Tagarchief: Caribisch Nederland

Saba – Caribisch Carnaval

Twee vlaggen vandaag, vlag 2:

Saba is het kleinste eiland van de voormalige Nederlandse Antillen. Tot 1986 bestonden de Antillen uit zes eilanden. In dat jaar werd Aruba met zijn Status aparte een eigen land binnen het Koninkrijk der Nederlanden.

Kaart Saba
Kaart van Saba

 

De vijf overige Antillen werden in 2010 ontbonden. Curaçao en (de Nederlandse helft van) Sint Maarten werden net als Aruba ook eigen landen. Bleven over: Bonaire, Sint Eustatius en Saba, die als bijzondere gemeenten onderdeel van Nederland zelf werden, maar toch ook weer apart, omdat ze nogal een eind van Nederland af liggen. Over de bestuursrechtelijke positie van de drie eilanden is het laatste woord nog niet gezegd. Vooralsnog worden ze bestuurd als zogenaamde Caribisch openbare lichamen.

Doordat Saba nu kort door de bocht gezegd dus eigenlijk in Nederland ligt, is de Vaalserberg (332,4 m) niet langer het hoogste punt van het land, maar is dat nu Mount Scenery (887 m).

Saba met Mt Secenery
Saba met middenachter Mount Scenery (887 m), het hoogste punt van het Koninkrijk der Nederlanden (© caribbeansealife.com)

In de laatste week van juli/eerste week van augustus, worden op Saba (én op Sint Eustatius) op de maandag in die week, het Caribisch Carnaval gevierd. Maar het blijft dus niet beperkt tot één dag. Ook in het weekend zijn er al de nodige festviteiten geweest. Hoogtepunt is altijd de kleurrijke carnavalsoptocht in de hoofdstad The Bottom.

IMG_4108
Carnaval op Saba (© kunamola.blogspot.com)

Aanleiding voor de carnavalsdagen op Saba en Statia (zoals Sint Eustatius plaatselijk wordt aangeduid) is de afschaffing van de slavernij in het koninkrijk, in 1863.

De vlag

Vlag Saba
Vlag van Saba (1985-heden)

Tot de ontmanteling van de Nederlandse Antillen in 2010 gebruikte Saba de vlag van de Nederlandse Antillen, tot 1986 met zes sterren, na de Status aparte van Aruba, met vijf sterren.

Vlaggen Antillen
De twee versies van de vlag van de Nederlandse Antillen, links: 1954-1986, rechts: 1986-2010

De vlag van Saba kwam er nadat er op 15 oktober 1984 besloten werd om zowel een eigen vlag als een eigen wapen te laten ontwerpen. Tevens mocht een eigen volkslied niet ontbreken.

Voor wat de vlag betreft: er kwamen 130 ontwerpen binnen. Een comité onder leiding van Will Johnson, met als leden Frank Hassell, Patsy Johnson en Shirley Smith, kwam in 1985 uiteindelijk met een shortlist van drie ontwerpen. Van deze drie bleek er één heel snel favoriet: het ontwerp van de toen 18-jarige Edmond Johnson. Op Saba Day van dat jaar (6 december) werd de eilandvlag voor het eerst gehesen. De vlag werd de eerste 25 jaar dus naast die van de Nederlandse Antillen gebruikt.

De vlag heeft als basis een wit veld. In de vier hoeken zijn driehoeken geplaatst, twee rode boven en twee blauwe onder, waardoor er in het midden een ruit ontstaat. In die ruit is een gouden (of gele) vijfpuntige ster geplaatst.

De kleuren rood, wit en blauw tonen de verbondenheid met Nederland. Verder staat het rood symbool voor moed, eenheid en besluitvaardigheid. Het blauw symboliseert de zee. Het wit had oorspronkelijk op zich verder geen betekenis, maar wordt tegenwoordig gezien als symbool voor vrede. De ster staat voor het eiland zelf, waarbij de geelgouden kleur aangeeft dat het eigen grondgebied als een kostbaar bezit wordt ervaren.

Curaçao – Dia di Himno y Bandera di Kòrsou (Dag van het volkslied en de vlag van Curaçao)

De vlag van Curaçao werd geïntroduceerd op 2 juli 1984 en sinds die tijd wordt op deze dag de Dia di Himno y Bandera di Kòrsou gevierd.

Op het Brionplein in de wijk Otrabanda in Willemstad is er een uitgebreide ceremonie met fanfares en het hijsen van een gigantische vlag. Net als in het park Parke Himno y Bandera in Barber in het westen van Curaçao.

Curacao map
Kaart van Curaçao en Klein Curaçao (© traveldiaries.com)

Hierbij wordt herdacht dat op 2 juli 1951 de Eilandsraad voor het eerst bijeen kwam.

