De vereniging van het hertogdom Bretagne met de Kroon van Frankrijk was het hoogtepunt van een politiek proces dat aan het einde van de 15e eeuw begon in de nasleep van de Guerre Folle (De Gekke Oorlog) (1485-1488). Het resulteerde in het Verbindingsverdrag van 13 augustus 1532 en de aansluiting van het hertogdom bij het Koninkrijk Frankrijk.
Het Hertogdom Bretagne genoot een grote mate van autonomie, waarbij de hertogen van Bretagne de status van vorst hadden. Bretagne was grotendeels neutraal tijdens de Honderdjarige Oorlog (1337-1453), waarbij claims op de Franse troon werden bevochten door de Huizen van Valois en Plantagenet (Anjou).
Kaart van het Hertogdom Bretagne in 1513
In de tweede helft van de 15e eeuw was de incompetente Bretonse hertog Frans II van Montfort niet opgewassen tegen de toenemende macht van de Franse koningen Lodewijk XI en zijn opvolger Karel VIII. Gedwongen tot oorlog, werd hertog Frans door de Fransen verslagen in 1477.
Het enige portret uit zijn tijd van hertog Frans II van Montfort (1435-1488), hier afgebeeld met zijn vrouw Marguerite de Foix , detail uit het missaal van de Karmelieten van Nantes, circa 1474-1477 (Collectie Princeton University / publiek domein)
In het vredesverdrag (het Verdrag van Le Verger) werd bepaald dat hertog Frans tot zijn dood kon aanblijven, maar dat zijn opvolger zich onder de Kroon van Frankrijk diende te plaatsen, waarbij Bretagne nog steeds een aanzienlijke mate van autonomie genoot. Die opvolger was zijn dochter Anna, die op haar 12e was uitgehuwelijkt aan de Franse koning Lodewijk XII, waardoor zij naast hertogin van Bretagne ook koningin-gemalin van Frankrijk werd. Als hertogin van Bretagne werd ze na haar dood opgevolgd door haar zoon Frans III.
Links: Anna, hertogin van Bretagne en koningin-gemalin van Frankrijk (1477-1514), detail uit een schilderij (±1503-1508) van Jean Boudrichon (1457-1521) / Rechts: Lodewijk XII, koning van Frankrijk (1462-1515), portret uit ±1514 uit het atelier van Jean Perréal (?-1530) (Royal Collection, Hampton Court Palace / publiek domein)
Diens zus, Claude, werd uitgehuwelijkt aan een achterneef van de Franse koning. Deze Frans I, de hertog van Angoulême, werd na de dood van Lodewijk XII (die dus Frans’ schoonvader was), koning van Frankrijk, waardoor zijn vrouw Claude koningin-gemalin werd, net als haar moeder.
Het Verbindingsverdrag van 13 augustus 1532 (Archives nationales, Parijs / Lettres patentes d’août 1532. Cote AE/II/587 / publiek domein)
Het was tijdens de regeringsperiode van hertog Frans III (1524-1536), dat Bretagne definitief bij Frankrijk werd gevoegd middels het eerdergenoemde Verbindingsverdrag van 13 augustus 1532, waardoor Bretagne een Frans kroondomein werd.
Links: Frans III, hertog van Bretagne (1518-1536), postuum portret uit ± 1540 door Corneille de Lyon (1500/1510-1575) (Collectie Musée Condé, Chantilly / publiek domein) / Rechts: Hendrik II, koning van Frankrijk en hertog van Bretagne (1519-1559), portret uit 1539 naar François Clouet (1510-1572) (Collectie Palais de Versailles / publiek domein)
Frans III stierf in 1536, vanaf die tijd waren de Franse koningen tevens hertogen van Bretagne, de eerste koning met deze dubbele titel was Hendrik II. Deze situatie zou van kracht blijven tot aan 1792, toen er een einde kwam aan het Koninkrijk Frankrijk tijdens de woelige jaren van de Franse Revolutie, waarna het departementaal systeem werd ingevoerd.
De vlag
De Bretonse vlag bestaat uit negen horizontale banen van afwisselend zwart en wit (vijf zwarte en vier witte). Op een wit kanton staan elf gestileerde hermelijnstaarten afgebeeld. De vlag wordt Gwenn-ha-du (Wit en zwart) genoemd.
Gezien de lange geschiedenis van Bretagne, eerst als hertogdom en vanaf 1792 als departement, zou men kunnen denken dat de Bretonse vlag al eeuwenlang meegaat, maar dat is niet het geval. Hoewel de hermelijnstaarten zeker historisch zijn, zijn ze pas in 1923 bijeengebracht met de zwart-witte banen.
Morvan Marchal (1900-1963), ontwerper van Gwenn-ha-du, de Bretonse vlag op een ongedateerde foto
Ontwerper van de vlag is Morvan Marchal (1900-1963), die als fanatiek nationalist lid was van de Union Régionaliste Bretonne, een conservatieve beweging die zich inzette voor het behoud van de Bretonse culturele identiteit en taal en regionale onafhankelijkheid nastreefde.
De vlag die Marchal in 1923 ontwierp was gemodelleerd naar de Amerikaanse vlag: een kanton + horizontale banen. De gebruikte symbolen zijn echter veel ouder dan die van de Amerikaanse vlag. De elf gestileerde hermelijnstaarten kwamen van de vroegere vlag en wapen van het Hertogdom Bretagne: een wit veld met achtentwintig van deze zwarte staarten. We zien de vlag hieronder:
Vlag van het Hertogdom Bretagne met achtentwintig hermelijnstaarten
Hermelijnstaarten komen we vaak tegen in de heraldiek (wapenkunde), maar kennen we ook van k(r)oningsmantels, waar de randen en voering vaak van daadwerkelijke hermelijnstaarten en de wintervacht van het roofdiertje was vervaardigd. Zo is bijvoorbeeld de Nederlandse koningsmantel afgezet met hermelijnstaarten. In de heraldiek worden de staarten op allerlei manieren afgebeeld, pluriformiteit is eerder de norm dan de uitzondering, zoals de afbeelding hieronder laat zien.
De negen horizontale balken of strepen symboliseren de negen verschillende historische bisdommen van Bretagne. De vijf zwarte balken staan voor de Gallo- en Franstalige bisdommen Dol, Nantes, Rennes, Saint-Malo en Saint-Brieuc, de witte voor de Bretonstalige bisdommen Trégor, Léon, Cornouaille en Vannes.
De vlag werd in de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw geadopteerd door verschillende Bretonse nationalistische en culturele groepen. De populariteit van de vlag nam vanaf de Tweede Wereldoorlog vanwege het nationalistische karakter sterk af en het duurde tot de jaren ’60 voordat de interesse in de vlag weer toenam, omdat de automatische link met separatisme naar de achtergrond verdween. Sindsdien begon de vlag aan een gestage opmars en werd ze in brede kring populair in de regio, zodat Gwenn-ha-du tegenwoordig overal in het straatbeeld te zien is, ook bij overheidsgebouwen en aan boord van schepen.
De Bretonse vlag aan boord van een schip (fotograaf onbekend)
Aangezien de Bretonse vlag nooit officieel is beschreven, komt ze met verschillende variaties van hermelijnstaarten voor, hoewel het aantal van elf sinds de jaren ’70 gestandaardiseerd lijkt te zijn.
Vandaag komen de 33e Olympische Spelen tot hun eind. Vanavond vanaf 21.00 uur vindt de Sluitingsceremonie plaats in het Stade de France in de Parijse voorstad Saint-Denis.
Op het moment van schrijven is er nog een wedstrijddag te gaan, dus kunnen er nog veranderingen plaatsvinden in het aantal gewonnen medailles voor de Nederlandse afvaardiging, maar dat het sowieso een succesvol gebeuren was, is wel duidelijk. Op zondagochtend staat Nederland met 13 gouden, 7 zilveren en 12 bronzen medailles (32 in totaal dus) op de 8e plaats in het landenklassement.
Duidelijke koplopers zijn China en de Verenigde Staten met respectievelijk 39 en 38 gouden plakken. Geen enkel ander land komt daarbij in de buurt, Australië (nummer 3 op de lijst) heeft 18 gouden medailles.
Update na de laatste speeldag
Na de deze laatste speeldag kan de balans worden opgemaakt: stond Nederland vanmorgen nog op de 8e plaats in het klassement, met het winnen van 2 extra gouden medailles, schuift ons land 2 plaatsen op naar de 6e plaats, de hoogste plaats ooit, drie jaar geleden in Tokio werd de 7e plaats bereikt.
Op de lijst kunne we ook zien dat de Verenigde Staten China van de 1e plaats heeft verdrongen. De landen hebben beide 40 keer goud gewonnen, maar de V.S. heeft maar liefst 44 zilveren en 42 bronzen medailles gewonnen. Bij China gaat het om respectievelijk 27 en 24 keer zilver en brons.
Wat de sluiting van vanavond betreft: veel is er nog geheim, zoals te doen gebruikelijk. Wat wel vast staat is dat Tom Cruise zijn opwachting zal maken, maar op welke wijze is nog even afwachten. Het ligt echter voor de hand dat de acteur dat op “Mission Impossible”-achtige wijze zal doen. Cruise is al geruime tijd in Parijs voor opnames van het achtste deel van de “Mission Impossible”-filmserie.
Tom Cruise op de motor met witte (?) vlag (screenshot)
Hij werd gesignaleerd bij de Arc de Triomphe op een motor met een witte vlag, met een filmploeg tien meter voor hem.
Daarnaast zijn er volop geruchten over eventueel optredende artiesten, zoals Billie Eilish, Snoop Dogg en de Red Hot Chili Peppers. Ook de in Frankrijk zeer populaire Belgische zangeres Angèle wordt genoemd, net als haar Franse collega Yseult.
Screenshots Sluitingsceremonie
Vlaggenparade van de Olympiërs, we zien o.a. Senegal (links), Burundi (midden met sterren), Bulgarije (driekleur) en Burkina Fasso (rechts)De vlag van de Cookeilanden werd gedragen door zwemster Lanihei ConnollyDe vlagdragers op het centrale element, een gestileerde wereldkaart, in het Stade de FranceRuim 200 vlaggen kwamen het stadion binnenTriatlete Edda Hannesdóttir droeg de IJslandse vlagTe onderscheiden vlaggen zijn die van Zuid-Korea (geheel links, wit met trigrammen), Brunei (geel), de verticale driekleur van Ivoorkust (oranje-wit-groen), Cuba (rode driehoek met ster) en Djibouti (witte driehoek met rode ster)De Nederlandse vlagdragers Harrie Lavreysen (baanwielrennen) en Femke Bol (hordenloopster/estafette), rechts de vlag van PolenEen grote verzameling vlaggen, herkenbaar die van de Marshalleilanden (geheel links), Luxemburg (rood-wit-lichtblauw) en Micronesia (lichtblauw met sterren)Herkenbare vlaggen op dit screenshot: Sierra Leone (geheel links, groen-wit-lichtblauw), Servië (rood-blauw-wit met wapen), Sao Tomé en Pricipe (groen-geel-groen met sterren), Rwanda (blauw-geel-groen), Samoa (blauw kanton op rood veld) en Saint Vincent en de Grenadines (blauw-geel-groen met drie groene ruiten)Een kleurig geheel met herkenbaar Noord-Macedonië (geel-rode stralen), Maleisië (blauw kanton en rood-witte strepen), Kroatië (rood-wit-blauw met wapen), Cookeilanden blauw met witte sterren in een cirkel) en Denemarken (rood met wit kruis)De vlaggenparade werd luid toegejuichtDe vlagdragers verzameld rond de ‘wereldkaart’Nederlands goud en bronsBlije PortugezenDe Nederlandse ploegDe Olympische ploeg van GuatemalaUiteraard veel Fransen in het stadionDe Chinese ploegDe Nederlandse ploegEen bijzonder moment: de laatste medaille-uitreiking vindt plaats tijdens de sluitingsceremonie en wel voor de vrouwenmarathon, waarbij de Nederlandse Sifan Hassan goud won, het edelmetaal wordt haar hier omgehangen door IOC-voorzitter Thomas BachHassan won de marathon met een Olympisch record in 2 uur, 22 minuten en 55 secondenSifan Hassan toont haar gouden medailleAl even bijzonder was het dat het Nederlandse volkslied, het Wilhelmus, in het stadion klonk en daarmee de hele wereld overgingSaluut terwijl de vlaggen van Nederland, Ethiopië en Kenia worden gehesenDe drie medaillewinnaars luisteren naar het WilhelmusV.l.n.r.: Tigst Assefa (zilver voor Ethiopië), Sifan Hassan (goud voor Nederland) en Hellen Obiri (brons voor Kenia)Burgemeester Karen Bass van Los Angeles ontvangt de Olympische vlag uit handen van IOC-voorzitter Thomas BachLos Angeles zal de 34e Olympische Spelen in 2028 organiserenActeur Tom Cruise landt in het Stade de France……en neemt bezit van de Olympische vlag……en gaat er met de vlag vandoor op een motor, op naar de Verenigde StatenEr wordt even geschakeld met Los Angeles waar op het strand van Long Beach vast een voorschot op de Spelen van 2028 wordt genomen in ‘party style’……compleet met vuurwerkOok in Parijs laat men zich niet onbetuigd, het slotakkoord is een spetterend vuurwerk
De vlag
De Olympische vlag (1920-heden)
De vlag van de Olympische Spelen is wit met vijf in elkaar gevlochten ringen, drie boven, twee onder, in de kleuren blauw, geel, zwart, groen en rood. Dit kan haast niet anders dan een van de bekendste vlaggen ter wereld zijn: er zullen maar weinig mensen zijn die de vlag met de gekleurde ringen niet onmiddellijk herkennen.
