Australia Day is de nationale feestdag van Australië. De datum refereert aan het binnenlopen bij Port Jackson in 1788 van de First Fleet, bestaande uit elf Britse schepen. Doel was hier een strafkolonie te stichten. Meer dan 1000 veroordeelden kwamen met deze eerste reis mee.
Gouverneur Arthur Phillip liet ter verwelkoming de Britse vlag hijsen boven het gebied wat toen nog New Holland heette. De plek, Port Jackson, is tegenwoordig beter bekend onder de naam Sydney Harbour.
The First Fleet, één dag na aankomst
Hoewel Australia Day al sinds 1808 gevierd wordt, was dat pas onder die naam en door alle deelstaten vanaf 1935. Vanaf 1994 is het een officiële vrije dag in alle staten en territories.
De vlag
‘Blanco’ blue ensign
De Australische vlag is een zogenaamde Britse blue ensign, een egaal blauwe vlag met de Union Flag of Union Jack in het kanton. Ieder Gemenebest-land dat een blue ensign als nationale vlag voert, zoals Nieuw-Zeeland bijvoorbeeld ook doet, gebruikt de vluchtzijde voor zijn eigen symbolen. In het geval van Australië zijn dat de vijf sterren van het Zuiderkruis sterrenbeeld (Acrux, Becrux, Gacrux, Delta Crusis en Epsilon Crucis). Onder de Britse unievlag is een extra ster (de Commonwealth Star) afgebeeld die voor de staten en territories staat.
Vlag van Australië
De vlag kwam er na een ontwerpwedstrijd, uitgeschreven op 29 april 1901. Er kwamen 32.823 inzendingen binnen en uiteindelijk werd er gekozen voor een combinatie van vijf inzendingen die heel erg op elkaar leken.
Op 3 september 1901 werd de vlag voor het eerst gehesen. In de jaren daarna is er nog wat gemorreld met het aantal punten van de verschillende sterren, totdat in 1909 het ontwerp definitief was. Sindsdien is de vlag ongewijzigd.
Er zijn al diverse pogingen ondernomen om tot een nieuwe Australische vlag te komen, één zonder de Britse unievlag. Tot nu toe zijn die pogingen niet succesvol gebleken in een enquête uit 2004 bleek 32% voorstander te zijn van een nieuwe vlag, maar een overgrote meerderheid van 57% was tegen, 11% had geen mening.
Uit een onderzoek van 2013, 9 jaar later dus, bleek op de vraag welk nationaal symbool het meeste betekent voor Australiërs, de vlag als eerste uit de bus te komen. 95% is trots op de vlag en 50% zelfs heel trots.
Vandaag is het 101 jaar geleden dat Groothertogin Charlotte de Luxemburgse troon besteeg. Vorig jaar, bij de 100e verjaardag kwam het er niet van, vandaag halen we dat alsnog in!
Charlotte’s troonsaanvaarding volgde op een tumultueuze periode in de historie van het groothertogdom en dat had alles te maken met Charlotte’s oudere zus Maria Adelheid.
Maria Adelheid en Charlotte waren de oudsten van de zes dochters van Groothertog Willem IV. Toen hij overleed op 25 februari 1912 werd hij opgevolgd door Maria Adelheid, maar omdat zij toen nog net geen 18 jaar was, werden de eerste vier maanden van haar regeerperiode waargenomen door haar moeder Maria Anna van Bragança, als regentes.
Eenmaal aangetreden als groothertogin zat ze overal met haar neus bovenop. Ze was zeer energiek en politiek geïnteresseerd (sommigen noemden haar zelfs despotisch). Kortom, ze bemoeide zich, tot lichte ontsteltenis van de Luxemburgse politiek, overal tegenaan.
Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 was ze fel anti-Duits en probeerde zelfs de Duitse troepen tegen te houden door bij een grenspost haar auto dwars over de weg te parkeren, maar uiteraard mocht dat niet baten.
