De dag van vandaag herdenkt de aanpassing van de vlag van Costa Rica in 1964, toen het aantal van vijf sterren op het staatswapen naar zeven werd uitgebreid, voor het aantal provincies
De Costa Ricaanse (staats)vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen. Daarnaast wordt ook de civiele vlag gebruikt, met als enig verschil dat het wapen hierop ontbreekt.
De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.
Vlag van Argentinië
De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en ParaguayDe vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador
Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.
Het ontwerp van de vlag was van Patricia Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.
Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.
Wapen van Costa Rica
Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien. Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies). Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica. Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.
De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.
De Costa Ricaanse Día de la Encuentro de las Culturas herinnert net als de Spaanse Nationale Feestdag aan de ontdekking van Amerika door Columbus, op 12 oktober 1492, waarbij hij op één van de Bahama’s stuitte. Hij was in de veronderstelling dat hij daarmee een westelijke route naar Azië had ontdekt.
Landing van Columbus op Guanahani, Bahama’s (Representación del desembarco de Colón en Guanahani, inspirado en el relato de Bartolomé de las Casas, 1893) (publiek domein)
De dag wordt in vele andere landen gevierd onder verschillende namen. In de Verenigde Staten is het Columbus Day en wordt daar gevierd op de tweede maandag in oktober, dit jaar is dat dus morgen, 13 oktober. In El Salvador en Uruguay heet deze dag de Día de la Raza, in Mexico Descubrimiento de América, in Belize Día de las Américas, in Guatemala Día de la Hispanidad en in Argentinië als Día del Respeto a la Diversidad Culturel.
Hedendaagse verbeelding van de culturele ontmoetingen
Als Vlagblog van alle Latijns-Amerikaanse landen waar de 12e oktober een feestdag is de vlaggen zou willen laten wapperen, zouden we een drukke dag hebben met om de haverklap hijsen en strijken, dus we beperken het vandaag tot de vlaggen van Spanje, Costa Rica en Guatemala.
De vlag
Vlag van Costa Rica – met en zonder wapen
De Costa Ricaanse (staats)vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen. Daarnaast wordt ook de civiele vlag gebruikt, met als enig verschil dat het wapen hierop ontbreekt.
De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.
Vlag van Argentinië
De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en ParaguayDe vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador
Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.
Het ontwerp van de vlag was van Patricia Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.
Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.
Wapen van Costa Rica
Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien. Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies). Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica. Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.
De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.
De Guatemalteekse feestdag Día de la Hispanidad herinnert aan de ontdekking van Amerika door Columbus, op 12 oktober 1492, waarbij hij op één van de Bahama’s stuitte. Hij was in de veronderstelling dat hij daarmee een westelijke route naar Azië had ontdekt.
Landing van Columbus op Guanahani, Bahama’s (Primer desembarco de Cristobál Colón) (publiek domein)
De dag wordt in vele andere landen gevierd onder verschillende namen. In de Verenigde Staten is het Columbus Day, maar wordt daar gevierd op de tweede maandag in oktober, dit jaar is dat morgen, 13 oktober. In El Salvador en Uruguay heet deze dag de Día de la Raza, in Mexico Descubrimiento de América, in Belize Día de las Américas, in Costa Rica als Dia de la Encuentro de las Culturas en in Argentinië als Día del Respeto a la Diversidad Culturel.
Día de la Hispanidad vlaggenparade: van boven naar beneden en van links naar rechts – rij 1: Bolivia, Chili, Costa Rica, Cuba – rij 2: Ecuador, El Salvador, Spanje, Gibraltar – rij 3: Grenada, Guatemala, Equatoriaal-Guinea, Honduras (de kleuren van de Hondurese vlag zijn inmiddels veranderd van blauw naar turquoise) – rij 4: Nicaragua, Panama, Paraguay, Peru – rij 5: Puerto Rico, Dominicaanse Republiek, Uruguay, Venezuela
Als Vlagblog van alle Latijns-Amerikaanse landen waar de 12e oktober een feestdag is de vlaggen zou willen laten wapperen, zouden we een drukke dag hebben met om de haverklap hijsen en strijken, dus we beperken het vandaag tot de vlaggen van Spanje, Costa Rica en Guatemala.
De vlag
Vlag van Guatemala, met en zonder wapen
De vlag van Guatemala is een verticale driekleur in hemelsblauw-wit-hemelsblauw, met midden op de witte baan het wapen van Guatemala. De vlag bestaat ook zonder wapen.
De vlag van Guatemala is gebaseerd op die van de ‘superstaat’ die tussen 1823 en 1841 bestond, de República Federal de Centroamérica (Federale Republiek van Centraal Amerika), ook wel Provincias Unidas del Centro de América(Verenigde Provincies van Centraal Amerika) geheten. De vlag van deze staat was op zijn beurt weer gebaseerd op die van Argentinië.
Vlaggen van Guatemala: 1851-1858 (links) en 1858-1871 (rechts)
Na het opdoeken van de superstaat behield Guatemala wel de horizontale banen en de kleur blauw, maar dan een stuk donkerder. De vlag veranderde aanzienlijk in 1851 en 1858, toen de kleuren rood en geel werden toegevoegd (zie afbeeldingen). De huidige vlag stamt uit 1871 en kwam vóór 1920 ook in een variant voor.
Variant van de Guatemalteekse vlag (1871-1920)
De blauwe banen in de vlag staan voor de twee oceanen waar Guatemala aan grenst, de Atlantische en Stille Oceaan, maar tevens voor de hemelsblauwe lucht boven het land. De witte baan staat voor puurheid en vrede.
Het wapen van Guatemala is net zo oud als de vlag en werd ontworpen door de sinds 1854 in Guatemala wonende Zwitserse graveur en kunstenaar Johann-Baptist Frener. Hij mocht niet zo maar wat verzinnen, hij kreeg van generaal president Miguel García Granados officiële aanwijzingen waar het wapen uit diende te bestaan, beschreven in Presidentieel Decreet 33 van 18 november 1871.
