Sinds 4 augustus 1965 hebben de Cookeilanden een autonome status in een vrije associatie met Nieuw-Zeeland en sinds die tijd is Constitution Day, of in het Maori, Te Maevea Nui, een officiële feestdag.
Daarvoor vormden de eilanden sinds 1881 een protectoraat van het Verenigd Koninkrijk en vanaf 1901 van Nieuw-Zeeland. De Nieuw-Zeelandse regering neemt een deel van de buitenlandse zaken voor de Cookeilanden voor z’n rekening, net als defensie, maar voor de rest dopt men zijn eigen boontjes.
Koningin Elizabeth, als hoofd van het Gemenebest, waartoe zowel Nieuw-Zeeland als de Cookeilanden behoren, feliciteerde de eilandbewoners via een brief.
De huidige vlag is een ietwat gewijzigde vorm van de eerste ‘eigen’ vlag, die geïntroduceerd werd op 11 januari 1973. Het was een groene vlag met 15 gele sterren in een cirkel in de vluchtzijde. De deze vlag staat ook wel bekend onder naam green ensign.
Vorige vlag van de Cookeilanden , de green ensign (1973-1979)
Het groen in de vlag deed echter sterk denken aan de vlaggen en symbolen van een van de politieke partijen in het eilandenrijk en dus werd besloten een nieuw ontwerp te maken.
Op 4 augustus 1979 werd de nieuwe vlag ingevoerd, een zogenaamde blueensign, met de Britse vlag in het kanton. De 15 sterren, die staan voor de 15 Cookeilanden, werden wit.
31 juli is de Ka Hae Hawaii Day, oftewel de Hawaiiaanse Vlagdag. De dag werd in 1990 in het leven geroepen door de toenmalige gouverneur John Waihe’e en is sindsdien ieder jaar gevierd.
Ongetwijfeld niet geheel toevallig is deze dag ook een feestdag voor de Hawaiiaanse royalisten, die er naar streven het in 1893 terzijde geschoven koningshuis weer in ere te herstellen. Deze dag heeft als naam Lā Ho’iho’i Ea, wat zoveel betekent als Soevereiniteitsherstel-dag. Drie jaar geleden werd op deze dag in het stadspark Thomas Square in Honolulu een metershoog standbeeld onthuld van koning Kamehameha III.
De vlag
Vlag van Hawaii(1816-heden)
De vlag van Hawaii is een beetje een vreemde. Mensen die hem nooit eerder gezien hebben kunnen zich niet voorstellen dat dát de Hawaiiaanse vlag is. Het doek vertoont acht gelijke horizontale banen: wit, rood, blauw, wit, rood, blauw, wit en rood. Het gekke zit ‘m in de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton.
Er was echter de nodige Britse aanwezigheid geweest in de Stille Oceaan, te beginnen met de reizen van kapitein James Cook, die de Hawaii-eilanden in 1778 ‘ontdekte’. Hij noemde ze overigens de Sandwich Eilanden. Cook’s Britse opvolger George Vancouver deed de eilanden eind 18e eeuw ook aan.
James Cook (1728-1779), schilderij uit ca. 1775 door Nathaniel Dance-Holland (1735-1811) (National Maritime Museum, Greenwich) / George Vancouver (1757-1798) door een onbekende schilder (National Portrait Gallery, Londen)
Volgens de overlevering zou hij koning Kamehameha I een Britse vlag hebben gegeven en wel een red ensign, de Britse zeevlag.
Red ensign
Dit als teken van vriendschap met koning George III. De vlag werd vervolgens enthousiast uitgehangen van verschillende belangrijke gebouwen. Toen de koning duidelijk werd gemaakt dat dit gezien kon worden als een te pro-Britse houding, besloot hij een Amerikaanse vlag vanuit zijn huis te laten wapperen. Dit op zijn beurt leidde weer tot protesten van Britse hoogwaardigheidsbekleders aan het hof van Kamehameha. Kennelijk had hij er daarna genoeg van, want de vlag die vervolgens in 1816 uit de bus rolde, was een soort van samensmelting van beide vlaggen.
De acht strepen staan voor de verschillende eilanden: Hawai’i, O’ahu, Kuau’i, Kaho’olawe, Lana’i, Maui, Moloka’i en Ni’ihau. Er is ook ooit een versie geweest met negen strepen (voor het mini-eiland Nihoa) en een met zeven strepen (waarbij een van de ‘onbelangrijkere’ eilanden niet gerepresenteerd werd, óf Kaho’olawe óf Ni’ihau).
Niet ieder eiland kan claimen dat het is ‘herontdekt’: het impliceert dat het een tijdje ‘kwijt’ moet zijn geweest! En dat is precies wat er met het atol Nui is gebeurd.
Plattegrond van Fenua Tapu, met ingetekend de vegatatie, 1985 (publiekdomein
Nui (onderdeel van het eilandenrijk Tuvalu), is een verzamelnaam voor zo’n 21 eilanden en eilandjes, waarvan Fenua Tapu het grootste is, met een oppervlakte van 1,38 km².
Nui vanuit de ruimte gefotografeerd op 20 mei 2001, waarbij het noorden links is, geheel rechts is Fenua Tapu, de bijna ronde lagune zichtbaar in het midden, het rif omsluit het ondiepe, grijzige gebied – het eiland linksonder is Meano, Tokonivae ligt er net boven, rechts daarnaast zien we Talalowae, dan volgen drie kleine eilandjes: Pakantou, Piliaeive en Unimai – hekkensluiter daarnaast is (links van Fenua Tapu) Pongalei (foto: NASA / publiek domein)
Ontdekking
Het werd voor het eerst waargenomen (‘oftewel ‘ontdekt’) door de Spaanse zeevaarder Álvaro de Mendaña, op 16 januari 1568. Hij gaf het de naam Isla de Jesús (Jezus-eiland). Al gauw bleek dat het eiland bewoond was, toen er vijf kano’s naar het Spaanse schip peddelden, die echter halverwege weer rechtsomkeert maakten, nadat ze hun peddels (als begroeting?) hadden opgestoken.
