Tagarchief: Verenigd Koninkrijk

Niue – The Queen’s birthday / Verjaardag van de Koningin

Vijf vlaggen vandaag. Vlag 3:

Foto van Niue vanuit de ruimte (© NASA Earth Observatory / foto: Joshua Stevens)

Niue is een hoog gelegen koraaleiland in de Grote Oceaan, van 260 km², met een bevolking van ruim 1600 inwoners. Het is geen onafhankelijk land, maar heeft autonomie in een vrije associatie met Nieuw-Zeeland, net als de zuidelijker gelegen Cookeilanden. Aangezien Nieuw-Zeeland als Gemenebest-lid de Britse koningin Elizabeth II als staatshoofd heeft, is dat ook het geval bij Niue.

Links: Locatie van Niue in de Grote Oceaan (© whereig.com)

De eerste Europeanen die het eiland in het zicht kregen waren de Britse kapitein James Cook en zijn bemanning in 1774. Cook deed drie pogingen om aan land te komen, maar de inwoners verboden hem te landen. Hij gaf het eiland de naam Savage Island. Overigens had het eiland allang een naam, Niuē (‘Aanschouw de kokosnoot’) en deze naam kreeg het eiland uiteindelijk weer terug rond het begin van de 20e eeuw.

Kaart uit 1778 van Niue onder de naam Isle Savage (Savage Island), uit “Voyage dans l’Hémisphere Austral, et autour du Monde fait sur les Vaisseaux de Roi, l’Aventure & la Résolution” door James Cook, gravure door Robert Bernard (publiek domein)

Ten tijde van kapitein Cook was Niue al bijna een eeuw een koninkrijk, Rond 1700 was Puni-mata de eerste koning of patu-iki. Een eeuw later was de tijd rijp voor buitenlands contact. Zoals ook bij vele andere eilanden in de regio gebeurde, werd in de 19e eeuw door missionarissen het christelijke geloof verbreid. Voor Niue was dat vanaf 1846 door de London Missionary School. De eerste christelijke koning was Tui-toga, hij regeerde van 1875 tot 1887.
Zijn opvolger, koning Fata-a-iki wilde graag Britse bescherming tegen ‘imperialistische machten’ en hij stuurde koningin Victoria in 1889 een brief met het verzoek om van Niue een Brits protectoraat te maken. Er kwam echter geen antwoord van de vorstin en ook een tweede brief uit 1895 bleef onbeantwoord. Ondertussen trad de nieuwe koning Togia-Pulu-toaki aan in 1896.

niue 01
Links: Koning Fata-a-iki met een Niuese wapenstok, de katoua / Rechts: Koning  Togia-Pulu-toaki (publiek domein)

Ook de Cookeilanders zochten de Britse ‘bescherming’ middels een aan de koningin gerichte petitie, waarin ook de wens van Niue nog eens onder de aandacht werd gebracht. In een bijgevoegd document gedateerd 19 oktober 1900, gaven de Niuers “koningin Victoria (…) toestemming bezit te nemen van dit eiland”. Ditmaal ging er een officiële aanbeveling bij van de Britse gouverneur-generaal in Nieuw-Zeeland, Uchter Knox, 5th Earl of Ranfurly.

Kaart van Niue (publiek domein)

De uitkomst was dat de annexatie een feit werd en geantidateerd werd op de datum van 19 oktober 1900. De Britse annexatie werd overigens al heel snel ‘overgedaan’ aan het dichterbij gelegen Nieuw-Zeeland, op 11 juni 1901. Hiermee kwam er ook een einde aan de lijn van Niuese koningen. De laatste koning Togia-Pulu-toaki had zijn taken neergelegd na de annexatie, maar bleef tot 1903 nog wel symbolisch staatshoofd. Zijn zoon, kroonprins Haetaua werd dus geen koning. Zijn nazaten echter worden tot op de dag van vandaag aangeduid als Kahui pata-iki (Koninklijke familie van de laatste monarch).

Luchtfoto van hoofdstad Alofi, dat met zijn circa 600 inwoners de grootte van een dorp heeft (publiek domein)

In 1974 werd er een referendum gehouden waarbij Niue kon kiezen tussen onafhankelijkheid, autonomie, of continuering als een Nieuw-Zeelands territorium. Een meerderheid koos voor autonomie in vrije associatie met Nieuw-Zeeland. Dat land is nu verantwoordelijk voor Niue’s militaire en buitenlandse zaken. De datum voor deze nieuwe staatsvorm met nieuwe Grondwet, werd symbolisch op 19 oktober bepaald.

Het parlement van Niue in Alofi, met de vlaggen van Niue en Nieuw-Zeeland tezamen in de mast (foto: Nick Perry)

De vlag

Niue vlag
Vlag van Niue (1975-heden)

De vlag van Niue is geel met een Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. In het midden van het rode Sint-Joriskruis is een blauwe cirkel geplaatst met een gele vijfpuntige ster erin. Vier kleinere gele vijfpuntige sterren zijn op de armen van het kruis geplaatst.

We kunnen rustig stellen dat de vlag van Niue een bijzondere is. Het is er een uit de Britse ‘ensign’-serie, maar wel een unieke. Het is een yellow ensign, die de Niuers zelf bedacht hebben, want zoiets bestaat strikt genomen niet. We kennen blue, red en white ensigns, maar dan is de koek wel op! Overigens bevindt Niue zich in goed gezelschap, omdat de eveneens in de Grote Oceaan gelegen Fiji- en Tuvalu-archipels ook hun eigen versies van ensigns hebben bedacht, door allebei voor lichtblauw te gaan.
Ook het plaatsen van sterren op de Britse unievlag is uniek.

Premier Dalton Tagelagi (1968) van Niue tijdens een tv-toespraak met de vlag (screenshot)

Hoewel de autonomie van Niue op 19 oktober 1974 inging, duurde het nog tot 15 oktober 1975 voor de eigen vlag geïntroduceerd werd. Tot die tijd werd de uit 1902 daterende vlag van Nieuw-Zeeland gebruikt.

Nieuw-Zeeland vlag
Vlag van Nieuw-Zeeland, tussen 1902 en 1975 ook de vlag van Niue

De symboliek achter de vlag wordt beschreven in de Niue Flag Act 1975. Het gele veld staat voor “de stralende zonneschijn van Niue en de warme gevoelens van de bevolking van Niue voor Nieuw-Zeeland”.
De vier sterren op de Union Flag of Union Jack stellen het sterrenbeeld Zuiderkruis voor en refereren daarmee aan de Nieuw-Zeelandse vlag, waar deze sterren ook te zien zien. De grote gele ster in het midden staat symbool voor het eiland Niue en de blauwe cirkel waarop de ster geplaatst is voor de Grote Oceaan.
Met dit alles laat de vlag een sterke verbondenheid met Nieuw-Zeeland zien.

Verenigd Koninkrijk – Trooping the colour / Platinum Jubilee

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

De officiële viering van de verjaardag van de Britse koning of koningin, op de zaterdag voor of na 10 juni (dit jaar wijkt af), is een traditie die teruggaat tot 1748.

Trooping the colour 1935: Koning Georg V (Elizabeth’s grootvader) arriveert te paard, gevolgd door twee van zijn zonen, de Prince of Wales (de latere Koning Edward VIII, die kortstondig in 1938 regeerde, maar zijn troon opgaf om met de gescheiden Wallis Simpson te trouwen) en de Duke of York (de latere Koning George VI, de vader van de Queen) (screenshot)

De eigenlijke verjaardag van de huidige koningin is 21 april (toen ze 96 werd). De viering bestaat uit een muzikale en militaire parade op Horse Guards Parade in Londen, afgenomen door de monarch.

De enige Trooping the colour van Koning Edward VIII, in 1938, hier met zijn drie broers: Prins Albert, Duke of York (de latere Koning George VI), Prins Henry, Duke of Gloucester en Prins George, Duke of Kent (publiek domein)

Tot en met 1986 was koningin Elizabeth zelf onderdeel van de parade, te paard in amazonezit en in het uniform van Colonel-in-chief.

Queen on horseback
Koningin Elizabeth te paard (screenshot)

Sindsdien laat ze zich per koets naar de paradeplaats vervoeren en neemt dan plaats op een podium.

Normaliter zou Trooping the colour op 11 juni hebben plaatsgevonden, maar dit jaar is alles anders. De officiële viering van de verjaardag van de Queen (haar eigenlijke verjaardag is zoals gezegd op 21 april) wordt dit jaar gecombineerd met haar platina jubileum (70 jaar op de troon), een mijlpaal die ze afgelopen 6 februari bereikte.
Dat werd toen nog niet gevierd, omdat het weer in februari zich minder leent voor festiviteiten.
Besloten werd om het te combineren met Trooping the colour op de eerste donderdag van juni en er een vierdaags festijn van te maken. Vanaf vandaag tot en met zondag is het dus groot feest in het Verenigd Koninkrijk, waarbij de militaire ceremonie van vandaag* de officiële aftrap is.
De ceremonie begint om 10.00 u Britse tijd, dus 11.00 u Nederlandse tijd.
Na terugkeer in Buckingham Palace is de traditionele balkonscène gepland, met om 13.00 Britse tijd de fly past door de Royal Air Force.
*) 2 juni is ook de datum van de kroning van de Queen in 1953, vandaag dus 69 jaar geleden

Officiële aankondiging voor Trooping the colour (© qbp.army.mod.uk)

Overigens waren de laatste twee edities van Trooping the colour ook al afwijkend, maar dat had dan weer met de corona-pandemie te maken. Zowel in 2020 als in 2021 waren er kleinschaliger troopings zonder publiek, die bovendien niet in Londen plaatsvonden, maar bij Windsor Castle.

