Rusland beschuldigt Oekraïne van schenden nog niet ingegaan bestand
Rusland liet op dinsdag weten dat Oekraïne drone-aanvallen op Moskou heeft uitgevoerd, enkele dagen voor het begin van een door de Russische president Poetin afgekondigd staakt-het-vuren, dat samenvalt met de parade die het einde van de Tweede Wereldoorlog herdenkt.
De vier belangrijkste luchthavens van Moskou sloten dinsdag enkele uren vanwege de aanval, aldus de autoriteiten. Er vielen geen slachtoffers en Oekraïne heeft geen commentaar op het gebeuren gegeven. Voor zover bekend schoot de Russische luchtverdediging negentien drones uit de lucht in de nacht van 5 op 6 mei en nog eens zeven in de nacht van 6 op 7 mei.
Een Oekraïense Bayraktar TB2-drone (screenshot)
Moskou houdt morgen, op vrijdag 9 mei, de jaarlijkse parade ter ere van de overwinning van de Sovjet-Unie en bondgenoten op nazi-Duitsland. Dit jaar is het 80 jaar geleden dat de Tweede Wereldoorlog eindigde.
De afgelopen dagen werd er al volop gerepeteerd voor de militaire parade, zoals hier bij het Kremlin (screenshot)
Verwacht wordt dat verschillende wereldleiders, waaronder de Chinese leider Xi Jinping, aanwezig zullen zijn voor de parade.
De repetities trokken veel bekijks (screenshot)
De Russische president Poetin kondigde vorige week een driedaags staakt-het-vuren af, vanaf vandaag, 8 mei, iets waar Oekraïne zich niet aan heeft gecommitteerd, Kiev wil een langere wapenstilstand.
Moskou-woordvoerder Dmitri Peskov (1967) tijdens een interview op 15 april jl. (screenshot)
Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov zei er op dinsdag het volgende over: “Het vuur zal worden gestaakt, maar mocht het regime in Kiev dat niet doen en onze posities en faciliteiten blijven aanvallen, dan zal er onmiddellijk een passende reactie komen”.
President Zelensky tijdens zijn video-boodschap van zaterdag 3 mei (screenshot)
De Oekraïense president Zelensky heeft de Russische plannen voor een staakt-het-vuren afgedaan als een “toneelstuk”. In plaats daarvan heeft hij aangedrongen op een staakt-het-vuren van ten minste 30 dagen, waarbij raket- en droneaanvallen op burgerdoelen zouden worden stopgezet. Hij zou ook hebben gezegd dat zijn land de veiligheid van iedereen die deze week naar Moskou reist, niet kan garanderen.
Afgelopen nacht heeft Rusland vannacht (na middernacht) aanvallen uitgevoerd in de noordoostelijke regio Soemy, aldus het Oekraïense leger. Als dat inderdaad het geval is, dan houdt het Kremlin zich dus niet aan zijn eigen staakt-het-vuren.
Cijfer Russische doden en gewonden op weg naar één miljoen
Volgens de Oekraïense generale staf zou het totaal aantal gesneuvelde en gewonde Russische militairen sinds het begin van de oorlog op 24 februari 2022 inmiddels rond de 957.000 liggen.
De volgende screenshots komen uit een filmpje dat eind vorig jaar werd gemaakt op een militaire begraafplaats in Tatarstan, in het Europese deel van Rusland, het screenshot hierboven laat een hele serie regimentsvlaggen zien
Dit cijfer wordt bevestigd door verschillende Britse en Amerikaanse bronnen. Afgelopen zaterdag 3 mei zouden er alleen al bijvoorbeeld 1.340 slachtoffers zijn bijgekomen.
De militaire begraafplaats wordt overspoeld met slachtoffers van de door Rusland begonnen oorlog, hierboven Russische vlaggen, waarvan één met het wapen van de dubbelkoppige adelaar
Natuurlijk vallen er ook doden en gewonden aan Oekraïense kant, president Zelensky noemde in december een aantal van ruim 400.000. Volgens militaire analisten zouden er momenteel voor ieder Oekraïens slachtoffer drie Russische tegenover staan.
Russische soldaten begeleiden een gesneuvelde kameraad naar zijn laatste rustplaats
De meeste slachtoffers aan Russische zijde zijn rekruten, die vaak slechts een maand training achter de rug hebben -in sommige gevallen nog minder- en die in de frontlinie van de oorlog worden ingezet, terwijl de meer ervaren soldaten zich ophouden in de linies daarachter, waar de kans op sneuvelen navenant lager ligt.
Het aantal gesneuvelde Russische militairen is nu al vele malen groter dan de verliezen in de oorlogen in Afghanistan en Tsjetsjenië samen
Dat het aantal Russische mannen dat zich aanmeldt voor het leger de laatste tijd alleen maar is gestegen is waarschijnlijk te danken aan enerzijds de lucratieve bonussen die in het vooruitzicht worden gesteld en anderzijds het totale ontbreken van openheid van leger en media over de enorme aantallen slachtoffers die er onder de rekruten vallen.
Grafversierselen in de kleuren van de Russische vlag
Twee doden bij aanval op Kiev
In Kiev vielen gisterochtend twee doden en acht gewonden bij een Russische raketaanval. Onder de gewonden waren vier kinderen.
Brand na een drone-inslag in de wijk Sviatoshynskyiin Kiev gisterochtend (foto gedeeld door de Staatsnooddienst van Oekraïne)
Brokstukken van een drone sloegen in op een gebouw van negen verdiepingen in de wijk Sviatoshynskyi, waarbij appartementen op verschillende verdiepingen vlam vatten. Er onstond vervolgens brand over een oppervlakte van zo’n 100 vierkante meter, die na de komst van de brandweer kon worden geblust.
Bij de brand liepen drie kinderen brandwonden op(foto gedeeld door de Staatsnooddienst van Oekraïne)
Eén drone stortte neer op een wolkenkrabber in de wijk Dniprovskyi, waarbij de vloerplaten op de 28e en 29e verdieping gedeeltelijk werden verwoest. Volgens de Staatshulpdienst vielen hierbij wonderwel geen slachtoffers, noch brak er brand uit.
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.