De Mendaña hoopte de volgende dag op het eiland te kunnen landen, maar daar er ’s nachts een westerstorm opstak, werd dit een moeilijke opgave. Na een aantal pogingen gaf men het op en voer verder. Kennelijk was de positie van de atollen-cluster niet goed genoteerd, want het bleek later niet meer te vinden!
Herontdekking
Fast forward naar 1825, 257 jaar later. Een Nederlandse ontdekkingsreis met het fregat Maria Reigersberg, o.l.v. Kapitein Coertsen en de korvet Pollux, o.l.v. Kapitein-Luitenant Eeg(h), stuitte bij toeval opnieuw op het eiland.
Titelpagina’s van ‘Aanteekeningengehoudenop eene reis om de wereld: met het fregat Maria Reigersberg en de korvet Pollux in de jaren 1824, 1825 en 1826′ met platen door P. Troost Gzn, eersten luitenant bij het Corps Mariniers van Z.M. de Koning der Nederlanden, te Rotterdam by de weduwe J. Allart, 1829(publiek domein)
Van deze expeditie werd een uitgebreid reisverslag gemaakt. In de 19e eeuw was men een kei in het produceren van lange titels en dit verslag is dan ook geen uitzondering en staat bekend als Aanteekeningengehouden op eene reis om de wereld: met het fregat Maria Reigersberg en de korvet Pollux in de jaren 1824, 1825 en 1826, opgetekend door Pieter Troost.
De Pollux en de Maria Reigersberg tijdens hun reis om de wereld; de plaat is getiteld ‘Het Eiland Nukahiwa’ (nu beter bekend onder de naam Nuku Hiva, een van de Marquesas-eilanden, Frans Polynesië)(publiek domein)
Hoewel de getekende plattegrond in het verslag de datum van 14 juni 1825 hanteert, vermeldt het journaal toch echt 14 juli 1825 als datum van de herontdekking. Maar los van de exacte datum is het wellicht aardig de bevindingen rond de herontdekking aan te halen. Het was het fregat Maria Reigersberg dat het eiland in het vizier kreeg:
‘Het Nederlandsch Eiland des morgens bij de ontdekking, op eene verre afstand’ (publiek domein)
Eerstgemelde fregat (de Maria Reigersberg) bleef achter en zag den 14den Julij 1825 op den 177. Gr. 33 Min. O.L. van Greenwich, en op den7. Gr. 10 Min. zuiderbreedte een eiland, hetwelk hij (Kapitein Coertsen) op geene vroegere zeekaarten vond. Het behoort tot eene zeer afgebrokene reeks koraaleilanden. (…) Het ontdekte eiland (was) sterk met kokospalmen begroeid. het wasnaauwelijks twee mijlen lang, en had, gelijk meer dier lage koraal-eilanden, de gedaante van een hoefijzer. (…)
‘Het Nederlandsch Eiland’(publiek domein)
Er was geene ankerplaats op het eiland, maar aan de N.W. zijde eene sterke branding door een uitstekend koraalrif. Het aangezigt des landswas bekoorlijk. Er vertoonden zich omtrent driehonderd inboorlingen op het strand, kloeke menschen, zoowel vrouwen als mannen, gelijk doorgaans dit menschenras. ’t welke met de Vrienden en Gezellige-eilanders zekerlijk hetzelfde is. Zij hadden ook het kenmerkende gebruikvan hetzelve, daar zij namelijk beprikt of getatoueerd waren. om den middel hadden zij een schort van bladeren of een doek vankokosvezelen, en, naar de wijze der vroegere Amerikaansche inboorlingen, op het hoofd een sieraad van pluimen. (…)
‘Platte-grond van het Nederlandsch-eiland’(publiek domein)
Dieverij, de algemeene gewoonte der Zuidzee-eilanders, en die bij hen, die nog nimmer Europeërs gezien en geen denkbeeld van het eigendomsregt hadden, althans geene misdaad is, vond men hier inhooge mate. Zij haalden de haken uit de sloepen, en poogden ook de riemen aan de roeijers te ontnemen. Eindelijk bekwamen zij eenig denkbeeld van ruiling, en gaven kokosnoten en bijlen van hun maaksel voor oude doeken en ledige flesschen. Een eerbiedwaardige grijsaardmet een’ langen witten baard, een groenen tak in de hand, was aan hun hoofd en zong een lied op eenige treurige wijs.
Eenige schoten (wel is waar met los kruit) verschrikten hen niet. Zij schenen echter geene kanos te hebben, een bewijs, dat zij op een zeer lagen trap van beschaving stonden, of liever dat dit volk sedert zijne komst (ongetwijfeld te scheep) merkelijk daarvan was vervallen. Zij wenkten de matrozen, om aan land te komen: doch men vond hen te talrijk, en moest ook vertrekken, bij gebrek aan water. Men gaf aan dit eiland, waaromtrent de Heer Moll* twijfelt, of het niet misschien het eiland Jezus van den Spanjaard Medana (sic) is, den naam van Nederlandsch-eiland.
*Professor Gerard Moll (1785-1838), Nederlands wis-, natuur- en sterrenkundige en hoogleraar en rector magnificus aan de Universiteit Utrecht
De hierboven aangehaalde professor Moll had inderdaad gelijk: het was hetzelfde eiland dat Álvaro de Mendaña al in 1568 ontdekte. Hoe dan ook: het stond nu definitief ‘op de kaart’! Maar noch de naam Isla de Jesús, noch die van Ne(e)derlandsch-eiland beklijfde (hoewel het tot nog tot in de 20e eeuw tussen haakjes vermeld werd), we kennen het nu onder de naam Fenua Tapu.
Postzegel van 30 cent uit 1986 waarop de atollen die samen Nui vormen, het grootste eiland rechts is Fenua Tapu
Eind 19e eeuw kwam dit gebied onder Engelse invloed, vanaf 1916 werden de toenmalige Gilbert en Ellice Islands (waar Nui ook toe behoorde) een Engelse kroonkolonie. In 1975 werden de Gilbert en Ellice Islands gesplitst. De Ellice Islands werden op 1 oktober 1978 onafhankelijk onder de naam Tuvalu. De Gilbert Islands volgden op 12 juli 1970 onder de naam Kiribati.