De afgeslankte Trooping the colour van vorig jaar (die van de 2nd Battalion Scots Guards) bij Windsor Castle op 12 juni (screenshot)

Voor de koningin is er de laatste tijd sowieso veel veranderd. Tot en met 2017 was haar echtgenoot prins Philip altijd aan haar zijde bij de ceremonie, maar vanaf augustus dat jaar stuurde hij zichzelf op 96-jarige leeftijd met pensioen. Op 9 april 2021 overleed hij, bijna 100 jaar oud.
In januari 2020 stapte haar kleinzoon prins Harry uit The Firm en verhuisde met zijn vrouw Meghan Markle en zoontje Archie naar Noord-Amerika.
Van recenter datum is het beëindigen van alle publieke taken door prins Andrew, zoon van de koningin, nadat hij steeds verder verstrikt was geraakt in het sex-schandaal rond Jeffrey Epstein en een kostbare schikking trof (waarschijnlijk circa $ 15 miljoen) om een rechtszaak te voorkomen.
Op 13 januari leverde hij zijn militaire titels en beschermheerschappen in en ook zijn “HRH” (His Royal Highness)-aanspreektitel moest eraan geloven.

En dan is er de gezondheid van de vorstin zelf. In februari liep ze corona op en kampte daarna lange tijd met vermoeidheid. Bovendien heeft Elizabeth de laatste maanden steeds meer last van ‘mobiliteitsproblemen’, zoals het Hof dat noemt.

10 mei jl.: Prins Charles vervangt zijn moeder bij het voorlezen van de Troonrede (The Queen’s speech) in het Britse Hogerhuis (The House of Lords), met naast hem de Imperial State Crown (screenshot)

Hierdoor heeft ze aantal officiële taken, die ze normaliter zonder uitzondering uitvoert, zoals aanwezig zijn bij de herdenking op Remembrance Day (in november) en de Troonrede voorlezen (afgelopen 10 mei), noodgedwongen moeten laten schieten.
Ook heeft ze geen acte de présence gegeven op drie van de vier jaarlijkse garden parties bij Buckingham Palace, op 11, 18 en 25 mei. En ook de laatste op 29 juni zal ze overslaan, aldus het Hof.
Staan en lopen, waar ze tot enkele jaren terug geen enkele moeite mee had, gaan haar steeds minder goed af.

Links: The Queen komt aan bij de Westminster Abbey in Londen voor de herdenkingsdienst voor haar overleden echtgenoot op 29 maart (screenshot) / Rechts: Koningin Elizabeth arriveert ‘all smiles’ voor de Royal Windsor Horse Show, op 12 mei (screenshot)

Wel maakte ze haar opwachting bij de herdenkingsdienst in Westminster Abbey in Londen op 29 maart, voor haar overleden echtgenoot prins Philip en een verrassingsbezoek op 12 mei aan de Royal Windsor Horse Show.
En op 17 mei kwam ze vrij onverwacht opnieuw in actie om te kijken hoe het ervoor stond met de op 24 mei geopende en naar haar vernoemde Elizabeth Line, de nieuwste metrolijn van Londen, waar lang op gewacht werd. Voor de gelegenheid onthulde ze een plaquette.

Koningin Elizabeth neemt een kijkje op het perron van halte Paddington Station (screenshot)

Eerder vandaag werd bekend dat de Queen dit keer niet zelf de parade zal afnemen, prins Charles zal haar vervangen. Wél zal ze naar verwachting op het balkon van Buckingham Palace verschijnen.
Tijdens de rijtour van Buckingham Palace via The Mall naar Horse Guards Parade zal de Prins van Wales gevolgd worden door een aantal familieleden, eveneens te paard, in hun rol als royal colonels. Het gaat om prinses Anne (The Princess Royal) als Colonel of the Blues and Royals en prins William (Duke of Cambridge) als Colonel of the Irish Guards (het bataljon wat vandaag in het zonnetje staat).

Het vandaag vrijgegeven nieuwe officiële portret van Koningin Elizabeth (© Buckingham Palace)

Screenshots

Debuut voor Charles, de prins van Wales, die in naam van zijn moeder de parade afnam, hier verlaat hij Buckingham Palace, gevolgd door zijn zoon William, de hertog van Cambridge en Charles’ zus Anne, ‘the Princess Royal’, alle drie in hun rol als royal colonels (screenshot)
De drie kinderen van de hertog en hertogin van Cambridge in een open rijtuig onderweg naar de parade, v.l.n.r.: de prinsen George en Louis en prinses Charlotte (screenshot)
De drie ‘royal colonels’ arriveren op de Horse Guards Parade (screenshot)
De 1st Battalion Irish Guards trekken langs het koninklijk gezelschap met (uiteraard) ‘the colour’ (screenshot)
Tijdens de terugkeer van ‘Trooping the colour’ van haar regimenten, langs Buckingham Palace, verscheen de Queen op het balkon, vergezeld door haar neef Edward, de hertog van Kent (screenshot)
De Queen, duidelijk in haar nopjes (screenshot)
Een halfuur later, na het volstromen van het voorplein en de Mall met duizenden mensen, verscheen het koninklijk gezelschap op het balkon, v.l.n.r.: Camilla, hertogin van Cornwall, Charles, prins van Wales, de Queen, prins Louis en zijn moeder Catherine, hertogin van Cambridge (screenshot)
Bij de ‘flypast’ boven centraal Londen werd het getal 70 gevormd (screenshot)
Prins Charles en zijn moeder op het balkon van Buckingham Palace tijdens de ‘flypast’ (screenshot)
Finale van de ‘flypast’ (screenshot)
‘Tableau de la troupe’, v.l.n.r.: Richard, hertog van Gloucester / Birgitte, hertogin van Gloucester / prinses Alexandra / Edward, hertog van Kent / viceadmiraal Sir Timothy Laurence / Anne, ‘the Princess Royal’ / Camilla, hertogin van Cornwall / Charles, prins van Wales / de Queen / prins Louis / Catherine, hertogin van Cambridge / prinses Charlotte / prins George / William, hertog van Cambridge / Sophie, gravin van Wessex / James, burggraaf Severn / Lady Louise Windsor / Edward, graaf van Wessex (screenshot)

The colour

Centraal staat één van de regimentsvaandels (the colour), ieder jaar staat één bepaald regiment in het zonnetje. De te ‘troopen colour’ is dit jaar van de 1st Battalion Irish Guards.

Binnen het Britse leger heeft elk infanteriebataljon twee vaandels: het regimentsvaandel en the Queen’s colour, het vaandel van de koningin. Die laatste is het vaandel waarom het vandaag draait.

De Irish Guards werden in 1900 door Koningin Victoria opgericht, toen geheel Ierland nog onder de Britse Kroon viel.
Het regiment heeft in beide wereldoorlogen en in diverse andere conflicten strijd geleverd.

De Queen’s colour is bijna vierkant met een rood veld en gele franje aan drie zijden. Centraal zien we het monogram van Koningin Elizabeth: E II R (Elizabeth Regina).
Het monogram is gevat in de keten van de Orde van St.Patrick. Deze orde werd in 1783 ingesteld voor het Koninkrijk Ierland, als Ierse tegenhanger van de Engelse Order of the Garter (Orde van de Kousenband).

Links: De Queen’s colour van de 1st Battalion Irish Guards (screenshot) / Rechts: Tekening van het vaandel (publiek domein)

De keten van de Orde van St.Patrick bestaat uit drie repeterende elementen: Ierse harpen, Tudor-rozen en gouden knopen.
Het onderste element is de Britse St.Edward’s-kroon, waaronder opnieuw een schakel in de vorm van een Ierse harp.
De pendant (of hanger) is ovaalvormig en laat een een drieklaverblad (waarop drie kroontjes) en het St.Patrick’s-kruis zien.

Links: De keten van de Orde van St.Patrick met de Ierse harpen, Tudor-rozen en gouden knopen (publiek domein) / Rechts: Close-up van de pendant (in het Engels ‘badge’ genaamd) (publiek domein)

Op de blauwe binnenrand het devies van het regiment: Quis Separabit? (Wie zal ons scheiden?), met daaronder in Romeinse cijfers MDCCLXXIII (1783), de buitenrand is goudkleurig met groene klavertjes.
Boven de ketting is opnieuw de St.Edward’s-kroon te zien, de uit 1661 daterende koningskroon waar Britse monarchen mee gekroond worden.
Hoewel Ierland (behalve Noord-Ierland) al zelfstandig is sinds 1921, bestaat de orde nog steeds, maar benoemingen zijn er al meer dan tachtig jaar niet meer geweest.