De vlag

Vlag Curacao
Vlag van Curaçao (1984-heden)

Het Curaçaose bestuurscollege riep in 1981 een commissie in het leven met als doel voor het eerst een eigen eilandvlag te ontwerpen. Hoewel hij er eigenlijk niet mee bezig was, stimuleerde de vader van de toen 20-jarige Martin den Dulk om mee te doen, omdat hij zo creatief was. Hij was nog maar net op tijd: hij leverde zijn ontwerp een halfuur voor de sluiting van de wedstrijd in. Van de maar liefst 1.782 inzendingen kwamen er uiteindelijk 10 bovendrijven, waar uit gekozen moest worden. De ontwerpers van deze 10 vlaggen, konden vervolgens hun ontwerp bij de vlaggencommissie presenteren en ‘verdedigen’.

Martin den Dulk - Curacao
Ontwerper van de Curaçaose vlag, Martin den Dulk (© meetcuracao.com)

Martin was aan het werk in het restaurant van zijn ouders toen de kokkin opgetogen binnenkwam met de Curaçaose krant Èxtra in de hand: groot op de voorpagina het gekozen vlagontwerp. Martin kon zijn ogen niet geloven toen hij zijn eigen ontwerp zag. Op 2 juli 1984 werd de vlag voor het eerst officieel gehesen.

Het blauw bovenin staat voor de lucht, het blauw onderin voor de zee. De gele balk daartussen stelt de zonneschijn voor, maar staat tevens voor de opgewektheid en de levenslust van het eilandbewoners. De grote ster staat voor Curaçao, de kleine voor Klein  Curaçao, een eilandje van drie vierkante kilometer dat zo’n tien kilometer ten zuidoosten van Curaçao ligt. De vijf punten van de sterren staan voor de vijf bevolkingsgroepen van Curaçao.

Het volkslied

Naast de vlag is het ook de dag van het volkslied de Himno di Kòrsou. Sinds 1978 is het volkslied wat het nu is, maar de geschiedenis gaat aanzienlijk verder terug! Het werd reeds in 1898 gecomponeerd door de toen 33-jarige Nederlandse frater Radulphus (Adriaan Hermus) (1865-1961), vanwege de inhuldigingsfeesten voor koningin Wilhelmina. Hij schreef de tekst op een Tiroolse (!) melodie, het Tiroler Hoferlied. Het had toen overigens nog geen officiële status als volkslied.

Frater Radulphus was toen al sinds 1888 op Curaçao gestationeerd. Hij had het er heel erg naar zijn zin en zou er maar liefst 65 jaar blijven, met een kleine onderbreking van 4 jaar. De frater was verbonden aan het onderwijs op Curaçao, allereerst hoofd van de school in Pietermaai, later gaf hij les aan het Colegio Santo Tomás in de Willemstadse wijk Scherpenheuvel. Ook was hij hoofd van de fraters op Curaçao en inspecteur van het katholiek onderwijs op de Nederlandse Antillen. Verder ontwierp hij een aantal schoolgebouwen. Met talen had hij weinig moeite, naast Nederlands sprak hij Papiaments, Spaans, Engels, Italiaans, Frans en Duits.

curacao portretten
Links: Frater Radulphus (1865-1961) / Rechts: Frater Candidus (1863-1938)

Terug naar het volkslied: het kreeg in zijn eerste versie de titel Den tur nashon nos patria ta poko konosi (In alle landen is ons vaderland vrijwel onbekend). Uiteindelijk componeerde frater Candidus (Adriaan Nouwens) (1863-1938) in 1930 een nieuwe melodie bij de tekst, dewelke het volkslied nu nog heeft.
De eilandraad besloot uiteindelijk in 1978 om het lied tot officieel volkslied voor Curaçao te maken. Men vond wel dat de tekst enigszins aangepast moest worden, zodat het minder ‘koloniaal’ werd. Verschillende eilandbewoners leverden bijdragen, zoals Guillermo Rosario, Mae Henriquez, Enrique Muller en Betty Doran. Op 22 juli 1978 werd de nieuwe versie aangenomen als volkslied en vier dagen later voor het eerst gezongen op het Brionplein.

Het volkslied heeft acht coupletten, waarvan doorgaans de eerste en de laatste twee worden gezongen. Alle acht coupletten worden alleen gezongen bij officiële beëdigingen, bijeenkomsten georganiseerd door de eilandraad en ook vandaag bij het hijsen van de vlag op het Brionplein. De tekst is in het Papiaments.

Bladmuziek volkslied Curacao
Bladmuziek van het Curaçaose volkslied

Sint Eustatius – Dag van de emancipatie van de slaven

Op 1 juli vermeldt de agenda van Vlagblog maar liefst 8 vlaggen. Het is wat veel, toch een poging vandaag om ze alle 8 te laten wapperen. Nummer 6 in de rij: Sint Eustatius.

