
De Franse nationale feestdag. Voor een uitleg over deze dag en de Franse driekleur: zie de post van 14 juli 2014
Tagarchief: Frankrijk
Saint-Pierre et Miquelon

Meer over deze Franse eilandengroep en de vlag: zie de post van 15 juni 2015
Guadeloupe – L’abolition de l’esclavage (1848)

Een belangrijke feestdag in het Franse overzeese departement Guadeloupe, in de Cariben, is de 27e mei: herdenking van de afschaffing van de slavernij in 1848. Het curieuze is dat de slavernij op het eiland twee keer is afgeschaft!
Slaven
Guadeloupe werd door Frankrijk geannexeerd in 1635 om er tabaksplantages op te zetten. Het grootste deel van de inheemse bevolking werd tussen 1636 en 1639 door de Fransen over de kling gejaagd. In 1654 was 80% van de bevolking van Europese origine, waarvan tweederde contractarbeiders. Dit getal zou in de tweede helft van de 17e eeuw drastisch veranderen met de ‘import’ van Afrikaanse slaven, nadat vanaf 1674 suikerrietplantages van start gingen. In 1671, drie jaar daarvóór dus, telde Guadeloupe 4.267 slaven, in 1700 waren dat er naar schatting 15.000.
In de chaos van de Franse Revolutie (1789-1799) schafte de gouverneur van Guadeloupe, Victor Hugues, de slavernij af. Onder Napoleon werd de slavernij echter opnieuw ingevoerd in 1802. Napoleon moest uiteindelijk het onderspit delven, maar de slavernij bleef. Het is mede aan de inspanningen van de Fransman Victor Schœlcher te danken dat er een draagvlak kwam voor afschaffing van de slavernij.
Politicus
Hoewel erfgenaam (en later eigenaar) van een grote porseleinfabriek, was Schœlcher vooral journalist. In 1834 richtte hij een vereniging op tot afschaffing van de slavernij en publiceerde om de haverklap artikelen over het onderwerp tussen 1833 en 1847. In plaats van slavernij moesten er grote centrale fabrieken op Guadeloupe (en de andere Franse kolonies in de Cariben) komen, met werknemers. Zijn werk werd zodanig politiek, dat hij uiteindelijk ook politicus werd: in 1848 werd hij staatssecretaris van de marine.
Onder zijn invloed (en na jarenlang lobbyen) nam de Franse regering in datzelfde jaar, op 27 april, de beslissing om de slavernij in de kolonies definitief af te schaffen. Het decreet werd door Schœlcher zelf geschreven. De implementatie was uiteindelijk één maand later, op 27 mei 1848. Om het tekort aan arbeidskrachten op te vullen werden er contractarbeiders uit India aangetrokken.
De feestdag wordt uitbundig en uitgebreid gevierd op het eiland.
De vlag

Ontwerp 1 en 2 zijn aan elkaar gelijk, de ene is echter zwart en de andere rood. Aan de mast van Vlagblog hangt de zwarte versie. De bovenkant van de vlag toont een donkerblauwe horizontale balk, die 1/3 van de vlag inneemt. Op de balk staan drie gele fleur-de-lys (Franse lelie), vanwege de band met Frankrijk. De rest van het veld is zwart (op variant 2 is dat helderrood). Vrijwel over het gehele zwarte (dan wel rode) veld is een suikerrietstengel in groen afgebeeld. Daaroverheen is een gele zon geplaatst, met 30 uitstekende zonnestralen.

De vlag is een samenkomst van twee (of eigenlijk drie) wapens. Het wapen van de grootste stad van Guadeloupe, Point-à-Pitre, is gelijk aan de vlag, maar dan wel aan de rode versie (de hoofdstad Basse-Terre heeft hetzelfde wapen, maar dan zonder het suikerriet). De kleur zwart komt van het wapen van Guadeloupe als eiland: identiek aan dat van Point-à-Pitre, maar in het zwart dus (en de zon heeft slechts 16 stralen).

