Eenentwintig mensen zijn gedood en zeker 48 anderen raakten gewond bij een zware Russisch luchtaanval op Kiev afgelopen nacht.
Rookwolken boven Kiev na Russische raketinslagen afgelopen nacht (screenshot)
Timoer Tkatsjenko, hoofd van het militaire bestuur van Kiev, zei dat er meer dan twintig locaties waren getroffen in verschillende districten in de hoofdstad, en minister van Binnenlandse Zaken Ihor Klymenko zei op Telegram dat er twee kinderen onder de doden waren (uiteindelijk bleken dat er vier te zijn). Oekraïense troepen meldden dat Rusland bijna 600 drones en meer dan 30 ballistische raketten en kruisraketten had afgevuurd, de grootste aanval op de hoofdstad deze maand.
Reddingswerkers in Kiev bij het krieken van de dag op een plek van zwaar beschadigde gebouwen (screenshot)
Het Kremlin heeft gekozen voor “ballistiek in plaats van de onderhandelingstafel”, aldus president Zelensky, die de noodzaak van “nieuwe, strenge sancties” tegen Rusland benadrukte.
Russische troepen in Dnjepropetrovsk-oblast
Oekraïne heeft bevestigd dat het Russische leger de oostelijke industriële oblast Dnjepropetrovsk is binnengetrokken en daar probeert vaste voet aan de grond te krijgen. Viktor Trehubov van de Operationeel-Strategische Groep van Troepen van Dnjepropetrovsk liet weten dat het de eerste aanval van een dergelijke omvang was in de oblast, hoewel hij wel gezegd wilde hebben dat de opmars inmiddels was gestopt.
Begin juni meldden Russische functionarissen dat er een offensief was begonnen in Dnjepropetrovsk, hoewel de laatste Oekraïense berichten suggereren dat ze de regionale grens nauwelijks hebben overschreden, het zou slechts om twee dorpen gaan: Zaporizke en Novohryhorivka. De generale staf van de Oekraïense strijdkrachten ontkent de inname van de twee dorpen echter. Het leger “blijft Zaporizke controleren”, aldus een verklaring, en “er vinden ook actieve vijandelijkheden plaats in het gebied rond het dorp Novohryhorivka”.
Een Russische opmars naar Dnjepropetrovsk zou een klap betekenen voor het Oekraïense moreel, aangezien een door de V.S. geleide diplomatieke poging om de oorlog te beëindigen tot nu toe niets heeft opgeleverd.
In tegenstelling tot de oostelijke regio’s van Oekraïne, heeft Moskou Dnjepropetrovsk niet opgeëist, maar wel de grote steden aangevallen, waaronder de hoofdstad Dnipro. In de nacht van dinsdag op woensdag was er ook een aanval op de energiesector in de oblast Poltava, ten noordwesten van Dnjepropetrovsk. Volgens het ministerie van Energie is er bij de aanval aanzienlijke schade aan energie-infrastructuur aangericht en viel de stroom uit bij meer dan 100.000 huishoudens.
Aanval op Cherson
Bij een aanval op de havenstad Cherson gisterochtend vroeg, viel één dode en raakten er drie mensen gewond. De artillerie-aanval was gericht op een bij het centrum gelegen woonwijk. Het dodelijke slachtoffer was een 81-jarige vrouw, de drie gewonden belandden in het ziekenhuis.
Beeld gedeeld door het Openbaar Ministerie van de oblast Cherson, dat de schade en brand toont in Cherson
Moskou is van mening dat de gesprekken tussen Rusland en de Verenigde Staten over veiligheidsgaranties voor Oekraïne achter gesloten deuren moeten plaatsvinden, zo liet Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov gistermiddag weten. Peskov zei dat de kwestie van veiligheidsgaranties een van de belangrijkste aspecten is voor het “oplossen” van de oorlog in Oekraïne, maar dat een publieke discussie hierover naar zijn mening schadelijk is voor het behalen van resultaten.
Dimitri Peskov tijdens zijn verklaring van gistermiddag (screenshot)
“Dit is ongetwijfeld een van de belangrijkste kwesties in het kader van de pogingen om een oplossing te vinden. Het staat onvermijdelijk op de agenda van de lopende gesprekken. Maar we willen deze kwestie niet in het openbaar bespreken. We achten het niet bevorderlijk voor de algehele effectiviteit”, aldus Peskov. Hij prees ook de Amerikaanse president Trump voor zijn bemiddelingspogingen en merkte op dat de hoofden van de Russische en Oekraïense onderhandelingsteams “contact blijven houden”, hoewel er nog geen nieuwe data zijn vastgesteld voor een volgende gespreksronde.
Explosie pijpleiding Rjazan- Moskou
De belangrijke oliepijpleiding van Rjazan naar Moskou in de gelijknamige oblast, ten zuidoosten van Moskou, werd dinsdag getroffen door een krachtige explosie, waardoor het transport van aardolieproducten naar Moskou werd verstoord. Na een luide explosie in een deel van de leiding brak er een grote brand uit. Binnen een paar uur waren hulpdiensten ter plaatse. Omwonenden meldden dat er in het gebied bij het dorp Bozhatkovo politie en reparatieteams waren gearriveerd, die proberen de brand te blussen.
Beeld van de explosie bij het dorp Bozhatkovo in de oblast Rjazan (screenshot)
Sinds 2018 wordt deze hoofdleiding gebruikt voor de levering van benzine door Transneft, een leverancier van de Russische strijdkrachten. Volgens de Oekraïense Defence Intelligence of Ukraine (DIU) is als gevolg van het incident het transport van aardolieproducten naar Moskou voor onbepaalde tijd verstoord
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Op 27 augustus 1991 verklaarde Moldavië zich onafhankelijk. Tot die tijd was het een onderdeel van de Sovjet-Unie, maar in de nasleep van de glasnost en perestroika van Sovjetleider Michail Gorbatsjov uit 1985/1986, ontwaakte bij verschillende westelijke en zuidelijke sovjetstaten de drang naar onafhankelijkheid.
Na die 27e augustus sloot Moldavië zich op 21 december van hetzelfde jaar aan bij de andere voormalige sovjetstaten, waaronder Rusland, om het Gemenebest van Onafhankelijke Staten te vormen.
Vier dagen later, op 25 december 1991, hield de Sovjet-Unie daarmee officieel op te bestaan. Op 2 maart 1992 werd Moldavië als lid toegelaten tot de Verenigde Naties.
Maia Sandu (1972), sinds 24 december 2020 president van Moldavië, hier op bezoek bij haar ‘buurman’ en collega Volodomyr Zelensky van Oekraïne, 27 juni 2022 (publiek domein)
De 27e augustus is een vrije dag in Moldavië, met diverse festiviteiten, waaronder een concert op het Nationale Plein in de hoofdstad Chișinău en een toespraak door president Maia Sandu.
De vlag van Moldavië, ingevoerd op 12 mei 1990, heeft dezelfde kleuren als die van buurland Roemenië. De landen hebben een deels gezamenlijk verleden en de kleurkeuze is dan ook niet toevallig: drie verticale banen in de kleuren blauw, geel en rood.