De vlag
De vlag van Tuvalu is een hemelsblauwe Britse blue ensign met 9 gelevijfpuntige sterren aan de vluchtzijde
Tuvalu is weliswaar zelfstandig, maar wel lid van het Britse Gemenebest en koningin Elizabeth II is dan ook officieel het staatshoofd. Net als bij veel andere landen verklaart dat de aanwezigheid van de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. Premier van Tuvalu is sinds 19 september 2019 Kausea Natano (1957).
Links: Vlag van Fiji (1970-heden) / Rechts: Vlag van Niue (1975-heden)
Dan de kleur: een normale blue ensign is donkerblauw en zeker niet de kleur die we op de vlag van Tuvalu aantreffen! Wat dat betreft volgde Tuvalu het voorbeeld van z’n zuidelijke buurland Fiji, waar in 1970 een al even hemelsblauwe blue ensign werd geïntroduceerd. Nog gekker maakte het zuidoostelijker gelegen Niue het, door in 1975 met een nog niet eerder vertoonde yellow ensign op de proppen te komen!
Plaatsing van de negen eilanden van Tuvalu op de vlag, geografischcorrect, waarbij het noorden zich in het westen bevindt
De negen sterren op de vlag symboliseren de negen eilanden, die ook nog eens geografisch gegroepeerd zijn.
Vlaggentijdlijn
Voor een klein land als Tuvalu heeft het al een indrukwekkend aantal vlaggen versleten. Zoals eerder vermeld stond Tuvalu vroeger bekend onder de naam Ellice Islands en noorderbuur Kiribati onder de naam Gilbert Islands. Samen vormden ze de Britse kroonkolonie Gilbert and Ellice Islands. Tot de onafhankelijkheid van de Ellice Islands/Tuvalu in 1975, hadden de eilanden een gezamenlijke vlag, een Britse blue ensign met het wapen als badge op het uitwaaiende gedeelte. Toen de Gilbert Islands in 1979 onafhankelijk werden onder de naam Kiribati, nam dit land het wapen van de oude vlag over, rekte het uit en vulde de complete vlag ermee.
V.l.n.r.: Vlag van Gilbert & Ellice Islands (1937-1975/1979) / Vlag van Kiribati (1979-heden) / Vlag van de Ellice Islands (1976-1978)Links: Vlag van Tuvalu met 8 sterren (oktober 1995-december 1995) / Rechts: Vlag van Tuvalu (1 januari 1996-11 april 1997)
Op 1 oktober 1978 werd de huidige vlag ingevoerd, mét de 9 sterren. Omdat het aantal sterren (9) niet overeenkwam met de naam van het land (‘groep van 8’) meende men in oktober 1995 dat het een goed idee zou zijn één ster te laten vallen, maar reeds twee maanden later kwam men hierop terug en werd er een geheel nieuwe vlag ingevoerd! Deze vlag had horizontale banen in donkerrood, wit en blauw met het wapen ingehoekt aan de broeking en opnieuw de 8 sterren, nu in wit. Deze vlag bleek onmiddellijk impopulair en was maar korte tijd in gebruik tussen 1 januari 1996 en 11 april 1997. Vanaf die datum werd de oorspronkelijke vlag uit 1978 weer ingevoerd, dus opnieuw met 9 sterren, ondanks de naam van het land.
Het parlementsgebouw van Tuvalu in Funafuti (foto 2018, fotograaf onbekend)
De Bahama-eilanden, officieel The Commonwealth of the Bahamas (Het Gemenebest van de Bahama’s), bestaan uit zo’n 700 eilanden ten oosten van de Amerikaanse staat Florida en ten noorden van Cuba. De 10e juli is Independence Day (Onafhankelijkheidsdag), een officiële feestdag, die herinnert aan 10 juli 1973. Sinds die dag was het land niet langer een Engelse kolonie, maar het bleef wel in het Gemenebest en het staatshoofd is dan ook koningin Elizabeth II van het Verenigd Koninkrijk.
Vanaf 1648 was er al een Engelse aanwezigheid van kolonisten die via Bermuda arriveerden op het eiland Eleuthera. In 1670 werd de Engelse invloed uitgebreid met het stichten van een fort en een nederzetting op het eiland New Providence. Deze plaats werd naar de toenmalige koning Charles II genoemd: Charles Town, vanaf 1695 bekend als Nassau (genoemd naar stadhouder/koning Willem III), en tegenwoordig de hoofdstad van de Bahama’s.
Links: Koning Charles II Stuart (1630-1685) door John Michael Wright (1617-1694), tussen 1660 en 1665 (Collectie National Portrait Gallery, Londen) / Rechts: Koning/stadhouder Willem III van Oranje-Nassau (1650-1702) door Sir Godfrey Kneller (1646-1723), rond 1680 (Collectie The Bank of England, Londen)
In 1703, tijdens de Spaanse Successieoorlog, werd Nassau door Spanjaarden en Fransen aangevallen, geplunderd en platgebrand. In 1706 werd dat nog eens dunnetjes overgedaan, waarna er een anarchistische tijd aanbrak in het eilandenrijk, waarbij veel piraten de archipel als toevluchtsoord gebruikten, zoals Zwartbaard (Edward Teach), Calico Jack (Jack Rackham), Charles Vane, Richard Worley, Benjamin Hornigold en zelfs twee vrouwelijke piraten: Mary Read en Anne Bonny.
“Capture of the Pirate Blackbeard, 1718”, schilderij van Jean Leon Gerome Ferris (1863-1930), waarop het gevecht tussen Zwartbaard (Edward Teach) (± 1680=1718) en luitenant Robert Maynard (1684-1751) in Ocracoke Bay (North Carolina) is afgebeeld, waarbij de beruchte piratenkapitein de dood vond (publiek domein)
Op zeker moment werd het aantal piraten in de Bahamaanse wateren geschat op zo’n 1000 man (én vrouw dus!), tegen zo’n, 100 inwoners in Nassau, waardoor er tussen 1706 en 1718 een onofficiële Piratenrepubliek ontstond, die zelfs een eigen vlag gebruikte (in vele varianten), de Jolly Roger, die nu nog steeds bekendheid geniet als dé piratenvlag.