Bij het voortduren van de oorlog werd Maria Adelheid er steeds meer van beticht Duitse sympathieën te hebben, vooral door de linkse partijen.
Zo nodigde ze de Duitse Keizer Wilhelm uit op haar paleis en stond ze toe dat diens zoon, Kroonprins Wilhelm, een tijdelijk hoofdkwartier vestigde in Luxemburg-stad.
Na het einde van de Eerste Wereldoorlog werd haar door het Luxemburgse parlement verzocht zich van iedere politieke handeling te onthouden, totdat men het eens was over haar staatsrechtelijke toekomst.
De algemene Luxemburgse opinie was sterk negatief en vanuit België en Frankrijk kwamen geluiden dat een annexatie door een van die landen niet onmogelijk leek.
Onder deze grote druk trad Maria Adelheid in de nacht van 9 op 10 januari 1919 af. In eerste instantie werd door het parlement toen de republiek uitgeroepen, maar toen na twee dagen bleek dat Maria Adelheid’s zuster Charlotte bereid was haar op te volgen, werd de monarchie hersteld.
Die opvolging was op 14 januari 1919, vandaag 101 jaar geleden. Het was het begin van het herstel van vertrouwen in de vorstelijke familie van Nassau-Weiburg.
Charlotte, die toen ze aantrad nog net geen 23 was, bleek echter een heel ander type dan haar zuster. Ze kende haar politieke beperkingen en hield zich altijd strikt aan de regels. Daarbij was ze een zeer innemende persoonlijkheid, met overigens dezelfde tomeloze energie als haar oudere zus.
Eind 1919 trouwde ze met Prins Félix van Bourbon-Parma, het paar kreeg zes kinderen, waaronder haar latere opvolger Jean, de vader van de huidige Groothertog Henri.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog leefde de groothertogelijke familie in ballingschap in de Verenigde Staten, hoewel Charlotte meestentijds in Londen verbleef, net als haar collega Koningin Wilhelmina. Op 14 april 1945 keerde ze, populairder dan ooit, terug naar Luxemburg. Op 12 november 1964 tekende ze na ruim 45 jaar op de voorgrond, haar troonsafstand. Ze kon nog jaren van haar oude dag genieten en overleed op 89-jarige leeftijd op 9 juli 1985.
Maria Adelheid verging het minder goed: na haar abdicatie trad ze toe tot de orde van karmelietessen in Modena en later bij de Kleine Zusters van de Armen in Rome. Ze overleed echter op 24 januari 1924 op 29-jarige leeftijd aan de gevolgen van de griep.
2-euro herdenkingsmunt met Henri en zijn grootmoeder Charlotte
De herdenking van 100 jaar werd vorig jaar in Luxemburg o.a. herdacht met de uitgifte van een speciale 2-euro munt.
De vlaggen
De vlaggen van Luxemburg, links de nationale vlag, rechts de veelgebruikte handels- en koopvaardijvlag
De Luxemburgse vlag lijkt niet alleen veel op die van Nederland, hij stamt er ook van af, hoewel er ook bronnen zijn die zeggen dat de gelijkenis puur toeval is en dat de kleuren van de Nassau-dynastie stammen. Nederland was van 1815 tot 1890 in een personele unie met Luxemburg verbonden. De drie Nederlandse koningen uit de 19e eeuw waren tegelijkertijd de groothertogen van Luxemburg. Omdat Luxemburg echter bij de dood van koning-stadhouder Willem III geen vrouwelijke erfopvolging kende, kon zijn dochter Wilhelmina geen groothertogin worden. Er werd toen uitgeweken naar een Duitse tak van de familie van Nassau. Dat was Adolf van Nassau-Weiburg, die daarmee de huidige groothertogelijke familielijn begon. Adolf regeerde slechts tot zijn dood in 1905, waarna hij werd opgevolgd door zijn zoon Willem IV. Willem stierf al in 1912 en toen zat Luxemburg met hetzelfde probleem als in 1890. Willem had zes dochters, maar geen zoons. Om te voorkomen dat weer naar een andere Nassau moest worden gezocht is toen de Luxemburgse erfopvolging gewijzigd, waardoor ook vrouwen de troon kunnen bestijgen.
