Tagarchief: Verenigd Koninkrijk

Wales – Dydd Gwyl Dewi Sant / Saint David’s Day / Sint Davidsdag

Vier vlaggen vandaag. Vlag 3:

1 maart is de nationale feestdag van Wales. Het is de dag waarop (volgens de overlevering) Sint David stierf in 569, maar andere bronnen vermelden 588 of 589. Tijdens zijn leven stichtte hij een Keltische kloostergemeenschap in Glyn Rhosyn, in het westen van Pembrokeshire, waar nu St. David’s Cathedral staat.

St David's Cathedral
Saint David’s Cathedral (© britannia.com)

Sinds de 18e eeuw wordt 1 maart als een feestdag gevierd in Wales, hoewel de verering van Sint David op die dag al eeuwen plaatsvond.

Sint David
Sint David – detail van een gebrandschilderd raam van William Burgess (1827-1881) in Castell Coch in Cardiff

De dag wordt gevierd met optochten en parades die cultuur en erfgoed van Wales laten zien, de grootste daarvan wordt gehouden in de hoofdstad Cardiff.

Unknown
Optocht op Saint David’s Day in Cardiff, de Welshe hoofdstad (© stdavidsday.com)

Naast de Welshe vlag, die overal te zien is, is ook de vlag van Sint David zelf aanwezig, een zwarte vlag met een geel liggend kruis.

Vlag Sint David
Vlag van Sint David

De vlag

Vlag van Wales (1953-heden)

De vlag van Wales heeft een naam, hij heet Y Draig Goch (De Rode Draak) en het is duidelijk waarom. De draak vult het hele vlagdoek tegen een horizontaal in tweeën gedeelde achtergrond van wit en groen. De draak is als symbool van Wales terug te voeren tot de 4e eeuw, vanaf de 7e eeuw werd het als symbool geadopteerd door Cadwaladr, koning van Gwynedd.

Cadwaladr
Koning Cadwaladr (± 655-682), gebrandschilderd raam in de Saint Cadwaladr-kerk in Llanggadwaladr, Anglesey (© stainedglass.llgc.org.uk)

De draak komt in ieder geval vanaf 1807 op een vlag voor, maar dan op een geheel wit veld. In 1953 wordt dit veranderd in twee banen van wit en groen.

vlag-wales-1807
Vlag van Wales (1807-1953)

De kleuren wit en groen zijn die van het Welshe vorstenhuis Llewellyn, maar ook van de Engelse Tudors. De vlag werd op 23 februari 1959 officieel erkend.

Kaart van Wales (© freeworldmaps.net)

Hoewel de vlaggen van Engeland, Schotland en Noord-Ierland de Britse Unievlag (Union Flag  of Union Jack) vormen, komt Wales niet op die vlag voor. De reden daarvoor is dat Wales reeds eeuwen daarvoor was ingelijfd als integraal onderdeel van het koninkrijk Engeland.

Union Flag
De Britse Union Flag of Union Jack

Antigua en Barbuda – Flag adopted / Vlag aangenomen (1967)

Vier vlaggen vandaag. Vlag 2:

Het is vandaag 58 jaar geleden dat de vlag van Antigua en Barbuda werd aangenomen.

De vlag

Vlag van Antigua en Barbuda (1967-heden)

De vlag van Antigua en Barbuda kwam er na een ontwerpwedstrijd in 1966 in aanloop naar het verkrijgen van de status van geassocieerde staat van het Verenigd Koninkrijk op 27 februari 1967.
Ruim 600 mensen stuurden hun ontwerp in. Winnaar was de regionaal bekende kunstenaar en beeldhouwer Sir Reginald Samuel.

Reginald Samuel, ontwerper van de vlag van Antigua en Barbuda, legt de laatste hand aan zijn ontwerp (fotograaf onbekend)

De vlag bestaat uit een rood veld met een gelijkbenige driehoek met de punt naar beneden. Deze driehoek is horizontaal in drieën verdeeld in de kleuren zwart, blauw en wit.
Vanuit de blauwe balk is een gele opgaande zon op het zwarte vlak afgebeeld, met zeven hele en twee halve punten.

De opkomende zon staat symbool voor het aanbreken van een nieuw tijdperk.
De kleuren hebben verschillende betekenissen: rood staat voor energie en het leven van de mensen, het zwart voor de Afrikaanse afkomst van een deel van het volk, blauw voor hoop.
De kleuren zwart, geel, blauw en wit staan ook voor de bodem, de zon, de Caribische Zee en het zand.
De V-vorm is het symbool van de overwinning. De zeven punten van de zon vertegenwoordigen elk van de zes parochies op Antigua plus het eiland Barbuda.

Vlag kustwacht

De vlag van de kustwacht van Antigua en Barbados is een combinatie van twee vlaggen.
Als basis dient de vlag van Engeland (dat ook bekend staat als de ‘white ensign’: een wit veld met een rood St. Joriskruis, het complete kanton wordt echter ingenomen door de nationale vlag van Antigua en Barbuda.

Vlag van de kustwacht van Antigua en Barbuda

Vlag van Barbuda

Dat Barbuda zich als “klein broertje” nogal eens stiefmoederlijk behandeld voelt door het belangrijkere Antigua, is niet geheel onverwacht.
Het heeft ertoe geleid dat het eiland zich wilde onderscheiden met een eigen eilandvlag.

Vlag van Barbuda (1997-heden)

De vlag stamt uit 1997 en is een ontwerp van Hakim Akbar en Darlene Beazer, waarbij de blauwe balk in 2018 werd toegevoegd.
Het veld is horizontaal verdeeld: rood boven en groen onder, van elkaar gescheiden door een blauwe balk.
In het midden er overheen een gele cirkel (de zon) met daar overheen een zwarte mannelijke fregatvogel (Fregatidae) met een rode keelzak.

Een mannelijke fregatvogel (Fregatidae) met rode keelzak (fotograaf onbekend)

Het symbolisme van de kleuren: rood staat voor de passie, kracht en de liefde voor het eiland, groen voor de groei ervan, blauw staat voor de Caribische Zee die voedt en ondersteunt, tevens symbool voor de rust op het eiland.
Het geel van de rijzende zon staat voor hoop, de fregatvogel voor de vastberadenheid en vrijheid van de Barbudanen.

Vlag van de Barbuda Island Council

De vlag van de Barbuda Island Council is vrijwel gelijk aan die van het eiland, maar zonder de blauwe balk en een iets ander ontwerp van de fregatvogel.

Vlag van de Barbuda Island Council

Dat de fregatvogels van elkaar verschillen heeft waarschijnlijk geen andere reden dan dat de vlag geen specifieke specificaties heeft, waardoor vaak variaties ontstaan.

Foto uit 2020, waar de vlag van de Barbuda Island Council op te zien is, (foto gemaakt tijdens de begrafenis van Sir Thomas Hilbourne Frank (1931-2020), voormalig raadsvoorzitter van de Barbuda Island Council (fotograaf onbekend)

Vlag van de gouverneur-generaal

Vlag van de gouverneur-generaal van Antigua en Barbuda (2023-heden)

De vlag van de gouverneur-generaal van Antigua en Barbuda is koningsblauw met een Tudor-kroon, waarboven een Britse gekroonde en ‘gaande’ leeuw, de blik naar de toeschouwer,
Onder de kroon een gele banderol met in kapitalen ANTIGUA AND BARBUDA.
Een eerdere versie van de vlag had tot 2023 dezelfde afbeelding, maar dan met een andere kroon, nl. de Britse kroningskroon, St. Edward’s crown.
De huidige gouverneur-generaal is de van Antigua afkomstige Sir Rodney Williams.

Eén van de ceremoniële taken van de gouverneur-generaal is het uitspreken van de jaarlijkse troonrede (screenshot)

Guyana – Republic Day / Republiekdag (1970)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 2:

Vandaag viert Guyana zijn onafhankelijkheid als republiek, nu precies 55 jaar geleden, nadat het in 1966 al een apart land binnen het Britse Gemenebest werd.

Kaart van Guyana (© freeworldmaps.net)

Tot 1815 was het huidige Guyana in Nederlandse handen en bestond het uit vier koloniën: Pomeroon, Essequebo, Demerara en Berbice.
De Nederlandse koloniën in Zuid-Amerika, werden tijdens het napoleontische bewind (1795-1813) in Nederland, door het Verenigd Koninkrijk bestuurd.
In het Verdrag van Londen uit 1814 werden de westelijke gebieden definitief overgedragen aan het Verenigd Koninkrijk. Overigens waren de onderhandelingen toen nog niet afgerond. De overname werd tijdens het Congres van Wenen (1814-1815) bekrachtigd en werd op 20 november 1815 officieel, met de Corantijn als nieuwe grensrivier met Suriname, dat een Nederlandse kolonie bleef.

Guyana (in roze) met Suriname (in geel) op een kaart uit 1826, getiteld: El Río Essequibo en 1826 frontera entre la Gran Colombia y la colonia de la Guayana Británica, tambien se muestran los Rio Mazaruni y Cuyuni, y la Punta Barima. (© Antony Finley / publiek domein)

Daarnaast is er ook nog de Franse kolonie Frans Guyana (tegenwoordig een Frans overzees departement), waardoor er dus drie Guyana’s op een rij zijn (Suriname werd ook vaak aangeduid als Nederlands Guyana).

