Pitcairn, in de Stille Oceaan, is het enige bewoonde eiland van de vijf Pitcairneilanden. De andere eilanden zijn Henderson, Ducie, Oeno en Sandy. De laatste twee zijn de boven de zeespiegel uitstekende delen van een en hetzelfde atol.
Ondanks dat Pitcairn maar 5 km² groot is, geniet het toch een behoorlijke bekendheid, omdat de bewoners afstammen van de muiters van de HMAV Bounty. De muiterij op de Bounty vond plaats op 25 april 1789 na Tahiti te hebben aangedaan. Negentien man, waaronder de van tirannie beschuldigd kapitein Bligh werden midden op de oceaan overboord gezet in een sloep. De muiters keerden terug naar Tahiti.
De muiterij op een postzegel uit 2014
Dankzij het zeemanschap van Bligh bereikte de sloep met de bemanning meer dood dan levend op 14 juni de Nederlandse kolonie Timor. Via Batavia (nu Jakarta) reisde Bligh vervolgens terug naar het Verenigd Koninkrijk.
Na verslag uitgebracht te hebben aan de admiraliteit, werd de HMS Pandora er op uitgestuurd om de muiters te gaan zoeken. Toen de Pandora in maart 1791 bij Tahiti aankwam, bleken zich daar 14 van de muiters te bevinden. Zij werden gevangen genomen. De overige muiters en enige Tahitiaanse mannen en vrouwen bleken ruim één jaar eerder met de Bounty vertrokken te zijn.
De Pandora zette zijn zoektocht voort in de Stille Oceaan. Op geen enkel eiland was een spoor van de overige muiters. Ze werden nooit gevonden. Pas in 1808 bleek waar ze waren gebleven, toen het Amerikaanse schip de Topaz Pitcairn herontdekte. Het eiland dat ten tijde van de muiterij al bekend was, bleek verkeerd op de zeekaarten te staan. De enige muiter die nog in leven was, was John Adams, maar dankzij geboortes was er een kleine gemeenschap ontstaan.
HMS Blossom op een postzegel van 1988
Toen de HMS Blossom Pitcairn in 1825 aandeed, was muiter John Adams nog steeds in leven en deed zijn verhaal tegenover de kapitein, waaruit bleek dat na aankomst op Pitcairn de Bounty 23 januari 1790 in brand was gestoken, om ontdekking door de autoriteiten te voorkomen. Adams kreeg amnestie op zijn oude dag.
Pitcairn, de noordkust met zicht op Adamstown (screenshot uit een mini-documentaire van Tony Probst)
Op 30 november 1838 werd Pitcairn een Britse kolonie, de overige eilanden werden in 1902 geannexeerd en vormden daarmee als groep de Pitcairneilanden. Heden ten dage bestaat de gehele bevolking uit zo’n 50 inwoners, die in de enige plaats op Pitcairn wonen: Adamstown (uiteraard tevens de hoofdstad).
Pitcairn, de zuidkust (screenshot uit een mini-documentaire van Tony Probst)
Gouverneur van Pitcairn is sinds 8 augustus 2022 de Britse Iona Thomas, tevens is zij de Britse Hoge Commissaris voor Nieuw-Zeeland en gouverneur van Samoa. Vanwege de afgelegen ligging van Pitcairn, is de gouverneur zelden op het eiland en ze wordt dan ook vertegenwoordigd door een administrateur, (doorgaans) een eilandbewoner die de facto ook de eilandraad voorzit. Sinds 3 april 2024 wordt deze functie uitgeoefend door Lindsy Thompson. Alsof dat nog niet genoeg is heeft Pitcairn ook nog een burgemeester: sinds 1 augustus 2025 is Rachael Midlen.
Een leuk weetje is dat deze kleinste democratische gemeenschap ter wereld het homohuwelijk in 2015 invoerde, terwijl er momenteel geen homopaar te vinden is. Maar je kunt maar voorbereid zijn!
Bounty Day op een postzegel uit 1978
Zoals we eerder zagen herinnert de 23e januari aan het in brand steken van de Bounty. Het hele gebeuren wordt door de eilanders nagespeeld, inclusief het verbranden van (kleine) replica’s van het schip. Daarna wordt er gefeest.
Alleen het vaste bevoorradingsschip uit Nieuw-Zeeland, de MV Silver Supporter, doet Pitcairn ieder kwartaal aan.
De vlag
De vlag van Pitcairn is net als veel meer Britse overzeese territoria een zogenoemde blue ensign, een blauwe vlag met de Union Flag of Union Jack in het kanton. Op het uitwaaiende gedeelte is het wapen van Pitcairn afgebeeld.
Voorstel en ontwerp voor de vlag werden in december 1980 ingediend. Na goedkeuring door Koningin Elizabeth II in april 1984 werd de vlag voor het eerst gehesen in mei 1984, bij het bezoek van gouverneur Sir Richard Stratton.
Het wapen op de vlag is ouder dan de vlag zelf en dateert van 4 november 1969. Het groene vlak op het schild is Pitcairn, het blauw de hemel erboven. Op het groene vlak zijn verder afgebeeld het anker van de Bounty en de scheepsbijbel.
Henderson Island (fotograaf onbekend)
Het schild wordt gedekt door een helm in grijs met daarachter een naar beneden hangende krans van geel en groen. De helm is op zijn beurt eveneens gedekt, en wel met een Pitcairnse kruiwagen in grijs en bladeren (in groen) en bloesem (in geel en rood) van een locale strandpopulier (Thespesia populnea).
Eind vorige week riep Oekraïne de noodtoestand uit in de energiesector, met name in Kiev, omdat door de aanhoudende Russische aanvallen duizenden inwoners zonder stroom of stromend water zitten. Na een bijzonder zware nacht met raket- en droneaanvallen vorige week zat 70% van de hoofdstad urenlang zonder stroom. President Zelensky beschuldigde Moskou ervan de barre winterse omstandigheden opzettelijk te misbruiken als onderdeel van zijn oorlogsstrategie. De nachttemperaturen in Kiev daalden de afgelopen tijd tot rond de -20°C en -10°C.
De Oekraïense hoofdstad Kiev, deels in duister gehuld, met op de achtergrond een grote rookpluim na een Russische treffer (screenshot)
Na een speciale kabinetsvergadering liet president Zelensky weten dat er een taskforce zou worden opgericht die 24 uur per dag paraat staat om de schade te herstellen die is veroorzaakt door de Russische aanvallen en de verslechterende weersomstandigheden. Hij zei dat de nieuwe maatregelen onder meer de aanschaf van essentiële energieapparatuur en -middelen uit het buitenland zouden omvatten om beschadigde installaties te vervangen.