Uiteraard zijn er Olympische vlaggen in soorten en maten: de ‘officiële’ Olympische vlag is de vlag die van de ene gaststad naar de volgende verhuist en die doorgaans voordat de Spelen werkelijk beginnen in het plaatselijke stadhuis te zien is en moet niet verward worden met de enorme Olympische vlag die boven alles uit torent in een stadion, die na de Spelen onmiddellijk afgedankt wordt. Vaak wordt zo’n vlag daarna tentoongesteld.
Het logo
De vlag werd geïntroduceerd tijdens de Spelen van 1920 in Antwerpen. Dat betekent tevens dat de vijf daaraan voorafgaande edities van de moderne Spelen het zonder dit symbool deden waar we nu zo aan gewend zijn geraakt.
Het originele ontwerp van Pierre de Coubertin uit 1913 (publiek domein)
Het logo met de ringen is echter iets ouder dan 1920. Het werd in 1913 ontworpen door de Franse baron Pierre de Coubertin, die toentertijd voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité(IOC) was. Hij was de grote instigator van de moderne Olympische Spelen, waarvan de eerste editie in 1896 plaatsvond in de Griekse hoofdstad Athene, waarmee tevens de link werd gelegd met de Olympische Spelen van de Klassieke Oudheid, die in Olympia werden gehouden, tussen (naar we nu aannemen) 776 v. Chr. tot en met 393 na Chr.
Links: Pierre de Coubertin (1863-1937), ongedateerde, ingekleurde foto (publiek domein) / Rechts: Het graf van Pierre de Coubertin op het Cimétière Bois-de-Vaux in Lausanne, Zwitserland, compleet met ‘zijn’ Olympische ringen (publiek domein)
Hoewel nogal eens wordt aangenomen dat de ringen van De Coubertin’s ontwerp de vijf continenten symboliseerden (Europa, Afrika, Azië, Amerika en Oceanië), lagen de bedoelingen van De Coubertin toch net iets anders: Zelf schreef hij daarover in de augustus-editie van 1913 van het blad Olympique:
“…de zes kleuren (met de witte achtergrond) gecombineerd vertegenwoordigen op deze wijze de vlaggen van ieder land op aarde, zonder uitzondering. Het blauw en geel van Zweden, het blauw en wit van Griekenland, de driekleuren van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Duitsland, België, Italië, Hongarije plus het geel en rood van Spanje zijn vertegenwoordigd, net als de innovatieve vlaggen van Brazilië en Australië en die van het oude Japan en het moderne China. Dit is echt een internationaal symbool”
Hiermee was er een logo dat tevens op een vlag gebruikt kon worden. We mogen er vanuit gaan dat dat bij de 6e Olympiade geweest zou zijn. Deze Spelen van 1916 zouden in Berlijn plaatsvinden. Ondanks het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 gingen de voorbereidingen hiervoor gewoon door: men ging er vanuit dat de oorlog niet zo lang zou duren. Maar dit bleek te optimistisch gedacht, de oorlog sleepte zich voort tot 1918 en de 6e Olympiade werd afgelast.
Het Olympisch Stadion in Antwerpen op de openingsdag 20 april 1920, toen de Olympische vlag debuteerde (publiek domein)
Zodoende was het de 7e Olympiade (er werd dus gewoon doorgenummerd) van 20 april tot 12 september 1920 gehouden in Antwerpen, waar de Olympische vlag voor het eerst werd gehesen. (Berlijn was als organiserende stad “nicht mehr im Frage”, na de nederlaag van Duitsland in de Eerste Wereldoorlog en het land was dan ook uitgesloten van deelname in 1920, net als Oostenrijk).
Over een vlag die kwijtraakte en weer boven water kwam(Antwerpen-vlag nr.1)(1920)
De allereerste officiële Olympische vlag uit 1920, die bekend staat als de Antwerpen-vlag, bestaat nog steeds, na jarenlang spoorloos te zijn geweest. We spoelen even vooruit naar 1997: tijdens een diner georganiseerd door het Amerikaans Olympisch Comité, interviewde een journalist de toen 100-jarige Hal Haig Prieste, die in 1920 een bronzen plak voor de V.S. had gewonnen bij het platform-duiken. De journalist merkte op dat het IOC niet kon achterhalen wat er met de originele Olympische vlag van 1920 was gebeurd. “Daar kan ik je mee helpen”, was het antwoord van Prieste, “die zit in m’nkoffer”.
Links: Affiche voor de Olympische Zomerspelen 1920 in Antwerpen (publiek domein) / Rechts: Duke Kahanamoku (1890-1968) (Library of Congress / publiek domein)
Prieste vertelde vervolgens dat hij, opgehitst door een nachtelijke weddenschap met landgenoot Duke Kahanamoku*, tegen het einde van de Spelen in Antwerpen in de vlaggenmast van het stadion was geklommen en de vlag had gestolen.
*Duke Kahanamoku behaalde in 1920 twee gouden medailles: één bijhet 100 m zwemmen en de andere bij het estafette-zwemmen
Dat het IOC niet wist wat er met de vlag gebeurd was is een ietwat curieus, want dat de vlag gestolen was moet bekend zijn geweest, omdat Prieste betrapt werd door de politie tijdens zijn actie. Maar wellicht doelden ze op het feit dat ze niet wisten wat er vervólgens met de vlag gebeurde: Prieste liep sneller dan de politie en ontkwam met de vlag als zijn trofee.
Het Olympisch Stadion te Antwerpen in 1920 (publiek domein)
Met een speciale ceremonie tijdens de Olympische Spelen van 2000 in Sydney overhandigde (de toen inmiddels 103-jarige) Prieste de vlag uit 1920 aan toenmalig IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch.
De 103-jarige Hal Haig Prieste (1896-2001) met de door hem ontvreemde oervlag van de Olympische Spelen, bij de overhandiging aan IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch op 11 september 2000 te Sydney, een paar dagen voor het begin van de Zomerspelen (publiek domein)
De vlag werd vervolgens tentoongesteld in het Olympisch Museum in Lausanne in Zwitserland, maar bleef daar niet. Vanaf het begin van de ‘herontdekking’ had de stad Antwerpen ook belangstelling voor de vlag. De stad was succesvol in zijn pogingen voor een terugkeer: in 2004 keerde de vlag terug naar de Scheldestad. Vanaf 2013, toen Antwerpen Europese Sporthoofdstad was, was de vlag in de entreehal van het stadhuis te bewonderen. Vanwege de renovatie van het gebouw (vanaf 2017) is de vlag nu onderdeel van de collectie van het MAS (Museum aan de Stroom) in het noorden van de stad.
Antwerpen-vlag nr. 2(1924)
Het was de bedoeling dat de Olympische vlag van 1920 naar de volgende gaststad Parijs zou verhuizen, maar omdat de officiële vlag zoek was, moest er een nieuw exemplaar gemaakt worden. Deze tweede vlag werd eveneens Antwerpen-vlag genoemd, naar het waarom wordt nog steeds gegist: één verklaring is dat de vlag nu eenmaal debuteerde in Antwerpen, een andere is dat de nieuwe vlag in Antwerpen werd gemaakt.
Opening van de Olympische Zomerspelen 1924 in het Stade Olympique Yves-du-Manoir te Colombes, vlakbij Parijs, door de voorzitter van het Comité Olympique Français, graaf Justinien Clary (1860-1933); of de Olympische vlag, die over het spreekgestoelte is gedrapeerd, ‘dé’ nieuwe ‘Antwerpen-vlag’ is, vertelt de historie niet (publiek domein)
Hoe dan ook: dit nieuwe exemplaar wapperde in 1924 voor het eerst tijdens de openingsceremonie in het Stade Olympique Yves-du-Manoir in Colombes, een voorstad van Parijs. Deze nieuwe officiële versie zou het uithouden tot en met de Zomerspelen van 1984 in Los Angeles, waarna de vlag na 60 jaar ‘met pensioen mocht’.
Links: Affiche van de 1e editie van de Olympische Winterspelen in 1924 in Chamonix, Frankrijk, een ontwerp van Auguste Matisse (1866-1931) (publiek domein) / Rechts: Officiële Olympische eedaflegging door de vertegenwoordigers van de 16 deelnemende landen aan de Winterspelen van 1924 in Chamonix (publiek domein)
1924 was tevens het debuut van de Olympische Winterspelen die tot en met 1992 in hetzelfde jaar als de Zomerspelen werden gehouden, toen er besloten werd ze los te koppelen, zodat de Winterspelen in de andere even jaren dan die van de Zomerspelen plaatsvinden (zie ook verderop).
Seoul-vlag(1988)en Rio de Janeiro-vlag (2016)
Voor de 24e Olympiade in 1988 in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul kwam er dus een nieuwe vlag, die dan ook bekend staat als de Seoul-vlag. Ze deed 24 jaar dienst, tot en met de 30e Olympiade in Londen in 2012.
De vlag die nu in gebruik is (met franje langs de randen) debuteerde tijdens de Zomerspelen van 2016 in Rio De Janeiro in Brazilië, maar werd aan het einde van de Zomerspelen in Londen in 2012 al overhandigd aan burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro.
12 augustus 2012: tijdens de sluitingsceremonie van de Zomerspelen in Londen ontvangt burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro, Brazilië, de nieuwe officiële Olympische vlag, compleet met franje langs de randen (screenshot)
Deze vlag is nu te bewonderen in het stadhuis van Tokio, het Tōkyō-to Chōsha.
Vlaggen Winterspelen
Zoals boven vermeld, werden de Olympische Winterspelen voor het eerst gehouden in 1924 en wel in Chamonix, Frankrijk. Tot 1952 werden voor de Winterspelen geen speciale vlaggen vervaardigd.
Links: Logo van de Olympische Winterspelen van 1952 in Oslo, Noorwegen (publiek domein) / Rechts: De Oslo-vlag (publiek domein)
Bij die Spelen, gehouden in en rond de Noorse hoofdstad Oslo, kreeg voorzitter van het IOC, Sigfrid Edström, uit handen van burgemeester Brynjulf Bull, een Olympische vlag overhandigd, die net als bij de Zomerspelen overgedragen zou worden aan de volgende organiserende stad.
Aldus geschiedde, maar daar moet wel bij aangetekend worden dat de vlag alleen gebruikt werd bij de openingsceremonies. Normaliter was de vlag opgeborgen in een vitrine met daarbij de namen van alle gaststeden op bronzen plaquettes. Voor de sluitingsplechtigheden werd een replica gebruikt. In 2014 werd de Oslo-vlag met pensioen gestuurd.
