Tagarchief: Verenigde Staten van Amerika

Costa Rica – Día de la Bandera / Vlagdag (1964)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De dag van vandaag herdenkt de aanpassing van de vlag van Costa Rica in 1964, toen het aantal van vijf sterren op het staatswapen naar zeven werd uitgebreid, voor het aantal provincies

De vlag

Vlag van Costa Rica – met en zonder wapen

De Costa Ricaanse (staats)vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen.
Daarnaast wordt ook de civiele vlag gebruikt, met als enig verschil dat het wapen hierop ontbreekt.

De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.

Vlag Argentinië
Vlag van Argentinië

De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.

Provincias Unidas del Centro America 2
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika

Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.

afgeleiden argentinie 2
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en Paraguay
De vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador

Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.

Het ontwerp van de vlag was van Patricia Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.

Links: Patricia Fernández (1828-1885) (© museocostarica.go.cr) / Rechts: Onder het portret van haar man, de president van Costa Rica, naait Patricia Fernández de eerste Costa Ricaanse vlag, tekening door Manuel de la Cruz González (1909-1986)

Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.

Wapen van Costa Rica

Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien.  Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies).
Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica. 
Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.

De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.

Guatemala – Día de la Revolución / Dag van de Revolutie (1944)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Deze dag herinnert aan de 20e oktober 1944, het begin van de Revolución de Guatemala (Guatemalteekse Revolutie), een periode die eindigde in in 1954.

Kaart van Midden-Amerika (© freeworldmaps.net)

Vanaf eind 19e eeuw tot najaar 1944 werd Guatemala bestuurd door een serie van autoritaire leiders, die de economie stimuleerden door de export van koffie grootser aan te pakken.
Zo gaf president Manuel Estrada Cabrera tussen 1898 en 1920 grote landconcessies aan de Amerikaanse United Fruit Company, waartegen lokale landeigenaren niets konden beginnen.

Links: Manuel José Estrada Cabrera (1857-1924) / Rechts: Jorge Ubico Castañeda (1878-1946) (beide publiek domein)

Onder Jorge Ubico, president tussen 1931 en 1944, werd het nog erger. Door zijn dictatoriale regime veranderde Guatemala in een politiestaat en ging de bevolking gebukt onder erbarmelijke werkomstandigheden.

In juni 1944 kreeg een breed gedragen pro-democratische combinatie van studenten en vakbonden het voor elkaar Ubico te laten aftreden, na een week vol onlusten tussen demonstranten en het leger. Dit leidde tot grote feestvreugde op de straat.

Links: Juan Federico Ponce Vaides (1889-1956) / Rechts: De door Ubico benoemde junta van 1944, v.l.n.r. Eduardo Villagrán Ariza (1883-?), Buenaventura Pineda (?-1957) en Juan Federico Ponce Vaides (1889-1956) (beide publiek domein)

Helaas had men iets te vroeg gejuicht, want Ubico was niet van plan de democratie te herstellen. Bij zijn aftreden benoemde hij een driekoppige junta o.l.v. generaal Federico Ponce Vaides, die een overgangsregering moest leiden.
In de praktijk veranderde er niets: Ubico’s regime van onderdrukking werd voortgezet.

Links: Jacobo Árbenz Guzmán (1913-1971) / Rechts: Francisco Javier Arana (1905-1949) (beide publiek domein)

Uiteindelijk lukte het twee legerofficieren, Jacobo Árbenz en Francisco Javier Arana om een militaire coup te plegen, nadat ze de steun van een groot deel van leger en politie kregen, geholpen door studenten en vakbonden. Op 20 oktober gaf generaal Ponce Vaides zich zonder voorwaarden over.
Zowel Ubico als Ponce Vaides werd het toegestaan het land te verlaten. Ubico vestigde zich in de Verenigde Staten, in New Orleans, waar hij twee jaar later zou overlijden.
Ponce Vaides ging in ballingschap in Mexico, maar keerde na de politieke omwenteling van 1954 terug naar Guatemala, waar hij in 1956 overleed.

Democratisch interbellum

De succesvolle coupplegers vormden zelf een junta en organiseerden vrije verkiezingen in december 1944.
Met een grote meerderheid werden deze verkiezingen gewonnen door Juan José Arévalo, een progressieve hoogleraar filosofie.
Onder zijn leiding kwamen er sociale hervormingen en een programma om het analfabetisme terug te dringen.

Links: Juan José Arévalo Bermejo (1905-1990) / Rechts: Jacobo Árbenz Guzmán (1913-1971) (beide publiek domein)

Bij de volgende verkiezingen in 1951 won voormalig coup-pleger Jacobo Árbenz ruimschoots. De beroepsmilitair bleek niet minder ambitieus dan zijn voorganger.
Hij vaardigde Decreto 900 (Decreet 900) uit, waarbij nog niet ontgonnen en bewerkte delen van de landconcessies (zo’n 85%), die de o.a. de United Fruit Company waren toegespeeld tussen 1898 en 1920, werden onteigend, waarna ze werden herverdeeld onder arme boeren. Zo’n 500.000 mensen profiteerden hiervan.

Links: Decreto 900 (Ley de reforma agraria) uit 1952 / Rechts: Jacobo Árbenz Guzmán (1913-1971) spreekt met een boer (beide publiek domein)

Operation PBSuccess

Dit bleek hoog spel, omdat hij nu openlijk in conflict kwam met de machtige United Fruit Company, die niet van plan was dit over hun kant te laten gaan.
Ze klopten aan het bij het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken. Minister van Buitenlandse Zaken John Foster Dulles had belangen in de United Fruit Company, net als zijn broer Allen Dulles, directeur van de CIA, en ze hadden het oor van de nieuw gekozen president Dwight Eisenhower.
Het tijdperk van de Koude Oorlog was inmiddels begonnen en daarmee ook de Amerikaanse jacht op communisten.

Links: John Foster Dulles (1888-1959) / Midden: Allen Dulles (1893-1969) / Rechts: Dwight David Eisenhower (1890-1969) (alle drie publiek domein)

Zo begon Operation PBSuccess, een geheime CIA-operatie om de regering van president Árbenz omver te werpen, geautoriseerd door Eisenhower in augustus 1953. De operatie kreeg in eerste instantie een budget van 2,7 miljoen dollar, maar de rekening zou uiteindelijk oplopen naar een (geschat) bedrag van tussen de 5 en 7 miljoen dollar voor “psychologische oorlogsvoering en politieke actie”.
Zo werd Árbenz afgeschilderd als een gevaarlijke communist, hoewel hij de communistische partij in Guatemala had verboden.

Daar de Amerikanen niet van plan waren zelf hun handen vuil te maken, zochten ze naar geschikte kandidaten om de regering Árbenz omver te werpen. Ze vonden hun man: Carlos Castillo Armas.
De CIA begon een genadeloze antiregerings-propaganda, waarbij het ze lukte legeronderdelen op te jutten tegen Árbenz.

Links: Carlos Castillo Armas (1914-1957) / Rechts: De junta van 1954, met Carlos Castillo Armas (met snor) (beide publiek domein)

Castillo Armas, op zijn beurt, trok vanuit Honduras Guatemala binnen.
Na een bombardement op Guatemala City op 25 juni 1954, waarbij de regerings-oliereserves werden vernietigd, werd de situatie precair.
Op een bevel van Árbenz aan het leger om boeren en burgers te bewapenen werd geen gehoor gegeven, waardoor hij in feite machteloos was.
Verslagen droeg Árbenz de macht over op 27 juni 1954.

Zwerftocht

Árbenz en zijn familie gingen vervolgens in ballingschap. Het zou het begin zijn van eindeloze omzwervingen die de rest van zijn leven bepaalden. Zo verbleven ze eerst in Mexico, daarna volgden Canada, en Zwitserland, Hier probeerde hij Zwitsers staatsburger te worden, maar dat werd afgewezen. Verder ging het, naar Nederland, Frankrijk, Tsjechoslowakije en de Sovjet-Unie. Terug ging het weer naar Tsjechoslowakije en Frankrijk. Uiteindelijk zou hij in 1957 naar Uruguay gaan als politiek vluchteling.