De drie Guyana’s op een rij op een kaart uit 1889, v.l.n.r. Brits Guyana (het huidige Guyana), Suriname (op deze kaart tevens aangeduid als Hollandsch Guiana) en Frans Guyana (Map of the Guianas showing the situation in 1888, published in 1889) (© Willem Lodewijk Loth / publiek domein)

Guyana, officieel de Coöperatieve Republiek Guyana, had bij de laatste schatting van 2024 een bevolking van 817.607 inwoners.
Gezien het relatief lage bevolkingscijfer, mag het dan ook geen verbazing wekken dat zo’n 80% van het land nog is bedekt met bossen en oerwoud.

De Kaieteur watervallen in Guyana, een van de krachtigste ter wereld (fotograaf onbekend)

Het land heeft dan ook een van de hoogste biodiversiteitniveaus ter wereld. Het is de thuisbasis van meer dan 225 soorten zoogdieren, 900 soorten vogels, 880 soorten reptielen en meer dan 6.500 verschillende soorten planten.
Onder deze categorieën dieren zijn de bekendste de arapaima (de grootste zoetwatervis ter wereld), de reuzenmiereneter, de reuzenotter, ’s werelds grootste en zeldzaamste rivierotter en de oranje rotshaan.

De oranje rotshaan (Rupicola rupicola) (© Camargo / publiek domein)

De vlag

Vlag van Guyana (1962/1966-heden)

De vlag van Guyana is in 1962 ontworpen door Whitney Smith, een Amerikaanse vexilloloog (vlaggendeskundige), hij zou in 1981 ook de vlag van Bonaire ontwerpen.
De vlag werd gekozen als beste na een internationale competitie. De verwachting was dat Guyana dat jaar onafhankelijk zou worden, maar dat ging uiteindelijk niet door en hoewel her en der op internet te vinden is dat de vlag in 1966 werd ingevoerd, klop dat niet helemaal.

Kleurenbeeld uit een Britse Pathéfilm, geschoten n.a.v. het bezoek van Prins Philip aan het Zuid-Amerikaanse continent dat jaar, de toen nog gloednieuwe vlag wappert hier boven het Guyaanse parlement (screenshot)

De vlag werd vanaf 1962 al gevoerd, maar wel na enige wijzigingen in het ontwerp.
Overigens is het niet ondenkbaar dat in de jaren 1962-1966 zowel de nieuwe als de koloniale vlag nog gebruikt werden.

Whitney Smith (1940-2016), ontwerper van de vlaggen van Guyana en Bonaire (publiek domein)

Als we dat oorspronkelijke ontwerp eens nader bekijken, dan zien we dat er bij het invoeren in 1962 (en dus niet bij de onafhankelijkheid als land binnen het Britse Gemenebest in 1966) wat aan geknutseld is!

Het oorspronkelijke ontwerp van Whitney Smith uit 1962

Het originele ontwerp bestond uit een groene driehoek aan de mastzijde, die over een gele driehoek is gelegd, waarvan de punt halverwege de vluchtzijde eindigt, waardoor er twee driehoeken overblijven, in de kleur rood.

Allereerst zijn de kleuren geel en rood omgewisseld. Maar de opvallendste verschillen, doorgevoerd door het English College of Arms, zijn de belijningen van de rode en de gele driehoeken: respectievelijk zwart en wit.
Dat juist dit heraldische genootschap met deze aanpassing kwam, is merkwaardig.
Binnen de heraldiek worden de kleuren wit (zilver) en geel (goud) “metaal” genoemd . Volgens heraldische regels is het niet correct om metaal naast metaal te plaatsen, maar dat is wel wat het genootschap deed: heraldisch clasht de witte (zilveren) belijning met de gele (gouden) driehoek.

Hoe het ook zij: het is die gewijzigde versie die in 1962 al in gebruik was, maar uiteindelijk op 26 mei 1966 als nationale vlag officieel werd ingevoerd en die ook bij de overgang naar republiek op 23 februari 1970 ongewijzigd bleef. Het land bleef wel lid van het Britse Gemenebest.

Een zee van vlaggen in 1966 in hoofdstad Georgetown (screenshot)

De vlag staat ook wel bekend als Golden Arrowhead (Gouden speerpunt). Symbolisch hebben de kleuren de volgende betekenis: groen (landbouw en bossen), wit (rivieren en water), goud (hoop op een gouden toekomst en rijkdom aan mineralen), zwart (doorzettingsvermogen) en rood (ijver, daadkracht en de bereidheid tot opoffering voor de natie).

Voorgaande vlaggen

De Golden Arrowhead verving een vlag die tussen 1875 in gebruik was en vier versies kende, maar die alleen in details verschilden.
Die vier zien we hieronder:

De vlaggen behoren tot de grote familie van Britse blue ensigns, die het Verenigd Koninkrijk doorgaans gebruikt(e) voor zijn overzeese gebiedsdelen. Zoals te doen gebruikelijk, zien we de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton. Ze tonen allemaal in een zogenaamde badge op de vlucht, het unieke symbool voor het desbetreffende gebied.

De eerste badge van Guyana, in gebruik tussen 1875 en 1906

Bij Guyana was dat een stuurboord-boegaanzicht van een vierkant getuigde driemaster op volle zee. Wat hier typisch Guyaans aan is, is onduidelijk, los van het feit dat om Brits Guyana vanuit het Verenigd Koninkrijk te bereiken men een schip nodig had, maar dat gold voor alle Britse overzeese gebiedsdelen!

De koloniale vlaggen van Guyana, links: 1875-1906 en rechts: 1906-1919

In de eerste versie van deze vlag (1875) is er nog geen sprake van een Britse red ensign (de Britse handelsvlag ter zee), wapperend van de achtersteven, zoals dat wel het geval is bij de drie latere versies.
Wat die drie latere versies óók hebben en de eerdere versie niet, is het motto van de kolonie: Damus petimusque vicissum (Wij geven en vragen in ruil).

De koloniale vlaggen van Guyana, links: 1919-1955 en rechts: 1955-1962/1966

De versies van 1906 en 1919 hebben dit motto op een vergulde kousenband. De 1906-versie heeft de ovalen afbeelding in de cirkelvormige badge, wat visueel niet ideaal is. Dat is waarschijnlijk de reden dat vanaf 1919 dezelfde ovalen afbeelding zelf als badge gaat dienen en de cirkel verdwijnt.
In 1955 komt de laatste versie van deze vlag in gebruik: de cirkelvormige badge komt terug, de kousenband is verdwenen, de afbeelding van het schip is op nu op een schild afgebeeld en het motto staat nu op een sierlijke banderol onder dit schild.

Luilekkerland van presidentiële vlaggen

Waar presidentiële vlaggen doorgaans bij het ambt horen en niet bij de persoon van de president, is het beslist opmerkelijk dat Guyana een kleurrijke uitzondering vormt.
Sinds 1970 heeft bijna iedere president van Guyana (tot nu toe tien in totaal) zijn of haar persoonlijke standaard gevoerd.
De enige uitzondering is Sam Hinds, die kortstondig als interim-president inviel, toen Cheddi B. Jagan in maart 1997 onverwacht overleed, zijn weduwe Janet Jagan zou hem later dat jaar opvolgen.
Hieronder de parade van de presidentiële vlaggen:

Presidentiële standaard van Arthur Chung (1970-1980)
Presidentiële standaard van Forbes Burnham (1980-1985)
Presidentiële standaard van Hugh Desmond Hoyte (1985-1992)
Presidentiële standaard van Cheddi B. Jagan (1992-1997)
Presidentiële standaard van Janet Jagan (1997-1999), echtgenote van de voorgaande president
Presidentiële standaard van Bharrat Jagdeo (1999-2011), een oude bekende: de nationale vlag, maar nu voorzien van gouden franje
Presidentiële standaard van Donald Ramotar (2011-2015)
Presidentiële standaard van David A. Granger (2015-2020)
Presidentiële standaard van Mohamed Irfaan Ali (2020-heden)

Brunei – Hari Kemerdekaan / Independence Day / Onafhankelijkheidsdag (1984)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 1:

Het sultanaat Brunei, gelegen aan de noordkant van het eiland Borneo, was tot 1 januari 1984 een protectoraat van het Verenigd Koninkrijk. Het bestaat uit twee aparte delen, beide aan de Zuid-Chinese Zee gelegen, van elkaar gescheiden door het grondgebied van Maleisië.

Kaart van het Sultanaat Brunei (© freeworldmaps.net)

Vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw kreeg het land steeds meer autonomie, resulterend in volledige onafhankelijkheid op 1 januari 1984. Het volledige afbouwen van het Britse bestuur was echter pas een feit op 23 februari 1984 en dat is dan ook de reden dat Brunei’s onafhankelijkheidsdag niet op 1 januari maar op 23 februari wordt gevierd.

De vlag

Vlag van Brunei (1959-heden)

Tot 1906 (invoering van het Britse protectoraat), had Brunei een geheel gele vlag, de kleur van de sultan. Vanaf dat jaar worden er diagonaal twee strepen aan toegevoegd: een witte en een zwarte. Deze strepen staan voor de twee voornaamste raadgevers van de sultan, de zogenaamde viziers.

