Tagarchief: Nieuw-Zeeland

Wellington – Flag adopted / Vlag aangenomen (1962)

Die vlaggen vandaag. Vlag 3:

Hoewel Auckland met zijn anderhalf miljoen inwoners de grootste metropool van Nieuw-Zeeland is, is het niet de hoofdstad van het land. Dat is Wellington.

Wellington (foto: Ulrich Lange, 2010 / publiek domein)

Deze stad heeft bijna 210.000 inwoners en is daarmee de derde in grootte (nummer twee is Christchurch met bijna 408.000 inwoners).

Locatie van Wellington in het zuiden van Noordereiland (© ontheworldmap.com)

De vlag

Vlag van Wellington (1962-heden)

De vlag van Wellington bestaat uit een geel veld met een zwart liggend kruis. In het midden hier overheen een blauwe badge, waarop een bruine éénmaster-galei met een wit zeil met een afbeelding van een zwemmende dolfijn in blauw.
Zowel op de voor- als achterplecht alsook in de top van de mast, drie Engelse vlaggen met het Sint-Joris-kruis (St. George’s cross), de vlag in de mast heeft de vorm van een wimpel.
Officieel heeft de vlag een breedte-lengte-verhouding van 6:9, maar in de praktijk is dit doorgaans de standaardmaat van 2:3.
De vlag werd in 1962 ontworpen door het College of Arms, de belangrijkste heraldische instelling van het Verenigd Koninkrijk, in Londen.

Eerste poging

De zoektocht naar een vlag was echter al vijf jaar daarvoor begonnen en kende een aantal hobbels.

Notitie van de gemeentesecretaris over het voorstel van raadslid Churchill een stadsvlag in te voeren, 30 april 1957

Het was raadslid John Gibbs Churchill die in april 1957 voorstelde een stadsvlag in te voeren met daarop het gemeentewapen en de gemeenteraad ging op 15 mei akkoord met dit idee en begon een zoektocht naar een geschikte ontwerper.

Het wapen van Wellington, dat uiteindelijk niet op de vlag terechtkwam, maar dat wel twee voorstellingen ‘leverde’: het schip en de dolfijn (publiek domein)

Gaandeweg ontstond er echter weerstand tegen het wapen op een vlag, waarbij het dagblad The Evening Post van 10 augustus 1957 een kritisch artikel wijdde aan het voorgenomen ontwerp.
De schrijver van het stuk noemt het ontwerp“niet erg inspirerend” en suggereert dat het vlagcomité toch ook niet blij kan worden van een vlag“volgepropt met onleesbare woorden en gecompliceerde voorstellingen”.
De suggestie: een ontwerpwedstrijd.

Kop van het artikel in The Evening Post van 10 augustus 1957, waarin enige kritische noten werden gekraakt

Tweede en derde poging

De gemeente ging hierin mee en het publiek werd uitgenodigd ontwerpen in te sturen. Sluitingsdatum 2 oktober 1957. De binnengekomen ontwerpen werden echter bestempeld als “te gedetailleerd en ongeschikt”.

Een nieuwe poging in 1958 leverde 44 inzendingen op en in maart dat jaar kwam er een winnaar uit de bus rollen, de 43-jarige grafisch ontwerper Dennis Beytagh, die daarmee £25 won.

Grafisch ontwerper Dennis Beytagh (1924-2016) (fotograaf onbekend)

Zijn ontwerp zien we hieronder. Het ging om een gele vlag, met in het midden een schild, dat horizontaal in tweeën was gedeeld, met bovenin een grote zwarte letter ‘W’ met gouden achtergrond en onderin vier gouden sterren die het sterrenbeeld Zuiderkruis verbeeldden. Het schild werd omkranst door twee gekruiste zilvervarens .

Het winnende ontwerp van Dennis Beytagh

Reacties

Als het gemeentebestuur dacht dat de kous daarmee af was, hadden ze het mis. Nadat het ontwerp op 13 maart 1958 in de publiciteit was gekomen, kwam er een stroom van brieven op gang richting de gemeente en de rubrieken met ingezonden brieven in de kranten.

Onthulling van het winnende vlagontwerp van Dennis Beytagh in The Evening Post

Zo schrijft ene C.D. op licht ironische toon aan The Evening Post: “Mijnheer, ik vind het ontwerp van de stadsvlag zeer passend, omdat verschillende kenmerken van de stad erin lijken te zijn weergegeven. Ik neem aan dat de bovenste lijn de golvende tramrails voorstelt, de groep daaronder de gaten in de weg en de twee elementen onderaan twee staartveren van een verwaarloosde vogel in de dierentuin”.

Een tram in Courtenay Place, Wellington, 1957 (Auckland Libraries Heritage Collections 998-19)

Niet minder ironisch is de volgende reactie, eveneens inThe Evening Post: “Mijnheer, het is nu natuurlijk te laat, maar mag ik de volgende suggesties doen, die beter en symbolischer voor Wellington zouden zijn dan de winnende inzending van meneer Beytagh in de vlagwedstrijd: een parkeermeter omringd door kleine zilverkleurige muntjes. Een fontein ergens in Kelburn (uiteraard niet werkend). Een overvolle tram. Een gat in de weg met een stukje Upper Willis Street eromheen, of zelfs een vliegveld waar een storm van 145 km/u doorheen raast met een klein bordje ‘Gesloten vanwege slecht weer’.
Elk van deze ontwerpen is ongetwijfeld symbolischer voor Wellington dan het ontwerp van meneer Beytagh. Hij had het kunnen verbeteren door drie W’s op zijn vlag te plaatsen – wet, windy, Wellington
[- nat, winderig, Wellington]. Hoogachtend, Rakish”

Willis Street, Wellington, circa 1960 (fotograaf onbekend)

En zo waren er nog talloze reacties van mensen die het een slecht ontwerp vonden en/of er de draak mee staken. Het zorgde ervoor dat het vlagcomité op zijn beslissing terug kwam.
The Evening Post liet op 28 maart raadslid Highet, de voorzitter van het comité, aan het woord:

“Ik denk persoonlijk niet dat de winnende inzending de officiële vlag van de stad Wellington zal worden”, zei de voorzitter van de Wellington Public Relations Advisory Committee (raadslid D.A. Highet) tijdens de vergadering van gisteravond. “De reacties van mensen op de publicatie van de winnende inzending” gaven hem het gevoel “dat deze niet geschikt zou zijn als officiële vlag”, aldus raadslid Highet.
Volgens de krant was het aan de commissie om suggesties voor een geschikt ontwerp te vragen en een kunstenaar te verzoeken om met passende ideeën aan de slag te gaan, waarna de commissie de zaak dan verder zou kunnen onderzoeken.

Maar het enthousiasme was kennelijk zodanig getemperd dat er geen echte pogingen meer werden ondernomen. Overigens kwamen er ook daarna nog (ongevraagde) vlagontwerpen binnen, waarvan we hieronder een voorbeeld zien.

Niet uitgevoerd ontwerp van Julius Hyde voor de gemeentevlag van Wellington, maart 1959

College of Arms

Zoals in de inleiding al vermeld werd er uiteindelijk (in mei 1962) contact gezocht met het College of Arms in Londen, met de vraag of zij een vlag konden ontwerpen.
De heraldische instelling kwam op de proppen met de badge, die nu op de vlag staat, maar op het grootzeil staat dan nog een schapenvacht afgebeeld, afkomstig uit het stadswapen, maar het vlagcomité wilde daar echter liever de dolfijn uit hetzelfde wapen.

De vlag van Wellington in een publicatie circa 1963/1964, waarin opgemerkt wordt dat de op de vlag gebruikte badge door de College of Arms van een heraldische beschrijving was voorzien: “A Roundel Azure thereon a Lymphad Or the sail argent charged with a Dolphin naiant Azure pennon and flags flying Argent each charged with a Cross Gules”

Windsor Herald van het College of Arms laat op 2 oktober 1962 weten dat de schaapsvacht is vervangen door een “dolphin naiant” (heraldische taal voor een“zwemmende dolfijn”).
De badge wordt daarna voorzien van een achtergrond in geel en zwart (de stadskleuren) en op 12 december 1962 wordt het vlagontwerp officieel goedgekeurd en aangenomen.

Een foto van de dan nog vrij nieuwe vlag (1965) (fotograaf onbekend)

De vlag kent echter de nodige tegenstanders, onder wie de voormalige loco-burgemeester Jill Day en presentator Keith Quinn, die vinden dat de vlag het kolonialisme symboliseert door de aanwezigheid van een schip en de drie Sint-Joris-kruizen (de vlag van Engeland).
Ook wordt ze bekritiseerd omdat de Māori-bevolking zich er niet in herkent.


Niue – Constitution Day / Grondwetdag (1974)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Niue is een hoog gelegen koraaleiland in de Grote Oceaan, van 260 km², met een bevolking van ruim 1700 inwoners. Het is geen onafhankelijk land, maar heeft autonomie in een vrije associatie met Nieuw-Zeeland, net als de zuidelijker gelegen Cookeilanden. Aangezien Nieuw-Zeeland als Gemenebest-lid de Britse koning Charles III als staatshoofd heeft, is dat ook het geval bij Niue.

niue 01
Links: Locatie van Niue in de Grote Oceaan (ten oosten van Tonga) / Links: Kaart van Niue

De eerste Europeanen die het eiland in het zicht kregen waren de Britse kapitein James Cook en zijn bemanning in 1774. Cook deed drie pogingen om aan land te komen, maar de inwoners verboden hem te landen. Hij gaf het eiland de naam Savage Island. Overigens had het eiland allang een naam, Niuē (‘Aanschouw de kokosnoot’) en deze naam kreeg het eiland uiteindelijk weer terug rond het begin van de 20e eeuw.

Kaart van de hand van James Cook van Niue uit 1778, hier nog Savage Island (Isle Savage) geheten (publiek domein)

Ten tijde van kapitein Cook was Niue al bijna een eeuw een koninkrijk, Rond 1700 was Puni-mata de eerste koning of patu-iki. Een eeuw later was de tijd rijp voor buitenlands contact. Zoals ook bij vele andere eilanden in de regio gebeurde, werd in de 19e eeuw door missionarissen het christelijke geloof verbreid. Voor Niue was dat vanaf 1846 door de London Missionary School. De eerste christelijke koning was Tui-toga, hij regeerde van 1875 tot 1887.
Zijn opvolger, koning Fata-a-iki wilde graag Britse bescherming tegen ‘imperialistische machten’ en hij stuurde koningin Victoria in 1889 een brief met het verzoek om van Niue een Brits protectoraat te maken. Er kwam echter geen antwoord van de vorstin en ook een tweede brief uit 1895 bleef onbeantwoord. Ondertussen trad de nieuwe koning Togia-Pulu-toaki aan in 1896.

niue 01
Links: Koning Fata-a-iki met een Niuese wapenstok, de katoua / Rechts: Koning  Togia-Pulu-toaki (beide foto’s publiek domein)

Ook de Cookeilanders zochten de Britse ‘bescherming’ middels een aan de koningin gerichte petitie, waarin ook de wens van Niue nog eens onder de aandacht werd gebracht. In een bijgevoegd document gedateerd 19 oktober 1900, gaven de Niuers “koningin Victoria (…) toestemming bezit te nemen van dit eiland”. Ditmaal ging er een officiële aanbeveling bij van de Britse gouverneur-generaal in Nieuw-Zeeland, Uchter Knox, 5th Earl of Ranfurly.

