Sint Helena – Ontdekking van het eiland (1502)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 3:

Sint Helena vormt samen met de eilanden Ascension en Tristan da Cunha een Brits overzees gebiedsdeel. En alhoewel alle drie de eilanden in de zuidelijke Atlantische Oceaan liggen, liggen ze niet bepaald bij elkaar in de buurt, zoals op de kaart hieronder te zien is.

Locatie van de drie eilanden die samen een overzees gebiedsdeel van het Verenigd Koninkrijk vormen (publiek domein)

Het toen nog onbewoonde eiland werd waarschijnlijk ‘ontdekt’ door de Portugese zeevaarder João da Nova op 21 mei 1502, vandaag 523 jaar geleden.

Herdenkingsmunt uit Sint Helena van 2002 ter gelegenheid van de 500-jarige verjaardag van de ontdekking van Sint Helena door João da Nova (±1460-1509) in 1502, een ontwerp van Willem Vis (1936-2007) (publiek domein)

Met volop bomen en vers water, werd het voor de Portugezen een verversingsstation op hun reizen naar Azië.
Ze brachten er vee, fruitbomen en groenten, en bouwden een kapel en een paar huizen, waar zieke bemanningsleden konden recupereren.

Kaart van Sint Helena, gedecoreerd met drie zeemonsters; uit de Engelse vertaling van John Huyghen van Linschoten’s “Itinerario”, gepubliceerd in 1598 (publiek domein)

Ook de Spanjaarden en Engelsen, waaronder de ontdekkingsreiziger Sir Francis Drake, begonnen het eiland in de 16e eeuw aan te doen, waarbij Portugese schepen op hun retourreizen soms werden aangevallen.
Schepen van de sterk opkomende Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden lieten het eiland ook niet links liggen en claimden het in 1633, maar nadat de Republiek in 1652 Kaap de Goede Hoop stichtte, keerde men er niet meer terug.
In 1657 verleende Oliver Cromwell de Britse East India Company (EIC) een charter om Sint Helena te besturen. Het jaar daarop besloot het bedrijf het eiland te versterken en te bevolken met plantagehouders en slaven.
In 1659 arriveerde de eerste gouverneur op het eiland en vanaf die tijd begon men met het bouwen van een nederzetting, de tegenwoordige hoofdstad Jamestown in een nauwe vallei tussen twee hoge kliffen.

Franse kaart van het nog kleine Jamestown, circa 1690 (publiek domein)

Het was moeilijk kolonisten te vinden die zich op het afgelegen eiland wilden settelen. In 1670 bedroeg de bevolking slechts 66 personen. Ontbossing en de daar uit voortvloeiende erosie hielpen niet.
Gouverneur Isaac Pyke suggereerde in 1715 zelfs dat de bevolking misschien beter naar Mauritius kon worden verplaatst, maar daar werd geen gevolg aan gegeven.
De EIC bleef de gemeenschap subsidiëren vanwege de strategische ligging van het eiland.
Bij een volkstelling in 1723 was de bevolking flink gegroeid en werden er 1.110 inwoners geregistreerd, waaronder 610 slaven.

“The island of St. Helena belonging to the East India Company of England”, door Jan van Ryne (±1712-±1760), 1754, naast een aantal Britse schepen zien we rechts ook een Nederlands schip, Jamestown, tussen de kliffen, is onmiddellijk herkenbaar

Achttiende-eeuwse gouverneurs probeerden de problemen van het eiland op te lossen door herbebossings-programma’s, het verbeteren van vestingwerken, het bestrijden van corruptie en het bouwen van een ziekenhuis.
Daarnaast werd de verwaarlozing van gewassen en vee aangepakt, werd de inname van alcohol ingedamd en werden er juridische hervormingen doorgevoerd. Het eiland kende vanaf ongeveer 1770 een lange periode van welvaart.

Zoals in al zijn overzeese gebieden importeerden de Britten tot slaafgemaakten uit Afrika, voor Sint Helena waren dat er circa 25.000. En hoewel de import van slaven op Sint Helena in 1792 werd verboden, duurde het nog tot 1839 voor de slavernij werd afgeschaft.