Links: Vlag van Brunei (1368-1906) / Rechts: Vlag van Brunei (1906-1959)

De vlag blijft vervolgens onveranderd tot op 29 september 1959. Op die dag wordt de nieuwe grondwet van kracht en dat is de aanleiding om het staatswapen midden op de vlag te plaatsen. Dit staatswapen had zijn eigen kleine evolutie: de halve maan werd in 1950 toegevoegd en de twee armen aan weerszijden in 1959, bij plaatsing op de vlag.

De evolutie van het Bruneise staatswapen, v.l.n.r.: 1932-1950 / 1950-1959 / 1959-nu

Het rode wapen bestaat uit verschillende onderdelen. In het midden is een pyloon zichtbaar, met boven het derde segment een paar vleugels, daarboven een parasol en in de top een vlaggetje. De parasol en het vlaggetje symboliseren de monarchie en macht van de sultan. De vier segmenten in iedere vleugelhelft staan voor recht, rust, welvarendheid en vrede. De pyloon is het symbool van een stabiele en rechtvaardige regering.

De halve maan is het symbool van de islam, de staatsreligie in Brunei. Op de sikkel van de maan staat in Arabisch schrift, maar in de Maleisische taal vrij vertaald, de volgende tekst te lezen: الدائمون المحسنون بالهدى, oftewel Onder goddelijke leiding altijd goede daden doen.
Onder de halve maan is nóg een tekst te zien op een banderol. Er staat بروني دارالسلام, oftewel Brunei Darussalam, wat zoveel betekent als Brunei, plek van de vrede.

De in 1959 toegevoegde armen staan voor aanhankelijkheid en gehechtheid van het land aan de regering (lees: de sultan) en de verplichting van dezelfde regering om zorg en handhaving van de hoge levensstandaard, vrede en welvaart.

Vlag en wapen van de Sultan

Sultan Hassanal Bolkiah* is een van de langst zittende staatshoofden ter wereld en een van de weinige absolute monarchen. Naast staatshoofd is hij ook premier en minister van defensie.

De sultan is bepaald niet onomstreden. In 2014 kondigde hij aan de sharia (islamitisch recht) stapsgewijs te zullen invoeren. Onder zulk een wetgeving zouden strenge straffen opgelegd kunnen worden, zoals gevangenisstraf voor zwangerschappen buiten het huwelijk, of steniging voor homoseksuele handelingen of seks zonder huwelijksband.
Na deze aankondiging kwam er grote internationale druk en protest, waar de sultan niet goed raad mee wist.
In eerste instantie werd de invoering uitgesteld, maar vervolgens in april 2019 toch ingevoerd, maar een maand later weer ingetrokken.

Persoonlijke standaard van Sultan Hassanal Bolkiah

De persoonlijke standaard van de sultan is geel met middenin zijn wapen in rood. De maansikkel heeft dezelfde tekst als die op de nationale vlag.
Het wapen zelfstandig afgebeeld, is in full colour en stamt uit 1999. De buitenste cirkel is in goud en bestaat uit twee rijstplant-aren. Daarbinnen is een groene halve maan (islam) afgebeeld, met in goud de tekst تبارك الذي بيده الملك, wat zich laat vertalen als Gezegend is degene in wiens hand het Koninkrijk is.

Laatste versie van het wapen van de sultan (1999-heden)

Binnen de halve maan komen de symbolen van de nationale vlag terug: de pyloon, de parasol met het vlaggetje en de twee vleugels.
Hierboven (en door de geopende rijst-aren heenstekend) is de kroon van de sultan afgebeeld. Deze kroon, mahkota genaamd, heeft een ontwerp dat gebaseerd is op de brokaten tulbanden die door Hassanal Bolkiah’s voorgangers werden gebruikt.

De brokaten tulbanden van Hassan Bolkiah’s voorgangers. Links: Ahmad Tajuddin (1913-1950), sultan van 1924 tot 1950, gefotografeerd in 1941 / Rechts: Omar Ali Saifuddien III (1914-1986), die zijn broer in 1950 als sultan opvolgde en aftrad in 1967, ten gunste van zijn zoon Hassan Bolkiah, foto uit 1950 (beide foto’s: publiek domein)

Hij werd in 1968 vervaardigd voor de kroning van Hassanal Bolkiah, door goudsmit Pehin Abdul Rahman en de Singaporese juwelier S.P.H. De Silva.
De gouden kroon heeft twee afhangende pendiliah van goud en robijnen. Bovenaan een zogenaamde sarpech (in het Nederlands zouden we dat een aigrette noemen), een gouden tulbandsieraad, bestaand uit een maansikkel en een tienpuntige ster, die uitloopt in een zevenpuntig ornament.
De middelste punt van dit ornament loopt uit in een halve maan met ster erboven. De zes andere punten worden bekroond door parels, symbool voor de Zes Zuilen van Iman (Geloof).

Links: De gouden kroon van Brunei, de mahkota, vervaardigd in 1968 / Rechts: Kroning van Sultan Hassan Bolkiah, op 1 augustus 1968, met de nog nieuwe kroon (beide foto’s: publiek domein)

Vanuit de zijkanten van de kroon steken vier (twee aan iedere kant) driedubbel uitgevoerde parasolletjes van goud en robijnen op, in Zuidoost-Azië symbool voor de hoogste rang. Verder staan ze voor suprematie, glorie en heldhaftigheid. Ze worden aangeduid met de naam Payung Ubor-Ubor Tiga Ringkat.

De deels gebogen onderkant van de kroon is versierd met 99 saffieren. deze staan voor de 99 namen van Allah.
Het wapen wordt bekroond door de gekalligrafeerde naam van Allah in goud: الله.

*De volledige naam van de sultan luidt: Haji Hassanal Bolkiah Mu’izzaddin Waddaulah ibni Al-Marhum Sultan Haji Omar Ali Saifuddien Sa’adul Khairi Waddien.

Guernsey – Flag unveiled / Vlag voorgesteld (1985)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Guernsey is een van de Kanaaleilanden, gelegen in het Kanaal, ten westen van Normandië.

Locatie van de Kanaaleilanden voor de Normandische kust (Bewerking van kaart uit het CIA World Factbook / publiek domein)
Hoewel alle Kanaaleilanden ontegenzeggelijk Brits

Hoewel Guernsey en Jersey de grootste en bekendste Kanaaleilanden zijn, behoren ook de kleinere eilanden Alderney, Sark en Herm tot de archipel. Al deze eilanden zijn bewoond.
Daarnaast zijn er twee nog kleinere eilanden, Brecqhou (met slechts één bewoner) en Jethou, dat geen vaste inwoners heeft, maar wat wel één huis en twee vakantiehuizen telt, die verhuurd worden door de Britse zakenman Sir Peter Ogden.
De archipel omvat verder de nodige onbewoonde eilandjes en rotspunten.

Kaart van Guernsey (© maproom.net / publiek domein)

De Kanaaleilanden zijn in alles ontegenzeggelijk Brits, maar toch horen ze officieel niet tot het Verenigd Koninkrijk en zijn dus ook geen EU-lid. Samen met het eiland Man (in de Ierse Zee gelegen), vormen ze het zogenaamde Britse Kroonbezit (Crown Dependencies).
De Britse Koning Charles III is wel het staatshoofd van al deze eilanden, niet als koning echter, maar onder de titel Hertog van Normandië.

Guernsey vanuit de lucht (foto: Jon Le Ray Aerial Photography, 2016)

Guernsey en Jersey zijn beide baljuwschappen (bailiwicks). Het baljuwschap Guernsey omvat naast het hoofdeiland ook de eilanden Alderney, Herm, Sark, Jethou en Brecqhou.
Het baljuwschap Jersey omvat naast het hoofdeiland de onbewoonde (mini)eilandgroepen Minquiers, Ecréhous en Les Pierres de Lecq.

Kaart van het baljuwschap Guernsey (© Aotearoa / publiek domein)

De 90e baljuw (bailiff) van Guernsey is sinds 11 mei 2020 Sir Richard McMahon.
Daarnaast is er een luitenant-generaal, die het staatshoofd (Charles III) vertegenwoordigt, sinds 15 februari 2022 is dit luitenant-generaal Richard Cripwell, wiens rol grotendeels ceremonieel is.

Baljuw van Guernsey, Sir Richard McMahon (1962) (screenshot)

Guernsey heeft ruim 67.000 inwoners, waarvan er zo’n 19.000 in de hoofdstad Saint Peter Port wonen.
De overige hoofdeilanden van het baljuwschap zijn aanzienlijk spaarzamer bevolkt: Alderney heeft ruim 2.100 inwoners, Sark zo’n 600 en Herm telt rond de 60 personen

Guernsey’s hoofdstad Saint Peter Port vanaf zee gezien (© Man vyi / publiek domein)

De vlag

Vlag van Guernsey (1985-heden)

De vlag van Guernsey is wit met een rood St. George’s Cross (Sint Joriskruis) waaroverheen een goud of geel breedvoetig kruis met afgevlakte voeten.