Uchter Knox, 5th Earl of Ranfurly (1856-1933), gouverneur-generaal van Nieuw-Zeeland van 1897 tot 1904 (Collectie National Library New Zealand / publiek domein)

De uitkomst was dat de annexatie een feit werd en geantidateerd werd op de datum van 19 oktober 1900, vandaag 125 jaar geleden. De Britse annexatie werd overigens al heel snel ‘overgedaan’ aan het dichterbij gelegen Nieuw-Zeeland, op 11 juni 1901. Hiermee kwam er ook een einde aan de lijn van Niuese koningen. De laatste koning Togia-Pulu-toaki had zijn taken neergelegd na de annexatie, maar bleef tot 1903 nog wel symbolisch staatshoofd. Zijn zoon, kroonprins Haetaua werd dus geen koning. Zijn nazaten echter worden tot op de dag van vandaag aangeduid als Kahui pata-iki (Koninklijke familie van de laatste monarch).

Een postzegel van een halve penny uit 1950 met de kaart van het eiland, een ontwerp van James Berry (1907-1979) (publiek domein)

In 1974 werd er een referendum gehouden waarbij Niue kon kiezen tussen onafhankelijkheid, autonomie, of continuering als een Nieuw-Zeelands territorium. Een meerderheid koos voor autonomie in vrije associatie met Nieuw-Zeeland.

Hoofdstad van Niue is Alofi, met ruim 600 inwoners eigenlijk een ‘hoofddorp’ (publiek domein)

Dat land is nu verantwoordelijk voor Niue’s militaire en buitenlandse zaken. De datum voor deze nieuwe staatsvorm met nieuwe Grondwet, werd symbolisch op 19 oktober bepaald. Het vieren van de Grondwetdag van vandaag verwijst dan ook naar die datum in 1974 en niet naar die in 1900. Daarmee is Niue vandaag 51 jaar autonoom.

De vlag

Niue vlag
Vlag van Niue (1975-heden)

De vlag van Niue is geel met een Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. In het midden van het rode Sint-Joriskruis is een blauwe cirkel geplaatst met een gele vijfpuntige ster erin. Vier kleinere gele vijfpuntige sterren zijn op de armen van het kruis geplaatst.

Het Assembly House in Alofi met de vlaggen van Niue en Nieuw -Zeeland in de mast (fotograaf onbekend)

We kunnen rustig stellen dat de vlag van Niue een bijzondere is. Het is er een uit de Britse ‘ensign’-serie, maar wel een unieke. Het is een yellow ensign, die de Niuers zelf bedacht hebben, want zoiets bestaat strikt genomen niet. We kennen blue, red en white ensigns, maar dan is de koek wel op! Overigens bevindt Niue zich in goed gezelschap, omdat de eveneens in de Grote Oceaan gelegen Fiji- en Tuvalu-archipels ook hun eigen versies van ensigns hebben bedacht, door allebei voor lichtblauw te gaan.
Ook het plaatsen van sterren op de Britse unievlag is uniek.

Premier Dalton Tagelagi (1968) van Niue tijdens een tv-toespraak met de vlag (screenshot)

Hoewel de autonomie van Niue op 19 oktober 1974 inging, duurde het nog tot 15 oktober 1975 voor de eigen vlag geïntroduceerd werd. Tot die tijd werd de uit 1902 daterende vlag van Nieuw-Zeeland gebruikt.

Nieuw-Zeeland vlag
Vlag van Nieuw-Zeeland, tussen 1902 en 1975 ook de vlag van Niue

De symboliek achter de vlag wordt beschreven in de Niue Flag Act 1975. Het gele veld staat voor “de stralende zonneschijn van Niue en de warme gevoelens van de bevolking van Niue voor Nieuw-Zeeland”.
De vier sterren op de Union Flag of Union Jack stellen het sterrenbeeld Zuiderkruis voor en refereren daarmee aan de Nieuw-Zeelandse vlag, waar deze sterren ook te zien zien. De grote gele ster in het midden staat symbool voor het eiland Niue en de blauwe cirkel waarop de ster geplaatst is voor de Grote Oceaan.
Met dit alles laat de vlag een sterke verbondenheid met Nieuw-Zeeland zien.

Fiji – Fiji Day / Fiji-dag

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Vandaag is het Fiji Day, wat in feite een culminatie is van een week feestvieren onder de naam Fiji Week. Een week lang zijn de eenheid, godsdienst en culturele diversiteit van het land gevierd met optredens en bijeenkomsten die de beide belangrijkste culturen centraal stellen. De twee belangrijkste groeperingen zijn de autochtone bevolking van de Fiji-eilanden (de Taukei) (56,8%) en als tweede de Indiërs (37,5%).

Pg-4-2.jpg
Feest in Fiji! (© fijitimes.com)

De eilandrepubliek Fiji in de Grote Oceaan bestaat uit zo’n 330 eilanden (waarvan er 110 bewoond zijn) en meer dan 500 eilandjes en/of rotspunten. De archipel strekt zich uit over een lengte van zo’n 2000 km. Als we alle  eilanden bij elkaar optellen heeft Fiji een grondgebied van 18.300 km².
Het merendeel van de bevolking (87%) woont op de twee belangrijkste eilanden, Viti Levu en Vanua Levu. De hoofdstad Suva op Viti Levu telt ruim 86.000 inwoners, maar met de voorsteden meegerekend ruim 173.000.

detailed-administrative-map-of-fiji-small.jpg
Kaart van Fiji (© mapsland.com)

De datum van vandaag, waar de Fiji Week mee afsluit is Fiji’s Onafhankelijkheidsdag. Op deze dag in 1970 werd Fiji na 96 jaar Engels bestuur (opnieuw) onafhankelijk.
Maar er is een tweede historische link: op 10 oktober 1874 droeg Fiji’s koning Seru Epenisa Cakobau de macht over aan het Verenigd Koninkrijk.
Vanaf 1970 is Fiji onafhankelijk onder de naam Dominion of Fiji, waarbij koningin Elizabeth II officieel staatshoofd bleef en het land lid was van het Britse Gemenebest.
In 1987 was er een staatsgreep in het land waarbij de republiek werd uitgeroepen en Fiji op 7 oktober het Gemenebest verliet.
Tien jaar later in 1997 was de politieke situatie van Fiji genormaliseerd. Er werd een nieuwe grondwet aangenomen en het land werd opnieuw lid van het Gemenebest.

Links: Koning Seru Epenisa Cakobau van Fiji (1815-1883), in de jaren ’70 van de 19e eeuw (foto door Francis Duffy (1846-1910) (publiek domein) / Rechts: Naiqama Lalabalavu (1953), president van Fiji sinds 12 november 2024 (publiek domein)

De grootste bijeenkomst vandaag vindt plaats in het Albert Park in Suva met president Naiqama Lalabalavu als hoofdgast.

De vlag

Fiji vlag.png
Vlag van Fiji (1970-heden)

De vlag van Fiji was met zijn lichtblauwe kleur in 1970 uniek in de serie Britse ensigns. (Tuvalu zou in 1978 het voorbeeld van Fiji volgen). In de koloniale periode (1874-1970) had Fiji een ‘normale’ blue ensign, waar ze overigens vier verschillende versies van ‘versleten’. Daarover straks meer!

De nieuwe vlag van 1970 werd gekozen na een ontwerpwedstrijd, die werd gewonnen door Tessa Mackenzie en Robi Welcock, die, hoewel ze elkaar kenden, los van elkaar met precies hetzelfde winnende ontwerp kwamen.

Tessa-Fiij-Day-02.jpg
Tessa Mackenzie, co-ontwerpster van de vlag van Fiji in 2018 (© fijitimes.com)

De vlag is een lichtblauwe Britse ensign, dus met de Union Flag of Union Jack in het kanton. De kleur werd specifiek gekozen om de Grote Oceaan symbolisch weer te geven en om tevens ‘anders’ te zijn dan sommige andere ‘normaal’-blauwe blue ensigns in de regio, zoals Australië, Nieuw-Zeeland en de Cookeilanden.
Het uitwaaiende gedeelte laat het wapen (1908) van Fiji zien, wat ook al op de voorgaande koloniale vlag voorkwam, maar nu zonder de twee schildhouders.

Het ‘uitgeklede’ wapen op de vlag is verdeeld in vier kwartieren door een Engels Sint-Joriskruis, beladen met een zogenaamde gaande Britse leeuw met een cacaoboon tussen zijn voorpoten.
1e kwartier: drie suikerrietstengels.
2e kwartier: een kokospalm.
3e kwartier: een vredesduif.
4e kwartier: een kam bananen.

Fiji 02
Links: Het wapen van Fiji zoals afgebeeld op de vlag / Rechts: Het complete staatswapen met schildhouders en motto

Het complete staatswapen uit 1908, heeft hetzelfde schild, maar nu voorzien van twee schildhouders, volgens Fijiaanse legendes zou het duo een tweeling zijn. De oudste van de twee zien we links en is en face afgebeeld. In zijn rechterhand houdt hij een speer vast. De jongere broer, rechts, is en profil afgebeeld. Hij heeft in zijn linkerhand een totokia-knuppel, ook wel ananas-knuppel genaamd, vanwege het daarop gelijkende puntige knotsgedeelte.

Boven het schild is een takia afgebeeld, een traditionele inheemse kano. Onder het schild is een witte banderol met het motto Rerevaka na kalou ka doka na Tui (Vreest God en breng hulde aan de koningin). De twee schildhouder-broers balanceren bovenop de banderol!

Zoals hierboven al vermeld heeft Fiji maar liefst vier versies van z’n koloniale blue ensign gehad. De eerste versie was in gebruik tussen 1877 en 1883 en op de badge was een zeemeermin afgebeeld, met achter haar twee traditionele oorlogsknuppels en omcirkeld met bladertakken. Nummer twee werd ingevoerd in 1883 en hield het uit tot in 1908. De badge op deze vlag was overgenomen van de blue ensign voor de Canadese provincie British Columbia uit 1870. Het toont een gekroonde Britse leeuw, staand op een koningskroon (die enige gelijkenis vertoont met de Imperial State Crown). Om niet twee exact gelijke vlaggen te hebben, staat de naam FIJI in kapitalen onder de kroon. (British Columbia gebruikte de initialen BC).