Terug naar de vlag. Omdat ook onder de andere Nassaus de Nederlandse vlag gehandhaafd bleef, werd het wat verwarrend in vlaggenland. Gaandeweg is men er steeds vaker toe overgegaan om het kobaltblauw uit de Nederlandse vlag lichter te maken tot wat het uiteindelijk nu is: hemelsblauw. Officieel werd de vlag pas vastgesteld op 16 augustus 1972. Omdat de verwarring met de Nederlandse vlag, ondanks de lichtere kleur blauw, nooit is verdwenen, zien we in Luxemburg ook vaak de nationale handels- en koopvaardijvlag gebruikt worden als nationale vlag. Deze vlag heeft afwisselend blauwe en witte horizontale banen en een rode gekroonde leeuw daar overheen. Deze vlag, die bekend staat als de Roude Léiw, is sinds 6 juli 2007 ook officieel erkend als nationale vlag, maar dan alleen op Luxemburgs grondgebied. Het rood-wit-lichtblauw blijft internationaal de Luxemburgse vlag.
Deze Grondwetdag, een officiële feestdag in Mongolië, herinnert aan de 13e januari 1992. Op die dag werd er een nieuwe grondwet aangenomen. Eén maand later, op 12 februari werd-ie van kracht. In de wet werd vastgelegd dat Mongolië een respresentatieve democratie werd, waarbij o.a. godsdienstvrijheid, vrijheid van meningsuiting, vrije verkiezingen en het recht op reizen gegarandeerd werden.
Deze grondwet was het directe gevolg van de vreedzaam verlopen revolutie van 1990, waarbij de Volksrepubliek Mongolië werd afgeschaft. Dat had dan weer alles te maken met het instorten van het communisme in de Sovjet-Unie en het daaropvolgende uiteenvallen van de deelrepublieken van het land. Tot die tijd was Mongolië naar sovjet-voorbeeld gemodelleerd.
De Mongoolse vlag is een verticale driekleur van gelijke banen in rood, blauw, rood. Op de rode baan aan de broekings- of mastzijde bevindt zich het Soyombo-symbool. De vlag werd aangenomen naar aanleiding van de nieuwe grondwet, maar op één detail na, is hij gelijk aan de vlag van de Volksrepubliek Mongolië, die van 1945 tot 1992 bestond. Dat ene detail betreft een communistische gele ster, boven het Soyombo-symbool.
De rode kleur werd tot 1992 uitgelegd als kleur van de revolutie, nu als symbool voor voorspoed en liefde. Het blauw stond -en staat- voor de eeuwig blauwe hemel, het is tevens de traditionele kleur van Mongolië.
Soyombo-symbool
Het Soyombo-symbool (een zogenaamd ‘ideogram’) bestaat uit 10 symbolen, onder en naast elkaar. Op elkaar ‘gestapeld’ zien we van boven naar beneden: -vuur, symbool voor eeuwige groei, rijkdom en succes, de drie tongen van het vuur staan voor verleden, heden en toekomst; -zon, en tevens maan daaronder, staan voor het eeuwig bestaan van het Mongoolse rijk, net als de eeuwig blauwe lucht; -driehoek (tevens onderaan de ‘stapel’) stelt de punt van een pijl of speer voor, die staat voor de overwinning op binnen- en buitenlandse vijanden; -rechthoek (tevens een-na-laatste in de ‘stapel’) verleent stabiliteit aan het volgende symbool (waar het onder en boven staat), maar staat ook voor eerlijkheid en rechtvaardigheid van het Mongoolse volk, of ze nu hoog- of laaggeplaatst zijn en voor de eindeloze steppen; -taiji (ook wel yin en yang) staat voor het complementeren van tegenpolen of tegenstellingen, zoals man/vrouw, licht/duister, goed/kwaad, enzovoort;
-de twee verticale rechthoeken aan beide zijden van de ‘stapel’ kunnen gezien worden als de muren van een fort, ze staan voor eenheid en kracht en verwijzen naar een Mongools spreekwoord, dat luidt: Een gemeenschappelijke vriendschap is sterker dan stenen muren.