Tot aan 1936 had Guernsey geen eigen vlag. Vanaf 1936 echter gebruikte het eiland de vlag van Engeland, na toestemming van Koning Edward VIII (die minder dan een jaar koning was en later dat jaar zou aftreden). Die toestemming gaf hij overigens niet in zijn hoedanigheid als koning, maar als Hertog van Normandië.

De vlag van Engeland, tussen 1936 en 1985 ook in gebruik als eilandvlag voor Guernsey

De Engelse vlag is wit met een rood St. George’s Cross. En hoewel de Kanaaleilanden in de Tweede Wereldoorlog door Duitsland werden bezet, werd het eilandbewoners toegestaan particulier de vlag aan land te blijven gebruiken.

Sir Charles Frossard (1922-2012), baljuw van Guernsey van 1982 tot 1992, in gezelschap van de Hertog(in) van Normandië, beter bekend als Koningin Elizabeth II, tijdens haar bezoek aan het eiland in 1989, t.g.v. de opening van de nieuwe jachthaven in Saint Peter Port (screenshot)

In 1983 pleitte Sir Charles Frossard, de baljuw van Guernsey voor de noodzaak van een nieuwe vlag voor het eiland vanwege de verwarring die werd veroorzaakt door het gebruik van de vlag van Engeland.
De aanleiding hiervoor was de verwarring tijdens de Commonwealth Games van 1982, waar Guernsey onder de vlag van Engeland (en dus ook van Guernsey) deelnam: de deelnemers van sommige andere landen geloofden ten onrechte dat Engeland met twee teams aan de Spelen deelnam!

Er werd een Flag Investigation Committee ingesteld, onder leiding van de vice-baljuw Sir Graham Dorey.
Na verschillende ideeën te hebben afgeschoten, zoals het gebruik van de kleur groen (de sportkleur van het voetbalteam van Guernsey) en plaatsing van het eilandwapen op de vlag. kwam Herbert Pitt uiteindelijk met het idee om het gouden kruis van Willem de Veroveraar over het St. George’s Cross heen te leggen en daarmee een duidelijke link te leggen met de Normandische geschiedenis.

Willem de Veroveraar (links) afgebeeld op het Tapijt van Bayeux (±1068) met zijn banier met het gouden kruis, dat hem verleend zou zijn door Paus Alexander II (publiek domein)

Willem de Veroveraar (±1028-1087), Hertog van Normandië, veroverde in 1066 Engeland, waarna hij de eerste Normandische koning van Engeland werd.
Die verovering (bij Hastings), uitgebeeld op het beroemde Tapijt van Bayeux, waar Willem wordt afgebeeld met een banier waarop een gouden kruis, vormde de aanleiding om dit symbool op de vlag van Guernsey te gebruiken: als symbool dat de eilandbewoners van Normandische afkomst waren, maar loyaal aan de Engelse (en later Britse) Kroon.

De vlag van Guernsey op een postzegel uit 2016 (publiek domein)

De nieuwe vlag werd voor het eerst onthuld op 15 februari 1985, vandaag precies 40 jaar geleden.
Op 30 april 1985 verleende Koningin Elizabeth II, als Hertog(in) van Normandië, een koninklijk bevel om de vlag de officiële vlag van Guernsey te laten worden.
De vlag werd voor het eerst gehesen op op 9 mei 1985, (de veertigste) Bevrijdingsdag op de Kanaaleilanden van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Rood en blauw

Naast de eilandvlag hanteert Guernsey sinds 2000 in navolging van de Britse traditie twee variaties in de vorm van een red en een blue ensign (rode en blauwe vaandels).
Beide vlaggen hebben de Britse Union Flag of Union Jack i het kanton en het gouden kruis op de vluchtzijde.

Civil ensign van Guernsey (2000-hedeen)

De rode handelsvlag (civil ensign) kan door eilandbewoners als alternatieve vlag voor Guernsey worden gebruikt, maar is in eerste instantie bedoeld als handelsvlag op zee.

Governement ensign van Guernsey (2000-heden)

De blauwe vlag (government ensign) volgens hetzelfde model, is bedoeld voor overheidsschepen ter zee.

Mauritius – Abolition of slavery / Abolition de l’esclavage / Afschaffing van de slavernij (1835)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Op deze datum in 1835 werd op het eiland Mauritius de slavernij afgeschaft, vandaag dus 190 jaar geleden.
Het eiland, ten oosten van Madagaskar gelegen, was in de eeuwen voor 1835 nogal eens van kolonisator veranderd.

Locatie van Mauritius in de Indische Oceaan (publiek domein)

Het eiland was onbewoond toen de Portugezen er in 1507 landden, ze noemden het Cirne (Zwaan). Het werd enige tijd gebruikt als tussenstop op reizen naar Zuidoost-Azië, maar ze vestigden zich er niet.

Kaart van Mauritius (© freeworldmaps.net)

In 1598 landde er een Nederlandse vloot onder bevel van vice-admiraal Wybrand van Warwijck. Onder zijn leiding werd er op beperkte schaal gekoloniseerd aan de oostkant van het eiland.
Het eiland werd omgedoopt tot Mauritius, naar Prins Maurits van Oranje, stadhouder en legeraanvoerder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Maurits van Nassau, prins van Oranje (1567-1625). legeraanvoerder en stadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waar Mauritius zijn naam aan te danken heeft, detail van een schilderij uit 1608 door Michiel van Mierevelt (1566-1641), uit de collectie van het Paleis van Versailles

Net als de Portugezen gebruikten de Nederlanders het eiland als tussenstop naar de Oost.
Vanaf 1638 werd door de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) de rietsuikerteelt geïntroduceerd en daarmee ook 300 slaven om op de plantages te werken.
Omdat Mauritius los van de Nederlanders onbewoond was, werden slaven uit Madagaskar gehaald.
In 1695 werd het eiland zwaar getroffen door een orkaan, waarna de VOC er geen heil meer in zag om opnieuw in het eiland te investeren.
In 1710 verkaste de VOC naar Kaap de Goede Hoop, aan de zuidpunt van het huidige Zuid-Afrika.

Konvooi van slaven in Afrika door een onbekende schilder, circa 1859, collectie Musée Quai Branly (publiek domein)

De Nederlanders werden opgevolgd door de Fransen in 1715, waarna het eiland voortaan als Île de France door het leven ging.
Vanaf 1721 vond er een herkolonisatie plaats en werden er nieuwe slaven naar het eiland gebracht, niet alleen vanuit Madagaskar, maar ook vanuit het Afrikaanse vasteland om de suikerrietplantages te bewerken.
Om een idee te krijgen van het bevolkingsaantal: in 1735 woonden er 838 mensen, waarvan er 648 slaaf waren,

In 1810 was er een nieuwe machtswisseling, toen de Britten het eiland op de Fransen veroverden, in eerste instantie om de Franse kaperij waarvan veel Britse schepen het slachtoffer waren, te doen stoppen.
Het eiland kreeg onder de Britten zijn oude naam Mauritius terug en werd een kroonkolonie.
Het aantal slaven was inmiddels gegroeid naar 63.821.
Bij de Vrede van Parijs van 1814 (na de val van Napoleon) werd het officieel ingelijfd bij het Verenigd Koninkrijk.
En hoewel het Britse parlement in 1807 de Abolition of Slave Trade Act (Afschaffing van de Slavenhandelswet) had aangenomen, was de praktijk weerbarstiger en werd de slavernij nog illegaal in stand gehouden tot 1 februari 1835.

Affiche voor de herdenkingsdag. an. vandaag (publiek domein)

Omdat het werk op de plantages evenwel toch moest doorgaan, rekruteerde het V.K. goedkope contractarbeiders uit Brits-Indië (nu India), Maleisië en China, om de slaven te vervangen.
Het verklaart de diverse samenstelling van de bevolking van Mauritius.

Fastforward naar 1968: Mauritius wordt onafhankelijk, maar wel als lid van het Gemenebest, waardoor Koningin Elizabeth het titulair staatshoofd bleef.
De laatste verandering dateert van 12 maart 1992: vanaf die datum is Mauritius een onafhankelijke parlementaire republiek met een president als staatshoofd.

Viering/Herdenking

De afschaffing van de slavernij op Mauritius wordt jaarlijk herdacht bij het International Slave Route Monument op het schiereiland Le Morne Brabant*, dat op 1 februari 2009 werd geopend en op de werelderfgoedlijst van UNESCO staat.

Le Morne Brabant, locatie van de jaarlijkse herdenking van de afschaffing van de slavernij (fotograaf onbekend)

Le Morne Brabant* is de naam van een schiereiland en een rotsformatie van 556 m hoogte in het zuidwesten van Mauritius.
In het begin van de 19e eeuw was het een toevluchtsoord voor gevluchte slaven.
Na de afschaffing van de slavernij op Mauritius op 1 februari 1835, reisde een politie-afvaardiging naar het schiereiland om de (ex-)slaven in te lichten. Helaas werd het doel van de expeditie verkeerd begrepen en een groot aantal van hen sprong van de rotsen af, hun dood tegemoet.

*Het “Brabant” in de naam komt van het VOC-schip Brabant dat hier op 29 december 1783 op de klippen liep.