Drie verschillende Jolly Rogers: v.l.n.r.: het ‘standaard’-model, o.a. in gebruik bij Zwartbaard (Edward Teach), de vlag van Calico Jack (Jack Rackham) en die van Richard Worley
Een ommekeer kwam met het aanstellen van Woodes Rogers als gouverneur van het gebied in 1718. Nassau was inmiddels een berucht piratennest, maar Rogers wist als ex-piraat de orde te herstellen en de macht van plaatselijke piraat Charles Vane te breken. Hij gaf iedereen amnestie die beloofde de piraterij af te zweren, bouwde forten en wist aanvallen van onwillige piraten af te slaan.
Woodes Rogers, ex-piraat/gouverneur van de Bahama’s (rond 1679-1732) (detail uit een schilderij uit 1729 van William Hogarth (1697-1764)(Collectie Royal Museums, Greenwich)
Er ontstond handel met het Amerikaanse vasteland en er werden plantages aangelegd, waarop uit Afrika aangevoerde slaven te werk werden gesteld. Engeland verbood de slavernij vanaf 1807, waardoor de Bahama’s een toevluchtsoord werden voor slaven die wisten te ontsnappen uit Florida of Cuba. Het grote aantal slaven werkzaam in de archipel is nog steeds zichtbaar: 90% van de bevolking is van Afrikaanse oorsprong.
Op 7 januari 1964 kregen de Bahama’s zelfbestuur, de opmaat naar onafhankelijkheid. En zo komen we weer op de 10e juli: op die datum in 1973 werden de Bahama’s een onafhankelijke staat.
De vlag
Vlag van de Bahama’s (1973-heden)
De vlag van de Bahama’s is een horizontale driekleur in aquamarijn, goudgeel en aquamarijn. Een zwarte driehoek wijst vanaf de broekingszijde naar de vluchtzijde.
In de aanloop naar de onafhankelijkheid werd er in juni 1971 een ontwerpwedstrijd uitgeschreven, daar kwamen 51 ontwerpen uit rollen. Daar werden er tien uitgekozen; van die tien kwamen er uiteindelijk zes bij de ‘kies’-commissie terecht. Uiteindelijk was er één ontwerp waar men voor koos, met banen in zwart, goudgeel en aquamarijn, van Hervis Bain.
Men wist eerst niet goed of men de kleuren nu horizontaal of verticaal wilde. Een ander idee was het zwart in een driehoek te vatten en een extra baan in aquamarijn toe te voegen. Toen het (horizontale) ontwerp vervolgens doorgestuurd werd naar het College of Arms in Londen, kwam de reactie dat men het een goed ontwerp vond, maar voorstelde de kleuren om te keren: goudgeel, aquamarijn, goudgeel.
Wapen van het College of Arms, Londen
Het voorstel werd door de Bahamaanse commissie echter niet gevolgd, waardoor de kleuren bleven wat ze waren: aquamarijn, goudgeel, aquamarijn. (Wat het College of Arms hiervan vond weten we niet). Vervolgens werd op 2 april 1973 het ontwerp gepresenteerd. Van 9 op 10 juli 1973, om middernacht, werd de nieuwe vlag voor het eerst gehesen in Fort Charlotte, vlakbij Nassau. Bij het feest werden 70.000 kleine papieren vlaggetjes aan het publiek verstrekt.
Affiche voor Independence Day (publiek domein)
De symboliek die achter de vlag schuil gaat: het aquamarijn staat voor het water van de Caribische Zee en de Atlantische Oceaan, het goudgeel voor het land en strand. De zwarte driehoek verbeeld de voornamelijk Afrikaanse oorsprong van de Bahamanen, maar ook de macht en kracht van een verenigd volk.
Eerdere vlag
Tussen 1869 en 1973 was de vlag van de Bahama’s er één uit de serie blue ensigns + badge, een blauwe vlag met de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. Deze vlag onderging minieme veranderingen in 1904, 1923, 1953 en 1964, die eigenlijk alleen te maken hadden met de koningskroon bovenop de badge.
Vlag van de Bahama’s als kroonkolonie (versie 1964-1973)
De badge bestond uit een kousenband (verwijzing naar de Order of the Garter), met als motto Expulsis piratis restituta commercia (Piraten eruit, handel hersteld) + de naam van het land op het loshangende deel. De kousenband omvat een afbeelding van een Britse driemaster (mét Union Flag of Union Jack) die twee piratenschepen voor zich uitjaagt.
The 4th of July is samen met Quatorze Juillet één van de bekendere buitenlandse feestdagen. Het herdenkt de afscheiding in 1776 van de Amerikaanse koloniën van het Britse rijk.
Sinds april 1775 waren de Amerikaanse onderdanen -toen bestaande uit 13 aparte koloniën aan de oostkust- in een onafhankelijkheidsstrijd verwikkeld met de overheersers uit Groot-Brittannië. Het onrechtvaardigheidsgevoel van de Amerikanen was de jaren daarvoor tot het kookpunt opgelopen door de gigantische belastingen die uit naam van de koning werden opgelegd.
Op 28 juni 1776 werd tijdens een zitting van het Second Continental Congress in Philadelphia, bestaande uit vertegenwoordigers van de 13 opstandige gebieden, een ontwerptekst van een Declaration of Independence (Onafhankelijkheidsverklaring) voorgelegd.
Het indienen van de ontwerptekst voor de Onafhankelijkheidsverklaring op 28 juni 1776. Olieverfschilderij uit 1817 van John Turnbull (1756-1843), getiteld Declaration of Independence, sinds 1826 hangt het in de koepel van het Capitool in Washington, D.C. Staand v.l.n.r.: John Adams (later de 2e president van de V.S.), Roger Sherman, Robert R. Livingston, Thomas Jefferson (later de 3e president van de V.S.) en Benjamin Franklin. Zittend: John Hancock, voorzitter van het Second National Congress
Het Congres stemde er vervolgens mee in en op 4 juli werd de onafhankelijkheid uitgeroepen met het tekenen van de Declaration of Independence.