Naast de energie-infrastructuur werden in Kiev ook de nodige huizen geraakt, waarvan soomige (zoals hier) tot op de grond toe afbrandden (screenshot)
Hij gaf ook opdracht tot een verhoging van het aantal noodhulp-punten in Kiev om inwoners van warmte en elektriciteit te voorzien, een maatregel die mogelijk kan leiden tot een versoepeling van de huidige avondklok in de hoofdstad. Eergisternacht was er opnieuw een grote aanvalsgolf op de hoofdstad, waardoor nu ook het parlement het zonder stroom moet stellen. Veel bewoners brachten de nacht door in metrotunnels.
Eén van de opvangplekken is een passagierstrein (screenshot)
Doden en gewonden
In de nacht van dinsdag op woensdag kwamen twee mensen om het leven in het district Synelnykove in de oblast Dnjepropetrovsk. Tevens was er een raketaanval op Kryvyi Rih, in dezelfde oblast, waarbij negen huizen, vijf appartementencomplexen, een kantoorgebouw en auto’s beschadigd raakten.
Schade na een Russische aanval op Kryvyi Rih (foto: Oleksandr Hanzha)
Bij Russische aanvallen op de oblasten Donetsk, Soemy en Charkov op dinsdag kwam één persoon om het leven en raakten vijftien mensen gewond.
Een zwaar beschadigd huis in de oblast Charkov (foto gedeeld door de militaire administratie van Charkov)
Gezanten in Davos
Bij het jaarlijkse World Economic Forum in Davos, Zwitserland (20 tot 24 januari) bevonden zich tussen alle delegates ook de Amerikaanse en Russische gezanten Steve Witkoff (vergezeld door Trump’s schoonzoon Jared Kushner) en Kirill Dmitriev.
Aankomst van Steve Witkoff in Davos, met links naast hem Jered Kushner (screenshot)
Volgens TASS duurden de gesprekken van de gezanten meer dan twee uur en waren ze gericht op het“Amerikaanse plan” om de oorlog te beëindigen. Witkoff zou de gesprekken als “positief” hebben omschreven, terwijl Dmitriev de bijeenkomst “constructief” noemde, eraan toevoegend dat meer mensen “de juistheid” van het Russische standpunt over het beëindigen van de oorlog “begrijpen”. Witkoff reist vandaag verder naar Moskou, voor een ontmoeting met de Russische president Poetin.
Het Davos Conference Centre, dat sinds 1971 het World Economic Forum huisvest (screenshot)
De Amerikaanse president Trump, ook aanwezig in Davos, liet gisteren weten dat hij zijn Oekraïense ambtgenoot Zelensky tijdens het World Economic Forum zou spreken. Voor zover bekend was Zelensky gisteren in echter Kiev, of hij alsnog naar Zwitserland afreist staat dus nog te bezien.*
*Inmiddels is bekend dat Zelensky vandaag inderdaad naar Davos is gereisd.
Russische verliezen in Oekraïne
De generale staf van het Oekraïense leger heeft gisteren zijn ge-updatete staatje van de Russische verliezen gepubliceerd. Wat onmiddellijk opvalt is het inmiddels zeer hoge cijfer van uitgeschakelde manschappen (doden en ‘buiten gevecht gestelden’). Het cijfer staat inmiddels op 1.229.740.
Het verliezen-staatje, gepubliceerd door de generale staf van Oekraïne
Wat verder opvalt is het enorme aantal buiten gevecht gestelde UAV’s (drones) van 112.159.
Dag van de Oekraïense Eenheid
Vandaag is een officiële feestdag in Oekraïne, maar van festiviteiten zal vandaag niet veel te merken zijn, gezien de al bijna vier jaar durende oorlog en opnieuw een winter waarin de energie-infrastructuur door Rusland stelselmatig wordt aangevallen, waardoor dus velen noodgedwongen in de kou zitten.
Men zou kunnen denken dat deze dag refereert aan de recente onafhankelijkheid van Oekraïne in 1991, maar dat is hier niet het geval. De dag herinnert aan de vereniging van de Oekraïense gebieden in 1919, vandaag dus 105 jaar geleden.
Wat nu Oekraïne is, was voor 1919 verdeeld in een deel dat bij het Russische Keizerrijk hoorde en de andere helft was onderdeel van het Keizerrijk Oostenrijk-Hongarije. Met de volksrevoluties in die tijd hielden beide keizerrijken op te bestaan.
Het deel dat voorheen onderdeel was van Oostenrijk-Hongarije werd de West-Oekraïense Nationale Republiek (1918) en het voormalige Russische deel werd de Oekraïense Volksrepubliek (1917).
Kaart van Oekraïne in 1919 (ansichtkaart uit 1919)
Op 22 januari 1919 gingen beide republieken samen, waarbij de zogenaamde Akte van Eenwording (Акт Злуки) werd getekend. De nieuwe staat heette de Oekraïense Staat.
Het duurde allemaal niet lang: het westelijke deel werd vanaf 1919 Pools en bleef dat tot 1939, het oostelijke deel werd in 1921 ingelijfd bij de Sovjet-Unie. Na de bezetting door Duitsland in de Tweede Wereldoorlog lijfde de Sovjet-Unie in 1944 de hele Oekraïne in.
Met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie werd Oekraïne op 24 augustus 1991 opnieuw een onafhankelijke staat, nu zonder het lidwoord ‘de’ voor de naam. Die onafhankelijke status was en is een doorn in het oog van de Russische president Poetin, die zijn leger opdracht gaf het land op 20 februari 2022 binnen te vallen, met het doel het te veroveren en de regering te vervangen door een marionetten-regime. Zoals we weten is dat niet gelukt. Dat neemt niet weg dat de soevereine staat Oekraïne een oorlog werd ingesleurd en die na bijna vier jaar nog steeds gaande is en inmiddels onnoemelijk menselijk en dierlijk leed heeft veroorzaakt, evenals verwoestingen op grote schaal.
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Op 21 januari 2013 maakte premier Pauline Marois van Québec bekend dat de (Franstalige Canadese) provincie op deze datum een officiële Dag van de Vlag zou krijgen. Het is een dag waarop de toch al populaire vlag op nog meer plaatsen te zien is.