Fiji 03
Koloniale vlaggen van Fiji, links: 1877-1883, rechts: 1883-1908

Op 4 juli 1908 wordt het wapen aangenomen dat Fiji nu nog heeft en zodoende kwam er een nieuwe vlag met dat wapen in de badge. De vierde versie, uit 1924, bracht slechts een kleine verandering: de witte cirkel (de badge) verdween, waardoor het wapen verder badge-loos door het leven ging, tot de onafhankelijkheid in 1970.

Fiji 04
Koloniale vlaggen van Fiji: links: 1908-1924, rechts: 1924-1970

Om nog iets verder terug in de tijd te gaan (en dan behandel ik nog niet eens alles!); tussen 1871 en 1874 gebruikte het Verenigd Koninkrijk Fiji een vlag met twee verticale banen in wit en helderblauw, met daaroverheen een rood schild met vredesduif, dezelfde duif die in 1908 promoveert naar het 3e kwartier in het staatswapen.

Fiji 08
Vlag van het Verenigd Koninkrijk Fiji (1871-1874)

Tot slot: Fiji heeft ook de beschikking over een red ensign en een white ensign. Los van de kleur zijn ze gelijk aan de nationale vlag. De rode vlag wordt gebruikt door de koopvaardij, de witte door de marine.

Fiji 05
Links: Koopvaardijvlag van Fiji / Rechts: Marinevlag van Fiji

Tokelau – Tokehega Day / Tokehega-dag (1983)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 3:

Vandaag is het feest in de Tokelau-archipel. Op deze dag in 1983 trad de op 2 december 1980 tussen Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten gesloten overeenkomst over de maritieme grens tussen Tokelau en Amerikaans-Samoa in werking.

Tokelau is een klein overzees gebiedsdeel van Nieuw-Zeeland. Het bestaat uit drie atollen met een gezamenlijke oppervlakte van 10 km², met een bevolking van zo’n 1500 zielen.
Vanwege de geringe omvang heeft het gebied de kleinste economie ter wereld. De export, € 67.000 per jaar, bestaat uit postzegels, munten, kopra (kokos), vlechtwerk en 10% van de winst van het in 2000 aan de Nederlandse internetondernemer Joost Zuurbier verkochte toplevel-domein ‘.tk’.

Een Tokelause munt van 10 cent uit 2012, met op de beeldenaar het portret van Koningin Elizabeth II (1926-2022) en daaronder de vlag van Tokelau, de keerzijde toont een speervisser (publiek domein)

De import echter bedraagt zo’n € 200.000, voor voeding, bouwmaterialen en brandstof. Het verschil wordt dan ook bijgepast door Nieuw-Zeeland.
Een groot aantal Tokelauers woont in Nieuw-Zeeland en ondersteunt familieleden financieel.

De drie atollen van Tokelau zijn Atafu, Fakaofo en Nukunonu. Ze zijn gelegen ten noorden van Samoa en Amerikaans-Samoa, ten oosten van Tuvalu, ten zuiden van de Phoenixeilanden (behorend bij Kiribati) en ten noordwesten van de Cookeilanden (zie kaart hieronder).

De locatie van Tokelau in de Grote of Stille Oceaan: het rechthoekige blok rechtsboven (© reliefweb)

Om wat verder in te zoomen op Tokelau, hieronder een detailkaart:

Nogmaals de locatie van Tokelau op de wereldbol (in rood, net ten oosten van de rode internationale datumgrens), plus vergrotingen van de drie atollen en de locaties ten opzichte van elkaar (© National Library of New Zealand)

De eerste van de eilanden die werd ontdekt, was Atafu, door de Britse commodore John Byron, op zijn schip de HMS Dolphin, in 1765. Hij gaf het atol de naam Duke of York’s Island.
In 1791 werd het eiland opnieuw aangedaan door Britten, ditmaal door kapitein Edward Edwards van de HMS Pandora, die op zoek was naar de muiters van de Bounty.
Edwards trof wel hutten aan, maar geen bewoners. Na een zuidoostelijke koers te hebben ingelegd stuitte hij op het nog onbekende Nukunonu, dat hij de naam Duke of Clarence’s Island gaf. Hier werden wel bewoners ontdekt, naar verkenners slaagden er niet in contact te maken.

Links: John Byron (1723-1786), ontdekker van Atafu, portret door Joshua Reynolds (1723-1792), collectie National Maritime Museum Greenwich (publiek domein) / Rechts: Drie postzegels uit 1970 met de drie schepen die de atollen ‘ontdekten’, v.l.n.r.: HMS Dolphin (Atafu), HMS Pandora (Nukunonu) en de General Jackson (Fakaofo)

Voor wat het laatste eiland Fakaofo betreft: dit werd officieel ‘ontdekt’ in 1835 door de Amerikaanse kapitein Smith van de walvisvaarder General Jackson. Hij doopte het D’Wolf’s Island.
In 1841 werd het ‘opnieuw ontdekt’ door de US Exploring Expedition en vervolgens omgedoopt tot Bowditch Island.
De namen voor de eilanden beklijfden niet, de eilanden hadden al hun eigen Polynesische namen.

Hoewel miniem in grootte, arriveerden er al gauw missionarissen op de drie eilanden: tussen 1845 en 1870 werden er door de Fransen vanaf het eiland Wallis plaatselijke ‘bekeerders’ naar Nukunonu gestuurd om daar het katholicisme te verspreiden.
De Engelsen op hun beurt stuurden vanuit Samoa een delegatie van de London Missionary Society naar Atafu om de bewoners tot het protestantisme te bekeren.
Fakaofo kreeg beide groeperingen op bezoek, waardoor sommige bewoners katholiek werden en anderen protestant.

Gedurende deze periode (1863) deden ook Peruaanse slavenhandelaars de drie eilanden aan, met minder nobele bedoelingen. Vanaf hun basis op het zuidelijker gelegen Swains Island, ontvoerden ze alle mannen die konden werken, 253 in totaal, bijna de gehele mannelijke bevolking, waardoor het aantal inwoners werd gereduceerd tot 85.
Slechts enkelen zouden hun eilanden terug zien: velen stierven aan dysenterie en pokken.

“Cry of the stolen people”, een kunstproject over het wegvoeren van 253 mannen van Tokelau door Peruaanse slavenhandelaars, door Jack Kirifi, Zac Mateo en Moses Viliamu (screenshot)

Zowel tijdens als na deze periode kwamen er veel Polynesische immigranten naar de eilanden, waardoor het tekort aan mannen enigszins herstelde, gevolgd door de nodige avonturiers uit Schotland, Frankrijk, Portugal en Duitsland, die zich vermengden met de plaatselijke bevolking.

In de 19e eeuw waren de meeste eilanden in de Stille Zuidzee inmiddels wel ‘verdeeld’ tussen de koloniale grootmachten. De Tokelau-eilanden zijn echter zo klein en ‘onbelangrijk’, dat ze in eerste instantie over het hoofd werden gezien.
Vanaf 1856 claimden de Verenigde Staten de eilanden, maar zonder actie te ondernemen. Zo kon het dus gebeuren dat de Britten in 1877 alle eilanden in de Stille Zuidzee claimden die nog niet geclaimd waren, waar volgens hen ook de Tokelau-eilanden toe behoorden.

De Schotse schrijver Robert Louis Stevenson (1850-1894) doet in mei 1890 op een van zijn reizen ook Tokelau aan, waar hij poseert met de plaatselijke bevolking, er is niet bekend op welk atol de foto is genomen (© publiek domein)

Toch hadden ook de Britten kennelijk geen haast, want pas in 1889 werd de Britse vlag op de eilanden geplant, waarbij de eilanden tot een Brits protectoraat werden gemaakt.
Hoewel dus Engels, bleven de Amerikanen de eilanden claimen en ze hielden dit zelfs vol tot 1979.

Tokelau bleef een Brits protectoraat tot 1926, toen het werd overgedragen aan Nieuw-Zeeland, wat een beetje ‘vestzak-broekzak’ was, omdat Nieuw-Zeeland in die tijd ook nog Brits was.
Toen dit land in 1947 werd losgeweekt van het Verenigd Koninkrijk, ging Tokelau geruisloos met Nieuw-Zeeland mee.

Swains Island / Tokehega

Kaart van Swains Island / Olohega (© EVS-Islands)

Swains Island, gelegen tussen Tokelau en Amerikaans-Samoa was lang een splijtzwam tussen de V.S. aan de ene kant en Tokelau/Nieuw-Zeeland aan de andere kant.
Geografisch en cultureel bezien behoort Swains Island tot Tokelau, maar de Amerikanen beschouwden het altijd als Amerikaans, zoals we gezien hebben lag er al een claim sinds 1856, niet alleen op Swains Island, maar ook op Tokelau.
Swains Island werd ‘ingelijfd’ bij Amerikaans-Samoa.
De Tokelause bevolking (en daarmee ook Nieuw-Zeeland) beschouwden Swains echter als deel van hun archipel. Deze patstelling bleef jarenlang bestaan.

De lagune van Swains island in 2008 (© USGC)

Wat het nog ingewikkelder maakte, was dat Swains Island een van de twee ‘niet-georganiseerde’ atollen van Amerikaans-Samoa was (en is), het is privébezit van de familie Jennings. Volgens de laatste telling wonen er 17 mensen op het eiland.
Vanwege de Amerikaanse en Nieuw-Zeelandse claims konden ook de maritieme grenzen niet precies vastgesteld worden. Om uiteindelijk tot een oplossing te komen werd er op 2 december 1980 een verdrag gesloten tussen de V.S. en Tokelau/Nieuw-Zeeland waarin werd vastgelegd dat in ruil voor de Amerikaanse erkenning van de soevereiniteit van Nieuw-Zeeland over Tokelau, de maritieme grens getrokken zou worden tussen Tokelau en Swains Island, waar de V.S. naar streefde.
Het curieuze is dat in de verdrag-tekst Swains Island nergens wordt genoemd. Enigszins omfloerst wordt er vermeldt dat Nieuw-Zeeland voor Tokelau geen eilanden claimde die als onderdeel werden gezien van Amerikaans-Samoa.

Locatie van twistappel Swains Island (rood omcirkeld) tussen Tokelau en Samoa (© publiek domein)

Omfloerst of niet: het zorgde na 114 jaar onduidelijkheid wel voor een praktische oplossing. Het verdrag, wat op 3 september 1983 inging, staat bekend als het Verdrag van Tokehega.
De naam ‘Tokehega’ is een samentrekking van Tokelau en Olohega (de Tokolause naam voor Swains Island).

