Vandaag is het negen jaar geleden dat de Nederlandse Antillen als land binnen het Koninkrijk der Nederlanden werden opgeheven. Op die 10e oktober 2010 werden Sint Maarten en Curaçao aparte landen binnen het koninkrijk (Aruba had die status al sinds 1 januari 1986).
Sint Maartense postzegel ter gelegenheid van de autonome status
De drie overige eilanden Bonaire, Saba en Sint Eustatius werden ‘speciale gemeenten’ van Nederland en in feite dus een soort exclaves. Met z’n drieën worden ze Caribisch Nederland genoemd.
De vlag
De twee versies van de vlag van de Nederlandse Antillen. Links met zes sterren (1959-1986) en rechts met vijf sterren na de uittreding van Aruba (1986-2010)
Tot 13 juni 1985 werd de vlag van de Nederlandse Antillen op Sint Maarten gebruikt. Vanaf die datum werd er een eigen vlag ingevoerd. Na de omvorming tot een land binnen het koninkrijk werd de vlag gehandhaafd.
De vlag van Sint Maarten (1985-heden)
De vlag is een horizontale tweekleur in rood en blauw, met een witte driehoek aan de broekingszijde. De kleuren rood, wit en blauw geven de verbondenheid weer met Nederland.
Het wapen van Sint Maarten (1982-heden)
In de witte driehoek is het wapen van Sint Maarten afgebeeld. Het is een blauw schild, oranje omzoomd (het oranje symboliseert de verbondenheid met het Huis van Oranje-Nassau). Op het schild is een gebouw in zilver afgebeeld: het voormalige Paleis van Justitie in de hoofdstad Philipsburg.
Twee symbolen zijn boven het gebouw afgebeeld: links een boeket van de wisselbloem (lantana camara) in goud (de nationale bloem van Sint Maarten) en rechts het monument van de Frans-Nederlandse vriendschap in zilver.
Boven het schild is een ondergaande zon te zien met daarvoor een bruine pelikaan in vlucht.
Een gouden banderol omkranst de onderkant van het schild met daarop in groene kapitalen de wapenspreuk van Sint Maarten: Semper progrediens (Altijd op weg). Het wapen werd vastgesteld op 17 november 1982.
Vandaag is het Fiji Day, wat in feite een culminatie is van een week feestvieren onder de naam Fiji Week. Een week lang zijn de eenheid, godsdienst en culturele diversiteit van het land gevierd met optredens en bijeenkomsten die de beide belangrijkste culturen centraal stellen. De twee belangrijkste groeperingen zijn de autochtone bevolking van de Fiji-eilanden (de Taukei) (56,8%) en als tweede de Indiërs (37,5%).
De eilandrepubliek Fiji in de Grote Oceaan bestaat uit zo’n 330 eilanden (waarvan er 110 bewoond zijn) en meer dan 500 eilandjes en/of rotspunten. De archipel strekt zich uit over een lengte van zo’n 2000 km. Als we alle eilanden bij elkaar optellen heeft Fiji een grondgebied van 18.300 km².
Het merendeel van de bevolking (87%) woont op de twee belangrijkste eilanden, Viti Levu en Vanua Levu. De hoofdstad Suva op Viti Levu telt ruim 86.000 inwoners, maar met de voorsteden meegerekend ruim 173.000.
De datum van vandaag, waar de Fiji Week mee afsluit is Fiji’s Onafhankelijkheidsdag. Op deze dag in 1970 werd Fiji na 96 jaar Engels bestuur (opnieuw) onafhankelijk.
Maar er is een tweede historische link: op 10 oktober 1874 droeg Fiji’s koning Seru Epenisa Cakobau de macht over aan het Verenigd Koninkrijk.
Vanaf 1970 is Fiji onafhankelijk onder de naam Dominion of Fiji, waarbij koningin Elizabeth II officieel staatshoofd bleef en het land lid was van het Britse Gemenebest.
In 1987 was er een staatsgreep in het land waarbij de republiek werd uitgeroepen en Fiji op 7 oktober het Gemenebest verliet.
Tien jaar later in 1997 was de politieke situatie van Fiji genormaliseerd. Er werd een nieuwe grondwet aangenomen en het land werd opnieuw lid van het Gemenebest.
De grootste bijeenkomst vandaag vindt plaats in het Albert Park in Suva met president Jioji Konrote als hoofdgast. Ieder jaar heeft een ander thema, dit jaar is dat A progressive and sustainable Fiji for all (Een voortbouwend en duurzaam Fiji voor allen).
De vlag
Vlag van Fiji (1970-heden)
De vlag van Fiji was met zijn lichtblauwe kleur in 1970 uniek in de serie Britse ensigns. (Tuvalu zou in 1978 het voorbeeld van Fiji volgen). In de koloniale periode (1874-1970) had Fiji een ‘normale’ blue ensign, waar ze overigens vier verschillende versies van ‘versleten’. Daarover straks meer!
De nieuwe vlag van 1970 werd gekozen na een ontwerpwedstrijd, die werd gewonnen door Tessa Mackenzie en Robi Welcock, die, hoewel ze elkaar kenden, los van elkaar met precies hetzelfde winnende ontwerp kwamen.
De vlag is een lichtblauwe Britse ensign, dus met de Union Flag of Union Jack in het kanton. De kleur werd specifiek gekozen om de Grote Oceaan symbolisch weer te geven en om tevens ‘anders’ te zijn dan sommige andere ‘normaal’-blauwe blue ensigns in de regio, zoals Australië, Nieuw-Zeeland en de Cookeilanden.
Het uitwaaiende gedeelte laat het wapen (1908) van Fiji zien, wat ook al op de voorgaande koloniale vlag voorkwam, maar nu zonder de twee schildhouders.
Het ‘uitgeklede’ wapen op de vlag is verdeeld in vier kwartieren door een Engels Sint-Joriskruis, beladen met een zogenaamde gaande Britse leeuw met een cacaoboon tussen zijn voorpoten.
1e kwartier: drie suikerrietstengels.
2e kwartier: een kokospalm.
3e kwartier: een vredesduif.
4e kwartier: een kam bananen.
Links: Het wapen van Fiji zoals afgebeeld op de vlag / Rechts: Het complete staatswapen met schildhouders en motto
Het complete staatswapen uit 1908, heeft hetzelfde schild, maar nu voorzien van twee schildhouders, volgens Fijiaanse legendes zou het duo een tweeling zijn. De oudste van de twee zien we links en is en face afgebeeld. In zijn rechterhand houdt hij een speer vast. De jongere broer, rechts, is en profil afgebeeld. Hij heeft in zijn linkerhand een totokia-knuppel, ook wel ananas-knuppel genaamd, vanwege het daarop gelijkende puntige knotsgedeelte.
Boven het schild is een takia afgebeeld, een traditionele inheemse kano. Onder het schild is een witte banderol met het motto Rerevaka na kalou ka doka na Tui(Vreest God en breng hulde aan de koningin). De twee schildhouder-broers balanceren bovenop de banderol!
