Vlagdag in Canada herdenkt dat de huidige Maple Leaf Flag voor het eerst werd gehesen in 1965. De feestdag zelf bestaat echter pas sinds 1996 bij Koninklijk Besluit, ingebracht door Gouverneur-Generaal Roméo LeBlanc, na een voorstel van premier Jean Chrétien. Hoewel deze dag een officiële feestdag is, is het geen vrije dag voor de Canadezen
De vlag
Vlag van Canada (1965-heden)
Tussen 1868 en 1965 voerde Canada als vlag een red ensign, een rode vlag met in het kanton de Britse Union Flag of Union Jack. Op het uitwaaiende gedeelte was het Canadese wapen afgebeeld. In totaal waren er drie versies van deze vlag, omdat zowel in 1921 als in 1957 het wapen gewijzigd werd, waardoor dus ook de vlag aangepast diende te worden.
De drie Canadese red ensigns, van links naar rechts: 1868-1921, 1921-1957 en 1957-1965 (zoek de verschillen!)
Vanaf 1963 kwam er een discussie op gang om het Britse model te vervangen voor een eigen ontwerp. In 1964 culmineerde dit in het zogenaamde Great Flag Debate. Een belangrijk punt van aandacht waren de te gebruiken symbolen: moest de Britse Unievlag er opnieuw bij? Of de fleur-de-lys voor de Franstalige Canadezen? Men wilde liever geen Frans-Canadese en Engels-Canadese sentimenten aanwakkeren. Uiteindelijk werd er voor een symbool gekozen dat in alle versies van het staatswapen voorkwam: de maple leaf (esdoornblad) en waar de meesten zich in konden vinden. In het wapen kwam (en komt nog steeds) de maple leaf voor met drie bladeren. Voor de vlag werd voor een enkel blad gekozen.
Na 6 maanden van discussies en 33 politieke debatten werd uit de ruim 4000 ontwerpen die van historicus en schrijver George Stanley op 15 december 1964 goedgekeurd in het Canadese House of Commons, met 163 stemmen voor en 78 tegen. Als officieel staatshoofd van Canada had Koningin Elizabeth II het laatste woord, hoewel dat strikt genomen niet meer dan een formaliteit was. Op 28 januari 1965 echter werd de koninklijke goedkeuring gegeven en op 15 februari dat jaar werd de vlag voor het eerst gehesen op Parliament Hill in Ottawa.
De stad had op dat moment zo’n 12.000 inwoners (op dit moment ruim 1,6 miljoen voor de stad zelf en een dikke vier miljoen voor de agglomeratie).
Welkomstbord Phoenix aan de stadsgrens in mei 1945 (publiek domein)
Lang voordat Amerika werd ‘ontdekt’, woonden op de plek waar nu Phoenix ligt, verschillende Indianen-stammen. Geschat wordt dat ongeveer vanaf het begin van onze jaartelling de Hohokam hier woonden. Gedurende honderden jaren, tot rond de 14e eeuw, hadden zij een bloeiende civilisatie. Ze legden ruim 200 km aan irrigatiekanalen aan, waarvan sommige nu nog de basis vormen voor hedendaagse irrigatiewerken, zoals het Arizona Canal.
Totdat in deze streek de blanke overheersing de overhand kreeg, midden 19e eeuw, waren het o.a. de Pima Indianen die de streek bevolkten. In 1867 werd de basis gelegd voor de nieuwe stad, op de plek waar eens de Indianenstammen leefden.
Jack Swilling (1830-1878)
Jack Swilling, een Zuidelijke veteraan uit de Amerikaanse Burgeroorlog, settelde zich hier als boer, waarna zich snel een gemeenschap vormde.
“Lord” Phillip Darrell Duppa (1832-1892)
Een van de originele kolonisten, Lord Darrell Duppa, stelde de naam Phoenix voor, “omdat een stad op de ruïnes van een oude civilisatie werd gebouwd”. De naam werd door het county-bestuur goedgekeurd op 4 mei 1868.
De vlag is paars, met het stadslogo, een in cirkelvorm gestileerde witte phoenix, in het midden. De phoenix, waar de stad naar vernoemd is, is de mythologische vogel die door vuur verteerd wordt en daarna uit zijn as herrijst. De vlammen worden in de gestileerde afbeelding gesuggereerd door de in halve cirkels naar boven wijzende vleugelpennen. In Oud-Grieks betekent phoenix “paars” en daarmee hebben we de keuze voor de kleur van de vlag.