Op 7 mei 1259 verleende aartsbisschop Konrad von Hochstaden aan Keulen stapelrecht. In de Middeleeuwen was dit een belangrijk recht voor steden. Het hield in dat goederen die via een bepaalde stad vervoerd werden, daar gedurende een aantal dagen moesten worden opgeslagen en te koop aangeboden. In het geval van Keulen was dat drie dagen voor goederen die via de Rijn vervoerd werden.
V.l.n.r.: Konrad von Hochstaden (1198/1205-1261), illustratie in een 19e eeuws boek van de architectuur-auteur Max Hasak / Beeld van Konrad von Hochstaden (midden) aan het Rathaus van Keulen / De curieuze steunbeer onder het beeld van Konrad von Hochstaden, een knaap in een auto-fellatio-pose (!). Waarom dit beeldhouwwerk precies onder de figuur van Konrad van Hochstaden staat? Onbekend, maar waarschijnlijk toeval! (publiek domein)
Keulen was zeker niet de enige stad die dit recht had, In Duitsland waren dat onder meer Münden, Mainz, Maagdenburg, Frankfurt am Main, Berlijn en Erfurt. Veel Hanzesteden hadden het recht ook, zoals Rostock, Lübeck, Hamburg en Bremen. In Nederland had Dordrecht vanaf 1299 stapelrecht, net als o.a. de Hanzesteden Zwolle en Groningen stapelrecht. In Zeeland waren vier steden ‘lid van de club’: Middelburg, Vlissingen, Veere en Reimerswaal.
Keulen eind 15e eeuw uit “Scheldelschen Weltchronik” (publiek domein)
Het stapelrecht zorgde doorgaans voor een behoorlijke welvaart in een stad. In 1815 werd het op het Congres van Wenen afgeschaft.
De vlag
Vlag van Keulen
De vlag van Keulen bestaat uit 2 horizontale banen rood en wit, de Hanzekleuren. In het midden van de vlag is het stadswapen van Keulen geplaatst. Het is in de vorm van een wapenschild, waarbij de bovenkant (het schildhoofd) rood is en de rest van het schild (ongeveer tweederde) wit, opnieuw de Hanzekleuren dus. Overigens worden de kleuren rood en wit in de heraldiek aangeduid als keel en zilver.
Het rode schildhoofd toont drie gouden kronen, het witte veld elf hermelijnstaartjes verdeeld in rijen van vijf, vier en twee. De kronen verwijzen naar de Drie Koningen (ook wel de Drie Wijzen genaamd). Botresten van de wijzen worden als relikwieën sinds 1164 in de kathedraal van Keulen bewaard. Sinds die tijd heeft Keulen de kronen in zijn wapen.
De Heilige Ursula vlak voor zij dodelijk door een pijl wordt getroffen, net buiten de muren van Keulen, schildering op paneel van Hans Memling (1430/1440-1494) (detail van de Ursulaschrijn uit het Sint Jansklooster te Brugge)
De elf hermelijnstaartjes worden ook wel als ‘tranen’ aangeduid. Zij verwijzen naar de legende van de Heilige Ursula, die in 383 samen met haar tien vrouwelijke reisgenoten in Keulen door Atilla de Hun zou zijn vermoord. De elf tranen zijn sinds de 16e eeuw in het wapen opgenomen.
De vlag is overigens nooit exact omschreven en komt daarom in verschillende variaties voor, doch in basis verschillen ze alleen in detaileringen.
Martelaarsdag is een nationale dag in Libanon en Syrië ter herdenking van de Libanese en Syrische Arabische nationalisten, zowel moslims als christenen, die op 6 mei 1916 in Beiroet en Damascus werden geëxecuteerd door Jamal Pasha, ook bekend als Al Jazzar of De Slager de Ottomaanse wāli (gouverneur) van Groot-Syrië. Ze werden geëxecuteerd op zowel het Burjplein in Beiroet als op het Marjehplein in Damascus. Beide pleinen heten sindsdien Plein der Martelaren.
Het Ottomaanse Rijk, waarvan eigenlijk alleen het huidige Turkije nog over is (maar dus niet meer onder dezelfde naam), was bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog allang niet meer zo groot als het ooit was. Op de kaart hieronder zien we het gebied weergegeven.
Het gebied dat als Groot-Syrië bekend stond, omvatte delen van het huidige Syrië, Jordanië, Israël (toen nog Palestina) en heel Libanon. Deze delen van het rijk stonden al sinds 1516 onder Ottomaanse controle.
De opkomst van de politieke hervormingsbeweging van de zogenaamde Jonge Turken in 1908, die zich tegen de absolute monarchie in het sultanaat keerde en een constitutionele regering eiste, luidde het begin in van het einde van het Ottomaanse Rijk. Door middel van een staatsgreep werd sultan Abdülhamit II van het Ottomaanse Rijk door de Jonge Turken aan de kant geschoven. Hij werd weliswaar opgevolgd door zijn broer Mehmet V, maar deze was niet meer dan een symbolisch staatshoofd.
Sultan Mehmet V (1844-1918) op een portret uit 1916 door een onbekende schilder (publiek domein)
Het zorgde er voor dat ook in andere delen van het rijk, zoals in Groot Syrië, de roep voor meer zelfstandigheid sterker werd. In eerste instantie waren de eisen van de Arabieren van reformistische aard en beperkten zich in het algemeen tot meer autonomie, gebruik van het Arabisch in het onderwijs en wijzigingen in de dienstplicht. Arabisch nationalisme was echter nog geen massabeweging. Bij veel Arabieren lag hun primaire loyaliteit bij hun religie of sekte, hun stam of hun eigen lokale bestuur.
Naarmate echter het nationalisme in het Turkse deel van het rijk tussen 1908 en 1913 verder toenam, werd de roep voor meer autonomie en zelfs zelfstandigheid van de Arabische delen van het Ottomaanse Rijk ook groter. Er ontstonden diverse groepen die deze doelen nastreefden, zowel christelijke als islamitische. Libanon werd een semi-autonome status toegestaan.
Eerste Wereldoorlog en Triple Entente
Het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 luidde het definitieve einde van het Ottomaanse Rijk in. Het land sloot zich aan bij het Duitse Rijk en vormde de Ottomaans-Duitse Alliantie. Dit bindende bondgenootschap leidde er uiteindelijk toe dat het Ottomaanse Rijk in augustus 1914 aan de zijde van de Centrale Mogendheden (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en Bulgarije) de Eerste Wereldoorlog inging, in een strijd tegen de Triple Entente, de geallieerde strijdkrachten van het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Rusland, waar de Verenigde Staten zich later bij aansloten.
