Roemenië is als land in stukjes en beetjes bij elkaar gekomen. De twee vorstendommen Walachije en Moldavië slaagden erin om in 1859 verregaande autonomie te krijgen van het Ottomaanse Rijk. Op 24 januari 1862 verenigden de beide territoria zich onder de naam Verenigde Roemeense Vorstendommen, of kortweg Roemenië.
Carol I (publiek domein)
In 1877 verklaarde het land zich onafhankelijk en in 1881 werd het een constitutionele monarchie met als koning de Duitse prins Karl von Hohenzollern-Sigmaringen, die onder de naam Carol I zou regeren.
Walachije, Moldavië en Transsylvanië
In 1918 voegde Transsylvanië zich bij Roemenië, na de ondergang van de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije. Ook het oostelijk gelegen Bessarabië sloot zich aan, daarmee Groot-Roemenië vormend.
In 1940 werden Bessarabië en het oosten van Moldavië ingelijfd door de Sovjet-Unie en werd daarmee de Moldavische Socialistische Sovjet Republiek. Dit gebied werd net als andere sovjetrepublieken in 1991 onafhankelijk en staat nu bekend als de Republiek Moldavië.
Maar we dwalen af. De dag van vandaag, 24 januari, herinnert dus aan het samenkomen van Walachije en Moldavië in 1862. In 2014 werd besloten dat dit vanaf 2015 voortaan een officiële feestdag zou zijn. Een dagje vrij voor de Roemenen dus.
De vlag
Vlag van Roemenië (1866-1947 / 1989-heden)
De Roemeense vlag is een verticale driekleur in blauw, geel en rood. Om iets preciezer te zijn is dat officieel gespecificeerd als kobaltblauw (ultramarijn), chroomgeel en vermiljoen. De vlag wordt aangeduid als de Tricolorul (Driekleur). De kleuren vormen een combinatie van die van Walachije (blauw en geel) en het 19e-eeuwse Moldavië (blauw en rood).
De horizontale versies van de Roemeense vlag: 1859-1862 (links) en 1862-1866 (rechts)
Van 1859 tot 1862 was de vlag horizontaal, met de volgorde blauw, geel en rood. Van 1862 tot 1866 werden de kleuren omgedraaid naar rood, geel en blauw. Daarna werd vlag gekanteld tot een verticale driekleur met de huidige kleurenvolgorde.
Bij het uitroepen van de communistische volksrepubliek op 30 december 1947, werd het nieuwe, socialistische staatswapen vanaf 1948 in het midden van de gele baan geplaatst. Tussen 1948 en 1989 werd het wapen nog twee keer licht gewijzigd (in 1952 en 1965), waardoor er drie versies van de Roemeense communistische vlag zijn geweest.
Links: 3e versie van de Roemeense vlag in communistische tijd (1965-1989) / Rechts: Vlag van de Roemeense Revolutie (1989), met een gat waar voorheen het staatswapen zat
Tijdens de anti-communistische omwenteling van 1989, die begon in Timișoara, werd de vlag onderdeel van de protesten, waarbij het staatswapen uit de vlag werd geknipt, en het dus een vlag met een rond gat werd.
Transnistrië is een geval apart: formeel is het een onderdeel en een regio in het oosten van Moldavië, maar de facto is het sinds 1990 een onafhankelijke republiek en heeft Moldavië er niets te vertellen.
Het langgerekte gebied heeft een eigen regering, parlement, leger, politie, postsysteem, paspoort, valuta en voertuig-registratie. En hoewel het met het hamer-en-sikkel-symbool op de vlag communistisch lijkt, is het dat niet.
Als onafhankelijke staat wordt het door geen enkel land erkend, met uitzondering van Abchazië en Zuid Ossetië, twee gebieden in Georgië, die eenzelfde onduidelijke status hebben. Het grondgebied ligt ingeklemd tussen het oostelijk stroomgebied van de rivier de Dnjestr en de grens met Oekraïne.
Officieel noemt het afgescheiden land zichzelf de Pridnestrovische Moldavische Republiek(PMR), terwijl ‘moederland’ Moldavië het gebied aanduidt als Administratief Territoriale Eenheden van de Linkeroever van de Dnjestr. (‘Pridnestrovisch‘ betekent zoveel als ‘land bij de Dnjestr’). Hoofdstad is Tiraspol, met ruim 128.000 inwoners tevens de grootste stad van het land. Het hele grondgebied heeft een bevolking van circa 475.000.
Tot aan het uiteenvallen van de Sovjet-Unie gedurende de jaren 1990-1991, vormden Transnistrië en Moldavië de Moldavische SSR, een van de vijftien sovjetrepublieken. Bij de ontmanteling van de communistische superstaat in 1990, riep Moldavië op 2 september de onafhankelijkheid uit, maar het Transnistrische deel van de voormalige sovjetstaat weigerde zich daarbij aan te sluiten en vormde in plaats daarvan de Transnistrische Autonome Socialistische Sovjetrepubliek, de directe voorganger van het huidige niet-erkende Transnistrië.
Moldavië stemde hier niet mee in en toen praten niet hielp, begon het land in 1992 een kortdurende oorlog met de onwillige, pro-Russische regio. Deze burgeroorlog werd in het voordeel van Transnistrië beslecht, wat alles te maken had met een groot contingent (het 14e Leger) van de Russische strijdkrachten, dat ook na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie zijn basis in Tiraspol had gehandhaafd.
De beslissende slag in dit militaire conflict werd uitgevochten tussen 19 en 21 juni 1992 in de Moldavische stad Tighina, gelegen aan de andere kant van de rivier de Dnjestr, waar Transnistrische strijders militaire hulp kregen van de Russische militairen, onder bevel van generaal Aleksandr Lebed. Bij deze slag vielen zo’n 700 doden.
De stad werd op de Moldaviërs veroverd en is tot op de dag van vandaag nog steeds in Transnistrische handen en is herdoopt in Bender, een naam die het ten tijde van het Ottomaanse Rijk ook droeg.
Sinds die tijd is er een patstelling: hoewel geen enkel land Transnistrië als onafhankelijke staat erkent, zelfs Rusland niet, functioneert het land op nationaal niveau de facto wel als zodanig. Gingen zowel Moldavië evenals het eveneens onafhankelijk geworden buurland Oekraïne, een steeds Westerse koers varen, dat gold niet voor Transnistrië, dat sterk pro-Russisch is.
Tijdens een bijeenkomst van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) in 1999 in Istanboel, beloofde Rusland om zijn troepen zo snel mogelijk terug te trekken uit Transnistrië, mits het land een autonome status zou krijgen, maar met een steeds verder naar het oosten uitbreidende NAVO werd dat plan in de ijskast gezet.
In 2004 kondigde Transnistrië aan een referendum te houden over aansluiting bij Rusland. Als voorschot hierop werden scholen gesloten die het Latijnse schrift gebruikten, in plaats van het Cyrillische alfabet, dat ook in Rusland gangbaar is. Dit viel zodanig verkeerd in Moldavië, dat dit land besloot Transnistrië te isoleren door blokkades. Dat leidde ertoe dat Transnistrië de stroomtoevoer naar Moldavië afsloot. Aangezien de meeste energiecentrales aan de Transnistrische kant van de Dnjestr staan, was dat een koud kunstje. Moldavië loste dit dan weer op door energiecontracten met buurland Roemenië aan te gaan, waardoor de stroomtoevoer weer verzekerd was.
In 2006 kwam Rusland op zijn belofte terug voor wat betreft de terugtrekking van het 14e Leger. Iets later in hetzelfde jaar werd het reeds eerder aangekondigde referendum voor aansluiting bij Rusland gehouden. Volgens de kiescommissie was 97,1% op termijn vóór aansluiting met Rusland. Westerse landen beschouwen het referendum als illegaal.
De patstelling Moldavië/Transnistrië is sinds die tijd het ‘nieuwe normaal’ geworden. Voor wat Rusland betreft: dit land heeft er uiteraard baat bij dat het een voet tussen de deur heeft in dit gebied, een pro-Russische partner, ingeklemd tussen de grotendeels pro-Westerse buurlanden Moldavië en Oekraïne. De verhoudingen tussen Moldavië en Transnistrië zijn enigszins genormaliseerd, hoewel de oorlog in het naburige Oekraïne uiteraard weer nieuwe spanningen oplevert.
Hrustoveni (ook wel Hristovaia) in het uiterste noorden van Transnistrië, aan de rivier de Camenca gelegen (fotograaf onbekend)
Sheriff
Economisch gaat het Transnistrië vanwege zijn geïsoleerde situatie niet bepaald voor de wind: de belangrijkste werkgever is de staalfabriek Moldova Steel Works in Rîbnița, goed voor 40-50% van het bnp van Transnistrië. Ook de wapenfabriek van Bender (het vroegere Tighina) is economisch van belang. Er wordt voornamelijk geëxporteerd naar Rusland en Wit-Rusland (Belarus) en in mindere mate naar Moldavië en tot aan de oorlog, naar Oekraïne.