Uitbeelding van een slaaf die zijn ketenen verbroken heeft (fotograaf onbekend)

Het International Slave Route Monument bestaat uit een park met kunstuitingen die de slavernij op verschillende wijzen uitbeelden.

Een ander kunstwerk toont twee handen die vertwijfeld de lucht insteken (fotograaf onbekend)

De archipel

Op deze kaart is goed te zien hoe ver de verschillende eilanden uit elkaar liggen (© Yashveer Poonit / publiek domein)

De eilandstaat Mauritius bestaat naast het hoofdeiland Mauritius uit de eilanden Rodrigues (560 km oostelijker), Agaléga (1.050 km noordelijker) en St. Brandon (een verzameling eilandjes, zandbanken en riffen (430 km noordoostelijker). Deze verzameling eilandjes staat ook bekend onder de naam Cargados Carajos.

Het eiland Agaléga vanuit de lucht (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van Mauritius (1968-heden)

De vlag van Mauritius werd geïntroduceerd op 12 maart 1968, toen Mauritius een onafhankelijke republiek werd.
Het is een horizontale vierkleur in rood, donkerblauw, geel en groen.

Gurudutt Moher (1924-2017), ontwerper van de vlag van Mauritius? Of toch niet? (fotograaf onbekend)

Algemeen wordt aangenomen dat Gurudutt Moher, een onderwijzer aan de Maheswarnath Regeringsschool in Triolet, de vlag ontwierp.
Maar daar is niet iedereen van overtuigd: volgens Soonanda Toolsee-Bhungee zou de vlag zijn ontworpen door twee leerlingen van Gurudutt Moher, namelijk Sakurdutt Toolsee (haar vader) en een zekere Shyamsundur.
Volgens haar zou haar vader destijds ook een officieel document hebben ontvangen als dank voor het ontwerp.
Helaas lijkt het document verloren te zijn gegaan, waardoor haar verhaal niet bewezen kan worden.

De vier kleuren hebben zowel een symbolische als politieke betekenis, Rood vertegenwoordigt de strijd voor vrijheid en onafhankelijkheid, blauw staat voor de Indische Oceaan, waarin Mauritius gelegen is, geel vertegenwoordigt het licht van de vrijheid dat over het eiland schijnt en groen symboliseert de landbouw van Mauritius en tevens de overheersende kleur gedurende de twaalf maanden van het jaar.

De kleuren weerspiegelen tevens de politieke situatie zoals die in 1968 bestond en staan voor politieke partijen: rood voor de Parti Travailliste, (een sociaal-democratische partij), blauw voor de PMSD (een conservatieve partij), geel voor de IFB (socialistisch en Indo-Mauritiaans) en groen voor de CAM, (een islamistische partij).

De vlag staat bekend onder twee namen (Engels en Frans): Four Bands and Les Quatre Bandes.

Noord-Ierland – Domhnach na Fola / Bloody Sunday (1972)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 2:

Bloody Sunday is de naam die werd gegeven aan zondag 30 januari 1972, toen het Britse leger 26 ongewapende demonstranten neerschoot in Derry, Noord-Ierland’s tweede stad.
De dag staat ook wel bekend onder de naam Bogside Massacre (Bogside Bloedbad), naar het stadsdeel Bogside waar dit alles plaatsvond.

Overzichtskaart van een deel van de wijk Bogside in Derry ten tijde van het bloedbad, met de namen van de doden en gewonden (© PA Graphics)

Op die 30e januari 1972, vandaag 52 jaar geleden, vond er een door de Britten verboden demonstratie voor burgerrechten plaats, meer specifiek tegen het zonder proces gevangenzetten van personen die het Britse leger verdacht van banden met de Irish Republican Army (IRA), een militante organisatie die strijd voerde voor aansluiting van Noord-Ierland bij de Ierse Republiek.
De demonstratie was geïnitieerd door de protestantse politicus Ivan Cooper en georganiseerd door de Northern Ireland Civil Rights Association (NICRA) en hoewel er ook protestanten meeliepen was het merendeel van de betogers katholiek.

De demonstratie vóór het bloedbad (fotograaf onbekend)

De demonstratie, die van Bishop’s Field naar de Guildhall in het centrum van Derry had moeten lopen, bestond uit zo’n 10.000 tot 15.000 mensen.
Toen het Britse leger de demonstratie kort na vier uur ’s middags de toegang tot het centrum probeerde te ontzeggen met opgeworpen barricades, ging het mis, de spanning liep op en er ontstonden schermutselingen, die uiteindelijk uitmondden in de schietpartij door het 1st Batallion Parachute Regiment.

Father Edward Daly (1933-2016) wappert met een bebloede witte vlag om de gewonde Jackie Duddy (17) doorgang te verlenen., kort hierna zou Duddy overlijden en Father Daly hem de laatste sacramenten geven (screenshot)

26 jongens en mannen raakten gewond, waarvan er 13 overleden (een 14e slachtoffer bezweek vier maanden later alsnog aan zijn verwondingen).
Veel van de slachtoffers werden in de rug door kogels geraakt toen ze op de vlucht sloegen, anderen terwijl ze trachtten gewonden te helpen.
Gewonden vielen er door rondvliegende scherven, kogels, rubberkogels en de wapenstok. Twee mensen werden omver gereden door legervoertuigen.
Alle slachtoffers waren katholiek.

De veertien slachtoffers van Bloody Sunday (publiek domein)
Voorpagina van de Irish Independent van 31 januari 1972 (© Irish Independent)

De onderzoeken

Twee dagen hierna besloot de regering in Londen dat er een officieel onderzoek moest komen naar het bloedbad.
Het rapport van dit onderzoek, het Widgery Inquiry (naar de Lord Chief Justice Widgery), verscheen ongewoon snel, al op 19 april.
De belangrijkste conclusie was dat de militairen “niet schuldig” konden worden geacht aan de dood van de slachtoffers. Volgens de Lord Chief Justice kon de soldaten wel “roekeloos” gedrag worden verweten, maar deze diskwalificatie bleef zonder strafrechtelijke gevolgen.

Links: Het Widgery Inquiry uit 1972 (publiek domein) / Rechts: John Passmore Widgery (1931-1981), Lord Chief Justice of England and Wales (publiek domein)

Het rapport werd door velen in Noord-Ierland met ongeloof ontvangen en werd gezien als ‘witwas’-actie. Op veel muren in de regio verscheen de leus “Widgery washes whiter”.

Aan de vooravond van het Goedevrijdagakkoord van 1998 (een belangrijke stap in het Noord-Ierse vredesproces), werd er overeengekomen alsnog een grondig onderzoek naar Bloody Sunday te laten doen.

Links: Het volumineuze Saville Inquiry uit 2010 (foto: Paul Faith) / Rechts: Lord Mark Saville (1936) (foto: Paul Faith)

Dit onderzoek, het Saville Inquiry (naar de voorzitter Lord Saville) was grondig en het verscheen dan ook pas na twaalf jaar, op 15 juni 2010 en was het het duurste en langste in de Britse justitiële geschiedenis.
De conclusies stonden lijnrecht tegenover die van de Widgery Inquiry.
Volgens Lord Saville was de dood van de veertien betogers “onrechtvaardig en onverdedigbaar”.
Het rapport concludeerde dat soldaten leugens hadden verzonnen in een poging hun daden te verhullen. En verder dat in tegenstelling tot eerdere beweringen, dat betogers stenen en benzinebommen naar de soldaten hadden gegooid voordat er een schot viel, niet klopten.

Premier David Cameron (1966) terwijl hij in het Lagerhuis namens de Britse regering zijn excuses aanbiedt voor de gebeurtenissen van Bloody Sunday, 15 juni 2010 (screenshot)

Premier David Cameron noemde de conclusies “schokkend” en op 15 juni 2010 bood hij in het Lagerhuis namens de Britse regering zijn excuses aan.
Hoewel er pogingen zijn gedaan om individuele soldaten berecht te krijgen, is dat tot nu toe onsuccesvol gebleken.

Het op 26 januari 1974 onthulde monument met de namen van de 14 slachtoffers van Bloody Sunday, Joseph’s Place, Derry (fotograaf onbekend)

De vlag

Vlag van Noord-Ierland (1953-1972 cq heden)

Zelden hoeft men in Noord-Ierland te graven naar allerlei kwesties waar protestanten en katholieken het niet over eens zijn, hoewel er sinds het Goedevrijdagakkoord van 1998 veel verbeterd is.

Kwesties zijn er ook rond de Noord-Ierse vlag, die ooit officieel was, maar het nu niet meer is. Totdat er een officiële nieuwe vlag is (maar daarover verderop meer), zullen we het moeten doen met de zogenaamde Ulster Banner.

De vlag is wit met een rood Sint-Joriskruis (net als de vlag van Engeland), maar de Noord-Ierse vlag heeft twee extra symbolen: midden op het kruis zien we een witte zespuntige ster met daarin een geopende rode hand. Daarboven is de kroon van Sint-Edward (de Britse kroningskroon) afgebeeld.
De vlag was tussen 1953 en 1972 in gebruik bij het Noord-Ierse parlement en tevens gepropageerd als civic flag (een vlag voor algemeen gebruik).
Toen echter in 1972 het parlement werd opgeschort en in 1973 afgeschaft, werd de vlag buiten gebruik gesteld.
Maar waar kwam de vlag vandaan?