Ter weerszijden van de gekroonde orde staan de wapenfeiten van de Irish Guards, 21 namen op gouden banderollen, 11 aan de mastzijde en 10 aan de uitwaaiende zijde.
Mastzijde en van boven naar beneden: Retreat from Mons, Marne 1914, Aisne 1914, Ypres 1914:17, Festubert 1915, Loos, Somme 1916-18, Cambrai 1917:18, Hazebrouck, Hindenberg Line, Norway 1940.
Uitwaaiende zijde en van boven naar beneden: Boulogne 1940, Mont Pincon, Neerpelt, Nijmegen, Rhineland, N.W. Europe 1944-45, Djebel bou Aoukaz, North Africa 1943, Anzio, Iraq 2003.

Vier dagen feest

Zoals gezegd: vanaf vandaag is het vier dagen feest in het Verenigd Koninkrijk. Het is teveel om alles op te noemen, maar een klein overzicht, naast Trooping the colour van vandaag:

2 juni

Ook vandaag: op meer dan 1.500 plaatsen in het Verenigd Koninkrijk, op de Kanaaleilanden, in de overzeese gebieden en in de landen van het Gemenebest zullen vreugdevuren worden aangestoken.

3 juni

Morgen, vrijdag 3 juni, zal er een dankdienst gehouden worden in St.Paul’s Cathedral, onder de titel A Service of Thanksgiving for The Queen’s reign. De grootste kerklok van het Verenigd Koninkrijk, Great Paul, zal geluid worden.
De klok dateert van 1882, maar in de jaren zeventig van de vorige eeuw was hij niet meer te horen, wegens een kapot mechanisme. De klok en zijn mechanisme werden gerestaureerd in 2021.

Great Paul bij het begin van zijn leven, uit “The Graphic” van 20 mei 1882 (publiek domein)

4 juni

Op zaterdag 4 juni zal de Queen haar opwachting maken bij de Derby at Epsom Downs, een jaarlijkse paardenrace.
’s Avonds vindt de Platinum Party at the Palace plaats ten overstaan van 22.000 mensen, met optredens van o.a.: Queen (de band, niet de koningin!) + Adam Lambert, Alicia Keys, Hans Zimmer, Ella Eyre, Craig David, Mabel, Elbow en George Ezra die de drie podia delen met Duran Duran, Sir Rod Stewart, Andrea Bocelli, Mimi Webb, Sam Ryder, Jax Jones, Celeste, Nile Rodgers, Sigala and Diversity.
De show zal naar verwachting tweeëneenhalf uur duren en wordt afgesloten met een optreden van Diana Ross.

5 juni

Op zondag 5 juni: The Platinum Jubilee Pageant in de onmiddellijke nabijheid van Buckingham Palace met vier onderdelen:
Act 1: For Queen and country – een militaire parade met 1.750 deelnemers en 200 paarden
Act 2: The time of our lives – wat is er allemaal veranderd in 70 jaar op het gebied van cultuur, muziek en mode, met o.a. “national treasures” Sir Cliff Richard, Alan Titchmarsh en Gary Lineker

Het logo voor The Platinum Jubilee Pageant

Act 3: Let’s celebrate – een opvoering van het leven van de Queen in 12 hoofdstukken d.m.v. straattheater, urban dance, music-on-the-move en Mardi Gras, een zes meter hoge pop van de koningin zal zijn opwachting maken, vergezeld van een aantal corgi-poppen
Act 4: Happy and glorious – bij het Victoria Monument voor Buckingham Palace, met o.a. The London Community Gospel Choir, The Band of Her Majesty’s Royal Marines, Ed Sheeran en het zingen van het volkslied God save the Queen

Ook op 5 juni: de Big Jubilee Lunch: op verschillende plaatsen in het land zullen mensen samen aan tafel gaan.

Balmoral Castle (1856) met de Schotse versie van de koninklijke standaard op de toren (© royal.uk)

Gedurende het gehele vierdaagse festijn zullen het koninklijk landgoed Sandringham (in Norfolk) en de zomerresidentie Balmoral in Aberdeenshire (Schotland) worden opengesteld voor het publiek.
Het jubileum wordt ook duurzaam gevierd: de bedoeling is dit jaar 60.000 bomen te planten.
Op grote schaal worden er in het Verenigd Koninkrijk street parties georganiseerd: de teller staat nu op 2.227.

Fun facts

70 jaar op de troon betekent dat er allerlei lijstjes te maken zijn over Koningin Elizabeth en dat gebeurt dan ook, om er een paar uit te pikken:
-De Queen is inmiddels aan haar 14e premier toe
-31% van de Britten heeft de koningin òf ooit gezien òf ontmoet
-1,5 miljoen mensen hebben een van haar garden parties bezocht
-Onder de vele geschenken: een gordeldier, een luiaard en twee miereneters
-De Queen ontvangt circa 70.000 brieven per jaar
-23 verschillende versies van wassen evenbeelden in Madame Tussauds
-1 persoonlijke doedelzakspeler (‘The Piper to the Sovereign’)
-In totaal heeft de Queen 129 maal geposeerd voor een portret

De koninklijke standaard

Koninklijke standaard UK
De koninklijke standaard van het Verenigd Koninkrijk (minus Schotland)

De Koninklijke Standaard is die van de regerend vorst of vorstin van het Verenigd Koninkrijk en is dus geen persoonlijke vlag.
De standaard is een heraldische banier, verdeeld in vier kwartieren. De kwartieren 1 en 4 laten het wapen van Engeland zien, het 2e kwartier is Schotland en het 3e Ierland.

Koninklijke standaard Schotland
De koninklijke standaard van Schotland

In Schotland wordt een andere versie van de koninklijke standaard gebruikt. In plaats van tweemaal Engeland wordt Schotland dubbel afgebeeld in het 1e en 4e kwartier. Engeland bevindt zich hier in het 2e kwartier, terwijl Ierland in het 3e kwartier blijft.

Meerdere Gemenebest-landen hebben hun eigen koninklijke standaard. Deze vlaggen zijn alleen te zien als de monarch het desbetreffende gebied bezoekt. Het gaat om: Australië, Nieuw-Zeeland, Canada, Jamaica en Barbados. Een voorbeeld van een afgeschafte standaard is die van Sierra Leone, die tussen 1961 en 1971 in gebruik was.
Anders dan bij de binnenlandse koninklijke standaarden, zijn deze gepersonaliseerd door het gekroonde monogram van de koningin.

trooping galerij 1
V.l.n.r.: de koninklijke standaarden van Australië, Nieuw-Zeeland en Canada
trooping galerij 2
V.l.n.r.: de koninklijke standaarden van Jamaica, Barbados en Sierra Leone (die laatste twee zijn sinds respectievelijk 2021 en 1971 afgeschaft)

Voor alle andere (standaardloze) Gemenebestlanden gebruikt koningin Elizabeth een persoonlijke vlag als ze er een bezoek aflegt. Dit is een vlag, die normaliter alleen op auto’s gebruikt wordt, de vlag is vierkant, aan drie kanten omzoomd door een gouden rand. Op het blauwe veld is het gouden gekroonde monogram van koningin Elizabeth afgebeeld in een gouden cirkel van Engelse rozen en bladeren.

Persoonlijke vlag Elizabeth II
Persoonlijke vlag van Koningin Elizabeth

Bermuda – Bermuda Day / Bermudadag

24 mei is Bermuda Day, een officiële feestdag op het eiland Bermuda. De datum is die van de verjaardag van Koningin Victoria.

Koningin Victoria (1819-1901) in 1887 gefotografeerd door Alexander Bassano (publiek domein)

Tijdens haar regeerperiode stond de dag op Bermuda bekend als Empire Day. Na haar dood in 1901 hield de bevolking van het eiland vast aan de 24e mei en kreeg het de nieuwe naam Bermuda Day. (Vandaag is het toevalligerwijs dus de 200ste geboortedag van koningin Victoria).

Bermuda op een ansichtkaart

De datum markeert tegenwoordig het begin van het zomerseizoen op Bermuda en traditioneel is het de eerste dag in het jaar waarop de Bermudanen zich weer op het water wagen. En hoewel ze tegenwoordig ook het hele jaar door worden gedragen, is het vanouds ook de eerste dag waarop de befaamde Bermuda shorts worden gedragen (op het eiland vaak officieel tenue).

Bermuda shorts op Bermuda (© twitter.com/musowls)

In de hoofdstad Hamilton is er op deze dag altijd een optocht, bekend als Heritage Day Parade of Bermuda Day Parade.

Bermuda Day Parade (© bermudaday.com)

Het is een kleurrijk geheel met dansers en muziek. Tevens is er een straatrace, van het westen van het eiland naar Hamilton.