IOC-voorzitter Thomas Bach overhandigt de (nieuwe) officiële vlag van de Winterspelen aan burgemeester Chen Jining van de Chinese hoofdstad Beijing, waar de editie van 2022 zal plaatsvinden (sluitingsceremonie van de Winterspelen 2018 in PyeongChang, Zuid-Korea, op 25 februari 2018 / screenshot)
In 2018, bij de Winterspelen in het Zuid-Koreaanse PyeongChang, bood de stad het IOC een nieuwe officiële vlag aan. Na de Winterspelen 2022 in Beijing is de vlag inmiddels doorgegeven aan de Italiaanse stad Milaan, waar de Winterspelen van 2026 zullen plaatsvinden (een deel van de wedstrijden vindt plaats in Cortina d’Ampezzo).
Olympische Jeugdspelen
Sinds 2010 zijn er ook Olympische Jeugdspelen voor 14- tot 18-jarigen. Deze Spelen (zowel Zomer- als Winterspelen) worden ook iedere vier jaar gehouden, maar precies omgekeerd als de ‘volwassen’ Spelen: de Zomer Jeugdspelen vinden dus plaats in het zelfde jaar als de Olympische Winterspelen en de Winter Jeugdspelen in het jaar van de Olympische Zomerspelen.
Logo van de Olympische Jeugdspelen
De eerste zomer-editie vond plaats in Singapore van 14 tot 26 augustus 2010. Eén dag voor de opening overhandigde IOC-voorzitter Jacques Rogge de officiële vlag voor de Jeugdspelen aan premier Lee Hsien Loong van Singapore.
Hoewel her en der vermeld wordt dat deze Olympische vlag naast de ringen ook de naam van de gaststad en het jaar van de Spelen laat zien, is daar op foto’s niets van waar te nemen! En dat zou ook vreemd zijn, want ook deze vlag is een doorgeef-vlag. In 2014 waren de Zomer Jeugdspelen in Nanjing (China) en in 2018 in Buenos Aires (Argentinië).
Links: Logo van de Olympische Zomer Jeugdspelen van 2018 in Buenos Aires, Argentinië (publiek domein) / Rechts: Voorlopig logo van de uitgestelde Olympische Zomer Jeugdspelen van 2026 in Dakar, Senegal (publiek domein)
De editie 2022 kwam wegens de coronapandemie te vervallen en werd vooruit geschoven naar november 2026 en wordt gehouden in Dakar (Senegal).
Logo van de Winter Jeugdspelen 2024 die in januari/februari dit jaar in Gangwon (Zuid-Korea) werden gehouden
De eerste Winter Jeugdspelen werden gehouden van 13 tot 22 januari 2012 in Innsbruck (Oostenrijk). De 2016 en 2020 edities waren in respectievelijk Lillehammer (Noorwegen) en Lausanne (Zwitserland). In 2024 werd het evenement in de provincie Gangwon (Zuid-Korea) gehouden.
Een heel verhaal! Maar hebben we nu alles gehad? Nee, want een goeie twee weken na de sluiting van de Olympische Zomerspelen beginnen de Paralympische Spelen 2024, eveneens in Parijs.
Paralympische vlag
Over de vlag en het logo van de Paralympische Spelen is heel wat te vertellen en dat gaat dan ook gebeuren! Woensdag 28 augustus gaat dit sportevenement van start: dan wordt de Paralympische vlag niet alleen in Parijs gehesen, maar ook bij Vlagblog en kunt u alles lezen over deze andere Olympische vlag.
Vandaag 68 jaar geleden, in 1955, vond de stichting plaats van dit Frans overzees gebiedsdeel, dat in het Frans officieel Terres australes et antarctiques françaises heet. Het is een verzameling van onbewoonde eilanden in het zuidelijke gedeelte van de Indische Oceaan, plus een (onofficieel) stuk van Antarctica . Het is een curieus geheel, wat geografisch bepaald geen eenheid vormt, daar de gebiedsdelen ver uit elkaar liggen.
Waar gaat het om? Het gebied omvat de volgende deelgebieden: 1. Île Saint-Paul en Île Nouvelle Amsterdam 2. Archipel des Crozet 3. Archipel des Kerguelen 4. Terre Adélie 5. Îles Éparses de l’Océan Indien
De eerste drie deelgebieden (de eilanden Saint-Paul en Nouvelle Amsterdam, de Crozeteilanden en de Kergueleneilanden) bevinden zich verspreid over een groot gebied in de zuidelijke Indische Oceaan.
De Hébé-vallei op het Île de la Possession, een van de Crozeteilanden (publiek domein)
Het vierde gebied, Terre Adélie (Adélieland), is gelegen op het vasteland van Antarctica. Dit continent is door zeven landen in ‘plakken’ verdeeld en zij claimen hun verschillende territoria. De claims zijn echter niet officieel en sinds 1961 allemaal ‘bevroren’ in het Antarctisch Verdrag, ook wel bekend als het Verdrag inzake Antarctica. De Franse claim, Terre Adélie is daarbij nog bescheiden van afmeting.
Links: Île Nouvelle Amsterdam / Rechts: Île TromelinLinks: Île du Lys / Rechts: Juan de Nova
Het vijfde deelgebied, Îles Éparses de l’Océan Indien (De verspreide eilanden in de Indische Oceaan), bevinden zich allemaal in de wateren rond het eiland Madagaskar. Dit deelgebied omvat op zijn beurt weer vijf deelgebieden: het atol Bassas da India, Île Europa, Îles Glorieuses (bestaand uit Grande Glorieuse, het Île du Lys plus acht kleine rotseilandjes), het rifeiland Juan de Nova en het Île Tromelin.
Links: Bassas da India / Rechts: Île Europa
Alle delen van het gebied zijn onbewoond, op de gebruikelijke bases van militairen en wetenschappers na dan (bij elkaar 196 personen). De enige permanente bewoners zijn de dieren en de planten.
TAAF-postzegel uit 1986 met de Îlots des Apôtres (Aposteleilanden), onderdeel van de Crozet-archipel (publiek domein)
Dat is dan ook de reden dat het gebied bestuurd wordt vanuit Saint-Pierre op het Franse eiland Réunion, ten oosten van Madagaskar. De huidige prefect, sinds 12 oktober 2020 is Charles Giusti.
Vlag van de Terres australes et antarctiques françaises (2007-heden)
De vlag van het gebiedsdeel (gebiedsdelen) is egaal blauw met in het kanton een afbeelding van de Franse vlag, de Tricolore. Diagonaal daartegenover, in de vluchtzijde dus, is een monogram te zien: vier verstrengelde kapitalen in wit, TAAF. Deze letters staan voor de Franse naam van het gebiedsdeel, Terres australes et antarctiques françaises.
De vijf witte sterren rondom het monogram staan voor de vijf deelgebieden. de vlag is ingevoerd op 23 februari 2007. Hij kan op ieder van de gebieden gevoerd worden en is ook te zien bij de officiële residentie van de prefect op Réunion.
Wallis en Futuna is een Frans overzees gebiedsdeel en bestaat uit twee eilandengroepen in de Stille Oceaan, tussen Tuvalu in het noordoosten en Fiji in het zuidwesten.
Wallis is het grootste eiland en tevens hoofdeiland van de Walliseilanden. Zo’n 20 onbewoonde eilandjes liggen eromheen.
230 km ten zuidwesten van Wallis liggen de twee zogenaamde Hoornse Eilanden, met Futuna als grootste en Alofi als kleinste eiland.
Wallis (Uvea in het Polynesisch) heeft ruim 8.000 inwoners, ruim 1.000 van hen wonen in de hoofdstad Mata Utu (Matāʻutu in het Polynesisch). Futuna heeft ruim 3.000 inwoners en Alofi slechts 2 (voor zover bekend!).
Hoofdstad Mata Utu vanuit de lucht, in het midden het dubbele rode dak, het Koninklijk Paleis van Uvea (Wallis) en rechts de Cathédrale Notre-Dame-de-l’Assomption de Matâ’Utu, gebouwd tussen 1952 en 1959 (publiek domein)
De eilanden waren al bewoond en vormden drie koninkrijkjes voordat de eerste Europeanen opdoken in de 17e eeuw. Het waren de Nederlanders Willem Schouten en Jacob le Maire die tijdens hun ontdekkingsreis van 1616 Futuna en Alofi ‘ontdekten’ en daarmee op de kaart konden zetten. Ze noemden de eilanden de Hoornse Eylanden, naar Hoorn, de plaats waar ze vandaan kwamen. De twee eilanden samen hebben die naam ook in het Frans behouden als les Îles Horn, ook wel les Îles de Horne.
V.l.n.r.: Willem Schouten (1567-1625), tekening van Matthäus Merian de Oude, 1625 / Jacob le Maire (±1585-1616), ingekleurde kopie naar een tekening uit Antonio de Herrera’s “India Occidentales” uit 1622 / Samuel Wallis (1728-1795), schilder onbekend (alle: publiek domein)
Wallis moest langer wachten op ‘ontdekking’. Het is vernoemd naar de Britse ontdekkingsreiziger Samuel Wallis die in 1767, nadat hij eerst Tahiti aandeed, langs het eiland zeilde wat nu zijn naam draagt.
Kaart van Wallis (publiek domein)
Het waren de Fransen die als eerste Europeanen de eilanden koloniseerden, door middel van missionarissen die vanaf 1837 trachtten de bevolking tot het katholicisme te bekeren, wat uiteindelijk ook lukte. Dat niet alles pais en vree was blijkt wel uit het feit dat de missionarissen in 1842 om Franse bijstand vroegen vanwege rebellie van de bevolking.
Voor zover bekend de enige foto van Koningin Amelia Tokagahahau Aliki (1845-1895), op de foto staat ze achteraan, voor een groep van meisjes uit vooraanstaande families (aliki) bij het Koninklijk Paleis van Wallis in 1887 (publiek domein)
De Fransen hielden de eilanden in bezit en op 5 april 1887 tekende Koningin Amelia Tokagahahau Aliki van Uvea (Wallis) onder druk een overeenkomst waarbij het eiland officieel een Frans protectoraat werd. Koning Anise Tamole van Sigave (het westelijke deel van Futuna) en Koning Soane Malia Musulamu van Alo (het oostelijk deel van Futuna plus Alofi) tekenden op 16 februari 1888.
De Hoornse Eilanden: Futuna in het westen en Alofi in het oosten (publiek domein)
Wallis en Futuna werd ingedeeld bij de veel westelijker gelegen Franse kolonie Nieuw-Caledonië. Vanaf 29 juli 1961 werden de eilanden losgekoppeld van Nieuw-Caledonië als territoire d’outre mer (overzees territorium). Vanaf deze datum is ook de status van de drie koninkrijken, die nog steeds bestaan, verankerd. Wallis en Futuna kent geen erfopvolging: koningen worden gekozen.
De macht van de koningen is grotendeels symbolisch, maar ze hebben rechtsprekende macht, een overlevering uit de stammentijd, maar tegenwoordig beperkt zich dat tot niet-criminele zaken. Voorts hebben de koningen ook een zetel in de adviesraad, die verder bestaat uit drie mensen die door de Hoge Administrateur (uit Frankrijk) worden aangewezen. De Franse president Emmanuel Macron is het staatshoofd.
De laatste administratieve verandering dateert van 28 maart 2003 als Wallis en Futuna een collectivité d’outre mer (overzees land) worden.
Leava, het grootste dorp op Futuna (fotograaf onbekend)
Vanwege de beperkte mogelijkheden op de eilanden zijn veel inwoners in de loop der jaren naar het grotere en welvarender Nieuw-Caledonië geëmigreerd. Zo’n 18.000 van hen wonen en werken er, waardoor er dus meer Wallisiens en Futuniens wonen dan op de eilanden zelf (ruim 11.000 inwoners).
De vlag De Franse vlag, de Tricolore, is de officiële vlag, maar er is sinds 1985 wel degelijk een vlag voor de eilanden, de officieuze dus en die zien we hier vandaag.