Napoleon

Zonder enige twijfel was Napoleon Bonaparte de bekendste inwoner van Sint Helena, hoewel dit verblijf niet uit eigen wil was. Hij werd als gevangene na zijn nederlaag bij de Slag van Waterloo op 18 juni 1815 naar het geïsoleerde eiland verbannen.

Napoléon à Sainte-Hélène” door František Xaver Sandmann (1805-1856), circa 1820 (publiek domein)

Op 17 oktober 1815 kwam hij aan bij zijn verbanningsoord. Op 5 mei 1821 overleed hij aan maagkanker. Hij werd op Sint Helena begraven, maar in 1840 werd zijn lichaam naar Frankrijk gerepatrieered en in Parijs herbegraven onder de koepel van de Dôme des Invalides.

Na Napoleon

In 1833, twaalf jaar na de dood van Napoleon, ging het bezit van Sint Helena over van de EIC naar de Britse Kroon.
Toen in 1869 het Suezkanaal in Egypte werd geopend, verbleekte de bevoorrechte positie van Sint Helena op de handelsroutes. Daling van het aantal schepen dat het eiland aandeed, daalde spectaculair: van 1.100 in 1855 naar slechts 288 in 1889.

Kaart van Sint Helena uit 1894, uit de “Historical Geography of West Africa, vol.3”, door Sir Charles Prestwood Lucas (1853-1931)

De British Nationality Act 1981 classificeerde Sint Helena en 14 andere kroonkolonies over heel de wereld als British Dependent Territories.
De grondwet van Sint Helena werd in 1989 van kracht en bepaalde dat het eiland zou worden bestuurd door een gouverneur, een opperbevelhebber en een gekozen uitvoerende en wetgevende raad.

Kaart van Sint Helena (© Oona Räisänen (Mysid) / publiek domein)

In 2002 verleende de British Overseas Territories Act 2002 het volledige Britse staatsburgerschap aan de eilandbewoners en werden de afhankelijke gebieden (inclusief Sint-Helena) omgedoopt tot de British Overseas Territories.

De eerste pagina van de St. Helena, Ascension en Tristan da Cunha Constitution Order 2009 (publiek domein)

Op 1 september 2009, verleende de St. Helena, Ascension en Tristan da Cunha Constitution Order 2009 alle drie de eilanden dezelfde status; het Britse overzeese gebied werd omgedoopt tot Sint Helena, Ascension en Tristan da Cunha.

Saint Helena Airport (foto: Paul Tyson / publiek domein)

Tot aan de opening van Saint Helena Airport in 2017, was het eiland alleen per schip bereikbaar en zeer geïsoleerd: het ligt 2.000 km ten westen van de Afrikaanse kust.

Jamestown, hoofdstad van Sint Helena (foto: Andrew Neaum / publiek domein)

Sint Helena heeft 4.439 inwoners, de hoofdstad Jamestown had bij de laatste telling 629 inwoners, met de buitenwijk Half Tree Hollow erbij in totaal 1.614.

De vlag

Vlag van Sint Helena (2019-heden)

 De vlag van Sint Helena stamt weliswaar uit 2019, maar scheelt eigenlijk nauwelijks van die van 1984, terwijl de oorsprong van de vlag al in 1874 te vinden is. Hoe zit dat?

Allereerst de beschrijving: de vlag van Sint Helena is een blue ensign (Brits blauw vaandel), dat voor de meeste Britse overzeese gebieden in gebruik is, met op de vlucht het wapen van het eiland.

Wapen van Sint Helena (2019-heden)

Het wapen heeft een schildvorm en is horizontaal in tweeën gedeeld, in de verhouding 1:2.
Bovenin is tegen een bruingroene achtergrond de nationale vogel van Sint Helena afgebeeld: de Sint Helena-plevier (Charadrius sanctaehelenae), een vogel die alleen op Sint Helena voorkomt en lokaal “wire bird” genoemd wordt.

Postzegel uit 1993 van 5 Saint Helena pence met de nationale vogel, de Sint Helena-plevier (publiek domein)

Tweederde van het schild wordt gevuld met een kusttafereel van het eiland, een driemaster die de vlag van Engeland voert, het bergachtige eiland zien we aan de linkerkant.
Zoals gezegd: de vlag verschilt nauwelijks van haar voorgangster. Hieronder zien we die vlag.