Zoals hierboven al vermeld heeft Fiji maar liefst vier versies van z’n koloniale blue ensign gehad. De eerste versie was in gebruik tussen 1877 en 1883 en op de badge was een zeemeermin afgebeeld, met achter haar twee traditionele oorlogsknuppels en omcirkeld met bladertakken. Nummer twee werd ingevoerd in 1883 en hield het uit tot in 1908. De badge op deze vlag was overgenomen van de blue ensign voor de Canadese provincie British Columbia uit 1870. Het toont een gekroonde Britse leeuw, staand op een koningskroon (die enige gelijkenis vertoont met de Imperial State Crown). Om niet twee exact gelijke vlaggen te hebben, staat de naam FIJI in kapitalen onder de kroon. (British Columbia gebruikte de initialen BC).
Koloniale vlaggen van Fiji, links: 1877-1883, rechts: 1883-1908
Op 4 juli 1908 wordt het wapen aangenomen dat Fiji nu nog heeft en zodoende kwam er een nieuwe vlag met dat wapen in de badge. De vierde versie, uit 1924, bracht slechts een kleine verandering: de witte cirkel (de badge) verdween, waardoor het wapen verder badge-loos door het leven ging, tot de onafhankelijkheid in 1970.
Koloniale vlaggen van Fiji: links: 1908-1924, rechts: 1924-1970
Om nog iets verder terug in de tijd te gaan (en dan behandel ik nog niet eens alles!); tussen 1871 en 1874 gebruikte het Verenigd Koninkrijk Fiji een vlag met twee verticale banen in wit en helderblauw, met daaroverheen een rood schild met vredesduif, dezelfde duif die in 1908 promoveert naar het 3e kwartier in het staatswapen.
Vlag van het Verenigd Koninkrijk Fiji (1871-1874)
Tot slot: Fiji heeft ook de beschikking over een red ensign en een white ensign. Los van de kleur zijn ze gelijk aan de nationale vlag. De rode vlag wordt gebruikt door de koopvaardij, de witte door de marine.
Links: Koopvaardijvlag van Fiji / Rechts: Marinevlag van Fiji
Oeganda, een van de armste landen ter wereld, viert vandaag zijn 57e Onafhankelijkheidsdag. Op 9 oktober 1962 werd het land onafhankelijk van het Verenigd Koninkrijk, dat het land sinds 1894 als een protectoraat had bestuurd.
Hoewel Vlagblog er niet is om politiek stelling te nemen tegen landen, of wantoestanden aan de kaak te stellen, is er bij Oeganda geen ontkomen aan om toch het een en ander te benoemen wat door een groot deel van de internationale gemeenschap als zeer zorgwekkend wordt gezien. Om een paar dingen te noemen:
In de jaren ’70 van de vorige eeuw kwam generaal Idi Amin door een militaire coup aan de macht en hij ontpopte zich tot een wrede dictator, waarbij duizenden mensen uit de weg werden geruimd. Schattingen lopen uiteen van 80.000 tot 500.000.
Onder de huidige president (sinds 1986) Yoweri Museveni, die het telkens voor elkaar krijgt de maximale zittingstermijn voor een president te verlengen, zijn er nog steeds veel problemen in het land, zoals de in het noorden van Oeganda opererende rebellengroep Het Verzetsleger van de Heer, dat geleid wordt door Joseph Kony. Hij ziet zich als een profeet en wil een eigen staat stichten op zijn interpretatie van de Bijbel. De groep is verantwoordelijk voor moordpartijen en ontvoeringen van kinderen: meisjes worden seksslaven en jongens kindsoldaten, tussen 2002 en 2003 alleen al werden 9000 kinderen ontvoerd.
Al sinds de tijd van Idi Amin leeft de LGBT-minderheid in angst. De moorden op homo’s stonden bekend als de iron bar killings (ijzeren staaf-moorden). De gemeenschap is er nog niet veel op vooruitgegaan onder de huidige president, maar er zijn wat lichtpuntjes. Die kwamen er na een zeer omstreden anti-homowetsvoorstel:
Op 9 oktober 2010 publiceerde het tijdschrift Rolling Stone (niet te verwarren met het gelijknamige Amerikaanse muziektijdschrift) een voorpagina-artikel getiteld “100 Pictures of Uganda’s Top Homos Leak”, met namen, adressen en foto’s van 100 homoseksuelen, met ernaast een banner met de tekst “Hang them” (“Hang ze op”), wat niet geheel verrassend tot geweld tegen de vermelde personen leidde.
Het bewuste nummer van Rolling Stone
Het artikel verscheen in de nasleep van het in 2009 ingebracht wetsvoorstel dat homoseksualiteit (wat bij wet al verboden was) voortaan met de dood wilde bestraffen.
Zowel dit wetsvoorstel als het tijdschriftartikel werden fel bekritiseerd door het grootste deel van de westerse wereld. De wet kwam er na enige vertraging: op 20 december 2013 werd die goedgekeurd (waarbij de doodstraf kwam te vervallen) en door president Museveni ondertekend op 24 februari 2014.
Nederland, Denemarken en Zweden protesteerden en bliezen hun financiële hulp aan het land af. Op 28 februari schoof de Wereldbank een lening van $90 miljoen op de lange baan. De Verenigde Staten kondigde aan zijn betrekkingen met Oeganda te herzien.
Op 1 augustus oordeelde het Constitutionele Hof van Oeganda dat de anti-homowet ongeldig was, omdat hij niet op de juiste wijze door het parlement was behandeld en niet in overeenstemming was met de Oegandese grondwet.
President Museveni, steeds verder in het nauw gebracht door buitenlandse druk en de Oegandese rechtspraak, liet een gewijzigde versie van de wet door het parlement behandelen, waarbij homoseksualiteit tussen volwassenen niet langer werd verboden.
Update: één etmaal na de Onafhankelijkheidsdag liet Oeganda zich opnieuw van zijn slechtste kant zien, toen de regering aankondigde opnieuw de doodstraf te willen invoeren voor homoseksuelen.
Volgens de regering moet het wetsvoorstel, dat over enkele weken al zal worden ingediend, een eind moet maken aan de ‘opkomst van onnatuurlijke seks’.
De regering, bij monde van ethiek- en integriteitsminister Simon Lokodo, laat verder weten: “Homoseksualiteit is onnatuurlijk voor Oegandezen, maar er is een massale werving gaande door homo’s op scholen en onder de jeugd in het algemeen, door de leugen te verspreiden dat mensen zo worden geboren. Ons huidige strafwetboek is ontoereikend. Het stelt slechts de daad strafbaar. We willen iedereen duidelijk maken dat eenieder die ook maar betrokken is bij de promotie en werving strafrechtelijk vervolgd dient te worden. Zij die zich schuldig maken aan ernstige misdaden zullen de doodstraf opgelegd krijgen”.
Volgens minister Lokodo heeft het wetsvoorstel de instemming van president Museveni en hij verwacht dat er vóór het einde van het jaar over gestemd kan worden. Verder kon de minister melden dat hij optimistisch gestemd is over het behalen van de benodigde tweederde meerderheid in het parlement, nodig om het wetsvoorstel aanvaard te krijgen, omdat ‘de regering al gelobbyd had in de aanloop voor de herintroductie van de wet’.
Nu de aarzelende stappen tot verbetering van de situatie voor de LGBT-gemeenschap in Oeganda weer teruggedraaid lijken te worden, zal de Oegandese vlag tot nader order niet meer aan de vlaggestok te zien zijn.
De vlag
Vlag van Oeganda (1962-heden)
De vlag van Oeganda bestaat uit zes horizontale banen in zwart-geel-rood-zwart-geel-rood met over de twee middelste banen, in het midden een zgn. badge, een witte cirkel, waarin een ietwat gestileerde afbeelding van een grijze kroonkraan (ook wel kroonkraanvogel genoemd) (Balearica regulorum).