Links: Vlag van Wallis en Futuna / Rechts: Alternatieve versie van de vlag
De vlag is rood met een wit omzoomde Tricolore in het kanton. Midden op het rode veld, aan de vluchtzijde, is een wit vierkant met daarin een rood andreaskruis, waardoor er optisch vier naar elkaar gerichte driehoeken ontstaan.
De vier driehoeken symboliseren de drie koninkrijken met hun koningen, plus de Franse administrateur (en staat daarmee dus voor Frankrijk).
De kleur rood staat voor moed en het wit voor de zuiverheid van idealen. Dit is de meest gebruikte versie van de vlag, maar er bestaat nog een tweede versie, waarbij het andreaskruis is vervangen door een zogenaamd kruis pattée in wit. In feite hebben we dan echter te maken met de vlag van het eiland Wallis (of Uvea) en komen we tegelijk bij de oorsprong van de vlag.
V.l.n.r.: Vlag van Uvea (Wallis) / Vlag van Sigave / Vlag van Alo
Uvea De vlag begon zijn leven als koninklijke standaard van Koning (Laveluain in het Wallisisch) Soane-Patita Vaimua van Uvea (Wallis), die twee keer op de troon zat, eerst tussen 1826 en 1829 en daarna van 1830 tot en met 1858.
Links: De koninklijke standaard van Soane-Patita Vaimua / Rechts: “Palaver voor het Koninklijk Paleis, Sagato Soane-plein te Mata Utu (Wallis), 1900”, tekening uit “À travers l’Océanie Centrale auteur du monde” uit 1907 door M.P. de Myrica
Deze vlag, mét Tricolore in het kanton werd uiteindelijk de eilandvlag en wordt in die versie ook als koninklijke vlag gevoerd (de eerste van de 3 koninklijke vlaggen boven)
Sigave De andere twee koninkrijken hebben hun eigen vlag. Sigave (het westelijk deel van Futuna) heeft een vlag die diagonaal in tweeën gedeeld is, van de onderkant van de mastzijde naar de bovenkant van het uitwaaiende gedeelte, rood boven, zwart onder. De wit omrande Tricolore bevindt zich in het kanton. Over het rood-zwarte vlak is een gele cirkel geplaatst met daarin twee gekruiste zwarte speren met daar tussenin een groen palmblad, volgens de overlevering symbool voor de eerste koning van Sigave, wiens kaken en tanden in een palmblad werden bewaard.
Alo Alo, het koninkrijk dat het oostelijk deel van Futuna beslaat, plus het ernaast gelegen eiland Alofi, heeft een rode vlag met de Tricolore in het kanton. In het midden van het veld is een groen gearceerd palmblad met daaroverheen in geel een knots en een bijl. De knots en bijl staan symbool voor de dood van missionaris Pierre Chanel, die de inwoners van Futuna tot het katholicisme trachtte te bekeren. Hij werd op 37-jarige leeftijd bij een aanval met een knots en een bijl in 1841 vermoord.
Links: Pierre Chanel (1803-1841) als heilige / Rechts: De moord op Pierre Chanel op een gebrandschilderd raam
Paus Leo XIII verklaarde hem zalig op 17 november 1887, zodat hij nu als Sint Pierre Chanel bekend staat.
Hoewel de Spelen de 33e Olympiade worden genoemd, zijn dit eigenlijk de 30e (moderne) Spelen, nadat het evenement in 1896 nieuw leven werd ingeblazen. Dit als gevolg van drie niet doorgegane edities tijdens de twee wereldoorlogen uit de 20e eeuw. Hoe dan ook: in Parijs gaan vandaag de Spelen opnieuw van start en wel met een ongebruikelijke openingsceremonie, die wordt namelijk niet in een stadion gehouden, maar vanaf 19.30 uur langs een 6 km lang gedeelte van de rivier de Seine.
Het logo van de Olympische Zomerspelen van Parijs, een ontwerp van Sylvain Boyer, het Olympisch vuur is erin te herkennen, maar ook het gezicht van Marianne, sinds jaar en dag de verpersoonlijking van Frankrijk, tevens een knipoog naar de Spelen van 1900, die ook in Parijs plaatsvonden en waar vrouwelijke sporters voor het eerst werden toegelaten
Er is plaats voor in totaal 300.000 toeschouwers, 100.000 daarvan zijn betaalde plaatsen, de overige 200.000 zijn gratis. De gratis kaartjes werden in drie rondes uitgedeeld en zijn bedoeld voor gezinnen met lage inkomens die in achterstandswijken wonen, sportbewegingen, jongeren, mensen die helpen de Olympische Spelen te organiseren, waaronder handelaars en gemeentepersoneel. Zoals oorspronkelijk voorgesteld, werden er geen gratis kaartjes aan toeristen verstrekt.
Impressie van de openingsceremonie en botenparade op deSeine (screenshot promofilmpje)
De openingsceremonie op de rivier zal 160 vaartuigen omvatten. Zo’n 2.000 dansers zullen er te zien zijn (terwijl zo’n 6.000 tot 8.000 veiligheidsmedewerkers de ceremonie deels achter de schermen mogelijk gaan maken, naast zo’n 45.000 medewerkers op land, water en in de lucht). Choreografie is in handen van Maud le Pladec.
De 206 landenteams teams met 10.500 sporters, zullen met hun vlaggen langs de 6 km lange route varen, die zich uitstrekt vanaf de Pont d’Austerlitz naar de Pont d’Iéna ter hoogte van de Eiffeltoren en de Jardins du Trocadéro, waar de openingsceremonie zelf zich zal voltrekken. De Spelen zullen worden geopend door president Macron, het motto van de Olympiade luidt: Ouvrons grand les Jeux (Laten we de Spelen groots openen).
Hoewel de belangrijkste sport-accomodatie bij de Spelen het Stade de France is, zullen er ook heel wat wedstrijden op andere plekken in Parijs plaatsvinden en ver daarbuiten.
Zo zijn de basketbal-voorrondes in Lille (Rijsel), zeilen en enkele voetbalwedstrijden bij en in Marseille. Gevoetbald wordt er ook in Bordeaux, Décine-Charpieu (bij Lyon), Nantes, Nice en St.-Étienne.
Surfwedstrijden vinden aan de andere kant van de wereld plaats, namelijk bij Teahupo’o (Tahiti), 75 km buiten hoofdstad Pape’ete en 15.716 km van Parijs verwijderd.
Speciale teams
Naast de landenteams is er voor de derde keer ook een Olympisch vluchtelingenteam. Het gaat om 37 sporters met een vluchtelingenstatus uit 11 verschillende landen: Afghanistan, Congo-Brazzaville, Cuba, Eritrea, Ethiopië, Iran, Kameroen, Soedan, Syrië, Venezuela en Zuid-Soedan. De grootste groep binnen dit team bestaat uit 14 Iraniërs. Het vluchtelingenteam neemt deel onder de Olympische vlag.
Vlag van de Individuele Neutrale Atleten, goedgekeurd door het IOC op 24 maart van dit jaar
Individuele “neutrale” sporters uit Rusland en Wit-Rusland (Belarus) kunnen deelnemen aan de Spelen onder de vlag van de Individuele Neutrale Atleten (Athlètes Individuels Neutres), na goedkeuring van het Internationaal Olympisch Comité. De delegatie, die bestaat uit 32 sporters, neemt geen deel aan de openingsceremonie en wordt ook niet vermeld in de diverse klassementen. Een speciaal voor deze Spelen gecomponeerde compositie doet dienst als vervanging van de volksliederen van de twee landen.
De medailles
De Olympische medailles zijn een ontwerp van juwelier Chaumet, naast de metalen goud, zilver en brons bevat iedere plak een stukje Eiffeltoren: in het midden van de medailles zien we een ijzeren zeshoek, gemaakt van restanten van recente renovaties van de iconische toren. De zeshoek verwijst naar de globale vorm van Frankrijk, het Olympische Marianne-logo is erop aangebracht, compleet met ringen.
De twee metalen van iedere medaille zijn op de vijf hoeken van het ijzer vastgezet met een soort nagel die weer gebaseerd is op de klinknagels van de Eiffeltoren.
De afbeelding op de keerzijde van de medailles is een ontwerp van Elena Votsi en toont Athena Nike, de Griekse godin van de overwinning, die sinds 2004 standaard op de medailles wordt afgebeeld. Ze is hier verbeeld boven het Stadion Panathinaiko in Athene, waar de eerste moderne Olympische Spelen in 1896 werden gehouden. Links van haar herkennen we de Akropolis van Athene en rechts de Eiffeltoren.
Screenshots promotieclip
Een ruiter bij het 17e eeuwse Paleis van VersaillesEen breakdancer bij de 23 m hoge obelisk van de Egyptische farao Ramses II uit Luxor, die in 1836 op het Place de la Concorde werd geplaatstEen hardloper bij de Arc de Triomphe uit 1836Een schermer bij het Grand Palais uit 1900Een boogschutter en een zwemmer bij de piramide van het Louvre uit 1989Bestemming Parijs met hét symbool van de Franse hoofdstad: de Eiffeltoren uit 1889
Oeps! Vlag ondersteboven!
Bij het hijsen van de Olympische vlag op het Place du Trocadéro ging het mis: de vlag ging ondersteboven de mast in, wat niet onmiddellijk werd opgemerkt, zie screenshots hieronder:
De Olympische vlag is klaar om gehesen te worden: de blauwe ring die in de broektop (linksboven) hoort, zit hier onderaanDe gele ring die onderin hoort, zit bovenin, duidelijk zichtbaar zijn de gaten in de vlaggenmast, dit zijn de blazers waarmee men een vlag kan laten wapperen, ongeacht of er wind staatTony Estanguet, voorzitter van het Frans Olympisch comité en Thomas Bach, president van het Internationaal Olympisch Comité, kijken naar het hijsen van de Olympische vlag, of ze door hebben dat de vlag verkeerd hangt?De blazers staan aan en de vlag wappert duidelijk ondersteboven, de fout werd te laat ontdekt: om verder wapperen te voorkomen, werd het blaasmechanisme snel uitgeschakeldTijdens het spelen van de Olympische hymne (een compositie van Spiros Samaras uit 1896) hing de vlag dan ook slap langs de mast
Screenshots opening
Als opening van de botenparade is er vuurwerk in de Franse kleuren boven de fraai versierde Pont d’Austerlitz Zoals de traditie het voorschrijft, opent de Griekse delegatie de intocht der sportersTussen de boten door trad o.a. Lady Gaga op met het Zizi Jeanmaire-nummer “Mon truc en plumes”Intocht van de Nederlandse ploeg, de boot werd gedeeld met de delegatie uit PeruDe Nederlandse ploeg met als vlagdragers handbalster Lois Abbingh en basketballer Worthy de JongKoningin Máxima en Koning Willem-Alexander juichen vanaf de eretribune als de Nederlandse ploeg voorbijvaartDe nationale Franse ploeg vaart in de stromende regen als laatste langs het publiek……toegejuicht door het Franse publiekOok wordt er even geschakeld met Tahiti, waar de surfwedstrijden zullen plaatsvindenVlaggenparade op het Place du Trocadéro na aankomst van alle sportersLuchtopname van Parijs tijdens de tocht van de Olympische vlam van het Place du Trocadéro naar de TuilerieënHet Olympisch vuur wordt ontstoken door atlete Marie-José Perec en haar echtgenoot, judoka Teddy RinerHet Olympisch vuur hangt onder een heteluchtballonTot slot de verrassing van de avond: een optreden van Céline Dion vanaf de EiffeltorenDe Canadese zangeres brak haar wereldtoernee in 2022 af, nadat bij haar de zeldzame aandoening “stiff-person syndrome” was vastgesteldHet werd Dion’s eerste optreden sinds 2022, vol overgave zong ze de Édith Piaf-klassieker “Hymne à l’amour”Slotakkoord
De vlag
De Olympische vlag (1920-heden)
De vlag van de Olympische Spelen is wit met vijf in elkaar gevlochten ringen, drie boven, twee onder, in de kleuren blauw, geel, zwart, groen en rood. Dit kan haast niet anders dan een van de bekendste vlaggen ter wereld zijn: er zullen maar weinig mensen zijn die de vlag met de gekleurde ringen niet onmiddellijk herkennen.
