Slovenië – Dan zastave (Vlagdag)

7 april is Vlagdag in Slovenië en herinnert aan het jaar 1848, een revolutiejaar in grote delen van Europa. Wat nu Slovenië is was toen onderdeel van het Oostenrijkse keizerrijk. In deze tijd van opkomend nationalisme  was het student en dichter Lovro Toman (1827-1870) die de Sloveense driekleur in Ljubljana liet wapperen op het adres Wolfova Ulica 8 (Wolfovastraat 8). Hij deed dit als een reactie op de Duitse vlag die vanaf het Kasteel van Ljubljana wapperde, daar opgehangen door een groep lokale etnische Duitsers.

Lovro Toman
Lovro Toman (© dLib.si)

Het Oostenrijkse keizerrijk erkende de Sloveense kleuren en de vlag mocht vanaf die tijd als regionale vlag gebruikt worden.
Sinds 7 april 1998 wordt deze dag als Sloveense vlagdag gevierd.

De vlag

De vlag van Slovenië is er een uit de zgn. pan-slavische vlaggenfamilie, met als oorsprong de Nederlandse vlag.
Toen tsaar Peter de Grote zijn licht opstak in de Nederlanden in 1697, kwam hij danig onder de indruk van de Nederlandse scheepsbouw en de organisatie van de marine.
Terug in Rusland introduceerde hij een handelsvlag gebaseerd op de Nederlandse driekleur: wit-blauw-rood (nu de nationale vlag). Dit op zijn beurt beïnvloedde weer andere landen dezelfde driekleur te gebruiken en die enigszins aan te passen.
We zien de kleuren terug in de huidige vlaggen van Servië, Slovenië en Slowakije.

Vlag Slovenie tot 1945.png
Slovenië tot 1945

Het eerste gebruik van de pan-slavische kleuren in het gebied wat we nu kennen als Slovenië was bij de directe voorloper van het land, de regio Krain. Deze vlag was een horizontale driekleur van wit-blauw-rood (net als die van Rusland dus).
Overigens werden deze kleuren al op wapenschilden vóór de 19e eeuw in deze regio gebruikt, dus historisch gezien klopte het helemaal!

Partizanenvlag.png
Sloveense verzetsvlag 1941-1945

In de Tweede Wereldoorlog werd er door het verzet (de partizanen) een vijfpuntige rode ster op de blauwe baan gezet.

Slovenie Joegoslavie.png
Slovenië als deelrepubliek van Joegoslavië 1945-1991

Vanaf 1945, als onderdeel van de Socialistische Federale Republiek Joegoslavië werd de ster gehandhaafd, maar groter en geel omrand.

Vlag Slovenie.png
Slovenië 1991-heden

Met de onafhankelijkheid in 1991 kwam er ook een vlagwijziging. Het nieuwe staatswapen, een ontwerp van beeldhouwer Marko Pogačnik, werd op de witte en blauwe baan geplaatst, dicht bij de broekingszijde.

Wapen Slovenie
Wapen Slovenië (ontwerp: Marko Pogacnik)

Het wapen heeft de vorm van een schild met een blauw veld met een rood kader aan de zijkanten, met daarop in wit een gestileerde afbeelding van de hoogste berg in Slovenië, de Triglav (2863 m).

Triglav
De 2863 m hoge Triglav (© Bohinj Triglav National Park)

Aan de basis van de berg zijn twee golvende blauwe lijnen te zien, zij staan voor zowel de Adriatische Zee als de rivieren.
Boven de berg zijn drie zeskantige gele sterren geplaatst in een driehoek met de punt naar beneden. Deze sterren zijn afkomstig van het Middeleeuwse wapen van de graven van Celje, historisch gezien de belangrijkste adelsfamilie uit de streek.

Celje
Wapen van de graven van Celje

De vlag werd ingevoerd op 25 juni 1991.