Links: Jacobo Árbenz Guzmán (1913-1971) met zijn vrouw María Cristina Vilanova Castro de Árbenz (1915-2009) / Rechts: De familie Árbenz op de vlucht (beide publiek domein)

Na de communistische omwenteling in Cuba in 1959, werd hij uitgenodigd daar te komen wonen, wat hij ook deed.
in 1965 pleegde zijn dochter Arabella zelfmoord. Árbenz raakte aan de drank. Na haar dood verhuisde de familie naar Mexico.
In 1970 werd hij ernstig ziek en in januari 1971 overleed hij. Hoewel nooit bewezen, leek zelfmoord niet uitgesloten.
Uiteindelijk zouden de stoffelijke resten van Árbenz en zijn vrouw in oktober 1995 terugkeren naar Guatemala en kreeg hij een postume onderscheiding.

Het graf van Árbenz op de Algemene Begraafplaats van Guatemala City. De tekst op de plaquette luidt: Monument gebouwd door de Universiteit van San Carlos de Guatemala voor de volkssoldaat Kol. Jacobo Árbenz Guzmán als erkenning voor zijn visie op een progressieve en democratische samenleving (foto: Esbin García, 2016)

Nasleep

Terug naar de omwenteling van 1954: Castilla Armas werd met Amerikaanse goedkeuring lid van de militaire junta en op 7 juli tot interim-president benoemd. Op 13 juli erkende de V.S. deze regering.
Vervolgens werden er in oktober verkiezingen gehouden waarbij alle politieke partijen verboden waren: Castilla Armas was de enige kandidaat.
Daarmee won hij “overtuigend” de verkiezingen met 99% van de stemmen. Een nieuw dictatoriaal regime was geboren.
Sociale hervormingen werden teruggedraaid en het duurde niet lang voordat Guatemala in een burgeroorlog was beland, die maar liefst tot 1996 zou duren.

Gezichten van in de Guatemalteekse Burgeroorlog verdwenen personen op een muur van de La Verbena-begraafplaats in Guatemala City, scène uit de film “Finding Oscar”, 2016 (© Ryan Suffern, regisseur / FilmRise)

In die jaren vielen er zo’n 200.000 burgerslachtoffers en eindeloze mensenrechtenschendingen, zoals massa-bloedbaden onder de burgerbevolking, verkrachtingen, luchtbombardementen en gedwongen verdwijningen.
Onderzoek naar dit tijdperk door Greg Grandin en Gilbert Joseph in 2010 leidde tot de conclusie dat 93% van deze wandaden door regeringstroepen met steun van het Amerikaanse militaire apparaat begaan waren.

De vlag

guatemala 01 vlaggen
Vlag van Guatemala, met en zonder wapen

De vlag van Guatemala is een verticale driekleur in hemelsblauw-wit-hemelsblauw, met midden op de witte baan het wapen van Guatemala. De vlag bestaat ook zonder wapen.

Net als de andere vier Midden-Amerikaanse landen is de vlag van Guatemala gebaseerd op die van de ‘superstaat’ die tussen 1823 en 1841 bestond, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten. De vlag van deze staat was op zijn beurt weer gebaseerd op die van Argentinië.

guatemala 01 vlaggen naast elkaar
Vlaggen van Guatemala: 1851-1858 (links) en 1858-1871 (rechts)

Na het opdoeken van de superstaat behield Guatemala wel de horizontale banen en de kleur blauw, maar dan een stuk donkerder. De vlag veranderde aanzienlijk in 1851 en 1858, toen de kleuren rood en geel werden toegevoegd (zie afbeeldingen).
De huidige vlag stamt uit 1871 en kwam vóór 1920 ook in een variant voor.

Guatemala vlag variant
Variant van de Guatemalteekse vlag (1871-1920)

De blauwe banen in de vlag staan voor de twee oceanen waar Guatemala aan grenst, de Atlantische en Stille Oceaan, maar tevens voor de hemelsblauwe lucht boven het land. De witte baan staat voor puurheid en vrede.

Guatemalteekse postzegel uit 1938 met een afbeelding van de vlag (© Correos de Guatemala)

Het wapen van Guatemala is net zo oud als de vlag en werd ontworpen door de sinds 1854 in Guatemala wonende Zwitserse graveur en kunstenaar Johann-Baptist Frener. Hij mocht niet zo maar wat verzinnen, hij kreeg van generaal president Miguel García Granados officiële aanwijzingen waar het wapen uit diende te bestaan, beschreven in Presidentieel Decreet 33 van 18 november 1871.

guatemala 03 portretten
Links: President Miguel García Granados (1809-1878) (© villegaseditores.com) / Rechts: Johann-Baptist Frener (1821-1892) (© geni.com)

Het curieuze is dat hoewel Frener van alle attributen die er in moesten een fraai geheel maakte, er één wezenlijk onderdeel ontbrak, hoewel het specifiek stond genoemd in het decreet en normaliter een standaard-onderdeel van een wapen is: het schild! Of president Granados het niet opmerkte of dat hij het wel oké vond, vermeldt de historie niet. Feit is dat het ontwerp zonder schild het officiële staatswapen werd en ook als zodanig op de vlag terechtkwam, maar volgens heraldische regels eigenlijk helemaal geen wapen is.

Wapen Guatemala
Wapen van Guatemala (1871-heden)

Het ‘wapen’ toont een quetzal (Pharomachrus mocinno), de nationale vogel van Guatemala, hij symboliseert de vrijheid. Om dit nog duidelijker te maken is de vogel gezeten op een perkamenten rol waarop in gouden kapitalen de tekst LIBERTAD 15 DE SEPTIEMBRE DE 1821 (‘Vrijheid 15 september 1821’), de datum waarop Guatemala onafhankelijk werd van Spanje.

Hierachter twee gekruiste Remington-geweren met bajonet, symbool voor de bereidheid het land met geweld te verdedigen. Daarachter twee gekruiste degens, symbool voor de eer. Dit alles is gevat in een krans van laurierbladeren en -bessen, symbool voor de overwinning.

Het origineel van Fremer zag er overigens minder gestileerd uit dan de huidige versie, maar is in basis sinds 1871 hetzelfde gebleven.

Origineel wapen Guatemala
Het originele ontwerp van Guatemala’s wapen (© aprendre.guatemala.com)

Alaska – Debut American Flag following The Alaska Purchase / Debuut Amerikaanse vlag na The Alaska Purchase (1867)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Alaska is de grootste staat van de Verenigde Staten qua oppervlakte. Om daar ongeveer een idee van te krijgen: voeg Duitsland, Frankrijk, Spanje en de Benelux samen en dan komen we in de buurt. De totale oppervlakte is 1.481.347 km².
Het aantal inwoners echter is slechts 728.903, volgens de laatste gegevens uit 2020.

Kaart van Alaska (© freeworldmaps.net)

Vanaf het derde kwart van de 17e eeuw tot 1867 was Alaska een Russische kolonie onder de naam Russisch Amerika, met als hoofdstad Novo-Arkhangelsk (tegenwoordig Sitka genaamd).

Sitka,tot 1867 Novo Archangelsk, hoofdstad van Russisch Amerika, tekening uit 1869 van Frederick Whymper (1838-1901)

De Russen besteedden nooit veel aandacht aan het immense gebied en koloniseerden het nauwelijks, waardoor het onder leiding van de Russisch-Amerikaanse Maatschappij, nauwelijks winstgevend was. In de jaren ’60 van de 19e eeuw gingen de cijfers van Alaska zelfs in het rood. De Russisch-Amerikaanse Maatschappij liet zijn charter voor het gebied in 1861 verlopen en in de jaren erna werden de geluiden dat Rusland van Alaska afwilde steeds sterker.