Vlag van Sint Helena (1984-2019)

Het enige verschil zit ‘m in de plevier (en de gele achtergrond), die volgens kenners niet correct was afgebeeld.
Deze vlag was ook in gebruik bij de ‘zustereilanden” Tristan da Cunha en Ascension, totdat die hun eigen vlag kregen, in respectievelijk 2002 en 2013.
Deze vlag (en daarmee ook die van 2019) borduurde voort op de allereerste vlag van 1874, zie hieronder:

Vlag van Sint Helena (1874-1984)

We zien hetzelfde tafereel met de Oost-Indiëvaarder, de vlag van Engeland en de rotskust van Sint Helena, maar nog geen plevier.
Het wapen is op de vlag in een sierrand gevat, met een rood lint langs de bovenzijde.
De vlag werd tegelijk met het wapen ingevoerd, alhoewel dat laatste al als zegel van het eiland bekend was.

Montenegro – Referendum o nezavisnosti Crne Gore / Referendum over de onafhankelijkheid van Montenegro (2006)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 2:

De 21e mei is onafhankelijkheidsdag in Montenegro. De naam Referendum o nezavisnosti Crne Gore (Referendum over de onafhankelijkheid van Montenegro) verwijst naar de dag in 2006 waarop dit referendum plaatsvond.

Montenegro was tot 1992 onderdeel van Joegoslavië. Toen het land daarna in rap tempo uit elkaar viel, bleef Montenegro samen met Servië zogenaamd Klein-Joegoslavië vormen. Vanaf 2003 vormde Montenegro met Servië een unieverbond. Met het referendum uit 2006 kwam hieraan een einde.

Om onafhankelijkheid te verkrijgen moest 55% van de bevolking vóór stemmen. Dit lukte nipt: de uitslag was 55,5% voor-stemmers.

Kaart van Montenegro (© freeworldmaps.net)

De vlag

Vlag van Montenegro (2004-heden)

De vlag is aangenomen op 13 juli 2004 en in de grondwet opgenomen op 22 oktober 2007. Hij is oranjerood, geheel goud omrand. In het midden van de vlag is het staatswapen afgebeeld.

Het staatswapen stamt uit de 19e eeuw, toen Montenegro een prins-bisdom was onder de Petrović-Njegoš-dynastie. Dit Huis had nauwe familiale en politieke banden met het Russische Keizerrijk en dat het wapen Russische trekjes vertoont, is dus niet zo vreemd. Net als in Rusland zien we een twee-koppige gekroonde adelaar, met in zijn klauwen een scepter en een rijksappel. De ‘dubbelkoppigheid’ van de adelaar geeft oorspronkelijk de autoriteit aan van de monarch over kerk en staat.

montenegro wapens
Links: wapen van het prins-bisdom Montenegro onder de Petrović-Njegoš-dynastie / Rechts: het wapen van Montenegro (2004-heden)

Midden op de adelaar is een schild geplaatst met daarop een zogenaamde lion passant, een wandelende leeuw. Waarschijnlijk is deze leeuw afkomstig van het wapen van de Republiek Venetië. De stadstaat had hier tijdens zijn hoogtijdagen veel invloed.

Montenegro schafte officieel in 1918 het Huis Petrović-Njegoš af en het feit dat het vorstelijke wapen in 2004 op de vlag geplaatst werd, viel niet bij iedereen in goede aarde. Het bleek echter een schot in de roos bij het grootste deel van de bevolking en het wapen kom je tegenwoordig overal tegen in het land.

Presidentiële vlaggen

Montenegro heeft niet één, maar twee presidentiële vlaggen, althans op papier, enig fotografisch bewijs voor het gebruik ervan is vooralsnog onvindbaar.

Presidentiële vlaggen van Montenegro

Het gaat om twee identieke vierkante vlaggen met het wapen van Montenegro en een sierrand.
De rode versie is bedoeld voor gebruik aan land en de blauwe voor op zee.

Marinevlag

Daarnaast is er ook een aparte marinevlag in gebruik sinds 22 juli 2010 en die heeft de nogal afwijkende maatvoering van 2:5.