Een grote verzameling Québecse vlaggen in Montréal op de Jour du Drapeau (fotograaf onbekend)
Op scholen wordt aandacht besteed aan de geschiedenis van de vlag, er zijn speeches en ook de Québecse onafhankelijkheidsbeweging Mouvement souverainiste du Québec, laat van zich horen.
De vlag van Québec is blauw met een wit staand kruis dat de vlag in vier vakken verdeeld. In elk van de vakken een fleur-de-lys in wit.
Vlag van Québec (1948-heden)
Tot 1948 werd in Québec de Union Jack of Union Flag gebruikt. Hoewel er ooit eerdere pogingen waren ondernomen om tot een eigen vlag te komen, duurde het dus tot 1948 voordat hiertoe werd besloten. Eind 19e eeuw was er een ontwerp voor een Québecse versie van een blue ensign (met het provinciewapen op de vluchtzijde), maar die lijkt nooit gebruikt te zijn.
De blue ensign van Québec
In 1902 werd er door de abt Ephège Filiatreault een vlag ontworpen, de zogenaamde Drapeau de Carillon, die in feite de directe voorloper is van de huidige vlag.
Ook die vlag werd echter niet ingevoerd. Deze vlag heeft echter onmiddellijk na de aanname van de huidige vlag op 21 januari 1948 kortstondig vanaf het parlementsgebouw gewapperd, omdat de nieuwe vlag pas op 2 februari beschikbaar was.
Drapeau de Carillon
De vlag van Québec heeft een naam: Fleurdélisé. Hij is in vieren verdeeld door een wit kruis, afkomstig van de Franse koninklijke vlag. De vier fleur-de-lys op de blauwe velden lijken ook te verwijzen naar de vroegere Franse koningsvlag, maar dat is niet het geval. Deze zijn afkomstig van een vlag die gebruikt werd door een Frans-Canadese militie onder bevel van luitenant-generaal Louis-Joseph de Montcalm, bij de Slag van Carillon in 1758.
‘Victoires des troupes de Montcalm à Carillon’ door Henry Alexander Ogden (1854-1936), met rechts op de voorgrond Louis Joseph de Montcalm (Fort Ticonderoga Museum, New York / publiek domein)
Kaapverdië, ook wel bekend onder de naam Kaapverdische Eilanden is een groep van tien eilanden en acht eilandjes voor de westkust van Afrika. De eilandstaat bestaat uit twee geografische regio’s: de noordelijke of bovenwindse eilanden en de zuidelijke of benedenwindse eilanden.
De 20e januari is een officiële feestdag in Kaapverdië. Herdacht wordt dat op die datum in 1973 Amílcar Cabral werd vermoord in Conakry, de hoofdstad van Guinee.
Affiche voor de feestdag met het portret van Amílcar Cabral (publiek domein)
Cabral was een voorvechter van onafhankelijkheid van Kaapverdië en Guinee-Bissau, beide Portugese kolonies toen. Cabral, was geboren in Bafatá in Guinee-Bissau, zijn moeder was Kaapverdiaans en zijn vader Guinee-Bissaus. Als student landbouwkunde in Lissabon was hij al sterk gekant tegen het koloniale regime van Portugal en hij stond aan de wieg van studentenorganisaties die zich uitspraken voor onafhankelijkheid van de Portugese koloniën. Weer terug in Afrika richtte hij in 1956 de Partido Africano da Independência da Guiné e Cabo Verde (PAIGC) op, tevens was hij een van de oprichters van de Movimento Popular de Libertação de Angola (MPLA), een beweging die de onafhankelijkheid van Angola nastreefde, destijds ook een Portugese kolonie.
Van 1963 tot aan zijn dood in 1973 leidde hij de guerrilla-beweging van de PAIGC in Guinee-Bissau, waarbij de onafhankelijkheid van zowel Guinee-Bissau als Kaapverdië werd nagestreefd. De beweging was behoorlijk succesvol en veroverde steeds meer gebied op de Portugese overheersers. In 1972 en begin 1973 was Cabral druk bezig met de voorbereidingen van een ‘volksbevrijdingsleger’. Dit deed hij in Conakry, de hoofdstad van buurland Guinee (wat in 1958 onafhankelijk was geworden van Frankrijk). Een voormalige medestrijder van Cabral uit de PAIGC, Inocêncio Kani, schoot hem op 20 februari dood. Wat er achter zat, is nooit helemaal duidelijk geworden. Eén theorie is echter dat de Portugese geheime dienst PIDE was geïnfiltreerd in de onafhankelijkheidsbeweging. Bewezen is dit echter nooit. Kani bleek de nodige volgelingen te hebben gehad en na de dood van Cabral werd de PAIGC ‘gezuiverd’: rond de 100 officieren en guerrilla-soldaten werden geëxecuteerd.
Cabral heeft de onafhankelijkheid van Guinee-Bissau en Kaapverdië dus niet meegemaakt. De onafhankelijkheidsbeweging ging verder onder leiding van zijn halfbroer Luís Cabral. Op 24 september 1973 werd de onafhankelijkheid van Guinee-Bissau uitgeroepen en één jaar later, op 10 september werd dit erkend. Luís Cabral werd de eerste president van de nieuwe republiek.
Luís Cabral, halfbroer van Amílcar (1931-2009), eerste president van Guinee-Bissau (publiek domein)
Nadat Portugal in april 1974 zijn eigen democratische revolutie doormaakte (de zogenaamde Anjer-revolutie), ging het voor Kaapverdië ook snel. De PAICG werd na de omwenteling in Portugal politiek actief op de eilanden en in december van dat jaar werd er overeenstemming bereikt over de vorming van een overgangsregeling. Op 5 juli 1975 werd Kaapverdië vervolgens een onafhankelijke republiek met Aristides Pereira als eerste president van Kaapverdië.
Aristides Pereira (1923-2011), eerste president van Kaapverdië (screenshot)
De vlag
Vlag van Kaapverdië (1992-heden)
De vlag is blauw met iets onder het midden een horizontale witte balk. Precies in het midden van deze witte balk bevindt zich een dunnere rode balk. De verhouding van de vlakken is 6:1:1:1:3. Tien gele vijfpuntige sterren liggen in een cirkel iets over het midden en dicht bij de broekingszijde over het geheel heen. De drie bovenste sterren in het bovenste blauwe vlak, de drie onderste in het blauwe vlak onderin, en de laatste vier sterren elk in de witte balk (twee boven en twee onder de rode balk).