Olohega (Swains Island dus) speelt ook een rol in het vlagontwerp van Tokelau, dat zullen we zo zien.

Zowel in 2006 als 2007 werden er referenda gehouden om te kijken of Tokelau net als de Cookeilanden en Niue zelfbestuur of een ‘vrije associatie’ wilde. Voor een ‘ja’ was tweederde meerderheid nodig, maar beide pogingen strandden, zodat de status als gebiedsdeel van Nieuw-Zeeland gehandhaafd bleef.

Atafu, luchtfoto, linksonder Atafu Village (© publiek domein)

De drie atollen bestaan ieder uit tientallen koraaleilanden of motu. Atafu en Nukunonu herbergen beiden slechts één plaats, respectievelijk Atafu Village en Nukunonu Village, terwijl Fakaofo twee plaatsen telt: Fale (de ‘hoofdstad’) en Fenua Fala.

Het dorp Fale dat een complete motu van atol Fakaofo inneemt (screenshot)

Wat het binnenlands bestuur betreft: ieder atol wordt vertegenwoordigd door een faipule (een dorpschef), met een ambtstermijn van drie jaar. Elk van die drie faipule is tijdens zijn of haar termijn tevens één jaar lang premier op nationaal niveau. De huidige premier (sinds 17 maart 2025) is Esera Fofō Tuisano, die deze functie eerder bekleedde van 9 maart 2020 tot 8 maart 2021). De functie in de Tokelause taal staat bekend als ‘Ulu-o-Tokelau’.

Links: Premier Esera Fofō Tuisano (foto: Elena Pasilio) / Rechts: Administrator Don Higgins (screenshot)

Daar Koning Charles III van het Verenigd Koninkrijk in naam het staatshoofd is van Nieuw-Zeeland, is hij dat ook van Tokelau. Hij wordt vertegenwoordigd door zijn administrator. Sinds 1 juni dit jaar is dat Don Higgins, die eerder hoge commissaris was op de Salomonseilanden en Kiribati.

Nukunonu Village, het enige dorp op het atol Nukunonu (screenshot)

Toklelau is sinds 2012 volledig overgestapt op zonne-energie. Daarvoor waren de eilanden afhankelijk van generatoren die per jaar 73.000 liter fossiele brandstof verstookten.

De eilanden zijn letterlijk afgelegen, omdat ze alleen per boot te bereiken zijn. Tweemaal per maand is er een bootverbinding met Apia, de hoofdstad van Samoa, ruim een dag varen, waarvandaan overgestapt kan worden op het vliegtuig. Vanaf Samoa zijn er directe vluchten naar Nieuw-Zeeland, Australië, Hawaii, Fiji, Amerikaans Samoa en Tonga.

De MV Mataliki gefotografeerd bij zijn eerste reis vanuit de haven van Apia (Samoa), februari 2016 (© tokelau.org.nz)

In 2016 werd een nieuw schip in bedrijf genomen, de MV Mataliki, die de sterk verouderde MV Tokelau verving. Het schip heeft een capaciteit van 60 passagiers op zijn reis van Samoa naar Tokelau en voor de aansluitende reis langs alle drie eilanden kunnen 120 mensen mee.

Een langgekoesterde wens om een vliegveld(je) aan te leggen is nog weinig concreet, gezien de kosten. Wellicht dat een verbinding voor watervliegtuigen een optie is.

De vlag

Vlag van Tokelau (2009-heden)

De vlag van Tokelau is donkerblauw en heeft als centraal symbool een gestileerde Tokelause kano (een outrigger canoe) in geel, met daarnaast aan de broekingszijde, vier witte vijfpuntige sterren in de vorm van het sterrenbeeld Zuiderkruis.
Deze vlag werd ingevoerd op 7 september 2009, maar er gingen een aantal afgeschoten ontwerpen aan vooraf.

Een traditionele kano uit Tokelau op een postzegel van 5 cent uit 1983

Tot 2009 werd de Nieuw-Zeelandse vlag gebruikt. De eerste poging om tot een eigen vlag te komen dateert echter al van rond 1989.
Wie er achter het ontwerp zit weten we niet, maar de vlag lijkt te zijn ontworpen voor een sportmanifestatie. Of er überhaupt een exemplaar van de vlag is gemaakt is bij gebrek aan fotografisch bewijs moeilijk na te gaan.

Onofficieel ontwerp uit ±1989 voor een nationale vlag?

Het ontwerp kennen we van een tekening: het heeft een donkerblauw veld met drie concentrische ringen in geel, op twee plaatsen onderbroken. In het ‘gat’ richting de broekingszijde zien we drie witte vijfpuntige sterren en het ‘gat’ richting de vluchtzijde een kokospalm in groen.
De drie sterren staan ongetwijfeld voor de drie atollen, de cirkels wellicht voor de drie langgerekte landmassa’s (met de lagune in het midden), waarbij de twee ‘gaten’ toegangen door het rif zouden kunnen zijn. De kokospalm tenslotte is in grote getale aanwezig in de archipel.

De ‘General Fono’, het parlement van Tokelau tijdens een sessie in 2018 (© Tokelau Media)

Het duurde vervolgens tot juni 2007 voordat een serieus vlagontwerp zich aandiende, ingediend door de General Fono (het parlement van Tokelau).
Dit ontwerp kennen we van slechts één foto en daar staat de vlag maar voor de helft op! Ondanks dat kunnen we wel vaststellen dat dit de directe voorloper van de huidige vlag is.

Het eerste officiële (maar afgekeurde) ontwerp voor een eigen vlag (© tokelau.org.nz)

De vlag is eveneens donkerblauw met een gele traditionele kano. Het afwijkende zit ‘m in de vier witte vijfpuntige sterren. Ze zijn niet alleen aan de andere kant van de kano geplaatst maar bovendien in een andere positie. Zonder al teveel moeite kunnen we hier de geografische ligging in zien van de drie atollen van Tokelau, maar dan mét een extra ster, die op de plek van Swains Island ligt.

Dat dit ontwerp het uiteindelijk niet zou halen stond eigenlijk bij voorbaat vast. De kwestie rond Swains Island was inmiddels in het voordeel van de Verenigde Staten beslecht met het Verdrag van Tokahega, dus de V.S. zou dit ongetwijfeld niet pikken.

De nieuwe vlag wordt voor het eerst in Tokelau gehesen op 21 oktober 2009 op Fakaofo (screenshot)

Zodoende werd in februari 2009 het huidige ontwerp door het parlement goedgekeurd, waarbij de sterren naar de andere kant van de kano waren verhuisd en de positie hadden aangenomen van het Zuiderkruis, net zoals bij moederland Nieuw-Zeeland.
In augustus dat jaar werd het ontwerp officieel goedgekeurd door Koningin Elizabeth en op 21 oktober wapperde de vlag voor het eerst.

Cookeilanden – Constitution Day / Te Maevea Nui / Grondwetdag (1965)

Het atol Penrhyn (fotograaf onbekend)

Sinds 4 augustus 1965 hebben de Cookeilanden een autonome status in een vrije associatie met Nieuw-Zeeland en sinds die tijd is Constitution Day, of in het Maori, Te Maevea Nui, een officiële feestdag.

Locatie Cookeilanden
Locatie van de Cookeilanden in de Stille Oceaan (© wherenig.com)

Daarvoor vormden de eilanden sinds 1881 een protectoraat van het Verenigd Koninkrijk en vanaf 1901 van Nieuw-Zeeland. De Nieuw-Zeelandse regering neemt een deel van de buitenlandse zaken voor de Cookeilanden voor z’n rekening, net als defensie, maar voor de rest dopt men zijn eigen boontjes.

Cookeilanden map
Kaart met de 15 Cookeilanden, het hoofdeiland Rarotonga is uitvergroot (© villagetravelcheam.co.uk)

Koningin Elizabeth, als hoofd van het Gemenebest, waartoe zowel Nieuw-Zeeland als de Cookeilanden behoren, feliciteerde de eilandbewoners via een brief.

Brief Elizabeth aan Cookeilanden
Brief van koningin Elizabeth II aan de Cookeilanders (© cookislands.org.uk)
Topografische kaart van het hoofdeiland Rarotonga met een inzet van de hoofdstad Avarua  (© Lands & Survey Department, Government of the Cook Islands, by arrangement with the Surveyor General, New Zealand)

De vlag

Vlag Cookeilanden
Vlag van de Cookeilanden (1979-heden)

De vlag van de Cookeilanden is er een uit de serie Britse blue ensigns (blauwe vaandels), die veelal gevoerd worden (of werden) door Britse overzeese gebiedsdelen.
Het gaat om een blauwe vlag met de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton en 15 witte vijfpuntige sterren in een cirkel, symbool voor de 15 eilanden die samen de archipel vormen, de invoering was 4 augustus 1979.
De huidige vlag is de tweede die de archipel voert, de eerste was in gebruik tussen 1973 en 1979 en stond bekend als de ‘green ensign’.

Vorige vlag van de Cookeilanden , de ‘green ensign’ (1973-1979)

Deze vlag kwam er na een ontwerpwedstrijd in 1972, uitgeschreven door een Flag Design Committee. Het curieuze is dat er een ander ontwerp uit de bus kwam rollen dan de vlag die we hierboven zien afgebeeld!
Van de 120 ingestuurde ontwerpen werd die van Len Staples, uit het zuidelijke district Titikaveka op het hoofdeiland Rarotonga, gekozen en die is hieronder afgebeeld:

Het winnende ontwerp van Len Staples voor een nationale vlag (1972)

Zoals we kunnen zien lijkt deze vlag op de huidige vlag van de Cookeilanden, alleen is het veld hier lichtblauw (symbool voor de blauwe lucht boven de archipel) en zijn de sterren geel.

Len Staples uit Titikaveka, maar oorspronkelijk afkomstig uit Tasmanië (Australié), winnaar van de vlagontwerp-wedstrijd (fotograaf onbekend)

De regering o.l.v. premier Albert Henry, besloot echter ‘enige aanpassingen’ in het winnende ontwerp uit te voeren, waardoor de vlag er anders uit kwam te zien: het lichtblauw werd veranderd in groen en de Britse vlag in het kanton verdween, alleen de gele sterren bleven.
Hoewel het nooit met zoveel woorden werd gezegd, leken veel Cookeilanders ervan overtuigd dat het groen door Henry zelf werd geïntroduceerd, omdat het ook de kleur was van de politieke partij Cook Islands Party (CIP), waarvan hij de leider was.