Vlag van Roemenië
Officieel is de kleur blauw op de Roemeense vlag ultramarijn, die op de Moldavische vlag saffierblauw, maar in de praktijk zal dat niet snel te zien zijn. Officieel gebruikt is er ook verschil tussen de ratios van de twee vlaggen: de Roemeense heeft een hoogte-lengte-verhouding van 2:3, die van Moldavië is 1:2.
Het grote verschil zit ‘m in het staatswapen wat Moldavië in het midden van de gele baan heeft geplaatst en wat bij Roemenië ontbreekt. Overigens lijken de staatswapens van de twee landen ook op elkaar. Het Moldavische wapen toont een gouden adelaar met zijn kop naar de broekingszijde en een kruis in de snavel. In zijn klauwen zijn een olijftak (vrede) en een scepter (soevereiniteit) te zien. De vrijwel identieke Roemeense adelaar heeft in plaats van de olijftak een zwaard in één van zijn klauwen.
Wapens van Moldavië (links) en Roemenië (rechts)
Een wapenschild is op de borst van de adelaar geplaatst en horizontaal gedeeld in rood en blauw. Hier overheen is de gouden kop van een os geplaatst, met tussen zijn hoorns een gouden, achtkantige ster. In de linkeronderhoek van het blauwe vak een gouden roos (geluk) en rechtsonder een maansikkel. Het Roemeense wapenschild toont dezelfde voorstelling, maar daar is het een onderdeel van een in vijven gedeeld heraldisch geheel.
In het Sovjet-tijdperk had Moldavië een vlag uit de ‘hamer en sikkel’-serie, een horizontale driekleur van rood-groen-rood, waarbij de beide rode banen iets breder waren dan de groene. De gouden hamer en sikkel in de bovenste rode baan, bij de broeking.
Vlag van de Moldavische Sovjetrepubliek (1952-1990)
Affiche voor de 200e Onafhankelijkheidsdag (publiek domein)
Hoewel Uruguay pas in 1828 werkelijk vrij en onafhankelijk was, is de officiële onafhankelijkheidsdag 25 augustus 1825, vandaag precies 200 jaar geleden.
Gebied van de Banda Oriental (publiek domein)
Voor die tijd was het onderdeel van Spaans Amerika onder de naam Banda Oriental en vormde het samen met het tegenwoordige Argentinië en een stukje Bolivia de zogenaamde Provincias Unidas del Río de la Plata (de Verenigde Provincies van de Río de la Plata).
In 1816 probeerde Portugal vanuit zijn kolonie Brazilië de Banda Oriental te veroveren. Dat bleek uiteindelijk succesvol in 1817, toen Montevideo werd ingenomen. Toen Brazilië in 1822 zelf onafhankelijk werd van Portugal, was Uruguay ineens onderdeel van het keizerrijk Brazilië.
Links: Vlag van de Treinta y Tres Orientales (“Vrijheid of Dood”) / Rechts: Juan Antonio Lavalleja (1784-1853), afbeelding door Ino Fanzo uit 1874(publiek domein)
Een revolutionaire groepering onder de naam Treinta y Tres Orientales, die onder leiding stond van Juan Antonio Lavalleja, riep de onafhankelijkheid uit op 25 augustus 1825. Hierna brak er een gewapende strijd van drie jaar uit, de Guerra del Brasil, die uitmondde in het Bestand van Montevideo (in het Spaans: Convención Preliminar de Paz) van 27 augustus 1828. En daarmee was Uruguay definitief zelfstandig.
De vlag is in gebruik sinds 16 december 1828 en telde toen negen blauwe banen (voor de negen departementen). Sinds 11 juli 1830 telt de vlag nog maar vier blauwe banen, maar als we de vijf witte banen meetellen, komen we toch weer op de symbolische negen.
Links: vlag van Argentinië / Rechts: vlag van Uruguay (1818-1830)
De Argentijnse vlag diende als voorbeeld voor de Uruguyaanse, met de afbeelding van de ‘mei-zon’ (el Sol de Mayo), die in Argentinië herinnert aan het begin van hun vrijheidsoorlog op 25 mei 1810.
Uruguay heeft geen aparte vlag voor zijn president, wel is er een presidentiële sjerp met de blauwwitte strepen van de vlag en daaroverheen het staatswapen
De huidige president van Uruguay, Yamandú Orsi (1967), die op 1 maart dit jaar werd geïnstalleerd, op dit officiële portret zien we hem met de presidentiële sjerp met staatswapen (foto gedeeld door de president op X)
Op zee is dat een ander verhaal: opvallend genoeg voert de president wel een aparte vlag als hij of zij in functie aan boord van een schip is.
De maritieme vlag van de president van Uruguay
Hierboven zien we die vlag. Ze is wit met vier blauwe ankers, in elke hoek één. In het midden het staatswapen van Uruguay. Het wapen werd aangenomen op 19 maart 1829 en aangepast in 1906. Het bestaat uit een in vieren gedeeld ovalen schild, omkranst door een lauriertak links (symbool voor eer) en een olijftak rechts (symbool voor vrede) en wordt bekroond door een opkomende ‘mei-zon’ (Sol de Mayo), het nationale symbool.
In Kwartier I (linksboven) zien we een gouden (of gele) weegschaal op een blauw veld, symbool voor gelijkheid en rechtvaardigheid. In Kwartier II (rechtsboven) zien we de Cerro de Montevideo (de Heuvel van Montevideo), de heuvel in groen, het fort er bovenop in zilver, met onder de heuvel vijf blauwe golvende banen, dit alles tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor kracht. In Kwartier III (linksonder) een zwart paard tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor vrijheid. In Kwartier IV (rechtsonder) tot slot, zien we een gouden (of gele) os tegen een blauwe achtergrond, symbool voor overvloed.
Marine
Marinevlag van Uruguay (1998-heden)
En nu we toch op zee zijn: Uruguay voert ook een aparte marinevlag en die zien we hierboven, ze vervangt een eerder model en werd in 1998 ingevoerd. Het ontwerp is gebaseerd op de historische marinevlag van 1817. De vlag is wit met een breed andreaskruis in blauw, in het midden een gestileerde versie van de Sol de Mayo, die dus afwijkt van de zon op de nationale vlag.
Op deze foto uit 2018 zien we de Uruguayaanse marinevlag achter toenmalig opperbevelhebber admiraal Carlos Abilleira (foto: defensa.com/uruguay)
De 34e verjaardag van Oekraïne als soevereine en onafhankelijke staat valt min of meer samen met 3½ jaar oorlog met Rusland, het land dat op 20 januari 2022 zijn buurland binnenviel met als doel die soevereiniteit ongedaan te maken en Oekraïne de facto in te lijven bij de Russische Federatie. Dit alles onder het mom dat de democratisch gekozen leden van de regering een bende fascisten waren en het tijd was voor een door Rusland goedgekeurde (marionetten)regering, middels een “speciale militaire operatie”, zoals de bloedige oorlog nog steeds eufemistisch wordt genoemd door het Kremlin.