Vlaggen 3 en 4
Nog meer vlaggen? Jawel, er bestaat ook een logo-vlag voor de regio Guadeloupe (het hoofdeiland plus drie kleine eilandjes). Het is een witte vlag, met daarop een gestileerde zon en een vogel, geplaatst over een vierkant in blauw en groen. Eronder de tekst Région Guadeloupe in kapitalen en daaronder een gele streep. Wellicht een klein terzijde: je kunt vexillologen (vlaggenkenners/specialisten) geen grotere gruwel aandoen dan een logo-vlag! Ze worden algemeen tot de lelijkste vlaggen ter wereld gerekend!

Vlag 4 tot slot: dit betreft een vlagontwerp, cq voorstel, door de afscheidingsbeweging van Guadeloupe, de UPLG (l’Union Populaire pour la Libération de la Guadeloupe). Dit ontwerp is vrijwel gelijk aan de vlag van Suriname. De groene balken zijn wat smaller, de rode balk breder en de gele ster is naar de mastzijde opgeschoven.
Argentinië – Revolución de mayo (1810)

De nationale feestdag van Argentinië herinnert aan de gebeurtenissen van mei 1810 die nu bekend staan als de Meirevolutie (Revolución de mayo).
In 1810 was het gebied wat nu bekend staat als Argentinië, onderdeel van een groter gebied onder de naam Virreinato del Río de la Plata (Onderkoninkrijk van de Río de la Plata) en daarmee deel van het Spaanse koloniale rijk. Het gebied omvatte de tegenwoordige landen Argentinië, Uruguay, Paraguay, Bolivia en delen van Chili en Brazilië. De Argentijnse hoofdstad Buenos Aires was de hoofdstad van het gebied.
Junta
Aanleiding voor de ‘revolutie’ van 1810 waren gebeurtenissen in Europa. In 1808 abdiceerde de Spaanse koning Ferdinand VII ten gunste van Napoleon, die vervolgens zijn broer Joseph Bonaparte op de Spaanse troon zette. Verzet tegen de Franse bezetting leidde tot het vormen van de zogenaamde Junta Suprema Nacional, een revolutionaire regering, die de strijd aanging met de Franse bezetter. De strijd verliep in eerste instantie ongunstig: de hele noordelijke helft van Spanje werd door Napoleon’s troepen bezet. Op 1 februari 1810 werd Sevilla ingenomen en daarmee een groot deel van Andalusië. De junta trok zich terug in het uiterste zuiden, in Cádiz en hief zichzelf op, om opgevolgd te worden door de Cosejo de Regencia de España e Indias (Raad van Regentschap van Spanje en Indië).
Onrust
Het nieuws van deze gebeurtenissen bereikte Buenos Aires op 18 mei via zojuist aangekomen Britse schepen. De verhalen uit het moederland waren verontrustend, maar de Spaanse onderkoning van de Zuid-Amerikaanse kolonie, Baltasar Hidalgo de Cisneros, probeerde de status quo te handhaven. Echter, een groep van de lokale Argentijnse bovenlaag, waaronder advocaten en militairen, weigerden het nieuwe regime van de junta als wettig te erkennen. Aangezien Cisneros was aangesteld door een niet meer bestaande Spaanse macht, hielden zij het onderkoninkrijk voor beëindigd. Het gezelschap stelde een eigen junta in, die in plaats van de onderkoning zou regeren. Om echter continuïteit te waarborgen, werd besloten ex-onderkoning Cisneros als president van de junta aan te stellen. Dit veroorzaakte echter alleen maar onrust in het land, waardoor Cisneros op 25 mei 1810 gedwongen werd tot aftreden, en dit keer definitief. (En daarmee hebben we de datum van deze feestdag te pakken).
Oorlog
De nieuw gevormde regering, de Primera Junta, bestond echter alleen uit vertegenwoordigers uit Buenos Aires. Daarop werd besloten ook delegaties uit te nodigen uit andere grote steden uit het Onderkoninkrijk van de Río de la Plata. Omdat er binnenin het koloniale rijk heel verschillend over werd gedacht, waren sommigen het eens met de nieuw uitgezette koers vanuit Buenos Aires, maar anderen absoluut niet. Dit leidde als nel tot de Argentijnse Onafhankelijkheidsoorlog (1810-1818) en uiteindelijk tot meerdere onafhankelijkheidsoorlogen van andere delen van het voormalige onderkoninkrijk, tot aan 1833 toe. Maar dat voert in dit bestek te ver.
Na de val van Napoleon keerde ex-koning Ferdinand VII terug op de troon voor een tweede termijn (1813-1833).
De vlag
De Argentijnse vlag is een horizontale driekleur in hemelsblauw, wit en hemelsblauw. Middenin de witte baan is de zogenaamde sol de mayo afgebeeld, een zon met een gezichtje in geel (of goud), omringd door 32 stralen, eindigend in punten.
Het zal niet verbazen dat de oorsprong van de vlag terug te voeren is op de gebeurtenissen voortvloeiend uit 1810. Op 25 mei dat jaar, na het aftreden van Cisneros (zie hierboven), werden op het marktplein in Buenos Aires blauw-witte kokardes uitgedeeld. Op deze bewuste middag was het in eerste instantie bewolkt, toen het echter plotseling opklaarde en de zon tevoorschijn kwam, werd dat als symbolisch gezien. Vanaf die tijd geldt de sol de mayo (meizon) als het nationale symbool van Argentinië.
In de daarop volgende onafhankelijkheidsstrijd voerde de succesvolle Argentijnse generaal Manuel Belgrano zijn troepen aan met vlaggen in blauw-wit-blauw, die teruggrepen op de gebeurtenissen van 25 mei 1810. In eerste instantie was het dus een oorlogsvlag. Op 25 juli 1816 werd door het toenmalige collectief van volksvertegenwoordigers, het Congres van Tucumán, de vlag uitgeroepen tot nationale vlag. Op 25 februari 1818 wordt dit nog eens bevestigd door het congres (inmiddels gevestigd in Buenos Aires). Tevens wordt op die dag de sol de mayo toegevoegd.
