein onderdeel zouden worden van de Verenigde Arabische Emiraten, maar dit ging uiteindelijk niet door. Drie jaar daarna, op 3 september 1971, werd Qatar onafhankelijk onder emir Ahmad bin Ali Al Thani, die kort daarna op 22 februari 1972 werd afgezet door zijn neef Khalifa bin Hamad Al Thani (die in 1995 op zijn beurt weer werd afgezet door zijn zoon Hamad bin Khalifa Al Thani).

Links: Khalifa bin Hamad Al Thani (1932-2016) (foto: Randy Taylor) / Rechts: Hamad bin Khalifa Al Thani (1952) (foto: Dragan Tatic)

Het was diens zoon, kroonprins Tamim bin Hamad Al Thani, die op 21 juni 2007 een decreet uitvaardigde waarbij de 18e december de nationale feestdag werd. De dag staat ook bekend als Stichtingsdag.
Tot 2007 was de nationale feestdag de 3e september, de dag van de onafhankelijkheid in 1971.
Kroonprins Tamim volgde zijn vader op als emir na diens abdicatie op 25 juni 2013.

Links: Tamim bin Hamad Al Thani (1980), de huidige emir van Qatar (foto: Ahmad Thamer Al Kuwari) / Rechts: Het officiële logo van de nationale feestdag

De huidige emir heeft drie vrouwen bij wie hij in totaal 24 kinderen heeft, 11 zonen en 13 dochters.

De vlag

Vlag van Qatar (1971-heden)

De vlag van Qatar is wat verhoudingen betreft de breedste ter wereld, met een ratio van 11:28.
De mastzijde van de vlag is wit, terwijl het uitwaaiende gedeelte paarsbruin van kleur is en ongeveer tweederde van de vlag inneemt. De scheiding van de twee delen heeft een gezaagd of getand patroon, waardoor negen witte driehoeken ontstaan. Dit getal negen staat symbool voor de in totaal negen Arabische emiraten: de zeven van de Verenigde Arabische Emiraten, als achtste Bahrein (en als negende Qatar dus).

Eerstedag-envelop ter gelegenheid van de onafhankelijkheid op 3 september 1971 (uitgegeven in 1972), de postzegel van 125 riyal toont een portret van emir Khalifa bin Hamad Al Thani, die kort daarvoor zijn neef emir Ahmad bin Ali Al Thani aan de kant had gezet (© Qatar Post)

De vlag werd aangenomen op 9 juli 1971, in het jaar van de onafhankelijkheid, maar was slechts op de ratio na (11:30) gelijk aan de vlag die Qatar tussen 1949 en 1971 voerde.

De witte kleur van de vlag staat symbool voor de vrede. Het paarsbuin was tijdens de Ottomaanse overheersing oorspronkelijk rood, maar de verfstof die gebruikt werd, had de neiging in de zon te verkleuren, waardoor de vlaggen een soort chocoladekleur kregen. In 1949 werd de paarsbruine kleur in de vlag gestandaardiseerd. Het voormalige rood en nu het paarsbruin, staat voor het vergoten bloed voor het vaderland.

Vlag van Bahrein (2002-heden)

Bahrein, dat een soortgelijke vlag heeft als Qatar, heeft zijn rode kleur tot op heden behouden. Deze vlag heeft een ratio van 3:5 en sinds 2002 slechts vijf driehoeken, deze staan symbool voor de vijf zuilen van de islam.

Bhutan – Invoering Monarchie (1907)

17 december is een Bhutaanse feestdag. Herdacht wordt dat op die dag in 1907 de monarchie werd ingevoerd onder het Huis van Wangchuck.

Kaart van Bhutan (© freeworldmaps.net)

Met behulp van het toen nog machtige Britse Rijk kwam Ugyen Wangchuck als eerste koning op de troon.

buthan 02
Links: Koning Ugyen Wangchuck (1862-1926) (publiek domein) / Rechts: Koning Jigme Khesar Namgyel Wangchuck (1980) (© raonline.ch)

Sinds 2006 regeert de 5e koning, de nu 44-jarige Jigme Khesar Namgyel Wangchuck. Hij werd gekroond op 1 november 2008.
In 2011 trouwde hij met Jetsun Pema, waardoor zij koningin-gemalin werd.
Het paar heeft drie kinderen, twee jongens, Jigme Namgyel (2016) en Jigme Ugyen (2020) en een dochter Sonam Yangden (2023).

Een recente foto van het koninklijk gezin, genomen tijdens het staatsbezoek aan Mongolië, afgelopen zomer, waarbij de kinderen mee op reis gingen, v.l.n.r.: Kroonprins Jigme Namgyel, Koning Jigme Khesar Namgyel Wangchuck, Koningin Jetsun Pema met Prinses Sonam Yangden en Prins Jigme Ugyen (publiek domein)

De vlag

Bhutan vlag
Vlag van Bhutan (1969-heden)

In het Tibetaans heet Bhutan Drugyul, wat zoveel als Drakenrijk betekent. De draak (Druk genaamd, oftewel Donderdraak) is dan ook prominent aanwezig op de vlag, die diagonaal verdeeld is van de onderkant van de broekingszijde naar de bovenkant van de vluchtzijde.

Het schuine gedeelte aan de bovenkant is saffraangeel en symboliseert de macht en de autoriteit van de koning, de andere helft is oranje en staat voor de geestelijke macht van het boeddhisme.
De witte kleur van de draak staat voor zuiverheid en eerlijkheid. In zijn klauwen houdt hij vier kogels vast. Deze zogenaamde norbu stellen juwelen voor, de ‘eieren’ van de kennis, ze staan tevens voor de ruimte, het heelal.

Bhutan - Druk
Druk met zijn norbu (publiek domein)

Het basisontwerp van de vlag stamt uit 1947, aangepast in 1949, waarbij de draak toen nog groen was en de onderste kleur rood.
In 1956 werd de draak wit en werd hij omgedraaid, zodat hij niet meer naar de mast kijkt, maar naar de vlucht. Vanaf 1969 is de kleur rood veranderd in oranje.

buthan 01
Links: Vlag van Bhutan tussen 1947 en 1949 / Rechts: Vlag van Bhutan tussen 1949 een 1956

Zuid-Afrika – Day of Reconciliation / Verzoeningsdag (1995)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

The Day of Reconciliation of Verzoeningsdag is een nationale feestdag in Zuid-Afrika. De dag werd voor het eerst gevierd in 1995, vijf jaar na het einde van de apartheid. De datum van 16 december werd specifiek gekozen omdat het zowel voor de blanke Afrikaner bevolking, alsmede voor de gekleurde Afrikaanse bevolkingsgroepen historische betekenis had.

Kaart van Zuid-Afrika (© freeworldmaps.net)

Voor de Afrikaners stond de dag bekend als Geloftedag of Dingaansdag. Het herdacht de overwinning van de Voortrekkers (een groep van blanke boeren) op de Zulu’s bij de Slag bij Bloedrivier in 1838. Op die dag werden 470 Voortrekkers aangevallen door tienduizenden Zulu’s onder leiding van Dingane kaSenzangakhona (meestal kortweg aangeduid als Dingane of Dingaan). 3000 Zulu’s sneuvelden in die slag en het wordt gezien als het begin van de Afrikaner identiteit, cultuur en patriottisme.
In 1952 werd de naam van de dag veranderd in Verbondsdag en in 1980 tot Eedsdag. Het enorme Voortrekker Monument in Pretoria uit 1949, herinnert aan deze historische gebeurtenis.