Affiche voor Onafhankelijkheidsdag, de tekst “З Днем Незалежності України!” betekent zoveel als “prettige Oekraïense Onafhankelijkheidsdag” (publiek domein)
Daar vanwege de oorlogssituatie er in Oekraïne een staat van beleg heerst, worden de officiële feestdagen, zoals Vlagdag (gisteren) en Onafhankelijkheidsdag (vandaag) niet uitgebreid gevierd.
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Een opvallend incident deed zich voor op 5 mei 2023 tijdens het Congres van Economische Samenwerking in de Zwarte Zee in Ankara, Turkije. Een lid van de Russische delegatie was kennelijk niet gediend van het tonen van de Oekraïense vlag met het staatswapen (terwijl Oekraïne toch echt aan de Zwarte Zee ligt).
De man loopt op de vlag af en rukt hem uit de handen van het Oekraïense delegatielid en loopt er vervolgens mee weg.
Het Oekraïense delegatielid lijkt een fractie van een seconde verbouwereerd en gaat dan razendsnel achter de Rus aan.
Hij haalt hem in en er ontstaat een worsteling waarbij beide heren aan de vlag trekken.
De Rus delft hierbij het onderspit.
Beveiliging snelt toe en de Rus laat de vlag los.
De Oekraïner wil nog achter de Rus aangaan (op de screenshots hierboven inmiddels buiten beeld), maar hij wordt door de beveiliging (“No fighting!”) tot kalmte gemaand.
Vandaag is het 79 jaar geleden dat de deelstaat Noordrijn-Westfalen ontstond. Na de Tweede Wereldoorlog stond dit gebied onder Brits militair gezag, dat oorspronkelijk bestond uit de Pruisische provincies Westfalen en (Noord)-Rijnland.
Kaart van het Pruisische Westfalen van omstreeks 1900, ook de Vrijstaat Lippe zien we afgebeeld (publiek domein)
Met Verordnung Nr. 46 – „Auflösung der Provinzen des ehemaligen Landes Preußen in der Britischen Zone und ihre Neubildung als selbständige Länder”, weden de twee landsdelen samengevoegd.
Verordnung Nr. 46 werd van kracht op 23 augustus 1946 (publiek domein)
Zijn definitieve vorm kreeg de deelstaat op 21 januari 1947 toen de kleine, voormalige Vrijstaat Lippe aan het gebied werd toegevoegd. De Britten hadden Lippe voor de keus gesteld: òfwel aansluiting bij Nedersaksen òf Noordrijn-Westfalen.
Voorloper van Noord-Rijnland: de provincie Rijnland, circa 1900 (publiek domein)
De deelstaat is qua grootte de vierde van Duitsland, is iets kleiner dan Nederland en net iets groter dan België. Het inwoneraantal van 18,2 miljoen is net iets groter dan dat van Nederland. Het belangrijkste economische centrum van Duitsland, het Roergebied, met vijf miljoen inwoners ligt in deze deelstaat.
De. vlag van Noordrijn-Westfalen is een horizontale driekleur van groen-wit-rood met in het midden het gecombineerde wapen van de oorspronkelijke drie landsdelen. De vlag komt als Landesflagge ook voor zonder wapen, de versie mét wapen is de zogenaamde Landesdienstflagge.
Links: Vlag van (Noord)-Rijnland (de Rijnprovincie) (1822-1946) / Rechts: Vlag van Westfalen (1815-1946)
De vlag is een combinatie van de vlaggen van (Noord)-Rijnland (ook wel de Rijnprovincie genoemd), een horizontale tweekleur in groen en wit en Westfalen, een horizontale tweekleur in wit en rood. Hoewel de vlag al sinds 1948 in gebruik was, werd de vlag pas op 10 maart 1953 officieel aangenomen.
Vlag van de Vrijstaat Lippe (1880-1947)
De kleuren van de voormalige vlag van Vrijstaat Lippe speelden bij de vlag van Noordrijn-Westfalen formeel geen rol, alhoewel de kleur rood bij beide vlaggen voorkomt.
Het wapen
Het wapen van Noordrijn-Westfalen is net als de vlag een combinatie van de landsdelen, inclusief Lippe. Het werd in 1947 ontworpen door Wolfgang Pagenstecher.
Wapen van Noordrijn-Westfalen (1947/1948/1953-heden)
Het wapen werd op 5 februari 1948 ingevoerd en op 10 maart 1953 (net als de vlag) in de grondwet verankerd.
(Noord)-Rijnland (de Rijnprovincie)
Links (heraldisch rechts) zien we het wapen van (Noord)-Rijnland (de Rijnprovincie): op een groen veld zien we golvende schuinbalk (symbool voor de Rijn) in wit (of zilver). Oorspronkelijk was de Rijn afgebeeld in zijn stroomrichting (van zuidoost naar noordwest), maar voor het combinatiewapen werd dit om esthetische redenen omgedraaid (zodat de Rijn nu de verkeerde kant op stroomt!). Tot 1926 was het wapen als gekroond hartschild over de gekroonde Pruisische adelaar met scepter en rijksappel geplaatst. In 1926 werd het wapen gemoderniseerd door Wolfgang Pagenstecher (die 21 jaar later dus het wapen van Noordrijn-Westfalen zou ontwerpen), waarbij de adelaar zijn kroon, scepter en rijksappel verloor en bovenin het wapenschild werd geplaatst.
Links: Wapen van (Noord)-Rijnland (de Rijnprovincie) (1817/1835-1926)/ Rechts: Wapen van (Noord)-Rijnland (de Rijnprovincie) (1926-1947)
Westfalen
Rechts (heraldisch links) zien we het wapen van Westfalen: op een rood veld het zogenaamde Saksenros of Westfaalse paard met opgeheven staart.
Het wapen van Westfalen
Het is al een oud symbool en werd al gebruikt toen het gebied dat we nu Westfalen noemen onderdeel was van het middeleeuwse hertogdom Saksen, dat toen en groot deel van het huidige Noord-Duitsland besloeg. Het paard vindt zijn oorsprong hoogstwaarschijnlijk in het ros waar Wittekind (743-807), de laatste leider der Saksen, op reed. Deze reed ooit op een zwart paard, maar na zijn bekering zou hij gebruik hebben gemaakt van een wit paard.
Vlag van het Koninkrijk Hannover waarop het wapen met het witte paard (1837-1866)
Het witte paard komt ook voor op de wapens van verschillende gebieden die ooit onderdeel waren van dit Saksen van lang geleden. Een groot deel van deze regio was in de 19e eeuw onderdeel van het koninkrijk Hannover (waar de Britse koninklijke familie uit afkomstig is) en dit land voerde ook een rood schild met een wit paard. De Vrijstaat Brunswijk (1922-1946) gebruikte eveneens het witte paard op een rood schild. De huidige deelstaat Nedersaksen gebruikt dit wapen nog steeds en het staat daar ook op de vlag afgebeeld.
Vlag van Nedersaksen (1951-heden)
Daarnaast zien we ook witte paarden op de vlaggen het Britse graafschap Kent en van de Nederlandse regio Twente (hoewel dit historisch waarschijnlijk niet klopt).
