De huidige vlag van Berlijn is heel anders dan z’n voorgangers, maar de kleuren zien we wél terug in die oudere vlaggen. Tussen 1618 en 1861 was de Berlijnse vlag een horizontale tweekleur in zwart en wit.
Links: Vlag van Berlijn 1618-1861 / Rechts: Vlag van Berlijn 1861-1911
In 1861 kreeg Berlijn een nieuwe vlag, een horizontale driekleur in zwart, rood en wit. De vlag was een ontwerp van stadsarchivaris Ernst Fidicin (1802-1883), die de kleuren ontleende aan het wapen van Brandenburg.
Vlag Duitse Keizerrijk 1871-1918
Iedereen leek positief over de nieuwe vlag, totdat het in 1871 uitgeroepen Keizerrijk een nieuwe vlag invoerde, een horizontale driekleur in zwart, wit en rood. Deze vlag leek zóveel op die van Berlijn, dat mensen de vlaggen die nu beiden in het straatbeeld te zien waren, door elkaar haalden. Sommigen verkeerden in de veronderstelling dat de stadsvlag die van het raadhuis wapperde die van het Keizerrijk was.
Discussies alom en de voorstellen voor aanpassing van de vlag waren legio. Uiteindelijk kwam men er na lange tijd in 1911 uit: het rood kwam terug in twee horizontale balken, onder en boven, het wit vulde het veld en het zwart kwam van de beer (van het stadswapen). Het dier werd op het witte vlak geplaatst.
De vlag werd officieel goedgekeurd op 14 juni 1911. Als men al dacht dat de nieuwe vlag nu snel in het straatbeeld zou verschijnen, dan kwam men bedrogen uit. Men wachtte tot 27 januari 1913, de verjaardag van Keizer Wilhelm II, om de vlag voor het eerst vanaf het Rotes Rathaus uit te steken.
Links: Vlag Berlijn 1911-heden (tussen 1954 en 1990 alleen West-Berlijn) / Rechts: Vlag Oost-Berlijn 1954-1990
Na de Tweede Wereldoorlog en de verdeling in sectoren door geallieerde troepen, had Berlijn nog steeds dezelfde vlag. Echter toen de tegenstellingen tussen de Westerse machten van het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en de Verenigde Staten in West-Berlijn enerzijds, en die van de Sovjet-Unie in Oost-Berlijn anderzijds, toenamen, besloot Oost-Berlijn in 1954 zijn eigen versie van de vlag in te voeren: de rode balken werden strepen en kwamen los van de vlagrand, terwijl de beer op een wapenschild werd geplaatst, met een gestileerde versie van de kroon. West-Berlijn hield de oude vlag in stand, en hiermee waren er dus twee Berlijnse stadsvlaggen!
Deze situatie duurde tot na de omwenteling en de val van de Berlijnse Muur op 9 november 1989. In 1990 werd de Oost-Berlijnse vlag afgeschaft en werd de West-Berlijnse vlag opnieuw de vlag van de gehele stad. De beer werd enigszins gestileerd, maar verder veranderde er niets. In 1995 werd de vlag definitief wettelijk vastgesteld.
De vlag
Vlag van Berlijn
De vlag is een horizontale driekleur in rood-wit-rood, waarbij de twee rode strepen ieder één-vijfde van de hoogte innemen. Op het witte veld, staat iets links van het midden een zwarte beer, rood genageld en getongd, kijkend in de richting van de broekingszijde.
Wapen van Berlijn (1709)
De beer komt, zoals gezegd, uit het stadswapen van Berlijn, waarop hij vanaf 1709 de eer moest delen met de adelaars van Brandenburg en Pruisen. Vanaf 1883 werd de beer ‘losgekoppeld’ van de adelaars en mocht hij als symbool van de stad alléén op het wapen.
Links: Zegel uit 1280 met twee beren / Rechts: Wapen van Berlijn
Overigens gaat de rol van de beer veel verder terug: op een zegel uit 1280 zien we de beer al. Samen met een collega-beer is hij schildhouder voor het wapen van Brandenburg (de adelaar). Pas later, in de 17e eeuw, is hij echt als heraldisch symbool voor Berlijn gebruikt. Waarschijnlijk heeft ook de min-of-meer gelijke klank van Berlin en Bär daarmee te maken.
Australia Day is de nationale feestdag van Australië. De datum refereert aan het binnenlopen bij Port Jackson in 1788 van de First Fleet, bestaande uit elf Britse schepen. Doel was hier een strafkolonie te stichten. Meer dan 1000 veroordeelden kwamen met deze eerste reis mee. Gouverneur Arthur Phillip liet ter verwelkoming de Britse vlag hijsen boven het gebied wat toen nog New Holland heette. De plek, Port Jackson, is tegenwoordig beter bekend onder de naam Sydney Harbour.
The First Fleet, één dag na aankomst
Hoewel Australia Day al sinds 1808 gevierd wordt, was dat pas onder die naam en door alle deelstaten vanaf 1935. Vanaf 1994 is het een officiële vrije dag in alle staten en territories.
De vlag
De vlag van Australië (1901-heden)
De Australische vlag is een zogenaamde Britse blue ensign, een egaal blauwe vlag met de Union Flag of Union Jack in het kanton. Ieder Gemenebest-land dat een blue ensign als nationale vlag voert, zoals Nieuw-Zeeland bijvoorbeeld ook doet, gebruikt de vluchtzijde voor zijn eigen symbolen.
V.l.n.r.: De Britse blue ensign / National Colonial Flag of Australia (1823/1824-1831) / Australian Federation Flag (1831-1901)
In 1823 of 1824 kreeg Australië voor het eerst z’n eigen vlag, de National Colonial Flag of Australia. De basis was de vlag van Engeland, een wit veld met het Saint George’s cross (Sint Joriskruis), de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton en vier witte sterren op de armen van het kruis (voor de vier grootste sterren van het Zuiderkruis-sterrenbeeld). De directe opvolger hiervan was de Australian Federation Flag van 1831. Het kruis van de eerste vlag veranderde van rood naar blauw en er werd een ster toegevoegd, zodat het hele Zuiderkruis nu vertegenwoordigd was. Er bleef echter vraag naar een geheel nieuwe vlag en net na de eeuwwisseling was het zover.
De ontwerpwedstrijd van 1901
De vlag kwam er na een ontwerpwedstrijd, uitgeschreven op 29 april 1901. Er kwamen 32.823 inzendingen binnen en uiteindelijk werd er gekozen voor een combinatie van vijf inzendingen die heel erg op elkaar leken. Ze hadden alle de blue ensign als leeg canvas gekozen en dat vervolgens ‘beladen’ (zoals dat heet) met onder het kanton de Commonwealth Star, (toen nog met zes punten) voor de staten en territories, plus vijf sterren in het uitwaaiende gedeelte als symbool voor het Zuiderkruis-sterrenbeeld (de sterren Acrux, Becrux, Gacrux, Delta Crusis en Epsilon Crucis).
De vijf juryleden + twee officials, v.l.n.r.: Captain Edie, Captain Mitchell, J.S. Blackham (samensteller van de tentoonstelling), Captain Evans, Captain Clare, G. Stewart (heraldisch specialist) & Lieutenant Thompson
Het winnende ontwerp kon rekenen op £ 200* (nu zo’n € 17.852), maar omdat er vijf winnaars waren, moest het prijzengeld verdeeld worden en ontving ieder ‘slechts’ £ 40* (€ 3.570). *) In 1901 werd in Australië nog met het Britse pond sterling betaald, vanaf 1910 werd dat het Australische pond, in 1966 opgevolgd door de Australische dollar
De jongste prijswinnaar: Ivor William Evans (1887-1960)Foto’s van de prijswinnaars gepubliceerd in de Review of Reviews, waarbij de redactie kennelijk geen foto van Ivor William Evans voorhanden had en daarom een foto van zijn vader publiceerde, v.l.n.r.: Evan Evans (vader van Ivor William Evans), Leslie John Hawkins (1883-1966) en Egbert John Nuttall (1866-1963)
De winnaars waren Ivor William Evans, een 14-jarige schooljongen uit Melbourne (de enige die ook echt een vlag had gemaakt, wellicht geholpen door zijn vader, die zelf vlaggenmaker was), Leslie John Hawkins, een tiener die in Sydney voor opticien studeerde, Egbert John Nuttall, een architect uit Melbourne, Annie Dorrington, een kunstenares uit Perth en William Stevens, een scheepsofficier uit Auckland, Nieuw-Zeeland.