Russische afbeelding uit 1914 met de verpersoonlijking van de Triple Entente, met Rusland in het midden, met een orthodox kruis, symbool voor geloof en vertrouwen, links de Franse Marianne met Frygische muts en een hart, symbool voor liefde en liefdadigheid en rechts Britannia met een anker, symbool voor de marine, maar ook voor hoop, de titelСОГЛАСІЕbetekent zoveel als ‘overeenkomst’ of ‘verdrag’ (publiek domein)
Jamal Pasha
De Ottomaanse regering schafte de semi-autonome status van Libanon weer af en en benoemde Jamal Pasha, destijds minister van Marine, tot opperbevelhebber van de Turkse strijdkrachten in Groot-Syrië, met zoveel bevoegdheden als hij zelf nodig achtte. Bekend om zijn hardvochtigheid kreeg Jamal Pasha de bijnaam Al Jazzar, oftewel De Slager. Hij bezette Libanon en doodde indirect een kwart van de bevolking door uithongering van 1915 tot 1918.
Ongedateerde foto van slachtoffers van de hongersnood in Libanon (publiek domein)
In februari van dat jaar, gefrustreerd door zijn mislukte aanval op de Britse troepen die het Suezkanaal beschermden, begon Jamal Pasha een blokkade van de gehele oostelijke Middellandse Zeekust om te voorkomen dat voorraden zijn vijanden bereikten. Libanon leed meer dan welke andere Ottomaanse provincie dan ook. De blokkade leidde tot een ernstig voedseltekort deels het gevolg van sprinkhanenzwermen die Libanon binnenvielen. Het resultaat was hongersnood, gevolgd door de pest, die meer dan een kwart van de bevolking doodde.
Kaart van Libanon circa 1900 (www.midafternoonmap.com / publiek domein)
Nationalisten in Groot-Syrië zochten uiteindelijk in het geheim hun heil bij Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Met het doel het Ottomaanse Rijk te verzwakken hadden die twee landen daar wel oren naar. De Franse consul beloofde, in overleg met de Britse autoriteiten, steun, munitie en toekomstige soevereiniteit aan de Arabische nationalisten, mits ze in opstand zouden komen.
Ontvangst in Damascus van Ali bin Hoessein, premier van de sjarief van Mekka (Hussein bin Ali), door Jamal Pasha, april 1917 (publiek domein)
Geheime overeenkomst
Intussen correspondeerden de Britse autoriteiten ook in het geheim met de sjarif van Mekka, Hussein bin Ali. In hun correspondentie moedigden de Britten de Arabieren aan om in opstand te komen in het Ottomaanse Rijk en beloofden in ruil daarvoor de erkenning van de Arabische onafhankelijkheid na de overwinning van de geallieerden. Dat de Britten en de Fransen dat echter in werkelijkheid helemaal niet van plan waren, werd angstvallig geheim gehouden.
Er werd vervolgens een geheime overeenkomst gesloten tussen de regeringen van het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, waarin ze overeenkwamen de Arabische provincies van het Ottomaanse Rijk (met uitzondering van het Arabisch Schiereiland) op te splitsen in gebieden die in de toekomst onder Britse en Franse controle of invloed zouden komen. De overeenkomst werd bekend als de Sykes-Picot-overeenkomst, die van kracht zou worden als de Triple Entente erin zou slagen het Ottomaanse Rijk tijdens de Eerste Wereldoorlog te verslaan. De voorwaarden werden onderhandeld door de Franse diplomaat François Georges-Picot en de Brit Sir Mark Sykes.
De twee naamgevers van de Sykes-Picot-overeenkomst, links Sir Mark Sykes (1879-1919) en rechts François Georges-Picot (1870-1951) (publiek domein)
In een plan waarbij de Franse consul vluchtte uit Beiroet, zouden de Fransen opzettelijk bewijs hebben achtergelaten van de correspondentie van de Arabische nationalisten met het Franse consulaat, zodat de Ottomaanse autoriteiten het konden vinden. Het Franse consulaat zou alle diplomatieke documenten hebben vernietigd, behalve de specifieke brieven van de Arabische nationalisten.
Martelaarsdag
En zo geschiedde: de Ottomaanse autoriteiten vonden bewijs van de Arabisch-Franse correspondentie. De genoemde Arabische nationalisten werden beschuldigd van verraad tegen het Ottomaanse Rijk.
Op 6 mei 1916, vandaag 109 jaar gelden, liet Jamal Pasha in het openbaar veertien Arabieren in Beiroet en zeven Arabieren in Damascus tegelijk doden door ophanging, wegens vermeende pro-Triple Entente-activiteiten. De datum van 6 mei wordt in zowel Libanon als Syrië jaarlijks herdacht als Martelaarsdag, en de plek in Beiroet is bekend geworden als het Plein der Martelaren.
Het Ottomaanse Rijk hoorde in 1918 bij de de verliezers van de Eerste Wereldoorlog. De geallieerden van de Triple Entente bezetten het rijk, dat in naam nog bestond tot 1922, toen de Republiek Turkije werd uitgeroepen na de succesvolle onafhankelijkheidsoorlog onder Mustafa Kemal Atatürk
Met toestemming van de Volkenbond werd het bestuur over het nu voormalige Groot-Syrië overgedragen aan de twee landen die hier al hun zinnen op hadden gezet: Libanon en Syrië kwamen onder Frans bestuur, terwijl het Verenigd Koninkrijk Mesopotamië (het huidige Irak), Palestina (het huidige Israël) en Transjordanië (het huidige Jordanië) onder zijn beheer kreeg, wat in de loop van de twintigste en eenentwintigste eeuw tot een enorme hoeveelheid aan verwikkelingen zou leiden, die echter buiten de gebeurtenissen vallen die met deze specifieke dag van doen hebben.
De vlag van Libanon is een horizontale rood-wit-rode driekleur, waarbij de witte baan dubbel zo breed is als de twee rode, waardoor het een verhouding van 1:2:1 heeft. Midden op de witte baan staat een afbeelding van een Libanese ceder (Cedrus libani) in groen, waarvan de top en de wortels de rode banen raken. De boom neemt eenderde van de witte baan in.