Links: Vlag van het Britse graafschaap Kent (1605-heden) / Rechts: Vlag van de Nederlandse regio Twente (1981-heden)
Lippe
In de zogenaamde “insteek” onderin het wapen zien we het symbool van Lippe, dat door het Huis van Lippe zeker tot 1222 terug gaat, een rode roos met vijf bloembladen op een witte achtergrond.
Wapen van Lippe
Na de troonsafstand in 1918 van de laatste regerende vorst van Lippe, Leopold IV, werd het vorstendom een vrijstaat. Ook als vrijstaat behield Lippe het wapen met de roos totdat het in 1947 opging in Noordrijn-Westfalen, waarna het symbool een plekje op het gecombineerde wapen kreeg.
Persoonlijke standaard (verleend in 1937) van prins Bernhard van Lippe-Biesterfekd (1911-2004), waarin we naast de Nederlandse leeuw ook de roos van Lippe kunnen herkennen
Ook prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld, de grootvader van koning Willem-Alexander, voerde als telg uit het vorstengeslacht Lippe, de roos in zijn wapen en op zijn persoonlijke standaard.
Vandaag is dé vlagdag van Oekraïne, de vierde sinds drieënhalf jaar geleden Rusland Oekraïne binnenviel en daarmee een oorlog ontketende. In de Sovjet-tijd was de Vlagdag 24 juli en werd alleen gevierd in de hoofdstad Kiev. In de aanloop naar de onafhankelijkheid werd op Vlagdag 1990 voor het eerst de blauwgele vlag boven het stadhuis van Kiev gehesen.
Later dat jaar, op 18 september 1991 kreeg de vlag officiële goedkeuring van het presidium. De onafhankelijkheid volgde op 26 december 1991. Kort daarna, op 28 januari 1992 werd het vlagvoorstel door het parlement aangenomen.
De eerste jaren hield men de ‘oude’ datum van 24 juli aan voor de Vlagdag, maar in 2004 werd dit verschoven naar 23 augustus, één dag voor Onafhankelijkheidsdag. Het sloot mooi aan en bovendien hebben de meeste Oekraïners in deze periode vakantie en is het nu een nationale feestdag. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Daar vanwege de oorlogssituatie er in Oekraïne een staat van beleg heerst, worden de officiële feestdagen, zoals Vlagdag en Onafhankelijkheidsdag (morgen) niet gevierd. Maar zonder enige twijfel zullen er vandaag in Oekraïne even goed heel veel nationale vlaggen worden uitgestoken, staat van beleg of niet.
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Nóg een groot exemplaar van de nationale vlag (foto: Angelina Shostak, Facebook)
Symbool
Sinds het begin van de Oekraïense oorlog op 20 februari 2022, is de nationale vlag een symbool van hoop en verzet geworden.
Een opvallend incident deed zich voor op 5 mei 2023 tijdens het Congres van Economische Samenwerking in de Zwarte Zee in Ankara, Turkije. Een lid van de Russische delegatie was kennelijk niet gediend van het tonen van de Oekraïense vlag met het staatswapen (terwijl Oekraïne toch echt aan de Zwarte Zee ligt).
De man loopt op de vlag af en rukt hem uit de handen van het Oekraïense delegatielid en loopt er vervolgens mee weg.
Het Oekraïense delegatielid lijkt een fractie van een seconde verbouwereerd en gaat dan razendsnel achter de Rus aan.
Hij haalt hem in en er ontstaat een worsteling waarbij beide heren aan de vlag trekken.
De Rus delft hierbij het onderspit.
Beveiliging snelt toe en de Rus laat de vlag los.
De Oekraïner wil nog achter de Rus aangaan (op de screenshots hierboven inmiddels buiten beeld), maar hij wordt door de beveiliging (“No fighting!”) tot kalmte gemaand.
Lag bij het blogbericht van vorige week de ontmoeting tussen de presidenten Trump en Poetin nog in het verschiet, nu een week later ligt niet alleen dat treffen al achter ons, maar ook de in aller haast ingeplande bezoeken van de Oekraïense president Zelensky met een zware Europese delegatie aan president Trump in het Witte Huis.
Achorage
Wat de presidenten Trump en Putin in Anchorage, Alaska afspraken bleef enige tijd onduidelijk, wel leek de sfeer tussen de leiders goed en viel het op met hoeveel égards de Russische president ontvangen werd. Waren de verwachtingen vooraf hooggespannen of er een staakt-het-vuren uit het gesprek zou rollen, na afloop bleek daarover niets bereikt te zijn.
Ingang van de militaire basis Elmendorf-Richardson in Anchorage, Alaska, waar de ontmoeting tussen Trump en Poetin plaatsvond (publiek domein)
Steve Witkoff, de speciale gezant van Trump, zei dat Rusland ermee had ingestemd dat de V.S. en Europa Oekraïne “robuuste” veiligheidsgaranties zouden kunnen geven als onderdeel van een mogelijke vredesovereenkomst. Aan CNN liet hij weten dat tijdens de top in Alaska was overeengekomen dat de V.S. en Europa “effectief een Artikel 5-achtige formulering zouden kunnen aanbieden om een veiligheidsgarantie te creëren”, verwijzend naar het NAVO-principe dat een aanval op één lid als een aanval op alle lidstaten beschouwd wordt.
CNN-presentator Jake Tapper (links) voelde speciaal gezant Steve Witkoff aan de tand in “State of the Union” (screenshot)
Poetin verzet zich tegen de toetreding van Oekraïne tot de NAVO, en Witkoff zei dat de regeling een alternatief zou kunnen zijn als de Oekraïners “ermee kunnen leven”. De Oekraïense president Zelensky noemde het aanbod van de V.S. voor een veiligheidsgarantie “historisch” in de aanloop naar de gesprekken met Trump en Europese leiders op maandag in Washington.
President Zelensky bij zijn aankomst voor het Witte Huis (screenshot)
Washington
Zo keerde president Zelensky maandag terug naar het Witte Huis (waar het in februari tijdens het persgesprek uitdraaide op een ruzieachtige woordenwisseling tussen hem, Trump en vice-president Vance) om de Amerikaanse president te ontmoeten voor nieuwe gesprekken om de oorlog in Oekraïne te beëindigen.
De negen hoofdrolspelers afgelopen maandag aan tafel in het Witte Huis (screenshot)
Een zware Europese delegatie van zeven leiders meldde zich ook in Washington om de bijeenkomst bij te wonen en als back-up voor Zelensky. Drie van hen, NAVO-chef Rutte, de Italiaanse premier Meloni en de Finse president Stubb, worden gezien als ware Trump-fluisteraars. De overige vier vertegenwoordigden de belangrijkste Europese landen (en NAVO-leden), president Macron van Frankrijk, premier Sir Keir Starmer van het Verenigd Koninkrijk en bondskanselier Merz van Duitsland. Daarnaast was ook voorzitter van de Europese Commissie, Von der Leyen, present.