Daarnaast is er het alomtegenwoordige conglomeraat met de naam Sheriff. Dit bedrijf is eigenaar van een keten van benzinestations, supermarkten, een tv-kanaal, het radiostation INTER-FM, een uitgeverij, een bouwbedrijf, een Mercedes-Benz-dealer, een reclamebureau, een distilleerderij, twee broodfabrieken, een mobiel telefoonnetwerk, de voetbalclub FC Sheriff Tiraspol en het thuisstadion Sheriff Stadium, een project dat ook een vijfsterrenhotel omvat.
Daarmee heeft Transnistrië dus wel communistische trekjes. Hetzelfde geldt voor de media: de twee belangrijkste kranten worden gecontroleerd door de autoriteiten. Ook de meeste televisie- en radiostations worden gecontroleerd door de overheid.
Relatie met Oekraïne
Sinds de uitbraak van de Russisch-Oekraïense oorlog zijn de verhoudingen tussen het pro-Russische Transnistrië en buurland Oekraïne gespannen, hoewel de Transnistrische regering zich zoveel mogelijk buiten de discussie lijkt te willen houden. Wél beschuldigde in maart 2023 de Transnistrische veiligheidsdienst de Oekraïense regering ervan te hebben geprobeerd topfunctionarissen van Transnistrië te vermoorden, waaronder president Vadim Krasnoselsky. De Oekraïense regering verwierp de beschuldigingen.
Vlag van Transnistrië met hamer en sikkel (1991-heden)
Hoewel de vlag van Transnistrië officieel op 2 september 1991 werd ingevoerd, deed ze al jaren dienst als de vlag van de Moldavische SSR, zij het dat de groene baan toentertijd iets helderder was. Voor deze voormalige sovjetstaat werd ze ingevoerd op 31 januari 1952. De vlag is een rood-groen-rode horizontale driekleur in de verhoudingen 3:2:3, met in de broektop een gekruiste hamer en sikkel in geel (of goud) en een geel (of goud) omrande, rode vijfpuntige ster daarboven.
Hamer en sikkel
Het hamer-en-sikkel-symbool met rode ster
Als zodanig paste ze in de serie van sovjetstaat-vlaggen, die allemaal het hamer en sikkel-symbool voerden, net als de nationale vlag van de Sovjet-Unie.
Ongedateerde foto van Yevgeni Kamzolkin (1885-1957), ontwerper van het hamer-en-sikkel-symbool met rode ster (publiek domein)
Dit symbool werd ten tijde van de Russische Revolutie in 1917 ontworpen door Yevgeny Kamzolkin. In 1922 nam de Sovjet-Unie zijn staatsembleem aan, wat vervolgens ook midden op de rode vlag werd gezet.
Links: Eerste vlag van de Sovjet-Unie (1922-1923) met staatsembleem, waarop hamer, sikkel en ster / Rechts: Laatste versie van de vlag van de Sovjet-Unie (1955-1991)
Deze vlag bestond slechts kort: van 30 december 1922 tot 12 november 1923. Op die laatste datum werd de vlag sterk vereenvoudigd met alleen hamer, sikkel en ster in de broektop, in eerste instantie nog geel omlijnd, als ware het een kanton, maar vanaf 18 april 1924 zonder omkadering. Kleine wijzigingen waren er in 1936 (waarbij het symbool iets groter werd) en in 1955, toen het weer iets werd verkleind en een tikje naar rechts opschoof. Die versie was nog in gebruik toen de Sovjet-Unie in 1991 werd ontbonden.
Keerzijde en vlag voor civiel gebruik
Bijzonder aan de vlag van Transnistrië is dat het hamer-en-sikkel-symbool alleen op de voorzijde van de vlag is aangebracht. Op de keerzijde wordt het weggelaten en dan ziet de vlag eruit zoals de afbeelding hieronder (hoewel het bij fel zonlicht evengoed vaag in spiegelbeeld te zien is).
Civiele vlag van Transnistrië, zonder symbool (1991-heden)
Voor de Transnistrische bevolking is er de civiele vlag, die het hamer-en-sikkel-symbool mist. Hoewel de verhouding van de vlag officieel 1:2 is, wordt ze ook met de gebruikelijker maatvoering 2:3 gemaakt.
Postzegelblok van Transnistrië uit 2000 waarop de ligging van het niet-erkende land wordt aangegeven, samen met het staatsembleem en de vlag (uitgave ПОЧТА ПМР/ publiek domein)
Co-officiële tweede vlag
Nog een vlag? Jazeker, in 2009 werd er door de Opperste Sovjet van Transnistrië een voorstel behandeld om de nationale vlag te vervangen door een uitgerekte versie van de Russische vlag, dit naar aanleiding van het referendum van 2006 (zie boven), waarin 97,1% van de bevolking had aangegeven (aldus de kiescommissie) om zich op termijn bij Rusland aan te sluiten.
Co-officiële nationale vlag van Transnistrië (2017-heden)
Die vlag zien we hierboven: een wit-blauw-rode horizontale driekleur in een verhouding van 1:2 (de Russische vlag heeft de verhouding 2:3). Die vervanging ging uiteindelijk niet door, maar op 12 april 2017 keurde de Opperste Sovjet alsnog een motie goed om van de ‘langgerekte Russische vlag’ Transnistrië’s co-officiële nationale driekleur te maken, waardoor de Transnistriërs dus keus hebben!
De huidige presidentiële vlag van Transnistrië werd ingevoerd op 18 juli 2000, tijdens de termijn van Transnistrië’s eerste president Igor Smirnov.
Vlag van de president van Transnistrië (2000-heden)
De vlag is een vierkante horizontale driekleur in de Transnistrische kleuren rood-groen-rood in een verhouding van 3:2:3, met in het midden het staatsembleem . Van een staatswapen kunnen we strikt gezien niet spreken, omdat het een schild mist.
Staatsembleem van Transnistrië (1991-heden)
Het staatsembleem van Transnistrië is gebaseerd op dat van de Moldavische SSR uit de sovjettijd (dat op zijn beurt was gebaseerd op het embleem van de Sovjet-Unie). De enige toevoeging is de symbolische weergave van de grensrivier de Dnjestr, net onder de zon.
Het embleem bestaat uit twee naar elkaar toegebogen bundels van verschillende landbouwproducten: korenaren, maïskolven, fruit en witte en blauwe druiven. Een rode banderol slingert zich in drie grote lussen over en om het geheel heen. Boven de middelste banderol zien we de rivier de Dnjestr met daarboven een opkomende zon. Tussen de korenaren en over de zonnestralen heen het hamer-en-sikkel-symbool, de top bekroond door een rode vijfpuntige ster.
Het staatsembleem in dD-versie in Bender (fotograaf onbekend)
De teksten in witte kapitalen op de banderol zijn steeds hetzelfde (Pridnestrovische Moldavische Republiek), maar in drie verschillende talen. Links in het Russisch: ПРИДНЕСТРОВСКАЯ МОЛДАВСКАЯ РЕСПУБЛИКА (Pridnestrovskaya Moldavskaya Respublika). In het midden in Moldavisch Cyrillisch: РЕПУБЛИКА МОЛДОВЕНЯСКЭ НИСТРЯНЭ (Republica Moldovenească Nistreană). Rechts in het Oekraïens: ПРИДНІСТРОВСЬКА МОЛДАВСЬКА РЕСПУБЛІКА (Prydnistrovs’ka Moldavs’ka Respublika).
Het staatsembleem bestaat ook in een versie met in de drie talen de afkortingen voor Pridnestrovische Moldavische Republiek(1991-heden)
Dat het niet-erkende land met al deze sovjet-russisch aandoende symboliek toch niet communistisch is, is wellicht verrassend. Hoewel er een communistische partij is in Transnistrië, is die politiek niet van belang.
Nog opvallender wellicht, is dat de huidige (en derde) president, Vadim Krasnoselsky, zich als overtuigd monarchist manifesteert. In oktober 2019 zei hij daar het volgende over: “Ik ben van nature een monarchist. Vanaf mijn jeugd heb ik strikt monarchale opvattingen opgebouwd. Ik ben een voorstander van monarchisme, beperkt constitutioneel monarchisme, en neem de ervaring van het Russische Rijk als basis.”
De laatste tsaar van Rusland, Nicolaas II, met zijn vrouw tsarina Alexandra en hun vijf kinderen, achteraan v.l.n.r. Maria, Olga en Tatiana, vooraan Alexei en helemaal rechts Anastasia, foto uit 1913 (publiek domein, inkleuring door Klimbim)
Het is een opmerkelijke uitspraak voor iemand die zich in het verleden positief heeft uitgesproken voor aansluiting bij Rusland, het land dat ruim een eeuw geleden bij zijn revolutie in 1917 de monarchie afschafte en het jaar daarop de afgezette tsaar en zijn familie liquideerde.
Vanuit linkse hoek heeft hij dan ook regelmatig met kritiek te maken, zoals door de krant Pravda Pridnestrovya.