In 2003 kwam er een beweging op gang die de vlag graag veranderd wilde zien vanwege het feit dat hij  teveel op die van Rusland en Slowakije lijkt. In 2004 konden mensen ontwerpen insturen, waarbij een ontwerp met 11 strepen won. Het gebruikt opnieuw dezelfde kleuren en ook de Triglav komt er weer in terug.

Slovenie voorstel.png
Slovenië – ontwerp voor nieuwe vlag (2004)

Er is echter nog steeds geen besluit tot verandering genomen door het Sloveense parlement en het lijkt tot nu toe op de lange baan geschoven te zijn.

Prinsenvlag – Opstand in Vlissingen (1572)

6 april is de dag van de opstand van de Vlissingse bevolking tegen de Spaanse bezetters. Het jaar is 1572 en een paar dagen daarvoor, op 1 april hebben de Watergeuzen (het illegale anti-Spaanse verzet) Den Briel op de Spanjaarden veroverd. Het inspireert de Vlissingers.

De bevolking wordt kort gehouden, moet een massale inkwartiering van Spaanse troepen ondergaan en men ondervindt hinder bij het uitoefenen van het werk, wat voor veel Vlissingers bestaat uit de visvangst. Op zondagochtend 6 april (Paaszondag) liet de pastoor in de Sint Jacobskerk zich niet onbetuigd. Er werd door hem afgrijselijck gedonderd tegen de hardvochtige Spaanse bezetting. Het was het startschot van de Vlissingse Opstand.

Het zou te ver voeren dit hier uitgebreid uit de doeken te doen, daarom de korte versie:
De bevolking joeg tussen 6 en 13 april de Spaanse bezettingsmacht (een Waals garnizoen) de stad uit, de laatste dagen geholpen door de inderhaast gealarmeerde Watergeuzen.
De bevrijdingen van Den Briel en Vlissingen vormden de opmaat voor de volksopstand tegen de Spaanse bezetter onder Willem van Oranje.

De vlag

De Prinsenvlag is de Nederlandse revolutievlag en is waarschijnlijk voor het eerst te zien geweest bij de inname van Den Briel. Al sinds jaar en dag wappert hij tegenwoordig op 6 april vanaf de Sint Jacobstoren als herinnering aan de Vlissingse Opstand.

De kleuren oranje, wit en blauw komen waarschijnlijk van de livreikleuren van prins Willem van Oranje, als kopstuk van het verzet tegen de Spanjaarden. En na de innames van Den Briel en Vlissingen kreeg hij dan ook al gauw de naam waaronder hij tegenwoordig nog steeds bekend is: Prinsenvlag (Princevlag in 1572).

Eind 16e eeuw werd de Prinsenvlag door de Zeeuwse Admiraliteit ingevoerd voor schepen van oorloge voor Vlissingen en Veere, dan inmiddels met drie banen. Op verschillende schilderijen is de vlag ook op Zeeuwse schepen te zien.

De Prinsenvlag is de eerste vlag met horizontale banen, de vraag is alleen: hóéveel banen? Het precieze aantal banen van de vlag is nooit vastgesteld en komt in vele, vele varianten voor, van drie tot en met twaalf en alles er tussenin! Ook de onderlinge kleurvolgorde is nooit vastgesteld, met als gevolg dat de ene Prinsenvlag de andere niet is!

De Prinsenvlag is tevens de basis voor de huidige Nederlandse vlag, waarbij het oranje inmiddels rood is geworden (dit gebeurde geleidelijk aan in de eeuwen daarvoor) en men drie banen meer dan genoeg vond.

De versie die hier vandaag wappert is opgebouwd uit het drie maal herhaalde oranje, wit blauw, van elkaar gescheiden door twee extra witte banen, een totaal van elf banen dus. Deze versie wordt ook gebruikt op de replica’s van 17e-eeuwse schepen van de Batavia-werf in Lelystad.