Kaart van Russisch Amerika uit “Mitchell’s New General Atlas, containing maps of the various countries of the world, plans of cities, etc.”, published by S. Augustus Mitchell, Jr., 1860 (publiek domein)

Het was de Amerikaanse Minister van Buitenlandse Zaken, William H. Seward, die er in 1864 van vernam. Seward was met zijn grote belangstelling voor de walvisvaart zeer geïnteresseerd en kreeg toestemming onderhandelingen te starten met een persoonlijke vriend van hem, de Russische minister en ambassadeur voor de V.S., baron Eduard von Stoeckl.

Links: William H. Seward (1801-1872) in de jaren ’60 van de 19e eeuw; onbekende fotograaf, restauratie door Adam Cuerden (publiek domein) / Rechts: Eduard von Stoeckl (1804-1892), portret tussen 1855 en 1865, van fotograaf Mathew Brady (1822-1896) (publiek domein)

Von Stoeckl was een groot voorstander van verkoop. Hij was bang dat het Verenigd Koninkrijk vanuit zijn kolonie Canada Alaska zou kunnen veroveren als Rusland met het V.K. in oorlog kwam.
Tevens wilden de Russen zich primair richten op ontginning van grondstoffen in Oost-Siberië.
Ook Stoeckl’s baas, Alexander II, tsaar van Rusland, koning van Polen en groothertog van Finland, was voorstander van verkoop.

Zo begonnen de onderhandelingen. De V.S. dachten eerst aan een aankoopsom van $ 5 miljoen dollar, maar dat vonden de Russen te weinig.

De cheque van $ 7,2 miljoen voor de aankoop van Alaska, gedateerd op 1 augustus 1868 (publiek domein)

Uiteindelijk werd men het op 30 maart 1867 eens over een prijs van $ 7,2 miljoen (zo’n $ 132 miljoen nu) en kon de overeenkomst getekend worden.

“Signing the Alaska Treaty of Cessation” , schilderij van Emanuel Leutze (1816-1868), met de officiële delegaties van de V.S. en Rusland, v.l.n.r.: Robert S. Chew (assistent van Seward en klerk BuZa), William H. Seward, William Hunter (2e assistent van de Minister van BuZa), Waldemar de Bodisco (secretaris van de Russische delegatie), Eduard von Stoeckl, Charles Sumner (voorzitter van de Senate Foreign Relations Committee) en Fred Seward (assistent van de Minister van BuZa en tevens zoon van William H. Seward) (© publiek domein / William H. Seward House, Auburn, New York)

Niet iedereen was blij met de aankoop: de publiek opinie was zeer verdeeld. Tegenstanders noemden aankoop Seward’s Folly (Seward’s Dwaasheid), Walrussia en Polar Bear Garden (IJsbeertuin).

Eerste pagina van de officiële ratificatie van de verkoop van Alaska, gedateerd 20 juni 1867; deze pagina vermeldt de complete titulatuur van Tsaar Alexander II (1818-1881) (National Archives and Records Administration / publiek domein)

De officiële overdracht was een half jaar later, op 18 oktober 1867 in het fort van Sitka, waarbij de Russische vlag gestreken werd en de Amerikaanse gehesen. En dat is vandaag 155 jaar geleden.
In eerste instantie werd Alaska, onder de naam Department of Alaska, bestuurd door militairen, maar vanaf 1884 werd het omgevormd tot het District of Alaska, met aan het hoofd een gouverneur die benoemd werd door de Amerikaanse president.

De eerste paar jaren was er van grote activiteit in de nieuwe aankoop nog geen sprake. Toen er echter in de jaren ’90 van de 19e eeuw goud gevonden werd in Alaska (en in het Canadese Yukon Territory) barstte de Gold Rush (Goudkoorts) los, waardoor duizenden mensen naar het gebied trokken om ook een graantje mee te pikken.

Ongedateerde foto, genomen tijdens de Gold Rush in Alaska, eind 19e/begin 20e eeuw (© publiek domein)

In 1906 werd Juneau de hoofdstad en vanaf 1912 werd Alaska een territorium (officieel een organized incorporated territory of the United States).
Pas op 7 juli 1958 gaf het Amerikaanse Congres toestemming voor toetreding van Alaska als staat binnen de Unie. Op 3 januari 1959 tenslotte, werd Alaska de 49e staat.

De vlag

Vlag van Alaska (1927-heden)

De vlag is blauw met het sterrenbeeld Grote Beer (7 vijfpuntige gele sterren) plus de Poolster (een grotere vijfpuntige gele ster in de top van het uitwaaiende gedeelte).

In 1926 werd door het Alaska Department of the American Legion besloten dat Alaska zijn eigen vlag moest krijgen en organiseerde daartoe een ontwerpwedstrijd, maar dan wel een bijzondere: alleen schoolkinderen uit Alaska tussen de 12 en 18 jaar oud mochten meedoen.

Van de 142 inzendingen werd uiteindelijk het ontwerp van de toen 13-jarige John Bell (Benny) Benson, een weeskind uit Seward, gekozen. Hij verdiende daarmee een schoolbeurs van $ 1.000, een gouden horloge met een inscriptie van zijn vlagontwerp en een trip naar Washington, D.C., om zijn ontwerp te presenteren bij President Calvin Coolidge. Het reisje vond uiteindelijk niet plaats, maar op 2 mei 1927 werd de vlag officieel door het toenmalige territorium Alaska aangenomen.

De originele inzending uit 1926 van Benny Benson (© Alaska State Museum, Juneau)

Wat de symboliek van de vlag betreft: Benny Benson koos voor het blauw als verwijzing naar de kleur van de lucht boven Alaska en tevens voor het veel voorkomende vergeet-me-nietje (vanaf 1949 de ‘staatsbloem’).
Wat de Grote Beer (Ursa Major) betreft: net als in Nederland is dit sterrenbeeld circumpolair, wat wil zeggen dat hij nooit onder de horizon verdwijnt en mits onbewolkt, altijd aan de nachtelijke hemel te zien is.

Het sterrenbeeld Grote Beer (Ursa Major) (publiek domein)

Hoewel de Grote Beer uit veel meer sterren bestaat, zijn alleen de 7 helderste op de vlag vertegenwoordigd: deze sterren zijn ook met het blote oog makkelijk te zien, het gaat om Alioth, Dubhe, Alkaid, Mizar, Merak, Phad en Megrez.
Verder staat de Grote Beer ook symbool voor de in Alaska in groten getale voorkomende beren.

Benny Benson (1913-1972) in 1926, met zijn winnende ontwerp (© Alaska State Library Historical Collection)

De Poolster (Polaris) is als de Grote Beer in het zicht is, altijd makkelijk te vinden. Het is de helderste ster van het sterrenbeeld Kleine Beer (Ursa Minor).
Benny Benson wilde de noordelijke Poolster er graag bij hebben omdat hij er vanuit ging dat Alaska op termijn officieel een staat zou worden, waarmee Alaska dan de noordelijkste staat zou zijn. Dit maakte hij gelukkig nog mee in 1959, toen hij 46 was (hij overleed in 1972).
De vlag werd zonder wijzigingen van territoriumvlag een staatsvlag.

De vlag is altijd populair geweest. Dat bleek ook In 2001, toen de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) onderzocht hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Alaska op een mooie 5e plaats.

Guatemala – Día de la Hispanidad / Dag van de ‘Spaansheid’

Drie vlaggen vandaag. Vlag 2:

De Guatemalteekse feestdag Día de la Hispanidad herinnert aan de ontdekking van Amerika door Columbus, op 12 oktober 1492, waarbij hij op één van de Bahama’s stuitte. Hij was in de veronderstelling dat hij daarmee een westelijke route naar Azië had ontdekt.