Het ontwerp was van de hand van de minister van justitie Grace Ibingira en wapperde voor het eerst op de dag dat Oeganda onafhankelijk werd in 1962.
De kleuren staan allereerst voor Afrika: zwart voor de bevolking, geel voor de zon en rood voor het bloed dat Afrikanen met elkaar verenigd.
Het eerste ontwerp voor Oeganda’s vlag (1962)
De kleuren zijn echter ook politiek en dat kan ook aardig geïllustreerd worden met het eerste ontwerp voor een een vlag, eerder in 1962. Dit ontwerp kwam in maart dat jaar uit de bus rollen en was een vlag (ook met kraanvogel) in de kleuren (groen-geel-blauw) van de Democratic Party (DP), die toen de grootste politieke partij was.
Op 25 april echter, verloor de partij de verkiezingen, grote winnaar was de Uganda People’s Congress (UPC). De kleuren van deze partij waren zwart-geel-rood en het vlagvoorstel van de Democratic Party werd alsnog afgewezen, waarna Grace Ibingira met zijn ontwerp kwam in de kleuren van de UPC.
De grijze kroonkraan is het nationale symbool van Oeganda. Het is een 1m-grote waadvogel, die qua aantallen nogal terugloopt (de populatie wordt geschat op 58.000 tot 77.000 exemplaren).
De vogel was ook al op de koloniale vlag te zien, tussen 1914 en 1962. Deze vlag is als zoveel Britse koloniale vlaggen uit die tijd een zgn. blue ensign, met de Union Flag of Union Jack in het kanton en de badge, het symbool voor het betreffende gebied op het uitwaaiende gedeelte. De grijze kroonkraan is hier natuurlijker afgebeeld.
Een ‘losse’ badge komt voor in het boek “Alverdens flag i farver” (“Wereldvlaggen in kleur”) van Preben Kannik uit 1956 van de Deense uitgever Politikens Forlag. Of deze badge het originele ontwerp is, wordt niet vermeld, maar de afbeelding is duidelijk niet precies dezelfde als die op de blue ensign.
Op 9 oktober 1820 was het Ecuador’s grootste stad Guayaquil die na 300 jaar Spaanse overheersing de onafhankelijkheid uitriep. Dit ging bijna zonder bloedvergieten, door het Spaanse garnizoen uit te schakelen. Deze revolte stond onder leiding van een aantal revolutionaire leiders uit het land zelf, bijgestaan door ‘collega’s’ uit Venezuela en Peru.
Het nieuws van deze bevrijding deed snel de ronde, waarna andere Ecuadoriaanse steden volgden, zoals Portoviejo en Cuenca. De strijd om Quito moest toen echter nog beginnen. De beslissende slag om de hoofdstad, de Batalla de Pichincha, werd geleverd op 24 mei 1822. Het Spaanse leger werd verslagen.
‘La capitulación de la Batalla de Pichincha’ (De overgave na de Slag om Pichincha), olieverfschilderij van Antonio Salas (1784-1860)
Ecuador sloot zich vervolgens aan bij de federatie Groot-Colombia (1819-1830), wat mét Ecuador erbij toen bestond uit de huidige republieken Venezuela en Colombia (plus een deel van het tegenwoordige Panama, wat toen bij Colombia hoorde). In 1830 viel de federatie uiteen en werd Ecuador een onafhankelijke republiek.
De vlag
Vlag van Ecuador (1860)
De vlag van Ecuador heeft sinds het land definitief onafhankelijk werd vele verschijningsvormen gekend. Het zou te ver voeren die hier allemaal uitgebreid te bespreken, maar vanwege de grote verscheidenheid een greep uit de vlaggenhistorie:
V.l.n.r.: De Spaanse koloniale vlag, een zogenaamd Bourgondisch kruis (1534-1820) / De revolutionaire vlag, gebruikt in 1809, de zogenaamde Bandera de la Revolución Quiteña, een omgekeerde versie van de koloniale vlag / De eerste vlag van een onafhankelijk Ecuador (1820-1822)
Feit is dat het land met het huidige ontwerp teruggreep op zijn tijd als een van de landen in de federatie Gran Colombia (Groot Colombia), dat dezelfde kleuren gebruikte. Het is dan ook geen toeval dat Venezuela en Colombia vergelijkbare vlaggen hebben, vanwege de gedeelde geschiedenis.
V.l.n.r.: De vlag van Gran Colombia (1822-1830) / Vlag van Ecuador (1835-1845) / Vlag van Ecuador (1845-1860)
De huidige vlag is een horizontale driekleur in geel, blauw en rood, waarbij de gele baan net zo breed is als de blauwe en rode samen. Het ontwerp werd ingevoerd op 26 september 1860. Op 7 november 1900 werd het rijkswapen toegevoegd. Het geel staat voor zonneschijn, graan en rijkdom, het blauw voor rivieren, zee en lucht en het rood voor het bloed van de patriotten en martelaren.
Wapen van Ecuador (1845-heden)
Het rijkswapen, wat in het midden van de vlag is afgebeeld, is ingevoerd in 1845. Het is een ovalen afbeelding met daarin een landschap met de ruim 6 km hoge dode vulkaan Chimborazo, met daaronder de rivier de Guayas. Op de rivier is het stoomschip de Guayas te zien, het was in 1841 het eerste zeewaardige stoomschip aan de Zuid-Amerikaanse westkust.
Bovenin het tafereel is de zon afgebeeld over een band met de dierenriemtekens van Ram, Stier, Tweelingen en Kreeft, deze verwijzen naar de maanden maart tot en met juli 1845, toen er een revolutie plaatsvond.
Het wapenschild wordt geflankeerd door vier Ecuadoriaanse vlaggen. Tussen de linkse vlaggen steekt een lauriertak, als symbool van grootsheid en tussen de rechtse vlaggen een palmtak, als teken van vrede. Onder het schild is een pijlenbundel afgebeeld, de zogenaamde fasces, die de republikeinse staatsvorm symboliseren. Het geheel wordt bekroond door een condor die met geopende vleugels bovenop het schild zit. De vogel staat voor macht, grootsheid en kracht.
Civiele vlag van Ecuador, zonder wapen / Vlag van Ecuador voor gemeentelijke overheden
Maar wacht! We zijn er nog niet! Zoals in wel meer landen kent Ecuador ook een versie van de vlag zonder staatswapen, voor civiel gebruik. Maar in het geval van Ecuador wordt door de bevolking de staatsvlag net zo vaak gebruikt als de versie zonder. Dit kan ook te maken hebben met het feit dat de ‘wapenloze’ vlag identiek is aan de staatsvlag van Colombia. Het enige verschil is de ratio, voor Colombia is dat 2:3 en voor Ecuador 1:2. En om het nóg ingewikkelder te maken: de Ecuadoriaanse koopvaardij gebruikt ook de vlag zonder wapen, maar dan in de ratio 2:3, dus hetzelfde als de Colombiaanse staatsvlag.
En nog zijn we er niet, er is nl. ook een speciale vlag voor gemeentelijke instellingen! Deze vlag heeft in plaats van het staatswapen een cirkel van 24 witte vijfpuntige sterren. De sterren staan voor het aantal provincies.