In de 19e eeuw was de kleur blauw overigens in het algemeen donkerder. Pas vanaf 1861 is het uitsluitend hemelsblauw. De kleuren van de vlag worden tegenwoordig ook symbolisch uitgelegd: het blauw voor zowel de hemel als de oceaan en het wit voor de besneeuwde toppen van het Andes-gebergte.
Andere landen
Tot slot: de Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten. De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen. Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.
Frankrijk – Quatorze juillet
De vlag wappert vanwege de nationale feestdag.
Saint-Pierre et Miquelon
Saint-Pierre et Miquelon is de verzamelnaam voor een groep van acht eilanden voor de kust van het Canadese Newfoundland. Het is een Frans overzees gebiedsdeel, het enige wat rest van de ooit omvangrijke bezittingen van Frankrijk in Noord-Amerika. Het grootste eiland is Miquelon, wat met een landengte is verbonden met het onbewoonde Langlade. Miquelon had in 2011 624 inwoners. Saint-Pierre hoewel kleiner, is het hoofdeiland met de gelijknamige hoofdstad, 5.888 inwoners in hetzelfde jaar.
De eilanden werden ‘ontdekt’ op 21 oktober 1520 door de Portugese zeevaarder João Álvares Fagundes. Zestien jaar later, op 15 juni 1536 claimt de Franse ontdekkingsreiziger Jacques Cartier, zeilend op de Grande Hermine, de eilanden voor de Franse koning François I. Vanaf 1604 vestigen zich vissers uit Normandië, Bretagne en Baskenland op de eilanden. In 1713 lijft het Verenigd Koninkrijk de eilanden in en voegt ze bij Nova Scotia, maar na het einde van de Zevenjarige Oorlog, in 1763, worden de eilanden opnieuw Frans.
Heden ten dage vormt de visserij nog steeds de belangrijkste vorm van inkomsten voor deze kleine gemeenschap.
De vlag
De vlag is nooit officieel vastgesteld en strict genomen is de Franse vlag de officiële vlag. Dat weerhield de eilandbewoners er natuurlijk niet van een eigen vlag te ontwerpen.
De indeling is interessant, want de vlag vertoont drie kantons aan de vluchtzijde, onder elkaar. De kantons bestaan uit drie vlaggen. Het zijn van boven naar beneden de vlaggen van Baskenland, Bretagne en Normandië. Het grootste gedeelte van de vlag wordt ingenomen door een schip in geel (of goud) op een blauw veld, varend richting de mastzijde, met golven eronder. Dit schip is de Grande Hermine, het schip van Jacques Cartier.
De vlag is gebaseerd op het wapen van de eilanden, waarbij de drie kantons boven de voorstelling met het schip geplaatst zijn en dat rond 1933 ingevoerd is.
Griekenland – Onafhankelijkheidsdag (Εικοστή Πέμπτη Μαρτιου) + Annunciatie (Ευαγγελισμός της Θεοτόκου)
Veel heeft Griekenland de laatste tijd niet te vieren, maar toch is het weer 25 maart, de dag waarop de Grieken eigenlijk twee dagen in één vieren. De 25e maart refereert aan de start van de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog in 1821. Op die dag hees bisschop Germanos van Patras een revolutionaire vlag op het klooster van Agia Lavra. Het betekende het begin van een lange strijd tegen het Ottomaanse (Turkse) Rijk.
De strijd verliep in eerste instantie niet ongunstig voor de Grieken, in 1822 werd Athene ingenomen, maar de Turken lieten zich niet zomaar verdrijven en in 1827 hadden ze Athene heroverd, evenals de meeste Griekse eilanden. De Griekse vrijheidsstrijd kon echter op sympathie rekenen van Groot-Brittannië, Frankrijk en Rusland en toen deze landen zich ook met de strijd gingen bemoeien was het relatief snel bekeken en moest het Ottomaanse Rijk zijn nederlaag erkennen. In het Verdrag van Adrianopel (ook wel het Verdrag van Edirne genoemd) van 14 september 1829 werd Griekenland officieel een soevereine staat.
De tweede aanleiding voor een feestdag is een religieuze: vandaag is het Annunciatie, de dag waarop aartsengel Gabriël aan Maria verscheen en haar vertelde dat zij de Zoon van God zou baren. Negen maanden er bij op tellen en we zitten aan Eerste Kerstdag, de geboorte van Jezus Christus.
De vlag
De vlag heeft in een kanton een wit kruis op een blauw vlak. De rest van het veld wordt ingenomen door vijf blauwe en vier witte horizontale strepen, om en om. Op 15 maart 1822 werd deze vlag ingevoerd, maar was toen alleen nog maar te zien op schepen.
Als nationale vlag is hij ingevoerd in 1833. Het kruis in de vlag herinnert aan het christelijke geloof, de kleuren gaan terug op de eerste Griekse koning Otto I. De strepen worden op verschillende manieren uitgelegd. Ze staan voor de lucht en de zee (blauw) en de rechtvaardigheid van de vrijheidsstrijd (wit). Dat er negen stepen zijn verwijst naar de vrijheidsleus van toen, Vrijheid of dood, die in het Grieks negen lettergrepen heeft. Het duidt ook op de negen jaar die de vrijheidsstrijd duurde. Als laatste link zou Achilles negen strepen op zijn schild gehad hebben.