Pedro Gregório Lopes (1932), ontwerper van de Kaapverdische vlag (screenshot)
Het blauw staat voor zowel zee als lucht, het wit de vrede en het rood staat voor de moeite die men daarvoor moet nastreven. De tien gele sterren staan voor de tien eilanden die tezamen Kaapverdië vormen. De vlag werd in 1992 ingevoerd en is een ontwerp van Pedro Gregório Lopes.
Eerste vlag
Vanaf de onafhankelijkheid in 1975 tot 1992 gebruikte Kaapverdië een vlag die sterk op die van Guinee-Bissau leek. De enige verschillen zaten ‘m in de krans van maïsstengels rond de zwarte ster aan de broekzijde en een gestileerde mossel in het midden van de stengels en de langere lengte van de Guinee-Bissause vlag.
Links: vlag van Guinee-Bissau (1973-heden) / Rechts: voormalige vlag van Kaapverdië (1975-1992)
Het één-partijstelsel dat het land sinds de onafhankelijkheid had, werd na de verkiezingen van 1991 afgeschaft. De Movimento para a Democracia (MpD) kwam aan de macht en die partij stelde een verandering van vlag voor. Op 25 september 1992 werd de huidige vlag ingevoerd.
Ruim 60 landen hebben een ‘dag van het leger’, en Laos is er één van. In dit geval wordt herdacht dat op 20 januari 1949 het land een onafhankelijk leger kreeg.
De Dag van het Leger wordt doorgaans gevierd met een militaire parade in de hoofdstad Vientiane (screenshot)
Laos, lang een Franse kolonie, werd in de Tweede Wereldoorlog bezet door Japan. Na de bevrijding kwamen de Fransen in eerste instantie terug, maar in 1949 werd het een monarchie. In 1953 werd de onafhankelijkheid officieel erkend. Helaas brak er een langdurige burgeroorlog uit. Uiteindelijk kwam daar in 1975 een einde aan toen de communistische partij Pathet Lao aan de macht kwam en de monarchie werd afgeschaft. Sinds die tijd heet het land officieel Democratische Volksrepubliek Laos.
De vlag
Vlag van Laos (1945-1946 / 1975-heden)
De vlag van Laos is een horizontale driekleur van rood-blauw-rood, waarbij de middelste blauwe baan even hoog is als de tweed rode samen. Midden op de blauwe baan staat een witte cirkel.
De vlag werd ingevoerd na de communistische overname in 1975, maar was al eerder kortstondig de nationale vlag geweest. Het was een ontwerp van Mahā Silā Vīravong en de vlag werd voor het eerst ingevoerd in 1945, na de Tweede Wereldoorlog. Laos was een Franse kolonie, maar net als het geval was met het door de Japanners bezette Nederlands-Indië (nu Indonesië), ontstond er een machtsvacuüm in Laos, na de overgave van de Japanse bezetters.
Het duurde enige tijd voordat de Fransen ‘orde op zaken’ hadden gesteld. Gedurende deze tijd (12 oktober 1945 tot en met 24 april 1946) werd Laos geleid door de Lao Issara (Vrij Laos), een anti Franse groepering. Met het herstel van de Franse macht verdween de vlag weer uit beeld werd de oude vlag weer ingevoerd.
De oude vlag van Laos vindt zijn oorsprong in die van een van de voorgangers van Laos: het koninkrijk Luang Prabang (1707-1893), dat samen met twee andere koninkrijken uiteindelijk in 1893 de Franse kolonie Laos zou vormen. De vlag van Luang Prabang was rood met een driekoppige olifant in wit, staand op een voetstuk met een koninklijke parasol boven de olifant. De witte olifant is eveneens een koninklijk symbool in Zuidoost-Azië, meer specifiek in Myanmar, Thailand en Laos.
Drie versies van dezelfde vlag, v.l.n.r. Vlag van het koninkrijk Luang Prabang (tot 1893) / Vlag van Laos als Franse kolonie (1893-1952) / Vlag van Laos (1952-1975)
De Fransen namen de vlag over in 1893, waarbij hij licht werd gewijzigd: het voetstuk kreeg een plattere vorm en vijf treden en de parasol kreeg negen lagen. In het kanton werd de Franse vlag, de tricolore afgebeeld. De volgende versie stamt uit 1952, het jaar waarin de monarchie werd ingevoerd. Het jaar daarop verkreeg Laos de onafhankelijkheid. Deze vlag was gelijk aan de vorige, minus de Franse vlag. In 1975, bij de invoering van de Democratische Volksrepubliek Laos, werd er teruggegrepen naar de vlag die kortstondig als vlag diende in de jaren 1945-1946.
De Mekongrivier (fotograaf onbekend)
Wat de symboliek betreft: de twee rode banen staan voor het vergoten bloed voor het vaderland, aan beide kanten van de rivier de Mekong, het blauw staat voor deze belangrijke rivier en voor voorspoed, terwijl de witte cirkel de eenheid belichaamt van Noord- en Zuid-Laos en tevens symbool is voor de volle maan die op de Mekong schijnt.
Bij een Russische aanval eind vorige week op de westelijk gelegen stad Lviv, is een hypersonische Oresjnik-raket gebruikt. Volgens het Russische ministerie van Defensie is het een reactie op de aanslag van Oekraïne op de residentie van president Poetin in de regio Novgorod, die door Oekraïense en Westerse media al was gekenschetst als geheel en al verzonnen door Rusland, om het onderhandelingsproces te ondermijnen.
Schematische voorstelling van de Russische Oresjnik-raket
De Oresjnik werd voor het eerst in een gevecht ingezet op 21 november 2024, waarbij de Oekraïense stad Dnipro werd getroffen. De raket, die een snelheid van 11 mach haalt, is uitgerust met meerdere onafhankelijk richtbare “terugkeerkoppen”, die voorheen uitsluitend door kernwapens werden gebruikt, elk voorzien van zes kernkoppen, die naar verluidt elk sub-munitie bevatten. Ze worden omschreven als zeer moeilijk te onderscheppen, hoewel moderne ballistische raket-onderscheppers zijn ontworpen om dit type systeem te bestrijden. De aanval in Lviv met deze raket was onderdeel van een bredere aanval, waarbij ook drones en reguliere raketten werden gebruikt.
