Tagarchief: Griekenland

Griekenland – Dag van het ‘nee’

Een interessante naam voor een feestdag: de dag van het ‘nee’, in het Grieks ‘Επέτειος του Οχι’ (Epétios tou Óchi).

De dag herdenkt 28 oktober 1940, toen om 3.00 uur in de ochtend de Italiaanse ambassadeur de Griekse premier Metaxas thuis bezocht en hem een ultimatum stelde: Griekenland diende zich binnen drie uur over te geven, anders zou Italië het land binnenvallen en bezetten. Het antwoord van Griekenland op dit ultimatum was een onmiddellijk ‘nee’.

Veel Grieken meldden zich als vrijwilliger om bij een Italiaanse inval mee te vechten. Italië begon zijn aanval op Griekenland op dezelfde dag nog vanuit Albanië, toen een Italiaans protectoraat. In het bergachtige gebied was het weer slecht en winters, waardoor de Italiaanse luchtmacht niet in actie kon komen, wat in het voordeel van de Grieken was. Aan beide kanten vielen echter veel slachtoffers. De Grieken wisten weerstand te bieden en op 14 november werden de Italianen teruggedreven, ver Albanië in.

Italië had aan bondgenoot Duitsland willen tonen dat ze niet voor hen onderdeden, maar slaagde hier dus niet in. Het was dan ook het Duitse leger dat Griekenland binnenviel op 6 april 1941 en het land uiteindelijk vier jaar lang zou bezetten.

Vanaf 1942 wordt Óchi-dag door Grieken overal ter wereld herdacht en na de Tweede Wereldoorlog werd het een officiële feestdag. Het is een dag met veel parades van militairen en scholieren, herdenkingsbijeenkomsten en veel vlagvertoon.

De vlag

Voor informatie over de Griekse vlag: zie de post van 25 maart 2015.

Macedonië – Den na nezavisnosta (Onafhankelijkheidsdag)

IMG_0731

Deze dag herdenkt het verkrijgen van de onafhankelijkheid in 1991 van Joegoslavië, waar het tot die tijd als deelrepubliek een onderdeel van uitmaakte. In aanloop naar het grote Balkan-conflict viel Joegoslavië steeds verder uiteen. In het geval van Macedonië werd er in 1991 een volksraadpleging gehouden. Ruim 95% van de bevolking koos voor onafhankelijkheid op 8 september 1991. Op 25 september werd de uitslag geformaliseerd in het nieuwe parlement van Macedonië en één maand later, op 17 november werd de nieuwe grondwet aangenomen.

Op 8 april 1993 werd het land lid van de Verenigde Naties na een hoop geharrewar met zuiderbuur Griekenland over de naam Republiek Macedonië. Griekenland maakte hier bezwaar tegen omdat men vindt dat Macedonië hiermee aan de haal ging met de naam van de gehele regio, die zich ook over een flink deel van het Griekse noorden uitstrekt. En niet alleen de naam, ook de culturele identiteit met zijn symbolen zouden door de nieuwbakken republiek worden gegijzeld. De VN heeft het land dan ook toegelaten onder de voorlopige naam Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, totdat er een oplossing tussen de twee landen wordt gevonden waar men zich in kan vinden.

De vlag

Een zelfde soort ‘gedoe’ ontstond rond de vlag van de nieuwe republiek. Op 15 juli 1992 werd een nieuwe vlag ingevoerd: een rood veld met een gestileerde gouden zon met acht lange en acht korte stralen, de zogenaamde Zon van Vergina. Dit symbool komt voor op een in 1977 gevonden gouden kistje met het gebeente van Phillipus II van Macedonië (382 v. Chr.-336 v. Chr.), de vader van Alexander de Grote. Aangezien dit symbool als symbool gezien kan worden voor de hele regio Macedonië, maakte Griekenland hier bezwaar tegen.

Eerste vlag van Macedonië.
Eerste vlag van Macedonië.

De gemoederen liepen zó hoog op, dat Griekenland in april 1994 een economische boycot tegen Macedonië instelde en kreeg de Verenigde Naties zover dat de vlag niet in de vlaggenparade mocht wapperen. De blokkade werd opgeheven in oktober 1995 toen Macedonië beloofde de vlag te zullen aanpassen.

De nieuwe vlag werd een variatie op het thema en werd nog verder gestileerd. De kleuren bleven rood en goud , de zon in het midden heeft echter nu nog maar 8 stralen die nu niet langer in punten uitlopen, maar zich vanuit de zon verwijden naar de randen van de vlag. Het ontwerp was van Miroslav Grčev en werd op 5 oktober 1995 in het parlement aangenomen met 110 stemmen voor en 5 tegen.

In de praktijk ging de overgang niet zo makkelijk. Conservatieven en nationalisten bleven de oude vlag gebruiken, soms naast de nieuwe vlag, soms dat niet eens. De verdeeldheid bleek ook uit een volkspeiling: slechts 56,33% bleek voorstander van de nieuwe vlag. Sinds 1998 lijken de gemoederen wat bedaard te zijn en de vlag een breder draagvlak te hebben gekregen.

Griekenland – Onafhankelijkheidsdag (Εικοστή Πέμπτη Μαρτιου) + Annunciatie (Ευαγγελισμός της Θεοτόκου)

Veel heeft Griekenland de laatste tijd niet te vieren, maar toch is het weer 25 maart, de dag waarop de Grieken eigenlijk twee dagen in één vieren. De 25e maart refereert aan de start van de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog in 1821. Op die dag hees bisschop Germanos van Patras een revolutionaire vlag op het klooster van Agia Lavra. Het betekende het begin van een lange strijd tegen het Ottomaanse (Turkse) Rijk.

De strijd verliep in eerste instantie niet ongunstig voor de Grieken, in 1822 werd Athene ingenomen, maar de Turken lieten zich niet zomaar verdrijven en in 1827 hadden ze Athene heroverd, evenals de meeste Griekse eilanden. De Griekse vrijheidsstrijd kon echter op sympathie rekenen van Groot-Brittannië, Frankrijk en Rusland en toen deze landen zich ook met de strijd gingen bemoeien was het relatief snel bekeken en moest het Ottomaanse Rijk zijn nederlaag erkennen. In het Verdrag van Adrianopel (ook wel het Verdrag van Edirne genoemd) van 14 september 1829 werd Griekenland officieel een soevereine staat.

De tweede aanleiding voor een feestdag is een religieuze: vandaag is het Annunciatie, de dag waarop aartsengel Gabriël aan Maria verscheen en haar vertelde dat zij de Zoon van God zou baren. Negen maanden er bij op tellen en we zitten aan Eerste Kerstdag, de geboorte van Jezus Christus.

De vlag
De vlag heeft in een kanton een wit kruis op een blauw vlak. De rest van het veld wordt ingenomen door vijf blauwe en vier witte horizontale strepen, om en om. Op 15 maart 1822 werd deze vlag ingevoerd, maar was toen alleen nog maar te zien op schepen.

Als nationale vlag is hij ingevoerd in 1833. Het kruis in de vlag herinnert aan het christelijke geloof, de kleuren gaan terug op de eerste Griekse koning Otto I. De strepen worden op verschillende manieren uitgelegd. Ze staan voor de lucht en de zee (blauw) en de rechtvaardigheid van de vrijheidsstrijd (wit). Dat er negen stepen zijn  verwijst naar de vrijheidsleus van toen, Vrijheid of dood, die in het Grieks negen lettergrepen heeft. Het duidt ook op de negen jaar die de vrijheidsstrijd duurde. Als laatste link zou Achilles negen strepen op zijn schild gehad hebben.