Historie

De oorsprong van de vlag gaat terug tot 1924 en was het gevolg van een Royal Warrant (Koninklijk Volmacht) voor Noord-Ierland om een eigen wapen te (laten) ontwerpen wat desgewenst ook op een vlag kon worden afgebeeld.

Ontwerper van de Noord-Ierse vlag Sir Neville Wilkinson (1869-1940) met zijn vrouw Lady Betty Wilkinson (1878-1957) in 1936 (publiek domein)

Het wapen werd ontworpen door Sir Neville Wilkinson van de Ulster King of Arms (de Noord-Ierse heraldische instantie). Het werd tussen1924 en 1972 gebruikt door de Noord-Ierse regering.

Het wapen van Noord-Ierland, compleet met schildhouders, in gebruik bij de Noord-Ierse regering (1924-1973)

Naast het wapen werd ook een vlag ontworpen met dezelfde symbolen. Op zowel wapen als vlag werden symbolen gebruikt die heel ver terug gaan. Hoe ver is onbekend, maar in ieder geval tot 1264.

In dat jaar werd Walter de Burgh de eerste earl (graaf) van het Graafschap Ulster. Daarmee werden het wapen van de De Burgh-familie (een rood kruis op een geel veld) samengevoegd met die van het over-kingdom Ulaid (een samenvoeging van verschillende koninkrijken). Het over-kingdom voerde als symbool de Rode Hand van Ulster (Lámh Dhearg Uladh), De oorsprong van dit symbool is onbekend, maar moet een oud Keltisch symbool zijn geweest.

Links: Locatie van het ‘over-kingdom’ Ulaid in het noordoosten van Ierland (publiek domein) / Rechts: Zegel uit de 12e eeuw met de Rode Hand (© National Library of Ireland)

De symbolen gingen in de 12e eeuw over op de familie Ó Néill (tegenwoordig O’Neill) toen zij het koningschap over Ulster aanvaardden. Een van de oudst bewaarde afbeeldingen van de Rode Hand (op een zegel) stamt uit deze tijd.
Het wapen kwam daarna ook als symbool op een vlag terecht en staat nu bekend als The Flag of Ulster, een van de historische provincies van Ierland.

Historische vlag van Ulster

De vlag is geel met een liggend rood kruis, in het midden een wit schild met een geopende rode hand.

Zowel vlag als wapen die in 1924 uit de bus kwamen rollen borduurden voort op deze vlag. Het rode kruis werd overgenomen (maar op de vlag versmald, zodat het op het Engelse Sint-Joriskruis ging lijken) en tevens lijkt het wit uit de Engelse vlag overgenomen te zijn.

Vlag van Noord-Ierland, eerste versie met heraldische Tudorkroon (1924-1953)

De Rode Hand kreeg in plaats van een schild- een stervorm. De zes punten verwijzen naar de zes graafschappen van Noord-Ierland: Fermanagh, Tyrone, Derry, Antrim, Down en Armagh.
De kroon die erboven werd gezet was een heraldische Tudorkroon.

Hoewel de vlag dus officieel sinds 1924 bestond lijkt ze nauwelijks te zien te zijn geweest. Dat veranderde met de (her)introductie in 1953, naar aanleiding van de kroning van Koningin Elizabeth II.
De enige verandering die werd doorgevoerd betrof de kroon: de Tudorkroon werd vervangen door de kroon van Sint-Edward, de Britse kroningskroon.
Deze verandering was een ietwat merkwaardig, omdat het Noord-Ierse wapen (zie eerdere afbeelding) dat dezelfde heraldische Tudorkroon heeft, onveranderd bleef.

De kroon van Sint-Edward uit 1661, een van de Britse regalia, die alleen gebruikt wordt voor de kroning van de vorst of vorstin (publiek domein)

Na 1972

Na afschaffing van de vlag als overheidsvlag in 1972, werd de Britse Union Flag of Union Jack de officiële vlag van Noord-Ierland en is dat nu nog.
De eigen vlag verdween echter niet uit beeld en wordt nog steeds veel gebruikt, maar dan voornamelijk door de zogenaamde Loyalists of Unionisten, een protestantse bevolkingsgroep.
Tevens wordt de vlag nog immer gebruikt bij verschillende sportmanifestaties, zoals de Commonwealth Games, de PGA Tour (golf) en door de FIFA (de internationale voetbalorganisatie).

Dat de vlag veelal door verschillende groepen protestanten wordt gebruikt heeft tot gevolg dat katholieken haar als (te) Engels zien en op hun beurt gebruiken zij doorgaans de vlag van de Ierse Republiek (een verticale driekleur van groen, wit en oranje).
De verschillende vlaggen geven vaak de afbakening van ofwel protestantse en katholieke wijken aan en worden veelal aan lantaarnpalen gehangen, of eromheen gewikkeld of erop geschilderd.

Links: Begrenzing van een protestantse wijk d.m.v. de Union Jack en de Ulster Banner (fotograaf onbekend) / Rechts: Begrenzing van een katholieke wijk met de vlag van de Ierse Republiek (fotograaf onbekend)

Dat Noord-Ierland momenteel officieel geen eigen vlag heeft is opvallend, maar daar lijkt inmiddels verandering in te gaan komen.
In december 2021 publiceerde de Commission on Flags, Identity, Culture and Tradition (FICT) een 168 pagina’s tellend rapport* (kosten: £ 800.000) waarin een aanbeveling werd gedaan voor een eigen Noord-Ierse vlag voor algemeen gebruik.
De commissie stelde voor dat de vlag uitingen van Britishness and Irishness zou moeten bevatten en tevens de diversiteit van Noord-Ierland zou moeten tonen.

Links: Voorpagina van het rapport uit december 2021 om tot een eigen Noord-Ierse vlag te komen / Rechts: Voorzitter van de commissie, professor Dominic Bryan (fotograaf onbekend)

Kritiek op het rapport van verschillende kanten was overigens niet mals, o.a. vanwege de kosten( en omdat er nog geen actieplan voor Stormont (de Noord-Ierse Assemblee) aan is gekoppeld.
Tot op heden is er nog steeds geen nieuwe vlag. Het laatste bericht hierover dateert van november 2024 toen het Noord-Ierse bestuur liet weten dat het rapport van de Commissie “…zal worden beschouwd als onderdeel van een evaluatie van haar strategie voor gemeenschapsrelaties.” Een ingewikkelde manier om te zeggen dat het nog wel even kan duren.

*) Zoals de titel al doet vermoeden handelt het rapport niet uitsluitend over een nieuwe vlag en het algemeen gebruik van vlaggen in Noord-Ierland, maar ook over de identiteit van de verschillende bevolkingsgroepen, hun cultuur en identiteit en poogt handvatten te geven voor een harmonieuzere samenleving.

Afdeling curiosa

Nog twee onofficiële curiosa staan hieronder afgebeeld. De zwart-wit foto toont de vlag van het Verenigd Koninkrijk met in het midden de wapenschildversie van het Rode Hand-symbool. De foto is ongedateerd maar zal vermoedelijk in de eerste helft van de 20e eeuw zijn genomen.
Zoals we kunnen zien hangt de vlag bij het kantoor van de Belfast Telegraph. Deze krant had een kantoor in Fleet Street in Londen.

Links: De onofficiële vlag bij het kantoor van de Belfast Telegraph in Fleet Street, London (publiek domein) / Rechts: Onoffiiciële Noord-Ierse vlag met de Britse Union Jack of Union Flag in het kanton

De afbeelding rechts toont een andere onofficiële vlag. Op de Noord-Ierse vlag (versie 1924-1973, want met Tudorkroon) is het kanton voorzien van de Britse Union Jack of Union Flag.
Deze vlag is duidelijk pro-Brits en zal dus zijn ontsproten aan het brein van een Loyalist of Unionist.

Canada – Flag Gets Royal Consent / Drapeau Royalement Approuvé / Vlag Koninklijk Goedgekeurd (1965)

Twee vlaggen vandaag. Vlag 2:

Vandaag is het 60 jaar geleden dat Koningin Elizabeth II in haar rol als Canadees staatshoofd goedkeuring verleende aan de nieuwe vlag.

Kaart van Canada (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag Canada
Vlag van Canada (1965-heden)

Tussen 1868 en 1965 voerde Canada als vlag een red ensign, een rode vlag met in het kanton de Britse Union Flag of Union Jack. Op het uitwaaiende gedeelte was het Canadese wapen afgebeeld.
In totaal waren er drie versies van deze vlag, omdat zowel in 1921 als in 1957 het wapen gewijzigd werd, waardoor dus ook de vlag aangepast diende te worden.

canada drie vlaggen
De drie Canadese red ensigns, van links naar rechts: 1868-1921, 1921-1957 en 1957-1965 (zoek de verschillen!)