De eerder genoemde Mongoolse Volksrepubliek stamde uit 1924 en ging tot aan 1945 door drie vlagveranderingen heen, zoals hieronder te zien is:
De eerste drie vlaggen van de Mongoolse Volksrepubliek, v.l.n.r.: 1924-1930, 1930-1940 en 1940-1945
Wellicht hebt u er nog nooit van gehoord, maar het bestaat: Margaret Thatcherdag! Op de Falklandeilanden. Geheel verwonderlijk is dit niet, na de overwinning in de Falklandoorlog, tijdens de regering Thatcher (1979-1990).
Deze oorlog ontstond toen Argentijnse troepen op 2 april 1982 de tot het Verenigd Koninkrijk behorende archipel binnenvielen.
De eilandengroep ligt zo’n kleine 500 km ten oosten van Argentinië en sinds de 19e eeuw hebben de Argentijnen de Britse soevereiniteit altijd ter discussie gesteld. Dat bleef echter altijd bij woorden. In 1982 echter, achtte de Argentijnse junta, onder leiding van generaal Leopoldo Galtieri, de tijd rijp om de Engelsen eruit te knikkeren.
De reden was puur politiek: het land had grote sociale en economische problemen en een al jaren durende aversie van de bevolking tegen de niets-ontziende militaire dictatuur. Om de nationalistische gevoelens flink op te krikken, leek het de junta een goed idee de Falklandeilanden (Islas Malvinas voor de Argentijnen) te veroveren. Men verwachtte geen grote tegenstand en daar het Verenigd Koninkrijk net als Argentinië de nodige sociale en economische problemen kende in 1982, lag in hun optiek geen gewapend conflict op de loer.
De Britten hadden geen grote troepenmacht op de Falklands en het kostte de Argentijnen dan ook slechts twee dagen om de eilanden te veroveren, nadat gouverneur Rex Hunt het bevel had gegeven de wapens neer te leggen. Zowel de gouverneur als de Britse militairen werden via Zuid-Amerika gerepatrieerd naar het Verenigd Koninkrijk.
Er was echter geen haar op het hoofd van premier Margaret Thatcher het zo maar te laten. Bij de Britten speelden nationalistische gevoelens een al even grote rol als bij de Argentijnen.
Er werd in korte tijd een militaire task force samengesteld van 127 schepen: 43 marineschepen (waaronder de atoomonderzeeeër HMS Conqueror en twee vliegdekschepen, de HMS Invincible en HMS Hermes), 43 hulp- en ondersteuningsschepen en 62 vrachtschepen.
Een aanzienlijke vloot; toch waren de Britten niet zeker van een overwinning, daar Argentinië een overwicht in de lucht had: 122 vliegtuigen tegen slechts 43 Britse.
Toch lukte het in betrekkelijk korte tijd: in juni landden de Britse troepen op de archipel. Dat wil niet zeggen dat de strijd op land niet taai was, het ging stukje bij beetje.
Een psychologisch omslagpunt was het zinken van de ARA General Belgrano, een lichte kruiser van de Argentijnse marine, nadat het getorpedeerd werd door HMS Conqueror. 323 man vonden de dood, 772 man konden worden gered door Argentijnse en Chileense schepen. Het gevolg was dat de gehele Argentijnse vloot zich terugtrok.