Net als Sint Maarten en Suriname viert Sint Eustatius vandaag het einde van de slavernij. Suriname doet dat onder de naam Keti-Koti, de twee Caribische eilanden doen dat onder de naam Dag van de emancipatie van de slaven of Emancipation Day.

Nederland was er niet bepaald als de kippen bij toen in de 19e eeuw steeds meer Europese landen de slavernij afschaften in hun koloniën. Hoewel Frankrijk dat al in 1794 deed, duurde dat niet lang. Napoleon draaide die beslissing weer terug. Daarom was in feite Denemarken in 1803 het eerste land dat aan de slavernij een einde maakte. Het Verenigd Koninkrijk volgde in 1833 en aangezien zij in die tijd een groot koloniaal rijk hadden, was dat een ingrijpende verandering. Frankrijk schafte de slavernij definitief af in 1848. Uiteindelijk ging Nederland in 1863 overstag, zij het niet echt van harte.

Voor wat Sint Eustatius betreft: iets naar het zuiden ligt het Britse eiland Saint Kitts. Toen daar in 1833 de slavernij werd afgeschaft bood dit een geweldige kans om de 11 km die de eilanden van elkaar scheidt, over te steken en vervolgens een vrij mens te zijn. Verschillende slaven slaagden hierin.

eustatius map
Sint Eustatius (bovenaan) ten opzichte van Saint Kitts (midden) en Nevis (onder) (© Google Maps)

Nederlands-Indië was in 1859 de eerste Nederlandse kolonie waar de slavernij verdween, in 1863 volgden de West-Indische koloniën. *)

Nederlandse ontwerpwet arschaffing slavernij
Nederlandse ontwerpwet voor afschaffing van de slavernij (© Nationaal Archief)

Overigens was er een aantal landen dat nog later overstag ging: Verenigde Staten (1865), Portugal (1869), Spanje (1870), Brazilië (1888), het Ottomaanse Rijk (de voorloper van Turkije) (1890), Ethiopië (1931), Bahrein (1937), Koeweit (1949), Qatar (1952), Jemen en Saoedie Arabië (1962) en als laatste Mauritanië (2007).

*) Voor wat Nederlands-Indië betreft, gold dit alleen voor de gebieden die direct door Nederland bestuurd werden. Bij sommige indirect bestuurde gebieden kon de slavernij nog langer bestaan: op het eiland Sumbawa tot 1910 en in het in het Meer van Toba gelegen eiland Samosir (Sumatra) tot 1914.

De dag wordt op Sint Eustatius uitgebreid gevierd met met veel muziek, dansen en lekker eten.

De vlag

Vlag Sint Eustatius
Vlag van Sint Eustatius (2004-heden)

Van 19 november 1959 tot 16 november 2004 werd op Sint Eustatius de vlag van de Nederlandse Antillen gebruikt. Deze vlag was voor alle zes de eilanden van de Antillen gelijk. De zes sterren op de blauwe baan stonden voor het aantal eilanden. Toen Aruba in 1986 zijn status aparte kreeg en daarmee zijn eigen vlag, verdween er één ster van de vlag van de Antillen.

Vlaggen Antillen
De twee versies van de vlag van de Nederlandse Antillen, links van 1959-1986, rechts van 1986-2010

Op 10 oktober 2010 werden de Nederlandse Antillen ontbonden, waarbij Curaçao en Sint Maarten het voorbeeld van Aruba volgden. De overige drie eilanden, Bonaire, Saba en Sint Eustatius werden speciale, overzeese gemeenten van Nederland. Sint Eustatius had toen dus al zes jaar een eigen vlag.

Hoewel de vlag werd aangenomen op 29 juli 2004, werd er gewacht tot 16 november 2004 om de vlag voor het eerst officieel te hijsen. Die dag is Statia Day op Sint Eustatius, een officiële feestdag.  De ontwerpster van de vlag is Zuwena Suares. De officiële omschrijving van de vlag luidt:

De vlag is rechthoekig en heeft de kleuren blauw, rood, wit,en goud/geel. De verhouding van de breedte tot de lengte van de vlag is 2:3. De bovenste helft van de vlag is verdeeld in twee gelijkvormige blauwe driehoeken. De lagere helft van de vlag is verdeeld in twee gelijkvormige blauwe driehoeken. In het toppunt van het centrale diamant-vormige witte vlak is een gouden ster, in het midden een groen silhouet van het eiland.

Het silhouet van het eiland in het midden van de vlag toont prominent de 601 m hoge, slapende stratovulkaan The Quill (een verengelsing van het Nederlandse De Kuil). De laatste uitbarsting van deze vulkaan is waarschijnlijk ergens tussen de jaren 100 en 400 geweest.

Sint Eustatius
Sint Eustatius, met rechts The Quill (© kitlv.nl)