Voor gekleurde Zuid-Afrikanen heeft de dag een andere betekenis. Op 16 december 1910, een paar jaar na de Tweede Boerenoorlog, demonstreerden zij tegen raciale ongelijkheid, waardoor zij ook geen stemrecht hadden. De protesten leidden niet tot enige vooruitgang. Op 16 december 1961 werd daarom door het ANC (Afrikaans Nationaal Congres), een bewapende militaire vleugel opgericht, de Umkhonto we Sizwe of Speer van de Natie. Op die dag vonden de eerste ‘sabotage-aanslagen’ plaats bij overheidsgebouwen in Johannesburg, Port Elizabeth en Durban.

Verzoeningsdag (publiek domein)

Met het einde van de apartheid in 1990 werd het tijd voor een nationale dag voor alle groeperingen. in 1994 werd besloten dat 16 december dat moest worden, met als idee dat de dag moest dienen als dag van verzoening en nationale eenheid. Nelson Mandela was een van de initiatiefnemers. De eerste viering vond plaats in 1995. De dag wordt gebruikt om ieder jaar opnieuw verzoening in het zonnetje te zetten en zin te geven. Elk jaar wordt een nieuw thema gekozen.

Het thema van dit jaar luidt: ‘Healing Historical Wounds and Forging New Futures’, waarbij het hoofdevenement zal plaatsvinden in Vredendal, in de gemeente Matzikama, gelegen in de provincie Western Cape/Weskaap.

De vlag

De vlag van Zuid-Afrika (1994-heden)

De vlag van Zuid-Afrika werd ingevoerd op 27 april 1994. De basis is een rood-wit-blauwe driekleur. Daaroverheen werd een een groene, zich in tweeën splitsende baan gelegd, in de vorm van een horizontale letter Y. De poten van de Y strekken zich uit naar de mastzijde. Binnen de daardoor gevormde driehoek is een zwarte driehoek zichtbaar. Een gele rand ligt tussen de groene en zwarte kleuren.

Frederick Brownell (1940-2019), met zijn ontwerp

Het is een ontwerp van vexilloloog (vlaggendeskundige) Frederick Brownell. De vele kleuren in de vlag laten de diversiteit van de bevolking zien. Het rood-wit-blauw representeert de Nederlandse en Engelse wortels en de blanke bevolking. De andere kleuren, zwart, groen en geel vinden we terug in de vlaggen van het ANC, het Pan Africanist Congress en de Inkatha Freedom Party, en staan voor de zwarte bevolking. De Y-vorm staat voor het samengaan van de verschillende etnische groepen en het voorwaarts gaan van een verenigd Zuid-Afrika.

Afgeleiden

In het kielzog van het aannemen van een nieuwe nationale vlag in 1994, veranderden er een aantal vlaggen mee, Die vlaggen zien we hieronder. Ze hebben met elkaar gemeen dat ze allemaal de Zuid-Afrikaanse vlag in het kanton hebben.

V.l.n.r.: Legervlag / Marinevlag / Luchtmachtvlag
V.l.n.r.: Oorlogsvlag / Politievlag / Veteranenvlag
V.l.n.r.: Gevangenisvlag (Department of Correctional Services) / Vlag van de Medische Dienst / Vlag van de Militaire Inlichtingendienst (SANDF Defence Intelligence Division)
V.l.n.r.: Vlag van de Militaire Juridische Dienst (SANDF Department of Legal Services) / Vlag van de Militaire Logistieke Dienst (SANDF Department of Logistics) / Vlag van de Militaire Gezamenlijke Operaties-divisie (SANDF Joint Operations Division)
Vlag van de Militaire Gezamenlijke Ondersteunings-divisie (SANDF Joint Support Division)

Bangladesh – বিজয় দিবস / Victory Day / Overwinningsdag (1971)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Victory Day in Bangladesh herdenkt de overwinning op 16 december 1971 van de geallieerde troepen van India en Bangladesh op Pakistan. Tot die tijd stond Bangladesh bekend als Oost-Pakistan en vormde één land met West-Pakistan (nu: Pakistan).

Kaart van Bangladesh (© freeworldmaps.net)

De oorzaak lag in verkiezingen in West-Pakistan in 1970, die niet erkend werden door de militaire junta, die gezeteld was in West-Pakistan. Bij de verkiezingen wonnen de Bengaalse nationalisten, die zich wilden afscheiden van West-Pakistan.

bangladesh01
Links: Locatie van West-Pakistan (nu Pakistan) en Oost-Pakistan (nu Bangladesh) / Rechts: Jatiyo Smriti Soudho oftewel het Nationale Martelaren Monument uit 1982 in Savar (© Azim Khan Ronnie)

Om de nationalisten uit te schakelen begon West-Pakistan met de Operation Searchlight op 25 maart 1971. Het behelsde de systematische eliminatie van burgers, studenten, intelligentsia, religieuze minderheden en legereenheden.
Het offensief mondde uit in een genocide, waarbij minimaal 26.000 Bengalezen werden vermoord (een schatting die door Pakistan wordt aangehouden) en maximaal 3.000.000 mensen (volgens sommige Bengaalse bronnen). Hoewel het verschil tussen de geschatte aantallen gigantisch is, is ook de laagste schatting van 26.000 schokkend.

10.000.000 Bengalezen vluchtten naar India, terwijl 30.000.000 binnenslands een goed heenkomen probeerde te zoeken. De internationale verontwaardiging over de genocide en de oorlog was groot. Het leidde er toe dat India zich op 3 december 1971 in de strijd mengde. Dit was het kantelpunt in de oorlog.
Op 16 december gaven de West-Pakistaanse troepen o.l.v. commandant Amir Abdullah Khan Niazi zich over.

De onafhankelijkheid, die eerder dat jaar, op 26 maart al eenzijdig was uitgeroepen, werd door vrijwel alle bij de Verenigde Naties aangesloten landen in de maande hierna erkend. (West-)Pakistan erkende in 1974 schoorvoetend de onafhankelijkheid van Bangladesh na druk van verschillende andere moslim-landen.

bangladesh02
De viering van Victory Day in Bangladesh gaat altijd met veel vlagvertoon gepaard (© links: dnaindia.com / © rechts: thedailystar.net)

De viering van Victory Day wordt in Bangladesh altijd groots aangepakt, met militaire parades en fly-overs, maar ook met parades, vuurwerk, versierde straten en veel vlagvertoon.

De vlag

Vlag Bangladesh
Vlag van Bangladesh, 1972-heden

De vlag van Bangladesh is groen met een rode cirkel iets links van het midden. De vlag stamt uit februari 1971 en is een creatie van schilder Quamrul Hassan.

Quamrul Hassan
Quamrul Hassan (1921-1988) (© en.banglapedia.org)

Op de 26e maart 1971 werd ze voor het eerst gehesen en zag er toen iets anders uit: in de rode cirkel was in het geel het silhouet van Bangladesh te zien. Dit was de vlag zoals in gebruik tijdens de guerrilla-oorlog van 1971.

Eerste vlag Bangladesh
Eerste versie van de Bengaalse vlag, met landkaart

Kort na de overgave van Pakistan (16 december 1971), werd op 25 januari 1972 de vlag definitief vastgesteld en kwam de landkaart te vervallen. Wanneer men de vlag van de achterkant zag, zag men het land in spiegelbeeld (een probleem waar Cyprus bijvoorbeeld ook mee kampt).