Slachtoffers vielen aan beide kanten: op 4 mei, een paar dagen na het zinken van de Belgrano, werd de geleidewapenjager HMS Sheffield getroffen door een Exocet-raket afgevuurd door een Super Étendard van de Argentijnse luchtmacht. Van de bemanning van 281 vonden er 20 de dood en raakten er 26 gewond. Een paar dagen later zonk het schip.
Op 20 juni was de strijd gestreden en gaven de Argentijnen zich over. De trieste balans was dat er 255 Britten sneuvelden en 649 Argentijnen. Het aantal gewonden: 775 Britten, tegen maar liefst 1.657 Argentijnen. Drie Falklandeilanders lieten het leven door zogenaamd ‘friendly fire‘.
De Falklandoorlog luidde het einde in van de Argentijnse junta. Voor premier Thatcher waren de gevolgen positief, van minst populaire premier sinds de Tweede Wereldoorlog werd ze plotseling op een voetstuk gehesen. Ze maakte er in 1983 dankbaar politiek gebruik van door de parlementaire verkiezingen te vervroegen, die ze met gemak won.
Op de Falklandeilanden was zij de grote heldin. Tussen 8 en 13 januari 1983 bezocht ze de archipel. Sindsdien is de 10e januari gekozen als Margaret Thatcher-dag, een officiële feestdag, maar geen vrije dag voor de Falklanders.
De vlag
Vlag van de Falklandeilanden (1999-heden)
De vlag van de Falklandeilanden is een Britse blue ensign, met de Union Flag of Union Jack in het kanton en het wapen van de archipel in het uitwaaiende gedeelte. Hij is vrij recent (1999), maar is eigenlijk een variatie op de vlag die vanaf 1948 werd gebruikt.
Het wapen toont een schaap met daaronder het schip Desire, dat onder commando van John Davis de eilandengroep ontdekt zou hebben in 1592. Het motto Desire the right bevindt zich op een banderol onder het wapen.
Voormalige vlaggen van de Falklandeilanden, v.l.n.r.: 1876-1925, 1925-1948 en 1948-1999
De eerder genoemde vlag van 1948 is de derde in de rij hierboven en is in essentie hetzelfde, alleen staat het wapen hier in een witte cirkel, een zogenaamde badge.
De Desire staat ook op de tweede vlag uit 1925, waarbij het schip her schild moet delen met een zeeleeuw.
De eerste vlag van de archipel stamt uit 1876, met op de toenmalige badge een natuurlijk landschap met een os, met het 19e eeuwse schip HMS Hebe, waarmee menig Brits kolonist naar de Falklands zeilde.
Het Festa del Tricolore (Feest van de driekleur), ook wel bekend als Giornata Nazionale della Bandiera (Nationale Vlagdag) is een officiële Italiaanse feestdag en wordt gevierd sinds 1997. De datum van 7 januari is gekozen omdat op die datum in 1797 in de de Noord-Italiaanse stad Reggio Emilia de driekleur voor het eerst werd gehesen in wat toen de Cispadaanse Republiek heette. Hoewel dit dus een officiële feestdag is, is het voor de meeste Italianen geen vrije dag, maar uiteraard is er wel veel extra vlagvertoon, vooral in Reggio Emilia.
De vlag
Vlag van Italië
De Italiaanse vlag vindt zijn oorsprong in de door Napoleon gestichte Cispadaanse Republiek. Deze republiek werd in 1796 gevormd door vier Noord-Italiaanse gebieden: Modena, Bologna, Ferrara en Reggio Emilia. De naam betekent zoveel als ‘aan deze kant van de Po’. (Aan de andere kant van de rivier lag de Transpadaanse Republiek).
Deze op Franse leest geschoeide republiek heeft slechts twee jaar bestaan. De gebruikte driekleur was geënt op de Franse Tricolore, waarbij de blauwe baan vervangen werd door een groene.