The Signing of the Declaration of Independence, schilderij van rond 1873, door Charles Édouard Armand-Dumaresq (1826-1895), tijdens het presidentschap van John F. Kennedy aan het Witte Huis geschonken, waar het nu in de Cabinet Room hangt
Groot-Brittannië weigerde de eenzijdig uitgeroepen onafhankelijkheid te erkennen en de strijd met de Engelsen, in 1775 begonnen, laaide verder op.
‘The Revolutionary War’ had tot gevolg dat uiteindelijk ook Spanje, Frankrijk en de Nederlanden de strijd aangingen met Groot-Brittannië. Moe gevochten staakten de Engelsen de strijd in 1783, waarna het Verdrag van Parijs werd gesloten, waarbij de Engelsen de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten van Amerika erkenden.
Amerikanen plegen hun 4th of July altijd uitbundig te vieren. De afgelopen twee jaar waren de vieringen relatief ingetogen, maar dit jaar zal het ongetwijfeld weer als vanouds los gaan.
De vlag
Vlag van de Verenigde Staten van Amerika (The Stars and Stripes), 1960-heden
De vlag van de Verenigde Staten is ongetwijfeld één van de bekendste in de wereld. Hij begon z’n leven als Britse vlag, de 13 rood-witte strepen waren in die vlag al aanwezig, maar het blauwe vlak aan de broekingszijde, waar nu de 50 sterren te zien zijn, bevatte toen de Engelse vlag.
Links: Grand Union Flag (1775-1777) / Rechts: Replica van de Grand Union Flag (publiek domein)
Op 14 juni 1777 werd de vlag officieel veranderd, de Engelse vlag werd uit het kanton verwijderd. Ervoor in de plaats kwamen 13 sterren, die net als de strepen voor de 13 koloniën stonden. In de Flag Resolution werd echter niet gespecificeerd hoe de vlag er precies uit diende te zien. In plaats van 7 rode en 6 witte strepen, konden het ook 6 rode en 7 witte strepen zijn. Ook de rangschikking van de sterren stond niet vast, waardoor er verschillende versies ontstonden, zoals de voorbeelden hieronder: de Francis Hopkinson-variant en de Betsy Ross-versie.
Links: Francis Hopkinson (1737-1791) door een onbekende artiest, waarschijnlijk vóór 1850 (publiek domein) / Rechts: Betsy Ross (1752-1836), detail uit een chromolithografie uit 1893 door Charles W. Weisgeber (1856-1932) afkomstig uit “Birth of our nation’s flag” (publiek domein)
Francis Hopkinson was vlaggenontwerper (maar ook auteur en componist) bij de Marine, Betsy Ross uit Philadelphia was een stoffeerder voor het Continentale leger en produceerde uniformen, tenten en vlaggen.
Twee vlaggen uit de periode 1777-1795 – Links: De Francis Hopkinson-variant / Rechts: De Betsy Ross-variant
Toen in 1795 twee nieuwe staten zich bij de Unie voegden werd de vlag opnieuw veranderd: nu met 15 rood-witte strepen en 15 sterren.
Links: Versie met 15 sterren en 15 strepen (1795-1818) / Rechts: Versie met 20 sterren en 13 strepen (1818-1819)
Het volgende ontwerp dateert van 1817: inmiddels waren nog eens vijf nieuwe staten toegetreden, maar men leek het wat te gortig te vinden nog meer strepen toe te voegen. Er werd besloten terug te keren naar de oorspronkelijke 13 strepen en alleen het aantal sterren uit te breiden naar 20. Deze vlag werd officieel ingevoerd op 4 juli 1818.
Sinds die tijd zijn met het toetreden van steeds meer staten dus alleen sterren toegevoegd in het kanton. Hawaii was de laatste staat tot nu toe in 1959. Het huidige model met 50 sterren werd ingevoerd op 4 juli 1960.
Amerikaanse postzegels met de vlag erop zijn er in vele soorten en maten, links: First-Class postzegel uit 2007, rechts: Postzegel uit 2019, ontwerp van Antonio Alcala
De nationale feestdag van Québec, ook wel Saint-Jean-Baptiste genoemd, of met de officiële, maar nogal ‘gewone’ naam: Fête Nationale du Québec. De feestdag is de geboortedag van Johannes de Doper en werd vroeger in Frankrijk gekoppeld aan de viering van de zonnewende. In de loop van de 19e eeuw omarmde de Franstalige gemeenschap in Canada het als nationale dag voor hun bevolkingsgroep.
De vlag van Québec is blauw met een wit staand kruis wat de vlag in vier vakken verdeeld. In elk van de vakken een flauw-de-lys in wit.
Vlag van Québec (1948-heden)
Tot 1948 werd in Québec de Union Jack of Union Flag gebruikt. Hoewel er ooit eerdere pogingen waren ondernomen om tot een eigen vlag te komen, duurde het dus tot 1948 voordat hiertoe werd besloten. Eind 19e eeuw was er een ontwerp voor een Québecse versie van een blue ensign (met het provinciewapen op de vluchtzijde), maar die lijkt nooit gebruikt te zijn.
De blue ensign van Québec
In 1902 werd er door de abt Ephège Filiatreault een vlag ontworpen, de zogenaamde Drapeau de Carillon, die in feite de directe voorloper is van de huidige vlag.
Ook die vlag werd echter niet ingevoerd. Deze vlag heeft echter onmiddellijk na de aanname van de huidige vlag op 21 januari 1948 kortstondig vanaf het parlementsgebouw gewapperd, omdat de nieuwe vlag pas op 2 februari beschikbaar was.
Drapeau de Carillon
De vlag van Québec heeft een naam: Fleurdélisé. Hij is in vieren verdeeld door een wit kruis, afkomstig van de Franse koninklijke vlag. De vier fleur-de-lys op de blauwe velden lijken ook te verwijzen naar de vroegere Franse koningsvlag, maar dat is niet het geval. Deze zijn afkomstig van een vlag die gebruikt werd door een Frans-Canadese militie onder bevel van luitenant-generaal Louis-Joseph de Montcalm, bij de Slag van Carillon in 1758.