Gezien het aantal inzendingen werd besloten een tentoonstelling samen te stellen waar een groot aantal ontwerpen te bewonderen viel. In de Review of Reviews van 20 september 1901 verbaast de journalist die de expositie bezoekt zich over de diversiteit.
Zo ontdekt hij naast de talloze Union Flags of Union Jacks die op de juiste wijze in het kanton zijn geplaatst ook exemplaren die alle andere hoeken van de vlag bezetten en zelfs een waarbij de Britse vlag uit elkaar getrokken is, met in iedere hoek een deel en een kaart van Australië en Nieuw-Zeeland in het midden en vier foto’s van passagiersschepen op de armen van het kruis.
De ‘uit elkaar getrokken’ Union Flag of Union Jack met Australië en Nieuw-Zeeland in het midden
De verslaggever vergaapt zich ook aan een ontwerp waar vanuit het uitwaaiende gedeelte van de vlag zes handen te zien zijn, die met hun wijsvingers allemaal wijzen naar de symbolische figuur van Britannia die “zich niet bewust lijkt te zijn van een gebrek aan winterkleding”. (Helaas lijkt hier geen foto van te zijn gemaakt). En ook de kangoeroe was ruim vertegenwoordigd!
Twee van de vele kangoeroe-ontwerpen
Op 3 september 1901 werd de vlag voor het eerst gehesen. Dat gebeurde bij de Royal Exhibition Building in Melbourne. De vrouw van de gouverneur-generaal, Hersey Alice Hope, gravin van Hopetoun en markiezin van Linlithgow, maakte de namen van de winnaars bekend en ontvouwde vervolgens de vlag, die toen op de koepel van het majestueuze gebouw werd gehesen.
Links: Hersey Alice Hope, gravin van Hopetoun en markiezin van Linlithgow (1867-1937) / De Royal Exhibition Building te Melbourne, gebouwd 1879-1880, rond 1900
Een kleine wijziging was er op 8 december 1908, toen de Commonwealth Star van zes naar zeven punten ging, voor de Papoea’s en eventuele toekomstige territories. In de jaren daarna is er nog wat gemorreld met het aantal punten van de verschillende sterren, totdat in 1909 het ontwerp definitief was. Sindsdien is de vlag ongewijzigd.
De Australische red ensign (1901-heden)
Naast de blauwe versie van de vlag werd er ook een rode gemaakt, wat niet zo ongewoon is, zo’n red ensign wordt normaliter gebruikt door de koopvaardij. Het curieuze is dat dit in Australië aanvankelijk niet zo was. Zowel de blauwe als rode versie werden door elkaar gebruikt, dus ook aan land. Op een gegeven moment waren er meer rode dan blauwe vlaggen in omloop. Vanaf de jaren ’40 van de vorige eeuw werd de blauwe versie gepropageerd als de enige juiste en in 1953 werd dit vastgelegd in de Flags Act, waarbij de rode versie aan de koopvaardij werd toegewezen.
Er zijn al diverse pogingen ondernomen om tot een nieuwe Australische vlag te komen, één zonder de Britse unievlag. Tot nu toe zijn die pogingen niet succesvol gebleken. In een enquête uit 2004 bleek 32% voorstander te zijn van een nieuwe vlag, maar een overgrote meerderheid van 57% was tegen, 11% had geen mening.
Uit een onderzoek van 2013, 9 jaar later dus, bleek op de vraag welk nationaal symbool het meeste betekent voor Australiërs, de vlag als eerste uit de bus te komen. 95% is trots op de vlag en 50% zelfs heel trots.
Overige vlaggen
Overigens kent Australië nog een aantal vlaggen, waarbij de twee luchtvaartvlaggen zijn afgeleid van de nationale vlag.
V.l.n.r.: Royal Australian Air Force ensign (1982-heden) / Australian Civil Aviation ensign (1948-heden) / White ensign (1967-heden)
De eerste is de Royal Australian Air Force ensign. Twee eerder versies gingen hier aan vooraf in 1922 en 1948. De huidige versie werd ingevoerd op 6 mei 1982. De vlag is gelijk aan de nationale vlag, maar dan in luchtmacht-blauw. Rechtsonder in de vlucht is een rode kangoeroe op een wit veld in een blauwe cirkel geplaatst.
De tweede is de Australian Civil Aviation ensign, de burgerluchtvaart dus, waarvan de eerste versie in 1935 werd ingevoerd. De huidige vlag stamt uit 1948 en heeft dezelfde kleur als de luchtmachtvlag en de Britse vlag in het kanton, maar is verder duidelijk anders. Het veld wordt in vieren gedeeld door een blauw kruis met witte randen en de sterren van het Zuiderkruis zijn hier 45 graden gekanteld, waardoor de kleinste ster op de rechterkant van de balk staat.
De derde is de white ensign, vlag van de marine en tevens oorlogsvlag. Omdat het veld hier wit is zijn de sterren in blauw uitgevoerd. Deze vlag verving de eerste marinevlag die vanaf 1911 in gebruik was.
Qua ontwerp totaal anders is de vlag van de Australian Defense Force. Deze vlag werd in gebruik genomen op 14 april 2000 en is de vlag voor de gezamenlijke strijdkrachten. Het is een verticale driekleur in donkerblauw-rood-lichtblauw, met in het midden de volgende symbolen in geel: de Commonwealth Star en de boemerang staan voor Australië, het anker, de zwaarden en de gespreide vleugels voor marine, land- en luchtmacht.
V.l.n.r.: Australian Defense Force Flag (2000-heden) / Aboriginese-vlag (1995-heden) / Torres Strait Islanders-vlag (1995-heden)
De vlag voor de Aborigines stamt uit 1971, maar werd pas officieel aangenomen op 14 juli 1995. Het is een horizontale tweekleur in zwart en donkerrood met een gele cirkel in het midden. De vlag werd ontworpen door Harold Thomas, zelf een Aborigine. De kleur zwart staat voor de Aborigines, het roodbruin voor de kleur van de aarde en de gele cirkel symboliseert de zon.
En dan hebben we nog de Torres Strait Islander Flag, ontworpen door Bernard Namok in 1992, maar ook op 14 juli 1995 werd ingevoerd, op dezelfde dag als de vlag voor de Aborigines. De Torres Straiteilanden bevinden zich tussen Cape York (de noordoostelijke punt van Australië) en Papoea-Nieuw-Guinea. De vlag is een horizontale driekleur in groen-blauw-groen, waarbij de smalle groene banen van het blauw worden gescheiden door zwarte balken. In het midden in wit een traditionele hoofdtooi in wit met daar binnenin een witte vijfpuntige ster.
De groene banen staan voor het grondgebied, het blauw voor de Torres Strait. De twee zwarte balken symboliseren de eilandbevolking, terwijl de de vijfpuntige ster voor de vijf eilandengroepen staat: Western, Eastern, Central, Port Kennedy en Mainland en hij staat tevens voor navigatie. De hoofdtooi, een dhari genaamd, staat voor de inheemse bevolking. De witte kleur van dhari en ster samen symboliseren vrede.
Het mysterie van de verdwenen vlag
Tot besluit: sinds begin 2017 is de Australian National Flag Association (ANFA) een zoektocht gestart naar de eerste officiële vlag die op 3 september 1901 op de koepel van de Royal Exhibition Building in Melbourne werd gehesen. Niemand lijkt te weten wat er met deze historische vlag is gebeurd. De vlag zou aan een museum zijn geschonken, maar aanknopingspunten wanneer dat gebeurd zou zijn en om welk museum het gaat, zijn er niet. Voorzitter Allan Pidgeon van de ANFA riep daarom ieder museum, archief en particulieren op naar het historische artefact te gaan zoeken. De vlag is te herkennen aan de zespuntige Commonwealth Star en aan de afmetingen: de vlag zou 11 x 5,5 m groot zijn. Helaas is de vlag tot op heden nog niet boven water (dus checkt allen uw zolders!).