Straatsburg – Slag bij Hausbergen, 1262
Straatsburg was in de Middeleeuwen een belangrijke handelsstad en werd geregeerd door een bisschop. Op 8 maart 1262 echter behaalden de burgers van de stad in de Slag bij Hausbergen een overwinning op de toen regerende bisschop Walter von Geroldseck. Straatsburg werd daarmee een onafhankelijke stad, een zogenaamde vrije rijksstad onder gezag van de Duitse keizer.
De vlag
Strikt genomen is de vlag die vandaag wappert niet de officiële, maar een officieuze. De officiële vlag bestaat uit een wit vlak met een rode diagonale dwarsbalk van de bovenkant van de broekingszijde naar de onderkant van de vlucht. Het wapen van Straatsburg heeft dezelfde afbeelding. Het is het wapen van de bisschop van Straatsburg (en nu dus ook dat van de stad).
Het stadswapen kent een zogenaamde ‘grote’ versie, waarbij het schild gekroond is (voorheen was dit een gevleugelde ridderhelm) en er twee heraldische leeuwen als schildhouders aan zijn toegevoegd. Op oude afbeeldingen van het wapen was tevens de oude Romeinse naam voor Straatsburg onder het schild geplaatst: Argentoratum.
De ‘grote’ versie is op de officieuze vlag afgebeeld op een blauw vlak. Straatsburg is inmiddels al jaren Frans en de Franse naam van de vaak van nationaliteit veranderde stad staat eronder: Strasbourg.
Andorra – Festa nacional
Op 8 september 1275 werd het Verdrag van de co-vorsten gesloten, waarbij de soevereiniteit van Andorra in handen kwam van twee co-prinsen, de koning van Frankrijk en de bisschop van La Seu d’Urgell (een Spaans plaatsje net ten zuiden van Andorra).
Die situatie bestaat heden ten dage nog, Andorra is in naam nog steeds een co-vorstendom, met als staatshoofden president Hollande van Frankrijk (bij gebrek aan Franse koningen) en de huidige bisschop van La Seu d’Urgell, Joan Enric Vives i Sicília.
Andorra heeft een oppervlakte van 468 vierkante km en zo’n 86.000 inwoners.
De vlag
De vlag bestaat uit 3 verticale banen: blauw, geel en rood, met het staatswapen in het midden van de gele baan. Het blauw werd er in 1866/67 aan toegevoegd en toont de verbintenis met Frankrijk wat duidelijker dan vóór die tijd.
Vanaf 1806 had de Andorrese vlag twee banen in geel en rood, afkomstig van de graven van Foix (Frankrijk) én van de bisschop van La Seu d’Urgell (Catalonië/Spanje).
Het wapen is in vieren gedeeld: 1e kwartier: mijter en staf van de bisschop van La Seu d’Urgell, 2e kwartier: drie rode balken op een gouden achtergrond staan voor de graven van Foix, 3e kwartier: vier rode balken op een gouden achtergrond, afkomstig uit het wapen van Catalonië, 4e kwartier: twee koeien, uit het wapen van de graven van Béarn.
De wapenspreuk onder het schild luidt: Virtus unit fortior en beduidt zoveel als ‘Eendracht maakt macht’.