Begin 1991 vormden de Joegoslavische deelrepublieken nog steeds één land, maar dat zou niet lang meer duren. Deelrepubliek Kroatië hield in mei van dat jaar een referendum met de vraag of het volk de onafhankelijkheid wilde. 93% stemde vóór. Kroatië trok daarna gezamenlijk op met noorderbuur Slovenië. De bevolking van deze deelrepubliek had zich in december 1990, met 88% vóór, eveneens uitgesproken voor onafhankelijkheid.
Kaart van Kroatië
Op 25 juni 1991 verklaarden beide deelrepublieken zich onafhankelijk van de Joegoslavische volksrepubliek. Helaas werd dit de twee deelrepublieken verboden door het centrale gezag in Belgrado, waarna een jarenlange Balkan-oorlog begon.
Op 8 oktober dat jaar sprak het Kroatische parlement, de Sabor, zich uit voor het beëindigen van relaties met het resterende deel van Joegoslavië.
De vergadering van de Sabor op 8 oktober 1991, niet in het parlementsgebouw, maar in de kelder van multinationale oliemaatschappij INA, uit angst voor bombardementen
Beide data zijn nu belangrijke feestdagen voor Kroatië: 25 juni als Nationale feestdag (Dan državnosti) en 8 oktober als Onafhankelijkheidsdag (Dan neovisnosti).
De vlag
Vlag van Kroatië (1990-heden)
De vlag van Kroatië is ingevoerd op 21 december 1990 en is er een uit de zgn. pan-slavische vlaggenfamilie, met als oorsprong de Nederlandse vlag.
Toen tsaar Peter de Grote zijn licht opstak in de Nederlanden in 1697, kwam hij danig onder de indruk van de Nederlandse scheepsbouw en de organisatie van de marine.
Vlaggen van Nederland en Rusland
Terug in Rusland introduceerde hij een handelsvlag gebaseerd op de Nederlandse driekleur: wit-blauw-rood (nu de nationale vlag).
Dit op zijn beurt beïnvloedde weer andere landen dezelfde driekleur te gebruiken en die enigszins aan te passen.
We zien de kleuren terug in de huidige vlaggen van Servië, Slovenië en Slowakije.
V.l.n.r.: de vlaggen van Servië, Slovenië en Slowakije
Tot 2004 had Montenegro ook een vlag uit deze ‘serie’. En hoewel je het nu niet meer zou zeggen is ook de vlag van Bulgarije (wit-groen-rood) een pan-slavische vlag. Tot 1878 was het groen in de vlag blauw.
V.l.n.r.: de vlaggen van Montenegro (1992-1994), nog een keer Montenegro (1994-2004) (correcte lengte!) en Bulgarije
Zonder het wapen zou de vlag van Kroatië identiek zijn aan die van Nederland. Het wapen vertoont een rood-wit geblokt schild, het zogenaamde ‘sahovnica’ (schaakbord). Sinds de 10e eeuw was dit het wapen van de Kroatische koningen.
V.l.n.r.: het nationale wapen van Kroatië, wapen van Centraal-Kroatië, wapen van Dubrovnik
De vijf schildjes erboven vormen tezamen een kroon en staan (van links naar rechts) voor Centraal-Kroatië, Dubrovnik, Dalmatië, Istrië en Slavonië.
V.l.n.r.: de wapens van Dalmatië, Istrië en Slavonië
De vlag van Kroatië als deelrepubliek van Joegoslavië was dezelfde driekleur, maar dan met een socialistische, vijfpuntige, geel-omrande rode ster.
Vlag van Kroatië als Joegoslavische deelrepubliek (1947-1990)
Dat vijf Midden-Amerikaanse landen vandaag hun Onafhankelijksheidsdag vieren kan geen toeval zijn en dat is het dan ook niet! Tussen 1609 en 1821 vormden deze landen het zogenaamde Capitanía General de Guatemala (Kapiteinschap Generaal van Guatemala), ook wel het Reino de Guatemala (Koninkrijk Guatemala) geheten.
Dit gebied was zelf weer een onderdeel van het Virreinato de Nueva España (Vicekoninkrijk Spanje) wat tevens Mexico omvatte en grote delen van de tegenwoordige Verenigde Staten, delen van het noordwesten van Zuid-Amerika en verscheidene Caribische eilanden. Deze gebieden vielen onder de Spaanse Kroon.
Vanaf 1808 begon het grote Spaanse Rijk te desintegreren, dankzij de opkomst van Napoleon, die een groot deel van Spanje bezette, de Spaanse koning aan de kant schoof en zijn broer Joseph op de Spaanse troon zette. Het wakkerde onafhankelijkheidsbewegingen aan in geheel Latijns-Amerika en hoewel koning Ferdinand VII na de val van Napoleon zijn troon weer innam, was de geest al uit de fles.
Dit leidde een aantal jaren later naar de opstelling van een onafhankelijkheidsverklaring van het Kapiteinschap Generaal van Guatemala. Op 15 september 1821 werd het door de provincies van dit gebied geratificeerd, waardoor Nicaragua, Guatemala, Honduras, Costa Rica en El Salvador zich onafhankelijk verklaarden.
Het Kapiteinschap Generaal van Guatemala (1821-1822)
Ook noorderbuur Mexico had zich vrijgemaakt en was nu het Keizerrijk Mexico onder keizet Agustin I, een voomalige legerofficier. Kort hierna kwam er een voorstel van de keizer aan de vijf Midden-Amerikaanse landen om zich bij het keizerrijk aan te sluiten.
Links: Keizer Agustín I (Agustín de Iturbide) (1783-1824), schilderij door Primitivo Miranda (1822-1897) uit 1860 / Rechts: Het grondgebied van het Eerste Keizerrijk Mexico
El Salvador was tegen, maar de rest vóór, zodat op 6 januari 1822 de aansluiting een feit was. Het keizerrijk was echter een kort leven beschoren, na tegenstand en intrekking van steun aan de keizer door de meeste Mexicaanse provincies en militairen, koos Agustin eieren voor z’n geld. Hij abdiceerde en vluchtte het land uit, Hiermee viel het keizerrijk uit elkaar. Mexico werd een federale republiek en de vijf Midden-Amerikaanse landen vormden vanaf 1823 hun eigen republiek, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat bestond tot 1841, waarna de vijf landen onafhankelijke landen werden.
Toch probeerden drie van de vijf het opnieuw samen: El Salvador, Honduras en Nicaragua vormden in 1896 de República de América Central (Republiek van Centraal Amerika), ook bekend onder de namen Estados Unídos de Centroamérica (Verenigde Staten van Centraal Amerika) en República Mayor de Centroamérica (Grote Republiek van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat hield het slechts twee jaar vol. Vanaf 1898 zijn de vijf dus ‘op zichzelf’.
De vlag
Vlag van Nicaragua (1971-heden)
De vlag van Nicaragua is een horizontale driekleur in kobaltblauw-wit-kobaltblauw, met in het midden van de witte baan het staatswapen.
Net als de andere vier Midden-Amerikaanse landen die vandaag hun Onafhankelijkheidsdag vieren, is de vlag van Nicaragua gebaseerd op die van de ‘superstaat’ die tussen 1823 en 1841 bestond, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten. De vlag van deze staat was op zijn beurt weer gebaseerd op die van Argentinië.