Met dank aan Erik Breure voor het beschikbaar stellen van zijn privé-fotoverzameling
De Nationale Feestdag van de Tsjechische Republiek viert het ontstaan van het land in 1918, toen nog onder de naam Tsjechoslowakije.
Kaart van Tsjechoslowakije van voor de Tweede Wereldoorlog, toen nog mét Roethenië (publiek domein)
Met het einde van de Eerste Wereldoorlog viel de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije uit elkaar. De Oostenrijkse delen Bohemen en Moravië (nu Tsjechië) werden samengevoegd met de Hongaarse delen Slowakije en Roethenië (deze laatste regio werd na de Tweede Wereldoorlog ingelijfd door de Sovjet-Unie en hoort na het uiteenvallen van deze staat in 1991 bij Oekraïne).
De verjaardag van het ontstaan van Tsjechoslowakije werd vanaf 1939 verboden, nadat Nazi-Duitsland in maart dat jaar het land had bezet. Na de Tweede Wereldoorlog en het herstel van de soevereiniteit werd de viering weer opgepakt. Vanaf 1951 werd de naam van de feestdag veranderd in Den Znárodnění (Nationalisatiedag). In 1988 werd de oude naam heringevoerd. Na de vreedzame scheiding tussen Tsjechië en Slowakije op 1 januari 1993 bleef de feestdag op de vertrouwde datum gevierd worden, nu als Nationale Feestdag van de Tsjechische Republiek.
Op deze dag wordt altijd een militaire parade gehouden bij het Nationale Monument op de Vítkov-heuvel in Praag. Tevens wordt een krans bij het monument gelegd en een minuut stilte in acht genomen.
Ook is er een ceremonie in de Praagse Burcht waar de president (sinds 28 januari 2023 is dat Petr Pavel) onderscheidingen uitreikt aan zowel burgers en militairen die zich ingespannen hebben voor de goede zaak.
Ook wordt er op deze dag een krans gelegd bij zowel het graf (in Praag) van de eerste president van Tsjechoslowakije, Tomáš Masaryk, alswel bij zijn standbeeld op het Comeniusplein in Brno.
Vlag van Tsjechië (1993-heden), eerder de vlag van Tsjechoslowakije (1920-1939) (1945-1992)
De vlag van Tsjechië is een horizontale tweekleur in wit-rood. Vanuit de broekingszijde een blauwe driehoek, waarvan de punt in het exacte midden van de vlag eindigt.
De Tsjechische vlag is exact dezelfde als die van Tsjechoslowakije, totdat dit land in 1993 in twee delen gesplitst werd als Tsjechië en Slowakije. De Tsjechisch-Slowaakse combinatie stamde uit 1918 bij het uiteenvallen van het keizerrijk Oostenrijk-Hongarije, waarbij de Oostenrijkse delen Bohemen en Moravië werden samengevoegd met de Hongaarse delen Slowakije en Roethenië.
Links: Vlag van Bohemen / Rechts: Vlag van Slowakije (1993-heden)
De eerste vlag van Tsjechoslowakije was een wit-rode horizontale tweekleur: de vlag van Bohemen. Dit was niet handig, want Polen gebruikte een dergelijke vlag al als nationale vlag. Vanaf 1920 werd een blauwe driehoek toegevoegd. Met een korte onderbreking in de Tweede Wereldoorlog, bleef dit de vlag van Tsjechoslowakije. Vanaf 1 januari 1993 is het de vlag van Tsjechië. Slowakije voerde zijn eigen vlag in.
Net als Duitsland werd Oostenrijk na de Tweede Wereldoorlog opgedeeld door de vier geallieerde bezettingsmachten: het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Hetzelfde gebeurde met de hoofdstad Wenen (net als Berlijn dus).
Na de dood van Stalin en het staakt-het-vuren in de Korea-oorlog (1953) kwamen de vier partijen bijeen om de toekomst van Oostenrijk te bespreken. De besprekingen waren succesvol en op 15 mei 1955 werd het Staatsverdrag getekend, waarin werd vastgelegd dat Oostenrijk permanent neutraal diende te blijven.
In ruil daarvoor herkreeg het land zijn onafhankelijkheid. De laatste geallieerde troepen vertrokken op 25 oktober 1955. De dag erna, de 26e dus, werd de Verklaring van Neutraliteit afgelegd en was Oostenrijk weer baas in eigen land.
26 oktober werd daarmee een belangrijke herdenkingsdag, die tot 1965 gekenmerkt werd door het hijsen van de nationale vlag. Vanaf dat jaar echter werd de herdenkingsdag uitgeroepen tot nationale feestdag. Nu is het een vrije dag in Oostenrijk met overal allerlei evenementen, parades, tentoonstellingen en veel vlagvertoon.
De Oostenrijkse vlag is een horizontale driekleur in rood-wit-rood, Het is een van de oudste vlaggen ter wereld en kan tot zeker 1230 teruggevoerd worden. De vlag wordt zowel met als zonder staatswapen gebruikt. Bij Vlagblog wapperen vandaag beide vlaggen.
In eerste instantie werd de vlag nog niet als nationale vlag gebruikt, maar werd gevoerd als symbool van de Oostenrijkse monarchie. In 1786 bepaalde Keizer Josef II dat de driekleur (met wapen) voortaan als nationale vlag moest dienen. Vanaf die tijd is er dus een scheiding tussen nationale vlag en Keizerlijke Standaard.
Links: Keizerlijke Standaard tot 1915 / Rechts: Keizerlijke Standaard 1915-1918
Deze standaard werd gebruikt tot 1915. Een nieuwe standaard werd in de Eerste Wereldoorlog ingevoerd, maar werd samen met het keizerrijk afgeschaft in 1918.
Links: Vlag van Oostenrijk 1786-1869 / Rechts: Vlag van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie, 1869-1918
Tussen 1869 en 1918 weerspiegelt de nationale vlag dat Oostenrijk met Hongarije een dubbelmonarchie vormt: een combinatie van de Oostenrijkse en Hongaarse vlaggen met ook twee staatswapens. Vanaf 1919, na het einde van het keizerrijk, werd de vlag zonder wapen gevoerd. De vlag mét wapen was vanaf die tijd voorbehouden aan de president, ministers en andere hoge functionarissen. Hoewel dit strikt genomen nog steeds zo is, is de versie mét wapen niet langer ongebruikelijk in het straatbeeld.
Links: Het keizerlijke wapen van Oostenrijk-Hongarije tot 1915 / Rechts: Wapen van Oostenrijk sinds 1945
Het rijkswapen gaat ook ver terug: de adelaar tot de 12e eeuw, het rood-wit-rode schild tot de 13e eeuw. Tot en met het einde van het keizerrijk was de adelaar getooid met een keizerskroon, met in zijn klauwen een zwaard en een scepter. Bij de invoering van de republiek kreeg de adelaar een muurkroon, als symbool van de burgerij. Zwaard en scepter werden vervangen door een sikkel en een hamer, symbolen voor boeren en arbeiders. Na de zogenaamde Anschluss bij Duitsland (1938) en gedurende de Tweede Wereldoorlog werd de Nazi-vlag met het hakenkruis ingevoerd. Vanaf 1945 keerde de adelaar terug met als toevoeging een gebroken keten in beide klauwen.
De 16e oktober 1941 is de datum van de Val van Odessa tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maar de gehele periode waar het hier om handelt, begint ruim vóór die val en eindigt met de massamoord op tienduizenden Joden tussen 22 en 24 oktober.
Plattegrond van Odessa uit 1913 (publiek domein)
Oekraïne’s belangrijkste havenstad Odessa werd gedurende de Tweede Wereldoorlog vanaf 8 augustus 1941 belegerd door Roemeense en Duitse troepen. Vanaf die datum sneden de troepen van het 4e Roemeense Leger, onder bevel van generaal Nicolae Ciupercă (vijf infanterie-divisies, twee cavalerie-divisies en één gemotoriseerde brigade), de eenheden van het Maritieme Leger (twee geweerdivisies en de 1e Cavalerie-divisie) af van de belangrijkste strijdkrachten van het (Sovjet) Zuidfront.
Roemeense troepen in Odessa na de val van de stad(publiek domein)
Vervolgens was het het 4e Roemeense Leger dat de belangrijkste aanvallende macht was in de strijd om Odessa. Naast de Roemeense troepen waren ook de 72e Infanterie-divisie van de Wehrmacht, twee Duitse aanvals-bataljons en vier Duitse genie-bataljons, drie Duitse zware artillerie-divisies en Luftwaffe-eenheden bij de strijd om Odessa betrokken.
Begin september bedroeg het totale aantal Roemeens-Duitse troepen nabij Odessa ongeveer 277.000 soldaten en officieren, tot wel 2.200 kanonnen en mortieren, 100 tot 120 tanks en 300 tot 400 vliegtuigen. Het Sovjet-leger bleek niet bestand tegen de overmacht en op 16 oktober, vandaag 84 jaar geleden, werd de stad door de Roemeens-Duitse troepen veroverd. Dat dat niet zonder hevige tegenstand ging, blijkt wel uit de cijfers: geschat wordt dat er 93.000 Roemenen en Duitsers sneuvelden, bij de Oekraïens/Sovjet-zijde ligt dat cijfer tussen de 41.000 en 60.000.