Landing van Columbus op Guanahani, Bahama’s (Primer desembarco de Cristobál Colón) (publiek domein)

De dag wordt in vele andere landen gevierd onder verschillende namen. In de Verenigde Staten is het Columbus Day, maar wordt daar gevierd op de tweede maandag in oktober, dit jaar was dat op 11 oktober. In El Salvador en Uruguay heet deze dag de Día de la Raza, in Mexico Descubrimiento de América, in Belize Día de las Américas, in Costa Rica als Dia de la Encuentro de las Culturas en in Argentinië als Día del Respeto a la Diversidad Culturel.

Día de la Hispanidad vlaggenparade: van boven naar beneden en van links naar rechts – rij 1: Bolivia, Chili, Costa Rica, Cuba – rij 2: Ecuador, El Salvador, Spanje, Gibraltar – rij 3: Grenada, Guatemala, Equatoriaal-Guinea, Honduras (de kleuren van de Hondurese vlag zijn inmiddels veranderd van blauw naar turquoise) – rij 4: Nicaragua, Panama, Paraguay, Peru – rij 5: Puerto Rico, Dominicaanse Republiek, Uruguay, Venezuela

Als Vlagblog van alle Latijns-Amerikaanse landen waar de 12e oktober een feestdag is de vlaggen zou willen laten wapperen, zouden we een drukke dag hebben met om de haverklap hijsen en strijken, dus we beperken het vandaag tot de vlaggen van Spanje, Costa Rica en Guatemala.

De vlag

guatemala 01 vlaggen
Vlag van Guatemala, met en zonder wapen

De vlag van Guatemala is een verticale driekleur in hemelsblauw-wit-hemelsblauw, met midden op de witte baan het wapen van Guatemala. De vlag bestaat ook zonder wapen.

De vlag van Guatemala is gebaseerd op die van de ‘superstaat’ die tussen 1823 en 1841 bestond, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten. De vlag van deze staat was op zijn beurt weer gebaseerd op die van Argentinië.

guatemala 01 vlaggen naast elkaar
Vlaggen van Guatemala: 1851-1858 (links) en 1858-1871 (rechts)

Na het opdoeken van de superstaat behield Guatemala wel de horizontale banen en de kleur blauw, maar dan een stuk donkerder. De vlag veranderde aanzienlijk in 1851 en 1858, toen de kleuren rood en geel werden toegevoegd (zie afbeeldingen).
De huidige vlag stamt uit 1871 en kwam vóór 1920 ook in een variant voor.

Guatemala vlag variant
Variant van de Guatemalteekse vlag (1871-1920)

De blauwe banen in de vlag staan voor de twee oceanen waar Guatemala aan grenst, de Atlantische en Stille Oceaan, maar tevens voor de hemelsblauwe lucht boven het land. De witte baan staat voor puurheid en vrede.

Guatemalteekse postzegel uit 1938 met een afbeelding van de vlag (© Correos de Guatemala)

Het wapen van Guatemala is net zo oud als de vlag en werd ontworpen door de sinds 1854 in Guatemala wonende Zwitserse graveur en kunstenaar Johann-Baptist Frener. Hij mocht niet zo maar wat verzinnen, hij kreeg van generaal president Miguel García Granados officiële aanwijzingen waar het wapen uit diende te bestaan, beschreven in Presidentieel Decreet 33 van 18 november 1871.

guatemala 03 portretten
Links: President Miguel García Granados (1809-1878) (© villegaseditores.com) / Rechts: Johann-Baptist Frener (1821-1892) (© geni.com)

Het curieuze is dat hoewel Frener van alle attributen die er in moesten een fraai geheel maakte, er één wezenlijk onderdeel ontbrak, hoewel het specifiek stond genoemd in het decreet en normaliter een standaard-onderdeel van een wapen is: het schild! Of president Granados het niet opmerkte of dat hij het wel oké vond, vermeldt de historie niet. Feit is dat het ontwerp zonder schild het officiële staatswapen werd en ook als zodanig op de vlag terechtkwam, maar volgens heraldische regels eigenlijk helemaal geen wapen is.

Wapen Guatemala
Wapen van Guatemala (1871-heden)

Het ‘wapen’ toont een quetzal (Pharomachrus mocinno), de nationale vogel van Guatemala, hij symboliseert de vrijheid. Om dit nog duidelijker te maken is de vogel gezeten op een perkamenten rol waarop in gouden kapitalen de tekst LIBERTAD 15 DE SEPTIEMBRE DE 1821 (‘Vrijheid 15 september 1821’), de datum waarop Guatemala onafhankelijk werd van Spanje.

Hierachter twee gekruiste Remington-geweren met bajonet, symbool voor de bereidheid het land met geweld te verdedigen. Daarachter twee gekruiste degens, symbool voor de eer. Dit alles is gevat in een krans van laurierbladeren en -bessen, symbool voor de overwinning.

Het origineel van Fremer zag er overigens minder gestileerd uit dan de huidige versie, maar is in basis sinds 1871 hetzelfde gebleven.

Origineel wapen Guatemala
Het originele ontwerp van Guatemala’s wapen (© aprendre.guatemala.com)

Costa Rica – Día de la Encuentro de las Culturas / Dag van de Culturele Ontmoetingen

Drie vlaggen vandaag. Vlag 1:

De Costa Ricaanse Día de la Encuentro de las Culturales herinnert net als de Spaanse Nationale Feestdag aan de ontdekking van Amerika door Columbus, op 12 oktober 1492, waarbij hij op één van de Bahama’s stuitte. Hij was in de veronderstelling dat hij daarmee een westelijke route naar Azië had ontdekt.

Landing van Columbus op Guanahani, Bahama’s (Representación del desembarco de Colón en Guanahani, inspirado en el relato de Bartolomé de las Casas, 1893) (publiek domein)

De dag wordt in vele andere landen gevierd onder verschillende namen. In de Verenigde Staten is het Columbus Day en wordt daar gevierd op de tweede maandag in oktober, dit jaar was dat dus 11 oktober. In El Salvador en Uruguay heet deze dag de Día de la Raza, in Mexico Descubrimiento de América, in Belize Día de las Américas, in Guatemala Día de la Hispanidad en in Argentinië als Día del Respeto a la Diversidad Culturel.

Hedendaagse verbeelding van de culturele ontmoetingen

Als Vlagblog van alle Latijns-Amerikaanse landen waar de 12e oktober een feestdag is de vlaggen zou willen laten wapperen, zouden we een drukke dag hebben met om de haverklap hijsen en strijken, dus we beperken het vandaag tot de vlaggen van Spanje, Costa Rica en Guatemala.

De vlag

Vlag van Costa Rica – met en zonder wapen

De Costa Ricaanse (staats)vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen.
Daarnaast wordt ook de civiele vlag gebruikt, met als enig verschil dat het wapen hierop ontbreekt.

De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.

Vlag Argentinië
Vlag van Argentinië

De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.

Provincias Unidas del Centro America 2
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika

Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.

afgeleiden argentinie 2
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en Paraguay
De vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador

Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.

Het ontwerp van de vlag was van Patricia Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.

Links: Patricia Fernández (1828-1885) (© museocostarica.go.cr) / Rechts: Onder het portret van haar man, de president van Costa Rica, naait Patricia Fernández de eerste Costa Ricaanse vlag, tekening door Manuel de la Cruz González (1909-1986)

Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.

Wapen van Costa Rica

Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien.  Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies).
Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica. 
Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.

De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.

Coming-outdag (1988)

Drie vlaggen vandaag. Vlaggen 2 en 3:

Coming-outdag is in 1988 in de Verenigde Staten begonnen om aandacht te besteden aan openlijk uitkomen van LHBT’ers (lesbienne, homo, biseksueel of transgender) voor het seksuele geaardheid of genderidentiteit: de coming-out.