Het curieuze is dat hoewel Frener van alle attributen die er in moesten een fraai geheel maakte, er één wezenlijk onderdeel ontbrak, hoewel het specifiek stond genoemd in het decreet en normaliter een standaard-onderdeel van een wapen is: het schild! Of president Granados het niet opmerkte of dat hij het wel oké vond, vermeldt de historie niet. Feit is dat het ontwerp zonder schild het officiële staatswapen werd en ook als zodanig op de vlag terechtkwam, maar volgens heraldische regels eigenlijk helemaal geen wapen is.
Wapen van Guatemala (1871-heden)
Het ‘wapen’ toont een quetzal (Pharomachrus mocinno), de nationale vogel van Guatemala, hij symboliseert de vrijheid. Om dit nog duidelijker te maken is de vogel gezeten op een perkamenten rol waarop in gouden kapitalen de tekst LIBERTAD 15 DE SEPTIEMBRE DE 1821 (‘Vrijheid 15 september 1821’), de datum waarop Guatemala onafhankelijk werd van Spanje.
Hierachter twee gekruiste Remington-geweren met bajonet, symbool voor de bereidheid het land met geweld te verdedigen. Daarachter twee gekruiste degens, symbool voor de eer. Dit alles is gevat in een krans van laurierbladeren en -bessen, symbool voor de overwinning.
Het origineel van Fremer zag er overigens minder gestileerd uit dan de huidige versie, maar is in basis sinds 1871 hetzelfde gebleven.
De Spaanse Nationale Feestdag herinnert aan de ontdekking van Amerika door Columbus, op 12 oktober 1492, waarbij hij op één van de Bahama’s stuitte. Hij was in de veronderstelling dat hij daarmee een westelijke route naar Azië had ontdekt.
Desembarco de Colón (Landing van Columbus), schilderij van de hand van Dióscoro Puebla (1831-1901), Museo del Prado (public domain)
De dag wordt in vele andere landen gevierd onder verschillende namen. In de Verenigde Staten is het Columbus Day en wordt daar gevierd op de tweede maandag in oktober, dit jaar is dat morgen, de 13e oktober. In El Salvador en Uruguay heet deze dag de Día de la Raza, in Mexico Descubrimiento de América, in Belize Día de las Américas, in Costa Rica als Dia de Encuentro de las Culturas en in Argentinië als Día del Respeto a la Diversidad Culturel.
Als Vlagblog van alle Latijns-Amerikaanse landen waar de 12e oktober een feestdag is de vlaggen zou willen laten wapperen, zouden we een drukke dag hebben met om de haverklap hijsen en strijken, dus we beperken het vandaag tot de vlaggen van Spanje, Costa Rica en Guatemala.
In Spanje werd de dag voor het eerst gevierd in 1935, maar toen onder de naam Día de la Hispanidad, om de banden met alle andere Spaanstalige landen te benadrukken. Op 7 oktober 1987 werd de naam officieel gewijzigd in Fiesta Nacional de España.
Screenshots van de Nationale Feestdagin Madrid
De Guardia RealHet vaandel van de Guardia RealHet publiek is ruimschoots voorzien van vlaggetjesAankomst van de Spaanse premier Pedro SánchezAanlomst van de koninklijke Rolls Royce op het Plaza de Cánovas del CastilloPeremier Sánchez verwelkomt koning Felipe VIHandenschudden bij aankomst, links naast de koning de Spaanse koninklijke standaard in autovlag=uitvoering op de hofautoHet koninklijk paar op het podium en de prinsessen Sofía en Leonor geheel links, luisteren naar het Spaanse volkslied “La marcha real”Koning Felipe VIKoningin LetiziaKroonprinses Leonor, de prinses van AsturiëPrinses SofíaHet koninklijk paarVervolgens inspecteert de koning de Guardia RealDe standaarden nijgen voor de koningEen van de regimentsvlaggen (links) stamt oorspronkelijk uit 1754, de zogenaamde CoronelaDe koninklijke familie op het erepodium, waarvandaan ook de militaire parade wordt aanschouwdBeeld vanaf het koninklijk podiumEen parachutist springt uit een vliegtuig met een parachute in de Spaanse kleuren én een groot formaat Spaanse vlagVader en dochter volgen de parachutist……en zien dat alles goed gaatDe vlag nadert de grondNa de landing staat er een team vlagopvouwers klaarDe grootformaat vlagOpgevouwen en wel wordt de vlag naar de grote vlaggenmast tegenover het podium gebracht, als eerbetoon aan de vlag gebeurt dit blootshoofdsDe vlag wordt aangelijnd……en is klaar om gehesen te wordenDe burcht van Castilië op de vlagIn topOok temidden van het publiek is geen gebrek aan Spaanse vlaggenKoning Felipe en de prinses van Asturië leggen gezamenlijk een krans aan de voet van de vlaggenmast voor de gevallenen, de tekst op de sokkel luidt: ‘Honor y gloria a los que dieron su vida por España’(‘Eer en glorie voor hen die hun leven gaven voor Spanje’)En opnieuw wordt de groet gebracht door koning Felipe……en zijn dochter Leonor, die momenteel twee van de drie jaar militaire opleiding achter de rug heeft, na een jaar landmacht en een jaar marine, is het nu de beurt aan een jaar luchtmacht (Spaanse vorsten zijn tevens opperbevelhebber van het leger)Ondanks het sombere weer mocht een fly-[ast in de Spaanse kleuren niet ontbreken
De vlag
Vlag van Spanje, met en zonder wapen
De Spaanse vlag is een horizontale driekleur van rood-geel-rood, waarbij de gele baan in het midden dubbel zo breed als als de twee rode banen. bestaat in twee varianten: zonder en mét staatswapen.
Tussen 1978 en 1981 werden de kleuren van de vlag in de Grondwet simpelweg aangeduid als rood en geel, maar daarvóór werd de gele kleur aangeduid als amarillo gualda (het geel van de resedaplant). Vanaf 1981 heeft men deze kleurbepaling opnieuw ingevoerd.
De kleuren zelf hebben hoogstwaarschijnlijk geen historische achtergrond, anders dan dat ze ook van ver goed zichtbaar moesten zijn, wat zeker op zee niet onbelangrijk was. Om die reden werd een marinevlag met deze kleuren in 1785 ingevoerd onder koning Carlos III. Dit beviel goed en zodoende nam de koopvaardij een iets andere vlag aan in dezelfde kleuren en uiteindelijk kwam de vlag ook ‘aan land’.