Vlissingen krijgt stadsrechten (1315)

Vandaag is het 705 jaar geleden dat Vlissingen stadsrechten kreeg, verleend door Willem III, graaf van Holland en Zeeland (1287-1337). Op 2 april 1315 tekende hij de oorkonde met 47 artikelen, waarin alle rechten, geboden en verboden werden opgesomd.

vlissingen 01.jpg
Links: Willem III, graaf van Holland en Zeeland (1287-1337), door Hendrik van Heessel (?-1470), tekening uit 1456 (publiek domein) / Rechts: Vlissingen in 1582 door Lodovico Guicciardini (1521-1589) (publiek domein)

Naast zaken als het recht stadsmuren te bouwen, (week)markten te houden of tol te heffen, kon een stad ook zijn eigen rechtspraak regelen. Willem III en zijn opvolgers profiteerden daar ook van: van opgelegde boetes verdween het grootste deel richting het grafelijke hof.

Andere plaatsen

Vlissingen was bij lange na niet de eerste stad in Zeeland, zeker 12 steden gingen Vlissingen voor: Aardenburg (1127), Hulst (1180), Biervliet (1183), Axel (1213), Middelburg (1217), Westkapelle (1223), Domburg (1223), Oostburg (1237), Sint Anna ter Muiden (1242), Zierikzee (1248), Sluis (1290) en IJzendijke (1303). Zeeuwse hekkensluiter is Terneuzen (1584).

Het zegt verder natuurlijk niets over de ouderdom van een plaats. In het geval van Vlissingen wordt nu aangenomen dat het dorp Vlissingen omstreeks 1150 is ontstaan. Nadat Walcheren in 1134 bij een grote stormvloed bijna geheel onder water kwam te staan, werd er in de jaren daarna hard gewekt aan herstel door middel van dijkaanleg. Het gebied waar nu Vlissingen ligt, had een natuurlijke haven en het plaatselijke veen leverde zout en brandstof. Het dorp begon dan ook als een vissersdorp en een plek waar je zout kon delven. Al met al is Vlissingen als plaats inmiddels dan dus zo’n 870 jaar oud.

De vlag

Vlissingen vlag
Vlag van Vlissingen

De Vlissingse stadsvlag is een van de oudere en bekendere vlaggen van het land en komt op verschillende schilderijen vanaf de 15e eeuw voor, meestal zeegezichten en zeeslagen. Hieronder een voorbeeld: een schilderij van Hendrick Vroom:

vlissingen 06
Links: De aankomst van Frederik V van de Palts en Elizabeth Stuart te Vlissingen, door Hendrick Corneliszoon Vroom uit circa 1623 (de gebeurtenis zelf was op 29 april 1613) (© Frans Hals Museum, Haarlem) / Rechts: Detail uit dit schilderij: tweemaal de Vlissingse vlag, die we hier geus noemen, daar hij aan boord van een schip wordt gebruikt) (© Frans Hals Museum, Haarlem)

Maar ook in verschillende oude vlaggenboeken en op vlaggenkaarten komt hij al voor. Hieronder een greep daaruit:

vlissingen 01
Links: Detail uit Flaggen aller Seefahrenden Potenzen und Nationen in der Gantzen Welt, vorgestellt von Christoph Weigel (1718) / Rechts: Detail uit Tableau des pavillons que la pluspart des nations arborent à la mer (1756)
vlissingen 02
Links: Detail uit Flaggen aller Seefahrenden Potenzen und Nationen in der Gantzen Welt, vorgestellt von Matthæus Seutter in Augspurg (1764) / Rechts: Detail uit Schouw-park aller scheeps-vlaggen van Gerard van Keulen (1775)
vlissingen 03
Links: Detail uit Bowles’s universal display of the naval flags of all nations in the world (1783) / Rechts: Detail uit A display of the naval flags of all nations (1838)

De vlag is rood met daarop in het midden afgebeeld het stadswapen van Vlissingen, als vanouds een (meestal gekroonde) fles. Het wapen werd pas officieel bevestigd bij een Besluit van de Hoge Raad van Adel op 31 juli 1817 en luidde als volgt:

Van keel (rood), beladen met een Jacoba’s kruikje van zilver (wit), gekroond, geketend en gecierd van goud (geel). ’t Schild gedekt met een kroon, mede van goud.