Kaart van Bermuda, met op de inzet de locatie in de Atlantische Oceaan (© Eric Gaba)


De vlag

Vlag van Bermuda (1910-heden)

De vlag van Bermuda is een ongebruikelijke red ensign. Gebruikelijk bij Britse kroonkolonies (of voormalige kroonkolonies) is om een blue ensign te voeren, een blauwe vlag met de Britse Unievlag in het kanton en het eigen wapen in de vlucht.

Blue en red ensign

Hoe dit zo gekomen is, is niet exact bekend, maar waarschijnlijk historisch gegroeid, doordat de eerste immigranten op Bermuda via koopvaardijschepen arriveerden. Deze schepen voerden de Britse red ensign, de koopvaardijvlag. Net als de blue ensign is de Britse Unievlag (Union Flag of Union Jack) te zien in het kanton.
De vlucht vertoont het wapen van Bermuda. Dit wapen, verleend in 1910, bestaat uit een wapenschild, vastgehouden (opnieuw heel ongebruikelijk) door één enkele schildhouder, een rode Britse leeuw. Normaal is een duo van schildhouders, terzijde van het schild. Deze eenzame schildhouder doet het in z’n eentje en staat dan ook achter het schild (en kijkt extra streng de wereld in).

Het wapen van Bermuda

Het schildwapen zelf vertoont een schipbreuk. Het is de Sea Venture, het vlaggeschip van de Virginia Company,  een Brits territorium aan de kust van Virginia. Op 25 juli 1609 liet admiraal Sir George Somers het schip bewust op een Bermudaans rif lopen, omdat het het schip vanwege een grote lekkage niet meer te redden was. De bemanning van 150 man (en één hond) kon veilig aan land komen. Het is het begin van de Britse aanwezigheid op het eiland.

Sir George Somers (1554-1610) en de Sea Venture (en koningin Elizabeth natuurlijk) op een Bermudaanse postzegel uit 1953

Waarom de ontwerper van het wapen het schip heeft afgebeeld terwijl het te pletter slaat tegen een hoog klif is een raadsel, het ging namelijk om een rif wat nauwelijks boven de oceaan uisteekt.

Artist’s impression van de schipbreuk van de Sea Venture in 1609 (© bermuda-online.org)

Londen – VE Day / V-dag (1945)

Victory in Europe Day (V-dag in het Nederlands) is natuurlijk niet een typisch Londens feest of een exclusief Engelse aangelegenheid. Het markeert het einde van de Tweede Wereldoorlog. Op 7 mei 1945 werd de capitulatie van het gehele Duitse leger in Reims getekend door generaal Alfred Jodl.

Krantenkoppen: ‘Vrijheid’ (links) en ‘Duitsland kapt ermee’ (rechts) (screenshots)
_107298888_crowdscelebratingveday.jpg
VE Day in Londen

De volgende dag, 8 mei, was het nieuws algemeen bekend in Europa. In Londen liep de bevolking massaal uit en dromde samen voor Buckingham Palace waar premier Winston Churchill op het balkon toegejuicht werd, tesamen met de de Britse koninklijke familie.

londen 02
8 mei 1945, het balkon van Buckingham Palace – Links: kroonprinses Elizabeth, Winston Churchill en koning George VI / Rechts: kroonprinses Elizabeth, koningin Elizabeth, Winston Churchill, koning George VI en prinses Margaret (screenshots)
8 mei 1945 – Links: Mensen dansen op straat in Londen / Rechts: Grote drukte voor de hekken van Buckingham Palace tijdens de balkonscène (screenshots)
8 mei 1945 – Links: Winston Chuchill zwaait naar de toegestroomde menigte / Rechts: Winston Churchill (hier op de rug gezien) toast op de overwinning in Whitehall (screenshots)

In sommige landen werd de bevrijding eerder gevierd, zoals Nederland en Denemarken (5 mei) of later, zoals in Rusland (9 mei), maar feest was het!

Feestelijkheden zijn in verband met de corona-crisis voornamelijk online. Zo zal bijvoorbeeld de RAF Association, een liefdadigheidsorganisatie, vanaf 10.00 uur een programma via zijn Facebook-pagina aanbieden, zoals een licht fitness-programma, een quiz en een singalong.

Links: Tommy-beeldje / Rechts: Vlag VE Day (beiden: Royal British Legion Industries)

De Royal British Legion Industries viert het met een veelheid aan koopwaar, zoals vlaggen, vlaggetjes, vlaglijnen, stickers, Tommy-beeldjes (verpersoonlijking van de Britse soldaat), t-shirts, speldjes en bierglazen. De organisatie vraagt om op deze dag de speciale vlaggen te laten wapperen, of de beeldjes voor het raam te zetten en de ramen vol te plakken met stickers.

De vlag

City of London vlag
Vlag van The City of London

Omdat Londen een grote rol speelde in de Tweede Wereldoorlog vandaag de vlag van Engelands hoofdstad. Strikt genomen heeft Londen twee vlaggen: één (onofficieel!) voor Greater London, afgeleid van het inmiddels afgeschafte wapen van de Greater Coucil of London en één voor The City of London. Die laatste wappert vandaag.

londen 01
V.l.n.r.: Het voormalige wapen van de Greater Coucil of London / Onofficiële vlag van Greater London / Vlag van Engeland

De vlag is vrijwel gelijk aan die van Engeland: een wit veld met een St. George’s cross (Sint Joriskruis) in rood. Het enige verschil is dat de vlag van Londen een rood zwaard heeft in het kanton. Het zwaard zou terug te voeren zijn op de beschermheilige van Londen, de heilige Paulus, die door het zwaard onthoofd werd.
De Engelse vlag is al heel oud en gaat in ieder geval terug tot de 13e eeuw. Het is een van de drie vlaggen die over elkaar heen gelegd de vlag van het Verenigd koninkrijk vormen, de Union Flag of Union Jack.

Union Flag of Union Jack, de vlag van het Verenigd Koninkrijk

Vlag van de Lord Mayor

Vlag van de Lord Mayor of London

De ceremoniële burgemeester van London (The Lord Mayor) voert zijn eigen vlag en de basis daarvan is de vlag van de City of London. In het midden over het kruis heen is het wapen van de City of London geplaatst.
De vlag van de Lord Mayor is te zien bij Mansion House, de officiële residentie, soms ook bij de Guild Hall.
De ceremoniële functie bestaat al sinds 1189 en de huidige Lord Mayor, Vincent Keaveny, is sinds 13 november 2021 de 693e op deze post.

Vincent Keaveny (1965), de 693e Lord Mayor of London, wuift het publiek toe vanuit zijn gouden galakoets uit 1711 (screenshot)

Het wapen gaat al zeker sinds de 14e eeuw mee, maar werd toen nog geflankeerd door twee leeuwen als schildhouders. Sinds minimaal 1633 zijn die veranderd in twee draken.

Wapen van The City of London

De officiële beschrijving luidt als volgt:
Het schild is van zilver (wit), gekwartierd door een kruis van keel (rood) met in het eerste kwartier een opwaarts staand zwaard van keel (rood).
Het helmteken (kuif) staat op de rand van het schild, het bestaat uit een linker zilveren (witte) drakenvleugel met daarop in keel (rood) een kruis.
De schildhouders staan aan beide zijden van het schild, zijn van zilver (wit) en hebben aan de onderkanten van de vleugels een kruis van keel (rood).
De draken staan op een lint met daarop het motto: Domine Dirige Nos (Heer, leid ons).

Het complete wapen is sinds 30 april 1957 toegekend door het College of Arms, het wapen solo (dus alleen het schild) is merkwaardig genoeg nooit officieel vastgelegd door dit college.

Verenigd Koninkrijk – Queen Elizabeth’s Birthday / Verjaardag van Koningin Elizabeth (1926)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Koningin Elizabeth II van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittanië en Noord-Ierland, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland, wordt vandaag 96.

Haar staat van dienst is inmiddels al jaren historisch, sinds ze ruim 6 jaar geleden het record van haar betovergrootmoeder Koningin Victoria (63 jaar en 216 dagen) verbrak.
Om precies te zijn: vandaag zit Koningin Elizabeth al 70 jaar en 72 dagen op de troon!
In juni wordt haar platina jubileum vier dagen lang gevierd.

Koningin Elizabeth op 29 maart jl. bij haar aankomst bij de Westminster Abbey in Londen voor de herdenkingsdienst van haar vorig jaar op 9 april overleden echtgenoot Prins Philip, de Hertog van Edinburgh (screenshot)

Daarmee zitten we in de nadagen van deze tweede Elizabethaanse periode. De vorstin deed het vóór de corona-pandemie al rustiger aan, ze liet steeds meer taken door haar familieleden (‘The Firm’) uitvoeren.
De laatste twee jaren bracht ze vrijwel exclusief in Windsor Castle door. Begin maart liet het Britse Hof weten dat de koningin permanent in Windsor zou blijven en dus niet terug zal keren naar Buckingham Palace.
Overigens is de Queen deze week verkast naar haar haar buitenverblijf Sandringham in Norfolk en daar zal zij vandaag haar verjaardag in familiale kring vieren.