Gedurende het regime (1936-1975) van dictator generaal Franco werd de vlag aangepast (1938), waarbij er een adelaar aan het wapen werd toegevoegd. De adelaar stond in dit geval symbool voor Johannes de Doper en werd ook gebruikt door het koningspaar koningin Isabella I van Castilië en koning Ferdinand II van Aragón in de tweede helft van de 15e eeuw. De adelaar hield het na de dood van Franco in 1975 nog een paar jaar vol, maar werd uiteindelijk van de vlag verwijderd op 5 oktober 1981.
Spaanse vlag uit de Franco-tijd
Het wapen
Wapen van Spanje sinds 1981 (laatste aanpassing)
Het staatswapen is in vier kwartieren verdeeld: 1e kwartier: een burcht, wapen van Castilië 2e kwartier: een gekroonde leeuw, wapen van Léon 3e kwartier: vier rode banen op een gouden veld, wapen van Aragón 4e kwartier: een gouden ketting op een rood veld, wapen van Navarra Onderin het schild, in de insteek, een granaatappel op een zilveren veld, het wapen van Granada. In het centrum van het schild is tenslotte het wapen van Borbón te zien voor het huidige Spaanse koningshuis.
Aan weerszijden van het schild twee gekroonde pilaren, de zogenaamde Zuilen van Hercules, die staan voor de Straat van Gibraltar. Het motto op het lint luidt: Plus ultra (Steeds verder). Bovenop het schild is de koninklijke kroon te zien.
De Spaanse koningskroon uit 1775 (met ernaast de 16e-eeuwse scepter)
Affiche voor de 200e Onafhankelijkheidsdag (publiek domein)
Hoewel Uruguay pas in 1828 werkelijk vrij en onafhankelijk was, is de officiële onafhankelijkheidsdag 25 augustus 1825, vandaag precies 200 jaar geleden.
Gebied van de Banda Oriental (publiek domein)
Voor die tijd was het onderdeel van Spaans Amerika onder de naam Banda Oriental en vormde het samen met het tegenwoordige Argentinië en een stukje Bolivia de zogenaamde Provincias Unidas del Río de la Plata (de Verenigde Provincies van de Río de la Plata).
In 1816 probeerde Portugal vanuit zijn kolonie Brazilië de Banda Oriental te veroveren. Dat bleek uiteindelijk succesvol in 1817, toen Montevideo werd ingenomen. Toen Brazilië in 1822 zelf onafhankelijk werd van Portugal, was Uruguay ineens onderdeel van het keizerrijk Brazilië.
Links: Vlag van de Treinta y Tres Orientales (“Vrijheid of Dood”) / Rechts: Juan Antonio Lavalleja (1784-1853), afbeelding door Ino Fanzo uit 1874(publiek domein)
Een revolutionaire groepering onder de naam Treinta y Tres Orientales, die onder leiding stond van Juan Antonio Lavalleja, riep de onafhankelijkheid uit op 25 augustus 1825. Hierna brak er een gewapende strijd van drie jaar uit, de Guerra del Brasil, die uitmondde in het Bestand van Montevideo (in het Spaans: Convención Preliminar de Paz) van 27 augustus 1828. En daarmee was Uruguay definitief zelfstandig.
De vlag is in gebruik sinds 16 december 1828 en telde toen negen blauwe banen (voor de negen departementen). Sinds 11 juli 1830 telt de vlag nog maar vier blauwe banen, maar als we de vijf witte banen meetellen, komen we toch weer op de symbolische negen.
Links: vlag van Argentinië / Rechts: vlag van Uruguay (1818-1830)
De Argentijnse vlag diende als voorbeeld voor de Uruguyaanse, met de afbeelding van de ‘mei-zon’ (el Sol de Mayo), die in Argentinië herinnert aan het begin van hun vrijheidsoorlog op 25 mei 1810.
Uruguay heeft geen aparte vlag voor zijn president, wel is er een presidentiële sjerp met de blauwwitte strepen van de vlag en daaroverheen het staatswapen
De huidige president van Uruguay, Yamandú Orsi (1967), die op 1 maart dit jaar werd geïnstalleerd, op dit officiële portret zien we hem met de presidentiële sjerp met staatswapen (foto gedeeld door de president op X)
Op zee is dat een ander verhaal: opvallend genoeg voert de president wel een aparte vlag als hij of zij in functie aan boord van een schip is.
De maritieme vlag van de president van Uruguay
Hierboven zien we die vlag. Ze is wit met vier blauwe ankers, in elke hoek één. In het midden het staatswapen van Uruguay. Het wapen werd aangenomen op 19 maart 1829 en aangepast in 1906. Het bestaat uit een in vieren gedeeld ovalen schild, omkranst door een lauriertak links (symbool voor eer) en een olijftak rechts (symbool voor vrede) en wordt bekroond door een opkomende ‘mei-zon’ (Sol de Mayo), het nationale symbool.
In Kwartier I (linksboven) zien we een gouden (of gele) weegschaal op een blauw veld, symbool voor gelijkheid en rechtvaardigheid. In Kwartier II (rechtsboven) zien we de Cerro de Montevideo (de Heuvel van Montevideo), de heuvel in groen, het fort er bovenop in zilver, met onder de heuvel vijf blauwe golvende banen, dit alles tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor kracht. In Kwartier III (linksonder) een zwart paard tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor vrijheid. In Kwartier IV (rechtsonder) tot slot, zien we een gouden (of gele) os tegen een blauwe achtergrond, symbool voor overvloed.
Marine
Marinevlag van Uruguay (1998-heden)
En nu we toch op zee zijn: Uruguay voert ook een aparte marinevlag en die zien we hierboven, ze vervangt een eerder model en werd in 1998 ingevoerd. Het ontwerp is gebaseerd op de historische marinevlag van 1817. De vlag is wit met een breed andreaskruis in blauw, in het midden een gestileerde versie van de Sol de Mayo, die dus afwijkt van de zon op de nationale vlag.