Op deze Duitse luchtfoto uit 1941 is een deel van de verwoestingen in de stad te zien (publiek domein)
Op 22 oktober explodeerde een radiografisch bestuurbare mijn in het gebouw van de NKVD aan de Marazlievskayastraat, waar het kantoor van de Roemeense militaire commandant en het hoofdkwartier van de Roemeense 10e Infanteriedivisie zich hadden gevestigd. De mijn was daar geplaatst door de geniesoldaten van het Rode Leger vóór de overgave van de stad door de Sovjettroepen. Het gebouw stortte in en onder het puin kwamen 67 mensen om het leven, onder wie 16 officieren, onder wie de militaire commandant van de stad, de Roemeense generaal Ioan Glogojeanu. De verantwoordelijkheid voor de explosie werd bij de Joden en de communisten gelegd.
Het waren dan ook de Joden waar wraak op werd genomen. Tussen 22 en 24 oktober werden door Roemeense troepen (met Duitse hulp) tussen de 25.000 tot 34.000 Joden in Odessa doodgeschoten of levend verbrand. In de ruimere omgeving, in het gebied tussen de rivierende Dnjestr en de Zuidelijke Boeg, werden in de hieropvolgende periode nog eens ruim 100.000 Joden vermoord.
Vóór de oorlog werd het aantal Joden in Odessa geschat op 200.000, oftewel zo’n 30% van de bevolking. Ten tijde van de verovering van de stad waren veel Joden inmiddels gevlucht of geëvacueerd door de Sovjets, toch waren er nog zo’n 80.000 tot 90.000 achtergebleven. waarvan dus ongeveer eenderde omkwam tijdens het bloedbad tussen 22 en 24 oktober 1941.
Een Sovjet postzegel uit 1965 ter nagedachtenis aan de uitrekening van de heldenster aan Odessa (screenshot)
In 1945 was Odessa de eersts stad in de Sovjet-Unie die tot ‘heldenstad’ werd benoemd, waar een gouden ster bijhoort, die later ook op wapen en vlag terecht zou komen.
Budynok Russova (Het Huis van Russov), gebouwd tussen 1897 en 1900 in opdracht van Alexander Petrovich Russov, waar in het begin van de 20e eeuw de Gaevsky en Popovsky Apotheek was gevestigd (foto: Erik Breure)
De vlag
Vlag van Odessa (2011-heden)
De vlag van Odessa is een verticale driekleur in rood wit en goudgeel, met op de witte baan het wapen van de stad en ingevoerd op29 april 2011, middels gemeenteraadsbesluit 707-VI. De gele baan is overigens in de praktijk doorgaans in een lichtere tint uitgevoerd.
Vlag van Odessa (1999-2011)
De directe voorganger van deze vlag (afbeelding hierboven) diende als voorbeeld voor de huidige. Deze vierkante vlag werd ingevoerd op 29 juli 1999 en had dezelfde verticale banen, zij het dat het geel iets lichter was, bovendien werden de banen van elkaar gescheiden door twee dunne blauwe strepen.
Het wapen
Het huidige wapen, dat we hierboven zien en dat dus eveneens in 1999 werd ingevoerd, toont een zilveren werpanker op een rood veld, gevat in een rococo-achtig schild, bekroond door een zogenaamde muurkroon. Net onder de kroon is een ster geplaatst. Deze ster ontving de stad als waardering voor “de moed en de heldhaftigheid” door de burgers van Odessa betoond, tijdens de Grote Patriottische Oorlog, zoals de Tweede Wereldoorlog veelal werd genoemd in de tijd van de Sovjet-Unie, waar Oekraïne toen deel van uitmaakte. Wordt een wapen doorgaans door één persoon ontworpen, in het geval van Odessa ging het om maar liefst zes personen: P. Bondarenko, Y. Vyazovsky, M. Yemelyanov, I. Kalmakan, V. Savchenko en kunstenaar G. Faer.
Eerdere wapens
Het anker van het wapen van Odessa werd ingevoerd op 22 april 1798 en gaat dus al heel wat langer mee dan de vlag.
Chadzjibejin 1899, olieverfschilderij van de hand van Gennady Ladyzhensky (1852-1916), collectie Odessa Kunstmuseum (Одеський національний художній музей) / publiek domein)
Het anker verwijst naar de stichting van het moderne Odessa, dat vóór 1789 als Chadzjibej bekend stond. Het werd pas een echte stad na de nautisch militaire successen in de Zesde Russisch-Ottomaanse Oorlog (1787-1792) onder bevel van admiraal José de Ribas (in het Russisch en Oekraïens bekend als Deribas), waarbij Chadzjibej zonder slag of stoot op de Turken veroverd werd.
Admiraal José de Ribas (Deribas) (1749-1800), portret in olieverf uit 1896, door Johann Baptist Lampi de Oude (1751-1830) (Collectie Hermitage Museum, Sint Petersburg / publiek domein)
Sinds de invoering eind van de 18e eeuw heeft het wapen verschillende verschijningsvormen gehad, zoals we hieronder kunnen zien.
Links: Eerste wapen van Odessa (1798-1801) / Rechts: Tweed wapen van Odessa (1801-1917)
Het eerste wapen uit 1798 is doorsneden, waarop we het anker onderin onmiddellijk herkennen, bovenin is het staatssymbool van het Russische Rijk geplaatst: een gekroonde dubbelkoppige adelaar met een zilveren Maltezer kruis op de borst.
Na de dood van tsaar Paul I in 1801, werd het Maltezer kruis uit het wapen verwijderd. Dit tweede wapen ging lang mee, het werd pas afgeschaft na de Russische Oktoberrevolutie van 1917.
Links: Derde wapen van Odessa (1967-1991) / Rechts: Vierde wapen van Odessa
Tot aan 1967 had Odessa in het geheel geen wapen meer. Op de 19e oktober van dat jaar werd er een nieuw (Sovjet) wapen ingevoerd. Ook nu was het wapen doorsneden, met het anker terug op zijn vertrouwde plek. Bovenin een afbeelding van het slagschip de Potjomkin (1900-1919) voorzien van een grote rode vlag, dit alles op een geel veld. In de rechterbovenhoek (heraldisch links) verschijnt voor het eerst de “heldenster”. Dit wapen werd kort na de onafhankelijkheid van Oekraïne op 24 augustus 1991 afgeschaft. Voor een nieuw wapen werd er een ontwerpwedstrijd uitgeschreven, die op 2 december 1993 tot resultaat leidde: ook dit wapen is doorsneden, in geel en rood, waarop het anker bijna het gehele schild vult, helemaal bovenin herkennen we opnieuw de “heldenster”. Dit wapen hield het zes jaar vol, totdat het in 1999 werd vervangen door het huidige, waarbij het anker nu “het rijk alleen” heeft en de ster tot op de schildrand is doorgeschoven.
De kleuren
De kleuren rood en goudgeel van de vlag zijn afgeleid van die van de twee velden op het oorspronkelijke wapen uit 1798. Het wit (zilver) komt van het werpanker dat vanaf 1801 altijd zilverkleurig werd afgebeeld.
De 142 m lange Potjomkintrappen in Odessa, bij de haven aangelegd in 1841, momenteel zijn ze afgezet met prikkeldraad vanwege de oorlog (foto: Erik Breure)
Zoals te doen gebruikelijk worden de kleuren echter ook symbolisch uitgelegd: rood staat symbool voor moed, onbevreesdheid, vrijgevigheid, liefde, warmte en passie; wit (zilver) staat voor zuiverheid, trouw, betrouwbaarheid en vriendelijkheid; goudgeel tenslotte, staat symbool voor zonne-energie, rijkdom, kracht, stabiliteit en welvaart.
Een kat koestert zich in de zon naast (en op!) koopwaar, waaronder vlaggen en vlaggetjes van staat en stad (foto: Erik Breure)
Sinds 24 februari 2022 bevindt Odessa zich opnieuw in een oorlog. De havenstad heeft sinds het begin van de vijandelijkheden veelvuldig onder vuur gelegen. Het bracht UNESCO ertoe om op 25 januari 2023 bekend te maken dat het historische stadscentrum van Odessa was toegevoegd aan de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Om indien nodig technische en financiële ondersteuning te bieden, werd het ook opgenomen in de lijst van bedreigd werelderfgoed.
Billboard in Odessa: “Voor de bescherming van de toekomst” (foto: Erik Breure)
Met dank aan Erik Breure voor het gebruik van zijn foto’s
Na een jarenlange scheiding in West-Duitsland en Oost-Duitsland, werden beide landen opnieuw verenigd op 3 oktober 1990. Vandaag viert Duitsland dus z’n 35-jarige jubileum als eenheidsstaat.
3 oktober 1990, een juichende en vlaggenzwaaiende mensenmassa voor het Duitse Parlement, de Reichstag
Het jaar daarvoor was de Berlijnse Muur ‘gevallen’ en was het bestaansrecht van Oost-Duitsland na ‘die Wende’ eigenlijk verdwenen.