Albert Henry (1906-1981), premier van de Cookeilanden van 1965 tot en met 1978, met de groene vlag (fotograaf onbekend)

Hoe het ook zij: de vlag werd middels een Act of Parliament op 11 januari 1973 ingesteld en werd voor het eerst gehesen op 24 januari 1974.
De kleuren en sterren werden uitgebreid toegelicht, waarbij iedere verwijzing naar de CIP ontbrak.

Groen werd de “expressiefste kleur van het land” genoemd, tevens “een dynamische vertegenwoordiging van de vitaliteit van ons land en ons volk. Het is de kleur van leven en eeuwigdurende groei“.
Goud (of geel) werd als representatief gezien voor “ons volk”, voor “hun vriendelijkheid, hun hoop, geloof, toewijding, liefde en geluk”.
Een ster werd “het symbool van de hemel en ons geloof in God” genoemd. “Het staat voor de macht die ons volk doorheen de geschiedenis heeft geleid. Het zal ons inspireren tot hogere doelen”.
De cirkel van 15 gouden of gele sterren staat voor “saamhorigheid, kracht, eenheid van doel” en zijn ze “de uitdrukking van het formeren van onze 15 eilanden tot een verenigd land en volk”.
Groen, goud (of geel) en de sterren samen “vertegenwoordigen de elementen van aarde, lucht en leven – omvattende ons aller verleden, heden en toekomst” en die “ons inspireren als verenigde, vrije en toegewijde mensen“.

Fast forward naar 1978: premier Albert Henry hoopte op zijn herbenoeming bij de verkiezingen dat jaar, maar het liep anders. Henry werd na de verkiezingen verdacht van fraude.
Middels een zogenaamde “electorale petitie” werd hij schuldig bevonden en veroordeeld voor twee aanklachten voor samenzwering en één voor corruptie.
Hij moest aftreden en werd in 1980 gestript van zijn in 1974 verleende ridderschap, waardoor hij niet langer “Sir” Albert Henry was.

Premier Albert Henry met Koningin Elizabeth II tijdens haar bezoek aan de Cookeilanden in 1974 (screenshot)

Of het ermee te maken heeft is moeilijk te achterhalen, maar met de komst van een nieuwe premier (Tom Davis), werd er besloten een nieuwe vlag in te voeren.
Er werd contact gezocht met Len Staples, de winnaar van de ontwerpwedstrijd uit 1972, om alsnog zijn ontwerp uit te voeren, maar dan wel met een donkerder blauw, zoals dat van een “blue ensign”, en witte in plaats van gele sterren.
Toevalligerwijs (?) waren blauw en wit ook de kleuren van Davis’ partij, de Democratic Party (DP).

Sir Tom Davis (1917-2007), premier van de Cookeilanden van 25 juli 1978 t/m 13 april 1980 en van 16 november 1980 t/m 29 juli 1987) (screenshot)

De nieuwe (en huidige) vlag werd op 23 mei 1979 door een ‘koninklijk bevel’ door Koningin Elizabeth goedgekeurd, waarna het parlement van de Cookeilanden de vlag officieel goedkeurde op 22 juni 1979, waarna ze op 4 augustus voor het eerst officieel werd gehesen.

Mark Brown (1963), premier van de Cookeilanden sinds 2020 (screenshot)

Daarmee zijn we er, zou je denken, maar niets is minder waar!
Het land is grotendeels autonoom in een vrije associatie met Nieuw-Zeeland, maar wil op termijn volledig onafhankelijk worden.
Mark Brown, de huidige premier, wil dan terug naar de groene vlag van de in 1978 van zijn voetstuk gevallen premier Albert Royle. De in 1982 overleden Royle werd in 2023 postuum gratie verleend.

Albert Henry op een postzegel van 10 cent uit 1975 ter gelegenheid van 10 jaar autonomie van de Cookeilanden, met achter hem de groene vlag (© Cook Islands Post)

Volgens premier Brown zou de groene vlag een betere weerspiegeling zijn van de nationale kleuren en soevereiniteit van de Cookeilanden. In januari van dit jaar opperde hij dat het besluit over de vlag middels een referendum zou kunnen worden voorgelegd aan de bevolking.
Kortom: wordt vervolgd!

Het atol Pukapuka (© NASA, foto uit 2001 / publiek domein)
Parlement Cookeilanden
Tijdens een bezoek in 1999 van de auteur van Vlagblog aan het parlementsgebouw van de Cookeilanden, in hoofdstad Avarua (op het eiland Rarotonga), bleek de vlag per abuis op de kop te hangen! Na melding daarvan bij het parlementspersoneel werd de vlag alsnog schielijk juist opgehangen. (© Vlagblog)
Kaart van het eiland Aitutaki (publiek domein)

Eerdere vlaggen

De hierboven beschreven vlaggenschiedenis werd overigens voorafgegaan door een aantal andere vlaggen, het gaat dan om vlaggen van de archipel onder de naam Koninkrijk Rarotonga, het (Britse) protectoraat van de Cookeilanden en de latere ‘overname’ door Nieuw-Zeeland.

Vlag van het Koninkrijk Rarotonga (±1850-1888)

De oudst bekende vlag is die van het Koninkrijk Rarotonga, het is een horizontale driekleur in rood-wit-rood met drie donkerblauwe vijfpuntige sturen op de witte baan.
Wanneer deze vlag precies werd ingevoerd is niet bekend, maar vlaggenkundige Michel Lupant houdt het erop dat de vlag rond 1850 al bekend was.

Een originele vlag van het Koninkrijk Rarotonga is nog steeds in bezit van de nazaten van de koninklijke familie, in dit geval Makea Nui Meremaraea Tinirau Ariki (foto: Michel Lupant)

In de tweede helft van de negentiende eeuw waren Britse missionarissen actief op de eilanden, maar was de archipel nog steeds zelfstandig.
Dat veranderde in 1888, toen uit angst voor een Franse inname vanuit hun kolonie Tahiti (tegenwoordig Frans Polynesië), de Britten van de Cookeilanden een protectoraat maakten, waarmee ook de vlag veranderde.

Afbeelding van de vlag van het Koninkrijk Rarotonga, afkomstig uit het uit 1899 verschenen “Flags of maritime nations”, toen deze vlag al niet meer in gebruik was (“Flags of maritime nations”, prepared by the Bureau of Equipment, Departmant of the Navy, Government Printing Office, Washington 1899 / publiek domein)

In het kanton (de broekings- of linkerbovenhoek) werd op de vlag de Britse Union Flag of Union Jack gezet.
Bij gebrek aan fotografisch bewijs is niet exact bekend of de drie sterren daarbij op hun plek bleven (waardoor twee sterren gedeeltelijk bedekt werden) of dat ze verder naar de vlucht opschoven.

Mogelijke verschijningsvormen van de vlag van het Koninkrijk Rarotonga als Brits protectoraat (1888-1891)

Drie jaar later, in 1891, werd het protectoraat omgevormd tot de Federation of the Cook Islands, waarbij de Britse unievlag in het midden werd voorzien van een badge met een palmboom.

Vlag van de Federation of the Cook Islands met de palmboom-badge (1891-1901)

Op 6 september 1900 werd er vanuit de archipel een petitie ingediend met het verzoek om de eilanden geannexeerd te laten worden als Brits grondgebied en dat gebeurde vervolgens ook.
Op 7 oktober 1900 werd de officiële proclamatie tot annexatie door het Britse Rijk door de Nieuw-Zeelandse gouverneur aan koningin Makea Takau Ariki voorgelezen, waarna op 8 en 9 oktober 1900 de zeven akten van overdracht van Rarotonga en andere eilanden werden ondertekend door hun opperhoofden.

Lord Renfurly, de Britse gouverneur van Nieuw-Zeeland (1856-1933) leest de annexatie-proclamatie voor aan koningin Makea Takau Ariki (±1839-1911), rechts met helm staat de Nieuw-Zeelandse vertegenwoordiger van de Kroon voor de archipel, Walter Gudgeon (1841-1920), 7 oktober 1900 (fotograaf onbekend / National Library of New Zealand)

In 1901 werden de eilanden opgenomen binnen de grenzen van de (eveneens Britse) kolonie Nieuw-Zeeland door een Order in Council onder de Colonial Boundaries Act, 1895 van het Verenigd Koninkrijk.
De wijziging werd van kracht op 11 juni 1901 en de Cookeilanden hebben sindsdien een formele relatie met Nieuw-Zeeland.

Vlag van Nieuw-Zeeland, op de Cookeilanden in gebruik tussen 1901 en 1973

Dit zorgde ervoor dat voortaan de uit 1869 daterende Nieuw-Zeelandse vlag gebruikt werd, totdat de groene vlag van 1973 werd ingevoerd (zie boven).

Laatste regerende koningin

Ook na de annexatie door het Verenigd Koninkrijk en de formele associatie met Nieuw-Zeeland bleven de Cookeilanden in naam een koninkrijk, met de al sinds 1871 regerende koningin Makea Takau Ariki, officieel hoofd van de regering.

Links: Postzegel van 1 penny uit 1893 met de beeltenis van koningin Makea Takau Ariki / Rechts: Portret uit circa 1895 van koningin Makea Takau Ariki (±1839-1991)

Dit bleef zo tot haar dood in 1911 en hoewel ze een opvolger had aangewezen, Rangi Makea, werd deze wel geïnstalleerd als ariki (‘stamhoofd’ of ‘hoogste leider’), maar werd hij niet benoemd als regeringsleider, waardoor hij net als andere ariki’s wel de opperhoofd-status had, maar dan wel van gelijke rang, waarmee praktisch gezien het koningschap ter ziele was.


British Antarctic Territory – Antarctic Treaty / Antarctische Overeenkomst (1961)

Twee vlaggen vandaag (+ 1 extra!). Vlag 1:

Op 23 juni 1961 werd het Antarctic Treaty System (Antarctisch Verdrag) van kracht. Sinds 1959 stond het open voor ondertekening.
De originele ondertekenaars waren de 12 landen die actief waren in Antarctica tijdens het Internationaal Geofysisch Jaar van 1957-1958: Argentinië, Australië, België, Chili, Frankrijk, Japan, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Zuid-Afrika, de Sovjet-Unie, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.
Sinds 1961 hebben vele andere landen ook ondertekend, inclusief Nederland.

Antarctica map
Antarctica in taartpunten

Het verdrag regelt dat Antarctica een gebied is zonder militaire activiteit, met vrijheid voor wetenschappelijk onderzoek. In 1998 werd een bepaling aan het verdrag toegevoegd dat het tot 2048 onmogelijk maakt om delfstoffen op het continent te exploiteren. Aangezien Antarctica geen enkel land toebehoort, heeft het ook geen officiële vlag.