Marinevlag van Montenegro (2010-heden)

Ze is blauw met de vlag van Montenegro in het kanton en een anker in wit op de vlucht, door drie (eveneens witte) golven doorsneden.

Hier zien we de marinevlag in actie aan boord van het fregat Kotor P-33, voor anker in de grootste havenstad Bar (foto: Darko Vojinovic)

Chili – Día de las Glorias Navales / Marinedag (1879)

Drie vlaggen vandaag. Vlag 1:

Letterlijk vertaald zou deze dag Dag van de Marine Glories moeten heten, maar wat vrijer vertaald klinkt Marinedag iets beter.

De provicie Litoral, wat nu het noorden van Chili is, was voorheen een deel van Bolivia, en wel het enige stukje Boliviaans grondgebied wat aan de Stille Oceaan grensde, met Antofagasta als belangrijkste havenstad, in een regio die rijk was aan nitraat en guano.

De aanleiding voor de oorlog was een dispuut in 1878 over een verhoging van de belastingen, opgelegd aan een in Antofagasta opererend Chileens mijnbouwbedrijf, de Compañia de Salitres y Ferrocarril de Antofagasta. Volgens een in 1874 gesloten accoord tussen Bolivia en de CFSA zou de belasting minimaal 25 jaar bevroren zijn.

Antofagasta 1876
Gravure van Antofagasta in 1876 naar een foto van Eduardo Clifford Spencer

Toen vier jaar later de Boliviaanse regering in strijd met dit accoord tóch de belastingdruk opvoerde, waren de Chilenen ziedend en weigerden de extra belastingen te betalen. Chili wilde de zaak met Bolivia bespreken, maar het land weigerde dit. De spanning liep op en toen Bolivia aankondigde op 14 februari 1879 beslag te leggen op eigendommen van de CFSA met als doel deze bij opbod te verkopen en zo alsnog extra geld te kunnen binnenhalen, was de maat vol voor Chili, waarna Chileense troepen de stad bezetten.

Peru, dat een geheim militair bondgenootschap had met Bolivia, trachtte als bemiddelaar de spanning te sussen, maar op 1 maart 1879 verklaarde Bolivia Chili de oorlog en riep Peru op grond van het bondgenootschap op om militaire steun te verlenen.

Chili op zijn beurt waarschuwde Peru buiten het conflict te blijven, maar op 5 april liet Peru weten zich aan de zijde van Bolivia te scharen. Dezelfde dag nog verklaarde Chili beide landen de oorlog.

De dag die vandaag herdacht wordt, de 21e mei is die uit het jaar 1879, dus vlak na het begin van de oorlog. Het eerste deel van deze oorlog speelde zich af op zee. Heerschappij over delen van de kustwateren was belangrijk voor het verplaatsen van troepen. Chili stuurde daarom de bulk van zijn marine richting de Peruaanse havenstad Callao, ter hoogte van hoofdstad Lima. Twee oude houten schepen, de Esmeralda en de Covadonga werden naar de Zuid-Peruaanse stad Iquique gestuurd om daar de haven te blokkeren. Inmiddels hadden echter twee moderne Peruaanse marineschepen, de Huáscar en de Independencia ongezien naar het zuiden kunnen varen.

Op 21 mei kwam het tot een confrontatie tussen de vier schepen bij Iquique. De modernere Peruaanse schepen waren in het voordeel en de Esmeralda en de Covadonga werden na een hevige strijd tot zinken gebracht.

De Esmeralda
De Slag bij Iquique: de Esmeralda is zinkende, rechts de Huáscar

143 man man overleefden het niet, 57 werden er krijgsgevangen gemaakt. De Chileense  commandant Arturo Prat Chacón was strijdend ten onder gegaan. De Peruaanse commandant, Miguel Grau Seminario had bewondering voor zijn tegenstander’s heldhaftige optreden en zorgde ervoor dat Prat’s persoonlijke bezittingen, waaronder een dagboek, zijn uniform en zwaard, naar zijn weduwe gestuurd werden, tezamen met een brief waarin zijn heldhaftigheid in de Slag bij Iquique werd beschreven.