Uiteraard zijn er Olympische vlaggen in soorten en maten: de ‘officiële’ Olympische vlag is de vlag die van de ene gaststad naar de volgende verhuist en die doorgaans voordat de Spelen werkelijk beginnen in het plaatselijke stadhuis te zien is en moet niet verward worden met de enorme Olympische vlag die boven alles uit torent in een stadion, die na de Spelen onmiddellijk afgedankt wordt. Vaak wordt zo’n vlag daarna tentoongesteld.
Het logo
De vlag werd geïntroduceerd tijdens de Spelen van 1920 in Antwerpen. Dat betekent tevens dat de vijf daaraan voorafgaande edities van de moderne Spelen het zonder dit symbool deden waar we nu zo aan gewend zijn geraakt.
Het originele ontwerp van Pierre de Coubertin uit 1913 (publiek domein)
Het logo met de ringen is echter iets ouder dan 1920. Het werd in 1913 ontworpen door de Franse baron Pierre de Coubertin, die toentertijd voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité(IOC) was. Hij was de grote instigator van de moderne Olympische Spelen, waarvan de eerste editie in 1896 plaatsvond in de Griekse hoofdstad Athene, waarmee tevens de link werd gelegd met de Olympische Spelen van de Klassieke Oudheid, die in Olympia werden gehouden, tussen (naar we nu aannemen) 776 v. Chr. tot en met 393 na Chr.
Links: Pierre de Coubertin (1863-1937), ongedateerde, ingekleurde foto (publiek domein) / Rechts: Het graf van Pierre de Coubertin op het Cimétière Bois-de-Vaux in Lausanne, Zwitserland, compleet met ‘zijn’ Olympische ringen (publiek domein)
Hoewel nogal eens wordt aangenomen dat de ringen van De Coubertin’s ontwerp de vijf continenten symboliseerden (Europa, Afrika, Azië, Amerika en Oceanië), lagen de bedoelingen van De Coubertin toch net iets anders: Zelf schreef hij daarover in de augustus-editie van 1913 van het blad Olympique:
“…de zes kleuren (met de witte achtergrond) gecombineerd vertegenwoordigen op deze wijze de vlaggen van ieder land op aarde, zonder uitzondering. Het blauw en geel van Zweden, het blauw en wit van Griekenland, de driekleuren van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Duitsland, België, Italië, Hongarije plus het geel en rood van Spanje zijn vertegenwoordigd, net als de innovatieve vlaggen van Brazilië en Australië en die van het oude Japan en het moderne China. Dit is echt een internationaal symbool”
Hiermee was er een logo dat tevens op een vlag gebruikt kon worden. We mogen er vanuit gaan dat dat bij de 6e Olympiade geweest zou zijn. Deze Spelen van 1916 zouden in Berlijn plaatsvinden. Ondanks het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 gingen de voorbereidingen hiervoor gewoon door: men ging er vanuit dat de oorlog niet zo lang zou duren. Maar dit bleek te optimistisch gedacht, de oorlog sleepte zich voort tot 1918 en de 6e Olympiade werd afgelast.
Het Olympisch Stadion in Antwerpen op de openingsdag 20 april 1920, toen de Olympische vlag debuteerde (publiek domein)
Zodoende was het de 7e Olympiade (er werd dus gewoon doorgenummerd) van 20 april tot 12 september 1920 gehouden in Antwerpen, waar de Olympische vlag voor het eerst werd gehesen. (Berlijn was als organiserende stad “nicht mehr im Frage”, na de nederlaag van Duitsland in de Eerste Wereldoorlog en het land was dan ook uitgesloten van deelname in 1920, net als Oostenrijk).
Over een vlag die kwijtraakte en weer boven water kwam(Antwerpen-vlag nr.1)(1920)
De allereerste officiële Olympische vlag uit 1920, die bekend staat als de Antwerpen-vlag, bestaat nog steeds, na jarenlang spoorloos te zijn geweest. We spoelen even vooruit naar 1997: tijdens een diner georganiseerd door het Amerikaans Olympisch Comité, interviewde een journalist de toen 100-jarige Hal Haig Prieste, die in 1920 een bronzen plak voor de V.S. had gewonnen bij het platform-duiken. De journalist merkte op dat het IOC niet kon achterhalen wat er met de originele Olympische vlag van 1920 was gebeurd. “Daar kan ik je mee helpen”, was het antwoord van Prieste, “die zit in m’nkoffer”.
Links: Affiche voor de Olympische Zomerspelen 1920 in Antwerpen (publiek domein) / Rechts: Duke Kahanamoku (1890-1968) (Library of Congress / publiek domein)
Prieste vertelde vervolgens dat hij, opgehitst door een nachtelijke weddenschap met landgenoot Duke Kahanamoku*, tegen het einde van de Spelen in Antwerpen in de vlaggenmast van het stadion was geklommen en de vlag had gestolen.
*Duke Kahanamoku behaalde in 1920 twee gouden medailles: één bijhet 100 m zwemmen en de andere bij het estafette-zwemmen
Dat het IOC niet wist wat er met de vlag gebeurd was is een ietwat curieus, want dat de vlag gestolen was moet bekend zijn geweest, omdat Prieste betrapt werd door de politie tijdens zijn actie. Maar wellicht doelden ze op het feit dat ze niet wisten wat er vervólgens met de vlag gebeurde: Prieste liep sneller dan de politie en ontkwam met de vlag als zijn trofee.
Het Olympisch Stadion te Antwerpen in 1920 (publiek domein)
Met een speciale ceremonie tijdens de Olympische Spelen van 2000 in Sydney overhandigde (de toen inmiddels 103-jarige) Prieste de vlag uit 1920 aan toenmalig IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch.
De 103-jarige Hal Haig Prieste (1896-2001) met de door hem ontvreemde oervlag van de Olympische Spelen, bij de overhandiging aan IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch op 11 september 2000 te Sydney, een paar dagen voor het begin van de Zomerspelen (publiek domein)
De vlag werd vervolgens tentoongesteld in het Olympisch Museum in Lausanne in Zwitserland, maar bleef daar niet. Vanaf het begin van de ‘herontdekking’ had de stad Antwerpen ook belangstelling voor de vlag. De stad was succesvol in zijn pogingen voor een terugkeer: in 2004 keerde de vlag terug naar de Scheldestad. Vanaf 2013, toen Antwerpen Europese Sporthoofdstad was, was de vlag in de entreehal van het stadhuis te bewonderen. Vanwege de renovatie van het gebouw (vanaf 2017) is de vlag nu onderdeel van de collectie van het MAS (Museum aan de Stroom) in het noorden van de stad.
Antwerpen-vlag nr. 2(1924)
Het was de bedoeling dat de Olympische vlag van 1920 naar de volgende gaststad Parijs zou verhuizen, maar omdat de officiële vlag zoek was, moest er een nieuw exemplaar gemaakt worden. Deze tweede vlag werd eveneens Antwerpen-vlag genoemd, naar het waarom wordt nog steeds gegist: één verklaring is dat de vlag nu eenmaal debuteerde in Antwerpen, een andere is dat de nieuwe vlag in Antwerpen werd gemaakt.
Opening van de Olympische Zomerspelen 1924 in het Stade Olympique Yves-du-Manoir te Colombes, vlakbij Parijs, door de voorzitter van het Comité Olympique Français, graaf Justinien Clary (1860-1933); of de Olympische vlag, die over het spreekgestoelte is gedrapeerd, ‘dé’ nieuwe ‘Antwerpen-vlag’ is, vertelt de historie niet (publiek domein)
Hoe dan ook: dit nieuwe exemplaar wapperde in 1924 voor het eerst tijdens de openingsceremonie in het Stade Olympique Yves-du-Manoir in Colombes, een voorstad van Parijs. Deze nieuwe officiële versie zou het uithouden tot en met de Zomerspelen van 1984 in Los Angeles, waarna de vlag na 60 jaar ‘met pensioen mocht’.
Links: Affiche van de 1e editie van de Olympische Winterspelen in 1924 in Chamonix, Frankrijk, een ontwerp van Auguste Matisse (1866-1931) (publiek domein) / Rechts: Officiële Olympische eedaflegging door de vertegenwoordigers van de 16 deelnemende landen aan de Winterspelen van 1924 in Chamonix (publiek domein)
1924 was tevens het debuut van de Olympische Winterspelen die tot en met 1992 in hetzelfde jaar als de Zomerspelen werden gehouden, toen er besloten werd ze los te koppelen, zodat de Winterspelen in de andere even jaren dan die van de Zomerspelen plaatsvinden (zie ook verderop).
Seoul-vlag(1988)en Rio de Janeiro-vlag (2016)
Voor de 24e Olympiade in 1988 in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul kwam er dus een nieuwe vlag, die dan ook bekend staat als de Seoul-vlag. Ze deed 24 jaar dienst, tot en met de 30e Olympiade in Londen in 2012.
De vlag die nu in gebruik is (met franje langs de randen) debuteerde tijdens de Zomerspelen van 2016 in Rio De Janeiro in Brazilië, maar werd aan het einde van de Zomerspelen in Londen in 2012 al overhandigd aan burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro.
12 augustus 2012: tijdens de sluitingsceremonie van de Zomerspelen in Londen ontvangt burgemeester Eduardo Paes van Rio de Janeiro, Brazilië, de nieuwe officiële Olympische vlag, compleet met franje langs de randen (screenshot)
Deze vlag is nu te bewonderen in het stadhuis van Tokio, het Tōkyō-to Chōsha.
Vlaggen Winterspelen
Zoals boven vermeld, werden de Olympische Winterspelen voor het eerst gehouden in 1924 en wel in Chamonix, Frankrijk. Tot 1952 werden voor de Winterspelen geen speciale vlaggen vervaardigd.
Links: Logo van de Olympische Winterspelen van 1952 in Oslo, Noorwegen (publiek domein) / Rechts: De Oslo-vlag (publiek domein)
Bij die Spelen, gehouden in en rond de Noorse hoofdstad Oslo, kreeg voorzitter van het IOC, Sigfrid Edström, uit handen van burgemeester Brynjulf Bull, een Olympische vlag overhandigd, die net als bij de Zomerspelen overgedragen zou worden aan de volgende organiserende stad.
Aldus geschiedde, maar daar moet wel bij aangetekend worden dat de vlag alleen gebruikt werd bij de openingsceremonies. Normaliter was de vlag opgeborgen in een vitrine met daarbij de namen van alle gaststeden op bronzen plaquettes. Voor de sluitingsplechtigheden werd een replica gebruikt. In 2014 werd de Oslo-vlag met pensioen gestuurd.
IOC-voorzitter Thomas Bach overhandigt de (nieuwe) officiële vlag van de Winterspelen aan burgemeester Chen Jining van de Chinese hoofdstad Beijing, waar de editie van 2022 zal plaatsvinden (sluitingsceremonie van de Winterspelen 2018 in PyeongChang, Zuid-Korea, op 25 februari 2018 / screenshot)
In 2018, bij de Winterspelen in het Zuid-Koreaanse PyeongChang, bood de stad het IOC een nieuwe officiële vlag aan. Na de Winterspelen 2022 in Beijing is de vlag inmiddels doorgegeven aan de Italiaanse stad Milaan, waar de Winterspelen van 2026 zullen plaatsvinden (een deel van de wedstrijden vindt plaats in Cortina d’Ampezzo).
Olympische Jeugdspelen
Sinds 2010 zijn er ook Olympische Jeugdspelen voor 14- tot 18-jarigen. Deze Spelen (zowel Zomer- als Winterspelen) worden ook iedere vier jaar gehouden, maar precies omgekeerd als de ‘volwassen’ Spelen: de Zomer Jeugdspelen vinden dus plaats in het zelfde jaar als de Olympische Winterspelen en de Winter Jeugdspelen in het jaar van de Olympische Zomerspelen.