Aanval op Lviv met een ballistische Oresjnik-raket (screenshot)
Ook hoofdstad Kiev had de afgelopen week weer met veelvuldige raket- en drone-aanvallen te maken, zo zeer zelfs dat burgemeester Vitali Klitsjko, stadsbewoners uit wijken, die het voorlopig moeten doen zonder energie-infrastructuur, opriep – mits mogelijk – de stad te verlaten. Zo’n 6.000 flatgebouwen moeten het in de winterkou zonder verwarming stellen.
NAVO-baas Rutte deze week tijdens het Renew Europe Global Europe Forum in Brussel (screenshot)
Volgens secretaris-generaal Rutte van de NAVO onderstrepen de toenemende Russische aanvallen op burgers en de Oekraïense infrastructuur – waaronder het gebruik van de Oresjnik-raket – de noodzaak om Oekraïne dringend te voorzien van luchtafweersystemen en onderscheppingsraketten: “Rusland heeft opnieuw aanvallen op Oekraïne uitgevoerd, waaronder de lancering van de nucleair bewapende Oresjnik-raket, gericht op een gebied in Oekraïne nabij de grens met Polen en de NAVO. Dit vormt een nieuwe, gevaarlijke en onverklaarbare escalatie van deze oorlog. Dit terwijl de Verenigde Staten zich dringend inzetten, samen met Kiev, andere partners en Moskou, om de oorlog te beëindigen door middel van een diplomatieke oplossing.”
Tammy Bruce, de Amerikaanse vice-ambassadeur bij de Verenigde Naties, omschreef het gebruik van de Oresjnik-raket door Rusland tegen Oekraïne als een ongerechtvaardigde escalatie.
Lening van 90 miljard euro voor 2026 en 2027
De Europese Commissie heeft gisteren een pakket wetsvoorstellen goedgekeurd dat de weg vrijmaakt voor een lening van 90 miljard euro aan Oekraïne, verstrekt door de Europese Unie, om de financiële en militaire behoeften van het land in 2026 en 2027 te dekken.
Voorzitter van de Europese Commissie, Ursula vonder Leyen, tijdens haar presentatie voor de financiële steun door de EU aan Oekraïne, gisteren (screenshot)
De lening, door 24 van de 27 lidstaten, werd aangekondigd door de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula vonder Leyen: “We willen allemaal vrede voor Oekraïne. En daarvoor moet Oekraïne in een sterke positie verkeren. Daarom hebben we in het najaar afgesproken dat we de militaire en budgettaire financiële behoeften van Oekraïne voor de jaren 2026 en 2027 zouden dekken. In december hebben we tijdens de Europese Raad afgesproken Oekraïne te steunen met stabiele en voorspelbare financiering. Vanmorgen heeft de Commissie de wetsvoorstellen aangenomen die uitvoering geven aan die overeenkomst. We zullen Oekraïne een lening van 90 miljard euro verstrekken voor 2026 en 2027.”
De lening voor 2026 en 2027 komt neer op 90 miljard euro (screenshot)
De bedoeling is dat de voorgestelde steun uit twee onderdelen bestaat: ongeveer twee derde, oftewel 60 miljard euro, is bestemd voor militaire bijstand en het resterende derde deel, 30 miljard euro, wordt verstrekt als algemene begrotingssteun.
Oud-premier Shmyhal benoemd tot energie-minister
Denys Shmyhal, die van 4 maart 2020 tot 17 juli 2025 premier van Oekraïne was en daarna minister van Defensie, is gisteren door de Verkhovna Rada, het Oekraïense parlement, tot minister van Energie gekozen, waarmee hij de op 19 november vorig jaar afgetreden Svitlana Hrynchuk opvolgt. 248 parlementsleden stemden vóór zijn benoeming, 2 stemden tegen, 20 onthielden zich van stemming en 33 leden waren niet aanwezig.
Denys Shmyhal (1975) in het Oekraïense parlement (foto van zijn Facebook-pagina)
Shmyhal omschrijft de principes van zijn werk als energieminister als “herstel, veerkracht en modernisering” en voegde eraan toe dat beslissingen in een versneld tempo moeten worden genomen, waarbij “decentrale energieopwekking” prioriteit heeft.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Vandaag is een dag van nationale rouw in Zwitserland, ter herdenking van de slachtoffers van de Nieuwjaarsbrand in kelderbar Le Constellation in Crans-Montana, waarbij 40 mensen om het leven kwamen en meer dan 100 gewonden vielen, waarvan de meesten met ernstige brandwonden.
De tijdelijke gedenkplek in Crans-Montana (screenshot)
Op deze dag van nationale rouw nodigen de president van de Zwitserse Confederatie, Guy Parmelin, en de kerken van Zwitserland het publiek uit om landelijk vanaf 14.00 uur een minuut stilte in acht te nemen en samen stil te staan bij de gebeurtenis.
Plattegrond van Crans-Montana, in het kanton Wallis (publiek domein)
In heel Zwitserland zullen de kerkklokken luiden. Vandaag zal er om 13.45 uur een herdenkingsdienst plaatsvinden in Martigny, in het kanton Wallis.
Bloemen, knuffels, kaartjes en brieven op de gedenkplek (screenshot)
In Bern zullen de vlaggen van het Bondspaleis en andere gebouwen van de Confederatie vandaag halfstok hangen.
De vlag, die vandaag halfstok hangt, is vierkant. De enige andere nationale vlag met die vorm is die van Vaticaanstad. Het witte kruis is al bekend sinds de Slag bij Laupen in 1339, waarbij de soldaten van het Eedgenootschap het als embleem op de kleding droegen.
Voorstelling van de Slag bij Laupen in 1339, waarbij we aan de rechterkant soldaten zien met een wit kruis op een rood veld op hun tuniek, afbeelding uit de Spiezer Chronik (±1484) van Diebold Schilling der Ältere (±1445-±1486) (publiek domein)
Sinds de 15e eeuw werd het ook op kleine vanen afgebeeld, die door de verschillende kantonale legerafdelingen werden gevoerd. In die tijd liepen de armen van het kruis nog door tot aan de randen, maar sinds de vlag officieel werd vastgesteld op 3 juli 1815, is hij zoals hij nu is. Vanaf 1848 wordt hij pas daadwerkelijk als nationale vlag gebruikt.