‘Victoires des troupes de Montcalm à Carillon’ door Henry Alexander Ogden (1854-1936), met rechts op de voorgrond Louis Joseph de Montcalm (Fort Ticonderoga Museum, New York / publiek domein)
Op 23 juni 1961 werd het Antarctic Treaty System (Antarctisch Verdrag) van kracht. Sinds 1959 stond het open voor ondertekening. De originele ondertekenaars waren de 12 landen die actief waren in Antarctica tijdens het Internationaal Geofysisch Jaar van 1957-1958: Argentinië, Australië, België, Chili, Frankrijk, Japan, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Zuid-Afrika, de Sovjet-Unie, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Sinds 1961 hebben vele andere landen ook ondertekend, inclusief Nederland.
Antarctica in taartpunten
Het verdrag regelt dat Antarctica een gebied is zonder militaire activiteit, met vrijheid voor wetenschappelijk onderzoek. In 1998 werd een bepaling aan het verdrag toegevoegd dat het tot 2048 onmogelijk maakt om delfstoffen op het continent te exploiteren. Aangezien Antarctica geen enkel land toebehoort, heeft het ook geen officiële vlag.
Het Britse Halley Research Station op het Brunt IJsplateau (foto: Hugh Broughton Architects)
Er zijn echter wel degelijk territoriale claims. Argentinië, Australië, Chili, Frankrijk, Nieuw-Zeeland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk hebben het continent in taartpunten van ongelijke grootte verdeeld, die elkaar op verschillende plekken overlappen. De claims zijn niet officieel en worden door veel andere landen, waaronder Nederland, niet erkend.
British Antarctic Territory
Om de dag te markeren wappert vandaag de vlag van het British Antarctic Territory, officieel gevormd in 1962. Tot het territorium behoort het Antarctic Peninsula (Antarctisch Schiereiland), met een lengte van 1.300 km. De Britten hebben twee onderzoekscentra, Halley en Rothera.
Rothera Research Station, gelegen op het Antarctisch Schiereiland (publiek domein)
De vlag
Vlag British Antarctic Territory (1998-heden)
De vlag is een zogenaamde ‘ensign’-vlag, een vlag die de Britse Union Flag of Union Jack als kanton in de broekingszijde laat zien en de rest van het veld vrij laat voor een symbool of wapen. Rode en blauwe ‘ensigns’ komen heel veel voor, de rode variant wordt op zee gebruikt als handelsvlag en bij de marine. De blauwe ‘ensign’ wordt door legeronderdelen gebruikt en door veel overzeese Britse territoria.
V.l.n.r.: blue ensign, red ensign en white ensign
De Britse Antarctische vlag is echter een ongewone witte ‘ensign’, uiteraard vanwege ijs en sneeuw. De vlag is in gebruik sinds 1998 en toont het Brits-Antarctische wapen (uit 1952), een fakkel (symbool voor onderzoek) met een Britse leeuw en een keizerspinguïn als schilddragers.
Wapen van het British Antarctic Territory
Bovenop het schild, gedekt door een helm met dekkleden, is het wetenschappelijk vaartuig RRS* Discovery afgebeeld (die de blue ensign voert). *Royal Research Ship
De RRS Discovery tijdens de expeditie van 1901-1904, vastgevroren in het pakijs (publiek domein)De Britsh Antarctic Territory-vlag op het Britse Ministerie van Buitenlandse Zaken op 21 juni 2019, midwinterdag op de Zuidpool (publiek domein)
Kamehameha Day is een officiële feestdag in de Amerikaanse staat Hawaii. Het herinnert aan de Hawaiiaanse koning Kamehameha I (circa 1758-1819).
Links: Portret van koning Kamehameha I (ca. 1758-1819) in 1816, door Louis Choris (1795-1828), het enig naar leven geschilderde portret (in waterverf) van de koning (Collectie Honolulu Museum of Art) / Rechts: Veel portretten van Kamehameha I zijn gebaseerd op dat van Louis Choris, zoals dit voorbeeld door een onbekende schilder
Hij verenigde de verschillende eilanden vanaf zijn ‘eigen’ eiland Hawai’i (The Big Island) tot één Hawaiiaans Rijk. Dat gebeurde vanaf 1795 met de eilanden O’ahu, Molaka’i, Maui en Lana’i. Kaua’i en Ni’ihau volgden in 1810.
Kamehameha Day werd ingesteld op 22 december 1871 door koning Kamehameha V en werd voor het eerst op 11 juni 1872 gevierd. In 1893 werd de Hawaiiaanse monarchie omver geworpen door een groepje Amerikaanse en Europese zakenlui en politici. De laatste koningin, Lili’uokalani werd onder huisarrest geplaatst.
Koning Kamehameha V (1830-1872) (Hawai’i State Archives / publiek domein) / Koningin Lili’uokalani (1838-1917) (foto: George Prince / publiek domein)
Van 1894 tot 1898 was Hawaii een onafhankelijke republiek. Op 12 augustus 1898 werd het een Amerikaansterritorium en vanaf 21 augustus 1959 de (tot op heden) 50e en laatste staat van de Verenigde Staten.
De vlag
Vlag van Hawaii (1816-heden)
De vlag van Hawaii is een beetje een vreemde. Mensen die hem nooit eerder gezien hebben kunnen zich niet voorstellen dat dát de Hawaiiaanse vlag is. Het doek vertoont acht gelijke horizontale banen: wit, rood, blauw, wit, rood, blauw, wit en rood. Het gekke zit ‘m in de Britse Union Flag ofUnion Jack in het kanton.
Er was echter de nodige Britse aanwezigheid geweest in de Stille Oceaan, te beginnen met de reizen van kapitein James Cook, die de Hawaii-eilanden in 1778 ‘ontdekte’. Hij noemde ze overigens de Sandwich Eilanden. Cook’s Britse opvolger George Vancouver deed de eilanden eind 18e eeuw ook aan.
James Cook (1728-1779), schilderij uit ca. 1775 door Nathaniel Dance-Holland (1735-1811) (National Maritime Museum, Greenwich) / George Vancouver (1757-1798) door een onbekende schilder (National Portrait Gallery, Londen)
Volgens de overlevering zou hij koning Kamehameha I een Britse vlag hebben gegeven en wel een red ensign, de Britse zeevlag.