Op deze foto uit 2018 zien we de Uruguayaanse marinevlag achter toenmalig opperbevelhebber admiraal Carlos Abilleira (foto: defensa.com/uruguay)
In Paraguay wordt vandaag de Día del Niño (Dag van het Kind) gevierd. Het herinnert aan een slag in de Paraguyaanse Oorlog, die ook bekend staat als de Oorlog van de Drievoudige Alliantie (1864-1870). Het zou in dit verband te ver voeren om deze ingewikkelde en bloedige strijd hier ten tonele te voeren, maar heel in het kort komt het er op neer dat Paraguay, onder dictator Carlos Antonio López in oorlog kwam met Brazilië, Uruguay en Argentinië. Aangezien Paraguay nergens aan water grenst, was het López’ wens zijn land zodanig uit te breiden, dat het aan de Rio de la Plata zou grenzen.
Links: Locatie van Paraguay / Rechts: Carlos Antonio López (1792-1862), portret uit 1862
Dit alles ten behoeve van de niet onaanzienlijke export van o.a. wapens. De oorlog die toen ontstond, was minstens zo gruwelijk als de Amerikaanse Burgeroorlog, die toen net achter de rug was. Paraguay had een sterk leger, maar toen het in 1870 het onderspit delfde, was het inwoneraantal van 525.000 gedaald naar 221.000, waarvan slechts 28.000 mannen.
Wat heeft dit nu allemaal met kinderen te maken? Dat komt door één beruchte veldslag, de Batalla de Acosta Ñu ook wel Campo Grande (Grote Strijd) genoemd, van 16 augustus 1869. López was aan de verliezende hand, veel militairen waren inmiddels omgekomen. Waarschijnlijk om zelf te kunnen vluchten, trommelde hij een legertje op van 3.500 kinderen van tussen de zes en vijftien jaar oud, deels vermomd met baarden en met verouderde wapens.
Links: Paraguayaanse kindsoldaten in 1869 (publiek domein) / Rechts: Schilderij uit 1877 van Pedro Américo (1843-1905), getiteld Batalha da Campo Grande (Collectie Museu Imperial de Petrópolis, Brazilië)
De kinderen stonden tegenover een geallieerde overmacht van 20.000 man. Het kinderleger werd in de pan gehakt, 2000 van hun kwamen om tijdens de slag, de rest werd gevangen genomen, velen van hen zwaargewond. Dictator López kwam uiteindelijk aan zijn einde in de laatste slag van de oorlog, de Combate de Cerro Corá, op 1 maart 1870, toen hij, terwijl hij omsingeld was, zich weigerde over te geven. Hij liep een lanswond op in zijn buik en werd niet lang daarna doodgeschoten.
Voorzijde van de vlag van ParaguayKeerzijde van de vlag van Paraguay
De vlag van Paraguay heeft officieel twee verschillende kanten, net als die van de Amerikaanse staat Oregon. Hoewel die laatste dubbelzijdige vlag zich in de Vlagblog-collectie bevindt, is dat niet het geval met Paraguay, simpelweg omdat er niet de hand op te leggen is. Alleen in het land zelf kom je de officiële dubbelzijdige versie tegen, meestal bij overheidsgebouwen. Dubbelzijdige vlaggen zijn uiteraard niet erg praktisch, omdat ze duurder zijn om te maken en ook zwaarder, wat het wapperen niet ten goede komt!
De vlag is een horizontale driekleur in rood, wit en blauw. In het midden van de witte baan aan de voorzijde is het rijkszegel geplaatst. Het rijkszegel heeft in het midden een vijfpuntige gouden ster en is geplaatst in een blauwe cirkel. Deze cirkel wordt omkranst door palm- en olijftakken op een witte cirkel. Daar weer omheen bevindt zich een rode cirkel met in goud en in kapitalen de tekst Republica del Paraguay. Hier omheen ligt dan nog een witte cirkel, omkaderd door een zwarte cirkel.
Op de achterkant van de vlag staat in het midden van de witte baan het zegel van het Ministerie van Financiën. Het is een witte cirkel, omkaderd in blauw en rood. In de cirkel is een gouden leeuw geplaatst; achter dit dier is een gouden speer te zien met een rode Frygische muts (symbool voor de vrijheid) er bovenop. In de cirkel boven de afbeelding in kapitalen de tekst Paz y justicia (Vrede en gerechtigheid).
De symbolen op de vlag: het rijkszegel (voorkant) en het zegel van het Ministerie van Financiën (achterkant)
Over waar het rood, wit en blauw van deze vlag vandaan komen zijn verschillende theorieën, maar het waarschijnlijkst is dat Paraguay’s eerste president, José Gaspar Rodriguez de Francia de kleuren introduceerde, als groot bewonderaar van de Franse Revolutie. Daarmee zouden ze dus ‘geleend’ zijn van de Franse tricolore en vervolgens een slag gedraaid naar horizontaal. Maar ook het ‘lenen’ van de Nederlandse vlag wordt niet uitgesloten.
De eerste versie van deze vlag werd ingevoerd op 15 augustus 1812, waarbij de witte baan iets breder was dan de rode en de blauwe. Op 27 november 1842 werd de vlag opnieuw vastgesteld, nu met drie banen van dezelfde breedte. Het rijkszegel miste toen nog de rode cirkel met de tekst, die werd toegevoegd in 1883. Hoewel alleen bij de officiële (overheids)versies van de vlag, is nog vermeldenswaardig dat de verhoudingen van hoogte en breedte 11:20 zijn.
Het presidentieel paleis, het Palacio de López (1894), in de hoofdstad Asunción, met de vlag in top (screenshot)
Hoewel Uruguay pas in 1828 werkelijk vrij en onafhankelijk was, is de officiële onafhankelijkheidsdag 25 augustus 1825. Voor die tijd was het onderdeel van Spaans Amerika onder de naam Banda Oriental en vormde het samen met het tegenwoordige Argentinië en een stukje Bolivia de zogenaamde Provincias Unidas del Río de la Plata (de Verenigde Provincies van de Río de la Plata).
In 1816 probeerde Portugal vanuit zijn kolonie Brazilië de Banda Oriental te veroveren. Dat bleek uiteindelijk succesvol in 1817, toen Montevideo werd ingenomen. Toen Brazilië in 1822 zelf onafhankelijk werd van Portugal, was Uruguay ineens onderdeel van het Keizerrijk Brazilië.