De Libanese ceder (Cedrus libani) is het nationale symbool van Libanon en kan tot zo’n 40 meter hoog worden (foto genomen in het centrale district Barouk door Olivier Bezes / publiek domein)
De vlag werd zestien dagen na de onafhankelijkheid van Libanon op 22 november 1943 ingevoerd: op 7 december 1943. De rode strepen staan symbool voor het bloed dat is vergoten door degenen die voor Libanon vochten. De brede witte streep staat voor puurheid, vrede en de met sneeuw bedekte bergen van Libanon. De ceder op de vlag staat voor de burgers van Libanon.
De vlag van het Ottomaanse Rijk, waar Libanon tot 1920 onderdeel van uitmaakte, officieel ingevoerd in 1844 en in gebruik tot het einde van het rijk in 1922, het werd vanaf 1923 de nationale vlag van Turkije, gestandaardiseerd in 1936 en tot op heden in gebruik
Hoewel de vlag zelf een ontwerp is van de Libanese politicus en zakenman Henri Philippe Pharaoun, gaat het symbool op de vlag al langer mee. In 1913, toen Libanon dus nog onderdeel van het Ottomaanse Rijk was, voerden de Libanese Bond van Vooruitgang en de Administratieve Raad van het Libanongebergte voor eigen gebruik een witte vlag in, waarop we de ceder al tegenkomen. Deze vlag was in gebruik tot 1920.
Eerste vlag met de ceder (1913-1920)
Zoals we boven al zagen was Libanon tussen 1920 en 1943 een mandaatgebied van Frankrijk. In aanloop naar deze politieke constructie ontwierp Naoum Mokarzel, president van de Libanese Renaissance-beweging, in mei 1919 een nieuwe Libanese vlag: de ceder werd op de witte baan van de Franse tricolore geplaatst. Deze vlag werd tussen 1920 en 1943 gebruikt, hoewel hij pas in 1926 officieel werd ingevoerd.
Vlag van het Franse mandaatgebied Libanon (1920-1943)
De vlag viel bij sommige christelijke groeperingen niet in goed aarde, zoals in de ten noorden van Beiroet gelegen districten Batroun en Keserwan, waar de witte vlag geprolongeerd werd.
Foto uit 1938 van Libanon als Frans mandaatgebied, waarop we president Émile Eddé (1886-1949) een ereteken aan de vlag zien vastmaken op het Plein der Martelaren (Sahat al Shouhada) in Beiroet, met naast hem, met een fez op het hoofd, premier Emir Khaled Chehab (1886-1978) (fotograaf onbekend / publiek domein)
Uiteraard diende er een nieuwe vlag te komen bij de onafhankelijkheid van Libanon in 1943.
Kort daarvoor werd de vlag zoals we haar nu kennen, voor het eerst getekend door parlementslid Henri Pharaon op bezoek in het huis van zijn collega Saeb Salam uit de Kamer van Afgevaardigden, in de Beiroetse wijk Mousaitbeh.
Originele tekening van de Libanese vlag door Henri Pharaon (publiek domein)
De vlag werd op 7 december 1943 aangenomen tijdens een bijeenkomst in het parlement, waar artikel 5 van de Libanese Grondwet werd gewijzigd.
Het Libanese parlementsgebouw, een ontwerp uit 1934 van de Amerikaans-Libanese architect Mardiros Altounian (1889-1958), op een foto uit 1947, het gebouw doet nog steeds dienst als eenkamer-parlement (fotograaf onbekend / publiek domein)
De vlag werd tot nu toe nooit gestandaardiseerd en komt dus voor in verschillende varianten. De afbeelding hieronder laat zo’n variant zien, waarbij de ceder tweekleurig is afgebeeld en die tot 1995 veel werd gebruikt.
Variant van de Libanese vlag, in gebruik tussen 1943 en 1995
Vandaag 80 jaar geleden, op 5 mei 1945, werd de Duitse capitulatie getekend in Hotel De Wereld in Wageningen. Daarmee kwam er een einde aan de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De bevrijding verliep in fases: op 12 september 1944 werden de eerste (Zuid-Limburgse) dorpen door Amerikaanse troepen bevrijd. Maastricht volgde twee dagen later. Diezelfde herfst volgde de bevrijding van Zuid-Nederland, met een hevige strijd in Zeeland, de Slag om de Schelde.
De Nederlandse vlag gaat in top boven de toren van het Stadhouderlijk Kwartier aan het Binnenhof, Den Haag (screenshot)
Noord- en Midden-Nederland gingen een hongerwinter tegemoet, de bevrijding daar kwam in de lente van 1945. En dan komen we weer op de 5e mei uit. Overigens was toen nog niet heel Nederland bevrijd: op de eilanden Texel en Schiermonnikoog kon de bevrijding pas op respectievelijk 20 mei en 11 juni worden gevierd. Het thema voor 4 en 5 mei 2024 is 80 jaar vrijheid.
Feestvierende burgers, mei 1945 (screenshots)Het laatste nummer van de Vliegende Hollander van 10 mei 1945 (deze krant werd vanaf mei 1943 door de RAF op hun weg naar Duitsland, gedropt boven Nederland)Warm onthaal van de bevrijders (screenshot)
Lezingen
De 5 mei-lezing wordt elk jaar in een andere provincie gehouden, dit jaar is Gelderland gastheer van de Nationale Viering Bevrijding. De lezing in Wageningen wordt verzorgd door de Poolse premier Donald Tusk. Aanwezig is onder meer premier Dick Schoof, die aansluitend om 13.00 uur het Bevrijdingsvuur zal ontsteken als startsein van de veertien Bevrijdingsfestivals.
De jaarlijkse H.M. van Randwijklezing in de Sint Jacobskerk in Vlissingen zal dit jaar worden uitgesproken door Hanneke Bruins Slot, oud-minister van binnen- en buitenlandse zaken en momenteel generaal-majoor bij Koninklijke Landmacht.
Festivals en 5-mei concert
Naast alle festivals is er ’s avonds in Amsterdam het traditionale 5-mei concert op een ponton in de Amstel, waarbij koning en koningin aanwezig zijn. Optredende artiesten zijn onder meer Iris Hond, Floor Jansen, rapper en ambassadeur van de vrijheid Antoon en Jeangu Macrooy.