Logo van de Olympische Jeugdspelen
De eerste zomer-editie vond plaats in Singapore van 14 tot 26 augustus 2010. Eén dag voor de opening overhandigde IOC-voorzitter Jacques Rogge de officiële vlag voor de Jeugdspelen aan premier Lee Hsien Loong van Singapore.
Hoewel her en der vermeld wordt dat deze Olympische vlag naast de ringen ook de naam van de gaststad en het jaar van de Spelen laat zien, is daar op foto’s niets van waar te nemen! En dat zou ook vreemd zijn, want ook deze vlag is een doorgeef-vlag. In 2014 waren de Zomer Jeugdspelen in Nanjing (China) en in 2018 in Buenos Aires (Argentinië).
Links: Logo van de Olympische Zomer Jeugdspelen van 2018 in Buenos Aires, Argentinië (publiek domein) / Rechts: Voorlopig logo van de uitgestelde Olympische Zomer Jeugdspelen van 2026 in Dakar, Senegal (publiek domein)
De editie 2022 kwam wegens de coronapandemie te vervallen en werd vooruit geschoven naar november 2026 en wordt gehouden in Dakar (Senegal).
Logo van de Winter Jeugdspelen 2024 die in januari/februari dit jaar in Gangwon (Zuid-Korea) werden gehouden
De eerste Winter Jeugdspelen werden gehouden van 13 tot 22 januari 2012 in Innsbruck (Oostenrijk). De 2016 en 2020 edities waren in respectievelijk Lillehammer (Noorwegen) en Lausanne (Zwitserland). In 2024 werd het evenement in de provincie Gangwon (Zuid-Korea) gehouden.
Een heel verhaal! Maar hebben we nu alles gehad? Nee, want een goeie twee weken na de sluiting van de Olympische Zomerspelen beginnen de Paralympische Spelen 2024, eveneens in Parijs.
Paralympische vlag
Over de vlag en het logo van de Paralympische Spelen is heel wat te vertellen en dat gaat dan ook gebeuren! Woensdag 28 augustus gaat dit sportevenement van start: dan wordt de Paralympische vlag niet alleen in Parijs gehesen, maar ook bij Vlagblog en kunt u alles lezen over deze andere Olympische vlag.
Zeeuws-Vlaanderen viert feest. Vanaf 20 juli 1814 wordt het landsdeel als Zeeuws aangemerkt, na een paar maanden onderdeel te zijn geweest van de provincie Noord-Brabant. Voor die tijd heette het Staats-Vlaanderen en was een zogenaamd generaliteitsland.
De generaliteitslanden waren gebieden die tijdens en na de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) op de Spanjaarden waren veroverd. Ze werden wel bestuurd door de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, maar dienden als een soort bufferzones tussen de Republiek en de Spaanse (en later) Oostenrijkse Nederlanden.
Op deze kaart: een deel van de generaliteitslanden in lichtgroen
Het waren geen aaneengesloten gebieden. Het grootste generaliteitsland was Staats-Brabant (ruwweg het gebied van de huidige provincie Noord-Brabant). Het tegenwoordige Zeeuws-Vlaanderen was ook zo’n gebied. De gebieden werden rechtstreeks bestuurd door de Raad van State. Bijna alle generaliteitslanden waren rooms-katholiek en werden financieel met harde hand bestuurd, door het heffen van hoge belastingen.
In 1794 wordt Staats-Vlaanderen door de Fransen veroverd. In eerste instantie wordt het gebied bij Oost-Vlaanderen ingedeeld, maar vanaf 1795 wordt het onderdeel van Frankrijk, onder de naam Département de l’Escaut (Scheldedepartement), subdivisie Arrondissement de Sas-de-Gand.
Kaart van het Franse Département de l’Escaut, waarvan het noorden gevormd wordt door het huidige Zeeuws-Vlaanderen, kaart uit 1806 van L’Abbé Delaporte
De Republiek werd ook door de Fransen veroverd, maar gold de eerste jaren als apart gebied: van 1795 tot 1806 als Bataafse Republiek, van 1806 tot 1810 onder de naam Koninkrijk Holland, met als koning Napoleon’s broer Lodewijk Napoleon. Van 1810-1813 wordt het koninkrijk bij het Franse keizerrijk ingelijfd.
Het Koninkrijk Holland in 1807, nog zonder Zeeuws-Vlaanderen (en zonder Limburg, maar mét Oost-Friesland)
Als koning Willem I van Oranje-Nassau (de zoon van de laatste stadhouder Willem V) na de Franse bezetting onder Napoleon in 1813 is teruggekeerd in Nederland, tekent hij op 20 juli 1814 het ‘besluit houdende de vereeniging van Staats-Vlaanderen met de provincie van Zeeland’, nadat hij kort daarvoor, op een boottocht van Antwerpen naar Vlissingen, ervan overtuigd was geraakt dat Zeeuws-Vlaanderen geografisch gezien beter bij Zeeland dan bij Noord-Brabant paste. Vanaf dat moment is het gebied dus Zeeuws.
Zeeuws-Vlaanderen op een schoolkaart uit 1962
De vlag
Vlag van Zeeuws-Vlaanderen (2009-heden)
De Zeeuws-Vlaamse vlag bestaat sinds 2009. Dingeman de Koning uit Axel ontwierp hem volgens heraldische regels.
Dingeman de Koning, ontwerper van de vlag (screenshot)
De bovenste rode strepen komen uit wapen en vlag van Sluis, de onderste blauwe strepen uit die van Terneuzen en stellen de Noordzee, de Westerschelde en het Zwin voor.
De vlaggen van Sluis (2003), Terneuzen (2003) en Hulst (1956)
De gele baan met Leeuw herinnert aan de vlag van Hulst en aan die van Vlaanderen, waarin ook een zwarte leeuw is afgebeeld. Zeeuws-Vlaanderen voelt zich verbonden met Nederland, en dat wordt uitgedrukt met de kleuren rood-wit-blauw. De verbondenheid met Vlaanderen komt terug door de kleuren zwart-geel-rood.
De vlaggen van Vlaanderen, Nederland en België
Dat juist symbolen van Sluis, Terneuzen en Hulst zijn gekozen, kwam niet alleen goed uit om die verbondenheid weer te geven, maar tevens omdat deze drie steden de naamgevers zijn van de huidige drie gemeentes waaruit Zeeuws-Vlaanderen bestaat.
In het oorspronkelijke ontwerp stond de Leeuw in het midden van de vlag, maar de Hoge Raad van Adel gaf als tip mee het dier iets meer naar de broekings- of mastzijde te plaatsen. Als het niet al te hard waait, is dit het vlaggedeelte wat als eerste zichtbaar is bij een zuchtje wind.
Het gedachtengoed van de vlag werd tot nog toe bewaard en bewaakt door de Stichting De Zeeuws-Vlaamse vlag, maar vanaf 21 juli 2020, werd vanwege de vergevorderde leeftijd van de bestuurders, de zetel overgedragen aan de Stichting Cultureel Erfgoed Het Warenhuis (het stadsmuseum) te Axel.
De Franse nationale feestdag is één van de bekendere nationale feestdagen, zeker ook voor Nederlanders, waarvan er een groot aantal dan inmiddels de vakantie doorbrengt in Frankrijk en de festiviteiten vaak zelf kan meevieren.
14 juli 1789 was de dag waarop de Bastille in Parijs werd bestormd door een ontevreden bevolking, die het absolutistische koningschap met zijn extravagantie zat was. De economische crisis en stijgende graanprijzen droegen bij aan het creëren van een broeierige en revolutionaire sfeer.
Links: Bestorming van de Bastille op 14 juli 1789 / Rechts: ‘La liberté guidant la peuple’, schilderij uit 1830 van Eugène Delacroix (1798-1863), te zien in het Louvre te Parijs
In de dagen die eraan vooraf gingen werden door een inderhaast gevormde militie, de Nationale Garde, wapenhandels geplunderd, plus het wapendepôt van het Hôtel des Invalides (het onderkomen van oud-soldaten). Toen men daar niet het gewenste buskruit vond, werd besloten de Bastille-gevangenis te bestormen, die daarvoor als opslagplaats diende.
In eerste instantie werd er onderhandeld met de gouverneur van de Bastille, maar nadat zijn voorwaarden als onacceptabel werden beschouwd, capituleerde de gouverneur, zette de poorten open en de gewapende menigte stormde naar binnen. De toon was gezet.
Het betekende nog niet de afschaffing van de monarchie, maar wel een introductie van een grondwet en afschaffing van het feodale systeem. Drieënhalf jaar later, in 1793, viel het doek voor het Franse koningshuis alsnog, toen Lodewijk XVI op het schavot belandde.
Executie van koning Lodewijk XVI, 21 januari 1793, op het Place de la Révolution (sinds 1795 Place de la Concorde)
Screenshots van de militaire parade in Parijs
President Macron in een open voertuig op weg naar de eretribuneDe president komt aan, de troepen staan in het gelidDe president luistert naar La Marseillaise, het Franse volkslied, hij wordt geflankeerd door zijn minister van Defensie Sébastien Lecornu (links) en zijn premier Gabriel Attal (rechts)President Macron inspecteert de troepen op de Avenue FochDe eretribune met de president en zijn vrouw Brigitte in het middenNaast Franse militairen zijn er ook afvaardigingen uit andere landen, zoals België (links) en Australië (rechts)……Griekenland (wit kruis op blauw veld) en Ivoorkust (rechts)Ook afvaardigingen van Noorwegen, Nederland en Polen zijn van de partijHet militaire défilé is een vaste waarde op de Quatorze Juillet,,,…en wordt al gehouden sinds 1880De kenmerkende kepie (képi) is in het Franse leger alomtegenwoordigFranse zeekadettenEen toegevoegd element dit jaar was de aankomst van de Olympische vlam in Parijs……de Olympische Zomerspelen zullen hier op 26 juli beginnenMilitaire sporters vormen de Olympische ringenKolonel Thibault Vallette, gouden medaillewinnaar eventing bij de Olympische Spelen van Rio de Janeiro in 2016. geeft de vlam over aan een van de sportersZoals te doen gebruikelijk was er ook een fly-past met de kleuren van de Franse vlag, de Tricolore
De vlag
De vlag van Frankrijk, de Tricolore (1794-heden), in twee tinten
De Franse vlag, de Tricolore geheten, vond haar oorsprong in diezelfde Franse Revolutie en werd voor het eerst officieel op 20 mei 1794 gehesen (waardoor de koninklijke vlag van het Huis Bourbon het veld ruimde). De vlag is een verticale driekleur.
De Bourbon-vlag, met prominent 3 fleurs-de-lis in het wapen, maar het witte veld is ook bezaaid met fleurs-de-lis; de twee ordeketenen zijn die van de Ordre de Saint Michel en de Ordre de Saint Louis
Vanaf 1794 zijn de kleuren blauw, wit en rood (daarvoor was dat rood, wit en blauw).
Hoewel sommigen historici menen dat de kleuren gebaseerd zijn op die van de Nederlandse vlag (eveneens een van oorsprong revolutionaire vlag), lijkt dat niet heel waarschijnlijk. Over het algemeen wordt aangenomen dat de kleuren rood en blauw ontleend zijn aan de kleuren van het wapen van Parijs en het wit van de koninklijke vlag van de Bourbons.
Het wapen van Parijs, het motto ‘Fluctuat net mergitur’ betekent zoveel als ‘Het schommelt op de golven maar gaat niet onder’.
In de aanloop naar 1794 kende de vlag, behalve de omgekeerde kleurenvolgorde, nog andere verschijningsvormen, met zowel horizontale als diagonale banen. Vanaf 1794 dus met verticale banen, wat in de vlaggenwereld toen een noviteit was en wat later door vele andere landen in allerlei kleurenvariaties werd overgenomen.
Kleuren
De Franse vlag heeft twee verschijningsvormen: een donkere en een heldere variant. Traditioneel gezien was de donkere versie (met een diep donkerblauw en iets donkerder rood) de gebruikelijke verschijningsvorm. De versie die tegenwoordig gebruikelijker is, werd in 1974 geïntroduceerd door president Valéry Giscard d’Estaing, met helder blauw en rood. Vanaf dat jaar waren er twee versies in gebruik, waarbij gemeentehuizen en kazernes doorgaans de donkere versie aanhielden.