Dienst-, oorlogs- en koopvaardijvlag van Zwitserland (1941-heden)
Sinds 17 april 1941 beschikt Zwitserland tevens over een een versie als dienst-en oorlogsvlag die ook als koopvaardijvlag wordt gebruikt. Ze is rechthoekig in de verhoudingen 2:3 of 7:10, een maatvoering die in vrijwel ieder land gebruikelijk is. Ook de Zwitsers pleziervaart in het buitenland hanteert deze vlag. Voor binnenlands gebruik op schepen wordt doorgaans de vierkante vlag gebruikt, maar in het buitenland is de rechthoekige vlag gebruikelijk.
Een Zwitserse motorboot op bezoek in Nederland met rechthoekige Zwitserse vlag (fotograaf onbekend)
Afgelopen dinsdag kwamen de belangrijkste landen van de 35 leden tellende Coalition of the Willing bij elkaar in Parijs, waarbij ook Oekraïne , in de persoon van president Zelensky, vertegenwoordigd was. Ook Steve Witkoff, de Amerikaanse ‘speciaal gezant’ en Jared Kushner, president Trump’s schoonzoon, waren bij de besprekingen aanwezig.
De Franse president Macron begroet NAVO-secretaris-generaal Rutte bij het Élysée-paleis (screenshot)
Het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk hebben een intentieverklaring ondertekend om troepen in Oekraïne te stationeren als er een vredesakkoord met Rusland wordt gesloten, zo heeft de Britse premier Sir Keir Starmer aangekondigd.
Aankomst van de Britse premier Sir Keir Starmer (screenshot)
Na overleg met de bondgenoten van Oekraïne in Parijs zei hij dat het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk “militaire bases in heel Oekraïne zullen vestigen” om een toekomstige invasie af te schrikken. De Franse president Emmanuel Macron zei later dat er mogelijk duizenden troepen zullen worden ingezet. Rusland heeft herhaaldelijk gewaarschuwd dat buitenlandse troepen in Oekraïne een “legitiem doelwit” zouden zijn.
Ook de Nederlandse demissionair-premier Schoof gaf acte de présence (screenshot)
De bondgenoten waren het grotendeels eens over robuuste veiligheidsgaranties voor Oekraïne en stelden voor dat de Verenigde Staten het voortouw zouden nemen bij het toezicht op een wapenstilstand. De cruciale kwestie van het grondgebied is echter nog niet uitonderhandeld.
De Amerikaanse gezanten Steve Witkoff en Jared Kushner, geflankeerd door NAVO-baas Rutte, onderweg naar de vergadering (screenshot)
De Amerikaanse onderhandelaar Steve Witkoff zei dat “duurzame veiligheidsgaranties en robuuste welvaartsbeloftes essentieel zijn voor een blijvende vrede” in Oekraïne, verwijzend naar een belangrijke Oekraïense eis. Hij zei verder dat de bondgenoten hun werk aan het overeenkomen van veiligheidsprotocollen “grotendeels hadden afgerond”, zodat de Oekraïense bevolking weet dat wanneer deze oorlog eindigt, het ook voorgoed voorbij is. Jared Kushner, in zijn rol als speciaal gezant van de Amerikaanse president, zei dat Oekraïners na een akkoord moesten weten dat er “echte vangnetten” waren om ervoor te zorgen dat de oorlog “niet opnieuw zou uitbreken”.
De presidenten Macron en Zelensky (screenshot)
Ondertussen zei president Macron dat de bondgenoten van Oekraïne “aanzienlijke vooruitgang” hadden geboekt tijdens de gesprekken. Hij zei dat er stevige veiligheidsgaranties voor Kiev waren overeengekomen in het geval van een mogelijk staakt-het-vuren. De Oekraïense president Zelensky zei dat er in Parijs een “enorme stap voorwaarts” was gezet, maar voegde eraan toe dat hij de inspanningen pas voldoende zou vinden als ze zouden leiden tot het einde van de oorlog.
De delegaties zoeken hun plek op (screenshot)
Maar aan het einde van de persconferentie in Parijs erkende Zelensky dat de “mijlpaal” van dinsdag niet per se vrede garandeerde. Echte vooruitgang vereist nog steeds Russische steun en Moskou heeft zich de afgelopen dagen opvallend stilgehouden over diplomatieke inspanningen om de oorlog te beëindigen.
Persconferentie met v.l.n.r. de Duitse bondskanselier Merz, de Oekraïense president Zelensky, de Franse president Macron, de Britse premier Sir Keir Starmer en de Amerikaanse gezanten Witkoff en Kushner (foto gedeeld door president Zelensky)
Four Freedoms Award Award voor Zelensky en Oekraïne
Op maandag 6 januari maakte Hugo de Jonge, Commisaris van de Koning in Zeeland, bekend dat de International Four Freedoms Award 2026 is toegekend aan president Zelensky en Oekraïne.
De Roosevelt Foundation, die de prijzen toekent aan personen en organisaties die zich inzetten voor de idealen van de Amerikaanse president Franklin Delano Roosevelt, – het ene jaar in New York, het andere jaar in Middelburg – verklaarde de keus middels de volgende verklaring: “De president en het Oekraïense volk bieden onvermoeibaar weerstand en strijden onophoudelijk voor hun onafhankelijkheid. Zij strijden voor de veiligheid van heel Europa en verdedigen met hun leven wat ons allemaal beschermt: vrijheid, democratie en rechtsstaat boven ‘het recht van de sterkste'”
De ‘vier vrijheden’, zoals verwoord door president Roosevelt in zijn State of the Union van 6 januari 1941, zijn de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, vrijwaring van gebrek en vrijwaring van vrees. De internationale Four Freedoms Award voor Zelensky en Oekraïne is ‘de hoofdprijs’ zou je kunnen zeggen, de laureaten van de overige vier prijzen (voor elk van de vier vrijheden), worden op 30 januari – de geboortedag van Roosevelt – bekendgemaakt.
De Nieuwe Kerk in Middelburg met de ruim 90 m lange Abdijtoren, beter bekend als de Lange Jan (fotograaf onbekend)
Eerdere laureaten van de internationale prijs waren o.a. Nelson Mandela, de Dalai Lama, Jimmy Carter en Angela Merkel. De uitreiking is op 16 april in Middelburg. Of president Zelensky de prijs persoonlijk op komt halen, is gezien de oorlogssituatie in zijn land, vooraf uiteraard niet te voorspellen. De uitreiking in de Nieuwe Kerk in Middelburg wordt steevast door leden van het Koninklijk Huis bijgewoond.