Groepsfoto met v.l.n.r.: Ursula von der Leyen, Sir Keir Starmer, Alexander Stubb, Volodomyr Zelensky, Donald Trump, Emmanuel Macron, Giorgia Meloni, Friedrich Merz & Mark Rutte (screenshot)
Ondanks optimistische woorden van Trump en wat lauwere beoordelingen van zijn Europese partners, waren er maandagavond nog geen concrete toezeggingen over veiligheidsgaranties of stappen in de richting van een vredesakkoord. Dus wat leverde de afgelopen week eigenlijk op?
Ontmoeting Poetin-Zelensky?
Na de top plaatste Trump op Truth Social dat hij de Russische president had gebeld om te kijken of gesprekken tussen Poetin en Zelensky geregeld zouden kunnen worden. Trump zei dat er na zo’n bilaterale bijeenkomst, op een nog te bepalen locatie (Genève werd eerst genoemd, daarna Boedapest) een trilaterale bijeenkomst zou kunnen plaatsvinden, waarna Trump zich dan bij hen zou voegen. Een adviseur van Poetin zei achteraf dat Trump en Poetin maandag 40 minuten telefonisch met elkaar hadden gesproken.
Het valt nog te bezien hoe eenvoudig het zal zijn om twee zulke bittere vijanden voor het eerst sinds de grootschalige Russische invasie in februari 2022 tegenover elkaar aan de onderhandelingstafel te krijgen. Moskou heeft herhaaldelijk het idee van een ontmoeting tussen Poetin en Zelensky afgewezen.
Een nogal vrijblijvende verklaring van Kremlin-adviseur Joeri Oesjakov maandagavond, luidde dat het “de moeite waard” was om “de mogelijkheid van niveau van vertegenwoordigers te onderzoeken”, om zo wellicht Russische en Oekraïense delegaties door hogere afgevaardigden bij elkaar te brengen.
Staakt-het-vuren van tafel?
Trump leek de noodzaak van een staakt-het-vuren te negeren vóórdat er onderhandelingen over een einde aan de oorlog kunnen plaatsvinden. In het verleden was dat een belangrijke eis van Oekraïne, waarmee het duidelijk maakte dat het een einde aan de gevechten als een voorwaarde ziet voor verdere gesprekken met Rusland en uiteindelijk voor een oplossing op de lange termijn.
Een staakt-het-vuren zou ook iets makkelijker te bereiken kunnen zijn dan een volledige vredesovereenkomst, waarvoor maandenlange onderhandelingen nodig zouden zijn, waarin de Russische aanval op Oekraïne waarschijnlijk zou voortduren. “Ik weet niet of het nodig is”, zei Trump over een staakt-het-vuren, terwijl hij er vóór zijn gesprek met Poetin nog een voorstander van was.
De Duitse bondskanselier Friedrich Merz tijdens het tafelgesprek in het Witte Huis (screenshot)
Maar de Europese leiders leken zich te verzetten, met de sterkste weerlegging van de Duitse bondskanselier Merz: “Ik kan me niet voorstellen dat een volgende bijeenkomst zal plaatsvinden zonder een staakt-het-vuren”, zei hij. “Dus laten we daaraan werken en proberen druk uit te oefenen op Rusland.” Toen hem werd gevraagd om te spreken, herhaalde Zelensky zijn eerdere oproepen voor een staakt-het-vuren niet.
Veiligheidsgaranties?
De Amerikaanse president vertelde Zelensky dat de V.S. de veiligheid van Oekraïne zou helpen garanderen in een eventuele overeenkomst om de oorlog te beëindigen, zonder de omvang van die hulp te specificeren. Trump bood niet aan Amerikaanse troepen te sturen, maar toen journalisten hem vroegen of de Amerikaanse veiligheidsgaranties voor Oekraïne ook de aanwezigheid van Amerikaanse militairen in het land zouden kunnen omvatten, sloot hij dat niet uit. Volgens Trump zal Europa de “eerste verdedigingslinie” zijn, maar de V.S zal “erbij betrokken zijn”. “We zullen ze goede bescherming bieden”, zei de president op een gegeven moment. Dit is Trumps meest resolute uitspraak ooit over veiligheidsgaranties, die over het algemeen als essentieel worden beschouwd voor elke overeenkomst met Rusland. Trump liet ook weten dat Poetin tijdens de top in Alaska vorige week had geaccepteerd dat er veiligheidsgaranties voor Oekraïne zouden zijn als onderdeel van een vredesakkoord.
De Oekraïense president Zelensky tijdens zijn persconferentie vóór het hek van het Witte Huis (screenshot)
Op een persconferentie na de ontmoetingen van maandag, zei president Zelensky dat een deel van de veiligheidsgaranties een wapendeal van 90 miljard dollar (zo’n 77 miljard euro) tussen de V.S. en Oekraïne zou omvatten. Volgens de president zou het dan gaan om Amerikaanse wapens die Oekraïne niet heeft, waaronder luchtvaartsystemen, anti-raketsystemen “en andere dingen die ik niet zal onthullen”. Zelensky voegde eraan toe dat de V.S. Oekraïense drones zouden kopen, wat zou helpen bij de financiering van de binnenlandse productie.
Sergej Lavrov, de Russische minister van Buitenlandse Zaken, deed zijn uitspraken tijdens een interview eerder deze week (screenshot)
Sergej Lavrov, de Russische minister van Buitenlandse Zaken, liet gisteren weten dat praten over veiligheidsgaranties voor Oekraïne zonder Rusland aan de tafel, zinloos is. “We kunnen er niet mee instemmen dat besluiten worden genomen over veiligheidsvraagstukken, over collectieve veiligheid, zonder deelname van de Russische Federatie, dat zal niet werken”.
Doden en gewonden in Kostiantynivka
Ondertussen gaat de oorlog, die inmiddels drieëneenhalf jaar aan de gang is, onverminderd voort. Russische troepen vielen gisteren de frontstad Kostiantynivka in de oblast Donetsk aan, waarbij drie burgers omkwamen en vier anderen gewond raakten. Bij de aanval raakten huizen, appartementencomplexen, auto’s, winkels en een elektriciteitsleiding beschadigd.
Een compleet vernield huis in Kostiantynivka(foto gedeeld door de Militaire Administratie van de oblast Donetsk)
De slachtoffers waren twee vrouwen van 40 en 69 jaar en een 32-jarige man. Vier andere burgers raakten gewond. Bij de aanval gebruikten de Russen het Smerch-raketlanceersysteem (MLRS).
Luitenant-generaal Abatsjev zwaar gewond bij aanslag in Koersk
De Oekraïense Special Operations Forces(SSO) hebben details vrijgegeven, waaronder een video, van een operatie waarbij de Russische luitenant-generaal Esedulla Abatsjev ernstig gewond raakte.
Luitenant-generaal Esedulla Abatsjev (1968) raakte zwaar gewond bij een Oekraïense aanval in Koersk (fotograaf onbekend)
De UA_REG TEAM-eenheid van de SSO voerde in de nacht van 16 op 17 augustus een aanval uit op een voertuig waarin Abatsjev, de plaatsvervangend commandant van de Sever (Noord)-groep van het Russische leger, zich bevond. De operatie vond plaats op 5 km van de stad Rylsk in de Russische oblast Koersk. De generaal werd per helikopter naar Moskou gebracht, waar hij naar verluidt een arm en een been moest laten amputeren.
