4e vlag van vandaag

Aanleiding voor deze vlagdag is de samenvoeging van Oost- en West- Souburg (en Ritthem) op 1 juli 1966 bij de Gemeente Vlissingen.
Zie verder en voor de vlag, de post van 30 juni 2014.
4e vlag van vandaag

Aanleiding voor deze vlagdag is de samenvoeging van Oost- en West- Souburg (en Ritthem) op 1 juli 1966 bij de Gemeente Vlissingen.
Zie verder en voor de vlag, de post van 30 juni 2014.

Voor deze curieuze vlag van het Amerikaanse Zeeland: zie de post van 27 juni 2014.

Wat is de aanleiding voor de Zeeuwse vlag vandaag? Heel simpel: die is er niet! Aangezien Vlagblog zich in Zeeland bevindt is er ook geen aanleiding voor nodig om de Zeeuwse vlag te hijsen. Dat dit ook bijna massaal gebeurt, is eenieder al snel duidelijk wanneer je een tochtje door de provincie maakt. De provinciale vlag is uitermate populair en je komt hem overal tegen, zowel bij bedrijven als bij particulieren. Ik denk dat we rustig kunnen stellen dat Zeeland één van de weinige provincies is waar de eigen vlag werkelijk overal opduikt, zoals bijvoorbeeld ook in Friesland.
De vlag
Wat is nu de geschiedenis van deze, ook landelijk gezien, bekende vlag? Omdat vlaggendeskundige Klaes Sierksma er al zo diep is ingedoken in zijn Nederlands vlaggenboek uit 1962, wil ik bij wijze van uitzondering zijn bijdrage daarover graag overnemen:
‘Een blauwe vlag, waarover drie gegolfde witte banen, ieder van een zevende der vlaggenhoogte en over alles heen in het midden, als hartschild, het gekroonde wapen van Zeeland’.
Aldus de (in een lange omschrijving) gegeven toelichting op het besluit van Gedeputeerde Staten van Zeeland d.d. 14 januari 1949, nr. 19/13, 1e afdeling, voorkomend in het provinciaal blad van Zeeland, nummer 1 van 1949.
Deze vlag vertoont de merkwaardige afwijking van hetgeen in de banistiek gebruikelijk is, dat er een wapenschild op voorkomt. Toch is dit zelfs historisch te verantwoorden. Oude vlaggenboeken en -kaarten vertonen namelijk zeer dikwijls voor Zeeland een rood-wit-blauwe vlag (van evenhoge banen, of met de witte baan extra verbreed) met in het wit een volledig wapen van Zeeland, meermalen van onderen extra omgeven door twee gekruiste lauwertakjes. In elk geval het wapenschild zonder kroon en zonder lauwertakken komt eveneens meermalen voor. Bij vrijwel al deze vlaggen staat echter het wapen op de juiste plaats, d.w.z. zo dicht mogelijk bij de broek van de vlag.
Slechts twee vlaggenbronnen, resp. uit 1667 (het Napolitanen handschrift) en een handschrift van Zeeuwse oorsprong uit de tweede helft van de 18de eeuw laten het wapenschild weg. Ook voert Zeeland in deze gevallen het rood-wit-blauw (één keer oranje-wit-blauw). Bij de vlagvaststelling werd overwogen dat het rood-wit-blauw te weinig specifiek voor Zeeland zou zijn, weshalve men in andere richting zocht. Een ontwerp van het statenlid T.A.J.W. Schorer werd tenslotte gekozen. Speciaal aantekening verdient het, dat het wapendevies niet is opgenomen, terwijl het aantal vlaggenbanen één meer is dan de golvingen die men op het provinciewapen telt. Dit laatste is uitsluitend uit esthetische overwegingen gedaan.
De vlag is in Zeeland direct populair geworden. Hij vond er een vruchtbare bodem, zoals reeds geconcludeerd had mogen worden uit een protest van de Staten van Zeeland, ter Generaliteit ingediend in 1664, tegen het betitelen van de toenmalige Hollandse leeuwenvlag als ‘de Hollandsche vlag’. Ook toen reeds deed Randstad Holland haar invloed gelden…
Het wapendevies waar Sierksma op doelt, luidt Luctor et emergo (Ik worstel en ontzwem/Ik worstel en kom boven). De Amerikaanse gemeente Zeeland in Michigan, heeft deze wapenspreuk wel in zijn vlag opgenomen.
NB: Op het exemplaar van de Zeeuwse vlag van Vlagblog is de wapenspreuk wél aangebracht, op één van de golvende banen. Dit is dus officieel niet correct!
Citaat uit ‘Nederlands vlaggenboek’ van Kl. Sierksma, Prisma-reeks 196 (Het Spectrum), 1962
Op 14 maart 2003 werd de Westerscheldetunnel geopend en daarmee is hij vandaag 12 jaar oud. Met zijn 6,6 km lengte is het de langste tunnel in Nederland. Na de opening verdween het Westerschelde-veer tussen Kruiningen en Perkpolder. Dat tussen Vlissingen en Breskens werd een fiets/voet-veer.
Zeeuws-Vlaanderen was eindelijk snel per auto te bereiken vanuit de rest van Zeeland, vandaar vandaag de vlag van dit deel van de provincie. Uiteraard is dit vanuit het perspectief van ‘boven de Westerschelde’ geschreven: vanuit Zeeuws-Vlaanderen was nu plots de rest van Zeeland makkelijker te bereiken.
Voor een beschrijving van de vlag: zie 20 juli

Vandaag over drie weken is het zover: op donderdag 2 april wordt herdacht dat Vlissingen 700 jaar geleden stadsrechten kreeg. De komende donderdagen gaat dan ook de Vlissingen 700-vlag in top.