Toen er in 1987 besloten werd een nieuw stadslogo in te voeren, werd er een ontwerpwedstrijd uitgeschreven. Die werd gewonnen door het ontwerpbureau Smit, Ghomlely & Sanft. Dit logo beviel zo goed dat besloten werd het ook op een vlag te plaatsen. Vanaf 1990 vervangt deze logo-vlag de oude van 1921. (Het copyright en handelsmerk van het logo zijn nog steeds eigendom van het ontwerpbureau).
De huidige vlag van Phoenix is niet de eerste. Van 1921 tot 1990 voerde de stad een vlag met een blauw veld met een in een zonnecirkel geplaatste grijze phoenix met uitgestrekte vleugels, daaronder op een in drieën gedeelde banderol in gouden letters City of Phoenix Arizona.
Vlag van Phoenix, 1921-1990
In 2004 hield vlaggenorganisatie NAVA een onderzoek naar de populariteit van Amerikaanse stadsvlaggen. Phoenix kwam hierbij als 4e uit de bus.
Oregon was op 14 februari 1859 de 33e staat die werd toegelaten tot de alsmaar groeiende Verenigde Staten van Amerika. Vanaf 1847 stond het gebied al onder controle van de federale overheid onder de naam Oregon Territory. In de aanloop naar statehood was er in 1857 een staatszegel ontworpen. Het is dit zegel dat we op de vlag terugzien
De vlag
De vlag van Oregon is een bijzondere: het is de enige statenvlag die een voor- en achterzijde heeft die van elkaar verschillen. De enige andere vlag met een verschillende voor- en achterzijde is de vlag van Paraguay.
De voorzijde van de vlag vertoont het staatszegel in goud op een donkerblauw veld. In kapitale letters daarboven de tekst State of Oregon en eronder het jaartal 1859, het jaar van toetreding tot de V.S. Het zegel is enigszins hartvormig. Middenin zien we een door twee ossen getrokken huifkar, een zogenaamde Conestoga wagon, een wat groter model dan de standaard huifkar.
Links: Eerste versie van het staatszegel van Oregon uit 1876 / Rechts: Huidige versie van het staatszegel van Oregon
Rondom dit vervoermiddel zien we in het landschap bossen, bergen, een ondergaande zon, een ploeg, een korenschoof en een pikhouweel. In de linkerbovenhoek zien we twee schepen: een uitvarend Engels marineschip en een binnenvarend Amerikaans schip. Onder de huifkar een banier met de tekst The union: deze tekst refereert aan het staatsmotto ten tijde van de introductie van de vlag in 1925. Bovenop het zegel is een Amerikaanse zeearend geplaatst met de vleugels beschermend gespreid. Rondom het zegel 33 sterren, het aantal staten van de V.S. na toetreding van Oregon.
De achterzijde van de vlag laat een bever op een boomstronk zien, uitgevoerd in goud, op hetzelfde donkerblauw van de voorzijde. De bever is state animal sinds 1969.
Oregon was er niet bepaald snel bij met z’n vlag. Toen gouverneur Walter Pierce op 26 februari 1925 Senate Bill 195 tekende, waarmee een statenvlag werd geïntroduceerd, was de staat de laatste van de (toen) 48 staten. Directe aanleiding voor de introductie was de viering van de 150-jarige herdenking van de Slag bij Lexington (19 april 1775), die groots gevierd zou worden in Washington, D.C., met o.a. een parade van alle statenvlaggen. Naaisters Blanche Cox en Marjorie Kennedy naaiden het eerste exemplaar.
Foto uit 1925 met het eerste exemplaar van de vlag van Oregon (publiek domein)
De vlag van Oregon is vanwege zijn tweezijdigheid een uitermate dure vlag om te produceren en los van officiële instanties is de vlag meestal eenzijdig uitgevoerd te zien met het staatszegel op voor- én achterzijde. De officiële, dubbel uitgevoerde versie maakt de vlag ook erg zwaar en er moet dus een behoorlijke bries staan om de vlag te laten wapperen.
In 2001 onderzocht de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Oregon op de niet bijster hoge 62e plaats.