Red ensign
Dit als teken van vriendschap met koning George III. De vlag werd vervolgens enthousiast uitgehangen van verschillende belangrijke gebouwen. Toen de koning duidelijk werd gemaakt dat dit gezien kon worden als een te pro-Britse houding, besloot hij een Amerikaanse vlag vanuit zijn huis te laten wapperen. Dit op zijn beurt leidde weer tot protesten van Britse hoogwaardigheidsbekleders aan het hof van Kamehameha. Kennelijk had hij er daarna genoeg van, want de vlag die vervolgens in 1816 uit de bus rolde, was een soort van samensmelting van beide vlaggen.
Kaart van de Hawaii-eilanden
De acht strepen staan voor de verschillende eilanden: Hawai’i, O’ahu, Kuau’i, Kaho’olawe, Lana’i, Maui, Moloka’i en Ni’ihau. Er is ook ooit een versie geweest met negen strepen (voor het mini-eiland Nihoa) en een met zeven strepen (waarbij een van de ‘onbelangrijkere’ eilanden niet gerepresenteerd werd, óf Kaho’olawe óf Ni’ihau).
Victory in Europe Day (V-dag in het Nederlands) is natuurlijk niet een typisch Londens feest of een exclusief Engelse aangelegenheid. Het markeert het einde van de Tweede Wereldoorlog. Op 7 mei 1945 werd de capitulatie van het gehele Duitse leger in Reims getekend door generaal Alfred Jodl.
Krantenkoppen: ‘Vrijheid’ (links) en ‘Duitsland kapt ermee’ (rechts) (screenshots)VE Day in Londen
De volgende dag, 8 mei, was het nieuws algemeen bekend in Europa. In Londen liep de bevolking massaal uit en dromde samen voor Buckingham Palace waar premier Winston Churchill op het balkon toegejuicht werd, tesamen met de de Britse koninklijke familie.
8 mei 1945, het balkon van Buckingham Palace – Links: kroonprinses Elizabeth, Winston Churchill en koning George VI / Rechts: kroonprinses Elizabeth, koningin Elizabeth, Winston Churchill, koning George VI en prinses Margaret (screenshots)8 mei 1945 – Links: Mensen dansen op straat in Londen / Rechts: Grote drukte voor de hekken van Buckingham Palace tijdens de balkonscène (screenshots)8 mei 1945 – Links: Winston Chuchill zwaait naar de toegestroomde menigte / Rechts: Winston Churchill (hier op de rug gezien) toast op de overwinning in Whitehall (screenshots)
In sommige landen werd de bevrijding eerder gevierd, zoals Nederland en Denemarken (5 mei) of later, zoals in Rusland (9 mei), maar feest was het!
Feestelijkheden zijn in verband met de corona-crisis voornamelijk online. Zo zal bijvoorbeeld de RAF Association, een liefdadigheidsorganisatie, vanaf 10.00 uur een programma via zijn Facebook-pagina aanbieden, zoals een licht fitness-programma, een quiz en een singalong.
Links: Tommy-beeldje / Rechts: Vlag VE Day (beiden: Royal British Legion Industries)
De Royal British Legion Industries viert het met een veelheid aan koopwaar, zoals vlaggen, vlaggetjes, vlaglijnen, stickers, Tommy-beeldjes (verpersoonlijking van de Britse soldaat), t-shirts, speldjes en bierglazen. De organisatie vraagt om op deze dag de speciale vlaggen te laten wapperen, of de beeldjes voor het raam te zetten en de ramen vol te plakken met stickers.
De vlag
Vlag van The City of London
Omdat Londen een grote rol speelde in de Tweede Wereldoorlog vandaag de vlag van Engelands hoofdstad. Strikt genomen heeft Londen twee vlaggen: één (onofficieel!) voor Greater London, afgeleid van het inmiddels afgeschafte wapen van de Greater Coucil of London en één voor The City of London. Die laatste wappert vandaag.
V.l.n.r.: Het voormalige wapen van de Greater Coucil of London / Onofficiële vlag van Greater London / Vlag van Engeland
De vlag is vrijwel gelijk aan die van Engeland: een wit veld met een St. George’s cross(Sint Joriskruis) in rood. Het enige verschil is dat de vlag van Londen een rood zwaard heeft in het kanton. Het zwaard zou terug te voeren zijn op de beschermheilige van Londen, de heilige Paulus, die door het zwaard onthoofd werd. De Engelse vlag is al heel oud en gaat in ieder geval terug tot de 13e eeuw. Het is een van de drie vlaggen die over elkaar heen gelegd de vlag van het Verenigd koninkrijk vormen, de Union Flag of Union Jack.
Union Flag of Union Jack, de vlag van het Verenigd Koninkrijk
Vlag van de Lord Mayor
Vlag van de Lord Mayor of London
De ceremoniële burgemeester van London (The Lord Mayor) voert zijn eigen vlag en de basis daarvan is de vlag van de City of London. In het midden over het kruis heen is het wapen van de City of London geplaatst. De vlag van de Lord Mayor is te zien bij Mansion House, de officiële residentie, soms ook bij de Guild Hall. De ceremoniële functie bestaat al sinds 1189 en de huidige Lord Mayor, Vincent Keaveny, is sinds 13 november 2021 de 693e op deze post.
Vincent Keaveny (1965), de 693e Lord Mayor of London, wuift het publiek toe vanuit zijn gouden galakoets uit 1711 (screenshot)
Het wapen gaat al zeker sinds de 14e eeuw mee, maar werd toen nog geflankeerd door twee leeuwen als schildhouders. Sinds minimaal 1633 zijn die veranderd in twee draken.
Wapen van The City of London
De officiële beschrijving luidt als volgt: Het schild is van zilver (wit), gekwartierd door een kruis van keel (rood) met in het eerste kwartier een opwaarts staand zwaard van keel (rood). Het helmteken (kuif) staat op de rand van het schild, het bestaat uit een linker zilveren (witte) drakenvleugel met daarop in keel (rood) een kruis. De schildhouders staan aan beide zijden van het schild, zijn van zilver (wit) en hebben aan de onderkanten van de vleugels een kruis van keel (rood). De draken staan op een lint met daarop het motto: Domine Dirige Nos(Heer, leid ons).