Chili portretten 1
Links: Arturo Prat Chacón (1848-1879) (publiek domein) / Rechts: Miguel Grau Seminario (1834-1879) (publiek domein)

Wellicht wat merkwaardig om juist deze dag waarbij Peru als overwinnaar uit de bus kwam tot feestdag te verheffen, maar de dag was een keerpunt. De heroïsche verhalen over Prat, die tot het uiterste doorvocht, inspireerden vele jonge Chilenen om zich aan te sluiten bij marine en leger.
De strijd zou dan ook een wending ten gunste van Chili worden en werd zowel op zee als op land uitgevochten. Het Boliviaanse leger trok zich na de Slag bij Tacna op 26 mei 1880 terug. Het Chileense leger bezette in januari 1881 de Peruaanse hoofdstad Lima. Een Peruaanse guerrilla-oorlog veranderde niets meer aan de Chileense overmacht.

Peru tekende het zogenaamde Verdrag van Ancón in oktober 1883, waarbij de vijandelijkheden werden beëindigd en Chili tijdelijk gezag kreeg in de zuidelijke provincies Tacna en Arica. In 1929 werd er definitieve verdeling gemaakt, waarbij Tacna terug ging naar Peru en Chili Arica behield.

Chili landkaartjes
Links de situatie vóór de oorlog, waarbij Bolivia nog toegang tot de Stille Oceaan heeft, rechts de toestand na de oorlog, waarbij de rode lijn het veroverde territorium van Chili aangeeft

Voor wat betreft Bolivia waren de druiven zuur: er werd een wapenstilstand gesloten in 1884 en de Boliviaanse kustprovincie Litoral werd tot Chileens grondgebied verklaard (nu de provincie Antofagasta), waardoor Bolivia zijn enige stukje kust kwijtraakte en een binnenstaat werd.

Kaart van Chili (© freeworldmaps.net)

De vlag

De Chileense vlag is een horizontale tweekleur in wit en rood met in het kanton van de witte baan een blauw vlak (ongeveer een derde van de witte baan innemend). In het blauwe vlak een witte, vijfpuntige ster.

Vlag van Chili (1817-heden)

De huidige vlag van Chili had een paar kortstondige voorgangers. Gedurende de revolutionaire tijd aan het begin van de 19e eeuw, gericht tegen de Spaanse overheersers, introduceerde verzetsstrijder/generaal José Miguel Carrera in 1812 een horizontale driekleur in blauw-wit-geel.

Chili twee portretten
Links: José Miguel Carrera (1785-1821), postuum portret uit 1950 door Miguel Venegas Cifuentes (1907-1979) / Rechts: Mariana Osorios Pardos (1777-1819), postuum portret uit ±1871/73 door Virginia Bourgeois (Collectie Museo Histórico Nacional te Santiago)

De Spaanse generaal Mariana Osorios Pardos, die uit Peru overkwam om de beweging rond Carrera te onderdrukken, verbood de vlag met een decreet op 11 mei 1814.

Chili oude vlaggen
De eerste twee vlaggen van Chili

Het waren uiteindelijk de generaals José de San Martín en Bernardo O’Higgins die na de Slag bij Chacabuco op 12 februari 1817, de overwinning op de Spanjaarden konden behalen en Chili definitief onafhankelijk werd. Vanaf april 1817 wapperde er een door O’Higgins ontworpen vlag in de reeds bevrijde gebieden, een horizontale driekleur in blauw-wit-rood.

Chili portretten 2
Links: Bernardo O’Higgins (1778-1842), portret uit 1818 door José Gil de Castro (1785-1840/41) (Collectie Instituto Geográfico Militar de Chile te Santiago) / Rechts: José de San Martín (1778-1850), portret uit 1827/29 door (waarschijnlijk) Jean Baptiste Madou (Collectie Museo Histórico Nacional te Buenos Aires)

Uiteindelijk werd toch besloten tot een andere vlag, die op 18 oktober 1817 middels een verordening werd aangenomen.