Op 26 januari 1837 werd Michigan de 26e staat van de Verenigde Staten van Amerika. Vanaf 1787 was het grondgebied van wat we nu als Michigan kennen onderdeel van het Northwest Territory van de toen nog maar 11 jaar oude Verenigde Staten. Dit was een groot gebied waar later de staten Ohio, Indiana, Illinois, Wisconsin, het oostelijk deel van Minnesota én dus ook Michigan uit gevormd zouden worden. In 1805 werd werd dit territorium in kleinere gebieden onderverdeeld, waarbij o.a. het Michigan Territory werd gevormd.
Links: Kaart van het Northwest Territory met ingetekende grenzen van de huidige staten / Rechts: Kaart van het Michigan Territory (de rode en blauwe gebieden vormen hier samen de grootste ‘versie’ van dit territorium), splitsing in 1836 in Wisconsin Territory (rood) en Michigan Territory (blauw), vanaf 1837 de staat Michigan
De latere staten Wisconsin en Minnesota vormden toen het westelijk deel van dit grondgebied. Toen de Indiana en Illinois territoria in respectievelijk 1816 en 1818 als staten toetraden tot de Unie, werden delen van Indiana en Illinois toegevoegd aan het Michigan Territory, waardoor het grondgebied flink toenam.
Ook dit gebied werd uiteindelijk weer onderverdeeld: in aanloop naar de toetreding van Michigan als staat, werd het Michigan Territory in 1836 gesplitst in de staat Michigan zoals we het nu nog kennen, terwijl het enorme westelijke deel als het Wisconsin Territory verderging (wat uiteindelijk dus ook weer zou splitsen!).
Michigan is de enige staat die uit twee schiereilanden bestaat: het Lower Peninsula (Benedenschiereiland) en het Upper Peninsula (Bovenschiereiland). De staat grenst aan vier van de vijf Grote Meren: Lake Superior, Lake Michigan, Lake Huron en Lake Erie. De twee schiereilanden zijn sinds 1957 met elkaar verbonden door de Mackinac Bridge, een ruim 8 km lange hangbrug.
Kaart van Michigan
De naam Michigan is afkomstig uit het Ojibwe (een Algonkische taal), het is een afgeleide van het woord mishigami, wat zoveel betekent als “groot water” of “groot meer”.
De vlag
Vlag van Michigan (1911-heden)
De vlag van Michigan toont het staatswapen en maar liefst drie Latijnse spreuken op een donkerblauw veld. Michigan is daarmee onderdeel van een hele serie statenvlaggen met een blauw of donkerblauwe vlag met daarop het staatswapen.
Het wapen van Michigan stamt uit het overgangsjaar 1836, dus nog net voor de officiële toetreding als staat en werd ontworpen door Lewis Cass, die tussen 1813 en 1831 de tweede gouverneur van het Michigan Territory was. Hij haalde inspiratie uit het wapen van de Hudson’s Bay Fur Company, opgericht in 1670.
Links: Het wapen van de Hudson’s Bay Fur Company (tegenwoordig Hudson’s Bay Company) / Rechts: Lewis Cass (1782-1866), gouverneur van het Michigan Territory en ontwerper van het wapen van Michigan, portret uit ± 1855 (publiek domein)
Het wapen bestaat uit een wapenschild met lichtblauwe randen en toont in verschillende kleuren een meer op de voorgrond, een man op een schiereiland die zijn hand in een groet omhoog heft en met zijn andere hand op een geweer leunt. Achter hem licht de hemel geel op bij de opkomende zon. De man symboliseert gastvrijheid en vrede (de opgestoken hand), maar ook de wil tot verdediging van zijn grondgebied (het geweer). Dit blijkt ook uit de tekst op de bovenrand van het schild: Tuebor (Ik zal verdedigen).
Links: Vroege versie van het wapen van Michigan / Rechts: Huidige versie van het wapen van Michigan
Bovenop het schild is een adelaar met uitgespreide vleugels afgebeeld met in zijn linkerklauw een olijftak en in de rechterklauw drie pijlen. De adelaar staat voor de Verenigde Staten. Ook hier hetzelfde symbolisme: de olijftak voor de vrede en de pijlen voor de bereidheid de wapens op te nemen, mocht dat nodig zijn. Boven de adelaar een rode banderol met in witte kapitalen de wapenspreuk van de Verenigde Staten: E pluribus unum (Uit velen één).
De twee schildhouders zijn een wapitihert en een eland in natuurlijke kleuren. Hieronder een dubbele banderol in wit, waarbij de onderzijde breder is dan de bovenzijde. Hierop in zwarte kapitalen het staatsmotto: Si quæris peninsulam amœnam circumspice (Als u een plezierig schiereiland zoekt, kijk om u heen). De vlag werd ingevoerd op 1 augustus 1911 en is de derde vlag van de staat.
Eerdere vlaggen
De eerste vlag werd ingevoerd in 1837, het jaar van toetreding tot de Unie. Van deze vlag is geen enkele afbeelding bekend, het enige wat we weten is dat de voorkant van de vlag het staatswapen toonde, plus een soldaat en een vrouw. Op de andere kant was een portret van de eerste gouverneur, Stevens T. Mason te zien. (De enige andere statenvlag die nu nog een portret toont is die van de staat Washington, dat -uiteraard- George Washington laat zien).
De tweede vlag werd ingevoerd in 1865 en toonde op de voorzijde het staatswapen en op de achterzijde het staatswapen van de V.S., waarschijnlijk als hommage aan Michigan’s loyaliteit jegens de Noordelijke Staten (de Unie) tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865). Deze vlag was echter officieus en is ook niet overgeleverd voor zover bekend. Wel is er een regimentsvlag uit deze oorlog bewaard gebleven, van The First Michigan Infantry een legeronderdeel dat volledig uit vrijwilligers bestond en in 1861 werd opgericht.
Gouverneur
Vlag van de gouverneur van Michigan (1911-heden)
De gouverneur van Michigan (sinds 1 januari 2019 is dat Gretchen Wittmer, een Democrate) heeft haar eigen vlag: een witte versie van de statenvlag. Wat dat betreft hoort ze bij een minderheid; slechts 16 staten gebruiken een speciale gouverneursvlag.
In 2001 onderzocht de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Michigan op de niet bijster hoge 59e plaats.
Het zorgde er uiteindelijk voor dat op 9 november 2016 een wetsvoorstel werd ingebracht tot de vorming van een commissie die een ontwerpwedstrijd diende uit te schrijven om tot een nieuwe statenvlag te komen. Het voorstel haalde het echter niet, zodat Michigan het nog steeds met de vlag van 1911 moet stellen.
Overigens lieten enthousiaste ontwerpers zich niet onbetuigd, tientallen (ongevraagde) vlagontwerpen waren het resultaat. Hieronder een kleine greep uit de vele ontwerpen.
Burns Night (Schots: Burns Nicht) herdenkt de geboorte van de Schotse dichter Robert Burns in 1759. De dag van vandaag staat ook wel bekend als Robert Burns Day, Robbie Burns Day of Burns Supper.
Robert Burns
Robert Burns (1759-1796) is een van Schotland’s bekendste dichters, zo niet de bekendste. Zijn gedicht/lied Auld Lang Syne (1788) kennen we ook nu nog en komt vooral langs bij Nieuwjaarsvieringen. Hij schreef zijn gedichten oorspronkelijk in het dialect van Ayrshire. Oud is hij niet geworden: hij stierf door hartproblemen op 37-jarige leeftijd.
Om hem te gedenken worden al sinds 1801 ieder jaar diners (Burns Supper) gegeven, zowel formeel als informeel. Het is Schots wat de klok slaat: er wordt Schots gegeten, zoals haggis (een vleesgerecht gemaakt van schapen-hart, -long en -lever) en cranachan (een toetje waar whisky in verwerkt wordt), er wordt Schots gedronken (whisky uiteraard), Schotse muziek ten gehore gebracht en natuurlijk worden er gedichten van Burns voorgedragen. De haggis is het hoofdgerecht en die wordt meestal met de nodige ceremonie binnengebracht (als het even kan met doedelzak-begeleiding) en allen gaan staan.