De datum van 11 oktober werd gekozen vanwege de precies een jaar daarvoor gehouden Second National March on Washington for Lesbian and Gay Rights. (De First March vond plaats op 14 oktober 1979).

In de Second March van 1987 liepen 500.000 mensen mee. Directe aanleiding was een uitspraak van het Federale Hooggerechtshof (Supreme Court) waarin de ‘rechtmatigheid van een verbod op sodomie’ (homoseksuele handelingen) erkend werd.

Links: Jean O’Leary (1948-2005) (© lgbtqnation.com) / Rechts: Rob Eichberg (1945-1995)

Hierna werd besloten er een jaarlijks terugkerend evenement van te maken, een nationale actiedag om het ‘uit de kast komen’ in het zonnetje te zetten. Aanjagers hiervan waren psycholoog Rob Eichberg van de zelfhulpgroep The Experience en Jean O’Leary, directeur van de National Gay Rights Advocates.

Zodoende werd op 11 oktober 1988 de eerste National Coming Out Day gevierd in 18 staten van de VS. Er was direct een enorme media-aandacht en kunstenaar Keith Haring, toen op het toppunt van zijn roem, ontwerp het inmiddels iconische logo.

Het Coming-out Day-logo van Keith Haring (1958-1990) uit 1988

Daarna ging het snel en vanaf 1990 hadden alle 50 staten hun coming-outdag.
Van nationaal werd het al gauw internationaal en inmiddels is het een dag die gevierd wordt door o.a. Nederland, België, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Zwitserland, Polen, Kroatië, Canada en Australië.

In Nederland is het ondertussen een traditie om gemeentelijk op deze dag de regenboogvlag te hijsen. In 2014 deden hier 38 gemeentes aan mee, het jaar daarop waren het er al 80 en in 2016 steeg het aantal naar 144. Op provinciaal niveau gebeurt dit bij 9 van de 12 provincies.

De vlag(gen)

Regenboogvlag (1979-heden)

De internationale regenboogvlag werd in 1978 ontworpen door de Amerikaanse artiest en voorvechter voor homo-rechten Gilbert Baker.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is out-01.png
Gilbert Baker (1951-2017) in 2012 (publiek domein) / Gilbert Baker bij een hele grote versie van de regenboogvlag (© kcur.org)

De eerste versie van de vlag had acht horizontale banen in de kleuren roze-rood-oranje-geel groen-turquoise-indigo-paars, om de diversiteit van de homogemeenschap aan te geven.

Regenboogvlag (1978-1979)

Sommige van deze kleuren waren wat ongebruikelijk bij vlaggenmakers, dus werd het regenboogpalet in 1979 aangepast en teruggebracht naar zes kleuren: rood-oranje-geel-groen-blauw-paars.

En dan zijn we er nog niet: in 2017 werd tijdens Pride Month in Philadelphia een regenboogvlag geïntroduceerd met bovenin twee extra banen: zwart en bruin. De stad wilde hiermee aandacht vragen voor de zwarte homo-gemeenschap en staat nu bekend als de Philadelphia Pridevlag.

Philadelphia Pridevlag (2017)

Een jaar later, in 2018, introduceerde grafisch ontwerper Daniel Quasar nóg een nieuwe versie, waarin hij de kleuren zwart en bruin van de Philadelphia Pridevlag combineerde met het lichtblauw, roze en wit van de Transgendervlag van Monica Helms uit 1999.
De ‘nieuwe’ kleuren verwerkte hij in de standaard regenboogvlag door ze als driehoek aan de broekingszijde toe te voegen.

Links: Daniel Quasar (1990), ontwerper van de Progress Pridevlag / Rechts: Transgendervlag (1999)

Deze vlag staat inmiddels bekend als de Progress Pridevlag en heeft sinds de introductie de wind behoorlijk meegehad, niet in het minst door de vele Black Lives Matter-demonstraties uit 2020 en is inmiddels omarmd door verscheidene homo-organisaties.

Progress Pridevlag (2018)

Daarnaast zijn er natuurlijk talloze regenboogvariaties op nationale en provinciale vlaggen, hieronder een paar voorbeelden:

Links: Regenboogvlag van de Verenigde Staten / Rechts: Regenboogvlag van Brazilië
Links: Regenboogversie van de Union Flag of Union Jack, de vlag van het Verenigd Koninkrijk / Rechts: Regenboogvlag van de provincie Zeeland (ontwerp: Vos Broekema)

Duitsland – Tag der Deutschen Einheit / Dag van de Duitse Eenheid (1990)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 1:

Na een jarenlange scheiding in West-Duitsland en Oost-Duitsland, werden beide landen opnieuw verenigd op 3 oktober 1990. Vandaag viert Duitsland dus z’n 32-jarige jubileum als eenheidsstaat.

3 oktober 1990, een juichende en vlaggenzwaaiende mensenmassa voor het Duitse Parlement, de Reichstag

Het jaar daarvoor was de Berlijnse Muur ‘gevallen’ en was het bestaansrecht van Oost-Duitsland na ‘die Wende’ eigenlijk verdwenen.

De Berlijnse Muur valt, 11 oktober 1989 (foto: Gerard Malie)

De vlag

Vlag van Duitsland (1949-heden)

De kleuren van de Duitse vlag stammen uit de Napoleontische vrijheidstrijd en kwamen voor in uniformen (en sommige vlaggen), zoals die van het Lützower Studentischen Freiwilligenkorps.

Kaart van de Duitse Bond, de federatie van 40 verschillende Duitse staten en staatjes (1815-1866), een ware lappendeken! (© Historischer Weltatlas, 89.Auflage, 1965)

De huidige driekleur in zwart, rood en geel werd officieel door de Duitse Bond ingesteld in 1848.

Links: Vlag van de Duitse Bond tussen 1815 en 1867 / Rechts: Otto von Bismarck (1815-1898), minister-president van Pruisen (1862-1890), bondskanselier van de Noord-Duitse Bond (1867-1871), rijkskanselier van het Duitse Keizerrijk (1871-1890)

In 1867, onder Otto von Bismarck, de bondskanselier van de Noord-Duitse Bond en minister-president van Pruisen, werd de vlag echter al weer verboden. Hij wilde een combinatie van de Pruisische (zwart-wit) en de Brandenburgse (rood-wit) vlaggen en dat werd dus een zwart-wit-rode vlag. Tijdens de Weimarrepubliek werd op 11 augustus 1919 de zwart-rood-gele vlag weer in ere hersteld.

V.l.n.r.: Vlag van Pruisen / Vlag van Brandenburg / Vlag van het Duitse Keizerrijk (1871-1918)

In 1933, toen de nazi’s van de NSDAP aan de macht kwamen, werd de vlag opnieuw afgeschaft en in eerste instantie vervangen door de zwart-wit-rode vlag. De rode partijvlag met het hakenkruis (swastika) werd aangeduid als tweede nationale vlag.

V.l.n.r.: Vlag van het Duitse Rijk (de Weimarrepubliek) (1919-1933) / Vlag van het Duitse Rijk (1933-1935) / Vlag van het Duitse Rijk (1935-1945), ook bekend als hakenkruisvlag of Nazivlag

Op 15 september 1935 werd de hakenkruisvlag uitgeroepen tot officiële Duitse vlag, de zwart-wit-rode vlag werd als ‘te reactionair’ gezien. Hoewel de swastika al sinds 1920 door de NSDAP als symbool werd gebruikt, ook op vlaggen, was het Adolf Hitler die in 1925 de definitieve vlag ontwierp: een zwarte naar rechts wijzende swastika in een witte cirkel op een rood veld, opnieuw de Duitse kleuren zwart-wit-rood dus.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de hakenkruisvlag ook in de bezette gebieden gebruikt en werd ze een gehaat symbool, de representatie voor onderdrukking, angst en terreur.