De vlaggen van Argentinië en de Federale Republiek van Centraal Amerika, ook wel de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
De vlag van Nicaragua vertoonde in de 19e eeuw nogal wat versies van een blauw-wit-blauwe vlag in verschillende tinten, soms mét, soms zónder (het ook aan verandering onderhevig zijnde) staatswapen.
Een opvallende eend in de bijt is een totaal afwijkende vlag tussen de jaren 1854 en 1858. Die vlag was een horizontale driekleur van geel-wit-beige. Deze vlag kwam ook weer in verschillende versies voor: mét en zónder staatswapen en tevens met de tekst REPUBLICA DE NICARAGUA in gele kapitalen op de witte baan.Vanaf 5 september 1908 heeft Nicaragua de vlag zoals we hem nu nog kennen, zij het dat op 27 augustus 1971 het staatswapen op details werd veranderd, waardoor de vlag dus ‘mee’-wijzigde.
Hieronder een paar voorbeelden:
Vlaggen van Nicaragua, v.l.n.r.: 1854-1858, 1858-1873, 1908-1971
De blauwe banen van de Nicaraguaanse vlag staan voor de twee oceanen waar Nicaragua aan grenst: de Atlantische en de Grote Oceaan, tevens symboliseren ze recht en geloof. De witte baan staat voor het land tussen de oceanen, maar tevens voor reinheid en redelijkheid.
Het wapen
Bijna gelijke wapens: die van de República Federal de Centroamérica (Provincias Unidas del Centro de América) en Nicaragua
Hoezeer het wapen van Nicaragua (rechts) lijkt op dat van de ‘superstaat’ de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten, is goed te zien als we ze naast elkaar zetten.
De driehoek symboliseert gelijkheid, de vijf vulkanen de vijf staten die samen de 19e eeuwse republiek vormden (naast Nicaragua: Guatemala, Honduras, Costa Rica en El Salvador), gelegen tussen de Caribische Zee en de Grote Oceaan.
Boven de vulkanen zien we een rode frygische muts (symbool voor de vrijheid) zijn stralen over de landen uitstrooien. De regenboog verzinnebeeldt de vrede.
In een cirkel om het wapen heen twee teksten in gouden kapitalen. Bovenin: REPUBLICA DE NICARAGUA. Onderin: AMERICA CENTRAL.
Het huidige wapen werd op 5 september 1908 ingevoerd en enigszins veranderd op 27 augustus 1971.
Dat vijf Midden-Amerikaanse landen vandaag hun Onafhankelijksheidsdag vieren kan geen toeval zijn en dat is het dan ook niet! Tussen 1609 en 1821 vormden deze landen het zogenaamde Capitanía General de Guatemala (Kapiteinschap Generaal van Guatemala), ook wel het Reino de Guatemala (Koninkrijk Guatemala) geheten.
Dit gebied was zelf weer een onderdeel van het Virreinato de Nueva España (Vicekoninkrijk Nieuw Spanje) wat tevens Mexico omvatte en grote delen van de tegenwoordige Verenigde Staten, delen van het noordwesten van Zuid-Amerika en verscheidene Caribische eilanden. Deze gebieden vielen onder de Spaanse Kroon.
Vanaf 1808 begon het grote Spaanse Rijk te desintegreren, dankzij de opkomst van Napoleon, die een groot deel van Spanje bezette, de Spaanse koning aan de kant schoof en zijn broer Joseph op de Spaanse troon zette. Het wakkerde onafhankelijkheidsbewegingen aan in geheel Latijns-Amerika en hoewel koning Ferdinand VII na de val van Napoleon zijn troon weer innam, was de geest al uit de fles.
Dit leidde een aantal jaren later naar de opstelling van een onafhankelijkheidsverklaring van het Kapiteinschap Generaal van Guatemala. Op 15 september 1821 werd het door de provincies van dit gebied geratificeerd, waardoor Honduras, Guatemala, El Salvador, Costa Rica en Nicaragua zich onafhankelijk verklaarden.
Het Kapiteinschap Generaal van Guatemala (1821-1822)
Ook noorderbuur Mexico had zich vrijgemaakt en was nu het (Eerste) Keizerrijk Mexico onder keizer Agustín I, een voomalige legerofficier. Kort hierna kwam er een voorstel van de keizer aan de vijf Midden-Amerikaanse landen om zich bij het keizerrijk aan te sluiten.
Links: Keizer Agustín I (Agustín de Iturbide) (1783-1824), schilderij door Primitivo Miranda (1822-1897) uit 1860 / Rechts: Het grondgebied van het Eerste Keizerrijk Mexico
El Salvador was tegen, maar de rest vóór, zodat op 6 januari 1822 de aansluiting een feit was. Het keizerrijk was echter een kort leven beschoren, na tegenstand en intrekking van steun aan de keizer door de meeste Mexicaanse provincies en militairen, koos Agustin eieren voor z’n geld. Hij abdiceerde en vluchtte het land uit, Hiermee viel het keizerrijk uit elkaar. Mexico werd een federale republiek en de vijf Midden-Amerikaanse landen vormden vanaf 1823 hun eigen republiek, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat bestond tot 1841, waarna de vijf landen onafhankelijke landen werden.
Toch probeerden drie van de vijf het opnieuw samen: Honduras, El Salvador en Nicaragua vormden in 1896 de República de América Central (Republiek van Centraal Amerika), ook bekend onder de namen Estados Unídos de Centroamérica (Verenigde Staten van Centraal Amerika) en República Mayor de Centroamérica (Grote Republiek van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat hield het slechts twee jaar vol. Vanaf 1898 zijn de vijf dus ‘op zichzelf’.
De vlag van Honduras is een horizontale driekleur in blauw-wit-blauw met in het midden van de witte baan vijf blauwe achtpuntige sterren, waarvan er één precies in het midden staat, links en rechts geflankeerd door de andere, onder elkaar geplaatste sterren.
Vlag van Honduras (1949-heden)
Net als de andere vier Midden-Amerikaanse landen die vandaag hun Onafhankelijkheidsdag vieren, is de vlag van Honduras gebaseerd op die van de ‘superstaat’ die tussen 1823 en 1841 bestond, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten. De vlag van deze staat was op zijn beurt weer gebaseerd op die van Argentinië.
De vlaggen van Argentinië en de Federale Republiek van Centraal Amerika, ook wel de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
Na het opdoeken van de superstaat behield Honduras wel de horizontale banen en de kleur blauw, maar dan een stuk donkerder, de witte baan bleef ‘leeg’. De vlag veranderde opnieuw in 1866: het blauw werd weer een paar tinten lichter en kreeg de vijf sterren op de vlag die het nu nog heeft en daarmee in feite de vlag was zoals we hem nu nóg kennen, ware het niet dat de sterren hier op hun punt staan. Ook werd er af en toe met de sterren geschoven. Zo komt de vlag in de 19e eeuw ook voor met de vijf sterren in een halve cirkel.
Historische vlaggen van Honduras, v.l.n.r.: 1839-1866, 1866-1898, 1866-1898 (alternatieve versie)
Tussen 1898 en 1949 staan de sterren weer netjes op hun vertrouwde plek, maar nu in goud. Vanaf dat jaar veranderen ze terug naar blauw en worden ze iets gekanteld, waardoor ze nu op twee punten staan.
Vlag van Honduras (1898-1948)
De twee blauwe banen symboliseren de twee oceanen waaraan Honduras grenst: de Atlantische en de Stille Oceaan, maar staan tevens voor de blauwe hemel en voor broederschap.