Bevrijding van Parijs
Strikt genomen kun je de bevrijding van Parijs tijdens de Tweede Wereldoorlog niet op één dag vieren, officieel wordt de periode van 19-25 augustus 1944 als ‘bevrijding’ gezien, vanwege de opeenvolging van gebeurtenissen.
Sinds de geallieerde landingen op 6 juni (D-day) in Normandië was er een gestage opmars ten nadele van de Duitse bezetter. Tussen 15 en 18 augustus braken er in Parijs verschillende stakingen uit, bij de metro, de politie en de posterijen. Op de 18e werden de stakingen algemeen en werd het stadhuis bezet.
Vanaf de 19e vonden er steeds meer schermutselingen plaats, die op de 22e hun hoogtepunt bereikten. Bemiddeling door de Zweedse consul in Parijs tussen de verschillende verzetsgroepen en de Duitse bezettingsmacht mocht niet baten.
Vlak hierna trok generaal Philippe Leclerc met zijn Tweede Franse Pantserdivisie de stad binnen, op 25 augustus gevolgd door generaal Charles de Gaulle, de bevelhebber van de Franse strijdkrachten. Luitenant-generaal Dietrich van Choltitz, de bevelhebber van Parijs, gaf zich op die dag over. Op 26 augustus werd er een overwinningsparade gehouden op de Champs-Élysées.
Vlag
De vlag van Parijs bestaat zowel met als zonder wapen. De wapenloze versie bestaat uit twee verticale banen blauw en rood, afkomstig van Saint Martin de Tours (Sint Maarten) en Saint Denis de Paris (Sint Denijs), dezelfde kleuren die we, tesamen met het wit, ook in de Franse vlag tegenkomen.
De tweede versie heeft het wapen van Parijs midden op de vlag en toont een schip: het staat voor de Parijse handel en is afkomstig van het plaatselijke schippersgilde. Het schildhoofd toont gouden fleur-de-lys tegen een blauwe achtergrond, akomstig van de Franse koningen.
De wapenspreuk (niet op de vlag afgebeeld) luidt Fluctat nec margitur (Het schommelt op de golven, maar gaat niet onder).