Auld Lang Syne bladmuziek
Bij sommige diners wordt ook gezongen (uiteraard teksten van Burns) en/of gedanst. Traditioneel wordt het diner afgesloten met het zingen van Auld Lang Syne, waarbij iedereen gaat staan en elkaars hand vasthoudt.
De vlag
Vlag van Schotland (1540-heden)
De Schotse vlag is blauw met een wit andreaskruis, Saint Andrew’s cross of Saltire genaamd. De Schotse vlag heeft een lange geschiedenis, waarvan verschillende vermeldingen in legendes, maar de oudste op schrift stamt uit 1165. Na een gedaanteverwisseling van een wit andreaskruis op een rode vlag naar een blauwe vlag, is het dundoek sinds 1540 onveranderd gebleven. De Schotse vlag is nu tevens onderdeel van de Britse unievlag, Union flag of Union Jack, die heel ingenieus de vlaggen van Schotland, Engeland en Noord-Ierland (maar niet Wales!) verenigt.
Roemenië is als land in stukjes en beetjes bij elkaar gekomen. De twee vorstendommen Walachije en Moldavië slaagden erin om in 1859 verregaande autonomie te krijgen van het Ottomaanse Rijk. Op 24 januari 1862 verenigden de beide territoria zich onder de naam Verenigde Roemeense Vorstendommen, of kortweg Roemenië.
Carol I
In 1877 verklaarde het land zich onafhankelijk en in 1881 werd het een constituonele monarchie met als koning de Duitse prins Karl von Hohenzollern-Sigmaringen, die onder de naam Carol I zou regeren.
Walachije, Moldavië en Transsylvanië
In 1918 voegde Transsylvanië zich bij Roemenië, na de ondergang van de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije. Ook het oostelijk gelegen Bessarabië sloot zich aan, daarmee Groot-Roemenië vormend.
In 1940 werden Bessarabië en het oosten van Moldavië ingelijfd door de Sovjet-Unie en werd daarmee de Moldavische Socialistische Sovjet Republiek. Dit gebied werd net als andere sovjetrepublieken in 1991 onafhankelijk en staat nu bekend als de Republiek Moldavië.
Maar we dwalen af. De dag van vandaag, 24 januari, herinnert dus aan het samenkomen van Walachije en Moldavië in 1862. In 2014 werd besloten dat dit vanaf 2015 voortaan een officiële feestdag zou zijn. Een dagje vrij voor de Roemenen dus.
De vlag
Vlag van Roemenië (1866-1947 / 1989-heden)
De Roemeense vlag is een verticale driekleur in blauw, geel en rood. Om iets preciezer te zijn is dat officieel gespecificeerd als kobaltblauw (ultramarijn), chroomgeel en vermiljoen. De vlag wordt aangeduid als de Tricolorul (Driekleur). De kleuren vormen een combinatie van die van Walachije (blauw en geel) en het 19e-eeuwse Moldavië (blauw en rood).
De horizontale versies van de Roemeense vlag: 1859-1862 (links) en 1862-1866 (rechts)
Van 1859 tot 1862 was de vlag horizontaal, met de volgorde blauw, geel en rood. Van 1862 tot 1866 werden de kleuren omgedraaid naar rood, geel en blauw. Daarna werd vlag gekanteld tot een verticale driekleur met de huidige kleurenvolgorde.
Bij het uitroepen van de communistische volksrepubliek op 30 december 1947, werd het nieuwe, socialistische staatswapen vanaf 1948 in het midden van de gele baan geplaatst. Tussen 1948 en 1989 werd het wapen nog twee keer licht gewijzigd (in 1952 en 1965), waardoor er drie versies van de Roemeense communistische vlag zijn geweest.
Links: 3e versie van de Roemeense vlag in communistische tijd (1965-1989) / Rechts: Vlag van de Roemeense Revolutie (1989), met een gat waar ooit het staatswapen zat
Tijdens de anti-communistische omwenteling van 1989, die begon in Timișoara, werd de vlag onderdeel van de protesten, waarbij het staatswapen uit de vlag werd geknipt, en het dus een vlag met een rond gat werd.
Na de val van het communisme keerde de vlag van voor 1947 definitief terug, dus zonder wapen.
Pitcairn, in de Stille Oceaan, is het enige bewoonde eiland van de vijf Pitcairneilanden. De andere eilanden zijn Henderson, Ducie, Oeno en Sandy. De laatste twee zijn de boven de zeespiegel uitstekende delen van een en hetzelfde atol.
Ondanks dat Pitcairn maar 5 km² groot is, geniet het toch een behoorlijke bekendheid, omdat de bewoners afstammen van de muiters van de HMAV Bounty. De muiterij op de Bounty vond plaats op 25 april 1789 na Tahiti te hebben aangedaan. Negentien man, waaronder de van tirannie beschuldigd kapitein Bligh werden midden op de oceaan overboord gezet in een sloep. De muiters keerden terug naar Tahiti.
De muiterij op een postzegel uit 2014
Dankzij het zeemanschap van Bligh bereikte de sloep met de bemanning meer dood dan levend op 14 juni de Nederlandse kolonie Timor. Via Batavia (nu Jakarta) reisde Bligh vervolgens terug naar het Verenigd Koninkrijk.
Na verslag uitgebracht te hebben aan de admiraliteit, werd de HMS Pandora er op uitgestuurd om de muiters te gaan zoeken. Toen de Pandora in maart 1791 bij Tahiti aankwam, bleken zich daar 14 van de muiters te bevinden. Zij werden gevangen genomen. De overige muiters en enige Tahitiaanse mannen en vrouwen bleken ruim één jaar eerder met de Bounty vertrokken te zijn.
De Pandora zette zijn zoektocht voort in de Stille Oceaan. Op geen enkel eiland was een spoor van de overige muiters. Ze werden nooit gevonden. Pas in 1808 bleek waar ze waren gebleven, toen het Amerikaanse schip de Topaz Pitcairn herontdekte. Het eiland dat ten tijde van de muiterij al bekend was, bleek verkeerd op de zeekaarten te staan. De enige muiter die nog in leven was, was John Adams, maar dankzij geboortes was er een kleine gemeenschap ontstaan.
HMS Blossom op een postzegel van 1988
Toen de HMS Blossom Pitcairn in 1825 aandeed, was muiter John Adams nog steeds in leven en deed zijn verhaal tegenover de kapitein, waaruit bleek dat na aankomst op Pitcairn de Bounty 23 januari 1790 in brand was gestoken, om ontdekking door de autoriteiten te voorkomen. Adams kreeg amnestie op zijn oude dag.
Op 30 november 1838 werd Pitcairn een Britse kolonie, de overige eilanden werden in 1902 geannexeerd en vormden daarmee als groep de Pitcairneilanden. Heden ten dage bestaat de gehele bevolking uit zo’n 50 inwoners, die in de enige plaats op Pitcairn wonen: Adamstown (uiteraard tevens de hoofdstad).
Een leuk weetje is dat deze kleinste democratische gemeenschap ter wereld het homohuwelijk in 2015 invoerde, terwijl er momenteel geen homopaar te vinden is. Maar je kunt maar voorbereid zijn!
Bounty Day op een postzegel uit 1978
Zoals we eerder zagen herinnert de 23e januari aan het in brand steken van de Bounty. Het hele gebeuren wordt door de eilanders nagespeeld, inclusief het verbranden van (kleine) replica’s van het schip. Daarna wordt er gefeest.
Vanwege de afgelegen ligging van Pitcairn en het ontbreken van een vliegveld, heeft het coronavirus het eiland nog niet bereikt. De schaarse toeristen zijn momenteel niet welkom.
Alleen het vaste bevoorradingsschip uit Nieuw-Zeeland, de MV Silver Supporter, doet Pitcairn ieder kwartaal aan, waarbij alle Covid-voorzorgsmaatregelen worden genomen, waaronder quarantaine. So far, so good!