Duitsland verdeeld in bezettingszones: Frans (blauw), Brits (groen), Amerikaans (oranje) en Russisch (rood). Inzet: Het eveneens in vieren opgedeelde Berlijn

Na de Duitse nederlaag in de Tweede Wereldoorlog werden het land en de hoofdstad Berlijn in vieren verdeeld, in Franse, Britse, Amerikaanse en Russische bezettingszones, waar dus ook de desbetreffende vlaggen werden gebruikt.
Alleen voor gebruik op zee werd er een tijdelijke Duitse scheepsvlag ontworpen. Deze vlag werd ingevoerd op 12 december 1946. De vlag was gelijk aan de internationale seinvlag voor de letter C, maar dan ingehoekt. De keuze was niet zozeer vanwege de C, maar had te maken met de kleuren.
De C-seinvlag is een horizontale vijfkleur in blauw-wit-rood-wit-blauw en bevatte daarmee de nationale kleuren van de vier bezettingsmachten: Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie.

Links: Internationale seinvlag, letter C (ontwerp uit 1855) / Rechts: De Duitse koopvaardijvlag (1946-1950), de zogenaamde C-Doppelstander

Deze ingehoekte versie van seinvlag stond bekend als de C-Doppelstander en was in gebruik tot 14 augustus 1950. Deze koopvaardijvlag mocht door andere schepen niet gegroet worden, er mocht deze vlag dus geen eer worden bewezen.

In augustus 1948 begonnen de voorbereidingen voor nieuwe Duitse symbolen. Na veel discussies werd men het er uiteindelijk over eens dat de Bondsrepubliek Duitsland als opvolger van de Weimarrepubliek (1919-1933) gezien moest worden en dus keerde men terug naar de zwart-rood-gele vlag.
Met de invoering van de nieuwe Duitse Grondwet op 23 mei 1949 werd ook de oude vlag gerehabiliteerd. Dit was tevens de dag dat de westelijke bezettingszones opgingen in de Bondsrepubliek Duitsland (BRD/West-Duitsland).

In de Sovjet-bezettingszone had men zich tijdens het Tweede Volkscongres in 1948 uitgesproken voor terugkeer naar de zwart-wit-rode vlag, die tussen 1867 en 1918 en opnieuw kortstondig tussen 1933 en 1935 in gebruik was als vlag van het Duitse Rijk, maar op voorspraak van Friedrich Ebert Jr., lid van het Centraal Comité van de SED (Sozialistische Einheitspartei Deutschlands), comformeerde het oostelijk deel van Duitsland zich aan de keuze van het grotere westelijke deel van het land. Het enige verschil was dat de kleurspecificaties van het rood en geel iets afweken.
De stichting van de Duitse Democratische Republiek (DDR/Oost-Duitsland) volgde een paar maanden na die van de BRD, op 7 oktober 1949, waarbij het grondgebied geheel samenviel met dat van de Russische bezettingszone.

Een uitzondering was er voor hoofdstad Berlijn, middenin de DDR gelegen, die op zijn beurt in vier bezettingszones was opgedeeld. Hier bleven de bezettingsmachten actief aanwezig. Voor de DDR bleef (Oost)-Berlijn de hoofdstad, de BRD verhuisde zijn regering en overheidsapparaat naar Bonn, in Noordrijn-Westfalen.

Kaart van West- en Oost-Duitsland met daarin de grenzen van de deelstaten

Hamer en passer

Met het verder uit elkaar groeien van West-Duitsland (BRD) en Oost-Duitsland (DDR) nam in de communistische DDR de behoefte aan onderscheiding met de BRD toe. Zodoende werd in 1959 het staatswapen midden op de vlag geplaatst.

De drie versies van het DDR-wapen, v.l.n.r.: 1950-1953, 1953-1955, 1955-1990

Dit wapen werd op 12 januari 1950 ingevoerd en symboliseert de boeren en de arbeidersklasse. Deze eerste versie had slechts een hamer en een ring van rogge-aren.
Op 28 mei 1953 werd een tweede versie geïntroduceerd: de hamer kreeg gezelschap van een passer en de roggering was behoorlijk uitgedijd. De Duitse driekleur werd toegevoegd en rond de onderkant van de rogge gewikkeld.
De derde versie werd ingevoerd op 23 september 1955, waarbij het witte veld achter hamer en passer communistisch rood werd.

Links: Vlag van de DDR (1959-1990) / Rechts: Handelsvlag van de DDR (1959-1973)

Op 1 oktober 1959 werd het embleem vervolgens ‘bevorderd’ en op de vlag geplaatst.
Tegelijkertijd werd er een handelsvlag ingevoerd, waarbij het wapen verkleind in het kanton geplaatst werd. Deze vlag was in gebruik tot 1973.

Maar, en dat is natuurlijk wat er vandaag gevierd wordt, sinds 1990 is men weer samen onder één en dezelfde vlag.
Al in juni 1990, vooruitlopend op de datum van 3 oktober, verdween de DDR-vlag van het toneel en werd ingeruild voor die van de BRD, van een Verenigd Duitsland.
Bonn werd als hoofdstad verlaten en Berlijn werd opnieuw de ongedeelde hoofdstad.

Overig

Tot slot twee varianten van de Duitse vlag: de dienstvlag, in gebruik bij overheid en leger en de marinevlag.

Links: Dienstvlag van Duitsland (1950-heden), in gebruik bij de overheid en het leger / Rechts: Marinevlag van Duitsland (1956-heden)

De dienstvlag uit 1950 heeft het Duitse wapen, een gestileerde zwarte adelaar met rode snavel en klauwen op een geel veld, in de Duitse kleuren dus, midden op de Duitse driekleur.
De marinevlag is identiek aan de dienstvlag, maar dan ingehoekt. Deze vlag werd op 25 mei 1956 ingevoerd.

Tuvalu – Tuvalu Day / Tuvalu-dag (1978)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Tuvalu Day is een interessante naam als je bedenkt dat het twee dagen lang gevierd wordt, zowel 1 als 2 oktober zijn Tuvalu Day! Gewoon een leuke lange dag, zullen we maar zeggen. Vandaag dag 2 dus.

Tuvalu ligt net als veel van zijn collega-archipels zeer afgelegen in de Grote Oceaan of Stille Zuidzee. Het ligt ten zuiden van Kiribati, ten noorden van Fiji en Wallis & Futuna en ten oosten van de Salomonseilanden.

Locatie van de Tuvalu-archipel in de Grote Oceaan (© wherenig.com)
Grenzen van de verschillende eilandstaten in de Grote Oceaan (© Encyclopædia Britannica, Inc., 2010)

De eilanden worden al zo’n 2000 jaar bewoond door Polynesiërs. De eerste ontdekkingsreiziger die de eilanden aandeed was de Spanjaard Álvaro de Mendaña de Neira (ook wel Neyra) in 1568.

Links: Álvaro de Mendaña de Neira (1541-1595), fantasieportret uit Historia de la Marina Real Española, vol.2 door Don José March y Labores, 1854 / Rechts: Kaart van de Ellice Islands (© Encyclopædia Britannica, Inc., 10th edition, circa 1902)

De geschiedenis van Tuvalu (toen nog bekend onder de naam Ellice Islands) valt vanaf de 19e eeuw samen met die van de Gilbert, Phoenix en Line Islands. Zij kwamen stukje bij beetje ‘bij elkaar’. In 1892 kreeg de Britse kapitein Edward Henry Meggs Davis (1846-1929) van de Royal Navy de verschillende stamhoofden van de Gilbert Islands zover dat zij er in toestemden een protectoraat van het Verenigd Koninkrijk te worden, net als de Ellice Islands (Tuvalu dus).
Vanaf 1916 werden de Gilbert and Ellice Islands een kroonkolonie. De Line Islands werden in 1919 aan de kolonie toegevoegd en de Phoenix Islands in 1937.