Commentaar overbodig! (screenshot)
Wat de vlag betreft: die gaat vandaag in top (zonder oranje wimpel).
De vlag
Vlag van Nederland
De Nederlandse vlag stamt in oorsprong uit de 16e eeuwse vrijheidsstrijd onder Willem van Oranje tegen de Spaanse overheersers. De eerste versie is de Prinsenvlag, die verschillende verschijningsvormen kende, met een wisselend aantal strepen, maar in het begin bijna altijd met oranje in plaats van het nu gebruikte rood. De kleuren oranje, wit en blauw zelf zouden van de livreikleuren van Willem van Oranje kunnen komen, maar ook zijn er theorieën dat de kleuren ontleend zijn aan het wapen van Zeeland.
Links: Prinsenvlag met 11 banen / Rechts: Nederlandse vlag met oranje baan
Zeker is in ieder geval, dat geleidelijk aan, tussen 1597 en 1630 het oranje steeds meer werd vervangen door het rood. De reden daarvoor is waarschijnlijk dat de oranje baan in de vlag de neiging had te snel te verkleuren en daarmee bijna onzichtbaar werd. Ook op zee was de oranje baan in de vlag vaak moeilijk te onderscheiden. Rood had dat probleem als ‘sprekender’ kleur niet.
Pas op 19 februari 1937 werden de kleuren van de Nederlandse vlag bij Koninklijk Besluit vastgelegd: De kleuren van de vlag van het Koninkrijk der Nederlanden zijn rood, wit en blauw. Op 16 augustus 1948 werden de exacte kleuren ten behoeve van de marine iets exacter vastgesteld: helder vermiljoen, wit en kobaltblauw.
Vlag Spaanse Nederlanden
Om in het kort iets te zeggen over twee vlaggen die ook ooit nationale vlaggen waren in wat nu Nederland is: Vóór de Nederlandse opstand tegen de Spaanse overheersing (de Tachtigjarige Oorlog, 1568-1648) stonden het tegenwoordige Nederland en België sinds 1482 bekend onder de naam Habsburgse of Spaanse Nederlanden.
Links: Vlag van de Habsburgse of Spaanse Nederlanden / Rechts: Kaart van de Spaanse Nederlanden (in oranje), donkerpaars: het Prins-bisdom Luik, roze: het Prinsdom van Stavelot-Malmédy, lichtpaars: het Prins-bisdom van Cambrésis
De vlag die toen gevoerd werd was wit met een rood Bourgondisch kruis, schuingeplaatst in de vorm van twee knoestige stokken. Het lijkt daarmee op het andreaskruis (dat kruis heeft echter geen knoesten). Met de revolutie van de Noordelijke Nederlanden (nu Nederland) ging dit gebied stukje bij beetje over op het oranje-wit-blauw (zie ook boven). De Zuidelijke Nederlanden (nu België) bleven de vlag met het kruis gebruiken tot aan 1715, toen dit gebied overging naar Oostenrijk onder de naam Oostenrijkse Nederlanden (met een andere vlag).
Kaart van de Bataafse Republiek in 1801 (door Joostik, gebaseerd op de “Groote historische schoolatlas ten gebruike bij het onderwijs in de vaderlandsche en algemene geschiedenis”, door H. Hattema, 1920) (publiek domein)
Vlag van de Bataafse Republiek
De andere vlag was die van de Bataafse Republiek en daarmee komen we in de tijd van Napoleon. Daags nadat stadhouder Willem V naar Engeland vluchtte (19 januari 1795) werd de Bataafse Republiek een feit. Hoewel het op papier een autonome republiek was, was het land in feite een vazalstaat van Frankrijk, eufemistisch een zusterrepubliek genoemd. Het rood-wit-blauw van de vlag werd gehandhaafd maar in de broektop kwam een afbeelding te staan. Hoewel deze vlag oorspronkelijk als marinevlag werd ingevoerd, werd ze uiteindelijk ook aan land gevoerd.
Vlag van de Bataafse Republiek (1795-1806)
De afbeelding toont een zogenaamde Nederlandse of Bataafse maagd, ook wel de Vrijheidsmaagd genoemd. Haar gouden helm is getooid met veren in de kleur van de Nederlandse of Bataafse vlag. Naast haar zit de Nederlandse of Bataafse leeuw, die enigszins verbijsterd kijkt. Beiden houden een speer vast, waar bovenop een vrijheidshoed balanceert. De maagd houdt aan haar andere zijde een schild vast met daarop een Romeinse roedenbundel met bijlen (fasces). Het hele tafereel is geplaatst op een groene ondergrond met struikgewas en gezien de wapperende sjaal, verentooi en leeuwenmanen lijkt het flink te waaien!
Afbeelding op de vlag van de Bataafse Republiek
De afbeelding op de rode baan kwam weer te vervallen in 1806 toen de Bataafse Republiek door Napoleon werd vervangen door het Koninkrijk Holland, waarbij hij zijn derde broer, Lodewijk Napoleon, op de troon zette. Dit koninkrijk was maar een kort leven beschoren, Napoleon was ontevreden met zijn broer als koning, die hij ‘te Hollands’ vond worden. Hij zette Lodewijk Napoleon in 1810 af en lijfde Nederland bij zijn in 1804 gevormde Franse Keizerrijk in, waardoor de officiële vlag in Nederland de Franse tricolore werd.
Na een desastreus verlopen veldslag van Napoleon in Rusland, begon het keizerrijk te imploderen en verlieten de Fransen Nederland en werd door de geallieerde Europese machten (het Verenigd Koninkrijk, Rusland, Oostenrijk en Pruisen) in 1813 het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in het leven geroepen: Nederland, België en Luxemburg samen onder Koning Willem I, zoon van de laatste stadhouder Willem V. En daarmee keerde de Nederlandse driekleur definitief terug.
Geuzen
Links: Geus van de Koninklijke Marine (‘dubbele of prinsengeus’) / Rechts: Geus van de watersport (‘enkele geus’ of ‘geusje’)
Tot slot een bekende verschijning op het water: de van de Nederlandse vlag afgeleide geus. Een geus is een vlag die op een schip gevoerd wordt. We kennen in Nederland twee geuzen.