Nieuwe chef veiligheidsdienst SBU
President Zelensky heeft de leiding van de Oekraïense veiligheidsdienst (SBU) ‘herschikt’. Hij verving Vasyl Malyuk door de benoeming van generaal-majoor Yevhenii Khmara, tot waarnemend hoofd. Malyuk, die sinds 2022 aan het hoofd stond van de SBU, verwierf een reputatie voor het leiden van succesvolle operaties tegen Rusland en voor het zuiveren van de SBU van vermeende Russische dubbelagenten.
De SBU houdt zich voornamelijk bezig met interne veiligheid en contraspionage en heeft sinds het begin van de grootschalige Russische invasie in 2022 ook een prominente rol gespeeld bij moordaanslagen en sabotage-acties diep in Rusland.
Yevhenii Khmara (foto: SBU)
In een verklaring omschrijft de SBU Khmara als een gedecoreerde en “ervaren speciale officier” die betrokken was bij de bevrijding van de regio Kiev in 2022 en bij de strijd tegen de Russen in de bezette regio Donetsk. De benoeming van Khmara moet nog worden bevestigd door het Oekraïense parlement, die deze nog kan afwijzen.
Zelensky in Cyprus
President Zelensky had opnieuw een drukke agenda, direct na de bijeenkomst van de Coalition of the Willing in Parijs, reisde hij door naar Cyprus, net als Ursula von der Leyen, de voorzitter van de Europese Commissie en António Costa, de voorzitterrvan de Europese Raad. In Nicosia ontmoette hij de de Cypriotische president Nikos Christodoulides en feliciteerde hem met de start van het voorzitterschap van de Europese Unie en bedankte hem voor de humanitaire hulp van de afgelopen jaren.
President Zelensky met zijn Cypriotische collega Christodoulides, Cyprus is het komende halfjaar EU-voorzitter (foto gedeeld door president Zelensky)
De leiders bespraken de steun voor de Europese integratie van Oekraïne tijdens het Cypriotische EU-voorzitterschap en de komende onderhandelingen. Ook Cyprus is lid van de Coalition of the Willing en beide staatshoofden bespraken de diplomatieke situatie en de gezamenlijke inspanningen met Amerikaanse en Europese partners.
President Zelensky bracht ook een beleefdheidsbezoek aan Giorgios III, sinds 2023 de aartsbisschop van Cyprus (fotograaf onbekend)
Er werd bijzondere aandacht besteed aan het belang van het versterken van de sancties tegen Rusland, inclusief extra beperkingen op de Russische schaduwvloot en voorstellen voor het 20e sanctiepakket van de Europese Unie. Daarnaast werd ook de humanitaire steun besproken, waaronder de revalidatie van gewonde militairen en medische zorg voor kinderen.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Het Festa del Tricolore (Feest van de Driekleur), ook wel bekend als Giornata Nazionale della Bandiera (Nationale Vlagdag) is een officiële Italiaanse feestdag en wordt gevierd sinds 1997.
De langste vlag van Italië (1.797 m) in de straten van haar geboortestad Reggio Emilia (screenshot)
De datum van 7 januari is gekozen omdat op die datum in 1797 in de de Noord-Italiaanse stad Reggio Emilia de driekleur voor het eerst werd gehesen in wat toen de Cispadaanse Republiek heette. Hoewel dit dus een officiële feestdag is, is het voor de meeste Italianen geen vrije dag, maar uiteraard is er wel veel extra vlagvertoon, vooral in Reggio Emilia.
De vlag
Vlag van Italië(1946-heden)
De Italiaanse vlag vindt zijn oorsprong in de door Napoleon gestichte Cispadaanse Republiek. Deze republiek werd in 1796 gevormd door vier Noord-Italiaanse gebieden: Modena, Bologna, Ferrara en Reggio Emilia. De naam betekent zoveel als ‘aan deze kant van de Po’. (Aan de andere kant van de rivier lag de Transpadaanse Republiek).
Deze op Franse leest geschoeide republiek heeft slechts twee jaar bestaan. De gebruikte driekleur was geënt op de Franse Tricolore, waarbij de blauwe baan vervangen werd door een groene. Wellicht vanwege de groene kleur van de regionale Milanese burgerwacht. De vlag was gekanteld t.o.v. de Franse, dus horizontaal.
Links: Vlag van de Cispadaanse Republiek (1796-1797) / Rechts: Koning Carlo Alberto van Sardinië (1798-1849), olieverfschilderij uit circa 1831/33 door Pietro Ayres (1794-1878) (Collectie Castello Reale di Raccogni / publiek domein)
Italië als eenheid bestond in die tijd nog niet, het was een verzameling onafhankelijke staten en staatjes.
In 1848 voerde koning Carlo Alberto van Sardinië de driekleur in als nationale vlag en zette zijn wapen middenin de vlag. (Het Koninkrijk Sardinië bestond behalve het gelijknamige eiland ook uit het westelijke gedeelte van wat tegenwoordig Noord-Italië is).
Links: de vlag van Carlo Alberto van Sardinië, later de Italiaanse vlag onder de Savoye monarchie / Rechts: een ‘verfraaid’ exemplaar van de vlag, tentoongesteld in Milaan
Vanaf 1861 heerste het vorstenhuis Savoye over het uit verschillende delen samengevoegde Italië en nam de Sardinische driekleur over. In 1870 werd de totale vereniging een feit. De groen-wit-rode vlag werd gehandhaafd, met het wapen van Savoye op de witte baan. Na de Tweede Wereldoorlog en het afschaffen van de monarchie werd het wapen op 19 juni 1946 van de vlag verwijderd en hebben we de vlag zoals we hem nu nog kennen.
Presidentiële vlag van Italië, de zesde sinds 1965 (2006-heden)
De eerste -provisionele- presidentiële vlag van Italië uit 1946 was gelijk aan de nationale vlag. Het provisionele karakter van die vlag (die als zodanig dus niet herkenbaar was) bleek zeer rekbaar, want ze bleef als zodanig in gebruik tot 1965.
Evolutie van de presidentiële vlag
Voor een relatief jonge vlag heeft de presidentiële vlag (of standaard) veel verschijningsvormen gekend, hoewel de laatste drie versies nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn. Het was de minister van Defensie, Giulio Andreotti, die president Giuseppe Saragat het voorstel deed om een speciale onderscheidingsvlag voor het presidentschap in te voeren. Aldus geschiedde.