Pogingen om tot een nieuwe vlag te komen
Het hoeft dan ook geen verbazing te wekken dat er al jaren plannen zijn om de vlag te veranderen: niet alleen eenzijdig uitgevoerd, maar ook iets aansprekender. De meeste statenvlaggen met staatszegel erop (en dat zijn er nogal wat in de V.S.) scoren niet erg hoog bij vlaggenliefhebbers. Dagblad The Oregonian organiseerde in 2009 een wedstrijd om een nieuwe statenvlag te ontwerpen.
De krant publiceerde 10 ontwerpen die als kanshebbers werden gezien. Uit deze 10 konden de lezers kiezen. Er kwamen echter veel verzoeken binnen voor een 11e keus: GEEN VAN ALLEN. Van de 9.008 stemmen waren er 1.849 voor die 11e keus en daarmee won het de wedstrijd. Als die 11e keus er niet was geweest, had keuze nr.7 op de lijst gewonnen, hier kwamen 1.791 stemmen voor binnen. Dit ontwerp toont de bever van de achterkant van de huidige vlag met een ster aan de broekingszijde op een blauw veld, zowel boven als onder voorzien van groen-witte balken.
Ontwerp van Randall Gray uit 2009, dat van de shortlist de meeste stemmen kreeg, maar toch niet won…
Ok een poging uit 2013, voorgelegd aan de Senaat, om de vlag op onderdelen te wijzigen, opnieuw met de bever in de hoofdrol. maar ook dit voorstel haalde het niet.
Oregon vlagvoorstel uit 2013, een ontwerp van Matthew Norquist
Een opmerkelijke ‘bijvangst’ tijdens deze pogingen om de vlag te veranderen, was het terugvinden van de eerste vlag uit 1925. Algemeen werd aangenomen dat deze vlag verloren was gegaan bij de brand die het Oregon State Capitol in 1935 verwoestte. Onverwacht dook de vlag op, ingelijst en wel, in een trappenhuis in de Pierce Library in de Eastern Oregon University in La Grande. Kennelijk was iedereen vergeten dat de kleinzoon van gouverneur Walter Pierce de vlag in 1954 aan de bibliotheek had geschonken, toen deze naar zijn opa werd vernoemd.
Toetje
Als toetje de overige 9 ontwerpen van de wedstrijd van The Oregonian:
V.l.n.r.: Ontwerpen van Karen L. Anzinger (1.566 stemmen), Lorraine Bushek (1.019) stemmen, Douglas Lynch (777 stemmen)V.l.n.r.: Ontwerpen van Gerald H. Black (665 stemmen), Eddy Lyons (455 stemmen), Thomas Lincoln (376 stemmen)V.l.n.r.: Ontwerpen van Jaymes Walker (238 stemmen), T.J. Borzner (157 stemmen), John Mothershead (115 stemmen)
53 jaar na Oregon werd op 14 februari 1912 Arizona als 48e staat toegelaten tot de Verenigde Staten van Amerika. De toelating kwam slechts 39 dagen na die van de oostelijke buurstaat New Mexico.
President William Howard Taft (1857-1930) tekent in Washington, D.C de Statehood Bill waarmee Arizona de 48e staat van de Verenigde Staten wordt, op de ochtend van de 14e februari 1912 (publiek domein)
De vlag
Vlag van Arizona (1917-heden)
De vlag is horizontaal in tweeën gedeeld, de onderste helft is donkerblauw, de bovenste helft rood. Op de bovenste helft zijn zes vanuit het middelpunt van de kleuren-scheidslijn uitwaaierende gouden (of gele) zonnestralen afgebeeld. Een grote vijfpuntige ster in koperkleur is in het midden van de vlag geplaatst, deels over het snijpunt van de stralen.
Utah (toegelaten in 1896) was de laatste staat die een staatszegel-vlag invoerde, in 1912. De laatste vijf staten (Oklahoma, New Mexico, Arizona, Alaska en Hawaii) kozen andere ontwerpen.
De vlag van Arizona is een ontwerp van kolonel Charles W. Harris, generaal-adjudant in de Arizona National Guard en Nan Hayden, de vrouw van congreslid Carl Hayden. Wat de kleuren betreft, lieten ze zich leiden door de geschiedenis: rond 1540 arriveerde een expeditie van Spaanse conquistadores, onder leiding van Vásquez de Coronado in het gebied wat nu Arizona is, op zoek naar de legendarische Zeven Steden van Cibola. De kleuren die zij voerden waren rood en goud.