Wellicht vanwege de groene kleur van de regionale Milanese burgerwacht. De vlag was gekanteld t.o.v. de Franse, dus horizontaal.
Italië als eenheid bestond in die tijd nog niet, het was een verzameling onafhankelijke staten en staatjes. In 1848 voerde koning Carlo Alberto van Sardinië de driekleur in als nationale vlag en zette zijn wapen middenin de vlag. (Het Koninkrijk Sardinië bestond behalve het gelijknamige eiland ook uit het westelijke gedeelte van wat tegenwoordig Noord-Italië is).
Links: de vlag van Carlo Alberto van Sardinië, later de Italiaanse vlag onder de Savoye monarchie / Rechts: een ‘verfraaid’ exemplaar van de vlag, tentoongesteld in Milaan
Vanaf 1861 heerste het vorstenhuis Savoye over het uit verschillende delen samengevoegde Italië en nam de Sardinische driekleur over. In 1870 werd de totale vereniging een feit. De groen-wit-rode vlag werd gehandhaafd, met het wapen van Savoye op de witte baan. Na de Tweede Wereldoorlog en het afschaffen van de monarchie werd het wapen op 19 juni 1946 van de vlag verwijderd en hebben we de vlag zoals we hem nu nog kennen.
De vlag van de Belgische provincie Antwerpen werd op 18 oktober 1996 door de Provincieraad aangenomen. Op 7 januari 1997, vandaag 23 jaar geleden, verleende de Vlaamse regering haar goedkeuring.
De vlag
Vlag van de provincie Antwerpen (1996/97-heden)
De vlag van de provincie Antwerpen bestaat uit 24 vierkanten, in vier rijen van zes. Het zijn acht rode, zes witte, zes gele en vier blauwe ‘blokken’. Ze zijn diagonaal gerangschikt, zo dat elk vlak dezelfde kleur heeft als de vlakken die er linksboven en rechtsonder staan.
De kleuren zijn afgeleid van de Antwerpse steden (en districten): Antwerpen (rood en wit), Mechelen (geel en rood) en Turnhout (blauw en wit).
V.l.n.r.: de stadsvlaggen van Antwerpen, Mechelen en Turnhout
Dat er voor een geblokte vlag werd gekozen is historisch gezien geen verrassing, omdat dit soort vlaggen al veel voorkwam in het vroegere Hertogdom Brabant, dat grofweg bestond uit het tegenwoordige Vlaams-Brabant, Waals-Brabant, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Antwerpen en een groot deel van de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Deze laatste provincie heeft óók een geblokte vlag en wel in de kleuren rood-wit en gaat terug tot de Middeleeuwen.
Links: Kaart van het Hertogdom Brabant / Rechts: Vlag van de provincie Noord-Brabant
Rood en wit zijn dan ook niet toevallig de kleuren van de stad Antwerpen en als belangrijkste van de drie steden vormen deze kleuren de drie centrale diagonalen in de vlag. Tevens is in het rood ook Mechelen vertegenwoordigd en de twee diagonalen eronder en erboven in geel geven de tweede Mechelse kleur weer.
De twee korte diagonalen daar weer boven en onder zijn blauw en staan voor Turnhout. Blijven over twee witte hoek-blokken in wit, die staan voor de tweede kleur van deze stad.
De vlag verving in 1997 de provincievlag van 26 oktober 1928, waarvan veel mensen niet eens wisten dat-ie bestond. Het was een vlag met drie verticale banen in geel-rood-wit, maar die was nooit aangeslagen. De kleuren van Antwerpen en Mechelen zaten er in verwerkt, maar het blauw van Turnhout niet.
Links: Provincievlag van Antwerpen (1928-1997) / Rechts: Districtsvlag van Antwerpen
Naast de provincievlag en de er aan ten grondslag liggende stadsvlaggen is er ook nog een vlag voor het district Antwerpen, iets dat de andere districten (nog?) niet hebben.