De Tricolore in twee verschillende tinten
Op 13 juli 2020 introduceerde president Emmanuel Macron zonder enige vooraankondiging de donkere variant voor het presidentiële Élysée-paleis.
De Tricolore in donkere variant bij het Élysée-paleis (fotograaf onbekend)
Het leidde in de Franse pers tot een discussie van voor- en tegenstanders van de donkere versie, maar aangezien de president geen enkel ander instituut de donkere kleuren opdrong, verstomde de kritiek al snel, bovendien bestonden beide varianten al jaren naast elkaar.
De Soevereiniteitsdag herdenkt dat op 13 juli 1878 het Congres van Berlijn Montenegro als onafhankelijk land erkende. Dat Congres was een bijeenkomst van de zes grootste staten van dat moment, Rusland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Oostenrijk-Hongarije, Italië en Duitsland. Ook uitgenodigd werden het Ottomaanse Rijk en vier Balkanstaten: Griekenland, Servië, Roemenië en Montenegro. De bedoeling van de bijeenkomst, die een maand duurde, was vast te stellen welke staat zich een staat mocht noemen, na de Russisch-Turkse oorlog van 1877-1878.
Berliner Kongress, schilderij van Anton von Werner (1843-1915), de prominente groep van drie rechtsvoor bestaat uit v.l.n.r.: Gyula Andrássy (minister van Buitenlandse Zaken van Oostenrijk-Hongarije), Otto von Bismarck (rijkskanselier van Duitsland) en Pyotr Shuvalov (ambassadeur voor Rusland in het Verenigd Koninkrijk). De drie mannen uiterst links zijn: Alajos Károlyi (ambassadeur voor Oostenrijk-Hongarije in het Verenigd Koninkrijk), Alexander Gorchakov (minister van Buitenlandse Zaken van Rusland) en Benjamin Disraeli (premier van het Verenigd Koninkrijk)
Sommige landen hadden weinig in te brengen, zoals het Ottomaanse Rijk, de Turken werden gedwongen flinke delen van hun grondgebied af te staan. Macedonië mochten ze houden, maar landen als Roemenië, Servië en dus ook Montenegro werden onafhankelijke staten. Het Verenigd Koninkrijk werd het toegestaan Cyprus te bezetten.
Tevens herdenkt deze dag dat de Montenegrijnen in 1941 een opstand organiseerden tegen het Nazi-regime en de zijde kozen van de communistische partizanenbeweging.
De vlag
Vlag van Montenegro (2004-heden)
De vlag is aangenomen op 13 juli 2004 en in de grondwet opgenomen op 22 oktober 2007. Hij is oranjerood, geheel goud omrand. In het midden van de vlag is het staatswapen afgebeeld.
Het staatswapen stamt uit de 19e eeuw, toen Montenegro een prins-bisdom was onder de Petrović-Njegoš-dynastie. Dit Huis had nauwe familiale en politieke banden met het Russische Keizerrijk en dat het wapen Russische trekjes vertoont, is dus niet zo vreemd. Net als in Rusland zien we een twee-koppige gekroonde adelaar, met in zijn klauwen een scepter en een rijksappel. De ‘dubbelkoppigheid’ van de adelaar geeft oorspronkelijk de autoriteit aan van de monarch over kerk en staat.
Links: wapen van het prins-bisdom Montenegro onder de Petrović-Njegoš-dynastie / Rechts: het wapen van Montenegro (2004-heden)
Midden op de adelaar is een schild geplaatst met daarop een zogenaamde lion passant, een wandelende leeuw. Waarschijnlijk is deze leeuw afkomstig van het wapen van de Republiek Venetië. De stadstaat had hier tijdens zijn hoogtijdagen veel invloed.
Montenegro schafte officieel in 1918 het Huis Petrović-Njegoš af en het feit dat het vorstelijke wapen in 2004 op de vlag geplaatst werd, viel niet bij iedereen in goede aarde. Het bleek echter een schot in de roos bij het grootste deel van de bevolking en het wapen kom je tegenwoordig overal tegen in het land.
Presidentiële vlaggen
Montenegro heeft niet één, maar twee presidentiële vlaggen, althans op papier, enig fotografisch bewijs voor het gebruik ervan is vooralsnog onvindbaar.
Presidentiële vlaggen van Montenegro
Het gaat om twee identieke vierkante vlaggen met het wapen van Montenegro en een sierrand. De rode versie is bedoeld voor gebruik aan land en de blauwe voor op zee.
Marinevlag
Daarnaast is er ook een aparte marinevlag in gebruik sinds 22 juli 2010 en die heeft de nogal afwijkende maatvoering van 2:5.
Marinevlag van Montenegro (2010-heden)
Ze is blauw met de vlag van Montenegro in het kanton en een anker in wit op de vlucht, door drie (eveneens witte) golven doorsneden.
Hier zien we de marinevlag in actie aan boord van het fregat Kotor P-33, hier voor anker in de grootste havenstad Bar (foto: Darko Vojinovic)
11 juli is sinds 1973 de Vlaamse feestdag. De datum grijpt terug op 11 juli 1302, naar de bij Kortrijk uitgevochten Guldensporenslag tussen Vlamingen en het koninklijke Franse ridderleger. Frankrijk was sinds 1294 in oorlog met Engeland en de Vlamingen hadden de kant van de Engelsen gekozen.
België heden ten dage – Vlaanderen in groen / Wallonië in blauw en rood (blauw: Franstalig/rood: Duitstalig) / Brussel in geel (tweetalig: Nederlands en Frans)
De Fransen namen dit niet, vielen Vlaanderen binnen en veroverden de Vlaamse steden. Vervolgens werd er een Franse landvoogd aangesteld en fikse belastingen geheven. Het volk en de ambachtslieden werden hier de dupe van. De adel bleef belastingtechnisch grotendeels buiten schot. De ambachtslieden en boeren namen dit niet langer en kwamen in opstand, uiteindelijk geholpen door enkele stedelijke milities en ridders.
V.l.n.r.: Robert II van Artois (Artesië) (1250-1302) en zijn wapen, Willem van Gulik (1275-1304) en zijn wapen
De Vlaamse troepen werden aangevoerd door o.a. Willem van Gulik, Gwijde van Namen, Jan van Renesse (een Zeeuwse edelman) en Jan Borluut, alles bij elkaar zo’n 9.000 man. De Fransen, die een revolte uiteraard niet tolereerden, kwamen op de proppen met een ridderleger van 8.500 man, o.l.v. Robert II van Artois (Artesië).
Links: Voetsoldaten verslaan ridders in de Guldensporenslag (uit de Grandes Chroniques de France, 13e-15e eeuw) / Rechts: enkele Vlaamse manschappen
Het zou te ver voeren hier de slag te beschrijven, maar in de korte versie komt het er op neer dat de Fransen in de pan werden gehakt bij Kortrijk. Robert van Artois sneuvelde nadat hij van zijn paard werd geslagen en een dreun kreeg met een goedendag. Dit kwam het moreel natuurlijk niet ten goede.
Volgens de overlevering werden er daarna op het slagveld zo’n 500 vergulde sporen, afkomstig van de ridders, verzameld.
Gulden spore(publiek domein)
In de loop van de 19e eeuw nam de Vlaamse bewustwording toe. Belangrijk daarbij was het boek ‘De leeuw van Vlaanderen’ van Hendrik Conscience, uit 1838. Daarin wordt de Guldensporenslag nog eens glorieus opgevoerd.
De vlag van Vlaanderen werd, net als de feestdag geïntroduceerd in 1973 als vlag van de Raad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap en vanaf 1985 als vlag van de Vlaamse Gemeenschap. Het oude wapen van het graafschap Vlaanderen diende als logisch voorbeeld en gaat in ieder geval terug tot de 13e eeuw. De vlag wordt officieel beschreven als ‘Geel met een zwarte leeuw, rood geklauwd en getongd’. De vlag wordt ook wel aangeduid als De Vlaamse Leeuw. Door de eeuwen heen heeft de leeuw ontelbare gedaanteverwisselingen gehad, de afbeelding die nu op de vlag staat is gebaseerd op die uit een wapenboek van rond 1560-1570.
Vlag van de Vlaamse Beweging
Vlag van de Vlaamse Beweging
Ook de sterk nationalistische Vlaamse Beweging bedient zich van deze vlag, maar wel met enige verschillen: zo is de leeuw gestileerder, mist hij de detaillering in zijn vacht en zijn klauwen en tong zwart in plaats van rood. De vlag is niet-officieel en controversieel.
De Seychellen bestaan uit 115 eilanden en vormen tezamen een archipel, maar tevens een eilandstaat, ten oosten van Afrika gelegen. Minder dan eenderde van de eilanden is bewoond door ruim 100.000 inwoners, waarvan 90% op het hoofdeiland Mahé, daarvan 30% in de hoofdstad Victoria. Toerisme is de belangrijkste inkomstenbron.
Strand van Anse Source d’Argent op het eiland La Digue (foto: Tobias Alt, 2008 / publiek domein)
In de Seychellen wordt zowel Engels als Frans gesproken, maar ook het op het Frans gebaseerde Seychellencreools (ook bekend onder de namen Kreol en Seselwa). De Seychellen vieren vandaag 48 jaar onafhankelijkheid.
De Seychellen werden ‘ontdekt’ door de 4e Portugese India Armada onder bevel van zeevaarder Vasco da Gama op 15 maart 1503. Het was de chroniqueur/klerk Thomé Lopes aan boord van de Rui Mendes de Brito die de archipel voor het eerst in het vizier kreeg.
De 4e Portugese India Armada (1502-1503) onder bevel van Vasco da Gama, afgebeeld in het Livro de Lisuarte de Abreu (Collectie Morgan Museum, New York)
De Portugezen landden er niet, maar brachten wel zeven eilanden in kaart en noemden ze As Sete Irmãs(De Zeven Zusters).
Op een uitsnede van een Spaanstalige kaart zien we ‘De zeven zusters’ (‘As Sete Irmãs’) afgebeeld als ‘Las Siete Hermanas’ (publiek domein)
Veel belangstelling voor de eilanden was er kennelijk niet, want het duurde tot januari 1609 tot de eilanden voor het eerst bezocht werden door de opvarenden van het Britse schip Ascension onder bevel van kapitein Alexander Sharpeigh, tijdens de vierde reis van handelsmaatschappij de East India Company. Maar ook de Britten lieten de toen nog onbewoonde eilanden verder met rust.
Links: Bertrand-François Mahé de la Bourdonnais (1699-1753), olieverfschilderij door Antoine Graincourt (1748-1823) (Collectie Musée de la Compagnie des Indes, Port Louis) / Rechts: Herinneringsbord bij Baie Lazare (op het eiland Mahé), waar kapitein Lazare Picault (±1700-1748) voor het eerst aan land ging (fotograaf onbekend)
Uiteindelijk was het de strategische ligging van de archipel ten opzichte van India die de Fransen deed inzien dat dit gebied interessant kon zijn. In 1735 werd op er op Île de France (het tegenwoordige Mauritius) een Franse gouverneur aangesteld: Bertrand-François Mahé de La Bourdonnais. Als officier van de marine was het tevens zijn taak de zeeroute naar India veilig te stellen. In 1742 stuurde hij een expeditie op pad onder commando van Lazare Picault om de archipel, die we nu onder de naam Seychellen kennen, in kaart te brengen. Tijdens deze tocht werd op 21 november 1742 het huidige hoofdeiland Mahé ontdekt (dat dus vernoemd werd naar Picault’s opdrachtgever). De archipel als geheel werd vernoemd naar Jean Moreau de Séchelles, een Frans topambtenaar en politicus.