Een revolutionaire groepering onder de naam Treinta y Tres Orientales, die onder leiding stond van Juan Antonio Lavalleja, riep de onafhankelijkheid uit op 25 augustus 1825. Hierna brak er een gewapende strijd van drie jaar uit, de Guerra del Brasil, die uitmondde in het Bestand van Montevideo (in het Spaans: Convención Preliminar de Paz) van 27 augustus 1828. En daarmee was Uruguay definitief zelfstandig.
“Boceto para la Jura de Constitución de 1830”, olieverfschilderij uit 1872 van Juan Manuel Blanes (1830-1901) en toont de feestelijkheden op 18 juli 1830 te Montevideo op het Plaza Mayor (het tegenwoordige Plaza Matriz)(Collectie Museo Histórico Nacional, Montevideo / Publiek domein)
De eerste eigen grondwet werd ingevoerd op 18 juli 1830 en staat nu bekend als de Jura de la Constitución. De tekst van de grondwet bleef onveranderd tot 1918. Vele wijzigingen volgden sindsdien. In hoofdstad Montevideo herinnert de straatnaam La Avenida 18 de Julio aan de invoering van de eerste grondwet.
La Avenida 18 de Julio, een van de hoofdstraten van Montevideo (fotograaf onbekend)
Devlag
Vlag van Uruguay (1830-heden)
De vlag is in gebruik sinds 16 december 1828 en telde toen negen blauwe banen (voor de negen departementen). Sinds 11 juli 1830 telt de vlag nog maar vier blauwe banen, maar als we de vijf witte banen meetellen, komen we toch weer op de symbolische negen.
Links: vlag van Argentinië / Rechts: vlag van Uruguay (1818-1830)
De Argentijnse vlag diende als voorbeeld voor de Uruguyaanse, met de afbeelding van de ‘mei-zon’ (el Sol de Mayo), die in Argentinië herinnert aan het begin van hun vrijheidsoorlog op 25 mei 1810.
Uruguay heeft geen aparte vlag voor zijn president, wel is er een presidentiële sjerp met de blauwwitte strepen van de vlag en daaroverheen het staatswapen.
De huidige president van Uruguay, Yamandú Orsi (1967), die op 1 maart dit jaar werd geïnstalleerd, op dit officiële portret zien we hem met de presidentiële sjerp met staatswapen (foto gedeeld door de president op X)
Op zee is dat een ander verhaal: opvallend genoeg voert de president wel een aparte vlag als hij of zij in functie aan boord van een schip is.
De maritieme vlag van de president van Uruguay
Hierboven zien we die vlag. Ze is wit met vier blauwe ankers, in elke hoek één. In het midden het staatswapen van Uruguay. Het wapen werd aangenomen op 19 maart 1829 en aangepast in 1906. Het bestaat uit een in vieren gedeeld ovalen schild, omkranst door een lauriertak links (symbool voor eer) en een olijftak rechts (symbool voor vrede) en wordt bekroond door een opkomende ‘mei-zon’ (Sol de Mayo), het nationale symbool.
In Kwartier I (linksboven) zien we een gouden (of gele) weegschaal op een blauw veld, symbool voor gelijkheid en rechtvaardigheid. In Kwartier II (rechtsboven) zien we de Cerro de Montevideo (de Heuvel van Montevideo), de heuvel in groen, het fort er bovenop in zilver, met onder de heuvel vijf blauwe golvende banen, dit alles tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor kracht. In Kwartier III (linksonder) een zwart paard tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor vrijheid. In Kwartier IV (rechtsonder) tot slot, zien we een gouden (of gele) os tegen een blauwe achtergrond, symbool voor overvloed.
Marine
Marinevlag van Uruguay (1998-heden)
En nu we toch op zee zijn: Uruguay voert ook een aparte marinevlag en die zien we hierboven, ze vervangt een eerder model en werd in 1998 ingevoerd. Het ontwerp is gebaseerd op de historische marinevlag van 1817. De vlag is wit met een breed andreaskruis in blauw, in het midden een gestileerde versie van de Sol de Mayo, die dus afwijkt van de zon op de nationale vlag.
Op deze foto uit 2018 zien we de Uruguayaanse marinevlag achter toenmalig opperbevelhebber admiraal Carlos Abilleira (foto: defensa.com/uruguay)
In dat jaar is de Amerikaanse journalist , advocaat, avonturier en (uiteindelijk oorlogsmisdadiger) William Walker actief in Midden-Amerika. Hij probeert er vanaf 1855 met een leger van huurlingen slavenkolonies te stichten, beginnend in Costa Rica’s buurland Nicaragua. In 1856 slaagt hij er inderdaad in de regering omver te werpen. Hij laat weten het hier niet bij te laten en kondigt aan dat hij grotere delen van Midden-Amerika onder zijn controle wil brengen.
De Costa Ricaanse president Juan Rafael Mora Porras is niet van plan lijdzaam af te wachten en hij roept zijn bevolking op legers te vormen en op te trekken naar Nicaragua. Juan Santamaría, geboren in Alajuelita in 1831 als ‘onecht’ kind (zoals dat in die tijd heette), was een arme arbeider in 1856 en besloot zich aan te sluiten bij het volksleger als tamboer.
Men marcheerde door het zuidwesten van Nicaragua naar de stad Rivas, waar een deel van de troepen van Walker zich bevond. Men bereikte Rivas op 8 april en op 11 april werd er slag geleverd. De slag staat nu bekend als de Batalla de Rivas en eindigde onbeslist. Walkers troepen trokken zich terug in een uitspanning in het centrum van de stad. De Salvadoraanse generaal die de Costa Ricaanse troepen aanvoerde, José María Cañas, stelde op 11 april voor dat geprobeerd moest worden om het gebouw met een fakkel in brand te steken. De eerste soldaten die het probeerden slaagden er niet in.
Uiteindelijk wilde Juan Santamaría het op 12 april wel proberen op voorwaarde dat mocht hij het leven laten er voor zijn moeder gezorgd zou worden. Hij werd geraakt door vijandelijk vuur vanuit de herberg, maar al stervende zag hij kans zijn taak te volbrengen en kort daarna stond het hele bouwsel in de brand. Het bleek een keerpunt in de verdere strijd en op 1 mei 1857 gaf Walker zichzelf over.