De vlag
De vlag van Pitcairn is net als veel meer Britse overzeese territoria een zogenoemde blue ensign, een blauwe vlag met de Union Flag of Union Jack in het kanton. Op het uitwaaiende gedeelte is het wapen van Pitcairn afgebeeld.
Voorstel en ontwerp voor de vlag werden in december 1980 ingediend. Na goedkeuring door Koningin Elizabeth II in april 1984 werd de vlag voor het eerst gehesen in mei 1984, bij het bezoek van gouverneur Sir Richard Stratton. (Gezien het geringe aantal bewoners deelt Pitcairn een gouverneur met Fiji, waar deze normaliter resideert).
Het wapen op de vlag is ouder dan de vlag zelf en dateert van 4 november 1969. Het groene vlak op het schild is Pitcairn, het blauw de hemel erboven. Op het groene vlak zijn verder afgebeeld het anker van de Bounty en de scheepsbijbel.
Het schild wordt gedekt door een helm in grijs met daarachter een naar beneden hangende krans van geel en groen. De helm is op zijn beurt eveneens gedekt, en wel met een Pitcairnse kruiwagen in grijs en bladeren (in groen) en bloesem (in geel en rood) van een locale strandpopulier (Thespesia populnea).
Men zou kunnen denken dat deze dag refereert aan de recente onafhankelijkheid van Oekraïne in 1991, maar dat is hier niet het geval. De dag herinnert aan de vereniging van de Oekraïense gebieden in 1919, vandaag dus 102 jaar geleden.
Wat nu Oekraïne is, was voor 1919 verdeeld in een deel dat bij het Russische Keizerrijk hoorde en de andere helft was onderdeel van het Keizerrijk Oostenrijk-Hongarije. Met de volksrevoluties in die tijd hielden beide keizerrijken op te bestaan.
Het deel dat voorheen onderdeel was van Oostenrijk-Hongarije werd de West-Oekraïense Nationale Republiek (1918) en het voormalige Russische deel werd de Oekraïense Volksrepubliek (1917).
Kaart van Oekraïne in 1919 (ansichtkaart uit 1919)
Op 22 januari 1919 gingen beide republieken samen, waarbij de zogenaamde Akte van Eenwording (Акт Злуки) werd getekend. De nieuwe staat heette de Oekraïense Staat. Het duurde allemaal niet lang: het westelijke deel werd vanaf 1919 Pools en bleef dat tot 1939, het oostelijke deel werd in 1921 ingelijfd bij de Sovjet-Unie. Na de bezetting door Duitsland in de Tweede Wereldoorlog lijfde de Sovjet-Unie in 1944 de hele Oekraïne in.
Met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie werd Oekraïne op 24 augustus 1991 opnieuw een onafhankelijke staat, nu zonder het lidwoord ‘de’ voor de naam. De Dag van de Eenheid wordt in 1999 ingesteld door president Leonid Koetsjma.
De vlag
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan. De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinuëerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
Verschillende versies van de sovjet-vlaggen van Oekraïne, v.l.n.r.: 1917-1918, 1919-1929. 1929-1937, 1937-1949
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
Sovjet-vlag van Oekraïne van 1941 tot 1991
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Op 21 januari 2013 maakte premier Pauline Marois van Québec bekend dat de (Franstalige Canadese) provincie op deze datum een officiële Dag van de Vlag zou krijgen. Het is een dag waarop de toch al populaire vlag op nog meer plaatsen te zien is. Op scholen wordt aandacht besteed aan de geschiedenis van de vlag, er zijn speeches en ook de Québecse onafhankelijkheidsbeweging Mouvement souverainiste du Québec, laat van zich horen.
De vlag van Québec is blauw met een wit staand kruis wat de vlag in vier vakken verdeeld. In elk van de vakken een flauw-de-lys in wit.
Vlag van Québec (1948-heden)
Tot 1948 werd in Québec de Union Jack of Union Flag gebruikt. Hoewel er ooit eerdere pogingen waren ondernomen om tot een eigen vlag te komen, duurde het dus tot 1948 voordat hiertoe werd besloten. Eind 19e eeuw was er een ontwerp voor een Québecse versie van een blue ensign (met het provinciewapen op de vluchtzijde), maar die lijkt nooit gebruikt te zijn.
De blue ensign van Québec
In 1902 werd er door de abt Ephège Filiatreault een vlag ontworpen, de zogenaamde Drapeau de Carillon, die in feite de directe voorloper is van de huidige vlag.
Ook die vlag werd echter niet ingevoerd. Deze vlag heeft echter onmiddellijk na de aanname van de huidige vlag op 21 januari 1948 kortstondig vanaf het parlementsgebouw gewapperd, omdat de nieuwe vlag pas op 2 februari beschikbaar was.
Drapeau de Carillon
De vlag van Québec heeft een naam: Fleurdélisé. Hij is in vieren verdeeld door een wit kruis, afkomstig van de Franse koninklijke vlag. De vier fleur-de-lys op de blauwe velden lijken ook te verwijzen naar de vroegere Franse koningsvlag, maar dat is niet het geval. Deze zijn afkomstig van een vlag die gebruikt werd door een Frans-Canadese militie onder bevel van luitenant-generaal Louis-Joseph de Montcalm, bij de Slag van Carillon in 1758.
‘Victoires des troupes de Montcalm à Carillon’ door Henry Alexander Ogden (1854-1936), met rechts op de voorgrond Louis Joseph de Montcalm (Fort Ticonderoga Museum, New York / publiek domein)
Vandaag komt er een einde aan de vier tumultueuze jaren van Donald Trump’s presidentschap met de inauguratie van Joe Biden als zijn opvolger, in een zwaar gefortificeerd Washington.
De twee symbolen of mascottes van de twee grote rivalen. Links: De olifant voor de Republikeinen (±1874) / Rechts: De ezel voor de Democraten (±1870)
De verkiezingen van 2020
Sinds de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 3 november vorig jaar kunnen we zonder overdrijving stellen dat er heel wat gebeurd is. Daar de afzonderlijke staten elk op hun eigen wijze de verkiezingen kunnen organiseren en er eveneens verschillen zijn hoe en wanneer de staten bepaalde stemmen mogen tellen, was de uitslag niet snel duidelijk.
Verkiezings-buttons voor Trump en Biden/Harris
Vanwege de corona-pandemie werd er opgeroepen vooral per post te stemmen, wat Democratische kiezers massaal deden en Republikeinse kiezers veel minder. In een aantal staten mochten de poststemmen niet vóór de 3e november worden geteld, waardoor veel Democratische poststemmen later werden geteld dan stemmen van de meeste Republikeinse stemmers, die veelal zelf in persoon in het stembureau hadden gestemd.
Verkiezingsvlaggen voor Trump en Biden
Het was dan ook niet verwonderlijk dat zittend president Trump in eerste instantie een voorsprong nam. Op de avond van de 3e november eiste hij de overwinning al op. Te voorbarig.
Uitslag
Vanaf de 4e november keerde het tij en begon de Democratische kandidaat en ex-vice-president Joe Biden, in te lopen. Het was vooral spannend in de ‘swingstates’ Georgia, Pennsylvania, Michigan, Arizona en Nevada. Nadat Biden op 7 november een niet meer in te halen voorsprong had in Pennsylvania, waardoor hij het minimaal benodigde aantal van 270 kiesmannen op zijn naam kon schrijven, werd hij door de meeste nieuwsmedia tot winnaar uitgeroepen.
Kaart van de Verenigde Staten met de verkiezingsresultaten: rood voor Trump, blauw voor Biden, de getallen staan voor het aantal kiesmannen in een staat (publiek domein)
306 kiesmannen veroverde Biden uiteindelijk, tegen 232 voor Trump. 81 miljoen Amerikanen stemden op Biden, 74 miljoen op Trump. Zoals we allemaal nu weten begon toen de ellende: Trump weigerde zich bij de verkiezingsuitslag neer te leggen, terwijl de verkiezingen juist ordelijk en eerlijk waren verlopen.