De Berlijnse Muur valt, 11 oktober 1989 (foto: Gerard Malie)
De vlag
Vlag van Duitsland (1949-heden)
De kleuren van de Duitse vlag stammen uit de Napoleontische vrijheidstrijd en kwamen voor in uniformen (en sommige vlaggen), zoals die van het Lützower Studentischen Freiwilligenkorps.
De huidige driekleur in zwart, rood en geel werd officieel door de Duitse Bond ingesteld in 1848.
Links: Vlag van de Duitse Bond tussen 1815 en 1867 / Rechts: Otto von Bismarck (1815-1898), minister-president van Pruisen (1862-1890), bondskanselier van de Noord-Duitse Bond (1867-1871), rijkskanselier van het Duitse Keizerrijk (1871-1890)
In 1867, onder Otto von Bismarck, de bondskanselier van de Noord-Duitse Bond en minister-president van Pruisen, werd de vlag echter al weer verboden. Hij wilde een combinatie van de Pruisische (zwart-wit) en de Brandenburgse (rood-wit) vlaggen en dat werd dus een zwart-wit-rode vlag. Tijdens de Weimarrepubliek werd op 11 augustus 1919 de zwart-rood-gele vlag weer in ere hersteld.
V.l.n.r.: Vlag van Pruisen / Vlag van Brandenburg / Vlag van het Duitse Keizerrijk (1871-1918)
In 1933, toen de nazi’s van de NSDAP aan de macht kwamen, werd de vlag opnieuw afgeschaft en in eerste instantie vervangen door de zwart-wit-rode vlag. De rode partijvlag met het hakenkruis (swastika) werd aangeduid als tweede nationale vlag.
V.l.n.r.: Vlag van het Duitse Rijk (de Weimarrepubliek) (1919-1933) / Vlag van het Duitse Rijk (1933-1935) / Vlag van het Duitse Rijk (1935-1945), ook bekend als hakenkruisvlag of Nazivlag
Op 15 september 1935 werd de hakenkruisvlag uitgeroepen tot officiële Duitse vlag, de zwart-wit-rode vlag werd als ‘te reactionair’ gezien. Hoewel de swastika al sinds 1920 door de NSDAP als symbool werd gebruikt, ook op vlaggen, was het Adolf Hitler die in 1925 de definitieve vlag ontwierp: een zwarte naar rechts wijzende swastika in een witte cirkel op een rood veld, opnieuw de Duitse kleuren zwart-wit-rood dus.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de hakenkruisvlag ook in de bezette gebieden gebruikt en werd ze een gehaat symbool, de representatie voor onderdrukking, angst en terreur.
Duitsland verdeeld in bezettingszones: Frans (blauw), Brits (groen), Amerikaans (oranje) en Russisch (rood). Inzet: Het eveneens in vieren opgedeelde Berlijn
Na de Duitse nederlaag in de Tweede Wereldoorlog werden het land en de hoofdstad Berlijn in vieren verdeeld, in Franse, Britse, Amerikaanse en Russische bezettingszones, waar dus ook de desbetreffende vlaggen werden gebruikt. Alleen voor gebruik op zee werd er een tijdelijke Duitse scheepsvlag ontworpen. Deze vlag werd ingevoerd op 12 december 1946. De vlag was gelijk aan de internationale seinvlag voor de letter C, maar dan ingehoekt. De keuze was niet zozeer vanwege de C, maar had te maken met de kleuren. De C-seinvlag is een horizontale vijfkleur in blauw-wit-rood-wit-blauw en bevatte daarmee de nationale kleuren van de vier bezettingsmachten: Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie.
Links: Internationale seinvlag, letter C (ontwerp uit 1855) / Rechts: De Duitse koopvaardijvlag (1946-1950), de zogenaamde C-Doppelstander
Deze ingehoekte versie van seinvlag stond bekend als de C-Doppelstander en was in gebruik tot 14 augustus 1950. Deze koopvaardijvlag mocht door andere schepen niet gegroet worden, er mocht deze vlag dus geen eer worden bewezen.
In augustus 1948 begonnen de voorbereidingen voor nieuwe Duitse symbolen. Na veel discussies werd men het er uiteindelijk over eens dat de Bondsrepubliek Duitsland als opvolger van de Weimarrepubliek (1919-1933) gezien moest worden en dus keerde men terug naar de zwart-rood-gele vlag. Met de invoering van de nieuwe Duitse Grondwet op 23 mei 1949 werd ook de oude vlag gerehabiliteerd. Dit was tevens de dag dat de westelijke bezettingszones opgingen in de Bondsrepubliek Duitsland (BRD/West-Duitsland).
In de Sovjet-bezettingszone had men zich tijdens het TweedeVolkscongres in 1948 uitgesproken voor terugkeer naar de zwart-wit-rode vlag, die tussen 1867 en 1918 en opnieuw kortstondig tussen 1933 en 1935 in gebruik was als vlag van het Duitse Rijk, maar op voorspraak van Friedrich Ebert Jr., lid van het Centraal Comité van de SED (Sozialistische Einheitspartei Deutschlands), comformeerde het oostelijk deel van Duitsland zich aan de keuze van het grotere westelijke deel van het land. Het enige verschil was dat de kleurspecificaties van het rood en geel iets afweken. De stichting van de Duitse Democratische Republiek (DDR/Oost-Duitsland) volgde een paar maanden na die van de BRD, op 7 oktober 1949, waarbij het grondgebied geheel samenviel met dat van de Russische bezettingszone.
Een uitzondering was er voor hoofdstad Berlijn, middenin de DDR gelegen, die op zijn beurt in vier bezettingszones was opgedeeld. Hier bleven de bezettingsmachten actief aanwezig. Voor de DDR bleef (Oost)-Berlijn de hoofdstad, de BRD verhuisde zijn regering en overheidsapparaat naar Bonn, in Noordrijn-Westfalen.
Kaart van West- en Oost-Duitsland met daarin de grenzen van de deelstaten
Hamer en passer
Met het verder uit elkaar groeien van West-Duitsland (BRD) en Oost-Duitsland (DDR) nam in de communistische DDR de behoefte aan onderscheiding met de BRD toe. Zodoende werd in 1959 het staatswapen midden op de vlag geplaatst.
De drie versies van het DDR-wapen, v.l.n.r.: 1950-1953, 1953-1955, 1955-1990
Dit wapen werd op 12 januari 1950 ingevoerd en symboliseert de boeren en de arbeidersklasse. Deze eerste versie had slechts een hamer en een ring van rogge-aren. Op 28 mei 1953 werd een tweede versie geïntroduceerd: de hamer kreeg gezelschap van een passer en de roggering was behoorlijk uitgedijd. De Duitse driekleur werd toegevoegd en rond de onderkant van de rogge gewikkeld. De derde versie werd ingevoerd op 23 september 1955, waarbij het witte veld achter hamer en passer communistisch rood werd.
Links: Vlag van de DDR (1959-1990) / Rechts: Handelsvlag van de DDR (1959-1973)
Op 1 oktober 1959 werd het embleem vervolgens ‘bevorderd’ en op de vlag geplaatst. Tegelijkertijd werd er een handelsvlag ingevoerd, waarbij het wapen verkleind in het kanton geplaatst werd. Deze vlag was in gebruik tot 1973.
Maar, en dat is natuurlijk wat er vandaag gevierd wordt, sinds 1990 is men weer samen onder één en dezelfde vlag. Al in juni 1990, vooruitlopend op de datum van 3 oktober, verdween de DDR-vlag van het toneel en werd ingeruild voor die van de BRD, van een Verenigd Duitsland. Bonn werd als hoofdstad verlaten en Berlijn werd opnieuw de ongedeelde hoofdstad.
Overig
Tot slot twee varianten van de Duitse vlag: de dienstvlag, in gebruik bij overheid en leger en de marinevlag.
Links: Dienstvlag van Duitsland (1950-heden), in gebruik bij de overheid en het leger / Rechts: Marinevlag van Duitsland (1956-heden)
De dienstvlag uit 1950 heeft het Duitse wapen, een gestileerde zwarte adelaar met rode snavel en klauwen op een geel veld, in de Duitse kleuren dus, midden op de Duitse driekleur. De marinevlag is identiek aan de dienstvlag, maar dan ingehoekt. Deze vlag werd op 25 mei 1956 ingevoerd.
De Nationale Feestdag van de Tsjechische Republiek viert het ontstaan van het land in 1918, toen nog onder de naam Tsjechoslowakije.
Kaart van Tsjechoslowakije van voor de Tweede Wereldoorlog, toen nog mét Roethenië (publiek domein)
Met het einde van de Eerste Wereldoorlog viel de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije uit elkaar. De Oostenrijkse delen Bohemen en Moravië (nu Tsjechië) werden samengevoegd met de Hongaarse delen Slowakije en Roethenië (deze laatste regio werd na de Tweede Wereldoorlog ingelijfd door de Sovjet-Unie en hoort na het uiteenvallen van deze staat in 1991 bij Oekraïne).