Twee Costa Ricaanse postzegels met de beeltenis van het standbeeld van Juan Santamaría (links: uitgave 1910 / rechts: uitgave 1907)
Historici verschillen van mening of het allemaal precies zo gebeurd is, feit is wel dat Santamaría’s moeder vanaf november 1857 een pensioen krijgt uitgekeerd.
De Costa Ricaanse (staats)vlag is een horizontale vijfkleur: in het midden een brede rode baan, die net zo hoog is als de 2×2 banen erboven en eronder, respectievelijk blauw-wit en wit-blauw. in de rode baan, links van het midden bevindt zich het staatswapen. Daarnaast wordt ook de civiele vlag gebruikt, met als enig verschil dat het wapen hierop ontbreekt.
De Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten.
Vlag van Argentinië
De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen.
Vlag van de Verenigde Provincies van Centraal Amerika
Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook Paraguay heeft het blauw-wit overgenomen, maar heeft net als Costa Rica een rode baan toegevoegd.
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en ParaguayDe vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador
Zoomen we verder even in op de vlag van Costa Rica: de rode baan werd in 1848 toegevoegd, na de Franse Revolutie van dat jaar. Mét de rode baan erbij had de Costa Ricaanse vlag nu de revolutionaire kleuren van de Franse tricolore, terwijl ook de blauwe en witte kleuren van de oude vlag bleven bestaan.
Het ontwerp van de vlag was van Patricia Fernández, de vrouw van president José María Castro Madriz.
Het staatswapen stond in 1848 nog middenin de vlag, in 1906 volgde er een aanpassing: het werd verder naar de broekingszijde verplaatst, iets verkleind en in een witte ovaal geplaatst, verder werden er een aantal militaristische symbolen verwijderd plus een hoorn des overvloeds.
Wapen van Costa Rica
Het wapen van Costa Rica is gevat in een golvende sierrand en laat het land in een soort van minivorm zien, ingeklemd tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan, ieder van een zeilschip voorzien. Verder zijn er drie vukanen afgebeeld met rookpluimpjes erboven (sinds 1998) en zeven sterren. De sterren staan voor het aantal provincies (tot 1964 waren dat vijf sterren voor vijf provincies). Verder zien we links een rijzende zon en boven het tafereel een witte banderol met daarop de naam van het land: Republica de Costa Rica. Boven de wapenrand zien we dan nog een lichtblauwe, naar achteren gestrikte blauwe banderol, waarop de tekst: America Central.
De kleuren in de vlag worden als volgt uitgelegd: blauw staat voor de hemel, kansen, idealisme en vasthoudendheid; wit staat voor vrede, wijsheid en geluk; rood staat voor het verspilde bloed van de martelaren in oorlogstijd en voor de warmte en vrijgevigheid van het Costa Ricaanse volk.
De 24e maart is een officiële herdenkingsdag in Argentinië. De datum is die van de staatsgreep van 1976, die een burgerlijke/militaire dictatuur aan de macht bracht, onder de naam Proceso de Reorganización Nacional(Proces van Nationale Reorganisatie), vaak kortweg El Proceso (Het Proces) genaamd. De dictatuur wist stand te houden tot 1983. Deze periode van staatsterrorisme staat bekend als de Vuile Oorlog (Guerra Sucia).
Affiche voor de 24e maart met portretten van desaparecidos (verdwenen personen) (publiek domein)
De herdenkingsdag werd op 1 augustus 2002 door het Nationaal Congres in het leven geroepen middels Wet 25633 en door de regering aangenomen op 22 augustus. Vanaf 2006 is het tevens een officiële vrije dag.
Junta
Spil in de Vuile Oorlog was een militaire junta, die tot 1981 onder leiding stond van Jorge Videla, die president werd van een regering, waar naast militairen, ook burgers deel van uitmaakten. Vanaf 1981 stond Leopoldo Galtieri aan het hoofd van het regime. Hij gaf opdracht de Britse Falklandeilanden te bezetten, wat uitmondde in de Falklandoorlog van 1982, die leidde tot een nederlaag van de Argentijnen, toen de Britten de eilanden heroverden. Het was ook het begin van het einde van de dictatuur, Galtieri werd op 17 juni 1983 ontslagen en dat versnelde het eind van de militaire regering.
Isabel Perón (1931) (screenshot)
Isabel Perón
De staatsgreep was deels een gevolg van de chaotische regering van president Isabel Perón (de weduwe en opvolgster van Juan Perón) en de gewelddadige strijd binnen het peronisme, waar zij geen vat op kreeg.
Beeld van de staatsgreep op 24 maart 1976: een tank voor het Casa Rosada, het presidentieel paleis in Buenos Aires (publiek domein)
Nadat zij bij de militaire staatsgreep was afgezet, was het land dan ook in eerste instantie hoopvol dat er nu rust en orde zouden komen. Orde kwam er, maar niet van de soort waarop gehoopt was, al snel liet de militaire junta zien hoe de wind zou gaan waaien.
Installatie van Jorge Videla (1925-2013) als president van Argentinië, 24 maart 1976, de top van de junta bestond uit drie man: naast Videla waren dat Emilio Eduardo Massera (1925-2010) (links op de foto) en Orlando Agosti (1924-1997) (op de foto rechts) (publiek domein)
Jorge Videla
Het uiterst rechtse regime, met Jorge Videla als leider, verklaarde Argentinië weer veilig te maken, ongeacht hoeveel mensen hiervoor moesten sterven. Onder de junta waren vakbonds- en politieke activiteiten verboden. Iedereen die actief was in een vakbond of een andere politieke ideologie aanhing, was een ‘subversief element’: Dit betekende dat hij of zij een gevaar voor de samenleving en de militaire junta was. Deze ‘elementen’ werden hardhandig verwijderd.
Een demonstrant wordt opgepakt in Buenos Aires tijdens de begindagen van de Vuile Oorlog (publiek domein)
Tijdens het militaire bewind werden systematisch mensenrechten geschonden. Zo werden tegenstanders van het regime zonder proces op grote schaal opgepakt, gemarteld en vermoord. Ook vonden er veel verdwijningen plaats. Volgens officiële gegevens zijn er tussen 1976 en 1983 ongeveer 9.000 mensen verdwenen, hoewel door mensenrechtenorganisaties dit aantal op 30.000 geschat werd.