Luttele seconden voordat een militaire drone de auto, waarin de generaal reisde, raakt (screenshot)
In een verklaring meldt de SSO dat het Oekraïense Openbaar Ministerie in 2023 een aanklacht tegen Abatsjev bij de rechtbank heeft ingediend. Na het begin van de grootschalige Russische invasie voerde Abatsjev het bevel over het zogenaamde 2e Legerkorps van de Volksmilities van de “Volksrepubliek Loehansk”, een door Rusland gesteunde terreurgroep. Hij gaf directe bevelen om nederzettingen in de oblast Loehansk tot de grond toe te bombarderen.
Beeld van de auto na de aanslag (screenshot)
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
De 20e augustus is de nationale feestdag van Seborga en houdt verband met de jaarlijkse ceremonie gewijd aan Sint Bernardus van Clairvaux (1090-1153), 20 augustus was zijn sterfdag. Eén van de oudste gebouwen in Seborga is het aan hem gewijde kerkje uit de 14e eeuw.
Op deze dag is er een processie waarbij het beeld van Sint Bernardus vanuit de San Martinokerk door de straten van Seborga wordt gedragen, naar het San Bernardokerkje, gevolgd door de regerend prins of prinses, de Kroonraad en de stedelijke autoriteiten. De dag staat ook wel bekend als de Festa Nazionale di San Bernardo. Maar hoe zit dat? Is het stadje Seborga onafhankelijk? Hoe dat zit, wordt hieronder uit de doeken gedaan!
Een prinsdom
Prins Giorgio I van Seborga, ongedateerde foto (publiek domein)
Op 14 mei 1963 werd mimosa-teler Giorgio Carbone gekozen als eerste prins van het ministaatje Seborga, waarmee hij Prins Giorgio I werd en Italië plotseling een vorstendom binnen z’n grenzen had.
Voor alle duidelijkheid: de claim van het stadje, met een bevolking van zo’n 300 inwoners, wordt door niemand erkend. Volgens Italië is het een Italiaanse gemeente met een Italiaanse burgemeester, Pasquale Regni.
Dat neemt niet weg dat Seborga zijn claim sinds 1963 stug vol blijft houden en niets achterwege heeft gelaten om alles wat bij het uiterlijk vertoon van een vorstendom hoort in het leven te roepen, dus zijn er grenswachten (af en toe), eigen munten, postzegels en nummerborden en nog veel meer. Maar waar komt dit allemaal vandaan?
Seborga (publiek domein)
Claim
Giorgio Carbone kwam in 1963 met een theorie nadat hij bepaalde archieven van het Vaticaan had ‘gevonden’. Volgens Carbone was Seborga sinds 954 al een onafhankelijke staat en was het vanaf 1079 een prinsdom binnen het Heilige Roomse Rijk, waarbij de abten van het klooster tevens prinsen van het staatje waren. De gevonden documenten leken erop te wijzen dat Seborga in 1729 nooit officieel in het bezit was geweest van het Huis van Savoye (het Koninkrijk Sardinië) en daarmee in 1861 illegaal was opgenomen in het Koninkrijk Italië tijdens de unificatie, waarmee het dus nog steeds een onafhankelijk prinsdom moest zijn.
Welkomstbord aan de Italiaans-Seborgiaanse grens (publiek domein)
Giorgio I
Carbone was beslist iemand die zijn plaatsgenoten enthousiasmeerde en bij de daarop volgende prinselijke verkiezing van 14 mei 1963 voor een ‘staatshoofd’, werd hij als prins gekozen, waarmee hij voortaan door het leven ging als Zijne Grootheid (Sua Tremendità) Prins Giorgio I van Seborga.
Prins Giorgio I, ongedateerde foto (publiek domein)
Hij formeerde een kabinet van ministers en/of raadgevers en voerde een eigen munt in, de luigino, die (alleen in Seborga) naast de Italiaanse lire kon worden gebruikt en dezelfde waarde had. Uiteraard kwamen er ook een vlag (daar komen we straks natuurlijk nog over te spreken) en een staatswapen met de wapenspreuk Sub Umbra Sedi (Ik zat in de schaduw).
Dat dit alles het stadje geen windeieren heeft gelegd is wel zeker: toeristen komen graag naar Seborga om toch een keer in het mini-landje te zijn geweest en voor de populaire souvenirs: munten, postzegels, (nep)paspoorten, (nep)nummerborden en (uiteraard!) vlaggen. Bovendien ligt het op korte afstand van populaire kustplaatsen als Monaco, Menton, Ventimiglia en Sanremo.
Als men al dacht dat dit prinsdom na een tijdje een stille dood zou sterven, kwam men toch bedrogen uit! Giorgio vervulde zijn rol met veel plezier en overtuiging en hij bleef dan ook 46 jaar lang Prins van Seborga tot aan zijn dood op 25 november 2009, waarna er een nieuwe prins werd gekozen. Tot aan die verkiezingen werd er een tijdelijke regent aangesteld: Alberto Romano.
Marcello I
Dat de inwoners niets tegen nieuwkomers hadden, bleek uit de verkiezing van 25 april 2010, waarbij de van oorsprong Zwitsers/Italiaanse Marcello Menegatto (erfgenaam van een kousen-imperium) als nieuwe prins werd gekozen, waarna hij door het leven ging als Prins Marcello I, niet als Zijne Grootsheid zoals zijn voorganger, maar door het wat gebruikelijkere Zijne Doorluchtige Hoogheid (net als de prinsen van Monaco).
Links: Staatsieportret van Prins Marcello I, de tweede prins van Seborga (publiek domein) / Rechts Prins Marcello (1978) met de kroon van Seborga (publiek domein)
Zijn vrouw, de uit Duitsland afkomstige Nina Menegatto-Döbler werd zijn minister van Buitenlandse Zaken. Hoewel Prins Giorgio nog voor het leven prins was, werd de termijn voor regerend prins of prinses nu op zeven jaar vastgesteld.
Prins Marcello I en zijn vrouw Nina Menegatto, de minister van Buitenlandse Zaken (fotograaf onbekend)
Tijdens de ‘regering’ van Prins Marcello raakte zijn huwelijk met buitenlandminister Nina in het slop en in 2019, twee jaar na zijn herverkiezing in 2017, trad hij af. Het paar scheidde en Marcello vertrok naar Catalonië.
Verkiezingen 2019
De verkiezing van 10 november in volle gang (publiek domein)
Dus nog maar twee jaar na de laatste verkiezing konden de bewoners van Seborga op 10 november 2019 opnieuw naar de stembus.
Op 27 oktober, in aanloop naar de verkiezing werden de beide kandidates aan het volk gepresenteerd (publiek domein)
De strijd ging dit keer tussen twee vrouwen: Nina Menegatto, die na haar scheiding van Prins Marcello in Seborga was gebleven en Laura di Bisceglie, de dochter van Prins Giorgio.