De verjaardag van het ontstaan van Tsjechoslowakije werd vanaf 1939 verboden, nadat Nazi-Duitsland in maart dat jaar het land had bezet. Na de Tweede Wereldoorlog en het herstel van de soevereiniteit werd de viering weer opgepakt. Vanaf 1951 werd de naam van de feestdag veranderd in Den Znárodnění (Nationalisatiedag). In 1988 werd de oude naam heringevoerd. Na de vreedzame scheiding tussen Tsjechië en Slowakije op 1 januari 1993 bleef de feestdag op de vertrouwde datum gevierd worden, nu als Nationale Feestdag van de Tsjechische Republiek.
Op deze dag wordt altijd een militaire parade gehouden bij het Nationale Monument op de Vítkov-heuvel in Praag. Tevens wordt een krans bij het monument gelegd en een minuut stilte in acht genomen.
Ook is er een ceremonie in de Praagse Burcht waar de president (sinds 2023 is dit Petr Pavel) onderscheidingen uitreikt aan zowel burgers en militairen die zich ingespannen hebben voor de goede zaak.
Ook wordt er op deze dag een krans gelegd bij zowel het graf (in Praag) van de eerste president van Tsjechoslowakije, Tomáš Masaryk, alswel bij zijn standbeeld op het Comeniusplein in Brno.
Vlag van Tsjechië (1993-heden), eerder de vlag van Tsjechoslowakije (1920-1939) (1945-1992)
De vlag van Tsjechië is een horizontale tweekleur in wit-rood. Vanuit de broekingszijde een blauwe driehoek, waarvan de punt in het exacte midden van de vlag eindigt.
De Tsjechische vlag is exact dezelfde als die van Tsjechoslowakije, totdat dit land in 1993 in twee delen gesplitst werd als Tsjechië en Slowakije. De Tsjechisch-Slowaakse combinatie stamde uit 1918 bij het uiteenvallen van het keizerrijk Oostenrijk-Hongarije, waarbij de Oostenrijkse delen Bohemen en Moravië werden samengevoegd met de Hongaarse delen Slowakije en Roethenië.
Links: Vlag van Bohemen / Rechts: Vlag van Slowakije (1993-heden)
De eerste vlag van Tsjechoslowakije was een wit-rode horizontale tweekleur: de vlag van Bohemen. Dit was niet handig, want Polen gebruikte een dergelijke vlag al als nationale vlag. Vanaf 1920 werd een blauwe driehoek toegevoegd. Met een korte onderbreking in de Tweede Wereldoorlog, bleef dit de vlag van Tsjechoslowakije. Vanaf 1 januari 1993 is het de vlag van Tsjechië. Slowakije voerde zijn eigen vlag in.
Transnistrië is een geval apart: formeel is het een onderdeel en een regio in het oosten van Moldavië, maar de facto is het sinds 1990 een onafhankelijke republiek en heeft Moldavië er niets te vertellen.
Het langgerekte gebied heeft een eigen regering, parlement, leger, politie, postsysteem, paspoort, valuta en voertuig-registratie. En hoewel het met het hamer-en-sikkel-symbool op de vlag communistisch lijkt, is het dat niet.
Als onafhankelijke staat wordt het door geen enkel land erkend, met uitzondering van Abchazië en Zuid Ossetië, twee gebieden in Georgië, die eenzelfde onduidelijke status hebben. Het grondgebied ligt ingeklemd tussen het oostelijk stroomgebied van de rivier de Dnjestr en de grens met Oekraïne.
Officieel noemt het afgescheiden land zichzelf de Pridnestrovische Moldavische Republiek(PMR), terwijl ‘moederland’ Moldavië het gebied aanduidt als Administratief Territoriale Eenheden van de Linkeroever van de Dnjestr. (‘Pridnestrovisch‘ betekent zoveel als ‘land bij de Dnjestr’). Hoofdstad is Tiraspol, met ruim 128.000 inwoners tevens de grootste stad van het land. Het hele grondgebied heeft een bevolking van circa 475.000.
Tot aan het uiteenvallen van de Sovjet-Unie gedurende de jaren 1990-1991, vormden Transnistrië en Moldavië de Moldavische SSR, een van de vijftien sovjetrepublieken. Bij de ontmanteling van de communistische superstaat in 1990, riep Moldavië op 2 september de onafhankelijkheid uit, maar het Transnistrische deel van de voormalige sovjetstaat weigerde zich daarbij aan te sluiten en vormde in plaats daarvan de Transnistrische Autonome Socialistische Sovjetrepubliek (vandaag 25 jaar geleden), de directe voorganger van het huidige niet-erkende Transnistrië.
Moldavië stemde hier niet mee in en toen praten niet hielp, begon het land in 1992 een kortdurende oorlog met de onwillige, pro-Russische regio. Deze burgeroorlog werd in het voordeel van Transnistrië beslecht, wat alles te maken had met een groot contingent (het 14e Leger) van de Russische strijdkrachten, dat ook na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie zijn basis in Tiraspol had gehandhaafd.
De beslissende slag in dit militaire conflict werd uitgevochten tussen 19 en 21 juni 1992 in de Moldavische stad Tighina, gelegen aan de andere kant van de rivier de Dnjestr, waar Transnistrische strijders militaire hulp kregen van de Russische militairen, onder bevel van generaal Aleksandr Lebed. Bij deze slag vielen zo’n 700 doden.
De stad werd op de Moldaviërs veroverd en is tot op de dag van vandaag nog steeds in Transnistrische handen en is herdoopt in Bender, een naam die het ten tijde van het Ottomaanse Rijk ook droeg.
Sinds die tijd is er een patstelling: hoewel geen enkel land Transnistrië als onafhankelijke staat erkent, zelfs Rusland niet, functioneert het land op nationaal niveau de facto wel als zodanig. Gingen zowel Moldavië evenals het eveneens onafhankelijk geworden buurland Oekraïne, een steeds Westerse koers varen, dat gold niet voor Transnistrië, dat sterk pro-Russisch is.
Tijdens een bijeenkomst van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) in 1999 in Istanboel, beloofde Rusland om zijn troepen zo snel mogelijk terug te trekken uit Transnistrië, mits het land een autonome status zou krijgen, maar met een steeds verder naar het oosten uitbreidende NAVO werd dat plan in de ijskast gezet.
In 2004 kondigde Transnistrië aan een referendum te houden over aansluiting bij Rusland. Als voorschot hierop werden scholen gesloten die het Latijnse schrift gebruikten, in plaats van het Cyrillische alfabet, dat ook in Rusland gangbaar is. Dit viel zodanig verkeerd in Moldavië, dat dit land besloot Transnistrië te isoleren door blokkades. Dat leidde ertoe dat Transnistrië de stroomtoevoer naar Moldavië afsloot. Aangezien de meeste energiecentrales aan de Transnistrische kant van de Dnjestr staan, was dat een koud kunstje. Moldavië loste dit dan weer op door energiecontracten met buurland Roemenië aan te gaan, waardoor de stroomtoevoer weer verzekerd was.
In 2006 kwam Rusland op zijn belofte terug voor wat betreft de terugtrekking van het 14e Leger. Iets later in hetzelfde jaar werd het reeds eerder aangekondigde referendum voor aansluiting bij Rusland gehouden. Volgens de kiescommissie was 97,1% op termijn vóór aansluiting met Rusland. Westerse landen beschouwen het referendum als illegaal.
De patstelling Moldavië/Transnistrië is sinds die tijd het ‘nieuwe normaal’ geworden. Voor wat Rusland betreft: dit land heeft er uiteraard baat bij dat het een voet tussen de deur heeft in dit gebied, een pro-Russische partner, ingeklemd tussen de grotendeels pro-Westerse buurlanden Moldavië en Oekraïne. De verhoudingen tussen Moldavië en Transnistrië zijn enigszins genormaliseerd, hoewel de oorlog in het naburige Oekraïne uiteraard weer nieuwe spanningen oplevert.
Hrustoveni (ook wel Hristovaia) in het uiterste noorden van Transnistrië, aan de rivier de Camenca gelegen (fotograaf onbekend)
Sheriff
Economisch gaat het Transnistrië vanwege zijn geïsoleerde situatie niet bepaald voor de wind: de belangrijkste werkgever is de staalfabriek Moldova Steel Works in Rîbnița, goed voor 40-50% van het bnp van Transnistrië. Ook de wapenfabriek van Bender (het vroegere Tighina) is economisch van belang. Er wordt voornamelijk geëxporteerd naar Rusland en Wit-Rusland (Belarus) en in mindere mate naar Moldavië en tot aan de oorlog, naar Oekraïne.
Daarnaast is er het alomtegenwoordige conglomeraat met de naam Sheriff. Dit bedrijf is eigenaar van een keten van benzinestations, supermarkten, een tv-kanaal, het radiostation INTER-FM, een uitgeverij, een bouwbedrijf, een Mercedes-Benz-dealer, een reclamebureau, een distilleerderij, twee broodfabrieken, een mobiel telefoonnetwerk, de voetbalclub FC Sheriff Tiraspol en het thuisstadion Sheriff Stadium, een project dat ook een vijfsterrenhotel omvat.