Sandringham House vanuit de lucht gezien op 16 oktober 2011 (foto: John Fielding / publiek domein)

De koningin heeft altijd aangegeven dat ze tot haar dood op de troon zal blijven zitten, dus bij leven en welzijn zouden daar nog een paar jaar bij kunnen komen.
Mocht ze zich toch geheel en al uit actieve dienst willen terugtrekken, dan kan dat overigens zonder af te hoeven treden: zoon en opvolger Prins Charles zou in haar plaats als Prince Regent haar taken kunnen overnemen, terwijl ze in naam gewoon nog staatshoofd is.
De tijd zal het leren.

De koninklijke standaard

Koninklijke standaard UK
De koninklijke standaard van het Verenigd Koninkrijk (minus Schotland)

De Koninklijke Standaard is die van de regerend vorst of vorstin van het Verenigd Koninkrijk en is dus geen persoonlijke vlag.
De standaard is een heraldische banier, verdeeld in vier kwartieren. De kwartieren 1 en 4 laten het wapen van Engeland zien, het 2e kwartier is Schotland en het 3e Ierland.

Koninklijke standaard Schotland
De koninklijke standaard van Schotland

In Schotland wordt een andere versie van de koninklijke standaard gebruikt. In plaats van tweemaal Engeland wordt Schotland dubbel afgebeeld in het 1e en 4e kwartier. Engeland bevindt zich hier in het 2e kwartier, terwijl Ierland in het 3e kwartier blijft.

Meerdere Gemenebest-landen hebben hun eigen koninklijke standaard. Deze vlaggen zijn alleen te zien als de monarch het desbetreffende gebied bezoekt. Het gaat om: Australië, Nieuw-Zeeland, Canada, Jamaica en Barbados. Een voorbeeld van een afgeschafte standaard is die van Sierra Leone, die tussen 1961 en 1971 in gebruik was.
Anders dan bij de binnenlandse koninklijke standaarden, zijn deze gepersonaliseerd door het gekroonde monogram van de koningin.

trooping galerij 1
V.l.n.r.: de koninklijke standaarden van Australië, Nieuw-Zeeland en Canada
trooping galerij 2
V.l.n.r.: de koninklijke standaarden van Jamaica, Barbados en Sierra Leone (die laatste is sinds 1971 afgeschaft)

Voor alle andere (standaardloze) Gemenebestlanden gebruikt koningin Elizabeth een persoonlijke vlag als ze er een bezoek aflegt. Dit is een vlag, die normaliter alleen op auto’s gebruikt wordt, de vlag is vierkant, aan drie kanten omzoomd door een gouden rand. Op het blauwe veld is het gouden gekroonde monogram van koningin Elizabeth afgebeeld in een gouden cirkel van Engelse rozen en bladeren.

Persoonlijke vlag Elizabeth II

Cocoseilanden – Introduction Flag / Invoering Vlag (2004)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Op deze dag is het 18 jaar geleden dat de eigen vlag van de Cocoseilanden werd ingevoerd.

Ligging van de Cocoseilanden ten opzichte van Australië (publiek domein)

Hoewel we de eilanden in het Nederlands als de Cocoseilanden kennen, wordt de archipel in het Engels officieel met twee namen aangeduid, waarvan één tussen haakjes, als ‘The Territory of the Cocos (Keeling) Islands’.

Ligging van de Cocoseilanden ten opzichte van Indonesië (publiek domein)

Dit kleine Australische territorium ligt ten zuiden van het Indonesische eiland Sumatra, telt 27 eilanden en heeft een totale oppervlakte van 14,2 km², met een bevolking van slechts 544 inwoners (laatste telling uit 2017).

Kaart van de Cocoseilanden (CIA Indian Ocean Atlas, 1976 / publiek domein)

De zes grootste eilanden zijn West Island (Pulu Panjang), Home Island (Pulu Selma), South Island (Pulu Siput), Direction Island (Pulu Tikus), Horsburgh Island (Pulu Luar) en het een stuk noordelijker gelegen North Keeling Island (Pulu Keeling Utara). Slechts de twee eerstgenoemde eilanden zijn bewoond.

Van die twee is West Island het grootste eiland. Hier is het vliegveld gelegen, tevens dient het eiland als hoofdstad. De bevolking van ruim 100 bewoners is grotendeels van Europese afkomst.

Het zuidelijk deel van West Island (Pulu Panjang) met het vliegveld en direct daarnaast de hoofdstad (eveneens West Island geheten), met zijn ruim 100 inwoners een van de kleinste hoofdsteden ter wereld (foto: NASA Earth Observatory, Jesse Allen & Robert Simmon / publiek domein)

Verreweg de meeste mensen (ruim 400, voornamelijk Aziaten) wonen echter aan de overkant van de lagune, in Bantam op Home Island.

Bantam op Home Island, de grootste plaats van de archipel op een postzegel uit 1984 (Australia Post)

Cocos/Keeling

De eilanden werden in 1609 ontdekt door de Britse kapitein William Keeling, die voor de East India Company voer.
Op de terugweg van zijn derde reis naar Zuidoost-Azië (1607-1609) stuitte hij met zijn schip de Red Dragon op de toen nog onbekende en onbewoonde eilanden, dicht begroeid met kokospalmen.

Kaart van de Cocoseilanden (met het noorden rechts) uit circa 1724, getiteld: Platte paskaart van de Cocus-Eylanden, diens Zuydelijks liggende op de Z.Br. van 12 gr. 15 min., en ’t Noordl. op de Z.Br. van 11 gr. 38 à 40 min., Lengte 118 gr., door Silo Godlob (Collectie Nationaal Archief)

Hoewel de eilanden vervolgens naar kapitein Keeling vernoemd werden, beklijfde de naam Cocos Islands in gelijke mate. Zodanig zelfs, dat de eilanden in het Engels nog steeds met twee namen door het leven gaan.

Links: Kapitein William Keeling (1577-1619) op een postzegel van 30 cent uit 1984 (Australia Post) / Rechts: Oceania House, de residentie van de familie Clunies-Ross op West Island, tegenwoordig een bed & breakfast (publiek domein)

Pas vanaf het begin van de 19e eeuw kwam er leven in de brouwerij met de vestiging van de Schotse zakenman John Clunies-Ross, die er een kopra-plantage stichtte. Zijn werkers haalde hij hij zowel uit Nederlands-Indië als Malaya (tegenwoordig Indonesië en Maleisië).
De huidige bevolking stamt van deze arbeiders af.

Vier postzegels uit 2020 waarop vier soorten van betaalmiddelen uitgegeven door de familie Clunies-Ross: papier (linksboven), ivoor (rechtsboven), plastic (linksonder) en metaal (rechtsonder), die laatste munten (uit 1977) waren de laatste uitgaven uit het Clunies-Ross-tijdperk – ontwerp postzegels: Stacey Rass (Australia Post)

In 1857 werden de eilanden voor de Engelse Kroon geclaimd en ingelijfd bij het Britse Imperium. Na eerst vanuit Ceylon nu Sri Lanka) bestuurd te zijn, werd dat later overgedragen aan Singapore (in eerste instantie toen nog onder de naam Straits Settlements).

Ongedateerde foto van een kopraplantage op de Cocoseilanden (publiek domein)

In de praktijk werden de eilanden echter bestuurd door de familie Clunies-Ross. In 1866 verzekerde Koningin Victoria de familie dat ze het recht hadden de eilanden ‘voor altijd’ te behouden.

Australië

De laatste ‘verhuizing’ was die van 23 november 1955, toen het (officiële) bestuur overging van de Kolonie Singapore naar het Gemenebest Australië. In de dagelijkse praktijk was vrijwel de hele archipel echter nog steeds privé-bezit van de familie Clunies-Ross, die de eilanden op een feodale manier bestuurden.

Kaart van de Cocoseilanden uit 1958 gezien vanuit het westen (publiek domein)

Australië kreeg hier in de jaren ’70 van de vorige eeuw zo genoeg van, dat ze de Clunies-Ross-clan dwongen de eilanden van de hand te doen. In 1978 betaalde de Australische regering 6.250.000 Australische dollars voor de acquisitie. Hoofd van het familiebedrijf (net als zijn voorvader John Clunies-Ross geheten) verhuisde daarna naar Perth, West-Australië, maar een aantal familieleden verkoos op de eilanden te blijven, nu als gewone burgers.

Referendum

Op 6 april 1984 werd er een zelfbeschikkings-referendum op de Cocoseilanden gehouden, waarbij men uit drie mogelijkheden kon kiezen: volledige onafhankelijkheid, vrije associatie of onderdeel van Australië worden. Alle 261 Cocoseilanders met stemrecht, waaronder de overgebleven leden van de Clunies-Ross-familie, brachten hun stem uit.
De uitslag was 229 stemmen voor volledige integratie met Australië, 21 voor vrije associatie en 9 voor onafhankelijkheid. Twee stembiljetten werden ongeldig verklaard.
Sindsdien zijn de Cocoseilanden administratief gezien onderdeel van de Australische deelstaat West-Australië.