De eerste, de dubbele of prinsengeus wordt gebruikt door de Koninklijke Marine. Het is een zogenaamde gegeerde vlag met twaalf segmenten in rood-wit-blauw, de kleuren van de nationale vlag, die krachtens Koninklijk Besluit 315 van 20 juli 1931 officieel werd vastgesteld, maar is terug te voeren tot de Tachtigjarige Oorlog.
De dubbele of prinsengeus wordt gebruikt als een schip op zon- en feestdagen voor anker of aan de kade ligt, als er een buitenlands marineschip in de haven ligt en als een Nederlands marineschip in een buitenlandse haven ligt, maar dus niet als een schip onderweg is.
Twee marineschepen aan de kade in Willemstad, Curaçao, van het linkerschip (de Hr.Ms. Karel Doorman) zien we de achtersteven met de Nederlandse vlag, het schip rechts voert de dubbele of prinsengeus op de boeg (fotograaf onbekend)
Het eenvoudiger ‘broertje’ van de dubbele of prinsengeus is de enkele geus of geusje, eveneens een gegeerde vlag in rood-wit-blauw, maar dan met acht segmenten in plaats van twaalf. Deze geus wordt gebruikt binnen de watersport en wel door ronde- en platbodemjachten op de botteloef of kluiverboom en door kotters en andere traditioneel getuigde schepen en jachten op de boegspriet. Ook motorjachten kunnen de enkele geus voeren en wel op het voorschip, maar alleen indien men eveneens de verenigingsstandaard of clubvlag in de top van een mast en hoger dan de geus heeft gezet.
De watersportetiquette in beeld met drie vlaggen: de Nederlandse vlag op de achtersteven, de verenigingsstandaard of clubvlag hoog aan de mast en de enkele geus of geusje op de boeg (fotograaf onbekend)
Op 4 mei vindt zoals ieder jaar de Nationale Dodenherdenking plaats. Tot 1961 was dit om de doden die tijdens de Tweede Wereldoorlog gevallen waren, te herdenken, maar vanaf dat jaar werd het breder getrokken en worden ook de gevallenen van andere militaire conflicten en vredesmissies herdacht. Het thema voor 4 en 5 mei 2026 is 80 jaar vrijheid.
De Dam
In 2020 en 2021 moesten de herdenkingen op de Dam in Amsterdam vanwege de corona-pandemie klein worden gehouden, met slechts een handjevol genodigden, maar vanaf 2022 kon de plechtigheid weer op de normale manier plaatsvinden. Voorafgaand aan de kransleggingen is er de 4-mei voordracht in de Nieuwe Kerk, die dit jaar door schrijver, presentator en oud-journalist Philip Freriks wordt gehouden, titel: Een gewoon gezin.
Vlak voor 20.00 uur zullen Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima als eersten een krans leggen bij het Nationaal Monument. Hierop volgend wordt het Taptoe-signaal gespeeld. Dit luidt de twee minuten stilte om 20.00 uur in, met daarna het volkslied.
Waalsdorpervlakte
Naast de plechtigheid op de Dam is ook de herdenking op de Waalsdorpervlakte in de duinen van Den Haag en Wassenaar altijd druk bezocht en in tegenstelling tot de herdenking op de Dam zeer ingetogen. In de Tweede Wereldoorlog werden in dit duingebied zo’n 250 tot 280 burgers gefusilleerd, onder wie veel verzetsstrijders.
De eerste dodenherdenking op 3 mei 1946 op de Waalsdorpervlakte (publiek domein)
Op 3 november 1946 werden hier door een groepje verzetsvrienden vier houten fusilladekruisen geplaatst. Op die dag werd de eerste oorlogsherdenking georganiseerd, een stille tocht van het Oranjehotel (de Polizeigefängnis in Scheveningen) naar het monument. Aan deze tocht, die ook op de radio werd uitgezonden, namen zo’n 30.000 mensen deel.
In 1949 werd er een muurtje bij de kruizen gebouwd en in 1959 werd op de ernaast gelegen hoogte een klokkenstoel met een Bourdonklok geplaatst. In 1975 werd er een gedenksteen aan het monument toegevoegd met de tekst: Hier brachten vele landgenoten het offer van hun leven voor uw vrijheid. Betreed deze plaats met gepaste eerbied. In 1980 werden de bronzen kruisen vervangen door bronzen replica’s. De originele kruisen bevinden zich nu in het Fries Verzetsmuseum te Leeuwarden.
Het vlagprotocol voor de 4e mei is verankerd in de officiële vlaghijsinstructie van de Rijksoverheid. Dat houdt in dat de vlag bij Rijksgebouwen om 18.00 uur gehesen wordt. Tot en met 2019 gold dit ook voor particulieren, in 2020 en 2021 werd dit losgelaten en sindsdien gecontinueerd. Dat houdt in dat iedereen die in het bezit is van een Nederlandse vlag, opgeroepen wordt die de HELE DAG, vanaf zonsopkomst, uit te hangen.
Bij het hijsen dient de vlag eerst tot bovenin de top te komen, om daarna zover te zakken tot er een ruimte ontstaat, waar theoretisch nog een vlag zou passen (de symbolische en onzichtbare vlag van de dood). Daarmee hangt de vlag halfstok.
De vlag dient weer gestreken te worden tegen zonsondergang, waarbij ze opnieuw eerst weer in top gaat en daarna pas naar beneden.
Op 4 mei wordt, zoals dat heet ‘uitgebreid’ gevlagd, wat inhoudt dat de vlag op alle Rijksgebouwen gehangen wordt.
NB: Voor de geschiedenis van de Nederlandse vlag: zie de post van morgen (Bevrijdingsdag)
Screenshots
De Dam in Amsterdam op 4 mei 2025, met in het midden het cortège met o.a. koning en koningin, de burgemeester van Amsterdam en premier SchoofKoning en koningin plaatsen net vóór acht uur de eerste krans op de standaardHet Nationaal Monument tijdens de twee minuten stilteNa het plaatsen van alle kransen en de verschillende toespraken opent het koningspaar het defilé langs de kransen
De Grondwetsdag herdenkt de 3e mei 1791, toen de voor die tijd democratische grondwet werd ingevoerd, na een periode van onrust en anarchie in het Pools-Litouwse Gemenebest (de samensmelting van het Koninkrijk Polen met het Groothertogdom Litouwen in 1569).