Het complete wapen is sinds 30 april 1957 toegekend door het College of Arms, het wapen solo (dus alleen het schild) is merkwaardig genoeg nooit officieel vastgelegd door dit college.
Dit is een dag die meestal zonder enig feestgedruis komt en weer gaat, zonder dat iemand er erg in heeft.
Toch is het een feestdag die ooit officieel in het leven is geroepen en wel door wijlen president Reagan in 1982. Op 19 april dat jaar begon toenmalig koningin Beatrix haar staatsbezoek aan de V.S. Ze werd met pomp and circumstance zoals dat heet, ontvangen door het echtpaar Reagan in de tuin van het Witte Huis.
Koningin Beatrix en president Reagan luisteren naar de volksliederen, 19 april 1982 (screenshot).
Dat het staatsbezoek precies op 19 april 1982 begon was niet toevallig. Op diezelfde datum, precies 200 jaar eerder werd John Adams in de Staten Generaal te Den Haag ontvangen en geïnstalleerd als gevolmachtigd minister/ambassadeur van de toen 6 jaar oude onafhankelijke Verenigde Staten van Amerika (toen nog 13 stuks) en maakte zijn opwachting bij stadhouder Willem V.
Adams bleef op zijn post tot en met 30 maart 1788 en keerde daarna terug naar de V.S. om er vice-president te worden onder president George Washington en vanaf 1789 tot en met 1797 als tweede president van de nog jonge republiek diende.
Akte van traktaat en vriendschap en commercie met een separate conventie te ‘s-Gravenhage, gesloten tussen de Staten Generaal en de Verenigde Staten van Amerika, ondertekend op 8 oktober 1782, waarmee Nederland (toen nog onder de naam Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden) de V.S. officieel erkende, naast het lakzegel rechts zien we de handtekening van John Adams, de Nederlandse ondertekenaars zijn George van Randwyck, Bartolomeus van den Santheuvel, Pieter van Bleiswijk (de raadspensionaris), Willem Carel Hendrik van Lynden van Blitterswijk, Derk Jan van Heeckeren van Brandenburg,, Joan van Kuffeler, Frederik Gijsbert van Dedem en Herman Tjassens (Collectie Nationaal Archief, Den Haag)
In Reagan’s rede in 1982 memoreerde hij dat de ononderbroken relatie tussen Nederland en de Verenigde Staten de langste en vreedzaamste van alle Amerikaanse betrekkingen met andere landen was.
Vervolgens zei hij: ‘Als erkenning voor deze lange en vruchtbare relatie tussen onze landen en volken, stel ik hierbij de 19e april in als Dutch American Friendship Day en roep alle Amerikanen op deze dag in acht te nemen met daarvoor geschikte ceremonies en activiteiten’.
Het was waarschijnlijk het ene oor in en het andere uit bij de Amerikanen (én de Nederlanders dito trouwens), want het is een van die sluimerende herdenkingsdagen die wel op papier bestaan en verder slechts bij een handjevol mensen bekend is.
De vlag
Vlag van de Verenigde Staten van Amerika (The Stars and Stripes), 1960-heden
De vlag van de Verenigde Staten is ongetwijfeld één van de bekendste in de wereld. Hij begon z’n leven als Britse vlag, de 13 rood-witte strepen waren in die vlag al aanwezig, maar het blauwe vlak aan de broekingszijde, waar nu de 50 sterren te zien zijn, bevatte toen de Engelse vlag.
Links: Grand Union Flag (1775-1777) / Rechts: Replica van de Grand Union Flag (publiek domein)
Op 14 juni 1777 werd de vlag officieel veranderd, de Engelse vlag werd uit het kanton verwijderd. Ervoor in de plaats kwamen 13 sterren, die net als de strepen voor de 13 koloniën stonden. In de Flag Resolution werd echter niet gespecificeerd hoe de vlag er precies uit diende te zien. In plaats van 7 rode en 6 witte strepen, konden het ook 6 rode en 7 witte strepen zijn. Ook de rangschikking van de sterren stond niet vast, waardoor er verschillende versies ontstonden, zoals de voorbeelden hieronder: de Francis Hopkinson-variant en de Betsy Ross-versie.
Links: Francis Hopkinson (1737-1791) door een onbekende artiest, waarschijnlijk vóór 1850 (publiek domein) / Rechts: Betsy Ross (1752-1836), detail uit een chromolithografie uit 1893 door Charles W. Weisgeber (1856-1932) afkomstig uit “Birth of our nation’s flag” (publiek domein)
Francis Hopkinson was vlaggenontwerper (maar ook auteur en componist) bij de Marine, Betsy Ross uit Philadelphia was een stoffeerder voor het Continentale leger en produceerde uniformen, tenten en vlaggen.
Twee vlaggen uit de periode 1777-1795 – Links: De Francis Hopkinson-variant / Rechts: De Betsy Ross-variant
Toen in 1795 twee nieuwe staten zich bij de Unie voegden werd de vlag opnieuw veranderd: nu met 15 rood-witte strepen en 15 sterren.
Links: Versie met 15 sterren en 15 strepen (1795-1818) / Rechts: Versie met 20 sterren en 13 strepen (1818-1819)
Het volgende ontwerp dateert van 1817: inmiddels waren nog eens vijf nieuwe staten toegetreden, maar men leek het wat te gortig te vinden nog meer strepen toe te voegen. Er werd besloten terug te keren naar de oorspronkelijke 13 strepen en alleen het aantal sterren uit te breiden naar 20. Deze vlag werd officieel ingevoerd op 4 juli 1818.
Sinds die tijd zijn met het toetreden van steeds meer staten dus alleen sterren toegevoegd in het kanton. Hawaii was de laatste staat tot nu toe in 1959. Het huidige model met 50 sterren werd ingevoerd op 4 juli 1960.
Amerikaanse postzegels met de vlag erop zijn er in vele soorten en maten, links: First-Class postzegel uit 2007, rechts: Postzegel uit 2019, ontwerp van Antonio Alcala