Tableau met portretten van ‘desparecidos’, verdwenen burgers (publiek domein)
Dodenvluchten en babyroof
Ook werden er zogenaamde ‘dodenvluchten’ uitgevoerd, waarbij gevangenen en tegenstanders van het regime uit de weg geruimd werden, door ze te drogeren, uit te kleden en boven de Atlantische Oceaan uit een vliegtuig te gooien.
Een wijdverbreide praktijk tijdens deze Vuile Oorlog was de ‘babyroof’. Baby’s van vrouwelijke gevangenen werden weggenomen bij hun moeders en bij gezinnen geplaatst die de junta steunden. De moeders werden hierna vermoord. Op deze wijze werden er in Argentinië honderden kinderen ontvoerd.
Dwaze Moeders
De angst voor het regime was groot onder de bevolking en werd er nauwelijks openlijk geprotesteerd, uit angst voor de gevolgen. Toch was er één groep die in actie kwam en spontaan ontstond: de Dwaze Moeders (Asociación Madres de Plaza de Mayo). Het was (en is) een groep moeders van desaparecidos, verdwenen personen, in eerste instantie georganiseerd door initiatiefneemster Azucena Villaflor.
Azucena Villaflor (1924-1977), oprichtster van de Dwaze Moeders, ongedateerde foto (publiek domein)
Toen ze als groep van 14 moeders op zaterdag 30 april 1977 verhaal gingen halen bij de autoriteiten over hun verdwenen kinderen, werden ze niet ontvangen, waarna ze zwijgend over het Plaza de Mayo gingen lopen (stilstaan mocht niet van de politie). Het Plaza de Mayo is het centrale plein in Buenos Aires, met het presidentieel paleis (het Casa Rosada), het oude stadhuis (El Cabildo), La Catedral Metropolitana, de Mei-piramide en het hoofdkantoor van de Nationale Bank.
Ongedateerde foto’s van een protest van de Dwaze Moeders en sympathisanten op het Plaza de Mayo, voor het presidentieel paleis, het Casa Rosada (publiek domein)
Arrestaties
De tweede ‘mars’ vond plaats op een vrijdag, de derde op een donderdag. Sinds die tijd is dit de dag waarop de Dwaze Moeders vanaf 15.30 u op het Plaza de Mayo steevast in stil protest rondjes lopen. Op 10 december 1977 plaatste de groep een advertentie in de krant met daarin de namen van de verdwenen kinderen. Diezelfde avond nog werd Villaflor gearresteerd en nooit meer teruggezien. Negen andere moeders overkwam hetzelfde. Pas in 2003 werd Villaflor’s lichaam geïdentificeerd, samen met dat van vier andere vrouwen.
Hun stille protesten gingen echter door en trokken internationaal sterk de aandacht. In Nederland zetten Liesbeth den Uyl en Mies Bouhuys zich voor hen in.
Ongedateerde foto van een protestmars van de Dwaze Moeders (of Abuelas (Oma’s) de Plaza de Mayo, zoals ze zichzelf ook wel noemen), de tekst op het spandoek luidt: ‘Waar zijn de honderden baby’s die in gevangenschap zijn geboren?’ (publiek domein)
Einde junta
In de nasleep van de desastreus verlopen Falklandoorlog stapte de junta o.l.v. Galtieri in 1983 op en kwamen er verkiezingen.
Bij deze democratische verkiezingen stelde de nieuwe president Raúl Alfonsín, in december 1983 de Nationale Commissie op dePersoonsverdwijning in, om de begane misdaden tijdens de dictatuur te onderzoeken. Dit leidde tot het oppakken van diverse kopstukken van het voormalige regime en veroordelingen, waaronder ook Videla en Galtieri waren.
Herdenkingen en marsen die onder de junta niet mogelijk waren, vonden plaats vanaf 1983, georganiseerd door mensenrechtenorganisaties en politieke partijen. President Carlos Menem vaardigde in 1998 een decreet uit dat het onderwijs in Argentinië één dag speciaal wijdde aan een “kritische analyse” van de jaren van de Vuile Oorlog. Dit leidde uiteindelijk tot het instellen van de speciale herdenkingsdag in 2002/2006 die we vandaag memoreren.
Op deze dag wordt er in het hele land stilgestaan bij de verschrikkingen van de dictatuur, middels optochten, doorgaans met foto’s van mensen die nog steeds vermist worden (het zoeken naar en identificeren van slachtoffers van de Vuile Oorlog gaat nog steeds door). De grootste manifestatie is altijd in Buenos Aires, op het Plaza de Mayo.
De Argentijnse vlag is een horizontale driekleur in hemelsblauw, wit en hemelsblauw. Middenin de witte baan is de zogenaamde sol de mayo afgebeeld, een zon met een gezichtje in geel (of goud), omringd door 32 stralen, eindigend in punten.
Het zal niet verbazen dat de oorsprong van de vlag terug te voeren is op de gebeurtenissen voortvloeiend uit 1810. Op 25 mei dat jaar, na het aftreden van Cisneros (zie hierboven), werden op het marktplein in Buenos Aires blauw-witte kokardes uitgedeeld. Op deze bewuste middag was het in eerste instantie bewolkt, toen het echter plotseling opklaarde en de zon tevoorschijn kwam, werd dat als symbolisch gezien. Vanaf die tijd geldt de sol de mayo (meizon) als het nationale symbool van Argentinië.
In de daarop volgende onafhankelijkheidsstrijd voerde de succesvolle Argentijnse generaal Manuel Belgrano zijn troepen aan met vlaggen in blauw-wit-blauw, die teruggrepen op de gebeurtenissen van 25 mei 1810.
Manuel Belgrano (1770-1820) door een onbekende artiest (publiek domein)
In eerste instantie was het dus een oorlogsvlag. Op 25 juli 1816 werd door het toenmalige collectief van volksvertegenwoordigers, het Congres van Tucumán, de vlag uitgeroepen tot nationale vlag. Op 25 februari 1818 wordt dit nog eens bevestigd door het congres (inmiddels gevestigd in Buenos Aires). Tevens wordt op die dag de sol de mayo toegevoegd.
In de 19e eeuw was de kleur blauw overigens in het algemeen donkerder. Pas vanaf 1861 is het uitsluitend hemelsblauw.