Vanaf 1963 kwam er een discussie op gang om het Britse model te vervangen voor een eigen ontwerp. In 1964 culmineerde dit in het zogenaamde Great Flag Debate. Een belangrijk punt van aandacht waren de te gebruiken symbolen: moest de Britse Unievlag er opnieuw bij? Of de fleur-de-lys voor de Franstalige Canadezen?
Men wilde liever geen Frans-Canadese en Engels-Canadese sentimenten aanwakkeren.
Uiteindelijk werd er voor een symbool gekozen dat in alle versies van het staatswapen voorkwam: de maple leaf (esdoornblad) en waar de meesten zich in konden vinden. In het wapen kwam (en komt nog steeds) de maple leaf voor met drie bladeren. Voor de vlag werd voor een enkel blad gekozen.

george stanley
George F.G. Stanley (1907-2002), ontwerper van de Canadese vlag (© Canadian Encyclopedia)

Na 6 maanden van discussies en 33 politieke debatten werd uit de ruim 4000 ontwerpen die van historicus en schrijver George Stanley op 15 december 1964 goedgekeurd in het Canadese House of Commons, met 163 stemmen voor en 78 tegen.

Canadese parlementsleden met hun favoriete vlagontwerp na maanden van discussies, Ottawa, december 1964 (© Library and Archives Canada)

Als officieel staatshoofd van Canada had Koningin Elizabeth II het laatste woord, hoewel dat strikt genomen niet meer dan een formaliteit was. Op 28 januari 1965 echter werd de koninklijke goedkeuring gegeven.

debuut
Het debuut van de vlag op 15-2-1965, Parliament Hill, Ottawa (© National Film Board of Canada)

Shetland – Up Helly Aa

Shetland, ook wel bekend onder de naam Shetlandeilanden, is een Schotse archipel op de grens van de Noordzee en de Noorse Zee, ten noordoosten van de Orkneyeilanden, die op hun beurt weer ten noorden van het Schotse vasteland liggen.

Locatie van Shetland, op de kaart in de rechterbovenhoek (© Eric Gaba/NordNordWest/Uwe Dedering / publiek domein)

Shetland omvat zo’n 100 eilanden, waarvan er 15 bewoond zijn. Het grootste eiland is het centraal gelegen Mainland, dat bijna 19.000 inwoners telt.
Ook de hoofdstad Lerwick (ruim 7.000 inwoners) is hier gelegen.
De totale bevolking bedraagt ruim 23.000.

Kaart van Shetland (© Finlay McWalter / publiek domein)

De archipel werd in eerste instantie bevolkt door de Picten, totdat de Vikingen in de 7e of 8e eeuw binnenvielen en de eilanden koloniseerden.
En hoewel zowel Shetland als Orkney in 1472 overgingen naar de Schotse Kroon, bleef het van het Oudnoors afgeleide Noors tot in de 18e eeuw de voertaal op de eilanden, totdat het Engels uiteindelijk de boventoon ging voeren.

Up Helly Aa

Up Helly Aa is de ietwat mysterieus aandoende naam van de belangrijkste feestdag van Shetland, die altijd op de laatste dinsdag van januari valt.
De oorsprong van de naam Up Helly Aa is niet geheel duidelijk, maar komt deels waarschijnlijk uit het Oudnoors. De naam (en het feest) houden in ieder geval verband met het einde van de joelperiode, het slot van de van oorsprong Scandinavische midwintervieringen.

‘Up’ betekent in dit geval dus ‘op’, in de zin van ‘einde van’, ‘helly’ is ‘heilig’, samengevoegd met ‘aa’ (‘helly aa’ dus), zou het ‘heiligendag’ (‘holy day’) kunnen betekenen. Vrij vertaald kom je dan tot ‘einde van de heilige dagen’.

Brandende teervaten

Up Helly Aa is een uitbundig volksfeest, waarvan de grootste viering in hoofdstad Lerwick plaatsvindt.
In de 19e eeuw bestond het feest eruit dat jongemannen brandende vaten met teer door de straten droegen of op sledes voorttrokken, daarbij zoveel mogelijk herrie veroorzakend door middel van hoorns, trommels en luid gezang.
De autoriteiten hadden gedurende die tijd de nodige zorgen aangaande de veiligheid (de brandende vaten met teer) in samenhang met de openbare dronkenschap. De locale  Total Abstinence Society (Totale Onthoudingsvereniging) speelde een rol in het tegengaan daarvan.

Voor zover bekend het oudste document (1877) waar Up Helly Aa wordt genoemd (met een andere spelling: Uphelly ‘a) (publiek domein)

Vanaf 1874 groeide het verzet tegen deze vorm van feestvieren en vanaf 1880 werd het verboden en vervangen door fakkeloptochten, waarvan de eerste in 1881 plaatsvond.

Guizers

De daaropvolgende jaren werd de oude Vikingtijd steeds meer in het feest geïntegreerd, wat in 1889 leidde tot het bouwen van een replica vikingschip dat als hoogtepunt van Up Helly Aa in brand werd gestoken en dat tot op de dag van vandaag onderdeel van het feest is.

Up Helly Aa Vikingen in 1906 (publiek domein)

Daarmee werd het ook een verkleedfeest: mannen die in de stoet meeliepen (de zogenaamde ‘guizers’) begonnen zich steeds vaker als Vikingen te verkleden en tegenwoordig is dat de standaard.
Uit de gelederen werd een hoofdguizer benoemd die de benaming jarl kreeg, een titel die in het Engels bekend is als earl. De eerste jarl werd in 1882 benoemd.

Jarl John Nicholson, in de rol van Thorstein Egilsson, en zijn assistent, bij het Up Helly Aa-plakkaat in Lerwick, in 2019 (screenshot)

Vanaf 1889 wordt er aan het Market Cross, in het centrum van Lerwick, ’s morgens om zes uur een plakkaat opgehangen. Oorspronkelijk stonden hier instructies op, maar na verloop van jaren kwam er steeds meer bij, waaronder Up Helly Aa-liedteksten, maar ook grappige verhalen.
De guizers marcheren rond half negen door de stad, daarna wordt er ontbeten. Hierna gaat men het plakkaat bij het Market Cross lezen.
Doorgaans staan er dan een ontvangst op het stadhuis en een bezoek aan het Shetland Museum op het programma.

De fakkeloptocht in Lerwick (screenshot)

Zodra het tegen vijven donker is, gaat de fakkeloptocht met het vikingschip van start. Aan het einde van de processie worden de fakkels in het schip geworpen, waarna het in vlammen opgaat.

Het replica-vikingschip trekt door de straten (screenshot)

Na de processie bezoeken de guizers lokaliteiten zoals scholen, sportfaciliteiten en hotels, waar privéfeesten worden gehouden. Op iedere locatie voert een groep guizers een act op, wat een parodie kan zijn op een populaire tv-show of film, een sketch over lokale evenementen, of zang of dans.

Bij het eindpunt aangekomen verzamelt de menigte zich rond het schip (screenshot)

Up Helly Aa wordt niet alleen in Lerwick gevierd, over de eilanden verspreid zijn er nog tien festivals, maar dan aanzienlijk kleiner.
Het zijn juist die kleinere festivals waar voor het eerst vrouwen als guizers werden toegelaten, zoals vanaf 2015 in South Mainland. Sinds 2023 kunnen vrouwen ook in Lerwick deelnemen.

De fakkels verdwijnen in het schip, dat vervolgens in vlammen opgaat (screenshot)

De vlag

Vlag van Shetland (1969/2005-heden)

De vlag van Shetland is blauw met een wit Scandinavisch kruis. Ze werd in 1969 ontworpen door twee studenten, Roy Grønneberg en Bill Adams.
De aanleiding was de 500e verjaardag van de overgang van de Scandinavische heerschappij naar de Schotse Kroon, die de facto inderdaad in 1469 plaatsvond, maar pas officieel in 1472.

Links: Roy Grønneberg (1947-1997) / Rechts: Bill Adams (fotograaf onbekend)

Gezien de Scandinavische roots van Shetland is het niet verwonderlijk dat er juist voor het Scandinavische kruis werd gekozen.
De gebruikte kleuren echter, blauw en wit, symboliseren de verbondenheid met Schotland.
Sinds 1540 gebruikt Schotland als vlag een wit andreaskruis op een blauw veld.

Vlag van Schotland (1540-heden)

De eilandvlag was onmiddellijk populair en was (hoewel toen nog niet officieel goedgekeurd) al gauw zowel op land als op zee overal te zien.
In 2005 werd de vlag na 36 jaar officieel goedgekeurd en vastgesteld door de Lord Lyon King of Arms, de heraldische autoriteit van Schotland.
Twee jaar later stelde de eilandraad een speciale vlagdag in op 21 juni, de langste dag van het jaar, een dag die door een ander noordelijk gebied, Groenland, gebruikt wordt als nationale dag.

Gelijkenis met Hvítbláinn

De vlag van Shetland is exact gelijk aan de eerste (onofficiële) IJslandse vlag, die bekend staat als Hvítbláinn (‘de wit-blauwe’).
Als overzees gebiedsdeel gebruikte IJsland vroeger de Deense vlag, de Dannebrog.
op 13 maart 1897 echter deed de dichter Einar Bendiktsson een voorstel in het dagblad Dagskrá om een eigen vlag in te voeren: een blauwe vlag met een wit Scandinavisch kruis, net als de kleuren van het IJslandse wapen.