Het Britse Halley Research Station op het Brunt IJsplateau (foto: Hugh Broughton Architects)

Er zijn echter wel degelijk territoriale claims. Argentinië, Australië, Chili, Frankrijk, Nieuw-Zeeland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk hebben het continent in taartpunten van ongelijke grootte verdeeld, die elkaar op verschillende plekken overlappen. De claims zijn niet officieel en worden door veel andere landen, waaronder Nederland, niet erkend.

British Antarctic Territory map
British Antarctic Territory

Om de dag te markeren wappert vandaag de vlag van het British Antarctic Territory, officieel gevormd in 1962. Tot het territorium behoort het Antarctic Peninsula (Antarctisch Schiereiland), met een lengte van 1.300 km. De Britten hebben twee onderzoekscentra, Halley en Rothera.

Rothera Research Station, gelegen op het Antarctisch Schiereiland (publiek domein)

De vlag

Vlag British Antarctic Territory (1998-heden)

De vlag is een zogenaamde ‘ensign’-vlag, een vlag die de Britse Union Flag of Union Jack als kanton in de broekingszijde laat zien en de rest van het veld vrij laat voor een symbool of wapen. Rode en blauwe ‘ensigns’ komen heel veel voor, de rode variant wordt op zee gebruikt als handelsvlag en bij de marine. De blauwe ‘ensign’ wordt door legeronderdelen gebruikt en door veel overzeese Britse territoria.

ensign
V.l.n.r.: blue ensign, red ensign en white ensign

De Britse Antarctische vlag is echter een ongewone witte ‘ensign’, uiteraard vanwege ijs en sneeuw. De vlag is in gebruik sinds 1998 en toont het Brits-Antarctische wapen (uit 1952), een fakkel (symbool voor onderzoek) met een Britse leeuw en een keizerspinguïn als schilddragers.

Wapen van het British Antarctic Territory

Bovenop het schild, gedekt door een helm met dekkleden, is het wetenschappelijk vaartuig RRS* Discovery afgebeeld (die de blue ensign voert).
*Royal Research Ship

De RRS Discovery tijdens de expeditie van 1901-1904, vastgevroren in het pakijs (publiek domein)
De Britsh Antarctic Territory-vlag op het Britse Ministerie van Buitenlandse Zaken op 21 juni 2019, midwinterdag op de Zuidpool (publiek domein)

Nieuw-Zeeland – Anzac Day / Rā o ngā Hōia / Anzac-dag (1916)

Vier vlaggen vandaag. Vlag 1:

Anzac-dag is een officiële dag in zowel Nieuw-Zeeland als Australië, die zijn oorsprong in de Eerste Wereldoorlog heeft.
De naam “Anzac” komt van Australian and New Zealand Army Corps, een gecombineerde militaire eenheid van Australiërs en Nieuw-Zeelanders, opgericht in 1914. Soldaten van deze eenheid stonden bekend als Anzacs.

Kaart van een deel van het Ottomaanse Rijk waarop we zowel het Gallipoli-schiereiland zien (linksonder) alsmede Constantinopel (het tegenwoordige Istanboel) aan de Bosporus (net boven de Zee van Marmara), die uitkomt in de Zwarte Zee (© The Daily Telegraph, 1915, Sir George Grey Special Collections, Auckland Libraries, New Zealand Map 4866)

De dag van 25 april zelf grijpt terug op het jaar 1915, toen de Anzacs onderdeel waren een geallieerde poging om Constantinopel (nu Istanboel), de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk (nu Turkije) te veroveren en de zeeroute naar Rusland veilig te stellen.
De Turken waren in de Eerste Wereldoorlog een bondgenoot van Duitsland.
De opzet van de geallieerde troepen (naast Nieuw-Zeeland en Australië o.a. het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Italië, Rusland en de Verenigde Staten) was om eerst het Gallipoli-schiereiland te veroveren, zodat de weg vrij zou zijn naar de Zwarte Zee.

Het Gallipoli-schiereiland (publiek domein)

De landing van de geallieerde troepen van het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Nieuw-Zeeland en Australië op het schiereiland op die 25e april, waarbij men verwachtte snel te kunnen doorstoten richting Constantinopel. Dit bleek echter een misrekening.

Geallieerde landing op 25 april 1915 op het Gallipoli-schiereiland (foto: Charles Bean, gepubliceerd in “The Anzac Book”, Cassell Publishers, 1916)

Men had niet gerekend op grote tegenstand, maar het Ottomaanse leger, onder leiding van Mustafa Kemal (later bekend als Atatürk, de grondlegger en eerste president van het tegenwoordige Turkije), bleek niet te verslaan, de zomerhitte en winterkou deden de rest.
Wat een snelle expeditie had moeten worden, zou zich maar liefst acht maanden voortslepen en ging ten koste van grote aantallen slachtoffers aan beide zijden. Het restant van de geallieerde troepen werd in de loop van december 1915 en in de eerste dagen van 1916 teruggetrokken, de campagne was mislukt.

Ottomaanse bevelhebbers, vierde van links: Mustafa Kemal (Atatürk) (circa 1881-1938) (publiek domein)

Aan geallieerde zijde betrof het aantal doden ruim 51.000 en 120.000 gewonden. Aan Nieuw-Zeelandse zijde ging het om om 3.431 doden en 4.140 gewonden en aan Australische zijde om 7.594 doden en 18.500 gewonden.
De cijfers aan de Ottomaanse kant waren vergelijkbaar: 56.643 doden en 97.007 gewonden.

25 april 1916, de eerste Anzac-dag in Nieuw-Zeeland, hier in Petone, vlakbij Wellington (Collectie Alexander Turnbull Library, Wellington)

De gebeurtenissen aan de andere kant van de wereld maakten in zowel Nieuw-Zeeland als in Australië diepe indruk en 25 april werd in beide landen al snel de dag waarop de doden herdacht werden.
Direct vanaf de eerste herdenking in 1916 werd de dag Anzac-dag genoemd.
Vanaf 1920 werd Anzac-dag een officiële wettelijk vastgestelde herdenkingsdag in Nieuw-Zeeland.
Het was gedurende de Tweede Wereldoorlog, waarin Nieuw-Zeelanders en Australiërs opnieuw actief aan de geallieerde strijd deelnamen, dat het in 1916 opgedoekte korps in Griekenland nieuw leven werd ingeblazen.

Anzac-herdenkingspostzegel uit 1965 bij de 50-jarige herdenking van de landing op Gallipoli, op de zegel is de landingsplaats afgebeeld (© New Zealand Post Office)

Hoewel de naam Australian and New Zealand Army Corps na de Tweede Wereldoorlog niet meer gebruikt werd, werd de militaire samenwerking tussen de twee landen gecontinueerd, waarbij de afkorting Anzac tegenwoordig tussen haakjes achter de naam van het desbetreffende korps of bataljon gezet wordt.

Anzac-dag poster (publiek domein)

De populariteit van de herdenkingsdag nam in de jaren vijftig tot en met tachtig van de vorige eeuw af, o.a. te wijten aan het verbod op commerciële activiteiten, maar nam vanaf de jaren negentig juist weer toe, met het afschaffen van het verbod.
Een bekende traditie op Anzac-dag is het “gunfire breakfast” (“geweervuur-ontbijt”), koffie met rum, een herinnering aan een ochtendritueel dat vaak vooraf ging voordat men ten strijde trok.
’s Middags marcheren militairen veelal in parades in steden en dorpen.

Anzac-dag-herdenking bij het National War Memorial (1932) in Wellington (fotograaf onbekend)

Naast Nieuw-Zeeland en Australië is Anzac-dag ook een officiële herdenkingsdag in Tonga, Christmas Island, de Cocoseilanden, de Cookeilanden, Niue, Norfolkeiland en Tokelau.

Anzac-dag 2018 bij het Hooggerechtshof in Avarua, de hoofdstad van de Cookeilanden, rechtsboven is de vlag van de Cookeilanden nog net zichtbaar (fotograaf onbekend)
Kaart van Nieuw-Zeeland (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Nieuw-Zeeland (1869-heden)

De vlag van Nieuw-Zeeland is een Britse blue ensign met vier rode sterren aan de vluchtzijde.

Vanaf 1840 werd de Britse blue ensign gebruikt, een vlag met een blauw veld en de Union Flag of Union Jack in het kanton.

Links: Vlag van Nieuw-Zeeland (1840-1867), de blue ensign / Rechts: Vlag van Nieuw-Zeeland (1867-1869)

Vanaf 1867 werd aan de vluchtzijde een eigen symbool toegevoegd, NZ in rode letters, met een wit kader eromheen. Vanaf 23 oktober 1869 verschijnen dan de huidige sterren, die daarmee het NZ vervangen. Het was een ontwerp van de Nieuw-Zeelandse marine-officier Sir Albert Hastings Markham.

Links: Sir Albert Hastings Markham (1841-1918), foto uit 1904 (publiek domein) / Rechts: Leerlingen Jack en Rewi Moynihan hijsen de Nieuw-Zeelandse vlag bij de Shannon School (Noordereiland) in 1901 (publiek domein)

De vier rode sterren, wit omzoomd, stellen het sterrenbeeld Zuiderkruis voor. Net als in het sterrenbeeld worden de sterren naar onderlinge grootte afgebeeld: de grootste onderin, de kleinste aan de vluchtzijde en de overige twee daar net tussenin.
Het gaat dan om de sterren Acrux, Becrux (ook wel Mimosa genaamd), Gacrux en Delta Crucis. Een vijfde, kleinere ster, Epsilon Crucis, wordt wel afgebeeld op de Australische vlag, maar niet op de Nieuw-Zeelandse.

Links: Sterrenbeeld het Zuiderkruis / Rechts: Kaart van het Zuiderkruis (© IAU and Sky Telescope Magazine / Roger Sinnott & Rick Fienberg)

Vanaf de jaren ’90 van de vorige eeuw gingen er steeds meer stemmen op voor een nieuwe vlag. Op 11 maart 2014 kondigde toenmalig premier John Key een referendum aan voor 2015, waarin het volk een keus had tussen vijf vlagontwerpen (de shortlist).
Op de 11e december kwam de winnaar uit de bus, de zogenaamde Silver Fern Flag, een ontwerp van Kyle Lockwood.

Links: De Silver Fern Flag / Rechts: Ontwerper Kyle Lockwood (1977) (© flag.govt.nz)

De silver fern (Cyathea dealbata), zilveren boomvaren in het Nederlands, is een van de symbolen van Nieuw-Zeeland. De varen verdeelt de vlag diagonaal in tweeën. Het vlak aan de broekingszijde is zwart, dat aan de vluchtzijde blauw met de gehandhaafde rode sterren uit 1869.