Het onbewoonde North Keeling Island (Pulu Keeling Utara) (fotograaf onbekend)

De archipel heeft als ‘hoofd’ een Australische bewindvoerder, die overigens niet op de eilanden aanwezig is. Dezelfde bewindvoerder heeft ook Christmas Island onder zich. Beide gebieden samen vormen de Australian Indian Ocean Territories.
Bewindvoerder sinds 5 oktober 2017 is Natasha Griggs.

Links: Natasha Griggs (1969), bewindvoerder van de Australian Indian Ocean Territories (publiek domein) / Rechts: Aindil Minkom, voorzitter van de Shire of Cocos (Keeling) Islands (publiek domein)

Daarnaast is er ter plekke ook een soort gemeenteraad for lokale kwesties onder de naam Shire of Cocos (Keeling) Islands. Voorzitter van de Shire is sinds dit jaar Aindil Minkom, de termijn is vier jaar.

Het lokale bestuur (The Shire) bevindt zich op Home Island (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van de Cocoseilanden (2004-heden)

De vlag van de Cocoseilanden is groen met in het kanton een gele cirkel waarin een kokospalm in natuurlijke kleuren is geplaatst. Een gele halve maan in het midden van de vlag, ernaast in het uitwaaiende gedeelte het eveneens in geel afgebeelde sterrenbeeld Zuiderkruis.

Over de ouderdom van de vlag bestaat enige verwarring. Officieel wordt volgehouden dat de vlag in 2003 ontworpen werd door Cocoseilander Mohammed Minkom. Dat hij de vlag ontworpen heeft staat vast, maar de vlag is ouder dan 2003.
Ze werd reeds in 1995 ontworpen en wel voor de Taman Mudi Youth Group. Minkom heeft dit in 2019 zelf bevestigd in een gesprek met het Australische ABC Radio Perth. Wat ook vaststaat is dat de vlag op 6 april 2004 van jeugdgroepvlag ‘bevorderd’ werd naar territoriumvlag.

Mohammed Minkom met de door hem ontworpen vlag in 2019 (fotograaf onbekend)

Wat het ontwerp betreft: groen is de kleur van de islam (driekwart van de bevolking is moslim). De kleuren groen en geel samen worden in moederland Australië wel gezien als nationale (sport)kleuren.
De halve maan staat eveneens voor de islam, terwijl het sterrenbeeld Zuiderkruis is overgenomen van de Australische vlag.
De kokospalm kon natuurlijk niet ontbreken op de vlag van een archipel met de naam Cocos Islands. Kopra, het vruchtvlees van de kokosnoot, is altijd het belangrijkste exportproduct geweest.

Toeristenkaart van de Cocoseilanden (© Mapsland.com)

Tot slot nog iets over de kleur van de vlag: voor zover bekend zijn er nooit vlagspecificaties vastgesteld, waardoor sommige details, zoals kleur en afbeeldingen min of meer ‘vogelvrij’ zijn.
Dat zien we bijvoorbeeld in de kleur groen van de vlag, die voorkomt in verschillende tinten, van helder naar donker.

Op de foto bij dit artikel van ontwerper Mohammed Minkom met zijn exemplaar van de vlag, zien we een duidelijk donkerder groen dan op de afbeeldingen die we doorgaans zien op internationale vlaggenoverzichten.
En ook de vlag in gebruik bij Vlagblog is van een heldergroene kleur.
Eenzelfde variatie zien we bij kokospalm in de broektop: die komt in allerlei versies voor!

Kent – Local Government Act / Plaatselijke Overheidswet (1889)

De zogenaamde Local Government Act 1888 zorgde ervoor dat Engeland en Wales in graafschappen werden onderverdeeld, de wet ging het jaar daarop in, om precies te zijn op 1 april 1889.

Een fiks aantal historische graafschappen bestond al langere tijd, zoals Kent, maar er werden ook 10 grote steden aangewezen als seperate ‘stadsgraafschappen’: Liverpool, Birmingham, Manchester, Leeds, Sheffield, Bristol, Bradford, Nottingham, Kingston-on-Hull en Newcastle upon Tyne. Hoofdstad Londen was iets eerder, op 21 maart, al voorgegaan.

Kent op een ansichtkaart van rond 1965, met linksboven het wapen van het graafschap (© J. Salmon Ltd., Sevenoaks)

Kent, onze ‘buurprovincie’ bestaat onder die naam al heel lang. Vanaf 1067 was het al een deels autonoom gebied met als hoofstad Canterbury. Ver daarvoor was Kent zelfs een apart koninkrijk, volgens overlevering gesticht in 449 door de uit Jutland afkomstige Hengest, die het gebied veroverde, tesamen met zijn broer Horsa.

De vlag

Vlag van Kent (de Invicta Flag) (1605-heden)

De vlag van Kent is donkerrood van kleur met een afbeelding van een steigerend wit paard. Dit paard was het symbool van bovengenoemde Horsa. Na de verovering van het gebied door de Juten werd het ook het symbool van Kent.
Hoewel het paard dus al heel lang als symbool voor Kent gebruikt wordt, wordt het voor zover we nu weten, voor het eerst op een vlag gezet in 1605 (zie afbeelding hieronder).

Hengest en Horsa
Hengest en Horsa met rechts de banier van Horsa (uit: A restitution of Decayed Intelligence, 1605)

De vlag staat ook bekend als de Invicta flag, naar de wapenspreuk van Kent, Invicta, wat zoveel als ‘onverslagen’ of ‘nooit veroverd’ betekent.

Andere witte paarden

Daarmee is het witte paard ‘familie’ van een ander gebied op het Europese vasteland met dit symbool: Nedersaksen, dat min of meer ‘op de route’ lag vanuit Jutland. Ook daar zien we een wit paard op een rode ondergrond.

twentenedersaksen
De vlaggen van Nedersaksen en Twente

Ook de Nederlandse regio Twente bedient zich van dit symbool, maar in dit geval was de wens de vader van de gedachte. Het was de regionale amateur-historicus Jacobus (Ko) Joännes van Deinse die rond 1930 van de stelling uitging dat Twentenaren van oorsprong Saksen zouden zijn en daarom ook “het recht hadden” een wit paard op een rood veld te voeren. Het leidde tot een eigen vlag met dit symbool.
Achteraf gezien bleek Van Deinse hier echter historiserend bezig te zijn geweest: Albert Mensema, archivaris bij het Historisch Centrum Overijssel in Zwolle, bewees in 1981 dat het Saksische ros helemaal geen inheems Twents symbool was, maar toen was het als zodanig inmiddels al ingeburgerd.

Malta – Jum il-Ħelsien / Freedom Day / Vrijheidsdag (1979)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Hoewel Malta al sinds 21 september 1964 onafhankelijk was geworden van het Verenigd Koninkrijk, bleef de Britse koningin Elizabeth II staatshoofd. Dit veranderde op 13 december 1974, toen Malta een onafhankelijke republiek werd.

Al die tijd hadden de Britten een militaire basis op Malta aangehouden, waar de eilandstaat weliswaar pacht voor ontving (het bedrag hiervoor werd tussen 1971 en 1979 flink verhoogd), maar waar de Maltezers toch graag vanaf wilden.

Affiche voor Freedom Day (publiek domein)

Op 1 april 1979 verlieten de laatste Britse troepen Malta, waarna de eilandstaat voor 100% baas in eigen huis was.
De dag van de terugtrekking wordt sindsdien als een feestdag gevierd en staat in het Maltees bekend als Jum il-Ħelsien en in het Engels (de tweede taal van het land) als Freedom Day.
De dag wordt echter niet op 1 april gevierd, maar één dag eerder, op 31 maart.

Op deze dag vindt altijd een ceremonie plaats bij het Freedom Day Monument in Birgu.

Freedom Day Monument (foto: Steve Zammit Lupi, Times of Malta)

De grootste festiviteit echter is de jaarlijkse regatta, waar deelnemers uit de steden Birgu, Bormla en Isla tegen elkaar strijden; een evenement dat altijd duizenden toeschouwers trekt.
De regatta op deze dag is de eerste van twee: regatta nummer twee vindt plaats op 8 september, Victory Day (Overwinningsdag).

De Maltese regatta in 2008 (© Know Malta, Peter Grima)

De vlag

Vlag van Malta (1964-heden)

Voor de onafhankelijkheid in 1964 was Malta een Britse Kroonkolonie en had het een hele trits aan vlaggen, waarbij de eerste een Britse red ensign is met een St. George’s Cross en de vier overige blue ensigns zijn met verschillende badges in het uitwaaiende gedeelte, hoewel twee ervan alleen op details verschillen.

De Maltese kroonkolonie-vlaggenparade, v.l.n.r.: tot 1875, 1875-1898, 1898-1923, 1923-1943, 1943-1964

De huidige vlag van Malta is ingevoerd op bij de onafhankelijkheid op 21 september 1964. Het is een verticale tweekleur, wit aan de broekingszijde, rood aan de vlucht. In de bovenhoek van de broekingszijde is het George Cross afgebeeld.

De kleuren wit en rood gaan ruim negen eeuwen terug: het zijn de kleuren van de Normandische graaf Roger de Hauteville, die in 1090 het eiland bezette. Hij is beter bekend als Roger I van Sicilië (van 1071 tot 1101 was hij grootgraaf van Sicilië).