Laura di Bisceglie brengt haar stem uit (publiek domein)
De opkomst bij de verkiezing was 78,95%, 122 stemmen gingen naar Nina Menegatto en 69 naar haar uitdaagster Laura di Bisceglie, waarmee Seborga een nieuw staatshoofd had: Prinses Nina, die na haar verkiezing de vier leden van de Kroonraad benoemde: Mauro Carassale, Sabina Tomassoni, Giovanni Fiori en Luca Pagani. De overige vijf leden van de Kroonraad werden rechtstreeks door de inwoners gekozen.
Nina Menegatto brengt haar stem uit (publiek domein)
Nina
De prinses beschikt zeer zeker over de nodige kwalificaties. Geboren in 1978 als Nina Döbler in Kempten (Beieren), studeerde ze aan het Institut Monte Rosa in Montreux (Zwitserland) en haalde daarna een MBA in marketing aan de Internationale Universiteit van Monaco. Naast haar moedertaal Duits, spreekt ze vloeiend Italiaans, Engels en Frans.
Hoewel al in functie sinds eind 2019, werd Prinses Nina pas op 20 augustus 2020 (de Nationale Feestdag) ingehuldigd, waarbij ze de eed zwoer en de sleutels van de stad uitgereikt kreeg (foto: publiek domein)
Nina ging voortvarend aan de slag en kwam met een te verwezenlijken 10-puntenplan. Om een paar punten te noemen: terugvordering van de documenten waaruit de onafhankelijkheid van het vorstendom Seborga blijkt, intensivering van de promotie van Seborga via de klassieke en sociale media en buitenlandse vertegenwoordigers, de oprichting van een gemeenschappelijke online-winkel om het prinsdom middels Seborga-souvenirs op de kaart te zetten en de voortzetting van het bouwproject voor een luxe hotel in Seborga.
Dat uit zich in de uitgave van eigen munten, postzegels, (onofficiële) paspoorten, nummerborden, sleutelhangers, petjes en mondkapjes waar verzamelaars en souvenirjagers tuk op zijn.
Én: vanaf vandaag komt daar een eigen bankbiljet bij. Dit biljet van 3 luigini (ongeveer €15) met het portret van Prinses Nina, werd ontworpen door Matej Gábriš, een Slowaaks grafisch ontwerper, die al eerder bankbiljetten, postzegels en boekomslagen ontwierp.
De onthulling van het bankbiljet door Prinses Nina geschiedde door de vlag van Seborga weg te trekken…. (screenshot)…zodat voor- en keerzijde van het biljet zichtbaar werden (screenshot)Na de onthulling maakte Prinses Nina nog een rondrit door Seborga in een oldtimer, waarbij ze enthousiast begroet werd door het publiek(screenshot)Nummerborden uit Seborga uit 1997 en 2004 (publiek domein)Nummerborden uit Seborga, links een plaat uit 2013, rechts een diplomatiek nummerbord (CD = Corpi Diplomatici) (publiek domein)
Daarnaast wordt de grens met Italië in het toeristenseizoen bewaakt door het Corpo della Guardie (Gardekorps), zowel te voet als te paard. Het korps is ook van de partij bij officiële functies en verkiezingen.
Grensbewaking door de Corpo della Guardie, allemaal vrijwilligerswerk (publiek domein)
Dit alles neemt niet weg dat Seborga officieel gewoon een Italiaanse gemeente is met een burgemeester en een gemeenteraad. Maar op alle fronten wordt er goed met elkaar samengewerkt.
De vlag
Vlag van Seborga(1997-heden)
De vlag van Seborga werd ingevoerd in 1997 en bestaat uit twee delen: de mastzijde heeft een wit vlak dat ongeveer eenderde van de vlag inneemt. Op dit witte veld is de ‘kleine’versie van het wapen van Seborga geplaatst: een wit omzoomd schild in blauw met daaroverheen een wit, zogenaamd “Grieks” kruis. Erboven een kroon in goud (geel) en rood. Het grotere, uitwaaiende gedeelte van de vlag bestaat uit een wit veld met negen horizontale balken in blauw.
Eerdere vlaggen
Blauw en wit zijn de kleuren van Seborga, die tot zeker de 12e eeuw terug gaan. Tot 1729 had Seborga een vlag die diagonaal verdeeld was van de bovenkant van de mastzijde naar de onderkant van het uitwaaiend gedeelte, wit boven, blauw onder. In 1729 werd Seborga met 14 km² land daaromheen, verkocht (illegaal volgens Seborga), aan het Koninkrijk Sardinië (dat in 1861 opging in het Koninkrijk Italië) en kennelijk is de vlag toen in onbruik geraakt.
Links: De historische vlag van Seborga / Rechts: Vlag van Seborga (1995-1997)
Enige onduidelijkheid lijkt er te zijn over wanneer de blauw-witte vlag weer in gebruik kwam, maar op enig moment zal dit toch gebeurd zijn. Eveneens onduidelijk is het wanneer de eerste vlag van het onafhankelijke prinsdom is ingevoerd, officieel zou dit in 1995 geweest moeten zijn, waarmee die versie maar twee jaar bestaan zou hebben, daar de huidige vlag uit 1997 stamt.
Ongedateerde foto van Prins Giorgio met (waarschijnlijk) een vroege (?) versie van de vlag van 1995-1997 (publiek domein)
Daar Seborga al sinds 1963 ‘onafhankelijk’ is, zou het voor de hand gelegen hebben gelijk een onderscheidende vlag in te voeren. Toch lijkt dat niet gebeurd te zijn, hoewel één ongedateerde foto van Prins Giorgio (hierboven) erop lijkt te wijzen dat er wel degelijk een aparte vlag bestond, een voorloper van de vlag die tussen 1995 en 1997 in gebruik was? Het is de historische vlag van Seborga met het (uitgebreide) wapen in het midden, maar dan in mini-vorm!
Links: De vlag van Seborga tussen 1995 en 1997 (publiek domein) / Rechts: Een speciale versie van de 1995/1997-vlag met gouddraad thuis bij Prins Giorgio, wellicht gebruikt als persoonlijke standaard (publiek domein)
De versie die tussen 1995 en 1997 in gebruik was, is hieraan gelijk maar dan met het (uitgebreide) wapen in groot formaat.
Foto van Prins Giorgio, gemaakt op 25 januari 2008, met de huidige, in 1997 ingevoerde vlag van Seborga (publiek domein)
Het is niet de enige verwarring, want in de Algemene Statuten van het prinsdom wordt in artikel 4, dat over de vlag gaat, nog steeds de historische vlag beschreven: “De vlag van Seborga bestaat uit twee driehoeken in wit en blauw”.
Een kleine concentratie Seborga-vlaggen! (publiek domein)
Prinselijke standaard
Prinses Nina heeft de beschikking over een persoonlijk wapen en een persoonlijke standaard, ontworpen door heraldicus Ezio Forcella. De standaard is, zoals wel vaker bij vorstelijke vlaggen vierkant en toont het (basis)wapen van Seborga, een wit ‘Grieks’ kruis op een blauw veld met daaroverheen het speciaal voor haar ontworpen wapen.