Bleven over: de groene kleur en rode cirkel.
Het groen staat voor de islam, de landbouw, de plantengroei en de jeugdige geest. De rode cirkel staat voor de strijd voor de onafhankelijkheid  en het vergoten bloed, maar ook voor de verkregen vrijheid.

vlaggen bangladesh
Bangladesh: handelsvlag (civil ensign), oorlogsvlag en vlag van de Marine Fisheries Academy

Afgeleiden van de Bengaalse vlag zijn de bovenstaande vlaggen, waarbij de nationale vlag telkens in het kanton te zien is.
Het zijn de handelsvlag (de zogenaamde civil ensign), de oorlogsvlag en de vlag van de Marine Fisheries Academy in Chittagong.

De vlag van de Marine Fisheries Academy in Chittagong is zelden of nooit in beeld, op de foto hierboven zien we haar rechts in beeld, achter kapitein Masuq Hassan Ahmed (1967-2021), tot zijn dood in 2021 hoofd van de academie (fotograaf onbekend)

Nederland – Koninkrijksdag (1954)

Hoewel Koninkrijksdag geen officiële feestdag is (geen vrije dag dus), wordt er bij overheidsgebouwen wel gevlagd.

Herdenkingspostzegel van 25 cent uit 1969 bij het 25-jarig jubileum van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (publiek domein)

De dag herdenkt de 15e december 1954, toen Koningin Juliana in de Ridderzaal het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden tekende. De dag van vandaag staat dan ook wel bekend onder de naam Statuutdag.

Koningin Juliana (1909-2004) tekent het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden in de Ridderzaal, onder toeziend oog van de Directeur van het Kabinet der Koningin, Marie Anne Tellegen (1893-1976) en ceremoniemeester Dirk Georg de Graeff (1905-1986) (publiek domein)

Het Statuut regelde de verhoudingen tussen drie koninkrijksdelen: Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen.
Eén deel van het koninkrijk viel hierbuiten: Nederlands Nieuw-Guinea. De soevereiniteit over dit gebied (een ‘overblijfsel’ van de kolonie Nederlands-Indië) werd in 1962, zij het niet van harte, overgedragen aan Indonesië.

De pagina’s 1 en 4 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, met het Grootzegel van het Koninkrijk, de handtekening van Koningin Juliana zien we op pagina 4 bovenaan (publiek domein)

Heel kort gezegd: in het Statuut werd de gelijkheid van de rijksdelen geregeld, een juridische regeling waar zelfs de Nederlandse Grondwet ondergeschikt aan was.

Links: Close-up van het Grootzegel van het Koninkrijk der Nederlanden onder Koningin Juliana, het is 12 bij 6,7 cm en toont de Koningin staand ten voeten uit met rijksappel en scepter (publiek domein) / Rechts: Herdenkingspostzegel van 10 cent uit 1954 t.g.v. de ondertekening van het Statuut voor het Koninkrijk, een ontwerp van Sem Hartz (1912-1995) (publiek domein)

Reeds voor de Tweede Wereldoorlog werd duidelijk dat de klassieke koloniale verhoudingen tussen Nederland en zijn overzeese gebiedsdelen aan vernieuwing toe was.
Voor wat de grootste Nederlandse kolonie Nederlands-Indië betrof: dit land wenste zich na de Japanse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog niet langer te schikken naar de Nederlandse wensen en bevelen en riep op 17 augustus 1945 de onafhankelijkheid uit onder de naam Indonesië (en het zou nog tot 27 december 1949 duren eer Nederland officieel de soevereiniteit overdroeg).

Zoals gezegd: het uitgangspunt bij deze staatswijziging was de gelijkwaardigheid van Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen. De verschillende landsdelen werden voortaan als ‘land’ aangeduid. Ieder land behield een gouverneur ter vertegenwoordiging van de Koning, behalve Nederland, want daar zetelde de Koning zelf.

Kaart van Suriname uit de “Schoolatlas der gehele aarde” door P.R. Bos en J.F. Niermeyer, uitgave J.B. Wolters, 1932

Ieder land kreeg een geheel eigen regering en alle landen behalve Nederland, stuurden een gevolmachtigd minister naar Nederland als vertegenwoordiger van de eigen regering voor overleg voor wat betrof de zaken van het Koninkrijk, zoals wijzigingen aan het Statuut, aan de Grondwet (voor zover het zaken van het koninkrijk aanging) en de rijkswetten.

Kaart van de West-Indische Eilanden, oftewel de Nederlandse Antillen, met het Noord-Hollandse eiland Wieringen (nu onderdeel van de Wieringermeer) ter vergelijking van de grootte, uit de “Schoolatlas der gehele aarde” door P.R. Bos en J.F. Niermeyer, uitgave J.B. Wolters, 1932

In principe waren de drie landen hiermee autonoom, op de zogenaamde koninkrijksaangelegenheden na, zoals Buitenlandse Zaken en Defensie.

Herdenkingspostzegels van 7½ cent van de Nederlandse Antillen en Suriname t.g.v. de ondertekening van het Statuut voor het Koninkrijk, een ontwerp van Sem Hartz (1912-1995) (publiek domein)

Het juridisch ontwerp voor de regeling was het werk van Wim van der Grinten, de toenmalige staatssecretaris belast met publiekrechtelijk bedrijfsorganisatie.

V.l.n.r.: Wim van der Grinten (1913-1994) / Willem Kernkamp (1899-1956) / Leendert Donker (1899-1956) (publiek domein)

Verdere betrokkenen bij de totstandkoming van het Statuut waren de ministers Willem Kernkamp (minister van Overzeese Rijksdelen), Leendert Donker (minister van Justitie) en Louis Beel (minister van Binnenlandse Zaken) namens Nederland, Archibald Currie (minister van Algemene Zaken) namens Suriname en Moises Frumencio da Costa Gomez (voorzitter van de Regeringsraad) namens de Nederlandse Antillen.

V.l.n.r.: Louis Beel (1902-1977) / Archibald Currie (1889-1986) / Moises Frumencio da Costa Gomez (1907-1994) (publiek domein)

Groot ceremonieel in de Ridderzaal

De bekrachtiging en ondertekening van het Statuut vonden plaats tijdens een gezamenlijke bijeenkomst van de Staten Generaal, plus uiteraard de vertegenwoordigers van Suriname en de Nederlandse Antillen.

De plechtigheid werd groots aangepakt. Met groot ceremonieel als ware het een Prinsjesdag in december.
Koningin Juliana en Prins Bernhard arriveerden met de Gouden Koets, voorafgegaan door de Koninklijke Militaire Kapel.

Koningin Juliana en Prins Bernhard luisteren naar de rede van premier Willem Drees (screenshot)
Koningin Juliana op de troon tijdens de plechtigheid, zoals in die tijd te doen gebruikelijk werd door de Rijksvoorlichtingsdienst naar buiten gebracht wat de Koningin op deze dag droeg: een bleu-damasten robe met een stola van zilvervos en een taupe-kleurig kapje met sierlijke paradijsveren (screenshot)

Na aankomst begaven Koningin en Prins zich naar de troonzetels en volgde een toespraak van premier Willem Drees.

De Koningin daalt het troonplatform af voor de ondertekening van het Statuut, ceremoniemeester De Graeff staat klaar om de stoel aan te schuiven (screenshot)

Hierna was het tijd voor de ondertekening en begaf de Koningin zich naar een ronde tafel aan de voet van het troonplatform. De Koningin kreeg de akte voorgelegd door haar Directeur van het Kabinet van de Koningin, Marie Anne Tellegen, onder het toeziend oog van ceremoniemeester Jonkheer Dirk Georg de Graeff.