Het George Cross (Sint Joriskruis) werd Malta door koning George VI verleend op 15 april 1942. Het is de hoogste Britse niet-militaire onderscheiding. Het was bedoeld als huldeblijk aan de bevolking voor de betoonde moed tijdens Duitse en Italiaanse luchtaanvallen.

Links: Het George Cross / Rechts: Malta bestaat uit het gelijknamige hoofdeiland plus Gozo en het kleine Comino (© freeworldmaps.net)

De onderscheiding werd ingesteld door koning George VI op 24 september 1940 en wordt maar zelden verleend. Het kruis is zilverkleurig, met armen van gelijke lengte. In een cirkel middenin het kruis is de beeltenis van Sint Joris te zien terwijl hij de draak verslaat. Het randschrift rond de afbeelding luidt: For gallantry (Voor dapperheid).

Scilly-eilanden – Beginning of the Three Hundred and Thirty Five Years’ War / Begin van de Driehonderdvijfendertigjarige Oorlog (1651-1986)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Een oorlog waar we met een gerust gemoed luchtig over kunnen schrijven is de langste oorlog in de geschiedenis: de Driehonderdvijfendertigjarige Oorlog tussen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en de Scilly-eilanden, ten zuidwesten van Engeland gelegen.
De oorlog die iedereen was vergeten!

De aanleiding voor deze oorlog ligt in de Engelse Burgeroorlog (1642-1651), een conflict tussen de zogenaamde parlementariërs en de koningsgezinden. Via een staatsgreep wist Oliver Cromwell de macht te grijpen en Koning Charles I van de troon te verdrijven. Hij schafte het koningschap af en regeerde onder de titel Lord Protector. Charles I zou in 1649 geëxecuteerd worden.

Links: Charles I (1600-1649), portret uit 1632 toegeschreven aan Daniël Mijtens (±1590-1647/48) (publiek domein, locatie onbekend) / Rechts: Oliver Cromwell (1599-1658), portret naar Samuel Cooper (1609-1672), gebaseerd op een werk ui 1656 (Collectie National Portrait Gallery)

Cromwell wist de koningsgezinden steeds verder te verdrijven, tot in 1648 alleen het zuidwestelijk gelegen Cornwall nog een koningsgezind bolwerk was. In de loop van dat jaar echter viel ook dit gebied in handen van Cromwell, waardoor de koningsgezinde vloot nog westelijker moest uitwijken, naar de Scilly-eilanden, die in bezit waren van de royalist Sir John Granville.

Buurland de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden vond het van belang het bondgenootschap met Engeland te behouden en koos in deze onrustige Engelse tijd de zijde van Cromwell en zijn parlementariërs.
De Nederlandse koopvaardijvloot leed echter grote verliezen door aanvallen van de Royalist Fleet, die vanuit de Scilly-eilanden opereerde. Ook was een groot aantal haringbuizen met lading en al gekaapt.

Tijd voor actie en admiraal Maarten Harpertszoon Tromp werd er op uitgestuurd om genoegdoening en vergoeding te eisen. Op 30 maart 1651 kwam hij aan bij de archipel, waarna hij de Scilly-eilanden bezette toen hij geen bevredigend gehoor kreeg.
Wat er vervolgens gebeurde wordt verhaald in een brief van de parlementarian en Lord Keeper of the Great Seal, Bulstrode Whitelocke: “Tromp kwam naar Pendennis Castle en vertelde dat hij naar Scilly was geweest om vergoeding te vragen voor de Hollandse schepen en de goederen die ze hadden genomen; en na geen bevredigend antwoord te hebben gekregen, had hij, volgens zijn opdracht, hen de oorlog verklaard.”

Links: Maarten Harpertszoon Tromp (1598-1653), portret naar Jan Lievens (1607-1674) (Collectie National Maritime Museum. Greenwich) / Rechts: Bullstrode Whitelocke (1605-1675), portret uit 1634 door een onbekende schilder (Collectie National Portrait Gallery)

Omdat bijna geheel Engeland in parlementarische handen was en bovendien een bondgenoot, kon hij moeilijk dat land de oorlog verklaren, dus was de oorlogsverklaring specifiek bedoeld voor de Scilly-eilanden.

Kort daarna, in juni 1651, dwongen de parlementariërs onder leiding van Robert Blake de koningsgezinden op Scilly tot overgave. De Republiek zat nu zonder vijand en trok zich zonder een schot te vuren terug. Door de onbekendheid met oorlogsverklaringen van een land tegen een deel van een ander land werd vergeten officieel vrede te verklaren.

Fast forward naar 1985. Roy Duncan, historicus en voorzitter van de gemeenteraad van de Scilly-eilanden, schrijft naar de Nederlandse ambassade in Londen om af te rekenen met de mythe dat de archipel nog steeds met Nederland in oorlog is.
De ambassade gaat op onderzoek uit en concludeert dat de mythe wel degelijk op waarheid berust (de brief van Whitelocke).

Links: Roy Duncan (1948-2014) (publiek domein) / Rechts: Jonkheer Rein Huydecoper van Nigtevecht (1922) met zijn vrouw (publiek domein)

Hierop leek het Duncan een goed plan om ambassadeur jonkheer Rein Huydecoper van Nigtevecht voor een bezoek uit te nodigen en alsnog vrede te sluiten.
Aldus geschiedde, waarna ‘de vrede’ alsnog werd gesloten op 17 april 1986, 335 jaar na het begin van een oorlog, waarin geen schot werd gelost en geen enkel slachtoffer viel.

De Driehonderdvijfendertigjarige Oorlog – korte versie (© AutoImport)

Of de oorlog ooit officieel is verklaard is nogal twijfelachtig, er is geen enkel document dat dit bewijst, we hebben alleen de brief van Whitelocke van 17 april 1651, die ervan rept. Daar komt bij dat admiraal Tromp helemaal geen bevoegdheid had om een land (of een deel daarvan!) de oorlog te verklaren, dat zouden alleen de Staten-Generaal hebben kunnen doen.

Bovendien brak in 1652 de Eerste Engels-Nederlandse Oorlog uit, toen de Scilly-eilanden alweer een jaar lang volledig deel uitmaakten van Engeland. Toen in 1654 de vrede werd getekend, middels het Verdrag van Westminster, werden eventuele grieven die er nog waren alsnog geregeld, waardoor een oorlogstoestand waarvan geen van de partijen zich bewust was, gerust als beëindigd kan worden beschouwd.

Het Verdrag van Westminster (Collectie Nationaal Archief)

Toch is het verhaal te mooi en te vermakelijk om niet te memoreren, oorlogen zonder slachtoffers en ellende: een grote zeldzaamheid.

De vlag

Vlag van de Scilly-eilanden (2002-heden)

De Scilly-eilanden, een groep van vijf bewoonde eilanden en ongeveer 140 onbewoonde, vormen een eigen district binnen het ceremoniële graafschap Cornwall.
Men zou verwachten dat deze bekende eilandengroep al heel lang een eigen vlag zou voeren, maar dat is niet het geval.

Kaart van de Scilly-eilanden (© Burmesedays, 2010)

De vlag van de Scilly-eilanden kwam er na een oproep in januari 2002 door de lokale krant Scilly News. Het publiek werd gevraagd vlagontwerpen in te sturen, wat uiteindelijk na drie stemrondes en 400 stemmen in februari een winnaar opleverde: de huidige vlag van de Scilly-eilanden, die onmiddellijk de bijnaam de Scillonian Cross Flag kreeg.

De vlag wordt door een wit liggend kruis in vieren verdeeld, waarbij de bovenste vlakken oranje en de onderste blauw zijn. In het oranje vlak aan het uitwaaiende gedeelte zijn vijf witte pentagrammen (vijfpuntige sterren) geplaatst, één grote en vier kleinere.

De eilanden Gugh (voorgrond) en St. Agnes, die via een landengte (een zogenaamde tombolo) met elkaar zijn verbonden (publiek domein)

The Scilly News legde de symbolische waarden uit: het witte kruis staat voor de Keltische geschiedenis van de eilanden en het nog altijd zichtbare erfgoed in de archipel.
De vijf pentagrammen staan voor de vijf bewoonde eilanden die op dezelfde posities ten opzichte van elkaar zijn geplaatst. De pentagrammen hebben verschillende groottes, net als de eilanden die ze symboliseren.
Deze vijf bewoonde eilanden zijn van groot naar klein: St. Mary’s, Tresco, St. Martin’s, St. Agnes en Gugh (die als één eiland worden beschouwd) en Bryher.

De kleur wit werd gekozen “als sterke en symbolische kleur” en tevens omdat het staat voor “zuiverheid en onschuld”.
De kleur oranje symboliseert de zonsondergangen, waar de Scilly-eilanden beroemd om zijn. Blauw tenslotte representeert de oceaan die de eilanden omspoelt.