De vijf sterren herinneren aan de gezamenlijke geschiedenis van de vijf Midden-Amerikaanse landen.
Vlag van de Hondurese marine
Een aparte vlag is er voor de Fuerza Naval de Honduras, de Hondurese marine. Hier zijn de donkerder kleuren behouden die de vlag tussen 1833 en 1866 had. Op de witte baan is het staatswapen aangebracht, met daaronder de vijf sterren in een halve cirkel.
Het wapen van Honduras is -voorzichtig uitgedrukt- een hele toestand! Hieronder extra groot afgebeeld om de vele details te kunne waarnemen.
Het wapen van Honduras, ingevoerd in 1838, officieel erkend in 1866 en licht gewijzigd in 1935
In het midden een ovalen wapenschild met in gouden kapitalen het randschrift REPUBLICA DE HONDURAS, LIBRE, SOBERANA E INDEPENDENTE en en een iets kleinere letter 15 DE SEPTIEMBRE DE 1821 (REPUBLIEK HONDURAS, VRIJ, SOEVEREIN EN ONAFHANKELIJK – 15 SEPTEMBER 1821).
Op het schild staan verschillende elementen die ook bij de andere Midden-Amerikaanse landen zijn te vinden en die teruggaan op het wapen van de ‘superstaat’, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika).
Centraal staat een gemetselde piramide, symbool voor recht en gelijkberechtigheid. Twee torens staan vóór de piramide: zij staan voor de bereidheid het grondgebied te verdedigen. Tussen de torens een vulkaan met daarboven een rode zon met gele gloed en daarachter een regenboog. De onderkant van het wapen wordt ingenomen door de oceaan en de bovenkant door een blauwe lucht met witte wolken.
Boven het wapenschild steekt een pijlenkoker met zeven gevederde pijlen in verschillende kleuren, symbool voor de oorspronkelijke inheemse bevolking. Aan weerszijden hiervan, langs het schild naar beneden afhangend, twee gouden hoornen van overvloed met bloemen en vruchten. De hoornen zijn aan hun bovenkanten verbonden middels een touw.
Het wapenschild rust aan de onderkant op een heuvelachtig landschap in naturalistische kleuren, met eiken- en pijnbomen en land- en mijnbouwgereedschap en twee mijningangen, symbool voor de rijkdom van het land.
Dat vijf Midden-Amerikaanse landen vandaag hun Onafhankelijksheidsdag vieren kan geen toeval zijn en dat is het dan ook niet! Tussen 1609 en 1821 vormden deze landen het zogenaamde Capitanía General de Guatemala (Kapiteinschap Generaal van Guatemala), ook wel het Reino de Guatemala (Koninkrijk Guatemala) geheten.
Dit gebied was zelf weer een onderdeel van het Virreinato de Nueva España (Vicekoninkrijk Spanje) wat tevens Mexico omvatte en grote delen van de tegenwoordige Verenigde Staten, delen van het noordwesten van Zuid-Amerika en verscheidene Caribische eilanden. Deze gebieden vielen onder de Spaanse Kroon.
Vanaf 1808 begon het grote Spaanse Rijk te desintegreren, dankzij de opkomst van Napoleon, die een groot deel van Spanje bezette, de Spaanse koning aan de kant schoof en zijn broer Joseph op de Spaanse troon zette. Het wakkerde onafhankelijkheidsbewegingen aan in geheel Latijns-Amerika en hoewel koning Ferdinand VII na de val van Napoleon zijn troon weer innam, was de geest al uit de fles.
Dit leidde een aantal jaren later naar de opstelling van een onafhankelijkheidsverklaring van het Kapiteinschap Generaal van Guatemala. Op 15 september 1821 werd het door de provincies van dit gebied geratificeerd, waardoor Guatemala, El Salvador, Honduras, Costa Rica en Nicaragua zich onafhankelijk verklaarden.
Het Kapiteinschap Generaal van Guatemala (1821-1822)
Ook noorderbuur Mexico had zich vrijgemaakt en was nu het (Eerste) Keizerrijk Mexico onder keizer Agustín I, een voomalige legerofficier. Kort hierna kwam er een voorstel van de keizer aan de vijf Midden-Amerikaanse landen om zich bij het keizerrijk aan te sluiten.
Links: Keizer Agustín I (Agustín de Iturbide) (1783-1824), schilderij door Primitivo Miranda (1822-1897) uit 1860 / Rechts: Het grondgebied van het Eerste Keizerrijk Mexico
El Salvador was tegen, maar de rest vóór, zodat op 6 januari 1822 de aansluiting een feit was. Het keizerrijk was echter een kort leven beschoren, na tegenstand en intrekking van steun aan de keizer door de meeste Mexicaanse provincies en militairen, koos Agustin eieren voor z’n geld. Hij abdiceerde en vluchtte het land uit, Hiermee viel het keizerrijk uit elkaar
Mexico werd een federale republiek en de vijf Midden-Amerikaanse landen vormden vanaf 1823 hun eigen republiek, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat bestond tot 1841, waarna de vijf landen onafhankelijke landen werden.
Toch probeerden drie van de vijf het opnieuw samen: El Salvador, Honduras en Nicaragua vormden in 1896 de República de América Central (Republiek van Centraal Amerika), ook bekend onder de namen Estados Unídos de Centroamérica (Verenigde Staten van Centraal Amerika) en República Mayor de Centro América (Grote Republiek van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat hield het slechts twee jaar vol. Vanaf 1898 zijn de vijf dus ‘op zichzelf’.
De vlag
Vlag van Guatemala, met en zonder wapen
De vlag van Guatemala is een verticale driekleur in hemelsblauw-wit-hemelsblauw, met midden op de witte baan het wapen van Guatemala. De vlag bestaat ook zonder wapen.
Net als de andere vier Midden-Amerikaanse landen die vandaag hun Onafhankelijkheidsdag vieren, is de vlag van Guatemala gebaseerd op die van de ‘superstaat’ die tussen 1823 en 1841 bestond, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten. De vlag van deze staat was op zijn beurt weer gebaseerd op die van Argentinië.
Vlaggen van Guatemala: 1851-1858 (links) en 1858-1871 (rechts)
Na het opdoeken van de superstaat behield Guatemala wel de horizontale banen en de kleur blauw, maar dan een stuk donkerder. De vlag veranderde aanzienlijk in 1851 en 1858, toen de kleuren rood en geel werden toegevoegd (zie afbeeldingen).
De huidige vlag stamt uit 1871 en kwam vóór 1920 ook in een variant voor.
Variant van de Guatemalteekse vlag (1871-1920)
De blauwe banen in de vlag staan voor de twee oceanen waar Guatemala aan grenst, de Atlantische en Stille Oceaan, maar tevens voor de hemelsblauwe lucht boven het land. De witte baan staat voor puurheid en vrede.
Het wapen van Guatemala is net zo oud als de vlag en werd ontworpen door de sinds 1854 in Guatemala wonende Zwitserse graveur en kunstenaar Johann-Baptist Frener. Hij mocht niet zo maar wat verzinnen, hij kreeg van generaal president Miguel García Granados officiële aanwijzingen waar het wapen uit diende te bestaan, beschreven in Presidentieel Decreet 33 van 18 november 1871.