Zenteno
José Ignacio Centeno del Pozo y Sylva (1786-1847), portret door een onbekende illustrator uit “Galería de hombres de armas de Chile (Tomo I) – Periodos hispánico y de la Independencia”

Het ontwerp is naar alle waarschijnlijkheid van José Ignacio Zenteno del Pozo y Sylva, de minister van Oorlog, die het liet tekenen door de Spaanse soldaat Antonio Arcos, hoewel andere historici beweren dat het ene Gregorio de Andía y Varela was.
De vlag bevatte oorspronkelijk eerst het staatszegel middenin de vlag en de ster stond iets gekanteld, maar dat werd korte tijd later veranderd tot de vlag die we nu kennen.

Zoals wel vaker bij vlaggen worden de kleuren ook symbolisch uitgelegd: het blauw staat voor de Chileense hemel, alsook voor de Stille Oceaan, het wit voor de sneeuw op de toppen van het Andesgebergte, het rood voor het verspilde bloed van de Chileense vrijheidsstrijders. De witte vijfpuntige ster stond bij het ontwerpen voor de toenmalige vijf provincies Atacama, Coquimbo, Aconcagua, O’Higgins en Bío Bío, maar staat nu voor de vooruitgang en de roem.

De vlag heeft in het Spaans een bijnaam: La estrella solitaria (De enkele ster).

Presidentiële standaard

Naast de nationale vlag is er ook een presidentiële versie.

Presidentiële standaard van Chili

Deze vlag is gelijk aan de Chileense vlag, maar dan met de toevoeging van het nationale wapen.
Dit wapen is in gebruik sinds 1834 en werd ontworpen door de schilder Charles (Carlos) Wood Taylor, Engelsman van geboorte, maar vanaf de jaren ’20 van de 19e eeuw woonachtig in Chili. Naast schilder was hij ook ingenieur, marinier en officier in het leger.

Links: Charles (Carlos) Wood Taylor (1792-1856), ontwerper van het Chileense wapen (publiek domein) / Rechts: Staatswapen van Chili

Centraal in het wapen zien we een schild dat horizontaal in tweeën is gedeeld, blauw boven rood onder. Hieroverheen de zilveren (of witte) ster van Chili.
Het schild wordt geflankeerd door twee schildhouders. Links (heraldisch rechts) zien we een Chileense huemul (uit de familie van de hertachtigen) en rechts (heraldisch links) een condor, beide dieren zijn gekroond.

Het wapen wordt bekroond door drie pluimen in de nationale kleuren blauw, wit en rood. In vroeger tijden werden die op het presidentieel hoofddeksel gebruikt.
Het wapen en de schildhouders rusten op een omvangrijk en sierlijk voetstuk in goud met daaroverheen een wit lint met de wapenspreuk Por la razón o la fuerza (Door rede of kracht), wat soms wel, soms niet is afgebeeld.
Hoewel het wapen in de loop der jaren op details is veranderd is het nagenoeg gelijk aan het originele ontwerp van Taylor, de laatste aanpassing was in 1920.

President Boric tijdens een toespraak, met de presidentiële vlag, compleet met wapenspreuk en gouden franje langs de randen (screenshot)

De presidentiële vlag wordt gebruikt op plekken waar de president vertoeft, zoals zijn officiële residenties, maar ook in mini-vorm als autovlaggetje.

Sjerp en Piocha de O’Higgins

Naast de presidentiële vlag is er ook nog de presidentiële sjerp in de nationale kleuren blauw-wit-rood. Op de afbeelding hieronder zien we Gabriel Boric getooid met de sjerp.

President Boric met de presidentiële sjerp (screenshot)

De presidentiële sjerp is pas compleet als de ‘Piocha de O’Higgins’ eraan is vastgemaakt, een vijfpuntige ster van 7 cm, rood geëmailleerd.

Piocha de O’Higgins

Bernardo O’Higgins was een van de grondleggers van de Chileense staat. Bij zijn aftreden in 1823 gaf hij de ster als geschenk aan zijn opvolger José Gregorio Argomedo.
Nazaten van Argomedo gaven de ster in 1772 aan President Federico Errázuriz Zañartu, die hem vasthechtte aan de presidentiële sjerp, sindsdien is dit traditie.

Bij de staatsgreep van 1973 tijdens het presidentschap van Salvador Allende, raakte de ster zoek en kwam daarna ook niet meer boven water, zodat er daarna een replica werd vervaardigd.