Links: Charles Wilfred Harris (1879-1949), ontwerper van de vlag van Arizona, foto uit 1918 (publiek domein) / Rechts: Nan Hayden (1877-1961), die het eerste exemplaar van de vlag naaide (publiek domein)
Het goud kon ook gelinkt worden aan de zon, die immer uitbundig schijnt in Arizona. Het blauw staat voor trouw. De koperkleurige ster herinnert aan de enorme kopervoorraden in de staat. Nan Hayden naaide het eerste exemplaar van de vlag en op 17 februari 1917 werd hij officieel aangenomen door de Arizona State Legislature.
In de Great NAVA Survey of 2001, een vlaggencompetitie van Noord-Amerikaanse vlaggen, staat de vlag van Arizona op een mooie 6e plaats.
De vlag die vandaag wappert bestaat eigenlijk niet. Vlagblog heeft ‘m speciaal laten maken, om het medium radio te vieren. Het is namelijk World Radio Day, de Wereld Radio-dag.
World Radio Day is betrekkelijk nieuw. Op initiatief van Spanje heeft de Verenigde Naties de dag voor het eerst gevierd in 2012. Unesco, de VN-organisatie voor onderwijs, wetenschap en cultuur, voert de regie. Daarmee viert deze dag zijn eerste lustrum: 10 jaar.
World Radio Day: 10 jaar oud
Unesco roemt het medium radio omdat je met betrekkelijk weinig spullen veel mensen kunt bereiken. Mensen die afgelegen wonen, weinig geld hebben, of om een andere reden ‘een afstand’ hebben, kun je via de radio toch bij de maatschappij betrekken. Door naar anderen te luisteren of door mee te praten -via de radio- leer je andere denkbeelden kennen en sta je midden in de wereld, is het idee.
World Radio Day is elk jaar op 13 februari, omdat op die datum in 1946 United Nations Radio is opgericht, de radiodivisie van de Verenigde Naties.
Ook tijdens de inmiddels een jaar oude corona-epidemie bewees radio wereldwijd onmisbaar te zijn. Zo kan in sommige landen onderwijs via radio doorgang vinden bij schoolsluiting. Het propagereert de basisregels hoe infecties te voorkomen zijn. Maar ook is radio een belangrijk instrument gebleken bij het tegengaan van nepnieuws.
-Lees verder onder de afbeelding-
De vlag Op de vlag die wappert bij Vlagblog staat het logo van World Radio Day In het logo is een microfoon herkenbaar. De kleur geel is willekeurig gekozen door Vlagblog, omdat Unesco de kleur voor zijn World Radio Day geregeld aanpast.
Kenkoku kinen no hi is een nationale feestdag in Japan waarbij de stichting van het keizerrijk wordt herdacht. De elfde februari 660 voor Christus zou de datum zijn waarop de eerste Japanse keizer Jimmu zijn regeringsperiode begon. De dag werd in 1873 als feestdag ingesteld.
Keizer Jimmu (711 v.Chr.-585 v.Chr.), detail uit een houtsnedeprint van Adachi Ginkō (1853-1908 of later) (publiek domein)
Op deze dag worden er veel vlaggen gehesen en er wordt gereflecteerd over de betekenis van het Japanse burgerschap, waarbij men er sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog voor waakt al te nationalistisch te worden.
De vlag
Vlag van Japan (1999-heden), de Nisshōki of Hinomaru
Japan was tot het midden van de 19e eeuw zo geïsoleerd naar de buitenwereld, dat het geen vlag had. Toen het echter zachtjesaan relaties aanknoopte met de buitenwereld werd de tijd hiervoor rijp geacht.
De Japanse vlag begon zijn leven als zeevlag op 5 augustus 1854 en vanaf 27 februari 1870 ook als nationale vlag. Offcieel heet de vlag Nisshōki(Zonnesymbool-vlag), maar officieus is hij beter bekend onder de naam Hinomaru(Zonnecirkel).