Leugens
Maanden vol nutteloze verdachtmakingen en ruim 60 zinloze rechtszaken volgden. De president twitterde de ene leugen na de andere over de zogenaamd frauduleuze verkiezingsuitslag, waardoor een deel van zijn trouwe aanhangers steeds verder radicaliseerde. Dat de Republikeinse Partij als één man achter Trump bleef staan en Joe Biden (nog) niet als president-elect wilde erkennen zolang er rechtszaken liepen, hielp uiteraard ook niet.
Certificatie van het Electoral Collegeen bestorming Capitool
Dat leidde er toe dat we vandaag de 3e historische woensdag op een rij kunnen bijschrijven in het nog jonge jaar 2021. Nadat op 14 december de kiesmannen de uitslag officieel goedkeurden, moest er nog één formele certificatie plaatsvinden: het voorlezen van het aantal kiesmannen per staat in een gezamenlijke zitting van het Huis van Afgevaardigden en de Senaat, op woensdag 6 januari, voorgezeten door vice-president Mike Pence.
Links: De officiële certificatie van Alabama (voor Trump) / Rechts: De officiële certificatie van Michigan (voor Biden). Beide documenten zijn voorzien van hun Grootzegels.
Tegelijkertijd zweepte president Trump zijn sinds wekenlang opgefokte ultrarechtse aanhang op het recht in eigen hand te nemen en te vechten voor hun land na het ‘stelen’ van de verkiezing, tijdens een Save Americarally op The Ellipse, de grasvlakte tegenover het Witte Huis.
Het resultaat moge bekend zijn: de bestorming van het Capitool door een woedende menigte Trump-aanhangers, waarbij de Capitol Police grotendeels onder de voet werd gelopen en de parlementsleden de wettelijke procedure moesten onderbreken en in veiligheid moesten worden gebracht. Naast de massale vernielingen en diefstal van privé- en staats-eigendommen, vielen er in totaal vijf doden: één politie-agent en vier relschoppers. Toen de rust na uren wachten op versterkingen eindelijk was hersteld, keerden de parlementsleden terug om de certificatie van Joe Biden alsnog af te maken.
De algemene consensus over de oorzaak was dat president Trump dit alles had veroorzaakt door maandenlang zijn aanhang met leugens te vergiftigen en ze tijdens zijn Save America rally op te roepen om voor ‘hun’ Amerika te vechten. Dit leidde tot een supersnel ingediend voorstel voor een tweede impeachment.
Tweede impeachment
Op de 2e historische woensdag, de 13e januari, kwam het Huis van Afgevaardigden bijeen voor een tweede impeachment van president Trump. Alle 222 Democraten in het Huis steunden dit voorstel, net als 10 Republikeinen, waardoor het eindtotaal op 232 afgevaardigden vóór kwam, tegen 197 tegen (en 4 onthoudingen).
Telling van het voorstel tot de tweede impeachment van president Donald Trump in het Huis van Afgevaardigden op woensdag 13 januari 2012 (screenshot) Voorpagina van de New York Times van donderdag 14 januari 2021
Om het proces af te ronden moet het voorstel nu door naar de Senaat, waar ten minste 2/3 van de senatoren steun zal moeten uitspreken om de zogenaamde removal een feit te laten worden. Omdat Trump sinds vandaag sowieso geen president meer is, is van een daadwerkelijke removal overigens geen sprake. Maar mocht de Senaat hier uiteindelijk ‘ja’ tegen zeggen, dan kan Trump uitgesloten worden ooit nog een openbaar ambt te vervullen.
Inauguratie
De 3e historische woensdag is natuurlijk vandaag: de inauguraties van Joseph R. Biden als 46e president en Kamala Harris als 49e vice-president van de Verenigde Staten van Amerika in de hoofdstad Washington, D.C., na één van de onwerkelijkste periodes in de Amerikaanse geschiedenis.
De veiligheidsmaatregelen zijn vandaag ongekend, met de bestorming van het Capitool nog vers in het geheugen. Ook al vanwege de pandemie is de ceremonie vandaag anders dan anders: er kunnen veel minder mensen bij aanwezig zijn.
Programma
Het officiële programma begint om 8.30 u plaatselijke tijd, de eedaflegging van president Biden is om 12.00 u precies (18.00 u Nederlandse tijd). Tussen de officiële genodigden bij het Capitool zullen drie voormalige presidenten zijn: Bill Clinton met zijn vrouw Hillary Rodham Clinton, George W. Bush met zijn vrouw Laura en Barack Obama met zijn vrouw Michelle. Aftredend vice-president Mike Pence en aftredend Second Lady Karen Pence geven ook acte de présence. Grote afwezige is aftredend president Donald Trump, maar gezien de gebeurtenissen van de afgelopen weken hoeft dat niet te verbazen. Hij is de eerste aftredend president sinds 1869 die niet bij de inauguratie van zijn opvolger zal zijn.
Het programma wordt gepresenteerd door acteur Tom Hanks en zal in de V.S. op alle grote netwerken live te zien zijn: ABC, CBS, NBC, CNN en MSNBC. Fox News kondigde aan om het alleen bij de toespraken van president Biden en vice-president Harris te laten, maar zendt de inauguratie alsnog live uit.
Wat optredens betreft: Lady Gaga zal het volkslied zingen. Jennifer Lopez treedt op aan de westzijde van het Capitool. Verder aanwezig: Justin Timberlake, Jon Bon Jovi, Demi Lovato en Ant Clemons. Dit alles onder de noemer Celebrating America.
Links: Eedaflegging door President Joe Biden op de Biden-familiebijbel, vastgehouden door First Lady Dr. Jill Biden (screenshot) / Rechts: Eedaflegging door Vice-President Kamala Harris (screenshot)
Na de eedafleggingen voor het Capitool verplaatst een deel van de genodigden zich naar Arlington National Cemetery, aan de overkant van de rivier de Potomac. President Biden en vice-president Kamala Harris zullen daar een krans leggen bij het Graf van de Onbekende Soldaat, in aanwezigheid van de voormalige presidenten en hun eega’s.
President Joe Biden en First Lady Dr. Jill Biden tijdens hun aankomst bij het Witte Huis na de plechtigheid op Arlington National Cemetery (screenshot)
De vlag
Vlag van de Verenigde Staten van Amerika (The Stars and Stripes), 1960-heden
De vlag van de Verenigde Staten is ongetwijfeld één van de bekendste in de wereld. Hij begon z’n leven als Britse vlag, de 13 rood-witte strepen waren in die vlag al aanwezig, maar het blauwe vlak aan de broekingszijde, waar nu de 50 sterren te zien zijn, bevatte toen de Engelse vlag.
Links: Grand Union Flag (1775-1777) / Rechts: Replica van de Grand Union Flag (publiek domein)
Op 14 juni 1777 werd de vlag officieel veranderd, de Engelse vlag werd uit het kanton verwijderd. Ervoor in de plaats kwamen 13 sterren, die net als de strepen voor de 13 koloniën stonden. In de Flag Resolution werd echter niet gespecificeerd hoe de vlag er precies uit diende te zien. In plaats van 7 rode en 6 witte strepen, konden het ook 6 rode en 7 witte strepen zijn. Ook de rangschikking van de sterren stond niet vast, waardoor er verschillende versies ontstonden, zoals de voorbeelden hieronder: de Francis Hopkinson-variant en de Betsy Ross-versie. Francis Hopkinson was vlaggenontwerper (maar ook auteur en componist) bij de Marine, Betsy Ross uit Philadelphia was een stoffeerder voor het Continentale leger en produceerde uniformen, tenten en vlaggen.
Twee vlaggen uit de periode 1777-1795. Links: de Francis Hopkinson-variant / Rechts: De Betsy Ross-variant
Toen in 1795 twee nieuwe staten zich bij de Unie voegden werd de vlag opnieuw veranderd: nu met 15 rood-witte strepen en 15 sterren.
Links: Versie met 15 sterren en 15 strepen (1795-1818) / Rechts: Versie met 20 sterren en 13 strepen (1818-1819)
Het volgende ontwerp dateert van 1817: inmiddels waren nog eens vijf nieuwe staten toegetreden, maar men leek het wat te gortig te vinden nog meer strepen toe te voegen. Er werd besloten terug te keren naar de oorspronkelijke 13 strepen en alleen het aantal sterren uit te breiden naar 20. Deze vlag werd officieel ingevoerd op 4 juli 1818.