Die districtsvlag is een opvallende: het heeft dezelfde kleuren als de stadsvlag (rood-wit), maar is een zogenaamde zwaluwstaart (ook bekend als ingehoekte vlag). Deze vlag heeft een kader of zoom langs de randen in tegengestelde kleur, wat officieel omschreven wordt als “omzoomd van het één in het ander”.
De 6e januari is een officiële feestdag in Laos. Het herdenkt de overwinning van de Pathet Lao, de communistische revolutionaire volkspartij, op de door het Westen gesteunde royalisten. Die overwinning was op 2 december 1975 en maakte een einde aan de monarchie die sinds een jaar voor de onafhankelijkheid van Frankrijk in 1953 had bestaan.
De vlag
Vlag van Laos (1945-1946 / 1975-heden)
De vlag van Laos is een horizontale driekleur van rood-blauw-rood, waarbij de middelste blauwe baan even hoog is als de tweed rode samen. Midden op de blauwe baan staat een witte cirkel.
De vlag werd ingevoerd na de communistische overname in 1975, maar was al eerder kortstondig de nationale vlag geweest. Het was een ontwerp van Mahā Silā Vīravong en de vlag werd voor het eerst ingevoerd in 1945, na de Tweede Wereldoorlog.
Laos was een Franse kolonie, maar net als het geval was met het door de Japanners bezette Nederlands-Indië (nu Indonesië), ontstond er een machtsvacuüm in Laos, na de overgave van de Japanse bezetters.
Het duurde enige tijd voordat de Fransen ‘orde op zaken’ hadden gesteld en in die korte tijd. Gedurende deze tijd (12 oktober 1945 tot en met 24 april 1946) werd Laos geleid door de Lao Issara (Vrij Laos), een anti Franse groepering. Met het herstel van de Franse macht verdween de vlag weer uit beeld werd de oude vlag weer ingevoerd.
De oude vlag van Laos vindt zijn oorsprong in die van een van de voorgangers van Laos: het koninkrijk Luang Prabang (1707-1893), dat samen met twee andere koninkrijken uiteindelijk in 1893 de Franse kolonie Laos zou vormen.
De vlag van Luang Prabang was rood met een driekoppige olifant in wit, staand op een voetstuk met een koninklijke parasol boven de olifant. De witte olifant is eveneens een koninklijk symbool in Zuidoost-Azië, meer specifiek in Myanmar, Thailand en Laos.
Drie versies van dezelfde vlag, v.l.n.r. Vlag van het koninkrijk Luang Prabang (tot 1893) / Vlag van Laos als Franse kolonie (1893-1952) / Vlag van Laos (1952-1975)
De Fransen namen de vlag over in 1893, waarbij hij licht werd gewijzigd: het voetstuk kreeg een plattere vorm en vijf treden en de parasol kreeg negen lagen. In het kanton werd de Franse vlag, de tricolore afgebeeld.
De volgende versie stamt uit 1952, het jaar waarin de monarchie werd ingevoerd. Het jaar daarop verkreeg Laos de onafhankelijkheid. Deze vlag was gelijk aan de vorige, minus de Franse vlag.
In 1975, bij de invoering van de Democratische Volksrepubliek Laos, werd er teruggegrepen naar de vlag die kortstondig als vlag diende in de jaren 1945-1946.
Wat de symboliek betreft: de twee rode banen staan voor het vergoten bloed voor het vaderland, aan beide kanten van de rivier de Mekong, het blauw staat voor deze belangrijke rivier en voor voorspoed, terwijl de witte cirkel de eenheid belichaamt van Noord- en Zuid-Laos en tevens symbool is voor de volle maan die op de Mekong schijnt.
Op 1 januari 1970 vond er op Zuid-Beveland (Zeeland) een grote gemeentelijke herindeling plaats. Het schiereiland ging van 24 naar 4 gemeentes: Goes, Reimerswaal, Kapelle en Borsele.