Links: Prinselijke standaard van Prinses Nina / Rechts: Wapen van Prinses Nina
Dat wapen bestaat uit een langgerekte ruitvorm, die in drieën gedeeld is. Het centrale deel bestaat uit een zwarte balk met drie rode rozen met gele hartjes. De balk is aan beide kanten geel omzoomd en loopt van de linkerbovenzijde naar de rechteronderzijde. De twee resterende delen zijn identiek en laten een schaakbordpatroon zien van lichtblauwe en witte blokken.
Geel en zwart zijn de traditionele kleuren van Zwaben, een streek in Zuid-Duitsland die gedeeltelijk in Beieren en in Baden-Württemberg ligt en waar Prinses Nina vandaan komt. De roos is in de heraldiek een symbool voor adel, moed en verdienste. De blauw-witte blokken verwijzen naar de (maritieme) seinvlag voor de letter N (voor Nina). De N-seinvlag heeft eveneens een blauw-wit schaak- of blokkenpatroon.
Wapen
Kijken we tot slot nog even naar het wapen van Seborga. Zoals we al zagen zijn er twee versies: het ‘kleine’ wapen, zoals het ook op de vlag staat afgebeeld en dat bestaat uit het schild met de kroon erboven.
Links: ‘Klein’ wapen van Seborga / Rechts: ‘Groot’ wapen van Seborga
Het complete of ‘grote’ wapen van Seborga toont het wapenschild op een gekroonde hermelijnen mantel met op een gouden (of gele) banderol de wapenspreuk Sub Umbra Sedi (Ik zat in de schaduw). Deze ietwat curieuze wapenspreuk schijnt op z’n minst terug te gaan tot 1261. In een uit dat jaar afkomstige Regels en Voorschriften van Seborga komt het al voor. Het zou een uitspraak geweest zijn van Prins-Abt Aicardo, die, toen hij Seborga bezocht en langs het steile en zonnige pad dat naar de stad leidde, hij in de schaduw onder de olijfbomen en kastanjes rond Seborga had kunnen uitrusten.
Twee vlaggen vandaag (plus één extra): Vlaggen 1a en 1b:
20 augustus is Sint Stefans-dag in Hongarije, of op z’n Hongaars Szent István ünnep. Het staat tevens bekend als Dag van de Grondwet, Dag van het Nieuwe Brood of gewoon de Nationale Feestdag.
Sint Stefan (± 975-1038), standbeeld uit 1906 bij de Burcht van Boeda van Alajos Stróbl (1856-1926)
De dag is genoemd naar de eerste koning van Hongarije, Stefan I, in het Nederlands ook wel Stefanus I genoemd (± 975-1038). Stefan werd als ‘heiden’ geboren, maar in 985 werd hij als christen gedoopt. In 997 wordt hij koning en begint met de kerstening van Hongarije.
Paus Silvester II, geboren als Gerbert d’Aurillac (± 946-1003), mozaïek uit de basiliek Sint-Paulus buiten de Muren in Rome / De Sint Stefans-kroon uit het jaar 1000, tegenwoordig te zien in de hal van het Hongaarse parlementsgebouw (Országház) in Boedapest
Als dank, zo wil de legende, stuurde paus Silvester II hem of in december 1000 of in januari 1001 een met juwelen bezette gouden kroon. Deze kroon, die nog steeds bestaat en inmiddels bekend staat als de Sint Stefans-kroon, staat prominent bovenop het staatswapen midden op de vlag. Stefan werd 45 jaar na zijn dood heilig verklaard op 20 augustus 1083. Sinds die tijd is de 20e augustus de nationale dag.
De vlag van Hongarije is een driekleur van horizontale banen in rood, wit en groen, afkomstig uit het staatswapen. Als zodanig is de vlag sinds 1848 in gebruik.
De vlag van Hongarije, zonder en met wapen
De vlag wordt zowel met als zonder het Hongaarse wapen gebruikt. In de communistische tijd werd een sovjet-model wapen gebruikt met korenaren, een hamer en een rode ster. Sinds 1990 is het oorspronkelijke wapen weer in gebruik, dat ondanks dat Hongarije een republiek is, nog steeds gekroond is met de St. Stefans-kroon.
Het wapen is in tweeën gedeeld: -links: een schild met vier rode en vier zilveren balken, waarbij de zilveren balken staan voor de rivieren Donau, Tisza, Drau en Sava -rechts: drie groene bergen, de Tátra, de Mátra en de Fátra, op de middelste top een kroon, daarboven een zogenaamd patriarchaal kruis in wit.
Strikt genomen kun je de bevrijding van Parijs tijdens de Tweede Wereldoorlog niet op één dag vieren, officieel wordt de periode van 19-25 augustus 1944 als ‘bevrijding’ gezien, vanwege de opeenvolging van gebeurtenissen.
Parijs gezien vanaf de 209 m hoge Tour Montparnasse (fotograaf onbekend)
Sinds de geallieerde landingen op 6 juni (D-day) in Normandië was er een gestage opmars ten nadele van de Duitse bezetter. Tussen 15 en 18 augustus braken er in Parijs verschillende stakingen uit, bij de metro, de politie en de posterijen. Op de 18e werden de stakingen algemeen en werd het stadhuis bezet.
Vanaf de 19e vonden er steeds meer schermutselingen plaats, die op de 22e hun hoogtepunt bereikten. Bemiddeling door de Zweedse consul in Parijs, Raoul Nordling, tussen de verschillende verzetsgroepen en de Duitse bezettingsmacht mocht niet baten.
Vlak hierna trok generaal Philippe Leclerc met zijn Tweede Franse Pantserdivisie de stad binnen, op 25 augustus gevolgd door generaal Charles de Gaulle, de bevelhebber van de Franse strijdkrachten. Luitenant-generaal Dietrich van Choltitz, de bevelhebber van Parijs, gaf zich op die dag over. Op 26 augustus werd er een overwinningsparade gehouden op de Champs-Élysées.
De vlag van Parijs bestaat zowel met als zonder wapen.
De wapenloze versie bestaat uit twee verticale banen blauw en rood, afkomstig van Saint Martin de Tours (Sint Maarten) en Saint Denis de Paris (Sint Denijs), dezelfde kleuren die we, tesamen met het wit, ook in de Franse vlag tegenkomen.
Vlag van Parijs, variaties: zonder wapen / mét wapen én krans
De tweede versie heeft het wapen van Parijs midden op de vlag en toont een schip: het staat voor de Parijse handel en is afkomstig van het plaatselijke schippersgilde. Het schildhoofd toont gouden fleur-de-lys tegen een blauwe achtergrond, akomstig van de Franse koningen. De versie mét wapen is er ook nog in twee variaties: één mét en één zónder krans. De wapenspreuk (alleen op de vlag mét krans) luidt Fluctat nec margitur (‘Het schommelt op de golven, maar gaat niet onder’).
De vlag van Parijs is niet vaak in ‘het wild’ te zien: hier zien we de vlag (met wapen en krans) na de dood van Jacques Chirac in 2019 in het kantoor van de Parijse burgemeester Anne Hidalgo (Chirac was naast president van Frankrijk, ook burgemeester van Parijs, tussen 1977 en 1995) (screenshot)