Voortgang tijdens de Keizerlijke Inspectie te Ou, Matsushima, ukiyo-e (Japanse houtsnede) uit 1876 door Utagawa Hiroshige III (1842/1843-1894), waarop verschillende Japanse vlaggen te zien zijn (publiek domein)
De vlag is wit met een rode cirkel in het midden. Het wit staat voor zuiverheid en eerlijkheid, terwijl de rode kleur passie, openheid en enthousiasme symboliseert. Een verdere symboolwaarde heeft de rode cirkel ook voor Japan’s bijnaam Land van de rijzende zon.
Links: Vlag van Japan (1870-1999) met een nauwelijks waarneembare andere positie (1%) van de rode cirkel / Rechts: Jyūrokujō-Kyokujitsu-ki , de vlag van de Keizerlijke Marine (officieel de Japanse Maritieme Zelfverdedigingsmacht). Deze vlag werd tot in de Tweede Wereldoorlog ook gebruikt als oorlogsvlag en is in het buitenland omstreden. De huidige versie van deze vlag werd ingevoerd in 1954 en verschilt op nauwelijks waarneembare details van die eerdere marine- en oorlogsvlag, die tussen 1889 en 1945 werd gebruikt.
Minieme wijzigingen in de vlag werden op 13 augustus 1999 doorgevoerd. Het is nauwelijks te zien met het blote oog, maar de rode cirkel staat vanaf die datum precies in het midden; bij de oude versie was de schijf 1% richting de broekings- of mastzijde geplaatst. De rode kleur van de schijf is iets feller geworden en tevens zijn de maten van de vlag aangepast: van 7/10 is dat nu de meer gebruikelijk 2/3.
Twee officiële vlaggen die veel gebruikt worden zijn de Keizerlijke Standaard (links) en de vlag van de premier (rechts)
Het zou zomaar kunnen dat u er nog nooit van gehoord heeft, maar hij bestaat echt: de Europese 112-dag. De dag werd in 2009 ingevoerd om de bekendheid en het ‘passend gebruik’ van het Europese noodnummer te bevorderen.
Het gratis noodnummer bestaat sinds 1991 en is bereikbaar in alle lidstaten van de Europese Unie, vanaf 2008 vanaf alle vaste en mobiele netwerken. De datum van 11 februari is niet toevallig, omdat de datumnotatie 11-2 hetzelfde is als het noodnummer.
In Duitsland werd de bekendheid van het nummer bevorderd door een onwaarschijnlijke ‘cover girl’, Edelgard Huber von Gersdorff. Zij vierde op 7 december 2017 haar 112e (en laatste) verjaardag en op 112-dag 2018 poseerde zij met een Duitstalige versie van het logo.
Duitsland is sowieso een groot bevorderaar van deze dag. Op 112-dag 2014 gaven leerlingen van de muziekscholen uit Leinfelden-Echterdingen, Schönbuch en Stuttgart een uitvoering van het Europese volkslied op het vliegveld van Stuttgart in een 112-opstelling.
Op 112-dag 2018 werd in België Manneken Pis (Brussel) opgetuigd in het rode pak van de European Emergency Number Association (EENA), met een EU-vlag rond z’n nek.
De vlag(gen)
De EU-vlag (1985-heden)
De Europese Unie-vlag is officieel in gebruik sinds 1985, maar het ontwerp, een blauw vlak met twaalf gouden sterren in een cirkel, stamt al uit 1955. Het basis-idee kwam van de Fransman Arsène Heitz (1908-1989) en de Belg Paul Lévy (1910-2002) werkte het verder uit.
De twaalf sterren zijn puur symbolisch en staan dus niet voor het aantal lidstaten van destijds. Het is een getal wat in sommige culturen staat voor eenheid en perfectie. Verder komt het voor in het aantal uren op de klok, het aantal maanden in een jaar, het aantal tekens in de astrologische dierenriem. De sterren staan in een cirkel omdat die specifiek voor eenheid en gelijkheid staat.
Een directe voorloper van de EU-vlag is die van de Europese Beweging, opgericht op 17 juli 1947. In zekere zin is deze beweging dus óók een voorloper van de EU, maar toch ook weer niet helemaal.
De Europese Beweging was eigenlijk radicaler in zijn streven dan de EU (en zijn directe voorgangers) en was -en is!- kort door de bocht gezegd, voor een verregaande integratie. De beweging bestaat nog steeds en heet nu de European Movement International.