Links: Koningin Juliana heeft het Statuut getekend en lijkt te peilen of mevrouw Tellegen het zo goed vindt / Rechts: Koningin Juliana legt de pen neer (screenshots)

Na ondertekening van het document liep de Koningin terug naar de troonzetel en tekenden de vertegenwoordigers van de drie landen.

Premier Willem Drees (1886-1988) tekent voor Nederland (screenshot)

Hierna sprak de Koningin een rede uit. Hierin zei ze onder meer:

“In het huidige stadium, waarin wij verkeren, is het onbestaanbaar, dat een overeenkomst als deze, anders dan op basis van volledige vrijwilligheid gegrond zou zijn.
Wat onze drie landen, gelegen in hun grillige geografische driehoek, ook moge scheiden, al wat ons verbindt, kan voeren tot een vruchtbaar samenwerken in het belang van het samenstel der drie: het veelvoud, in het besef dat het heil daarvan altijd uitgaat boven dat der afzonderlijke landen: het enkelvoud”.

Met een driewerf “Leve de Koningin!” werd de ceremonie door de voorzitter van de verenigde vergadering besloten.

Na afloop van de ceremonie werd het ondertekende Statuut door een aantal hoofdrolspelers bekeken, v.l.n.r.: Efraïn Jonckheer (Nederlandse Antillen), Willem Drees (Nederland), Willem Kernkamp (Nederland) en Archibald Currie (Suriname) (publiek domein)

Toen Suriname in 1975 een onafhankelijke republiek werd, verliet dit land het Koninkrijk en daarmee ook het Statuut.
In 1986 gold het Statuut opnieuw voor drie landen toen Aruba het Antilliaanse staatsverband verliet en een eigen land werd.
De laatste wijziging was in 2010 toen de Nederlandse Antillen als entiteit werden opgeheven en Curaçao en Sint Maarten net als Aruba verder gingen als apart land binnen het Koninkrijk.
De overige drie eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba werden “bijzondere gemeenten” van Nederland.

De vier landen van het Koninkrijk der Nederlanden waar het Statuut momenteel betrekking op heeft (publiek domein)

Sindsdien heeft het Statuut dus betrekking op vier landen: Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten.

De vlag

Vlag van Nederland

De Nederlandse vlag stamt in oorsprong uit de 16e eeuwse vrijheidsstrijd onder Willem van Oranje tegen de Spaanse overheersers. De eerste versie is de Prinsenvlag, die verschillende verschijningsvormen kende, met een wisselend aantal strepen, maar in het begin bijna altijd met oranje in plaats van het nu gebruikte rood. De kleuren oranje, wit en blauw zelf zouden van de livreikleuren van Willem van Oranje kunnen komen, maar ook zijn er theorieën dat  de kleuren ontleend zijn aan het wapen van Zeeland.

Links: Prinsenvlag met 11 banen / Rechts: Nederlandse vlag met oranje baan

Zeker is in ieder geval, dat geleidelijk aan, tussen 1597 en 1630 het oranje steeds meer werd vervangen door het rood. De reden daarvoor is waarschijnlijk dat de oranje baan in de vlag de neiging had te snel te verkleuren en daarmee bijna onzichtbaar werd. Ook op zee was de oranje baan in de vlag vaak moeilijk te onderscheiden. Rood had dat probleem als ‘sprekender’ kleur niet.

Pas op 19 februari 1937 werden de kleuren van de Nederlandse vlag bij Koninklijk Besluit vastgelegd: De kleuren van de vlag van het Koninkrijk der Nederlanden zijn rood, wit en blauw. Op 16 augustus 1948 werden de exacte kleuren ten behoeve van de marine iets exacter vastgesteld: helder vermiljoen, wit en kobaltblauw.

Vlag Spaanse Nederlanden

Om in het kort iets te zeggen over twee vlaggen die ook ooit nationale vlaggen waren in wat nu Nederland is:
Vóór de Nederlandse opstand tegen de Spaanse overheersing (de Tachtigjarige Oorlog, 1568-1648) stonden het tegenwoordige Nederland en België sinds 1482 bekend onder de naam Habsburgse of Spaanse Nederlanden.

Links: Vlag van de Habsburgse of Spaanse Nederlanden / Rechts: Kaart van de Spaanse Nederlanden (in oranje), donkerpaars: het Prins-bisdom Luik, roze: het Prinsdom van Stavelot-Malmédy, lichtpaars: het Prins-bisdom van Cambrésis

De vlag die toen gevoerd werd was wit met een rood Bourgondisch kruis, schuingeplaatst in de vorm van twee knoestige stokken. Het lijkt daarmee op het andreaskruis (dat kruis heeft echter geen knoesten).
Met de revolutie van de Noordelijke Nederlanden (nu Nederland) ging dit gebied stukje bij beetje over op het oranje-wit-blauw (zie ook boven).
De Zuidelijke Nederlanden (nu België) bleven de vlag met het kruis gebruiken tot aan 1715, toen dit gebied overging naar Oostenrijk onder de naam Oostenrijkse Nederlanden (met een andere vlag).

Kaart van de Bataafse Republiek in 1801 (door Joostik, gebaseerd op de “Groote historische schoolatlas ten gebruike bij het onderwijs in de vaderlandsche en algemene geschiedenis”, door H. Hattema, 1920) (publiek domein)

Vlag van de Bataafse Republiek

De andere vlag was die van de Bataafse Republiek en daarmee komen we in de tijd van Napoleon.
Daags nadat stadhouder Willem V naar Engeland vluchtte (19 januari 1795) werd de Bataafse Republiek een feit. Hoewel het op papier een autonome republiek was, was het land in feite een vazalstaat van Frankrijk, eufemistisch een zusterrepubliek genoemd.
Het rood-wit-blauw van de vlag werd gehandhaafd maar in de broektop kwam een afbeelding te staan. Hoewel deze vlag oorspronkelijk als marinevlag werd ingevoerd, werd ze uiteindelijk ook aan land gevoerd.

Vlag van de Bataafse Republiek (1795-1806)

De afbeelding toont een zogenaamde Nederlandse of Bataafse maagd, ook wel de Vrijheidsmaagd genoemd. Haar gouden helm is getooid met veren in de kleur van de Nederlandse of Bataafse vlag. Naast haar zit de Nederlandse of Bataafse leeuw, die enigszins verbijsterd kijkt.
Beiden houden een speer vast, waar bovenop een vrijheidshoed balanceert.
De maagd houdt aan haar andere zijde een schild vast met daarop een Romeinse roedenbundel met bijlen (fasces).
Het hele tafereel is geplaatst op een groene ondergrond met struikgewas en gezien de wapperende sjaal, verentooi en leeuwenmanen lijkt het flink te waaien!

Afbeelding op de vlag van de Bataafse Republiek

De afbeelding op de rode baan kwam weer te vervallen in 1806 toen de Bataafse Republiek door Napoleon werd vervangen door het Koninkrijk Holland, waarbij hij zijn derde broer, Lodewijk Napoleon, op de troon zette.
Dit koninkrijk was maar een kort leven beschoren, Napoleon was ontevreden met zijn broer als koning, die hij ‘te Hollands’ vond worden. Hij zette Lodewijk Napoleon in 1810 af en lijfde Nederland bij zijn in 1804 gevormde Franse Keizerrijk in, waardoor de officiële vlag in Nederland de Franse tricolore werd.