Tussen 3 en 24 maart 2016 werd vervolgens een 2e referendum gehouden, waarin de Nieuw-Zeelanders hun keus konden uitspreken voor de nieuwe Silver Fern Flag of voor handhaving van de ‘oude’ vlag.
De uitslag van dit referendum was 56,7% voor de bestaande vlag en 43,3% voor de nieuwe, waarbij dus alles bij het oude bleef.
Desalniettemin is de Silver Fern her en der in het straatbeeld te zien, weliswaar officieus, maar wel populair.

Links: Tino Rangatiratanga (Maori-vlag) / Rechts: Linda Munn, een van de ontwerpers van de vlag

Naast deze twee vlaggen is er nog een derde belangrijke vlag in Nieuw-Zeeland, nl. die van de Maori, de oorspronkelijke bewoners van het land (dat zij Aotearoa noemen). Deze vlag, Tino Rangatiratanga genaamd, werd in 1990 ontworpen door Hiraina Marsden, Jan Smith en Linda Munn. De traditionele kleuren van Nieuw-Zeeland, zwart, wit en rood zijn hier gebruikt (net als bij de Silver Fern).

De vlag laat een witte balk zien die op 1/3 van de broeking deels tot bijna een cirkel inkrult. Boven de balk is het veld zwart, eronder rood. Het symboliseert de natuurlijke balans, zoals actief/passief, mannelijk/vrouwelijk, aarde/lucht, enz.

Overige vlaggen

Naast deze vlaggen is er nog een fiks aantal andere vlaggen in gebruik in Nieuw-Zeeland. Hieronder een kleine dwarsdoorsnee:

Links: Red ensign van Nieuw-Zeeland (koopvaardijvlag) / Rechts: White ensign van Nieuw-Zeeland (marinevlag)
Links: Luchtmachtvlag van Nieuw-Zeeland / Rechts: Burgerluchtvaartvlag van Nieuw-Zeeland
Links: Politievlag van Nieuw-Zeeland / Rechts: Koninklijke standaard van Nieuw-Zeeland, met de gekroonde letter E van de twee jaar terug overleden Koningin Elizabeth II, met haar dood is deze standaard vervallen, over een nieuwe standaard voor Koning Charles III is nog geen besluit genomen

Ierland – St. Patrick’s Day / Lá Fhéile Pádraig

17 maart 461 (volgens sommige bronnen kan dit ook 460 of 493 zijn) is volgens de overlevering de sterfdag van Sint Patrick, de beschermheilige van Ierland. De dag herdenkt Sint Patrick en daarmee het begin van het christendom in Ierland, maar meer in het algemeen is het ook een dag waarop de Ierse cultuur en geschiedenis gevierd worden.

St Patrick
Sint Patrick (met klavertje drie) op een gebrandschilderd raam (© irishcentral.com)

Patrick werd geboren rond het jaar 385 in het tegenwoordige Engeland, toen nog een Romeinse provincie (tot 409/410).
In een bewaard gebleven brief, de Declaration genaamd, die hoogstwaarschijnlijk door Patrick zelf werd geschreven, wordt verhaald over zijn levensloop.

Op zijn 16e werd hij door Ierse plunderaars ontvoerd en als slaaf overgebracht naar Keltisch Ierland, waar hij als herder te werk werd gesteld. Gedurende deze periode “vond hij God”. Een stem liet hem vervolgens weten dat hij naar de kust moest vluchten, waar een schip op hem zou wachten om hem terug naar huis te brengen.
Aldus geschiedde en in het inmiddels post-Romeinse Engeland werd Patrick vervolgens priester.

St Patrick statue
Standbeeld van Sint Patrick in Lough Der, county Donegal (© thoughtco.com)

Rond 432 keerde hij terug naar Ierland om de “heidense” Kelten te evangeliseren. Hier hield hij zich de rest van zijn leven mee bezig, voornamelijk in de noordelijke helft van het land.

Eén van de symbolen van Ierland is het klaverblad. Dit zou (opnieuw volgens overlevering) terug te voeren zijn op Sint Patrick. Hij gebruikte de drie blaadjes van de plant tijdens zijn evangelisatie om de Heilige Drie-eenheid uit te leggen. Hier komt ook de nationale kleur van Ierland, het groen, vandaan.

St Patrick graf
Grafsteen van Sint Patrick op Cathedral Hill bij Down Cathedral in Downpatrick, county Down, Noord-Ierland (© irishdaytours.ie)

Al vanaf de 9e of 10e eeuw wordt St. Patrick’s Day in Ierland gevierd, maar na massale emigraties, voornamelijk in de 19e eeuw, is het ook in andere landen een belangrijke feestdag, zoals in Canada en de Verenigde Staten.

Kaart van Ierland (© freeworldmaps.net)

Sinds 1903 is het een officiële feestdag in Ierland en de dag wordt gevierd met optochten, muziekfestivals, dansen en de Vastentijd wordt gedurende deze dag eventjes aan de kant geschoven.

Sint Patrick op ‘zijn’ dag in Cork, de tweede stad van Ierland (publiek domein)

Het is tevens een officiële feestdag in Noord-Ierland, in de Canadese provincie Newfoundland and Labrador en op het eiland Montserrat.

St. Patrick’s Day op Montserrat (screenshot)

In drie Amerikaanse steden aan de oostkust, New York, Boston en Savannah, waar destijds heel veel Ieren naar toe verhuisden, wordt St. Patrick’s Day uitgebreid gevierd. De grootste St. Patricks’s-optocht ter wereld vind plaats in New York. Maar ook elders in de V.S. wordt de dag gevierd.

St Patrick's Day parade ny
Optocht op St. Patrick’s Day bij St. Patrick’s Cathedral, Fifth Avenue, New York (© blogs.wsj.com)

Ook in ver uit elkaar liggende landen als Australië, Japan, Zwitserland, Argentinië en Nieuw-Zeeland gaat de dag niet ongemerkt voorbij.

St. Patrick’s Day-parade in Japan (publiek domein)

De vlag

Vlag van Ierland (1916-heden)

De vlag van Ierland is een verticale driekleur van groen, wit en oranje. Vanaf 1830 komt de vlag, naar voorbeeld van de Franse tricolore in gebruik. Met de revolutie van 1916 werd de vlag het symbool voor het nieuwe Ierland. De volgorde van de banen werd officieel in 1920 en vanaf 1922 is het de wettelijk erkende vlag van het land. Die wettelijke status wordt echter pas bekrachtigd op 29 december 1937.

Een vroege afbeelding van de Ierse vlag zoals we die nu kennen: de foto stamt uit 1921 en laat een groep van T.D.’s (Teachtaí Dála: Parlementsleden van het Lagerhuis) zien, met achter hen twee mannen met de Ierse driekleur (trídhathach), de heren vooraan zijn v.l.n.r.: Harry Boland, Art Ó Bríain, Éamon de Valera en Sean T. O’Kelly, het vijfde parlementslid is ongeïdentificeerd (publiek domein)

De kleur groen symboliseert het ‘groene eiland’ en staat tevens voor de kleur van de katholieken en voor de Keltische en Normandische geschiedenis.
De kleur oranje komt van koning-stadhouder Willem III van Oranje-Nassau en staat voor de protestanten in Ierland.

Willem iii
Koning-stadhouder Willem III van Oranje-Nassau, schilderij van Sir Godfrey Kneller, rond 1680 (© youirish.com)

De witte baan in het midden is symbolisch bedoeld als de vrede-kleur tussen deze bevolkingsgroepen.

Maat + verwarring

De Ierse vlag heeft een voor vlaggen afwijkende maat: de meeste vlaggen hebben een lengte-breedte verhouding van 2:3, maar bij Ierland is dat officieel 1:2. Officieel inderdaad, want die maatvoering is zo ongebruikelijk dat de vlag net zo vaak in de 2:3-ratio te zien is.
De vlag wordt in Ierland doorgaans aangeduid als trídhathach (driekleur).

Een vlag waar de Ierse weleens mee verward wordt, is die van Ivoorkust. De Ivoriaanse vlag is de Ierse vlag in spiegelbeeld, dus oranje, wit en groen. In tegenstelling tot de Ierse vlag, heeft de Ivoriaanse de standaardmaat van 2:3.

Ireland to the rescue

De gelijkenis kwam goed van pas bij de World Indoor Athletics Championships van maart 2018 in Birmingham (VK), toen de Ivoriaanse hardloopster Murielle Ahouré de 60m bij vrouwen won. Er was echter zo gauw geen vlag van haar land voorhanden. Ierland-supporter David Keneally bracht echter redding door haar de vlag van zijn land toe te stoppen.
Door er achterstevoren mee door het stadion te paraderen, leek het toch echt de vlag van Ivoorkust!

Links: Vlag van Ivoorkust (1959-heden) / Rechts: Murielle Ahouré met de zogenaamde Ivoriaanse vlag in 2018 (maar eigenlijk de Ierse) (foto: Michael Steele)

Nieuw-Zeeland – Waitangi Day / Waitangi-dag (1840)

De officiële ‘geboorte’ van Nieuw-Zeeland: op 6 februari 1840 (vandaag dus 185 jaar geleden) werd in Waitangi, in het noorden van het land, een document ondertekend door gouverneur William Hobson en lokale Maori-leiders, waardoor Nieuw-Zeeland als land een feit werd. Sinds 1934 is de 6e februari een officiële feestdag.

Kaart van Nieuw-Zeeland (freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Nieuw-Zeeland (1869-heden)

De vlag van Nieuw-Zeeland is een Britse blue ensign met vier rode sterren aan de vluchtzijde.

Vanaf 1840 werd de Britse blue ensign gebruikt, een vlag met een blauw veld en de Union Flag of Union Jack in het kanton.

Links: Vlag van Nieuw-Zeeland (1840-1867), de blue ensign / Rechts: Vlag van Nieuw-Zeeland (1867-1869)

Vanaf 1867 werd aan de vluchtzijde een eigen symbool toegevoegd, NZ in rode letters, met een wit kader eromheen. Vanaf 23 oktober 1869 verschijnen dan de huidige sterren, die daarmee het NZ vervangen. Het was een ontwerp van de Nieuw-Zeelandse marine-officier Sir Albert Hastings Markham.

Links: Sir Albert Hastings Markham (1841-1918), foto uit 1904 (publiek domein) / Rechts: Leerlingen Jack en Rewi Moynihan hijsen de Nieuw-Zeelandse vlag bij de Shannon School (Noordereiland) in 1901 (publiek domein)

De vier rode sterren, wit omzoomd, stellen het sterrenbeeld Zuiderkruis voor. Net als in het sterrenbeeld worden de sterren naar onderlinge grootte afgebeeld: de grootste onderin, de kleinste aan de vluchtzijde en de overige twee daar net tussenin.
Het gaat dan om de sterren Acrux, Becrux (ook wel Mimosa genaamd), Gacrux en Delta Crucis. Een vijfde, kleinere ster, Epsilon Crucis, wordt wel afgebeeld op de Australische vlag, maar niet op de Nieuw-Zeelandse.