De oer-versie van de vlag van de Europese Beweging (links) en de uiteindelijke versie (rechts)
De vlag bestaat uit een grote groene letter E (voor Europa) op een wit veld. Dit ontwerp (waarschijnlijk door Churchill’s schoonzoon Ducan Sandys) was voor het eerst te zien als logo bij het Congres voor Europa in de Ridderzaal in Den Haag in mei 1948, waarbij de grote E te zien was op de schouw van de haard in de Ridderzaal.
Overzicht van de Ridderzaal te Den Haag op 9 mei 1948 tijdens de speech van Winston Churchill, in aanwezigheid van Kroonprinses Juliana en Prins Bernhard en een giga-E op de schouw (screenshot)
Later dat jaar bij een vervolgvergadering in Straatsburg was de E weer present, maar nu in groen (voor hoop). Als vlag wapperde hij voor het eerst 1949 in Londen bij de European Economic Congress. Sommigen zagen niets in het idee van de beweging en noemden de vlag ‘Churchill’s onderbroek’. Churchill was namelijk een groot voorstander.
De E-vlag werd uiteindelijk niet als symbool gekozen door de EEG/EG/EU. De vlag bleef echter wel bestaan, zij het enigszins ‘slapend’.
Hij werd niet vaak gezien, maar af en toe dook hij toch weer op, zoals in juni 1985, toen in Milaan meer dan 100.000 mensen demonstreerden om hun steun te betuigen voor het Spinelli-verdrag (een poging om tot een Europese Federatie te komen; het verdrag haalde het niet).
De 10e februari is een Maltese feestdag en herinnert aan de schipbreuk van de apostel Paulus (ca. 3 na Chr.-ca 64 na Chr.).
Paulus was een vroeg-christelijk kerkleider. In het jaar 57 werd hij in Jeruzalem gearresteerd na beschuldigingen dat hij heidenen in de Tempel had toegelaten.
Hij werd gevangengezet in de havenstad Caesarea (vlakbij het tegenwoordige Haifa) en eind 59 werd hij met enkele andere gevangenen op een Romeins schip gezet om in Rome berecht te worden.
Het schip kwam echter in een storm terecht voor de kust van Malta en leed schipbreuk. De eilanders vingen de drenkelingen gastvrij op.
Paulus dankt God na de schipbreuk
Grote verbazing onder de Maltezers toen Paulus, terwijl hij een vuur maakte, door een giftige slang in zijn hand werd gebeten, maar hij daar totaal geen last van ondervond.
Schilderij van Cornelis Troost (1696-1750): Paulus wordt gebeten door de slang
Reputatie als een heelmeester kreeg hij kort daarna, toen hij de ernstig zieke vader van de Maltese gouverneur Publius door handoplegging genas. Ook andere zieken werden door hem op deze manier genezen.
Drie maanden later, als de winter voorbij is, wordt de reis in 60 voortgezet, waarna Rome wordt bereikt. Om het verhaal af te maken: Paulus verbleef er nog een paar jaar onder huisarrest, totdat hij bij zijn proces schuldig werd bevonden en werd onthoofd.
De vlag
Vlag Malta 1964-heden
Voor de onafhankelijkheid in 1964 was Malta een Britse Kroonkolonie en had het een hele trits aan vlaggen, waarbij de eerste een Britse red ensign is met een St. George’s Cross en de vier overige blue ensigns zijn met verschillende badges in het uitwaaiende gedeelte, hoewel twee ervan alleen op details verschillen.
De Maltese kroonkolonie-vlaggenparade, van links naar rechts: vlag tot 1875, 1875-1898, 1898-1923, 1923-1943, 1943-1964
De huidige vlag van Malta is ingevoerd op bij de onafhankelijkheid op 21 september 1964. Het is een verticale tweekleur, wit aan de broekingszijde, rood aan de vlucht. In de bovenhoek van de broekingszijde is het George Cross afgebeeld.
De kleuren wit en rood gaan ruim negen eeuwen terug: het zijn de kleuren van de Normandische graaf Roger de Hauteville, die in 1090 het eiland bezette. Hij is beter bekend als Roger I van Sicilië (van 1071 tot 1101 was hij grootgraaf van Sicilië).