Detail uit een kaart van het Franse Keizerrijk in 1810 na inlijving van Nederland (© Andrein, 2015)

Na een desastreus verlopen veldslag van Napoleon in Rusland, begon het keizerrijk te imploderen en verlieten de Fransen Nederland en werd door de geallieerde Europese machten (het Verenigd Koninkrijk, Rusland, Oostenrijk en Pruisen) in 1813 het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in het leven geroepen: Nederland, België en Luxemburg samen onder Koning Willem I, zoon van de laatste stadhouder Willem V.
En daarmee keerde de Nederlandse driekleur definitief terug.

Geuzen

Links: Geus van de Koninklijke Marine (‘dubbele of prinsengeus’) / Rechts: Geus van de watersport (‘enkele geus’ of ‘geusje’)

Tot slot een bekende verschijning op het water: de van de Nederlandse vlag afgeleide geus. Een geus is een vlag die op een schip gevoerd wordt.
We kennen in Nederland twee geuzen.

De eerste, de dubbele of prinsengeus wordt gebruikt door de Koninklijke Marine.
Het is een zogenaamde gegeerde vlag met twaalf segmenten in rood-wit-blauw, de kleuren van de nationale vlag, die krachtens Koninklijk Besluit 315 van 20 juli 1931 officieel werd vastgesteld, maar is terug te voeren tot de Tachtigjarige Oorlog.

De dubbele of prinsengeus wordt gebruikt als een schip op zon- en feestdagen voor anker of aan de kade ligt, als er een buitenlands marineschip in de haven ligt en als een Nederlands marineschip in een buitenlandse haven ligt, maar dus niet als een schip onderweg is.

Twee marineschepen aan de kade in Willemstad, Curaçao, van het linkerschip (de Hr.Ms. Karel Doorman) zien we de achtersteven met de Nederlandse vlag, het schip rechts voert de dubbele of prinsengeus op de boeg (fotograaf onbekend)

Het eenvoudiger ‘broertje’ van de dubbele of prinsengeus is de enkele geus of geusje, eveneens een gegeerde vlag in rood-wit-blauw, maar dan met acht segmenten in plaats van twaalf.
Deze geus wordt gebruikt binnen de watersport en wel door ronde- en platbodemjachten op de botteloef of kluiverboom en door kotters en andere traditioneel getuigde schepen en jachten op de boegspriet.
Ook motorjachten kunnen de enkele geus voeren en wel op het voorschip, maar alleen indien men eveneens de verenigingsstandaard of clubvlag in de top van een mast en hoger dan de geus heeft gezet.

De watersportetiquette in beeld met drie vlaggen: de Nederlandse vlag op de achtersteven, de verenigingsstandaard of clubvlag hoog aan de mast en de enkele geus of geusje op de boeg (fotograaf onbekend)


Oekraïne – Два роки i сорок два тижні війни / Twee jaar en tweeënveertig weken oorlog

Twintig miljard dollar voor Oekraïne

De Verenigde Staten hebben 20 miljard dollar (ruim 19 miljard euro) aan Oekraïne gedoneerd, gefinancierd door de winsten van in beslag genomen Russische activa.

Verse 100-dollarbiljetten (screenshot)

De economische steun vormt een belangrijk onderdeel van een pakket van 50 miljard dollar (ruim 47 miljard euro) waarover de G7-lidstaten in juni werd overeenstemming bereikten.
Het financieren van de hulp via bevroren tegoeden betekent dat Rusland “de kosten van zijn illegale oorlog moet dragen, in plaats van de belastingbetalers”, zei de Amerikaanse minister van Financiën, Janet Yellen.

Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, met rechts achter haar de uit 1963 stammende vlag van The Department of theTreasury (© US Department of the Treasury / publiek domein)

Het Amerikaanse ministerie van Financiën liet dinsdag weten dat het de 20 miljard dollar had overgemaakt naar een fonds van de Wereldbank, waarna Oekraïne het kan benutten.
Het geld dat door de Wereldbank wordt beheerd, kan niet voor militaire doeleinden worden gebruikt.

Het uit 1997 stammende hoofdkwartier van de Wereldbank aan H Street in Washington, D.C. (© ajay_suresh / publiek domein)

De regering had in eerste instantie gehoopt de helft van het geld aan militaire hulp te kunnen besteden, maar hiervoor was goedkeuring van het Congres vereist.

Dit alles komt ruim een maand voordat de Amerikaanse president Joe Biden wordt opgevolgd door Donald Trump, die al meerdere malen heeft gezegd dat hij na zijn aantreden snel een einde wil maken aan de oorlog in Oekraïne.

Gesprekken tussen Zelensky, Macron en Trump

Hoewel de directe aanleiding voor de aanwezigheid van president Zelensky en aankomend president Trump in Parijs de heropeningsceremonie van de Notre Dame-kathedraal was, was het tevens dé gelegenheid voor gastheer president Macron van Frankrijk om vast gedrieën gesprekken te hebben over de noodzaak van Oekraïne voor veiligheidsgaranties te benadrukken in elk onderhandelingsproces dat gericht is op het beëindigen van de oorlog met Rusland.

President Zelensky werd bij de Notre Dame enthousiast begroet door zijn Franse ambtgenoot Macron (screenshot)

Nieuwagentschappen benadrukten dat de bijeenkomst in Parijs tussen de drie leiders geen specifieke details van welk vredesplan dan ook behandelde.
Trump herhaalde echter zijn wens voor een onmiddellijk staakt-het-vuren en onderhandelingen om de oorlog snel tot een einde te brengen, hoewel er geen duidelijk antwoord kwam hoe hij en zijn adviseurs zich dat einde van de oorlog voorstellen.
Deze onzekerheid heeft inmiddels tot een groeiend gevoel van onzekerheid in Kiev, geleid nog versterkt door de Russische verovering van nieuwe gebieden in de oostelijke oblast Donetsk en de voortdurende drone-aanvallen op steden ver buiten de frontlinies.

Russen naderen Pokrovsk

Het Russische leger heeft de afgelopen week aanzienlijke winst geboekt bij zijn opmars naar de ruim 60.000 inwoners tellende stad Pokrovsk in de deels door Rusland bezette oblast Donetsk.
Troepen naderen de strategisch belangrijke stad vanuit het zuiden en het oosten.
Veel inwoners zagen de bui al langer hangen en waren de afgelopen maanden de stad al ontvlucht.

Kaart van het front ter hoogte van Pokrovsk (linksboven), de roze gebieden zijn al langer onder Russische controle, de oranje gebieden geven de onlangs veroverde gebieden weer, waarbij we kunnen zien dat Pokrovsk van verschillende kanten dichter bij het front komt te liggen (© Institute for the Study of War)

Van de burgers die tot nog toe gebleven waren, vertrekt nu ook een deel naar veiliger gebieden in het westen, mede omdat het aantal luchtaanvallen ook toeneemt.

Burgers uit Pokrovsk op weg naar een evacuatiebusje (screenshot)
Het evacuatiebusje op weg naar het westen (screenshot)

Hoewel door Oekraïne niet te ontkennen valt dat het Russische leger steeds verder in Donetsk doordringt, wordt er door de legerleiding tevens beklemtoont dat die opmars met grote verliezen gepaard gaat: opperbevelhebber Oleksandr Syrsky van het Oekraïense leger, stelt dat de Russen de laatste twee weken maar liefst 3.000 man hebben verloren, hoewel dat cijfer niet onafhankelijk valt te controleren.