Het curieuze is dat hoewel Frener van alle attributen die er in moesten een fraai geheel maakte, er één wezenlijk onderdeel ontbrak, hoewel het specifiek stond genoemd in het decreet en normaliter een standaard-onderdeel van een wapen is: het schild! Of president Granados het niet opmerkte of dat hij het wel oké vond, vermeldt de historie niet. Feit is dat het ontwerp zonder schild het officiële staatswapen werd en ook als zodanig op de vlag terechtkwam, maar volgens heraldische regels eigenlijk helemaal geen wapen is.
Wapen van Guatemala (1871-heden)
Het ‘wapen’ toont een quetzal (Pharomachrus mocinno), de nationale vogel van Guatemala, hij symboliseert de vrijheid. Om dit nog duidelijker te maken is de vogel gezeten op een perkamenten rol waarop in gouden kapitalen de tekst LIBERTAD 15 DE SEPTIEMBRE DE 1821 (‘Vrijheid 15 september 1821’), de datum waarop Guatemala onafhankelijk werd van Spanje.
Hierachter twee gekruiste Remington-geweren met bajonet, symbool voor de bereidheid het land met geweld te verdedigen. Daarachter twee gekruiste degens, symbool voor de eer. Dit alles is gevat in een krans van laurierbladeren en -bessen, symbool voor de overwinning.
Het origineel van Fremer zag er overigens minder gestileerd uit dan de huidige versie, maar is in basis sinds 1871 hetzelfde gebleven.
Dat vijf Midden-Amerikaanse landen vandaag hun Onafhankelijksheidsdag vieren kan geen toeval zijn en dat is het dan ook niet! Tussen 1609 en 1821 vormden deze landen het zogenaamde Capitanía General de Guatemala (Kapiteinschap Generaal van Guatemala), ook wel het Reino de Guatemala (Koninkrijk Guatemala) geheten.
Dit gebied was zelf weer een onderdeel van het Virreinato de Nueva España (Vicekoninkrijk Spanje) wat tevens Mexico omvatte en grote delen van de tegenwoordige Verenigde Staten, delen van het noordwesten van Zuid-Amerika en verscheidene Caribische eilanden. Deze gebieden vielen onder de Spaanse Kroon.
Vanaf 1808 begon het grote Spaanse Rijk te desintegreren, dankzij de opkomst van Napoleon, die een groot deel van Spanje bezette, de Spaanse koning aan de kant schoof en zijn broer Joseph op de Spaanse troon zette. Het wakkerde onafhankelijkheidsbewegingen aan in geheel Latijns-Amerika en hoewel koning Ferdinand VII na de val van Napoleon zijn troon weer innam, was de geest al uit de fles.
Dit leidde een aantal jaren later naar de opstelling van een onafhankelijkheidsverklaring van het Kapiteinschap Generaal van Guatemala. Op 15 september 1821 werd het door de provincies van dit gebied geratificeerd, waardoor El Salvador, Guatemala, Honduras, Costa Rica en Nicaragua zich onafhankelijk verklaarden.
Het Kapiteinschap Generaal van Guatemala (1821-1822)
Ook noorderbuur Mexico had zich vrijgemaakt en was nu het Keizerrijk Mexico onder keizet Agustin I, een voomalige legerofficier. Kort hierna kwam er een voorstel van de keizer aan de vijf Midden-Amerikaanse landen om zich bij het keizerrijk aan te sluiten.
Links: Keizer Agustín I (Agustín de Iturbide) (1783-1824), schilderij door Primitivo Miranda (1822-1897) uit 1860 / Rechts: Het grondgebied van het Eerste Keizerrijk Mexico
El Salvador was tegen, maar de rest vóór, zodat op 6 januari 1822 de aansluiting een feit was. Het keizerrijk was echter een kort leven beschoren, na tegenstand en intrekking van steun aan de keizer door de meeste Mexicaanse provincies en militairen, koos Agustin eieren voor z’n geld. Hij abdiceerde en vluchtte het land uit, Hiermee viel het keizerrijk uit elkaar. Mexico werd een federale republiek en de vijf Midden-Amerikaanse landen vormden vanaf 1823 hun eigen republiek, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat bestond tot 1841, waarna de vijf landen onafhankelijke landen werden.
Toch probeerden drie van de vijf het opnieuw samen: El Salvador, Honduras en Nicaragua vormden in 1896 de República de América Central (Republiek van Centraal Amerika), ook bekend onder de namen Estados Unídos de Centroamérica (Verenigde Staten van Centraal Amerika) en República Mayor de Centro América (Grote Republiek van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat hield het slechts twee jaar vol. Vanaf 1898 zijn de vijf dus ‘op zichzelf’.
Net zoals de andere bier Midden-Amerikaanse landen wordt de Onafhankelijkheidsdag uitbundig gevierd, met veel parades, die vaak wekenlang van te voren al worden voorbereid. ’s Avonds is er vuurwerk.
Wellicht is het beter van ‘vlaggen’ (meervoud) te spreken, want El Salvador heeft er drie: de staatsvlag, de alternatieve staats- of civiele vlag en een handelsvlag, die overigens alle drie hetzelfde basisontwerp hebben.
Vlagblog gebruikt de eerstgenoemde staatsvlag, die ook internationaal gebruikt wordt. De vlag is een horizontale driekleur in kobaltblauw-wit-kobaltblauw, met het staatswapen in het midden van de witte baan. Deze vlag heeft de nogal ongebruikelijke ratio van 189:335, wat neerkomt op ongeveer 4:7. Deze maatvoering is eigenlijk alleen te zien bij officiële instanties.
De ‘alternatieve’ vlaggen van El Salvador
Vlag twee, de alternatieve staats- of civiele vlag (voor gebruik door de bevolking dus) is gelijk aan de staatsvlag, maar dan zonder het wapen. Ook de ratio is anders, nl. 3:5.
Diezelfde maat wordt gebruikt bij de derde vlag (de handelsvlag) met opnieuw dezelfde drie banen. Op de witte baan in goudgele kapitalen de tekst: DIOS UNIÓN LIBERTAD (God, Eenheid, Vrijheid).
De twee kobaltblauwe banen staan voor de hemel en de Stille Oceaan, de witte baan voor vrede. Het kobaltblauw staat tevens symbool voor de kleurstof indigo, die gewonnen wordt uit de inheemse Indigofera tinctoria.
Vóór we ons verdiepen in het gebruikte staatswapen, eerst iets over de verschillende historische vlaggen van het land. Kort na de onafhankelijkheid van Spanje (1821), vormde El Salvador samen met z’n Midden-Amerikaanse collegastaten Costa Rica, Guatemala, Honduras en Nicaragua de zogenaamde Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika).
Kaart van de Provincias Unídas del Centro de América (kaart uit “Travels in Central America” van Robert Glasgow Dunlop, 1847)
Deze democratische republiek bestond van 1823-1841 en had een vlag gebaseerd op die van Argentinië, met het staatswapen in de witte baan. Nadat deze staat in vijf landen uiteenviel, gebruikte El Salvador tot 1865 een blauw-wit-blauwe vlag.
Historische vlaggen van El Salvador, v.l.n.r.: Provincias Unidas del Centro de América (1823-1841) / Eén van de vier versies van de Barras y estrellas (in dit geval de versie in gebruik tussen 1873-1877) / República Mayor de Centroamérica (1896-1898)
Tussen 1865 en 1896 werd overgestapt naar een ontwerp gebaseerd op de Amerikaanse vlag: Stars and Stripes (Barras y estrellas). Het rode kanton kreeg meer sterren naarmate er nieuwe departementen werden gecreëerd.