vlissingen 04
Links: Wapens en namen van de Gecommiteerde Raden van Zeeland en de steden van Zeeland (Zeeland veredelt), door Joseph Mulder naar Gerard de Lairesse (1688-1691) (publiek domein) / Rechts: Detail uit deze voorstelling met de Vlissingse vlag en het Vlissingse wapenschild

In de eeuwen voor dit besluit, nam men het bij gebrek aan een officiële beschrijving van zowel wapen als vlag, niet zo nauw: de fles werd ook wel in geel afgebeeld, de kroon in wit, of zoals eerder vermeld, zónder kroon, mét en zónder ketens. Hoewel het rode veld redelijk consequent werd gebruikt zijn er ook afbeeldingen bekend met de Prinsenvlag als achtergrond, of het rood-wit-blauw van de Nederlandse vlag. Het rode veld is waarschijnlijk voortgevloeid uit de tijd van de kaapvaart. Kapers voerden vaak een rode vlag en Vlissingse kapers waren dan weer herkenbaar aan het stadswapen op zo’n vlag.

Vlissingen Kapersvlag
Een bewaard gebleven Vlissingse kapersvlag, waarbij het Vlissingse wapen nog aanzienlijk kleiner wordt afgebeeld dan tegenwoordig het geval is (© Maritiem MuZEEum, Vlissingen)

Hoewel de vlag sinds de 19e eeuw al aardig gestandaardiseerd was, werd hij pas officieel bevestig in een raadsbesluit van 31 augustus 1973 en dat luidde als volgt:

Rood met op het midden een wit jacobakannetje, geel geketend en gesierd en erboven een gele kroon van drie bladeren en twee parels, een en ander ter hoogte van vier vijfde van de vlaghoogte.

 

Kent – Local Government Act (1889)

De zogenaamde Local Government Act 1888 zorgde ervoor dat Engeland en Wales in graafschappen werden onderverdeeld, de wet ging het jaar daarop in, om precies te zijn op 1 april 1889.

Een fiks aantal historische graafschappen bestond al langere tijd, zoals Kent, maar er werden ook 10 grote steden aangewezen als seperate ‘stadsgraafschappen’: Liverpool, Birmingham, Manchester, Leeds, Sheffield, Bristol, Bradford, Nottingham, Kingston-on-Hull en Newcastle upon Tyne. Hoofdstad Londen was iets eerder, op 21 maart, al voorgegaan.

Kent
Kent op een ansichtkaart

Kent, onze ‘buurprovincie’ bestaat onder die naam al heel lang. Vanaf 1067 was het al een deels autonoom gebied met als hoofstad Canterbury. Ver daarvoor was Kent zelfs een apart koninkrijk, volgens overlevering gesticht in 449 door de uit Jutland afkomstige Hengest, die het gebied veroverde, tesamen met zijn broer Horsa.

De vlag

Vlag van Kent
De Invicta Flag, de vlag van Kent

De vlag van Kent is donkerrood van kleur met een afbeelding van een steigerend wit paard. Dit paard was het symbool van bovengenoemde Horsa. Na de verovering van het gebied door de Juten werd het ook het symbool van Kent.

Hengest en Horsa
Hengest en Horsa met rechts de banier van Horsa (uit: A restitution of Decayed Intelligence, 1605)

Daarmee is het witte paard ‘familie’ van andere gebieden op het Europese vasteland met dit symbool, zoals Nedersaksen en Twente, die min of meer ‘op de route’ lagen vanuit Jutland. Ook daar zien we een wit paard op een rode ondergrond.

twentenedersaksen
De vlaggen van Nedersaksen en Twente

Hoewel het paard dus al heel lang als symbool voor Kent gebruikt wordt, wordt het voor zover we nu weten, voor het eerst op een vlag gezet in 1605.

De vlag staat ook bekend als de Invicta flag, naar de wapenspreuk van Kent, Invicta, wat zoveel als ‘onverslagen’ of ‘nooit veroverd’ betekent.