Giulio Andreotti en Giuseppe Saragat tijdens een NAVO-vergadering op 17 december 1963 (screenshot)
Deze vlag werd ingevoerd op 22 september 1965 en bestond uit een blauw veld met het embleem* van Italië in goud. Na 25 jaar besloot president Francesco Cossiga in 1990 de vlag te veranderen. Dit tweede model bestond uit de drie banen van de Italiaanse vlag (groen-wit-rood) met een brede blauwe rand en werd ingevoerd op 22 maart 1990. *) Hoewel dit embleem vaak als wapen van Italië gezien wordt, is het dat strikt genomen niet, aangezien bij het ontwerp geen rekening is gehouden met regels uit de heraldiek (geen schild bijvoorbeeld), spreken we hier van een embleem
Verschillende versies van de presidentiële vlag, v.l.n.r.: 1965-1990, 1990-1992, 1992-2000
Nummer twee hield het niet lang uit: twee jaar later greep president Oscar Luigi Scalfaro terug naar het eerste model, maar met het Italiaanse embleem verkleind, waardoor de teller op drie kwam. Het was echter president Carlo Azeglio Ciampi die het vierde model invoerde op 24 oktober 2000, dat op een paar kleine cosmetische veranderingen na. nu nog in gebruik is.
Nummer vijf, ingevoerd op 17 januari 2003 was dan ook nauwelijks te onderscheiden van nummer vier, de groene kleur werd iets lichter. Bij de laatste aanpassing (nummer zes) , ingevoerd op 14 april 2006 werd het groen weer ietsiepietsie groener.
Sergio Mattarella (1941), president van Italië met de presidentiële vlag (screenshot)
Terug in de tijd
De gedachte achter het huidige model (nummers vier, vijf en zes) is op z’n minst opvallend te noemen. Het ontwerp grijpt namelijk terug op de vlag van de Italiaanse Republiek die tussen 1802 en 1805 bestond, gelegen in Noord-Italië, met Milaan als hoofdstad en Napoleon als president.
Op deze kaart zien we de Napoleontische Italiaanse Republiek (1802-1805) in het groen (uit “Nord Italia nel 1803 dall’Atlante Storico” door William R. Shepherd, 1926 / publiek domein)
Deze kortstondige republiek voerde een vlag die de kleuren van het huidige Italië had (groen-wit-rood). het was een vierkante vlag met een rood veld, daaroverheen een witte ruit, met daarop een groen vierkant.
Links: Vlag van de Italiaanse Republiek (1802-1805) / Rechts: Napoleon Bonaparte (1769-1821), olieverfschilderij uit 1807 door Hippolyte Delaroche (1797-1856) (privécollectie)
Zoals we kunnen zien vormde dit de basis voor de huidige presidentiële vlag: er is een brede blauwe rand aan toegevoegd en het gouden (of gele) embleem van Italië op het groene veld.
De vlag van de Belgische provincie Antwerpen werd op 18 oktober 1996 door de Provincieraad aangenomen. Op 7 januari 1997, vandaag 29 jaar geleden, verleende de Vlaamse regering haar goedkeuring.
Toeristische kaart van de Provincie Antwerpen uit 1951 door Georges Ebinger (1930-2021), uitgave van de Toeristische Federatie van de Provincie Antwerpen (publiek domein)
De vlag
Vlag van de provincie Antwerpen (1996/97-heden)
De vlag van de provincie Antwerpen bestaat uit 24 vierkanten, in vier rijen van zes. Het zijn acht rode, zes witte, zes gele en vier blauwe ‘blokken’. Ze zijn diagonaal gerangschikt, zo dat elk vlak dezelfde kleur heeft als de vlakken die er linksboven en rechtsonder staan.
De kleuren zijn afgeleid van de Antwerpse steden (en districten): Antwerpen (rood en wit), Mechelen (geel en rood) en Turnhout (blauw en wit).
V.l.n.r.: de stadsvlaggen van Antwerpen, Mechelen en Turnhout
Dat er voor een geblokte vlag werd gekozen is historisch gezien geen verrassing, omdat dit soort vlaggen al veel voorkwam in het vroegere Hertogdom Brabant, dat grofweg bestond uit het tegenwoordige Vlaams-Brabant, Waals-Brabant, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Antwerpen en een groot deel van de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Deze laatste provincie heeft óók een geblokte vlag en wel in de kleuren rood-wit en gaat terug tot de Middeleeuwen.
Links: Kaart van het Hertogdom Brabant / Rechts: Vlag van de provincie Noord-Brabant
Rood en wit zijn dan ook niet toevallig de kleuren van de stad Antwerpen en als belangrijkste van de drie steden vormen deze kleuren de drie centrale diagonalen in de vlag. Tevens is in het rood ook Mechelen vertegenwoordigd en de twee diagonalen eronder en erboven in geel geven de tweede Mechelse kleur weer. De twee korte diagonalen daar weer boven en onder zijn blauw en staan voor Turnhout. Blijven over twee witte hoek-blokken in wit, die staan voor de tweede kleur van deze stad.
Het Steen (13e eeuw) in Antwerpen met het beeld van de reus Lange Wapper, aan de oever van de Schelde (foto: Vlagblog)
De vlag verving in 1997 de provincievlag van 26 oktober 1928, waarvan veel mensen niet eens wisten dat-ie bestond. Het was een vlag met drie verticale banen in geel-rood-wit, maar die was nooit aangeslagen. De kleuren van Antwerpen en Mechelen zaten er in verwerkt, maar het blauw van Turnhout niet.
Links: Provincievlag van Antwerpen (1928-1997) / Rechts: Districtsvlag van Antwerpen
Naast de provincievlag en de er aan ten grondslag liggende stadsvlaggen is er ook nog een vlag voor het district Antwerpen, iets dat de andere districten (nog?) niet hebben. Die districtsvlag is een opvallende: het heeft dezelfde kleuren als de stadsvlag (rood-wit), maar is een zogenaamde zwaluwstaart (ook bekend als ingehoekte vlag). Deze vlag heeft een kader of zoom langs de randen in tegengestelde kleur, wat officieel omschreven wordt als “omzoomd van het één in het ander”.
Schoolkaart van de Provincie Antwerpen uit 1935, uitgave Emile Cremers & J. van In, Co. (publiek domein)