In 1896 kwamen El Salvador, Honduras en Nicaragua overeen samen één staat te vormen: de República Mayor de Centroamérica (Grote Republiek van Centraal-Amerika). Deze republiek hield het slechts twee jaar vol, maar had in die korte tijd wél een vlag.
Vanaf 1898 was El Salvador weer zelfstandig en ging het weer terug naar de Barras y estrellas, inmiddels met 14 sterren.
Vanaf 17 mei 1912 neemt het parlement de beslissing de vlag opnieuw te veranderen en grijpt daarbij weer terug naar de vlag van de 14 jaar daarvoor opgedoekte República Major de Centroamérica en vervangt het staatswapen van die vlag met dat van El Salvador. En daarmee hebben we de vlag die ook heden nog gebruikt wordt en dat ons brengt bij:
Het wapen
Het staatswapen op de vlag is gebaseerd op dat van de twee ‘superstaten’ uit de 19e eeuw: Provincias Unidas del Centro de América (1823-1841) en República Mayor de Centroamérica (1896-1898).
Staatswapen van El Salvador (1912-heden)
Het is geen gering wapen, met maar liefst drie teksten en veel symboliek! Centraal staat een goudgele driehoek. De drie zijden staan voor de drie wetgevende machten: wetgevend, uitvoerend en rechterlijk. Afgebeeld in de driehoek is een landschap met vijf naast elkaar liggende vulkanen, die aan één kant door de zon worden beschenen, gelegen aan de Stille Oceaan. De vijf bergen staan symbool voor de vijf landen die ‘superstaat 1’ vormden: El Salvador, Costa Rica, Guatemala, Honduras en Nicaragua.
Boven de vulkanen is op een paal een rode frygische muts afgebeeld, symbool voor de vrijheid. Achter de muts een amberkleurige zon met stralen. In de stralenkrans staat in kapitalen de tekst: 15 SEPTIEMBRE DE 1821, de datum van onafhankelijkheid. Boven de zon, in de punt van de driehoek, een regenboog in de kleuren rood, oranje, geel, groen en blauw, de vrede symboliserend.
Achter de driehoek zien we vijf kobaltblauw-wit-kobaltblauwe vlaggen, bevestigd aan indiaanse oorlogssperen, twee links, twee rechts en één in het midden. Deze staan voor de vijf hiervoor genoemde landen. De twee laaggeplaatste vlag-uiteinden zijn onder de driehoek aan elkaar geknoopt. Hieronder een witte banderol net in kapitalen de tekst: DIOS UNIÓN LIBERTAD (God, Eenheid, Vrijheid).
Rond dit alles heen twee laurierkransen met rode bessen, onderin bij elkaar gebonden met een kobaltblauw-wit gestreept lint. De twee laurierkransen bestaan elk uit zeven segmenten, samen symbool voor de 14 departementen van El Salvador.
Tenslotte rond dit alles heen in goudgele kapitalen de volgende tekst: REPÚBLICA DE EL SALVADOR EN LA AMÉRICA CENTRAL (Republiek El Salvador in Centraal-Amerika).
Dat vijf Midden-Amerikaanse landen vandaag hun Onafhankelijksheidsdag vieren kan geen toeval zijn en dat is het dan ook niet! Tussen 1609 en 1821 vormden deze landen het zogenaamde Capitanía General de Guatemala (Kapiteinschap Generaal van Guatemala), ook wel het Reino de Guatemala (Koninkrijk Guatemala) geheten.
Dit gebied was zelf weer een onderdeel van het Virreinato de Nueva España (Vicekoninkrijk Spanje) wat tevens Mexico omvatte en grote delen van de tegenwoordige Verenigde Staten, delen van het noordwesten van Zuid-Amerika en verscheidene Caribische eilanden. Deze gebieden vielen onder de Spaanse Kroon.
Vanaf 1808 begon het grote Spaanse Rijk te desintegreren, dankzij de opkomst van Napoleon, die een groot deel van Spanje bezette, de Spaanse koning aan de kant schoof en zijn broer Joseph op de Spaanse troon zette. Het wakkerde onafhankelijkheidsbewegingen aan in geheel Latijns-Amerika en hoewel koning Ferdinand VII na de val van Napoleon zijn troon weer innam, was de geest al uit de fles.
Dit leidde een aantal jaren later naar de opstelling van een onafhankelijkheidsverklaring van het Kapiteinschap Generaal van Guatemala. Op 15 september 1821 werd het door de provincies van dit gebied geratificeerd, waardoor Costa Rica, Guatemala, Honduras, El Salvador en Nicaragua zich onafhankelijk verklaarden.
Het Kapiteinschap Generaal van Guatemala (1821-1822)
Ook noorderbuur Mexico had zich vrijgemaakt en was nu het Keizerrijk Mexico onder keizer Agustin I, een voomalige legerofficier. Kort hierna kwam er een voorstel van de keizer aan de vijf Midden-Amerikaanse landen om zich bij het keizerrijk aan te sluiten.
Links: Keizer Agustín I (Agustín de Iturbide) (1783-1824), schilderij door Primitivo Miranda (1822-1897) uit 1860 / Rechts: Het grondgebied van het Eerste Keizerrijk Mexico
El Salvador was tegen, maar de rest vóór, zodat op 6 januari 1822 de aansluiting een feit was. Het keizerrijk was echter een kort leven beschoren, na tegenstand en intrekking van steun aan de keizer door de meeste Mexicaanse provincies en militairen, koos Agustin eieren voor z’n geld. Hij abdiceerde en vluchtte het land uit, Hiermee viel het keizerrijk uit elkaar. Mexico werd een federale republiek en de vijf Midden-Amerikaanse landen vormden vanaf 1823 hun eigen republiek, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat bestond tot 1841, waarna de vijf landen onafhankelijke landen werden.
Toch probeerden drie van de vijf het opnieuw samen: El Salvador, Honduras en Nicaragua vormden in 1896 de República de América Central (Republiek van Centraal Amerika), ook bekend onder de naam Estados Unídos de Centroamérica (Verenigde Staten van Centraal Amerika). Deze nieuwe staat hield het slechts twee jaar vol. Vanaf 1898 zijn de vijf dus ‘op zichzelf’.
De Onafhankelijkheidsdag echter herdenkt de vrijheid van Spanje op 15 september 1821. Costa Rica viert dit o.a. met de nodige parades, waar traditioneel veel studenten aan deelnemen. Een plechtig moment is er om 18.00 uur, wanneer het Costa Ricaanse volkslied klinkt op alle radio- en televisiezenders. Het is het tijdstip waarop op deze dag in 1821 de onafhankelijkheidsverklaring van kracht werd.
De vlag
Vlag van Costa Rica mét wapen (1848/1906-heden) en zónder wapen
De Costa Ricaanse vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen. De vlag bestaat ook zonder wapen en wordt als zodanig vaak door de gewone burger gebruikt.
De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.
Vlag van Argentinië
De van 1823 tot 1838/41 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) (zie boven) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
Toen deze staat uiteenviel in 1838/41 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.
De vlaggen van Guatemala, Honduras en El SalvadorDe vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en Paraguay
Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.
Het ontwerp van de vlag was van Pacifica Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.
Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.
Wapen van Costa Rica
Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien. Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies).
Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica.
Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.
De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.