Daarmee heeft Transnistrië dus wel communistische trekjes. Hetzelfde geldt voor de media: de twee belangrijkste kranten worden gecontroleerd door de autoriteiten. Ook de meeste televisie- en radiostations worden gecontroleerd door de overheid.
Relatie met Oekraïne
Sinds de uitbraak van de Russisch-Oekraïense oorlog zijn de verhoudingen tussen het pro-Russische Transnistrië en buurland Oekraïne gespannen, hoewel de Transnistrische regering zich zoveel mogelijk buiten de discussie lijkt te willen houden. Wél beschuldigde in maart 2023 de Transnistrische veiligheidsdienst de Oekraïense regering ervan te hebben geprobeerd topfunctionarissen van Transnistrië te vermoorden, waaronder president Vadim Krasnoselsky. De Oekraïense regering verwierp de beschuldigingen.
Vlag van Transnistrië met hamer en sikkel (1991-heden)
Hoewel de vlag van Transnistrië officieel op 2 september 1991 werd ingevoerd (vandaag 24 jaar geleden), deed hij al jaren dienst als de vlag van de Moldavische SSR, zij het dat de groene baan toentertijd iets helderder was. Voor deze voormalige sovjetstaat werd ze ingevoerd op 31 januari 1952. De vlag is een rood-groen-rode horizontale driekleur in de verhoudingen 3:2:3, met in de broektop een gekruiste hamer en sikkel in geel (of goud) en een geel (of goud) omrande, rode vijfpuntige ster daarboven.
Hamer en sikkel
Het hamer-en-sikkel-symbool met rode ster
Als zodanig paste hij in de serie van sovjetstaat-vlaggen, die allemaal het hamer en sikkel-symbool voerden, net als de nationale vlag van de Sovjet-Unie.
Ongedateerde foto van Yevgeni Kamzolkin (1885-1957), ontwerper van het hamer-en-sikkel-symbool met rode ster (publiek domein)
Dit symbool werd ten tijde van de Russische Revolutie in 1917 ontworpen door Yevgeny Kamzolkin. In 1922 nam de Sovjet-Unie zijn staatsembleem aan, wat vervolgens ook midden op de rode vlag werd gezet.
Links: Eerste vlag van de Sovjet-Unie (1922-1923) met staatsembleem, waarop hamer, sikkel en ster / Rechts: Laatste versie van de vlag van de Sovjet-Unie (1955-1991)
Deze vlag bestond slechts kort: van 30 december 1922 tot 12 november 1923. Op die laatste datum werd de vlag sterk vereenvoudigd met alleen hamer, sikkel en ster in de broektop, in eerste instantie nog geel omlijnd, als ware het een kanton, maar vanaf 18 april 1924 zonder omkadering. Kleine wijzigingen waren er in 1936 (waarbij het symbool iets groter werd) en in 1955, toen het weer iets werd verkleind en een tikje naar rechts opschoof. Die versie was nog in gebruik toen de Sovjet-Unie in 1991 werd ontbonden.
Keerzijde en vlag voor civiel gebruik
Bijzonder aan de vlag van Transnistrië is dat het hamer-en-sikkel-symbool alleen op de voorzijde van de vlag is aangebracht. Op de keerzijde wordt het weggelaten en dan ziet de vlag eruit zoals de afbeelding hieronder (hoewel het bij fel zonlicht evengoed vaag in spiegelbeeld te zien is).
Civiele vlag van Transnistrië, zonder symbool (1991-heden)
Voor de Transnistrische bevolking is er de civiele vlag, die het hamer-en-sikkel-symbool mist. Hoewel de verhouding van de vlag officieel 1:2 is, wordt ze ook met de gebruikelijker maatvoering 2:3 gemaakt.
Postzegelblok van Transnistrië uit 2000 waarop de ligging van het niet-erkende land wordt aangegeven, samen met het staatsembleem en de vlag (uitgave ПОЧТА ПМР/ publiek domein)
Co-officiële tweede vlag
Nog een vlag? Jazeker, in 2009 werd er door de Opperste Sovjet van Transnistrië een voorstel behandeld om de nationale vlag te vervangen door een uitgerekte versie van de Russische vlag, dit naar aanleiding van het referendum van 2006 (zie boven), waarin 97,1% van de bevolking had aangegeven (aldus de kiescommissie) om zich op termijn bij Rusland aan te sluiten.
Co-officiële nationale vlag van Transnistrië (2017-heden)
Die vlag zien we hierboven: een wit-blauw-rode horizontale driekleur in een verhouding van 1:2 (de Russische vlag heeft de verhouding 2:3). Die vervanging ging uiteindelijk niet door, maar op 12 april 2017 keurde de Opperste Sovjet alsnog een motie goed om van de ‘langgerekte Russische vlag’ Transnistrië’s co-officiële nationale driekleur te maken, waardoor de Transnistriërs dus keus hebben!
De huidige presidentiële vlag van Transnistrië werd ingevoerd op 18 juli 2000, tijdens de termijn van Transnistrië’s eerste president Igor Smirnov.
Vlag van de president van Transnistrië (2000-heden)
De vlag is een vierkante horizontale driekleur in de Transnistrische kleuren rood-groen-rood in een verhouding van 3:2:3, met in het midden het staatsembleem . Van een staatswapen kunnen we strikt gezien niet spreken, omdat het een schild mist.
Staatsembleem van Transnistrië (1991-heden)
Het staatsembleem van Transnistrië is gebaseerd op dat van de Moldavische SSR uit de sovjettijd (dat op zijn beurt was gebaseerd op het embleem van de Sovjet-Unie). De enige toevoeging is de symbolische weergave van de grensrivier de Dnjestr, net onder de zon.
Het embleem bestaat uit twee naar elkaar toegebogen bundels van verschillende landbouwproducten: korenaren, maïskolven, fruit en witte en blauwe druiven. Een rode banderol slingert zich in drie grote lussen over en om het geheel heen. Boven de middelste banderol zien we de rivier de Dnjestr met daarboven een opkomende zon. Tussen de korenaren en over de zonnestralen heen het hamer-en-sikkel-symbool, de top bekroond door een rode vijfpuntige ster.
Het staatsembleem in dD-versie in Bender (fotograaf onbekend)
De teksten in witte kapitalen op de banderol zijn steeds hetzelfde (Pridnestrovische Moldavische Republiek), maar in drie verschillende talen. Links in het Russisch: ПРИДНЕСТРОВСКАЯ МОЛДАВСКАЯ РЕСПУБЛИКА (Pridnestrovskaya Moldavskaya Respublika). In het midden in Moldavisch Cyrillisch: РЕПУБЛИКА МОЛДОВЕНЯСКЭ НИСТРЯНЭ (Republica Moldovenească Nistreană). Rechts in het Oekraïens: ПРИДНІСТРОВСЬКА МОЛДАВСЬКА РЕСПУБЛІКА (Prydnistrovs’ka Moldavs’ka Respublika).
Het staatsembleem bestaat ook in een versie met in de drie talen de afkortingen voor Pridnestrovische Moldavische Republiek(1991-heden)
Dat het niet-erkende land met al deze sovjet-russisch aandoende symboliek toch niet communistisch is, is wellicht verrassend. Hoewel er een communistische partij is in Transnistrië, is die politiek niet van belang.
Nog opvallender wellicht, is dat de huidige (en derde) president, Vadim Krasnoselsky, zich als overtuigd monarchist manifesteert. In oktober 2019 zei hij daar het volgende over: “Ik ben van nature een monarchist. Vanaf mijn jeugd heb ik strikt monarchale opvattingen opgebouwd. Ik ben een voorstander van monarchisme, beperkt constitutioneel monarchisme, en neem de ervaring van het Russische Rijk als basis.”
De laatste tsaar van Rusland, Nicolaas II, met zijn vrouw tsarina Alexandra en hun vijf kinderen, achteraan v.l.n.r. Maria, Olga en Tatiana, vooraan Alexei en helemaal rechts Anastasia, foto uit 1913 (publiek domein, inkleuring door Klimbim)
Het is een opmerkelijke uitspraak voor iemand die zich in het verleden positief heeft uitgesproken voor aansluiting bij Rusland, het land dat ruim een eeuw geleden bij zijn revolutie in 1917 de monarchie afschafte en het jaar daarop de afgezette tsaar en zijn familie liquideerde.
Vanuit linkse hoek heeft hij dan ook regelmatig met kritiek te maken, zoals door de krant Pravda Pridnestrovya.
Met dank aan Erik Breure voor het beschikbaar stellen van zijn privé-fotoverzameling
Tot 31 augustus 1991 was Kirgizië een deelrepubliek van de Sovjetunie. Het waren de nadagen van dit collectief van Rusland en zijn 14 satelliet-republieken. Onder president Gorbatsjov hadden de deelrepublieken al meer macht gekregen. Na de mislukte staatsgreep in de zomer van 1991 (Gorbatsjov was toen op vakantie aan de Zwarte Zee) en de daarop volgende politieke chaos, verloor de president prestige en macht en was de tijd rijp voor onafhankelijkheid.