Het aantal postzegels met de Amerikaanse vlag erop is inmiddels gigantisch, hier drie voorbeelden met nationale symbolen, v.l.n.r.: 8 cents-zegel uit 1971 met het Witte Huis, 22 cents-zegel uit 1985 met het Capitool en 29-cents-zegel uit 1991 met Mount Rushmore
Sinds die tijd zijn met het toetreden van steeds meer staten dus alleen sterren toegevoegd in het kanton. Hawaii was de laatste staat tot nu toe in 1959. Het huidige model met 50 sterren werd ingevoerd op 4 juli 1960.
Vlag van de president
Zoals vrijwel ieder staatshoofd heeft de president van de Verenigde Staten zijn eigen vlag. Deze vlag is aan het ambt verbonden en is dus gelijk voor iedere president.
Vlag van de president van de Verenigde Staten van Amerika (1960-heden)
De presidentiële vlag heeft een donkerblauw veld met in het midden het wapen van de Amerikaanse president. Dit wapen is gebaseerd op dat van het Grootzegel (Great Seal) van de Verenigde Staten.
E pluribus unum
Het wapen toont een Amerikaanse adelaar met gespreide vleugels in natuurlijke kleuren (bruin, wit en geel), met zijn kop naar links gewend (puur heraldisch is dit eigenlijk rechts, vanuit de adelaar zelf gezien). Van achter de adelaar waaieren in goud ‘gloriestralen’ uit. Bovenop de gloriestralen 13 witte wolken met daaronder 9 witte sterren, beide symbolen in een boog. Tussen de sterren en de kop van de adelaar een witte banderol met de tekst E pluribus unum (Uit velen één) in zwarte kapitalen. Een sliert van de banderol eindigt in de snavel van de adelaar. Tussen de banderol en de rechtervleugel nog eens 4 witte sterren.
Adelaar
De adelaar heeft in de linkerklauw (heraldisch rechterklauw) een groene olijftak en in de rechterklauw (heraldisch linkerklauw) 13 grijze pijlen. Bovenop de adelaar is een schild geplaatst. Het schild heeft drie punten aan de bovenkant. Het bovenste kwart van het schild is lichtblauw, de overige driekwart van het schild toont 6 verticale rode balken op een wit veld, waardoor er in feite 13 balken in totaal zijn. Het wapen wordt omcirkeld door 50 witte sterren.Het getal 13 wat telkens terug komt staat voor de eerste 13 staten die samen de Verenigde Staten vormden in 1776. De 50 sterren symboliseren de huidige 50 staten. De olijftak en de pijlen staan voor vrede en oorlog. Het motto E pluribus unum bestaat al sinds 1776 en werd officieel in 1782 aan het wapen toegevoegd. Het Grootzegel heeft in de loop deer eeuwen verschillende versies gekend. Het huidige wapen dateert van 1960.
Versies
Ook de vlag kent een voorgeschiedenis, waarbij de basis grotendeels hetzelfde bleef. Hoewel er in 1818 al een voorstel voor een presidentiële vlag bestond, kwam dat niet van de grond. In 1848 duikt er in een Brits vlaggenboek van John William Norie een afbeelding op van een Amerikaanse presidentiële vlag, hoewel de vlag nooit daadwerkelijk bestaan lijkt te hebben.
Links: De mysterieuze vlag uit het vlaggenboek van John William Norie (1848) / Rechts: De vlag uit 1882
In 1882 werd er onder president Chester Arthur daadwerkelijk een vlag ingevoerd, waarbij hij zelf voor het uiteindelijke ontwerp koos. De donkerblauwe kleur van de vlag vindt zijn oorsprong in dat het vooral van belang werd geacht dat de vlag op marineschepen gevoerd moest kunnen worden bij een presidentieel bezoek. Dus de kleur van de vlag werd marineblauw en is dat daarna altijd gebleven (op een korte periode tussen 1898 en 1901 na, toen er twee versies waren; zie verderop). De vlag werd voor het eerst daadwerkelijk gebruikt bij een bezoek van president Arthur aan Florida. Het duurde echter niet lang voor de vlag de wal op ging, zoals bij de 100-jarige herdenking in 1889 van de inauguratie van George Washington in New York als eerste president van de Verenigde Staten.
Links: Chester Arthur (1829-1886) (publiek domein) / Rechts: William McKinley (1843-1901) (publiek domein)
In 1897 werd de vlag opnieuw aan land gebruikt door een hoteleigenaar in New York, bij een bezoek van president William McKinley. Rond deze tijd werd ook een nieuwe versie van de vlag ontworpen, waarbij de adelaar nu in full color te zien was.
Links: De vlag uit ±1897 / Rechts: De vlag uit 1902
Marine versus landmacht
Wellicht door een zekere rivaliteit tussen marine en landmacht werd er in 1898 ook een presidentiële legervlag ontworpen in rood met het Grootzegel gevat in een grote ster. Deze vlag heeft het niet lang uitgehouden.
Links: Presidentiële landmachtvlag (1898-1901) / Een aquarel uit 1898 van de vlag door legerkunstenaar Edward C. Kuhn (1872-1948) (publiek domein)
Toen in 1901 de Duitse marine-attaché informeerde naar hoe en wanneer welke vlag te gebruiken bij buitenlands bezoek, werd door president Theodore Roosevelt de beslissing genomen dat de presidentiële landmachtvlag nooit officieel was goedgekeurd en dat de presidentiële marinevlag ouder was en dus de voorkeur verdiende. Zodoende kreeg de vlag in 1902 gelijk een make-over (waarbij de adelaar z’n kleur weer verloor) en was daarmee nu echt de presidentiële vlag.
In 1916 werd onder president Woodrow Wilson de vlag opnieuw veranderd, waarbij er o.a. vier sterren in de hoeken werden geplaatst, als symbool voor additioneel gebruik door de landmacht. Tevens werd de kop van de adelaar gedraaid, zodat hij nu naar rechts keek (heraldisch links).
Links: De vlag uit 1916 / Rechts: De vlag uit 1945 met 48 sterren
Definitieve versie
Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam er onder president Franklin D. Roosevelt opnieuw een voorstel voor aanpassing, alhoewel hij dat niet meer mee zou maken. Pas na zijn dood in 1945 werd onder president Harry Truman Executive Order 9646 (25 oktober 1945) uitgevaardigd met daarin het definitieve ontwerp, waarin de adelaar opnieuw zijn kop draaide en dus weer naar links keek (heraldisch rechts). Geheel nieuw was de sterrencirkel rond het Grootzegel. Tevens kreeg de adelaar z’n kleuren uit 1897 terug. Dit is het ontwerp dat we nu nog kennen, het enige verschil met 1945 is dat het aantal sterren in de cirkel toen 48 was en sinds de toetreding van Alaska en Hawaii in 1959 50 bedraagt.
‘The Beast’, de zwaargepantserde limousine van de Amerikaanse president, met linksvoor de mini-versie van de presidentiële vlag, op de achtergrond het Jefferson Memorial (1943) aan het Tidal Basin te Washington, D.C (publiek domein)
Van de vlag bestaat ook een mini-versie die op de presidentiële limousine (‘The Beast’, een unieke Cadillac) wordt gebruikt.
President Barack Obama tijdens een speech vanuit de Cross Hall in het Witte Huis op 10 september 2014, met de nationale én presidentiële vlaggen (bij binnengebruik worden officiële vlaggen doorgaans voorzien van franje langs de randen) (foto: Saul Loeb)
Vlag van de vice-president
Uiteraard heeft ook de vice-president van de Verenigde Staten een eigen vlag, die vandaag overgaat van Mike Pence naar Kamala Harris. Deze vlag is veel jonger dan die van de president, officieel bestaat ze nog maar sinds 1936.
Vlag van de vice-president van de Verenigde Staten (1975-heden)
Officieus echter was er in 1915 al (overhaast) een vlag ontworpen toen vice-president Thomas Marshall president Woodrow Wilson moest vertegenwoordigen bij de Panama-Pacific International Exposition in San Francisco. Diverse andere hoge regeringsvertegenwoordigers hadden allemaal vlaggen, maar de vice-president niet.