Ongedateerde foto van Einar Benediktsson (1864-1940) (publiek domein)

Het voorstel voor deze vlag sloeg aan bij de bevolking, zeker bij groepen die onafhankelijkheid van Denemarken nastreefden, maar de Deense Koning Christiaan IX verzette zich tegen dit ontwerp, dat volgens hem teveel leek op de marinevlag van Griekenland.
De Hvítbláinn leidde een min of meer ondergronds bestaan, totdat de koning in 1913 per Koninklijk Besluit bekend liet maken dat IJsland het recht had om een vlag te voeren en dat het ontwerp door hem goedgekeurd diende te worden.

Vlag van IJsland (1913/1915-heden)

Daarmee viel het doek voor de wit-blauwe vlag: in 1915 keurde de koning het nieuwe ontwerp uit 1913 goed, waarbij er een smaller rood Scandinavisch kruis aan het blauw-witte ontwerp werd toegevoegd.

Schotland – Burns Night / Burns-nacht (1801)

Burns Night (Schots: Burns Nicht) herdenkt de geboorte van de Schotse dichter Robert Burns in 1759. De dag van vandaag staat ook wel bekend als Robert Burns Day, Robbie Burns Day of Burns Supper.

robert burns
Robert Burns (publiek domein)

Robert Burns (1759-1796) is een van Schotland’s bekendste dichters, zo niet de bekendste. Zijn gedicht/lied Auld Lang Syne (1788) kennen we ook nu nog en komt vooral langs bij Nieuwjaarsvieringen. Hij schreef zijn gedichten oorspronkelijk in het dialect van Ayrshire.
Oud is hij niet geworden: hij stierf door hartproblemen op 37-jarige leeftijd.

Traditioneel Schots gerecht op Burns Night: haggis, netties (koolraap) en tatties (aardappelpuree) (fotograaf onbekend)

Om hem te gedenken worden al sinds 1801 ieder jaar diners (Burns Supper) gegeven, zowel formeel als informeel. Het is Schots wat de klok slaat: er wordt Schots gegeten, zoals haggis (een vleesgerecht gemaakt van schapen-hart, -long en -lever) en cranachan (een toetje waar whisky in verwerkt wordt), er wordt Schots gedronken (whisky uiteraard), Schotse muziek ten gehore gebracht en natuurlijk worden er gedichten van Burns voorgedragen.

“Piping in the haggis”: de haggis wordt binnengebracht voorafgegaan door een doedelzakspeler (© Visit Scotland)

De haggis is het hoofdgerecht en die wordt meestal met de nodige ceremonie binnengebracht (als het even kan met doedelzak-begeleiding) en allen gaan staan.

auld lang syne
Auld Lang Syne bladmuziek

Bij sommige diners wordt ook gezongen (uiteraard teksten van Burns) en/of gedanst. Traditioneel wordt het diner afgesloten met het zingen van Auld Lang Syne, waarbij iedereen gaat staan en elkaars hand vasthoudt.

Kaart van Schotland (© freeworldmaps.net)

De vlag(gen)

Vlag van Schotland (1540-heden)

De Schotse vlag is blauw met een wit andreaskruis, Saint Andrew’s cross of Saltire genaamd. De Schotse vlag heeft een lange geschiedenis, waarvan verschillende vermeldingen in legendes, maar de oudste op schrift stamt uit 1165. Na een gedaanteverwisseling van een wit andreaskruis op een rode vlag naar een blauwe vlag, is het dundoek sinds 1540 onveranderd gebleven. De Schotse vlag is nu tevens onderdeel van de Britse unievlag, Union flag of Union Jack, die heel ingenieus de vlaggen van Schotland, Engeland en Noord-Ierland (maar niet Wales!) verenigt.

Lion Rampant of Scotland

Naast de Saltire is er nog een nationale vlag in gebruik, die zowel door officiële instanties als door de bevolking gebruikt wordt (in dit laatste geval is het aan bepaalde regels gebonden).

Het is de vlag die we hierboven zien afgebeeld: de vlag is geel met een rode ‘klimmende’ leeuw (‘lion rampant’), blauw getongd en genageld, binnen een dubbel uitgevoerde rode sierrand, voorzien van fleur-de-lys.

Het is de Koninklijke Standaard van Schotland, die bekend staat als The Lion Rampant of Scotland of Banner of the King of Scots.
Voordat het Koninkrijk Schotland met dat van Engeland en Ierland werd samengevoegd was dit de koninklijke banier van de Schotse koningen en koninginnen (maar dan vierkant).
In 1603 werd James Charles Stuart koning van Engeland en Ierland onder de naam James I en koning van Schotland als James VI, waardoor er een koninklijke standaard ontstond die in vakken werd verdeeld om de verschillende symbolen er op weer te geven.

De huidige Koninklijke Standaard van een Britse monarch (onveranderd sinds het aantreden van Koningin Victoria in 1837) kent twee versies: één voor gebruik in Engeland, Wales en Noord-Ierland en één voor gebruik in Schotland. We zien ze hieronder:

Links: Koninklijke Standaard van Engeland, Wales en Noord-Ierland / Rechts: Koninklijke Standaard van Schotland

De linkerversie is die voor Engeland, Wales en Noord-Ierland en de rechterversie die voor Schotland.
Versie één laat tweemaal het Engelse wapen zien (drie ‘gaande’ leeuwen), eenmaal het Schotse (de ‘klimmende’ leeuw) en eenmaal Ierland (de harp).
Versie twee echter heeft tweemaal de ‘klimmende’ leeuw van Schotland en slechts eenmaal de drie Engelse leeuwen.

De kist met het lichaam van Koningin Elizabeth II (1926-2022), gedekt met de Schotse Koninklijke Standaard, arriveert bij haar paleis in Edinburgh, opgewacht door o.a. The Princess Royal (Prinses Anne) en haar echtgenoot Sir Timothy Laurence (screenshot)

De Schotse Koninklijke Standaard kwam ook prominent in beeld na het overlijden van Koningin Elizabeth op 8 september 2022. Omdat zij in Schotland overleed werd de kist met haar lichaam, gedekt met deze koninklijke vlag, naar The Palace of Holyroodhouse in Edinburgh overgebracht.

Gebruik Lion Rampant

Nu zou het in de lijn der verwachting liggen dat daarmee de eerste Schotse Koninklijke Standaard (de gele vlag) van het toneel zou verdwijnen, maar dat gebeurde niet.
Zodoende zijn er nu eigenlijk twee koninklijke standaarden voor Schotland. Er is echter wel degelijk verschil in gebruik!

De vlag met de vier kwartieren wordt alleen door een Britse vorst gebruikt bij verblijf in Schotland en wappert doorgaans boven de desbetreffende residentie als hij of zij daar aanwezig is. In de praktijk zijn dit The Palace of Holyroodhouse in Edinburgh en Balmoral Castle in Aberdeenshire.
De monarch kan echter ook voor de geelrode Lion Rampant kiezen, zoals we op de foto hieronder zien.

Balmoral Castle in Aberdeenshire met de Lion Rampant in top (fotograaf onbekend)

Deze vlag wordt in officiële vorm verder gebruikt door vertegenwoordigers van de monarch in Schotland: de Lord High Commissioner to the General Assembly of the Church of Scotland, de Lord Lyon King of Arms, de Keeper of the Great Seal (de officiële naam van de eerste minister van Schotland) en de Lord Lieutenants of the Counties.

Processie bij de opening in 2019 van de General Assembly of the Church of Scotland, de Lord High Commissioner zien we achter de man met de staf, vóór hem de Lion Rampant-vlag en ook de Saltire maakt haar opwachting (screenshot)

Vanaf 1934 echter mag de vlag ook gebruikt worden door ‘het volk’. Bij de voorbereiding van het Zilveren Jubileum (in 1935) van Koning George V, werd er een koninklijk besluit uitgevaardigd dat de Schotse bevolking toestemming gaf om de Lion Rampant te gebruiken als teken van trouw en (feest)viering, maar wel op de voorwaarde dat de vlag bij gebruik door een particulier persoon of een vereniging, niet van een vlaggenmast wappert, maar in de hand gehouden dient te worden.

Schotse voetbalfans temidden van een zee van vlaggen, zowel de Saltire als de Lion Rampant (fotograaf onbekend)

Deze regel geldt ook heden ten dage nog, waardoor naast de blauw-witte Saltire ook de geel-rode Lion Rampant te zien is bij festiviteiten en sportwedstrijden.

Links: William I (William the Lion) (1142-1214), koning van Schotland van 1165 tot en met 1214, ongedateerd portret door een onbekende artiest (publiek domein) / Rechts: Alexander II (1198-1249), koning van Schotland van 1214 tot en met 1249, 18e eeuwse gravure van John Hall English (1739-1797) (Collectie Scottish National Portrait Gallery, Edinburgh)

Tot slot: wat de ouderdom van deze vlag betreft: ze werd waarschijnlijk voor het eerst gebruikt door Koning William I (William the Lion) (circa 1142-1214) of door zijn zoon Koning Alexander II (1198-1249) en heeft dus inmiddels een respectabele leeftijd!

Trotse Schot met de Lion Rampant (fotograaf onbekend)