Op 31 augustus 1991 verklaarde de Opperste Raad van Kirgizië de deelrepubliek tot een onafhankelijk land, net als buurland Oezbekistan. De overige drie Centraal-Aziatische deelrepublieken volgden snel daarna: Tadzjikistan op 9 september, Turkmenistan op 27 oktober en Kazachstan op 16 december. Op Turkmenistan na zijn al deze landen lid van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS), een los verband van ex-Sovjetstaten.
Sadyr Zjaparov (1968) bij zijn stembusgang in Bisjkek voor de presidentiële verkiezingen op 10 januari 2021 (screenshot)
Sindsdien is Kirgizië niet bepaald een voorbeeld van stabiliteit geweest, met gevluchte ex-presidenten, betogingen, frauduleuze verkiezingen en een revolutie in 2005 (de Tulpenrevolutie). Sinds 28 januari 2021 is Sadyr Zjaparov president van Kirgizië.
Normaliter is er op Onafhankelijkheidsdag een grote cultuurmanifestatie op het Ala-Too-plein in hoofdstad Bisjkek, die duizenden mensen trekt. De toespraken zijn bij dit gebeuren altijd dik gezaaid: niet alleen de president en premier spreken de menigte toe, maar ook de voorzitter van de Opperste Raad en de burgemeester van Bisjkek. Het volkslied wordt gezongen door een koor, begeleid door een orkest, er zijn dansgroepen, maar ook nationale popsterren.
De vlag
Vlag van Kirgizië (2023-heden)
De vlag van Kirgizië is rood met een gele zon met veertig stralen in het midden, daaroverheen een zogenaamde tunduk.
Hoewel het niet iedereen zal opvallen is de Kirgizische vlag nog niet zo lang gelden veranderd: de stralen van de zon, die voorheen golvend waren, zijn sinds 26 december 2023 recht. Het Kirgizische éénkamer-parlement, de Zhogorku Kengesh, was in meerderheid van mening dat de golvende stralen teveel aan een zonnebloem deden denken (overigens lijkt het er op dat dit idee rechtstreeks van de autocratische president Sadyr Japaravov kwam en het parlement gedwee volgde).
De zonnebloem, zo viel te horen, staat in de Kirgizische cultuur voor “een wispelturig en dienstbaar persoon, die bereid is om van trouw te veranderen voor persoonlijk voordeel” en dat kon natuurlijk niet de bedoeling zijn! De Kamer keurde het voorstel tot verandering goed op 20 december 2023, waarna het wetsvoorstel op 22 december door president Japarov werd getekend. Met de publicatie van de wet op 26 december was de vlagverandering doorgevoerd, ondanks het feit dat bij een online-peiling van de Kirgizische nieuws-website 24.kg slechts 6% van de respondenten vond dat de vlag veranderd diende te worden, 88% was tegen, 6% had geen mening.
Logo van Kloop
De kritische nieuwsorganisatie Kloop stak zijn mening niet onder stoelen en banken en publiceerde een afbeelding van de nationale vlag die liet zien dat het symbool op de vlag met een zonnebloem er heel anders uit zou zien.
De Kyrgizische autoriteiten waren ‘not amused’ en dreigden de website van Kloop te blokkeren. Toen Kloop daarop via X een afbeelding plaatste van de vlag met prikkeldraad rond het symbool, was de maat vol voor de Kirgizische autoriteiten en werd een gang naar de rechter voorbereid. De website is echter nog steeds in de lucht, maar voor hoe lang nog is de vraag. Amnesty International sloeg vorig jaar reeds alarm.
Vlag van Kirgizië (1992-2023)
De vlag is zeer herkenbaar en lijkt op geen enkele andere nationale vlag. Bij eerste beschouwing lijkt het alsof iemand een tennis- of jeu de boules-bal op de vlag heeft gezet, maar uiteraard is dat niet wat we hier zien! Wat we wél zien is een stukje van een yurt, een traditionele tent, die helemaal bovenin een gat heeft. Als iemand ’s morgens wakker wordt in een yurt en naar boven kijkt, ziet hij of zij het cirkelvormige gat in de nok van de tent, een zogenaamde tunduk, met daarin elkaar kruisende constructie-latten. En als het even mee zit schijnt de zon en die zien we over het symbool afgebeeld.
De rode kleur van de vlag wordt door sommigen uitgelegd als een doorsluimerende invloed van het communisme, maar officieel wordt het rood uitgelegd als symbool voor moed en heldhaftigheid. De zon staat voor vrede en welvaart. De veertig zonnestralen (nu dus recht in plaats van golvend), staan symbool voor het aantal stammen dat de legendarische volksheld Manas wist te verenigen in de strijd tegen de Mongolen. De tunduk in het midden van de vlag symboliseert de oorsprong van het leven, de eenheid van tijd en ruimte, maar tevens huis en haard en gastvrijheid.
De vlag werd ontworpen door Miroslav Grčev en als nationale vlag aangenomen op 3 maart 1992, toen Kirgizië reeds zeven maanden lang onafhankelijk was. Die eerste zeven maanden werd de oude sovjet-republiek vlag nog gebruikt. In totaal ‘versleet’ Kirgizië drie verschillende sovjet-vlaggen tussen 1936 en 1952 (zie hieronder).
Drie vlaggen van Kirgizië als sovjetrepubliek, v.l.n.r.: 1936-1940, 1940-1952, 1952-1992
De Noord-Macedonische ontwerper Miroslav Grčev is tevens verantwoordelijk voor het vlagontwerp van Noord-Macedonië.
Op 27 augustus 1991 verklaarde Moldavië zich onafhankelijk. Tot die tijd was het een onderdeel van de Sovjet-Unie, maar in de nasleep van de glasnost en perestroika van Sovjetleider Michail Gorbatsjov uit 1985/1986, ontwaakte bij verschillende westelijke en zuidelijke sovjetstaten de drang naar onafhankelijkheid.
Na die 27e augustus sloot Moldavië zich op 21 december van hetzelfde jaar aan bij de andere voormalige sovjetstaten, waaronder Rusland, om het Gemenebest van Onafhankelijke Staten te vormen.
Vier dagen later, op 25 december 1991, hield de Sovjet-Unie daarmee officieel op te bestaan. Op 2 maart 1992 werd Moldavië als lid toegelaten tot de Verenigde Naties.
Maia Sandu (1972), sinds 24 december 2020 president van Moldavië, hier op bezoek bij haar ‘buurman’ en collega Volodomyr Zelensky van Oekraïne, 27 juni 2022 (publiek domein)
De 27e augustus is een vrije dag in Moldavië, met diverse festiviteiten, waaronder een concert op het Nationale Plein in de hoofdstad Chișinău en een toespraak door president Maia Sandu.
De vlag van Moldavië, ingevoerd op 12 mei 1990, heeft dezelfde kleuren als die van buurland Roemenië. De landen hebben een deels gezamenlijk verleden en de kleurkeuze is dan ook niet toevallig: drie verticale banen in de kleuren blauw, geel en rood.
Vlag van Roemenië
Officieel is de kleur blauw op de Roemeense vlag ultramarijn, die op de Moldavische vlag saffierblauw, maar in de praktijk zal dat niet snel te zien zijn. Officieel gebruikt is er ook verschil tussen de ratios van de twee vlaggen: de Roemeense heeft een hoogte-lengte-verhouding van 2:3, die van Moldavië is 1:2.
Het grote verschil zit ‘m in het staatswapen wat Moldavië in het midden van de gele baan heeft geplaatst en wat bij Roemenië ontbreekt. Overigens lijken de staatswapens van de twee landen ook op elkaar. Het Moldavische wapen toont een gouden adelaar met zijn kop naar de broekingszijde en een kruis in de snavel. In zijn klauwen zijn een olijftak (vrede) en een scepter (soevereiniteit) te zien. De vrijwel identieke Roemeense adelaar heeft in plaats van de olijftak een zwaard in één van zijn klauwen.
Wapens van Moldavië (links) en Roemenië (rechts)
Een wapenschild is op de borst van de adelaar geplaatst en horizontaal gedeeld in rood en blauw. Hier overheen is de gouden kop van een os geplaatst, met tussen zijn hoorns een gouden, achtkantige ster. In de linkeronderhoek van het blauwe vak een gouden roos (geluk) en rechtsonder een maansikkel. Het Roemeense wapenschild toont dezelfde voorstelling, maar daar is het een onderdeel van een in vijven gedeeld heraldisch geheel.
In het Sovjet-tijdperk had Moldavië een vlag uit de ‘hamer en sikkel’-serie, een horizontale driekleur van rood-groen-rood, waarbij de beide rode banen iets breder waren dan de groene. De gouden hamer en sikkel in de bovenste rode baan, bij de broeking.
Vlag van de Moldavische Sovjetrepubliek (1952-1990)