Opperbevelhebber Oleksandr Syrsky (1965) wordt geïnformeerd over de situatie bij het opschuivende front ten oosten van Pokrovsk (© Facebook)

De vlag

Vlag van Oekraïne (1992-heden)

De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.

Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.

Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)

De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd  bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.

Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.

In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.

De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)

Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.

Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
De tentoongestelde ‘eerste’ vlag in het parlementsmuseum van Oekraïne (© rada.gov.ua)
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)

Symbool

Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.

Oekraïense troepen met de nationale vlag (© mil.gov.ua)

Pennsylvania – Statehood / Toetreding als Staat (1787)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Pennsylvania is een van de originele 13 Amerikaanse koloniën die zich van Engeland afscheidden en verder gingen als de Verenigde Staten van Amerika. De afscheidingsoorlog (‘The Revolutionary War’) duurde van 1775 tot 1783.
De afscheiding werd in 1776 neergelegd in de zogenaamde Articles of Confederation and Perpetual Union, uiteindelijk bekrachtigd in 1778, waarmee de 13 verenigde staten officieel een land werden.
Hierna moesten de afzonderlijke staten deze unie nog bekrachtigen. Pennsylvania was op 5 maart 1778 de 8e staat die dit deed.

Geographical, statistical and historical map of Pennsylvania (uit “A complete historical, chronological and geographical American atlas, being a guide to the history of North and South America and the West Indies, exhibiting an accurate account of the discovery, settlement and progress of their various kingdoms, states, provinces (…) to the year 1822; cartographer: Joseph Yeager, uitgegeven door Henry Charles Carey & Isaac Lea) (publiek domein)

In 1788 werden de staten het eens over een nieuwe Grondwet, die ook weer door alle staten afzonderlijk geratificeerd diende te worden. Pennsylvania deed dit als 2e staat (na Delaware) op 12 december 1787 en dat is de datum die vandaag gevierd wordt.

Kaart van Pennsylvania (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Pennsylvania (1907-heden)

De vlag van Pennsylvania is blauw met in het midden het wapen van het gemenebest.
Het wapen was er eerder dan de vlag. We komen het voor het eerst tegen in 1777, afgebeeld op een bill of credit (een soort kredietbrief) ter waarde van £ 4,00. Het gaat hier nog alleen om het schild.

Links: Vroegst bekende afbeelding van het wapen van Pennsylvania (1777), detail van een bill of credit (publiek domein) / Rechts: Vroegst bekende afbeelding van het volledige wapen (1778), door graveur Caleb Lownes (1754-1828) (publiek domein)

Eén jaar later, in 1778, zien we het wapen terug op een bijbel, maar nu in vol ornaat, mét paarden én adelaar.
Weer een paar jaar later zien we het wapen voor het eerst in kleur op een schilderij van George Rutter. Het hoort nu bij de historische collectie van Independence Hall in Philadelphia. De paarden zijn hier nog wit.

Het wapen voor het eerst in volle glorie en in kleur, een schilderij van de hand van George Rutter (vaak ten onrechte vermeld als Jacob Rutter), uit 1785, nu in bezit van Independence Hall (publiek domein)

De vlag dateert van 1798. Na vele artistieke variaties, werd het huidige definitieve ontwerp op 13 juni 1907 wettelijk vastgesteld.

Wapen

Het wapen heeft een gouden rococorand en is horizontaal in drieën verdeeld. De drie afbeeldingen die we zien komen oorspronkelijk van verschillende county’s.
De driemaster bovenin komt van het zegel van Philadelphia County, de ploeg in het midden van het wapen van Chester County en de drie gouden korenschoven onderin van het zegel van Sussex County (nu in Delaware, maar oorspronkelijk gelegen in Pennsylvania).

Het schip staat voor de handel naar alle delen van de wereld, de ploeg is symbool voor Pennsylvania’s rijkdom aan grondstoffen, terwijl de korenschoven staan voor de vruchtbare bodem en tevens voor Pennsylvania’s rijkdom aan menselijke wijsheid.

Bovenop het schild zit een Amerikaanse zeearend, symbool voor Pennsylvania’s trouw aan de Verenigde Staten.
Aan weerszijden twee getuigde zwarte paarden als schildhouders. Hoe deze dieren op het wapen terecht zijn gekomen? Niemand lijkt het te weten!

De paarden staan op een losse gouden sierrand, net als het schild in rococostijl. Tussen deze rand en het schild twee gekruiste takken: links (heraldisch rechts) een maïsstengel, rechts (heraldisch links) een olijftak, symbolen voor voorspoed en vrede.
Rond de sierrand heen gedrapeerd een rode banderol met het motto van het gemenebest: Virtue, liberty and independence (Deugd, vrijheid en onafhankelijkheid).

Stille dood

In 2005 werd er een wetsvoorstel ingediend (House Bill 179) om in grote gele letters PENNSYLVANIA onderin de vlag toe te voegen. Het Pennsylvania House of Representatives keurde het voorstel goed met 164 stemmen voor en 31 tegen. De senaatscommissie die zich er vervolgens over moest buigen, behandelde het wetsvoorstel niet binnen de zittingstermijn van twee jaar, waardoor het een stille dood stierf, dit tot groot genoegen van alle vlaggendeskundigen, die doorgaans gruwen van namen op vlaggen!

In 2001 onderzocht de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Pennsylvania op de niet bijster hoge 57e plaats.

Vlag van de gouverneur

Vlag van de gouverneur van Pennsylvania

De gouverneur van Pennsylvania voert zijn of haar eigen vlag en die is vrijwel gelijk aan die van de staat, zij het met een wit in plaats van een blauw veld.
Twee toevoegingen zijn er: twee banderollen in rood, één boven het staatswapen en één eronder.
De bovenste bevat de tekst in witte kapitalen: THE GOVERNOR, terwijl de onderste in kleinere witte kapitalen COMMONWEALTH OF PENNSYLVANIA vermeldt.
De bovenste banderol heeft aan de uiteinden enkele versieringen in goud, terwijl de onderste met versieringen voluit gaat, met grote gouden sierkrullen.

Wanneer de vlag is ingevoerd lijkt een raadsel te zijn, maar ze wordt voor het eerst vermeld bij de inauguratie van gouverneur Gifford Pinchot in 1923.
Een foto van de huidige vlag, die zich, voor zover bekend, bij de ingang van de Governor’s Reception Room bevindt, lijkt nergens te vinden.

Gouverneursvlag van Pennsylvania (publiek domein)

Wél is er een foto van de gouverneursvlag die ‘hoogstwaarschijnlijk’ uit de jaren ’50 of ’60 van de 20e eeuw stamt. Deze vlag is geheel met de hand geborduurd en heeft gouden franje rondom en meet 1.50 m x 2.00 m. Gezien de dubbel uitgevoerde franje zouden we hier te doen hebben met een vlag uit de eerder genoemde jaren, toen dit soort franje gebruikelijk was.
Maar of dit de vlag is die ook nu nog in gebruik is?

Gouverneur van Pennsylvania is Josh Shapiro (1973), een Democraat, die deze functie sinds 17 januari 2023 van dit jaar vervult.

Vier staten in de V.S. heten officieel commonwealth (‘gemenebest’) in plaats van state, naast Pennsylvania zijn dat Virginia, Massachusetts en Kentucky.
In de praktijk maakt de aanduiding van state of commonwealth niets uit, ze hebben alle vijftig dezelfde positie.