Zeeuws-Vlaanderen viert feest. Vanaf 20 juli 1814 wordt het landsdeel als Zeeuws aangemerkt. Voor die tijd hoorde het bij Frankrijk.

Als koning Willem I na de Franse bezetting onder Napoleon in 1814 is teruggekeerd in Nederland, tekent hij op 20 juli 1814 het ‘besluit houdende de vereeniging van Staats-Vlaanderen met de provincie van Zeeland’. Vanaf dat moment is het gebied dus Zeeuws. Zie voor meer over de geschiedenis van Zeeuws-Vlaanderen de speciale 200 jaar pagina.
Vlag
De Zeeuws-Vlaamse vlag bestaat sinds 2009. Dingeman de Koning uit Axel ontwierp ‘m volgens heraldische regels.
De bovenste rode strepen komen uit de vlag van Sluis, de onderste blauwe strepen uit de vlag van Terneuzen en stellen de Noordzee, de Westerschelde en het Zwin voor. De gele baan met Leeuw herinnert aan de vlag van Hulst en aan die van Vlaanderen, waarin ook een zwarte leeuw is afgebeeld. Zeeuws-Vlaanderen voelt zich verbonden met Nederland, en dat wordt uitgedrukt met de kleuren rood-wit-blauw. De verbondenheid met Vlaanderen komt terug door de kleuren zwart-geel-rood.
Het gedachtengoed van de vlag wordt bewaard en bewaakt door de stichting De Zeeuws-Vlaamse vlag.
Strikt genomen hoort deze vlag op 1 juli thuis, maar wegens “vlagdagen-drukte” (verschillende vlaggen die allemaal op één dag zouden moeten wapperen), één dag eerder”!
Op 1 juli 1966 werd bij de gemeentelijke herindeling van Walcheren de gemeente Oost- en West-Souburg (samen met de gemeente Ritthem) bij Vlissingen gevoegd. (Op een kleine strook in het noorden na, die bij Middelburg werd gevoegd en een strook in het westen, die naar Valkenisse ging, nu op zijn beurt inmiddels onderdeel van de gemeente Veere).
Oost- en West-Souburg waren tot 1842 afzonderlijke gemeenten, elk met een eigen wapen.
Het wapen van West-Souburg heeft een gouden veld met een rode burcht, dat van Oost-Souburg een zwart veld met een gouden burcht.
De Hoge Raad van Adel voegde bij de gemeentelijke herindeling op 23 november 1842 beide wapens samen, zodat de linkerhelft werd ingenomen door Oost-Souburg en de rechterhelft door West-Souburg.
Het werd als volgt omschreven: Gepartiseerd van sabel en goud, waarop een burgt, gepartiseerd van goud en keel.
Tegenwoordig wordt het omschreven als: Gedeeld van zwart en goud, met een van goud en rood gedeelde dubbele burcht over de delingslijn.
De vlag van Oost- en West-Souburg heeft het wapen middenin de vlag, die in twee kleuren is verdeeld: het goud (in de praktijk geel) van de “Oost-Souburgse burcht” aan de broekingszijde, en het rood van “West-Souburgse burcht” aan de vluchtzijde.
Interessant is natuurlijk te bedenken dat hoewel de vlag bijna uitsluitend in Oost-Souburg te zien is, het evengoed de vlag van West-Souburg is (tegenwoordig de facto een wijk van Vlissingen).
Het lijkt op de vlag van Zeeland, maar toch niet helemaal. Dat klopt, het is de vlag van het Amerikaanse stadje Zeeland in de staat Michigan.
In 1847 zeilden 457 mensen vanuit Zeeland via Antwerpen en Rotterdam in drie schepen naar de Verenigde Staten onder leiding van hereboer Jannes van de Luijster uit Borssele. Hij financierde de hele onderneming.
Waarom vertrokken ze? De hoofdreden was religieuze vrijheid. Hoewel die vrijheid er in Nederland in theorie ook was, waren er wel wat kanttekeningen bij die vrijheid, zeker voor een groepering als de Afgescheidenen, die de invloed van de staatskerk wilde ontvluchten.
Maar in de jaren daarna waren er ook nog andere redenen: de economische toestand, maar ook de moeite die deze streng gereformeerde groep had met de vooruitgang op wetenschappelijk en sociaal gebied.
De eerste groep die aankwam op de plek waar nu Zeeland ligt, was de groep onder Van de Luijster, op 27 juni 1847.
De groep o.l.v. aannemer Jan Steketee arriveerde op 4 juli en de hekkesluiters kwamen op 1 augustus o.l.v. dominee van der Meulen.
Het eerste gebouw dat verrees, was niet geheel verrassend, een kerk. Binnen 25 jaar was Zeeland een gezond groeiend dorp en in 1907 werd het een stad. De plaats is inmiddels gegroeid tot 5.500 inwoners, waarvan er velen nog steeds Nederlandse achternamen hebben.
De grootste stad in de buurt is Holland, met zo’n 33.000 inwoners, maar ook vinden we er plaatsjes met namen als Vriesland, Overisel, Drenthe, Graafschap, Zutphen en Noordeloos.
Zeeland heeft toestemming gekregen de vlag van de Nederlandse provincie Zeeland te gebruiken en heeft er wat eigen inbreng aan toegevoegd: de verticale strepen aan de broekingszijde en de tekst ‘City of Zeeland, Michigan’ boven het wapen, plus Zeeland’s wapenspreuk ‘Luctor et emergo’ eronder.