Donkerblauwe versie van de Argentijnse vlag
De kleuren van de vlag worden tegenwoordig ook symbolisch uitgelegd: het blauw voor zowel de hemel als de oceaan en het wit voor de besneeuwde toppen van het Andes-gebergte.
Tot slot: de Argentijnse vlag heeft direct invloed gehad op vlagontwerpen van andere Midden- en Zuid-Amerikaanse staten. De van 1823 tot 1838 bestaande staat Provincias Unidas del Centro de América (Verenigde Provincies van Centraal Amerika) gebruikte een vlag die in wezen een kopie was van die van Argentinië, zij het met zijn eigen staatswapen. Toen deze staat uiteenviel in 1838 in de huidige nog bestaande landen Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica, namen alle vijf landen de blauwe strepen (in verschillende tinten) mee naar hun eigen vlaggen, alleen Costa Rica voegde een rode streep toe. Verder is ook de vlag van Uruguay op die van Argentinië gebaseerd, niet alleen het blauw-wit, maar ook de sol de mayo. Ook de vlag van Paraguay zou afgeleid kunnen zijn van de Argentijnse vlag, maar waarschijnlijker zijn de theorieën dat de Franse tricolore de inspiratiebron was, en wellicht zelfs de Nederlandse vlag.
De vlaggen van Nicaragua, Costa Rica, Uruguay en ParaguayDe vlaggen van Guatemala, Honduras en El Salvador
Vandaag vindt de installatie plaats van de nieuwe Uruguayaanse president Yamandú Orsi. Hij volgt daarmee Luis Pou op. Vorig jaar werd hij presidentskandidaat voor Frente Amplio(Breed Front), een coalitie van progressieve politieke partijen en organisaties. Bij de eerste stemmingsronde op 27 oktober haalde hij 44% van de stemmen, waarna hij door kon naar de tweede en beslissende ronde op 24 november.
Yamandú Orsi (1967) op het podium na zijn overwinning op 24 november 2024, met rechts het Uruguyaanse staatswapen (screenshot)
Bij die tweede ronde versloeg hij zijn tegenstander Álvaro Delgado van de centrum-rechtse Partido Nacional (Nationale Partij). Zijn termijn is voor vijf jaar. Orsi is getrouwd met Laura Alonso Pérez. Het paar kreeg in 2012 een tweeling, Lucía en Victorio.
Het Uruguyaanse parlementDe nationale vlagBelangstellenden met nationale en partijvlaggenYamandú Orsi en zijn vrouw Laura Alonso Pérezarriveren bij het parlement……en lopen door de centrale hal naar de SenaatDe Senaat, de Uruguyaanse Eerste KamerOnder de gasten o.a. president Santiago Peña van Paraguay, koning Felipe VI van Spanje en president Luiz Lula da Silva van BraziliëEén van Orsi’s voorgangers als president (2010-2015): de bijna 90-jarige José Mujica (met stok)Het aankomend presidentieel paar tijdens het zingen van het volkslied, in het midden: Alejandro Sánchez, voorzitter van de Verenigde VergaderingYamandú Orsi legt de eed af……en wordt als eerste gefeliciteerd door Alejandro Sánchez
Devlag
Vlag van Uruguay (1830-heden)
De vlag is in gebruik sinds 16 december 1828 en telde toen negen blauwe banen (voor de negen departementen). Sinds 11 juli 1830 telt de vlag nog maar vier blauwe banen, maar als we de vijf witte banen meetellen, komen we toch weer op de symbolische negen.
Links: vlag van Argentinië / Rechts: vlag van Uruguay (1818-1830)
De Argentijnse vlag diende als voorbeeld voor de Uruguyaanse, met de afbeelding van de ‘mei-zon’ (el Sol de Mayo), die in Argentinië herinnert aan het begin van hun vrijheidsoorlog op 25 mei 1810.
Uruguay heeft geen aparte vlag voor zijn president, wel is er een presidentiële sjerp met de blauwwitte strepen van de vlag en daaroverheen het staatswapen.
De huidige president van Uruguay, Luis Pou (1973) bij zijn installatie op 1 maart 2020, met de presidentiële sjerp met staatswapen, naast hem zijn voorganger Tabaré Vázquez (1940-2020) (screenshot)
Op zee is dat een ander verhaal: opvallend genoeg voert de president wel een aparte vlag als hij of zij in functie aan boord van een schip is.
De maritieme vlag van de president van Uruguay
Hierboven zien we die vlag. Ze is wit met vier blauwe ankers, in elke hoek één. In het midden het staatswapen van Uruguay. Het wapen werd aangenomen op 19 maart 1829 en aangepast in 1906. Het bestaat uit een in vieren gedeeld ovalen schild, omkranst door een lauriertak links (symbool voor eer) en een olijftak rechts (symbool voor vrede) en wordt bekroond door een opkomende ‘mei-zon’ (Sol de Mayo), het nationale symbool.
In Kwartier I (linksboven) zien we een gouden (of gele) weegschaal op een blauw veld, symbool voor gelijkheid en rechtvaardigheid. In Kwartier II (rechtsboven) zien we de Cerro de Montevideo (de Heuvel van Montevideo), de heuvel in groen, het fort er bovenop in zilver, met onder de heuvel vijf blauwe golvende banen, dit alles tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor kracht. In Kwartier III (linksonder) een zwart paard tegen een zilveren (of witte) achtergrond, symbool voor vrijheid. In Kwartier IV (rechtsonder) tot slot, zien we een gouden (of gele) os tegen een blauwe achtergrond, symbool voor overvloed.
Marine
Marinevlag van Uruguay (1998-heden)
En nu we toch op zee zijn: Uruguay voert ook een aparte marinevlag en die zien we hierboven, ze vervangt een eerder model en werd in 1998 ingevoerd. Het ontwerp is gebaseerd op de historische marinevlag van 1817. De vlag is wit met een breed andreaskruis in blauw, in het midden een gestileerde versie van de Sol de Mayo, die dus afwijkt van de zon op de nationale vlag.
Op deze foto uit 2018 zien we de Uruguayaanse marinevlag achter toenmalig opperbevelhebber admiraal Carlos Abilleira (foto: defensa.com/uruguay)