Een territoriaal dispuut ontstond tussen het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, toen de V.S. meenden aanspraak te kunnen maken op de Phoenix Islands en op de noordelijke Line Islands.
In 1975 werden de onomstreden Britse Gilbert and Ellice Islands gesplitst, waarna de Ellice Islands op 1 oktober 1978 onafhankelijk werden als Tuvalu. De Gilbert Islands volgden dat voorbeeld op 12 juli 1979 onder de naam Kiribati.

De naam die in 1978 werd gekozen voor het land, Tuvalu, betekent zoveel als “groep van 8” en slaat op het aantal bewoonde hoofdeilanden (3 rifeilanden en 5 laagliggende atollen), hoewel er nog een negende eiland is. De verwarring tussen acht en negen komen we zometeen ook bij de vlag tegen!

Kaart van Tuvalu uit 2018 (© Ministère de l’Europe et des Affaires étrangères, direction des Archives)

Naar inwoneraantal gerekend zijn de volgende eilanden onderdeel van de ‘groep van 8’): Funafuti, het hoofdeiland (6.320), Vaitupu (1.061), Nui (610), Niutao (582), Nanumea (512), Nanumanga (491), Nukulaelae (300) en Niulakita (34). Het negende eiland is het atol Nukufetau, wat uit 22 eilandjes bestaat, waarvan alleen Savave bewoond is (597 inwoners). Naast de acht (of negen!) zijn er zijn talloze mini-eilandjes en -atollen.
De totale landoppervlakte is miniem, slechts 26 km2, waarmee Tuvalu de op vier na kleinste staat op de wereld is naar landoppervlakte gerekend. Het eilandenrijk heeft daarentegen wel een exclusieve economische zone van maar liefst 749.790 km2, daar de verschillende eilanden ver uit elkaar liggen.

De combinatie van een heel klein grondgebied en de afgelegen ligging van de archipel zorgt ervoor dat Tuvalu heel weinig bezoekers trekt. Jaarlijks zijn dat er zo’n 2000; slechts 20% van dat getal komt voor rekening van toeristen, 65% voor zakelijke reizigers, technische specialisten of ontwikkelingsdeskundigen, 15% voor expats die op familiebezoek gaan.

Het smalle landoppervlak van hoofdeiland Funafuti (foto: Sean Gallagher)

Een groot probleem voor het laaggelegen land is de klimaatverandering die tot een stijgende zeespiegel leidt, zo’n 5mm per jaar. Tuvalu zit niet stil, het plant meer mangrovebomen aan en zwakke plekken worden versterkt en opgehoogd met zand en koraal.

Links: Deel van Funafuti, bovenin de airstrip van Funafuti International Airport (fotograaf onbekend) / Rechts: Funafuti is vaak niet veel breder dan de weg (foto: Sean Gallagher)

De Tuvalese economie laat sinds 2002 een teruggang zien, van 5,6% per jaar naar 1,5% in 2008 en 0% nu.
Belangrijke inkomsten zijn de ‘verhuur’ van de territoriale wateren voor visvangst en het gebruik van de internetdomeinnaam .tv, die natuurlijk perfect is voor bijvoorbeeld tv-zenders. Inkomsten zijn er ook door de verhuur aan het buitenland van premium-rate telefoonnummers (vergelijkbaar met het Nederlandse 0900 bijvoorbeeld).

Twee postzegels uit 1978, links Funafuti, rechts Vaitupu

Ook de verkoop van postzegels aan verzamelaars is belangrijk en tevens het gebruik van de Tuvalese vlag op buitenlandse schepen. Dit laatste is niet geheel zonder risico, zoals bleek in 2012 toen Iraanse schepen omvlagden naar de vlag van Tuvalu, na het instellen van een Europese economische boycot tegen Iran.
Om niet verder betrokken te raken in een politiek wespennest werden de Iraanse schepen op 16 augustus 2012 door Tuvalu weer gederegistreerd.

De vlag

Vlag van Tuvalu (1978-1995 en 1997-heden)

De vlag van Tuvalu is een hemelsblauwe Britse blue ensign met 9 gele vijfpuntige sterren aan de vluchtzijde.
Tuvalu is weliswaar zelfstandig, maar wel lid van het Britse Gemenebest en koningin Elizabeth II is dan ook officieel het staatshoofd. Net als bij veel andere landen verklaart dat de aanwezigheid van de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton.
Premier van Tuvalu is sinds 19 september 2019 Kausea Natano (1957).

Links: Vlag van Fiji (1970-heden) / Rechts: Vlag van Niue (1975-heden)

Dan de kleur: een normale blue ensign is donkerblauw en zeker niet de kleur die we op de vlag van Tuvalu aantreffen! Wat dat betreft volgde Tuvalu het voorbeeld van z’n zuidelijke buurland Fiji, waar in 1970 een al even hemelsblauwe blue ensign werd geïntroduceerd.
Nog gekker maakte het zuidoostelijker gelegen Niue het, door in 1975 met een nog niet eerder vertoonde yellow ensign op de proppen te komen!

Plaatsing van de negen eilanden van Tuvalu op de vlag, geografisch correct, waarbij het noorden zich in het westen bevindt

De negen sterren op de vlag symboliseren de negen eilanden, die ook nog eens geografisch gegroepeerd zijn.

Vlaggentijdlijn

Voor een klein land als Tuvalu heeft het al een indrukwekkend aantal vlaggen versleten.
Zoals eerder vermeld stond Tuvalu vroeger bekend onder de naam Ellice Islands en noorderbuur Kiribati onder de naam Gilbert Islands. Samen vormden ze de Britse kroonkolonie Gilbert and Ellice Islands. Tot de onafhankelijkheid van de Ellice Islands/Tuvalu in 1975, hadden de eilanden een gezamenlijke vlag, een Britse blue ensign met het wapen als badge op het uitwaaiende gedeelte. Toen de Gilbert Islands in 1979 onafhankelijk werden onder de naam Kiribati, nam dit land het wapen van de oude vlag over, rekte het uit en vulde de complete vlag ermee.

V.l.n.r.: Vlag van de Gilbert & Ellice Islands (1937-1975/1979) / Vlag van Kiribati (1979-heden) / Vlag van de Ellice Islands (1976-1978)

Na de splitsing van de Gilbert Islands in 1975 had Tuvalu in zijn laatste paar jaar als de Ellice Islands (1976-1978) korte tijd een eigen ‘klassieke’ Britse blue ensign met zijn eigen wapen als badge. Dit wapen heeft een gouden schild, waarop mosselen en bananenplantbladeren. In het midden van het schild een traditioneel ontmoetingshuis, een maneapa. Hieronder acht gestileerde golven in goud en blauw.
Onder het schild op een gouden banderol de tekst Tuvalu mo te Atua (Tuvalu voor de Almachtige). We zien dus dat de naam Tuvalu toen al opdook, nog voor het land onder die naam in 1978 onafhankelijk werd.

Links: Vlag van Tuvalu met 8 sterren (oktober 1995-december 1995) / Rechts: Vlag van Tuvalu (1 januari 1996-11 april 1997)

Op 1 oktober 1978 werd de huidige vlag ingevoerd, mét de 9 sterren. Omdat het aantal sterren (9) niet overeenkwam met de naam van het land (‘groep van 8’) meende men in oktober 1995 dat het een goed idee zou zijn één ster te laten vallen, maar reeds twee maanden later kwam men hierop terug en werd er een geheel nieuwe vlag ingevoerd!
Deze vlag had horizontale banen in donkerrood, wit en blauw met het wapen ingehoekt aan de broeking en opnieuw de 8 sterren, nu in wit. Deze vlag bleek onmiddellijk impopulair en was maar korte tijd in gebruik tussen 1 januari 1996 en 11 april 1997.
Vanaf die datum werd de oorspronkelijke vlag uit 1978 weer ingevoerd, dus opnieuw met 9 sterren, ondanks de naam van het land.