Links: Sterrenbeeld het Zuiderkruis / Rechts: Kaart van het Zuiderkruis (© IAU and Sky Telescope Magazine / Roger Sinnott & Rick Fienberg)

Vanaf de jaren ’90 van de vorige eeuw gingen er steeds meer stemmen op voor een nieuwe vlag. Op 11 maart 2014 kondigde toenmalig premier John Key een referendum aan voor 2015, waarin het volk een keus had tussen vijf vlagontwerpen (de shortlist).
Op de 11e december kwam de winnaar uit de bus, de zogenaamde Silver Fern Flag, een ontwerp van Kyle Lockwood.

Links: De Silver Fern Flag / Rechts: Ontwerper Kyle Lockwood (1977) (© flag.govt.nz)

De silver fern (Cyathea dealbata), zilveren boomvaren in het Nederlands, is een van de symbolen van Nieuw-Zeeland. De varen verdeelt de vlag diagonaal in tweeën. Het vlak aan de broekingszijde is zwart, dat aan de vluchtzijde blauw met de gehandhaafde rode sterren uit 1869.

Tussen 3 en 24 maart 2016 werd vervolgens een 2e referendum gehouden, waarin de Nieuw-Zeelanders hun keus konden uitspreken voor de nieuwe Silver Fern Flag of voor handhaving van de ‘oude’ vlag.
De uitslag van dit referendum was 56,7% voor de bestaande vlag en 43,3% voor de nieuwe, waarbij dus alles bij het oude bleef.
Desalniettemin is de Silver Fern her en der in het straatbeeld te zien, weliswaar officieus, maar wel populair.

Links: Tino Rangatiratanga (Maori-vlag) / Rechts: Linda Munn, een van de ontwerpers van de vlag

Naast deze twee vlaggen is er nog een derde belangrijke vlag in Nieuw-Zeeland, nl. die van de Maori, de oorspronkelijke bewoners van het land (dat zij Aotearoa noemen). Deze vlag, Tino Rangatiratanga genaamd, werd in 1990 ontworpen door Hiraina Marsden, Jan Smith en Linda Munn. De traditionele kleuren van Nieuw-Zeeland, zwart, wit en rood zijn hier gebruikt (net als bij de Silver Fern).

De vlag laat een witte balk zien die op 1/3 van de broeking deels tot bijna een cirkel inkrult. Boven de balk is het veld zwart, eronder rood. Het symboliseert de natuurlijke balans, zoals actief/passief, mannelijk/vrouwelijk, aarde/lucht, enz.

Zeker op de dag van vandaag, Waitangi Day, is deze vlag op veel plekken te zien, zoals op de Auckland Harbour Bridge, broederlijk naast de officiële vlag.

Bridge
Auckland Harbour Bridge op Waitangi Day met de twee vlaggen (fotograaf onbekend)

Overige vlaggen

Naast deze vlaggen is er nog een fiks aantal andere vlaggen in gebruik in Nieuw-Zeeland. Hieronder een kleine dwarsdoorsnede:

Links: Red ensign van Nieuw-Zeeland (koopvaardijvlag) / Rechts: White ensign van Nieuw-Zeeland (marinevlag)
Links: Luchtmachtvlag van Nieuw-Zeeland / Rechts: Burgerluchtvaartvlag van Nieuw-Zeeland
Links: Politievlag van Nieuw-Zeeland / Rechts: Koninklijke standaard van Nieuw-Zeeland, met de gekroonde letter E van Koningin Elizabeth II, deze vlag is met de dood van de koningin op 8 september 2022 komen te vervallen

Niue – Constitution Day / Grondwetdag (1974)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Niue is een hoog gelegen koraaleiland in de Grote Oceaan, van 260 km², met een bevolking van ruim 1700 inwoners. Het is geen onafhankelijk land, maar heeft autonomie in een vrije associatie met Nieuw-Zeeland, net als de zuidelijker gelegen Cookeilanden. Aangezien Nieuw-Zeeland als Gemenebest-lid de Britse koning Charles III als staatshoofd heeft, is dat ook het geval bij Niue.

niue 01
Links: Locatie van Niue in de Grote Oceaan (ten oosten van Tonga) / Links: Kaart van Niue

De eerste Europeanen die het eiland in het zicht kregen waren de Britse kapitein James Cook en zijn bemanning in 1774. Cook deed drie pogingen om aan land te komen, maar de inwoners verboden hem te landen. Hij gaf het eiland de naam Savage Island. Overigens had het eiland allang een naam, Niuē (‘Aanschouw de kokosnoot’) en deze naam kreeg het eiland uiteindelijk weer terug rond het begin van de 20e eeuw.

Kaart van de hand van James Cook van Niue uit 1778, hier nog Savage Island (Isle Savage) geheten (publiek domein)

Ten tijde van kapitein Cook was Niue al bijna een eeuw een koninkrijk, Rond 1700 was Puni-mata de eerste koning of patu-iki. Een eeuw later was de tijd rijp voor buitenlands contact. Zoals ook bij vele andere eilanden in de regio gebeurde, werd in de 19e eeuw door missionarissen het christelijke geloof verbreid. Voor Niue was dat vanaf 1846 door de London Missionary School. De eerste christelijke koning was Tui-toga, hij regeerde van 1875 tot 1887.
Zijn opvolger, koning Fata-a-iki wilde graag Britse bescherming tegen ‘imperialistische machten’ en hij stuurde koningin Victoria in 1889 een brief met het verzoek om van Niue een Brits protectoraat te maken. Er kwam echter geen antwoord van de vorstin en ook een tweede brief uit 1895 bleef onbeantwoord. Ondertussen trad de nieuwe koning Togia-Pulu-toaki aan in 1896.

niue 01
Links: Koning Fata-a-iki met een Niuese wapenstok, de katoua / Rechts: Koning  Togia-Pulu-toaki (beide foto’s publiek domein)

Ook de Cookeilanders zochten de Britse ‘bescherming’ middels een aan de koningin gerichte petitie, waarin ook de wens van Niue nog eens onder de aandacht werd gebracht. In een bijgevoegd document gedateerd 19 oktober 1900, gaven de Niuers “koningin Victoria (…) toestemming bezit te nemen van dit eiland”. Ditmaal ging er een officiële aanbeveling bij van de Britse gouverneur-generaal in Nieuw-Zeeland, Uchter Knox, 5th Earl of Ranfurly.

Uchter Knox, 5th Earl of Ranfurly (1856-1933), gouverneur-generaal van Nieuw-Zeeland van 1897 tot 1904 (Collectie National Library New Zealand / publiek domein)

De uitkomst was dat de annexatie een feit werd en geantidateerd werd op de datum van 19 oktober 1900, vandaag 124 jaar geleden. De Britse annexatie werd overigens al heel snel ‘overgedaan’ aan het dichterbij gelegen Nieuw-Zeeland, op 11 juni 1901. Hiermee kwam er ook een einde aan de lijn van Niuese koningen. De laatste koning Togia-Pulu-toaki had zijn taken neergelegd na de annexatie, maar bleef tot 1903 nog wel symbolisch staatshoofd. Zijn zoon, kroonprins Haetaua werd dus geen koning. Zijn nazaten echter worden tot op de dag van vandaag aangeduid als Kahui pata-iki (Koninklijke familie van de laatste monarch).

Een postzegel van een halve penny uit 1950 met de kaart van het eiland, een ontwerp van James Berry (1907-1979) (publiek domein)

In 1974 werd er een referendum gehouden waarbij Niue kon kiezen tussen onafhankelijkheid, autonomie, of continuering als een Nieuw-Zeelands territorium. Een meerderheid koos voor autonomie in vrije associatie met Nieuw-Zeeland.

Hoofdstad van Niue is Alofi, met ruim 600 inwoners eigenlijk een ‘hoofddorp’ (publiek domein)

Dat land is nu verantwoordelijk voor Niue’s militaire en buitenlandse zaken. De datum voor deze nieuwe staatsvorm met nieuwe Grondwet, werd symbolisch op 19 oktober bepaald. Het vieren van de Grondwetdag van vandaag verwijst dan ook naar die datum in 1974 en niet naar die in 1900. Daarmee is Niue vandaag 50 jaar autonoom.

De vlag

Niue vlag
Vlag van Niue (1975-heden)

De vlag van Niue is geel met een Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. In het midden van het rode Sint-Joriskruis is een blauwe cirkel geplaatst met een gele vijfpuntige ster erin. Vier kleinere gele vijfpuntige sterren zijn op de armen van het kruis geplaatst.

Het Assembly House in Alofi met de vlaggen van Niue en Nieuw -Zeeland in de mast (fotograaf onbekend)

We kunnen rustig stellen dat de vlag van Niue een bijzondere is. Het is er een uit de Britse ‘ensign’-serie, maar wel een unieke. Het is een yellow ensign, die de Niuers zelf bedacht hebben, want zoiets bestaat strikt genomen niet. We kennen blue, red en white ensigns, maar dan is de koek wel op! Overigens bevindt Niue zich in goed gezelschap, omdat de eveneens in de Grote Oceaan gelegen Fiji- en Tuvalu-archipels ook hun eigen versies van ensigns hebben bedacht, door allebei voor lichtblauw te gaan.
Ook het plaatsen van sterren op de Britse unievlag is uniek.

Premier Dalton Tagelagi (1968) van Niue tijdens een tv-toespraak met de vlag (screenshot)

Hoewel de autonomie van Niue op 19 oktober 1974 inging, duurde het nog tot 15 oktober 1975 voor de eigen vlag geïntroduceerd werd. Tot die tijd werd de uit 1902 daterende vlag van Nieuw-Zeeland gebruikt.

Nieuw-Zeeland vlag
Vlag van Nieuw-Zeeland, tussen 1902 en 1975 ook de vlag van Niue

De symboliek achter de vlag wordt beschreven in de Niue Flag Act 1975. Het gele veld staat voor “de stralende zonneschijn van Niue en de warme gevoelens van de bevolking van Niue voor Nieuw-Zeeland”.
De vier sterren op de Union Flag of Union Jack stellen het sterrenbeeld Zuiderkruis voor en refereren daarmee aan de Nieuw-Zeelandse vlag, waar deze sterren ook te zien zien. De grote gele ster in het midden staat symbool voor het eiland Niue en de blauwe cirkel waarop de ster geplaatst is voor de Grote Oceaan.
Met dit alles laat de vlag een sterke verbondenheid met Nieuw-Zeeland zien.