Het Pools-Litouwse Gemenebest in zijn grootste omvang in 1618. De kleuren geven de verschillende grenzen aan die het gemenebest kende tussen 1569 en 1918. De huidige grenzen zijn in het gebied ingetekend met de namen van de landen ter identificatie.
De moderne grondwet was de Pruisische en Russische buren echter een doorn in het oog. Het leidde tot de Pools-Russische oorlog van 1792, waarbij de Russen het Gemenebest binnenvielen en tot de zogenaamde Tweede Verdeling van Polen in hetzelfde jaar, waarbij het Pools-Litouwse grondgebied grote delen land moest afstaan aan Rusland en Pruisen. En na de Derde Verdeling in 1795, waarbij opnieuw Rusland, Pruisen, maar nu ook Oostenrijk profiteerden, hield de Poolse (en Litouwse) soevereiniteit de facto op te bestaan tot 1918.
Tweede Poolse Republiek (1918-1939) (Kaart van de hand van Tadeusz Jan Kowalski, uitgave Edward Stanford Publishing)
In april 1919 werd tijdens de Tweede Poolse Republiek de 3e mei ingevoerd als nationale feestdag. Vanaf de Tweede Wereldoorlog werd de viering verboden. Pas na de val van het communisme in 1989, werd de 3e mei opnieuw ingevoerd als nationale feestdag, voor het eerst in 1990. In 2007 sloot Litouwen zich bij Polen aan door de 3e mei ook als nationale feestdag in te voeren en sinds dat jaar vinden er ook gezamenlijke herdenkingen plaats.
Polen (1945-heden)
De 3e mei is een vrije dag in Polen met vele festiviteiten, parades, speeches en concerten. In Chicago en omgeving, waar zich veel Poolse emigranten hadden gevestigd, wordt de dag al gevierd sinds 1892 en staat bekend als Polish Constitution Day, compleet met parades.
De Poolse vlag is een horizontale tweekleur in wit en rood en komt voor mét en zónder staatswapen. De kleuren rood en wit komen al in de tijd van het Hertogdom Warschau (1807-1815) voor, maar ook het Poolse wapen vertoont deze kleuren.
Vanaf 1830 is het wit-rood de officieuze Poolse vlag, vanaf 1918 officieel. De adelaar op het staatswapen (als wapen bekend sinds 1295) werd in 1944 van zijn kroon ontdaan, maar op 29 december 1989 kreeg hij hem weer terug, als teken van Polen’s hernieuwde soevereiniteit.
Het gebouw van de Sejm in Warschau (gebouwd 1925-1928) met de Poolse vlag (zonder wapen) op de top (publiek domein)
Hoewel er regels zijn wie welke vlag gebruikt (dus mét of zónder wapen), zijn de twee versies in de praktijk onderling uitwisselbaar. Strikt genomen echter wordt de vlag zonder wapen gebruikt door de Sejm (de Poolse Tweede Kamer)*, de Senat (de Poolse Eerste Kamer), de president, de premier, de regering, lagere volksvertegenwoordigingen (alleen tijdens vergaderingssessies) en andere overheidsorganen (alleen op nationale feestdagen).
*) bovenop de koepel van het gebouw, binnen in de vergaderzaal wordt een baniervormige constructie gebruikt mét wapen
Het gebruik van de vlag mét wapen is in principe voorbehouden aan ambassades, consulaten en andere vertegenwoordigingen en missies in het buitenland, de burgerluchtvaart en gebouwen van havenautoriteiten. Tevens dient de vlag met adelaar als handelsvlag.
De Poolse vlag mét wapen bij de ambassade in Jakarta, Indonesië (fotograaf onbekend)
Vlag van de president als commandant van de strijdkrachten
Zoals we hierboven al zagen gebruikt de Poolse president de nationale vlag zónder wapen. Toch is er een presidentiële vlag, maar die wordt alleen gebruikt door het staatshoofd in de rol van opperbevelhebber van de strijdkrachten.
Vlag van de Poolse president als opperbevelhebber van de strijdkrachten (1927/2005-heden)
De vlag laat het gekroonde Poolse wapen zien op een rood veld, omlijst door een sierrand die de rang van een generaal verbeeldt. Die rand is weer omzoomd door een witte rand, omsloten door twee rode kaders.
Dit presidentiële vaandel is vrijwel gelijk aan het ontwerp van 27 december 1927. Een versie zonder kroon werd gebruikt tijdens de Russische dominantie tussen 1952 en 1989.
Op 3 mei 2005 was de herintroductie van de vlag tijdens de Grondwetsdag van de Derde Mei (Święto Narodowe Trzeciego Maja) bij de ceremonie op het Piłsudski-plein bij het graf van de onbekende soldaat. Bij begrafenissen van (voormalige) presidenten dekt de presidentiële vlag tevens de kist van de overledene.
De Amerikaanse president Trump heeft de bereidheid van zijn Russische collega Poetin, om de oorlog in Oekraïne te beëindigen, in twijfel getrokken na zijn ontmoeting met de Oekraïense president Zelensky in de marge van de begrafenis van paus Franciscus afgelopen zaterdag.
President Zelensky wordt naar zijn plaats begeleid voor de begrafenisceremonie van paus Franciscus in het Vaticaan (screenshot)
Na zijn vertrek uit Rome plaatste Trump een bericht op sociale media waarin hij zei dat hij vreesde dat Poetin hem “aan het lijntje hield” na de aanvallen van Moskou op Kiev vorige week. Hij voegde eraan toe dat er “geen reden was voor Poetin om raketten op burgergebieden af te vuren”.
Voorafgaand aan de ceremonie hadden president Zelensky en zijn Amerikaanse collega een vijftien minuten durend gesprek (screenshot)
Eerder op de dag waren Trump en Zelensky in een diepgaand gesprek te zien in de Sint-Pieter, kort voor de begrafenis. Het Witte Huis beschreef de vijftien minuten durende ontmoeting met Zelensky als “zeer productief”. President Zelensky zei dat het “de potentie had om historisch te worden”.
Kremlin stelt driedaags staakt-het-vuren voor
De Russische president Poetin heeft een tijdelijk staakt-het-vuren aangekondigd voor de oorlog in Oekraïne. Het Kremlin meldde dat het staakt-het-vuren zou duren van de ochtend van 8 mei tot 11 mei, wat samenvalt met de overwinningsvieringen in Rusland ter ere van het einde van de Tweede Wereldoorlog.