Het parlementsgebouw van Tuvalu in Funafuti (foto 2018, fotograaf onbekend)

Guam – Organic Act 1950 / Organieke Wet 1950

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Op 7 september 1950 ging het eiland Guam, van 1898 af onder controle van het Amerikaanse Ministerie van Marine, over naar een burgerlijk bestuur, middels Executive Order no. 10077, ook wel bekend onder de naam Organic Act 1950.
Guam is het grootste en zuidelijkste eiland van de Noordelijke Marianen, in de Stille Oceaan.

Guam map
Kaart en locatie van Guam (© infoplease.com / Magellan Geographics)

Het is ruim 541 vierkante km groot en telt volgens de laatste telling uit 2016 ruim 162.742 inwoners.
Anderson Air Force Base is een belangrijke Amerikaanse militaire basis in dit gebied.

De vlag

Guam vlag
Vlag van Guam (1917-heden)

De vlag van Guam werd ingevoerd op 4 juli 1917, toen Guam inmiddels 19 jaar een Amerikaans territorium was, maar wapperde voor het eerst op 6 juli.  Officieel werd hij echter pas aangenomen op 9 februari 1948. Het ontwerp zou van Helen Longyear Paul zijn, de vrouw van de Amerikaanse marine-officier Carrol E. Paul. ‘Zou zijn’, want het is niet geheel zeker dat zij de ontwerpster was. De lokale bevolking gaat ervan uit dat de werkelijke ontwerper Francisco Feja Feja was.

Francisco Feja Feja
Francisco Feja Feja (± 1896-1985) (© guampdn.com)

Volgens deze versie verhuisde Feja in 1910 van Humåtak to Hagåtña (Agana in het Engels), de hoofdstad van Guam, waar mevrouw Paul als lerares werkte. Zijn artistieke talent was snel bekend bij de scholen in de hoofdstad en hij en Helen Paul leerden elkaar kennen. Zijn ontwerp van het embleem wat nu op de vlag staat, kwam bij haar terecht. Hoe dit zo kwam en hoe mevrouw Paul uiteindelijk met ‘de eer’ ging strijken, vertelt het verhaal niet.

Guam vlag blueprint
De blauwdruk uit 1917 voor de vlag van Guam (© guampdn.com)

In een andere versie van dit verhaal zou de oorspronkelijke schets van Feja weliswaar in handen zijn gekomen van Helen Paul. maar was het haar collega Lillian A. Nagel, een economielerares, die van de schets een vlag creëerde.
We zullen er waarschijnlijk nooit achter komen hoe het nou precies zat. Feit is dat gouverneur Roy C. Smith het vlagontwerp goedkeurde.

De vlag is donkerblauw en rood omrand. In het midden is het wapen van Guam geplaatst. Het heeft een rechtopstaande amandel-vorm. Wat de rode rand betreft: daar zijn ook verschillende berichten over: de ene bron vermeldt dat die rand pas in 1960 werd toegevoegd, maar waarschijnlijker is dat dat op 9 februari 1948 gebeurde in Civil Regulations Chapter VI-A. De tekst luidt:

The official territorial flag of Guam shall consist of a rectangular field of marine blue seventy-eight inches long and forty inches wide, trimmed on all sides with a border of deep red two inches in width and having in its center the Guam Coat of Arms (a two-pointed oval scene twenty-four inches high and sixteen inches wide, which portrays an ancient flying proa (canoe) about to make a landing on the beach near a lone palm tree). The colors of the Guam Coat of Arms shall be as follows: yellow which represents the sand; brown, the tree trunk and canoe; gray, the distant flat-topped mountain; red, the letters GUAM emblazoned across the Coat of Arms. Any deviation from the dimensions as stated herein shall be increased or decreased proportionately.

guam 01 boten
Links: Een proa / Rechts: Agaña Bay (© tripadvisor.co.uk)

Het wapen toont een zogenaamde proa, een Micronesische zeilboot, varend in Agaña Bay. Op de voorgrond een strand met een palmboom. Net rechts van de proa is nog een landmassa te zien, het Punta Dos Amantes-klif. In rode letters boven de horizon staat GUAM te lezen.

Wapen Guam
Wapen van Guam

Hoewel het dus al sinds 1917 op de vlag stond, is het wapen als los embleem voor Guam in 1946 goedgekeurd door vice-admiraal Charles Alan Pownall, de gouverneur van Guam tussen 1946 en 1949.

Hawaii – Ka Hae Hawaii Day / Hawaiiaanse Vlagdag (1990)

31 juli is de Ka Hae Hawaii Day, oftewel de Hawaiiaanse Vlagdag. De dag werd in 1990 in het leven geroepen door de toenmalige gouverneur John Waihe’e en is sindsdien ieder jaar gevierd.

hawaii koningen
Koninklijke standbeelden in Honolulu, v.l.n.r.: Koning Kamehameha I (± 1758-1819) uit 1883 door Thomas R. Gould (© encirclephotos.com) / Koning Kamehameha III (1814-1854) uit 2018 door Thomas Jay Warren (© blogspot.com) / Koningin Lili’uokalani (1838-1917) uit 1983 door Marianna Pineda (©123rf.com)

Ongetwijfeld niet geheel toevallig is deze dag ook een feestdag voor de Hawaiiaanse royalisten, die er naar streven het in 1893 terzijde geschoven koningshuis weer in ere te herstellen. Deze dag heeft als naam Lā Ho’iho’i Ea, wat zoveel betekent als Soevereiniteitsherstel-dag. Drie jaar geleden werd op deze dag in het stadspark Thomas Square in Honolulu een metershoog standbeeld onthuld van koning Kamehameha III.

De vlag

Vlag van Hawaii (1816-heden)

De vlag van Hawaii is een beetje een vreemde. Mensen die hem nooit eerder gezien hebben kunnen zich niet voorstellen dat dát de Hawaiiaanse vlag is. Het doek vertoont acht gelijke horizontale banen: wit, rood, blauw, wit, rood, blauw, wit en rood. Het gekke zit ‘m in de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton.

Er was echter de nodige Britse aanwezigheid geweest in de Stille Oceaan, te beginnen met de reizen van kapitein James Cook, die de Hawaii-eilanden in 1778 ‘ontdekte’. Hij noemde ze overigens de Sandwich Eilanden. Cook’s Britse opvolger George Vancouver deed de eilanden eind 18e eeuw ook aan.

hawaii portretten
James Cook (1728-1779), schilderij uit ca. 1775 door Nathaniel Dance-Holland (1735-1811) (National Maritime Museum, Greenwich) / George Vancouver (1757-1798) door een onbekende schilder (National Portrait Gallery, Londen)

Volgens de overlevering zou hij koning Kamehameha I een Britse vlag hebben gegeven en wel een red ensign, de Britse zeevlag.

Red ensign
Red ensign

Dit als teken van vriendschap met koning George III. De vlag werd vervolgens enthousiast uitgehangen van verschillende belangrijke gebouwen. Toen de koning duidelijk werd gemaakt dat dit gezien kon worden als een te pro-Britse houding, besloot hij een Amerikaanse vlag vanuit zijn huis te laten wapperen. Dit op zijn beurt leidde weer tot protesten van Britse hoogwaardigheidsbekleders aan het hof van Kamehameha. Kennelijk had hij er daarna genoeg van, want de vlag die vervolgens in 1816 uit de bus rolde, was een soort van samensmelting van beide vlaggen.

Kaart van de Hawaii-eilanden (© U.S. Geological Survey)

De acht strepen staan voor de verschillende eilanden: Hawai’i, O’ahu, Kuau’i, Kaho’olawe, Lana’i, Maui, Moloka’i en Ni’ihau. Er is ook ooit een versie geweest met negen strepen (voor het mini-eiland Nihoa) en een met zeven strepen (waarbij een van de ‘onbelangrijkere’ eilanden niet gerepresenteerd werd, óf Kaho’olawe óf Ni’ihau).