Links: Josephus Daniels (1862-1948) (publiek domein) / Rechts: Franklin D. Roosevelt (1882-1945) in 1915 (publiek domein)
Minister van de Marine Josephus Daniels en Staatssecretaris van Defensie (en latere president) Franklin D. Roosevelt ontworpen er toen een. Het werd een kopie van de presidentiële vlag, maar dan met een wit veld en kleine kleurverschillen in het Grootzegel.
Links: De eerste (officieuze) vice-presidentiële vlag, gebruikt in 1915 en 1919 / Rechts: Affiche voor de Panama-Pacific International Exposition uit 1915
Dezelfde vlag werd vier jaar later nog een keer gebruikt toen vice-president Marshall president Wilson opnieuw moest vervangen, nadat deze laatste op 2 oktober 1919 een beroerte had gehad.
Links: Thomas Marshall (1854-1925) (publiek domein) / Rechts: Woodrow Wilson (1856-1924) (publiek domein)
De gelegenheid was het staatsbezoek van Koning Albert I en Koningin Elizabeth van België, waarbij ze vergezeld werden door hun zoon, de Hertog van Brabant (de latere Koning Leopold III).
Op het programma stond onder meer een vaartocht op de Potomac met het presidentiële jacht, de USS Mayflower, van de Washington Navy Yard naar Mount Vernon, het huis van George Washington. Tijdens deze tocht was de officieuze vlag opnieuw te zien.
Executive Orders
Franklin D. Roosevelt, inmiddels president geworden, vaardigde op 7 februari 1936 Executive Order 7285 uit, waarin er voor het eerst een officiële vice-presidentiële vlag werd ingevoerd. De vlag was een kopie van de presidentiële vlag, model 1916, toen in gebruik, maar met deels tegengestelde kleuren. Het witte veld was een blijvertje.
Links: Vlag van de vice-president (1936-1948) / Rechts: Vlag van de vice-president (1948-1975)
Net als bij de presidentiële vlag (zie boven) kwam er tijdens de Tweede Wereldoorlog een voorstel tot aanpassing van de vlag, die Roosevelt zelf niet meer meemaakte. Omdat de positie van vice-president op dat moment vacant was (en bleef tot 1949) werd er geen haast gemaakt. Het was al 1948 toen president Truman Executive Order 10016 uitvaardigde, waarin wapen, zegel en vlag van de vice-president werden vastgesteld. Dit ontwerp was heel anders dan de presidentiële tegenknie van 1945: de adelaar’s vleugels hadden een totaal andere positie met de vleugelpunten naar beneden, de olijftak is duidelijk kleiner en in plaats van 13 pijlen slechts één enkele pijl, plus geen sterrencirkel van 48, maar slechts 13 (voor de oorspronkelijke 13 staten).
Links: Nelson Rockefeller (1908-1979) in 1975 (publiek domein) / Rechts: Gerald Ford (1913-2006) met achter hem nog net zichtbaar de presidentiële vlag (publiek domein)
Verschillende vice-presidenten waren niet erg gecharmeerd van dit ontwerp. Toch duurde het nog tot 1975, onder vice-president Nelson Rockefeller (die de vlag helemaal niks vond), voordat er een nieuw ontwerp kwam. Het United States Army Institute of Heraldry tekende hiervoor. President Gerald Ford vaardigde op 7 oktober 1975 Executive Order 11884 uit, waarbij de vice-presidentiële vlag in feite opnieuw een (witte) kopie werd van de presidentiële vlag, op een paar kleine kleurverschillen na.
De vice-presidentiële vlag tijdens een speech van (toen nog) vice-president Joe Biden bij de Brookings Institution in Washington, D.C., op 3 september 2009, rechts op de foto: Strobe Talbott, president van de Brooking Institution (foto: David Lienemann / publiek domein)
Deze vlag werd in gebruik gesteld op 29 oktober 1975 en is de vlag die Kamala Harris vanaf vandaag zal voeren.
George Bush Sr. en zijn vrouw Barbara wuiven naar het publiek vanuit de vice-presidentiële bolide op 20 januari 1981, tijdens de inaugurale parade in Washington, D.C., na de installatie van hem en Ronald Reagan als vice-president en president. Goed zichtbaar is de vice-presidentiële vlag in mini-versie. (publiek domein)
De vlag wordt net als de presidentiële vlag ook in mini-versie gevoerd op de voertuigen waarin de vice-president zich verplaatst.
De Georgische Vlagdag herdenkt de invoering van de vlag op 14 januari 2004. Op die dag werd de ‘organieke wet van Georgië op de staatsvlag’ goedgekeurd.
Vlagdag in Georgië (publiek domein)
Naast de vlag werden toen ook het staatswapen en het volkslied officieel ingevoerd. De Vlagdag werd in 2012 als officiële feestdag ingevoerd.
De vlag
Vlag van Georgië (1008-1490 / 2014-heden)
De vlag bestaat uit een wit veld met een rood Sint-Joriskruis. In elk van de vier rechthoekige vlakken staat een rood kruis patté (een heraldisch kruis met armen die steeds breder worden).
Hoewel bronnen over de exacte geschiedenis schaars en niet altijd betrouwbaar zijn, wordt aangenomen dat de vlag in eerste instantie zónder de vier kruizen patté voorkwam. In dat geval was de vlag gelijk aan die van Engeland. Het Sint-Joriskruis vindt zijn oorsprong in de tijd van de Kruistochten en het kruis als symbool van Jeruzalem. De later toegevoegde kruizen patté verwijzen ook naar het Jeruzalem-kruis, maar lijken daar iets meer op qua vorm.
Georgië heeft in zijn complete geschiedenis zo’n 13 verschillende vlaggen gehad, maar het zou wat te ver voeren dat hier allemaal uit de doeken te doen. Maar zelfs de recente geschiedenis van het land levert de nodige variatie!
In zijn tijd als sovjet-republiek (1921-1990) had het land maar liefst vier verschillende vlaggen, waarbij de laatste, tussen 1951 en 1990 een variatie was van de nationale vlag van de Sovjet-Unie (net zoals alle andere deelrepublieken allemaal hun eigen variant hadden).
Georgië’s vlag als sovjet-republiek
Na de ontmanteling van de Sovjet-Unie werd Georgië opnieuw een onafhankelijk land in 1990. Onder leiding van president Shevardnadze werd de vlag van vóór de communistische tijd weer ingevoerd. Deze vlag van de Democratische Republiek Georgië werd toen overigens maar kort gebruikt: van 1918 tot 1921.
Vlag van Georgië (1918-1921 / 1990-2004)
Een 2.0 voor de vlag van 1918 dus, maar ook die zou het niet lang uithouden. Na de herwonnen onafhankelijkheid was het in Georgië jarenlang onrustig vanwege afscheidingsproblemen van deelgebieden en politieke conflicten tussen verschillende partijen. Door de oppositiepartij Verenigde Nationale Beweging werd in manifestaties een vlag gebruikt die nóg verder teruggreep in de Georgische geschiedenis: de vlag van het Koninkrijk Georgië, in gebruik tussen 1008 en 1490.
Links: Edoeard Sjevarnadze (1928-2014) in 1997 (publiek domein) / Rechts Micheil Saakasjvili (1967) in 2008 (publiek domein)
Uiteindelijk werd deze vlag zo populair dat de Georgische orthodoxe kerk de herinvoering ervan steunde. In 1999 keurde het parlement de wijziging van de nationale vlag goed, maar president Sjevardnadze wees het wijzigingsvoorstel af. Het land bleef onrustig en dit leidde uiteindelijk tot een ‘fluwelen’ revolutie in 2003 (de zogenaamde Rozenrevolutie), waarbij Sjevardnadze het veld ruimde en de leider van de oppositie, Mikheil Saakasjvili, president werd. Opnieuw kwam het vlagvoorstel in het parlement aan de orde en op 14 januari 2004 werd -opnieuw- groen licht gegeven. Op 25 januari daaropvolgend zette president Saakasjvili zijn handtekening onder de wet. Sindsdien heeft Georgië een nieuwe (maar eigenlijk oude) vlag.