Het George Cross (Sint Joriskruis) werd Malta door koning George VI verleend op 15 april 1942. Het is de hoogste Britse niet-militaire onderscheiding. Het was bedoeld als huldeblijk aan de bevolking voor de betoonde moed tijdens Duitse en Italiaanse luchtaanvallen.
De onderscheiding werd ingesteld door koning George VI op 24 september 1940 en wordt maar zelden verleend. Het kruis is zilverkleurig, met armen van gelijke lengte. In een cirkel middenin het kruis is de beeltenis van Sint Joris te zien terwijl hij de draak verslaat. Het randschrift rond de afbeelding luidt: For gallantry (Voor dapperheid).
Prešeren-dag is een officiële feestdag in Slovenië. Het herdenkt de sterfdag in 1849 van de bekendste dichter van het land: France Prešeren. Hij werd in 1800 geboren in Vrba, in de historische streek Krain, toen onderdeel van het Oostenrijks-Habsburgse Rijk, nu gelegen in het noorden van de republiek Slovenië.
Links: France Prešeren, schilderij door Franz Kurz zum Thurn und Goldenstein (1807-1878) rond 1850 (publiek domein) / Rechts: Sloveense 2-euromunt uit 2007 met het portret van France Prešeren
Prešeren wordt gezien als de vader van de Sloveense literatuur, en hij was een grote inspiratie voor auteurs die na hem kwamen. Zijn romantische gedichten worden omschreven als emotioneel, maar nooit sentimenteel.
Julija Primic, schilderij door Matej Langus (1792-1855), rond 1850
Zijn leven was grotendeels ongelukkig en ongetwijfeld daarom een bron van inspiratie. Zijn grote liefde, Julija Primic, trouwde met een ander in 1835.
Ana Jelovsek, ongedateerde foto
Hij zocht daarna troost bij Ana Jelovšek, een dienstmeisje, hij kreeg met haar drie kinderen, maar trouwde nooit. Daarnaast had hij relaties met allerlei andere vrouwen. Dit alles leidde tot een drankprobleem en hij overleed uiteindelijk dan ook aan een leverziekte, 48 jaar oud.
De 7e februari als nationale dag bestaat sinds 1945 op voorstel van Bogomil Gerlanc, de cultureel medewerker van het Sloveens Bevrijdingsfront, aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. De dag was niet alleen bedoeld om Prešeren te herdenken en te eren, maar het werd breder getrokken: het moest een echte cultuurdag worden en het zelfvertrouwen van de Slovenen bevorderen. Ook als deelrepubliek van Joegoslavië na de oorlog bleef het een officiële feestdag, het was echter pas in 1991, het jaar van onafhankelijkheid, dat het een vrije dag voor iedereen werd.
Affiche voor Prešernov dan (Prešeren-dag)
Dit laatste werd door velen dan weer als een banalisering van de gedachte achter de dag gezien, waardoor ook de geboortedag van Prešeren, 3 december, als alternatieve culturele dag breed wordt gevierd. Alleen de 8e februari echter is wettelijk vastgelegd.
De vlag
Vlag Slovenië (1991-heden)
De vlag van Slovenië is er een uit de zgn. pan-slavische vlaggenfamilie, met als oorsprong de Nederlandse vlag. Toen tsaar Peter de Grote zijn licht opstak in de Nederlanden in 1697, kwam hij danig onder de indruk van de Nederlandse scheepsbouw en de organisatie van de marine. Terug in Rusland introduceerde hij een handelsvlag gebaseerd op de Nederlandse driekleur: wit-blauw-rood (nu de nationale vlag). Dit op zijn beurt beïnvloedde weer andere landen dezelfde driekleur te gebruiken en die enigszins aan te passen. We zien de kleuren terug in de huidige vlaggen van Servië, Slovenië en Slowakije.
Slovenië tot 1945
Het eerste gebruik van de pan-slavische kleuren in het gebied wat we nu kennen als Slovenië was bij de directe voorloper van het land, de regio Krain. Deze vlag was een horizontale driekleur van wit-blauw-rood (net als die van Rusland dus). Overigens werden deze kleuren al op wapenschilden vóór de 19e eeuw in deze regio gebruikt, dus historisch gezien klopte het helemaal!
Sloveense verzetsvlag 1941-1945
In de Tweede Wereldoorlog werd er door het verzet (de partizanen) een vijfpuntige rode ster op de blauwe baan gezet.