Mexico – Nuestra Señora de Guadalupe / Onze-Lieve-Vrouwe van Guadalupe (1531)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Een nationale feestdag in Mexico en Latijns-Amerika: Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe. Het gaat terug op een verschijning van de Maagd Maria tussen 9 en 12 december 1531 aan Juan Diego Cuauhtlatoatzin, een tot het katholicisme bekeerde Azteek in het dorp Tlatilolco, tegenwoordig in Mexico-Stad gelegen.

Kaart van Mexico (© freeworldmaps.net)

De mantel van Cuauhtlatoatzin wordt bewaard in de Basiliek van Guadalupe in Mexico-Stad. Hieruit groeide een verering voor Maria in de verschijningsvorm van de Maagd van Guadalupe. In 1737 werd ze de patroonheilige van de stad, in 1895 van het hele land en vanaf 1945 beschermheilige van Latijns-Amerika.

mexico 02
Links: Portret van Juan Diego Cuauhtlatoatzin (1474-1548), schilderij uit 1752 van Miguel Cabrera (1659-1768), getiteld Fiel retrato do venerável Juan Diego (Getrouw portret van de eerbiedwaardige Juan Diego) (publiek domein) / Rechts: Een grote menigte verzameld voor de Basiliek van Guadalupe in Mexico-Stad (aciprensa.com)

In Mexico wordt een hele week voorafgaand aan de 12e december feest gevierd en pelgrims trekken naar de Basiliek van Guadalupe.

Logo van het Heiligdom van San Juan Diego de Cuauhtlatoatzin, aartsbisdom van Mexico

De vlag

mexico 01
Vlag van Mexico

De Mexicaanse vlag vindt zijn oorsprong in 1821. Het was net als nu een verticale driekleur, maar dan met de kleuren omgekeerd, dus: rood, wit, groen. Het wapen ontbrak toen nog. De vlag werd ingesteld door  generaal  Augustín de Itúrbide (de latere Mexicaanse keizer Augustín I). De oorsprong ligt in de zogenaamde Drie-Garantiën Vlag uit de vrijheidsoorlog tegen Spanje.

mexico 03
Links: Agustín de Iturbide (1783-1824) als generaal, door een onbekende schilder (publiek domein) / Rechts: De Drie-Garantiën vlag)

Wit staat voor de godsdienst, groen voor de vrijheid en rood voor het samengaan van de Mexicaanse staten. Na nog geen jaar als keizer, waarbij hij zich ontpopte als een tiran, trad Augustín I af in 1823. Hierna werd de kleurenvolgorde in de vlag omgedraaid en het staatswapen op de witte baan toegevoegd.

Het staatswapen laat een oude Azteekse legende zien en illustreert de stichting van de Azteekse hoofdstad Tenochtitlan, het huidige Mexico-Stad. Het volk zou daar een stad stichten waar het een adelaar vond, die een slang verslindt, gezeten op een schijfcactus, groeiend op een eilandje in een meer. De onderste helft van het wapen is gevat in een guirlande van eikenbladeren links en laurierbladeren rechts.

Mexico wapen
Wapen van Mexico

Het embleem is sinds 1823 nogal aan kleine aanpassingen onderhevig geweest. De laatste en (voorlopig definitieve?) versie werd ingesteld op 17 augustus 1968.

Bonaire – Introductie Vlag (1981)

Op 11 december 1981 werd de vlag van Bonaire geïntroduceerd. In het comité voor het vlagontwerp zat de befaamde Amerikaanse vexilloloog (vlaggendeskundige) Whitney Smith. Hij is o.a. de ontwerper van de vlag van Guyana (1966).

Links: Whitney Smith (1940-2016), ontwerper van de vlaggen van Guyana en Bonaire (publiek domein) / Rechts: Vlag van Guyana (1966-heden)

De vlag

bonaire 01.jpg
Vlag van Bonaire (1981-heden)

De vlag van Bonaire is diagonaal in tweeën gedeeld, van de onderkant van de broekingszijde tot de bovenkant van de vluchtzijde, in wit en blauw.
Het witte gedeelte is op zijn beurt aan de bovenkant van de broekingszijde ook weer diagonaal gedeeld, met een kleiner driehoekig geel vlak in het kanton. Midden in het witte gedeelte is een gestileerd zwart kompas afgebeeld met daarin een zeskantige rode ster.

De kibra hacha (Tabebuia billbergii) met zijn gele bloemenpracht (fotograaf onbekend)

Het gele vlak staat voor de zon en voor de Bonaireaanse bloemen, waarvan er vele geel zijn, zoals de kibra hacha, kelki hèl en sente bibu (aloë). Het witte gedeelte symboliseert vrede, vrijheid en rust, terwijl het blauwe vlak voor de zee staat.

De kelki hèl (Tecoma stans) (fotograaf onbekend)

De zwarte kompasring met vier punten voor noord, zuid, oost en west symboliseert de verschillende bevolkingsgroepen, die, waar ze ook vandaan kwamen, aan elkaar gelijk zijn. De zeskantige rode ster staat voor de zes oorspronkelijke dorpen op Bonaire: Antriol, Nikiboko, Noord Saliña, Playa, Tera Korá en Rincón. De eerste vijf zijn inmiddels aan elkaar vastgegroeid en vormen nu de hoofdstad Kralendijk. Rincón ligt in het noorden van het eiland (en heeft een eigen vlag).

Vlag van Rincón met een gestileerde rode R in de middelste baan (2010-heden)

Sinds april 2022 heeft het voormalige dorp Atriol (nu een wijk (bario) van Kralendijk) ook een eigen vlag.

Vlag van Atriol (2022-heden)

In oktober 2021 kon gekozen worden uit 22 ontwerpen door 18 inzenders. De vlagcommissie wist het winnende ontwerp geheim te houden tot 17 april 2022, toen de vlag voor de eerste keer gehesen werd.

De vlag van Atriol (links) naast die van Nederland en Bonaire (© infobonaire.com)

Het winnende ontwerp was van Rolando Marin en heeft een duidelijke link met de eilandvlag.
De vlag is wit met de zwarte kompasring en rode ster (van de eilandvlag) in het midden. Vijf kleinere rode sterren sterren zijn om de kompasring heen gegroepeerd.
De zes sterren staan voor de vijf oorspronkelijke dorpen (nu barrios van Kralendijk) plus Rincón.
De kompasring in het midden symboliseert Atriol, dat geografisch ook in het midden ligt.

Kaart van Bonaire (© Peter Fitzgerald)

Dag van de Mensenrechten (1948)

Op deze dag in 1948 werd in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in Parijs de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens aangenomen. De eerste viering van deze dag was in 1950.

Franse postzegel uit 1948 met het uit 1937 daterende Palais de Chaillot, waar de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens werd aangenomen; uitgave: PTT, ontwerp van Albert Decaris (1901-1988), gegraveerd door Jules Piel (1882-1976)

De verklaring kwam er na een jarenlange voorbereiding met veel strubbelingen door een commissie voor de mensenrechten. Deze commissie was in 1945 in het leven geroepen.
De kerngroep werd geleid door Eleanor Roosevelt, de weduwe van de Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt.

Om de verklaring goedgekeurd te krijgen konden er niet teveel -voor sommige landen – controversiële zaken in geregeld worden. Zo verdwenen teksten over de doodstraf, abortus, het klachtrecht, de rechten van minderheden en de vrijheid van drukpers in de prullenbak.