Graham Bartram (1963), vexilloloog van het Flag Institute (© GrahamPadruig)

Het vlagontwerp werd vervolgens voorgelegd aan Graham Bartram, de belangrijkste vexilloloog (vlaggenkundige) van het Britse Flag Institute, die het goedkeurde.

Alaska – The Alaska Purchase / V.S. koopt Alaska van Rusland (1867)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 1:

Alaska is de grootste staat van de Verenigde Staten qua oppervlakte. Om daar ongeveer een idee van te krijgen: voeg Duitsland, Frankrijk, Spanje en de Benelux samen en dan komen we in de buurt. De totale oppervlakte is 1.481.347 km².
Het aantal inwoners echter is slechts 728.903, volgens de laatste gegevens uit 2020.

Kaart van Alaska (© freeworldmaps.net)

Vanaf het derde kwart van de 17e eeuw tot 1867 was Alaska een Russische kolonie onder de naam Russisch Amerika, met als hoofdstad Novo-Arkhangelsk (tegenwoordig Sitka genaamd).

Sitka,tot 1867 Novo Archangelsk, hoofdstad van Russisch Amerika, tekening uit 1869 van Frederick Whymper (1838-1901)

De Russen besteedden nooit veel aandacht aan het immense gebied en koloniseerden het nauwelijks, waardoor het onder leiding van de Russisch-Amerikaanse Maatschappij, ternauwernood winstgevend was. In de jaren ’60 van de 19e eeuw gingen de cijfers van Alaska zelfs in het rood. De Russisch-Amerikaanse Maatschappij liet zijn charter voor het gebied in 1861 verlopen en in de jaren erna werden de geluiden dat Rusland van Alaska afwilde steeds sterker.

Kaart van Russisch Amerika uit “Mitchell’s New General Atlas, containing maps of the various countries of the world, plans of cities, etc.”, published by S. Augustus Mitchell, Jr., 1860 (publiek domein)

Het was de Amerikaanse Minister van Buitenlandse Zaken, William H. Seward, die er in 1864 van vernam. Seward was met zijn grote belangstelling voor de walvisvaart zeer geïnteresseerd en kreeg toestemming onderhandelingen te starten met een persoonlijke vriend van hem, de Russische minister en ambassadeur voor de V.S., baron Eduard von Stoeckl.

Links: William H. Seward (1801-1872) in de jaren ’60 van de 19e eeuw; onbekende fotograaf, restauratie door Adam Cuerden (publiek domein) / Rechts: Eduard von Stoeckl (1804-1892), portret tussen 1855 en 1865, van fotograaf Mathew Brady (1822-1896) (publiek domein)

Von Stoeckl was een groot voorstander van verkoop. Hij was bang dat het Verenigd Koninkrijk vanuit zijn kolonie Canada Alaska zou kunnen veroveren als Rusland met het V.K. in oorlog kwam.
Tevens wilden de Russen zich primair richten op ontginning van grondstoffen in Oost-Siberië.
Ook Stoeckl’s baas, Alexander II, tsaar van Rusland, koning van Polen en groothertog van Finland, was voorstander van verkoop.

Zo begonnen de onderhandelingen. De V.S. dachten eerst aan een aankoopsom van $ 5 miljoen dollar, maar dat vonden de Russen te weinig.

De cheque van $ 7,2 miljoen voor de aankoop van Alaska, gedateerd op 1 augustus 1868 (publiek domein)

Uiteindelijk werd men het op 30 maart 1867 eens over een prijs van $ 7,2 miljoen (zo’n $ 132 miljoen nu) en kon de overeenkomst getekend worden.

“Signing the Alaska Treaty of Cessation” , schilderij van Emanuel Leutze (1816-1868), met de officiële delegaties van de V.S. en Rusland, v.l.n.r.: Robert S. Chew (assistent van Seward en klerk BuZa), William H. Seward, William Hunter (2e assistent van de Minister van BuZa), Waldemar de Bodisco (secretaris van de Russische delegatie), Eduard von Stoeckl, Charles Sumner (voorzitter van de Senate Foreign Relations Committee) en Fred Seward (assistent van de Minister van BuZa en tevens zoon van William H. Seward) (© publiek domein / William H. Seward House, Auburn, New York)

Niet iedereen was blij met de aankoop: de publiek opinie was zeer verdeeld. Tegenstanders noemden aankoop Seward’s Folly (Seward’s Dwaasheid), Walrussia en Polar Bear Garden (IJsbeertuin).

Eerste pagina van de officiële ratificatie van de verkoop van Alaska, gedateerd 20 juni 1867; deze pagina vermeldt de complete titulatuur van Tsaar Alexander II (1818-1881) (National Archives and Records Administration / publiek domein)

De officiële overdracht was een half jaar later, op 18 oktober 1867 in het fort van Sitka, waarbij de Russische vlag gestreken werd en de Amerikaanse gehesen.
In eerste instantie werd Alaska, onder de naam Department of Alaska, bestuurd door militairen, maar vanaf 1884 werd het omgevormd tot het District of Alaska, met aan het hoofd een gouverneur die benoemd werd door de Amerikaanse president.

De eerste paar jaren was er van grote activiteit in de nieuwe aankoop nog geen sprake. Toen er echter in de jaren ’90 van de 19e eeuw goud gevonden werd in Alaska (en in het Canadese Yukon Territory) barstte de Gold Rush (Goudkoorts) los, waardoor duizenden mensen naar het gebied trokken om ook een graantje mee te pikken.

Ongedateerde foto, genomen tijdens de Gold Rush in Alaska, eind 19e/begin 20e eeuw (© publiek domein)

In 1906 werd Juneau de hoofdstad en vanaf 1912 werd Alaska een territorium (officieel een organized incorporated territory of the United States).
Pas op 7 juli 1958 geeft het Amerikaanse Congres toestemming voor toetreding van Alaska als staat binnen de Unie. Op 3 januari 1959 tenslotte, wordt Alaska de 49e staat.

De vlag

Vlag van Alaska (1927-heden)

De vlag is blauw met het sterrenbeeld Grote Beer (7 vijfpuntige gele sterren) plus de Poolster (een grotere vijfpuntige gele ster in de top van het uitwaaiende gedeelte).

In 1926 werd door het Alaska Department of the American Legion besloten dat Alaska zijn eigen vlag moest krijgen en organiseerde daartoe een ontwerpwedstrijd, maar dan wel een bijzondere: alleen schoolkinderen uit Alaska tussen de 12 en 18 jaar oud mochten meedoen.

Van de 142 inzendingen werd uiteindelijk het ontwerp van de toen 13-jarige John Bell (Benny) Benson, een weeskind uit Seward, gekozen. Hij verdiende daarmee een schoolbeurs van $ 1.000, een gouden horloge met een inscriptie van zijn vlagontwerp en een trip naar Washington, D.C., om zijn ontwerp te presenteren bij President Calvin Coolidge. Het reisje vond uiteindelijk niet plaats, maar op 2 mei 1927 werd de vlag officieel door het toenmalige territorium Alaska aangenomen.

De originele inzending uit 1926 van Benny Benson (© Alaska State Museum, Juneau)

Wat de symboliek van de vlag betreft: Benny Benson koos voor het blauw als verwijzing naar de kleur van de lucht boven Alaska en tevens voor het veel voorkomende vergeet-me-nietje (vanaf 1949 de ‘staatsbloem’).
Wat de Grote Beer (Ursa Major) betreft: net als in Nederland is dit sterrenbeeld circumpolair, wat zo veel wil zeggen dat hij nooit onder de horizon verdwijnt en mits onbewolkt, altijd aan de nachtelijke hemel te zien is.

Het sterrenbeeld Grote Beer (Ursa Major) (publiek domein)

Hoewel de Grote Beer uit veel meer sterren bestaat, zijn alleen de 7 helderste op de vlag vertegenwoordigd: deze sterren zijn ook met het blote oog makkelijk te zien, het gaat om Alioth, Dubhe, Alkaid, Mizar, Merak, Phad en Megrez.
Verder staat de Grote Beer ook symbool voor de in Alaska in groten getale voorkomende beren.

Benny Benson (1913-1972) in 1926, met zijn winnende ontwerp (© Alaska State Library Historical Collection)

De Poolster (Polaris) is als de Grote Beer in het zicht is, altijd makkelijk te vinden. Het is de helderste ster van het sterrenbeeld Kleine Beer (Ursa Minor).
Benny Benson wilde de noordelijke Poolster er graag bij hebben omdat hij er vanuit ging dat Alaska op termijn officieel een staat zou worden, waarmee Alaska dan de noordelijkste staat zou zijn. Dit maakte hij gelukkig nog mee in 1959, toen hij 46 was (hij overleed in 1972).
De vlag werd zonder wijzigingen van territoriumvlag een staatsvlag.

De vlag is altijd populair geweest. Dat bleek ook In 2001, toen de Amerikaanse vlaggenvereniging North American Vexillological Association (NAVA) onderzocht hoe het stond met de populariteit van de staten- en territoria-vlaggen van de V.S. en de provincievlaggen van Canada. Van de in totaal 72 vlaggen eindigde Alaska op een mooie 5e plaats.