Slovenië als deelrepubliek van Joegoslavië 1945-1991
Vanaf 1945, als onderdeel van de Socialistische Federale Republiek Joegoslavië werd de ster gehandhaafd, maar groter en geel omrand.
Slovenië 1991-heden
Met de onafhankelijkheid in 1991 kwam er ook een vlagwijziging. Het nieuwe staatswapen, een ontwerp van beeldhouwer Marko Pogačnik, werd op de witte en blauwe baan geplaatst, dicht bij de broekingszijde.
Wapen Slovenië (ontwerp: Marko Pogacnik)
Het wapen heeft de vorm van een schild met een blauw veld met een rood kader aan de zijkanten, met daarop in wit een gestileerde afbeelding van de hoogste berg in Slovenië, de Triglav (2863 m).
Aan de basis van de berg zijn twee golvende blauwe lijnen te zien, zij staan voor zowel de Adriatische Zee als de rivieren. Boven de berg zijn drie zeskantige gele sterren geplaatst in een driehoek met de punt naar beneden. Deze sterren zijn afkomstig van het Middeleeuwse wapen van de graven van Celje, historisch gezien de belangrijkste adelsfamilie uit de streek.
Wapen van de graven van Celje
De vlag werd ingevoerd op 25 juni 1991.
In 2003 kwam er een beweging op gang die de vlag graag veranderd wilde zien vanwege het feit dat hij teveel op die van Rusland en Slowakije lijkt. In 2004 konden mensen ontwerpen insturen, waarbij een ontwerp met 11 strepen won. Het gebruikt opnieuw dezelfde kleuren en ook de Triglav komt er weer in terug.
Slovenië – ontwerp voor een nieuwe vlag (2004)
Er is echter nog steeds geen besluit tot verandering genomen door het Sloveense parlement en het lijkt tot nu toe op de lange baan geschoven te zijn.
Twee weken na het binnenlopen van de First fleet op 26 januari 1788 en de feitelijke stichting van Sydney (Australië) door gouverneur Arthur Phillip, werd op 7 februari de officiële proclamatie hiervan wereldkundig gemaakt en daarmee is het dus zo’n beetje de verjaardag van de stad. De 233e vandaag.
Thomas Townshend, 1st Viscount Sydney (portret toegeschreven aan Gilbert Stuart, ± 1785)
De stad is vernoemd naar Thomas Townshend, 1st Viscount (burggraaf) Sydney (1733-1800). Hij was als Engels politicus (onderminister van Buitenlandse Zaken) verantwoordelijk voor het aanstellen van Arthur Phillip als gouverneur.
Zijn titel als burggraaf Sydney werd hem verleend op 6 maart 1783. De titel was tot dan toe tweemaal uitgestorven, bij gebrek aan erfgenamen. De eerste keer dat de naam Sydney in de adelstand werd verheven was bij Robert Sydney als baron in 1603, en hij is dan ook de naamgever van de adellijke titel.
(De titel stierf overigens defintief uit bij de dood in 1890 van de kleinzoon van Thomas Townshend, John Robert Townshend, 3rd Viscount Sydney, omdat hij geen nakomelingen had. De titel is daarna niet opnieuw in het leven geroepen).
De vlag
Vlag van Sydney (1908-heden)
De vlag van Sydney is in basis een horizontale driekleur, waarbij de bovenste baan geheel in beslag wordt genomen door twee wapens en één mini-vlag. De middelste baan is geel (of goud) en de onderste baan blauw. Een volledig getuigde driemaster vaart over de onderste banen van de vlucht naar de broeking.
Het wapen aan de broekingszijde is dat van Thomas Townshend, 1st Viscount Sydney, naar wie de stad vernoemd is.
In het midden is de vlag van Engeland afgebeeld (het zogenaamde St. George’s Cross), dit als eerbetoon aan Arthur Phillip.
Arthur Phillip (portret door Francis Wheatley, 1766)
Twee symbolen uit het wapen van kapitein James Cook zijn hieraan toegevoegd: een globe en twee sterren, als postuum eerbewijs voor het ‘ontdekken’ van Australië. Het wapen in de vluchtzijde tenslotte is dat van de eerste Lord Mayor van Sydney, Thomas Hughes.