Eleanor Roosevelt (1884-1962) met een poster waarop de tekst van de Universele Rechten van de Mens, foto genomen in Lake Success, New York, november 1949 (Collectie FDR Presidential Library & Museum / publiek domein)

Het was maar kantje boord dat de verklaring er kwam. Hoewel er gestreefd werd naar een bindende tekst, overtuigde Eleanor Roosevelt gedelegeerden ervan daarvan af te zien, omdat het voorstel anders onvoldoende steun zou krijgen.
Het bleek dat ze gelijk had: zelfs de niet-bindende tekst zorgde voor de nodige hoofdbrekens.

Eleanor Roosevelt arriveert bij het Palais de Chaillot in Parijs, met twee leden van haar delegatie, Ernest Gross (1906-1999) en Philip C. Jessup (1897-1986), 10 december 1948 (publiek domein)

Acht landen onthielden zich van stemming: de Sovjetunie met in haar kielzog de oostbloklanden Polen en Tsjechoslowakije, de twee sovjet-vazalstaten (de Wit-Russische Socialistische Volksrepubliek en de Oekraïense Socialistische Sovjetrepubliek), Joegoslavië, Saoedi-Arabië en Zuid-Afrika.
Twee landen waren niet bij de stemming aanwezig: Honduras en Yemen.
Er waren geen tegenstemmers.

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 10 december 1948, waarbij de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens werd aangenomen (publiek domein)

De stemming was op 10 december 1948 in het Palais de Chaillot in Parijs.
Van de 58 lidstaten die er toen waren, stemden er 48 vóór, waaronder Nederland en België.

De stemming in kaart gebracht: de groene landen stemden vóór, de oranje landen onthielden zich van stemming, de twee landen in zwart waren niet bij de stemming aanwezig, terwijl de landen in het grijs (bijna alle Afrikaanse landen) geen V.N.-lidstaten waren, de grote dekolonisatiegolf moest nog komen (kaart: Rodentologist / publiek domein)

In de verklaring zijn 65 verschillende rechten vervat. De tekst begint met een inleiding, de preambule genaamd, waarin de overwegingen staan die leiden tot de verklaring. In deze preambule staat onder meer dat de  ‘inherente waardigheid en onvervreemdbare rechten van de mens’ worden erkend.

Links: De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens in boekvorm (publiek domein) / Rechts: De Franse vertaling van de Verklaring in posterformaat (publiek domein)

De artikelen 1 tot 21 handelen over politieke- en burgerrechten, zoals integriteitsrechten, recht op leven, erkenning als persoon voor de wet en vrijwaring van marteling. Daarnaast: recht op inspraak in bestuur, op gelijke benoeming in openbare functies en stemrecht in vrije verkiezingen.
De artikelen 22 tot 27 handelen over economische, sociale en culturele grondrechten, zoals het recht op werk, rust en vrije tijd, beloning, sociale zekerheid, onderwijs, huisvesting en medische verzorging.

Twee postzegels gewijd aan Eleanor Roosevelt, links een uitgave uit 2018 door de V.N. van $ 2,50 met de bekende foto van de voorvechtster van de mensenrechten met de tekst op posterformaat, rechts een herdenkingsuitgave uit 1963 van 15 jaar mensenrechten uit India van 15 roepie (publiek domein)

Zaken die in de verklaring niet genoemd worden zijn onder meer de doodstraf, vrijheid van drukpers, de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek, het stakingsrecht, het recht op eigen taal en naam, bescherming van vrouwen tegen geweld, discriminatie op basis van seksuele voorkeur en kinderarbeid.

Wat angstvallig werd vermeden was het noemen van een Opperwezen, omdat het merendeel van de gedelegeerden vreesde dat christenen, moslims, boeddhisten en atheïsten het nooit over een verwijzing naar een Opperwezen eens zouden worden.

Dat dit een wijs besluit was blijkt ook uit het door de Arabische Liga* vastgestelde Arabisch Handvest voor Mensenrechten uit 1994, waarin in de inleiding gesteld wordt dat God (Allah) en de sharia (islamitische wetgeving) boven de Universele Mensenrechten gaan.

*Een organisatie van 22 Arabische landen, opgericht in 1945

De vlag

Mensenrechtenvlag (2020-heden)

De Mensenrechtenvlag is vrij recent en stamt uit 2020. Op 10 december 2021 wapperde ze voor het eerst.
Het idee voor de vlag ontstond drie jaar geleden in de provincie Friesland bij het Discriminatie Meldpunt Tûmba te Leeuwarden en kwam voort uit de weigering van de Provinsje Fryslân om naast de Nederlandse en Friese vlaggen de regenboogvlag te hijsen (dat standpunt is inmiddels overigens verlaten).

Het leek Tûmba-directeur Mirka Antolovic een goed idee om dan wellicht een mensenrechtenvlag te laten hijsen, maar toen ze daar naar op zoek ging, bleek zo’n vlag niet te bestaan.
Samen met collega meldpunt-medewerker Arnold Herman werd het besluit genomen in dat geval zelf maar een vlag te ontwerpen.
Brainstormend over hoe zo’n vlag er dan uit moest zien, kwamen ze op het idee voor een DNA-streng, als symbool voor de hele mensheid: iedereen heeft het, maar toch is iedere DNA-sequentie uniek en dus ieder mens ook.

Links: Grafisch ontwerper Menno de Boer (fotograaf onbekend) / Rechts: Tûmba-directeur Mirka Antolovic (fotograaf onbekend)

Omdat geen van tweeën ervaring had met ontwerpen, werd dit uitbesteed aan grafisch ontwerper Menno de Boer.
Hij ging met het DNA-idee aan de slag en kwam met twee “wokkels” van een DNA-streng die de vlag diagonaal verdelen van broektop naar de onderkant van het uitwaaiende gedeelte.
Drie kleuren gebruikte hij: geel voor het DNA, maar ook symbool voor de zon, blauw in de bovenste vlakken voor lucht, maar ook voor water en groen in de onderste vlakken voor de aarde. De Mensenrechtenvlag was geboren!

Binnen de tweemaandelijkse overleggen die de 18 landelijke anti-discriminatie-bureaus* hebben, werd het idee ook omarmd en vervolgens gepropageerd via hun websites.
Tevens werd de vlag officieel geregistreerd, de bedoeling is om in de nabije toekomst de vlag ook internationaal te laten doorbreken en met een registratie ligt het ontwerp nu vast.

Mensenrechtenvlaggetjes (tekening: © mensenrechtenvlag.nl)

Hoewel de vlag dus nog erg jong is, was ze toch al snel op veel plekken te zien, vooral bij provincies en gemeenten.

Maar de bureaus hopen dat de vlag in de toekomst ook gaat wapperen bij scholen, bedrijven, kerken en particulieren. De vlag is van en voor iedereen en staat voor verbinding tussen alle mensen op aarde.

*De 18 onafhankelijke anti-discriminatie-bureaus werken “aan het voorkomen en bestrijden van discriminatie op grond van sekse, afkomst, leeftijd, handicap, seksuele gerichtheid, enz”, en “geven advies en steun bij alle vormen van discriminatie en ongelijke behandeling”.

Met dank aan Mirka Antolovic van Discriminatie Meldpunt Tûmba in Leeuwarden en Stefano Frans van het Anti Discriminatie Bureau Zeeland in Goes voor hun welwillende medewerking en informatie.

Wat hangt daar toch?