Luchtopname van Mahé (fotograaf onbekend)
In 1770, kreeg de Franse reder Henri Charles François Brayer du Barre toestemming van de autoriteiten in Île de France om een post op de archipel op te zetten. Het was op maandag 27 augustus 1770 dat het schip de Thélémaque onder bevel van kapitein Leblanc Lécore en zijn tweede kapitein Faucin de Courcelle, 28 personen op het eiland Sainte Anne zette: vijftien blanke mannen, zeven zwarte slaven uit Afrika, vijf Indiërs (eveneens slaven) en een zwarte slavin om daar een gemeenschap te starten. In de jaren daarna werden er grote aantallen creoolse slaven vanuit Île de France (Mauritius) naar de archipel gestuurd: de voorouders van de huidige bevolking.
Postzegelblokje uit 2020 van ieder 12 roepies waarop de landing van de eerste kolonisten op Sainte Anne in 1770 is afgebeeld (Seychelles Postal Services)
Tijdens de Eerste Coalitieoorlog (1792-1797), een militair conflict tussen het revolutionaire Frankrijk en een bondgenootschap van Oostenrijk, Pruisen, De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, Groot-Brittannië, Spanje, Portugal, Napels-Sicilië en Piëmont-Sardinië, waren er aan de lopende band conflicten tussen de verschillende partijen. In Frankrijk zelf ging de monarchie ten onder en deed de republiek zijn intrede. Ook buiten Europa zelf leidde dat tot botsingen, zoals in de verschillende koloniale rijken.
Links: Jean-Baptiste Quéau de Quincy (1748-1827), door een onbekende schilder (publiek domein) / Rechts: Liberated Slave Monument van Egbert Marday (1953) uit 2021 bij de Mission Lodge van Sans Souci: het toont twee bevrijde schoolkinderen met hun onderwijzer (fotograaf onbekend)
Op 16 mei 1794 arriveerde het Britse fregat Orpheus onder bevel van kapitein Henry Newcome bij Mahé, gevolgd door de Centurion en de Resistance. Zonder strijd te leveren gaf de Franse kolonie, o.l.v. Jean-Baptiste Quéau de Quincy, zich over aan de Britten. Hoewel nu Brits, bleef het hele Franse systeem in stand, zelfs Quéau de Quincy bleef op Mahé in de rol van vredesrechter. Slavernij werd afgeschaft in 1835. De kolonie werd eerst vanuit Mauritius bestuurd, maar in 1903 werd de archipel een aparte kroonkolonie.
Een ansichtkaart van Port Victoria (tegenwoordig Victoria) op het eiland Mahé uit 1903, het jaar dat de Seychellen een kroonkolonie werden, de postzegel toont het portret van koning Edward VII (publiek domein)
Na de Tweede Wereldoorlog begon de opmaat naar onafhankelijkheid. In 1948 werd de Vakbond voor Belastingbetalers en Producenten opgericht. Twee politieke partijen kwamen uit deze vakbond voort: de Seychelles Democratic Party (SDP) en de Seychelles People’s United Party(SPUP). Beide partijen streefden naar onafhankelijkheid, bij de verkiezingen van 1974 was het zelfs een speerpunt. Dit leidde tot onderhandelingen met de Britse autoriteiten. Het resulteerde in zelfbestuur in 1975 en één jaar later tot volledige onafhankelijkheid. Op 29 juni 1976 werden de Seychellen een republiek binnen het Gemenebest.
Onafhankelijkheidsdag 1976: President James Mancham en premier France-Albert René zij aan zij, één jaar later zou René een coup plegen en zelf president worden (fotograaf onbekend)
James Mancham van de pro-Britse SDP werd president en France-Albert René van de sociaaldemocratische SPUP werd premier. Eén jaar later, op 4 en 5 juni 1977, werd er een coup gepleegd door zes aanhangers van premier René, waarna president Mancham (die op dat moment in het buitenland bij een conferentie was), naar het Verenigd Koninkrijk vluchtte.
Links: James Mancham (1939-2017), eerste president van de Seychellen (foto uit 2014, Seychelles News Agency / publiek domein) / Rechts: France-Albert René (1935-2019), eerste premier en tweede president van de Seychellen (foto van Joe Laurence uit 2014, Seychelles News Agency / publiek domein)
France-Albert René volgde hem op als president. De SPUP werd in 1978 met enkele kleine partijen omgevormd tot het Front Progressiste du Peuple Seychellois (FPPS) en werd de enige toegestane partij van de archipel. Hoewel autoritair, was het bewind van president René zeker geen dictatuur en ging de levensstandaard van de inwoners vooruit. Vanaf 1991 werd het éénpartijstelsel weer afgeschaft en keerde de SDP terug, net als ex-president Mancham.
Links: James Alix Michel (1944), derde president van de Seychellen (foto van Amanda Lucidon uit 2014, White House / publiek domein) / Midden: Danny Faure (1962), vierde president van de Seychellen (foto uit 2018, State House Seychelles / publiek domein) / Rechts: Wavel Ramkalawan (1961), vijfde en huidige president van de Seychellen (foto uit 2020, State House Seychelles / publiek domein)
De sociaaldemocratische René trad af in april 2004, partijgenoot James Alix Michel volgde hem op. Een andere partijgenoot, Danny Faure, volgde in 2016. In 2020 echter slaagde de oppositie er voor het eerst in de sociaaldemocraten te verslaan, waarna priester Wavel Ramkalawan de vijfde president van de Seychellen werd.
Viering
Onafhankelijkheidsdag wordt in de hoofdstad Victoria altijd gevierd met een populaire parade, die altijd veel bekijks trekt. Het begint heel officieel met militairen, de president, buitenlandse staatshoofden en het volkslied, maar daarna komen afvaardigingen van eilanden, dorpen, scholen, verenigingen met soms praalwagens aan toe, al met al een vrolijke boel!
Onder het verhaal van de vlag enkele screenshots van de parade van 2023
De vlag
Vlag van de Seychellen (1996-heden)
De vlag van de Seychellen werd ingevoerd op 8 januari 1996, is zeer herkenbaar en zal niet snel verward worden met een andere.
Vanuit één punt van de onderkant van de broeking (mastzijde) divergeren vijf banen in de kleuren donkerblauw, geel, rood, wit en groen. Hoewel de Seychellen pas sinds 1976 onafhankelijk zijn, is dit inmiddels de derde vlag van het land. Met de terugkeer van de democratie in de jaren negentig was het nodig om de tweede vlag, die gebaseerd was op de partijvlag van de SPUP, te vervangen.
Philip Uzice(1968), ontwerper van de vlag van de Seychellen (fotograaf onbekend)
Ontwerper van de vlag is Philip Uzice, die de kleuren van de twee belangrijkste politieke partijen bij elkaar bracht: het rood-wit-groen-geel van de SPUP en het blauw-wit van de SDP.
Volgens Uzice staan de verschillende kleuren voor de lucht en de zee (blauw), de zon die licht en leven geeft (geel), vooruitgang (rood), vrede en harmonie (wit) en het land en de natuurlijke omgeving (groen).
Eerdere vlaggen van de onafhankelijke Seychellen
Zoals gezegd gingen sinds de onafhankelijkheid twee vlaggen de huidige voor. Nummer één zien we hieronder:
Vlag van de Seychellen (1976-1977)
Deze vlag bestaat uit een wit andreaskruis, waarbij de twee driehoeken aan de broeking (mastzijde) en aan de vlucht rood zijn, terwijl de overige twee driehoeken blauw zijn. De kleuren zijn afkomstig van de politieke partijen SDP (blauw en wit), de SPUP (rood en wit) en tevens van de blauw-wit-rode vlaggen van de voormalige kolonisators Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.
Na de coup van 1977 werd de vlag vervangen door de hieronder afgebeelde:
Vlag van de Seychellen (1977-1996)
De tweede vlag was horizontaal verdeeld in een rood en groen vlak, van elkaar gescheiden door een golvende balk in wit. Het rode vlak was een keer zo breed als het groene. Ook deze vlag was. weer gebaseerd op de kleuren van een politieke partij, in dit geval de socialistische SPUP, die het nu alleen voor het zeggen had. Hoeveel de vlag op die van de partijvlag leek zien we hieronder:
De partijvlag van de Seychelles People’s United Party (SPUP)
Het enige verschil is de gele zon die gedeeltelijk boven die golvende baan is afgebeeld. De partij veranderde overigens driemaal van naam: in 1978 werd het met enkele kleine partijen omgevormd tot het Front Progressiste du Peuple Seychellois (FPPS), in 2009 werd het People’s Party (PP) en in november 2018 United Seychelles (US), de naam die nu in gebruik is.
De koloniale vlaggen
In de tijd als kroonkolonie hadden de Seychellen twee vlaggen: de eerste in 1903 en de tweede in 1961. Beide waren zogenaamde Britse blue ensigns(blauwe vaandels), met de Britse Union Flag of Union Jack in het kanton en een badge op het uitwaaiende gedeelte.
Eerste vlag van de Seychellen als kroonkolonie (1903-1961)
De vlag uit 1903 zien we hierboven, de badge werd ontworpen door generaal-majoor Charles George Gordon. Prominent zien we een van de zes palmboomsoorten die alleen op de Seychellen voorkomen: de coco de mer (creools: koko-d-mer)(Lodoicea maldivica), alsmede een seychellenreuzenschildpad (Aldabrachelys gigentea). Het Latijnse motto op een witte banderol onderin luidt Finis coronat opus (Het einde bekroont het werk).
Links: Charles George Gordon (1833-1885) (foto: Geruzet Frères, Collectie Harvard Art Museum / publiek domein) / Rechts: Seychellenreuzenschildpad (Aldabrachelys gigentea) (Yotcmdr / publiek domein)
Gordon was eind 19e eeuw gestationeerd op Mauritius, waarvandaan de Seychellen bestuurd werden. Hij was een groot voorstander van het ‘loskoppelen’ van de archipel als een separate kroonkolonie, hij was zeer onder de indruk van het natuurschoon van de eilanden. Interessant is dat hij reeds in 1881 een voorschot nam op die aparte status door een vlag voor de Seychellen te ontwerpen die, zoals we nu weten, nooit is ingevoerd. Hieronder zien we deze handgetekende vlag.
Ontwerp van uit augustus 1881 Charles George Gordon voor een vlag van de Seychellen: een Britse Union Jack of Union Flag met daaroverheen in een grote cirkel (een mega-badge?) een reuzenschildpad, een coco de mer waaromheen een slang kronkelt en het Latijnse motto Festina lente (Haast U langzaam) (blogs.kcl.ac.uk)
Het vlagontwerp van Gordon uit 1903 werd echter wél ingevoerd en ging uiteindelijk 58 jaar mee. In 1961 werd de vlag geüpdatet met een ovalen badge ontworpen door de Canadese Patricia McEwen en die zien we hieronder:
Tweede vlag van de Seychellen als kroonkolonie (1961-1976)
De badge is gevat in een sierrand met bovenaan de naam van de kroonkolonie en onderin het gehandhaafde motto Finis coronat opus. De reuzenschildpad kreeg een prominentere plek, daarachter een coco de mer. Curieus genoeg lijken die twee elementen toevalligerwijs veel op het nooit uitgevoerde ontwerp van Charles George Gordon uit 1881. Nieuw echter waren een vissersboot en een hoog uit de oceaan oprijzend eiland.
Coco de mer-palmbomen (fotograaf onbekend)
Screenshots van de Independence Day Parade 2023
Het centrum van Victoria tijdens Independence Day 2023 met nog net zichtbaar de witte punten van het Bicentennial Monument uit 1978 op de rotonde, onder de vlag is Independence Avenue, waar de parade altijd plaatsvindtMilitairen staan aangetreden naast een heel nest van Seychellen-vlaggetjesPresident Wavel Ramkalawan tijdens het spelen van het volkslied “Koste Seselwa” (“Komt allen samen Seychellers”)De militaire parade……wordt gevolgd door burgers in vele uitdossingen……en soms ook in één en dezelfde outfitEen delegatie van het eiland La Digue met als motto “Avançons lentement mais sûrement” (“Laten ons langzaam maar zeker vooruitgaan”)Delegatie uit Mont Buxton, een district van hoofdstad VictoriaNog meer vlaggen!
Beelden van de SBC (Seychelles Broadcasting Corporation)