Het Kremlin in Moskou (screenshot)
In een verklaring van maandag zei het Kremlin dat president Poetin het staakt-het-vuren had afgekondigd “op basis van humanitaire overwegingen”. Volgens de verklaring is Rusland van mening “dat Oekraïne dit voorbeeld moet volgen”, maar dat “in geval van schending van het staakt-het-vuren door Oekraïne, de strijdkrachten van de Russische Federatie adequaat en effectief zullen reageren.”
In reactie hierop riep de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken, Andrii Sybiha, op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren van ten minste 30 dagen: “Als Rusland echt vrede wil, moet het onmiddellijk het vuren staken.”
Andrii Sybiha (1957), minister van Buitenlandse Zaken van Oekraïne tijdens een recente persconferentie op het NAVO-hoofdkwartier in Brussel (screenshot)
“Waarom wachten tot 8 mei?”, schreef hij op X. “Als het vuren nu -en vanaf welke datum dan ook- 30 dagen kan worden gestaakt, dan is het echt, en niet alleen voor een parade.” Hij zei dat Oekraïne bereid is een “stabiele, duurzame en volledige wapenstilstand te steunen. En dat is wat we constant voorstellen, voor ten minste 30 dagen”.
Het Kremlin kondigde met Pasen een soortgelijke wapenstilstand van 30 uur aan, maar hoewel beide partijen een afname van de gevechten meldden, beschuldigden ze elkaar van honderden schendingen. Er zijn meer dan twintig pogingen gedaan om een staakt-het-vuren in Oekraïne af te kondigen – allemaal mislukten ze uiteindelijk, en sommige zelfs binnen enkele minuten na inwerkingtreding.
De meest recente, met Pasen, was zeer beperkt van omvang en resulteerde slechts in een lichte afname van de gevechten, waarbij beide partijen elkaar beschuldigden van schending van de wapenstilstand.
Is Rusland iets van plan in Belarus?
De Oekraïense president Zelensky verwacht dat Rusland in de zomer van 2025 “iets voorbereidt” in Belarus (Wit-Rusland) onder het mom van militaire oefeningen. Hij deelde zijn zorgen tijdens het Driezeeëninitiatief, een forum van twaalf EU-lidstaten langs of nabij de Oostzee, de Zwarte Zee en de Adriatische Zee.
President Zelensky tijdens het laatste Driezeeëninitiatief afgelopen dinsdag (screenshot)
“En kijk naar Belarus, Rusland bereidt daar deze zomer iets voor, met militaire oefeningen als dekmantel. Zo beginnen ze meestal een nieuwe aanval. Maar waar zal die op gericht zijn? Ik weet het niet. Oekraïne? Litouwen? Polen? God verhoede! Maar we moeten allemaal voorbereid zijn. Al onze instellingen staan open voor samenwerking.”
Alsnog akkoord grondstoffendeal
Het afgelopen etmaal zijn Oekraïne en de Verenigde Staten het alsnog eens geworden over de veelbesproken grondstoffendeal, die eind februari op het laatste moment niet doorging na de openlijke onenigheid tussen de presidenten Zelensky en Trump in de Oval Room van het Witte Huis.
Lithium (fotograaf onbekend)
Met de deal krijgt de V.S. de beschikking over Oekraïense grondstoffen en mineralen, zoals olie, gas, grafiet, uranium, titanium en lithium. De overeenkomst staat los van de onderhandelingen over een staakt-het-vuren tussen Oekraïne en Rusland. Veel details over de deal zijn er verder nog niet, wel liet de Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent weten dat “de twee landen samen kunnen werken en gezamenlijk kunnen investeren, zodat onze collectieve middelen, talenten en capaciteiten het economisch herstel van Oekaraïne kunnen versnellen.”
De vlag
Vlag van Oekraïne (1992-heden)
De vlag van Oekraïne bestaat uit twee even brede horizontale banen van blauw en geel.
Er zijn voldoende aanwijzingen dat de kleuren blauw en geel van de vlag ver terug gaan, zelfs tot de 15e eeuw. De kleuren gaan er echter pas echt toe doen wanneer de twee keizerrijken waar Oekraïne onderdeel van uitmaakte (het Russische en het Oostenrijks-Hongaarse), ophouden te bestaan.
Ook in 1918/1919 lag Oekraïne (toen de West-Oekraïense Nationale Republiek) onder vuur, zoals op deze prent wordt weergegeven: een Russische bolsjewiek in het noorden, een Rus van het Witte Leger (anti-sovjet) in het oosten met de Russische vlag met dubbelkoppige adelaar, een Poolse soldaat (liggend) naast een Hongaarse (in het rood) in het westen en twee Roemeense soldaten in het zuiden; we zien in het midden een vroege afbeelding van de Oekraïense vlag, de tekst onderin luidt “Wereldvrede in Oekraïne” (publiek domein)
De West-Oekraïense Nationale Republiek gebruikt tussen 1918 en 1919 de blauw-gele vlag. De vlag wordt gecontinueerd bij het samengaan van de twee Oekraïnes tot de Oekraïense Staat.
Tot aan 1949 heeft Oekraïne als Russische sovjet-republiek verschillende variaties van egaal rode vlaggen met de letters YCCP (Ukrayinskaya Sotsialisticheskaya Sovetskaya Respublika – oftewel Socialistische Sovjet Republiek Oekraïne) erop.
In 1949 krijgen alle Russische republieken een vlag-‘make-over’, variaties op de vlag van de Sovjet-Unie met eigen accenten. Die van Oekraïne heeft een blauwe balk aan de onderkant.
De grootste Oekraïense vlag meet 40 x 60 meter en weegt 300 kilo, hier zijn we die vlag vóór de oorlog in Charkov (fotograaf onbekend)
Vanaf 1990, dus nog vóór de onafhankelijkheid, wordt de blauw-gele vlag her en der al aarzelend waargenomen. Met het opnieuw zelfstandig worden, wordt de vlag officieel ingevoerd. Wettelijke status krijgt de vlag op 28 januari 1992. De eerste vlag die ooit boven het Verchovna Rada (het Oekraïnse parlement) wapperde is nu in het parlementsmuseum te zien.
Het blauw in de vlag symboliseert de hemel, het geel de uitgestrekte tarwevelden.